Photosmart C6340 - Printer HP - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Photosmart C6340 HP in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Printer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Photosmart C6340 - HP en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Photosmart C6340 van het merk HP.
GEBRUIKSAANWIJZING Photosmart C6340 HP
Nederlands1 Netwerkinstallatie In dit gedeelte wordt beschreven hoe de HP All-in-One moet worden verbonden met een netwerk en hoe de netwerkinstellingen kunnen worden weergegeven en beheerd. Optie: Zie dit gedeelte: Aansluiten op een vast (Ethernet) netwerk. "De HP All-in-One instellen op een vast (Ethernet-)netwerk" op pagina 126 Aansluiten op een draadloos netwerk met een draadloze router (infrastructuur). "De HP All-in-One op een ingebouwd draadloos (WLAN 802.11-)netwerk installeren" op pagina 128 Rechtstreeks aansluiten op een draadloze computer zonder een draadloze router (ad hoc). "De HP All-in-One instellen met een draadloze adhoc-verbinding" op pagina 131 De software van de HP Photosmart installeren voor gebruik in een netwerkomgeving. "De software voor een netwerkverbinding installeren" op pagina 136 Aansluiten op meer computers in het netwerk. "Aansluiten op andere computers in een netwerk" op pagina 136 De HP All-in-One van een USB -aansluiting wijzigen in een netwerkaansluiting. Opmerking Volg de instructies in dit gedeelte als u de HP All-in-One eerst hebt geïnstalleerd met een USB-aansluiting en u nu een draadloze netwerkverbinding of een Ethernet- netwerkverbinding wilt gebruiken. "De USB-aansluiting van de HP All-in-One wijzigen in een netwerkverbinding" op pagina 137 De netwerkinstellingen weergeven of wijzigen. "Uw netwerkinstellingen beheren" op pagina 139 Informatie opzoeken over het oplossen van problemen. "Problemen met het netwerk oplossen" op pagina 156 Opmerking U kunt de HP All-in-One aansluiten op een draadloos of een vast netwerk, maar niet op beide tegelijk. De HP All-in-One instellen op een vast (Ethernet-)netwerk In dit gedeelte wordt beschreven hoe u de HP All-in-One via een Ethernet-kabel aansluit op een router, switch of hub en hoe u de HP Photosmart-software installeert om een netwerkverbinding tot stand te kunnen brengen. Dit wordt een vast netwerk of een Ethernet-netwerk genoemd. 126 HP Photosmart C6300 All-in-One series NederlandsGa als volgt te werk om de HP All-in-One te installeren in een vast netwerk: Zie dit gedeelte: Verzamel eerst alle vereiste materialen. "Wat u nodig hebt voor een vast netwerk" op pagina 127 Sluit het apparaat daarna aan op een vast netwerk. "De HP All-in-One aansluiten op het netwerk" op pagina 127 Installeer de software tot slot. "De software voor een netwerkverbinding installeren" op pagina 136 Wat u nodig hebt voor een vast netwerk Voordat u de HP All-in-One op een netwerk aansluit, moet u controleren of u alle benodigde materialen hebt.
Een werkend Ethernet-netwerk met een router, switch, of hub met een Ethernet-poort.
CAT-5 Ethernet-kabel. Hoewel standaard Ethernet-kabels veel lijken op standaard telefoonkabels, kunt u geen telefoonkabels gebruiken. Het aantal draden en de aansluiting van de twee soorten kabels verschilt. Een Ethernet-kabelaansluiting (ook wel een RJ-45- aansluiting genoemd) is breder en dikker en heeft altijd acht contactjes bij het uiteinde. Een telefoonaansluiting heeft twee tot zes contactjes.
Een pc of laptop met een Ethernet-verbinding. Opmerking De HP All-in-One ondersteunt zowel Ethernet-netwerken van 10 Mbps als van 100 Mbps. Als u een netwerkinterfacekaart (NIC) koopt of hebt gekocht, controleer dan of deze met beide snelheden kan werken. De HP All-in-One aansluiten op het netwerk Gebruik de Ethernet-poort op de achterkant van het apparaat om de HP All-in-One op het netwerk aan te sluiten. De HP All-in-One instellen op een vast (Ethernet-)netwerk 127 NederlandsHet apparaat op het netwerk aansluiten
1. Verwijder de gele stekker uit de achterzijde van het apparaat.
2. Sluit de Ethernet-kabel aan op de Ethernet-poort aan de achterkant van het apparaat.
3. Sluit het andere uiteinde van de Ethernet-kabel aan op een beschikbare poort op de
Ethernet-router of switch.
4. Installeer de software zodra u het apparaat hebt aangesloten op het netwerk.
De HP All-in-One op een ingebouwd draadloos (WLAN 802.11-)netwerk installeren De HP All-in-One is uitgerust met een interne netwerkcomponent die ondersteuning biedt voor draadloze netwerken. Voor optimale prestaties en de grootst mogelijke veiligheid in uw draadloos netwerk, raadt HP u aan een draadloze router of een draadloos toegangspunt (802.11) te gebruiken om het apparaat en de andere netwerkonderdelen te verbinden. Als de onderdelen van het netwerk zijn aangesloten via een draadloze router of toegangspunt, wordt dit een infrastructuurnetwerk genoemd. Hoofdstuk 1 128 HP Photosmart C6300 All-in-One series NederlandsEen draadloos infrastructuurnetwerk heeft onder andere de volgende voordelen ten opzichte van een adhoc-netwerk:
- Geavanceerde netwerkbeveiliging
- Verbeterde betrouwbaarheid
- Gedeelde breedbandaansluiting voor het Internet Om de HP All-in-One te installeren op een ingebouwd draadloos WLAN 802.11- netwerk, moet u als volgt te werk gaan: Zie dit gedeelte: Verzamel eerst alle vereiste materialen. "Wat u nodig hebt om verbinding te maken met een ingebouwd draadloos WLAN 802.11- netwerk" op pagina 129 Sluit de HP All-in-One vervolgens aan op de draadloze router en start de Wizard Draadloze opstelling. "Verbinding maken met een ingebouwd draadloss WLAN 802.11-netwerk" op pagina 129 Installeer de software tot slot. "De software voor een netwerkverbinding installeren" op pagina 136 Wat u nodig hebt om verbinding te maken met een ingebouwd draadloos WLAN 802.11-netwerk Om de HP All-in-One aan te sluiten op een ingebouwd draadloos WLAN 802.11-netwerk, hebt u het volgende nodig:
Een draadloos 802.11-netwerk met een draadloos toegangspunt of een draadloze router (aanbevolen).
Een pc of laptop met ondersteuning voor draadloze netwerken of een netwerkinterfacekaart (NIC). De computer moet zijn aangesloten op het draadloze netwerk waarop u de HP All-in-One wilt installeren.
Breedbandtoegang tot het Internet (optioneel maar aanbevolen), zoals kabel of DSL.
Wanneer u de HP All-in-One aansluit op een draadloos netwerk met Internet-toegang, raadt HP u aan een draadloze router (toegangspunt of basisstation) met Dynamic Host Configuration Protocol (DHCP) te gebruiken.
WEP-sleutel of WPA-toegangscode (indien nodig). Verbinding maken met een ingebouwd draadloss WLAN 802.11-netwerk Met de Wizard voor draadloze instellingen kunt u de HP All-in-One eenvoudig aansluiten op uw netwerk. U kunt eveneens gebruik maken van SecureEasySetup indien uw draadloze router of toegangspunt deze functie ondersteunt. Raadpleeg de documentatie die bij uw draadloze router of toegangspunt is geleverd, als u wilt weten of het toegangspunt SecureEasySetup ondersteunt en als u bijkomende instellingsinstructies wenst. De HP All-in-One op een ingebouwd draadloos (WLAN 802.11-)netwerk installeren 129 NederlandsLet op Om te voorkomen dat gebruikers toegang hebben tot uw draadloos netwerk, raadt HP sterk aan dat u een paswoord of wachtwoord gebruikt (WPA- (Wi-Fi Protected Access) of WEP- (Wired Equivalent Privacy) beveiliging) en een unieke netwerknaam (SSID (Service set identifier)) voor uw draadloze router. Uw draadloze router werd mogelijk geleverd met een standaard netwerknaam, die meestal de naam van de fabrikant is. Als u de standaard netwerknaam gebruikt, kunnen andere gebruikers die dezelfde standaard netwerknaam (SSID) gebruiken, makkelijk toegang krijgen tot uw netwerk. Het betekent ook dat de HP All-in-One per toeval verbinding zou kunnen maken met een ander draadloos netwerk in uw buurt dat dezelfde netwerknaam gebruikt. Als dit gebeurt zal u geen toegang kunnen krijgen tot de HP All-in-One. Raadpleeg de documentatie die bij de draadloze router is geleverd, voor informatie over het wijzigen van de netwerknaam. Opmerking Zorg ervoor dat er geen Ethernet-kabel is aangesloten op de HP All-in-One voordat u verbinding maakt met een draadloos infrastuctuurnetwerk. Het apparaat aansluiten met de Wizard Draadloos instellen
1. Noteer de volgende gegevens over uw toegangspunt:
- Netwerknaam (ook wel SSID genoemd)
- WEP-sleutel, WPA-toegangscode (indien nodig). Raadpleeg de documentatie bij uw draadloze toegangspunt wanneer u niet beschikt over deze gegevens. U kunt de SSID en de WEP-sleutel of WPA-toegangscode mogelijk vinden in de ingebouwde webserver voor het toegangspunt. Raadpleeg de documentatie die bij het toegangspunt is geleverd voor informatie over het openen van de ingebouwde webserver van het toegangspunt. Opmerking Als het netwerk wordt opgebouwd met een Apple AirPort- basisstation en u voor de toegang tot dit netwerk gebruik maakt van een wachtwoord in plaats van WEP HEX of WEP ASCII, moet u de overeenkomstige WEP-sleutel hebben. Raadpleeg de documentatie die bij het Apple AirPort- basisstation is geleverd voor meer informatie.
