Pacific - Elektrische scooter Handicare - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Pacific Handicare in PDF-formaat.

📄 75 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice Handicare Pacific - page 7
Bekijk de handleiding : Français FR Nederlands NL
SKIP

Veelgestelde vragen - Pacific Handicare

Download de handleiding voor uw Elektrische scooter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Pacific - Handicare en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Pacific van het merk Handicare.

GEBRUIKSAANWIJZING Pacific Handicare

© 2008 Handicare Alle rechten voorbehouden. De verstrekte informatie mag geenszins worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt op welke wijze en met welke middelen dan ook (elektronisch of mechanisch), zonder voorafgaande, uitdrukkelijke en schriftelijke toestemming van Handicare. De verstrekte informatie is gebaseerd op algemene gegevens aangaande de ten tijde van verschijnen bekende constructies. Handicare voert een beleid van continue product- verbetering, wijzigingen zijn derhalve voorbehouden. De verstrekte informatie is geldig voor het product in standaard uitvoering. Handicare kan derhalve niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade voortvloeiend uit de van de standaard uitvoering afwijkende specificaties van het product. De beschikbare informatie is met alle mogelijke zorg samengesteld, maar Handicare kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele fouten in de informatie of voor de gevolgen daarvan. Handicare kan niet aansprakelijk gesteld worden voor schade voortvloeiend uit werkzaamheden die door derden zijn uitgevoerd. De door Handicare gehanteerde gebruiksnamen, handelsnamen, handelsmerken, etc. mogen krachtens de wetgeving inzake de bescherming van handelsmerken niet als vrij worden beschouwd. 2008-01Inhoudsopgave

Voorwoord Deze gebruikersdocumentatie beschrijft het gebruik en het dagelijks onderhoud van de rolstoelen. Reparatie en onderhoud dient door uw dealer te gebeuren. Van de rolstoelen is een servicehandleiding beschikbaar (voor nadere informatie kunt u contact opnemen met uw dealer). De accu's en acculader worden door uw dealer geleverd met de bijbehorende gebruikershandleiding. Deze documentatie is een onderdeel van de rolstoel! Bewaar deze documentatie daarom zorgvuldig. Er staat informatie in, die ook later van pas komt of nodig is bijvoorbeeld voor reparatie en onderhoud. Bij overdracht van de rolstoel dient de documentatie meegeleverd te worden. Bij verlies is een duplicaat te verkrijgen via uw dealer of via www.Handicare.nl. De tekst beschreven in deze documentatie betreft meerdere types. Verschillen tussen de types zijn duidelijk aangegeven in de tekst. Indien er geen onderscheid gemaakt is tussen de 3 types, betekent dit dat de tekst voor alle 3 de types geldt.

Leeswijzer De tekstgedeelten die van belang zijn voor de veiligheid en gezondheid van personen zijn vetgedrukt, in het hoofdstuk veiligheid is het vanzelfsprekend dat alle meldingen van het grootste belang zijn. De volgende waarschuwingsteksten worden gebruikt: TIP Na dit pictogram volgen specifieke instructies en/of informatie ter verduidelijking.

Let op! Dit pictogram waarschuwt voor mogelijke schade aan de rolstoel.

Waarschuwing! Dit pictogram waarschuwt voor mogelijk persoonlijk letsel.

Service en informatie Voor nadere informatie over de rolstoel kunt u contact opnemen met uw dealer (zie pagina 2).

Garantie Tenzij schriftelijk anders overeengekomen gelden de onderstaande garantiebepalingen.

  • De fabrikant verstrekt garantie aan uw dealer tot 12 maanden na levering.
  • Gebreken moeten voor het verstrijken van de garantietermijn bij uw dealer worden gemeld.
  • De garantie is van toepassing op gebreken die:
  • optreden tijdens normaal gebruik van de rolstoel.
  • ontstaan door materiaalfouten.
  • ontstaan door fabricagefouten.
  • De garantie vervalt bij gebreken die optreden door:
  • ondeskundig of oneigenlijk gebruik
  • gebruik van andere dan voorgeschreven verbruiksartikelen
  • Bij optredende gebreken zal de dealer:
  • de onderdelen vervangen.
  • de gebreken herstellen.
  • voor een andere vervangende oplossing kiezen, als herstel redelijkerwijs niet mogelijk is.
  • De gebruiker moet de fabrikant de gelegenheid geven om eventuele gebreken te verhelpen.
  • Voor ingebouwde onderdelen van derden gelden de garantievoorwaarden van de betreffende leverancier.
  • De fabrikant behoudt zich het recht voor om zijn rolstoelen zonder voorafgaande waarschuwing te wijzigen.Voorwoord

Aansprakelijkheid De fabrikant is niet aansprakelijk voor onveilige situaties, ongevallen en schades die het gevolg zijn van het negeren van waarschuwingen of voorschriften zoals weergegeven op de rolstoel of in deze documentatie, bijvoorbeeld:

  • ondeskundig of onjuist gebruik of onderhoud;
  • het gebruik voor andere toepassingen of onder andere omstandigheden dan aangegeven in deze documentatie;
  • het gebruik van andere dan voorgeschreven onderdelen;
  • reparaties zonder toestemming van de dealer;
  • wijzigingen aan de rolstoel. Hieronder vallen:
  • wijzigingen in de besturing;
  • lassen, mechanische bewerkingen e.d.;
  • uitbreidingen aan de rolstoel of de besturing.
  • wijzigingen die de stabiliteit van de rolstoel negatief beïnvloeden, zoals bijvoorbeeld de opbouw van beademingsapparatuur, opbouw zitelementen van derden, opbouw op maat gemaakte zitelementen. De fabrikant is ook niet aansprakelijk voor gevolgschade door storingen of gebreken aan de rolstoel (bijvoorbeeld schade aan producten, bedrijfsonderbreking, vertragingen etc.).

CE-verklaring Het product voldoet aan de bepalingen van de richtlijn voor Medische Hulpmiddelen en is aldus voorzien van CE-markering.Inleiding

1.1 Doel en functie van de rolstoel

De elektrisch aangedreven rolstoelen zijn een mobiliteitshulpmiddel voor mensen die niet of moeizaam kunnen lopen. De rolstoelen hebben achterwielaandrijving en de maximale helling die bergafwaarts genomen kan worden is voor de Capri 8 º (14 %), voor de Belize 10 º (17,5 %) en de Pacific 12 º (21 %). Het maximum bereik van de types Capri en Belize, onder ideale omstandigheden, is *40 km. Voor de Pacific ligt deze afstand op *25 km. In werkelijkheid kan dit lager zijn, afhankelijk van weersomstandigheden, de leeftijd van de accu's, lichaamsgewicht en of er veel heuvels en hellingen beklommen worden. De maximale snelheid van de rolstoelen bedraagt voor de Belize 10 km/ uur en voor de Capri en de Pacific respectievelijk 7 en 8 km/ uur. Gebruiksgebied: Belize Capri Pacific Clusterindeling (KBOH) EBI EAI n.v.t. Klassenindeling (EN 12184 (1999)) B A B Clusterdefinities volgens KBOH:

  • Elektrisch binnen/buiten instelbaar (EBI): Elektrische rolstoel bedoeld voor gebruik binnen/buiten en uitgevoerd met joystickbesturing. De rugleuninghoek is in- of verstelbaar. De armleuning en de beensteun zijn instelbaar. De armleuningen en de beensteunen kunnen door de begeleider worden weggenomen voor een transfer. Zowel verkleinbaar als niet verkleinbaar komt voor.
  • Elektrisch buiten instelbaar (ECI): Elektrische rolstoel bedoeld voor gebruik buiten over langere afstand en uitgevoerd met joystick besturing. De rugleuninghoek is in- of verstelbaar. De armleuning en de beensteun zijn instelbaar. De armleuningen en de beensteunen kunnen door de begeleider worden weggenomen voor een transfer. Zowel verkleinbaar als niet verkleinbaar komt voor.
  • Elektrisch binnen instelbaar (EAI): Elektrische rolstoel voor gebruik binnen en uitgevoerd met joystickbesturing. De rugleuning is in- of verstelbaar. De armleuning en de beensteun zijn instelbaar. De armleuningen en de beensteunen kunnen door de begeleider worden weggenomen voor een transfer. Zowel verkleinbaar als niet verkleinbaar komt voor. Klassenindeling volgens EN 12184 (1999):
  • Klasse A: Compacte, manoeuvreerbare rolstoelen, die niet specifiek bedoeld zijn om hindernissen te nemen die buitenshuis voorkomen.
  • Klasse B: Rolstoelen die voldoende compact en manoeuvreerbaar zijn voor binnenshuis en in staat zijn om hindernissen te nemen die buitenshuis voorkomen.
  • Klasse C: De rolstoelen zijn meestal wat groter in afmeting, ze zijn niet specifiek bedoeld voor gebruik binnenshuis, maar zijn bestemd voor het afleggen van grotere afstanden en zijn geschikt voor gebruik buitenshuis.

1.2 Uitvoeringen en toebehoren

Standaardrolstoel en toebehoren De standaarduitvoering bestaat uit:

  • voorwielen, achterwielen
  • aandrijving en rij- elektronica
  • twee accu's (door uw dealer geleverd)
  • bedieningspaneel met joystick De volgende, los bijgeleverde (onder)delen of gereedschappen behoren tot elke rolstoel. Controleer of alles aanwezig is.
  • deze gebruikersdocumentatie
  • acculader met gebruikersdocumentatie (door uw dealer geleverd)

Opties De volgende accessoires zijn leverbaar:

  • gordel Speciale uitvoeringen:
  • elektrische hoog/laag verstelling (geldt niet voor de Pacific ) Raadpleeg uw dealer voor de overige aanpassingen die mogelijk zijn, zoals bijvoorbeeld besturingsopties of zitaanpassingen. Gereedschappen Voor het in- en verstellen van uw rolstoel heeft u de volgende gereedschappen nodig:
  • kruiskopschroevendraaierVeiligheid

Deze rolstoel is zodanig ontworpen en gebouwd dat hij veilig gebruikt en onderhouden kan worden. Dit geldt voor de toepassing, de omstandigheden en de voorschriften zoals in deze documentatie beschreven. Het lezen van deze documentatie en het opvolgen van de instructies zijn dus noodzakelijk voor iedereen die deze rolstoel gebruikt. De eenvoudige onderhoudswerkzaamheden die vermeld zijn bij de bedieningsvoorschriften kunnen door de gebruiker zelf uitgevoerd worden. Werkzaamheden die niet in de bedieningsvoorschriften omschreven staan, mogen alleen uitgevoerd worden door uw dealer.

2.2 Veiligheidsregels

  • Alleen personen, die de bedieningsvoorschriften gelezen en begrepen hebben, mogen de rolstoel bedienen.
  • De rolstoel is geen speelgoed: laat kinderen er niet mee spelen.
  • Schakel nooit de motor uit onder het rijden.
  • Neem geen hellingen groter dan 10 º, zie "Hellingen" op pagina 24.
  • Rijd nooit schuin een helling op of af.
  • Ontgrendel de motor nooit op een helling.
  • Rijd geen hoge stoepranden op of af, zie "Stoepranden" op pagina 23.
  • Neem stoepranden altijd haaks, dus niet met één voorwiel op de stoep en één voorwiel op straat.
  • Matig uw snelheid in bochten.
  • Zorg dat uw verlichting in orde is.
  • Schakel de verlichting altijd in bij schemering of in het donker.
  • Houd u op de openbare weg aan de regels van de wegenverkeerswet.
  • Zorg voor de juiste bandenspanning (zie "Specificaties" op pagina 33, of de sticker op uw rolstoel).
  • Voorgeschreven is om geen natte accu's te gebruiken. Bij gebruik van natte accu's kunnen zuren en dampen vrijkomen.
  • Veiligheidsvoorzieningen mogen niet verwijderd of buiten werking gesteld worden.
  • Zorg voor voldoende onderhoud zodat de veiligheid gewaarborgd blijft.
  • Gebruik de rolstoel niet indien veiligheidsvoorzieningen beschadigd zijn of niet goed werken. Zorg dat de rolstoel gerepareerd wordt.
  • Neem hindernissen in neutrale zitpositie (dus bij elektrisch verstelbare rolstoelen met de zithoogte in de laagste stand en de beensteunen en rugleuning zoveel mogelijk verticaal).
  • Houd op voetpaden veilige afstand tot voetgangers en houd rekening met onverwachte bewegingen van kinderen.
  • Schakel in drukke voetgangersgebieden over op een lagere snelheid.
  • Voorkom overbelasting van uw rolstoel door extreme situaties te vermijden (zoals bijvoorbeeld langdurig met maximale snelheid een steile helling op rijden).
  • Als het koud is, is de accucapaciteit van uw rolstoel lager; houd hier rekening mee bij het plannen van uw rit. Let bij vorst op de accu- indicator!
  • De rolstoel is ontworpen om buiten te rijden en is dan ook bestand tegen regen en stof. Bij extreme omstandigheden kunnen er echter vocht of vuil doordringen. Vermijd daarom het langdurig rijden in zware regen, rijden door diepe plassen, modder, hoog gras, sneeuw en dergelijke.
  • Het rijden door los zand kost veel energie: houd de accu-indicator in de gaten en let op voor overbelasting.
  • Pas uw snelheid aan als u binnen rijdt.
  • Schakel de rolstoel uit als u wat langer stilstaat: dit voorkomt dat er kleding van u of van andere personen achter de joystick blijft haken waardoor de rolstoel onbedoeld zou kunnen gaan bewegen.
  • Maak bij vervoer in een taxi gebruik van de taxivergrendelingsset en de veiligheidsgordel van de taxi.
  • Het rijgedrag van de rolstoel kan beïnvloed worden door elektromagnetische velden zoals veroorzaakt door draagbare telefoons en andere zendapparatuur. Schakel uw rolstoel daarom uit als u dergelijke apparaten gebruikt!
  • Uw rolstoel kan elektromagnetische velden verstoren, bijvoorbeeld die van alarminstallaties van winkels.

