AVD58 - Audioreceiver AIWA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis AVD58 AIWA in PDF-formaat.

📄 98 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice AIWA AVD58 - page 75
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : AIWA

Model : AVD58

Categorie : Audioreceiver

Download de handleiding voor uw Audioreceiver in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AVD58 - AIWA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AVD58 van het merk AIWA.

GEBRUIKSAANWIJZING AVD58 AIWA

VOORKOMEN. VOORZORGSMAATREGELEN Lees de gebruiksaanwijzing aandachtig en volledig alvorens het toestel in gebruik te nemen. Bewaar de gebruiksaanwijzing zodat u ze achteraf nog kunt raadplegen. Alle waarschuwingen en veiligheidsinstructies in de gebruiksaanwijzing en op het toestel zelf moeten strikt worden nageleefd. Installatie 1 Water en vocht — Gebruik dit toestel niet in de buurt van water zoals bijvoorbeeld een bad, een lavabo, een zwembad of dergelijke. 2 Warmte — Gebruik dit toestel niet in de buurt van warmtebronnen zoals blazers, kachels, of andere verwarmingstoestellen. Het toestel mag niet worden blootgesteld aan temperaturen van minder dan 5°C en meer dan 35°C. 3 Ondergrond — Plaats het toestel op een vlakke, effen ondergrond. 4 Ventilatie — Rond het toestel moet voldoende ruimte zijn voor een afdoende ventilatie. Laat 10 cm vrij achteraan en bovenaan, en 5 cm aan weerszijden van het toestel. - Plaats het toestel niet op een bed, een tapijt of dergelijke waardoor de ventilatiegaten kunnen worden afgesloten. - Plaats het toestel niet in een boekenrek, een kast of dergelijke waar de ventilatie wordt bemoeilijkt. 5 Vreemde voorwerpen en vloeistof — Zorg ervoor dat er via de ventilatiegaten gaan vreemde voorwerpen noch vloeistof in het toestel terechtkomen. 6 Wagentjes en onderstellen — Wanneer het toestel op een wagentje of onderstel is geplaatst, moet het voorzichtig worden verplaatst. Door bruuske bewegingen, overdreven kracht en een oneffen ondergrond kan het toestel of wagentje kantelen of vallen. 7 Installatie op een muur of plafond — Het toestel mag niet op een muur of plafond worden geïnstalleerd, tenzij dat vermeld staat in de gebruiksaanwijzing. Stroomvoorziening 1 Stroombronnen — Sluit dit toestel enkel aan op stroombronnen die vermeld staan in de gebruiksaanwijzing en op het toestel zelf. 2 Netsnoer - Trek voor het verbreken van de aansluiting op het stopcontact altijd aan de stekker zelf en nooit aan het snoer. - Raak de stekker van het netsnoer nooit aan met natte handen om brand of elektrocutie te voorkomen. - Netsnoeren mogen niet sterk worden gebogen, geklemd of belopen. Let vooral op het snoer tussen het toestel en het stopcontact. - Zorg ervoor dat stopcontacten en verlengsnoeren niet overbelast raken om brand of elektrocutie te voorkomen. 3 Buiten gebruik — Trek de stekker uit het stopcontact wanneer het toestel enkele maanden of nog langer niet wordt gebruikt. Zolang de stekker in het stopcontact zit, vloeit er altijd een kleine hoeveelheid stroom naar het toestel, ook al is dat uitgeschakeld. OPMERKING AIWA CO. LTD. - JAPAN - VERKLAART ONDER ZIJN EIGEN

  • Onderhoud Reinig het toestel zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing. Problemen die u niet zelf kunt oplossen Laat het toestel nakijken door een vakbekwaam technicus als:- Het netsnoer of de stekker zijn beschadigd- Vreemde voorwerpen of vloeistof in het toestel terecht zijngekomen- Het toestel is blootgesteld aan regen of water- Het toestel niet naar behoren functioneert- Het toestel beduidend minder goed werkt- Het toestel is gevallen of de behuizing is beschadigd PROBEER HET TOESTEL NIET ZELF TE REPAREREN. INHOUD VOORZORGSMAATREGELEN p. 2
  • VOORBEREIDINGEN AANSLUITINGEN p. 4
  • VOOR U AAN DE SLAG GAAT p. 8
  • DE KLOK INSTELLEN p. 9
  • GELUID PERSOONLIJKE KLANKINSTELLING p. 10
  • DSP SURROUND p. 11
  • BASISHANDELINGEN AUDIO-/VIDEOBRON KIEZEN p. 12
  • OPNEMEN VAN EEN AUDIOBRON p. 13
  • RADIO-ONTVANGST ZENDERS VOORINSTELLEN p. 14
  • VOORINGESTELDE ZENDERS BELUISTEREN p. 15
  • ZOEKEN OP RDS CODE p. 16
  • DOLBY SURROUND SELECTEREN p. 18
  • LUIDSPREKERNIVEAU REGELEN p. 19
  • INSTELLEN VAN DE LFE EN HET DYNAMISCH BEREIK p. 21
  • DTS SURROUND SELECTEREN TIMER p. 22
  • ALGEMEEN TECHNISCHE GEGEVENS p. 24
  • ZORG EN ONDERHOUD p. 25
  • VERHELPEN VAN STORINGEN p. 25
  • ONDERDELEN Controleer het toebehorenAfstandsbedieningFM antenne AM/LG antenneGebruiksaanwijzing, enz. Nieuwe dynamische geïntegreerde versterker Dit is een splinternieuw versterkersysteem dat een heldereweergave geeft van de midden-tot-hoge tonen en een rijkeweergave van de lage tonen zodat de luisteraar kan profiterenvan een weergave die het oorspronkelijke geluid zo dicht mogelijkbenadert, met minder vervorming, zowel bij hoge als bij lagevolumeniveaus.4 NEDERLANDS TOESTELLEN AANSLUITEN Aansluitingen en stekkers hebben de volgende kleurcode:Rode aansluitingen en stekkers: voor het rechter kanaal vanaudiosignalenWitte aansluitingen en stekkers: voor het linker kanaal vanaudiosignalenGele aansluitingen en stekkers: Voor videosignalenOPMERKINGSteek de stekkers volledig in de aansluitingen. Loszittendestekkers kunnen gebrom of andere storingen veroorzaken. AANSLUITINGEN Alvorens het netsnoer aan te sluiten De nominale voedingsspanning van het toestel bedraagt 230 Vwisselstroom, zoals vermeld op het achterpaneel. Controleer ofde nominale spanning overeenstemt met de lokale netspanning. BELANGRIJK Sluit eerst de luidsprekers, antennes en alle los verkrijgbareapparatuur aan. Steek pas dan de stekker in het stopcontact. VOORBEREIDINGEN p. 25

Verbind de VIDEO OUT aansluiting van een DVD rechtstreeksmet een TV, en niet via dit toestel, zoniet kan het beeld zijngestoord bij het afspelen van kopieerbeveiligde DVD’s.

Ingangssignalen die binnenkomen via de digitaleingangsaansluitingen (VIDEO 2 COAXIAL IN, VIDEO 1OPTICAL IN), kunnen niet worden opgenomen. Om het geluidvan een DVD, CD, MD of LD-speler op te nemen, verbindt uAUDIO OUT van de speler met AUDIO IN van de receiver.

Sluit een mono videorecorder aan met een stereo-monokabel(niet meegeleverd).

Gebruik een RF demodulator bij aansluiting van een LD-spelermet AC-3 RF OUT aansluiting. Verbind ook de analoge AUDIOOUT aansluitingen van de LD-speler met de receiver om allebronnen af te spelen. Meer informatie vindt u in degebruiksaanwijzing van de LD-speler. Video 2*

/Kabel TVDVD of Video 1* /MD-spelernaar VIDEO IN (Video 1)naar AUDIO IN (Video 1/MD)naar VIDEO INnaar AUDIO OUTPUTnaar AUDIO OUTnaar COAXIALDIGITAL OUTCoaxiaalkabelOptischeverbindingskabelnaar OPTICALDIGITAL OUT(DVD)naar VIDEO OUTRF demodulator* CD-spelerPlatenspelerCassettedecknaar OUTPUTnaar LINE OUTnaar LINE INnaar VIDEO OUT (Video 1)*naar AUDIO OUT

ACHTERZIJDE VOORZIJDE Camcordernaar VIDEO OUTnaar AUDIO OUT

LUIDSPREKERS AANSLUITEN1 Luidsprekeraansluitingen Sluit voorluidsprekers, een middenluidspreker, surround luidsprekers en subwoofer aan op het toestel: - de voorluidsprekerkabels op FRONT SPEAKERS. Steek het uiteinde van het luidsprekersnoer in de opening van de aansluiting en zet de aansluiting vervolgens vast. Controleer of het snoer goed vast zit. - de middenluidsprekerkabel op CENTER SPEAKER. - de surround luidsprekerkabels op SURROUND SPEAKERS. Wikkel het uiteinde van het snoer rond de aansluitklem. Draai de klem vervolgens vast. Controleer of het snoer stevig vastzit. - voor een krachtiger bass-geluid, de subwoofer (met ingebouwde versterker) op SUB WOOFER 3. Wanneer een subwoofer is aangesloten moet u altijd de “SUBW ON” (subwoofer aan) stand kiezen (zie pagina 6). Luidsprekerimpedantie Gebruik in alle gevallen luidsprekers van 8 Ohm of meer. Verbind + met + en – met – Voor een goed geluidseffect moet de polariteit van de aansluitingen op het toestel en de luidspreker worden gerespecteerd; de + aansluiting op het toestel moet worden verbonden met de + aansluiting op de luidspreker (en – met –). OPMERKING

