CC4W91960 - Oven CONSTRUCTA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CC4W91960 CONSTRUCTA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CC4W91960 CONSTRUCTA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CC4W91960 - CONSTRUCTA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CC4W91960 van het merk CONSTRUCTA.
GEBRUIKSAANWIJZING CC4W91960 CONSTRUCTA
nl Gebruikershandleiding 108
Inhaltsverzeichnis
Cookware without lid
L'appareil se met en marche.
1 Veiligheid 108
2 Materièle schade vermijden 111
3 Milieubescherming en besparing. 112
4Uwapparaatlerenkennen. 113
5 Accessoires 116
6 Voor het eerste gebruik 116
7 De Bediening in essentie. 117
8 Magnetron 118
9 Automatischeprogramma's. 121
10 Tijdfuncties 122
11 Kinderslot 123
12 Basisinstellungen 123
13 Reiniging en onderhoud. 124
14 Storingen verhelpen 126
15 Afvoeren 128
16 Zo lukt het. 128
17 Servicedienst 141

1 Veiligkeit
Houd de informatatie omtrent veiligheid aan, zo-dat u het apparaat veilig kutn gebruiken.
1.1 Algemene aanwijzingen
Hier vindt u algemene informatatie over deze gebruiksaanwijzing.
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kurz u het apparaat veilig en efficient gebruiken.
- Deze gebruiksaanwijzing is bestemd voor de gebruiker van het apparaat.
- Neem de verilgheidsvoorschriften en waarschuwingen in acht.
Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigennen.
- Controller het apparaat na het uitpakken. Sluit het apparaat in geval van transportschade Niet aan.
1.2 Bestemming van het apparatus
Om het apparaat veilig en op de juiste manier te gebruiken dient u de aanwijzingen over het beoogd gebruik in acht te nemen.
Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kut u geen aanspraak makeen op garantie.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
volgens deze gebruiksaanwijzing.
om voedsel en dranken te bereiden.
- voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
tot een hoogte van 4000 m boven zeeni-veau.
Dit apparaat voldoet aan de norm EN 55011 resp. CISPR 11. Het is een product van groep 2, klasse B. Groep 2 betekent dat er microgolven worden geproduerd om levensmiddelen te verwarmen. Klasse B houdt in dat het apparaat geschikt is voor huishoudelijk gebruik.
1.3 Inperking van de gebruikers
Voorkom risico's voor kinderen en kwetsbare personen.
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8aar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijkke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zich onder toezicht staan of+zijn geinstruerd in het veilige gebruik van het apparaat en de waaruit resulterende bevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen nicht met het apparaat spel- len.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen nicht worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15aar of ouder zich en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger zich dan 8\ jaar Niet bij het apparaat of de aansluitkabel\ kunnenkommen.
1.4 Veiliger gebruik
Neem bij gebruik van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.
"Accessoires", Pagina 116
WAARSCHUWING-Kans op brand!
Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard konnen vlam vatten.
Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte.
- Open nooit de deur wanner er spreke is van rookontwikkeling in het apparaat.
Schakel het apparaat uit en haal de stekkeruit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit.
Losse voedselresten, vet en vleessap{kunnen in brand vliegen.
Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te make n van grove verontreiniging.
Wanneer de apparaatdeur geopend wordt, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten.
Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de accessoires liggen.
- Verzwaar het bakpapier algijd met een vorm.
Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen.
- Het bakpapier mag nicht uitsteken over de accessoires.
Oververhitting kan een brand veroorzaken. Wanner het apparaat awhile een decor- of meubeldeur is ingebouwd, dan treedt er bij gebruik met gesloten decor- of meubeldeur hittestuwing op.
- Gebruik het apparaat uitsluitend bij geopende decor- of meubeldeur.
WAARSCHUWING-Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt zeer heet.
- Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken.
Het apparatus altijd laten afkoelen.
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
Accessoires of vormen worden zeer heet.
Neem hete accessoires en vormen alkijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
In de binnenruimte{kunnen alcohoidampen vlam vatten.
- Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten.
Slechts petite hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
WAARSCHUWING-Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijk onderdelen heet.
Dehete onderdelen nooit aanraken.
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur Niet altijd zichtaar.
Tijdens het openen nicht te dicht bij het apparaat staan.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
Door water in de hete binnenruimte kan hete.
waterdamp ontstaan.
Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
WAARSCHUWING-Kans op letse!
Wonneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en+kennen zeklem komen te zitten.
- Kom nicht met uw handen bij de scharnie- ren.
WAARSCHUWING-Kans op elektrischeschok!
Ondeskundige reparations zijn gevaarlijk.
Alleen waarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaatuitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden verrangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificierde persoon.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk. - Nooit een beschadigde apparaat gebruiken.
- Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
Wanner het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
"Neem contact op met de servicedienst." → Pagina 141
Alleen waarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
1.5 Magnetron
Neem deze veiligheidsaanwijzingen in acheit bij het gebruik van de magnetron.
Oneigenlijk gebruik van het apparaat is gevaarlijk en kan schade veroorzaken. Verwarmde pantoffels, granen- pittenkussens konnen bijvoorbeeld ook na uren nog vlam vatten.
- Droog nooit gerechten of kleding met het apparaat.
Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens, zwammen, vochtige poetslappen e.d. met het apparaat opwarmen. - Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken.
- Nooit levensmiddelen opwarmen in verpakkingen die bestemd zich om ze warm te houden.
Levensmiddelen nooit zonder toezicht verwarmen in voorwerpen van kunststof, papier of ander brandaar materiaal.
Bij de magnetron nooit een te groot vermogen of te lange tijdsduur instellen. Houd u aan de opgaven in deze gebruiksaanwij- zing.
- Nooit levensmiddelen drogen met de magnetron.
Levensmiddelen die weinig water bevatten, zoals bijv. brood, nooit met een te hoog magnetronvermögen of gedurende een te langeijd ontdooien of verwarmen.
- Nooit uitsluitend spijsolie opwarmen met de magnetron.
WAARSCHUWING - Kans op explosie!
Vloeistof andere voedingsmiddelen in dicht afgesloten vormen{kunnen exploderen.
- Nooit vloeistof andere voedingsmiddelen verhitten in dicht aufgesloten vormen.
WAARSCHUWING-Kans op brandwonden!
Levensmiddleslen met een vaste schil of pel kunnenijdens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen.
- Nooit eieren koken in de schil of hardgekoekte eieren opwarmen.
- Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken.
Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken.
Bij levensmiddlesen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel.
De warmte worden nicht gelijkmatig verdoeffind de babyvoeding.
Warm nooit babyvoeding op in gesloten verpakkingen.
- Verwijder algijd het deksel of de spreen.
- Na het verwarmen goed roeren of schudden.
Voordat de voeding aan het kind worden gegeven dient de temperatuur te worden ge-controlled.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlapuit de binnenruimte.
De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan barsten.
Houd altijd de opgaven op de verpakking aan.
- Neem gerechten alsigt met een pannenlapuit de binnenruimte.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijkke onderdelen heet.
Dehete onderdelen nooit aanraken.
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
Het onjuiste gebruik van het apparaat is gelevaarlijk. Voorwerpen zoals oververhitte pantoffels, pitten- of graankussen, sponzen, vochtige schoonmaakdoekjes e.d. können verbranding tot gevolg hebben.
- Droog nooit gerechten of kleding met het apparaat.
- Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens, zwammen, vochtige poetslappen e.d. met het apparaat opwarmen.
- Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken.
WAARSCHUWING-Kans op letse!
Ongeschikte vormen können barsten. Vormen van porselein en keramiek können keine gaatjes haben in de handgrepen en deksels. Achterthese gaatjes bevindt zich een holieruimte. Als er vocht in deze ruimte kommt, kan dit barsten veroorzaken in de vormen.
Alleen servies gebruiken dat geschikt is voor de magnetron.
Bij gebruik van de magnetronfunctie kuren vormen van metaal of vormen met metalen coating leiden tot het ontstaan van vonken. Het apparaat worden dan beschadigd.
- Gebruik nooit metalen vormen bij gebruik van uitsluitend de magnetron.
- Gebruik alleen vormen die geschikt zich voor de magnetron in combinatie met een verwarmingsmethode gebruiken.
WAARSCHUWING-Kans op elektrischeschok!
Het apparaat werkt met hoogspanning.
Nooit de behuizing verwijderen.
WAARSCHUWING - Kans op ernstig gevaar voor de gezondheid!
Bij verkeerde reiniging kan het oppervlakte van het apparaat beschadigd raken. Er kan energia van de microgolven maar buiten komen.
- Het apparaat regelmatig schoonmaken en resten van voedingsmiddelen direct verwijderen.
Houd de binnenruimte, deurafdichting, deur en deuraanslag altijd schoon.
Wanneer de deur van de binnenruimte of de deurafdichting beschadigd is, kan er energia van microgolven vrijkomen.
- Het apparaat nooit gebruiken wanner de deur van de binnenruimte, de deurafdichting of de kunststof omlijsting van de deur beschadigd is.
- Neem contact op met de klantenservice. Bij apparaten waarvan de behuizing Niet is afgedekt komt energia van microgolven vrij.
De afdekking van de behuizing nooit verwijderen. - Neem voor onderhouds- of reparatiewerkzaamheden contact op met de klantenservice.
2 Materièle schade vermijden
Ter voorkoming van materiele schade, aan het apparat, de accessoires of keukenvoorwerpen dient u de aanwijzingen in acht te nemen.
2.1 Algemeen
Houd deze aanwijzing aan wanner u het apparaat gebruikt.
LET OP!
Wanner de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
Giet nooit water in de hete binnenruimte.
Wanner er langere vrij vocht aanwezig is in de binnenuimte ontstaat er corrosie.
Veeg het condenswater na elk bereiding af.
- Geen vochtige levensmiddelen gedurende langere tijd in de gesloten binnenruimte bewaren.
- Geen eten in de binnenruimte bewaren.
Wanner er worden afgekoeld verwijl de apparaatdeur open staat, raken aangrenzende meubelfronten op den duur beschadigd.
Na een bereiding met hoge temperaturen de binnenruimte alleen met gesloten deur latent afkoelen.
Zorg ervoor dat er niets:tussen de apparaatdeur be- klemd raakt.
Alleen na gebruik met veel vocht de binnenruimte met open deur latent drogen.
Is de afdichting sterk verruild, dan sluit de deur tijdens het gebruik Niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kannen dan beschadigd raken.
Zorg ervoor dat de afdichting als schoon is.
Wonneer de apparaatdeur worden gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan hij beschadigd raken.
- Niets op de open deur zetten of leggen en nicht er-aan hangen.
- Geen vormen of accessoires op de apparaatdeur plaatsen.
Afhankelijk van het apparaattype konnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanner deze gesloten worden.
- Accessoires algtd op de juiste manier in de binnenuimte leggen.
Door het apparaat aan de deurgreep te dragen kan deleze afbreken. De deurgreep houdt het gewicht van het apparaat Niet.
- Het apparaat Niet aan de deurgreep vasthouden of dragen.
2.2 Magnetron
Volg deze aanwijzingen op wanner u de magnetron gebruikt.
LET OP!
Als het metaal gegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas,要去en minstens 2 cm van de wanden van de binnenuimte en de binnenkant van de deur verwijderd着眼.
Aluminium schalen in het apparaat+kunnen vonden veroorzaken. Door de vonden die ontstaan wordt het apparaat beschadigd.
- Gebruik geen vormen van aluminium in het apparaat.
Wordt er bij het make van popcorn in de magnetron een te hoog vermogen gebruikt, dan kan de deurruit barsten als gevolg van overbelasting.
Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in.
Maximaal 600 watt gebruiken.
Leg de popcornzak altijd op een glazen bord.
Door het verwijderen van de afdekking worden de magnetronvoeding beschadigd.
- Verwijder nooit de afdekking van de magnetron in de binnenruimte.
