BC6900D - Babyfoons Neonate - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BC6900D Neonate in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - BC6900D Neonate
Download de handleiding voor uw Babyfoons in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BC6900D - Neonate en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BC6900D van het merk Neonate.
GEBRUIKSAANWIJZING BC6900D Neonate
348 NEDERLANDS Algemene veiligheidsinstructies Informatie over de verwijdering van oude elektrische en elektronische producten Het afgebeelde symbool op het product, op de verpakking of op de bijgevoegde documenten duidt aan dat het product aan het einde van zijn levensd- uur niet bij het huishoudelijk afval mag worden weggegooid. U bent als consument wettelijk verpli- cht om elektrische en elektronische producten in te leveren bij een lokaal inzamelpunt voor elektronis- che apparatuur. Dit is gratis. Verwijder de batterijen uit het product voordat u het inlevert. Het op de juiste manier inzamelen maakt de recycling van waardevolle hulpbronnen mogelijk en voorkomt mogelijke negatieve effecten voor mens en milieu. Neem voor meer informatie contact op met de plaatselijke autoriteiten of met de leverancier van het product. Informatie over de inzameling van lege batterijen Het links afgebeelde symbool op batterijen, op de verpakking of op de bijgevoegde documenten duidt aan dat de batterijen aan het einde van hun levensduur niet bij het huishoudelijk afval mogen worden weggegooid. Letters die eventueel onder het containersymbool staan, duiden aan dat de batterij lood (Pb), cadmium (Cd) of kwik (Hg) bevat. U bent als consument wettelijk verplicht om alle batterijen (zowel oplaadbare als niet-oplaad- bare), inclusief knoopbatterijen in te leveren bij een lokaal inzamelpunt of verkooppunt. Dit is gratis. Het op de juiste manier inzamelen maakt de recycling van waardevolle hulpbronnen mogelijk en voorkomt mogelijke negatieve effecten voor mens en milieu.
- Lees de instructies voor de babyfoon en de veiligheidsinstructies goed door vóór gebruik.
- Deze babyfoon is alleen bedoeld als hulpmiddel om uw baby in de gaten te houden en is geen vervanging voor toezicht door een verantwoordelijke volwassene.
- Houd de babyfoon volledig buiten het bereik van uw baby. De babyfoon is geen speelgoed en uw baby mag niet spelen met de apparaten of accessoires.
- Wees u bewust van het gevaar van verwurging door het snoer/de kabel en de nekband (indien meegeleverd) en houd het snoer/de kabel en de nekband buiten het bereik van uw baby.
- Stel de babyfoon of batterij niet bloot aan direct zonlicht, hoge temperaturen, water of overmatig vocht of een stofge omgeving.
- Bedek de babyfoon niet met handdoeken, kleding, dekens, andere stoffen of andere voorwerpen.
- Gebruik alleen originele batterijen in de apparaten. Als u batterijen moet vervangen, neem dan contact op met uw lokale dealer of Neonate. U krijgt dan instructies voor het verwijderen en vervangen van batterijen.
- Gebruik alleen de originele lader om de batterijen/ apparaten op te laden. Laad de batterijen/apparaten alleen op als u zelf aanwezig bent en het opladen in de gaten kunt houden. Zorg dat de lader en de apparaten/batterijen niet ongewoon heet worden tijdens het opladen. Als de apparaten/batterijen niet opladen of het opladen langer duurt dan normaal, stop dan met opladen en neem contact op met uw lokale dealer of Neonate. Als de batterijen/ apparaten zijn opgeladen, haal ze dan uit de lader en maak de elektrische aansluitingen los.
- Wijzig, doorboor, beschadig of demonteer het product of de batterij niet. Als u het product demonteert, vervalt de garantie op het product. Als het product of de batterijen beschadigd raken, gebruik ze dan niet meer. Hetzelfde geldt als de apparaten of batterijen ongewoon warm worden tijdens het gebruik, gaan stinken of op een andere manier afwijken van hun normale toestand. Alle reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door gekwaliceerd onderhoudspersoneel. Neonate kan eindgebruikers in sommige gevallen begeleiden en toestaan om bepaalde onderdelen in de producten te vervangen.
