KS-4212 - Babyfoon TOPCOM - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KS-4212 TOPCOM in PDF-formaat.
| Producttype | Babyfoon |
| Merk | Topcom |
| Model | KS-4212 |
| Binnenbereik | Tot 50 meter |
| Buitenbereik | Tot 300 meter |
| Werkfrequentie | DECT 1.9 GHz |
| Voeding ouderunit | Oplaadbare batterijen of netadapter |
| Voeding babyunit | Netadapter |
| Batterijduur ouderunit | Ongeveer 10 uur in standby |
| Afmetingen ouderunit | 120 x 80 x 60 mm |
| Afmetingen babyunit | 80 x 60 x 50 mm |
| Gewicht ouderunit | 200 g |
| Gewicht babyunit | 150 g |
| Hoofdfuncties | Tweerichtingsaudio, nachtlampje, geluidsniveau-indicator, instelbaar volume |
| Schermtype | LCD-scherm met achtergrondverlichting |
| Batterijindicator | Ja |
| Onderhoud en reiniging | Reinigen met een zachte, droge doek, geen chemicaliën gebruiken |
| Veiligheid | DECT draadloze technologie met laag vermogen, niet-ioniserend |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Oplaadbare batterijen, netadapters verkrijgbaar |
| Algemene informatie | Handleiding beschikbaar voor download (121 pagina's) |
Veelgestelde vragen - KS-4212 TOPCOM
Gebruikersvragen over KS-4212 TOPCOM
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Babyfoon in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KS-4212 - TOPCOM en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KS-4212 van het merk TOPCOM.
GEBRUIKSAANWIJZING KS-4212 TOPCOM
NL De in deze handleiding beschreven mogelijkheden worden gepubliceerd onder voorbehoud van wijzigingen.
1 Algemene informatie
De handleiding maakt deel uit van de Babytalker 1020 (hierna "het toestel" genoemd). Deze handleiding bevat belangrijke informatie over het instellen van de babyfoon, veiligheidsaspecten, het juiste gebruik ervan en zorg voor de babyfoon.
Bewaar deze handleiding altijd in de buurt van het toestel.
Iedereen die verantwoordelijk is voor de bediening van het toestel, het oplossen van defecten en/of de reiniging van het toestel moet deze handleiding lezen.
Bewaar deze handleiding op een veilige plaats en geef ze aan de volgende eigenaar als u het toestel verkoopt.
1.1 Auteursrecht
Deze documentatie is auteursrechtelijk beschermd.
Alle rechten, inclusief het recht op volledige of gedeeltelijke fotomechanische reproductie, kopieren en verspreiding via bepaalde processen (zoals gegevensverwerking, gegevensdragers en gegevensnetwerken), en wezenlijke en technische wijzigingen zijn voorbehouden.
1.2 Waarschuwingssignalen
GEVAAR
Een waarschuwingssignaal van dit risiconiveau wijst op een dreigend gevaar. Indien het gevaar niet wordt voorkomen, kan dit de dood of ernstig letsel veroorzaken.
WAARSCHUWING
Een waarschuwingssignaal van dit risiconiveau wijst op een mogelijk gevaar. Indien het gevaar niet wordt voorkomen, kan dit letsel en/of materiële schade veroorzaken.

- Een opmerking geeft bijkomende informatie die het gebruik van het toestel vergemakkelijkt.
1.3 Gebruik volgens de aanwijzingen
Dit toestel is alleen bedoeld voor niet-commercieel gebruik voor het in de gaten houden van baby's in afgesloten ruimten.
Ander gebruik dan hier genoemd of gebruik dat verder gaat dan het gespecificeerde gebruik wordt als verkeerd beschouwd.
WAARSCHUWING
Gevaar door onjuist gebruik!
Verkeerd gebruik van dit toestel of het gebruik van dit toestel voor doeleinden waarvoor het niet is ontworpen, kan tot gevaarlijke situaties leiden.
• Volg de gebruiksaanwijzing.
Schadeclaims van om het even welke aard te wijten aan onjuist gebruik worden niet aanvaard.
De gebruiker is de enige risicodrager.
2 Veiligheid
Dit hoofdstuk bevat belangrijke veiligheidsinformatie over het gebruik van het toestel.
Dit toestel voldoet aan de voorgeschreven veiligheidseisen. Ongepast gebruik kan echter letsel of materiële schade veroorzaken.
2.1 Gevaar te wijten aan elektrische stroom
GEVAAR
Contact met kabels of onderdelen onder spanning kan levensgevaar veroorzaken!
Volg onderstaande veiligheidsvoorschriften om gevaar te wijten aan elektrische stroom te vermijden:
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde onderdelen voor de voeding, zo niet kunnen de toestellen beschadigd raken;
- gebruik dit toestel niet als de stroomtoevoereenheid, de kabel of de stekker beschadigd is;
-
open het omhulsel van de stroomtoevoer nooit; het aanraken van aansluitingen onder spanning of het wijzigen van de elektrische en mechanische structuur van het toestel houdt een risico op elektrische schokken in;
-
bescherm de toestellen tegen vocht, insijpeling van vloeistof en stof; haal de stekker onmiddellijk uit het stopcontact als het toestel in aanraking komt met water;
- haal de stekker uit het stopcontact als er een defect optreedt, tijdens een storm en alvorens het toestel te reinigen;
- bescherm kabels tegen hete oppervlakken en andere gevaren en snoer ze niet in.
2.2 Gebruik van batterijen