  • Sluit de luidsprekerkabels correct aan zoals de afbeelding in de rechter kolom laat zien. Een foutieve aansluiting kan kortsluiting veroorzaken in de SPEAKERS aansluitingen.
  • Breng geen magnetische voorwerpen in de buurt van de luidsprekers. VOORBEREIDINGEN 1, 2 en 3 in de afbeelding komen overeen met het volgende: 1Surround luidsprekers Rechts Links 1Middenluidspreker 1Subwoofer 3FM antenne 3AM/LG antenne 2Netstroomaansluitingen 1Voorluidsprekers Rechts LinksSubwooferSurround luidsprekersVoorluidsprekersMiddenluidspreker6 NEDERLANDS

DE MEEGELEVERDE ANTENNES

AANSLUITEN 3 Sluit de FM antenne aan op de FM 75 Ω aansluiting en de AM/ LG antenne op de MW/LW LOOP aansluiting. De AM/LG kaderantenne opstellen Bevestig de klauw in de gleuf zoals de afbeelding laat zien. De antennes richten Eenpolige FM antenne: Volledig uitstrekken en richten voor een optimale ontvangst. Voor een betere FM ontvangst is het gebruik van een buitenantenne aan te raden. AM/LG kaderantenne: Richten voor een optimale ontvangst. OPMERKING

  • Breng de FM antenne niet in de buurt van metalen voorwerpen of gordijnrails.
  • Breng de AM/LG antenne niet in de buurt van los verkrijgbare apparatuur, de stereo installatie zelf, het netsnoer of de luidsprekerkabels om ruis te voorkomen.
  • Wikkel de AM/LG antennedraad niet af.

EEN BUITENANTENNE AANSLUITEN

Voor een betere FM ontvangst is het gebruik van een buitenantenne aan te raden. Sluit de buitenantenne aan op FM 75 Ω.

DE LUIDSPREKERS OPSTELLEN

Stel de luidsprekers zo op dat u het meeste profijt kunt trekken van de Dolby, DTS of DSP surroundeffecten. Voorluidsprekers (L/R) Middenluidspreker (C) In het midden van beide voorluidsprekers. Op of onder een TV wanneer een TV op het toestel is aangesloten. Surround luidsprekers (LS/RS) Plaats de surround luidsprekers vlak naast of iets achter de luisterpositie. Zorg ervoor dat ze elk ongeveer 1 meter boven oorhoogte zitten. Subwoofer (SW) Plaats de subwoofer ergens tussen de voorluidsprekers in. Wanneer een subwoofer is aangesloten Kies “SUBW ON”.

1. Druk op eenmaal de MANUAL SELECT toets op de

afstandsbediening zodat “SUBW OFF” verschijnt in het uitleesvenster.

2. Druk binnen de 4 seconden op de TUNING DOWN M

toets of draai de MULTI JOG knop naar links om “SUBW ON” te laten verschijnen. Wanneer geen subwoofer is aangesloten, moet u “SUBW OFF” kiezen. Laat “SUBW ON” verschijnen in stap 1 en druk op de TUNING UP N toets of draai de MULTI JOG knop naar rechts in stap 2. OPMERKING De weergave via de surround-luidsprekers of de midden- luidspreker hangt af van de instelling voor Dolby, DTS of DSP surround. Gebruiken van de netstroom-aansluitingen op het toestel 2 Het toestel is voorzien van netstroom-aansluitingen. Deze kunt u gebruiken wanneer het toestel zelf eenmaal is aangesloten op een stopcontact. Sluit geen apparatuur die het opgegeven vermogen van de aansluitingen (120 W maximaal en in totaal) te boven gaat. AM/LG antenneFM antenneNEDERLANDS

AFSTANDSBEDIENING Batterijen aanbrengen Maak het batterijdeksel achter op de afstandsbediening los en plaats twee R6 (AA) batterijen. Wanneer de batterijen vervangen De maximum afstand tussen de afstandsbediening en de sensor op het toestel bedraagt ongeveer 5 meter. Als die afstand korter wordt, moet u de batterijen vervangen. Gebruik van de afstandsbediening De instructies in deze gebruiksaanwijzing hebben in hoofdzaak betrekking op de toetsen op het hoofdtoestel. In principe hebben de toetsen op de afstandsbediening en die op het hoofdtoestel dezelfde werking als ze voorzien zijn van identieke of soortgelijke aanduidingen. Sommige toetsen hebben twee functies.

  • Om de functie te gebruiken die vermeld staat op de toets of op het zwarte paneel, drukt u gewoon op de toets.
  • Om de functie te gebruiken die vermeld staat op het groene paneel, drukt u op de toets en tegelijkertijd op de SHIFT toets. Belangrijk De ENTER toets op de afstandsbediening vervangt niet de ENTER toets op het hoofdtoestel. Deze toets dient alleen om de DVD-speler te bedienen (zie rechterkolom). Een functie (audiobron) kiezen met de afstandsbediening Druk herhaaldelijk op de FUNCTIE toets. De functie verandert cyclisch. OPMERKING
  • Als het toestel gedurende lange tijd niet wordt gebruikt, verwijder dan de batterijen om elektrolietlekken te voorkomen.
  • De werking van de afstandsbediening kan zijn verstoord wanneer: - De sensor in het uitleesvenster blootstaat aan sterke zonnestraling. - Andere afstandsbedieningen in de buurt worden gebruikt (bijvoorbeeld van een televisie, enz.). VOORBEREIDINGEN AIWA CD- of DVD-spelers bedienen met de afstandsbediening Basisfuncties van AIWA CD- of DVD-spelers kunnen worden bediend met de afstandsbediening. In principe hebben de toetsen die hieronder beschreven staan dezelfde functie als die op de DVD- of CD-spelers. Meer details vindt u in de gebruiksaanwijzing van de speler. CD-spelers bedienen Druk op de volgende toets. c/a(CD) - Weergave starten of stoppen. f,g - Om te zoeken. Houd de toets ingedrukt. r(CD),t(CD) - Muziekstuk overslaan. Druk herhaaldelijk op de toets. s - Om de weergave te stoppen. DISC SKIP (CD) - Om een disc in de CD-wisselaar over te slaan. Bediening van DVD-spelers Druk op de volgende toets terwijl u de SHIFT toets ingedrukt houdt. c - Weergave starten. f,g - Muziekstuk zoeken. s - Weergave stoppen. i,k,j,l (op, neer, links of rechts) - Verplaatst de cursor om een programma enz. te kiezen. AUDIO - Om te veranderen van muziekstuk (taal, enz.) ENTER - Om over te schakelen naar het gekozen programma, enz. TITLE of MENU - Om over te schakelen naar het titel- of menuscherm. RETURN - Om terug te keren naar de vorige stand, enz. DVD PAUSE - Om de weergave van een DVD tijdelijk te onderbreken. OPMERKING Met bepaalde AIWA COMPACT DISC SPELERS kunnen niet alle functies van de afstandsbediening goed werken.8 NEDERLANDS

VOOR U AAN DE SLAG GAAT

Het toestel aanzetten Druk op de POWER 6STANDBY/ON toets. Bediening is mogelijk na vier seconden. De VOL (volume)aanduiding of de functienaam verschijnen eerst achtereenvolgensin het uitleesvenster.De gekozen functie-indicator licht rood op.Om de helderheid van het uitleesvenster te wijzigen. 1 Druk herhaaldelijk op de ECO toets tot “DIM MODE” verschijnt. 2 Druk binnen de 4 seconden op de ENTER toets.3 Draai binnen de 4 seconden aan MULTI JOG om de dimmermode te kiezen zoals hieronder beschreven.Na 4 seconden wordt de stand automatisch geactiveerd. Hijwordt ook geactiveerd wanneer na stap 3 binnen de 4seconden op ENTER wordt gedrukt. DIM-OFF: Normale verlichting.DIMMER 1: Het uitleesvenster is minder verlicht dannormaal.DIMMER 2: Het uitleesvenster is minder goed verlicht danin de stand DIMMER 1. De functie-indicatordooft.Gebruik van een hoofdtelefoonSluit een hoofdtelefoon aan op PHONES met behulp van eenstandaard stereo stekker (ø6,3 mm). Zorg ervoor dat de FRONTSPEAKERS toetsen op h OFF staan, zoniet wordt geluidweergegeven via de luidsprekers.OPMERKINGWanneer een hoofdtelefoon is aangesloten:- Wordt Dolby Pro Logic of DSP automatisch uitgeschakeld.- De Dolby Digital of DTS surroundfunctie zal worden veranderd in “2chSTEREO (2CH DOWNMIX)”. Druk op de POWER 6STANDBY/ON toets om het toestel af tezetten. STROOMSPAARSTAND (ECO MODE) Door dit toestel in de ECO stand te zetten, kunt u hetstroomverbruik wanneer het toestel uit (standby) staatverminderen.De stroomspaarstand is normaal geactiveerd.• Wanneer de huidige tijd is ingesteld, verdwijnt de tijdaanduidingmeteen.• Wanneer de stroom is uitgeschakeld zullen alle lichtjes op hetdisplay doven en zal alleen de ECO indicator rood oplichten.De stroomspaarstand uitschakelen 1 Druk op de ECO toets om “ECO MODE” te laten verschijnen terwijl het toestel is uitgeschakeld.2 Druk binnen de 4 seconden op de ENTER toets. 3 Draai binnen de 4 seconden aan MULTI JOG om “ECO OFF” te kiezen.Na 4 seconden wordt de stand automatisch geactiveerd. Hijwordt ook geactiveerd wanneer na stap 3 binnen de 4seconden op ENTER wordt gedrukt.NEDERLANDS

