U1641N2 - Oven NEFF - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis U1641N2 NEFF in PDF-formaat.

📄 156 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice NEFF U1641N2 - page 34
Bekijk de handleiding : Français FR Ελληνικά EL Español ES Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : NEFF

Model : U1641N2

Categorie : Oven

Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding U1641N2 - NEFF en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. U1641N2 van het merk NEFF.

GEBRUIKSAANWIJZING U1641N2 NEFF

Inhoudsopgave Gebruiksaanwijzing voor de gebruiker Pagina Waar u op moet letten ❑ Aanwijzingen voor de afvoer 35 ❑ Vóór het aansluiten van het nieuwe apparaat 35 ❑ Veiligheidsvoorschriften 36 Dit is uw nieuwe fornuis ❑ Beschrijving van het apparaat 37 ❑ Toebehoren 38 ❑ Inschuifhoogten 38 Vóór het eerste gebruik ❑ Instellen van de tijd van de dag 39 ❑ Reiniging vóór gebruik 39 ❑ Eerste keer verhitten 39 Elektronische klok ❑ Kookwekker 40 ❑ Automatische tijdschakeling 41+42 ❑ Speciale functies 43 ❑ Aanwijzingen 43 ❑ Toebehoren - radioantenne 43 Bakken en braden ❑ Ovenfuncties grote oven 44+45 ❑ Ovenfuncties kleine oven 45 ❑ In- en uitschakelen grote oven 46 ❑ In- en uitschakelen kleine oven 47 ❑ Veiligheidsvoorzieningen 47 ❑ Bakken 48 ❑ Braden 49 Pagina Grillen 50 Tips en trucs 51 Ontdooien en gaar maken 52+53 Gistdeeg-rijsstand 54 Reinigen en onderhouden ❑ Belangrijke aanwijzingen 55 ❑ Email en glas 55 ❑ Edelstalen voorkant 55 ❑ Oven 55 ❑ EasyClean

-reinigingssysteem 56+57 ❑ Verwijderen en aanbrengen van de ovendeur 58 ❑ Rooster verwijderen 59 ❑ Verwarmingselementen 59 Storingen en reparaties 60 Wat doet u, wanneer er iets niet werkt? 60+61 Montageaanwijzing voor de installateur en keukenvakman Pagina Belangrijke aanwijzingen 62 Meubelprogramma’s 62 Inbouwen 6335 Aanwijzingen voor de afvoer ❑ Oude apparaten zijn geen waardeloos afval. Dankzij een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle materialen worden hergebruikt. Maak uw oude apparaat onbruikbaar voor u het afvoert. ❑ Uw nieuwe apparaat wordt beschermd door de verpakking wanneer het naar u wordt vervoerd. Alle gebruikte materialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt. Lever uw bijdrage door de verpakking milieuvriendelijk af te voeren. Bij uw vakhandel of bij uw gemeente kunt u informatie vragen over de meest geschikte wijze van afvoer. Vóór het aansluiten van het nieuwe apparaat ❑ Lees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig voordat u het nieuwe apparaat gebruikt. Ze bevat belangrijke informatie voor uw veiligheid en voor het gebruik en het onderhoud van het apparaat. ❑ Deze gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende uitvoeringen van het apparaat. Het is mogelijk dat er een aantal kenmerken worden beschreven die niet van toepassing zijn op uw apparaat. ❑ Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift zorgvuldig, eventueel voor een volgende bezitter van het apparaat. ❑ Indien het apparaat beschadigd is, mag u het niet in gebruik nemen. ❑ Laat de montage en aansluiting van het apparaat uitsluitend volgens de bijgevoegde voorschriften door een erkende vakman uitvoeren. Wanneer het apparaat verkeerd wordt aangesloten, vervalt in geval van een defect de garantie. ❑ Onze apparaten voldoen aan de geldende veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici van de klantenservice die door de fabrikant zijn opgeleid. Wanneer reparaties niet deskundig worden uitgevoerd, kunnen daaruit voor u ernstige gevaren voortkomen. Waar u op moet letten36 Veiligheidsvoorschriften ❑ Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten. ❑ Het oppervlak van verwarmings- en kookapparatuur wordt tijdens het gebruik heet. De binnenzijden van de oven en de verwarmingselementen worden zeer heet. Kinderen altijd uit de buurt van de oven houden. ❑ Blijf in de buurt wanneer u gerechten met vet of olie bereidt. Bij oververhitting kan het vet of de olie gaan branden. ❑ Reinig de oven regelmatig. Vet- en olieresten kunnen in brand vliegen wanneer de oven wordt ingeschakeld. ❑ De aansluitsnoeren van elektrische apparaten mogen de hete kookzones niet aanraken en mogen niet tussen de hete deur van de oven beklemd raken. De isolatie zou dan beschadigd kunnen worden. ❑ Bij een defect de zekering van de elektrische installatie uitschakelen. ❑ Bewaar geen brandbare voorwerpen in de oven. Ze kunnen gaan branden wanneer de oven onbedoeld wordt ingeschakeld. ❑ Maak de oven niet met een stoom- of hogedrukreiniger schoon. ❑ Pak de deurgreep voor het openen van de oven altijd in het midden vast. Waar u op moet letten ❑ Leg bakpapier niet los in de oven wanneer u met hetelucht v werkt (bijv. bij het opwarmen). De heteluchtventilator kan het papier aanzuigen. Hierdoor kunnen de verwarming en de ventilator beschadigd raken. ❑ Schuif geen bakblik op de bodem van de oven en leg geen aluminiumfolie op de bodem, anders hoopt de warmte zich op. Bak- en braadtijden zijn dan niet meer juist en het email wordt beschadigd. ❑ Giet nooit rechtstreeks water in de hete oven. Het email kan dan worden beschadigd. ❑ Fruitsap dat van het bakblik druipt, laat vlekken achter die niet meer verwijderd kunnen worden. Gebruik voor het bakken de diepere braadslede. ❑ Ga niet op de open ovendeur zitten of staan. ❑ De ovendeur moet goed sluiten. De afdichtingen van de deur moeten schoon blijven.Dit is uw nieuwe oven