3 Milieubescherming en besparing
Beschem het milieu door het apparaat op een hulpbronnenbesparende manier te gebruiken en herbruikbare materialen op de juiste manier af te voeren.
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kūnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheden afvoeren.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kurz u informatie verkrijgen over de actuèle afvoermethoden.
3.2 Energie bespare
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Verwarm het apparaat alleen voor wanner het recept of de insteladviezen dit aangeven.
- Wonneer u het apparaat Niet voorverwarmt, dan bespaart u tot 20% energia.
Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.
- Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goed op.
Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig möglich.
- De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft nicht na te verwarmen.
Meerdere gerechten direct darüber elkaar of parallel bakken.
- De binnenruimte is na de eerste keer bakken opgewärmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak dat verwolgens worden gebakken korter.
Bij langere bereidingsstijden het apparaat 10 min. voor het einde van de bereidingsstijd uitschakelen.
- De restwärme is voldoende om het gerecht verderte bereiden.
Niet gebrachte accessoires verwijderen uit de binnenruimte.
- Overbodige accessoires hoeven dan nicht te worden verwarmd.
Diepvriesgerechten voor de bereiding latent ontdooien.
- Hierdoor worden bespaard op de energia om het voedsel te ontdooien.
4 Uw apparatusl leren kennen
Leesmeeroverdeonderdelenvanuwapparaat.
4.1 Bedieningselementen
Via de bedieningselementenkest u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

Afhankelijk van het apparaatype konnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.
1 Functiekeuzeknop
2 Touch-velden
3 Display
Instelbereik
Met het instelbereik wijzigt u de instelwaarden die op het display+zijn weergegeven.
Het instelgebied werkkt als een viel. Veeg met uw vinger maar links of rechts om de instelling te veranderen. Hoe sneller u veegt, des te sneller het wiei loopt. Tip erop om het te onderbreken en de exacte instelling over te nemen.
Bij keuzelijsten, bijv. programma's, begint na het laatste punt het eerste wee.
Bij waarden, bijv. gewicht, moet u in het instelbereik weer teruggaan zodra de minimale of maximale waarde bereikt is.
Touch-velden
Touch-velden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen het betreffende veld selecteren.
Symbool Naam Gebruik
① Aan/uit Apparaat in- en uitschakelen.
Magnetron Vermogensstanden van de magnetron kiezen, of de magnetronfunc-tie samen met een verwarmingsmethode inschakelen.
Verwarmingsmethoden Selectie van de verwarmingsmethoden oproepen.
Automatischeprogramma'sSelectie van de automatischeprogramma's oproepen.
% Temperatuur/Gewicht Temperatuur en gewicht instellen selecteren.
Kinderslot Lang drukken: kinderslot activeren of deactiveren.
Symbool Naam Gebruik
| Aqualisis Reinigungsfunctie Aqualisis activieren | |
| I | Tijdfuncties Timer, tjidsduur ofarend instellen. |
| II | Start/Stop Kort drukken: in werkungstellen of stoppen. Lang indrukken: werkung beeindigen. Deinstellungen worden gere- set. |
Display
Op het display ziet u de actuèle instelwaarden of keuzemogelijkheden.

| Actieve waarde | De direct instelbare waarde is door haakjes aangegeven. De actieve waardekt u via het instelbereik wijzigen. |
| Passieve waarde | Waarden zonder haakjesekt u Niet di-rect wijzigen. Wanner u een waarde wilt wijzigen, dan要去 u de waardeeerst activeren. |
Display-Elementen
Hierna worden de betekenis van de verschillende display-elementen kort togetelijk.
| Symbool | Naam | Betekenis |
| △ | Timer Wanner het symbool is gemarkeeerd, dan geegt het display de timertijd aan. | |
| I→I | Tijdsduur Wanner het symbool is gemarkeeerd, dan geegt het display de tjidsduur aan. | |
| ⊙ | Tijd Wanner het symbool is gemarkeeerd, dan geegt het display deijd aan. | |
| h:min Uren/minute De tijd wordt in uren en minutes | ||
| weergegeven. | ||
| min:s Minuten/seconden De tijd wordt in minutes en seconden | ||
| weergegeven. | ||
| -○ | Kinderslot | Wanner het symbool is gemarkeeerd, dan is het kinderslot geactiveerd. |
| III | Snel voorverwarmen | Wanner het symbool is gemarkeeerd, dan is snel voorverwarmen geacti-veerd. |
| °C | Temperatuur | De temperatuur wordt aangegeven in °C. |
| kg | Gewicht | Het gewicht wordt in kg weergege- ven. |
Temperatuurindicatie
De temperatuurindicatie geeft de voortgang van het opwarmen aan.

Na het begin van het gebruik worden de thermometer verlicht en vullen de balken daarnaast zich, om de voortgang van het voorverwarmen van de binnenruimte aan te Geven. Wanner alle balken zijn bevuld, dan is het apparaat voorverwarmd. Bij grill zijn de balken direct bevuld.
Bij magnetronfunctie is er geen temperatuurindicatie. Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijkke temperatuur in de binnenruimte.
Nachtmodus
Om energia te besparen worden de displayhelderheid van 22.00 tot 5.59 eer automatisch gereduceerd.
4.2 Verwarmingsmethoden
Hier vindt u een overzicht van de verwarmingsmethoden. U krijgt aanbevelingen over het gebruik van de verwarmingsmethoden.
| Symbool Naam Temperatuur / standen Gebruik | ||
| ※ | Magnetron Magnetronvermogens: | Voor het ontdooien, berei- den en verwarmen van ge- rechten en vloeistoffen. |
| 90 W | ||
| 180 W | ||
| 360 W | ||
| 600 W | ||
| 900 W | ||
| ⊕ | Hete lucht 40 °C | Gistdeeg latent rijzen, slag- roomtaarten ontdooien. Op=eén niveau bakken of braden. |
| 100-230 °C | ||
| ‡ | Circulatielucht-grillen 100-230 °C Gevogelte, hele vis of gro- tere stukken vlees braden. | |
| ⓹ | Voorverwarmen 30-70 °C Servies voorverwarmen. | |
| ☐ Grill Grillstanden: | Platte grillstukken, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechten gratine- ren. | |
| ⓪ | Programma's - Voor vele gerechtenঀn er | voorgeprogrammeerde in- stellingen. |
4.3 Binnenruimte
Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.
Verlichting van de binnenruimte
Wanner u de deur van het apparaat opent, gaat de verlichting in de binnenruimte aan. Blijft de apparaatdeur langer dan 15 minuten open, dan gaat de verlichting weeuit.
Bij de meeste functies schakelt de verlichting van de binnenruimte in zodra het gebruik worden gestart. Wanner het gebruik eindigt, gaat de verlichting van de binnenruimteuit.
In de
"Basisinstellingen", Pagina 123 kurz u vastleggen of de verlichting van de binnenruimteijdens het gebruik inschakelt.
Koelventilator
De koelventilator worden zo nodig in- en uitgeschakeld. Warme lucht kommt vrij via de ventilatiesleuven boven de apparaatdeur.
LET OP!
Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het apparatus oververhit.
Dek de ventilatiesleuven Niet af.
De koelventilator loopt een bepaaldeijd na, zodat de binnenruimte na gebruik sneller afkoelt. Wanner het apparaat in de magnetronfunctie worden gebruikt, blijf het apparaat koud, de koelventilator schakelt Niettemin in. De koelventilator kan blijven draaien, ook wanner het gebruik van de magnetron reeds is beeindigd.
Condenswater
Bij het bereiden kan in de binnenruimte en op de deur van het apparaat condensvorming optreden. Condens is normal aan heeft geen invloed op de werkking van het apparaat. Veeg na het bereiden het condens af.
4.4 Apparaatdeur
Wanner u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Wanner de apparaatdeur weer is gesloten, kutu het gebruik met hervatten.
5 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn speciaal op uw apparaat afgestemd. Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.
Accessoires Gebruik
| Rooster | Rooster voor het bakken en braden in oven-functionie. |
| Rooster voor het grillen, bijv. van steaks, worstjes of toast | |
| Rooster als opstelvlak, bijv. voor overschotels |
5.1 Meer accessoires
Meer accessoires=kuntukopen bij de servicedienst,inspecialzakenofophetinternet.
U vindt een uitgebrecht aanbod voor uw apparaat in on-ze folders of op internet:
www.constructa.com
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop algid de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat,(Intu zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.
Glazen braadpan
GebruiK
Stoogerechten
Ovenschotels
Pizzaplaat
Gebruik
- Plaatgebak
Koekjes
5.2 Toebehoren plaatsen
Het toebehoren kan in twee posities worden geplaatst.
- Het toebehoren zoplaatsen, dat dit de deur van het apparaat Niet raakt.
| ← | Het toebehoren hoop plaatsen. |
| → | Het toebehoren laag plaatsen. |

De afbeelding toont de plaatsingspositie

De afbeelding toont de plaatsingspositie
6 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
6.1 Eerste keer in gebruik nemen
Na de stroomaansluiting of een stroomonderbreking versuschijnt op het display het verzoek om deijd in te stellen. Het kan enkele seconden duren tot de melding versuschijnt.
- Het apparatus op de stroom aansluten.
De Waardei knippert op het display en brandt.
Tijd instellen
- Stel met het instelgebied dearend in.
- Druk op
De tijd is ingesteld.
6.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gezruikt
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.
- Zorg ervoor dat er zich in de binnenruimte geen verpakkingsresten, toebehoren of andere voorwerpen bevinden.
- Sluit de apparaatdeur.
- Druk op
Heteluchtfunctie als voorgestelde waarde behouden.
4.Druk op %
- Stel met het instelbereik de temperatuur in op 180^
6.Druk op II
Hetprogrammawordtgestart.
7. Druk na een uur op
8. Schakel het apparatusaatuit met ①
Het apparatus is gereinigd.
Het apparatus isuitgeschakeld.
6.3 Accessoires reinigen
- Reinig de accessoires grondig met zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje.
7 De Bediening in essentie
Hier worden de bediening van het apparaat in essentie beschreiben.
7.1 Apparaat inschakelen
Druk op ①om het apparaat in te schakelen.
Het apparatus is klaar voor gebruik.
Op het display verschijnt een voorgestelde waarde.
7.2 Apparaat uitschakelen
Schakel het apparaat uit wanner u het Niet gebruikt.
Wanner er langere tijd niets worden ingesteld, gaat het apparaat automatisch UIT.
Druk op ① om het apparaat UIT te schakelen.
Het apparatus breekt de lopende functies af.
De tijd verschijnt op het display.
- Sommige indications blijven ook te zien op het display wanner het apparaat uitgeschakeld is.
7.3 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen
- Met de functiekeuzeknop de gewenste verwarmingsmethode instellen.
Op het display verschijnt een voorgestelde waarde. - Wijzig indien nodig de instelleningen. Hiervoor op het betreffende veld drukken en met de draaiknop de waarde veranderen.
- Druk op II
Hetprogrammawordgtestart.
brandt.
Bij een verwarmingsmethode met temperatuur vult de temperatuurindicatie zich. - Indien gewenst bij lopend bedrijf de temperatuur met de draaiknop wijzigen. Bij lopend bedrijf kunt u de temperatuur nicht op 40^ instellen.
7.4 Bedrijf onderbreken
U kunt het bedrijf te allen tijde stoppen.
- Druk op Ibf open de deur van het apparaat.
De Werking wordt onderbroken.
IIknippert. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op
De werking worden voortgezet.
brandt.
7.5 Bedrijf afbreken
U kunt het bedrijf te allen tjde afbreken.
Druk op ①
Nadat het programme onderbroken of afgebrozen is, kan hetijken dat de koelventilator blijft draaien.
Het apparatusat breekt de lopende functies af.
7.6 Snel voorverwarmen
Om tijd te besparen=kunt u de opwarntijd bij bepaalde verwarmingsmethoden vanaf een temperatuur van 100^ korte maker.
