Edel 2 - Broodrooster UNOLD - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Edel 2 UNOLD in PDF-formaat.
Questions des utilisateurs sur Edel 2 UNOLD
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Download de handleiding voor uw Broodrooster in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Edel 2 - UNOLD en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Edel 2 van het merk UNOLD.
GEBRUIKSAANWIJZING Edel 2 UNOLD
VeiligheidsVoorschrifTen Technische gegeVens Vermogen: 750-850 W, 220-240 V~ ,50/60 Hz Afmetingen: Ca. 28,1 x 15,7 x 18,1 cm (l/b/h) Snoer: Ca. 75 cm Gewicht: Ca. 1,4 kg Behuizing: Edelstaal Uitrusting: Toaster met 2 roostergleuven 4 functies: rosteeren, opwarmen, ontdooien, stop Alle toetsen met controlelampjes Automatisch centering van de broodplakjes voor gelijkmatig roosteren Automatisch uitschakeling Uitneembar kruimellade Snoeropberging Toebehoren: Opzetelement voor broodjes, gebruiksaanwijzing
1. Lees a.u.b. de volgende instructies en
2. Dit apparaat is niet bedoeld om te worden
gebruikt door personen (kinderen inbe- grepen) met een beperkt lichamelijk, senso- risch of geestelijk vermogen of bij gebrek aan ervaring en/of kennis, tenzij deze personen door een voor hun veiligheid verantwoorde- lijke persoon onder toezicht gehouden wor- den of door deze persoon geïnstrueerd zijn over het gebruik van het apparaat.
3. Kinderen moeten onder toezicht gehouden
worden om ervoor te zorgen dat zij niet met het apparaat spelen.
4. Bewaar het apparaat op een voor kinderen
niet toegankelijke plaats.
5. Sluit het apparaat alleen aan op wisselstroom
met spanning conform typeplaatje.
6. Dit apparaat mag niet met een externe
tijdschakelklok of een afstandsbedienings- systeem worden gebruikt.
7. Dompel het apparaat of het snoer in geen
geval in water of andere vloeistoffen.
8. De broodrooster en het snoer mogen niet in
de vaatwasser worden gereinigd.
9. De broodrooster mag niet met water of
andere vloeistoffen in contact komen. Wanneer dit toch gebeurt, moeten alle onderdelen vóór een volgend gebruik weer helemaal droog zijn
10. Raak het apparaat resp. het snoer nooit met
11. Plaats het apparaat om redenen van
veiligheid nooit op hete oppervlakken, op een metalen dienblad of op een natte ondergrond.
12. Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor
huishoudelijke doeleinden of soortgelijke doeleinden, bijv. kitchenettes in winkels, kantoren of andere werkplaatsen, landbouwbedrijven, voor gebruik door gasten in hotels, motels of andere toeristische accomodaties, in privé pensions of vakantiewoningen.
13. Het apparaat of het snoer mogen niet in de
buurt van vlammen worden gebruikt.
14. Gebruik de broodrooster steeds op een vrij,
vlak en hittebestendig oppervlak.
15. Let erop dat het snoer niet over het werkv-
lak heen hangt, omdat dit tot ongelukken kan leiden, bijv. als kleine kinderen er aan trekken.
16. Wikkel nooit het snoer om het toestel,
maar alleen om de hiervoor bedoelde snoe- ropberging aan de bodem van het apparaat.
17. Het snoer moet zo worden geplaatst dat
eraan trekken of erover struikelen voorkomen wordt.
18. Gebruik de broodrooster uitsluitend in bin-
19. Dek de broodrooster tijdens het gebruik nooit
met aluminiumfolie of andere materialen af25 Tips Voor een opTimaal roosTerresulTaaT om een oververhitting van het apparaat te voorkomen.
20. Raak hete oppervlakken niet aan om verb-
randingen te voorkomen. Gebruik steeds de handvatten en bedieningsknoppen.
21. Gebruik het toestel nooit in de nabijheid van
brandbare materialen zoals bijv. gordijnen.
22. Beweeg het apparaat niet zolang dit in
bedrijf is om verwondingen te voorkomen.
23. Gebruik het apparaat nooit zonder kruimel-
lade en verwijder regelmatig de kruimels.
24. Rooster geen levensmiddelen die kunnen
25. Voer geen grote levensmiddelen, metalen
folies, delen van bestek of gereedschap- pen in het toestel in. Deze zouden brand of korts-luiting kunnen veroorzaken.
26. Het apparaat mag niet met toebehoren van
andere fabrikanten of merken worden gebru- ikt om schade te voorkomen.