Oven- functies Functiekeuzeknop met instelling van het temperatuur- voorstel Functiekeuzeknop met instelling van het temperatuur- voorstel Temperatuurkeuzeknop met indicatie van de oventemperatuur Temperatuurkeuzeknop met indicatie van de oventemperatuur Controlelampje voor oventemperatuur Controlelampje voor oventemperatuur Elektronische klok Oven- functies v Hete lucht en ontdooistand e Boven- en onderwarmte (conventioneel verwarmingssysteem) 0 Oppervlakte-grillen groot grill-oppervlak Z Oppervlakte-grillen klein grill-oppervlak (energiespaargrill) I Thermo-grillen n Broodbakstand w Onderwarmte S Gistdeeg-rijsstand x EasyClean

-reinigingssysteem m Ovenverlichting Ovenfuncties Grote oven: e Boven- en onderwarmte (conventioneel verwarmingssysteem) 0 Oppervlakte-grillen groot grill-oppervlak Z Oppervlakte-grillen klein grill-oppervlak (energiespaargrill) w Onderwarmte m Ovenverlichting Ovenfuncties Kleine oven: Aanwijzingen: ❑ De ovenverlichting wordt bij elke ovenfunctie ingeschakeld. Uitzondering: ovenreiniging. ❑ Het controlelampje voor de oventemperatuur

is rood verlicht tijdens de verwarmingsfase en bij het naverwarmen. Het lampje gaat uit wanneer de ingestelde temperatuur is bereikt. Grote oven Kleine oven Het bedienings- paneel: ❑ De schakelaars zijn verzinkbaar in het paneel. ❑ Druk op de schakelaar om deze te laten verzinken en weer naar buiten te laten komen. De schakelaar moet daarvoor in de uit-stand staan.38 Dit is uw nieuwe oven Inschuifhoogten Kleine oven: ❑ Uw oven beschikt over 3 inschuifhoogten. De inschuifhoogten worden van beneden naar boven met cijfers aangeduid. Deze cijfers bevinden zich op de oven. Grote oven: ❑ Uw oven beschikt over 4 inschuifhoogten. De inschuifhoogten worden van beneden naar boven met cijfers aangeduid. Deze cijfers bevinden zich op de oven. Bij het werken met hete lucht inschuifhoogte »2« niet gebruiken om de luchtcirculatie niet nadelig te beïnvloeden Aanwijzing: ❑ Bakplaat en braadslede/bakplaat kunnen tijdens gebruik in de oven krom trekken. De oorzaak hiervan zijn de grote temperatuurverschillen op het toebehoren. Ze kunnen ontstaan wanneer slechts een gedeelte van het toebehoren bedekt is of wanneer bevroren etenswaar, een pizza bijv., op het toebehoren is gelegd. De kromming wordt reeds tijdens het bakken, braden of grilleren minder. Toebehoren ❑ Standaard worden meegeleverd: Bestelnr.. Braadslede met rooster Aluminium bakplaat Email bakplaat Haaks gebogen bak- en braadrooster Braadplaat (alleen voor gebruik in de braadslede) Broodbaksteen Z 1230 X2 Z 1330 X0 Ovenschaal Z 1270 X2 Z 1340 X2 Z 1470 X0 Z 1510 X2 Z 1910 X0 Toerusting-set – Clou van de grote oven Z 1750 X0 Radioantenne voor elektronische klok Z 1980 X0 ❑ Overig toebehoren is verkrijgbaar in de vakhandel: 2 email bakplaat 1 bak- en braadrooster 1 braadslede met rooster39 Vóór het eerste gebruik Tijdsinstelling ❑ Voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, dient u met de elektronische tijdschakelaar de actuele tijd in te stellen. ❑ Nadat het apparaat aan de elektrische stroom is aangesloten of nadat de stroom is uitgevallen, knipperen in het display de cijfers

Instellen: Druk op knop + en stel met de draaiknop de actuele tijd in (voorbeeld: |Å:{{ uur). N.B.: de actuele tijd kan alleen worden ingesteld wanneer er geen automatische functie is ingesteld (wissen zie Elektronische klok). Reiniging vóór gebruik:

1. Reinig het apparaat aan de buitenkant

met een zachte en vochtige doek.

2. Reinig de oven en het toebehoren met

een heet sopje. Eerste keer verhitten:

1. Verwarm de lege oven ca. 30 minuten

voor. Kies daarvoor boven- en onderwarmte bij 240 C°. Open tijdens het verhitten de ramen van uw keuken om te voorkomen dat er een onaangename geur blijft hangen.40 Elektronische klok ❑ U kunt de elektronische klok met één hand bedienen. Nadat u op een knop hebt gedrukt, stelt u de tijd in met behulp van de draaiknop. Instellen is mogelijk zolang de indicatie knippert (4 seconden). ❑ Instellen van de tijd van de dag: zie de paragraaf "Voor het eerste gebruik". Kookwekker:

en stel de tijdsduur in (in het voorbeeld:

minuten). Na het inschakelen wordt de resterende tijd weergegeven.

2. Wanneer u de actuele tijd wilt

weergeven, drukt u op de knop

3. Na afloop van de tijd klinkt een signaal

en knippert de pijl. Als u het signaal voortijdig wilt beëindigen, drukt u op de knop

Kookwekker Gebruiksduur Einde gebruiksduur Draaiknop, kan door indrukken worden verzonken of naar buiten worden bewogen Instellen: Tijd van de dag Functieaanduiding41 Automatische tijdschakeling alleen van de grote oven ❑ Via de elektronische klok kunt u de oven in- en uitschakelen. Automatisch uitschakelen: ❑ Het bakken of braden begint onmiddellijk.

1. Kies het verwarmingssysteem en de

en stel de gebruiksduur in met behulp van de draaiknop (voorbeeld:

minuten). Na het instellen wordt na ca. 4 seconden de actuele tijd weergegeven. De indicatie

geeft aan dat de automatische tijdschakeling actief is.

3. Na afloop van de tijd (voorbeeld:

minuten) ) klinkt een signaal en knippert de indicatie

. De oven wordt automatisch uitgeschakeld. Als u het signaal voortijdig wilt beëindigen, drukt u op de knop

4. Schakel de oven uit.

5. Om de automatische tijdschakeling te

beëindigen, drukt u nogmaals op de knop

Instellen van de gebruiksduur: Elektronische klok42 Elektronische klok Automatisch in- en uitschakelen: ❑ Het bakken of braden begint op het door u gekozen tijdstip volgens de ingestelde tijdsduur.