Wanneer de stekker de eerste maal in een stopcontact wordtgestoken, knippert de tijdaanduiding in het uitleesvenster.Stel de tijd als volgt in terwijl het toestel uit staat. 1 Druk op de ENTER toets. Het uitleesvenster licht iets meer op. 2 Draai binnen de 4 seconden aan de MULTI JOG knop om de uren en de minuten in te voeren. De tijd loopt op door naar rechts te draaien en af door naarlinks te draaien. De N / M toets op het hoofdtoestel zijn ook beschikbaar. Druk herhaaldelijk op de toets. Houd de toets ingedrukt omde tijd snel te laten op- of aflopen in stappen van 10 minuten. 3 Druk op de ENTER toets. De klok begint te lopen vanaf 00 seconden.OPMERKING Wanneer de klok voor het eerst na aankoop wordt ingesteld Alles in het uitleesvenster verdwijnt.Dit komt doordat de stroomspaarfunctie van het toestel isgeactiveerd en wijst niet op een defect.De stroomspaarfunctie kan worden geannuleerd. Zie pagina 8voor meer details. De huidige tijd corrigeren Druk op POWER 6STANDBY/ON om het toestel uit te schakelen. Voer stap 1 tot 3 hierboven uit. De huidige tijd weergeven Druk op de CLOCK toets en tegelijk op de SHIFT toets op deafstandsbediening. De tijd verschijnt gedurende 4 seconden.Wanneer u deze handeling via het hoofdtoestel uitvoert, dient uop CLOCK te drukken terwijl de stroom is ingeschakeld, of opENTER terwijl de stroom is uitgeschakeld (standby). Overschakelen naar het 24-urensysteem Toon de huidige tijd en druk binnen de 4 seconden op de BAND/DIGITAL/ANALOG toets op het toestel.Herhaal dezelfde procedure om terug te keren naar het 12-urensysteem. In het 12-urensysteem staat “AM 12:00” voor middernacht en “PM 12:00” voor middag. Als de tijdindicatie knippert Dit is het gevolg van een stroomonderbreking. De klok moet danopnieuw worden ingesteld.Als de voeding gedurende meer dan ongeveer 24 uren wordtonderbroken, moeten alle instellingen die na aankoop in hetgeheugen werden opgeslagen, opnieuw worden uitgevoerd. VOORBEREIDINGEN10 NEDERLANDS PERSOONLIJKE KLANKINSTELLING VOLUMEREGELING Draai aan VOLUME op het hoofdtoestel, of druk op VOL op deafstandsbediening.Het volume verschijnt gedurende vier seconden in hetuitleesvenster. Het kan worden ingesteld van 0 tot MAX (50).Vanaf 44 gaat de indicatie knipperen.De volume-instelling blijft behouden, ook wanneer het toestelwordt afgezet. Wanneer echter de stroom wordt uitgeschakeldmet het volume op 21 of hoger, zal het volume automatisch op20 gezet worden wanneer de stroom de volgende keer wordtingeschakeld. De links/rechts-balans van de voorluidsprekers regelen Druk op de BALANCE toets om “L/R 0dB” te laten verschijnen. Druk vervolgens binnen de vier seconden herhaaldelijk op deN / M toets of draai aan de MULTI JOG knop.Vergeet niet dat de balans tussen de voor-luidsprekers bij Dolbyen DTS ook wordt veranderd. Het geluid tijdelijk onderdrukken Druk op de MUTING (MUTE) toets (–20 dB).“MUTE ON” verschijnt gedurende vier seconden in hetuitleesvenster. Terwijl het geluid is onderdrukt, knippert degekozen functie-indicator. Druk nogmaals op de MUTING toetsom het geluid te herstellen. TOONREGELING U kunt de weergave van de lage en hoge tonen regelen. 1 Druk op TREBLE of op BASS. 2 Druk binnen 4 seconden herhaaldelijk op M/N of verdraai MULTI JOG om het gewenste niveau in te stellen. Beide niveaus kunnen worden ingesteld in een bereik tussen-10 dB en +10 dB in stappen van 2 dB.“TONE” zal op het display verschijnen terwijl u de TREBLE(hoge tonen) of BASS (lage tonen) regelt. Regelen met de afstandsbediening 1 Druk herhaaldelijk op GEQ terwijl u SHIFT ingedrukt houdt zodat “TREBLE” of “BASS” op het display verschijnt. 2 Druk op TUNING DOWN of UP terwijl u SHIFT ingedrukt houdtom het niveau in te stellen.

Het T-BASS systeem verbetert de weergave van lage frequenties.Druk op de T-BASS toets. Bij elke druk verandert het niveau. Kies één van de drie niveaus of schakel de functie uit, naargelang van uw persoonlijkevoorkeur.OPMERKINGLaagfrequent geluid kan zijn vervormd wanneer het T-BASSsysteem wordt gebruikt bij een disc of cassette waarvan hetlaagfrequente geluid al is geaccentueerd. Schakel dan hetT-BASS systeem uit. DIRECTE WEERGAVEFUNCTIE U kunt alle geluidsinstellingen (behalve het volume) ongebruiktlaten, maar in het geheugen opgeslagen laten, zodat u naar hetoorspronkelijke, onveranderde geluid van de signaalbron kuntluisteren. Druk op SOURCE DIRECT. De melding “SOURCE DIRECT” loopt over het display en de indicator licht op.Druk nog eens op deze toets om de geluidsinstellingen weer teactiveren.OPMERKING• Terwijl de directe weergavefunctie in werking is kunt u TAPEMONITOR en alle verdere toetsen die invloed hebben op degeluidsweergave niet gebruiken.• De directe weergavefunctie kan niet worden gebruikt bijweergave van een digitaal signaal.

KLANKINSTELLING TIJDENS HET OPNEMEN

Volume en toon van de luidsprekers of hoofdtelefoon kunnennaar wens worden ingesteld zonder dat dit het opnameniveaubeïnvloedt. GELUIDNEDERLANDS

GELUID DSP SURROUND De DSP (Digital Signal Processor) surround schakelingen kunnenhet effect van geluid dat door muren of plafonds wordt weerkaatstnabootsen, wat de weergave levensechter maakt. Het toestelwerkt met 5 DSP voorinstelstanden. 1 Druk op DSP. 2 Druk binnen 4 seconden herhaaldelijk op M/N of verdraai MULTI JOG om de gewenste DSP functie te selecteren. De “DSP” en “S” (surround-luidsprekers) indicators lichten op. Als de muziekbron mono is Het DSP systeem werkt eventueel niet efficiënt. De geselecteerde instelling annuleren Druk op de DSP toets om de DSP-stand te laten verschijnen endruk vervolgens binnen de vier seconden nogmaals op de toets.“DSP OFF” verschijnt in het uitleesvenster. Kiezen met de afstandsbediening 1 Druk op de DSP toets.2 Druk binnen de 4 seconden herhaaldelijk op de TUNING UPof DOWN toets terwijl u de SHIFT toets ingedrukt houdt totde gewenste DSP stand verschijnt.Er is keuze uit 5 voorinstellingen.Gekozen instelling Volume en balans van de surround luidsprekers regelen 1 Druk driemaal op de MANUAL SELECT toets op de afstandsbediening om “S 0dB” te laten verschijnen met het DSP systeem ingeschakeld.2 Druk binnen 4 seconden op TUNING DOWN of UP terwijl uSHIFT op de afstandsbediening ingedrukt houdt.Om deze handeling via het hoofdtoestel uit te voeren, dient uherhaaldelijk op N / M te drukken of MULTI JOG teverdraaien.OPMERKING• Het DSP surround system wordt automatisch uitschakeld enkan niet worden ingeschakeld:- Wanneer een hoofdtelefoon is aangesloten.- Wanneer de Dolby Digital of DTS surround bitstroom hettoestel binnenkomt in de DIGITAL functie.- Wanneer de SOURCE DIRECT directe weergavefunctie inwerking is.• Het DSP surroundsysteem zal automatisch wordengeannuleerd wanneer het Dolby Pro Logic systeem wordtingeschakeld, en andersom.12 NEDERLANDS BASISHANDELINGEN