Bij deze verwarmingsmethoden(Int)kunt u de functie Snel voorverwarmen gebruiken:
Hete lucht, uitzondering: hete lucht 40^
- circulatiegrillen
Snel voorverwarmen instellen
Om een gelijkmatig vereidingsresultaat te krijgen, de accessoires en het product pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimteplaatsen. Stel een tijsdsduur pas in, wanner het snel voorverwarmen is afgerond.
- Een geschikte verwarmingsmethode en een temperatur vanaf 100^ instellen.
2.Druk op
Op het display brandt
3.Druk op II
Het snel voorverwarmen start.
V Wanneer de ingestelde temperatuur is bereikt, eindigt het snel voorverwarmen. Er klinkt een signalen in het display dooft Uw apparatusa loopt verdermet de ingestelde verwarmingsmethode en temperatuur.
Het nsel voorverwarmen worden na uiterlijk 15 minu- ten automatisch gedexeveerd.
Snel voorverwarmen afbreken
Druk op
In het display dooft Uw apparaat loopt verder met de ingestelde verwarmingsmethode en temperatuur.
7.7 Veiligheidsuitschakeling
Voor uw beveiliging is het apparaat uitergerust met een veiligheidsuitschakeling. Het apparaat schakelt automatisch uit als het lang in gebruik is geweest.
De tijdsduur tot de uitschakeling is afhankelijk van de instelling:
Hete lucht 40^ en Voorverwarmen: 24研究成果
Hete lucht 100-230 ^ C en circulatiegrillen: 5 uu
- Grill: 90 minutes
Indien het apparaat door de veiligheidsuitschakeling werd uitgeschakeld, worden op het display Eweergegeven. U kunt deze melding bevestigen door op He drukken.
8 Magnetron
Met de magnetron kurz u bijzonder snel gerechten bereiden, verwarmen, bakken of ontdooien. U kurz de magnetron alleen, of in combinatie met een andere verwarmingsmethode gebruiken.
8.1 Magnetronvermogen
Hier vindt u een overzicht van de magnetronvermögens en het gebruik ervan.
| Magnetronvermö- Maximale tijdsduur Gebruik gen in watt |
| 90 W 1:30=uur Gevoelige gerechten ontdooien. |
| 180 W 1:30=uur Gerechten ontdooien en verder bereiden. |
| 360 W 1:30=uur Vlees en vis klaarmaken of gevoelige gerechten opwarmen. |
| 600 W 1:30=uur Gerechten verwarmen en bereiden. |
| 900 W 30 minuten Vloeistoffen verwarmen.Het maximale vermogen is nicht bedoeld voor het verwarmen van gerechten. |
Voorgestelde waarden
Bij elk magnetronvermögen stelt het apparaat eenijdssduur voor. U kurz de voorgestelde waarde overnemen of in het betreffende bereik wijzigen.
8.2 Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron
Om uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het apparaat Niet te beschadigen, dient u geschikte vormen en accessoires te gebruiken.
Voordat u vormen voor de magnetron gebruikt dient u de informatatie van de fabrikant in acht te nemen. Voer bij twijfel een serviestest UIT. "Vormen testen op magnetronbestendigheid" Pagina 119
Geschikt voor de magnetron
| Vormen en accessoires Toelichting | |
| Vormen van hitte- en magnetronbestendig ma-teriaal: | Hittebestendig materiaal worden nicht beschadigdoor microgolven. |
| ■ Glas | |
| ■Glaskeramiek | |
| ■Porselein | |
| ■Temperatuurbestendig kunststof | |
| ■Volledig geglaceerd keramiek zonder bar-sten | |
| Vormen en accessoires Toelichting | |
| Meegeleverde accessoires: rooster | Het meegeleverde rooster is bestemd voor het apparaat en.daarom geschikt voor de magnetron. |
| Bestek van metaal Om kookvertraging te voorkomen Aunt u meta-len bestek gebruiken, bijv. een lepel in een glas. Opmerking: Metaal kan vonken verroorzaken, waardoor de binnenruimte en de binnenste deurruit beschadigd+kennen ra-ken. Voorwerpen die me-taal bevatten dieren min-stens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd te+zijn. | |
Niet geschikt voor de magnetron
| Vormen en accessoires Toelichting | |
| Vormen van metaal Metaal | laat geen micro-golven door. Hierdoor worden de gerechten nicht of nauwelijs opgewärmd. |
| Servies met goud- of zil-verdecor | Goud- en zilverdecor kan door de microgolven be-schadigd raken. Gebruik dit alleen wonneer door de fabrikant wordenega-randeerd dat het geschikt is voor de magnetron. |
Magnetronbestendig bij gebruik van de functie CombiSpeed
Bij gelebruik van de functie CombiSpeed kan er een verwarmingsmethode met een magnetronvermogen van maximaal 600 W watt worden bijgeschakeld. Daarom hunnen metalen vormen worden gelebruikt bij de functie CombiSpeed.
Vormen en accessoires Toelichting
| Meegeleverde accessoires | De meegeleverde accessoires, Zoals bijvoorbeeld het rooster, vormen bij de functie CombiSpeed geen vonken. |
| Bakvormen van metaal Gebak worden ook van onderen bruin, waar dat bakvormen van metaal dewarmte beter geleiden.Opmerking:Metaal kan vonden verzoorzaken,waardoor de binnenruimte en de binnenste deurruit beschadigd hunnen raeken.Voorwerpen die me-taal bevatten dienen min-stens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd teijken. |
8.3 Vormen testen op hun magnetronbestendigheid
Controleer m.b.v. een serviestest of vormen geschikt zich voor de magnetron. Het apparaat mag alleen bij een serviestest met gebruik van de magnetronfunctie zichonder gerechten worden gebruikt.
WAARSCHUWING-Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijkke onderden heet.
Deheteonderdelennooitaanraken.
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
1. De lege vorm in de binnenruimte plaatsen.
2. Het apparaat gedurende 12 - 1 minuut instellen op de maximale vermogensstand.
3. In working stellen met II
4. De vom mehrdere keren controleren: - Wonneer de vom koud of handwarm is, dan is deze geschikt voor de magnetron.
- Wanneer de vorm heet is of er vonken ontstaan, dan de serviestest afbreken. De vorm is dan nicht geschikt voor de magnetron.
8.4 Magnetron instellen
Voor uiteenlopende soorten gerechten en bereidingen zich er verschillende vermogens en instellungen beschikkaar.
LET OP!
Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting.
- Start nooit de magnetron zonder dat er zich etenswaar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korte serviestest vormt hierop een uitzondering.

- De "Veiligheidsinstructies" Pagina 110 en de "aanwijzingen ter voorkoming van materiaële schade" Pagina 112 in zich nemen.
-
"De aanwijzingen voor magnetronbestendige vormen en accessoires inucht nemen." Pagina 118
-
Druk op
Het apparatus is klaar voor gebruik.
Het display geeft als voorgestelde waarde het maxi- male magnetronvermogen van 900 watt aan.
- Stel in het instelgebied het gewenste magnetronvermogen in.
Het display toont het magnetronvermogen en een voorgestelde tijdsduur. - Druk op
- Stel in het instelgebied de gewenste tijsdsduur in.
- In werkung stellen met U kurz de tjidsduur te allen tijde tijdens het gebruik in het instelgebied wijzigen.
De tijdsduur loopt af en de magnetronfunctie start.
brandt.
Wanner de tijdsduur afgelopen is, worden de magnetronfunctie beeindigd en klinkt er een signaal. - Open wanner het gerecht maar is de ovendeur of druk op een willekeurig veld.
8.5 Intervallen van de tijdinstelleningen
Het interval bij het instellen van een tijdsduur bij magnetronfunctie wijzigt zich met de lengte van de tijdsduur.
| Gebruiksduur Interval |
| 0-1 minutes 5 seconden |
| 1-3 minutes 10 seconden |
| 3-15 minutes 30 seconden |
| 15 minutes - 1aar 1 minuut |
| 1aar - 1aar 30 minutes 5 minutes |
8.6 Magnetronvermogen wijdigen
- Druk op
nI Magnetron
- Stel in het instelgebied het gewenste magnetronvermogen in.
Wordt de magnetronfunctie pas na de start toegevoegd, dan pauzeert het apparatusat. Start de werkimget II
8.7 Bedrijf onderbreken
U kunt het bedrijf te allen tijde stoppen.
- Druk op Ibf open de deur van het apparaat.
De Werking wordt onderbroken.
knippert. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op
De werking worden voortgezet.
Ibrandt.
8.8 Bedrijf afbreken
U kunt het bedrijf te allen tijs de afbreken.
Druk op ① Nadat het programme onderbroken of afgebrozen is, kan hetijken dat de koelventilator blijft draaien.
Het apparatusat breekt de lopende functies af.
8.9 CombiSpeed
Om de bereidingsduur te verkarten,kestu sommige verwarmingsmethoden in combinatie met de magnetron gebruiken.
De functie CombiSpeed is möglichk met de volgende verwarmingsmethoden:
Hete lucht
- Circulationgrill
Grill
Uitzonderingen:
Magnetronvermogen 900 W
Hete lucht 40^
Servies Voorverwarmen
CombiSpeed instellen
Schakel bij een verwarmingsmethode ook de magnetron in.
1.Druk op
Het apparatus is maar voor gebruik.
Het display geeft als voorgestelde waarde het maxi- male magnetronvermogen van 900 watt aan.
2. Stel in het instelgebied het gewenste magnetronvermogen in.
Het display toont het magnetronvermogen en een voorgestelde tijdsduur.
3. Druk op
4. In het instelgebied een combineerbare verwarmingsmethode kiezen.
Er verschijnt een voorgestelde waarde voor de temperatuur.
5.Druk op
6. In het instelgebied de temperatuur instellen.
7. Druk op 9
8. Stel in het instelgebied de gewenste tijsdsduur in.
9. In werkung stellen met
- De tijdsduur loopt af en het CombiSpeed gebruik start.
Wanner de tijsdsduur is verstreten dan wordt het CombiSpeed bedrijf beeindigt en klinkt er een signaal.
Magnetronvermogen wijzigien
- Druk op
- Stel in het instelgebied het gewenste magnetronvermogen in.
Wordt de magnetronfunctie pas na de start toegevoegd, dan pauzeert het apparaat. Start de werking met II
Bedrijf onderbreken
U kunt het bedrijf te allen tijde stoppen.
- Druk op Ibf opener de deur van het apparaat.
De werking wordt onderbroken.
knippert. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op
De werking worden voortgezet.
brandt.
Bedrijf afbreken
U kunt het bedrijf te allen lijde afbreken.
Druk op ①
Nadat het programme onderbroken of afgebrozen is, kan hetijken dat de koelventilator blijft draaien.
Het apparaat breekt de lopende functies af.
8.10 Binnenruimte verw Armen en drogen
Droog de binnenruimte na elk gebruik, zodate er geen vocht achechterblijft.
- Laat het apparaat afkoelen.
- Verwijder direct grove verontreiniging uit de binnenruimte.
- Het vocht van de bodem van de binnenruimte afnemen.
- Druk op ①om het apparaat in te schakelen.
5.Druk op - Stel in het instelbereik de verwarmingsmethode circulatiegrillen n.
7.Druk op - Stel in het instelgebied 150^ in.
- Druk twee maal op
in het display gemarkeerd. - Stel in het instelgebied een tijsduur van 15 minu- ten in.
- In werking stellen met II
Het drogen start en eindigt na 15 minutes. - Open de apparaatdeur, zodat de waterdamp ont-snapt.
8.11 Droog de binnenruimte handmatig
Droog de binnenruimte na elk gebruik, zodate er geen vocht achechterblijft.
- Laat het apparaat afkoelen.
- Verwijder grove verontreiniging uit de binnenruimte.
- Droog de binnenruimte met een spons.
- Laat de deur van het apparaat een uur geopend, zo-dat de binnenruimte helemaal droog worden.
