EcoTEC plus VC 656 - Cv-ketel VAILLANT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EcoTEC plus VC 656 VAILLANT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over EcoTEC plus VC 656 VAILLANT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Cv-ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EcoTEC plus VC 656 - VAILLANT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EcoTEC plus VC 656 van het merk VAILLANT.
GEBRUIKSAANWIJZING EcoTEC plus VC 656 VAILLANT
Toesteleigenschappen
Aanbevolen toebehoren
Inhoudsopgave
Toesteleigenschappen 2
Aanbevolen toebehoren. 2
1 Aanwijzingen bij de documentatie 3
1.1 Documenten bewaren
1.2 Gebruike symbolen
1.3 Geldigheid van de gebruiksaanwijzing 3
1.4 CE-markering
1.5 Typeplaatje 3
2 Veiligheid 3
3 Aanwijzingen voor het gebruik 5
3.1 Fabrieksgarantie 5
3.2 Gebruik volgens de voorschriften 6
3.3 Eisen aan de standplaats 6
3.4 Onderhoud 6
3.5 Recycling en afvoer 6
3.5.1 Toestel
3.5.2 Verpakking 6
3.6 Tips voor energiebesparing 6
4 Bediening.
4.1 Overzicht van de bedieningselementen bij ecoTEC plus 8
4.2 Overzicht van de bedieningselementen bij ecoTEC pro 10
4.3 Maatregelen voor inbedrijfstelling 11
4.3.1 Afsluitvoorzieningen openen 11
4.3.2 Systeemdruk controleren 11
4.4 Inbedrijfstelling 12
4.5 Warmwaterbereiding met VCW-toestellen 13
4.5.1 Instelling van de warmwatertemperatuur 13
4.5.2 Warmstartfunctie in- en uitschakelen 13
4.5.3 Warm water aftappen 14
4.6 Warmwaterbereiding met VC-toestellen 14
4.6.1 Instelling van de warmwatertemperatuur 14
4.6.2 Boilerfunctie uitschakelen (alleen VC-toestellen met externe warmwaterboiler)... 15
4.6.3 Warm water tappen 15
4.7 Instellingen voor de CV-functie 15
4.7.1 Aanvoertemperatuur instellen (geenthermostat aangesloten) 15
4.7.2 Aanvoertemperatuur instellen (bij gebruik van eenthermostat) 16
4.7.3 CV-functie uitschakelen (zomermodus) 16
4.7.4 Kamerthermostat of weersafhankelijke thermostat instellen 16
4.8 Statusaanduidingen (voor onderhouds- en servicewerkzaamheden door de installmenter) ... 16
4.9 Verhelsen van storingen 17
4.9.1 Storingen wegens watergebrek 17
4.9.2 Storingen bij het ontsteken 17
4.9.3 Storingen in het verbrandingslucht/ rookgastraject. 18
4.9.4 Toestel/CV-installatie vullen 18
4.10 Buitenbedrijfstelling 19
4.11 Vorstbeveiliging 19
4.11.1 Vorstbeveiligingsfunctie 19
4.11.2 Vorstbeveiliging door leegmaken 19
4.12 Onde houd en Serviceteam 20
3
Toesteleigenschappen
De Vaillant ecoTEC-toestellen zijn compacte HR-gas-wandketels. De VCW-toestellen zijn bovendien uitgerust met een geinteggreerde warmwaterbereiding.
6
Aanbevolen toebehoren
Baillant biedt voor het regelen van de ecoTEC verzischlende systeme componenten die kuren worden aangesloten op de schakelijkst of ingestoken op het bedieiningspaneel.
- auromATIC 560
- auromATIC 620/2
-calormATIC 230
-calorMATIC 240
-calorMATIC 240f
-calormATIC330
-calorMATIC 340f
-calorMATIC 360
-calormATIC 360f
-calorMATIC 392
-calorMATIC 392f
-calormATIC 400
-calorMATIC 430
-calormATIC 430f
-calorMATIC 630/2 - VR 61 mengmodule
- VR 68 zonnemodule
- VR 81 afstandsbediening
- VR 90/2 afstandsbediening
-vrnetDIALOG 830
-vrnetDIALOG 840/2
-VRT15 - VRT 30
- VRT 40
-VRT50
Uw installmentar advisert u bij de keuze van de geschikte systemcomponenten.
1 Aanwijzingen bij de documentatie
De volgende aanwijzingen zijn een wegwijzer door de volledige documentatie.
In combinatie met deze gebruiksaanwijzing zijn nog andere documenten van toepassing.
Voor schade die ontstaat door het Niet naleven van deze gebruiksaanwijzingen, kan Vaillant Niet aansprakelijk gesteld worden.
Aanyullend geldende documenten
Voor de gebruiker:
Korte gebruiksaanwijzng nr. 0020040000
Garantiekaart nr.
Voor de installmenter:
Installatie- en onderhoudshandleiding nr. 0020010964
of
nr.
of
nr.
Eventueel zich ook de andere gebruiksaanwijzingen van alle gebruekte toebehoren en regeltoestellen van toe-passing.
1.1 Documenten bewaren
U dient deze gebruiksaanwijzing en alle andere van toe-passing zijnde documenten zodanig te bewaren dat ze direct ter beschikkung staan.
Overhandig de documenten bij verhuizing of verkoop aan de volgende eigenaar.
1.2 Gebruikte symbolen
Neem bij de bediening van het toestel de veiligheidsaanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing in ache!

Gevaar!
Onmiddelijk gevaar voor lijf en leven!

Gevaar!
Levensgevaar door elektrische schok!

Gevaar!
Gevaar voor verbranding of brandwonden!

Attentie!
Mogelijk gevaarlijke situatie voor product en/of milieu!

Aanwijzinq!
Nuttige informatatie en aanwijzingen.
- Symbool voor een vereiste handeling
1.3 Geldigheid van de gebruiksaanwijzing
Deze gebruiksaanwijzing geldtuitsuitend voor toestellen met de volgende artikelnummers:
-0010002509
-0010002510
-0010002511
-0010002512
-0010002513
-0010002514
-0010003811
-0010003812
-0010004348
-0010004146
-0018042547
Het artikelnummer van uw toestel kutu vinden op het typeplaatje.
1.4 CE-markering020029156
Met de CE-markering worden aangegeven dat de toestellen volgens het typepeo209en aan de fundamentele vereisten van de geldende richtlijnen.
1.5 Typeplaatje
Het typeplaatje van de Vaillant ecoTEC is in de fabriek aan de onderkant van het toestel aangebracht.
2 Veiligheid
Wate doen in geval van nood
A Gevaar!
Gaslucht! Vergiftigings- en explosiegevaar door defecten!
Gedrag bij gaslucht in gebouwen
- Zet ramen en deuren helemaal open, zorg voor ventilatie, );jrd vertrekken met gaslucht!
- Vermijd open vuur, rook Niet, gebruik geen aansteker!
- Gebruik geen elektrische schakelaars, geen stekkers, geen deurbellen, geen telefoons en andere communi-cationsystemen in huis!
- Sluit gasteller-afsluitvoorziening of hoofdkraan!
- Sluit de gaskraan (1, afb. 2.1, 2.2) op het toestel!
- Waarschuw andere huisbewoners, gebruik hierbij nicht de deurbel!
- Verlaat het gebouw!
- Licht de storingsdienst van het energiebedrijf in vanaf een telefoonaansluiting buiten hetUIS!
- Verlaat bij hoeoorbaar uittstromen onmiddelijk het gebouw, versper derden de toegang tot het gebouw, waarschuw politicie en brandweer van buiten het gebouw!