2. Druk op Instellingen.
3. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerk is gemarkeerd en druk vervolgens
4. Druk op pijltjestoets omlaag om Wizard voor draadloze instellingen te markeren
en druk vervolgens op OK. Het Wizard voor draadloze instellingen wordt uitgevoerd. In de wizard wordt er naar beschikbare netwerken gezocht en wordt er vervolgens een lijst met gevonden netwerknamen (SSID's) weergegeven. De netwerken worden tevens gerangschikt naar de kracht van het signaal. Hoofdstuk 1 130 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands5. Druk op de pijl naar beneden om de naam van het netwerk die u in stap 1 hebt genoteerd te markeren en druk dan op OK. Wanneer u uw netwerknaam niet in de lijst aantreft a. Selecteer Een nieuwe netwerknaam (SSID) invoeren. Gebruik indien nodig de knop met de pijl omlaag om dit te markeren en druk op OK. Het visuele toetsenbord wordt weergegeven. b. Geef de SSID op. Gebruik de pijlknoppen op het bedieningspaneel om een letter of cijfer te markeren op het visuele toetsenbord en druk vervolgens op OK om deze/dit te selecteren. Opmerking U moet de exacte hoofdletters en kleine letters invoeren. Anders wordt de draadloze verbinding niet tot stand gebracht. c. Wanneer u de nieuwe SSID hebt ingevoerd, markeert u met de pijlknoppen Gereed op het visuele toetsenbord en drukt u vervolgens op OK. d. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Infrastructuur is gemarkeerd en druk vervolgens op OK. e. Druk op de knop met de pijl omlaag tot WEP-codering of WPA-codering is gemarkeerd en druk vervolgens op OK. Als u de WEP-codering niet wilt proberen, drukt u op de knop met de pijl omlaag tot Nee, mijn netwerk maakt geen gebruik van codering is gemarkeerd, en drukt u vervolgens op OK. Ga naar stap 7.
6. Voer desgevraagd uw WPA- of WEP-sleutel in.
a. Gebruik de pijlknoppen om een letter of cijfer te markeren op het visuele toetsenbord en druk vervolgens op OK om deze/dit te selecteren. Opmerking U moet de exacte hoofdletters en kleine letters invoeren. Anders wordt de draadloze verbinding niet tot stand gebracht. b. Markeer na het invoeren van de WPA- of WEP-sleutel met de pijlknoppen Gereed op het visuele toetsenbord. c. Druk op OK om te bevestigen. Het apparaat probeert verbinding te maken met het netwerk. Als in een bericht wordt aangegeven dat u een ongeldige WPA- of WEP-sleutel hebt ingevoerd, controleert u de sleutel die u hebt genoteerd voor het nieuwe netwerk, volgt u de instructies om de sleutel te corrigeren en probeert u het opnieuw. De draadloos-netwerktest wordt gestart en voert een reeks diagnostische testen uit om te bepalen of de netwerkinstallatie al dan niet is geslaagd. De draadloos- netwerktest wordt afgedrukt nadat deze is voltooid.
7. Wanneer het apparaat verbinding heeft gemaakt met het netwerk, gaat u naar uw
computer om de software te installeren op elke computer die gebruikmaakt van het netwerk. De HP All-in-One instellen met een draadloze adhoc- verbinding Lees dit gedeelte als u de HP All-in-One wilt aansluiten op een draadloze computer zonder gebruik te maken van een draadloze router of toegangspunt. De HP All-in-One instellen met een draadloze adhoc-verbinding 131 NederlandsEr zijn twee methoden die u kunt gebruiken om de HP All-in-One op uw computer aan te sluiten met een draadloze adhoc-netwerkverbinding. Als het apparaat is aangesloten kunt u de HP All-in-One-software installeren. ▲ Schakel de draadloze radio voor de HP All-in-One en de draadloze radio op uw computer in. Maak op uw computer verbinding met de netwerknaam (SSID) hpsetup, het standaard adhoc-netwerk dat wordt gemaakt door de HP All-in-One. Als de HP All-in-One eerst was geconfigureerd voor een ander netwerk, gebruik dan Standaardnetwerkinstellingen herstellen om het standaard adhoc-profiel van hpsetup te herstellen.
▲ Gebruik een adhoc-netwerkprofiel op uw computer om verbinding te maken met het apparaat. Als uw computer momenteel niet is geconfigureerd met een adhoc- netwerkprofiel, raadpleeg dan het Help-bestand van het besturingssysteem van uw computer voor de juiste methode om een adhoc-profiel op uw computer te maken. Als een adhoc-netwerkprofiel is gemaakt, start u de Wizard voor draadloze instellingen vanuit het menu Netwerk op de HP All-in-One en selecteert u het adhoc- netwerkprofiel dat u op uw computer hebt gemaakt. Opmerking Er kan een adhoc-verbinding worden gebruikt als u geen draadloze router of draadloos toegangspunt hebt maar wel een draadloze radio op uw computer hebt. Een adhoc-verbinding kan echter leiden tot een lager niveau netwerkbeveiliging en mogelijk tot verminderde prestatie vergeleken met een infrastructuurnetwerkverbinding met een draadloze router of een draadloos toegangspunt. Ga als volgt te werk om de HP All-in-One te installeren op een draadloos adhoc- netwerk: Zie dit gedeelte: Verzamel eerst alle vereiste materialen. "Wat u nodig hebt voor een adhoc-netwerk" op pagina 133 Bereid vervolgens uw computer voor door een netwerkprofiel aan te maken. "Een netwerkprofiel creëren voor een computer met Windows Vista of Windows XP." op pagina 133
Een netwerkprofiel maken voor andere besturingssystemen" op pagina 134 Start daarna de Wizard voor draadloze instellingen. "Aansluiten op een draadloos ad hoc-netwerk" op pagina 134 Installeer de software tot slot. "De software voor een netwerkverbinding installeren" op pagina 136 Hoofdstuk 1 132 HP Photosmart C6300 All-in-One series NederlandsWat u nodig hebt voor een adhoc-netwerk Om de HP All-in-One aan te sluiten op een Windows-computer met een ad hoc- verbinding, moet de computer beschikken over een adapter voor draadloos netwerk en een ad hoc-profiel. Een netwerkprofiel creëren voor een computer met Windows Vista of Windows XP. Bereid uw computer voor op een ad hoc verbinding door een netwerkprofiel aan te maken. Een netwerkprofiel maken Opmerking Het apparaat is geconfigureerd met een netwerkprofiel met hpsetup als netwerknaam (SSID). De veiligheid en privacy van HP raden echter aan dat u een nieuw netwerkprofiel aanmaakt op uw computer, zoals hier wordt beschreven.
1. Dubbelklik in het Configuratiescherm op Netwerkverbindingen.
2. Klik in het venster Netwerkverbindingen met de rechtermuisknop op Draadloze
netwerkverbinding. Selecteer Inschakelen als dit wordt weergegeven in het snelmenu. Als Uitschakelen wordt weergegeven in het menu, is de draadloze verbinding al ingeschakeld.
3. Klik met de rechtermuisknop op het pictogram Draadloze netwerkverbinding en klik
vervolgens op Eigenschappen.
4. Klik op het tabblad Draadloze netwerken.
5. Schakel het selectievakje Draadloos netwerk automatisch configureren in.
6. Klik op Toevoegen en voer de volgende handelingen uit:
a. In het vakje Netwerknaam (SSID) typt u een unieke netwerknaam van uw keuze. Opmerking De netwerknaam is lettergevoelig, het is dus belangrijk elke hoofd- en kleine letter te onthouden. b. Selecteer Openen in de lijst Netwerkverificatie als die aanwezig is. Ga anders door met de volgende stap. c. Selecteer WEP in de lijst Gegevenscodering. Opmerking U kunt een netwerk maken waarin geen WEP-sleutel wordt gebruikt. HP raadt u echter aan een WEP-sleutel te gebruiken voor de beveiliging van het netwerk. d. Zorg ervoor dat het selectievakje naast De sleutel wordt mij automatisch aangeleverd niet is geselecteerd. e. Typ in het vak Netwerksleutel een WEP-sleutel met exact vijf of exact 13 alfanumerieke tekens (ASCII). Als u vijf tekens invoert, kunt u bijvoorbeeld ABCDE of 12345 invoeren. Als u 13 tekens invoert, kunt u bijvoorbeeld ABCDEF1234567 invoeren. (12345 en ABCDE zijn slechts voorbeelden. Selecteer een combinatie van uw keuze.) U kunt ook HEX-tekens (hexadecimale tekens) gebruiken voor de WEP-sleutel. Een HEX WEP-sleutel moet tien tekens bevatten voor 40-bits codering of 26 tekens voor 128-bits codering. De HP All-in-One instellen met een draadloze adhoc-verbinding 133 Nederlandsf. Typ in het vak Netwerksleutel bevestigen dezelfde WEP-sleutel als in de vorige stap. Opmerking U moet de exacte hoofdletters en kleine letters onthouden. Als u de WEP-sleutel onjuist invoert op het apparaat, wordt de draadloze verbinding niet tot stand gebracht. g. Noteer de WEP-sleutel exact zoals u deze hebt getypt, met hoofdletters en kleine letters. h. Schakel het selectievakje Dit is een computer-naar-computer netwerk. Er worden geen draadloze toegangspunten gebruikt in. i.Klik op OK om het venster Eigenschappen voor draadloos netwerk te sluiten en klik vervolgens nogmaals op OK. j. Klik nogmaals op OK om het venster Eigenschappen voor draadloze netwerkverbinding te sluiten. Een netwerkprofiel maken voor andere besturingssystemen Als u een ander besturingssysteem gebruikt dan Windows Vista of Windows XP, raadt HP u aan het configuratieprogramma te gebruiken dat bij uw draadloze LAN-kaart is geleverd. Zoek in de lijst met programma's op de computer naar het configuratieprogramma voor uw draadloze LAN-kaart. Maak met het configuratieprogramma voor LAN-kaarten een netwerkprofiel met de volgende waarden:
- Netwerknaam (SSID): Mijnnetwerk (dit is slechts een voorbeeld) Opmerking U zou een unieke en makkelijk te onthouden netwerknaam moeten aanmaken. Houd er rekening mee dat de netwerknaam hoofdlettergevoelig is. Daarom moet u onthouden welke letters hoofdletters en kleine letters zijn.
- Communicatiemodus: ad-hoc
- Codering: ingeschakeld Aansluiten op een draadloos ad hoc-netwerk U kunt gebruik maken van de wizard Draadloos instellen om de HP All-in-One aan te sluiten op een draadloos adhoc-netwerk. Aansluiten op een draadloos ad hoc-netwerk
1. Druk op Instellingen.
2. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerk is gemarkeerd en druk vervolgens
3. Druk op pijltjestoets omlaag om Wizard voor draadloze instellingen te markeren
en druk vervolgens op OK. Het Wizard voor draadloze instellingen wordt uitgevoerd. In de wizard wordt er naar beschikbare netwerken gezocht en wordt er vervolgens een lijst met gevonden netwerknamen (SSID's) weergegeven. De infrastructuurnetwerken staan vooraan in de lijst, gevolgd door beschikbare adhoc-netwerken. De netwerken worden tevens gerangschikt naar de kracht van het signaal.