WAARSCHUWING
Gevaar door onjuist gebruik!
Verkeerd gebruik van batterijen kan gevaarlijk zijn.
- Gebruik uitsluitend batterijen van hetzelfde type.
- Let op de polariteit als u batterijen plaatst. De verkeerde polariteit veroorzaakt schade aan de batterijen en het toestel.
- Gooi batterijen nooit in vuur, aangezien ze dan kunnen ontploffen.
- De uiteinden van de batterijen mogen nooit per ongeluk of express elkaar of metalen voorwerpen raken. Hierdoor kan oververhitting, ontploffing of brand ontstaan.
- Houd de batterijen buiten het bereik van kinderen. Raadpleeg meteen een arts als batterijen worden ingeslikt.
- Het zuur uit lekkende batterijen kan onherstelbare schade aan het toestel veroorzaken. Wees zeer voorzichtig wanneer u beschadigde of lekkende batterijen hanteert. Gevaar van chemische brandwonden! Draag veiligheidshandschoenen.
- Verwijder de batterijen als het toestel langere tijd niet wordt gebruikt.
2.3 Basisveiligheidsvoorschriften
Volg onderstaande veiligheidsinstructies om het toestel veilig te gebruiken:
- Dit toestel moet door een volwassene in elkaar worden gezet; houd kleine onderdelen buiten bereik van kinderen tijdens de montage;
- laat kinderen niet met het toestel of onderdelen ervan spelen;
- zorg dat het toestel en de kabels altijd buiten bereik van de baby blijven;
- dek het toestel nooit af met een handdoek, deken enz.;
- defecte onderdelen moeten worden vervangen door originele reserveonderdelen. Dit zijn de enige onderdelen die gegarandeerd aan de veiligheidseisen voldoen.
- Schakel het toestel uit in alle ruimten waar wordt gemeld dat dit verplicht is. In ziekenhuizen en gezondheidsfaciliteiten kunnen apparaten worden gebruikt die gevoelig kunnen reageren op externe hoge frequenties.
3 Constructie en functie
Deze babyfoon bestaat uit een ontvanger en een zender, die via radiosignalen volgens de norm PMR 446 met elkaar zijn verbonden.
De zender begint met zenden zodra de microfoon geluid registreert. Deze geluiden worden door de ontvanger overgebracht. Gebruikers kunnen de gevoeligheid van de microfoon instellen (zie pagina 14).

- Het toestel is geen vervanging voor verantwoordelijk en juist toezicht door een volwassene, het is alleen een hulpmiddel.
4 Onderdelen van de ontvanger (zie afbeelding □ op het uitvouwblad).
1 Display 7 Luidspreker
2 LED-lampje 8 Toets "Volume omhoog"
3 Toets "Kanaal omhoog" 9 Aan-/uit-toets
- Selecteer het volgende kanaal 10 Insteltoets
4 Toets "Kanaal omlaag" 11 Riemclip
- Selecteer het vorige kanaal 12 Aansluitbus netadapter
5 Toets LED-lampje 13 Deksel batterijvak
6 Toets Volume omlaag
4.1 Onderdelen van de zender (zie afbeelding □ op het uitvouwblad).
14 Display
19 Microfoon
15 Toets "Kanaal omhoog"
20 Toets LED-nachtlampje
- Selecteer het volgende kanaal
21 LED-nachtlampje
16 Toets "Kanaal omlaag"
22 Aansluitbus netadapter
- Selecteer het vorige kanaal
23 Deksel batterijvak
17 Insteltoets
24 Regeling VOX-gevoeligheid
18 Aan-/uit-toets
4.2 Pictogrammen (zie afbeelding □ op het uitvouwblad)
Ontvanger
25 Pictogram Signaal ontvangen
26 Volume-indicator
27 Kanaalnummer
28 Indicator laadniveau
geeft de laadstatus van de batterij aan:
- Batterij volledig opgeladen
- batterij bijna leeg
29 Pictogram privacymodus
30 Pictogram voedingtimer
31 Intervaltijd voeding
Zender
32 Pictogram transmissie
33 Kanaalnummer
34 Indicator laadniveau
geeft de laadstatus van de batterij aan:

Batterij vol
- Symbol knippert: Batterij bijna leeg
35 Pictogram stroomadapter aangesloten
36 Pictogram privacymodus
5 Het toestel voorbereiden voor gebruik
5.1 Veiligheidsinstructies

WAARSCHUWING
Het toestel voorbereiden voor gebruik kan letsel en materiële schade veroorzaken! Laat kinderen niet met het verpakkingsmateriaal spelen. Er bestaat verstikkingsgevaar.
5.2 Waar installeert u uw toestel?
Het toestel dient te worden geïnstalleerd op een plaats die aan de volgende eisen voldoet om een veilige en gepaste werking te garanderen:
- het stopcontact moet altijd gemakkelijk bereikbaar zijn zodat de stroomkabel wanneer nodig snel kan worden verwijderd;
- het toestel moet op een droge plaats worden geïnstalleerd.
5.3 De riemclip van de ontvanger verwijderen/bevestigen
- Duw de riemclip (B) omhoog terwijl u de lip van het toestel (A) weg trekt om de riemclip 11an het toestel te verwijderen.
- Bij het weer aanbrengen van de riemclip heeft een hoorbare klik aan dat de riemclip op zijn plaats is vergrendeld.

5.4.1 De batterijen in de zender plaatsen

- De zender kan op drie AAA alkaline-batterijen of via de meegeleverde voedingskabel werken.
- De zender heeft geen oplaadfunctie.
- We adviseren u batterijen te plaatsen, ook al wilt u alleen de voedingskabel gebruiken. Dit betekent dat de batterijen automatisch de eenheid kunnen voeden als de stroom is uitgevallen.
-
Gebruik geen lege en nieuwe batterijen tegelijkertijd.
-
Open het batterijvak.
- Plaats de drie AAA alkalinebatterijen (LR03). Zorg dat de batterijen met de juiste polariteit worden geplaatst.
- Sluit het batterijvak.
5.4.2 De zender op het stroomnet aansluiten
- Steek de kleine stekker van de stroomadapter in de aansluiting voor de stroomadapter 22 an de zijkant van de zender. Als u een klik hoort, is de aansluiting op zijn plaats vergrendeld.
- Sluit de stroomadapter (7,5 V DC / 300 mA) aan op een stopcontact (230-240 V\~ 50 Hz).

- Gebruik alleen de meegeleverde stroomadapter.


5.4.3 De batterijen in de ontvanger plaatsen

WAARSCHUWING
Er kan letsel en schade aan materiaal ontstaan als er niet-oplaadbare batterijen in de ontvanger worden gebruikt!
- Gebruik alleen het Ni-MH-batterijpak dat bij het product wordt geleverd.

- De ontvanger mag alleen worden gebruikt met het meegeleverde Ni-MH-batterijpak. Hij kan niet worden gebruikt met Ni-MH-batterijen met enkele cellen!

- Verwijder de riemclip.
- Druk op het batterijdeksel en schuif het naar beneden.
- Plaats het oplaadbare batterijpak volgens de aangegeven polariteit.
- Plaats het batterijdeksel en 13 de riemclip terug.
5.4.4 De batterijen in de ontvanger opladen
- Sluit de stroomadapter (7,5 V DC / 300 mA) aan op een stopcontact (230-240 V\~ 50 Hz).
- De knipperende laadindicator van de batterij in de display geeft aan dat de batterijen geladen zijn:

- Het opladen van de batterijen duurt ongeveer 12 uur.
- De batterijen worden voortdurend geladen. Daarom is de knipperende laadindicator van de batterij in de display nog zichtbaar, zelfs als de batterijen volledig geladen zijn.

