P18DSL - Schuurmachine HITACHI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis P18DSL HITACHI in PDF-formaat.
| Producttype | Excentrische orbitschuurmachine |
| Merk | Hitachi (nu Metabo HPT) |
| Model | P18DSL |
| Voeding | Draadloos, lithium-ion accu 18 V |
| Accutype | Li-ion 18 V, compatibel met Hitachi 18 V serie |
| Schijfdiameter | 125 mm (5 inch) |
| Orbitale slag | 2 mm (5/64 inch) |
| Onbelast toerental | 6.000 – 11.000 tpm (variabel) |
| Afmetingen (L x B x H) | 260 x 130 x 150 mm |
| Gewicht (zonder accu) | 1,2 kg |
| Capaciteit stofreservoir | Ongeveer 200 ml |
| Afzuigsysteem | Ingebouwde stofafzuiging of aansluiting voor stofzuiger |
| Hoofdfuncties | Fijnschuren, polijsten, ontbramen |
| Toerenregeling | Ja, instelwiel |
| Schijfrem | Ja, voor snel stoppen |
| Schuurmateriaal | Zelfklevend (Velcro), diameter 125 mm |
| Behuizingsmateriaal | Verstevigd kunststof |
| Geluidsniveau | 82 dB(A) (onzekerheid 3 dB) |
| Trilling | 5,0 m/s² (onzekerheid 1,5 m/s²) |
| Onderhoud en reiniging | Reinig regelmatig het filter en het reservoir; smering niet nodig |
| Veiligheid | Anti-herstart beveiligingskoppeling; trekkervergrendeling |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Schijf, pads, schakelaar, borstels (borstelloze motor: geen borstelvervanging) |
| Algemene informatie | 2 jaar garantie; after-sales service Hitachi/Metabo HPT |
Veelgestelde vragen - P18DSL HITACHI
Gebruikersvragen over P18DSL HITACHI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Schuurmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding P18DSL - HITACHI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. P18DSL van het merk HITACHI.
GEBRUIKSAANWIJZING P18DSL HITACHI
Snoerloze schaafmachine
Cepillo a batería
Plaina a batería
P 14DSL · P 18DSL

Deze gebruiksaanwijzing s.v.p. voor gebruik zorgvuldig doorlezen.
Lees alle waarschuwingen en instructies aandachtig door.
Nalating om de waarschuwingen en instructies op te volgen kan in een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel resulteren.
Bewaar alle waarschuwingen en aanwijzingen voor eventuele naslag in de toekomst.
De term "elektrisch gereedschap" heeft zowel betrekking op elektrisch gereedschap dat via de netvoeding van stroom wordt voorzien als gereedschap dat via een accu (snoerloos) van stroom wordt voorzien.
1) Veiligheid van de werkplek
a) Zorg voor een schone en goed verlichte werkplek.
Een rommelige of donkere werkplek verhoogt de kans op ongelukken.
b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in een omgeving met ontplofbare vloeistoffen, gassen of stof.
Elektrisch gereedschap kan vonken afgeven. Deze vonkjes kunnen stofdeeltjes of gassen doen ontbranden.
c) Houd kinderen en andere toeschouwers tijdens het gebruik van elektrische gereedschap uit de buurt.
A fl eidingen kunnen gevaarlijk zijn.
2) Elektrische veiligheid
a) De stekker op het elektrische gereedschap moet geschikt zijn voor aansluiting op de wandcontactdoos.
De stekker mag op geen enkele manier gemodificeerd worden. Gebruik geen verloopstekker met geaard elektrisch gereedschap.
Deugdelijke stekkers en geschikte wandcontactdozen verminderen het risico op een elektrische schok.
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken zoals leidingen, radiatoren, fornuizen en koelkasten.
Wanneer uw lichaam in contact staat met geaarde oppervlakken loopt u een groter risico op een elektrische schok.
c) Stel het elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of vochtige omstandigheden.
Het risico op een elektrische schok wordt vergroot wanneer er water in het elektrisch gereedschap terechtkomt.
d) Behandel het snoer voorzichtig. Draag het gereedschap nooit door dit bij het snoer vast te houden. Trek niet aan het snoer wanneer u de stekker uit het stopcontact wilt halen.
Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende onderdelen.
Een beschadigd of verward snoer verhoogt het risico op een elektrische schok.
e) Gebruik buitenshuis een verlengsnoer dat specifiek geschikt is voor het gebruik buiten.
Het gebruik van een snoer dat specifiek geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico op een elektrische schok.
f) Als het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving gebruikt moet worden, dient een voeding met RCD (reststroom-apparaat) beveiliging te worden gebruikt.
Gebruik van een RCD vermindert de kans op een elektrische schok.
3) Persoonlijke veiligheid
a) Blijf waakzaam, let voortdurend op uw werk en gebruik uw gezond verstand wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt.
Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen.
Eén moment van onoplettendheid kan in ernstig lichamelijk letsel resulteren.
b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming.
Beschermingsmiddelen zoals stofmaskers, niet-glijdende veiligheidsschoenen, een helm of oorbescherming vermindert het risico op lichamelijk letsel.
c) Voorkom dat het gereedschap per ongeluk kan starten. Controleer of de schakelaar in de uit stand staat voordat u de voeding en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of gaat dragen.
Zorg ervoor dat u tijdens het verplaatsen van het elektrisch gereedschap uw vingers uit de buurt van de schakelaar houdt en sluit de stroombron niet aan terwijl de schakelaar op aan staat om ongelukken te vermijden.
d) Verwijder sleutels en moersleutels uit het gereedschap voordat u het elektrisch gereedschap aanzet.
Een (moer-)sleutel die op een bewegend onderdeel van het elektrisch gereedschap bevestigd is kan in lichamelijk letsel resulteren.
e) Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u te allen tijde stevig staat en uw evenwicht behoudt.
Op deze manier heeft u tijdens een onverwachte situatie meer controle over het elektrisch gereedschap.
f) Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen.
Loszittende kleding, sieraden en lang haar kunnen in de bewegende onderdelen verstrikt raken.
g) Indien het elektrisch gereedschap van een aansluiting voor stofafzuiging is voorzien dan dient u ervoor te zorgen dat de stofafzuiging aangesloten en op de juiste manier gebruikt wordt.
