DVM1100 - Multimeter VELLEMAN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DVM1100 VELLEMAN in PDF-formaat.
| Producttype | Digitale multimeter |
| Merk | Velleman |
| Model | DVM1100 |
| Afmetingen (bij benadering) | 180 x 80 x 35 mm |
| Gewicht (ongeveer) | 350 g |
| Voeding | 9V batterij (type 6LR61) |
| Display | LCD-scherm 3 1/2 cijfers |
| Maximumspanning AC | 600 V |
| Maximumspanning DC | 600 V |
| Maximaal stroom AC | 10 A |
| Maximaal stroom DC | 10 A |
| Maximale weerstand | 20 MΩ |
| Continuïteitstest | Ja (ingebouwde zoemer) |
| Diodetest | Ja |
| Extra functies | Hold, automatische uitschakeling, backlight |
| Veiligheidscategorie | CAT II 600 V |
| Onderhoud en reiniging | Zachte, droge doek; geen oplosmiddelen gebruiken |
| Beschikbare reserveonderdelen | Batterijen, zekeringen, meetsnoeren |
| Repareerbaarheid | Repareerbaar door een professional |
Veelgestelde vragen - DVM1100 VELLEMAN
Overschrijd deze limiet nooit om risico's te voorkomen.
Gebruikersvragen over DVM1100 VELLEMAN
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DVM1100 - VELLEMAN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DVM1100 van het merk VELLEMAN.
GEBRUIKSAANWIJZING DVM1100 VELLEMAN
Aan alle ingezetenen van de Europese Unie Belangrijke milieu-informatie betreffende dit product

Dit symbool op het toestel of de verpakking geeft aan dat, als het na zijn levenscyclus wordt weggeworpen, dit toestel schade kan toebrengen aan het milieu. Gooi dit toestel (en eventuele batterijen) niet bij het gewone huishoude lijke afval; het moet bij een gespecialiseerd bedrijf terechtkomen voor recyclage. U moet dit toestel naar uw verdeler of naar een lokaal recyclagepunt brengen. Respecteer ce plaatselijke milieuwetgeving.
Hebt u wragen, contacteer dan de plaatselijke autoriteiten inzake verwijdering.
Dank u voor uw aankoop! Lees deze handleiding grondig voor u het toestel in gebruik neemt. Werd het toestel besch adigd tijdens het transport, installeer het dan niet en raadpleeg uw dealer.
Inhoud: 1 x multimeter, 1 x set meet snoeren, 1 x thermokoppel type K, 1 x setmeetsnoeren voor capaciteitsmeting, 1 x 9V-batterij en ceze handleiding.
De garantie geldt niet voor schade door het negeren van bepaalde richtlijnen in deze handleiding en uw dealer zal de verantwoordelijkheid afwijzen voor defecten of problemen die hier rechtstreeks verband mee houden.
Raadpleeg de Velleman® service- en kwaliteitsgarantie achteraan deze handleiding.