27. Na gebruik en voor het reinigen de netstek-
ker uit het stopcontact trekken. Laat het appa-raat nooit zonder toezicht wanneer de netstekker zich in het stopcontact bevindt.
28. Reinig het apparaat na elk gebruik.
29. Controleer het apparaat, de stekker en het
snoer regelmatig op slijtage en beschadi- gingen. Stuur het apparaat of het snoer in geval van beschadigingen van het snoer of andere onderdelen a.u.b. voor controle en/of reparatie aan onze klantenservice (adres zie garantievoorwaarden). Ondes-kundig uitge- voerde reparaties kunnen aanzienlijke geva- ren voor de gebruiker ver-oorzaken en leiden tot het vervallen van de garantie.
30. Als de kabel van dit apparaat beschadigd is,
moet dit door de fabrikant of zijn klanten- service of een vergelijkbaar gekwali-ficeerde persoon worden vervangen om gevaren te voorkomen.
1. Het vochtgehalte van broden is verschillend.
Daarom kan het resultaat bij dezelfde roost- ergraadinstelling verschillend uitvallen.
2. Bij een ietwat droog brood een lagere roos-
3. Bij vers brood of volkorenbrood een hogere
roostergraad kiezen.
4. Voor brood met een onregelmatig oppervlak
is een hogere roostergraad nodig.
5. Dikke sneden brood hebben meer tijd nodig
voor het roosteren, evt. moet de broodroos- ter twee keer worden bediend.
6. Bij het roosteren van krentenbrood alle
losse krenten van het oppervlak verwijderen omdat deze anders zouden kunnen verbran- den.
7. Broodjes vóór het roosteren halveren.
8. Wanneer u maar één snede roostert, kies
een lage roostergraad.
9. Wanneer u meermaals achter elkaar roos-
tert, wordt het brood bij dezelfde instelling van het roostergraad iets donkerder.
10. Gebruik voor het roosteren van bevroren
brood, wafels enz. de ontdooien-toets.
11. Gebruik voor het opbakken van broodjes
enz. het opzetelement voor broodjes.
Vóór heT eersTe gebruik
1. Verwijder alle verpakkingsmaterialen en
eventuele transportbeveiligingen.
2. Controleer of alle genoemde toebehoren
3. Reinig de broodrooster met een vochtige
doek zoals beschreven in het hoofdstuk “Reiniging en onderhoud” op pagina 27.
4. Controleer of alle onderdelen correct zijn
gemonteerd en of het apparaat stabiel staat. Let op voldoende afstand t.o.v. wanden en andere apparatuur omdat de broodrooster tijdens het gebruik heet wordt.
5. Sluit het apparaat met het snoer op het stro-
omnet aan (220-240 V~, 50/60 Hz ).
6. Voer, voordat u voor de eerste keer brood
roostert, een roosterprocedure zonder brood door. Druk hiervoor de hendel naar beneden totdat deze inklikt.
7. Wanneer het roosteren beëindigd is, springt
de hendel automatisch omhoog. U kunt nu met het roosteren van brood beginnen.26 bediening - roosTeren
1. Bereid de broodrooster voor zoals beschre-
ven in “Vóór het eerste gebruik”.
2. Plaats de sneden brood in de sleuven van de
3. Stel met de roostergraadcontrole de
gewenste roostergraad in. U kunt kiezen uit zes instellingen, waarbij stand 1 zeer licht brood tot resultaat heeft en stand 5 zeer donker brood. U verkrijgt goudbruin geroos- terd brood als u de hendel in het midden positioneert.
4. Druk de hendel naar beneden totdat deze
inklikt. Het controlelampje voor “Stop” gaat branden en het roosteren begint.
5. U kunt het roosteren altijd onderbreken door
op de toets “Stop” te drukken.
6. Als de ingestelde roostergraad is bereikt,
wordt het brood automatisch uitgeworpen. Het apparaat schakelt uit.
7. Om de geroosterde sneden brood makkeli-
jker uit het apparaat te kunnen nemen is de broodrooster voorzien van een liftfunctie. Schuif hiervoor de hendel iets omhoog als u de toast eruit wilt nemen. bediening - opwarmen
1. Plaats de sneden brood in de sleuven van de
2. Als u broodjes wilt opwarmen, zet het opze-
telement voor broodjes recht op de broo- drooster en leg de broodjes erop.
3. Druk de hendel naar beneden totdat deze
Het controlelampje in deze toets gaat bran- den.
5. Toast resp. broodjes worden opgewarmd,
maar niet geroosterd.
6. U kunt het opwarmen altijd onderbreken
door op de toets “Stop” te drukken.
7. Na beëindiging van het opwarmproces wordt
het brood automatisch uitgeworpen, de con- trolelampjes gaan uit. Het apparaat schakelt uit.
