LERVIA KH 4001 - Naaimachine

KH 4001 - Naaimachine LERVIA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KH 4001 LERVIA in PDF-formaat.

📄 92 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 12 vragen ⚙️ Specs
Notice LERVIA KH 4001 - page 57
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL Português PT
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
ProducttypeVrije arm naaimachine
Aantal naaipatronen21
Voedingsspanning220-240 V / 50-60 Hz
Motorvermogen70 W
Totaal vermogen85 W
Elektrische beschermingsklasseII (dubbele isolatie)
Gewicht5 kg
Afmetingen (L x B x H)40 x 20 x 30 cm
Geïntegreerde verlichtingLED
Vrije armJa
Automatisch knoopsgatJa (4 automatische stappen)
Ondersteuning voor tweelingnaaldJa
Verwijderbare uitbreidingssetJa
Bijgeleverde naalden6 universele naalden maat 14 + 1 tweelingnaald
Inclusief naaivoetenKnoopsgatvoet, ritsvoet
Inclusief spoelen4
Voetpedaal met kabelJa

Veelgestelde vragen - KH 4001 LERVIA

Hoeveel naaipatronen biedt de LERVIA KH 4001 aan?
De KH 4001 biedt 21 naaipatronen: rechte steek, zigzag, blinde zoom, elastische steken en decoratieve steken. De lengte en breedte van de steek zijn verstelbaar om aan elk type stof en project aan te passen.
Wat is het vermogen en de voeding van de KH 4001 naaimachine?
De LERVIA KH 4001 werkt op netstroom 220-240 V / 50-60 Hz. Het motorvermogen is 70 W, voor een totaal vermogen van 85 W (inclusief verlichting). Het apparaat heeft een beschermingsklasse II (dubbele isolatie).
Hoe plaatst men het spoeltje in de LERVIA KH 4001?
Open het klepje van de spoelhouder op de naaimachine. Plaats de spoel tegen de klok in en leid de draad door de houderinkepingen, trek hem vervolgens onder de plaat door. Raadpleeg het hoofdstuk over inrijgen in uw handleiding voor het precieze schema.
De draad breekt of knoopt onder de stof, wat te doen?
Controleer eerst of de bovendraad in de juiste volgorde door alle geleiders is gegaan en of het spoeltje correct is geplaatst. Controleer de draadspanning en zorg ervoor dat de naald volledig is ingedrukt, met de platte kant naar achteren gericht. Een versleten of ongeschikte naald voor de stof is vaak de oorzaak.
Hoe gebruik je de vrije arm van de KH 4001?
Schuif en verwijder de afneembare accessoiredoos die links van de machine is bevestigd om de vrije arm vrij te maken. Deze modus vergemakkelijkt het naaien van armsgaten, manchetten, broekspijpen en elk buisvormig artikel zonder de stof te hoeven vouwen.
Hoe maak je een automatische knoopsgat met de KH 4001?
Bevestig de meegeleverde knoopsgatenvoet en selecteer het knoopsgatprogramma op de steekkeuzeschakelaar. Plaats uw knoop in de geïntegreerde mal van de voet: de machine berekent de grootte en maakt het knoopsgat in 4 automatische stappen. Snijd vervolgens de opening met de tornmes.
Welke naalden gebruik je met de KH 4001 naaimachine?
De machine wordt geleverd met 6 universele naalden van maat 14 en een tweelingnaald. Voor fijne stoffen (voile, zijde) gebruik maat 70 of 80; voor jeans of dikke stoffen ga naar maat 90 of 100. De tweelingnaald maakt decoratieve borduureffecten op rekbare stoffen mogelijk.
Hoe onderhoud en reinig je de LERVIA KH 4001?
Koppel de machine altijd los voor onderhoud. Verwijder het deksel van de spoelhouder en verwijder opgehoopte pluisjes met de meegeleverde borstel. Smeer de bewegende delen af en toe in met een druppel speciale naaimachineolie. Gebruik nooit oplosmiddelen of bijtende producten.
De machine start niet of stopt tijdens het naaien, wat te controleren?
Controleer of het netsnoer en het pedaal correct zijn aangesloten. Als de machine stopt na intensief gebruik, is waarschijnlijk de thermische beveiliging geactiveerd: koppel los en laat enkele minuten afkoelen voordat u opnieuw start. Een draad die in het mechanisme verstrikt zit, kan ook de motor blokkeren.
Kan men jeans of dikke stoffen naaien met de KH 4001?
De KH 4001 is ontworpen voor gangbare stoffen (katoen, polyester, jersey). Voor dikke jeans, gebruik een jeansnaald nummer 90 of 100, verminder de snelheid en voer de stof regelmatig door. Voor leer zijn een teflonvoet en speciale leernaalden nodig (apart verkocht).
Welke accessoires worden geleverd met de LERVIA KH 4001?
De machine wordt geleverd met: een pedaal met kabel, 6 universele naalden (maat 14), een tweelingnaald, 4 spoelen, een knoopsgatenvoet, een ritsvoet en 2 onderhoudsschroevendraaiers. De verwijderbare verlengtafel is geïntegreerd in de schuifbare doos.

Gebruikersvragen over KH 4001 LERVIA

1 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Hoe vervang je de draadspoel in de LERVIA KH 4001?
Veelgestelde Vragen - 25/11/2025
Antwoord Notice-Facile

Om de draadspoel in uw LERVIA KH 4001 te vervangen, volgt u deze eenvoudige stappen:

1. Veiligheid eerst

Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld en losgekoppeld voordat u iets doet om elektrische of mechanische risico's te vermijden.

2. Toegang tot de spoel

Open het compartiment waar de draadspoel zich bevindt. Afhankelijk van het ontwerp van het model KH 4001 kan het nodig zijn om een deksel los te klikken of los te schroeven.

3. Verwijder de gebruikte spoel

  • Zoek de huidige draadspoel.
  • Verwijder deze voorzichtig door te trekken of een eventueel bevestigingsmechanisme los te maken.

4. Installeer de nieuwe spoel

  • Plaats de nieuwe spoel op zijn houder en zorg ervoor dat deze goed vastzit en vrij kan draaien.
  • Controleer of de spoel compatibel is met het model KH 4001.

5. Draad inrijgen

Laat de draad door de voorziene geleiders en spanningen lopen, volgens het pad dat in het compartiment is aangegeven. Dit zorgt voor een goede draadafrol tijdens het gebruik.

6. Eindcontrole

Sluit het compartiment, sluit het apparaat weer aan en zet het aan om te controleren of de draad correct afrolt en of het apparaat normaal functioneert.

Als u problemen ondervindt tijdens deze operatie, aarzel dan niet om om verdere verduidelijking te vragen.

Reageer (wees de eerste)

Download de handleiding voor uw Naaimachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KH 4001 - LERVIA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KH 4001 van het merk LERVIA.

GEBRUIKSAANWIJZING KH 4001 LERVIA

Veiligheidsvoorschriften56
Gebruik in overeenstemming met gebruiksdoel56
Inhoud van het pakket56
Apparaatbeschrijving56
Plaatsen57
Naaimachine aansluiten57
Bediening van de naaimachine57
Bedieningselementen58
Aanbevolen steeklengtes voor de verschillende steken59
Inrijgen van het garen en de voorbereidingen hiertoe60
Naaien met dubbele naald61
Draadspanning61
Rechte steken63
Naaien met zigzag-strepen63
Blindzoomnaaien64
Naaien met schelpsteek64
Naaien met elastieksteek64
Tweevoudige patchworksteek65
Festonsteek65
Verdere siersteken65
Flanelsteek65
Omboorden van stofranden65
Naaien aan randen stof met taksteek66
Naaien met drievoudige-gestikte-zigzagsteek66
Het maken van knoopsgaten66
Fijne afstemming bij het knoopsgaten naaien67
Knopen aannaaien67
Ritssluitingen innaaien67
Oprijgen68
Stoppen door uitstikken68
Applicaties68
Monogram en motieven borduren68
Gloeilamp vervangen69
Smeren van de machine69
Schoonmaken69
Opbergen70
Technische gegevens70
Milieurichtlijnen70
Garantie & service70
Importeur70
Functiestoringen71

Bewaar deze handleiding voor toekomstige vragen - en geef deze mee wanneer u het apparaat overdoet aan iemand anders!

Veiligheidsvoorschriften

Bij omgang met een naaimachine kan men net als bij elk ander elektrisch apparaat gewond raken en in levensgevaar geraken. Om dit te voorkomen en om veilig te werken, dient u het volgende in acht te nemen:

  • Lees voor het eerste gebruik van uw naaimachine deze handleiding aandachtig door.
  • Bewaar deze gebruiksaanwijzing op een geschikte plaats in de buurt van het apparaat. Als u het apparaat van de hand doet, geef dan ook de gebruiksaanwijzing mee.
  • Haal altijd de netstekker uit het stopcontact als u niet met de machine werkt.
    Zo voorkomt u gevaar van ongelukken door onbedoeld inschakelen.
  • Haal eerst de netstekker uit het stopcontact, voordat u het lampje verwisselt of onderhoud aan de machine pleegt. Zo voorkomt u levensgevaar door een elektrische schok.
  • Trek de netstekker niet aan het snoer uit het stopcontact. Pak bij het uittrekken de stekker en niet het snoer vast.
  • Gebruik de naaimachine uitsluitend in droge ruimtes.
  • Laat een beschadigde netstekker of netsnoer onmiddellijk door deskundig personeel of door de klantenservice vervangen, om gevaarlijke situaties te vermijden.
  • Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (met inbegrip van kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of met gebrek aan ervaring en/of gebrek aan kennis, tenzij ze onder toezicht staan van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of van die persoon aanwijzingen krijgen voor het gebruik van het apparaat.
  • Bij kinderen is supervisie noodzakelijk om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen.
  • Gebruik de machine nooit met geblokkeerde ventilatieopeningen. Houd de ventilatieopeningen van de machine alsmede de voetschakelaar vrij van pluisjes, stof en stofafval.