2.3 Niet toegestaan gebruik

De aandacht wordt gevestigd op de volgende toepassingen waarvoor de rolstoel niet geschikt is:

  • Het zonder gebruik te maken van de taxi vergrendelingset vervoeren in een taxibus waarbij de gebruiker in de rolstoel zit.
  • Vervoer van meerdere personen.
  • Het verplaatsen van andere voertuigen (bijvoorbeeld het trekken van een aanhanger).Bedieningsvoorschriften

3 Bedieningsvoorschriften Voordat tot bediening van de rolstoel wordt overgegaan moet de informatie uit het hoofdstuk "Veiligheid" bekend zijn. Werkzaamheden die niet in dit hoofdstuk vermeld staan, mogen alleen door uw dealer uitgevoerd worden.

3.1 Opbouw van de rolstoelen

Op Figuur 1 is de Belize afgebeeld. De opbouw van de Capri en de Pacific is gelijk aan de opbouw van de Belize.

voetplaat (opklapbaar)

hoofdsteun (optioneel)

motorontgrendeling (vrijloop) aan de linker- en rechterzijde van de rolstoel Figuur 1

hoofdzekering (onder de kap van de acculade)

vering (bij de Pacific dubbel uitgevoerd)

3.2 Afstellen van de rolstoel

De meeste instellingen hoeven slechts eenmalig ingesteld te worden, bijvoorbeeld door uw dealer. Het elektrisch verstelbare zitsysteem (optioneel) en de comfort beensteunen (optioneel) kunnen uiteraard door uzelf versteld worden.

scharnierplaat Figuur 3

De rolstoel staat standaard in de laagste stand ingesteld. Ga als volgt te werk indien een zithoogte hoger of lager dan deze stand gewenst is (zie Figuur 3 hierboven):

1. Verwijder de zitting uit het zitframe.

2. Verwijder de bout aan de voorkant van de scharnierplaat (zowel links als rechts).

3. Draai de achterste bout los (zowel links als rechts), maar verwijder deze nog niet.

4. Kantel de scharnierplaat in de gewenste stand en plaats de voorste bout in de gaten (zowel links als rechts), maar draai ze nog niet vast.

5. Verwijder de achterbout (zowel links als rechts).

6. Kantel de scharnierplaat in de gewenste stand en plaats de achterste bout in de gaten (zowel links als rechts).

7. Draai alle bouten goed vast.

8. Stel de gewenst kantelhoek opnieuw in (zie Kantelhoek hieronder).

Kantelhoek (traploos instelbaar)

kogelkop met borgveertje

1. Draai M8 imbusbout A (zie Figuur 4 hierboven) enkele slagen los (zowel links als rechts).

2. Draai contramoer B los (zowel links als rechts).

3. Verwijder het borgveertje van de linker kogelkop.

4. Klik de linker kogelkop los.

5. Draai tot de gewenste lengte is bereikt.

6. Verwijder het borgveertje van de rechter kogelkop.

7. Klik de rechter kogelkop los en de linker kogelkop vast.

8. Draai tot de gewenste lengte is bereikt.

9. Klik de rechter kogelkop terug.

10. Plaats de beide borgveertjes terug.

Zitdiepte (traploos instelbaar)

bout A met contramoer B

1. Draai de contramoer B een halve slag los, zie Figuur 5 hierboven.

2. Draai bout A een slag los.

3. Verplaats het rugschuifdeel in de gewenste stand.

4. Draai bout A weer vast, en draai de contramoeren B aan.

Doe dit op dezelfde wijze voor de andere zijde van de stoel. Zitbreedte instelling.

1. Draai bout A los, zie Figuur 6 hierboven.

Doe dit op dezelfde wijze voor de andere zijde van de stoel.Bedieningsvoorschriften

Hoek van de rugleuning instellen (traploos instelbaar)

1. Draai de 2 imbusbouten op de stelstang los, zie Figuur 7 hierboven.

Beensteun ophanging instellen (niet bij Pacific)

1. Draai de bouten A, B en C een halve slag los

2. Draai vervolgens met de verstelbout D de beensteun ophanging naar de gewenste hoek

3. Draai vervolgens de bouten A, B en C weer goed vast om de gewenste instelling te fixeren.Bedieningsvoorschriften

stelboutjes C (2 stuks)

1. Draai stelboutje A met inbussleutel nummer 4 los (zie Figuur 9 hierboven).

2. Stel de gewenste onderbeenlengte in.

3. Draai het stelboutje weer vast.

1. Draai bout B los, maar verwijder hem niet (zie Figuur 9 hierboven).

2. Stel met behulp van de twee stelboutjes C (zie Figuur 9 hierboven) de gewenste hoek in.

3. Draai bout B weer vast.

4. Draai vervolgens de beide stelboutjes op spanning.

1. Draai bout A los, zie Figuur 10 hierboven.

2. Stel de gewenste hoogte in.

1. Draai bout A los, zie Figuur 10 hierboven.

2. Draai de twee bouten B los.

3. Verplaats de armlegger in de gewenste hoek.

Armsteundiepte (traploos instelbaar)

1. Draai bout A één slag los, zie Figuur 11 hierboven.

2. Verplaats de betreffende armsteun(en) naar de gewenste stand.

3. Draai bout A weer vast.

Doe dit op dezelfde wijze voor de andere zijde van de stoel.

De stuurkasthouder is zowel rechts als links te gebruiken. Diepte- instelling (traploos instelbaar)

1. Draai het stelboutje los met inbussleutel 4, zie Figuur 12 hierboven.

2. Schuif de stuurkast in de gewenste stand.

3. Draai het stelboutje weer vast.

Hoogte- instelling De stuurkast kent een rij stand en een lage stand (handig als u met uw rolstoel aan een tafel wilt gaan zitten): in de rij stand is de stuurkast vergrendeld. De hoogte van de rij stand is als volgt instelbaar:

1. Zet de stuurkast in de lage stand.

2. Draai het M6 boutje los

3. Verplaats de pen naar de gewenste stand.

3.2.5 Hoofdsteun (optioneel)

instelbouten voor hoekinstelling

instelbout voor diepte instelling

2. Verschuif de hoofdsteun naar de gewenste hoogte.

3. Draai de knop weer vast.

(Als accessoire is er ook een hoogte aanslag leverbaar) Hoek- instelling

1. Draai de M8 bouten los met inbussleutel 6 en sleutel 13, zie Figuur 14 hierboven

2. Draai de hoofdsteun in de gewenste stand.

1. Draai de twee M6 bouten met inbussleutel 5 los, zie Figuur 14 hierboven.

2. Verdraai de hoofdsteunhouder ten opzichte van het rugframe in de gewenste stand.

Veervoorspanning instellen:

De veervoorspanning kan verhoogd of verlaagd worden door moer A te verdraaien (zie Figuur 15 hierboven). Figuur 15a

Bij de Pacific is het verenpakket dubbel uitgevoerd:

Als uw rolstoel elektrisch verstelbaar is, kunnen er, afhankelijk van welke uitvoering rolstoel u heeft, een of meer van de volgende onderdelen elektrisch versteld worden:

  • zithoogte Elektrisch verstellen gebeurt met de knop op de stuurkast en de joystick: 1. Selecteer het onderdeel dat u wilt verstellen door de knop op de stuurkast in te drukken die bij dat onderdeel hoort. Het lampje bij dat onderdeel toont dat het onderdeel geselecteerd is, zie figuur 19: De volgende onderdelen kunnen versteld worden: indicator 1 beide beensteunen tegelijk indicator 2 linkerbeensteun indicator 3 rechterbeensteun indicator 4 rughoek indicator 5 kanteling indicator 6 hoog/laag 2. Kies de gewenste stand van het onderdeel door de joystick van u af te bewegen (onderdeel gaat omlaag resp. voorwaarts) of naar u toe te bewegen (onderdeel gaat omhoog resp. achterwaarts).Bedieningsvoorschriften

De comfort beensteun De comfort beensteun heeft een scharnierpunt ter hoogte van de knie en kan met behulp van de aanwezige gasveer versteld worden.

1. Duw hendel A naar voren zodat de gasveer ontgrendeld wordt.

De elektrische comfort beensteun Zie "Elektrisch verstelbaar zitsysteem (optioneel)" op pagina 19 voor de wijze van verstellen.

3.2.9 Uitnemen van beensteun, armsteun of hoofdsteun

Wegzwenken en uitnemen beensteunen:

1. Ontgrendel de beensteun door hendel A naar binnen te duwen (zie Figuur 16 hierboven).

2. Draai de beensteun weg.

3. Neem, indien gewenst, de beensteun uit door de beensteun omhoog te tillen.

Uitnemen van de armsteun:

  • Draai knop A los, zie Figuur 17 BOVEN.
  • Neem de armsteun uit de geleider Uitnemen hoofdsteun: Voor het uitnemen van de hoofdsteun, zie "Hoofdsteun (optioneel)" op pagina 18.

3.2.10 *Bevestiging gordel (optioneel)

*Als u voor een gordel gekozen heeft, kan deze bevestigd worden met *, zie Figuur 5 op pagina 14.Bedieningsvoorschriften

Waarschuwing! Een eventuele gordel die bevestigd is aan de rolstoel zelf is slechts een houdingsgordel. Deze is niet geschikt als autogordel.

3.2.11 Wijzigen van besturingsprogramma

De rolstoel is voorzien van een programmeerbare besturing. U kunt niet zelf de instellingen van het programma wijzigen. Daarvoor is een programmeerkastje nodig. Alleen uw dealer kan bepaalde instellingen naar uw wensen aanpassen.

Waarschuwing! Het wijzigen van instellingen kan invloed hebben op de veiligheid en de prestaties. Laat de dealer u hierover voorlichten.

Voordat u plaatsneemt in de rolstoel:

  • Controleer of de rolstoel uitgeschakeld is.
  • Controleer of de rolstoel niet in de vrijloopstand staat.
  • Controleer of de bandenspanning goed is. Klap de voetplaten op en/ of draai de beunsteunen weg en neem plaats in de rolstoel.

3.3.2 Inschakelen van de Belize en de Pacific

Het inschakelen van de Belize en de Pacific gebeurt op dezelfde manier.

  • Schakel de rolstoel in door op de aan/ uit knop te drukken.
  • Controleer via de accu- indicator of de accu's voldoende geladen zijn voor de geplande rit.
  • Controleer of de verlichting werkt.
  • Controleer of de snelheidsindicator op de gewenste snelheid staat voor de geplande rit. U kunt als volgt een andere snelheid kiezen:
  • Druk op de toets voor snelheidsverhoging (rechts op stuurkast) of snelheidsverlaging (links op stuurkast), zie figuur 18.
  • Op de snelheidsindicator kunt u zien of u de gewenste snelheid heeft gekozen.
  • Door de joystick van u af te bewegen rijdt de rolstoel vooruit.

3.3.3 Inschakelen van de Capri

  • Schakel de rolstoel in door op de aan/ uit knop te drukken.
  • Controleer via de accu- indicator of de accu's voldoende geladen zijn voor de geplande rit.
  • Controleer of de verlichting werkt.
  • Controleer of de snelheidsindicator op de gewenste snelheid staat voor de geplande rit. U kunt als volgt een andere snelheid kiezen:
  • Druk op de toets voor snelheidsverhoging (rechts op stuurkast) of snelheidsverlaging (links op stuurkast), zie figuur 18.
  • Op de snelheidsindicator kunt u zien of u de gewenste snelheid heeft gekozen.
  • Door de joystick van u af te bewegen rijdt de rolstoel vooruit.Bedieningsvoorschriften

alarmlichten (2 richtingaanwijzers tegelijk indrukken) richtingaanwijzer links snelheidsindicator snelheid verlagen verstelling linker beensteun rughoek verstelling joystick (met meerdere functies in combinatie met functietoets) claxon

richtingaanwijzer rechts snelheid verhogen verlichtingsschakelaar

hoog/ laag Figuur 18

Door de joystick naar een stand tussen neutraal en maximaal te bewegen, selecteert u traploos de gewenste rijsnelheid. Het sturen van de rolstoel doet u ook door middel van de joystick: bij het vooruit rijden zal de rolstoel rijden in de richting waarin u de joystick beweegt. Het rijden op zandpaden, vooral door los zand, kost veel energie; houd er rekening mee dat uw accu dan eerder leeg is. Vermijd het langdurig rijden in zware regen, rijden door diepe plassen, modder, hoog gras, sneeuw en dergelijke.

Door de joystick van de rolstoel los te laten (naar zijn neutrale stand te bewegen) zal de rolstoel afremmen op de motor. Zodra de rolstoel stilstaat hoort u een klik en schakelt de parkeerrem in.

3.3.6 Stoppen en noodstop

Tijdens het afremmen werkt de motor als rem. Op het moment van stilstand zal de elektrische parkeerrem inschakelen en zal de rolstoel in de parkeerstand staan. Een noodstop kunt u maken door de joystick in tegengestelde richting te bewegen.