Het gebruik van stofafzuiging vermindert eventuele stofgerelateerde risico's.
4) Bediening en onderhoud van elektrisch gereedschap
a) Het elektrisch gereedschap mag niet geforceerd worden. Gebruik het juiste gereedschap voor het karwei.
U kunt de klus beter en veiliger uitvoeren wanneer u het juiste elektrische gereedschap gebruikt.
b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet als de schakelaar niet goed werkt.
Elektrisch gereedschap dat niet via de schakelaar bediend kan worden is gevaarlijk en moet onmiddellijk gerepareerd worden.
c) Haal de stekker uit het stopcontact voordat u de voeding en/of de accu van het elektrisch gereedschap losmaakt, afstellingen verricht, accessoires verwisselt of voordat u het elektrisch gereedschap opbergt.
Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart.
d) Berg elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen op en sta niet toe dat personen die niet bekend zijn met het juiste gebruik van het gereedschap of deze voorschriften dit elektrisch gereedschap gebruiken.
Eletrisch gereedschap is gevaarlijk in onbevoegde handen.
e) Het elektrisch gereedschap moet regelmatig onderhouden worden. Controleer het gereedschap op een foutieve uitlijning, vastgelopen of defecte bewegende onderdelen en andere problemen die van invloed zijn op de juiste werking van het gereedschap.
Indien het gereedschap defect of beschadigd is moet het gerepareerd worden voordat u het gereedschap opnieuw gebruikt.
Slecht onderhouden elektrisch gereedschap is verantwoordelijk voor een groot aantal doe-het-zelf ongelukken.
f) Houd snijwerktuigen scherp en schoon.
Goed onderhouden snijwerktuigen met scherpe snijranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker in het gebruik.
g) Elektrisch gereedschap, toebehoren, bits enz. moeten in overeenstemming met deze instructies worden gebruikt waarbij de werkomstandigheden en het werk in overweging moeten worden genomen.
Gebruik van het elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan waarvoor het is bedoelt, kan resulteren in een gevaarlijke situatie.
5) Gebruik van gereedschap en onderhoud van de batterij
a) Herlaad enkel met de lader die door de fabrikant wordt gespecifi ceerd.
Een lader die geschikt is voor één bepaald type batterijgroep kan brandgevaar veroorzaken bij een andere batterijgroep.
b) Gebruik de apparaten enkel met specifiek ontworpen batterijgroepen.
Het gebruik van andere batterijgroepen kan letsels of brand veroorzaken.
c) Wanneer de batterijgroep niet in gebruik is, houdt u ze verwijderd van andere metalen voorwerpen zoals papierclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere metalen voorwerpen die een verbindingen van de ene terminal met de andere kunnen maken.
De batterijterminals kortsluiten kan brandwonden of brand veroorzaken.
d) Bij een verkeerd gebruik kan er vloeistof uit de batterij lekken; vermijd elk contact. Indien er toevallig contact ontstaat, goed met water spoelen. Indien de vloeistof in contact met de ogen komt, ook medische hulp inroepen.
Vloeistof die uit de batterij lekt kan irritatie en brandwonden veroorzaken.
6) Onderhoudsbeurt
a) Het gereedschap mag uitsluitend door bevoegd onderhoudspersoneel worden onderhouden die authentieke onderdelen gebruikt.
Hierdoor kunt u erop aan dat de veiligheid van het elektrisch gereedschap behouden blijft.
VOORZORGMAATREGELEN
Houd kinderen en kwetsbare personen op een afstand. Het gereedschap moet na gebruik buiten het bereik van kinderen en andere kwetsbare personen worden opgeborgen.
- Wacht totdat het schaafmes tot stilstand is gekomen voordat u het gereedschap neerlegt.
Een blootgesteld draaiend schaafmes kan in contact komen met de oppervlakte met mogelijk controleverlies en ernstig persoonlijk letsel tot gevolg. - Gebruik klemmen of iets dergelijks om het werkstuk op een stevige ondergrond te bevestigen en te ondersteunen.
Wanneer u het werkstuk met uw hand vasthoudt of tegen uw lichaam aandrukt, is dit niet stabiel wat kan leiden tot controleverlies. - De schaafmachine niet met het mes naar boven gebruiken (zoals bij een stationair type).
- Laad de accu bij een temperatuur van 0 - 40°C.
Een temperatuur van onder 0°C kan overlading veroorzaken, hetgeen gevaarlijk kan zijn. De accu kan niet bi een temperatuiur van boven de 40°C geladen worden.
De meest geschikte temperatuur is tussen de 20 - 25°C.
- Gebruik de acculader niet kontinu.
Wacht ongeveer 15 minuten voordat met het laden van een andere accu begonnen wordt.
-
Voorkom dat stof of vuil in de opening van de aansluiting van de batterij terecht komt.
-
Demonteer de oplaadbare batterij of oplader niet.
-
Voorkom kortsluiting van de oplaadbare batterij.
Kortsluiting kan resulteren in oververhitting. Dit kan schade of brandgevaar opleveren.
- Gooi de batterij niet in het vuur.
Een brandende batterij kan ontploffen.
- Steek nooit een voorwerp in de ventilatieopeningen van de oplader.
Als een voorwerp of ontvlambaar materiaal in de ventilatie-openingen van de oplader wordt gesto ken, kan dit resulteren in een elektrische schok of beschadiging aan de oplader.
-
Breng de batterij naar de dealer waar deze gekocht werd, indien deze na oplading onvoldoende kracht heeft voor praktisch gebruik. Gooi een uitgewerkte batterij niet weg.
-
Het gebruik van een uitgeputte accu zal de oplader beschadigen.
OPMERKINGEN BIJ GEBRUIK LITHIUM-ION BATTERIJ
De lithium-ion batterijis voorzien van een beschermingsfunctie die volledige ontlading van de batterij voorkomt waardoor de levensduur wordt verlengd.
In geval 1 tot 3 hieronder kan de motor tijdens het gebruik van het product tot stilstand komen, zelfs wanneer u de schakelaar ingedrukt houdt. Dit geeft geen probleem met het product aan maar wordt veroorzaakt door de beschermingsfunctie.