- De babyfoon en batterijen bevatten elektrische onderdelen en chemicaliën. Dit betekent dat die producten volgens de lokale regelgeving en milieuoverwegingen moeten worden afgedankt.49 Waarschuwing! Let goed op de batterijen. Als u een batterij oplaadt, is er altijd een risico op kort- sluiting of een fabrieksfout die ervoor zorgt dat de batterij oververhit raakt of ontvlamt. Daarom wordt er ten sterkste afgeraden om een batterij op te laden zonder toezicht. Waarschuwing!
- Laad nooit een batterij op zonder toezicht.
- Laad een batterij nooit ‘s-nachts op.
- Laad een batterij nooit op in direct zonlicht.
- Houd de batterijen weg van vochtigheid en stoom.
- De batterij moet niet worden gebogen, verdraaid of vervormd. Tips om de levensduur van de batterij te verlengen.
- Laad de batterij op tussen 25-80%.
- Zorg ervoor dat de batterij niet naar 0% of 100% gaat.
- Laad de batterij niet verder nadat 100% is bereikt. Het wordt aanbevolen om de batterij te vervangen na 600 keer laden. Op alle Neonate batterijen zit 2 jaar garantie. Informatie over het veilig verwijderen van batterijen of accu’s Verwijder de achterkant van het apparaat waaruit u de accu wilt verwijderen. Til de batterij voorzichtig op zonder aan de draden te trekken. Pak de draad tussen de batterij en de witte batterijaansluiting in het batterijcompartiment vast. Trek voorzichtig aan de draden om de draden uit te rekken en oefen druk uit op de witte batterijstekker. Zorg ervoor dat u niet aan de draden trekt die aan de batterij zelf zitten. De batterijstekker aan het uiteinde van de draad moet nu loskomen van de printplaat in het batterijcompartiment. De volgende batterijen of accu’s bevinden zich in dit elek- trische apparaat Batterijtype Lithium-ion-polymeer oplaadbare batterij Chemisch systeem Lithium-kobaltdioxide en graet50 NEDERLANDS Eenheden koppelen (verbinden) OPMERKING: De OE en de BE zijn al gekoppeld en gebruiksklaar wanneer u ze uit de doos haalt. Toch raden we aan de eenheden opnieuw te koppelen om een privéverbind- ing te waarborgen. Als u een andere babyeenheid (of een extra babyeenheid) wenst te verbinden met de oudereenheid, moet u de eenheden opnieuw koppelen. Oudereenheid: Houd de knop “BU#” ingedrukt en zet de ON/OFF-schakelaar op ON. Laat de knop “BU#” pas los als u PAIR ziet op het scherm. Babyeenheid: Houd de knop “TIMER” ingedrukt en zet de ON/OFF-schakelaar op ON. Laat de knop “BU#” pas los als u PAIR ziet op het scherm. Babyeenheid: selecteer babyeenheid nummer 1, 2 of 3 aan de hand van de knoppen “+/-“. Druk op de knop M om uw keuze te bevestigen. Het door u geselecteerde nummer stopt met knipperen. Babyeenheid: druk opnieuw op “M” om de koppeling van de PU en de BU te bevestigen. U hoort twee piepto- nen om te bevestigen dat de eenheden zijn gekoppeld. Herhaal stap 2, 3 en 4 als u meer babyeenheden wenst te koppelen aan dezelfde oudereenheid. Beide eenheden: zet de eenheden uit en aan door de ON/OF-schakelaar eerst op OFF en vervolgens opnieuw op ON te zetten. De eenheden zijn nu klaar voor gebruik. OPMERKING: Als u meer dan één babyeenheid wenst te koppelen aan de oudereenheid, moet u alle babyeenheden koppelen voordat u stap 5 uitvoert. Het is niet mogelijk om nadien meer babyeenheden toe te voegen/te verbinden zonder ze allemaal opnieuw te koppelen.