Schakel de rolstoel uit met de aan/ uit schakelaar (zie Figuur 18 hierboven). In geval de rolstoel is uitgerust met een omkeerbare stuurkast dient de rolstoel uitgezet te worden alvorens de stuurkast om te draaien, dit voorkomt het onbedoeld activeren van functies.

Waarschuwing! Schakel voor een transfer de rolstoel uit. De parkeerrem wordt dan automatisch ingeschakeld.Bedieningsvoorschriften

Bij het maken van de transfer in of uit de rolstoel zijn er 2 mogelijkheden: Zijwaartse transfer:

  • plaats de rolstoel zo dicht mogelijk bij het object van verplaatsing (bijvoorbeeld een stoel of een bed)
  • neem een van beide armsteunen uit. Voorwaartse transfer:
  • plaats de rolstoel zo dicht mogelijk bij het object van verplaatsing (bijvoorbeeld een stoel of een bed)
  • klap de voetplaten op, verwijder de kuitband en draai eventueel de beensteunen opzij.

Waarschuwing! Ga niet op de voetplaten staan, aangezien de rolstoel dan kan kantelen. Oefen de transfer in of uit uw rolstoel met getraind personeel.

Het maken van een korte bocht kan ingezet worden als het hart van de aangedreven achterwielen voorbij bijvoorbeeld een deurstijl is. Het maken van ruime bochten op hogere rijsnelheid kan door een geringe verandering van de stand van de joystick ingezet worden.

Waarschuwing! Matig uw snelheid in de bochten.

De Belize is ontworpen om obstakels te kunnen nemen van maximaal 8 centimeter, met de Capri en de Pacific kunt u obstakels van maximaal 5 centimeter nemen. Het is echter aan te bevelen om altijd het laagst mogelijke punt op te zoeken.

Waarschuwing! Rijd een stoeprand altijd haaks op en af, zodat beide voorwielen en beide achterwielen gelijktijdig contact houden met de stoep of met de weg!

Matig uw snelheid bij het op- en afrijden van stoepranden en rijdt altijd haaks een stoep op en af.Bedieningsvoorschriften

Waarschuwing! Dit is een achterwielaangedreven rolstoel. Bij het afrijden van afritten kan de anti-kantelvoorziening in de weg zitten

De rolstoel is zo ontworpen dat hellingen van 9 º (ongeveer 12,8 %) veilig te berijden zijn in neutrale zitpositie.

  • Bij het inrijden van een taxibus rustig de helling oprijden met de stoel in neutrale positie.
  • De rolstoel kan tegen een grotere helling oprijden dan veilig wordt geacht. Bij het afrijden van een helling groter dan 8 º zal de maximum snelheid automatisch gereduceerd worden, zodat de rolstoel bij plotseling afremmen stabiel blijft.
  • Rijd nooit schuin een helling op of af, omdat de kans op kantelen dan groter is.
  • Ontgrendel de motor nooit op een helling: als uw rolstoel in de vrijloopstand staat, werkt de automatische parkeerrem niet en zou u onverwachts de helling af kunnen rijden.
  • Het manoeuvreren op hellingen, zowel voor- als achteruit, kan gevaarlijke situaties opleveren. Matig uw snelheid.Bedieningsvoorschriften

3.3.12 Achteruit rijden

U kunt met uw rolstoel achteruit rijden door de joystick naar u toe te bewegen. De snelheid achteruit is lager dan vooruit.

Waarschuwing! De kracht van uw rolstoel is bij achteruit rijden kleiner dan wanneer u vooruit rijdt. Houd hier rekening mee bij het achteruit rijden op hellingen.

Om de rolstoel te kunnen duwen moet de parkeerrem uitgeschakeld worden. Dit kunt u doen door de hendel aan de linker of aan de rechterkant van de rolstoel om te zetten in de richting van de pijl, zie Figuur 9 hieronder. Houdt bij het duwen van de rolstoel 1 hand op de armleuning en de andere tegen de rugleuning van de rolstoel.

  • Bedien de vrijloophendel alleen als de rolstoel geduwd moet worden. In de vrijloop werken de motoren en de automatische parkeerrem niet meer.
  • Zet na het duwen de hendel meteen weer uit de vrijloopstand, zodat de automatische parkeerrem weer werkt. TIP Schakel de rolstoel uit als de rolstoel geduwd moet worden: dit voorkomt dat de rolstoel heel zwaar loopt.

Soms is het handig om de stuurkast neer te klappen, bijvoorbeeld als u met uw rolstoel aan een tafel wilt gaan zitten. Druk hiervoor de hendel (zie Figuur 20 op pagina 25) in en duw de stuurkast omlaag. U kunt de stuurkast weer in de rij-stand zetten door hem omhoog te bewegen totdat hij weer vergrendeld is. TIP Let op of de tafel hoog genoeg is om met uw rolstoel aan te zitten: bij erg lage tafels of tafels met een brede rand kan de stuurkast zelfs in de lage stand beschadigd worden.Bedieningsvoorschriften

Uw rolstoel beschikt over een laadentree aan de voorkant van de stuurkast. Deze is makkelijk bereikbaar ook als u nog in uw rolstoel zit. Als u uw rolstoel dagelijks gebruikt is het raadzaam om hem elke nacht te laden.

Ga als volgt te werk voor het opladen van de accu's:

  • Schakel uw rolstoel uit.
  • Steek de laadplug in de laadentree, zie Figuur 21 hierboven.
  • Schakel de lader in (zie hiervoor de gebruiksaanwijzing bij uw acculader).
  • Als de laadcyclus voltooid is (zie hiervoor de gebruiksaanwijzing bij uw acculader), schakel dan de lader uit en neem de laadplug uit de laadentree. Laad de accu's altijd een volledige cyclus; een uurtje laden zal de levensduur en de prestaties van de (droge) accu's negatief beïnvloeden. Bij ingeschakelde laadplug is het niet mogelijk met uw rolstoel te rijden.

Let op! Ook als u uw rolstoel langere tijd niet gebruikt is het raadzaam om de accu's geregeld te laden (ca. om de drie weken), zodat de accucapaciteit niet afneemt.

3.4.2 Vervangen van de accu's ( figuur 2 bladzijde 12 )

Accubak openen en uitnemen accu's:

  • Verwijder de twee stervormige knoppen links en rechts op het kunststof front, aan de zijde tussen de grote wielen.
  • Trek de accubak aan de riem naar buiten.
  • Neem de riem los door de vergrendeling links en rechts op de gesp in te drukken, bij sommige modellen is de gesp vervangen door klittenband.
  • Verwijder de deksel.
  • Ontkoppel de accupolen.
  • Neem de accu’s uit, de achterste accu is slechts uit te nemen als de eerste weg is. (Gebruik de handgrepen om de accu's op te pakken.) Accubak geleiderails controleren/reinigen: Open de accubak zoals hierboven omschreven. Het deksel en het kunststof front kunnen blijven zitten. Wel neemt u de zitting uit de stoel. Reinig de rails met een schone doek, zowel de delen aan de accubak als de delen binnenin de rolstoel. Smeer licht in met een waterafstotend smeermiddel, bijvoorbeeld lithiumvet. Het gebruik van natte accu's is niet toegestaan. Zie voor het vereiste type "Verdere specificaties" op pagina 34.