6 Het toestel bedienen
6.1 De ontvanger en zender in- en uitschakelen
- Druk op de toets aan/uit on de ontvanger in te schakelen. De display licht op.
-
Druk op de toets aan/uit on18de zender in te schakelen. De display licht14p.
-
Houd de aan-/uit-toets 9 ingedrukt totdat de display uit gaat om de ontvanger uit te schakelen
- Houd de aan-/uit-toets 18 ingedrukt totdat de display uit gaat om de zender uit te schakelen.
6.2 Het kanaal instellen
Voor communicatie tussen de zender en de ontvanger moeten ze allebei worden ingesteld op hetzelfde kanaal.
- Druk op de toets voor "kanaal omhoog" of3 kanaal omlaag" op d4 ontvanger om het kanaal op de ontvanger te selecteren.
- Druk op de toets voor "kanaal omhoog" of 5 kanaal omlaag" op die zender om het kanaal op de zender te selecteren.
i
BELANGRIJK:
Wanneer de zender uitzendt (TX 32ordt weergegeven), kan het kanaal niet worden aangepast. De 'kanaal omhoog' 15f 'kanaal omlaag' -ti6ts reagaeert niet. Zorg ervoor dat de VOX-schakelaar 24p de laagste stand (linksom) staat en maak niet te veel lawaai terwijl u het kanaal van de zender instelt.
Wanneer beide eenheden op hetzelfde kanaal zijn ingesteld, kan de ontvanger het signaal van de zender ontvangen.
Wanneer M op een of beide eenheden wordt weergegeven, is de privacymodus geactiveerd. Zie hoofdstuk "De privacymodus activeren" op pagina 14.
6.3 De privacymodus activeren
De Babytalker 1020 werkt op vrije frequenties (PMR - 446 Mhz).
Andere PMR-apparaten binnen bereik die op hetzelfde kanaal zijn ingesteld, kunnen het uitgezonden signaal van de babyfoon horen.
Dit betekent ook dat de ontvanger het signaal van andere PMR-apparaten kan ontvangen.
De privacymodus moet op zowel de ontvanger als de zender worden ingesteld om storing van andere PMR-apparaten te vermijden.
Wanneer het kanaal op de ontvanger en de zender hetzelfde is,
- Druk één keer op de insteltoets 10m de privacymodus op de ontvanger te activeren.
- Druk één keer op de insteltoets 17m de privacymodus op de zender te activeren.
i
- Wanneer de privacymodus is geactiveerd, wordt weergegeven.
6.4 Het zendvolume van de ontvanger instellen
Er zijn 8 volumeniveaus.
- Druk op de toets 8 m het volumeniveau te verhogen.
- Druk op de toets 6m het volumeniveau te verlagen.
6.5 De gevoeligheid van de microfoon in te stellen (VOX)
De zender werkt in de VOX-modus. Dit betekent dat de zender begint te zenden zodra de microfoon geluid registreert. De gevoeligheid van de geluidsdetectie kan door de gebruiker worden veranderd.
Wanneer u de gevoeligheid verhoogt, neemt de zender geluid met een lager volume waar.
De VOX-gevoeligheid kan worden aangepast door de VOX-schakelaar te draaien 24
- Rechtsom naar de hoogste stand van de VOX-gevoeligheid
- Linksom naar de laagste stand van de VOX-gevoeligheid
6.6 Voedingtimer
De voedingtimer is een teller die kan worden gebruikt om een alarm te activeren, om u te verwittigen dat het tijd is voor een voeding of medicijnen.
De teller inschakelen en instellen
- Houd de insteltoets 10seconden ingedrukt. Het pictogram voor de voedingtimer en het interval voor de voeding worden weergegeven.
- Druk op de toets "Kanaal omhoog" 3 om het uur te selecteren.
- Druk op de toets "Kanaal omhoog" 4 pm de minuten te selecteren.
- Druk op de insteltoets 10m te bevestigen.
Zodra het alarm hoorbaar is, drukt u op een willekeurige toets (behalve op de toets Aan/Uit) om het alarm uit te schakelen.
i
- Om de voedingtimer tijdens het aftellen uit te schakelen, gaat u nogmaals naar deze menufunctie en stelt u het uur en de minuten weer op nul (0) in.
6.7 Nachtlampje op de zender
- Druk op de toets voor het nachtlampje 20m het LED-nachtlampje in te schakelen. 21
- Druk nog een keer op de toets voor het nachtlampje 20m het LED-nachtlampje uit te schakelen. 21
6.8 LED-lampje op de ontvanger
- Druk op de toets voor het LED-lampje 5m het LED-lampje in 2 schakelen.
- Druk nog een keer op de toets voor het LED-lampje ⑤ om het LED-lampje ② uit te schakelen.
8 Reiniging en onderhoud
Dit hoofdstuk bevat belangrijke informatie over de reiniging en het onderhoud van het toestel. Volg de instructies om beschadiging ten gevolge van een foute reiniging van het toestel te vermijden en ervoor te zorgen dat het naar behoren blijft werken.
8.1 Veiligheidsinstructies
GEVAAR
Levensgevaar te wijten aan elektrische stroom!
- Schakel het toestel uit en trek de stekker uit het stopcontact alvorens het te reinigen.
WAARSCHUWING
Gevaar door lekkend batterijzuur!
Als de batterijen lekken, kan de vloeistof die eruit stroomt letsel (huidirritatie) veroorzaken of het toestel beschadigen.
• Draag veiligheidshandschoenen.
WAARSCHUWING
- Gebruik geen reinigingsmiddelen of oplosmiddelen. Deze kunnen de behuizing beschadigen en naar binnen lekken, wat kan leiden tot blijvende beschadigingen.
8.2 Reiniging
- Gebruik een zachte, vochtige doek om het toestel te reinigen.
- Gebruik een zachte borstel om vuile aansluitingen en contacten te reinigen.
- Gebruik een droge, pluisvrije doek om de batterijcontacten en het batterijvak schoon te maken.
- Wanneer het toestel nat is geworden, moet u het meteen uitschakelen en de batterijen verwijderen. Droog het batterijvak met een zachte doek om mogelijke waterschade tot een minimum te beperken. Laat het batterijvak een nacht lang open of totdat het volledig droog is. Wacht tot het toestel helemaal droog is alvorens het opnieuw te gebruiken.
8.3 Onderhoud
- Controleer en vervang de batterijen van het toestel regelmatig.
- Controleer aansluitingen en kabels om u ervan te vergewissen dat ze werken.
GEVAAR
Levensgevaar te wijten aan elektrische stroom!
- Haal de stekker van het toestel uit het stopcontact voordat u eventuele problemen oplost.
WAARSCHUWING
Herstellingen die niet naar behoren zijn uitgevoerd, kunnen gevaarlijk zijn en het toestel beschadigen!
- Probeer het toestel niet zelf aan te passen of te herstellen.
- Het toestel of kabels mogen enkel door specialisten van het onderhoudscentrum gerepareerd worden.
- Als u vermoedt dat het toestel is beschadigd (als iemand het bijvoorbeeld heeft laten vallen), laat het dan door een specialist nakijken voordat u het opnieuw gebruikt.
8.4 Opbergen
Haal de batterijen uit de ontvanger en de zender.
Leg het toestel op een droge plek.
8.5 Afvoeren (milieubescherming)