Afb. 2.1 Gaskraan sluiten (behalte VC 466 en VC 656)

Afb. 2.2 Gaskraan sluiten (bij VC 466 en VC 656)
Velligheidsaanwijzingen
Neem altiijd goed nota van de volgende veiligheidsaanwijzingen en voorschriften.

Gevaar!
Ontploffingsgevaar door ontvlambare gas-luchtmengsels!
Zorg ervoor dat explosieve of Licht ontvlambare stoffen (b.v. benzine, verf, enz.) Niet in deplaatsingsruimte van het toestel worden gebruikt of opgeslagen.
Gevaar!
Vergiftigings- en explosiegevaar door defecten!
Stel geen beveiligingen buiten werkung. Er
mogen ook geen handelingen op deze inrichtingen uitgevoerd worden waardoor de goede werk
king ervan in gevaar kan komen.
U dient.daarom geen veranderingingenuit te voeren:
- aan het toestel
- in de omgeving van het toestel
- aan de toevoerleidingen voor gas, verbrandingslucht, water en stroom
- en aan de afvoerleidingen voor rookgas
Het verbod op veranderingen geldt ook voor bouwconstructies in de omgeving van het toestel, voor zoerverdeze van invloed kuren zijn op de gebruiksveiligheid van het toestel. Voorbeelden hiervoor�:
- Een kastachtige mantel van het toestel moet voldoen aan de betreffende uitvoeringsvoorschriften. Vraag uw installateur om informatatie, als u een dergelijk mantel wenst.
Voor veranderingen aan het toestel of in de omgeving ervan moet u in ieder geval contact opnemen met een erkend installmenteur, aangezien deze hiertoe bevoegd is.

Attentie!
Gevaar voor beschadiging door ondeskundige veranderingen!
Voer nooit zichigen aan de gaswandketel of aan andere onderdelen van de installmenteuit.
Probeer nooit onderhoud of reparacies aan het toestel zich uit te voeren.
- Vernietig of verwijder geen verzegelingen van onderden. Enkel erkende installmenteurs en de serviceddienst van de fabriek� zijn bevoegt om verzegelde onderdelen te veranderen.

Gevaar!
Verbrandingsgevaar!
Uit de warmwaterkraan stromend water kan heet+zijn.

Attentie!
Gevaar voor beschadiging!
Gebruik geen sprays, oplosmiddelen, chloorhoudende reinigingsmiddelen, verf, lijm enz. in de omgeving van het toestel. Deze stoffen+kennen onder ongunstige omstandigheden tot corrosie - ook in het rookgasafvoersysteme - leiden.
Plaatsing en instelling
Het toestel mag alleen door een erkend installmenteur worden geinstalleerd. Deze is ook verantwoordelijk voor een correcte installmentatie en inbedrijstelling alsmede voor het naleven van de bestaande voorschriften, regels en richtlijnen.
Ook is hij bevoegd om inspectie-/onderhoudswerkzaamheden en reparations aan het toestel UIT te voeren en het ingestelde gasvolume te wijzigen.

Attentie!
Het toestel mag uitsluitend met een maar beho- ren gesloten toestelmantel permanent worden gebruikt! Anders kan - onder ongunstige gebruiksomstandigheden - materielle schade of zichs gevaar voor lijf en leven ontstaan.
Waterdruk van de CV-installatie
Controleer regelmatig de waterdruk van de CV-installatie (zie hoofdstuk 4.3.2).
Noodstroomaggregaat
Uw installateur heeft de gaswandketel bij installmentie aangesloten op het elektriciteitsnet.
Als u het toestel bij elektriciteitsuitval met een moodstroomaggregaat in gebruik wilt honden, moet deze voor wat betreft de technische waarden (frequentie, spanning, a Harding) met die van het elektriciteitsnet overeenkomen en ten minste geschikt zichoor het opgenomen vermogen van uw toestel. Laat u hierover adviseren door een erkend installerateur.

Lekkages (behalve VC 466 en 656)
Afb. 2.3 Koudwaterstopkraan van de inlaatcombinatie sluiten (behalve VC 466 en 656)
Sluit bij lekkages in de warmwaterleidingenussen toestel en tappunten meteen de koudwaterstopkraan van de inlaatcombinatie (1).Laat de lekkage door een erkend installmenter verhelpen.

Aanwijzinq!
Bij ecoTEC-toestellen is de koudwaterstopkraan Niet bij de levering van het toestel inbegrepen. Vraag uw installeratuer, waar hij deze stopkraan heeft gemonteerd.
Vorstbeveiliging
Verzeker u ervan dat, als u tijdens een vorstperiode afwezig bent, de CV-installatie in werkung blijft en de kamers voldoende op temperatuur worden gehonden.
Attentie!
Gevaar voor beschadiging!
Bij uittval van de stroomvoorziening of bij een te lage instelling van de kamertemperatuur in af-zonderlijke vertrekken kan nicht worden uitgesloten dat gedeelten van de CV-installatie door vorst beschadigd worden.
Houd u beslist aan de aanwijzingen voor vorstbeveiliging in hoofdstuk 4.11.
3 Aanwijzingen voor het gebruik
3.1 Fabrieksgarantie
De producten van de NV Vaillant zijn gewaarborgd gegen alle materiaal- en constructiefouten voor eenperiode van tweeJAar vanaf de datum vermeld op de aankoopfactuur die heel nauwkeurig dient bij te honden. De waarborg geldt alleen onder de volgende voorwaarden:
- Het toestel要去 door een erkend gekwalificeerd vakman geplaatst worden, onder zich volledige verantwoordelijkheid, en deze dient er op te letten dat de normen en installmentevoorschriften nageleefd worden.
- Het is enkel aan de technici van de Vaillant-fabriek toegelaten om herstellingen of wijzigingen aan het toestel onder garantie uit te voeren, opdat de waarborg van toepassing zou blijven. De originele onderden要去en in het Vaillant-toestel gemonteerd zijn, zo Niet worden de waarborg geannuleerd.
- Teneinde de waarborg teCTXen gelden, moet u ons de garantiekaart volledig ingevuld, ondertekend en gefrankeerd terugzenden binnen de veertien dagn na de installment!
De waarborg worden nicht toegeteckend indien de slechte werkung van het toestel het gevolg is van een slechte regeling, door het gebruik van een Niet overeenkomstige energia, een verkeerde of gebrekkige installmentie, de nietnaleving van de gebruiksaanwijzing die bij het toestel gevoegd is, door het noit opvolgen van de normen betreffende de installmentevoorschriften, het type van lokaal of verluchting, verwaarlozing, overbelasting, bevriezing, elke normale slijtage of elke handeling van overmacht. In dit geval zullen onsne prestaties en de geleverde onderden aangerekend worden. Bij facturatie, opgesteld volgens de algemene voorwaarden van de na-verkoopdienst, wordt deze steeds opgemaakt op de naam van de persoon die de oproep hebft verricht en/of de naam van de persoon bij wie het werk is uitgevoerd, behoudens voorafgaand schriftelijk akkoord van een derde persoon (bv. huurder, eigenaar, syndic, enz.) die deze factuur uitdrukkelijk ten zijne lsteneemt. Het factuurdbebrag za contant betaald moeten worden aan de fa
briekstechnicus die het werk heeft uitgevoerd. Het herstellen of verrangen van onderdelen tijdens de garantieperiode heeft geen verlenging van de waarborg tot gevolg. De toekenning van garantie sluit elke betaling van schadevergoedig uit en dit tot voor om het even welke reden ze ook gesvagd worden. Voor elk verschil, zichen enkel de Tribunalen van het district waar de hoofdzetel van de vennootschap gesvestigd is, bevoegd. Om alle functies van het Vaillant toestel op termijn vast te stellen en om de toegelaten toestand Niet te veranderen, mooten bij onderhoud en herstellingen enkel nog originele Vaillant onderdelen gezruikt worden.
3.2 Gebruik volgens de voorschriften
De Vaillant gaswandketel ecoTEC is gebouwd volgens de huidige stand van de techniek en de erkende veiligheids-technische regels. Toch kan er bij ondeskundig of onei-genlijk gebruik gevaar ontstaan voor lijf en leven van de gebruiker of derden resp. schade aan het toestel en andere voorwerpen.
Dit toestel is er nicht voor bestemd te worden gebruikt door Personen (waaronder kinderen) met beperkte fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of zonder ervaring en/of zonder kennis, tenzij deze onder toezicht staan van een voor hun veriligheid verantwoordelijkke person of van deze instructies kregen hoe het toestel moet worden gebruikt. Kinderen moeten onder toezicht staan, omervoorte zorgen dat zij Niet met het toestel spelen.
De toestellen zich ontworpen als warmteopwekker voor gesloten warmwater-CV-installations en voor de centrale warmwaterbereiding. Een ander of waarvan afwijkend gebruik geldt als Niet volgens de voorschriften. Voor schade die hieruit voortvloeit, kan de fabrikant/leverancier Niet aansprakelijk worden gesteld. Uitsluitend de gebruiker is hiervoor verantwoordelijk.
Tot het gebruik volgens de voorschriften horen ook het in alot nemen van de gebruiksaanwijzing, de installmentiehandleiding en alle andere geldende documenten, alsmede het naleven van de inspectie- en onderhoudsvoorschriften.