⚠ Waarschuwing voor letsel en beschadiging:

volgens de wet hebt u als gebruiker van elektrische apparaten de plicht om door veiligheidsbewust gedrag mogelijke ongelukken te voorkomen:

  • zorg dat de werkplek op orde is. Als de werkplek niet op orde is, kan dat ongelukken tot gevolg hebben.
    • Zorg voor een goede verlichting tijdens het werken!
  • Draag geen wijde kleding of sieraden, omdat die door bewegende delen kunnen worden gegrepen. Als u lang haar hebt, draag dan tevens een haarnetje.
  • Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stevige ondersteuning en zorg altijd voor evenwicht.
  • Als ongelukken kunnen worden herleid tot onzorgvuldigheid in de omgang met het apparaat of indien de veiligheidsvoorschriften in de handleiding niet in acht zijn genomen, aanvaardt de fabrikant geen aansprakelijkheid voor dergelijke schade.

Gebruik in overeenstemming met gebruiksdoel

De naaimachine is bestemd ...

  • voor gebruik als verplaatsbaar apparaat,
  • voor het naaien van normaal huishoudelijk textiel en ...
  • uitsluitend voor gebruik in het privé huishouden.

De naaimachine is niet bestemd ...

  • voor een vaste opstelling,
  • voor de verwerking van andere materialen (bijvoorbeeld leer, tentdoek, zeildoek en vergelijkbare zware stoffen),
  • voor gebruik in bedrijfsmatig of industriële omgevingen.

Inhoud van het pakket

Naaimachine

Voetpedaal met stekker voor aansluiting en net stekker

Verlenging van de naaitafel met vak voor toebehoren

Naaivoetje

Naaivoetje voor het naaien van knoopsgaten

Naaivoetje voor het aannaaien van knopen

Naaivoetje voor het innaaien van ritssluitingen

Voetje voor blindzomen

6 naainaalden (universele enkele naalden formaat nr. 14; platte schacht, een naald is bij levering ingezet in de machine)

1 dubbele naald

4 spoelen (een spoel is bij levering ingezet in de machine)

Plaat voor uitstik-werkzaamheden (stoppen)

2 schroevendraaier (groot en klein)

extra garenkloshouder

2 garenkloshouders (groot en klein)

Beschermhoes voor de naaimachine

Tornmesje met kwastje

Hulpje voor draadinvoer

naaimachineolie

2 onderleggers van vilt

Steekplaat-opener

Controleer na het uitpakken of de inhoud van het pakket compleet is. Een aantal accessoires kan in het vak voor toebehoren in de naaitafelverlenging zitten.

Apparaatbeschrijving

① Bovenste draadgeleiding
② Instelknop voor de bovendraadspanning
3 Handgreep
④ Instelwiel enkele naald – dubbele naald
5 Garenkloshouder
⑥ Instelknop voor de steeklengte
⑦ Bevestigingsopening voor de extra garenkloshouder
8 Spoelas
9 Spoel-aanslag
10 Handwiel

⑪ Kijkvenster voor steeksoort
⑫ Keuzeknop voor steeksoort
⑬ Stekkeraansluiting voor voetpedaal-verbindingssnoer
14 Aan/uitknop
15 Schakelaar voor het omkeren van de naairichting
16 Inkeping
⑰ Borgring
18 Blokkeerpallen
19 Vinger
20 Verlenging van de naaitafel met vak voor toebehoren
21 Steekplaat
22 Naaivoetje
23 Knoopsgat-hevel
24 Naaldbevestigingsschroef
25 Naaivoetje-lifthevel
26 Afdekking kopse kant
27 Hevel voor straktrekken van de draad
28 Netstekker
29 Voetpedal
30 Naaimachine-stekker

Accessoires

31 kleine garenkloshouder
32 grote garenkloshouder
33 Stopplaat
34 extra garenkloshouder
35 Vilten onderleggers
36 4 spoelen
37 Naaivoetje voor het innaaien van ritssluitingen
38 Naaivoetje voor het naaien van knoopsgaten
39 Naaivoetje voor het aannaaien van knopen
40 6 Naainaalden
41 Dubbele naald
42 grote schroevendraaier
43 kleine schroevendraaier
44 Beschermhoes
45 naaimachineolie
46 Kwastje en tornmesje
47 Steekplaat-opener
48 Hulpje voor draadinvoer
49 Voetje voor blindzomen

Plaatsen

  • Verwijder alle verpakkingsmaterialen van het apparaat en de accessoires.
  • Zet de naaimachine op een tafel die stabiel, egaal en antislip is.

Naaimachine aansluiten

  • Verbind de naaimachine-stekker 30 met de stekkeraansluiting 13 aan de naaimachine.
    • Steek de netstekker 28 in een stopcontact.
    • Activeer de aan/uit-knop 14 om de naaimachine en de verlichting in het directe bereik aan te zetten.

De naaimachine is nu gebruiksklaar.

Bediening van de naaimachine

Aan/uit-knop 14

Met deze knop 14 wordt de netspanning en tegelijkertijd de verlichting in het directe bereik in- en uitgeschakeld.

  • Zet de aan/uit-knop 14 in de stand „l” om de naaimachine aan te zetten.
  • Zet de aan/uit-knop 14 in de stand „O“ om de naaimachine uit te zetten.

Voetpedaal 29

Zodra het voetpedaal 29 heel licht wordt ingetrapt, begint de machine op lage snelheid te naaien. Wordt het voetpedaal 29 verder ingetrapt, neemt de naaisnelheid van de machine toe. Tilt men de voet op, zodat er geen druk meer wordt uitgeoefend op het voetpedaal 29, stopt de machine.

LERVIA KH 4001 - Voetpedaal 29 - 1

Let op!

Let erop, geen voorwerpen op het voetpedaal 29 te leggen om onbedoeld op gang komen van de machine te vermijden.

Verwisselen van de naainaalden

LERVIA KH 4001 - Verwisselen van de naainaalden - 1

Let op

Haal de netstekker 28 uit het stopcontact! Het apparaat kan anders onbedoeld op gang komen.

  1. Breng de naaldstang in de hoogst mogelijke positie door aan het handwiel ⑩ te draaien.
  2. Druk de naaivoet-lifthevel 25 naar beneden, zodat het naaivoetje 22 op de steekplaat 21 omlaag wordt gelaten.
  3. Verwijder de naald, doordat u de bevestigingsschroef voor de naald 24 losdraait.
  4. Draai de nieuw in te zetten naald zo, dat de vlakke kant van de naaldschacht naar achteren wijst en voer de naald zo ver mogelijk van onderen af in de naaldklem.
  5. Draai de schroef van de naaldklem vast.

Controle van de naalden

  1. De gebruikte naainaald moet altijd recht zijn en een perfecte punt hebben om een soepel naaien mogelijk te maken.
  2. Om te controleren of de naald verbogen is, legt u de vlakke kant van de naald op een glad en egaal oppervlak. Hier kunt u het beste beoordelen of de naald verbogen is.

LERVIA KH 4001 - Controle van de naalden - 1

  1. Vervang de naald als deze verbogen of stomp is.

Verwisselen van het naaivoetje

Afhankelijk van het soort naaiwerkzaamheden dat u wilt uitvoeren, kan het nodig zijn om het naaivoetje ② te verwisselen.

LERVIA KH 4001 - Verwisselen van het naaivoetje - 1

Let op

Haal de netstekker 28 uit het stopcontact! Het apparaat kan anders onbedoeld op gang komen.

  1. Zet de naald door aan het handwiel 10 te draaien (op zich dicht, tegen de wijzers van de klok in) in de hoogst mogelijke stand en til de naaivoet-lifthevel 25 en zodoende de voetstang op.
  2. Maak de voet los door voorzichtig naar boven drukken van de ontgrendelende hevel aan de achterzijde van de schacht van het naaivoetje.

LERVIA KH 4001 - Let op - 1

  1. Positioneer het naaivoetje 22 dat gemonteerd moet worden met rustende zool zo op de steekplaat 21, dat de dwarse stift voor de ophanging aan de voet en de uitsparing (groef) op de schacht van de voet exact in een rechte lijn zijn (boven elkaar staan).
  2. Laat de lifthevel 25 naar beneden zakken en brengt zodoende de verbinding van het naaivoetje 22 met de schacht van het naaivoetje tot stand. Als de voet correct gepositioneerd is, moet deze hierbij inklikken in de dwarse stift voor de ophanging van de voet.