AUDIO-/VIDEOBRON KIEZEN

1 Kies de programmabron. Draai aan de FUNCTION keuzeschakelaar of druk op de TAPEMONITOR toets. De geselecteerde functie-indicator licht rood op. Luisteren of kijken naar Rode indicatorEen cassette TAPE MONITORDe radio TUNEREen plaat PHONOEen compact disc CDTelevisie, enz. AUXVideo VIDEO 1/DVD/MD,VIDEO 2/LD/TV, VIDEO 3Een LD of kabel-TV VIDEO 2/LD/TVEen MD of DVD VIDEO 1/DVD/MDWelke functie moet worden geselecteerd (behalve PHONO)hangt af van de apparatuur die is aangesloten op de ingangenachter op het toestel.Kiezen met de afstandsbedieningDruk herhaaldelijk op de TAPE MONITOR of FUNCTIE toets.OPMERKINGBij het gebruik van een platenspeler met ingebouwdeequalizer-versterker, zet u de schakelaar van de equalizer-versterker af. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van deplatenspeler voor meer informatie. 2 Start de geselecteerde programmabron. 3 Regel het geluid. Betreffende de videobron en de monitor of TV De geselecteerde video signaalbron zal worden aangegeven ophet display en het videosignaal zal worden gereproduceerd naarde TV via de MONITOR VIDEO OUT aansluiting.De videobron kiezen1 Draai aan FUNCTION om PHONO, CD of AUX te kiezen.2 Druk op de ENTER toets om VIDEO 1 te laten verschijnen.3 Draai aan MULTI JOG om VIDEO 2 of VIDEO 3 te selecteren. Veranderen van de naam op het display voor de VIDEO 1 en VIDEO 2 functies Wanneer VIDEO 1 is geselecteerd, verschijnt VIDEO 1 eerst. Ditkan worden veranderd in DVD of MD.Druk de BAND/DIGITAL/ANALOG toets en de ENTER toetstegelijk in, en laat vervolgens eerst de ENTER toets los. De naam die verschijnt voor de VIDEO 2 functie kan wordenveranderd in VIDEO 2, LD of TV; druk terwijl de VIDEO 2 functieis geselecteerd de BAND/DIGITAL/ANALOG toets en de ENTERtoets tegelijk in, en laat vervolgens eerst de ENTER toets los. Selecteren van “ANALOG” of “DIGITAL” (auto) voor de VIDEO 1 of VIDEO 2 functie Druk op BAND/DIGITAL/ANALOG terwijl VIDEO 1, VIDEO 2 is geselecteerd. De geselecteerde stand - “ANALOG” of “DIGITAL” - verschijnt in het uitleesvenster.In de DIGITAL stand: Apparatuur die is aangesloten op VIDEO1 OPTICAL IN wordt als bron gekozen voor de VIDEO 1 functie,en apparatuur die is aangesloten op VIDEO2 COAXIAL IN voorde VIDEO 2 functie.In de ANALOG stand: Apparatuur die is aangesloten op VIDEO1/DVD/MD IN wordt als bron gekozen voor de VIDEO 1 functie,en apparatuur die is aangesloten op VIDEO 2/LD/TV voor deVIDEO 2 functie.OPMERKING “DIGITAL” verandert in “ANALOG” wanneer de TAPE MONITOR toets wordt ingedrukt. Wanneer de “OVER LEVEL” indicator oplicht Dit toestel is uitgerust met een OVER LEVEL indicator. Wanneerhet analoge ingangssignaal van de aangesloten apparatuur tehoog is om weergegeven te worden, zal deze indicator oplichten.Regel dan het ingangsniveau tot de indicator verdwijnt, zoalshieronder beschreven.Het geluidsniveau van een aangesloten bron regelenHet ingangsgevoeligheidsniveau van elke functie kan wordengeregeld (behalve TUNER, VIDEO 1 (DIGITAL) en VIDEO 2(DIGITAL)).Wanneer het geluidsniveau van de aangesloten bron hoger oflager is dan dat van de TUNER, regelt u dat als volgt. 1 Kies de functie die moet worden geregeld. Draai aan FUNCTION of druk op de TAPE MONITOR toetsen laat de bron spelen. U moet de directe weergavefunctieuitschakelen. 2 Druk twee keer op M om het niveau te verlagen. Om het oorspronkelijke niveau te herstellen, dient u twee keer op N te drukken zodat “0dB” op het display verschijnt. V1: VIDEO 1, V2: VIDEO 2, V3: VIDEO 3Geselecteerde videobronNEDERLANDS

OPNEMEN VAN EEN AUDIOBRON

1 Kies de programmabron die u wilt opnemen. Verander de FUNCTIE. 2 Breng het cassettedeck of de MD recorder in de opnamestand. 3 Start de gekozen programmabron. Het opnamegeluid beluisteren (wanneer het aangesloten cassettedeck is uitgerust met drie koppen) Druk op de TAPE MONITOR toets. “TAPE ON” verschijnt gedurende vier seconden in het uitleesvenster, waarna debronnaam die in stap 1 werd geselecteerd opnieuw verschijnt.Om de opnamecontrole af te zetten, drukt u er nogmaals op zodat“TAPE OFF” verschijnt.OPMERKING• TAPE MONITOR kan niet worden gebruikt wanneer de directeweergavefunctie is ingeschakeld.

  • De opname wordt niet beïnvloed door om het even welke geluidsregeling (zie pagina 10).• Ingangssignalen die binnenkomen via de digitaleingangsaansluitingen kunnen niet worden opgenomen. Bijopname van geluid van een DVD, CD, MD of LD-speler verbindtu de analoge AUDIO OUT aansluitingen van de speler met decorresponderende AUDIO IN aansluitingen van de receiver.Het geluid wordt opgenomen in 2ch stereo.• Bij het opnemen van audiobronnen met een MD recorderaangesloten op VIDEO 1/DVD/MD AUDIO OUT moet V2 of V3als videobron (zie pagina 12) worden geselecteerd. Er kan nietworden opgenomen wanneer V1 (VIDEO 1) is geselecteerd enaangegeven in het uitleesvenster.Opnemen kan niet wanneer V1 verschijnt in het uitleesvenster.• Het ingangsgeluid van het cassettedeck aangesloten op TAPEMONITOR IN kan niet worden opgenomen. EEN DVD of LD OPGENOMEN IN DOLBY DIGITAL of DTS SURROUND AFSPELEN Deze receiver is uitgerust met een Dolby Digital decoder en eenDTS decoder en beschikt over digitale ingangsaansluitingen(zowel OPTICAL als COAXIAL). Wanneer er een DVD- of LD-speler is aangesloten op een van de digitale ingangsaansluitingenvan de receiver, kunt u gewoon in uw eigen huiskamer profiterenvan geluidsweergave met bioscoop-kwaliteit, wanneer u discsafspeelt die zijn opgenomen met Dolby Digital of DTS surround. Voor u begint
  • Controleer of TAPE MONITOR of SOURCE DIRECT niet zijningeschakeld.• Gebruik een RF demodulator bij aansluiting van een LD-spelermet AC-3 RF OUT aansluiting. Verbind ook de analoge AUDIOOUT aansluitingen van de LD-speler met de receiver om allebronnen af te spelen. Meer informatie vindt u in degebruiksaanwijzing van de LD-speler. 1 Verdraai FUNCTION, selecteer de VIDEO 1 (VIDEO

2) functie en druk net zo vaak op BAND/DIGITAL/

ANALOG tot “DIGITAL” (auto) op het display verschijnt. De DVD (LD) speler die is aangesloten op de VIDEO 1OPTICAL (VIDEO 2 COAXIAL) IN aansluiting zal alssignaalbron worden geselecteerd. 2 Start de weergave van een DVD (LD) opgenomen in Dolby Digital of DTS surround.