Het temperatuuralarm activeren en instellen Zet de oudereenheid aan. Oudereenheid: Houd de knop “M” 2 seconden inged- rukt. SLEEP TIMER blijft branden en ON of OFF knippert in de display. Oudereenheid: Druk tweemaal op de knop “M”. De display verandert van SLEEP TIMER naar TEMP ALARM HIGH. Oudereenheid: selecteer de bovenste temperatuurlim- iet aan de hand van de knoppen “+/-“. Als de huidige temperatuur hoger is dan de gekozen temperatuur, luidt het alarm. Oudereenheid: druk één keer op de knop “M”. Op het scherm verandert TEMP HIGH in TEMP LOW. Oudereenheid: selecteer de onderste temperatuurlim- iet aan de hand van de knoppen “+/-“. Als de huidige temperatuur lager is dan de gekozen temperatuur, luidt het alarm. Oudereenheid: druk nog een keer op de knop “M”. De oudereenheid keert nu terug naar stand-by. De bovenste en onderste temperatuurlimiet zijn nu ingesteld/ge- denieerd. OPMERKING: Zowel de bovenste als de onderste temper- atuurlimiet kunnen volledig worden uitgeschakeld. De bov- enste temperatuurlimiet kan worden uitgeschakeld door op de knop “+” te drukken tot de temperatuurlimiet is ingesteld op +50°C en dan nog één keer op de knop “+” te drukken. De onderste temperatuurlimiet kan worden uitgeschakeld door op de knop “-“ te drukken tot de temperatuurlimiet is ingesteld op -19°C en dan nog één keer op de knop “-“ te drukken (op het scherm verschijnt OFF in plaats van de geselecteerde temperatuurlimiet). De microfoongevoeligheid van de babyeenheid (baby- eenheden) instellen Zet de babyeenheid aan. Babyeenheid: stel de gevoeligheid van de microfoon in aan de hand van de knoppen “+/-“. De balk MIC SENS onderaan het scherm geeft de huidige microfoongevoe- ligheid aan. Wanneer u de gevoeligheid opvoert, zach- tere geluiden gemakkelijker gedetecteerd. Wanneer u de gevoeligheid terugvoert, moeten de geluiden harder zijn om door de microfoon te worden gedetecteerd en de babyeenheid te activeren.
De talk-back functie gebruiken (tweerichtingscom- municatie) Zet de babyeenheid en de oudereenheid aan en verbind ze. Oudereenheid: houd de knop “talk bak” ingedrukt om tegen de baby(eenheid) te spreken. Laat de knop los om de communicatie opnieuw van de babyeenheid naar de oudereenheid te laten verlopen. U kunt selecteren met welke babyeenheid u wenst te spreken (tot drie verschillende babyeenheden) door op de knop “BU#” te drukken tot de gewenste babyeenheid is geselecteerd. Het nachtlampje op de babyeenheid aanzetten / Over- schakelen op stemgeactiveerd (VOX) nachtlampje Babyeenheid: zet de ON/OFF-schakelaar op de stand “ON with night light”. Babyeenheid: druk op de knop “Night light VOX” om te kiezen tussen permanent of stemgeactiveerd (VOX) nachtlampje. De functie slaap-TIMER gebruiken om slaaptijd vast te leggen - vastgelegde slaapuren inschakelen, uitschakelen, resetten en controleren. De functie slaap-TIMER kan op de ouder- of babyeenheid worden geactiveerd, gedeactiveerd of gereset. Baby-eenheid: Houd de knop “TIMER” 2 seconden ingedrukt om de TIMER-functie in- of uit te schakelen. Druk kort op de knop “TIMER” om de TIMER-functie te resetten. Oudereenheid: Houd de knop “M” 2 seconden inged- rukt. SLEEP TIMER blijft branden en ON of OFF knippert op het display. Oudereenheid: Gebruik de knoppen “+/-“ om de TIM- ER-functie in- of uit te schakelen. Oudereenheid: Bevestig uw keuze met de knop “M”. U bekijkt eerder vastgelegde slaapuren door kort op de knop “M” te drukken op de Oudereenheid en te bladeren met de knoppen “+/-“. Het luidsprekervolume van de babyeenheid instellen Het luidsprekervolume van de babyeenheid is van belang wanneer u de talk-back functie op de oudereenheid gebruikt. Zet de babyeenheid aan. Babyeenheid: druk één keer op de knop “M”. Het lu- idsprekersymbool verschijnt in plaats van het symbool MIC SENS links onderaan het scherm. Babyeenheid: stel het volume in aan de hand van de knoppen “+/-“. Het symbool MIC SENS verschijnt opnieuw na 5 seconden. Microfoongevoeligheid wijzigen op de baby-unit(s) via de ouder-unit Baby- en ouder-unit moeten ingeschakeld staan en contact met elkaar hebben. Ouder-unit: Houd de «M»-knop 2 seconden ingedrukt, op het scherm verschijnt nu continu SLEEP TIMER, terwijl ON of OFF knippert. Ouder-unit: Druk nog een keer op de «M»-knop, op het scherm verschijnt nu MIC SENSE in plaats van SLEEP TIMER. Ouder-unit: Gebruik de «+/-»-knoppen om de gevoe- ligheid van de microfoon in te stellen. De MIC SENS- graek onder in het display van de baby-unit wijzigt gelijktijdig om de gekozen geluidgevoeligheid aan te geven. Als de gevoeligheid hoger ingesteld wordt, worden zachte geluiden sneller gehoord. Als de gevoe- ligheid lager ingesteld wordt, moet het geluid harder zijn om de microfoon en de baby-unit te activeren. Ouder-unit: Druk op de «M»-knop om te bevestigen en terug te gaan naar de stand-by-modus op het scherm.
