GEBRUIKSAANWIJZING CH11820 CONSTRUCTA
Hierop moet u letten 48
De verpakking en uw oude apparaat 48
Voor het inbouwen 49
Veiligheidsvoorschriften ..... 49
Oorzaken van schade ..... 50
Uw nieuwe fornuis .... 51
Het bedieningspaneel ....51
Temperatuurkeuzeknop
voor de oven .... 51
Inschuifhoogten 51
Toebehoren 52
Vóór het eerste gebruik ..... 53
Reiniging vóór gebruik ..... 53
Eerste keer verhitten ..... 53
Nareiniging 53
Koken 54
Bedienen van de kookzones ..... 54
Gebruikswijzen van de oven ..... 55
Bakken 56
Baktabel 57
Tips en trucs 59
Braden 60
Braadtabel 62
Reinigen en onderhouden ..... 63
Belangrijke aanwijzingen ..... 63
Verwijderen en aanbrengen
van de ovendeur .... 64
Storingen en reparaties ..... 65
Wat doet u, wanneer er iets niet werkt? 66
Hierop moet u letten

De verpakking en uw oude apparaat

Lees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig voordat u het nieuwe apparaat gebruikt. Ze bevat belangrijke informatie voor uw veiligheid en voor het gebruik en het onderhoud van het apparaat.
Deze gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende uitvoeringen van het apparaat. Het is mogelijk dat er een aantal kenmerken worden beschreven die niet van toepassing zijn op uw apparaat.
Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift zorgvuldig, eventueel voor een volgende bezitter van het apparaat.
Tijdens het transport werd uw nieuwe apparaat beschermd door de verpakking. Alle gebruikte materialen zijn niet schadelijk voor het milieu en kunnen worden hergebruikt. Wij verzoeken u dan ook de verpakking op een milieuvriendelijke manier op te ruimen.
Oude apparaten zijn geen waardeloze afval. Door ze op een milieuvriendelijke manier op te ruimen kunnen waardevolle grondstoffen worden herwonnen. Maak het apparaat voordat u het wegdoet onbruikbaar of plak er een sticker op met de tekst „Attentie, afval!”
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemmig met de Europese richtlijn 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment – WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Wilt u weten hoe u het apparaat op de juiste manier kunt afvoeren, vraag dit an na bij uw vakhandelaar of gemeente.
Voor het inbouwen
Transportschade Controleer het apparaat na het uitpakken. Bij
transportschade mag u het apparaat niet aansluiten.
Elektrische aansluiting Alleen een daartoe bevoegde vakman mag het
fornuis aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.
Veiligheids- Dit apparaat is alleen voor huishoudelijk gebruik voorschriften bestemd.
Gebruik het fornuis uitsluitend voor het bereiden van gerechten.
Hete oven De ovendeur voorzichtig openen. Er kan hete stoom
vrijkomen.

Nooit de binnenkant van de oven en de verwarmingselementen aanraken.
Verbrandingsgevaar!
Houd kinderen uit de buurt.
Nooit brandbare voorwerpen in de oven bewaren.
Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Brandgevaar!
Nooit aansluitkabels van elektrische apparaten op de hete kookzones leggen.