  • De “DOLBY DIGITAL” indicator licht op in het uitleesvenster wanneer de Dolby Digital surround bitstroom het toestelbinnenkomt.Om de Dolby Digital surround stand te kiezen volgens uw luidsprekers, zie “DOLBY SURROUND SELECTEREN” op pagina 18.
  • De “dts” indicator licht op in het uitleesvenster wanneer de bitstroom van DTS surround in het toestel komt.Om de DTS surround mode te kiezen volgens uwluidsprekers, zie “DTS SURROUND SELECTEREN” oppagina 22.OPMERKING
  • U kunt “DIGITAL” niet selecteren wanneer TAPE MONITOR of SOURCE DIRECT is ingeschakeld.• Wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten, zullen de DolbyDigital of DTS surroundfuncties automatisch overschakelen naar “2chSTEREO” en zal de “STEREO” indicator op het display oplichten. Deze functie zal ook niet veranderd kunnen wordenals u op SURROUND drukt terwijl er een hoofdtelefoon isaangesloten.• Dit toestel is compatibel met ingangssignalen van Dolby Digitalsurround bitstroom, DTS surround bitstroom en linear PCM meteen bemonsteringsfrequentie van 32 kHz, 44,1 kHz en 48 kHz.• Bij het aansluiten van sommige DVD-spelers op de digitaleaansluitingen van de receiver, is het mogelijk dat u ruis kunthoren bij gebruik van de DVD, bijvoorbeeld bij het opzoekenvan een bepaald stuk op een disc, of bij het overslaan van eenhoofdstuk. BASISHANDELINGEN Selecteren van de DTS digitale functie Sommige audio CD’s zijn opgenomen met DTS surround. U kunt DTS audio CD’s afspelen op dezelfde manier als DVD’s, maar aan het begin van de disc kan er wat ruis klinken. Wanneer u DTS audio CD’s afspeelt, kunt u het beste de “DTS” digitale functie selecteren. 1 Selecteer de “ANALOG” functie. 2 Houd BAND/DIGITAL/ANALOG ingedrukt tot “DTS” op het display verschijnt. Om de automatische “DIGITAL” functie te herstellen, dient u bovenstaande procedure te herhalen zodat “DIGITAL” op het display verschijnt.OPMERKINGWanneer u de digitale DTS functie selecteert, kunt u geendiscs weergeven die zijn opgenomen als lineair PCM meteen bemonsteringsfrequentie van 96 kHz.Dit zal slechts resulteren in ruis.14 NEDERLANDS HANDMATIGE VOORINSTELLING 1 Draai aan de FUNCTION keuzeschakelaar om de TUNER functie te selecteren en druk herhaaldelijk op de BAND/DIGITAL/ANALOG toets om een band te selecteren.

MW LW 2 Druk op de N / M toets om een zender te kiezen (handmatige afstemming). De frequentie verandert bij elke druk op de toets. Bij het afstemmen op een FM RDS zender Nadat “TUNE” in het uitleesvenster is verdwenen, verschijnt de Program Service zendernaam (* PS) en lichtde RDS indicator op.b Bij het afstemmen op andere zenders Nadat “TUNE” in het uitleesvenster is verdwenen, verschijnt de band.

  • Bij FM stereo ontvangst licht 1 op. 3 Druk op de ENTER toets om de zender op te slaan. Het gekozen voorinstelnummer verschijnt. 4 Herhaal stap 1 tot 3 om de zenders op te slaan. De volgende zender wordt niet opgeslagen wanneer er al 32zenders voor alle banden zijn vooringesteld. Bij gebruik van de afstandsbediening Druk op de TUNER/BAND toets en tegelijk op de SHIFT toets instap 1, en op de TUNING DOWN of UP toets en tegelijk op deSHIFT toets in stap 2. RADIO-ONTVANGST ZENDERS VOORINSTELLEN Er kunnen in totaal 32 zenders worden vooringesteld. Dankzijvoorinstelling kunt u rechtstreeks op een zender afstemmen. Aande zenders worden voorinstelnummers toegekend, te beginnenmet 1 in volgorde voor elke band (FM, AM, LG). Automatische voorinstelling: Dit toestel kan * RDS (Radio Data System) en andere zendersontvangen.Als er meer dan 32 ontvangbare zenders zijn, hebben FM RDSzenders voorrang op andere FM zenders. Handmatig voorinstellen met handmatig of automatisch afstemmen: Zenders kunnen op elke band worden geselecteerd om te wordenvooringesteld. AUTOMATISCHE VOORINSTELLING De tuner overloopt het ontvangbare frequentiebereik en slaatzenders automatisch op. 1 Draai aan de FUNCTION keuzeschakelaar om de TUNER functie te selecteren. 2 Houd de RT toets gedurende drie seconden ingedrukt tot “AUTO PRESET” verschijnt. 3 Druk op de ENTER toets terwijl “AUTO PRESET” verschijnt. De tuner zoekt een zender, te beginnen met de FM band.Wanneer een ontvangen zender wordt opgeslagen, knipperthet gekozen voorinstelnummer in het uitleesvenster.Zenders met een zwak signaal worden eventueel nietopgeslagen.Het zoeken gaat door op de AM- en LG-band indien er nogvoorinstelnummers beschikbaar zijn.Wanneer de automatische voorinstelling is voltooid, verschijntde eerste voorinstelzender weer in het uitleesvenster. Als de tuner *

identieke RDS zenders met alternatieve frequenties detecteert Alleen de zender met het sterkste signaal wordt opgeslagen.Alvorens een RDS zender op te slaan, controleert de tuner eerstof dezelfde zender met andere frequenties is vooringesteld enslaat dan de zender met de beste ontvangst op.OPMERKINGBij automatische voorinstelling worden alle reeds opgeslagenzenders gewist.NEDERLANDS

VOORINGESTELDE ZENDERS BELUISTEREN 1 Selecteer een band. 2 Draai aan MULTI JOG om een voorinstelnummer te kiezen. Een vooringestelde zender wissen Kies het voorinstelnummer van de zender die u wilt wissen. Drukvervolgens op ENTER en druk vervolgens binnen de 4 secondennogmaals op ENTER.De hogere voorinstelnummers van alle zenders in de bandworden ook met één verminderd. Met de afstandsbediening Selecteer een band en druk vervolgens op de cijfertoetsen omeen voorkeuzenummer te selecteren.Voorbeeld:Om voorinstelnummer 25 te kiezen, drukt u op 2 en 5.Om voorinstelnummer 7 te kiezen, drukt u op 7. Afstemmen op een zender die niet is vooringesteld Draai aan de FUNCTION keuzeschakelaar om de TUNER functiete selecteren en druk herhaaldelijk op de BAND/DIGITAL/ANALOG toets om een band te kiezen. Druk vervolgens op de N / M toets om de zender te kiezen (handmatige afstemming). Als een FM stereo uitzending is gestoord. Druk op de MONO TUNER toets en tegelijk op de SHIFT toets op de afstandsbediening zodat “MONO” verschijnt in het uitleesvenster.Weinig ruis bij mono ontvangst.Om stereo ontvangst te herstellen, herhaalt u de bovenstaande procedure zodat “STEREO” verschijnt. Wanneer de ontvangst is gestoord Plaats het toestel verder af van andere elektrische toestellen, in het bijzonder digitale audio-apparatuur, of zet de apparatuur die de ruis veroorzaakt uit. OPMERKINGRDS functies kunnen eventueel niet naar behoren werken alsde RDS gegevens van de zender te sterk zijn gestoord of als hetontvangstsignaal te zwak is. Snel een zender zoeken met de N / M toets (automatische zoekafstemming) Houd één van de toetsen ingedrukt tot de tuner een zender begintte zoeken. Het zoeken stopt wanneer op een zender is afgestemd.Druk op één van de toetsen om automatische zoekafstemmingte stoppen.Wanneer u gebruik maakt van de afstandsbediening, houd dande TUNING UP of DOWN toets ingedrukt en druk tegelijk op deSHIFT toets.• Automatische zoekafstemming stopt eventueel niet bij zendersmet een zeer zwak signaal. RADIO-ONTVANGST16 NEDERLANDS

Elke RDS zender geeft aan welk programmatype (*

PTY) wordt uitgezonden. Als u een PTY opgeeft, kan het toestel automatisch een geschikte zender uit de vooringestelde zenders kiezen. Bovendien kunt u in sommige gebieden gebruik maken van de

EON (Enhanced Other Networks) service, waarmee het zoeken nog sneller gaat.

DE PTY LATEN VERSCHIJNEN

Druk op de PTY toets tijdens RDS ontvangst. Programma’s zijn als volgt geklasseerd: TRAFFIC, NEWS, AFFAIRS (actualiteit), INFO (informatie), SPORT, EDUCATE (educatie), DRAMA, CULTURE, SCIENCE, VARIED, POP M (popmuziek), ROCK M (rockmuziek), EASY M (middle of the road muziek), LIGHT M (licht klassiek), CLASSICS (zwaar klassiek), OTHER M (andere muziek), WEATHER, FINANCE, CHILDREN (kinderprogramma’s), SOCIAL (sociale aangelegenheden), RELIGION, PHONE IN (opinie), TRAVEL, LEISURE, JAZZ (jazzmuziek), COUNTRY (countrymuziek), NATION M (volksmuziek), OLDIES, FOLK M (folkmuziek), DOCUMENT (documentaire), TEST (alarmtest), ALARM OPMERKING

  • Als er geen programmatype-informatie wordt meegestuurd, verschijnt “NO PTY”.
  • Als ongedefinieerde programmatype-informatie wordt meegestuurd, verschijnt “UNDEFINE”.
  • Het toestel identificeert “TRAFFIC” met één van de programmatypes. Radiotext (*

RT) laten verschijnen bij RDS ontvangst Druk op de RT toets. Als een zender waarop is afgestemd RT codes meestuurt, verschijnt tekst in het uitleesvenster. Als de afgestemde zender geen RT codes meestuurt, verschijnt “NO RT”. Druk nogmaals op RT om terug te keren naar het gewone uitleesvenster.