9 Automatische programma's
De automatische programma's ondersteunen u bij het bereiden van verschillende gerechten en kiest automatisch de optimale instellungen.
9.1 Aanwijzingen bij de instelleningen voor gerechten
Volg deze aanwijzingen op om een optimaal bereidingsresultaat te krijgen.
-
Gebruik alleen levensmiddelen van onberispelijke kwaliteit.
-
Gebruik alleen vlees dat op koelkasttemperatuur is.
- Gebruik alleen diepvriesgerechten die direct uit de diepvries komen.
- Neem de levensmiddelen uit hun verpakking en weeg de levensmiddelen af. Wanner u het exacte gewicht op het apparaat Niet kunt instellen, dan rondt u het gewicht maar boven af.
Zet de levensmiddelen in de onverwarmde binnenruimte. - Gebruikuitsluitendvormen voor magnetrongschikt krasbestendige vormen, bijv.van glas of keramiek.
9.2 Overzicht van de gerechten
Het apparaat vraagt u het gewicht op te gehen. U kunt alleen gewichten binnen het betreffende gewichtsgebied instellen.
Ontdooien
| Nr. Gerechten Accessoires | Inschuif- | hoogte | Gewichtsbereik in kg | Aanwijzingen |
| P01 | Gehakt Vlakke open vorm | ─ | 0,2-1,0 Gehakt dat al ontdooid is na het keren verwijderen. | |
| P02 | Vleesstukken Vlakke open vorm | ─ | 0,2-1,0 Vloeistof tijdens het keren verwijderen, in geen geval verder gebruiken en nicht met andere levensmiddelen in aanra-kingCTXaten komen. | |
| P03 | Kip, stukkenkip Vlakke open vorm | ─ | 0,4-1,8 Vloeistof tijdens het keren verwijderen, in geen geval verder gebruiken en nicht met andere levensmiddelen in aanra-kingCTXaten komen. | |
| P04 | Brood Vlakke open vorm | ─ | 0,2-1,0 Brood dient u alleen in de benodigde hoeveelheid te ontdooien. Het worden snel oudbakken. Haal indien möglich de poterhammen van elkaar. |
Bereidingsprogramma's
| Nr. Gerechten Accessoires | Inschuif- | Hoogte | Gewichtsbereik in kg | Aanwijzingen |
| POS | Rijst gesloten vom 0,05-0,2 Geen nier in kookbuiltes gebruiken. | Rijst schuimt sterk tijdens het koken.Stel het brutogewicht (zonder vloeistof)in. Twee tot tweeënhalf koer zoveelvloeistof bij de rijst doen. | ||
| POS | Aardappelen gesloten vom 0,15-1,0 In stukken van gelijke groote snijden.Per 100 g 1 el water toevoegen. | |||
| POS | Groente gesloten vom 0,15-1,0 In stukken van gelijke groote snijden.Per 100 g 1 el water toevoegen. | |||
Combigaarprogramma's
| Nr. Gerechten Accessoires | Inschuif- | Gewichtsbereik | Aanwijzingen | |
| hoogte | in kg | |||
| P08 | Ovenschotel, diepvries | open vorm 0,4-1,2 De ovenschotel mag nicht hoger+zijn dan 3 cm. | ||
| P09 | Kip, heel open vorm 0,5-2,0 Kant van de borst maar beneden. | |||
| P10 | Rosbief, medi-um | open vorm 0,5-1,5- | ||
| Nr. Gerechten Accessoires Inschuif- | Gewichtsbereik in kg | Aanwijzingen | ||
| hoogte | ||||
| P11 | Gebraden var-kenshals | gesloten vorm 0,5-2,0 | ||
| P12 | Lamsvlees, me-dium | gesloten vorm 0,8-2,0 Lamsvlees van de schouder of lams-bout zonder been | ||
| P13 | Gehaktbrood open vorm 0,5-1,5 Het gehakt mag nicht hoger+zijn dan 7cm. | |||
| P14 | Vis, heel open vorm 0,3-1,0 Snijd het vel van de vis van tevoren in.Leg de vis in de “zwemstand" in de vorm. | |||
| P15 | Eenpansge-recht met verse ingrediënten | hoge, geslotenvorm | 0,05-0,2 Doe bij elke hoeveelheid rijst de drie-voudige hoeveelheid water en de vier-voudige hoeveelheid groenten. Gebruikuitsluitend verse ingrediënten. Voer al-leen het gewicht van de rijst in. | |
9.3 Gerecht instellen
- Druk op 10
Op het display verschijnt het eerste gerechtnummer en een gewichtssuggestie.
2. Stel in het instelgebied het gewenste gerecht in.
3. Druk op %
4. Stel via het instelgebied het gewicht in. Voor de start kan met tein tussen het gerecht en het gewicht worden gewisseld.
Het apparatusat stelt automatische de bijpassende tijdsduur in.
5. Druk op II
Na de start können het gerecht en het gewicht nicht更是 worden gewijzigd. Het ingestelde gewicht kan met worden weergegeben.
- Het programme worden gestart.
Ibrandt.
Ukunt het verloop van de tijdsduur aflezen.
Bij vele programma's klinkt een kort signaal, wanner u het moet omroeren of moet keren. - Wanner de tijdsduur is afgelopen:
Er klinkt een signal. Het apparaat warmt nicht更是。
- Druk op ①
9.4 Bedrijf onderbreken
Ukunt het bedrijf te allen tijde stoppen.
- Druk op Ibf open de deur van het apparaat.
De Werking wordt onderbroken.
knippert. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op
De werking worden voortgezet.
Ibrandt.
9.5 Bedrijf afbreken
U kunt het bedrijf te allen tjde afbreken.
Druk op ①. Nadat het programme onderbroken of afgebrozen is, kan hetijken dat de koelventilator blijft draaien.
Het apparatus breekt de lopende functies af.
10 Tijdfuncties
Uw apparaat beschicht over tijdfuncties waarmee u de tijdsduur alsmede de timer kurz instellen.
10.1 Tijdfuncties opvragen
Vereiste: Wanner er meertere tijdfuncties zijn ingesteld, zich de bijbehorende symbolen verlicht. Tijdens de werkig zich timer en tijsdsduur beschikbaar. Tijdens sluimerstand zich timer en tijd beschikbaar.
Druk op totdat of | | is benadrukt.
Op het display worden de betreffende waarde weergegeven.
10.2 Tijd wijzigen
Vereiste: Om deijd te wijzigen,要去 het apparaat zich uitgeschakeld.
- Druk twee maal op .
Op het display versuschijnt en de tijd. - Stel met het instelgebied de tijd in.
- Druk op .
De tijd is ingesteld.
Wanneer nicht worden ingedrukt, worden na enkele seconden de ingestelde waarde overgenomen.
10.3 Tijdsduur
U kunt een tijsdbestek vastleggen waarna de functie automatisch worden beeindigd. De tijsduur kan tot maximaal 23 uur en 59 minutes worden ingesteld.
Tijdsduur instellen
- Verwarmingsmethode en temperatuur instellen.
- Druk op , totdat is benadrukt.
- Stel in het instelgebied de gewenste tijsdsduur in.
- Druk op II
Hetprogrammawordtgestart. - Ibrandt.
Ukunt het verloop van de tijdsduur aflezen.
Tijdsduur beeindigen
Vereiste: Er klinkt een signaal. Het apparaat warmt nicht更是 op. Op het display wordt 88 ergegeven.
- Druk op ⑤
Het signaal is uitgeschakeld. - Druk op ①
Het apparatus isuitgeschakeld.
Tijdsduur wizigen
Wijzig de tijdsduur via het instelgebied.
Naar enkele seconden verschijnt de gewijzigde tijdsduur op het display.
Ukunt het verloop van de tijdsduur aflezen.
Tijdsduur wissen
- Druk op Gwanneer de timerfunctie is ingesteld.
- Stel via het instelgebied de duur in op 00 00
Na enkele seconden worden de tijsdsduur verwijderd. Het apparaat onderbreekt de werking Niet.
10.4 Wekker
U kunt een timertijd vastleggen, waar bij er na afloop een signaal klinkt. De timertijd kan op maximaal 24 uur worden ingesteld.
De functie werkt onafhankelijk van de werkking en andere tijdfuncties. Het timersignal onder Scheidt zich van andere signalen.
Timer instellen
- Druk op Stotdat benadrukt.
-
Stel via het instelgebied de gewenste timertijd in.
-
Na enkele seconden toont het apparaat de ingestelde timertijd.
De timer start.
Op het display brand
De timertijd loopt zichtaar af.
Timer beeindigen
Vereiste: Er klinkt een signal. Op het display worden.
Druk op een willekeurig symbol.
De timer isuitgeschakeld.
Timer wizzigen
Wijzig de timertijd via het instelgebied.
- Na enkele seconden toont het apparaat de ingestelde timertijd.
Timer wissen
Stel via het instelgebied de timertijd in op 0000
De timer isuitgeschakeld.
11 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodate kinderen het Niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan hunnen wijzigen.
11.1 Kinderslot activeren
Vereiste: Het apparatus is uitgeschakeld.
Druk ca. 4 seconden op -0
Het bedieningspaneel is geblokkeerd.
Op het display versuschijnt het symbol
Wonneer een timertijd is ingesteld, dan loopt deze door. Zolang het kinderslot actief is, kan de timertijd Niet worden gewijzigd. Geluidssignalen, bijv. na het verstrijken van de timertijd, hunnen door op een willekeurige knop te drukken worden beeindigd
11.2 Kinderslot deactiveren
Druk ca. 4 seconden op -0
Het bedieningspaneel is ontgrendeld.
12 Basisinstallingen
U kurz uw apparaat instellen volgens uw behoeften.
12.1 Overzicht over de basisinstellungen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellening. De basisinstelleningen zijn afhankelijk van deuitvoering van uw apparaat.
| Indicatie | Basisinstalling | Keuze | Beschrijving | |
| c01 | Signaalduur = kort = 10 secohden | Signaalduur van het verstrij-ken van een tijsduur of de timer instellen. | ||
| 2 = gemiddeld =30 seconden1 | ||||
| 3 = lang = 2 minutes | ||||
| c02 | Toetssignaal = UIT | 0 | Toetssignalen in- of uitscha-ken. | |
| 1 = aan1 | ||||
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaatype afwijken)
| Indicatie | Basisinstelling | Keuze | Beschrijving | ||
| c03 | Displayhelderheid = laag | 12 = gemiddeld13 = hoog | Helderheid van display in-stellen. | ||
| c04 | Tijdsweergave =uit | 01 = aan1 | Tijd op het display weerge-ven. | ||
| c05 | Verlichting van de binnen-ruimte | 0 = UIT1 = aan1 | Verlichting van de binnen-ruimte in- of uitschaken. | ||
| c06 | Fabrieksinstelling =uit | 01 = aan | Gewijzigde instillingen te-rugzetten maar de fabrieks-instellingen. | ||
| c07 | Demonstratiemodus =uit | 01 = aan | Demomodus in- of uitscha-kelen.Opmerking: De demonstra-tiestand is alleen zichtaar tijdens de eerste 5 minuten na aansluiting van het ap-paraat. | ||
| c08 | Signaalsterkte =laag | 12 = gemiddeld13 = hoog | Geluidssterkte van het sig-naal instellen. |
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaatype afwijken)
12.2 Basisinstallingen wijdigen
Vereiste: Het apparaat要去 uitgeschakeld zich.
- Houd Genkele seconden ingedrukt.
Het display geeft de eerste basisinstellungen werden. - Wijzig via het instelgebied de basisinstellingen.
- Druk op
Het display geeft de volgende basisinstelling weeR. -
Met Calle gewenste basisinstellungen selecteren en de waarden wijzigen.
-
Houd om de wijzigingen op te slaan, Genkele seconden ingedrukt honden.