Voer het toestel af in overeenstemming met EG-Richtlijn 2002/96/EG-AEEA (afgedankte elektrische en elektronische apparatuur). Wanneer u vragen hebt, neem dan contact op met de locale instantie die verantwoordelijk is voor het afvalbeheer.
Batterijen moeten op een milieuvriendelijke manier en in overeenstemming met de plaatselijke voorschriften worden weggegooid.
9 EG-gelijkvormigheidsattest
TOPCOM EUROPE N.V. verklaart hierbij dat dit toestel in overeenstemming is met de essentiële vereisten en andere relevante voorschriften van Richtlijn 1999/5/EG.
De verklaring van overeenstemming vindt u op: http://www.topcom.net/cedeclarations.asp
10 Topcom-garantie
10.1 Garantieperiode
Op de Topcom-toestellen wordt een garantie van 24 maanden verleend. De garantieperiode gaat in op de dag waarop het nieuwe toestel wordt gekocht. Er is geen garantie op standaard of oplaadbare batterijen (type AA/AAA).
Kleine onderdelen of defecten die een verwaarloosbaar effect hebben op de werking of waarde van het toestel zijn niet gedekt door de garantie.
De garantie moet worden bewezen door voorlegging van het originele aankoopbewijs of kopie waarop de datum van aankoop en het toesteltype staat.
10.2 Garantiebeperkingen
Schade of defecten te wijten aan onoordeelkundig gebruik of bediening en schade te wijten aan het gebruik van niet-originele onderdelen of accessoires worden niet gedekt door de garantie.
De garantie dekt geen schade te wijten aan externe factoren, zoals bliksem, water en brand, noch enige transportschade.
Er kan geen garantie worden ingeroepen als het serienummer op het toestel is gewijzigd, verwijderd of onleesbaar gemaakt.
Garantieclaims zijn ongeldig indien het toestel hersteld, gewijzigd of aangepast werd door de koper.