Attentie!
Elk oneigenlijk gebruik is verboden.
3.3 Eisen aan de standplaats
De Vaillant gaswandketel ecoTEC moet zodenig aan de wand hangend worden geinstalleerd, dat de afvoer van het condenswater en de verbrandingsluchttoevoer/rookgasafvoer möglichk zich.
Ze kuren b.v. worden geinstalleerd in kelderruimtes, bergruimtes of ruimtes bestemd voor meerdere doeleinden. Vraag uw installmenteur welke geldende nationale voorschriften in achegenomen moeten worden.

Aanwijzinq!
Een afstand van het toestel tot componentenuit brandbaar materiaal resp. tot brandbare bestanddelen is Niet vereist, waarbij het nominale warmtevermogen van het toestel aan het behuizingssoppervlak een lagere temperatuur voorhanden is dan de max.toegestane temperatuur van 85^
3.4 Onderhoud
Reinig de mantel van uw toestel met een vochtige doek en een beetje zeep.

Aanwijzing!
Gevaar voor beschadiging!
Gebruik geen schuur- of reinigingsmiddelen die de mantel of de koppelstukken van kunststof zonden hunnen beschadigen. Gebruik geen sprays, oplosmiddelen of chloorhoudende reinigingsmiddelen.
3.5 Recycling en afvoer
De Vaillant gaswandketel ecoTEC en de bijbehorende transportverpakking bestaan voor het grootste deel uit recyclebaar materiaal.
3.5.1 Toestel
De Vaillant gaswandketel ecoTEC en de toebehoren behoren Niet tot het huishoudelijk afval. Zorg ervoor dat het oude toestel en eventuele toebehoren op een verantwoorde manier afgevoerd worden.
3.5.2 Verpakking
Het afvoeren van de transportverpakking kut u het best overlaten aan de installmenter die het toestel geinstalleerd hebft.