Tip: Na een stroomonderbreking blijven de gewijzigde basisinstellungen behouden.
12.3 Het wijdigen van de basisinstelleningen afbreken
Druk op ①
Alle wizigingen werden verworpen en nicht opgesla-gen.
13 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
13.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen.

WAARSCHUWING - Kans op elektrische schok!
Binnendringend�回t kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hopedrukreiniger gebruiken om het apparatusaat te reinigen.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen können de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gelebruiken.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanner deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
- Vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen. Ovenreiniger in de warme binnenruimte kan schade aan het email veroorzaken.
Nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte gebruiken.
Voordat er weeer worden opgewarmd de resten verwijderen uit de binnenruimte en van de apparaatdeur.
In de afzonderlijke gebruiksaanwijzingen voor het schoonmaken Aunt u lezen welke middelen geschikt zichen voor de afzonderlijke oppervlakken en onderdelen.
13.2 Apparaat reinigen
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreveen, zDat de verschillende onderdelen en oppervlakken Niet door een verkeerde reiniging of ongeschekte schoonmaakmiddelen beschadigd raken.

WAARSCHUWING - Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt zeer heet.
- Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken.
- Het apparatus at altijd laten afkoelen.
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
WAARSCHUWING-Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kuren in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te makes van grove verontreiniging.
WAARSCHUWING-Kans op letsel!
Wanner er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaak-middelen gebruiken.
- Houd de aanwijzingen bij de
"Reinigungsmiddelen",agina 124 aanhonden. - Houd de aanwijzingen aan voor het schoonmaken van de apparaatcomponenten of -oppervlakken.
-
Wanner niets anders is aangegeven:
-
De verschillende onderdelen van het apparaat reinigen met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje.
- Droog na met een zachte doek.
13.3 Binnenruimte reinigen
- Houd de aanwijzingen bij de
"Reinigungsmiddelen", Pagina 124 aanhonden. - Gebruik heet zeepsop of azijnwater voor het reini-gen.
- Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. Ovenreiniger uitsluitend in een koude binnenruimte gebruiken.
Gebruik geen ovenspray, andere agressieve ovenreinigingsmiddelen of schuurmiddelen.
Om krassen op het oppervlak te voorkomen, geen schuursponsjes, ruwe sponsjes of panreinigingsmiddel gebruiken.
Tip: Om onaangename geuren te verhelpen, een kopje water met een paar druppels citroensap gedurende 1 tot 2 minuten met maximaal magnetronvermögen verwarmen. Om kookvertraging te vermijden.altijd een lepel er in plaatsen.
- Met een zachte doek nadrogen.
Glazen bodem reinigen
- Houd de aanwijzingen bij de
"Reinigungsmiddelen", Pagina 124 aanhonden. - Glazen bodem met heet zeepsop en een zacht vaatdoekje schoonmaken.
Geen metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. Niet schuren. - Met een zachte doek nadrogen.
13.4 Voorzijde van het apparatusat reinigen
- Houd de aanwijzingen bij de
"Reinigungsmiddelen", Pagina 124 aanhonden.
- De voorkant van het apparaat met heet zeepsop en een vaatdoek reinigen.
Houd de reinigingsinstructies aan.
Onderdeel / Oppervlak Reinigingsinstructies
| Voorzijde van het appa-raat | Geen glasreiniger, meta- len of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. |
| Voorkant van het appa-raat met roestvrij staal | Geen glasreiniger, meta- len of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. Om corrosie te voorko- men kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roest- vrijstalen fronten onmid- delijk verwijderen. Bij roestvastallen op- pervlakken speciale RVS-reinigingsmiddel voor warme oppervlak- ken gebruiken. Het schoonmaakmiddel voor roestvaststaal is verkrijg- baar bij de klantenservi- ce of in de vakhandel. Breng het schoonmaak- middel voor roestvast- staal heel dun op met een zachte doek. |
Opmerking: Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Met een zachte doek nadrogen.
13.5 Display reinigen
- Houd de aanwijzingen bij de
"Reinigungsmiddelen", Pagina 124 aanhoven. - Neem het display af met een microvezeldoek of een Licht vochtig gemaakt vaatdoekje.
Niet nat afnemen. - Met een zachte doek nadrogen.
13.6 Accessoires reinigen
- Houd de aanwijzingen bij de
"Reinigungsmiddelen", Pagina 124 aanhonden. - Ingebrande etensresten met een vochtige vaatdoek en heet sop losweken.
- De accessoires met heet zeepsop en een zachte vaatdoek of een afwasborstel reinigen.
- Roest met roestvaststaal-reiniger of in de vaatwasser reinigen.
Gebruik bij sterke verontreiniging een RVS-spiraal-spons of ovenreiniger. - Met een zachte doek nadrogen.
13.7 Tips voor apparaatonderhoud
Neem de tips voor apparaatonderhoud in acht om de werkking van het apparaat lang in stand te honden.
Maatregel Voordeel
| Het apparaat alkijd schoon houden en vuil di- rect verwijderen. Maak de binnenruimte na elk ge- bruik schoon. | Dan zet het vuil zich nicht vast en brandt nicht in. |
| Kalk-, vet-, zetmeel- en ei- witvlekken onmiddelijk verwijderen. | Corrosie voorkomen. |
| Gebruik bij zeer vochtig gebak de pizza-bakplaat. | De binnenruimte worden dan nicht zo vuil. |
| Gebruik voor het braden een geschikte vom, bijv. een braadslede. | De binnenruimte worden dan nicht zo vuil. |
| Special geschikte schoonmaak- en onderhoudsmiddelen kurz u ko- pen bij de klantenservice. Houd u hierbij de betref- fende aanwijzingen van de fabrikant aan. |
13.8 Ruiten van de deur schoonmaken
- Houd de aanwijzingen bij de
"Reinigingsmiddelen", Pagina 124 aanhonden.
- Reinig de deurruiten met een vochtige vaatdoek een glasreiniger.
Geen schraper gebruiken.
Opmerking: Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen,+zijnlichtreflecties van de verlichting van de binnenruimte.
- Met een zachte doek nadrogen.
13.9 Deurafdichting reinigen
- Houd de aanwijzingen bij de
"Reinigungsmiddelen", Pagina 124 aanhonden.
- Maak de deurafdichting schoon met heet zeepsopen een zachte vaatdoek.
Geen metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. Niet schuren.
- Meteen zachtede doek nadrogen.
13.10 De binnenruimte handmatig drogen
WAARSCHUWING-Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
Laat het voor de reiniging afkoelen.
- Verontreiniging in de binnenruimte verwijderen.
- De binnenruimte drogen met een zachte doek.
- De apparaatdeur open latent, tot de binnenruimte volledig gedroogd is.
13.11 Aqualisis inschakelen
Met de functie Aqualisis kan uw apparaat in geval van lichte verontreining gemakkelijker worden schoongemaakt.
- Doe een paar druppels afwasmiddel in een kopje met water.
- Doe er ook een lepel in, om kookvertraging te voorkomen.
- Zet het kopje in het midden van de binnenruimte.
4.Druk op
Aqualisis start.
Na ca. 8 minuten schakelt het apparaat automatischuit. - Maak na het einde van de reinigingsfunctie de binnenuimte met een zachtde doek schoon.
- Laat de binnenruimte drogen.
14 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaatkest u zelf verhelpen.Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhopen van storingen.Zo voorkomt u onnodige kosten.

Ondeskundige reparatives zijn gevaarlijk.
Alleen geschoold vakpersoneel mag reparations aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
14.1 Functiestoringen
WAARSCHUWING-Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparatives zijn gevaarlijk.
Alleen waarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Ermogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt,要去 het ter vermijding van risico's worden verrangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Storing Oorzaak & Probleemoplossing
Apparaat werkt Niet. Netstekker van de stroomkabel is Niet ingestoken.
- Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet.
Zekering is defect. - Controller de zekering in de meterkast.
| Storing Oorzaak & Probleemoplossing | |
| Apparaat werkkt nicht. Stroomvoorziening is uitgevallen. | ✓ Controller of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functio-neren. |
| Storing1. Zekering in zekeringkast uitschakelen.2. Zekering na ca. 10 seconden waarischakelen.✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geefijdens het telefoongesprek de exacte fouitmelding door.→ "Servicedienst", Pagina 141 | |
| Het apparaat warmth nicht op, op het display knippert de dubbele punt. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstelleningen.1. Haal de stroom van het apparaat door de zekering in de meterkast kort uit te schakelen.2. Deactiveer de demo-modus binnen 3 minutes in de basisinstelleningen. |
| De magnetronfunctie worden afge-broken. | Storing1. Zekering in zekeringkast uitschakelen.2. Zekering na ca. 10 seconden waarischakelen.✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geefijdens het telefoongesprek de exacte fouitmelding door→ "Servicedienst", Pagina 141 |
| De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. | Er is een teklein magnetronvermogen ingesteld.Kies een hoger magnetronvermogen. |
| Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het toestel gedaan.✓ Stel een langere tijsdsduur in.Voor een dubbele hoeveelheid is de dubbeleijd nodig. | |
| De gerechten zijn kouder dan gewoonlijk.✓ Gerechten tussentijds omroeren of keren. | |
| De magnetron functioniert nicht. De | deur is Niet helemaal gesloten.Ga na of er etensresten of een vreemd voorwerpussen de deur geklemd zit-ten. |
| Ilwerd Niet ingedrukt.Druk op | |
| Op het display knippert 12:00 en het symbool Brandt. | Stroomvoorziening is uitgevallen.Stel deijd opnieuw in.→ "Tijd instellen", Pagina 116 |
| Het toestel is nicht in gebruik. Op het display worden een tijsdsduur weergegeven. | Ilwerd Niet ingedrukt.Druk op |
14.2 Aanwijzingen op het display
| Storing Oorzaak & Probleemoplossing | |
| Melding met "D" of "E" verschijnt in het display, bijv. D0111 of E0111. | Storing 1. Zekering in zekeringkast uitschakelen. 2. Zekering na ca. 10 seconden waar inschakelen. ✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geefijdens het telefoongesprek de exacte foulmeling door. → "Servicedienst", Pagina 141 |
| Melding Everschijnt in het display. | De automatische verilghieidsuitschakeling werk geactiveerd. ✓ Druk op een willekeurige button. |
| Melding Everschijnt in het dis- play. | Vocht in het bedieningspaneel. ✓ Bedieningspaneel lately drogen. |
15 Afvoeren
Wij leggen u hier uit hoe u afgedankte apparaten op de juiste manier afvoert.
15.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijk afvoer hunnen waardevolle grondstoffen opniew worden gebrukt.
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- Het netsnoer doorknippen.
- Het apparatusat milieuvriendelijk afvoeren.

Dit apparatus is gekenmerkt in overe- enstemming met de Europese richt-lijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De zichtijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
16 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instelleningen alsmede de Beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
16.1 Zo kurz u het best te werk gaan
Hier vertellen we u hoe u als Beste stap voor stap optimaal kunt profiteren van het instellingsadvies. U krijgt informatie over vele gerechten met informatie en tips, zoals hoe u het apparaat handmatig ideaal kunt gebruiken en instellen.
Tip: Voor een selectie van gerechten heeft uw apparaat geprogrammeerde instellenen. Wanner u zich door het apparaat wilt lately leiden, gelebruik dan de automatische programma's.
- Selecteer een passend gerecht uit de overzichten.
Tips
Houd de volgende basisinformatie aan wanneer u het apparaat voor de eerste keer gebruikt:
"Veiligheid", Pagina 108
"Energie besparen", Pagina 112
"Condenswater", Pagina 116
-
Wanner u niet precies het gerecht of de toepassing vindt dat u wilt bereiden resp.uitvoeren, gadan te werk aan de hand van een gelijksoortig gerecht.
-
Accessoiresuit de binnenruimte nemen.
- Geschekte vormen en accessoires kiezen.
Gebruik het servies en accessoires welke in de instellingsaanbevelingen zijn aangegeven.