-
De motor komt tot stilstand wanneer de batterij leeg is. De batterij moet in dit geval onmiddellijk opgeladen worden.
-
De motor kan tot stilstand komen wanneer het gereedschap overbelast is. Laat de schakelaar onmiddellijk los en zoek naar de oorzaak van de overbelasting. Wanneer u het probleem verholpen heeft kunt u het gereedschap opnieuw gebruiken.
-
Wanneer de batterij oververhit is door overbelasting, kan het zijn dat de batterij stopt. In dit geval gebruikt u de batterij niet verder en laat u ze afkoelen. Daarna kunt u haar opnieuw gebruiken.
Gelieve eveneens aandacht te schenken aan volgende waarschuwing en aandachtspunt.
WAARSCHUWING
Om acculekken, het opwekken van warmte, rookemissie, explosie en ontsteking bijtijds te vermijden, moet u ervoor zorgen volgende voorzorgsmaatregelen onder de aandacht te brengen.
- Zorg ervoor dat er geen spaanders en stof op de batterij ophopen.
○ Zorg er tijdens de werkzaamheden voor dat er geen spaanders en stof op de batterij kunnen vallen.
○ Zorg ervoor dat de spaanders en stof die tijdens het werk op het elektrisch gereedschap vallen zich niet op de batterij ophopen.
○ Bewaar een ongebruikte batterij niet op een plaats waar het aan spaanders en stof wordt blootgesteld.
○ Verwijder alle spaanders en stof van een batterij voordat u hem opbergt en bewaar de batterij niet op dezelfde plek als metalen onderdelen (schroeven, spijkers, enz.). - Doorboor de batterij niet met een scherp voorwerp, zoals een nagel, klop er niet op met een hamer, stap niet op de batterij of gooi er niet mee of stel hem niet bloot aan ernstige fysieke schokken.
- Gebruik geen zichtbare beschadigde of vervormde accu.
- Gebruik de batterij niet met een omgekeerde polariteit.
- Sluit hem niet rechtstreeks aan op elektrische toestellen of fittingen van sigarettenaanstekers in wagens.
- Gebruik de batterij niet voor andere doeleinden dan deze die gespecificeerd werden.
- Wanneer de batterij niet kan worden opgeladen, zelfs nadat de specifeke oplaadtijd verstreken is, stopt u onmiddellijk met het opladen.
- Breng de batterij niet op hoge temperaturen of drukken of stel ze er niet aan bloot, zoals in een microgolfoven, droger of een hogedrukcontainer.
- Blijf uit de buurt van vuur onmiddellijk nadat een lek of vieze geur werd vastgesteld.
-
Gebruik hem niet in een plaats waar een grote statische elektriciteit wordt opgewekt.
-
In geval van een acculek, vieze geur, warmteopwekking, verkleuring of vervorming, of iets abnormaals tijdens het gebruik, het opladen of de opslag, haalt u hem onmiddellijk uit de uitrusting of de lader en stopt u het gebruik.
LET OP
- Wanneer u de lekkende vloeistof uit de batterij in de ogen krijgt, wrijf dan niet in de ogen, en was ze goed uit met vers proper water, zoals kraantjeswater en roep er onmiddellijk een dokter bij. Indien u geen behandeling krijgt, kan de vloeistof oogproblemen veroorzaken.
- Wanneer de vloeistof lekt op uw huid of kleding, was ze onmiddellijk goed af met proper water, zoals kraantjeswater.
De kans bestaat dat dit huidirritatie veroorzaakt.
- Wanneer u roest, een vieze geur, oververhitting, verkleuring, vervorming en/of andere onregelmatigheden vaststelt wanneer u de batterij voor de eerste maal gebruikt, gebruik ze dan niet verder en stuur ze terug naar de leverancier of de verkoper.
WAARSCHUWING
Als een elektrisch geleidend vreemd voorwerp in de aansluitpunten van de lithium-ion accu terechtkomt, kan er kortsluiting ontstaan met het risico van brand als gevolg. Let bij het opbergen van de accu op de volgende punten.
○ Plaats geen elektrisch geleidend zaagsel, spijkers, ijzerdraad, koperdraad of andere draad in de opbergdoos.
○ Plaats de accu in het elektrisch gereedschap of bewaar de batterij door deze stevig in het batterijdeksel te drukken totdat de ventilatieopeningen afgesloten zijn om kortsluiting te voorkomen. (Zie Afb. 5)
TECHNISCHE GEGEVENS
BOORMACHINE
| Model | P14DSL | P18DSL | |
| Schaafbreedte | 82 mm | ||
| Max. spaandikte | 2,0 mm | ||
| Onbelaste snelheid | 16000 min ^-1 | ||
| Oplaadbare batterij | 2LSRK | BSL1430: Li-ion 14,4 V (3,0 Ah 8 cellen) | BSL1830: Li-ion 18 V (3,0 Ah 10 cellen) |
| 2LJRK | BSL1450: Li-ion 14,4 V (5,0 Ah 8 cellen) | BSL1850: Li-ion 18 V (5,0 Ah 10 cellen) | |
| Gewicht* | 3,2 kg (met BSL1430) | 3,3 kg (met BSL1830) | |
* Gewicht: Volgens EPTA-procedure 01/2003
ACCULADER
| Model | UC18YFSL |
| Oplaadspanning | 14,4 V – 18 V |
| Gewicht | 0,5 kg |
STANDAARD TOEBEHOREN
In aanvulling op het gereedschap (1) bevat de verpakkingsdoos de toebehoren die in de onderstaande tabel zijn vermeld.
| P14DSL(2LSRK)(2LJRK)P18DSL(2LSRK)(2LJRK) | 1 Ringsleutel......1 (voor vastdraaien van het schaafmes) |
| 2 Stelmeter......1 (voor instellen van de schaafhoogte) | |
| 3 Geleider......1 (met stelschroef) | |
| 4 Koolstofmetaalmes......2 (Mes met dubbele rand) | |
| 5 Acculader......1 | |
| 6 Batterij......2 [P14DSL] BSL1430 of BSL1450 [P18DSL] BSL1830 of BSL1850 | |
| 7 Kunststof koffer......1 | |
| 8 Accudeksel......1 | |
| 9 Reserve koolstofmetaalmesset......1 (wordt niet in alle landen bijgeleverd) | |
| P14DSL (NN)P18DSL (NN) | 1 Ringsleutel......1 (voor vastdraaien van het schaafmes) |
| 2 Stelmeter......1 (voor instellen van de schaafhoogte) | |
| 3 Geleider......1 (met stelschroef) | |
| 4 Koolstofmetaalmes......2 (Mes met dubbele rand) | |
| Zonder acculader, batterij, kunststof koffer en accudeksel |
De standaard toebehoren kunnen zonder nadere aankondiging gewijzigd worden.