Aanwijzing!
U dient de van toepassing+zijnde nationale wettelijkke voorschriften in acht te nemen.
3.6 Tips voor energiebesparing
Inbouw van een weersafhankelijkke CV-regeling Weersafhankelijkke CV-regelingen regelen de CV-aanvoertemperatuur afhankelijk van de buitentemperatuur. Er worden nicht meer warmte opgewekt dan nodig. Hiervoor moet op de weersafhankelijkke thermostat de CVaanvoertemperatuur worden ingesteld die bij een bepaalde buitentemperatuur gewenst is. Deze instelling mag Niet hoger zichn danoodzakelijk is voor de configuratie van de CV-installatie.
Normaal voert uw installateur de juiste instellenen uit. Door geintegreerdeijdprogramma's worden de gewenste verwarmings- en afkoelingsfases (bijv. 's nachts) automatisch in- en uitgeschakeld.
Weersafhankelijke CV-regelingen vormen in combinatie met (thermostatische) radiatorkranen de meest comfortabile vorm van CV-regeling.
Afkoeling van de CV-installatie
Verlaag de kamertemperaturetuijdens de nachtrust en als u Niet thuis bent. Dit kunt u gemakkelijk en betrouwbaar realiseren met behulp van kamerthermostaten met instelbare tijdprogramma's.
Stel de kamertemporatuur tijdens de minimale-temperatuurtijden ca. 5^ lager in dan tijdens de maximale temperatuurtijden. Met een afkoeling van meer dan 5^ bespaart u Niet更是nergie, aangezien dan voor de volgende maximale temperatuurperiode een hogere verwarmingscapaciteit nodig is. Alleen bij langere afwezigheid, zoals b.v. vakantie, loont het zich de temperaturen verder te verlagen. Let erECHTER wel op, dat er in de winter voldoende vorstbeveiliging is gegandeerd.
Kamertemperatuur
Stel de kamertemperatuur nicht hoger in dan net voldoende is om u comfortabel te voelen. Ledere graad waarboven betekent een hoger energieverbruik van ongeveer 6% .
Houd bij het instellen van de kamertemperatuur ook rekening met het gebruik van de kamer. Zo is het bijvoorbeeld in het normale geval Niet nodig slaapkamers of weinig gebruekte kamers op 20^ te verwarmen.
Instellen van de bedrijfsfunctie
In het warme jaargetijde, als de woning Niet hoeft te worden verwarmd, adviseren wij de verwarming op zomermodus te zetten. De CV-functie is dan uitgeschakeld, maar het toestel of de installmentatie blijft voor de warmwaterfunctie in bedrijf.
Gelikmatigverwarmen
Vaak worden in een woning met centrale verwarming slechts eén kamer verwarmd. Via de oppervlaktes die deze kamer omgeven, zoals wanden, deuren, ramen, pla-fond en vloer worden onverwarmde aangrenzende kamers ongecontroleerd meeverwarmd en gaat er onbedoeld warmte-energie verloren. Het vermogen van de radiator in deze ene verwarmde kamer is voor een dergelijk gebruik naturuurlijk Niet meer voldoende. Het gevolg is dat de kamer Niet更是 voldoende worden verwarmd en deze onbehaaglijk koud aanvoelt (overigens ontstaat hetzelfde effect, als er deuren openstaan tussen de verwarmde kamer en Niet of beperkt verwarmde kamers).
Dit is verkeerde zuinigheid: de verwarming staat aan en toch is het in de kamer Niet behaaglijk warm. Een groter verwarmingscomfort en een meer efficient gebruik worden bereikt als alle kamers in een woning gelijkmatig en in overeenstemming met het gebruik worden verwarmd.
Overigens kan ook het bouwmateriaal nadelig worden beinvloed als delen van het pand Niet of onvoldoende worden verwarmd.
Thermostaatkranen en kamerthermostaten
Het zou vandaag de dag vanzelfsprekend要去en zich om op alle radiatoren (thermostatische) radiatorkranen teplaatsen. Ze zorgen ervoor dat de eenmaal ingestelde kamertemporatuur exact worden angehoven. Met behulp van (thermostatische) radiatorkranen in combinatie met een kamterthermostat (of weersafhankelijkke thermostat) kunt u de kamertemporatuur aanpassen aan uw individuèle behoeftes en bent uzeker van een efficienct gebruik van uw CV-installatie.
Laat in de kamer waarin zich de kamerthermostat bevindt, steeds alle radiatorkranen volledig geopend, aangezien de beiden regelingen elkaar anders over en weeberbeinvloeden en de regelkaliteit kan worden beperkt.
Vaak kan het volgende gebruikersgedrag worden geconstateerd: als het in de kamer te warm wordt, worden de (thermostatische) radiatorkranen dichtgodraaid (of de kamerthermostaat op een lagere temperatuur gezet).
Als het na een poosje dan wee ter koud wordt, dan wordt de (thermostatische) radiatorkraan wee opengedraaid. Dit is Niet nodig, aangezien de temperatuurregeling door de (thermostatische) radiatorkraan zich wordtuitgevoerd: Als de kamertemperatuur boven de op desensorkop ingestelde waarde stijgt, sluit de (thermostatische) radiatorkraan automatisch en bij het dalen onder de ingestelde waarde opent.Deze weer.
Regelapparatuur nicht afdekken
Zorg ervoor dat uw regelapparatuur Niet worden afgedekt door meubels, gordijnen of andere voorwerpen. De circulerende kamerlucht moet ongehinderd+kennen worden gedetecteerd. Afgedekte (thermostatische) radiatorkranen+kennen met afstandssensoren worden uitgerust en blijven daardoor werken.
Gepaste warmwatertemperatuur
Het warme water dient slechts zover opgewarmd te worden als het voor het gebruik nodig is. Elke verdere opwarming leidt tot onnodig energieverbruik; warmwatertemperaturesen vaneer dan 60^ veroorzaken bovendien in versterkte mate kalkaanslag.
Instelling van de warmstartfunctie (enkel VCW)
De warmstartfunctie levert direct warm water met de gewenste temperatuur zonder opwarmtijden te hoeven afwachten. Hiervoor worden de secundaire-warmtewisse- laar op een vooraf ingesteld temperatuurpeil gehonden. Zet de temperatuurkeuzeknop Niet hoger dan de benodigde temperatuur om energieverlies te voorkomen. Als u langereijd geen warm water nodig hebt, adviseren wij voor verdere energiebesparing de warmstartfunctieuit te schakelen.
Bewust omgaan met water
Door bewust om te gaan met water kunnen de verbruiskosten duidelijk dalen.
Bijvoorbeeld douchen in de plaats van een bad te nemen: terwijl voor een bad ca. 150 liter water nodig is, heeft een met moderne, waterbesparende mengkraan
3 Aanwijzingen voor het gebruik
4 Bediening
uitgeruste douche slechts ca. een derde van deze hoeveelheid nodig.
Overigens: een druppelende waterkraan verspilt tot 2000 liter water, een lekkende toiletspoeling tot 4000 liter water peraar. Daarentegen kost een neue pakking slechts eenaar eurocent.
Circulatiepompen alleen indien nodig lately draaien (alleen VC 466 en 656)
Circulatiepompen zorgen voor een voortdurencke circulaie van warmwater in het leidingsystem, zDat ook bij veraf gelegen tappunten meteen warm water ter beschikking staat. Deze verhogen ongetwijfeld het comfort bij de warmwaterbereiding. Maar ze verbruiken ook stroom. En circulerend warmwater dat Niet worden gebruikt, koelt op+zijn weg door de pijpleidingen af en moet dan werk bijverwarmd worden. Circulatiepompen要去en waarom alleen dan gebruikt worden, wanner daadwerkelijk warmwater algemeen in het huishouden nodig is. Met behulp van schakelklokken waarmee de meeste circulatiepompen uitgerust resp.uitgebrecht knen worden, kuren individueleijdprogramma's ingesteld worden. Vaak bieden ook weersafhankelijkthermostaten via extra functies de mogelijkheid circulatiepompen tijdafhankelijk te regelen. Vraag uw installateur. Een andere mogelijkheid is om via een toets of schaklaar in de buurt van een vaak gebrukt tappunt de circulaie alleen bij concrete behoefte gedurende een bepaalde tijd in te schaken. Op de Vaillant ecoTEC kan een dergelijke toets worden aangesloten op de toesteleektronica.
Ventileren van de woning
Open tijdens het verwarmen de ramen alleen om te ventileren en Niet om de temperatuur te regelen. Het raam gedurende korteijd—helemaal openzetten is effectiever en bespaart更是nergie dan een langdurig op een kier openstaand raam. Daarom adviseren wij de ramen gedurende korteijd volledig te openen. Sluit tijdens het ventileren alle (thermostatische) radiatorkranen die zich in de kamer bevinden en/ofzet, als deze aanwezig is, de kamerthermostaat op de minimale temperatuur. Door deze maatregelen is voldoende ventilatie gegardeerd, zonder onnodige afkoeling en energieverlies (b.v. door onbedoeld inschakelen van de verwarming tijdens het ventileren).
4 Bediening
4.1 Overzicht van de bedieningselementen bij ecoTEC plus

Afb. 4.1 Bedieningselementen ecoTEC plus
Trek de frontklep aan de greedn om deze te openen. De nu zichtbare bedieningselementen hebben de volgende functies (zie afb. 4.1):
1 Display voor weergave van de waterdruk van de CV-installatie, de actuèle CV-aanvoertemperatuur, de bedrijfsfunctie of bepaalde extra informatie
2 Toets "i" voor oproepen van informatie
3 Inbouwthermostaat (toebehoren)
4 Manometer voor weergave van vul- of werkdruk in de CV-installatie
5 Aan/uit-schakelaar voor in- en uitschakelen van toestel
6 Toets "+"oor verdier bladeren in de displayweergave (voor de installateur bij instelwerkzaamheden en opsporen van storingen) of weergave van de boilertemperatuur (VC met boilervoeler) resp. temperatuur van de warmwater-warmtewisselaar (VCW)
7 Toets "--" voor terugbladeren in de displayweergave (voorde installateur bij instelwerkzaamheden en opsporen van storingen) en voor weergave van de waterdruk van de CV-installatie op het display
8 Toets "Reset" voor terugzetten van bepaalde storingen
9 Draaiknop voor instellen van de CV-aanvoertemperatuur
10 Draaiknop voor instellen van de uiststromtemperatuur van warm water (VCW-toestellen) of de boilertemperatuur (VC-toestellen met aangeslo- ten warmwaterboiler VIH)
Digitala information- en analysesystem

Afb. 4.2 Display ecoTEC plus
De ecoTEC plus toestellen zijn uitgerust met een digitaal informatie- en analysesystem. Dit systeme geeft informatie over de bedrijfstoestand van het toestel en helpt u bij het verhelpen van storingen.
Bij normala bedrijf van het toestel worden in het display (1) van het DIA-systeme de actuèle CV-aanvoertemperaatuur aangeduid (in het voorbeeld 45^ ). In het geval van een storing worden de weergave van de temperaatur verrangen door de betreffende storingscode.
Bovendien geven de weergegeven symbolen de volgende informatie:
1 Weergave van de waterdruk van de CV-installatie, van de actuèle CV-aanvoertemperatuur of weergave van een status- of storingscode