- Verwarm het apparaat alleen voor wanner het recept of de insteladviezen dit aangeven.
-
Stel het apparaat in overeenkomstig de instellingsaanbevelingen.
-
WAARSCHUWING - Kans op brandwonden!
Bij het openen van de apparaatdeur kan harestoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur Niet alttijd zichtaar.
Tijdens het openen nicht te zich bij het apparaat staan.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich. Schakel het apparaat uit wonneer het gerechtCLAar is.
16.2 Tips voor een acrylamide-arme bereiding
Acrylamide is schadelijk voor de gezondheid en ontstaat vooral bij zeer sterk verhitte graan- en aardappel-producten.
Gerecht Tip
Algemeen Houd de bereidingsstij
Gerechten goudbruineniet een te donkerekleurlaten krijgen.
- Gebruikgrote, dikke producten. Deze bevatten minder acrylamide.
Gebak en koekjes De temperatuur bij he
te lucht op max. 180^ instellen.
Gebak en koekjes met ei of eigeel bestrijken. Dit vermindert de vorming van acrylamide.
Oven-frites Frites gelijkmatig en in
eén laag over deplaat verdelen.
Minstens 400g per plateau bakken, zodat defrites nicht uitdrogen.
16.3 Ontdooien, verwarmen en garen met demagnetron
Instellingsadviezen voor het ontdooien, verwarmen en koken met de magnetron.
De tijdsduur is afhankelijk van het servies en van de temperatuur, aard en hoeveelheid van het product. In de tabellen zijn bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in. Het kan zichen dat u andere hoeveelheden heeft dan in de tabellen zichen aangegeven. Hiervoor geldt een vuistregel: dubbele hoeveelheid - bijna dubbele tijdsduur, halve hoeveelheid - halve tijdsduur.
Tips voor het ontdooien, verwarmen en bereiden met de magnetron
Houd u deze tips aan voor goede resultaten bij het ontdooien, opwarmen en bereiden met de magnetron.
Vraag Tip
U wilt een andere hoeveelheid bereiden dan in de tabel is aangegeven.
De bereidingsstijden overeenkomstig de vuistregel verlungen of verkorten:
- Dubbele hoeveelheid is = bijna de dubbele tijd
- Halve hoeveelheid = halveijd
Ontdoolien met de magnetron
Instellingsadviezen voor het ontdooien van levensmiddelen en gerechten.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik open servies dat geschikt is voor de magnetron.
- De gerechten tussendoor 2-3 keer omroeren of keren. Bij het keren de ontdoovloeistof verwijderen.
- De gerechten na het ontdooien 10 - 60^ minutes latenten rusten.
- Kwetsbare delen, zoals kippenvleugels en -poten of vette randen van braadstukken, kut u afdekken met kleine stukken aluminiumfolie. De folie mag de wanden van de binnenruimte Niet raken. Halverwege het ontdooien kut u de aluminiumfolie verwijderen.
| Gerecht Accessoires / vor-men | Inschuifhoogte Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. | |
| Vlees, heel, van rund, kalf of vanken (met en zonder been), 800 g | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 152. 10-20 |
| Vlees, heel, van rund, kalf of vanken (met en zonder been), 1,0 kg | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 202. 15-25 |
| Vlees, heel, van rund, kalf of vanken (met en zonder been), 1,5 kg | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 302. 20-30 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of vanken, 200 g1 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 32. 10-15 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of vanken, 500 g1 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 52. 15-20 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of vanken, 800 g1 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 82. 15-20 |
| Gehakt, gemengd, 200 g2 | Open vorm 90 10-15 | 2. 90 | |
| Gehakt, gemengd, 500 g2 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 52. 10-15 |
| Gehakt, gemengd, 800 g Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 102. 5-10 | |
| Gevogelte of stukken gevogelte, 600 g | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 82. 10-15 |
| Gevogelte of stukken gevogelte, 1,2 kg | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 152. 25-35 |
| Eend, 2,0 kg Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 202. 30-40 | |
| Visfilet, viskotelet of plakken, 400 g1 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 52. 10-15 |
| Hele vis, 300 g Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 32. 10-15 | |
| Hele vis, 600 g Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 82. 10-15 | |
| Groente, bijv. erwten, 300 g Open vorm 180 10-15 | 2. 90 | ||
1 De ontdoide delen van elkaar losmaken.
2 Het reeds ontdooide vlees verwijderen.
3 Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.
| Gerecht Accessoires / vor- | men | Inschuifhoogte Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Groente, bijv. erwten, 600 g Open vorm | 1. 180 | 2. 90 | 1. 82. 5-10 |
| Fruit, bijv. frambozen, 300 g1 | Open vorm 180 7-10 | 2. 90 | 1. 82. 5-10 |
| Fruit, bijv. frambozen, 500 g1 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 82. 5-10 |
| Boter ontdooien, 125 g Open vorm 1. | 180 | 2. 90 | 1. 12. 2-4 |
| Boter ontdooien, 250 g Open vorm 1. | 360 | 2. 90 | 1. 12. 2-4 |
| Heel brood, 500 g Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 62. 5-10 | |
| Heel brood, 1,0 kg Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 122. 15-25 | |
| Gebak, droog, bijv. cake, 500 g3 | Open vorm 90 15-25 | 2. 90 | 1. 52. 10-15 |
| Gebak, droog, bijv. cake, 750 g3 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 52. 10-15 |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart, 500 g3 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 52. 10-15 |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart, 750 g3 | Open vorm 1. 180 | 2. 90 | 1. 72. 10-15 |
1 De ontdooide delen van elkaar losmaken.
2 Het reeds ontdoode vlees verwijderen.
3 Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.
Ontdooien en opwarmen diepgevroren gerechten
Instellingsadviezen voor het ontdooien en verwarmen van diepgevroren gerechten met de magnetron.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of speciale magnetronfolie gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hove.
- De gerechten tussendoor 2-3 keer omroeren of keren.
- De gerechten na het opwarmen 1-2 minutes lately rusten.
- De producten geben warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
| Gerecht Accessoires / vor- | men | Inschuifhoogte Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaar ge-recht, 300-400 g | Gesloten servies 600 10-15 | ||
| Soep, 400 g Gesloten servies 600 8-15 | - | ||
| Eenpansmaaltijd, 500 g Gesloten servies 600 10-15 | - | ||
| Eenpansmaaltijd, 1 kg Gesloten servies 600 20-25 | - | ||
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash, 500 g | Gesloten servies 600 25-30 | ||
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash, 1 kg | Gesloten servies 600 25-30 | ||
| Vis, bijv. filetstukken, 400 g Gesloten servies 600 10-15 | - | ||
| Vis, bijv. filetstukken, 800 g Gesloten servies 600 18-20 | - | ||
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta, ge-kookt, 250 g1 | Gesloten servies 600 25- | ||
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta, ge-kookt, 500 g1 | Gesloten servies 600 8-10 | ||
| 1 Voeg een beetje water aan het gerecht toe. | |||
| Groenten, bijv. erwten, broccoli, wor-tels, voorgegaard, 300 g1 | Gesloten servies 600 | 5-8 | |
| Groenten, bijv. erwten, broccoli, wor-tels, voorgegaard, 600 g1 | Gesloten servies 600 | 14-17 | |
| Spinazie a la crème, 500 g Gesloten servies 600 11-16 | |||
| 1 Voeg een beetje water aan het gerecht toe. | |||
Opwarmen met de magnetron
Instellingsaanbevelingen voor het opwarmen van gerechten.

WAARSCHUWING - Kans op brandwonden!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur worden bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij eenkleine trilling van de vom kan de hete vloeistof dan plotseling hevig overkoken en opspatten.
Zorg ervoor dat erijdens het verwarmen alsijd een lepel in de vorm staat. Zo worden kookvertraging voorkomen.

LET OP!
Als het metaal gegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonden waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas,要去en minstens 2cm van de wanden van de binnenuimte en de binnenkant van de deur verwijderd着眼.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of speciale magnetronfolie gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge.
- De gerechten tussendoor 2-3 keer omroeren of keren.
- De gerechten na het opwarmen 1-2 minutes lately rusten.
-
De producten geben warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
Babyvoeding: -
Flesje zonder speen of deksel op het roosterplaatsen.
- Na het opwarmen goed schudden of omroeren.
- Absoluut de temperatuur van de flesvoeding controeren.
| Gerecht Accessoires / vor- | men | Inschuifhoogte Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaar ge-recht, ca. 400 g | Open vorm 600 5-10 | ||
| Dranken, 200 ml Glas | Doe een lepel in het glas | 900 1-2 | |
| Dranken, 500 ml Glas | Doe een lepel in het glas | 900 2-4 | |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk, 150 ml1 | Flesjes zonder speen of deksel op de bodem van de binnenruimte plaat-SEN | 360 1-2 | |
| Soep, 2 koppen elk 175 g Open vorm 900 4-5 | |||
| Soep, 4 koppen, elk 175 g Open vorm 900 5-6 | |||
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash, 500 g | Gesloten servies 600 10-15 | ||
| 1 Na het verwarmen goed schudden of omroeren. Controleer de temperatuur. | |||
| 2 Voeg een beetje water aan het gerecht toe. | |||
| Gerecht Accessoires / vor- | men | Inschuifhoogte Magnetron-vermögen in watt | Tijdsduur in min. |
| Eenpansgerecht, 400 g Gesloten servies 600 5-10 | |||
| Eenpansgerecht, 800 g Gesloten servies 600 10-15 | |||
| Groenten, 150 g2 | Open vorm 600 2-3 | ||
| Groenten, 300 g2 | Open vorm 600 3-5 | ||
| 1 Na het verwarmen goed schudden of omroeren. Controller de temperatuur. | |||
| 2 Voeg een beetje water aan het gerecht toe. | |||
Bereiden met magnetron
Instellingsaanbevelingen voor het bereiden met de magnetron.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of speciale magnetronfolie gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hove.
- De gerechten na het opwarmen 1-2 minutes lately rusten.
- De producten geben warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
- De eigien smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate.
- De groenten en de aardappelen in stukken van gelijke grootte snijden. Voor elke 100 g 1-2 el water toevoegen. Tussentijds doorroeren.
Voor de rijst de dubbele hoeveelheid vloeistof toevoegen.
| Gerecht Accessoires / vor- | men | Inschuifhoogte Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Hele kop, vers,+zonder ingewanden, 1,3 kg | Gesloten servies 600 80-35 | ||
| Visfilet,vers 400 g Gesloten servies 600 10-15 | - | ||
| Groente,vers,250 g Gesloten servies 600 5-10 | - | ||
| Groente,vers,500 g Gesloten servies 600 10-15 | - | ||
| Aardappels,250 g Gesloten servies 600 8-10 | - | ||
| Aardappels,500 g Gesloten servies 600 10-15 | - | ||
| Rijst,125 g + 250 ml water Gesloten servies 1.600 | - | 1.7-92.15-20 | |
| 2.180 | |||
| Rijst,250 g + 500 ml water Gesloten servies 1.600 | - | 1.8-102.20-25 | |
| 2.180 | |||
| Zoete gerechten,bijv.pudding (in-stant) 500 ml1 | Gesloten servies 600 6-8 | ||
| 1 Tussendoor met de gard 2-3 keer roeren. | |||
Popcorn voor de magnetron
Instellingsaanbevelingen voor het opwarmen van gerechten.
LET OP!
Wordt er bij het makeen van popcorn in de magnetron een te hoog vermogen gebruikt, dan kan de deurruit barsten als gevolg van overbelasting.
Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in.
Maximaal 600 watt gebruiken.
Leg de popcornzak alkijd op een glazen bord.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik een platte, hittebestendige vorm. Gebruik geen porseleinen of sterk gewelfd bord.
- Plaats de glazen vorm.altijd op het rooster.