1. Kies het verwarmingssysteem en de

en stel de gebruiksduur in met behulp van de draaiknop (voorbeeld:

en stel de eindtijd van de gebruiksduur in met behulp van de draaiknop

uur). Na het instellen wordt na ca. 4 seconden de actuele tijd weergegeven. De indicatie

geeft aan dat de automatische tijdschakeling actief is.

4. De oven wordt automatisch op de

ingestelde tijd ingeschakeld (voorbeeld:

uur) en uitgeschakeld (voorbeeld:

5. Na afloop van de gebruiksduur klinkt

een signaal en knippert de indicatie

Als u het signaal voortijdig wilt beëindigen, drukt u op de knop

6. Schakel de oven uit.

7. Om de automatische tijdschakeling te

beëindigen, drukt u nogmaals op de knop

corrigeren met behulp van de draaiknop.

3. Als u uw instellingen wilt wissen, draait u

de ingestelde tijd op

en schakelt u de oven uit. Gebruiksduur instellen: Einde gebruiksduur instellen:43 Elektronische klok Extra toebehoren - radioantenne: ❑ De elektronische klok kan worden uitgerust met een radioantenne (zie Extra toebehoren). Aanwijzingen: ❑ Het meest geschikt voor de automatische tijdschakeling zijn gerechten die weinig aandacht nodig hebben. ❑ De kookwekker en het einde van de gebruiksduur kunnen tot max. 24 uur vooruit worden geprogrammeerd. ❑ De instellingen kunnen op elk gewenst moment worden bekeken door op de desbetreffende knop te drukken. ❑ Voortijdig wissen van de ingestelde tijd: Op knop

drukken en de tijd op

zetten. Speciale functies Uitschakelen van het display:

1. Druk 4 seconden op de knop

Hierna wordt het display donker. De tijd loopt door op de achtergrond.

2. Voor het inschakelen van het display

drukt u kort op de knop

Nachtverduistering van het display: ❑ Tussen 22.00 en 6.00 uur wordt het display automatisch donker gemaakt.Hete lucht

Door het verwarmingssysteem in de achterwand van de oven wordt de verwarmde lucht in de oven gecirculeerd, waardoor een bijzonder goede warmteoverdracht op het te bakken of braden gerecht wordt bereikt. Voordelen: – de oven wordt nauwelijks vuil – er kan op verschillende hoogten tegelijkertijd worden gebakken of gebraden – korte verwarmingstijden –lage oventemperaturen – geleidelijk ontdooien – steriliseren Boven- en onderwarmte

(Conventioneel verwarmingssysteem) Door middel van boven en onder in de oven aangebrachte verwarmingselementen wordt de warmte op het te bakken of braden gerecht overgedragen. Er kan slechts op één inschuifhoogte worden gebakken of gebraden. Voordelen: – bakken van gebak met vochtig beslag, pizza en quiche. Oppervlakte-grill

Door het verwarmingselement aan het plafond van de oven wordt de warmte opgewekt en op de te grillen gerechten overgedragen. Voordelen: – bijzonder geschikt voor platte en kleine stukken vlees zoals steaks en worstjes, maar ook voor vis, groente en toast. Groot grill-oppervlak

Voordelen: – het hele grill-oppervlak wordt heet – bijzonder geschikt voor grote hoeveelheden Klein grill-oppervlak

Voordelen: –uitsluitend het middelste gedeelte van het grill-oppervlak wordt heet – bijzonder geschikt voor kleine hoeveelheden – besparing van energie Ovenfuncties grote oven Thermo-grill

Tijdens het thermo-grillen worden afwisselend het grill-verwarmingselement en de ventilator in- en uitgeschakeld. De door het grill-verwarmingselement opgewekte warmte wordt door de ventilator gelijkmatig in de ovenruimte verdeeld. Voordelen: – bijzonder geschikt voor gevogelte en grote stukken vlees. Broodbakstand —————————

Broodbakstand met hete lucht. Instelbaar op 180 – 220° C. Onderwarmte

Uitsluitend het verwarmingselement aan de onderzijde van de oven wordt ingeschakeld. Voordelen: – zeer geschikt voor gebak en gerechten die aan de onderzijde extra bruin moeten worden of een korst moeten krijgen. Pas kort voor het einde van de bak- of braadtijd gebruiken.

Ovenfuncties grote oven EasyClean

Om de reiniging van de oven voor u gemakkelijker te maken, is het apparaat voorzien van een automatische reiniging. Door een automatisch geregelde ver- damping van reinigingsoplossing worden de vuilresten op het email door warmte en waterdamp zacht en kunnen deze ver- volgens gemakkelijk worden verwijderd. Zie voor meer gegevens “Reinigen en onderhouden”. Alleen gebruiken wanneer de oven koud is. Voordelen: – gemakkelijk reinigen van de oven – het email van de oven blijft mooi – milieuvriendelijk Gistdeeg-rijsstand ————————

Door de gistdeeg-rijsstand ontstaan in de oven ideale omstandigheden voor het rijzen van gistdeeg. Temperatuur: 35 – 38° C Luchtvochtigheid: 75 – 100% Voordelen: – Snelle en gelijkmatige toename van het deegvolume. – Geen uitdrogen van het deeg. –Er ontstaat geen vel, daardoor kan het deeg zeer goed verder worden verwerkt en gevormd. –Negatieve invloeden van buiten (zoals tocht) worden voorkomen. –Maken van yoghurt. Ovenfuncties kleine oven Boven- en onderwarmte

(Conventioneel verwarmingssysteem) Door middel van boven en onder in de oven aangebrachte verwarmingselementen wordt de warmte op het te bakken of braden gerecht overgedragen. Er kan slechts op één inschuifhoogte worden gebakken of gebraden. Voordelen: – bakken van gebak met vochtig beslag, pizza en quiche Onderwarmte

Uitsluitend het verwarmingselement aan de onderzijde van de oven wordt ingeschakeld. Voordelen: – zeer geschikt voor gebak en gerechten die aan de onderzijde extra bruin moeten worden of een korst moeten krijgen. Pas kort voor het einde van de bak- of braadtijd gebruiken. Oppervlakte-grill

