Fiorina 103 Sline - Verwarming QLIMA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Fiorina 103 Sline QLIMA in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - Fiorina 103 Sline QLIMA
Gebruikersvragen over Fiorina 103 Sline QLIMA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Verwarming in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Fiorina 103 Sline - QLIMA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Fiorina 103 Sline van het merk QLIMA.
GEBRUIKSAANWIJZING Fiorina 103 Sline QLIMA
3.1 Montage van het display (tenzij al af fabriek geïnstalleerd)
3.2 Plaatsen van de ruimte temperatuur sensor
- MINIMALE EISEN AAN HET ROOKKANAAL / SCHOORSTEEN
4.1 Minimale eisen waaraan de schoorsteen moet voldoen - AANSLUITPUNT VAN DE SCHOORSTEEN AAN DE KACHEL
- AANSLUITEN VAN DE VERBRANDINGSLUCHT LEIDING
- BENODIGDE VENTILATIE VAN DE RUIMTE TIJDENS EEN IN BEDRIJF ZIJNDE KACHEL
- PLAATSEN VAN DE KACHEL
- ELEKTRISCHE AANSLUITING
Alle afbeeldingen waarnaar in deze handleiding verwezen wordt, bevinden zich achterin de handleiding
1. VOORWOORD:
Deze installatiehandleiding is bedoeld voor gebruik door personen met voldoende kennis op het gebied van elektrotechniek, werktuigbouw en verbrandings-techniek. Let op: verkeerde en/of onjuiste installatie van de kachel kan resulteren in ernstig lichamelijk letsel en/of schade aan eigendommen.
Schade veroorzaakt door verkeerde/onjuiste installatie en/of het niet opvolgen van de adviezen in deze handleiding valt niet onder de garantie. Fabrikant noch distributeur zijn verantwoordelijk voor de interpretatie van deze informatie en aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid in verband met het gebruik ervan.
Vanwege technische verbeteringen kunnen gegevens, specificaties en parameters zonder voorafgaand bericht worden gewijzigd. De juiste specificaties staan vermeld op het typeplaatje.
De kachel moet worden geïnstalleerd door een erkende Qlima-installateur. Alleen dan is de eindgebruiker er zeker van dat de installateur over voldoende deskundigheid en productkennis beschikt.
De kachel werkt alleen veilig als hij is aangesloten op een professioneel geïnstalleerde, goed functionerende schoorsteen/rookafvoer. De schoorsteen/rookafvoer moet altijd worden geïnstalleerd volgens de plaatselijke regels en/of de voorschriften van de verzekeraar en/of de instructies in deze handleiding. De meest strikte regels prevaleren.
Ook bij installatie met een goede schoorsteen/rookafvoer en met rechtstreekse toevoer van verse lucht naar de kachel kan de kachel nooit worden beschouwd als een ruimte onafhankelijk verbrandingssysteem.
De afbeeldingen in deze handleiding zijn alleen bedoeld ter illustratie en uitleg en kunnen afwijken van de door u gekochte kachel.
2. VEILIGHEIDSAANWIJZIGINGEN:

LET OP! Alle afbeeldingen in deze handleiding en op de verpakking zijn alleen bedoeld als toelichting en indicatie en kunnen enigszins afwijken van het apparaat dat u heeft gekocht. Alleen de werkelijke vorm is belangrijk.

Het niet opvolgen van de in deze handleiding gegeven eisen zou kunnen leiden tot gevaarlijke situaties en leidt ertoe dat de garantie vervalt.
Installeer dit apparaat alleen als het voldoet aan de plaatselijke/landelijke wetgeving, verordeningen en normen. Deze kachel is bedoeld voor het verwarmen van ruimten in woningen en is alleen geschikt voor gebruik binnenshuis in woonkamers, keukens en garages op droge plaatsen in normale huishoudelijke situaties. Installeer de kachel niet in slaap- of badkamers.
De correcte installatie van deze kachel is uiterst belangrijk voor het juist functioneren van het product en voor uw persoonlijke veiligheid. Daarom gelden de volgende aanwijzingen:
- Deze kachel moet worden geïnstalleerd door een door Qlima geautoriseerde verwarmings- of installatiemonteur, anders is de garantie niet van kracht. Als de in deze handleiding verstrekte gebruiksaanwijzingen afwijken van de plaatselijke en/of regionale wetgeving, moet de strengste voorwaarde worden toegepast. De fabrikant en distributeur wijzen uitdrukkelijk alle verantwoordelijkheid van de hand in geval de installatie niet voldoet aan de lokale wet- en regelgeving en/of in geval van onjuiste beluchting en ventilatie en/of een foutief gebruik.
- De kachel mag alleen worden geïnstalleerd in een vertrek waarvan de locatie, de bouwconstructie en het gebruik het veilige gebruik van de kachel niet belemmeren.
Neem bij problemen met uw kachel of als u deze handleiding moeilijk kunt lezen of niet (helemaal) begrijpt altijd direct contact op met uw dealer of installateur.
- Voor het verbranden van pellets is zuurstof, en dus lucht, vereist.