Nooit aansluitkabels van elektrische apparaten door de hete ovendeur laten inklemmen. De isolatie van de kabel kan smelten. Gevaar voor kortsluiting!
Verwijder verpakkingsresten, bijv. stukjes piepschuim, volledig uit de oven.
Reparaties Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Risico van
elektrische schokken!
Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoord door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice.
Wanneer het apparaat defect is, de zekering van het fornuis in de meterkast uitschakelen.
Neem contact op met de klantenservice.
Oorzaken van schade
Bakblik, aluminiumfolie of Schuif geen bakblik op de bodem van de oven. servies op de bodem van Bedek hem niet met aluminiumfolie.
de oven Plaats geen servies op de bodem van de oven.
Er ontstaat dan een ophoping van warmte.
De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.
Inschuifdelen Inschuifdelen voorzichtig inschuiven om beschadigingen te voorkomen.
Bakpapier Leg bakpapier niet los in de oven wanneer u met
hetelucht werkt (bijv. bij het opwarmen).
De heteluchtventilator kan het papier aanzuigen.
Hierdoor kunnen de verwarming en de ventilator
beschadigd raken.
Water in de oven Giet nooit water in de hete oven. Er kan anders schade aan het email ontstaan.
Vruchtensap Bedek bij zeer vochtig vruchtengebak de bakplaat
niet te overvloedig. Vruchtensap dat van de bakplat
druppelt, laat vlekken achter die u niet meer kunt
verwijderen.
U kunt beter de diepere braadslede gebruiken.
Afkoelen met open Laat de oven alleen in gesloten toestand afkoelen. ovendeur Laat niets tussen de ovendeur klemmen. Ook
wanneer u de ovendeur slechts op een kier opent, kunnen de aangrenzende voorzijden van meubels op den duur worden beschadigd.
Sterk vervuilde Is de ovendichting sterk vervuild, dan sluit de
ovendichting ovendeur tijdens het gebruik niet meer goed. De
aangrenzende voorzijden van meubels kunnen
worden beschadigd. Houd de ovendichting schoon.
Ovendeur als zitting Ga nooit op de open ovendeur zitten of staan.
Onderhoud en reiniging Gebruik nooit een hogedrukreiniger of een stoomstraalapparaat!
Kookzones Neem de gebruiksaanwijzing van het kookplateau in acht.
Uw nieuwe fornuis
Hier leert u uw nieuwe apparaat kennen. Wij leggen u de werking uit van het bedieningspaneel met de knoppen en de indicaties. U vindt er informatie over de gebruikswijzen en het bijgevoegde toebehoren.
Het bedieningspaneel

text_image
Constructa
Made in Germany
Temperatuurkeuzeknop voor de oven
Schakelaars voor kookzones
Controlelampje voor kookzones
Temperatuurkeuze-
knop voor de oven

text_image
0
50
100
250°
150
200
Standen
50 -275 Temperatuur in °C.
(Boven- en onderwarmte)

Onderwarmte

Bovenwarmte
Inschuifhoogten
Uw oven beschikt over 5 inschuifhoogten.

De inschuifhoogten worden van beneden naar boven met cijfers aangeduid.
Deze cijfers bevinden zich op de oven.
Toebehoren
Standaard worden meegeleverd:
RoosterAluminium bakplaat

Overig toebehoren is verkrijgbaar in de vakhandel: Bestelnr.
| Braadslede met inlegrooster | CZ 1242 X0 |
| Systeem-stoomkoker | CZ 1282 X0 |
| Aluminium bakplaat | CZ 1332 X0 |
| Email bakplaat | CZ 1342 X0 |
| Haaks gebogen bak- en braadrooster | CZ 1432 X0 |
| Fijnmazig bak- en braadrooster | CZ 1442 X0 |
| Bescherming voor ovendeur | 440651 |
Aanwijzingen:
De bescherming voorkomt de aanraking met de hete ovendeur.
Bijzonder belangrijk wanneer er kleine kinderen in de buurt zijn.
Bakplaat en braadslede/bakplaat kunnen tijdens gebruik in de oven krom trekken.
De oorzaak hiervan zijn de grote temperatuurverschillen op het toebehoren.
Ze kunnen ontstaan wanneer slechts een gedeelte van het toebehoren bedekt is of wanneer bevroren etenswaar, een pizza bijv., op het toebehoren is gelegd
De kromming wordt reeds tijdens het bakken, braden of grillen minder.
Vóór het eerste gebruik
Reiniging vóór Verwijder het toebehoren uit de oven.
gebruik
Verwijder verpakkingsresten, bijv. stukjes piepschuim, volledig uit de oven.
- Reinig het apparaat aan de buitenkant met een zachte en vochtige doek.
- Reinig de oven en het toebehoren met een heet sopje.
Neem de gebruiksaanwijzing van het kookplateau in acht.
Eerste keer verhitten
Verwarm de lege oven ca. 30 minuten voor.
Kies daarvoor boven- en onderwarmte bij 240 C°.
Nareiniging Reinig de oven met een heet sopje.
Koken
Bedienen van de kookzones