RDS Vandaag de dag sturen veel zenders samen met de gewone geluidssignalen RDS (Radio Data System) codes mee die diverse aanvullende informatie bevatten.

Identieke RDS zenders met alternatieve frequenties (AF) Dit is een lijst van alternatieve frequenties voor verschillende zenders die hetzelfde programma in hetzelfde ontvangstgebied uitzenden. Receivers met geheugen kunnen de lijst opslaan zodat sneller naar een andere zender kan worden overgeschakeld.

Program service zendernaam (PS) Dit is een naam bestaande uit maximum 8 alfanumerieke tekens die aangeeft welk programma door een zender wordt uitgezonden. Voorbeeld: BBC 1 Tekens Als een teken niet door de ontvanger kan worden weergegeven, verschijnt een blanco.

Radiotext (RT) In het uitleesvenster verschijnt informatie zoals de acteurs van een toneelstuk of de titel van een liedje. RadiotextNEDERLANDS

1 Druk op de PTY toets. Het programmatype van de afgestemde zender verschijnt. 2 Druk binnen de 4 seconden op de toets N / M om een programmatype te kiezen. 3 Druk binnen de 4 seconden nogmaals op de PTY toets. Elke voorkeuzezender zal worden afgezocht. Als er een geschikte zender gevonden wordt, zal daar op worden afgestemd. EON service voor PTY zoeken Als PTY wordt overgebracht via EON, wordt een geschikte zender gedetecteerd zonder dat elke vooringestelde zender wordt gecontroleerd. Als een zender EON informatie verstuurt, neemt het decoderen van de EON informatie 15 tot 30 seconden in beslag. Daarna licht EON op in het uitleesvenster. Als geen zender wordt gevonden “NOT FOUND” verschijnt en het toestel keert terug naar de vorige zender. Wanneer het TRAFFIC programmatype wordt geselecteerd Het toestel zoekt naar een zender die een *

TP code verstuurt. Het is mogelijk dat er nog geen verkeersinformatie wordt uitgezonden. Wacht een tijdje. De zender verstuurt regelmatig verkeersinformatie. EON SEARCH Bij FM ontvangst schakelt het toestel over naar radioprogramma’s met het opgegeven PTY van zodra die beginnen. 1 Druk op de PTY toets. Het programmatype van de afgestemde zender verschijnt. 2 Druk binnen de 4 seconden op de toets N / M om een programmatype te kiezen. 3 Druk binnen de 4 seconden op de ENTER toets. “EON ON” verschijnt gedurende 3 seconden. Daarna begint EON te knipperen en het toestel schakelt over naar de EON zoekwachtstand. Als er een radioprogramma van het opgegeven PTY op een andere zender begint, wordt het huidige programma onderbroken en speelt het programma met het opgegeven PTY. EON knippert dan snel. Na afloop van het radioprogramma met het opgegeven PTY wordt weer afgestemd op de vorige FM zender.

  • De EON zoekwachtstand wordt hersteld tot hij wordt geannuleerd, zelfs wanneer het toestel is uitgeschakeld. De EON zoekstand annuleren Houd PTY ingedrukt. (Laat PTY nog niet los.) “EON PTY” en het opgegeven programmatype zullen om en om getoond worden. Druk nu op ENTER terwijl u PTY ingedrukt houdt. “EON OFF” verschijnt en de EON zoekwachtstand wordt geannuleerd. OPMERKING De EON zoekfunctie werkt niet wanneer: - Geen FM zenders zijn vooringesteld. - De signalen van de zenders met het opgegeven PTY zwak zijn. RADIO-ONTVANGST

CT) De CT functie geeft de plaatselijke tijd. Wanneer de CT functie eenmaal is ingeschakeld, zal de ingestelde tijd elk heel uur worden bijgewerkt wanneer u heeft afgestemd op een CT zender. Inschakelen van de CT functie Houd CT ingedrukt tot “CT ON” op het display verschijnt. Als de klok verkeerd wordt ingesteld vanwege een incorrect kloksignaal, dient u CT ingedrukt te houden tot “CT OFF” verschijnt om deze functie uit te schakelen.

Program type identification (PTY) PTY biedt u keuze uit 30 of meer programma’s in plaats van zenders.

Enhanced other networks informatie (EON) EON informatie bezorgt de ontvanger een verwijzing naar andere zenders zodat hij kan overschakelen naar een andere RDS zender.

Traffic program identificatie (TP) Dit is een code die aangeeft dat een zender regelmatig verkeersinformatie uitzendt.

Clock-time (CT) De CT functie zorgt voor een nauwkeurig kloksignaal dat automatisch wordt aangepast volgens de tijdzone en het seizoen. De AM afsteminterval wijzigen De AM afsteminterval is standaard ingesteld op 9 kHz/stap. In een gebied waar de frequenties in stappen van 10 kHz verspringen, moet u de afsteminterval als volgt wijzigen. Hou de BAND/DIGITAL/ANALOG toets ingedrukt en druk op de POWER 6STANDBY/ON toets. Herhaal deze procedure om de interval terug te stellen. OPMERKING Als de AM afsteminterval wordt gewijzigd, worden alle vooringestelde zenders gewist. De zenders moeten dan opnieuw worden vooringesteld.18 NEDERLANDSDit toestel is uitgerust met een Dolby Pro Logic decoder, DolbyDigital decoder en DTS decoder.Het toestel en de midden- en surround luidsprekers (standaard)staan borg voor een echt huisbioscoopgeluid. Bij het afspelenvan discs of video software die werden opgenomen in Dolby ProLogic, Dolby Digital of DTS surround wordt de luisteraar omgevendoor een verbluffend levensecht geluid, wat resulteert in een heelbijzondere kijk- en luisterervaring.Dankzij de onafhankelijke regeling van de vijf geluidskanalen kande luisteraar genieten van echt bioscoopgeluid. Stemmenweerklinken in het voorste en centrale geluidsveld terwijlomgevingsgeluid zoals auto’s en een menigte langs alle kantenwordt weergegeven voor een ongelooflijk levensechte audio/video-ervaring. Lees de onderstaande instructies aandachtig omhet systeem perfect af te stemmen op uw luisterruimte. Controleer het volgende:

  • Voor u kunt profiteren van Dolby Digital of DTSsurroundweergave, dient u de volumeniveaus van deluidsprekers op de juiste manier met elkaar in balans tebrengen (zie pagina 19).• Zorg ervoor dat de meegeleverde luidsprekers correct zijnaangesloten en opgesteld (zie pagina 5 en 6).• Zorg ervoor dat de TV en videorecorder correct zijn aangesloten(zie pagina 4).• Controleer of de disc, de videocassette, enz., compatibel zijnmet Dolby Pro Logic, Dolby Digital of DTS surround.

DOLBY SURROUND SELECTEREN

Een optimale werking van Dolby Digital Surround en Dolby ProLogic hangt af van het type en de opstelling van de luidsprekers.Controleer type en opstelling van de huidige luidsprekers en kiesde aanbevolen stand. Aanbevolen stand [Dolby Digital surround] [Dolby Pro Logic] PHANTOM stand: Gebruik deze stand wanneer geenmiddenluidspreker is aangesloten. De signalen van hetmiddenkanaal worden weergegeven via de linker en rechterluidspreker.3 STEREO stand: Gebruik deze stand wanneer geen surroundluidsprekers zijn aangesloten.

EEN DOLBY SURROUND STAND KIEZEN

  • Bij het kiezen van een Dolby Digital surround stand, kiest u deVIDEO 1 (DIGITAL) of VIDEO 2 (DIGITAL) functie (zie pagina13) en speelt u een disc opgenomen in Dolby Digitalsurround alvorens de stand te kiezen.• Wanneer u een Dolby Pro Logic functie selecteert, kunt u nietkiezen uit VIDEO 1 (DIGITAL) en VIDEO 2 (DIGITAL). 1 Druk op de SURROUND toets en draai aan de MULTI JOG knop om de geschikte stand te kiezen. De naam van de gekozen stand verschijnt in het uitleesvenster.[Dolby Digital surround]Om de 2chSTEREO stand te kiezen, drukt u herhaaldelijk op de SURROUND toets tot “2chSTEREO” verschijnt. OPMERKINGKies Dolby Digital surround bij weergave van een bron diewerd opgenomen met Dolby Digital surround.[Dolby Pro Logic]