Zorg ervoor dat de leiding voor de verbrandingslucht te allen tijde verse lucht van buiten aan kan zuigen.
- Dek luchtinlaten en -uitlaten nooit af en controleer regelmatig of de lucht-inlaat vrij is van vervuiling.
- Vervoer de kachel met de juiste apparatuur. Als niet de juiste apparatuur wordt gebruikt, kan dit leiden tot persoonlijk letsel en/of schade aan de kachel.
- Plaats geen brandbare voorwerpen en/of materialen binnen 200 mm van de zijkanten en 200 mm van de achterzijde van de kachel of binnen 800 mm van de voorkant van de kachel.
-
De kachel is ontworpen voor vrijstaande installatie en is niet geschikt voor inbouw. Houd een vrije afstand van 200 mm tussen de muren en de zij-/achterkanten van de kachel aan.
-
Tijdens gebruik kan de kachel aan de buitenkant erg heet worden. Laat NOOIT kinderen zonder toezicht bij de kachel achter. Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat ze met de kachel spelen.
- Deze kachel is niet bestemd voor gebruik door personen (waaronder begrepen kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke vermogens, of met onvoldoende ervaring en kennis, tenzij zij onder toezicht staan van of aanwijzingen met betrekking tot het gebruik van het apparaat hebben gekregen van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Laat de hierboven genoemde personen ook nooit zonder toezicht bij de verpakking. Er bestaat verstikkingsgevaar door het verpakkingsmateriaal.
- Tijdens gebruik kan de kachel aan de buitenkant erg heet worden. Gebruik geschikte, hittebestendige persoonlijke beschermingen zoals hittebestendige handschoenen bij het bedienen van de kachel.
- Gebruik tijdens het installeren en bij het onderhoud van de kachel altijd de nodige persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals veiligheidsbril, handschoenen enz.
- Wees voorzichtig wanneer u de kacheltrechter (bij)vult met pellets wanneer de kachel (nog) heet is. Zorg ervoor dat de zak met pellets geen vuur kan vatten.
- Pas op met brandbare kleding; deze kan in brand vliegen als u te dicht bij het vuur in de kachel komt.
- Werk niet met brandbare oplosmiddelen in dezelfde ruimte waar de kachel brandt. Voorkom risico's; verwijder brandbare oplosmiddelen en andere brandbare materialen uit het vertrek.
- De kachel is zwaar; laat de sterkte van de vloer door een geautoriseerd expert controleren.
- Gebruik enkel droge houten pellets van een goede kwaliteit zonder resten van lijm, hars of additieven. Diameter 6 mm. maximum lengte 30 mm.
- Gebruik geen andere brandstof dan de vermelde houten pellets. Andere brandstoffen zoals bijvoorbeeld - houten werkafval met lijm en/of solventen, - afvalhout in het algemeen, - karton, - vloeibare brandstof, - alcohol, - petroleum, - benzine, -afvalmateriaal of vuilnis, enz. zijn verboden.
- Slecht, nat, geïmpregneerd of geverfde brandstof leidt tot de vorming van condens en/of roet in de schoorsteen of in de kachel. Dit leidt tot verminderde prestaties en mogelijk gevaarlijke situaties.
- Laat de schoorsteen regelmatig schoonmaken en vegen volgens de lokale wet- en regelgeving en/of zoals voorgeschreven door uw verzekering. Bij ontbreken van lokale wet- en regelgeving en/of een voorschrift van de verzekering: laat tenminste tweemaal per jaar (de eerste keer aan het begin van het stookseizoen) uw totale kachelsysteem -inclusief schoorsteen- door een geautoriseerd specialist nakijken en onderhouden. Bij intensief gebruik van de kachel moet het hele systeem, inclusief schoorsteen, vaker worden schoongemaakt.
- Gebruik de kachel niet als barbecue.