text_image
0
9 1 2 8 7 6 5 4
9 1 2 8 7 6 5 4
0 1 2 8 7 6 5 4
9 1 2 8 7 6 5 4
De markering op het bedieningspaneel laat u zien, welke schakelaars en kookzones bij elkaar horen.
Na het instellen van één of meer kookzones gaat het controlelampje branden.
De kookzones kunnen traploos worden ingesteld.
Er is voor het kookplateau een aparte gebruiksaanwijzing. Lees voor het eerste gebruik alle daarin vermelde informatie zorgvuldig door.
Normale kookzone

text_image
0
1
2
3
4
5
6
7
8
9
- Draai de kookzoneschakelaar voor het aan de kook brengen in stand 9.
- Draai de kookzoneschakelaar na het aan de kook komen terug naar de doorkookstand.
In de niveaus 2 t/m 5 zijn de tussenstanden door een punt gemarkeerd.
Variabele kookzones
bij glaskeramische kookzones bijbehorende schakelaar op het symbool te zetten.

- De variabele kookzone schakelt u in door de
ijbehorende schakelaar op het symbool Ⓞ te
zetten.
- Het instellen van de variabele kookzones gebeurt verder op dezelfde wijze als bij de normale kookzones.
Om de variabele kookzone uit te schakelen, zet u de schakelaar op 0.
Gebruikswijzen van de oven
Systeembeschrijving Door middel van boven en onder in de oven
aangebrachte verwarmingselementen wordt de warmte op het te bakken of braden gerecht overgedragen.
Er kan slechts op één inschuifhoogte worden gebakken of gebraden.
Instellen van de temperatuur Het instellen van de temperatuur is traploos mogelijk.
De ingestelde temperatuur wordt automatisch geregeld.
Het controlelampje gaat branden bij het inschakelen van de oven en bij het naverwarmen.
De ovenverlichting wordt met het instellen van de temperatuur ingeschakeld.

text_image
0
50
100
250°
150
200
50 tot 250 = Temperatuur in °C
☐ = Onderwarmte
⚠ Pas kort voor het einde van de bak- of braadtijd gebruiken.
☐ = Bovenwarmte.
Bij het instellen op □ of □ is geen temperatuur-keuze mogelijk.
Een temperatuurbegrenzing verhindert oververhitten van de oven.
Schakelaar op de vereiste temperatuur instellen.
Voorverwarmen In de meeste gevallen is voorverwarmen niet nodig.
Voorverwarmd wordt (indien nodig) met dezelfde instelling van de temperatuur, waarmee ook gebakken of gegrilleerd wordt.
Indien nodig, zolang voorverwarmen, tot het controlelampje voor de oven voor de eerste keer uitgaat.
Resterende warmte Om de resterende warmte te benutten kan de oven
al naar gelang van het bakgoed ca. 5 tot 10 minuten
voor het einde van de baktijd worden uitgeschakeld.
N.B. Het apparaat is voorzien van een koelventilator.
Bakken
Bakken in een bakvorm Plaats de bakvorm altijd op het midden van het rooster.

Wij bevelen donkere bakvormen van metaal aan.
Aanwijzingen Bij lichte bakvormen van dun materiaal en bij
bakvormen van glas is een langere baktijd nodig en wordt het gebak niet zo gelijkmatig bruin.
U kunt de bruinheid van het gebak beïnvloeden door de temperatuurinstelling te veranderen.
Indien gebak inzakt nadat u het uit de oven heeft genomen, dient u de volgende keer minder vloeistof te gebruiken. Kies eventueel een langere baktijd of stel de temperatuur iets lager in.
Bakken op een bakblik De schuine zijde van het bakblik moet altijd naar de ovendeur wijzen.

Inschuifdelen voorzichtig inschuiven om beschadigingen te voorkomen.
Schuif het bakblik altijd volledig naar achteren.
Gebruik uitsluitend originele bakblikken.
Bakken in blankmetalen bakvorm Inschuifhoogte 1
Indien het gebak aan de onderkant te donker wordt:
Controleer de inschuifhoogte. Maak de baktijd korter en kies eventueel een lagere temperatuur.
Indien het gebak aan de onderkant te licht wordt: Controleer de inschuifhoogte. Maak de baktijd langer en kies een lagere temperatuur of gebruik een zwarte bakvorm.
Plaats een bakvorm of hoog gebak niet vlak voor het beschermrooster op de achterwand van de oven.
Bakken in de geëmailleerde Een universale schaal met braadrooster is braadslede verkrijgbaar in de vakhandel.