Alaar gelang de hoeveelheid de tijsdsduur aanpassen. - Om te voorkomen dat de popcorn aanbrandt, de popcornzak na 1 minuut en 30 seconden even uit de oven nemen en schudden. Let op: heet!
| Gerecht Accessoires / vor-men | Inschuifhoogte Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Popcorn voor de magnetron, 100 g RoosterGlazen schaal | 600 3-5 |
Tips voor het de volgende keer ontdooien, verwarmen en bereiden met de magnetron
Houd u deze tips aan voor goede resultaten bij het ont-dooien, opwarmen en bereiden met de magnetron.
Vraag Tip
| Uw gerecht is te droog. | Verkort de tijsdsduur of kies een lager magnetronvermogen.Dek het gerecht af en voeg meer vloeistof toe. |
| Uw gerecht is na het verstrijkken van deijd nog Niet ontdooid, opgewarmd of gaar. | Verleng de tijsdsduur. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten ismeerijd nodig. |
| Uw gerecht is na het verstrijkken van deijd van binnen nog Niet kaar, maar van de buitenkant reeds oververhit. | Tussentijds doorroe- ren.Verlaag het magnetronvermogen en ver-leng de tijsdsduur. |
| Uw vlees of gezogelte is na het ontdooien van bin- nen nog steeds Niet ont-dooid, maar van buiten alegaard. | Verlaag het magnetronvermogen.Grote te ontdooien producten meerderemalen keren. |
16.4 Taart en gebak
Instelaanbevelingen voor taart en gebak.
Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de kwaliteit en de hoeveelheid van het deeg. In de tabellen zijn bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in. Een lagere temperatuur resulteert in een gelijkmatigere bruining.
Tips voor het bakken
Voor een goed bakresultaat hebben wij hier tips voor u verzameld.
Vraag Tip
| Uw gebak要去gelijkmatagrijzen. | Vet alleen de bodem van de springvorm in.Maak het gebak na het bakken voorzichtig met een mes los uit de bakvorm. |
| Klein gebak mag tijdens de bereiding Niet aan el-kaar plakken. | Houd rondon elk stuk een minimale afstand van 2 cm aan. Zo is er vol-doende plaats om het ge-bak goed te lately rijzen en helemaal bruin te lately worden. |
| Vaststellen of het gebak afgebakken is. | Steen met een houten prikker op het hoogste punt plaats in het gebak.Wanner er geen deeg aan het hout blijft kleven, dan is het gebak koar. |
| U wilt bakken volgens uw eigen recept. | Stem het kabken dan af op soortgelijk gebak in de baktabellen. |
| Gebruik bakvormen van siliconen, glas of kunst-stof. | De vorm moet tot 250°C hittebestendig়n.In deze vormen worden het gebak minder bruin.Wanner u de magnete-tron bijschakelt, worden de tijsduur eventueel korte dan wat in de ta-bel staat aangegeven. |
Gebak in vormen
Insteltemperaturen voor het bakken van gebak in vormen
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
Zet de vorm allijd in het midden van het rooster.
- Gebruik hittebestendig servies dat geschikt is voor de magnetron.
Bakvormen van metaal zich uitsluitend geschikt voor het bakken zonder magnetron.
- Donkere bakvormen van metaal zich het meest geschikt.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuif-hoogte | Verwar-mingsme-thode | Temperatuur in °C | Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Cake, eenvoudig1 | Krans-of rechthoekige vorm | - | ® | 170-180 90 40-50 | ||
| Cake, fijn bijv. zandgebak1 | Krans-of rechthoekige vorm | - | ® | 150-170 - 70-90 | ||
| Taartbodem van beslag Taartbodem-vorm | - | ® | 160-180 - 30-40 | |||
| Vruchtentaart, fijn, van roer-deeg | Springvorm/tulbandvorm | - | ® | 170-190 90 30-45 | ||
| Biscuittaart, 3 eieren Springvormø 26 cm | - | ® | 170-180 - 30-40 | |||
| Vruchten- of kwarktaart met kruimeldeegbodem1 | Springvormø 26 cm | - | ® | 170-180 180 35-45 | ||
| Pizza Ronde piz-zaplaat | - | ® | 220-230 - 15-25 | |||
| Hartig gebak, bijv. quiche Springvormø 26 cm | - | ® | 200-220 - 50-70 | |||
| Notentaart Springvormø 26 cm | - | ® | 170-180 90 30-35 | |||
| Gistdeeg met vochtige be-dekking | Ronde piz-zaplaat | - | ® | 170-190 - 55-65 | ||
| Broodvlecht van 500 g bloem | Ronde piz-zaplaat | - | ® | 170-190 - 35-45 | ||
1 Het gebak ca. 20 minuten in de oven lately afkoelen.
Klein gebak
Instellingsaanbevelingen voor het bakken van Klein gebak
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
Zet de vorm altijd in het midden van het rooster. - Donkere bakvormen van metaal zich het meest geschikt.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuifhoog- te | Verwar- mingsme- thode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
| Koekjes Ronde pizzaplaat 150-170 20-35 | |||||
| Macarons Ronde pizzaplaat 110-130 35-45 | |||||
| Schuimgebak | Ronde pizzaplaat | 100 | 80-100 | ||
| Muffins | Muffinplaat op het rooster | 160-180 35-40 | |||
| Bladerdeeggebak | Ronde pizzaplaat | 190-200 35-45 |
Brood en broodjes
Instellingsaanbevelingen voor het bakken van brood en broodjes
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
Zet de vorm alkijd in het midden van het rooster.
- Donkere bakvormen van metaal een het meest geschikt.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuifhoog- te | Verwar- mingsme- thode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
| Brood, 1,5 kg Langwerpige | 1. 230 | 1. 10-15 | |||
| bakvorm | 2. 200-210 | 2. 40-50 | |||
| Broodjes, bijv. tarwebroodjes Ronde pizzaplaat 210-230-25-35 | |||||
Tips voor de volgende keer dat er gebakken worden
Wanner er bij het bakken iets nicht lukt, dan vindt u hier tips.
Vraag Tip
| Uw gebak zakt in. ■ Houd de opgegeven ingredientsen en bereidingsaanwijzingen in het recept aan. ■ Gebruik minder vloeistof. Of: ■ Verlaag de baktempe-ratuur met 10 °C en verleng de baktijd. | |
| Uw gebak is te droog. Verhoog de baktempera-tuur met 10 °C en verkort de baktijd. | |
| Uw gebak is over het ge-heel te Licht. | ■ Controller de inschuif-hoogte en de acces-soires. ■ Verhoog de baktempe-ratuur met 10°C. Of: ■ Verleng de baktijd. |
| Uw gebak is aan de bo-venkant te Licht, maar aan de onderkant te donker. | Plaats het gebak=eén ni-veau hoger. |
| Uw gebak is aan de bo-venkant te donker, maar aan de onderkant te Licht. | ■ Plaats het gebak=eéniveau lager. ■ Verlaag de baktempe-ratuur en verleng de baktijd |
| Uw gebak is onregelmatig gebruind. | ■ Verlaag de baktempe-ratuur. ■ Knip het bakpapier in de juiste afmetingen. ■ Plaats de bakvorm in het midden. ■ Kleine stukken gebak qua grootte en dikte zoveel möglichelijk een-vormig makeen. |
Vraag Tip
| Uw gebak is van buiten gaar, maar van binnen nog Niet goed doorbakken. | ■ Verlaag de baktempe-ratuur en verleng de baktijd.■ Minder vloeistof toe-voegen.Bij gebak met vochtige bedekking:■ De bodem voorbak-ken.■ Bestrooi de gebakken bodem met amande-len of paneermeel.Leg de bedekking op de bodem. |
| Het gebak LAST Niet los wonneer u het uit de vom wilt storten. | ■ Laat het gebak na het bakken 5 - 10 minutes afkoelen.Maak de rand van het gebak voorzichtig los met een mes.Stort het gebak op-nieuw en bedek de vom meerde keren met een natte, foude doek.Vet de vom de vol-gende keer in en be-strooi deze met pa-neermeel. |
| Tussen vom en rooster ontstaan vonden. | ■ Controller of de vom van buiten schoon is.Wijzig de positie van de vom in de binnen-ruimte.Bak zonder magne-tronfunctie verder en verleng de bakduur. |
16.5 Braden en grillen
Instellingsaanbevelingen voor bakken en grillen Temperatuur en braadtijd zijn afhankelijk van de kwanti- teit en de kwaliteit van de gerechten. In de tabellen zich bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in.
Braden in vormen
Maakt u gerechten in servies klaar, dan kurz u ze eenvoudiger uit de binnenruimte nemen en direct in het servies opdienen. Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
- Gebruik hittebestendig servies dat geschikt is voor de magnetron.
- Braad- en bakvormen van metaalijken alleen geschikt voor gebruik zonder de magnetronfunctie.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Controller van tevoren of de vorm in de binnenruimte past.
Vormen van glas zijn het meest geschikt.
Plaats hare glazen vormen op een droge onderzetter. Wanner de ondergrond nat of koud is, dan kan het glas knappen. - De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen wonneer u hem uit de oven haalt.
Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Open vorm
Gebruik een hoge braadvorm.
Gesloten servies
- Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
- Bij vlees moet er:tussen het te braden product en het deksel minimaal 3cm afstand zich. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
Vlees, gezogelte en vis kuren ook in een gesloten braadslede knapperig worden. Gebruik waaroor een braadslede met glazen deksel. Stel een hogere temperatuur in.
WAARSCHUWING-Kans op brandwonden!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur Niet altijd zichtaar.
- Til het deksel aan de achterkant op, zodat de hete stoom van het lichaam af kan ontsnappen.
Houd kinderen uit de buurt.
Opmerkingen
Mager vlees of stoofvlees
- Ca. 1/2 cm hoog vloeistof in de vorm doen, bijv. water, wijn, azijn of iets soortgelijks.
De hoeveelheid vloeistof is afhankelijk van het soort vlees, van het materiaal van de vom en van het feit of u een deksel gebruikt. In geemailleerde of donkere metalen ovenschotels is meer vloeistof nodig dan in glazen servies.
Voor stoofvlees iotaer vloeistof toevoegen.
- Tijdens het braden verdampt de vloeistof. Indien nodig nog wat vloeistof erbij schenken.
- Keer stukken vlees na de helft van de bereid ingstijd.
Vis
- Doe voor het stomen van vis 1-3 eetlepels vloeistof in de vorm, bijv. citroensap of azijn.
Grillen
Grill gerechten die knapperig moeten worden.
- Grill.altijd met een gesloten apparaatdeur.
Niet voorverwarmen.
Grillstukken van gewiek gewicht en gelijke dikte gebruiken.
Dan worden ze gelijkmatig bruin en blijven lekker mals.
- Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster.
- De grillstukken keren met een grilltang.
Wanneer u met een vork in het vlees prikt, verliest het sap en worden het droog.
Zout het vlees pas na het grillen. Zout onttrekt water aan het vlees.
Opmerking: Donker vlees, bijv.rundvlees, wordt sneller bruin danlicht kalfs- of varkensvlees. Grillstukken van Licht vlees of vis zichnaak alleen aan de oppervlakte Lichtbruin, maar van binnen.gaar en sappig.
Het grillelement worden steeds werden in- en uitgeschakeld. Dit is normala. De frequentie hangt af van de ingestelde grillstand.
Bij het grillen kan rook ontstaan.
Tips voor het braden en stoven
Houd deze tips aan voor goede resultaten bij braden en stoven.