Omschakelen op vrij-arm bedrijf

Het naaien met vrije arm is geschikt voor kokervormige en moeilijk toegankelijke bereiken aan kledingstukken en ander textiel. Om uw machine om te schakelen op bedrijf met vrije arm, tilt u eenvoudigweg de verlenging van de naaitafel 20 eruit.

  1. Til de verlenging van de naaitafel 20 op, totdat deze uit de vergrendeling losgaat.
  2. Trek de verlenging van de naaitafel 20 naar links eruit.

LERVIA KH 4001 - Omschakelen op vrij-arm bedrijf - 1

Als u van steeksoort wisselt, zet de naald dan altijd in de hoogste stand om beschadiging van de naald te voorkomen.

- Om een bepaalde steeksoort te kiezen, draait u aan de steeksoortkeuzeknop 12, totdat het nummer van de gewenste steeksoort in het kijkvenster 11 te zien is.

LERVIA KH 4001 - Omschakelen op vrij-arm bedrijf - 2

text_image 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12

LERVIA KH 4001 - Omschakelen op vrij-arm bedrijf - 3

text_image 13 14 15 16 17 18 19 20 21

i Opmerking

Alle steeksoorten hebben een vooraf ingestelde steekbreedte, zodat na keuze van de steeksoort alleen de steeklengte nog door de gebruiker moet worden gekozen en ingesteld. De volgende tabel toont de vooraf ingestelde steekbreedten bij iedere steeksoort en het bijbehorende geadviseerde bereik van steeklengtes.

i Opmerking

Vóór het verstellen van de steeksoort-keuzeknop 12 door aan de steeksoort-keuzeknop 12 te draaien, moet u het naaivoetje 22 door gebruik van de lifthevel 25 ontlasten en de naald uit de stof tillen.

SteeknummerOmschrijving van steeksoortvooraf ingestelde steekbreedte in mm (inch)Geadviseerde steeklengte in mm (inch)
1Knoopsgatsteek, automatisch, 1-niveau5(13/64)F-1,5(1/64-1/16)
2Rechte steek(Naaldstand links)01-4(3/64-5/32)
3Rechte steek(Naaldstand in het midden)01-4(3/64-5/32)
4Zigzagsteek1,5(1/16)F-4(1/64-5/32)
5Zigzagsteek3,5(9/64)F-4(1/64-5/32)
6Zigzagsteek5(13/64)F-4(1/64-5/32)
7Blindzoomsteek3(1/8)F-2(1/64-5/64)
8Schelpsteek5(13/64)F-3(1/64-1/8)
9Elastieksteek5(13/64)F-2,5(1/64-3/32)
10Rechte blinde steek(rekbaar)3(1/8)F-1,5(1/64-1/16)
112-voudige patchworksteek5(13/64)F-3(1/64-1/8)
12Festonsteek5(13/64)F-1,5(1/64-1/16)
13Wafelsteek5(13/64)F-1(1/64-3/64)
14Parelsteek5(13/64)F-1(1/64-3/64)
15Flanelsteek5(13/64)vast ingesteld;2,5 (3/32)
16Pijlpuntsteek5(13/64)vast ingesteld;2,5 (3/32)
17Taksteek5(13/64)vast ingesteld;2,5 (3/32)
18Schuin uitlopende (open)overlock-steek5(13/64)vast ingesteld;2,5 (3/32)
19Elastiek-overlock-steek5(13/64)vast ingesteld;2,5 (3/32)
20Drievoudige rechtezigzagsteek5(13/64)vast ingesteld;2,5 (3/32)
21Drievoudige rechte steek0vast ingesteld;2,5 (3/32)

Instelling van de steeklengte

Afhankelijk van welke steeksoort is ingesteld, kan het voor het beste resultaat naairesultaat noodzakelijk zijn, om de steeklengte in overeenstemming hiermee te moeten instellen.

  • De op de kartelrand van de steeklengte-instelknop 6 aangebrachte getallen komen steeds overeen met de betreffende steeklengte in millimeters (mm), dus EEN HOGERE GETALLENWAARDE BETEKENT DAT DE STEEK LANGER WORDT.
  • Bij de stand „0“ van de instelknop voor de steeklengte ⑥ vindt er geen vooruitschuiven van het naaigoed plaats. Deze stand wordt gebruikt om knopen aan te naaien.
  • Het bereik dat gemarkeerd is met „F“ wordt gebruikt voor het maken van zogeheten satijnsteken (heel nauw geplaatste zigzag-steken). Satijn-steken kunnen worden gebruikt om knoopsgaten te omranden of als decoratiesteken. De betreffende benodigde instelling binnen het „F“-bereik voor ieder speciaal geval, hangt af van het materiaal en het gebruikte naaigaren. Om telkens de juiste instelling te vinden, dient u eerst de instelling van de steek en de steeklengte uit te proberen door proef te naaien op een overeenkomstig restje stof, hierbij tegelijkertijd het gedrag bij het vooruitschuiven te observeren en totdat u de juiste instelling met het gewenste resultaat heeft gevonden, te variëren.

①. Steeklengte
②. Draairichting voor het verkorten van de steeklengte
③. Draairichting voor het vergroten van de steeklengte

LERVIA KH 4001 - Instelling van de steeklengte - 1

Achteruit naaien

  • Om achteruit te naaien, drukt u de omkeerschakelaar voor de naairichting 15 tot aan de aanslag en houdt u deze tijdens een gelijktijdig licht activeren van het voetpedaal 29 ingedrukt.
  • Om weer vooruit te naaien, stopt u de druk op de omkeerschakelaar voor de naairichting 15, waarna de machine direct overgaat op vooruit naaien. Achteruit naaien wordt vooral gebruikt om het uiteinde van naden af te hechten en te versterken.

Inrijgen van het garen en de voorbereidingen hiertoe

Spoel bezetten

  1. Klap de garenkloshouder ⑤ naar boven en zet er een klos garen op. Borg deze met een garenkloshouder ③/③ in de passende grootte.
  2. Leg een vilten onderlegger 35 op de spoelas 8 en vervolgens een lege spoel daarop.
  3. Rijg de draad door de bovenste draadgeleider ①.
  4. Wikkel het losse uiteinde van de garendraad een paar omdraaiingen met de wijzers van de klok mee op de lege spoel.
  5. Als de eerste omwikkelingen van het garen strak op de spoel zitten, drukt u de spoel met de spoelas ⑧ tegen de spoelaanslag ⑨.

LERVIA KH 4001 - Spoel bezetten - 1

  1. Trek het handwiel 10 rechts aan de machine licht naar buiten toe eruit om het naaiwerk van de motor af te koppelen.

LERVIA KH 4001 - Spoel bezetten - 2

  1. Schakel nu de naaimachine in en trap op het voetpedaal 25. Als de spoel vol is, knipt u de draad door.
  2. Druk de spoelas ⑧ weer naar links en haal de volle spoel eraf.
  3. Druk het handwiel 10 weer naar binnen - anders blijft het naaiwerk van de motor afgekoppeld.

Inzetten van de spoel

LERVIA KH 4001 - Inzetten van de spoel - 1

Let op

Haal de netstekker 28 uit het stopcontact! Het apparaat kan anders onbedoeld op gang komen.

  1. Zet de naald door aan het handwiel ⑩ te draaien (op zich dicht, tegen de wijzers van de klok in) in de hoogst mogelijke stand en ontlast en til de voet op met de lifthevel ⑲.
  2. Verkrijg toegang tot de drager van de spoeldop doordat u eerst de verlenging van de naaitafel 20 op de eerder beschreven wijze verwijdert. Open de klep van de naaitafel. Haal de spoeldop eruit door het lipje naar u toe te trekken (klappen) en daarna de gehele dop uit de houder van de dop naar u toe van de doorn van de spoel af te trekken.

LERVIA KH 4001 - Let op - 1

  1. Wikkel ongeveer 10 cm (4") garen van de in te zetten bezette spoel af en zet de spoel in de spoeldop. Houd hierbij de spoeldop vast. Trek het afgewikkelde stuk draad tegelijkertijd naar beneden en naar links in de sleuf van de spoeldop totdat de draad in het oog voor het uittreden van de draad onder de veertong loopt.

LERVIA KH 4001 - Let op - 2

  1. Zet de spoeldop dan in de dophouder door de dop bij het lipje vast te pakken en dit vervolgens los te laten. De vinger 19 aan de buitenzijde van de spoeldop moet in de inkeping 16 bovenop in de houder van de spoeldop grijpen.

i Opmerking

Als de spoeldop niet correct in de houder van de dop is ingezet, zal deze direct na het begin van het naaien eruit vallen.

Inrijgen van de bovendraad

  1. Til het naaivoetje 22 door de lifthevel 25 te gebruiken, zoals getoond, op.
  2. Zet de naald door draaien aan het handwiel 10 (tegen de wijzers van de klok in) in de hoogst mogelijke stand.
  3. Schuif een klos garen op de horizontaal liggende garenkloshouder 5 en druk dan een van de twee meegeleverde garenkloshouders 31/32 op de stift, dat het klosje garen op haar plaats wordt gehouden.

i Opmerking

Kies de garenkloshouder 31/32 in overeenstemming met de vorm en de grootte van de gebruikte klos garen. De buitendoorsnede van de gekozen garenkloshouder 31/32 moet een beetje groter zijn dan de buitendoorsnede van het gewikkelde garen op het klosje garen.