Bijzonder geschikt voor zeer sappig gebak en pizza.
Inschuifhoogte: 3.
Baktabel
De gegevens in de tabel zijn richtwaarden en gelden voor aluminium bakplaten en donkere bakvormen.
De waarden kunnen variëren afhankelijk van het soort en de hoeveelheid deeg en van de bakvorm. Neem de aanwijzingen in de tabel over het voorverwarmen in acht.
Wij adviseren u bij de eerste poging de laagste van de aangegeven
temperatuurwaarden in te stellen. In het algemeen wordt het gerecht gelijkmatiger bruin op de laagste temperatuur.
Als u bakt op basis van uw eigen recept, kunt u zich richten naar gelijksoortige gebaksoorten in de tabel.
Soort gebak Inschuifhoogte Temperatuur Bakduur
in °C in minuten
roerdeeg
| plaatkoek met beleg | |
| 1 plaat 1 180 – 190 | 40 – 50 |
| gebak in ronde vorm /rechthoekige vom 1 170 – 180 | 60 – 70 |
| vruchtentaartbodem 1 170 – 180 | 25 – 35 |
zandtaartdeeg
| plaatkoek met droog beleg,bijv. kruimels | |
| 1 plaat 1 200 – 210 | 60 – 75 |
| plaatkoek met vochtig beleg,bijv. slagroom | |
| 1 plaat 1 190 – 200 | 75 – 85 |
| gebak in vorm 1 170 – 180 | 70 – 90 |
| vruchtentaartbodem (voorverwarmen) 1 180 – 190 | 20 – 30 |
biscuitdeeg
| biscuitrol (voorverwarmen) 1 200 – 220 | 10 – 15 |
| vruchtentaartbodem 1 160 – 170 | 25 – 35 |
| biscuittaart (6 eieren) 1 160 – 170 | 35 – 45 |
| biscuittaart (3 eieren) 1 160 – 170 | 30 – 40 |
Soort gebak Inschuifhoogte Temperatuur Bakduur
in °C in minuten
gistgebak
| plaatkoek met droog beleg,bijv. kruimels | | | |
| 1 plaat 2 190 – 200 | | | 60 – 80 |
| plaatkoek met vochtig beleg,bijv. slagroom | | | |
| 1 plaat 2 180 – 190 | | | 70 – 90 |
| gevlochten gistgebak(500 g meel) 2 180 – 190 | | | 35 – 45 |
| gebak in een lage vorm 2 160 – 170 | | | 30 – 45 |
| gebak in een hoge vorm | 1 | 160 – 170 | 35 – 50 |
klein gebak
| schuimgebak 1 | 80 – 90 110 – 140 | |
| bladerdeeg (voorverwarmen) | | |
| 1 plaat 1 190 – 200 | | 25 – 35 |
| soezendeeg (voorverwarmen) | | |
| 1 plaat 1 220 – 230 | | 25 – 35 |
| roerdeeg (bijv.muffins) | | |
| 1 plaat 1 160 – 170 | | 25 – 35 |
| zandtaartdeeg (bijv. boterkoekjes) | | |
| 1 plaat 1 140 – 150 | | 30 – 40 |
hartig gebak
| pizza (voorverwarmen) | |
| 1 plaat 1 210 – 220 | 40 – 50 |
| quiche (voorverwarmen) 1 210 – 220 | 40 – 50 |
brood (voorverwarmen)
| voorbakken | 1 220 – 240 | 10 – 15 |
| afbakken | 1 200 – 210 | 45 – 50 |
Tips en trucs
Gebak van de bakplaat is Neem niet benodigde bakblikken en de braadslede aan de onderkant te licht uit de oven.
Gebak uit een vorm is aan Plaats de bakvorm niet op het bakblik, maar op het de onderkant te licht rooster.
Taart of gebak is aan de Plaats het gebak hoger in de oven. onderkant te donker
Het gebak is te droog Stel de oventemperatuur iets hoger in en kies een. kortere baktijd.
Het gebak is te vochtig Stel een iets lagere baktemperatuur in.
van binnen Opmerking: De baktijden kunt u met een hogere
temperatuur niet korter maken (gaar van buiten, rauw van binnen). Kies een iets langere baktijd, laat het deeg langer rijzen. Voeg minder vloeistof toe aan het deeg.
Bij gebak met veel vocht, Door de ovendeur kort en voorzichtig te openen bijv. vruchtengebak, ontstaat openen (1 of 2 keer, bij langere baktijden vaker), er in de oven veel waterdamp kunt u de waterdamp laten ontsnappen uit de oven die neerslaat op de en daardoor de watervorming aanzienlijk verminderen. ovendeur.
Als gebak buiten de Minder vloeistof gebruiken. oven in elkaar zakt
Om energie te besparen Uitsluitend voorverwarmen wanneer het recept dit voorschrijft.
Donkere bakvormen nemen de hitte beter op.
Restwarmte: bij lange baktijden kunt u de oven 5 à 10 minuten voor het einde van de baktijd uitschakelen.
Braden
Vlees kan zeer voordelig bij een gewicht van meer