8. Houd er rekening mee dat u in de functie
opwarmen de roostergraad niet kunt instel- len. Met de opwarmen-functie kunt u brood of broodjes opwarmen zonder deze te roosteren. bediening - onTdooien
1. Plaats de sneden brood in de sleuven van de
2. Als u broodjes wilt opwarmen, zet het opze-
telement voor broodjes recht op de broo- drooster en leg de broodjes erop.
3. Druk de hendel naar beneden totdat deze
5. Wij aanbevelen de volgende instellingen van
de roostergraad: laag voor brood uit de koelkast resp. dunne bevroren sneden brood gemiddeld voor bevroren wafels, broodjes hoog voor dikkere bevroren sneden brood alsmede broodjes en dikke sneden toast.
6. Druk de hendel naar beneden totdat deze
Het controlelampje in deze toets gaat bran- den.
8. Toast resp. broodjes worden ontdooid en
9. U kunt het proces altijd onderbreken door
op de toets “Stop” te drukken.
10. Na beëindiging van het ontdooien wordt het
brood automatisch uitgeworpen, de contro- lelampjes gaan uit. Het apparaat schakelt uit. Bij de ontdooien-functie wordt het brood eerst ontdooid en dan geroosterd, het proces duurt daarom iets langer als het normale roosterproces.27 reiniging en onderhoud
3. Het apparaat en het snoer mogen niet in
water of andere vloeistoffen worden gedom- peld of in de vaatwasser worden schoonge- maakt.
4. Veeg de broodrooster met een vochtige doek
en een beetje afwasmiddel af. Gebruik geen harde schuurmiddelen, staalwol, metalen voorwerpen, hete reinigingsmiddelen of des- infectiemiddelen omdat deze tot beschadi- gingen kunnen leiden.
5. Om vastzittende sneden brood te verwijderen,
de stekker uit het stopcontact trekken, het toestel omdraaien en een beetje heen en weer bewegen. Probeer nooit vastzittend brood m.b.v. spitse gereedschappen of delen van bestek los te maken.
6. Verwijder regelmatig kruimels en resten uit
de kruimellade. Trek hiervoor de kruimellade aan de zijkant geheel uit het toestel en maak de lade leeg. Veeg de kruimellade met een vochtige doek af, droog de lade goed af en schuif deze weer in het toestel.
7. Het apparaat moet helemaal droog zijn
voordat u het weer gebruikt.28 garanTieVoorwaarden Wij geven op onze apparaten een garantietermijn van 24 maanden (12 maanden bij commerciële gebruik), gerekend vanaf de dag van aanschaf. Deze garantie geldt voor schade, die bij correct gebruik aantoonbaar is veroorzaakt door een fout in de pro- ductie. Binnen de garantietermijn verhelpen wij materiaal- en productiefouten door herstelling of vervanging naar onze keuze. Onze garantie is slechts geldig voor in Duitsland en Oostenrijk verkopte apparaten. In andere landen a.u.b. de importeur aanspreken. Apparaaten, waarvoor garantie in aanspraak wordt genomen, moeten ons samen met een kopie van de machineel gegenereerde kassabon waaruit de koopdatum duidelijk wordt, alsmede een beschrijving van de fout goed verpakt aan onze klantenservice worden toegezonden, porto betaald. Als er sprake van garantie is, worden de verzendingskosten in Duitsland en Oostenrijk aan de klant vergoed. De garantie dekt geen schade veroorzaakt door slijtage, onbehoorlijk gebruik/foutieve han- delingen en niet-naleving van de onderhouds- en reinigingsaanwijzingen. Het recht op garantie vervalt, wanneer reparaties of manipulaties aan het apparaat door derden worden doorgevoerd. Eventuele rechten van de eindgebruiker t.o.v. de verkoper of distributeur worden door deze garantie niet aangetast. Verwijderen Van afVal / milieubescherming Onze apparaten zijn geproduceerd met een hoge qualiteit voor een lange gebruik. Regelmatige onderhoud en vakkundig reparaties door onze klantenservice verlengt de gebruiksduur. Wanneer het apparat defekt is en kan niet meer gerepareerd worden, let op de volgende instructies. Dit product mag niet samen met het normale huishoudelijke afval worden afgevoerd. U dient dit product bij een voor het recycleren van elektrische of elektronische apparaten aangewezen verzamelplaats in te leveren. Door het separaat inzamelen en recycleren van afvalproducten helpt u mee bij het zuinig omgaan met de natuurlijke hulpbronnen en zorgt u ervoor dat het product op een gezondheids- en milieuvriendelijke manier afgevoerd wordt.29
SimpelGids