  1. Voer de van het klosje garen afgetrokken draad door de draadgeleidingen zoals weergegeven op de afbeelding en op de machine.

LERVIA KH 4001 - i Opmerking - 1

Verzekert u zich ervan, dat de draad van rechts naar links door het oog van de hevel voor het straktrekken van de draad 27 wordt geregen. Bij het inrijgen van de bovendraad in de machinenaald moet de draad van voor naar achteren ingeregen worden en het uiteinde van de draad moet daarna ongeveer 15 cm (6") via het oog van de naald uitgetrokken worden. Gebruik bij het inrijgen het inrijg-hulpje 48.

Steek de lus van het inrijg-hulpje 48 van achteren door het oog van de naald. Rijg de draad door de lus en trek het inrijg-hulpje 48 voorzichtig terug. Zodoende wordt de draad automatisch door het oog van de naald getrokken.

Omhooghalen van de onderdraad

  1. Het het naaivoetje 22 en de naald in de hoogst mogelijke stand.
  2. Pak het uiteinde van de bovendraad met de linker hand vast en draai dan het handwiel 10 (tegen de wijzers van de klok in), totdat de naald één keer helemaal naar beneden en dan weer naar boven in de hoogste stand heeft bewogen.
  3. Gewoonlijk heeft de bovendraad de onderdraad dan in een lus „gevangen“ en omhoog gehaald. Trek het uiteinde van de bovendraad naar u toe en de spoel zal een grote lus aan onderdraad vrijgeven.
  4. Trek ongeveer 15 cm (6") van beide draden van de klos garen, resp. de spoel af. Leg de bovendraad van boven naar beneden tussen de tenen van het naaivoetje ② en trek deze vervolgens in de richting van de achterzijde van de naaimachine. Leg de onderdraad net zo als de bovendraad, schuin naar rechts in de richting van de achterzijde van de naaimachine.

Naaien met dubbele naald

Uw machine is ook gemaakt voor het naaien met dubbele naalden 41, zodat er telkens met twee bovendraden genaaid kan worden. Deze beide bovendraden kunnen hierbij gelijke kleur hebben - of voor decoratieve doeleinden - ook verschillende kleuren.

- Zet het instelwiel enkele naald - dubbele naald ④ op het symbool voor „Dubbele naald”.

Inzetten van de dubbele naald 41

In principe gaat het inzetten van de dubbele naald 41 net zo als het inzetten van de enkele naald. Ook hier moet de vlakke kant van de naaldschacht naar achteren wijzen en de ronde kant van de dwarsdoorsnede van de schacht naar voren.

Opzetten van de extra garenkloshouder

Zet de verticaal staande garenkloshouder in het gat ⑦ nabij de horizontaal liggende garenkloshouder ⑤ aan de bovenzijde van de machine. Steek de tweede klos garen op de verticaal staande garenkloshouder.

Inrijgen van de dubbele naald 41

Beide naaldpunten moeten afzonderlijk worden ingeregen.

1. Inrijgen in de rechter naaldpunt

Gaat u overeenkomstig het inrijgen van de enkele naalden te werk en gebruik de draad van de klos garen op de extra garenkloshouder 34. Rijg de draad door de rechter draadgeleiding.

2. Inrijgen in de linker naaldpunt

Rijg de linker naaldpunt op dezelfde wijze in als de rechter, voer de draad echter, voordat u deze in het oog van de linker naaldpunt invoeren, door de linker draadgeleiding.

Onderdraad inzetten

De spoel van de onderdraad wordt net zo ingezet als bij de enkele naald (zie hoofdstuk „Inrijgen van het garen en de voorbereidingen hiervoor").

Draadspanning

De draadspanning is wezenlijk van invloed op de kwaliteit van de gemaakte steken. Het wisselen van soort garen of het naaien van een andere stof kan opnieuw instellen van de draadspanning noodzakelijk maken.

i Opmerking

Voordat u het eigenlijke naaiwerk gaat naaien, moet u op een rest stof van dezelfde soort een naaitest uitvoeren en de draadspanning, indien nodig, corrigeren totdat het testresultaat tevredenstellend is.

Mogelijke verkeerde instellingen van de draadspanning en de gevolgen ervan:

Spanning van de bovendraad te groot:

aan de bovenzijde van de stof worden kleine lussen zichtbaar.

→ Reduceer de spanning van de bovendraad door de stelknop voor de bovendraadspanning ② naar een lager getal te draaien.

LERVIA KH 4001 - Spanning van de bovendraad te groot: - 1

Spanning van de bovendraad te laag:

aan de onderzijde van de stof zijn kleine lussen te zien.

→ Verhoog de spanning van de bovendraad door de stelknop voor de bovendraadspanning ② naar een groter getal te draaien.

LERVIA KH 4001 - Spanning van de bovendraad te laag: - 1

De spanning voor de onderdraad werd in de fabriek al zo ingesteld, dat deze voor algemeen gebruik correct is. Zodoende is er voor de meeste naaiwerkzaamheden geen verandering van de instelling noodzakelijk.

Bij het naaien met dun garen in een dunne stof kan het echter voorkomen, dat de juiste instelling van de draadspanningen niet meer alleen bereikt kan worden door anders instellen van de spanning van de bovendraad. Daarom kan er door de gebruiker ook een instelling van de spanning van de onderdraad uitgevoerd worden en wel volgens de navolgend beschreven procedure.

Spanning van de onderdraad te laag:

aan de bovenzijde van de stof worden kleine lussen zichtbaar.

Reduceer eerst de spanning van de (boven)draad, doordat u de instelknop voor de spanning van de bovendraad ② draait en instelt op een lagere waarde. Indien het naairesultaat daarna nog altijd niet tot tevredenheid is en de bovendraadspanning op de laagste waarde staat, dan verandert u de onderdraadspanning aan de spoel als volgt.

Spoel

Verhoog de spanning van de onderdraad aan de spoel, doordat u met een kleine schroevendraaier 43 de schroef die zich aan de aandrukveer van de spoeldop bevindt met de wijzers van de klok meedraait. Hierbij mag echter niet meer dan een hele omdraaiing gedraaid worden.

Denk eraan om de schroef weer in de oorspronkelijke stand terug te draaien voordat u aan de volgende naaiwerkzaamheden begint!

LERVIA KH 4001 - Spoel - 1

De juiste draadspanning

De juiste draadspanning is belangrijk, aangezien een te hoge evenals een te lage spanning leidt tot verzwakking van de stevigheid van de naad en vaak ook tot golven in het stofoppervlak in het bereik van de naad.

te naaien stoffenNaald-grootenGarendikte
zeer dunfijne tricotstoffenKantFijn linnenZijdeOrganzaChiffon9Katoengaren: 80Synthetisch garenfijn, gemerceriseerd katoen
lichtVoileTaftSynthetische stoffenZijdeBatist11Katoen: 60 - 80Naaigaren: „A“Synthetisch garen gemerceriseerd: 50
gemiddeldzwaarKatoenGingangPopelineFijn katoenPikéSatijnFluweellichte wolstoffenFijn-cordKostuumstoffenLinnenMousseline14 (zoals bij de machine gele-verd)Katoen: 50 - 60Naaigaren: „A“Synthetisch garen gemerceriseerd: 50 - 60
zwaarDenimGabardineTweedCordSchilderdoekZeildoek16Katoengaren: 40 - 50Gemerceriseerd: „extra sterk”
BreiwerkEnkelvoudig weefselDubbelweefselJerseyTricotstof14 (met tricot punt)Katoen getwijnt polyester garen

i Opmerking

  1. Kies de juiste naaldgrootte en draadsterkte volgens bovenstaande tabel!
  2. Gebruik in de regel dezelfde garensterkte voor de bovendraad (garenklos) en de onderdraad (spoel)!

Als rechte steken gelden de volgende steeksoorten:

Steeksoort nr.Steeklengte
2 (met naaldpositie links)1 - 4
3 (met naaldpositie in het midden)
21 (drievoudige rechte steek)vast ingesteld op 2,5

Beginnen met naaien

  1. Zet het instelwieltje van de keuzeknop voor de steeksoorten ⑫ zo in, dat het gewenste nummer in het kijkvenster ⑪ verschijnt. Afhankelijk van de gewenste rechte-steek-soort moet u het wieltje dus op 2, 3 of 21 instellen.
  2. Breng de naald in de hoogst mogelijke stand en teil het naaivoetje op.
  3. Indien nog niet gebeurd: Haal de onderdraad omhoog, doordat u het handwiel ⑩ tegen de wijzers van de klok in draait en de boven- en onderdraad samen achter de voet trekt.
  4. Leg de stof die genaaid moet worden, resp., de lagen stof die ganaaid moeten worden op de naaitafel zo onder het opgetilde naaivoetje 22, dat de naald ca. 1 cm (3/8") van de stofkant boven het begin van de naad zoals voorgezien staat.
  5. Laat het naaivoetje 22 zakken.
  6. Om het uiteinde van de naad te borgen, drukt u de omkeerschakelaar voor de naairichting 15 tot aan de aanslag naar binnen en activeert u het voetpedaal 29 licht. Achteruit naaien wordt gebruikt om twee naden te verbinden en ter versterking.
  7. Na het achteruit naaien gaat u telkens door loslaten van de omkeerschakelaar voor de naairichting 15 bij gelijktijdige korte ontlasting van het voetpedaal 29 gevolgd door opnieuw intrappen van het voetpedaal 29 over tot vooruit naaien.