Vraag Tip
| Mager vlees要去 nicht uit-drogen. | Bestrijk mager vleesaar wens met vet ofleg er reepjes spek op. |
| U wilt een braadstuk metzwoerd bereiden. | Snij de zwoerd kruis-lings in.Braad het braadstukeerst met de zwoerdaar onder. |
| De binnenruimte要去 zo schoon möglichblijven. | Bereid het product ineen gesloten braadsle-de bij een hoge tem-peratuur. |
| Vlees要去 heet en sap-pig blijven, bijv. rosbief. | Wonneer het braad-stuk maar is, deze10 minuten in de uitge-schakelde, geslotenbinnenruimte lately rus-ten. Zo kan het vleessap zich beter verd-len. Bij de opgegevenbereidingstijd is deaanbevolen rusttijd nichtinbegrepen.Wikkel het product na de bereiding in alumi-niumfolie. |
Rundvlees
Instellungsaanbevelingen voor het bereiden van rundvlees
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
Keer de rosbief en de rundersteaks na de helft van de bereidingsstijd. Laat de gerechten tot slot nog ca. 10 minu- ten staan.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuif-hoogte | Verwar-mingsme-thode | Temperatuur in °C / grill-stand | Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Gestoofd rundvlees, ca. 1 kg | Rooster Gesloten ser-vies | ─ | ® | 180-200 | 180 120-145 | |
| Rosbief, medium, ca. 1 kg | Rooster Open vom | ─ | ® | 210-230 | 180 30-40 | |
| Rundersteak, medium, 2-3 stuks, 2-3 cm dik, elk 200 g | Rooster Glazen schaal | ─ | ® | 3 - 20-30 | ||
Varkensvlees
Instellingsaanbevelingen voor het bereiden van varkensvlees
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
Keer het braadstuk zonder zwoerd na de helft van de bereidingsstijd. Laat het braadstuk tot slot nog ca.10 minuten staan.
Leg het vlees met het zwoerd waar boven in de vorm. Snij de zwoerd in. Keer het braadstuk Niet. Laat het braadstuk tot slot nog ca.10 minuten staan. - Keer de halsstukken na 2/3 van de bereidingsstijd.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuif-hoogte | Verwar-mingsme-thode | Temperatuur in °C / grill-stand | Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Vlees zonder zwoer, bijv. halsstuk, ca. 750 g | Rooster Gesloten ser-vies | ─ | ◆ | 220-230 180 40-50 | ||
| Vlees met zwoer, bijv.schouder, ca. 1 kg | Rooster Open vom | ─ | ◎ | 190-210 - 130-150 | ||
| Halsstuk, 2-3 stuks, 2-3 cm dik | Rooster Glazen schaal | ─ | □ | 3 - 25-35 |
Overige vleesgerechten
Instellingsaanbevelingen voor het bereiden van overige vleesgerechten.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
Laat het gehakt tot slot nog ca. 10 minutes staan.
Keer de worstjes na 2/3 van de bereidingsstijd.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuif-hoogte | Verwar-mingsme-thode | Temperatuur in °C / grill-stand | Magnetron-vermögen in watt | Tijdsduur in min. |
| Gebraden gehakt,ca. 750 g | RoosterOpen vom | 180-200 600 15-20 | ||||
| Worstjes om te grillen, 4 tot6 stuks, elk ca. 150 g | RoosterGlazen schaal | 3 - 25-35 |
Gevogelte
Instellingsaanbevelingen voor het bereiden van gezogelte.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
Leg hele kippen met de borstzijde aan beneden. Keer deze halverwege de bereidingsstijd.
Leg kipdelen en eendenborst met de huidzijde maar boven. Keer de gerechten Niet.
Keer ganzenbouteh halverwege de bereidingsstijd. Prik in de huid.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuif-hoogte | Verwar-mingsme-thode | Temperatuur in °C / grill-stand | Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Kip, heel, ca. 1,2 kg Rooster | Gesloten ser-vies | ─ | ⊕ | 220-230 360 35-45 | ||
| Kipdelen, ca. 800 g Rooster | Open vom | ─ | ⊕ | 210-230 360 20-30 | ||
| Eendenborst, ca. 500 g Rooster | Glazen schaal | ─ | ⊕ | 3 90 20-30 | ||
| Ganzenborst, ganzenbou-ten, 700-900 g | RoosterOpen vom | ─ | ⊕ | 210-230 90 30-40 |
Vis
Instellungsaanbevelingen voor het bereiden van vis.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
Leg voor het grillen de hele vis, bijv. zalm of forel, in het midden van het rooster.
Vet het rooster van te voren in met olie.
| Gerecht Accessoires /vormen | Inschuifhoog-te | Verwar-mingsme-thode | Grillstand Tijdsduur in min. |
| Viskotelet, 2-3 stuks, elk 150 g RoosterGlazen schaal | ─ | ☐ | 3 20-25 |
| Hele vis, 2-3 stuks, elk 300 g RoosterGlazen schaal | ─ | ☐ | 3 20-30 |
Tips voor de volgende koer braden
Wanner er bij het braden een keer iets nicht direct lukt, dan vindt u hier tips.
| Vraag Tip | |
| Uw braadstuk is te don-ker en de korst op som-mige plekken verbrand. | ■ Kies een lagere tem-peratuur.■ Verkort de braadduur. |
| Uw braadstuk is te droog. | ■ Kies een lagere tem-peratuur.■ Verkort de braadduur. |
| De korst van uw braad-stuk is te dun. | ■ Verhoog de tempera-tuur.Of:■ Schakel na het einde van de braadduur kort de grill in. |
| Uw braadsaus is aange-brand. | ■ Kies een Kleinere vorm.Voeg bij het bradenmeer vloeistof toe. |
| Vraag Tip | |
| Uw braadsaus is teichten te waterig. | ■ Kies een grotere vormom ervoor te zorgendat ermeer vloeistofverdampt.Voeg bij het bradenminder vloeistof toe. |
| Wanner u vlees stooft,brandt het vlees aan. | ■ Controller of debraadvorm en het deksel bij elkaar passenen goed sluiten.Verlaag de tempera-tuur.Voeg bij het stovenvloeistof toe. |
| Uw braadstukken zichnietgaar. | ■ Snij het braadvlees instukken.Maak de saus in debraadvorm klaar.Leg de braadstukkenin de saus.Met de magnetron debraadstukken gaarmaken. |
16.6 Ovenschotels, gratins en toast
Instellingsaanbevelingen voor het bereiden van ovenschotels, Gratis en toast.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
- Gebruik voor overschotels en aardappelgratins een 4 tot 5cm hoge magnetron- en hittebestendige overschotel.
- Laat ovenschotels en gratins nog 5 Minutes in de uitgeschakelde oven nagaren.
- Toast de sneetjes toast voor.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuif-hoogte | Verwar-mingsme-thode | Temperatuur in °C / grill-stand | Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Ovenschotel, zoet, ca. 1,5 kg | Open vorm 140-160 360 25-30 | |||||
| Ovenschotel, hartig, van bereide ingredienten, ca. 1 kg | Open vorm 150-170 600 20-25 | |||||
| Aardappelgratin van rauwe ingredienten, ca. 1,1 kg | Open vorm 210-220 600 20-25 | |||||
| Toast grillen, 4 stucks Rooster | 3 - 8-10 | |||||
16.7 Diepvries kant-en-klaar-producten
Instellingsaanbevelingen voor het bereiden van diepvries kant-en-klaar-producten.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
Houd de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking aan.
- De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
- Patat, aardappelkrokreten en rosti Niet over elkaar leggen en na de helft van de bereidingstijd keren.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuif-hoogte | Verwar-mingsme-thode | Temperatuur in °C | Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Pizza met dunne bodem Rooster 220-230 - 10-15 | ® | |||||
| Pizza-baguette Rooster 1. - | ─ | ® | 1. 600 | 1. 2 | ||
| 2. 220-230 | 2. - | 2. 13-18 | ||||
| Patat Ronde piz- | zaplaat | ─ | ® | 220-230 90 10-15 | ||
| Aardappelkroketen Ronde piz- | zaplaat | ─ | ® | 210-220 - 10-15 | ||
| Rösti, gevulde aardappel-vorpjes | Ronde piz-zaplaat | ─ | ® | 200-220 90 15-20 | ||
| Strudel Ronde piz- | zaplaat | ─ | ® | 220-230 - 20-30 | ||
| Ovenschotels, bijv. lasagne, ca. 450 g | Gesloten ser-vies | ─ | ® | 220-230 600 10-15 | ||
16.8 Testgerechten
Deze overzachten werden voor testinstituten gemaakt, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1:2013 resp. IEC 60350-1:2011 en volgens de norm EN 60705:2012, IEC 60705:2010 te vergemakkelijken.
Ontdooien met de magnetron
Instellingsaanbevelingen voor het ontdooien van vlees of bevogelte.
| Gerecht Accessoires / vor-men | Inschuifhoogte Magnetron-vermögen in watt | Tijdsduur in min. |
| Vlees, 500 g Open vorm Bodem van de binnenruimte | 1. 1802. 90 | 1. 52. 10-15 |
Bereiden met magnetron
Instellingstemperaturen voor het bereiden van testgerechten met de magnetron.
| Gerecht Accessoires / vor-men | Inschuifhoogte Magnetron-vermögen in watt | Tijdsduur in min. |
| Vla, 1 kg Open vorm Bodem van de binnenruimte | 1.6002.180 | 1.10-132.20-30 |
| Biscuittaart, 475 g Open vorm Bodem van de binnenruimte | 600 8-10 | |
| Gehakt, 900 g Open vorm Bodem van de binnenruimte | 18-23 18-23 |
Bereiden in combinatie met magnetron
Instellingstemperaturesn voor het bereiden van testgerechten in combinatie met de magnetronfunctie.
Opmerking:
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik voor dekip een hoge vorm.
Leg dekip met de borst maar onderen.Keer deze halverwege de bereidingsstijd.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuif-hoogte | Verwar-mingsme-thode | Temperatur in °C | Magnetron-vermogen in watt | Tijdsduur in min. |
| Aardappelgratin Rooster | Open vorm | ─ | ⊕ | 210-220 600 25-30 | ||
| Gebak Rooster | Open vorm | ─ | ⊕ | 190-200 180 20-27 | ||
| Kip Rooster | Open vorm | ─ | ⊕ | 190 360 30-45 |
Bakken
Instellingsaanbevelingen voor het bakken van testgerechten.
Opmerking: De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het Niet voorverwarmde apparaat.
| Gerecht | Accessoires /vormen | Inschuifhoog-te | Verwar-mingsme-thode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
| Biscuit | Rooster SpringvormØ 26 cm | ─ | ® | 170-180 | 30-40 |
| Bedekte appeltaart | Rooster SpringvormØ 20 cm | ─ | ® | 170-190 | 80-100 |
| Spritsgebak | Glazen schaal | ─ | ® | 160-170 | 30-35 |
| Kleine cakes | Glazen schaal | ─ | ® | 160-170 | 25-30 |
Grillen
Instellingsaanbevelingen voor het grillen van testgerechten.
Opmerking: Keer de beefburger na de helft van de bereidingsstijd.
| Gerecht Accessoires / | vormen | Inschuifhoog- te | Verwar- mingsme- thode | Grillstand Tijdsduur in min. |
| Toast bruinen Rooster 3 4-5 | ─ | □ | ||
| Beef burgers, 9 stucks Rooster | Glazen schaal | ─ | □ | 3 35-45 |
17 Servicedienst
Als u vragen hebbt over het gebruik, een storing aan het apparaat Niet zich verwahlen of als het apparaat要去 worden gerepareererd, neem dan contact op met once servicedienst.
Veel problemen kunt u via de informatatie voor het verhopen van storingen in deze gebruiksaanwijzing of op once website zichverhopen. Als dit Niet het geval is, neem dan contact op met once servicedienst.
We vinden alkijd een passende oplossing en proberen onnodig bezoek van de servicetechnicus te vermijden.
We zorgen ervoor dat het apparaat zowel binnen de garantieperiode als na het verstrijken van de fabrieks-garantie met originele reserveonderdelen door geschoolde servicetechnici worden gerepareerd.
Gedetailleerde informatatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kurz u opvragen bij once servicedienst, uw dealer of op once website.
Als u contact opneem met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op unsere website.
17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wonneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparataatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers nsel terug te können vinden, kurz u de gegevens noteren.