4. Zoek op het scherm naar de netwerknaam die u hebt gemaakt op de computer
(bijvoorbeeld Mijnnetwerk). Hoofdstuk 1 134 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands5. Gebruik de pijlknoppen om de netwerknaam te markeren en druk op OK. Als u uw netwerknaam hebt gevonden en geselecteerd, ga dan door naar stap 6. Wanneer u uw netwerknaam niet in de lijst aantreft a. Selecteer Een nieuwe netwerknaam (SSID) invoeren. Het visuele toetsenbord wordt weergegeven. b. Geef de SSID op. Gebruik de pijlknoppen op het bedieningspaneel om een letter of cijfer te markeren op het visuele toetsenbord en druk vervolgens op OK om deze/dit te selecteren. Opmerking U moet de exacte hoofdletters en kleine letters invoeren. Anders wordt de draadloze verbinding niet tot stand gebracht. c. Wanneer u de nieuwe SSID hebt ingevoerd, markeert u met de pijlknoppen Gereed op het visuele toetsenbord en drukt u vervolgens op OK. Tip Als het apparaat het netwerk niet kan vinden op basis van de door u ingegeven netwerknaam, zal u de volgende instructies zien. U wilt het apparaat dichter bij de computer brengen en de Draadloze Setup Wizard opnieuw proberen te starten om het netwerk automatisch te ontdekken. d. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Adhoc is gemarkeerd en druk vervolgens op OK. e. Druk op de knop met de pijl omlaag totdat Ja, mijn netwerk maakt gebruik van WEP-codering is gemarkeerd, en druk vervolgens OK. Het visuele toetsenbord wordt weergegeven. Als u de WEP-codering niet wilt proberen, drukt u op de knop met de pijl omlaag tot Nee, mijn netwerk maakt geen gebruik van codering is gemarkeerd, en drukt u vervolgens op OK. Ga naar stap 7.
6. Voer indien dit wordt gevraagd uw WEP-sleutel als volgt in. Anders gaat u verder met
stap 7. a. Gebruik de pijlknoppen om een letter of cijfer te markeren op het visuele toetsenbord en druk vervolgens op OK om deze/dit te selecteren. Opmerking U moet de exacte hoofdletters en kleine letters invoeren. Anders wordt de draadloze verbinding niet tot stand gebracht. b. Markeer na het invoeren van de WEP-sleutel met de pijlknoppen Gereed op het visuele toetsenbord.
7. Druk nogmaals op OK om te bevestigen.
Het apparaat probeert verbinding te maken met de SSID. Als in een bericht wordt aangegeven dat u een ongeldige WEP-sleutel hebt ingevoerd, controleert u de sleutel die u hebt genoteerd voor het nieuwe netwerk, volgt u de instructies om de WEP- sleutel te corrigeren, en probeert u opnieuw.
8. Wanneer het apparaat verbinding heeft gemaakt met het netwerk, gaat u naar de
computer om de software te installeren. Opmerking U kunt het Testrapport van het draadloze netwerk afdrukken aan het eind van een geslaagde aansluiting via de Wizard Draadloze instelling, waarmee u mogelijke toekomstige problemen met de netwerkinstelling kunt vaststellen. De HP All-in-One instellen met een draadloze adhoc-verbinding 135 NederlandsDe software voor een netwerkverbinding installeren Raadpleeg dit gedeelte als u de HP Photosmart-software wilt installeren op een computer die op een netwerk is aangesloten. Zorg dat u de HP All-in-One hebt aangesloten op een netwerk voordat u de software installeert. Opmerking Als de computer is geconfigureerd om verbinding te maken met een aantal netwerkstations, moet u ervoor zorgen dat de computer op dit moment is verbonden met deze stations voordat u de software installeert. De software-installatie van de HP Photosmart kan anders proberen om een van de gereserveerde stationsletters te gebruiken, waardoor u het betreffende netwerkstation niet op uw computer kunt openen. Opmerking De installatie duurt 20 tot 45 minuten. Dit is afhankelijk van het besturingssysteem, de beschikbare ruimte en de processorsnelheid op de computer. De Windows-software voor de HP Photosmart installeren
1. Sluit alle toepassingen die op de computer worden uitgevoerd en ook alle
virusdetectiesoftware.
2. Plaats de Windows-cd-rom die bij het apparaat werd geleverd in het cd-rom-station
op de computer en volg de instructies op het scherm.
3. Volg de instructies, als er een dialoogvenster over firewalls verschijnt. Als er vensters
met berichten over de firewall verschijnen, moet u deze berichten altijd accepteren of toestaan.
4. Selecteer in het scherm Verbindingstype de optie Door middel van het netwerk
en klik op Volgende. Het scherm Zoeken wordt weergegeven terwijl het installatieprogramma zoekt naar het apparaat in het netwerk
5. Controleer in het scherm Gevonden printer of de printerbeschrijving juist is.
Als er meerdere printers op het netwerk worden gevonden, wordt het scherm Printers gevonden weergegeven. Selecteer het apparaat dat u wilt aansluiten.
6. Volg de aanwijzingen om de software te installeren.
Wanneer u de software hebt geïnstalleerd, kunt u het apparaat gebruiken.
7. Als u virusdetectiesoftware op uw computer hebt uitgeschakeld, moet u deze opnieuw
8. Als u de netwerkverbinding wilt testen, gaat u naar de computer en drukt u een
testpagina af op het apparaat. Aansluiten op andere computers in een netwerk U kunt de HP All-in-One op een klein aantal computers op een netwerk aansluiten. Als de HP All-in-One al is aangesloten op een computer in een netwerk, moet u voor elke andere computer de software van de HP All-in-One installeren. Tijdens de installatie van een draadloze aansluiting ontdekt de software het apparaat op het netwerk. Nadat u de HP All-in-One op het netwerk hebt geïnstalleerd, hoeft u deze niet opnieuw te configureren wanneer u meer computers toevoegt. Hoofdstuk 1 136 HP Photosmart C6300 All-in-One series NederlandsOpmerking U kunt de HP All-in-One aansluiten op een draadloos of een vast netwerk, maar niet op beide tegelijk. De USB-aansluiting van de HP All-in-One wijzigen in een netwerkverbinding Als u de HP All-in-One eerst met een USB-aansluiting installeert, kunt u later naar een draadloze netwerkverbinding of een Ethernet-verbinding upgraden. Als u al weet hoe u een verbinding maakt met een netwerk, kunt u de hierna beschreven algemene instructies volgen. Opmerking Het is met het oog op optimale prestaties en een optimale beveiliging van uw draadloos netwerk raadzaam om de HP All-in-One op een toegangspunt (zoals een draadloze router) aan te sluiten. Een USB-verbinding wijzigen in een vaste (Ethernet-)verbinding.
1. Koppel de USB-aansluiting aan de achterzijde van het apparaat los.
2. Sluit een Ethernet-kabel vanaf de Ethernet-poort aan de achterkant van het apparaat
aan op een beschikbare Ethernet-poort op de router of switch.
3. Installeer de software voor een netwerkverbinding, kies Apparaat toevoegen en kies
vervolgens Door middel van het netwerk.
4. Als de installatie is voltooid, opent u Printers en Faxapparaten (of Printers) in het
Bedieningspaneel en verwijdert u de printers uit de vorige USB-installatie. Een USB-verbinding omzetten naar een ingebouwde draadloze WLAN 802.11- verbinding
1. Koppel de USB-aansluiting aan de achterzijde van het apparaat los.
2. Druk op Instellingen.
3. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerk is gemarkeerd en druk vervolgens
4. Druk op pijltjestoets omlaag om Wizard voor draadloze instellingen te markeren
en druk vervolgens op OK. Hiermee start u de wizard Draadloos instellen.
5. Installeer de software voor een netwerkverbinding, kies Apparaat toevoegen en kies
vervolgens Door middel van het netwerk.
6. Als de installatie is voltooid, opent u Printers en faxapparaten (of Printers) in het
Configuratiescherm en verwijdert u de USB-installatie van de printer. Uw firewall configureren voor gebruik met HP-apparaten Een persoonlijke firewall, die beveiligingssoftware op uw computer uitvoert, kan de netwerkcommunicatie tussen uw HP-apparaat en uw computer blokkeren. Als u problemen ondervindt zoals:
- Printer niet gevonden bij het installeren van HP-software
- Kan niet afdrukken, afdruktaak zit vast in de wachtrij of de printer gaat offline
- Fouten met scancommunicatie of berichten dat de scanner bezig is
- Kan printerstatus op uw computer niet zien Uw firewall configureren voor gebruik met HP-apparaten 137 NederlandsDe firewall voorkomt mogelijk dat uw HP-apparaat computers op uw netwerk laat weten waar het kan worden gevonden. Als de HP-software het HP-apparaat tijdens de installatie niet kan vinden (en u weet dat het HP-apparaat op het netwerk is), of u de HP-software al met succes hebt geïnstalleerd en problemen ondervindt, probeert u het volgende:
1. Zoek in het configuratieprogramma van de firewall een optie om computer op een
lokaal subnet te vertrouwen (soms een "scope" of "zone" genoemd). Door alle computers op het lokale subnet te vertrouwen, kunnen computers en apparaten thuis met elkaar communiceren terwijl ze nog steeds worden beschermd voor het internet. Dit is de eenvoudigste methode om te gebruiken.
2. Als u geen optie hebt om de computers op het lokale subnet te vertrouwen, kunt u
de inkomende UDP-poort 427 toevoegen aan de lijst toegestane poorten van uw firewall. Opmerking Niet bij alle firewalls is het nodig onderscheid te maken tussen inkomende en uitgaande poorten, maar bij sommige wel. Een ander veelvoorkomend probleem is dat de HP-software niet wordt vertrouwd door uw firewall om toegang te krijgen tot het netwerk. Dit kan gebeuren als u "blokkeren" hebt aangegeven in dialoogvensters van de firewall die verschenen toen u de HP-software installeerde. Als dit gebeurt, controleer dan dat de volgende programma's in de lijst vertrouwde toepassingen van uw firewall staan; voeg ze toe als ze ontbreken.