Verandering van naairichting

  1. Stop de machine op het punt waarop u van naairichting wilt veranderen zodanig, dat de naald in de stof steekt.
  2. Til het naaivoetje op en richt de stof in de nieuwe naairichting, waarbij u de ingestoken naald als het ware als draaipunt gebruikt.
  3. Laat het naaivoetje ② weer zakken en naai in de nieuwe richting verder.

Naadafsluiting

Ook om aan het einde van de naad de draad te borgen door vastnaaien, of om de naad in voorkomend geval te versterken wordt het achteruit naaien gebruikt.

  1. Naai eerst in de vooruit-modus tot aan het einde van de naad en stop de machine daar met het voetpedaal 29.
  2. Druk op de omkeerschakelaar voor de naairichting 15 en activeer het voetpedaal 29 zacht, om ongeveer 1 cm (3/8") van de stofkant, resp. van het naadeinde terug te naaien.

Naaigoed wegnemen van de machine

  1. Breng de machine tot stilstand.
  2. Zet de naald in de hoogst mogelijke stand.
  3. Til het naaivoetje 22 op en trek het naaigoed voorzichtig naar de linker kant eruit.
  4. Knip beide draden (boven- en onderdraad) met de hulp van de draadaf-snijder aan de achterzijde van de voetstang af.

① Opmerking

De draadafsnijder is de inkeping aan de achterzijde van de voetstang. Leg de draad die afgesneden moet worden erin, houd deze rechts en links van de voetstang vast en trekt deze omlaag.

  1. Trek, om de machine voor de volgende naad voor te bereiden, ongeveer 10 cm (4") van de boven- en onderdraad door de tenen van het naaivoetje 22 in de richting van de achterzijde van de machine eruit.

Randnaden en stretch-materialen

  • Steeksoort nr. 2 (eenvoudige recht naad met naaldpositie links) wordt gebruikt om randnaden en lichte stoffen te naaien.
  • Steeksoort nr. 21 (rechte drievoudige stretch-steek) wordt gebruikt voor stretch-materialen.

Naaien met zigzag-strepen

Steeksoort nr.Steeklengte
4 (steekbreedte bij 1,5 mm (1/16"))F-4
5 (steekbreedte bij 3,5 mm (9/64"))
6 (steekbreedte bij 5 mm (13/64"))

Zigzagsteek

Zet het instelwieltje van de keuzeknop voor steeksoorten 12 op het nummer voor de steeksoort conform de gewenste steekbreedte van de zigzagsteek. Zet vervolgens de instelknop voor de steeklengte 6 op de steeklengte. Het wordt aangeraden om telkens aan het begin en einde van een zigzagnaad een paar rechte steken te naaien.

Satijnsteek

De satijnsteek (een nauwe zigzagsteek, dus met erg korte steeklengte) wordt gevormd, als de steeklengte op de instelknop voor steeklengte ⑥ wordt ingesteld op het bereik „F“. De satijnsteek kan worden gebruikt voor het maken van knoopsgaten evenals voor decoratieve doeleinden. Ook hier resulteert de steekbreedte uit de gekozen steeksoort, resp. het nummer van de steeksoort van de zigzagsteek waar telkens vanuit wordt gegaan. Kies daarom eerst het nummer van de steeksoort volgens de gewenste breedte en stel dan de steeklengte op de instelknop voor steeklengte ⑥ op het bereik „F“.

LERVIA KH 4001 - Satijnsteek - 1

Steeksoort nr.Steeklengte
7 (blindzoom-steek)F-2
10 (stretch-blindsteek)F-1,5

De blindzoomsteek wordt gebruikt om de randen van naaiwerkzaamheden, bijv. de onderkant van broekspijpen, zo netjes af te werken, dat de naad aan de zichtzijde niet te zien is.

Gebruik de blindzoomsteek (steeksoort nr. 7) voor willekeurige, niet-elastische stoffen en de stretch-blindsteek (nr. 10) voor elastische materialen. Gebruik het voetje voor blindzomen 49.

  1. Beide garens moeten dezelfde kleur als de stof hebben.
  2. Vouw de stof tot aan het gewenste verloop van de naad, zoals afgebeeld. Sla de stof vanaf de rand terug, waarbij tussen de reeds ingeslagen stofkant en de terugslag-vouw (breuk) een ongeveer 6 mm (1/4") brede overlapping moet blijven.

LERVIA KH 4001 - Satijnsteek - 2

  1. Zet de keuzeknop voor de steeksoort ⑫ op nr. 7, resp. op nr. 10.
  2. Naai nu exact over de terugslag-vouw.
  3. Nadat u nu de teruggeslagen stof weer heeft omgelegd, is de naad nauwelijks te zien - typisch voor een blinde zoom.

i Opmerking

De stretch-blindsteek is vooral geschikt voor elastische materialen.

Naaien met schelpsteek

Steeksoort nr.Steeklengte
8 (schelpsteek)F-3

De schelpsteek kan gebruikt worden om een kantachtige, golvende, resp. uit kleine bogen bestaande rand op een relatief lichte stof te naaien.

  1. Zet de keuzeknop voor de steeksoort ⑫ op stand 8.
  2. Naai de stof diagonaal gericht en richt deze onder het naaivoetje zo, dat de rechte gedeeltes van het steekbeeld op de zoomkant worden genaaid en de zigzag-achtige gedeeltes een beetje over de gelegde breukkant heen in de leegte.

  3. Deze steeksoort vraagt om een sterkere draadspanning van de bovendraad dan anders gebruikelijk.

  4. Naai op een lage naaisnelheid.
Steeksoort nr.Steeklengte
9 (elastieksteek)F-2,5

De elastieksteek kan voor drie inzetbereiken worden gebruikt: het repareren („stoppen“), het opnaaien van elastisch band (elastiek) evenals voor een stootkantverbinding van stofdelen met elkaar. Alle drie inzetbereiken worden navolgend nader uitgelegd.

Zet in alle gevallen de keuzeknop voor steeksoorten 12 op het nummer 9.

Stoppen

  1. Zet de instelknop voor de steeklengte ⑥ op een waarde tussen „F“ en 2,5.
  2. Leg achter de scheur/winkelhaak aan de achterzijde een stuk stof ter versterking van geschikte soort en grootte.
  3. Naai in elastieksteek over de beschadigde plek heen, waarbij u het verloop (scheuren) volgt.

Opnaaien van elastisch band (elastiek)

  1. Leg het elastische band op de stof.
  2. Rek het band op tijdens het opnaaien door met beide handen te trekken enerzijds naar voren en anderzijds naar achteren achter het naaivoetje 22.

LERVIA KH 4001 - Opnaaien van elastisch band (elastiek) - 1

Stoot-aan-stoot naaien van stofdelen

De elastieksteek kan gebruikt worden om stofdelen met de stootkanten aan elkaar te verbinden en is bijzonder handig voor het naaien van geweven en gebreide materialen. Als u kleurloos nylondraad gebruikt, is de naad amper te zien. Afhankelijk van de eigenschappen van de stof aan de snitkanten kunt u met open kant werken of moet u met een inslag naaien.

  1. Laat de stofkanten van de beide delen die verbonden moeten worden aan elkaar stoten en positioneer de stootkant in het midden onder het naaivoetje ②2.
  2. Naai beide delen aan elkaar met gebruik van de elastieksteek, waarbij u er steeds op let, dat de beide stofkanten, resp. de inslagbreuken, dicht bij elkaar blijven zonder over elkaar heen te gaan.

LERVIA KH 4001 - Stoot-aan-stoot naaien van stofdelen - 1

Steeksoort nr.Steeklengte
11 (2-voudige patchworksteek)F-3

Deze steeksoort wordt gebruikt om twee stukken stof met elkaar te verbinden, als er geen bijzonder hoge eisen aan de elasticiteit van de naad woren gesteld, bijv. voor het maken van patchwork-werken.

Zet de keuzeknop voor de steeksoort 12 op nummer 11.

LERVIA KH 4001 - Stoot-aan-stoot naaien van stofdelen - 2

Steeksoort nr.Steeklengte
12 (festonsteek)F-1,5

Uw machine kan automatisch een festonsteek maken, die als decoratieve vormgeving voor randen kan worden gebruikt.

  1. Zet de keuzeknop voor de steeksoort ⑫ op nummer 12.
  2. Naai met de festonsteek dicht langs de rand van het materiaal.
  3. Indien u dit mocht wensen, kunt u na het naaien de rand langs de buitenste bogen van het genaaide motief met de kleine tongen uitknippen. Let er hierbij op, dat u niet door het garen heen snijdt.

Verdere siersteken

Steeksoort nr.Steeklengte
13 (wafelsteek)F-1
14 (parelsteek)

Beide steeksoorten kunnen worden gebruikt om (rand-)siernaden te maken en voor smokken.