EXTRA TOEBEHOREN (los verkrijgbaar)
- Batterij

-
Koolstofmetaalmes (Mes met dubbele rand)
-
Mes (Slijpbaar mes)


De extra toebehoren kunnen zonder nadere aankondiging gewijzigd worden.
TOEPASSINGEN
Het schaven van verschillende houten planken en panelen. (Afb. 1-4)
INLEGGEN EN UITNEMEN VAN DE BATTERIJ
- Verwijderen van de batterij
Houd de handgreep goed vast en druk tegen de accvergrendeling om de batterij te verwijderen (Zie Afb. 5 en 6).
LET OP
Sluit de batterij nooit kort.
- Aanbrengen van de batterij
Plaats de batterij met de polen juist aangebracht (Zie Afb. 6).
OPLADEN
Voor het gebruik van het elektrisch gereedschap dient de accu als volgt opgeladen te worden.
1. Sluit het snoer van de oplader aan op een stopkontakt.
Wanneer de stekker van de acculader in het stopkontakt wordt gestoken, zal het controlelampje in rood knipperen. (Met tusserpozen van 1 sekonde)
LET OP
Gebruik het elektrisch snoer niet wanneer het beschadigd is. Een beschadigd snoer moet onmiddellijk gerepareerd worden.
Steek de batterij stevig in de oplader zoals in Afb. 7 getoond wordt.
3. Opladen
Wanneer een batterij in de acculader wordt aangebracht, blijft het controlelampje kontinu rood branden.
Wanneer de batterij volledig is opgeladen, gaat het controlelampje in rood knipperen. (Met tussenpozen van 1 sekonde) (Zie Tabel 1)
(1) Aanduiding van de controlelampje
De aanduidingen van het controlelampje zijn zoals aangegeven in Tabel 1, al naar gelang de toestand van de oplaadbare batterij of het acculader.
Tabel 1
| Aanduidingen van het controlelampje | ||||
| Controlelampje (rood) | Voor het laden | Knippert | Brandt ongeveer 0,5 sekonde. Brandt ongeveer 0,5 sekonde niet. (Uit voor 0,5 sekonde) | |
| Tijdens opladen | Brandt | Blift branden | ||
| Na opladen Knippert | Brandt ongeveer 0,5 sekonde. Brandt ongeveer 0,5 sekonde niet. (Uit voor 0,5 sekonde) | |||
| Oververhitting standby | Knippert | Brandt ongeveer 1 sekonde. Brandt ongeveer 0,5 sekonde niet. (Uit voor 0,5 sekonde) | De batterij is oververhit. De batterij kan niet opgeladen worden (het opladen wordt hervat wanneer de batterij is afgekoeld). | |
| Opladen onmogelijk | Knippert | Brandt ongeveer 0,1 sekonde. Brandt ongeveer 0,1 sekonde niet. (Uit voor 0,1 sekonde) | Er is iets mis met de accu of met het oplaad-apparaaat | |
(2) Batreffende de temperatuur van de oplaadbare batterij De temperaturen voor herlaadbare batterijen worden weergegeven in Tabel 2. Oververhitte batterijen moeten een tijdje afkoelen voordat ze worden herladen.
Tabel 2 Temperatuur voor opladen van baterijen
| Oplaadbare batterijen | Geschikte temperatuur voor het opladen |
| BSL1430, BSL1440, BSL1450, BSL1820, BSL1830, BSL1840, BSL1850 | 0^ - 40^ |
(3) Tijd die benodigd is voor het opladen De oplaadtijden in de onderstaande Tabel 3 zijn afhankelijk van de kombinatie van acculader en batterij.
Tabel 3 Oplaadtijden (bij 20°C)
| Batterij\Acculader | UC18YFSL |
| BSL1820 Circa. 30 min. | |
| BSL1430, BSL1830 | Circa. 45 min. |
| BSL1440, BSL1840 | Circa. 60 min. |
| BSL1450, BSL1850 | Circa. 75 min. |
OPMERKING
De tijd voor het opladen verschilt afhankelijk van de omgevingstemperatuur en het spanningsvoltage.
LET OP
Wanneer de batterijlader onafgebroken wordt gebruikt, zal deze warm worden, waardoor fouten worden veroorzaakt. Nadat het laden is voltooid, wacht u best 15 minuten tot de volgende lading.
4. Trek de stekker van het oplaadapparaat uit het stopkontakt.
5. Houd het oplaadapparaat stevig vast en trek de batterij er uit.
OPMERKING
Verwijder beslist de accu van de lader na gebruik. Bewaar op een veilige plaats.
Om langdurig gebruik van de batterij te bevorderen
(1) Laad batterij op vóórdat ze volledig uitgeput zijn.
Merkt u dat de gevoede apparatuur minder krachtig gaat werken, onderbreek dan het gebruik en laad de batterij op. Als u apparatuur op batterijvoeding te lang blijft gebruiken, kan dit leiden tot teruglopen van de batterijwerking en eventueel zelfs beschadiging ervan.
(2) Verricht het opladen niet bij hoge temperatuur.
Een oplaadbare batterij zal onmiddellijk na gebruik gewoonlijk erg warm zijn. Als u een dergelijke batterij onmiddellijk gaat opladen, zal de chemische balans in het inwendige verstord worden en zal de levensduur van de batterij afnemen. Laat de batterij daarom even afkoelen, voor u met opladen begint.