- hpqthb08.exe, in de directory C:\program files\HP\digital imaging\bin Opmerking Raadpleeg de documentatie van uw firewall om te zien hoe u de poortinstellingen van de firewall kunt configureren en hoe u HP-bestanden aan de "vertrouwde" lijst kunt toevoegen. Opmerking Sommige firewalls blijven storen, zelfs nadat u ze uitschakelt. Als u problemen blijft ondervinden nadat u de firewall hebt geconfigureerd zoals hierboven staat beschreven, moet u mogelijk de installatie van de firewall-software ongedaan maken om het apparaat op het netwerk te gebruiken. Geavanceerde firewall-informatie De volgende poorten worden ook gebruikt door uw HP-apparaat en moeten mogelijk worden geopend op de configuratie van uw firewall. Inkomende poorten (UDP) zijn bestemmingpoorten op de computer terwijl uitgaande poorten (TCP) bestemmingpoorten op het HP-apparaat zijn.
- Inkomende (UDP-) poorten: 137, 138, 161, 427
- Uitgaande (TCP-) poorten: 137, 139, 427, 9100, 9220, 9500 Hoofdstuk 1 138 HP Photosmart C6300 All-in-One series NederlandsDe poorten worden gebruikt voor: printer actief
TCP-poort: 9100 Upload fotokaart
TCP-poorten: 9220, 9500 Apparaatstatus UDP-poort: 161 Faxen
TCP-poort: 9220 Apparaatinstallatie UDP-poort: 427 Uw netwerkinstellingen beheren Met het bedieningspaneel van de HP All-in-One kunt u verscheidene taken op het gebied van netwerkbeheer uitvoeren. Deze taken omvatten onder meer het afdrukken van de netwerkinstellingen, het herstellen van de standaardwaarden van het netwerk, het inschakelen van de draadloze radio en het afdrukken van een test voor draadloos netwerk. Netwerkinstellingen afdrukken U kunt een overzicht van de netwerkinstellingen weergeven op het bedieningspaneel van de HP All-in-One, maar u kunt ook een gedetailleerde configuratiepagina afdrukken. Op de netwerkconfiguratiepagina worden alle belangrijke netwerkinstellingen, zoals het IP- adres, de verbindingssnelheid, DNS en mDNS weergegeven.
1. Druk op Instellingen.
2. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerk is gemarkeerd en druk vervolgens
3. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerkinstellingen weergeven is
gemarkeerd en druk vervolgens op OK.
4. Voer een van de volgende handelingen uit:
- Druk op de knop met de pijl omlaag totdat Overzicht vaste verbinding weergeven wordt gemarkeerd, en vervolgens op OK om de vaste netwerkinstellingen weer te geven.
- Druk op de knop met de pijl omlaag totdat Overzicht draadloze verbinding weergeven wordt gemarkeerd, en vervolgens op OK om de draadloze netwerkinstellingen weer te geven.
- Druk op de knop met de pijl omlaag totdat Netwerkconfiguratiepagina afdrukken wordt gemarkeerd, en vervolgens op OK om de netwerkconfiguratiepagina af te drukken. Standaardnetwerkinstellingen herstellen U kunt de oorspronkelijke instellingen zoals die waren bij aanschaf van de HP All-in-One herstellen. Uw netwerkinstellingen beheren 139 Nederlands1. Druk op Instellingen.
2. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerk is gemarkeerd en druk vervolgens
3. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Standaardnetwerkinstellingen herstellen
is gemarkeerd en druk vervolgens op OK.
4. Druk op OK om te bevestigen dat u de standaardwaarden voor het netwerk wilt
terugzetten. De draadloze radio in- en uitschakelen De draadloze radio is standaard uitgeschakeld, maar wanneer u de software installeert en de HP All-in-One aansluit op het netwerk, wordt de draadloze radio automatisch ingeschakeld. Het blauwe lampje op de voorzijde van de HP All-in-One geeft aan dat de draadloze radio is ingeschakeld. De radio moet zijn ingeschakeld om de verbinding met een draadloos netwerk te behouden. Als de HP All-in-One echter rechtstreeks is verbonden met een computer via een USB-aansluiting, wordt de radio niet gebruikt. In dit geval wilt u de radio mogelijk uitschakelen.
1. Druk op Instellingen.
2. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerk is gemarkeerd en druk vervolgens
3. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Draadloze radio is gemarkeerd en druk
4. Druk op de knop met de pijl omlaag om Aan of Uit te markeren en druk vervolgens
op OK. De draadloze netwerktest afdrukken De draadloze netwerktest voert een reeks diagnostische testen uit om te bepalen of de netwerkinstallatie al dan niet geslaagd is. Als een probleem wordt gedetecteerd, zal een aanbeveling voor de oplossing van dit probleem mee worden afgedrukt op het rapport. U kunt de draadloze netwerktest op elk moment afdrukken.
1. Druk op Instellingen.
2. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerk is gemarkeerd en druk vervolgens
3. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Draadloze netwerktest is gemarkeerd en
druk vervolgens op OK. Het Draadloze netwerktest wordt afgedrukt. Hoofdstuk 1 140 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands2 Overzicht HP All-in-One Met de HP All-in-One kunt u snel en gemakkelijk taken uitvoeren als het maken van een kopie, het scannen van documenten of het afdrukken van foto's van een geheugenkaart of USB-opslagapparaat. Veel functies van de HP All-in-One kunnen rechtstreeks vanaf het bedieningspaneel worden gebruikt, zonder dat u de computer hoeft in te schakelen. Opmerking In deze handleiding krijgt u een inleiding op basisbewerkingen en probleemoplossing, alsook informatie over het contacteren van HP-ondersteuning en het bestellen van benodigdheden. De Help op het scherm geeft de details van alle kenmerken en fucties, waaronder het gebruik van de software HP Photosmart die werd geleverd bij de HP All-in-One. Een overzicht van de HP All-in-One Label Beschrijving 1 Grafisch kleurenscherm (ook wel het scherm genoemd) 2 Bedieningspaneel 3 Sleuven voor geheugenkaart en Photo light 4 USB-poort aan de voorkant 5 Uitvoerlade 6 Verlengstuk van de papierlade (ook wel ladeverlengstuk genoemd) 7 Hoofdinvoerlade (ook wel invoerlade genoemd) 8 Fotolade 9 Toegangsklep voor wagen met printcartridges 10 Glasplaat Overzicht HP All-in-One 141 NederlandsLabel Beschrijving 11 Binnenkant van klep 12 Achterklep 13 Ethernet-poort 14 USB-poort aan de achterkant 15 Aansluiting voor netsnoer*
- Gebruik het apparaat alleen met de netadapter die door HP is geleverd. Functies van het bedieningspaneel In het volgende diagram en de bijbehorende tabel vindt u een kort overzicht van de functies op het bedieningspaneel van de HP All-in-One. Label Pictogra
Naam en omschrijving 1 Grafisch kleurenscherm (ook wel het display/scherm genoemd): hierop worden menu's, foto's en berichten weergegeven. Het scherm kan omhoog worden gehaald en gedraaid voor beter zicht. 2 Start: keert terug naar het beginscherm (het standaardscherm als u het apparaat inschakelt). 3 Menu: biedt een reeks opties verwant met het huidige beeldscherm. 4 Terug: keert terug naar het vorige scherm op het beeldscherm. 5 OK: hiermee selecteert u een menu-instelling, waarde of foto op het display. 6 Navigatieknop: laat toe om door de foto's en menuopties te bladeren met de toetsen pijltje omhoog, omlaag, links of rechts. Wanneer u inzoomt op een foto, kunt u de pijltjestoetsen ook gebruiken om de foto te verschuiven en een ander gebied te selecteren om af te drukken. 7 Inzoomen +: zoomt in om de afbeelding op het scherm te vergroten. U kunt deze knop ook samen gebruiken met de pijltjes op de navigatieknop om het bijsnijvakje aan te passen voor het afdrukken. Hoofdstuk 2 (vervolg) 142 HP Photosmart C6300 All-in-One series NederlandsLabel Pictogra
Naam en omschrijving 8 Uitzoomen -: zoomt uit om meer van een foto te tonen. Als u op deze knop drukt wanneer een foto op 100 % wordt getoond, wordt de functie Aanpassen aan pagina automatisch op de foto toegepast. 9 Waarschuwingslampje: dit lampje geeft aan dat er een probleem is opgetreden. Raadpleeg het display voor meer informatie. 10 Foto's afdrukken: drukt de geselecteerde foto's op uw geheugenkaart af. Indien er momenteel geen foto's zijn geselecteerd, drukt het apparaat de foto af die momenteel op het scherm wordt getoond. 11 Rode ogen verwijderen: hiermee schakelt u de functie Rode ogen verwijderen in of uit. Deze functie schakelt in als een geheugenkaart wordt geplaatst. Het apparaat corrigeert automatisch rode ogen in alle foto's die in de afdrukwachtrij staan. 12 Start kopiëren, Zwart: hiermee maakt u een zwart-witkopie. 13 Start kopiëren, Kleur: hiermee start u een kopieertaak in kleur. 14 Start scannen: opent het Menu Scannen waarin u een bestemming kunt selecteren voor uw scan. 15 Annuleren: beëindigt de huidige handeling. 16 Instellingen: hiermee opent u het menu Instellingen, waarmee u de apparaatinstellingen kunt wijzigen en onderhoudsfuncties kunt gebruiken. 17 Help: opent de Menu Help op een scherm waarin u een item kunt selecteren om er meer over te weten te komen. Als u op het beginscherm op Help drukt, worden de onderwerpen weergegeven waar Help voor beschikbaar is. Afhankelijk van het item dat u hebt geselecteerd, verschijnt het item op het display of op het computerscherm. Wanneer u andere schermen dan het beginscherm bekijkt, biedt de knop Help Help die van toepassing is op het huidige scherm. 18 Aan: schakelt het apparaat in of uit. Als het apparaat uit is, gebruikt het toch nog een minimale hoeveelheid stroom. Om de stroom helemaal te onderbreken schakelt u het apparaat uit en haalt u de stekker uit het stopcontact. 19 Lampje voor draadloos netwerk: geeft aan dat de printer is aangesloten op een draadloos netwerk. Meer informatie zoeken Er is een scala aan bronnen beschikbaar, zowel gedrukt als on line, waarin u informatie kunt vinden over het instellen en gebruiken van de HP All-in-One. Startershandleiding De startershandleiding bevat instructies voor de installatie van de HP All-in-One. Zorg dat u de stappen uit de startershandleiding in de juiste volgorde uitvoert. (vervolg) Meer informatie zoeken 143 NederlandsAls u problemen ondervindt tijdens de installatie, raadpleegt u het gedeelte Problemen oplossen achter in de startershandleiding of het gedeelte " Problemen oplossen en ondersteuning" op pagina 153 in deze handleiding. Help op het scherm In de Help op het scherm vindt u uitgebreide instructies voor functies van de HP All-in-One die niet worden beschreven in deze handleiding, waaronder functies die alleen beschikbaar zijn met de HP All-in-One-software. De elektronische Hulp biedt ook informatie over bepaalde voorschriften en het milieu. Voor toegang tot de Help op het scherm
- Windows: Klik op Start > Alle programma's > HP > Photosmart C6300 All-in-One series > Help.