Sluit slechts één kachel aan per rookkanaal. Het aansluiten van meerdere kachels op hetzelfde rookkanaal kan leiden tot gevaarlijke situaties.
Voor deze kachel is ook een elektrische voeding nodig. Lees de onderstaande waarschuwingen en opmerkingen goed door:
- Gebruik geen beschadigde voedingskabel.
- Een beschadigde stroomkabel mag alleen worden vervangen door de leverancier of door een bevoegde persoon of een bevoegd servicepunt.
- Klem de kabel niet vast en buig hem niet.
• Zorg ervoor dat de voedingskabel geen hete delen van de kachel raakt. - Sluit het apparaat NOOIT met behulp van een verlengkabel aan. Als er geen geschikt, geaard stopcontact beschikbaar is, dient u er een te laten installeren door een erkende elektricien.
- Controleer de netspanning. Dit apparaat is uitsluitend geschikt voor geaarde stopcontacten - Aansluitspanning 230 Volt/ \~50 Hz.

Het apparaat MOET altijd een geaarde aansluiting hebben. Als de voeding niet geaard is, mag u het apparaat absoluut NIET aansluiten.
- De stekker moet altijd gemakkelijk bereikbaar zijn als het apparaat is aangesloten.
- Plaats het apparaat niet direct onder een wandcontactdoos.
Controleer alvorens het apparaat aan te sluiten of:
- De aansluitspanning overeenkomt met de waarde op het typeplaatje.
- Het stopcontact en de voeding geschikt zijn voor het apparaat.
- De stekker aan de kabel in het stopcontact past.

Laat de elektrische installatie door een erkende expert controleren als u niet zeker weet of alles in orde is.
- Dek luchtinlaten en -uitlaten nooit af.
- Steek geen voorwerpen in de openingen van het apparaat.
- Laat het apparaat nooit in contact komen met water. Sproei nooit water over het apparaat en dompel het niet in water onder, anders kan er kortsluiting ontstaan.
- Trek de stekker altijd uit het stopcontact voordat u het apparaat gaat schoonmaken of voordat u het apparaat of een onderdeel van het apparaat gaat vervangen.
- Trek altijd de stekker uit het stopcontact alvorens onderhoud te plegen aan de kachel.
- Trek de stekker altijd uit het stopcontact als het apparaat niet in gebruik is.
- Wijzigingen aanbrengen aan het apparaat is niet toegestaan. Hierdoor kunnen levensgevaarlijke situaties ontstaan. Tevens vervalt hierdoor de garantie.
- Berg de installatie- en de gebruikshandleiding goed op.
- Handel in noodgevallen altijd volgens de aanwijzingen van de brandweer.
3. MONTAGEINSTRUCTIE VAN MEEGELEVERDE DELEN
3.1 MONTAGE VAN HET DISPLAY (INDIEN NOG NIET GEÏNSTALLEERD)

Alleen van toepassing voor modellen met majolica-zijpanelen: Plaats de majolica-zijpanelen alvorens het display wordt gemonteerd.
- Verwijder de bovenplaat van de kachel. Deze liegt los op de kachel.
- Draai de twee schroeven welke aan de achterzijde van de kachel gemonteerd zijn, (zie afbeelding 1), los zodat de twee gleuven van de displaymontageplaat tussen de schroeven passen.
- Druk de gemonteerde ringen, welke zich om de twee losgedraaide schroeven bevinden, tegen de kachelwand.
- Plaats de displayplaat met het display, door deze met de gleuven tussen de kop van de bout en de ring te schuiven, (zie afbeelding 2).
- Draai vervolgens de beiden schroeven aan zodat de displayplaat stevig vast zit. (Zie afbeelding 3)
- Controleer of de platte kabel vrij kan bewegen achter de displayplaat.
- Verwijder het beschermingsmateriaal welke zich om de platte kabel bevindt (zie afbeelding 4).
- Schuif de platte kabel in de beschermgoot (zie afbeelding 5).
3.2 PLAATSEN VAN DE RUIMTE-TEMPERATUURSENSOR
De ruimtetemperatuursensor bevindt zich aan de achterzijde van de kachel. Rol de kabel van de sensor zover af dat het uiteinde van de sensor zich 5 cm van de vloer bevindt (zie afbeelding 6). Zorg ervoor dat de sensor niet tegen de warme delen van de kachel aankomt.
4. MINIMALE EISEN AAN HET ROOKKANAAL / SCHOORSTEEN
De schoorsteen / het rookkanaal is een zeer belangrijk onderdeel van de installatie. In dit hoofdstuk word gesproken over de minimale eisen waaraan het rookkanaal / schoorsteen van de pellet kachel moet voldoen om een goede werking van de kachel te waarborgen.