dan 750 g in de oven worden gebraden.
Een braadslede met inlegrooster is verkrijgbaar in de speciaalzaak (zie extra toebehoren).
Leg het inlegrooster altijd in de braadslede.
Braden in een open schaal Spoel een glazen schaal of de braadslede met water uit en leg het vlees er in.
Voeg voor vet vlees en gevogelte afhankelijk van de grootte van het vlees en het soort vlees ^1/8 à ^1/4 liter water toe. Bestrijk mager vlees naar voorkeur met vet of leg er reepjes spek op.
Een smakelijke saus verkrijgt u met het fond (braadsap) dat zich in de schaal vormt. Maak het fond los met heet water, kook het even en bind het met zetmeel, breng het op smaak en giet het, indien nodig, door een zeef.
Schuif het te braden vlees in de koude oven (voorverwarmen niet nodig – energiebesparing).
Braden in een gesloten
schaal Leg het vlees in een braadschaal, sluit de schaal met
een passend deksel af en schuif de schaal op het rooster in de oven.
Wij raden u aan om rundvlees in een gesloten braadschaal te bereiden.
Opmerkingen Grote, dikke stukken braadvlees, gans, kalkoen,
eend = lange braadtijd, lage temperatuur
Middelgrote, dunnere stukken braadvlees
= gemiddelde braadtijd, gemiddelde temperatuur
Kleine, dunne stukken braadvlees
= korte braadtijd, hoge temperatuur
Braadtijd per cm vleesdikte zonder been ca. 13-15 minuten.
Braadtijd per cm vleesdikte met been ca. 15-18 minuten.
Wij adviseren bij de eerste poging de laagste van de aangeven temperatuurwaarden in te stellen. In het algemeen zorgt een lagere temperatuur voor gelijkmatiger bruinen.
Wij adviseren het vlees om te keren na ca. de helft/tweederde van de braadtijd.
Gebruik uitsluitend braadschalen met hittebestendige handvaten.
Bereid grote stukken braadvlees zonder rooster, alleen in de glazen schaal.
Kleine stukken vlees kunt u op aluminiumfolie braden. Maak van de aluminiumfolie een vorm door de randen omhoog te zetten en leg deze op het rooster.
Laat het gebraden vlees na het einde van de braadtijd nog ca. 10 minuten in de uitgeschakelde en gesloten oven rusten.
Het vlees is van binnen Stel een iets lagere braadtemperatuur in.
niet gaar Opmerking: De braadtijden kunt u met een hogere
temperatuur niet korter maken (gaar van buiten, rauw van binnen). Kies iets langere braadtijden.
Bij braadvlees met veel Door de ovendeur kort en voorzichtig te openen vocht, bijv. met water bereid (1 of 2 keer, bij langere braadtijden vaker), kunt u braadvlees, ontstaat er in de de waterdamp laten ontsnappen uit de oven en oven veel waterdamp die en daardoor de watervorming aanzienlijk neerslaat op de ovendeur. verminderen.
Braadtabel De gegevens in de tabel zijn richtwaarden.
De waarden kunnen variëren afhankelijk van het soort en de hoeveelheid braadvlees en van het gebruikte serviesgoed.