Zet de keuzeknop voor de steeksoort 12 op nummer 13, resp. op 14.

Flanelsteek

Steeksoort nr.Steeklengte
15 (flanelsteek)in de fabriek vast ingesteld op 2,5

Deze steek wordt gebruikt als twee stofdelen met elkaar verbonden moeten worden, waarbij er tussen de randen, resp. de ingeslagen randen, een bepaalde tussenruimte moet blijven.

i Opmerking

Gebruik voor de boven- en onderdraad sterkere garens dan gebruikelijk.

  1. Vouw de beide randen van de stoffen die verbonden moeten worden telkens tot een smalle zoom om en speld de delen met de tussenruimte van een paar millimeters vast op een dun stuk papier.
  2. Zet de keuzeknop voor de steeksoort 12 op nummer 15.
  3. Naai langs de voeg, waarbij u bij het begin van de naad licht aan de boven- en onderdraad trekt om de correcte vorming van de eerste steken te ondersteunen.

LERVIA KH 4001 - i Opmerking - 1

  1. Verwijder na het naaien de spelden en het vastgemaakte papier en sluit de betreffende naad, telkens aan de onderzijde, door het vastknopen van de beide draden aan het begin, resp. aan het einde van de naad.

Omboorden van stofranden

Steeksoort nr.Steeklengte
16 (pijlpuntsteek)in de fabriek vast ingesteld op 2,5
18 (schuin uitlopende (open) overlock-steek)
19 (elastische overlock-steek)

Deze steken worden gebruikt, om stukken stof met open randen om te zomen en de randen zodoende in één werkfase gereed te stellen. De pijlpuntsteek is ideaal geschikt om open randen om te naaien, bijv. bij een deken, waarbij de elastiek-overlock-steek en de schuin uitlopende overlocksteek vooral geschikt zijn voor het omzomen van rekbare materialen.

  1. Zet de keuzeknop door de steeksoort ⑫ op 16, 18 resp. 19.
  2. Leg de stof zo onder het naaivoetje ②, dat de naadlijn (dus de pijlpunten van het naadmotief dat dan wordt genaaid) ongeveer 3 mm (1/8") links van het midden van het naaivoetje ② ligt. Deze steeksoort wordt het meest effectief gebruikt als deze naadlijn ongeveer 6 mm (1/4") van de open stootkant ligt, omdat dan telkens het naar rechts grijpende deel van de steekbeweging (rechte zigzag-punten) tamelijk precies de open stofkant omvatten en tegen uitrafelen kan beschermen.

LERVIA KH 4001 - Omboorden van stofranden - 1

  1. Mocht deze afstand tussen de naadlijn (pijlpunten) en de rand groter zijn geworden, dan snijdt u de stof na het naaien rechts van het naaldbeeld af.

Naaien aan randen stof met taksteek

Steeksoort nr.Steeklengte
17 (veersteek)in de fabriek vast ingesteld op 2,5

Gebruik de taksteek als decoratieve randsteek of om dekens, tafellakens en gordijnen om te zomen, maar ook voor borduurwerkzaamheden.

  1. Zet de keuzeknop voor de steeksoort ⑫ op 17.
  2. Leg de stof met de goede kant naar boven op de naaitafel van de machine en naai 1 cm (3/8") van de stofkant verwijderd en parallel eraan.
  3. Snijd de stof aan deze kant na het naaien vlak langs het naaibeeld af.

Naast de decoratieve werking, voorkomt de taksteek het uitrafelen van de stofrand.

Naaien met drievoudige-gestikte-zigzagsteek

Steeksoort nr.Steeklengte
20 (drievoudige rechte zigzagsteek)in de fabriek vast ingesteld op 2,5

Deze steeksoort kan gebruikt worden om zwaardere stretch-materialen te naaien, altijd dan als een steek met een zigzag-basismotief doelmatig is. De steek kan ook als decoratieve randsteek worden gebruikt.

- Zet de keuzeknop voor de steeksoort 12 op 20.

Het maken van knoopsgaten

Steeksoort nr.Steeklengte/mmNaaivoetje
1 (knoopsgatsteek)F-1,5Knoopsgatvoet

i Opmerking

  1. Het is aan te raden om het maken van knoopsgaten eerst op een rest stof te oefenen, voordat men zich aan een kledingstuk waagt.
  2. Als u knoopsgaten wilt maken in zachte en meegevende materialen, leg dan achter de onderzijde van de stof een stabiliserend materiaal.

Na navenant oefenen en bij passende instelling van de machine, is het automatisch maken van knoopsgaten in één werkase een eenvoudige methode die betrouwbare resultaten levert.

  1. Markeer met kleermakerskrijt de positie van het knoopsgat op de stof.
  2. Monteer het naaivoetje voor knoopsgaten 38 (zie hoofdstuk „Verwisselen van het naaivoetje“) en zet de keuzeknop voor de steeksoort 12 op 1.
  3. Haal de onderdraad omhoog.

  4. Laat het naaivoetje zakken, zodat de markeringen op het voetje voor knoopsgaten 38 in een lijn staan met de krijtmarkering op de stof, zoals navolgend afgebeeld. Eerst wordt de voorste paspel van het knoopsgat genaaid.

LERVIA KH 4001 - i Opmerking - 1

  1. Open de knoopmal op het voetje voor knoopsgaten 38 en leg de bij het betreffende koopsgat behorende knoop tussen de beide wangen.

LERVIA KH 4001 - i Opmerking - 2

  1. Trek de knoopsgat-hevel 23 naar beneden en druk deze licht naar achteren, zoals afgebeeld.

LERVIA KH 4001 - i Opmerking - 3

  1. Start de machine, terwijl u de bovendraad voorzichtig vasthoudt.
  2. Het automatisch maken van het knoopsgat gebeurt in de volgorde van de stappen 1 tot 4, in de navolgende afbeelding getoond.

LERVIA KH 4001 - i Opmerking - 4

  1. Stop de machine als de beide zijdelingse rupsen en de beide paspels van het knoopsgat zijn genaaid.

Borgen van boord en opensnijden van het knoopsgat

  1. Draai om de boord van het knoopsgat te borgen, het materiaal, na optillen van het naaivoetje 22 op de naaitafel van de machine, om 90° tegen de wijzers van de klok in en laat het voetje voor knoopsgaten 38 weer zakken. Naai nu met rechte steken (steeksoort nr. 3) tot aan het einde van de voorste afsluitende paspel van het knoopsgat.
  2. Haal het naaiwerk van de machine. Het wordt aangeraden om spelden aan beide uiteinden van het knoopsgat te steken ter bescherming tegen het doorsnijden van de steken.

LERVIA KH 4001 - Borgen van boord en opensnijden van het knoopsgat - 1

  1. Snijd met het tornmesje 46 door de stof een opening in het midden van de beide zijdelingse knoopsgat-rupsen. Ga voorzichtig te werk om niet door steken heen te snijden.

Fijne afstemming bij het knoopsgaten naaien

Indien de beide rupsen aan weerszijden van het knoopsgat er niet gelijkmatig uitzien, kan een fijnafstemming volgens de volgende methode voorgenomen worden:

  1. Zet de keuzeknop voor de steeksoort 12 op „F“ en naai als test de linker rups van het knoopsgat op een proeflap van hetzelfde materiaal. Let daarbij op het vooruitschuiven van het materiaal.

  2. Als de genaaide linker rups van het knoopsgat te grof is, verandert u het vooruitschuiven in overeenstemming met de instelknop voor de steeklengte 6.

①. - linker rups
②. - steeklengte
③. - korter
④. - langer
⑤. - resultaat

LERVIA KH 4001 - Fijne afstemming bij het knoopsgaten naaien - 1

LERVIA KH 4001 - Fijne afstemming bij het knoopsgaten naaien - 2

  1. Als u in de naaitest tot een bevredigend resultaat voor het vooruitschuiven voor de linker rups bent gekomen, dan naait u de rechter rups en let u opnieuw op het vooruitschuiven.
  2. Is de rups aan de rechterzijde te fijn of te grof in vergelijking met de linker rups, dan stelt u de schroef voor fijnafstemming van het knoopsgat aan de achterzijde van de behuizing van de machine zoals navolgend beschreven in:

LERVIA KH 4001 - Fijne afstemming bij het knoopsgaten naaien - 3

Als de rups aan de rechterzijde te grof is, dan draait u de schroef met de hulp van de meegeleverde schroevendraaier ⑫ in de richting die met „-” is gemarkeerd; is de rechter rups te fijn, dan draait u met de schroevendraaier ⑫ in de met „+” gemarkeerde richting.

Door de beschreven methode van afstemmen is het mogelijk, om een gelijkmatig verschijningsbeeld van de beide rupsen te verkrijgen.