Plaatselijke / nationale regels, voorschriften, verordeningen en normen moeten te allen tijde in acht genomen worden. Wanneer de in deze handleiding verstrekte installatievoorschriften afwijken van de plaatselijke / nationale en/of regionale wetgeving moeten de laatst genoemde voorwaarden worden toegepast.
De fabrikant en distributeur wijzen uitdrukkelijk alle verantwoordelijkheid van de hand indien:
- De installatie niet voldoet aan de nationale / lokale wetgeving.
- Indien er geen sprake is van nationale / lokale wetgeving, de minimale ge-
stelde eisen ten aanzien van de installatie zoals hier beschreven niet opgevolgd worden.
4.1 MINIMALE EISEN WAARAAN DE SCHOORSTEEN MOET VOLDOEN
- Er mag slechts één apparaat op de schoorsteen worden aangesloten. Meer- dere apparaten aansluiten op één en dezelfde schoorsteen is niet toege- staan. Sluit nooit twee kachels, een afzuigkap en een kachel, een tweede schoorsteen enz. enz. aan op één schoorsteen. Zie afbeelding 7.
- Maak voor het installeren van de schoorsteen uitsluitend gebruik van goedgekeurd installatiemateriaal. De schoorsteen van de pelletkachel moet hittebestendig zijn (minimaal 450°C). Raadpleeg de plaatselijke / nationale regels, voorschriften, verordeningen en normen voor de eisen van installatiematerialen voor schoorstenen.
- De schoorsteen en de uitmonding van de schoorsteen moet op voldoende afstand worden geplaatst van brandbare en ontvlambare materialen. Raadpleeg de plaatselijke / nationale regels, voorschriften, verordeningen en normen voor de gestelde installatie-eisen.
- De kachel moet worden aangesloten op een schoorsteen met een diameter welke gelijk is aan de opgegeven specificaties in tabel 1 van deze installatiehandleiding. Een schoorsteen met een grotere diameter is toegestaan, met een maximale diameter van 150 mm, mits deze voldoet aan de opgegeven schoorsteen trek.
- Raadpleeg, voor het plaatsen van een smoorklep in het schoorsteenkanaal de plaatselijke / nationale regels, voorschriften, verordeningen en normen of dit is toegestaan.
- Er mag geen elektrisch bedrading door de schoorsteen of nabij de schoorsteen zijn / worden geïnstalleerd.
- De schoorsteen moet rookdicht worden opgeleverd.
- De schoorsteen moet verticaal worden geïnstalleerd en wel zo, dat er geen blokkades van de rookgassen kan optreden. Indien een gedeelte van de schoorsteen toch horizontaal moet worden geïnstalleerd, mag de lengte van het horizontale gedeelte maximaal 2 meter zijn en moet het horizontale gedeelte een stijging hebben, in de afvoerrichting van de rookgassen van minimaal 5°. Zie tabel 1.
- Voor een overzicht van het aantal bochten en T-stukken de hoogte van de schoorsteen en de te gebruiken binnendiameter van de buizen van het rookkanaal, zie tabel 1.
- Er wordt aanbevolen om een T-stuk met aan de onderzijde een inspectieluik te monteren direct op het aansluitkanaal van de kachel. Indien er aan het aansluitkanaal van de kachel een horizontaal gedeelte wordt gemonteerd, wordt geadviseerd direct na dit horizontale gedeelte een T-stuk met aan de
onderzijde een inspectieluik te monteren. Eventueel vocht en vaste bestand- delen worden opgevangen in dit T-stuk en kunnen door openen van het in- spectie luik worden verwijderd. Het inspectie luik moet rook – en waterdicht zijn.
- De uitmonding van de schoorsteen moet worden voorzien van een goedgekeurde schoorsteenkap.
- De schoorsteen en de kachel moeten eenvoudig toegankelijk zijn voor inspectie en reinigen.
- De kachel mag niet worden gebruikt om de schoorsteen / rookkanaal te ondersteunen.
- Indien er gebruik wordt gemaakt van een reeds bestaand rookkanaal / schoorsteen laat deze alvorens de kachel te installeren reinigen door een erkend schoorsteenreinigingsbedrijf. Aanwezig roet en verbrandingsresten kunnen de doorgang van een bestaand rookkanaal / schoorsteen verkleinen waardoor de kachel niet goed functioneert. Opeenhoping van roet en andere vervuilingen kunnen vlam vatten en gevaarlijke situaties veroorzaken. Indien een bestaand rookkanaal / schoorsteen een diameter van meer dan 150 mm heeft, moet deze worden aangepast en geschikt worden gemaakt voor een pelletkachel door het plaatsen van een buis door de bestaande schoorsteen.