- Macintosh: Open de HP Apparaatbeheer en klik op het pictogram ?. Klik vervolgens op het hoofdmenu en selecteer Photosmart C6300 All-in-One series. Website van HP Als u toegang hebt tot Internet, kunt u hulp en ondersteuning krijgen via de HP-website
www.hp.com/support. Op deze website kunt u terecht voor technische ondersteuning, stuurprogramma's en informatie over het bestellen van benodigdheden. Papier laden U kunt verschillende papiersoorten en papierformaten in de HP All-in-One plaatsen, waaronder papier van A4- of Letter-formaat, fotopapier, transparanten en enveloppen. Voor meer informatie, zie de Help op het scherm. Papier van volledig formaat plaatsen
1. Klap de uitvoerlade omhoog en houd hem in open positie.
2. Schuif de papierbreedtegeleider naar de uiterste stand.
Hoofdstuk 2 144 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands3. Plaats de stapel papier in de hoofdinvoerlade met de korte rand naar voren en de afdrukzijde naar beneden. Schuif de stapel papier vooruit totdat de stapel niet verder kan. Let op Zorg dat het apparaat inactief en stil is wanneer u papier in de hoofdinvoerlade plaatst. Als het apparaat bezig is met het onderhoud van de printcartridges of een andere taak uitvoert, bevindt de papierstop in het apparaat zich mogelijk niet in de juiste positie. Hierdoor kunt u het papier te ver naar voren duwen, waardoor het apparaat blanco pagina's zal uitwerpen. Tip Als u briefhoofdpapier gebruikt, schuift u dit in de lade met het briefhoofd eerst en de bedrukte zijde omlaag.
4. Schuif de papierbreedtegeleider naar binnen tot deze tegen de rand van het papier
aankomt. Plaats niet te veel papier in de hoofdinvoerlade. Zorg ervoor dat de stapel papier in de hoofdinvoerlade past en dat deze niet hoger is dan de bovenkant van de papierbreedtegeleider.
5. Klap de uitvoerlade naar beneden. Schuif het verlengstuk van de lade zo ver mogelijk
naar u toe. Klap de papierklem aan het eind van het verlengstuk van de lade uit, zodat het verlengstuk in zijn geheel is geopend. Papier laden 145 NederlandsOpmerking Klap het verlengstuk van de lade niet uit als u papier van Legal- formaat gebruikt. Fotopapier van maximum 13 x 18 cm (5 x 7 inch) in de fotolade plaatsen.
1. Til de klep van de fotolade omhoog.
2. Schuif de papierbreedtegeleider naar de uiterste stand.
3. Plaats de stapel fotopapier in de fotolade met de korte rand naar voren en de
afdrukzijde naar beneden. Schuif de stapel fotopapier naar voren, totdat de stapel niet verder kan. Als het fotopapier dat u gebruikt geperforeerde lipjes heeft, plaatst u het fotopapier zo dat de lipjes naar u toe liggen. Hoofdstuk 2 146 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands4. Schuif de papierbreedtegeleider naar binnen tot deze tegen de rand van het papier aankomt. Plaats niet te veel afdrukmateriaal in de fotolade. Zorg ervoor dat de stapel fotopapier in de fotolade past en dat deze niet hoger is dan de bovenkant van de papierbreedtegeleider.
5. Laat de klep van de fotolade zakken.
Papierstoringen voorkomen Houd u aan de volgende richtlijnen om papierstoringen te voorkomen.
- Verwijder regelmatig afgedrukte exemplaren uit de uitvoerlade.
- Zorg dat fotopapier niet krult of kreukt door al het ongebruikte fotopapier in een hersluitbare verpakking te bewaren.
- Zorg dat het papier plat in de invoerlade ligt en dat de randen niet omgevouwen of gescheurd zijn.
- Als u etiketten afdrukt, controleer dan of de vellen voor de etiketten niet ouder zijn dan twee jaar. Etiketten op oudere vellen kunnen loslaten als het papier door het apparaat wordt getrokken, en kunnen papierstoringen veroorzaken.
- Leg niet papier van verschillende soorten en formaten tegelijk in de invoerlade; al het papier in de invoerlade moet van dezelfde soort en hetzelfde formaat zijn.
- Verschuif de breedtegeleider voor het papier in de invoerlade totdat deze vlak tegen het papier aanligt. Zorg dat de breedtegeleiders het papier in de papierlade niet buigen.
- Schuif het papier niet te ver naar voren in de invoerlade.
- Gebruik papiersoorten die worden aanbevolen voor de printer. Een foto afdrukken op fotopapier Voor de beste afdrukkwaliteit, raadt HP u aan om HP-papier te gebruiken dat speciaal is ontworpen voor het type project dat u afdrukt, in combinatie met originele HP-inkt. HP- Een foto afdrukken op fotopapier 147 Nederlandspapier en HP-inkt zijn speciaal ontworpen om samen te gebruiken voor een goede kwaliteit. 1 Memory Stick, Memory Stick Pro, Memory Stick Select, Memory Stick Magic Gate, Memory Stick Duo of Duo Pro (adapter optioneel), of Memory Stick Micro (adapter vereist) 2 MultiMedia Card (MMC), MMC Plus, Secure MultiMedia Card, MMC Mobile (RS-MMC; adapter vereist), Secure Digital (SD), Secure Digital Mini, Secure Digital High Capacity (SDHC), TransFlash MicroSD Card (adapter vereist), of xD-Picture card 3 CompactFlash (CF) types I en II 4 USB-poort voorkant (voor opslagapparaten en PictBridge-camera's) Foto's afdrukken
1. Plaats fotopapier in de geschikte invoerlade.
2. Plaats een geheugenkaart in de juiste sleuf van het apparaat of sluit een
opslagapparaat aan op de USB-poort vooraan.
3. Druk op OK om Weergeven & afdrukken te selecteren.
4. Druk op de pijltjestoets links of rechts om door de voorbeelden van uw foto's te
5. Als de foto die u wilt afdrukken is gemarkeerd, drukt u op OK.
6. Druk op de knop omhoog om het aantal afdrukken te doen toenemen. U moet
minstens een afdruk specificeren, anders wordt de foto niet afgedrukt. Tip Als u de foto wilt bijsnijden of draaien, of andere wijzigingen wilt aanbrengen voor het afdrukken, drukt u op de knop Menu.
7. (Optioneel) Blader nog naar links en rechts om meer foto's aan de afdrukwachtrij toe
8. Druk op OK om een afdrukvoorbeeld te bekijken.
Hoofdstuk 2 148 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands9. (Optioneel) Druk op de knop Menu om de afdrukinstellingen te wijzigen.
10. Druk op Foto's afdrukken.
Tip Tijdens het afdrukken kunt u drukken op OK om meer foto's toe te voegen aan de afdrukwachtlijst. Een afbeelding scannen U kunt een scantaak starten vanaf de computer of het bedieningspaneel van de HP All-in-One. In dit gedeelte wordt alleen uitgelegd hoe u vanaf het bedieningspaneel van de HP All-in-One kunt scannen. Opmerking U kunt ook met behulp van de software die u met de HP All-in-One hebt geïnstalleerd, de afbeeldingen scannen. Met deze software kunt u een gescande afbeelding bewerken en speciale projecten maken met behulp van gescande afbeeldingen. Naar een computer scannen
1. Plaats het origineel met de bedrukte zijde naar beneden tegen de
rechterbenedenhoek van de glasplaat.
2. Druk op Start scannen op het bedieningspaneel.
3. Druk op de knop met de pijl omlaag om Scannen naar computer te markeren en
druk vervolgens op OK. Opmerking Als het apparaat op het netwerk is aangesloten, verschijnt er een lijst met beschikbare computers. Selecteer de computer waarnaar u de scan wilt overbrengen, en ga dan naar de volgende stap.
4. Het menu Scannen naar verschijnt op het display. Druk op de knop met de pijl omlaag
om de snelkoppeling van de taak die u wilt gebruiken te selecteren, en druk vervolgens op OK. Opmerking Snelkoppelingen van taken definiëren parameters, zoals de softwaretoepassing, dpi en kleurinstellingen zodat u deze niet voor iedere scantaak hoeft in te stellen.
5. Volg de opdrachten op het scherm om de scan op uw computer op te slaan.
Een kopie maken U kunt vanaf het bedieningspaneel kopieën van hoge kwaliteit maken. Een kopie maken vanaf het bedieningspaneel
1. Zorg dat er papier in de invoerlade is geplaatst.
2. Plaats het origineel met de bedrukte zijde naar beneden tegen de
rechterbenedenhoek van de glasplaat.
3. Druk op Start kopiëren, Zwart of op Start kopiëren, Kleur om te beginnen met
kopiëren. Een kopie maken 149 NederlandsPrintcartridges vervangen Volg deze instructies als u uw inktcartridges moet vervangen. Opmerking Als u het apparaat voor het eerst installeert, zorg er dan voor dat u de instructie in de startershandleiding voor het installeren van de printkop en de printcartridges opvolgt. Als u nog geen printcartridges hebt voor de HP All-in-One, kunt u ze bestellen via www.hp.com/buy/supplies. Selecteer uw land/regio wanneer dit wordt gevraagd, volg de aanwijzingen om uw product te selecteren en klik vervolgens op een van de koppelingen voor bestellingen op de pagina. Let op Wacht tot u een nieuwe printcartridge beschikbaar hebt voordat u de oude printcartridge verwijdert. Laat de printcartridge niet voor een langere periode buiten het apparaat. Dit kan leiden tot schade aan zowel het apparaat als de printcartridge. De printcartridges vervangen
1. Controleer of de printer aanstaat.
2. Open de klep van de printcartridges door deze rechtsvoor van het apparaat omhoog
te tillen totdat de klep in de geopende stand is vergrendeld. De wagen met de printcartridges beweegt naar het midden van het apparaat. Opmerking Wacht tot de wagen met de printcartridges stopt voor u verder gaat.