Door het verwarmingselement aan het plafond van de oven wordt de warmte opgewekt en op de te grillen gerechten overgedragen. Voordelen: – bijzonder geschikt voor platte en kleine stukken vlees zoals steaks en worstjes, maar ook voor vis, groente en toast. Groot grill-oppervlak

Voordelen: – het hele grill-oppervlak wordt heet – bijzonder geschikt voor grote hoeveelheden Klein grill-oppervlak

Voordelen: –uitsluitend het middelste gedeelte van het grill-oppervlak wordt heet – bijzonder geschikt voor kleine hoeveelheden – besparing van energie46 Voordat u de oven inschakelt, bepaalt u welk verwarmingssysteem u wilt gebruiken. Inschakelen: Draai de functiekeuzeknop tot het symbool van het gewenste verwarmingssysteem brandt. ❑ Het temperatuurvoorstel wordt weergegeven op het display en de ovenverlichting wordt ingeschakeld. ❑ Met behulp van de temperatuurkeuzeknop kunt u het temperatuurvoorstel naar boven of beneden wijzigen in stappen van 5° C. ❑ De gistdeeg-rijsstand S is een vast ingestelde temperatuur die niet kan worden gewijzigd. Op het display wordt

-reinigingssysteem is een vast ingestelde temperatuur die niet kan worden gewijzigd. Op het display wordt

weergegeven. ❑ Instellen van de ontdooistand, zie "Ontdooien en bereiden". ❑ Het indicatielampje voor de oventemperatuur

is rood tijdens de verwarmingsfase en het naverwarmen. Het lampje gaat uit wanneer de ingestelde temperatuur is bereikt. Uitschakelen: Draai de functiekeuzeknop en de temperatuurkeuzeknop op stand

. Alle functies zijn gewist. N.B.: ❑ Het apparaat is voorzien van een koelventilator. Na het uitschakelen van de oven blijft deze lopen tot de oven is afgekoeld. Warmte-indicatie voor de oven: ä tot Z 120° C. â 120° tot Z 80° C. Systeem Voorkeurs- Temperatuur- temperatuur bereik in ° C in ° C v 160 40 – 200 ontdooi-

zonder stand temperatuur-

vaste instelling Temperatuurbereiken van de verschillende verwarmingssystemen In- en uitschakelen grote oven Voorbeeld: hete lucht temperatuurindicatie functiekeuzeknop temperatuurkeuzeknop47 Veiligheidsvoorzieningen grote en kleine oven functiekeuzeknop Voordat u de oven inschakelt, bepaalt u welk verwarmingssysteem u wilt gebruiken. Inschakelen: Draai de functiekeuzeknop tot het symbool van het gewenste verwarmingssysteem brandt. ❑ Het temperatuurvoorstel wordt weergegeven op het display en de ovenverlichting wordt ingeschakeld. ❑ Met behulp van de temperatuurkeuzeknop kunt u het temperatuurvoorstel naar boven of beneden wijzigen in stappen van 5° C. ❑ Het indicatielampje voor de oventemperatuur

is rood tijdens de verwarmingsfase en het naverwarmen. Het lampje gaat uit wanneer de ingestelde temperatuur is bereikt. Uitschakelen: Draai de functiekeuzeknop en de temperatuurkeuzeknop op stand

. Alle functies zijn gewist. N.B.: ❑ Het apparaat is voorzien van een koelventilator. Na het uitschakelen van de oven blijft deze lopen tot de oven is afgekoeld. Warmte-indicatie voor de oven: ä tot Z 120° C. â 120° tot Z 80° C. In- en uitschakelen kleine oven Systeem Voorkeurs- Temperatuur- temperatuur bereik in ° C in ° C e 170 50 – 275 0 220 50 – 275 Z 180 50 – 275 w 200 50 – 225 Temperatuurbereiken van de verschillende verwarmingssystemen Vergrendelen van de oven: Schakel met de functiekeuzeknop snel 3 x van de

-stand naar de ovenverlichtingsstand

en terug. ❑ Op het display wordt – Å – weergegeven. ❑ De oven kun niet per ongeluk of door onbevoegden (bijv. spelende kinderen) worden ingeschakeld. ❑ Om te ontgrendelen schakelt u weer 3 x van de

stand naar de ovenverlichtingsstand

De ovenverlichting –

– gaat uit. Automatische veiligheidsuitschakeling: ❑ Afhankelijk van de instelling wordt de oven automatisch uitgeschakeld na 6 of 12 uur. ❑ Uitschakeling vindt alleen plaats wanneer er geen instellingen zijn gewijzigd op het apparaat. Voorbeeld: Boven en onderwarmte temperatuurindicatie functiekeuzeknop temperatuurkeuzeknop48 Bakken Bakken in een bakvorm ❑ Plaats de bakvorm altijd op het midden van het rooster. ❑ Wij bevelen donkere bakvormen van metaal aan. Bakken in blankmetalen bakvormen:

hete lucht inschuifhoogte 3 t boven-/onderwarmte inschuifhoogte 1 Boven- en onderwarmte: e ❑ Indien het gebak aan de onderkant te donker wordt: Controleer de inschuifhoogte. Maak de baktijd korter en kies eventueel een lagere temperatuur. ❑ Indien het gebak aan de onderkant te licht wordt: Controleer de inschuifhoogte. Maak de baktijd langer en kies een lagere temperatuur of gebruik een zwarte bakvorm. Hete lucht:

❑ Plaats een bakvorm of hoog gebak niet vlak voor het beschermrooster op de achterwand van de oven. Bakken op een bakblik: ❑ De schuine zijde van het bakblik moet altijd naar de ovendeur wijzen. ❑ Schuif het bakblik altijd volledig naar achteren. ❑ Gebruik uitsluitend originele bakblikken. Aanwijzingen: ❑ U kunt de bruinheid van het gebak beïnvloeden door de temperatuur- instelling te veranderen. ❑ Indien gebak inzakt nadat u het uit de oven heeft genomen, dient u de volgende keer minder vloeistof te ge- bruiken. Kies eventueel een langere bak- tijd of stel de temperatuur iets lager in.49 Braden Braden met hete lucht v of met boven- en onderwarmte e Aanwijzingen: ❑ Leg het rooster in de braadslede en schuif ze samen op de dezelfde inschuifhoogte in de oven. ❑ Vlees kan zeer voordelig bij een gewicht van meer dan 750 g in de oven worden gebraden. ❑ Braden in een open schaal: Spoel een glazen schaal of de braadslede met water uit en leg het vlees er in. ❑ Voeg voor vet vlees en gevogelte afhankelijk van de grootte van het vlees en het soort vlees