3.5 Ingebouwde beveiligingen

De rolstoelen hebben de volgende beveiligingen:

  • De elektronica is beveiligd tegen overbelasting van de motor: automatische reset.
  • Hoofdstroomcircuit is beveiligd tegen kortsluiting
  • Accu- indicator: geeft aan wanneer de accu opgeladen dient te worden.Bedieningsvoorschriften
  • Indien de rolstoel ingeschakeld wordt en de joystick bevindt zich niet in de neutrale stand, zal de rolstoel niet rijden. Door de joystick even in de neutrale stand te zetten komt de rij- functie weer beschikbaar.
  • Parkeerrem: als de rolstoel stilstaat wordt automatisch de parkeerrem ingeschakeld.
  • De maximum snelheid kan door de dealer gereduceerd worden.
  • Bij het afrijden van een helling groter dan 8

zal de maximum snelheid gereduceerd worden, zodat de rolstoel bij plotseling afremmen stabiel blijven.

  • Indien uw rolstoel is uitgevoerd met een hoog laag systeem wordt de max. snelheid gereduceerd wanneer de hoog laag in gebruik is.
  • Het verlichtingscircuit is kortsluitvast.

In onderstaande tabel vindt u een overzicht van de periodieke controles die u moet uitvoeren: Frequentie Controle Eventuele actie door: Elke dag en vóór elke langere rit

  • Acculading Gebruiker Elke week • Schoonmaken Gebruiker Elke maand • Soepele werking van verstelmechanismes
  • Werking van parkeerrem Cebruiker
  • Accu's geheel laden Elk half jaar • Bandenslijtage
  • Accuaansluiting: corrosie Gebruiker of dealer
  • Bedrading: slijtage- of schuurplekken Dealer Elk jaar • Volledig onderhoud door dealer Dealer

De accu- indicator knippert als er een storing is of als uw rolstoel niet rijklaar is.

  • Controleer of de laadstekker uit de laadentree genomen is.
  • Controleer of uw rolstoel niet in de vrijloopstand staat.

parkeerrem werkt niet (rolstoel staat in de vrijloopstand)

Als uw rolstoel helemaal niet op inschakelen reageert:

  • Controleer of de acculade goed dicht is.
  • Controleer de hoofdzekering, die zich in de acculade bevindt (zie Figuur 23 pagina 28). Raadpleeg uw dealer indien deze zekering defect is.
  • Schakel opnieuw uit en aan.Bedieningsvoorschriften

Achterlicht en knipperlicht (vóór en achter) vervangen: Verwijder het kapje door met een schroevendraaier achter het kapje te steken op de plaats van de inkeping. Vervang het 12V steeklampje. Koplamp vervangen: Wip de borgring met een schroevendraaier uit. Neem de stekker los van de lamp en vervang de lamp. Plaats de lamp terug en fixeer deze met de borgring.

Waarschuwing! Indien de storingen herhaaldelijk terugkeren kan dit op een fout in de rolstoel wijzen: raadpleeg uw dealer.

Let op! Schakel altijd opnieuw uit en in na het opheffen van een storing! Het opheffen van andere storingen moet door dealerpersoneel uitgevoerd worden.

3.7.2 Verwijderen wiel en verwisselen band

Laat het verwisselen van een band bij voorkeur aan uw dealer over. Bij de achterwielen en de voorwielen zijn de velgen deelbaar. Ga als volgt te werk als u zelf de band verwisselt: Voorwiel:

  • Draai de grote M8 wielbout los en verwijder het wiel.
  • Laat de lucht uit de band.

Waarschuwing! Draai deze bouten nooit los terwijl de band nog opgepompt is!

  • Verwijder de oude band en plaats de nieuwe band. Let op dat de binnenband niet tussen de velghelften klemt!
  • Draai de zes wielbouten vast.
  • Monteer het wiel op de naaf door de vier M8 bouten vast te draaien. Achterwiel:
  • Draai de vier binnenste M8 bouten los en neem het wiel van de naaf.
  • Laat de lucht uit de band.
  • Draai de vijf wielbouten los.Bedieningsvoorschriften

Waarschuwing! Draai deze bouten nooit los terwijl de band nog opgepompt is!

  • Verwijder de oude band en plaats de nieuwe band. Let op dat de binnenband niet tussen de velghelften klemt!
  • Monteer het wiel weer terug in de vork.
  • De rolstoel dient uitgeschakeld te zijn tijdens de schoonmaakwerkzaamheden.
  • Elektrische componenten mogen niet met water of andere vloeistoffen in aanraking komen. Reinig uw rolstoel met een vochtige doek. Gebruik eventueel een zacht schoonmaakmiddel. Gebruik geen schurend of agressief schoonmaakmiddel. Gebruik van een hogedrukreiniger wordt ten strengste afgeraden!

3.9 Service en reparatie

Tenminste 1 maal per jaar dient de rolstoel geïnspecteerd te worden door de dealer. Reparaties dienen door uw dealer te worden uitgevoerd. Alle onderdelen die vervangen worden dienen minimaal aan de specificaties van de oorspronkelijke onderdelen te voldoen. Alle onderdelen kunnen besteld worden bij Handicare. Voor de rolstoelen zijn complete vervangingsunits te verkrijgen.

Waarschuwing! Afwijken van bovenstaande voorschriften kan gevolgen hebben voor de veiligheid van de rolstoel. Handicare kan hiervoor geen aansprakelijkheid aanvaarden. Het aansluitschema van de accu's is te vinden aan de binnenkant deksel van de acculade. U kunt de onderhoudsbeurten en werkzaamheden bijhouden in "Bijlage 2 Onderhoudstabel" op pagina 37.

Stal uw rolstoel in een niet-vochtige ruimte. Als u uw rolstoel langere tijd niet gebruikt is het raadzaam om de accu's geregeld te laden (ca. om de drie weken), zodat de accucapaciteit niet afneemt.

3.11 Transport in auto of taxi

3.11.1 Stoel zonder inzittende

Waarschuwing! Wanneer uw rolstoel langere tijd in de auto heeft gestaan kan deze warm worden (meer dan 41

C). Let op bij het beetpakken van de metalen delen.

Let op! Pak de rolstoel alleen op aan de framedelen, niet aan arm- of beensteunen of aan de zitting.