DOLBY SURROUND EN DTS

SURROUND 2 Druk nogmaals op de SURROUND toets en houd ze ingedrukt tot de gewenste middenluidsprekerstand verschijnt. (Behalve 2chSTEREO en PHANTOM.) “NORMAL” en “WIDE” verschijnen achtereenvolgens. Bij gebruik van de afstandsbediening Druk herhaaldelijk op de SURROUND toets om de mode tekiezen en houd ze ingedrukt om de middenluidspreker mode tekiezen.OPMERKING• Afhankelijk van de geluidsbron en/of luisteromstandigheden,kan eventueel geen surround effect worden bekomen, ook al isDolby Digital surround of Dolby Pro Logic ingeschakeld.• Een echt Dolby Digital surround of Dolby Pro Logic effect kanniet worden bekomen met software die niet is opgenomen inDolby Digital surround of Dolby Pro Logic. Gebruik dan DSPsurround (zie pagina 11).• Wanneer een hoofdtelefoon is aangesloten:- wordt Dolby Pro Logic automatisch uitgeschakeld.- wordt Dolby Digital surround automatisch omgeschakeld naar“2chSTEREO.”• Wanneer een hoofdtelefoon is aangesloten:- kan Dolby Pro Logic niet worden ingeschakeld.- kan Dolby Digital surround niet worden omgeschakeld. LUIDSPREKERNIVEAU REGELEN Het toestel is uitgerust met een ingebouwde testsignaalgenerator(noise sequencer) waarmee de balans van de 5 kanalen makkelijkkan worden geregeld. De sequencer produceert een signaal dat van kanaal naar kanaal “loopt”, zodat het geluidsniveau eenvoudig vanaf de luisterpositie kan worden geregeld waardoorelk kanaal even luid lijkt te klinken. Voorbereiding

  • Zet het DSP surround-systeem af alvorens de luidsprekerbalanste regelen.• Bedien het toestel terwijl u een Dolby Digital surround of DolbyPro Logic gecodeerd bronsignaal afspeelt. 1 Kies Dolby Digital surround (behalve “2chSTEREO”) of Dolby Pro Logic afhankelijk van het type en de opstelling van uw luidsprekers. (Zie pagina 18.) 2 Hou de MANUAL SELECT toets op de afstandsbediening ongeveer twee seconden ingedrukt tot “L” of “L/R 0dB” begint te knipperen. Een ruissignaal wordt in de onderstaande volgordeachtereenvolgens naar elk kanaal gestuurd.DOLBY D (PRO LOGIC) NORMAL of WIDE stand(Linker voorluidspreker)*(Middenluidspreker)(Rechter voorluidspreker)*(Rechter surround luidspreker)(Linker surround luidspreker)Wordt Vervolgd20 NEDERLANDS Wijzigen van de vertraging van de weergave van de surround-luidsprekers of midden-luidspreker in de Dolby Digital surround of Dolby Pro Logic functie. 1 Druk herhaaldelijk op MANUAL SELECT op de afstandsbediening terwijl Dolby Digital surround (behalve “2chSTEREO”) of Dolby Pro Logic is ingeschakeld, zodat “C 0ms”, of “S 5mS” (S 20mS) op het display verschijnt. 2 Druk binnen 4 seconden op TUNING DOWN of UP terwijl u SHIFT op de afstandsbediening ingedrukt houdt. Om deze handeling via het hoofdtoestel uit te voeren, dient u herhaaldelijk op N / M te drukken of MULTI JOG te verdraaien. [Middenluidspreker] Regel de vertragingstijd zo dat stemgeluid duidelijk en natuurlijk klinkt. De vertragingstijd van de middenluidspreker is oorspronkelijk ingesteld op 0 ms (milliseconden) en kan in stappen van 1 ms worden geregeld van 0 tot 5 ms. [Surround luidsprekers] Regel de vertragingstijd naar believen. Dolby Digital surround De vertragingstijd van de luidsprekers is oorspronkelijk ingesteld op 5 ms en kan in stappen van 5 ms worden geregeld van 0 tot 15 ms. Dolby Pro Logic De vertragingstijd van de luidsprekers is oorspronkelijk ingesteld op 20 ms en kan in stappen van 5 ms worden geregeld van 15 tot 30 ms. OPMERKING
  • Bij het regelen van de vertragingstijd van de surround luidsprekers of middenluidspreker voor Dolby Digital surround wordt ook die voor Dolby Pro Logic gewijzigd en vice versa.
  • Wanneer de vertragingstijd van de surround luidsprekers voor Dolby Digital surround wordt ingesteld op 0 ms (5 ms, 10 ms of 15 ms), wordt die voor Dolby Pro Logic ingesteld op 15 ms (20 ms, 25 ms of 30 ms) en vice versa. Het luidsprekerniveau regelen terwijl u naar de bron luistert Het luidsprekerniveau kan worden gewijzigd nadat het werd ingesteld met de noise sequencer. Dit kan terwijl Dolby Digital surround of Dolby Pro Logic is ingeschakeld. 1 Speel een disc of videocassette opgenomen in Dolby Pro Logic of Dolby Digital surround. 2 Druk herhaaldelijk op MANUAL SELECT op de afstandsbediening zodat “L/R,” “C,” “RS” of “LS” verschijnt in het uitleesvenster. 3 Druk binnen 4 seconden op TUNING DOWN of UP terwijl u SHIFT op de afstandsbediening ingedrukt houdt. Om deze handeling via het hoofdtoestel uit te voeren, dient u herhaaldelijk op N /M te drukken of MULTI JOG te verdraaien. PHANTOM stand 3 STEREO NORMAL of WIDE stand
  • “L” of “R” knippert om aan te geven welke voorluidspreker een ruissignaal produceert. 3 Regel het geluidsniveau van de midden- en surround luidsprekers. Druk terwijl “C,” “RS” of “LS” knippert in het uitleesvenster op

de TUNING UP of DOWN toets en tegelijk op de SHIFT toets op de afstandsbediening zodat de midden-of surround luidsprekers even luid klinken als de voorluidsprekers. De balans van de voorluidsprekers kan ook worden geregeld wanneer “L/R” verschijnt. OPMERKING De N / M toets op het toestel kan niet worden gebruikt. 4 Druk nogmaals op de MANUAL SELECT toets om het ruissignaal te stoppen. OPMERKING Bij het regelen van het luidsprekerniveau met Dolby Digital surround wordt ook dat van Dolby Pro Logic gewijzigd en vice versa. Omtrent de kanalen De linker en rechter luidsprekers zorgen voor het stereo effect. De middenluidspreker draagt bij tot een precisie geluidspositionering bij een breed geluidsveld. De achterste surround luidsprekers geven het geluidsveld meer “diepte”.NEDERLANDS

DYNAMISCH BEREIK LAAGFREQUENT GELUIDSEFFECT (LFE) REGELEN Discs die zijn opgenomen in Dolby Digital en DTS surroundbevatten speciale signalen die LFE (Lage Frequentie Effecten)genoemd worden. Deze LFE signalen zijn opgenomen opbepaalde plekken op de disc en worden gereproduceerd via eenaangesloten subwoofer om een verbazingwekkend krachtigeweergave van de zeer lage tonen te verkrijgen.Het volumeniveau van de LFE signalen kan worden afgestemdop uw luidsprekers terwijl Dolby Digital of DTS surround isingeschakeld. Voorbereiding

  • Kies “SUBW ON” wanneer een subwoofer is aangesloten (zie pagina 6).• Speel een Dolby Digital of DTS surround gecodeerde disc af. 1 Hou N/M ingedrukt tot “LFE” verschijnt. 2 Druk herhaaldelijk op de N/M toets of draai aan de MULTI JOG knop om het LFE-niveau te regelen. Het toestel is oorspronkelijk ingesteld op 0 dB (maximum) enkan worden geregeld zoals hieronder beschreven.
  • Wanneer u het LFE niveau uit (OFF) zet, zal de “LFE” indicator uit gaan.
  • Wanneer u “SUBW OFF” kiest, worden de LFE signalen naar andere luidsprekers gestuurd.

De dynamiek van Dolby Digital surround geluid kan worden geregeld. Het toestel is oorspronkelijk ingesteld op “STD” (standaard). 1 Met Dolby Digital surround ingeschakeld houdt u ENTER ingedrukt tot “MID NIGHT THEATER” in het uitleesvenster loopt. 2 Druk op N/M of draai aan de MULTI JOG knop om “MAX,” “STD” of “MIN” te selecteren. [MIN]U kunt profiteren van het volledige dynamische bereik van deweergave, net als in de bioscoop.[STD]Oorspronkelijke stand, door softwareproducenten aanbevolenvoor weergave in de huiskamer.[MAX]Kies deze stand bij weergave met laag volume. Dit is denachtstand.22 NEDERLANDS

DTS SURROUND SELECTEREN

De optimale DTS surround standen en instellingen hangen afvan het type en de opstelling van de luidsprekers.Controleer type en opstelling van uw luidsprekers en kies deaanbevolen stand op basis hiervan. Aanbevolen stand 4 ch mode: kies deze stand wanneer er geen middenluidsprekeris aangesloten. Alle middenkanaalsignalen worden naar de linker-en rechterluidsprekerkanalen gestuurd.3 STEREO mode: kies deze stand wanneer er geen surroundluidsprekers zijn aangesloten.