| Braadgerechten Inschuifhoogte Temperatuur Braadduur |
| | in °C in minuten | |
| varkensvlees |
| braadstuk met zwoerd (bijv. schouderstuk of schenkel) 2 200 - 220 100 - 130 |
| braadstuk/rollade 2 190 - 210 | 90 - 120 |
| casselerrib (1 kg) | 2 | 190-210 | 70 - 80 |
| varkensfilet 2 200 - 230 | 30 - 45 |
| gebraden gehakt | 2 | 190-210 | 60 - 75 |
| rundvlees |
| filet 2 of 3 200 - 220 | 50 - 70 |
| rosbief (roze) | 2 of 3 | 200-230 | 50 - 90 |
| kalfsvlees |
| braadstuk/borststuk | 2 | 190-210 | 100-120 |
| schenkel | 2 | 190-210 | 110-130 |
| lamsvlees |
| bout | 2 | 190-210 | 90-120 |
| rug | 2 200 - 220 | | 80 - 120 |
| gevogelte |
| kip 1 kg | 2 190 - 200 | | 55 - 70 |
| eend | 2 190 - 210 | | 90 - 120 |
| gans 4 kg | 1 of 2 180 - 200 130 - 170 | | |
| wildbraad |
| reerug | 2 200 - 220 | | 90 - 120 |
| reebraadstuk | 2 | 190-210 | 90-120 |
| varkens-/hertenbraadstuk | 2 | 190-210 | 100-120 |
| vis | 2 180 - 210 | | 25 - 40 |
Reinigen en onderhouden
Belangrijke Gebruik voor het reinigen geen schuurmiddelen of aanwijzingen scherpe middelen en evenmin krassende voorwerpen.
Krab ingebrande resten van gerechten niet weg, maar week ze met een vochtige doek en afwasmiddel los.
Edelstalen voorkant Indien gewone edelstaalreinigingsmiddelen worden gebruikt, kan de opdruk worden beschadigd.
Gebruik geen krassende sponsjes.
Gebruik normaal afwasmiddel op een zachte, vochtige doek of zeem.
Email en glas Gebruik voor het reinigen een heet sopje.
Voor het reinigen van de voorkant van de oven, achter de ovendeur, dient u de afdichting van de ovendeur te verwijderen.
Ovendeurruit De binnenruit van de ovendeur heeft een
warmtereflecterende laag om de deurtemperatuur lager te maken
Dit heeft geen nadelige invloed op het zicht door de ovenruit.
Wanneer de ovendeur is geopend, kan deze laag een glinsterende aanblik bieden. Dit heeft een technische oorzaak en is geen kwaliteitsgebrek.
Kookplateau Voor het kookplateau is er een aparte gebruiksaanwijzing.
Neem alle daarin vermelde reinigingsvoorschriften in acht.
Oven Reinig de oven na elk gebruik, vooral na braden of
grillen. Vuilresten branden in wanneer de oven weer wordt verhit.
Ingebrande vuilresten laten zich moeilijk verwijderen.
⚠️ De oven mag niet warm worden gereinigd met speciale ovenreinigingsmiddelen.
Gebruik voor het bakken van zeer vochtig gebak de braadslede.
Gebruik voor het braden geschikt serviesgoed (braadschaal).
Wanneer de oven niet erg vuil is, wast u hem in warme toestand met een heet sopje uit.
Laat de oven open staan zodat hij kan drogen.
Ovendeur demonteren Aanwijzing: om de oven na afloop van de
automatische reiniging gemakkelijk verder te kunnen reinigen, biedt het apparaat u de volgende mogelijkheden.