Storing in het verbrandingslucht-/rookgastraject

Storing in het verbrandingslucht-/rookgastraject
Alleen in combinatie met vnetDIALOG: Zolang het symbool op het display verschijnt, worden door het toebehoren vnetDIALOG de CV-aanvoertemperatuur en warmwater-uitstroomtemperatuur ingesteld, dat betekent dat het toestel werkt met andere temperaturen dan die met de draaiknopen (9) en (10) zijn ingesteld. Deze bedrijfsfunctie kan alleen beeindigd worden: - door vnetDIALOG of
- door veranderen van de temperatuurinstelling met de draaiknoppen (9) of (10) meteer dan ± 5K .
Deze bedrijfsfunctie kan nicht beeingidg worden: - door op de toets (8) " Reset " te drukken of
- door UIT-of inschakelen van het toestel.
CV-functie actief permanent aan bedrijfsmodus CV-functie knippert: branderwachttijd actief
Warmwaterbereiding actief (alleen bij VCW) permanent aan: warm water wordt getapt
(alleen bij VC) permanent aan: bedrijfsfunctie boilerlading (VC-toestel) is operationeel
knippert: warmwaterboiler wordt ver-
warmd, brander aan
C Warmstartfunctie actief (alleen bij VCW)
permanent aan: warmstartfunctie is operationeel knippert: warmstartfunctie is in bedrijf, brander aan
Interne CV-pomp is in werking
Intern gasventiel worden aangestuurd
Vlam met kruis:
Storing tijdens de branderefunctie;
toestel isuitgeschakeld
Vlam zonder kruis: Correcte branderfunctie
4.2 Overzicht van de bedieningselementen bij ecoTEC pro

Afb. 4.3 Bedieningselementen ecoTEC pro
Trek de frontklep aan de greedn aan beneden om deze te openen. De nu zichbare bedieningselementen hebben de volgende functies (zie affb. 4.3):
1 Display voor weergave van de actuèle waterdruk van de CV-installatie, de CV-aanvoertemperatuur of bepaalde extra informatie.
2 Signaallampen voor bedrijfsfuncties
3 Toets "i" voor oproepen van informatie
4 Inbouwthermostat (toebehoren)
5 Manometer voor weergave van vul- of bedrijfsdruk in de CV-installatie
6 Aan/uit-schakelaar voor in- en uitschakelen van toestel
7 Toets "+"oor verdier bladeren in het display (voorde installmenteur bij instelwerkzaamheden en opsporen van storingen) of weergave van de boilertemperatuur (VC met boilervoeler) resp. temperatuur van de warmwater-warmtewisselaar (VCW)
8 Toets "--" voor terugbladeren in het display (voorden installeur bij instelwerkzaamheden en opsporen van storingen) en voor weergave van de waterdruk van de CV-installatie op het display
9 Toets "Reset" voor terugzetten van bepaalde storingen
10 Draaiknop voor instellen van de CV-aanvoertemperatuur
11 Draaiknop voor instellen van de uitsroomtemperatuur van warm water (VCW) resp. boilertemperatuur (VC met boilervoeler)
Multifunctionele weergave
De ecoTEC pro toestellen zich uitgerust met een multifunctionele weergave. Wanner de aan/uit-schakelaar ingeschakeld is en het toestel normalaal functieert, geeft de weergave de actuèle CV-aanvoertemperatuur aan (in het voorbeeld 45^ ).

Afb. 4.4 Signaillampen ecoTEC pro
1 Weergave van de waterdruk van de CV-installatie, van de actuèle CV-aanvoertemperatuur of weergave van een status- of storingscode
2 Groene signaallampwarmstartfunctie/warmwater permanent aan: warmstartfunctie is ingeschakelduit: warmstartfunctie is uitgeschakeld en er wordt geen warm water getapt
knippert: warm water wordt getapt of de warmstartfunctie verwarmt het water bij
3 Gele signaallamp
permanent aan: brander aan
4 Rode signaallamp
permanent aan: storing in toestel, een storingscode worden weergegeven

Alleen in combinatie met vnetDIALOG:
Zolang het symbool op het display verschijnt, wordt door het toebehoren vnetDIALOG de CVaanvoertemperatuur en warmwater-uitstroomtemperatuur ingesteld, dat betekent dat het toestel werkkt met andere temperaturen dan die met de draaiknuppen (10) en (11) zichin ingesteld
Deze bedrijfsfunctie kan alleen beeindigd worden:
- door vrnetDIALOG of
- door veranderen van de temperatuurinstelling met de draaiknuppen (10) of (11) metmeer dan ± 5K .
Deze bedrijfsfunctie kan nicht beeingidg worden: - door op de toets (9) "Reset" te drukken of
- door UIT-of inschakelen van het toestel.
4.3
Maatregelen
voor
inbedrijfstelling

Afsluitvoorzieningen openen

Aanwijzinq!
De aftuitvoorzieningen worden Niet meegeleverd met uw toestel. Ze worden apart door deinstalleur geinstalleerd. Vraag hem om informatie over positie en bediening van deze onderden.

Afb. 4.5 Afslultvoorzleningen openen bij de VC 376, VCW 296, VCW 346, VCW 376

Afb. 4.6 Afsluitvoorzieningen openen bij de VC 466 en VC 656 (onderhoudskranen bij wlijze van voorbeeld)
- Open de gaskraan (1) tot de vaste aanslag.
- Controller of de onderhoudskranen in de aanvoer (3) en retour (4) van de CV-installatie zijn geopend.
- Open de koudwaterstopkraan van de inlaatcombinatie (2).
Ter controle kurz u bij een warmwaterkraan bij een tappunt proberen ofaar water uitkomt.
4.3.2 Systeemdruk controlleren

Aanwijzijing!
Om het gebruik van de installmentie met een tekleine hoeveelheid water te vermijden en om tevoorkomen dat daardoor schade ontstaat, beschikt uw toestel over een druksensor. Deze signaleert bij onderschrijding van 0,6 bar het druktekort als op de display de drukwaarde knipperend worden weergegeven.
Bij onderschrijding van een druk van 0,3 bar wordt uw toestel uitgeschakeld. Op het display verschijnt de storingsmeling F.22. Om het toestel waar in bedrijf te nemen,要去 de installmentie eerst met water worden gezuld.

Afb. 4.7 Waterdruk van de CV-installatie controlleren
- Controller bij de inbedrijfstelling de waterdruk van de installmentatie op de manometer (1). Voor een correct bedrijf van de CV-installatie要去 bij koude installmentie de wijzer op de manometer in het donkergrijze gebied staan. Dit komt overeen met een waterdrukussen 1,0 en 2,0 bar. Staat de wijzer in hetlichtgrijze bereik (< 0,8 bar), dan要去 voor de inbedrijfstelling water bijgevuld worden (zie hoofdstuk 4.9.4).