liter water toe. Bestrijk mager vlees naar voorkeur met vet of leg er reepjes spek op. ❑ Een smakelijke saus verkrijgt u met het fond (braadsap) dat zich in de schaal vormt. Maak het fond los met heet water, kook het even en bind het met zetmeel, breng het op smaak en giet het, indien nodig, door een zeef. ❑ Schuif het te braden vlees in de koude oven (voorverwarmen niet nodig – energiebesparing). ❑ Braden in een gesloten schaal: Leg het vlees in een braadschaal, sluit de schaal met een passend deksel af en schuif de schaal op het rooster in de oven. Wij raden u aan om rundvlees in een gesloten braadschaal te bereiden. Tips: ❑ Gebruik uitsluitend braadschalen met hittebestendige handvaten. ❑ Bereid grote stukken braadvlees zonder rooster, alleen in de glazen schaal. ❑ Kleine stukken vlees kunt u op aluminiumfolie braden. Maak van de aluminiumfolie een vorm door de randen omhoog te zetten en leg deze op het rooster. ❑ Laat het gebraden vlees na het einde van de braadtijd nog ca. 10 minuten in de uitgeschakelde en gesloten oven rusten. Braden op het braadblik (Als extra toebehoren in de vakhandel verkrijgbaar) Met hete lucht

voor grote, vette stukken braadvlees ❑ Leg het braadblik in de braadslede. Dankzij het braadblik wordt de oven minder vuil. ❑ Vet en braadsap dat naar beneden drupt, wordt in de braadslede opgevangen. ❑ Met het braadblik kunt u, in afwijking van de aangegeven temperatuur, een iets hogere temperatuur instellen wanneer het te braden vlees bijzonder knapperig moet worden.50 Grillen Oppervlakte-grillen Z en 0 Voor platte en kleine gerechten

= klein grill-oppervlak voor kleine hoeveelheden.

=groot grill-oppervlak voor grote hoeveelheden. ❑ Gebruik altijd het rooster en de braadslede. ❑ Keer het te grillen gerecht na ca. tweederde van de tijd. ❑ Bestrijk het rooster en het te grillen gerecht naar wens licht met olie. ❑ Leg het te grillen gerecht altijd op het midden van het rooster. ❑ Indien het grill-verwarmingselement automatisch wordt uitgeschakeld, is de oververhittingsbeveiliging geactiveerd. Het verwarmingselement wordt auto- matisch na korte tijd weer ingeschakeld. ❑ Leg het rooster in de braadslede en schuif ze samen op de dezelfde inschuifhoogte in de oven. ❑ Keer hele stukken gevogelte om na ca. tweederde van de grilltijd. Steek bij eend en gans de huid onder de vleugels door om het vet goed te laten uitlopen. ❑ Laat het gerecht wanneer het klaar is nog ca. 10 minuten in de uitge- schakelde en gesloten oven rusten. Aanwijzingen: ❑ Met gesloten ovendeur grillen. ❑ De grilltemperaturen kunnen worden ingesteld. ❑ Schuif het rooster en de braadslede altijd samen in de oven. Thermo-grill I – Grote oven – Voor zeer knapperig gevogelte of vlees (varkensvlees met zwoerd) ❑ Gebruik het rooster en de braadslede. Gebruik voor vlees bij voorkeur een hittebestendige braadschaal. Keer grote stukken vlees na ca. de helft van de grilltijd om. ❑ Plaats een braadslede na het grillen niet op een koude of natte ondergrond, maar op een droge doek om het glas niet te laten springen. ❑ Bij het thermo-grillen op het rooster kan afhankelijk van het te grillen gerecht de oven vrij vuil worden. Maak daarom de oven na elk gebruik schoon om inbranden van het vuil te voorkomen. Bij het grillen is voorzichtigheid geboden. ! Kinderen altijd uit de buurt houden.51 Tips en trucs Om energie te besparen: ❑ Uitsluitend voorverwarmen wanneer het recept dit voorschrijft. ❑ Donkere bakvormen nemen de hitte beter op. ❑ Restwarmte: bij lange baktijden kunt u de oven 5 à 10 minuten voor het einde van de baktijd uitschakelen. Voor bakken: ❑ Gebak van de bakplaat is aan de onderkant te licht. ❑ Gebak uit een vorm is aan de onderkant te licht. ❑ Taart of gebak is aan de onderkant te donker. ❑ Het gebak is te droog. ❑ Het gebak is van binnen klef en deegachtig of het vlees is van binnen niet gaar. ❑ Gebak uit een rond of recht blik is bij het bakken met hete lucht achteraan te donker. ❑ Bij zeer vochtige bak- en braadgerechten, bijv. fruittaart of met water bereide braadgerechten ontstaat er veel waterdamp in de oven, die op de ovendeur neerslaat en soms tot het druppen van water op de bodem van de oven of de inbouwmeubels leidt. Neem niet benodigde bakblikken en de braadslede uit de oven. Plaats de bakvorm niet op het bakblik, maar op het rooster. Plaats het gebak hoger in de oven. Stel de oventemperatuur iets hoger in en kies een kortere baktijd. Stel de bak- of braadtemperatuur iets lager in. Let op: bak- en braadtijden kunt u niet korter maken door een hogere temperatuur (van buiten gaar, van binnen niet). Iets langere bak- of braadtijd kiezen, taartdeeg langer laten rijzen. Minder vloeistof aan het deeg toevoegen. Plaats de bakvorm niet vlak voor de luchtopeningen in de achterwand van de oven. Door de ovendeur voorzichtig en gedurende korte tijd te openen (een of twee keer, bij een lange bak- of braadtijd vaker) kan de waterdamp uit de oven ontsnappen en daardoor de condens- vorming aanzienlijk worden verminderd.52 Ontdooien en gaar maken alleen van de grote oven Ontdooien en gaar maken met hete lucht: v Belangrijke aanwijzingen: ❑ Gebruik voor het ontdooien en gaar maken van diepvriesproducten uitsluitend hete lucht. ❑ Neem altijd de gegevens op de verpakking van de diepvriesproducten in acht. ❑ Voor ontdooide diepvriesproducten (vooral vlees) gelden in het algemeen kortere bereidingstijden dan voor verse producten, omdat het invriezen een effect heeft dat te vergelijken is met gaar worden. ❑ Indien bevroren vlees in de oven wordt bereid, dient de bereidingstijd met de ontdooitijd te worden verlengd. ❑ Ontdooi diepvries-gevogelte voor het toebereiden altijd, zodat u de inwendige organen en ingewanden kunt verwijderen. ❑ Bereid diepvries-vis bij dezelfde temperaturen als verse vis. ❑ Diepvries kant-en-klaar maaltijden in verschillende aluminium portieschaaltjes kunt u tegelijkertijd in de oven plaatsen. Ontdooien: Inschuifhoogten: Bij 1 blik: inschuifhoogte 3 Bij 2 blikken: inschuifhoogten 1 en 3. ❑ De gegeven tijden zijn richtwaarden, die worden beïnvloed door de vorm en de hoeveelheid van de diepvriesproducten. ❑ Ontdooi onbewerkte diepvries- producten of levensmiddelen uit een diepvries altijd bij 50° C. Bij hogere ontdooitemperaturen bestaat er gevaar voor uitdrogen. ❑ Ontdooi diepvriesgerechten in aluminiumfolie of in gesloten alu- minium verpakkingen bij 130 à 140° C. ❑ Diepvries-bakwaren bij 100 à 140° C ontdooien en opwarmen. Bestrijk brood, broodjes en gistend gebak dun met water om een mooiere korst te krijgen. ❑ Ontdooi droog diepvries-plaatgebak bij 160 à 170° C gedurende 20 à 30 minuten. ❑ Ontdooi vochtig diepvries-plaatgebak (met vruchten) bij 160 à 170° C gedurende 30 à 50 minuten. Verpak het gebak in aluminiumfolie zodat de buitenkant niet uitdroogt. ❑ Diepvries-toast (met beleg) bij 160 à 170° C ca. 20 minuten laten ontdooien en toasten. ❑ Diepvriespizza: Neem de instructies van de fabrikant in acht.53 Ontdooien en gaar maken alleen van de grote oven Ontdooistand: Alleen voor kwetsbaar gebak (bijv. slagroomtaarten).