Laat een bestaande schoorsteen controleren door een erkend schoorsteenbedrijf of deze geschikt is voor het verbranden van vaste brandstof zoals pellets.
- De trek van de schoorsteen moet 11Pa (plus of min 1Pa) bedragen. Deze trek moet worden gemeten als de schoorsteen warm is. Een tekort aan trek kan tot gevaarlijke situaties leiden omdat rookgassen de ruimte kunnen binnendringen.
- Plaats nooit een rookgasventilator in of op het rookkanaal / schoorsteen. De kachel zelf is voorzien van een rookgasventilator. Door het plaatsen van een extra rookgasventilator in of op het kanaal kan een goede werking van de kachel in het gedrang komen.
- Een schoorsteen of een gedeelte van de schoorsteen welke buitenshuis gemonteerd is moet dubbelwandig worden uitgevoerd. Zie afbeelding 8. Binnenshuis mag een enkelwandige pijp gebruikt worden.
Afbeelding 8:
A. Verticaal gedeelte van de schoorsteen
B. Lucht inlaat
C. Afsluitbaar T-Stuk
D. enkelwandige pijp
E. Dubbelwandige pijp
F. Horizontaal gedeelte van de schoorsteen.
NL
- Voor voorbeelden van de installatie van een pelletkachel zie afbeelding 9A t/m 9E.
Afbeelding 9A:
A. Trekkap
B. Muurbeugel
C. Schoorsteenpijp verbindingsring
D. Dubbelwandige kachelpijp
E. Dubbelwandig geïsoleerde muurdoorvoer
F. T-Stuk met afsluitdop
G. Afsluitdop
H. Verbrandingslucht aanzuigleiding
I. Enkelwandige schoorsteenpijp (mag ook dubbelwandig worden uitgevoerd)
J. Dubbelwandige schoorsteenpijp (mag ook enkelwandig worden uitgevoerd)
Afbeelding 9B:
A. Trekkap
B. Stormkraag
C. Dak ondersteuningsplaat
D. Verdieping ondersteuningsplaat
E. Schoorsteenpijp verbindingsring
F. Dubbelwandige geïsoleerde schoorsteenpijp
G. Verdieping ondersteuningsplaat
H. Brand separatieplaat
I. Dubbelwandige geïsoleerde schoorsteenpijp (mag tot het plafond ook enkelwandig worden uitgevoerd)
J. T-Stuk met dop
K. Verbrandingslucht aanzuigleiding
Afbeelding 9C:
A. Trekkap
B. Stormkraag
C. Dak ondersteuningsplaat
D. Verdieping ondersteuningsplaat
E. Schoorsteenpijp verbindingsring
F. Concentrische schoorsteenpijp
G. Verdieping ondersteuningsplaat
H. Brand separatieplaat
I. Concentrische schoorsteenpijp
J. Concentrisch T-Stuk met dop
K. Verbrandingslucht aanzuigleiding, de verbrandingslucht wordt aangezogen via de concentrische pijp.
Afbeelding 9D:
A. Trekkap
B. Vernauwing plaat van bestaande schoorsteen
C. Schoorsteenpijp ter verkleining van de diameter bestaande schoorsteen
D. Aansluitstuk
E. Brand separatieplaat
F. Schoorsteenpijp verbindingsring
G. Dubbelwandig geïsoleerde schoorsteenpijp (mag tot de aansluiting van de schoorsteen ook enkelwandig worden uitgevoerd)
H. T-Stuk met dop
I. Verbrandingslucht aanzuigleiding
Afbeelding 9E:
A. Dubbelwandig geïsoleerde muurdoorvoer
B. Horizontale trekkap
C. Rozet
D. T-Stuk met afsluitdop
E. Verbrandingslucht aanzuigleiding
F. Enkelwandige schoorsteenpijp (mag ook dubbelwandig worden uitgevoerd)
| Gegevens minimale eisen schoorsteenafmetingen | Inwendige diameter van het rookkanaal 80 mm | Inwendige diameter van het rookkanaal 100 mm |
| Minimale schoorsteenlengte verticaal 2.5 m | 2.5 m | |
| Maximale schoorsteenlengte verticaal 7.0 m | 10 m | |
| Maximale schoorsteenlengte verticaal in het geval van één T-stuk of één bocht | 7.0 m 10 m | |
| Maximale schoorsteenlengte verticaal in het geval van twee haakse bochten (90°) en één T-stuk | 5.0 m 8.0 m | |
| Maximaal aantal haakse bocht (90°) 3 4 | ||
| Maximale lengte horizontaal 2.0 m 2.0 m | ||
| Minimale stijging horizontale rookgasge-deelte | 5° | 5° |
Tabel 1: Overzicht van de afmetingen van de schoorsteen / het rookkanaal.