⑥. - Instelwieltje voor steeklengtes
⑦. - Schroef voor fijnafstemming bij knoopsgaten naaien
⑧. - Rechter rups van het knoopsgat
⑨. - Resultaat

LERVIA KH 4001 - Fijne afstemming bij het knoopsgaten naaien - 4

Steeksoort nr.SteeklengteNaaivoetjeOverige
4, 5 of 6willekeurigKnoopsgatvoetStopplaat
  1. Meet de afstand tussen de draadgaten van de knoop en kies met de hulp van de keuzeknop voor steeksoorten ⑫ de geschikte steeksoort conform de volgende tabel:
Gatafstand van de knoopSteeksoort nr.
1,5 mm (1/16")4
3,5 mm (6/64")5
5 mm (13/64")6
  1. Verwissel het naaivoetje ② voor het voetje voor het aannaaien van knopen ③ (zie hoofdstuk „Verwisselen van het naaivoetje“).
  2. Plaats de stopplaat ⑬ op de steekplaat ⑳ van de machine. De zijdelingse stiften op de stopplaat ⑴ moeten in de gaten in de steekplaat ⑵ vast komen te zitten.
  3. Leg de knoop die aangenaaid moet worden tussen voet 39 en stof en controleer of de naald in het linker draadgat van de knoop steekt zonder op het oppervlak van de knoop te slaan. Is dit niet gegarandeerd, gaat u terug naar stap 1.

LERVIA KH 4001 - Fijne afstemming bij het knoopsgaten naaien - 5

  1. Naai ongeveer 10 steken op lage naaisnelheid.
  2. Haal het materiaal uit de machine. Knip de boven- en onderdraad door en knoop de beide draden aan de onderzijde aan elkaar vast.

Ritssluitingen innaaien

Steeksoort nr.Steeklengte/mmNaaivoetje
32-3Naaivoetje voor ritssluitingen

Het naaivoetje voor ritssluitingen 37 wordt gebruikt om verschillende soorten ritssluitingen in te naaien en kan ongecompliceerd aan de rechter-, resp. aan de linkerzijde van de naald gepositioneerd worden.

Als u de rechterzijde van een ritssluiting wilt innaaien, dan bevestigt u de schacht van het voetje aan de het linker gedeelte van de bevestigingsstift op het voetje voor ritssluitingen ⑦; als u de linkerzijde van de ritssluiting wilt innaaien, dan bevestigt u de schacht aan het rechter gedeelte van de bevestigingsstift.

  1. Zet de keuzeknop voor de steeksoort ⑫ op 3 en de steeklengte op de instelknop voor steeklengtes ⑥ op een waarde tussen 2 en 3.
  2. Laat het naaivoetje 22 zakken met hulp van de lift-hevel 25 en laat de schacht aan het rechter, resp. linker gedeelte van de bevestigingsstift aan het voetje voor ritssluitingen 37 vastklikken.
  3. Sla de materiaalkant aan de ritssluiting die ingenaaid moet worden 2 cm (3/4") naar beneden en leg de ritssluiting van onderen er tegenaan.
  4. Laat de naald zakken navenant in de rechter of linker opening voor de naald op het voetje voor ritssluitingen 37.

  5. Naai telkens met een overeenkomstig bevestigde voet voor ritssluitingen ③7 aan beide zijden steeds van de onderzijde van het draagband van de ritssluiting tot aan de bovenzijde. De naald moet dus steeds in die kant insteken die de reeks tanden, resp.de spiraal is toegekeerd om de beste resultaten te verkrijgen.

  6. Om over te gaan tot het naaien van de telkens tegenoverliggende helft van de ritssluiting, maakt u na het naaien van de ene kant het voetje voor ritssluitingen 37 los, door de hevel van de voetschacht aan de achterzijde van de schacht te activeren en deze overeenkomstig zijdelings verzet boven het andere gedeelte van de bevestigingsstift op de schacht te bevestigen en met de andere inkeping verder te naaien.

Oprijgen

Steeksoort nr.Steeklengte
34
  1. Zet de keuzeknop voor steeksoorten ⑫ op 3.
  2. Reduceer de spanning van de bovendraad (op ongeveer 2), zodat bij het naaien de onderdraad principieel aan de onderzijde blijft en niet aan de verstrengelingen van de bovendraad in de stof wordt getrokken, zoals dit gewoonlijk bij naaien wel de bedoeling is en de onderdraad hier dus bijna rechtlijnig aan de onderzijde van de stof verloopt.
  3. Naai een eenvoudige of ook meerdere parallelle naden met rechte steken.
  4. Trek aan deze draadlengtes van de onderdraad in de richting van het verloop van de naad om de stof langs de naad op te rijgen.

Stoppen door uitstikken

Steeksoort nr.SteeklengteOverige
3willekeurigStopplaat
  1. Plaats de stopplaat ③3 op de steekplaat ②1 van de machine. De zijdelingse stiften op de stopplaat ③3 moeten in de gaten in de steekplaat ②1 vast komen te zitten.

LERVIA KH 4001 - Stoppen door uitstikken - 1

  1. Zet de keuzeknop voor de steeksoort ⑫ op 3.
  2. Leg de plek die gerepareerd moet worden en een stuk versterkend materiaal onder het naaivoetje 22.
  3. Laat het naaivoetje 22 zakken met hulp van de lift-hevel 25.
  4. Begin voorzichtig aan de rand van de schade te naaien en geleid het stuk voorzichtig heen en weer om het werk van de transporteur die door het opzetten van de stopplaat buiten werking is te vervangen.
  5. Herhaal de beweging heen en weer met een licht zijdelings verspringen telkens bij iedere parallelle naadgeleiding totdat de beschadigde plek geheel met steken is opgevuld.

Applicaties

Steeksoort nr.Steeklengte
4, 5 of 6F-2

Een applicatie wordt gemaakt doordat een stuk stof in een bepaalde vorm geknipt en in kleur en/of structuur contrasterend op een kledingstuk of een ander naaiwerk voor decoratieve doeleinden wordt opgenaaid.

  1. Maak het stuk dat geappliceerd moet worden met de gewenste omtrekken met de hand vast op de voorgeziene plaats.
  2. Naai zorgvuldig en voorzichtig om de rand van het stuk dat geappliceerd moet worden heen met een zigzagsteek (steeksoort nr. 4, 5 of 6) bij weinia steeklenate.
  3. Snijd indien nodig het geappliceerde stuk af buiten de naden van de omtrek.
  4. Verwijder indien nodig de bevestiging door het rijggaren eruit te trekken.

i Opmerking

Zet een paar rechte steken aan het begin en einde van de omtreknaad om deze te borgen en te versterken.

Monogram en motieven borduren

Steeksoort nr.SteeklengteNaaivoetjeOverige
4, 5 of 6willekeurigZonderStopplaat

Voorbereidingen voor het borduren van monogrammen en motieven

  1. Zet de stopplaat 33 op de steekplaat 21.
  2. Zet de keuzeknop voor de steeksoort 12 op de passende zigzagsteeksoort.
  3. Teken het monogram ( bij borduren van een monogram), resp. het motief (motieven borduren) op het stofoppervlak.
  4. Trek de stof zo strak mogelijk tussen de ringen van een borduurraam en zodanig, dat de onderzijde van de stof over de onderste kant van de binnenring verloopt.
  5. Positioneer het werk onder de naaimachinenaald en laat de voetstang met de lift-hevel 25 zakken.
  6. Haal aan de kant waar u met het borduren wilt beginnen de onderdraad door de stof heen omhoog doordat u het handwiel 10 met de hand tegen de wijzers van de klok draait en maak vervolgens een paar steken om de draad te fixeren.
  7. Pak het borduurraam vast met duim en wijsvinger van beide handen, terwijl u met de middel- en ringvinder van beide handen de stof omlaag drukt en met de kleine vingers het raam naar buiten toe geleidt.

LERVIA KH 4001 - Voorbereidingen voor het borduren van monogrammen en motieven - 1

  1. Stik met een langzame en gelijkmatige beweging van het raam langs het schrift van het monogram dit vol.
  2. Borg het volgestikte werk, resp. het borduurwerk, aan het einde van de laatste letter met een paar rechte steken en haal het werk op de gebruikelijk manier uit de machine.

Motieven borduren

  1. Naai eerst de contour van het motief na bij overeenkomstige beweging van het borduurraam.
  2. Vul het motief vanaf de contour naar binnen en vervolgens weer naar buiten toe in, totdat de contour geheel volgestikt is, resp. geborduurd is. Zet de steken dicht bij elkaar.

i Opmerking

Een lange steek ontstaat bij een snelle beweging van het borduurraam, een korte bij langzame beweging.

  1. Borg de vulsteken aan het einde van het werk met een paar rechte steken.

Gloeilamp vervangen

⚠️ Let op

Haal de netstekker 28 uit het stopcontact! Gevaar van een elektrische schok.

  1. Maak de schroef van de kopse kant van de afdekking 26 met de schroevendraaier 43 los, zoals afgebeeld.
  2. Trek de afdekking van de kopse kant 26 van de machine af.
  3. Vervang de gloeilamp voor de verlichting van de directe omgeving.
  4. Zet de afdekking van de kopse kant 26 er weer op en draai de schroef weer vast.

LERVIA KH 4001 - ⚠️ Let op - 1

Smeren van de machine

⚠️ Let op

Haal de netstekker 28 uit het stopcontact! Gevaar van een elektrische schok.