2. Gebruikte symbolen
![]() | Dit symbool staat voor instructies lezen:Het niet lezen van deze instructies en de handleiding kan leiden tot beschadiging, letsel of de dood | |
![]() | Dit symbool betekent gevaar:Gevaarlijke toestand of actie die kan leid en tot letsel of de dood | |
![]() | Dit symbool betekent risico op gevaar/schade:Risico op het ontstaan van een gevaarlijke toestand of actie die kan leiden tot schade, letsel of de dood | |
![]() | Dit symbool betekent aan cacht, belangrijke informatie:Het niet in acht nemen van deze informatie kan leiden tot een gevaarlijke toestand | |
![]() | AC (wisselstroom) | |
| DVM1100 | Rev. 01 | |
| DC (gelijkstroom) | ||
![]() | zowel wissel- als gelijkstroom | |
![]() | Dubbele isolatie (klasse II-bescherming) | |
![]() | Aarding | |
![]() | Zekering | |
![]() | Capaciteit (øndensator) | |
![]() | Diode | |
![]() | Continuiteit | |
3. Veiligheidsin structies
![]() | Lees de ze handleiding grondig, leer eerst de functies van het toestel kennen voor u het ga:t gebruiken. | |
![]() | Gebruik het toestel enkel waarvoor het gemaakt is. Bij onoordee lkundig gebruik vervalt de garantie. De garantie geldt niet voor schade door het negeren van bepaalde richtlijnen in deze handleiding en uw dealer zal de verantwoordelijkheid afwijzen voor defecten of problemen die hier rechtstreeks verband mee houden. | |
![]() | Volg de richtlijnen hieronder om een veilig gebruik te garanderen en alle functies van de meter ten volle te benutten. | |
![]() | Respedeer tijdens het gebruik van de meter alle richtlijnen aangaande beveiliging tegen elektroshocks een verkeerd gebruik. De aangegeven limietwaarden mogen nooit ø erschreden worden | |
![]() | WAARSCHUWING:Om elektrische schokken te vermijcen, verwijder de testsnoeren alvorens de behuizing te openenOpmerking: dit is de vertaling van de waarschuwing die zich onderaan op de achterlant van het toestel bevindt. | |
![]() | Houd dit toestel uit de buurt van kinderen en onbevoegden. | |
![]() | Bescherm het toestel tegen schokken. Vermijd brute kracht tijdens de bediening. | |
![]() | Vermijd koude, hitte en grote temperatuursschommelingen, Als het toestel van een koude naar een warme omgeving verplaatst wordt, laat het toestel dan eerst voldoende op temperatuur komen. Dit om meetfouten en condensvorming te vermijden. | |
![]() | Dit is een installatiecategorie CAT III 600 V/CAT II 1000 V meetinstrument. Gebruik dit toestel nooit in een hogere CAT dan aangegeven. Zie §4 Overspanning-/installatiecategorie. | |
![]() | Vervuilingsgraad 2-tcestel, enkel geschikt voor gebruik binnenshuis! Stel dit toestel niet bloot aan stof, regen, vochtigheid en opspattende vbeistoffen. Niet geschikt voor industrieel gebruik. Zie §5 Vervuilingsgraad/Vervuilingsgraad. | |
![]() | Controeker voor gebruik indien de meetsnoeren in goede staat verkeren. Houd tijdens metingen uw vingers achter de beschermingsrand van de meetpennen! Raak geen vrije meetbussen aan wanneer de meter met een circuit is verbonden. | |
| DVM1100 | Rev. 01 | |
![]() | Let erop dat de meter zich in de juiste stand bevindt alvorens deze te verbinden met het testcircuit. | |
![]() | Elektrocutiegevaar tijdens het gebruik van deze n ultimeter. Wees voorzichtig tijdens het meten van een circuit onder spanning. Wees uiterst voorzichtig bij metingen > 60 VDC cf 30 V RMS AC. | |
![]() | Meet niet aan circuits waarin spanningen kunnen voorkomen > 1000 V. | |
![]() | Meet geen stroom in circuits met een spanning > 600 V. | |
![]() | Voer geen weerstand-, diode- of continuiïteitsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is, of zou kunnen voorkomen. | |
![]() | Bij stroommetingen > 5 A max. 15 sec. aaneensluitend meten, telkens 10 mm. wachten tussen 2 metingen. | |
![]() | Wees voorzichtig bijmetingen aan toestellen zoals tv's of schakelende voedingen, Let op bij metingen op circuits zoals TV's of schakelende voedingen, er kunnen spanningspieken voorkomen die de meter kunnen beschadigen | |
![]() | De gebruiker mag geen inwendige onderdelen vervangen. Vervang beschadig de of verloren accessoires enkel door accessoires van hetzelfde type of met dezelfde specific aties. Bestel reserveaccessoires zoals meetsnoeren bij uw dealer. | |
![]() | Schakel de meter uit en verwijder de testsnoeren vóór u de batterij of zekering vervangt. | |
![]() | Om veiligheidsredenen mag u geen wijzigingen aanbrengen. Schade door wijzign gen die de gebruiker heeft aangebracht valt niet onder de garantie. | |
4. Overspanning-/installatiecategorie
DMM's worden opgedeeld volgens het risico op en je ernst van spanningpieken die kunnen optreden op het meetpunt. Spanning spieken zijn kortstondige utbarstingen van energie die geïnduceerd worden in een systeem door bvb. blikseminslag op een hoogspanningslijn.