1. Draai de functiekeuzeknop op stand

2. Verlaag de oventemperatuur met behulp

van de temperatuurkeuzeknop tot het display – – – weergeeft. ❑ De ventilator in de achterwand van de oven loopt zonder verwarming. ❑ Ontdooi het gebak naar gelang de grootte en de soort gedurende 25 à 45 minuten. Daarna neemt u het uit de oven laat u het gedurende 30 à 45 minuten verder ontdooien. ❑ Bij kleine hoeveelheden (stukjes) bedraagt de ontdooitijd in de oven 15 à 20 minuten en de ontdooitijd buiten de oven 10 à15 minuten. functiekeuzeknop temperatuurkeuzeknop54 Toepassingen met de gistdeeg-rijsstand alleen van de grote oven Let op: ❑ Gebruik de gistdeeg-rijsstand alleen als de oven volledig is afgekoeld. ❑ Gebruik alleen normaal leidingwater, geen gedestilleerd water. Inschakelen:

1. Giet voorzichtig 0,05 liter water (komt

overeen met 50 ml of

waterglas) in de bodemkuip van de oven.

2. Plaats de schaal met het deeg in het

midden van het bakrooster op hoogte 1 in de oven. Het deeg niet afdekken.

3. De ovendeur sluiten.

4. Draai de functiekeuzeknop op de

❑ Het indicatielampje S brandt en in het display verschijnt –

– iknippert is de oven niet volledig afgekoeld. ❑ Het rijzen wordt nu automatisch geregeld. Gistdeeg Meelhoeveelheid Hoogte Rijsduur Gebak tot 0500 g 1 20 – 25 min. Gebak tot 0500 – 750 g 1 25 – 30 min. Deeg voor gevlochten gebak 0500 g 1 30 – 35 min. Deeg voor gevlochten gebak 0750 g 1 30 – 40 min. Brooddeeg 1000 g 1 35 – 60 min. Yoghurt 1 liter melk 1 6 uur Let op: ❑ Bij het maken van yoghurt geen water in de oven doen. ❑ De gegevens in de tabel zijn richtwaarden. Deze kunnen afwijken, afhankelijk van het soort en de hoeveelheid deeg en de aard van de ingrediënten, zoals de leeftijd en de kwaliteit van de gist. ❑ Zie voor de verdere verwerking van het deeg het meegeleverde kookboek. ❑ Verwijder vóór het bakken het restwater uit de oven. Als u kalkresten ziet, verwijder deze dan met een beetje azijn en veeg daarna de oven schoon met water en een doek. ❑ Giet geen koud water in de hete oven. Uitschakelen: Draai de functiekeuzeknop op de

-stand. ❑ Alle functies zijn gewist. functiekeuzeknop55 Reinigen en onderhouden Belangrijke aanwijzingen: ❑ Gebruik voor het reinigen geen schuurmiddelen of scherpe middelen en evenmin krassende voorwerpen. ❑ Krab ingebrande resten van gerechten niet weg, maar week ze met een vochtige doek en afwasmiddel los. ❑ Gebruik speciale reinigingsmiddelen zoals sprays niet voor aluminium of kunststof onderdelen. Edelstalen voorkant: ❑ Indien gewone edelstaalreinigings- middelen worden gebruikt, kan de opdruk worden beschadigd. ❑ Gebruik geen krassende sponsjes. ❑ Gebruik normaal afwasmiddel op een zachte, vochtige doek of zeem. Email en glas: ❑ Gebruik voor het reinigen een heet sopje. ❑ Voor het reinigen van de voorkant van de oven, achter de ovendeur, dient u de afdichting van de ovendeur te verwijderen. Oven: ❑ Reinig de oven na elk gebruik, vooral na braden of grillen. Vuilresten branden in wanneer de oven weer wordt verhit. Ingebrande vuilresten laten zich moeilijk verwijderen. ❑ Door vaak te reinigen met het hete- luchtsysteem kunt u zorgen voor minder vuil. De oven mag niet warm worden gereinigd met speciale ovenreinigings- middelen. ❑ Gebruik voor het bakken van zeer vochtig gebak de braadslede. ❑ Gebruik voor het braden geschikt serviesgoed (braadschaal). ❑ Wanneer de oven niet erg vuil is, wast u hem in warme toestand met een heet sopje uit. ❑ Laat de oven open staan zodat hij kan drogen. Ovendeurruit: ❑ De binnenruit van de ovendeur heeft een warmtereflecterende laag om de deurtemperatuur lager te maken. ❑ Dit heeft geen nadelige invloed op het zicht door de ovenruit. ❑ Wanneer de ovendeur is geopend, kan deze laag een glinsterende aanblik bieden. Dit heeft een technische oorzaak en is geen kwaliteitsgebrek.56 EasyClean