LET OP
Als wordt geprobeerd de batterij op te laden terwijl deze te warm is geworden door langdurige blootstelling aan direct zonlicht of onmiddellijk na gebruik van de batterij, is het mogelijk dat het controlelampje van de acculader knippert door 1 seconde op te lichten en 0,5 seconde niet op te lichten (lampje is 0,5 seconde uit). Mocht dit zich voordoen, laat de batterij dan eerst even afkoelen alvorens u deze oplaadt.
○ Wanneer het controlelampje rood knippert (met tussenpozen van 0,2 seconde), controleer dan of er zich vreemde voorwerpen in de aansluiting van de acculader bevinden en verwijder deze. Is er geen voorwerp in de opening aanwezig, dan is de storing waarschijnlijk te wijten aan de oplaadbare batterij of het oplaadapparaat. Laat deze dan controleren door een bevoegde onderhoudsinstantie.
○ Aangzien de ingebouwde micoprocessor van de UC18YFSL een drietal sekonden nodig heeft om te reageren op het loskoppelen van de batterij. dient u minimaal drie sekonden te wachten voordat u de batterij weer aansluit om het laden te vervolgen. Als de batterij binnen de drie sekonden wordt aangesloten, bestaat de kans dat deze niet goed wordt opgeladen.
Als het controlelampje niet rood knippert (eenmaal per seconde) hoewel het snoer van de acculader met de stroomvoorziening is verbonden, kan dit erop wijzen dat het beveiligingscircuit van de acculader is geactiveerd. Maak het snoer los van de stroomvoorziening en sluit het er na ongeveer 30 seconden weer op aan. Als hierna het controlelampje nog steeds niet rood knippert (eenmaal per seconde), breng dan de acculader naar een erkend Hitachi Service-centrum.
VOOR HET GEBRUIK
1. Instellen en controleren van de werkomgeving
Zorg dat de werkomgeving geschikt is door de voorzorgsmaatregelen op te volgen.
2. Stroomschakelaar
Controleer of de stroomschakelaar op UIT staat.
Als de accu aan het elektrisch gereedschap wordt bevestigd terwijl de stroomschakelaar op AAN staat, zal het elektrisch gereedschap onmiddellijk beginnen te werken, met mogelijk een ernstig ongeluk tot gevolg.
- Er moet een stabiele houten ondergrond vervaardigd worden, welke geschikt is voor schaafwerkzaamheden. Een slecht uitgebalanceerde ondergrond kan gevaar veroorzaken en er moet op gelet worden, dat het op een stevige, vlakke vloer veilig is opgesteld.
SCHAAFWERKZAAMHEDEN
1. Bediening van de schakelaar (Afb. 8)
(1) Voor een veilige bediening van het gereedschap is er een "schakelaarvergrendeling" aan de zijkant van de handgreep.
Als aan de “trekschakelaar” wordt getrokken terwijl de “schakelaarvergrendeling” in de richting van de pijl wordt gedrukt, wordt de hoofdschakelaar aangezet.
(2) Nadat de schakelaar is aangezet, zal ook wanneer u uw hand van de schakelaarvergrendeling afneemt, het gereedschap blijven draaien en het lampje blijven branden zolang u aan de trekschakelaar trekt.
(3) Als u de trekschakelaar loslaat, wordt de schakelaar uitgezet waarna de "schakelaarvergrendeling" automatisch naar de oorspronkelijke stand terugkeert.
LET OP
Zet de schakelaarvergrendeling niet vast waardoor deze niet meer beweegt. Neem uw vinger van de trekschakelaar af wanneer de schaafmachine wordt gedragen. Het is anders mogelijk dat het gereedschap abusievelijk wordt ingeschakeld met een ongeluk tot gevolg.
2. Over het indicatielampje voor de resterende batterijcapaciteit
Wanneer de schakelaar voor het resterende accucapaciteit-indicatielampje wordt ingedrukt, gaat het resterende accucapaciteit-indicatielampje branden en kan de resterende accucapaciteit gecontroleerd worden. (Afb. 9)
Wanneer u uw vinger van de schakelaar voor het resterende accucapaciteit-indicatielampje afneemt, gaat het resterende accucapaciteit-indicatielampje uit. De Tabel 4 toont de status van het resterende accucapaciteit-indicatielampje en de resterende accucapaciteit.
Tabel 4
| Status van lampje | Resterende accucapaciteit |
![]() | De resterende accucapaciteit is voldoende. |
![]() | De resterende accucapaciteit is gehalveerd. |
| [33H1] | De resterende accucapaciteit is nagenoeg uitgeput.Laad de accu zo spoedig mogelijk. |
Aangezien de aanduiding van het resterende accucapaciteit-indicatielampje enigszins kan afwijken afhankelijk van de omgevingstemperatuur en de kenmerken van de accu, geldt dit enkel als richtlijn.
OPMERKING
○ Stel het schakelaarpaneel niet bloot aan krachtige stoten om te voorkomen dat dit stuk gaat. Dit kan defecten veroorzaken.
○ Om het stroomverbruik van de accu te sparen, gaat het resterende accucapaciteit-indicatielampje branden wanneer de schakelaar voor het resterende accucapaciteit-indicatielampje wordt ingedrukt.
3. Het instellen van de spaandikte
(1) De knop wordt in de door de pijl in Afb. 10 (met de klok mee) aangeduide richting gedraaid, totdat het driehoekige teken op de schaal op de gewenste spaandikte wijst. De schaal is ingedeeld in mm.
(2) De spaandikte in een bereik van 0-2,0 mm, worden ingesteld.
4. Het schaven van oppervlakten
Het grofschaven moet uitgevoerd worden met grote spaandikte en een geschikte snelheid, zodat de schaafspanen gelijkmatig uit de machine geworpen worden. Om een glad oppervlak te verkrijgen moet het naschaven uitgevoerd worden met een geringere spaandikte en lagere snelheid.
5. Begin en einde van de schaafwerkzaamheden
Zoals aangetoond in Afb. 11, wordt het voorste gedeelte van de schaaf op het werkstuk gezet en horizontaal gesteund. De motor wordt aangeschakeld en men schuift de schaaf langzaam naar de kant van het werkstuk. Het voorste gedeelte van de schaaf wordt bij begin van het schaven, zoals aangetoond in Afb. 12, er stevig opgedrukt, terwijl bij het einde van het schaafwerk de achterste helft van de schaaf er stevig opgedrukt wordt. De schaaf moet tijdens het totale schaafwerk vlak gehouden worden.