Aanwijzinq!
Het ecoTEC toestel beschicht over een manomet-ter en over een digitale drukaanduiding.
De manometer stelt u in staat om ook bij uitgeschakeld toestel snel te zien of de waterdruk zich in het gewenste bereik bevindt of Niet. Wanner het toestel in bedrijf is, kunt u de nauwkeurige drukwaarde op het display latent zien. Activeer de drukaanduiding door het indrukken van de toets "-(2). Na 5 sec. worden op het display wee de CV-aanvoertemperatuur weergegeven.
Aanwijzinq!
U kunt ook permanent omschakelen:tussen temperatuur- of drukaanduiding in het display door de"" -toets ca. 5 seconden ingedrukt te houden.
Als de CV-installatie zich over meertere etages uittstrekt, kan een hogere waterdruk van de installment nodig+zijn. Vraag hiervoor uw installmenter.
4.4 Inbedrijfstelling

Afb. 4.8 Toestel Inschakelen (voorbeeld: ecoTEC plus)
- Met de aan/uit-schakelaar (1)kest u het toestel in- en uitschakelen.
I:"AAN"
0:"UIT"
Als u het toestel inschakelt, verschijnt op het display (2) de actuèle CV-aanvoertemperatuur.
Voor het instellen van het toestel volgens uw wensen leest u hoofdstuk 4.5 en 4.7, waarin de instelmogelijkheden voor de warmwaterbereiding en de CV-functie zijn beschreiben.
Attentie! Gevaar v
Gevaar voor beschadiging!
Vorstbeveiligings- en controlevoorzieningen zijn alleen actief als de aan/uit-schakelaar van het toestel op stand "I" staat en het toestel Niet van het elektriciteitsnet is gescheden.
Om ervoor te zorgen dat de beveiligingen actief blijven, moet u uw gaswandketel via de thermostat in- enuitschakelen (informatie waarover vindt u in de betreffende gebruiksaanwijzing).
Hoe u uw gaswandketel helemaal buiten bedrijf kunt stellen, leest u in hoofdstuk 4.10.
4.5 Warmwaterbereiding met VCW-toestellen 4.5.2 Warmstartfunctie in- en uitschakelen
4.5.1 Instelling van de warmwatertemperatuur

Afb. 4.9 Instelling van de warmwatertemperatuur
- Schakel het toestel in volgens de beschrijving in hoofdstuk 4.4.
- Stel de draaiknop (3) voor het instellen van de warm-water-uitstroomtemperatuur in op de gewenste temperatuur. Daar bij betekent:
-linkeraanslag ca. 35^
- rechter aanslag max. 65^
Bij het instellen van de gewenste temperatuur worden de waar bij behorende gewenste waarde weergegeven op het display (2).
Na ca. drie seconden verwijdnt deutsche weergave en verschijnt op het display wee de standardweergave (actuèle CV-aanvoertemperatuur).

Attentie!
Verkalkingsgevaar!
Bij een waterhardheid van meer dan
3,57 mol/m³ (20 °dH) moet u de draaiknop (3)
maximaolde middenstand instellen.

Gevaar!
Gezondheidsrisico door legionellavorming!
Als het toestel worden gebruikt voor naverwarming in een solair ondersteunde drinkwaterverwarmingsinstallatie, moet de warmwateruitstroomtemperatuur bij draaiknop (3) op minstens 60^ worden ingesteld.
De warmstartfunctie levert direct warm water met de gewenste temperatuur zonder een opwarmtijd te hooven afwachten. Hiervoor worden de warmwater-warmte wisselaar van de ecoTEC op een vooraf ingesteld temperaturpeil gehonden.
ecoTEC plus:

Afb. 4.10 Warmstartfunctie in- en uitschakelen bij ecoTEC plus
- De warmstartfunctie worden geactiveerd als u de draai-knop (1) kort tot aan de aanslag (instelling a) maar rechts draait.
Vervolgens kiest u de gewenste warmwateruitstroom-temperatuur, b.v. instelling b (zie hoofdstuk 4.5.1).
Het toestel past de warmstarttemperatuur automatisch aan de ingestelde warmwatertemperatuur aan. Het getempereerde water is bij aftapping direct beschikbaar; op het display knippert het symbol C.
- De warmstartfunctie wordenuitgeschakeld als u draaiknop (1) kortstandig tot aan de aanslag waar links draait (instelling c). Het symbol C verdwijnt. Vervolgens kiest u wee de gewenste warmwateruitstroomtemperatuur, b.v. instelling b.
ecoTEC pro:

Afb. 4.11 Warmstartfunctie in- en uitschakelen bij ecoTEC pro
- De warmstartfunctie worden geactiveerd als u de draai-knop (1) kort tot aan de aanslag (instelling a) maar rechts draait. De groene signaallamp (2) gaat branden.
Vervolgens kiest u de gewenste warmwateruitstroom-temperatuur, b.v.instelling b (zie hoofdstuk 4.5.1).
Het water wordt nu constant op 55^ gehouden en staat bij tappen direct ter beschikking.
- De warmstartfunctie wordenuitgeschakeld als u draaiknop (1) kortstandig tot aan de aanslag waar links draait (instelling c). De signaallamp (2) dooft.Vervolgens kiest u wee der gewenste warmwateruitstroomtemperatuur, b.v.instelling b.
Bij het openen van een warmwaterkraan (1) bij een tappunt (wasbak, douche, badkuip, etc.) gaat het toestel zichstandig in bedrijf en levert het u warm water.
Het toestel schakelt de warmwaterbereiding bij het slui- ten van de waterkraan automatisch uit. De pomp loopt nog een korte tijd na.
4.6 Warmwaterbereiding met VC-toestellen
Voor de warmwaterbereiding met de toesteluitvoering VC要去 een warmwaterboiler van het type VIH op het CV-toestel� zijn aangesloten.
4.6.1 Instelling van de warmwatertemperatuur

Afb. 4.13 Instelling van de warmwatertemperatuur
- Schakel het toestel in volgens de beschrijving in hoofdstuk 4.4.
- Stel de draaiknop (3) voor het instellen van de boilertemperatuur in op de gewenste temperatuur. Daar bij betekent:
-linker aanslag vorstbeveiligig ca. 15^
- rechter aanslag max. 70^ C
Bij het instellen van de gewenste temperatuur worden de waar bij behorende gewenste waarde weergegeven op het display (2).
Na ca. drie seconden verdwijnt deze weergave en in het display verschijnt wee der standaardweergave (actuele CV-aanvoertemperatuur of optioneel waterdruk in de installmentie).
Attentie!
Verkalkingsgevaar!
Bij een waterhardheid van meer dan 3,57mol / m^3 (20°dH)要去 de draaiknop (3) maximaal op de middenstand instellen.

Gevaar!
Gezondheidsrisico door legionellavorming!
Als het toestel worden gebruikt voor naverwarming in een solair ondersteunde drinkwaterverwarmingsinstallatie, moet de warmwateruitstroomtemperatuur met de draaiknop (3) op minstens 60^ worden ingesteld.

Aanwijzing!
Als uwthermostat via een twee-aderige eBusleiding is aangesloten, zet u de draaiknop voor instellen van de warmwatertemperatuur op maximaal möglichke temperatuur. De gewenste temperatuur voor uw boiler stelt u op uw thermostat in.
4.6.2 Boilerfunctie uitschakelen (alleen VC-toestellen met externe warmwaterboiler)
Bij VC-toestellen met aangesloten warmwaterboiler kunt u de warmwaterbereiding of boilerlading uitschakelen, maar de CV-functie verder latent functioneren.
- Draai hiervoor de draaiknop voor het instellen van de warmwatertemperatuur tot aan de linker aanslag. Alleen een vorstbeveiligingsfunctie voor de boiler blijft actief.
4.6.3 Warm water tappen
Bij het openen van een warmwaterkraan (1) bij een tappunt (wasbak, douche, bad, enz.) worden warm water uit de aangesloten boiler getapt.
Komt de boilertemperatuur beneden de ingestelde Waarde, dan treedt het VC toestel automatisch in bedrijf en warmt de boiler bij. Bij bereiken van de gewenste boilertemperatuur schakelt het VC toestel automatisch uit. De pomp loopt nog een korte tijd na.