-reinigingssysteem x ❑ Van de grote oven. Om de reiniging van de oven voor u gemakkelijker te maken, is uw oven voorzien van een automatische reiniging. Dankzij een automatisch geregelde verdamping van reinigingsoplossing worden de vuilresten op het email door waterdamp zacht en kunnen deze vervolgens gemakkelijk worden verwijderd. Let op: ❑ De automatische reiniging uitsluitend gebruiken wanneer de oven volledig is afgekoeld. ❑ Gebruik uitsluitend normaal leidingwater, geen gedestilleerd water. Inschakelen:

1. Verwijder het bakblik en de braadslede uit

de oven. Het grillrooster kan in de oven blijven.

2. Giet ca. 0,4 liter water met een beetje

afwasmiddel in de bodemkuip van de oven. Bij veel vuil kunt u het sopje enige tijd voor het inschakelen laten inwerken.

3. Sluit de ovendeur.

Let op: ❑ De automatische ovenreiniging kan alleen worden ingeschakeld wanneer de oven volledig afgekoeld is.

4. Draai de functiekeuzeknop op de

❑ Het indicatielampje

en het indicatielampje van de oventemperatuur

branden. Op het display wordt

knippert, is de oven niet volledig afgekoeld. ❑ Na het verstrijken van de opwarmtijd (4 minuten) gaat het controlelampje voor de oventemperatuur uit. Na nogmaals 17 minuten is het programma beëindigd. Er klinkt een signaal. Uitschakelen: Draai de functiekeuzeknop op de

-stand. Het controlelampje voor ovenreiniging gaat uit. Reinigen en onderhouden functiekeuzeknop57 Sneldrogen:

1. Zet de ovendeur open in een schuine

2. Draai de functiekeuzeknop op de

3. Verlaag de oventemperatuur met behulp

van de temperatuurkeuzeknop tot het display 50° C weergeeft.

4. Duur: ongeveer 5 minuten.

5. Daarna schakelt u de oven uit.

Reinigen en onderhouden Na het uitschakelen van de automatische reiniging: Aanwijzingen: ❑ Open de ovendeur en veeg het restwater direct na reiniging op met een absorberende doek of spons.

1. Open de ovendeur en veeg het

achtergebleven water met een grote absorberende sponsdoek op.

2. Reinig de oven met de in

schoonmaaksop gedrenkte sponsdoek, een zachte borstel of een plastic schoonmaakborstel. Nog aanwezige hardnekkige resten kunt u met een glasschaaf (voor glaskeramiek) verwijderen. Let op: de glasschaaf voorzichtig gebruiken en niet te plat neerzetten, anders kunnen er krassen in het email komen.

3. Kalkranden kunt u verwijderen met een

in azijn gedrenkte doek.

4. Veeg na met schoon water en wrijf de

oven met een zachte doek droog (ook onder de ovendeurdichting). Aanwijzingen: ❑ Indien de oven zeer vuil is, kunt u de behandeling na het afkoelen van de oven herhalen. ❑ Wanneer de oven na het braden en grillen zeer vuil en vet is, adviseren wij om de vuile plekken voor het inschakelen van de automatische reiniging met afwasmiddel in te wrijven. ❑ Laat de ovendeur na de reiniging nog ca. 1 uur in een schuine stand van ca. 30° open staan, zodat het email- oppervlak van de oven goed kan drogen.58 Reinigen en onderhouden Oven: Aanwijzing: om de oven na afloop van de automatische reiniging gemakkelijk verder te kunnen reinigen, biedt het apparaat u de volgende mogelijkheden. Ovendeur demonteren Verwijderen:

3. Zet de ovendeur schuin omhoog en

verwijder de deur naar voren toe. Aanbrengen:

1. Plaats beide scharnieren in de houders

links en rechts en draai de ovendeur naar beneden.

Reinigen en onderhouden Ovenverlichting inschakelen Grote en kleine oven: ❑ Draai de functiekeuzeknop één stand naar links. Het symbool

brandt. Rooster verwijderen Grote oven:

1. Draai zowel links als rechts 2

kartelschroeven uit.

2. Neem het rooster voorzichtig uit de

1. Draai zowel links als rechts 2

kartelschroeven uit.

2. Neem het rooster voorzichtig uit de

oven. Verwarmingselement omlaag zetten: ❑ Grote oven. Let op: het verwarmingselement moet afgekoeld zijn

1. Draai aan de pal op het plafond van de

oven om het element los te maken. Let op: u mag het verwarmingselement in verlaagde stand niet inschakelen en niet belasten.

2. Draai na het reinigen van het plafond

van de oven het verwarmingselement omhoog en zet het weer vast.

Bij storingen en reparaties die u niet zelf kunt oplossen, is de klantenservice u graag van dienst. Zie voor adressen het overzicht van klantenservice-werkplaatsen. Vervangen van de ovenlamp: ❑ Grote en kleine oven. Let op: apparaat stroomloos maken!

1. Leg een vaatdoek in de koude oven om

beschadiging te voorkomen.

2. Verwijder de glazen afscherming. Steek

hiertoe en mes o.i.d. tussen het glas en het frame.