Indien er meer dan 1 bocht / 1 T-stuk in de schoorsteen gemonteerd wordt, moet voor iedere extra gemonteerde bocht / T-stuk de maximale verticale hoogte met één meter worden verlaagd.
Voorbeeld:
In een schoorsteen met een inwendige diameter van 80 mm komen een T-stuk en twee 90° bochten. Dit betekent dat de schoorsteen maximaal 5 meter hoog mag worden, immers uit de tabel blijkt dat het schoorsteenkanaal met een T-stuk maximaal 7 meter hoog mag worden. Er worden nog twee extra bochten gemonteerd
NL
hierdoor moet de schoorsteen 2 meter lager worden, wat betekent 7 meter - 2 meter = 5 meter.
5. AANSLUITPUNT VAN DE SCHOORSTEEN AAN DE KACHEL
De schoorsteen moet worden aangesloten aan de 80 mm leiding, welke zich aan de achterzijde van de kachel bevindt (zie de omcirkelde leiding op afbeelding 10). Zorg ervoor dat de leiding zodanig wordt aangesloten dat er geen lekkage van rook kan optreden. Voor eisen aan de schoorsteen en de te gebruiken materialen, zie hoofdstuk 4.
6. AANSLUITEN VAN DE LEIDING VAN DE VERBRANDINGS-LUCHT

- Zorg ervoor dat de plaatsing van de inlaat van verse lucht altijd in overeenstemming is met de plaatselijke wetgeving!
- Zorg ervoor dat de inlaat van verse lucht voor verbranding bedekt is met (bijvoorbeeld) een rooster om te verhinderen dat er dieren in terechtkomen.
Sluit een slang, of gelijkwaardige leiding, van 50 mm aan de inlaat van de verbrandingslucht welke zich aan de achterzijde van de kachel bevindt, zie afbeelding 11. Het andere uiteinde van deze slang, of gelijkwaardige leiding, moet schone lucht van buiten aanzuigen. Zie afbeelding 8 en 9A t/m 9E.