6. Voorzichtig, ook na beëindiging van het schaafwerk Wanneer de schaaf na beëindiging van het schaafwerk met één hand verwijderd wordt, moet er op gelet worden, dat het schaafijzer (onderkant) van de schaaf niet in aanraking komt met het lichaam. Anders kunnen er ernstige verwondingen optreden.
7. Standaard
Til de achterkant van de schaafmachine omhoog om de voet vanaf de basis te verlengen. Als de standaard is uitgetrokken wanneer u de schaafmachine neerzet, voorkomt u contact tussen het mes en het materiaal. (Afb. 13)
Voorzorgsmaatregelen tijdens het werk
○ Over continugebruik
Dit gereedschap is voorzien van een beveiligingsfunctie om een lange levensduur van de accu te verkrijgen.
De accu kan oververhit raken tijdens continugebruik of bij diepe snijwerkzaamheden waardoor het gereedschap automatisch stopt.
Vooral bij gebruik van een van de onderstaande accu's kan het gereedschap stoppen wanneer de accu te heet wordt om een defect van de accu als gevolg van oververhitting te voorkomen.
In dit geval stopt u met het gebruik, verwijdert vervolgens de accu van het gereedschap en laat u de accu op een goed geventileerde plaats, uit de buurt van zonlicht, afkoelen.
De accu kan weer worden gebruikt nadat deze voldoende is afgekoeld.
(Accu's waarop van toepassing:
BSL1425, BSL1420, BSL1415, BSL1825, BSL1820, BSL1815 en oude accu's)
○ Juist gebruik van de accu
Wanneer het gereedschap met eenvan de onderstaande accu's wordt gebruikt, mag het alleen voor lichte werkzaamheden worden gebruikt om een lange levensduur van de accu te verkrijgen.
Werkvoorbeeld:
Ondiepe afwerking en afschuinwerkzaamheden
(Accu's waarop van toepassing:
BSL1425, BSL1420, BSL1415, BSL1825, BSL1820, BSL1815 en oude accu's)
HET MONTEREN EN DEMONTEREN VAN HET SCHAAFIJZER EN HET INSTELLEN VAN DE SNIJDIEPTE (VOOR MES MET DUBBELE RAND)
1. Demontage van het schaafijzer Koolstofmetaalmes LET OP
Om een ongelukte voorkomen, moet u ervoor zorgen dat het elektrisch gereedschap is uitgeschakeld en de accu is losgemaakt.
- Er moet op gelet worden, dat de handen niet verwond worden.
(1) Maak de snijvlakhouder los met de bijgeleverde steeksleutel, als aangegeven in Afb. 14.
(2) Verwijder het freessnijvlak door het te schuiven met de bijgeleverde steeksleutel, als aangegeven in Afb. 15.
2. Montage van het Koolstofmetaalmes
LET OP
Om een ongeluk te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat het elektrisch gereedschap is uitgeschakeld en de accu is losgemaakt.
○ Voor het monteren verwijdert men zorgvuldig al het stof, dat zich op het Koolstofmetaalmes afgezet heeft.
(1) Druk stelplaat (B) zoals in Afb. 16 wordt getoond omhoog en plaats een nieuw koolstofmetaalmes tussen het snijblok en de stelplaat (B).
(2) Monteer het nieuwe freessnijvlak door het op de gemonteerde plaat (B) te schuiven zodat de punt van het snijvlak met 1 mm uit het einde van het freeszwart steekt, als aangegeven in Afb. 17.
(3) Bevestig de moer aan de snijvlakhouder, als aangegeven in Afb. 18, en het vervangen van het snijvlak is gebeurd.
(4) De snijkop wordt omgedraaid en men bevestigt de andere kant op dezelfde manier.
3. Het instellen van de hoogte van het Koolstofmetaalmes
LET OP
Om een ongelukte voorkomen, moet u ervoor zorgen dat het elektrisch gereedschap is uitgeschakeld en de accu is losgemaakt.
Indien de hoogte van de koolstofmetaalmes niet juist is na het uitvoeren van de hierboven beschreven procedure, moet u de volgende handelingen uitvoeren.
(1) Gebruik de bijgeleverde steeksleutel om de drie moertjes die het freessnijvlak tegenhouden los te maken en verwijder de snijvlakhouder, als aangegeven in Afb. 19.
(2) Schuif, nadat het freessnijvlak is verwijderd, de gemonteerde plaat (B) in de richting van de pijl, als aangegeven in Afb. 20, om de gemonteerde plaat (B) te demonteren.
(3) Maak de twee schroeven los die het freessnijvlak, de gemonteerde plaat (A) en de gemonteerde plaat (B) op hun plaats houden.
(4) Duw het gedraaide oppervlak van de gemonteerde plaat (A) richting het muuropervlak b, terwijl u ondertussen de snijkant van het freessnijvlak afstelt op het muuropervlak a van het gemonteerde meetinstrument, als aangegeven in Afb. 21 en 22. Zet ze vervolgens vast met de 2 schroeven.
(5) Plaats een gedraaid gedeelte van de gemonteerde plaat (A) bevestigd aan de gemonteerde plaat (B) in een groef op het vlakke gedeelte van het freeszwart, als aangegeven in Afb. 23 en 24.
(6) Plaats de snijvlakhouder op de afgemaakte montage en zet hem vast met de drie moertjes, als aangegeven in Afb. 25. Zorg beslist dat de moertjes stevig vast zitten. Voer dezelfde handelingen voor de andere kant van het koolstofmetaalmes uit.
SNIJVLAK MONTAGE EN DEMONTAGE, EN HET AFSTELLEN VAN DE HOOGTE VAN HET SNIJVLAK (VOOR SLIJPBAAR MES)
1. Snijvlak demontage LET OP
Om een ongeluk te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat het elektrisch gereedschap is uitgeschakeld en de accu is losgemaakt.
- Er moet op gelet worden, dat de handen niet verwond worden.