  • Zorg dat de rolstoel in het vervoermiddel op de parkeerrem staat.
  • Zorg dat de rolstoel vastgezet is, zeker indien er geen gescheiden bagageruimte is (bijvoorbeeld in een personenbusje). Ten behoeve van transport kan de rugleuning neergeklapt worden en kunnen de beensteunen afgenomen worden.Bedieningsvoorschriften
  • Draai bout A los met sleutel 13 en verwijder deze, zie Figuur 24 BOVEN.
  • De stelstang is nu los en de rugleuning kan neergeklapt worden.
  • Voor het herbevestigen van de stelstang plaats bout A terug en draai hem vast. Voor het afnemen van de beensteunen: zie "Uitnemen van beensteun, armsteun of hoofdsteun" op pagina 20.

3.11.2 Met gebruiker in de stoel

De rolstoel kan gebruikt worden als een zitplaats in een auto of een taxi. Echter, als het voor de gebruiker mogelijk is om in de stoel van de auto of taxi te gaan zitten en gebruik te maken van de autogordel, geniet dit de voorkeur. Om de rolstoel te gebruiken als zitplaats in een auto of taxi, moet er gebruik worden gemaakt van een inzittende beveiligingssysteem (gordel) dat niet vast zit aan de rolstoel. Dit systeem moet voldoen aan de eisen uit de norm ISO 10542-1. Het 4-punts bevestigingssysteem om de rolstoel vast te zetten moet voldoen aan de eisen uit de normen ISO 10542-1 en ISO 10542-2. Deze systemen zijn optioneel. De afmetingen en de draaicirkel van de rolstoel kunnen beperkingen vormen voor het gebruik in een auto of taxi.

  • Stel de rolstoel altijd zodanig op dat de inzittende in de rijrichting kijkt.
  • Vastzetten van de rolstoel: Voor het vastzetten van de rolstoel moeten de 4 bevestigingspunten gebruikt worden. (volgens ISO 7176-19). Deze bevestigingspunten zitten aan de rolstoel vast. De locatie van de bevestigingspunten zijn aangegeven met een haaksymbool, zie Figuur 26 onder. Er moeten altijd 4 riemen gebruikt worden om de rolstoel vast te zetten. Iedere riem moet vastgehaakt worden aan de rolstoel en aan een bevestigingspunt in de auto. De bevestigingspunten op de rolstoel: markering: Figuur 25 Figuur 26Bedieningsvoorschriften

Figuur 27 Figuur 28 De benodigde vrije ruimte rondom de rolstoel is aangegeven in Figuur 29 en Figuur 30 hieronder.

Figuur 29 Figuur 30 Alle maten in mm. HHT: Seated head heigt, hoogte van het hoofd in zitpositie. Voor volwassenen ongeveer 1200 - 1550 mm. FCZ: Frontal clear zone, vrije ruimte aan de voorzijde. Deze moet 650 mm zijn als een schoudergordel wordt gedragen en 950 mm als een heupgordel wordt gedragen De vrije ruimte aan de voorzijde wordt mogelijk niet gehaald als de gebruiker van de rolstoel tevens de bestuurder van de auto is. Inzittende beveiliging: Als inzittende beveiligingssysteem moet zowel een heupgordel als een schoudergordel gebruikt worden (om kans op letsel aan het hoofd of aan de borst te verminderen bij een ongeval). Het inzittende beveiligingssysteem moet voldoen aan de norm ISO 10542-1. Het gebruik van de gordels:

1. Heupgordel zo laag mogelijk. De hoek moet bij voorkeur tussen de 45

liggen (eventueel tussen de 30

), zie Figuur 31 op pagina 32. 2. De gordels moeten tegen het lichaam van de gebruiker zitten (armsteunen, wielen etc. mogen er niet tussen zitten), zie Figuur 32 op pagina 32.

3. De schoudergordel moet over de schouder heen zitten.

4. De gordels moeten zo strak mogelijk zitten, zonder verlies van comfort.

5. De gordel mag niet gedraaid zitten.Bedieningsvoorschriften

  • Stel de rolstoel altijd zodanig op dat de inzittende in de rijrichting kijkt.
  • Gebruik altijd de schoudergordel en de heupgordel
  • Riemen en andere middelen voor houdingsondersteuning zijn niet geschikt als veiligheidsgordel, tenzij ze voldoen aan ISO 7176-19. De rolstoel is niet getest met aan de rolstoel bevestigde beveiligingssystemen.
  • Houd u aan de vrije ruimte aangegeven in Figuur 29 en Figuur 30. De vrije ruimte moet groter zijn als u de schoudergordel niet gebruikt.
  • Aan de rolstoel bevestigde schrijfplankjes en accessoires: o neem deze van de rolstoel af, of o klap ze weg en vul de ruimte tussen het plankje en de inzittende met kussentjes
  • Volg eventuele nadere voorschriften betreffende rolstoelvervoer. Bijvoorbeeld de Code VVR (zie verder hierbeneden).
  • Informeer bij uw dealer voor verdere vragen over het gebruik van uw rolstoel in een auto of taxi.
  • Wijzig niets aan de rolstoel zonder overleg met uw dealer.
  • Overtuig u ervan dat uw rolstoel is uitgerust met lekvrije accu's. In Nederland bestaat de Code Veilig Vervoer Rolstoelinzittenden (VVR). Hierin worden rolstoelen ingedeeld in 3 klassen: "niet vervoerbaar", "vervoerbaar", en "veilig vervoerbaar" (bedoeld mét een gebruiker in de stoel). De rolstoelen Capri en Belize vallen in de klasse "veilig vervoerbaar". De rolstoel Pacific valt in de klasse "vervoerbaar".

3.12 Afdanken van de rolstoel

Indien de rolstoel gesloopt wordt, dienen de voorschriften voor afvalverwerking in acht genomen te worden die gelden op de plaats van en ten tijde van de sloop. In de rolstoel zijn alleen algemeen bekende materialen verwerkt. Ten tijde van de bouw bestonden hiervoor afvalverwerkingsmogelijkheden en er waren geen bijzondere risico's bekend voor de personen belast met de sloopwerkzaamheden.

Waarschuwing! De in de rolstoel aanwezige accu- unit dient als chemisch afval beschouwd te worden en op die manier verwerkt te worden. De accu's kunnen gerecycled worden.Specificaties

4.1 Specificatieblad volgens ISO 7176-15 annex A

(dit specificatieblad is ook los leverbaar) Fabrikant: Handicare Model: Capri en Belize Maximum gebruikers gewicht (kg): 120 (tevens de massa van de testdummy in onderstaande testen) Model: Pacific Maximum gebruikers gewicht (kg): 200 (tevens de massa van de testdummy in onderstaande testen)

Capri Belize *Pacific ISO standaard min max min maxi min max 7176-5 Keerruimte [mm] 1200 ---- 1250 ---- *1340 ---- ISO 7176-14 Snelheidsregelsyteem bedieningskracht [N] 1.5 ---- 1.5 ---- 1.5 ---- ISO 7176-14 Drukknop en/of tuimelschakelaar bedieningskracht [N] 2.5 ---- 2.5 ---- 2.5 ---- *zonder o graden zitting nvt: Niet van toepassing min/max: Betreft instelbereik. Indien vaste waarde alleen "minimaal" ingevuld, en bij "maximaal" ---- De rolstoel voldoet aan de eisen van onderstaande normen:

  • Statische, impact en vermoeiings bestendigheid volgens ISO 7176-8, Ja
  • Aandrijving en controle systemen voor elektrische rolstoelen volgens ISO 7176-14,
  • Eisen voor brandbestendigheid volgens ISO 7176-16. Ja

4.3 Fysische gebruiksomstandigheden

Omgevingstemperatuur -10 tot +40 graden Celsius, geschikt voor Nederlands klimaat

4.4 Toegepaste richtlijnen en normen

Deze rolstoel is voorzien van CE- markering. Dit houdt in dat deze rolstoel voldoet aan de van toepassing zijnde Europese richtlijnen betreffende veiligheid en gezondheid. De toegepaste normen staan op de "Verklaring van Overeenstemming" aangegeven. Daarnaast voldoen de rolstoelen Capri en Belize aan:

  • GQ (Keuringsvoorschrift R-06 van de KBOH).
  • ISO 7176-19; botsveiligheid rolstoelen, getest door TNO Nederland (rapportnummer: 00.KR.KE.3199.1/TC).Aanduidingen op de rolstoel

5 Aanduidingen op de rolstoel

Het typeplaatje bevat de volgende vermeldingen:

Handicare Vossenbeemd 104 5705 CL Helmond Netherlands Type: Serienummer: Max. gebruikers gewicht: Gebruiksgebied: Jaar: Sommige gegevens op het typeplaatje zijn niet voor elke geleverde rolstoel gelijk. Deze zijn dan hierboven niet (geheel) ingevuld. De werkelijke gegevens voor uw exemplaar kunt u op het typeplaatje zelf aflezen.

5.2 Overige aanduidingen

Aanduiding Betekenis Locatie 3,5 BAR Bandenspanning vóór (alle types) Op de voorwielen 2,5 BAR Capri en Pacific: Bandenspanning achter Op de achterwielen 2,1 BAR Belize bandenspanning achter Op de achterwielen *Vrijloop van de motor (de motor wordt ontgrendeld in de richting van de pijl) Vrijloop van de motor. Internationaal pictogram voor vrijloop van de motor. Op de zijkap van de rolstoel (Een van beide pictogrammen zal aangebracht zijn) 10 km/h Belize: Maximum snelheid vooruit van 10 km/h Op de stuurkast 7 resp. 8 km/h Capri en Pacific: Maximum snelheid vooruit resp. 7 / 8 km/h Op de stuurkast Zekering Op de accu voorkap Aansluiting voor de acculader Bij de laadentree (op bedieningskast) Aansluitschema van de accu's In de acculade Punt voor taxivergrendeling crash geteste versie. Bij bevestigingspuntSpecificaties

De op de rolstoel aangebrachte aanduidingen moeten duidelijk leesbaar blijven. Zonodig vernieuwen.Bijlagen

Bijlage 1 Gebruikersdocumentatie acculader Door dealer meegeleverd. Bijlage 2 Onderhoudstabel In deze tabel kunt u alle werkzaamheden, uitgevoerd aan uw rolstoel, vastleggen. Serienummer: ............... Datum ingebruikname: ................ Datum Omschrijving werkzaamheden Uitgevoerd door

ATTENTIE !! Wheelbase Joystick module (software versie V1.x) Uw nieuwe Handicare rolstoel is uitgerust met de nieuwste versie software. Deze nieuwe software maakt de rolstoel nog gebruiksvriendelijker door de volgende opties:

  • Beide elektrische beensteunen tegelijk bedienen.
  • Buitenmode, waarbij de keuze gemaakt kan worden:
  • Automatische knipperlichten (alarmlichten aan bij achteruitrijden.)
  • Geluidssignaal(claxon) bij achteruitrijden. Ad1. De optie dat beide beensteunen tegelijk bedienbaar zijn sluit uiteraard niet uit dat u ze separaat kunt verstellen, dit blijft ook bij geactiveerde optie gewoon mogelijk.Bijlagen

Optie in/uit schakelen.

1. Rolstoel in uitgeschakelde toestand.

2. Druk de knoppen van beide beensteunen in.

3. Schakel met de beide beensteunknoppen ingedrukt de rolstoel aan en houd deze vast tot de snelheidsled(s) oplichten.

Optie gebruiken Bij de ingeschakelde optie kunnen we nu beide beensteunen inschakelen door na elkaar de knoppen van de linker en rechter beensteun in te drukken(beide rode leds zullen branden) en vervolgens de beensteunen activeren met de joystick. Ad2. De buitenmode optie is bedoeld om u het buiten rijden te vergemakkelijken en uiteraard ook voor uw persoonlijke veiligheid op straat. Met name de optie automatische knipperlichten zal u van groot gemak dienen, de knipperlichten schakelen automatisch aan bij het inrijden van een bocht.. De alarmlichten zullen automatisch oplichten bij achteruitrijden, dit is een duidelijk signaal voor de medeweggebruikers zodat u extra wordt opgemerkt. Ook heeft u de mogelijkheid bij achteruitrijden een geluidssignaal te activeren door de claxon mode te programmeren. Automatische knipperlichten selecteren:

1. Rolstoel in uitgeschakelde toestand.

2. Druk de beide knoppen van de knipperlichten in.

3. Schakel met de beide knipperlichtknoppen ingedrukt de rolstoel aan en houd deze vast tot de snelheidsled(s) oplichten. Geluidssignaal (claxon) bij achteruitrijden selecteren:

1. Rolstoel in uitgeschakelde toestand.

2. Druk de knop van de claxon in.

3. Schakel met de claxon knop ingedrukt de rolstoel aan en houd deze vast tot de snelheidsled(s) oplichten.

Om deze keuze(n) te activeren moet u de buitenmode nog selecteren:

1. Rolstoel in ingeschakelde toestand.

2. Druk de knop van het linker of rechter knipperlicht in gedurende 2 seconden, hiermee wordt de mode geactiveerd.

Het deactiveren van de buitenmode:. Wanneer u weer binnen rijdt kan het natuurlijk hinderlijk zijn dat uw knipperlichten en /of geluidssignaal wordt geactiveerd. De buitenmode kan uitgeschakeld worden door bij ingeschakelde rolstoel 2 seconden de linker of rechter knipperlicht schakelaar in te houden. Wheelbase Joystickmodule: aan/uit schakelaar

alarmlichten (2 richtingaanwijzers tegelijk indrukken) richtingaanwijzer links snelheidsindicator snelheid verlagen verstelling linker beensteun rughoek verstelling joystick (met meerdere functies in combinatie met functietoets) claxon

richtingaanwijzer rechts snelheid verhogen verlichtingsschakelaar

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Handicare

Model : Pacific

Categorie : Elektrische scooter