252 NEDERLANDS Wat u moet doen om te voorkomen dat er een BUITEN BEREIK-alarm wordt gegeven als u een of meer van de babyapparaten die met één ouderapparaat zijn gekop- peld, uitschakelt Als het ouderapparaat verbonden (gekoppeld) is met meer dan één babyapparaat, zoekt het ouderapparaat voortdurend naar signalen van alle babyapparaten waarmee het verbonden is. Dit betekent dat als u twee babyapparaten koppelt met uw ouderap- paraat, maar er slechts één wilt gebruiken (door één babyappa- raat uit te schakelen) het ouderapparaat het BUITEN BEREIK- alarm activeert om aan te geven dat het apparaat contact heeft verloren met één babyapparaat. U kunt dit BUITEN BEREIK- alarm op drie verschillende manieren voorkomen waarbij we de methode zoals beschreven onder punt A aanbevelen: Als BUITEN BEREIK wordt weergegeven in het ouder- apparaat (en het babyapparaat dat u niet wilt gebruiken, is uit- geschakeld) ziet u in de rechterbovenhoek een getal dat aangeeft met welk babyapparaat het contact is verbroken. Ouderapparaat: druk eenmaal op «M». Op de display verschijnt nu GEBRUIK +/- KNOP (Door nogmaals op «M» te drukken keert u terug naar de display BUITEN BEREIK) Ouderapparaat: druk op «+». Op de display verschijnt ALARM UIT? Ouderapparaat: druk op «M». Op de display verschijnt
Deze methode wordt aanbevolen omdat het BUITEN BEREIK-alarm wordt geactiveerd zodra u het babyapparaat weer inschakelt. Koppel alleen de apparaten die u weer wilt gebruiken. Deze methode is uitgebreider omdat u toegang moet hebben tot het baby- en het ouderapparaat en u gedwongen bent de appa- raten elke keer dat u het aantal babyapparaten dat u wilt gebruik- en wijzigt, te koppelen. De methode staat verder beschreven in het hoofdstuk ‘Koppelen (verbinden) apparaten’. Schakel de Zero Radiation Function in van het apparaat dat u niet meer wilt gebruiken. Omdat hierdoor het BUITEN BEREIK-alarm permanent wordt uitgeschakeld, wordt dit niet aanbevolen omdat u later geen melding krijgt als het ouderappa- raat contact verliest met het baby-apparaat. Deze methode vereist dat het baby-apparaat tegelijkertijd met het ouderapparaat wordt ingeschakeld. De methode staat verder beschreven in het hoofd- stuk ‘Aan- uitschakelen Zero Radiation Function (ZRF)’
Overschakelen tussen babyeenheden in stand-by Zet de babyeenheden en de oudereenheid aan en verbind ze. Oudereenheid: druk op de knop “BU#” om te selecteren van welke babyeenheid u de temperatuur en de batterij- stand wenst te zien.