(1) Gebruik de bijgeleverde steeksleutel om de drie moertjes los te maken die het snijvlak tegenhouden, en verwijder de snijvlakhouder, als aangegeven in Afb. 19.
(2) Schuif het snijvlak in de richting van de pijl om het snijvlak te demonteren, als aangegeven in Afb. 20.
2. Sijvlak montage LET OP
Om een ongeluk te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat het elektrisch gereedschap is uitgeschakeld en de accu is losgemaakt.
○ Veeg voordat u gaat monteren eerst al het slijpsel af wat zich opeengehoopt heeft op het snijvlak.
(1) Plaats een gedraaid gedeelte van de gemonteerde plaat (A) wat vastzit aan het snijvlak, in een groef op het vlakke gedeelte van het freesblok. (Afb. 23 en 26)
Plaats het snijvlak zo dat beide kanten van het snijvlak ongeveer 1 mm uitsteken aan de breedte van het freesblok. (Afb. 27)
(2) De ijzerhouder wordt op de machine gezet en met de drie schroeven bevestigd, zoals getoond in Afb. 28. Er moet op gelet worden, dat de schroeven stevig aangedraaid zijn.
(3) De snijkop wordt omgedraaid en men bevestigt de tegengestelde kant op dezelfde manier.
3. Afstelling van de hoogte van het snijvlak
(1) Maak de twee schroeven los die het snijvlak en de gemonteerde plaat (A) op hun plaats houden. (Afb. 29)
(2) Duw het gedraaide oppervlak van de gemonteerde plaat (A) naar het muuroppervlak b, terwijl u de snijkant van het snijvlak afstelt op het muuroppervlak a van het gemonteerde meetinstrument. Zet ze vervolgens vast met de twee schroeven. (Afb. 21 en 30)
HET SLIJPEN VAN DE SNIJVLAKKEN
Het is aanbevolen om gemakshalve de bijbehorende Snijvlak Slijper Montage te gebruiken.
1. Het gebruik van de Snijvlak Slijper Montage
Twee snijvlakken kunnen bevestigd worden op de snijvlak slijper montage om te verzekeren dat de snijvlakpunten worden gebaseerd op uniforme hoeken, als aangegeven in Afb. 31. Stel tijdens het slijpen de positie van de snijvlakken zo af dat hun hoeken gelijktijdig in aanraking komen met de slijpsteen, als aangegeven in Afb. 32.
2. Pauzes in het snijvlak slijpen
Pauzes in het snijvlak slijpen hangen af van het soort hout dat wordt gesneden en de diepte van het snijden. Hoe dan ook, het slijpen wordt over het algemeen na 500 meter snijwerk bewerkstelligd.
3. Slijptolerantie van de schaafmessen
Zoals aangegeven in Afb. 33 is er een slijptolerantie van 3,5 mm voor het schaafmes. Dit betekent dat het schaafmes herhaaldelijk kan worden geslepen totdat de totale hoogte minder dan 24,5 mm is geworden.
4. Slijpsteen
Wanneer een waterslijpsteen beschikbaar is, kunt u deze gebruiken nadat de steen voldoende nat is gemaakt, aangezien een dergelijke steen tijdens het slijpen slijt. Maak het bovenvlak van de slijpsteen ook zo vaak mogelijk vlak.
BEVESTIGEN EN LOSMAKEN VAN DE STOFADAPTER (LOS VERKRIJGBAAR TOEBEHOOR)
LET OP
Om een ongeluk te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat het elektrisch gereedschap is uitgeschakeld en de accu is losgemaakt.
○ Volg de onderstaande procedure om de stofadapter stevig te bevestigen. Wanneer dit niet wordt gedaan, kan de adapter losraken met letsel tot gevolg.
1. Bevestigen van de stofadapter
(1) Verwijder de D4 × 16 schroef in de spaankast en verwijder dan de spaankast zoals afgebeeld in Afb. 34.
(2) Bevestig de stofadapter en maak deze met de D4 × 16 schroef vast. (Afb. 35)
OPMERKING
Wees voorzichtig dat de sluiting niet breekt bij het bevestigen of losmaken van de stofadapter en de spaankast.

2. Verwijderen van de stofadapter
Om de stofadapter te verwijderen, voert u de bovenstaande procedure in de omgekeerde volgorde uit.
ONDERHOUD EN INSPECTIE
1. Inspectie van het messen
Het verder gebruik van stompe of beschadigde messen leidt tot verminderd schaafeffect en kan overbelasting van de motor veroorzaken. De messen moeten zo dikwijls mogelijk vernieuwd worden.
De voorste plaat, de achterste plaat en de instelknop voor de spaandikte zijn voor het bereiken van een bijzonder grote precisie exact bewerkt. Wanneer deze delen ruw behandeld worden of blootgesteld worden aan sterke mechanische slagen, kan dat leiden tot een verminderde precisie en schaafeffect. Deze delen moeten met bijzondere zorgvuldigheid worden behandeld.
3. Inspectie van de bevestigingsschroef
Alle bevestigingsschroeven worden regelmatig geinspecteerd en gecontroleerd of zij juist aangedraaid zijn. Wanneer één van de schroeven losraakt, dan moet deze onmiddellijk opnieuw aangedraaid worden. Gebeurt dat niet, dan kan dat tot aanzienlijke gevaren leiden.
4. Inspectie van de koolborstels (Afb. 36)
In de motor zijn koolborstels gebruikt, die onderhevig zijn aan slijtage. Omdat een te ver versleten koolborstel kan leiden tot problemen met de motor, dient u de koolborstel te vervangen door een nieuwe wanneer deze tot aan of tot bij de „slijtagelimiet” versleten is.
Bovendien moeten de koolborstels altijd schoon zijn en zich vrij in de borstelhouders kunnen bewegen.
OPMERKING
Verzeker u ervan dat u de Hitachi koolborstel code no. 999017 gebruikt, wanneer u de koolborstel vervangt.
5. Het wisselen van de koolborstel
Na het verwijderen van de spaankast verwijdert u de koolborstel door eerst de borstelkap weg te nemen en dan het uitsteeksel van de koolborstel met een sleufschroevendraaier enz. vast te pakken zoals aangegeven in Afb. 37.