Afb. 4.14 Warm water tappen
4.7 Instellungen voor de CV-functie
4.7.1 Aanvoertemperatuur instellen (geen thermostaat aangesloten)

Afb. 4.15 Aanvoertemperatuur instellen zonderthermostat
Als geen externe thermostat aanwezig is, dan stelt u de aanvoertemperatuur met de draaiknop (1) in overeekenkomstig de buitentemperatuur. Daarbij adviseren wij de volgende instellen:
- stand links (echter nicht tot aan de aanslag) in de overgangsstijd: buitentemperatuur ca. 10 tot 20^
- stand midden bij matige kou: buitentemperatuur ca. 0 tot 10^
- stand rechts bij sterke kou: buitentemperatuur ca. 0 tot -15 °C
Bij het instellen van de temperatuur worden de ingestelde temperatuur weergegeven op het display (2). Na ca. drie seconden verdwijnt deze weergave en verschijnt op het display waar de standardweergave (actuele CV-aanvoertemperatuur).
Normaal kan de draaiknop (1) traploos worden ingesteld tot een aanvoertemperatuur van 75^ . Als u城县 hore waarden=kunt instellen op uw toestel, dan heeft uw installateur een zodanige afstellinguitgevoerd, dat uw CV-installatie ook met hogere aanvoertemperaturen kan werken.
4.7.2 Aanvoertemperatuur instellen (bij gebruik van eenthermostat)

Afb. 4.16 Aanvoertemperatuur Instellen bij gebruik van een thermostaat
Als uw CV-toestel met een weersafhankelijk regeling of een kamerthermostat is uitgerust, moet u het volgende instellen:
- Zet de draaiknop (1) voor het instellen van de CV-aanvoertemperatuur op de rechter aanslag.
De aanvoertemperatuur worden automatisch ingesteld door dethermostat (informatie waarover vindt u in de betreffende gebruiksaanwijzing).
4.7.3 CV-functie uitschakelen (zomermodus)

Afb. 4.17 CV-functie uitschakelen (zomermodus)
In de zomer kurz u de CV-functie uitschakelen, maar de freshwaterbereiding verder in bedrijf lately.
- Draai hiervoor de draaiknop (1) voor het instellen van de CV-aanvoertemperatuur hebelaal maar links.
4.7.4 Kamerthermostat of weersafhankelijke thermostat instellen

Afb. 4.18 Kamerthermostat/weersafhankelijkke thermostat instellen
- Stel de kamerthermostat (1), de weersafhankelijkke thermostat en de (thermostatische) radiatorkranen (2) volgens de betreffende gebruiksaanwijzingen van deze toebehoren in.
4.8 Statusaanduidingen (voor onderhouds- en servicewerkzaamheden door de installmenter)

Afb. 4.19 Statusweergaven
De statusweergaven given informatie over de operatione toestand van het toestel.
- Activeer de statusweergaven door toets "i" (1) in te drukken.
Op de display (2) verschijnt nu een weergave van de betreffende statusescodes, b.v. "S. 4" voor branderfunctie. De betekenis van de belangrijkke statusescodes vindt u in de onderstaande tabel.
Tijdens omschakelfases, b.v. bij herstart door het uitblijven van de vlam, verschijnt kort de statusmelding "S."
- Schakel het display door nogmaals indrukken van de toets "i" (1) waar in de normale modus terug.
Tabel 4.1 Statuscodes en hun betekenis (keuze)
| Weergave | Betekenis |
| Weergave tijdens CV-functie | |
| S. 0 Geen warmtevraag | |
| S. 1 CV ventilator voorloop | |
| S. 2 CV pomp voorloop | |
| S. 3 CV ontsteking | |
| S. 4 CV brande aan | |
| S. 6 CV ventilator naloop | |
| S. 7 CV pomp naloop | |
| S. 8 Wachtelijk CV | |
| S.31 | Zomermodus actief of geen warmtevraag van eBus-regelaar |
| S.34 CV voistbeveiliging | |
| Weergave tijdens warmwaterfunctie | |
| S.10 Warmwatervraag | |
| S.14 Warmwater brande aan | |
| Weergaven bij bollerlaadfunctie | |
| S.20 Boiler aadvraag | |
| S.22 Warmwaterfunctie pomp voorloop | |
| S.24 Boiler ading brande aan | |
| Servicemelding De servicemelding verschijnt indien nodig en verdringt de normale statustekst (alleen VC 466 en 656). | |
| S.85 Servicemelding hoeveelheid circulatiewater | |
4.9 Verhelpen van storingen
Alsijdens de werkung van de gaswandketel problemen optreten kunt u de volgende punten zich controleren.
Geen warm water, verwarming blijft koud; Toestel treedt nicht in werking:
- Zijn de gaskraan van het gebouw in de aanvoerleiding en de gaskraan op het toestel geopend (zie deel 4.3.1)?
- Is de koudwatertoevoer gewaarborgd (alleen bij VCW toestellen, zie hoofdstuk 4.3.1)?
- Is de voedingsspanning van het gebouw ingeschakeld?
Is de aan/uit-schakelaar op de gaswandketel ingeschakeld (zie hoofdstuk 4.4)? - Is de draaiknop voor de aanvoertemperatuurinstelling op de gaswandketel Niet hebemaal waar links gedraaid, dus op vorstbeveiliging gezet (zie hoofdstuk 4.7)?
- Is de waterdruk van de CV-installatie voldoende (zie hoofdstuk 4.3.2)?
Zit er lucht in de CV-installatie? - Is er spreke van een storing bij het ontsteken (zie hoofdstuk 4.9.2)?
Warmwaterfunctie storingsvrij; CV gaat nicht in werk-king:
Is er eigenglijk spreake van een warmtevraag door de externe thermostat (b.v. door thermostat calorMA-TIC) (zie hoofdstuk 4.7.4)?
Attentie!
Gevaar voor beschadiging door oneskundige veranderingen! Als uw gaswandketel na de contro van bovengenoemde punten Niet fouloos functioneert, moet u een erkend installerateur voor de controle om advies vragen.
Het toestel schakelt op "Storing", wonneer de waterdruk in de CV-installatie te laag is. Deze storing worden aangegeven door de foutcodes "F.22" (droogkoken) resp. "F.23" of "F.24" (watergebrek).
Het toestel kan pas meer in bedrijf worden genomen, als de CV-installatie voldoende met water is gemvuld. Als de druk vaker daalt, moet de oorzaak voor het verlies van CV-water worden vastgesteld en verholpen. Contacteer hiervoor een erkende installmenteur.

4.9.2 Storingen bij het ontsteken
Afb. 4.20 Reset
Als na vijf ontstekingspogingen geen ontsteking van de brander volgt, schakelt het toestel Niet in en schakelt waar "Storing". Dit worden aangegeven door weergave van de storingscodes "F.28" of "F.29" op het display. Bovendien verschijt bij ecoTEC plus-toestellen in het display het vlamsymbol met kruis (1), bij ecoTEC protoestellenGaat de rode signaallamp branden (2). Een neue automatische ontsteking vindt pas na een handmatige reset plaats.
- Druk voor de reset op de resetknop (3) en houd deze ca. een seconde ingedrukt.