3. Druk op het klepje aan de voorkant van de printcartridge om deze te ontgrendelen,
en verwijder deze vervolgens uit de sleuf. Hoofdstuk 2 150 HP Photosmart C6300 All-in-One series NederlandsLet op Til de vergrendelingsgreep op de wagen met de printcartridges niet omhoog om de printcartridges te verwijderen.
4. Verwijder de nieuwe printcartridge uit de verpakking door het oranje lipje recht naar
achteren te trekken om de plastic verpakking van de printcartridge te verwijderen. Opmerking Zorg ervoor dat u de plastic verpakking van de printcartridge verwijdert voordat u het in het apparaat installeert, anders mislukt het afdrukken.
5. Draai het oranje kapje om het af te breken.
6. Schuif met behulp van de gekleurde pictogramvormen de printcartridge in de lege
sleuf tot deze op zijn plaats vastklikt en stevig in de sleuf zit. Let op Til de vergrendelingsgreep op de wagen met de printcartridges niet omhoog om de printcartridges te installeren. Dit kan ertoe leiden dat de printcartridges niet goed zijn geplaatst, wat afdrukproblemen veroorzaakt. De vergrendeling moet omlaag blijven om de printcartridges correct te kunnen plaatsen. Zorg ervoor dat u de printcartridge in de sleuf plaatst met dezelfde pictogramvorm en kleur als de printcartridge die u installeert. Printcartridges vervangen 151 Nederlands7. Herhaal stap 3 tot en met 6 voor elke printcartridge die u wilt vervangen.
8. Sluit de klep van de printcartridges.
Hoofdstuk 2 152 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands3 Problemen oplossen en ondersteuning Dit hoofdstuk bevat informatie over het oplossen van problemen met de HP All-in-One. Hierbij wordt met name aandacht besteed aan installatie- en configuratieproblemen en aan een aantal problemen dat betrekking heeft op de werking van de apparatuur. Raadpleeg voor meer informatie de Help op het scherm die bij de software werd geleverd. Een groot aantal problemen ontstaat als de HP All-in-One met behulp van een USB-kabel op de computer wordt aangesloten voordat de software voor de HP All-in-One wordt geïnstalleerd. Voer de volgende stappen uit als u de HP All-in-One op de computer hebt aangesloten voordat de installatiesoftware een bericht heeft weergegeven waarin u wordt gevraagd om het apparaat aan te sluiten: Algemene installatieproblemen oplossen
1. Ontkoppel de USB-kabel van de computer.
2. Verwijder de software (als u deze hebt geïnstalleerd).
3. Start de computer opnieuw op.
4. Schakel het apparaat uit, wacht ongeveer één minuut en schakel het opnieuw in.
5. Installeer de productsoftware opnieuw.
Let op Sluit de USB-kabel pas op de computer aan als er op het scherm een bericht wordt weergegeven waarin u wordt gevraagd om de USB-kabel op de computer aan te sluiten. Raadpleeg het achterblad van deze handleiding voor contactinformatie voor ondersteuning. De software verwijderen en opnieuw installeren U moet de software mogelijk verwijderen en opnieuw installeren als de installatie onvolledig is of als u de USB-kabel op de computer hebt aangesloten voordat er een bericht is weergegeven waarin u wordt gevraagd om de USB-kabel op de computer aan te sluiten. Verwijder de toepassingsbestanden voor de HP All-in-One niet zomaar van de computer. Verwijder deze bestanden op de juiste manier met het hulpprogramma voor het verwijderen de installatie dat bij de HP All-in-One is meegeleverd. De software-installatie ongedaan maken en opnieuw installeren
1. Klik op de taakbalk van Windows op Start, Instellingen, Bedieningspaneel (of gewoon op
2. Dubbelklik op Programma's toevoegen/verwijderen (of klik op Installatie van een
programma ongedaan maken).
3. Selecteer HP Photosmart All-in-One Driver Software en klik vervolgens op Wijzigen/
Verwijderen. Volg de instructies op het scherm.
4. Koppel het apparaat los van de computer.
5. Start de computer opnieuw op.
Opmerking Het is belangrijk dat u het apparaat loskoppelt voordat u de computer opnieuw opstart. Sluit het apparaat pas aan op de computer nadat u de software opnieuw hebt geïnstalleerd. Problemen oplossen en ondersteuning 153 Nederlands6. Plaats de cd-rom van de printer in het cd-romstation van uw computer en start vervolgens de installatie opnieuw. Opmerking Als het configuratieprogramma niet wordt weergegeven, zoekt u naar het bestand setup.exe op de cd-rom en dubbelklikt u op dit bestand. Opmerking Als u de installatie-cd niet meer hebt, kunt u de software van www.hp.com/ support downloaden.
7. Volg de instructies op het scherm en in de startershandleiding van de printer.
Als de installatie van de software is voltooid, wordt het pictogram HP Digital Imaging Monitor in het systeemvak van Windows weergegeven. Als u wilt controleren of de software op de juiste manier is geïnstalleerd, dubbelklikt u op het pictogram HP Solution Center op het bureaublad. Als de essentiële pictogrammen in het HP Solution Center worden weergegeven (Afbeelding scannen en Document scannen), is de software op de juiste manier geïnstalleerd. Problemen met de installatie oplossen Gebruik dit deel om mogelijke problemen met de installatie van de hardware van de HP All-in-One op te lossen. U kunt het apparaat niet inschakelen Probeer de volgende oplossingen als er geen licht, geen ruis en geen beweging van het apparaat is als u het inschakelt. Oplossing 1: gebruik het telefoonsnoer dat bij het apparaat werd geleverd. Oplossing
- Controleer of het netsnoer goed op het apparaat en de netsnoeradapter is aangesloten. Plaats het netsnoer in een wandcontactdoos, piekbeveiliging of stekkerblok.
- Controleer bij gebruik van een stekkerdoos of deze is ingeschakeld. U kunt het apparaat ook rechtstreeks op een stopcontact aansluiten.
- Test het stopcontact om te zien of er stroom op staat. Sluit een apparaat aan waarvan u zeker weet dat dit werkt en controleer of het apparaat stroom ontvangt. Als dat niet het geval is, kan er een probleem zijn met het stopcontact.
- Als u het apparaat aansluit op een stopcontact met een schakelaar, dient u ervoor te zorgen dat de schakelaar is ingeschakeld. Als de schakelaar is ingeschakeld maar niet werkt, is er misschien een probleem met het stopcontact. Oorzaak: Het apparaat werd niet met het meegeleverde netsnoer gebruikt. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 2: reset het apparaat Oplossing: Schakel het apparaat uit en trek het netsnoer uit het stopcontact. Sluit het netsnoer weer aan en druk op de knop Aan om het apparaat in te schakelen. Oorzaak: Er is een fout opgetreden met het apparaat. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 3: druk langzamer op de knop Aan. Oplossing: Soms reageert het apparaat niet als u de Aan-knop te snel indrukt. Druk eenmaal op de knop Aan. Het kan enkele ogenblikken duren voordat het apparaat wordt ingeschakeld. Als u in deze tijd nogmaals op de Aan-knop drukt, schakelt u het apparaat misschien weer uit. Oorzaak: U hebt te snel op de knop Aan gedrukt. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Hoofdstuk 3 154 HP Photosmart C6300 All-in-One series NederlandsOplossing 4: neem contact op met HP om de voeding te vervangen. Oplossing: Neem contact op met HP-ondersteuning om een voedingseenheid voor het toestel te vragen. Ga naar: www.hp.com/support. Kies uw land/regio wanneer dit wordt gevraagd en klik vervolgens op Neem contact op met HP voor informatie over het aanvragen van technische ondersteuning. Oorzaak: De voeding was niet bedoeld voor gebruik met dit apparaat of ondervond een mechanische fout. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 5: neem contact op met HP-ondersteuning voor onderhoud Oplossing: Als u alle stappen van de vorige oplossingen hebt uitgevoerd en nog steeds een probleem ondervindt, neemt u contact op met HP-ondersteuning voor onderhoud. Bezoek: www.hp.com/support. Kies uw land/regio in de keuzelijst en klik vervolgens op Neem contact op met HP voor technische ondersteuning. Oorzaak: U hebt mogelijk begeleiding nodig om het apparaat of de software goed te laten werken. Ik heb de USB-kabel aangesloten, maar ondervind problemen als ik het apparaat met mijn computer gebruik Oplossing: U moet eerst de software installeren die bij het apparaat is geleverd en pas daarna de USB-kabel aansluiten. Tijdens de installatie dient u de USB-kabel niet aan te sluiten voordat u dat wordt gevraagd door de instructies op het scherm. Als u de software eenmaal hebt geïnstalleerd, steekt u een uiteinde van de USB-kabel in de achterkant van uw computer en het andere uiteinde in de achterkant van het apparaat. U kunt elke USB-poort aan de achterzijde van de computer gebruiken. Raadpleeg de startershandleiding bij de printer voor meer informatie over het installeren van de software en het aansluiten van de USB-kabel. Oorzaak: De USB-kabel is aangesloten voordat de software is geïnstalleerd. Als u de USB- kabel aansluit voordat u dit wordt gevraagd, dan kunnen er fouten optreden. Nadat het apparaat werd geïnstalleerd, wil het niet drukken Probeer het probleem op te lossen met de volgende oplossingen. De oplossingen staan in volgorde, met de meest waarschijnlijke oplossing eerst. Als de eerste oplossing het probleem niet oplost, gaat u verder met de resterende oplossingen tot het probleem is opgelost. Oplossing 1: druk op de knop Aan om het apparaat in te schakelen. Oplossing: Bekijk het display van de printer. Als het display leeg is en de knop Aan niet is verlicht, is de printer uitgeschakeld. Zorg dat het netsnoer stevig is aangesloten op de printer en in een stopcontact gestoken is. Druk op de knop Aan om de printer in te schakelen. Oorzaak: Het apparaat stond mogelijk uitgeschakeld. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 2: stel uw apparaat als standaardprinter in Oplossing: Gebruik de systeemtools op uw computer om uw apparaat in te stellen als standaardprinter. Oorzaak: U kunt de afdruktaak naar de standaardprinter sturen, maar dit apparaat was niet de standaardprinter. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Problemen met de installatie oplossen 155 NederlandsOplossing 3: controleer de verbinding tussen het apparaat en de computer Oplossing: Controleer de verbinding tussen het apparaat en de computer. Oorzaak: Het apparaat en de computer stonden niet met elkaar in verbinding. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 4: controleer of de printcartridges goed zijn geïnstalleerd en of ze nog inkt bevatten. Oplossing: Controleer of de printcartridges goed zijn geïnstalleerd en of ze nog inkt bevatten. Oorzaak: Er was wellicht een probleem met een of meer printcartridges. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 5: plaats papier in de invoerlade Oplossing: Plaats papier in de invoerlade. Oorzaak: Het papier was mogelijk op. Problemen met het netwerk oplossen Als u problemen ondervindt bij het gebruiken van uw HP All-in-One op een netwerk, probeer dan de volgende stappen in opgegeven volgorde uit te voeren:
1. Schakel de router, het apparaat en de computer uit, en schakel ze vervolgens in deze volgorde
weer aan: eerst de router, vervolgens het apparaat en ten slotte de computer. Soms lost opnieuw opstarten een probleem met de netwerkcommunicatie op.