⚠️ Let er bij verwijderen van de ovendeur op, dat u niet met uw hand in het scharnier komt.
Gevaar voor letsel!
- Open de ovendeur helemaal.
- Klap de sluithendels links en rechts helemaal open.
- Zet de ovendeur schuin omhoog en verwijder de deur naar voren toe.
Aanbrengen
- Plaats beide scharnieren in de houders links en rechts en draai de ovendeur naar beneden.
- Klap de sluithendels links en rechts dicht.
- Sluit de ovendeur.
Storingen en reparaties
Bij storingen en reparaties die u niet zelf kunt oplossen, is de klantenservice u graag van dienst. Zie voor adressen het overzicht van klantenservice-werkplaatsen.
Let op: het kost u geld, wanneer u vanwege een bedieningsfout de klantenservice inschakelt.
E-nummer en U vindt deze gegevens op het typeplaatje.
FD-nummer Het typeplaatje vindt u achter de ovendeur, links
onder op de zijrand van de oven.
Indien u contact opneemt met de klantenservice, vermeld dan:
E-nr. FD
Vervangen van de Let op: apparaat stroomloos maken!
ovenlamp Dit doet u door de veiligheidsautomaat te
activeren of de zekeringen in de zekeringenkast van uw woning uit te draaien.

- Leg een vaatdoek in de koude oven om beschadiging te voorkomen.
- Draai het kapje van de lamp naar links en verwijder het.
- Vervang de lamp.
- T ype gloeilamp E 14, 220–240 volt, 40 watt, hittebestendig tot 300° C.
- Deze gloeilamp kunt u verkrijgen bij de klantenservice of in de vakhandel.
Vervangen van de afdichting van de ovendeur

Verwijder eenvoudig de defecte afdichting van de ovendeur.
De nieuwe afdichting kunt u verkrijgen bij de klantenservice.
Wat doet u, wanneer er iets niet werkt?
Vaak hoeft u de klantenservice niet in te schakelen. In veel gevallen kunt u zelf het probleem oplossen. In de volgende tabel vindt u enkele tips.
Belangrijke aanwijzing:
Werkzaamheden aan de elektronica van het apparaat mogen uitsluitend door een vakman worden uitgevoerd. Vóór het begin van de werkzaamheden moet het apparaat beslist stroomloos worden gemaakt door het bedienen van de aardlekschakelaar of door het uitdraaien van de zekeringen in de zekeringkast in uw woning.
Wat is er aan de hand . . . Mogelijke oorzaak Oplossing
... wanneer de elektrische Zekering defect Zekering in zekeringkast controleren functie helemaal niet meer en indien nodig vervangen.
werkt, de controlelampjes bijv.
plotseling niet meer branden?
... wanneer vloeistof of dun Apparaat niet waterpas Inbouw controleren. deeg naar één kant loopt? opgesteld of ingebouwd
... wanneer er een storing Energiepieken, bijv. Desbetreffende functies opnieuw optreedt in de elektronische bliksem inslag instellen.
functies?
Wat is er aan de hand . . . Mogelijke oorzak Oplossing
... wanneer er walm ontstaat Te hoge bij het braden of grillen? braadtemperatuur.
Rooster of braadslede Rooster in de braadslede leggen verkeerd geplaatst. samen op dezelfde inschuifhoogte plaatsen.
... wanneer geëmailleerde Normaal gevolg van Niet mogelijk. inschuifdelen matte, lichte neerdruppelend vlekken vertonen? vleesvocht.
... wanneer de ruit van de Normaal gevolg van Oven ca. 5 minuten inschakelen ovendeur beslaat? temperatuurverschillen. op 100 °C.
... wanneer er veel Normaal gevolg van het De ovendeur tijdens het bakken af en condenswater in de oven is? bereiden van bijv. gebak en toe kort openen.
met zeer vochtig beleg Na gebruik het condenswater afvegen.
(fruit) of grote stukken braadvlees.
... wanneer na lang gebruik de binnenkant van de ovenruiten vuil is?

Ovendeur verwijderen en met handgreep naar boven neerleggen. Om de deur te reinigen de twee schroeven boven op de greep van de deur met een schroevedraaier losdraaien.
Let op: bij het opnieuw monteren er voor zorgen dat de deurgreep en de afdichtingen zich weer op hun plaats bevinden.
Indice