–Type gloeilamp, 230 – 240 volt, 25 watt, hittebestendig tot 300° C. –De gloeilamp is verkrijgbaar bij de klantenservice. Vervangen van de afdichting van de ovendeur

1. Verwijder eenvoudig de defecte

afdichting van de ovendeur. De nieuwe afdichting kunt u verkrijgen bij de klantenservice. Let op: het kost u geld, wanneer u van- wege een bedieningsfout de klantenservice inschakelt. Indien u contact opneemt met de klantenservice, vermeld dan: E-nr. FD Storingen en reparaties U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Het typeplaatje vindt u achter de ovendeur, links onder op de zijrand van de oven. Wat doet u, wanneer er iets niet werkt? Vaak hoeft u de klantenservice niet in te schakelen. In veel gevallen kunt u zelf het probleem oplossen. In de volgende tabel vindt u enkele tips. Belangrijke aanwijzing: Werkzaamheden aan de elektronica van het apparaat mogen uitsluitend door een vakman worden uitgevoerd. Vóór het begin van de werkzaamheden moet het apparaat beslist stroomloos worden gemaakt door het bedienen van de aardlek- schakelaar of door het uitdraaien van de zekeringen in de zekeringkast in uw woning. Wat is er aan de hand … Mogelijke oorzaak Oplossing … wanneer de elektrische functie helemaal niet meer werkt, de controlelampjes bijv. plotseling niet meer branden? Zekering defect Zekering in zekeringkast controleren en indien nodig vervangen. … wanneer vloeistof of dun deeg naar één kant loopt? Apparaat niet waterpas opgesteld of ingebouwd Inbouw controleren.61 Wat doet u, wanneer er iets niet werkt? Wat is er aan de hand … Mogelijke oorzaak Oplossing … wanneer de oven plotseling niet meer werken en de elektronische tijd- schakelaar knipperend

weerge- eft? Stroomtoevoer is gedurende korte tijd onderbroken geweest Tijd opnieuw instellen. … wanneer de oven plotseling niet meer werken? Tijdschakelaar is ingesteld op auto- matische tijdschakeling. Tijdschakelaar instellen op gebruik zonder automatische tijdschakeling:

drukken. … wanneer het display weer- geeft? Stroomtoevoer is gedurende korte tijd onderbroken geweest Tijdschakelaar en ovenbesturing opnieuw activeren. … wanneer de symbolen op het bedieningspaneel branden, maar de verwarming van de oven niet werkt? De oven is vergrendeld tegen onbe- voegd gebruik (veiligheidsuitscha- keling). Schakel de functiekeuzeknop 5x van de stand Hete lucht

naar de gewone stand

en weer terug. ❑ Het display moet

weer- geven. … wanneer er een storing optreedt in de elektronische functies? Energiepieken, bijv. blikseminslag Desbetreffende functies opnieuw instellen. ... wanneer na het inschakelen van de automatische reiniging het con- trolelampje niet gaat branden? Controlelampje defect. Temperatuur in de oven is nog te hoog, bijv. door langdurig gebruik van de kookzones. Laten vervangen door een vakman. Oven vóór het gebruik van de automatische reiniging geheel laten afkoelen. … wanneer na langdurig gebruik het glas in de ovendeur aan de binnen- kant vuil is? Normale vervuiling. De ovendeur verwijderen en met de voorzijde naar onderen op een zachte en schone ondergrond leg- gen. Deurruit naast de scharnieren vast- pakken, in bovenwaartse richting losmaken en verwijderen. Bij deuren met 3 ruiten: Binnenruit aan de hoeken losmaken en optillen met bijv. een vleesvork van kunststof of hout. Montage na het reinigen: Binnenruit aanbrengen en vastzet- ten. Deurruit aanbrengen en vastzetten door naast de scharnieren te druk- ken. … wanneer – Å – zichtbaar is op het display? De oven is vergrendeld (kinderslot). Draai de functiekeuzeknop 3x van de

De ovenverlichting –

– gaat uit. … wanneer geëmailleerde inschuif- delen matte, lichte vlekken verto- nen? Normaal verschijnsel door neerdrup- pelend vleesvocht. Niet mogelijk.62 Montagevoorschrift Voor de installateur en keukenvakman! Belangrijke aanwijzingen: ❑ Verpakking op correcte wijze afvoeren. ❑ Deurgreep van het fornuis niet gebruiken bij het transporteren of het inbouwen van het apparaat. ❑ Let op: de aansluiting en inbedrijfstelling mogen uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd. ❑ Voor de aansluiting dient een stroom- kabel H05VV-F te worden gebruikt. ❑ Nominaal opgenomen vermogen, nominale spanning en typenummer van het apparaat: Zie het typeplaatje achter de ovendeur, linksonder op de zijrand van de oven. ❑ Het typeplaatje bevindt zich op de rechter zijkant van het apparaat. ❑ De elektrische veiligheid van het apparaat is slechts gewaarborgd indien de elektrische installatie in uw woning volgens de voorschriften is geaard. ❑ Het apparaat moet van het stroomnet gescheiden kunnen worden. Als scheiding geschikt zijn schakelaars met een contactopening van meer dan 3 mm. Daarbij horen geaarde schakelaars, zekeringen en beveiligingen. ❑ Bij reparaties het apparaat altijd van het stroomnet scheiden. ❑ Het aansluitschema bevindt zich op de achterzijde van het apparaat. Meubelprogramma's Voor het inbouwoven kunnen fornuisombouwkasten uit alle keuken- programma's worden gebruikt. De fineer- of kunststoflaag van de ombouwkast moet met hittebestendige lijm (90˚ C) zijn aan- gebracht. Indien kunststoflagen of lijm- middelen niet voldoende temperatuur- bestendig zijn, kunnen de lagen vervormen of losraken.

L163 Montagevoorschrift Inbouwen van het inbouwoven ❑ Inbouwoven in de inbouwopening van de ombouwkast schuiven en waterpas stellen. ❑ Ovendeur openen en de randen aan de zijkant van het inbouwoven met één schroef per rand aan de ombouwkast bevestigen (zie afb.). De twee schroeven (ze worden met het inbouwoven meegeleverd) moeten bij het inbouwen een beetje schuin naar buiten worden geplaatst. ❑ Controleer of het inbouwoven stevig en waterpas ingebouwd is en de aan- gegeven inbouwmaten zijn aangehouden. ❑ Bij apparaten met automatische reiniging mag, nadat er 0,4 vloeistof op de vloer van de oven is gegoten, de vloeistof niet aan de voorkant overlopen. ❑ Het volgens de voorschriften ingebouwde apparaat moet aan alle zijden zo zijn afgeschermd dat er geen onderdelen kunnen worden aangeraakt, ook geen geïsoleerde. De afscherming mag uitsluitend met behulp van gereedschap kunnen worden verwijderd. min.