  1. Maak de schroef aan de kopse kant van de afdekking 26 los en haal de afdekking van de kopse kant 26 eraf.

  2. Doe 2 tot 3 druppels naaimachineolie 45 op alle punten die op de afbeelding worden aangegeven.

LERVIA KH 4001 - ⚠️ Let op - 1

  1. Zet de afdekking van de kopse kant 26 er weer op en doe de stekker 28 in het stopcontact.
  2. Zet de machine na het smeren zonder ingeregen draden voor korte tijd in de hoogste snelheid om de olie te verdelen.
  3. Haal de stekker 28 uit het stopcontact en haal de afdekking van de kopse kant 26 er nog een keer af.
  4. Veeg overtollig olie af.
  5. Zet de afdekking van de kopse kant 26 er weer op en draai de schroef weer vast.

i Opmerking

Als de machine niet meer dan een uur per dag wordt gebruikt, dan moet deze een keer per week gesmeerd worden. Wordt de machine vaker gebruikt, smeert u dan dagelijks.

Schoonmaken

Demontage van de grijper

  1. Zet de naald in de hoogst mogelijke stand en haal deze liefst eruit.
  2. Open de klep op de naaitafel.
  3. Haal de spoeldop door het openen (uitklappen) van het lusje en aansluitend aftrekken van de dragende doorn van de spoeldophouder eruit.

LERVIA KH 4001 - Demontage van de grijper - 1

  1. Druk de beide blokkerende pallen 18 van de arretering 17 naar buiten toe weg en neem zodoende de vrijgekomen arretering 17 eruit.

  2. Haal de grijper eruit, doordat u deze aan de spoeldoorn, die zich in het midden bevindt, vastpakt en eruit trekt.

LERVIA KH 4001 - Demontage van de grijper - 2

Als de naald omlaag is, kan de grijper onmogelijk gedemonteerd worden.

Reiniging van de spoeldophouder met de grijperbaan

  1. Verwijder met het kwastje 46 alle pluizen en draadresten van de zekeringsring 17, van de grijper, de transporteur van de grijper en uit de houder van de spoeldop met de grijperbaan.
  2. Voor het reinigen van de eigenlijke grijperbaan van pluizen door middel van afvegen moet een pluisvrije lapje gedrenkt in olie voor fijne mechanieken of naaimachineolie gebruikt worden.
  3. Reinig de gedemonteerde grijper op dezelfde wijze.
  4. Monteer de delen weer in elkaar, doordat u eerst de grijper en de zekeringsring 17 weer in de houder voor de spoeldop zet en vervolgens de blokkerende pallen 18 weer in hun oorspronkelijke stand terug draait, zodat deze de zekeringsring 17 op de plaats vasthouden.

Reiniging van de meenemers van de transporteur op de steekplaat

  1. Demonteer de steekplaat 21 waarbij u de opener van de steekplaat 47 gebruikt, om de bevestigende schroeven eruit te draaien.
  2. Reinig de meeneem-tanden van de transporteur en de buitenzijde van de houder van de spoeldop met het kwastje 46.

Opbergen

  • Als u de naaimachine gedurende een langere periode niet gebruikt, haalt u de stekker 28 uit het stopcontact.
  • Trek de beschermhoes 44 over de naaimachine heen om deze tegen stof te beschermen.
  • Bewaar de naaimachine op een droge plaats.

Technische gegevens

Nominale spanning: 220-230V \~ 50 Hz

Nominaal vermogen: 85 W (lamp: 15 W, motor: 70 W)

Verlichting: E14, 15 W

Beveiligingsklasse: II

Milieurichtlijnen

LERVIA KH 4001 - Milieurichtlijnen - 1

Deponeer het apparaat in geen geval bij het normale huisvuil. Dit product is onderhevig aan de Europese richtlijn 2002/96/EC.

Voer het apparaat af via een erkend afvalverwerkingsbedrijf of via uw gemeentereiniging.

Neem de bestaande voorschriften in acht. Neem in geval van twijfel contact op met de gemeentelijke reinigingsdienst.

LERVIA KH 4001 - Milieurichtlijnen - 2

Voer alle verpakkingsmaterialen op een milieuvriendelijke manier af.

Garantie & service

U heeft op dit apparaat 3 jaar garantie vanaf de aankoopdatum. Het apparaat is met de grootst mogelijke zorg vervaardigd en voorafgaand aan de levering nauwkeurig gecontroleerd. Bewaar a.u.b. de kassabon als aankoopbewijs. Mocht u aanspraak willen maken op de garantie, neem dan telefonisch contact op met uw serviceadres. Alleen op die manier is een kosteloze verzending van uw product gegarandeerd. De garantie geldt uitsluitend voor materiaal- of fabricagefouten, niet voor aan slijtage onderhevige delen of voor beschadigingen van breekbare onderdelen, bijv. schakelaars of accu's. Het product is uitsluitend bestemd voor privé-gebruik en niet voor bedrijfsmatige doeleinden.

Bij verkeerd gebruik en ondeskundige behandeling, bij gebruik van geweld en bij reparaties die niet door ons geautoriseerd servicefiliaal zijn uitgevoerd, vervalt de garantie. Uw wettelijke rechten worden door deze garantie niet ingeperkt.

NL Kompernaß Service Netherland

Tel.: 0900-1240001

e-mail: support.nl@kompernass.com

Importeur

KOMPERNASS GMBH

BURGSTRASSE 21

D-44867 BOCHUM, DUITSLAND

www.kompernass.com

Zodra u met problemen geconfronteerd wordt tijdens het naaien, dient u eerst het betreffende hoofdstuk van de gebruiksaanwijzing erop na te slaan, waar u bij de betreffende werkfase waarbij u problemen ondervindt uitgebreid uitleg krijgt. Daar dient u zich ervan te verzekeren, dat u de machine correct gebruikt en volgens de voorschriften heeft toegepast. Indien een probleem hierdoor niet vermeden, resp. verholpen kan worden, dan kan het volgende schema voor u een hulpmiddel zijn bij het herkennen van fouten bij de bediening, de installatie en van de machine evenals bij het verhelpen van fouten.

Als de problemen ook dan niet verholpen zijn, neemt u dan contact op met de dichtstbijzijnde naaimachinespecialist.

ProbleemOorzaakOplossing
Bovendraad knaptBovendraad niet goed ingezet.Bovendraadspanning te strak.Bovendraad „vervilt“ (met lussen).Klos garen verkeerd in-/opgezet.Naald verbogen/stomp.Ongeschikte combinatie van naaldgrootte en garendikte.Rijg de bovendraad goed in!Reduceer de bovendraadspanning lichtelijk!Rijg de bovendraad nog een keer in!Zet de klos garen er nog een keer in!Verwissel de naald!Controleer de combinatie van naaldgrootte en garendikte!
Onderdraad knaptBovendraad „vervilt“ (met lussen).Draadverloop op de spoel in de grijper foutief.Onderdraadspanning te strak.Onderdraad niet goed ingelegd.Rijg de bovendraad nog een keer in!Zet de spoel er nog een keer goed in!Reduceer de onderdraadspanning lichtelijk!Zet de bovendraad er nog een keer goed in!
Steken worden overgeslagenNaald verkeerd ingezet.Ongeschikte combinatie van naaldgrootte en garendikte.Er zit stof aan de onderzijde van de steekplaat21.Draad verkeerd ingelegd/ingeregen.Zet de naald er goed in!Controleer de combinatie van naaldgrootte en garendikte!Reinig de naaimachine!Rijg de draad correct in!
Lussen in het beeld van de naadInstelling van de draadspanning foutief.Stel de draadspanning correct in!
Stof golft in het bereik van de naadDraadspanning op de betreffende kant is te strak.Draadverloop op de machine is fout.Er wordt een naald gebruikt die ongeschikt is.Ongeschikte combinatie van naaldgrootte en garendikte.Stel de draadspanning correct in!Controleer het verloop van de draad en rijg de draad correct in!Gebruik de passende naald!Controleer de combinatie van naaldgrootte en garendikte!
Vooruitschuiven van de stof is niet correctInstelknop voor steeklengte6is ingesteld op „niet vooruitschuiven”.Ongeschikte combinatie van naaldgrootte en garendikte.Draad is vervilt (met lussen).Stopplaat is op de steekplaat21gezet.Zet de instelknop voor de steeklengte6op de gewenste steeklengte (vooruitschuiven)!Controleer de combinatie van naaldgrootte en garendikte!Rijg de bovendraad nog een keer in!Haal de stopplaat era!
Naald breekt voortdurendNaald verkeerd ingezet.Ongeschikte combinatie van naaldgrootte en garendikte.U trekt aan de stof.Zet de naald er goed in!controleer de combinatie van naaldgrootte en garendikte!Laat de stof alleen door de transporteur bewegen!
Machine maakt geluid tijdens het lopen of loopt langzaamEr zit stof aan de onderzijde van de steekplaat21.Machine onvoldoende gesmeerd.Reinig de naaimachine!Smeer de naaimachine!
Machine gaat niet lopenNetstekker24niet verbonden met stroomnet.Aan/uit-knop14van de machine op „Uit“ („0”).Voetregelaar niet goed ingedrukt.Koppelingsscheiding op het handwiel10is ingesteld op „spoel bezetten”.Steek de netstekker24in een stopcontact!Zet de aan/uit-knop14op „Aan“ („1”)!Druk wat steviger op de voetregelaar!Druk het handwiel10weer naar binnen!
Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : LERVIA

Model : KH 4001

Categorie : Naaimachine