Zorg ervoor dat de leiding voor de verbrandingslucht te allen tijde verse lucht van buiten aan kan zuigen.
7. BENODIGDE VENTILATIE VAN DE RUIMTE TIJDENS GEBRUIK KACHEL

De kachel mag niet gebruikt worden indien er gebruik wordt gemaakt van een luchtafzuigsysteem, hetelucht verwarming of andere apparaten welke invloed hebben op de luchtdruk in de ruimte. Deze apparatuur dient te worden uitgeschakeld.
Zorg dat er voldoende verse lucht de ruimte binnenkomt. Buiten de normale ventilatiebehoefte voor de ruimte is per uur 50 m³ extra lucht nodig.
Ventilatieopeningen moeten zich dicht bij de vloer bevinden. Kies de plaatsen van de openingen zorgvuldig. Ventilatieopeningen mogen niet worden geblokkeerd (binnen noch buiten).
Zorg voor een verse-luchtinlaat in de ruimte met een doorsnede van ten minste een kwart van de doorsnede van de rookafvoer, met een minimum van 100 cm².
Voor kachels geïnstalleerd in ruimten met mechanische ventilatie gelden de volgende richtlijnen:
| Capaciteit van mechanische ventilatie [m3/h] | Extra benodigde ventilatiedoorsnede [cm2] |
| <50 140 | |
| 50 – 100 280 | |
| 101 – 150 420 |
8. PLAATSEN VAN DE KACHEL

Het apparaat nooit installeren of onderhoud uitvoeren terwijl de stekker in het stopcontact zit. Zorg altijd dat de kachel is losgekoppeld van het elektriciteitsnet!
- Controleer voor de definitieve plaatsing van de kachel of de vloer voldoende sterk is om het gewicht van de kachel te dragen. Let op: het gewicht van de kachel wordt verdeeld over vier stelpoten. Versterk eventueel de vloer.
- Zet de kachel horizontaal door het verstellen van de stelpoten. Gebruik hiervoor een waterpas. Zorg ervoor dat alle vier de stelpoten met evenveel kracht de vloer raken.
- Bij het plaatsen van de kachel moet er rekening worden gehouden met een vrije afstand tussen de kachel en muren of andere obstakels als aangegeven in afbeelding 12. Indien de muren of objecten rondom de kachel uit brandbare materialen bestaan, zorg er dan voor dat deze, in de hoogste branderstand, nooit warmer worden dan 60°C. Breng bij twijfel een vuurvaste beschermplaat aan op de muren of verplaats de objecten.
- De kachel is ontworpen voor vrijstaande installatie en niet geschikt voor inbouw.
- Zorg ervoor dat het rooster waar de verwarmde lucht uitkomt vrij kan uitblazen en niet wordt geblokkeerd.
- Zorg ervoor dat het aanzuigrooster van de retourlucht niet wordt geblokkeerd.
- Als de vloer bestaat uit brandbaar materiaal moet de kachel op een vuurvaste grondplaat worden geplaatst. Deze plaat moet aan de voorzijde 40 cm en aan de zijkanten en achterkant 20 cm groter zijn dan de omtrek van de kachel.
- Plaats de kachel zodanig dat deze voor onderhoudswerkzaamheden goed toegankelijk is.
Voor deze kachel is een elektrische voeding nodig. Lees onderstaande opmerkingen goed door. De kachel mag pas elektrisch worden aangesloten nadat alle overige installatie werkzaamheden voltooid zijn. Lees, voordat de kachel elektrisch worden aangesloten, ook hoofdstuk 3 en 3.1 van de gebruikershandleiding.
- Controleer of de netspanning overeenkomt met de aansluitspanning op het type plaatje.
- Maak enkel gebruik van een geaard stopcontact. Indien er geen geaard stopcontact beschikbaar is dient er een te worden geïnstalleerd door een erkend installateur.
- Sluit de kachel nooit aan met behulp van een verlengkabel. Als er geen geschikt geaard stopcontact beschikbaar is, dient er een te worden geïnstalleerd door een erkend installateur.
- Zorg ervoor dat de voedingskabel geen hete delen van de kachel kan raken.
- De voedingskabel wordt los meegeleverd, een gedeelte moet aan de kachel worden aangesloten, zie afbeelding 13.
- Controleer of de stekker van de voedingskabel geschikt is voor het stopcontact.
- Controleer, alvorens de stekker in het stopcontact te steken, dat de stekker en het aansluitsnoer niet beschadigd zijn.
- Zorg ervoor dat de stroomschakelaar, welke zich aan de achterkant van de kachel bevindt, uit staat.
- Zorg ervoor dat de stekker makkelijk bereikbaar is zodanig dat deze voor onderhoud of in noodsituatie snel en eenvoudig uit het stopcontact te nemen is.
- Klem de kabel niet vast.