Attentie!
Gevaar voor beschadiging door ondeskundige veranderingen!
Als uw gaswandketel na de derde resetpoging nog alkijd Niet in bedrijf.gaat, moet u een erkend installateur voor de controle om advies vragen.
4.9.3 Storingen in het verbrandingslucht-/rookgastraject
De toestellen zich uitgerust met een ventilator. Als de ventilator Niet goed werkt schakelt het toestel de ventilatoruit.
Op de display verzchijnen dan de symbolen en alsmede de foutmelding "F.32".

Attentie!
Gevaar voor beschadiging door ondeskundige veranderingen!
Bij deze fouitmelding moet u een erkend instal-. lateur voor de controle om advies vragen.
4.9.4 Toestel/CV-installatie vullen
Voor een goede werkking van de CV-installatie要去 de waterdruk bij een koude installmentatie tussen 1,0 en 2,0 bar liggen (zie hoofdstuk 4.3.2). Als deze lager is dan 0,75 bar,要去 u water bijvullen.
Als de CV-installatie zich over meertere etages uitstrekt, kan een hogere waterdruk van de installmentenodig+zijn. Vraag hiervoor uw installateur.

Attentie!
Beschadigingsgevaar voor de gaswandketel! Gebruik voor het vullen van de CV-installatieuitsluitend schoon leidingwater.
Toevoeging van chemische middelen als bijv.
antivries- en roestmiddelen (inhibitoren) is nicht toegestaan.
Daardoor konnen beschadigingen aan afdichtingen en membranen, alsmede geluidenijdens de CV-functie ontstaan.
Hiervoor en voor eventuele verwolgschade kan Vaillant Niet aansprakelijk worden gesteld.
Voor het vullen en bijvullen van de CV-installatie kunt u normaal leidingwater gebruiken. In uitzonderingsgevallen bestaan er waterkwaliteiten, die onder omstandigden Niet geschikt zijn voor het vullen van de CV-installatie (water met veel ijzer of kalk). Neem in een dergelijk geval contact op met een erkend installerateur.
Bij VCW-toestellen:
- Open alle (thermostatische) radiatorkranen van de installmentatie.

Afb. 4.21 Vul-/aftapkraan (alleen bij VCW-toestellen)
- Draai de vul-/aftapkraan (1) langzaam open en vul zo-lang water bij tot bij de manometer resp. op het display de vereiste systeemdruk is bereikt.
- Sluit de vul-/aftapkraan (1).
- Ontlucht alle radiatoren.
- Controller verwolgens op de manometer of het display de systeemdruk en vul zo nodig nog een keer water bij.
Bij VC-toestellen:
- Open alle (thermostatische) radiatorkranen van de installmentatie.
- Verbind de vul-/aftapkraan van de installmentie met behulp van een slang met een koudwaterkraan (uw installateur要去 vulkransen aan u hebben getoond en het bijvullen of leegmaken van de installmentie hebben uitgelegd).
- Draai de vul-/aftapkraan langzaam open.
- Draai de waterkraan langzaam open en vul zolang water bij tot bij de manometer resp. op het display de vereiste systemddruk is bereikt.
- Sluit de waterkraan.
- Ontlucht alle radiatoren.
- Controllerervolgens op de manometer of het display de systeemdruk en vul zo nodig nog een keer water bij.
- Sluit de vul-/aftapkraan en verwijder de vulslang.
4.10 Buitenbedrijfstelling

Afb. 4.22 Toestel ultschakelen (voorbeeld: ecoTEC plus)
- Om uw gaswandketel volledig buiten bedrijf te stellen,要去 u de aan/uit-schakelaar (1) op stand "O" zetten.

Attentie!
Vorstbeveiligings- en controlevoorzieningen zijn alleen actief als de aan/uit-schakelaar van het toestel op stand "I" staat en het toestel nicht van het elektriciteitsnet is geschaffen.
Om ervoor te zorgen dat de beveiligingen actief blijven, moet u uw gaswandketelijdens normale werking met dethermostaat in- en uitschakelen (informatie waarover vindt u in de betreffende gebruiksaanwijzing).

Aanwijzinq!
Bij langere buitenbedrijfstelling (bijv. vakantie) moet u bovendien de gaskraan en de koudwaterstopkraan sluiten.
Let in dit verband ook op de instructies voor vorstbeveiliging in deel 4.11.
Aanwijizing!
De aflsuitvoorzieningen worden nicht meegeleverd met uw toestel. Ze worden apart door deinstallateur geinstalleerd. Vraag hem om informatie over positie en bediening van deze onderden.
4.11 Vorstbeveiliging
De CV-installatie en de waterleidingen zijn voldoende gegen vorst beschermd, als de CV-installatieijdens een vorstperiode ook in bedrijf blijft als u afwezig bent en de kamers voldoende op temperatuur blijven.

Attentie!
Vorstbeveiligings- en contrôlevoorzieningen zijn alleen actief als de aan/uit-schakelaar van het toestel op stand "I" staat en het toestel Niet van het elektriciteitsnet is gescheden. Het CV-water mag Niet worden verrijkt met antivirusismiddelen! Daardoor+kennen veranderingen aan afdichtingen en membranen, alsmede geluiden in CV-functie ontstaan. Hiervoor en voor eventuele cervolgschade kan Vaillant Niet aansprakelijk worden gesteld.
4.11.1 Vorstbeveiligingsfunctie
De gaswandketel is uitgerust met een vorstbeveiligings-functie:
Als de CV-aanvoertemperatuur bij een ingeschakelde aan/uit-schakelaar onder 5^ zakt, gaat het toestel in bedrijf en verwarmt het CV-circuit van het toestel tot ca. 30^

Attentie!
Gevaar voor bevriezing van delen van de hele installmentie!
De doorstroming van de hele CV-installatie kan met de vorstbeveiligingsfunctie Niet worden gewaarborgd.
4.11.2 Vorstbeveiliging door leegmaken
Een andere möglichkheid van vorstbeveiliging is de CVinstallatie en het toestel leeg te make. Daar bij moet u er zeker van zich, dat de installmentie en het toestel volledig zich leeggemaakt.
Alle koud- en warmwaterleidingen in de woning en in het toestel moeten ook worden leeggemaakt.
Laat u hierover adviseren door een erkend installmenteur.
4.12 Onderhoud en Serviceteam
Inspectie/onderhoud
Voorwaarde voor de continue inzetbaarheid en gebruiksveilighide, betrouwbaarheid en lange levensduur is een Jaarlijke inspectie/jaarliks onderhoud van het toestel door een installmenter.

Gevaar!
Gevaar voor materiaèle schade en persoonlijk letsel door ondeskundig onderhoud!
Probeer nooit zichonderhoudswerkzaamheden of reparaties bij uw gaswandketeluit te voeren.
Laat dit doeon door een erkend installeur. We raden u aan om een onderhoudscontract af te sluiten.
Te weinig onderhoud kan de gebruiksveiligheid van het toestel nudelig beinvloeden en materielle schade en lichamelijk letsel veroorzaken.
Regelmatig onderhoud zorgt voor een optimaal rendement en dus voor een efficiente werking van uw gaswandketel.

N.V. Vaillant S.A.
Rue Golden Hopestraat 15 B-1620 Drogenbos Tel. 02/334 93 00
Fax 02/334 93 19 www.vaillant.be info@vaillant.be