Overschakelen tussen babyeenheden in overbreng- ings-/verzendingsmodus Wanneer er van de babyeenheid geluid wordt overgebracht naar de oudereenheid, licht er boven het LCD-scherm op de oudereenheid ononderbroken een LED-diode op. Er zijn drie LED-dioden met een verschillende kleur (blauw, groen en rood). De kleur van de LED-diode geeft aan welke babyeenheid momenteel geluid overbrengt. Als er meerdere babyeenheden tegelijkertijd geluid overbrengen, is een van de LED-dioden ononderbroken opgelicht, terwijl één of twee LED-dioden (naargelang er één of twee andere baby- eenheden momenteel geluid overbrengen) knipperen. Een knipperende LED-diode betekent dat de babyeenheid geluid overbrengt maar niet kan worden gehoord via de luidsprek- er van de oudereenheid. Een ononderbroken opgelichte LED-diode betekent dat de babyeenheid geluid overbrengt en kan worden gehoord via de luidspreker van de oudereen- heid. Als alle babyeenheden gelijktijdig geluid overbrengen, heeft het geluid van babyeenheid nr. 1 voorrang op babyeen- heid nr. 1, die dan weer voorrang heeft op babyeenheid nr. 3. (BU 1 = blauw, BU 2 = groen, BU 3 = rood. Als er meer dan één babyeenheid geluid overbrengt; Oudereenheid: druk op de knop “BU#” om te selecteren welke babyeenheid u wenst te horen via de luidspreker van de PU. De LED-dioden actualiseren hun status (knipperend / ononderbroken opgelicht) wanneer u tussen babyeenheden kiest in overbrengingsmodus.
De Zero-Radiation-functie (ZRF) aan/uit zetten Door de Zero-Radiation-Functie te activeren, stopt de babyeenheid met het overbrengen van signalen naar de oudereenheid in stand-by. Uitzending = Nul. In stand-by (wanneer de microfoon van de babyeenheid geen geluid detecteert) ziet u de temperatuur of de batterijstand niet van de babyeenheid waarvan de functie ZRF is geactiveerd. Deze informatie wordt echter wel weergegeven wanneer de baby geluid maakt, omdat de informatie dan samen met het geluidssignaal wordt overgebracht. OPMERKING: Wanneer de functie ZRF is geactiveerd, is het alarm ‘buiten bereik’ gedeactiveerd. Gebruik de functie ZRF daarom alleen als u zeker bent dat de eenheden zich binnen bereik bevinden. De babyeenheid en de oudereenheid moeten aanstaan en met elkaar verbonden zijn. Oudereenheid: houd de knop “M” 2 seconden inged- rukt. SLEEP TIMER verschijnt ononderbroken en ON of OFF knippert op het scherm. Oudereenheid: druk één keer op de knop M. Op het scherm verandert SLEEP TIMER in ZRF. Oudereenheid: zet de Zero-Radiation-Functie aan of uit aan de hand van de knoppen “+/-“. Als u de functie ZRF activeert, verschijnt het ZRF-symbool op het scherm van zowel de babyeenheid als de oudereenheid. Oudereenheid: druk op de knop “M” om uw keuze te bevestigen. Herhaal stap 3 en 4 als er meer dan één babyeenheid is verbonden met de oudereenheid. Oudereenheid: druk nog drie keer op de knop “M” om terug te keren naar stand-by.
Alarmen Het “BUITEN BEREIK” alarm wordt na 30 seconden geactiveerd als: De baby- en oudereenheid zich niet binnen het commu- nicatiebereik bevinden De babyeenheid wordt uitgeschakeld De babyeenheid plots geen stroom meer krijgt (batterij volledig leeg). U hoort een alarm, op het LCD-scherm verschijnt OUT OF RANGE en het LCD-lichtje knippert. Het TEMPERATUUR alarm wordt geactiveerd als De eigenlijke temperatuur de geselecteerde maximum temperatuur overschrijdt. De eigenlijke temperatuur de geselecteerde minimum temperatuur overschrijdt. U hoort een alarm, op het LCD-scherm verschijnt TEMP ALARM en de eigenlijke temperatuur knippert samen met HIGH of LOW. Het alarm BATTERIJ BIJNA LEEG wordt geactiveerd als Het stroomniveau van de batterij van de babyeenheid onder een bepaalde limiet daalt. Het stroomniveau van de batterij van de oudereenheid onder een bepaalde limiet daalt. U hoort een alarm, het controlelampje van de batterij (van ofwel de babyeenheid ofwel de oudereenheid) knippert en op het LCD-scherm verschijnt BATTERY POWER LOW. Het ROOK alarm werkt enkel als u over de niet bijgeleverde rookdetector beschikt. Als er rook wordt gedetecteerd, hoort u een alarm en op het LCD-scherm verschijnt SMOKE
Notice-Facile