2. Voer de Draadloze netwerktest uit vanaf het bedieningspaneel van het apparaat voor
problemen met het draadloze netwerk. a. Druk op Instellingen. b. Druk op de pijl naar beneden tot Netwerk is gemarkeerd, en druk vervolgens op OK. c. Druk op de pijl naar beneden tot Draadloze netwerktest is gemarkeerd, en druk vervolgens op OK. De Draadloze netwerktest drukt af. Als er een probleem wordt gedetecteerd, worden er in het afgedrukte testrapport aanbevelingen gegeven die het probleem kunnen helpen oplossen. Als u de netwerkinstellingen op uw apparaat moet veranderen of de Wizard Draadloze instelling nooit hebt uitgevoerd vanaf het bedieningspaneel van het apparaat, doe dat dan nu. Dubbelklik op het pictogram HP Solution Center, klik op Instellingen, klik op Andere instellingen, selecteer Netwerkwerkset en selecteer vervolgens de link Wizard draadloze instelling.
3. Als de vorige stappen het probleem niet oplossen en u de HP Photosmart-software met succes
op uw computer hebt geïnstalleerd, voer dan de tool Netwerkdiagnose uit. Opmerking De diagnosetest kan u de opdracht geven een USB-kabel aan te sluiten tussen het apparaat en de computer. Plaats het apparaat en de computer dicht bij elkaar en houd een USB-kabel bij de hand. De tool Netwerkdiagnose uitvoeren ▲ Klik in het Solution Center op Instellingen, klik op Andere instellingen en klik vervolgens op Werkset netwerk. Klik in het tabblad Extra op Netwerkdiagnose uitvoeren. Als u de toen Netwerkdiagnose niet kunt uitvoeren of dit het probleem niet oplost, controleert u de volgende hoofdstukken voor bijkomende informatie:
1. Controleer of de computer op uw netwerk is aangesloten
2. Controleer of het apparaat op uw netwerk is aangesloten
3. Controleer of de firewall-software de communicatie blokkeert
Hoofdstuk 3 156 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands4. Controleer of het apparaat is ingeschakeld en gereed is
5. Controleer of de software HP-apparaatontdekking actief is
Stap 1: controleer of de computer op uw netwerk is aangesloten Een vaste (Ethernet-) aansluiting controleren ▲ Controleer of de indicatielampjes branden waar de Ethernet-kabel van de router op uw computer is aangesloten. Meestal zijn er twee indicatielampjes, waarvan een brandt en de ander knippert. Als u geen lampjes ziet, probeer de Ethernet-kabel dan opnieuw op de computer en de router aan te sluiten. Als u nog steeds geen lampjes ziet, is er mogelijk een probleem met de router of met uw computer. Een draadloze aanlsluiting controleren
1. Controleer of de draadloze radio op uw computer is ingeschakeld.
2. Als u geen unieke netwerknaam (SSID) gebruikt, is het mogelijk dat uw draadloze computer is
aangesloten op een netwerk in de buurt dat niet van u is. Met behulp van de volgende stappen kunt u vaststellen of uw computer is aangesloten op uw netwerk. a. Op basis van het besturingssysteem:
- Windows XP: Klik op Start, wijs Bedieningspaneel aan, wijs Netwerkverbindingen aan en selecteer vervolgens Bekijken/Details.
Windows XP: Klik op Start, wijs Instellingen aan, wijs Bedieningspaneel aan, wijs Netwerkverbindingen aan en selecteer vervolgens Bekijken/Details.
- Windows Vista: Klik op Start, wijs Bedieningspaneel aan, wijs Netwerkverbindingen aan en klik vervolgens op Netwerkstatus en taken bekijken. Laat het netwerkdialoogvenster open terwijl u verdergaat naar de volgende stap. b. Koppel het netsnoer los van de draadloze router. De verbindingsstatus van uw computer hoort te wijzigen naar Niet aangesloten. c. Sluit het netsnoer weer aan op de draadloze router. De verbindingstatus hoort te wijzigen naar Aangesloten. Als u uw computer niet op het netwerk kunt aansluiten, neem dan contact op met de persoon die uw netwerk heeft ingesteld of met de fabrikant van uw router, omdat er een probleem met de hardware van uw router of computer kan zijn. Als u toegang hebt tot internet, kunt u ook toegang krijgen tot de HP-netwerkassistent op http:// www.hp.com/sbso/wireless/tools-setup.html?jumpid=reg_R1002_USEN voor hulp bij het opstellen van een netwerk. Stap 2: Controleer of de HP All-in-One met uw netwerk is verbonden Als u apparaat niet met hetzelfde netwerk is verbonden als uw computer, kunt u het apparaat niet over het netwerk gebruiken. Volg de stappen die in dit hoofdstuk beschreven staan om erachter te komen of uw apparaat actief is verbonden met het juiste netwerk. A: Controleer of het apparaat met het netwerk verbonden is. U kunt als volgt zien of het apparaat is aangesloten op het netwerk: ▲ Als het apparaat is aangesloten op een vast (Ethernet-) netwerk, controleer dan de twee Ethernet-indicatielampjes aan de bovenkant en onderkant van de RJ-45 Ethernet-stekker aan de achterkant van het apparaat. De lampjes geven het volgende aan:
- Bovenste lampje: als het lampje constant groen brandt, is het apparaat op het netwerk aangesloten en is communicatie tot stand gebracht. Als het onderste lampje uit is, is er geen netwerkverbinding.
- Onderste lampje: als het gele lampje knippert, worden gegevens door het apparaat via het netwerk verzonden of ontvangen. Problemen met het netwerk oplossen 157 Nederlands▲ Als het apparaat is aangesloten op een draadloos netwerk, drukt u de Netwerkconfiguratiepagina voor het apparaat af, en controleert u vervolgens de Netwerkstatus en URL. De Netwerkconfiguratiepagina afdrukken a. Druk op Instellingen. b. Druk op de pijl naar beneden tot Netwerk is gemarkeerd, en druk vervolgens op OK. c. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerkinstellingen weergeven is gemarkeerd en druk vervolgens op OK. d. Druk op de knop met de pijl omlaag tot Netwerkconfiguratiepagina afdrukken is gemarkeerd en druk vervolgens op OK. Hiermee wordt de Netwerkconfiguratiepagina afgedrukt. Netwerkstatus
- Als de Netwerkstatus Gereed is, is het apparaat actief met een netwerk verbonden.
- Als de Netwerkstatus Gereed is, is het apparaat actief met een netwerk verbonden. Voer de Draadloze netwerktest uit (met behulp van de instructies aan het begin van het hoofdstuk Problemen met het netwerk oplossen) en volg aanbevelingen op. URL De URL die hier wordt weergegeven is het netwerkadres dat door uw router is toegekend aan het apparaat. U hebt dit adres nodig voor stap
B: controleer of u toegang kunt krijgen tot de homepage van de HP Photosmart C6300 All-in-One series Nadat u hebt vastgesteld dat de computer en de HP All-in-One allebei actieve aansluitingen op een netwerk hebben, kunt u controleren of ze op hetzelfde netwerk zijn door naar de homepage van HP Photosmart C6300 All-in-One series te gaan. (De homepage is een webpagina in de HP All-in-One.) U opent de homepage van HP Photosmart C6300 All-in-One series als volgt: ▲ Open op uw computer de browser die u gewoonlijk gebruikt om toegang te krijgen tot internet (bijvoorbeeld Internet Explorer). Typ in de Adresbalk de URL van het apparaat zoals het op de Netwerkconfiguratiepagina werd weergegeven (bijvoorbeeld http://192.168.1.101.) De homepage van de HP Photosmart C6300 All-in-One series verschijnt. Opmerking Als u in de browser een proxyserver gebruikt, moet u deze mogelijk uitschakelen om de interne webserver te kunnen gebruiken. Als u toegang kunt krijgen tot de HP Photosmart C6300 All-in-One series, probeer het apparaat dan over het netwerk te gebruiken (bijvoorbeeld door te scannen of afdrukken) om te zien of de netwerkinstelling succesvol was. Als u geen toegang kunt krijgen tot de homepage van HP Photosmart C6300 All-in-One series of nog steeds problemen ondervindt wanneer u het apparaat over het netwerk gebruikt, ga dan verder met het volgende hoofdstuk over firewalls. Stap 3: controleer of de firewall-software de communicatie blokkeert Als u geen toegang kunt krijgen tot de homepage van HP Photosmart C6300 All-in-One series en zeker weet dat de computer en HP Photosmart C6300 All-in-One series actieve aansluitingen hebben op hetwelfde netwerk, kan het zijn dat de beveiligingssoftware van de firewall de communicatie blokkeert. Schakel beveiligingsoftware van de firewall die actief is op uw computer uit en probeer vervolgens nogmaals toegang te krijgen tot de homepage van HP Photosmart C6300 All-in-One series. Als u toegang kunt krijgen tot de homepage, probeer dan de HP Photosmart C6300 All-in-One series te gebruiken (om af te drukken of te scannen). Als u toegang kunt krijgen tot de homepage en uw HP Photosmart C6300 All-in-One series gebruikt met de firewall uitgeschakeld, moet u de firewall-instellingen opnieuw configureren zodat de computer en de HP Photosmart C6300 All-in-One series met elkaar kunnen communiceren over het Hoofdstuk 3 158 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlandsnetwerk. Zie "Uw firewall configureren voor gebruik met HP-apparaten" op pagina 137 voor meer informatie. Als u toegang kunt krijgen tot de homepage van HP Photosmart C6300 All-in-One series maar nog steeds de HP Photosmart C6300 All-in-One series niet kunt gebruiken met de firewall uitgeschakeld, gaat u verder met stap 4 en 5. Stap 4: Controleer of het apparaat is ingeschakeld en gereed is Als u de software van HP Photosmart hebt geïnstalleerd, kunt u de status van het apparaat vanaf uw computer controleren om te zien of het apparaat is onderbroken of offline staat, waardoor u het niet kunt gebruiken. De printerstatus controleren
1. Voer, afhankelijk van uw besturingssysteem, een van de volgende handelingen uit:
- Windows XP: Klik op Start, wijs Printers en faxen aan en selecteer vervolgens Bekijken/ Details.