Als u de koolborstel installeert, moet u de richting zo kiezen dat de nagel van de koolborstel overeenkomt met het contact-gedeelte buiten de borstelbuis. Duw de koolborstel vervolgens naar binnen met uw vinger, zoals te zien is in Afb. 38. Doe vervolgens de kap van de borstel weer terug.
LET OP
U moet echt de nagel van de koolborstel in het contactgedeelte buiten de borstelbuis passen. (U mag om het even welk van de twee meegeleverde nagels gebruiken.)
U moet hier goed op letten, want een eventuele fout hiermee kan resulteren in een vervorming van de nagel van de koolborstel en kan in een vroeg stadium problemen met de motor veroorzaken.
6. Onderhoud van de motor
De motorwikkeling is het "hart" van het electrische gereedschap.
Er moet daarom bijzonder zorgvuldig op gelet worden, dat de wikkeling niet beschadigt en/of met olie of water bevochtigd wordt.
7. Reinigen van de buitenkant
Wanneer de schaafmachine vuil is, kunt u deze reinigen met een zachte doek of een doek bevochtigd met zeepwater. Gebruik geen oplosmiddelen op chloorbasis, benzine of witte spiritus want deze middelen kunnen de kunststof onderdelen aantasten.
8. Opslag
Bewaar de schaafmachine op een plaats waar de temperatuur niet hoger is dan 40°C en buiten het bereik van kinderen.
OPMERKING
Controleer of de batterij volledig is geladen als deze gedurende langere tijd is opgeslagen (3 maanden of langer). Een batterij met een kleinere capaciteit kan tijdens het gebruik mogelijk niet worden opgeladen als hij langdurig is opgeslagen.
OPMERKING
Opbergen van lithium-ion batterijen
Zorg dat de lithium-ion batterijen volledig zijn opgeladen voordat u deze opbergt.
Langdurig opbergen van de batterijen met een lage lading kan resulteren in een slechtere prestatie, een sterke afname van de gebruiksduur van de batterijen en ook is het mogelijk dat de batterijen niet meer opgeladen kunnen worden.
Een sterke afname van de gebruiksduur van de batterijen kan soms wel weer verholpen worden door de batterijen herhaaldelijk van twee- tot vijfmaal op te laden en te gebruiken.
Als de gebruiksduur van de batterijen zeer kort blijft nadat deze meerdere malen zijn opgeladen en gebruikt, zijn de batterijen versleten en dient u nieuwe batterijen aan te schaffen.
9. Lijst vervangingsonderdelen
LET OP
Reparatie, modificatie en inspectie van Hitachi elektrisch gereedschap dient te worden uitgevoerd door een erkend Hitachi Service-centrum.
Deze Onderdelenlijst komt van pas wanneer u deze samen met het gereedschap aanbiedt bij het erkende Hitachi Service-centrum wanneer u om reparatie of ander onderhoud verzoekt.
Bij gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap dienen de in het land waar u zich bevindt geldende veiligheidsregelgeving en veiligheidsstandaarden stipt te worden opgevolgd.
MODIFICATIES
Hitachi elektrisch gereedschap wordt voortdurend verbeterd en gewijzigd teneinde gebruik te kunnen maken van de nieuwste technische ontwikkelingen.
Daarom is mogelijk dat sommige onderdelen zonder voorafgaande kennisgeving gewijzigd worden.
Belangrijke informatie voor batterijen van Hitachi snoerloos elektrisch gereedschap
Gebruik altijd een van onze voorgeschreven originele batterijen. Wij kunnen de veiligheid en prestatie van ons snoerloos elektrisch gereedschap niet garanderen bij gebruik van andere dan de voorgeschreven batterijen, of als de batterij gedemonteerd of gewijzigd is (zoals demontage of vervanging van batterijcellen of andere inwendige onderdelen).
GARANTIE
De garantie op het elektrisch gereedschap van Hitachi is in overeenstemming met de wettelijke/landspecifieke richtlijnen. Deze garantie dekt geen defecten of schade als gevolg van foutief gebruik, misbruik of normale slijtage. In geval van klachten verzoeken wij u het elektrisch gereedschap samen met het GARANTIECERTIFICAAT dat u achterin deze handleiding aantreft naar een erkend servicecentrum van Hitachi te sturen. Indien door de gebruiker de machine wordt gedemonteerd vervalt de aanspraak op garantie.
OPMERKING
Op grond van het voortdurende research en ont wikkelingsprogramma van HITACHI zijn veranderingen van de hierin genoemde technische opgaven voorbehouden.
Informatie betreffende luchtgeluid en trillingen
De gemeten waarden zijn verkregen overeenkomstig EN60745 en voldoen aan de eisen van ISO 4871.
Gemeten A-gewogen geluidsniveau: 94 dB (A) (P14DSL)
95 dB (A) (P18DSL)
Gemeten A-gewogen geluidsdrukniveau:
83 dB (A) (P14DSL)
84 dB (A) (P18DSL)
Onzekerheid KpA: 3 dB (A)
Draag gehoorbescherming.
Totale trillingswaarden (triax vector som) bepaald overeenkomstig EN60745.
Schaven van zachthout:
Trillingsemissiewaarde ah=2,6~m/s^2 (P14DSL) 3,0~m/s^2 (P18DSL)
Onzekerheid K = 1,5 m/s ^2
De totale bepaalde trillingswaarde is gemeten in overeenstemming met een standaardtestmethode en is bruikbaar om meerdere gereedschappen met elkaar te vergelijken.
U kunt dit ook als beoordeling vooraf aan de blootstelling gebruiken.
WAARSCHUWING
○ De trillingsemissiewaarde tijdens het feitelijke gebruik van het elektrisch gereedschap kan afwijken van de opgegeven totale waarde afhankelijk van de manieren waarop het gereedschap wordt gebruikt.
○ Neem kennis van de veiligheidsmaatregelen voor de bescherming van de gebruiker die gebaseerd zijn op een schatting van blootstelling onder feitelijke gebruiksomstandigheden (rekening houdend met alle onderdelen van de gebruikscyclus, zoals de tijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en wanneer dit onbelast draait inclusief de triggertijd).