Een beschadigde stroomkabel of stekker mag alleen worden vervangen door de leverancier, door een bevoegd persoon of een bevoegd servicepunt.
- Omgevingstemperatuursensor
- Temperatuursensor van de verbrandingsgasleiding
- Drukverschilschakelaar van de verbrandingsleiding
- Veiligheidsthermostaat
- Wormaandruiving pellets
- Display
- Aansluitkabel display
- Ontstekingsknop
- Ventilatorruimte
- Rookgasextractieventilator
- Encoderkabel
- Printplaat
Lees voor de eerste ingebruikname de gebruikshandleiding aandachtig door (met name hoofdstuk 3).
11. TECHNISCHE DATA
| Model | Fiorina 74S-line | Fiorina 90S-line | Fiorina 103S-line | |
| Type kachel Houtpellets Houtpellets | Houtpellets | |||
| Capaciteit (*) kW 2,65 - 7,45 2,65 - 9,00 4,25 - 10,30 | ||||
| Stroomverbruik (ontsteking / nor-male operatie) | W 300 / 100 300 / 100 300 / 100 | |||
| Aansluitspanning V/Hz 230/~50 230/~50 230/~50 | ||||
| Thermisch rendement bij nominalecapaciteit / gereduceerde capaci-teit (*) | % 18,4 14,0 14,0 | |||
| CO-gehalte bij 13% O_2 nominale /gereduceerde capaciteit (*) | % 0,01 / 0,04 | 0,01 / 0,04 | 0,01 / 0,01 | |
| Gemiddeld stofgehalte bij 13% O_2 | mg/Nm ^3 | 21,3 21,3 | 14 | |
| Voor vertrekken tot** | m ^3 | 200 | 240 | 270 |
| Rookgasuitlaatdiameter | mm | 80 | 80 | 80 |
| Rookgastemperatuur bij nominalecapaciteit / gereduceerde capaci-teit | °C | 128 | 150 | 129 |
| Trek van de schoorsteen nodig | Pa | 11 | 11 | 11 |
| Smoorklep voor schoorsteen nodig | Mogelijk*** | Mogelijk*** | Mogelijk*** | |
| Kan worden toegepast op eenschoorsteencombinatie met rook-kanaal | Nee | Nee | Nee | |
| Type brandstof (****) | ∅ 6 mmDin+/Önorm+/EN+ | ∅ 6 mmDin+/Önorm+/EN+ | ∅ 6 mmDin+/Önorm+/EN+ | |
| Nominale lengte / diameter van debrandstof | mm | 30 / 06 | 30 / 06 | 30 / 06 |
| Inhoud van pellettrechter | kg | 13 | 13 | 17 |
| Autonomie (min-max) | h | 8 - 22 | 6,5 - 22 | 7,5 - 19 |
| Hoofdbeluchtingsschuif | Ja | Ja | Ja | |
| Recirculatieventilator | Ja | Ja | Ja | |
| Luchtfilter | Nee | Nee | Nee | |
| Netto gewicht | kg | 81 | 91 | 95 |
(*) Volgens EN 14785
(**) slechts ter indicatie, varieert per land/regio
(***) Te bepalen door een geautoriseerde professionele installateur
- INLEDNING
- SÄKERHETSANVISNINGAR
- MONTERINGSANVISNINGAR FÖR MEDFÖLJANDE DELAR
3.1 INSTALLATION AV SKÄRMEN (OM DENNA INTE INSTALLERATS AV FABRIKEN)
3.2 MONTERA RUMSTEMPERATURSENSORN
- LÄGSTA KRAV FÖR RÖKKANALEN / SKORSTENEN
4.1 LÄGSTA KRAV SOM SKORSTENEN MÅSTE UPPFYLLA - SKORSTENENS ANSLUTNINGSPUNKT TILL KAMINEN
- ANSLUTNING AV LUFTINSUGET
- UTRYMMETS VENTILATIONSKRAV VID ANVÄNDNING AV KAMINEN
- PLACERING AV KAMINEN
- ELEKTRISK ANSLUTNING
9.1 KOPPLINGSSCHEMA
- FÖRSTA UPPSTARTEN (START)
11 TEKNISKA DATA

NL 40 cm boven het hoogste punt van het dak.

NL 40 cm boven het hoogste punt van het dak.

NL 40 cm boven het hoogste punt van het dak.

NL 40 cm boven het hoogste punt van het dak.