- Windows Vista: Klik op Start, wijs Bedieningspaneel aan en selecteer vervolgens Printers en faxen.
2. Voer een van de volgende handelingen uit, afhankelijk van de printerstatus:
- Als het apparaat Offline weergeeft, klikt u met de rechtermuisknop op het apparaat en selecteert u Printer online gebruiken.
- Als het apparaat Onderbroken weergeeft, klikt u met de rechtermuisknop op het apparaat en selecteert u Afdrukken hervatten.
3. Probeer het apparaat over het netwerk te gebruiken.
Als u het apparaat kunt gebruiken nadat u de bovenstaande stappen hebt uitgevoerd maar merkt dat de symptonen aanhouden als u het apparaat blijft gebruiken, kan het zijn dat uw firewall hindert. Zie " Uw firewall configureren voor gebruik met HP-apparaten" op pagina 137 voor meer informatie. Als u het apparaat nog steeds niet over het netwerk kunt gebruiken, gaat u verder naar het volgende hoofdstuk voor bijkomende hulp bij het oplossen van problemen. Stap 5: controleer of de HP-ondersteuning netwerkapparaten actief is De service "HP-ondersteuning netwerkapparaten" opnieuw opstarten
1. Verwijder afdruktaken die momenteel in de wachtrij staan.
2. Voer, afhankelijk van uw besturingssysteem, een van de volgende handelingen uit:
- Windows XP: Klik op Start, klik met de rechtermuisknop op Deze computer, en klik op Beheer.. Dubbelklik op Services en Toepassingen, en selecteer vervolgens Services.
- Windows Vista: Klik op Start, klik met de rechtermuisknop op Computer, en klik op Beheer.. Dubbelklik op Services en Toepassingen, en selecteer vervolgens Services.
3. Scroll de lijst met services naar beneden, kik met de rechtermuisknop op HP-ondersteuning
netwerkapparaten en selecteer vervolgens Opnieuw opstarten.
4. Nadat de service opnieuw is opgestart, probeert u het apparaat nogmaals over het netwerk te
gebruiken. Als u het apparaat over het netwerk kunt gebruiken, was de netwerkinstallatie succesvol. Als u het apparaat nog steeds niet over het netwerk kunt gebruiken of als u deze stap regelmatig moet uitvoeren om uw apparaat over het netwerk te gebruiken, stoort uw firewall mogelijk. Zie "
firewall configureren voor gebruik met HP-apparaten" op pagina 137 voor meer informatie. Als het nog steeds niet werkt, is er mogelijk een probleem met uw netwerkconfiguratie of uw router. Neem contact op met de persoon die uw netwerk heeft ingesteld of met de fabrikant van uw router voor hulp. Papierstoringen verhelpen Bij een papierstoring controleert u eerst de achterklep. De papierstoring moet mogelijk via de achterklep worden verholpen. Papierstoringen verhelpen 159 NederlandsEen papierstoring in de achterklep verhelpen
1. Druk op het lipje aan de linkerkant van de achterklep om deze te ontgrendelen. Verwijder de
klep door deze weg te trekken van het toestel.
2. Trek het papier voorzichtig tussen de rollen vandaan.
Let op Als het papier scheurt wanneer u het van de rollen verwijdert, controleert u de rollen en wieltjes op gescheurde stukjes papier die in het apparaat kunnen zijn achtergebleven. Als u niet alle stukjes papier uit het toestel verwijdert, is er een grotere kans op papierstoringen.
3. Plaats de achterklep terug. Duw de klep voorzichtig naar voren totdat deze op zijn plaats klikt.
4. Druk op OK op het bedieningspaneel om verder te gaan met de huidige afdruktaak.
Informatie over printcartridges en de printkop Lees de volgende tips voor het omgaan met en het onderhouden van HP-printcartridges als u verzekerd wilt zijn van een consistente afdrukkwaliteit. Hoofdstuk 3 160 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands
- Haal printcartridge pas uit de originele luchtdichte verpakking als u ze nodig hebt.
- Schakel het apparaat uit door op de knop Aan te drukken. Schakel het apparaat niet uit door een stekkerdoos uit te schakelen of door het netsnoer uit het apparaat te trekken.Als u het apparaat niet op correcte wijze uitschakelt, is het mogelijk dat de printkop niet terugkeert naar de juiste positie.
- Bewaar printcartridges bij kamertemperatuur (15,6 - 26,6 °C of 60 - 78 F).
- Wij adviseren u de printcartridges niet uit het apparaat te verwijderen als u nog geen nieuwe printcartridges hebt om te installeren.
- Als u het apparaat wilt vervoeren, zet u het uit door op de knop Aan te drukken om het op de juiste manier uit te schakelen. Laat ook zeker de printcartridges zitten.Door deze handelingen uit te voeren voorkomt u inktlekkage uit de printkoppen.
- Reinig de printkop wanneer u een merkbare vermindering vaststeld van de afdrukkwaliteit.
- Reinig de printkop niet onnodig. Dit vraagt veel inkt en verkort de levensduur van de cartridges.
- Hanteer de printcartridges met de nodige voorzichtigheid. Door de printcartridges tijdens de installatie te laten vallen, te schudden of ruw te behandelen, kunnen tijdelijke afdrukproblemen ontstaan.Wat te doen bij problemen Voer de volgende stappen uit als er sprake is van een probleem:
1. Raadpleeg de documentatie van het apparaat.
2. Ga naar de HP-website voor online ondersteuning op
www.hp.com/support. De on line ondersteuning van HP is beschikbaar voor alle klanten van HP. HP ondersteuning is de betrouwbaarste bron van actuele productinformatie en deskundige hulp, en biedt de volgende voordelen:
- Snelle toegang tot gekwalificeerde online ondersteuningstechnici
- software- en stuurprogramma-updates voor het apparaat;
- handige informatie over producten en het oplossen van veel voorkomende problemen;
- Proactieve productupdates, ondersteuningswaarschuwingen en HP-nieuwsbrieven die beschikbaar zijn wanneer u het product registreert
3. Bel HP-ondersteuning. De mogelijkheden voor ondersteuning en de beschikbaarheid van deze
mogelijkheden verschillen per product, per land/regio en of taal. Raadpleeg het achterblad van deze handleiding voor contactinformatie voor ondersteuning. Wat te doen bij problemen 161 Nederlands4 Technische informatie Dit hoofdstuk bevat de technische specificaties en internationale overheidsvoorschriften voor de HP All-in-One. Zie de online Help voor meer informatie over de regelgeving en het milieu, waaronder de Verklaring van conformiteit. Systeemvereisten Systeemvereisten met betrekking tot de software vindt u in het LeesMij-bestand. Productspecificaties Ga voor productspecificaties naar de website van HP op het adres www.hp.com/support. Papierspecificaties
- Capaciteit hoofdinvoerlade: aantal vellen gewoon papier: Maximaal 125 (60 tot 90 g. papier)
- Capaciteit uitvoerlade: aantal vellen gewoon papier: Maximaal 50 (60 tot 90 g. papier)
- Capaciteit fotolade: Vellen fotopapier: Maximaal 20 Opmerking Zie de printersoftware voor een volledige lijst van de ondersteunde afdrukmaterialen en hun afmetingen. Afmetingen en gewicht
- Diepte: 50,5 cm met verlengstuk van lade open; 39,0 cm met verlengstuk van lade gesloten;
- Gewicht: 5,0 kg Voedingsspecificaties
- Stroomverbruik: max. 42 W (gemiddeld)
- Ingangsvoltage (0957-2231): 100 tot 240 V wisselstroom ~ 1300 A 50 - 60 Hz, geaard
- Uitvoervoltage: DC 32 V===1300 mA Opmerking Gebruik het product alleen met de netadapter die door HP is geleverd. Omgevingsspecificaties
- Aanbevolen temperatuurbereik bij werkend apparaat: 15 tot 32 ºC
- Toegestaan temperatuurbereik bij werkend apparaat: 5 tot 35 ºC
- Vochtigheid: 15 % tot 80 % RV zonder condensvorming
- Temperatuurbereik bij niet-werkend apparaat (opslag): -20 tot 50 ºC
- In sterke elektromagnetische velden kan de uitvoer van de HP All-in-One enigszins worden verstoord
- HP raadt aan een USB-kabel te gebruiken met een lengte van maximaal 3 m om de invloed van eventuele hoog elektromagnetische velden te minimaliseren. Kennisgevingen betreffende wet- en regelgeving De HP All-in-One voldoet aan de productvereisten volgens de voorschriften in uw land/regio. Zie de Help op het scherm voor een complete lijst met juridische mededelingen. Voorgeschreven identificatienummer van het model Om het product te kunnen identificeren, is aan het product een voorgeschreven modelnummer toegewezen. Het voorgeschreven modelnummer voor uw product is SDGOB-0824. Verwar dit 162 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlandsnummer niet met de marketingnaam (zoals HP Photosmart C6300 All-in-One series) of met productnummers (zoals CDO20A). Kennisgevingen betreffende wet- en regelgeving 163 NederlandsGarantie Hoofdstuk 4 164 HP Photosmart C6300 All-in-One series Nederlands$IULFD(QJOLVKVSHDNLQJ $IULTXHIUDQFRSKRQH
Notice-Facile