EEN DTS SURROUND STAND KIEZEN

Voorbereiding Wanneer u een DTS surroundfunctie wilt kiezen, dient u eerstde DIGITAL functie te selecteren en dan de DTS surroundgecodeerde disc af te spelen voor u de surroundfunctieselecteert. 1 Druk op de SURROUND toets en draai aan de MULTI JOG knop om de geschikte stand te kiezen. De naam van de gekozen stand verschijnt in hetuitleesvenster.Om de 2chSTEREO stand te kiezen, drukt u herhaaldelijk op de SURROUND toets tot “2chSTEREO” verschijnt. Alvorens een disc af te spelen, regelt u de luidsprekerbalansin de Dolby Digital of Dolby Pro Logic stand zoals beschrevenop pagina 19.Om de balans te regelen terwijl u de bron beluistert, zie derechterkolom op pagina 20 en volg de stappen 2 en 3. Devertragingstijd van de midden- en surround luidsprekers kan inde DTS surround stand niet worden geregeld.OPMERKING• Afhankelijk van de geluidsbron of de luisteromstandighedenkan geen surround effect worden verkregen, ook al is DTSsurround gekozen.• Bij software die niet is opgenomen in DTS surround kan geenvolwaardig DTS surround effect worden verkregen. Gebruik indat geval het DSP surround system (zie pagina 11).• Als er een hoofdtelefoon is aangesloten, verandert de DTSsurround mode automatisch in “2chSTEREO.”• Als er een hoofdtelefoon is aangesloten, kan de DTS surroundmode niet worden gewijzigd.

HET OORSPRONKELIJKE DTS GELUID

BELUISTEREN Wanneer “dts” op het display verschijnt, kunnen alle geluidsinstellingen worden geannuleerd. 1 Terwijl DTS surround is ingeschakeld, dient u op ENTER te drukken zodat “BYPASSOFF” op het display verschijnt. 2 Druk nogmaals op de ENTER toets om “BYPASS ON” te laten verschijnen. De geluidsinstellingen herstellen Herhaal stap 1 en 2 zodat “BYPASSOFF” verschijnt. Middenluidspreker5.1ch3 STEREOSurround luidspreker(achterluidspreker)Geen surroundluidsprekerGeen middenluidspreker 4 ch 2chSTEREONEDERLANDS

U kunt het toestel op een bepaald tijdstip laten uitschakelen. Druk op de SLEEP toets en tegelijk op de SHIFT toets op de afstandsbediening. Het toestel wordt na ongeveer 60 minuten uitgeschakeld. De tijd opgeven waarna het toestel moet worden uitgeschakeld Druk binnen de 4 seconden na de bovenstaande handelingherhaaldelijk op de TUNING DOWN of UP toets en tegelijk opde SHIFT toets.De tijd kan in stappen van 5 minuten worden ingesteld van 5 tot240 minuten. De resterende tijd controleren waarna het toestel uitschakelt Druk eenmaal op de SLEEP toets en tegelijk op de SHIFT toets.De resterende tijd verschijnt gedurende vier seconden. De sluimertimer annuleren Druk tweemaal op de SLEEP toets en tegelijk op de SHIFT toets zodat “SLEEPoFF” verschijnt in het uitleesvenster. TIMER Opgegeven tijd24 NEDERLANDS TECHNISCHE GEGEVENS FM tuner-gedeelte Afstembereik 87,5 MHz tot 108 MHz Bruikbare gevoeligheid (IHF) 16,8 dBf Antenne- aansluitingen 75 Ohm (ongebalanceerd) AM tuner-gedeelte Afstembereik 531 kHz tot 1602 kHz (stappen van 9kHz) 530 kHz to 1710 kHz (stappen van 10 kHz) Bruikbare gevoeligheid 350 µV/m Antenne Kaderantenne LG tuner-gedeelte Afstembereik 144 kHz tot 290 kHz Bruikbare gevoeligheid 1400 µV/m Antenne Kaderantenne Versterkergedeelte Uitgangsvermogen Voor Nominaal: 70 W + 70 W (8 Ohm, T.H.D. 1%, 1 kHz/DIN 45500) Referentie: 85 W + 85 W (8 Ohm, T.H.D. 10%, 1 kHz/DIN 45324)

FRONT SPEAKERS IMP: 8 Ohm accepteert luidsprekers van 8 Ohm of meer. SURROUND SPEAKERS IMP: 8 Ohm accepteert luidsprekers van 8 Ohm of meer. CENTER SPEAKER IMP: 8 Ohm accepteert een luidspreker van 8 Ohm of meer. PHONES (stereo aansluiting): geschikt voor een hoofdtelefoon van 32 Ohm of meer. Muting –20 dB Algemeen Voeding 230 V wisselstroom, 50 Hz Stroomverbruik 185 W Stroomverbruik in ECO OFF: 35,6 W gebruiksklaar-stand ECO ON: 1,3 W Afmetingen 430 × 155 × 402 mm (B × H × D) Gewicht 8,7 kg Wijzigingen aan technische gegevens en ontwerp voorbehouden, zonder voorafgaande kennisgeving.

  • Gefabriceerd onder licentie van Dolby Laboratories. “DOLBY”, “Pro Logic” en het dubbele D-symbool zijn handelsmerken van Dolby Laboratories. Confidential Unpublished Works. ©1992-1997 Dolby Laboratories, Inc. Alle rechten voorbehouden.
  • Gefabriceerd onder licentie van Digital Theater Systems, Inc. US Pat. No. 5,451,942 en andere wereldwijde patenten verkregen en aangevraagd. “DTS” en “DTS Digital Surround” zijn handelsmerken van Digital Theater Systems, Inc. ©1996 Digital Theater systems, Inc. Alle rechten voorbehouden ALGEMEENNEDERLANDS

Voor optimale prestaties dienen het toestel en de software goedte worden verzorgd en onderhouden. De behuizing reinigen Gebruik een zachte en droge doek.Hardnekkig vuil kunt u verwijderen met een zachte doek dielichtjes is bevochtigd met een mild zeepsopje. Gebruik geenkrachtige opiosmiddelen zoals alcohol, benzine of thinner diehet oppervlak kunnen aantasten.

VERHELPEN VAN STORINGEN

Als het toestel niet functioneert zoals beschreven staat in degebruiksaanwijzing, volg dan de storingzoekprocedure. ALGEMEEN Er is geen geluid.• Is het netsnoer goed aangesloten?

  • Is er een slechte aansluiting? (➞ pagina 4, 5)
  • Misschien is er een kortsluiting in de luidsprekeraansluitingen.➞ Trek de stekker uit het stopcontact en corrigeer deluidsprekeraansluitingen.• Werd een verkeerde functietoets ingedrukt?• Werd de TAPE MONITOR toets ingedrukt?• Zijn de FRONT SPEAKERS toetsen correct ingesteld?(➞ pagina 8)Geluid komt slechts uit één luidspreker.• Is BALANCE correct ingesteld?• Is de andere luidspreker losgekoppeld?Het geluid is zeer stil.• Werd de MUTING toets ingedrukt?Verkeerde aanduiding of storing.➞ Stel het toestel terug zoals hieronder beschreven. TUNER-GEDEELTE Constante, golfvormige storing.
  • Is de antenne goed aangesloten? (➞ pagina 6)
  • Is het signaal zwak?➞ Sluit een buitenantenne aan.Het ontvangstgeluid is gestoord.• Externe ruis of multipath-storing?➞ Richt de antenne.➞ Plaats het toestel verder uit de buurt van elektrischeapparatuur.TerugstellenAls er iets ongewoons verschijnt in het uitleesvenster of dewerking van het toestel is verstoord, moet u het toestelterugstellen als volgt. 1 Druk op de POWER 6STANDBY/ON toets om het toestel af te zetten. 2 Druk op de POWER 6 STANDBY/ON toets en houd tegelijkertijd de ENTER toets ingedrukt. Alle gegevens die naaankoop in het geheugen zijn opgeslagen, worden gewist.Als het toestel door een storing niet kan worden uitgeschakeldin stap 1, moet u het terugstellen door de stekker uit te trekkenen weer in te steken. Ga dan door met stap 2. ONDERDELEN Instructies omtrent elk onderdeel van het toestel of deafstandsbediening vindt u op de onderstaande pagina’s.(in alfabetische volgorde)AUDIO 7BALANCE 10BAND/DIGITAL/ANALOG 9, 12-15, 17BASS 10CLOCK 9CT 17DISC SKIP (CD) 7DSP 11DVD PAUSE 7ECO 8ENTER 7-9, 12, 14-17, 21, 22FRONT SPEAKERS 8FUNCTION 7, 12-15GEQ 10MANUAL SELECT (TEST) 6, 11, 19, 20MENU 7MONO TUNER 15MULTI JOG 6, 8-12, 15, 18, 20-22MUTING (MUTE) 10PHONES 8POWER 6STANDBY/ON 8, 9, 17, 25PTY 17RETURN 7RT 14-16SHIFT 7, 9-11, 14, 15, 19, 20, 23SLEEP 23SOURCE DIRECT 10SURROUND 18, 19, 22TAPE MONITOR 12, 13T-BASS 10TITLE 7TREBLE 10TUNER/BAND 14TUNING DOWN (M ) 6, 9-12, 14-17, 20, 21, 23TUNING UP (N ) 6, 9-12, 14-17, 20, 21, 23VOLUME 10