De bestaande categorieën volgens EN 61010-1 zij r:
| CAT I | Een CAT I meter is geschikt voor metingen op beschemde elektronische circuits die niet rechtstreeks verbonden zijn met het lichtnet, bvb. Elekt:ronische schak elingen, stuursignaler ... |
| CAT II | Een CAT II meter is geschikt voor metingen in CAT I omgevingen en op enkelfasige apparaten die aan het lichtnet gekoppeld zijn door middel van een stekker en circuits in een normale huiselijke omgeving, op voorwaarde dat het circuit minstens 10m verwijderd is van een CAT III omgeving, en minstens 20m van een CAT IV omgeving. Bvb. Huishoudapparaten, draagbare gereedschappen .... |
| CAT III | Een CAT III-meter is geschikt voor metingen in CAT I- en CAT II-omgevingen, alsook voor metingen aan enkel- en meerfasige (vaste) toestellen op meer dan 10 m van een CAT IV-omgeving, en metingen in- of aan distributiekasten (zekeringkasten, verlichtingsci rcuits, elektrisch fornuis). |
| CAT IV | Een CAT IV meter is geschikt voor metingen in CAT I, CAT II en CAT III omgevingen alsook metingen op het primaire toevoemiveau.Merk op dat voor metingen op kringen waarvan de toevoerkabels buitenshuis lopen (zowel bover - als ondergrcnds) een CAT IV meter moet: gebruikt worden. |
Waarschuwing:
Dit toestel is ontworpen conform EN 61010-1 installatiecategorie CAT III 600V / CAT II 1000V. Dit houdt bepaalde gebruiksbeperkingen in die te maken hebben met voltages en spanningspieken die kunnen voorkomen in de gebruiksomgeving, zie tabel hierboven.
Dit toestel is geschikt voor metingen tot max. 1000 V aan:
- Bes chermde circuits die beveiligd of niet rechtstreeks verbonden zijn aan het lichtnet zoals bvb. stuursignalen en metingen aan elektronica, circuits achter een scheidingstransformator
- Circ uits rechtstreeks verbonden aan het lichtnet maar beperkt tot:
Metingen aan monofaseapparatern verbonden met het lichtnet door middel van een stekker (stopcontact)
Metingen aan monfaseapparaternen circuits rechtstreeks verbonden met het lichtnet in een gewone huiselijke omgeving op meer dan 10m van een CAT III omgeving en 20 m van een CAT IV omgeving. (bv. verlichtingskringen op meer dan 10m van de zekeringkast)
Dit toestel is geschikt voor metingen tot max. 600 V aan:
- Meti ngen in-/aan laagspanningsborden (zekeringkast na de tellerkast)
- Meti ngen aan mono- en meerfas eapparaten en circuits uitgezonderd in een CAT IV omgeving (bvb. metingen aan stopcontacten, elektrisch fornuis, verlichtingskringen, busbars, zekeringen en automaten)
DIT TOESTEL IS NIET GESCHIKT VOOR METINGEN VAN/AAN:
- Spa mningen hogerdan 1000 V.
- Meti ngen aan distributieborden en buiteninstallaties. (hieronder vallen de tellerkast en toestellen/circuits buiten of los van de huiselijke omgeving zoals kringen in schuurtjes, tuinhuisjes en losstaande garages- of kringenverbonden via ondergrondse leidingen zoals tuinverlichting of vijverpompen.

Dit toestel is enkel geschikt voor metinger tot max. 600V in een CAT III omgeving en tot max. 1000V in een CAT II omgeving.
5. Vervuilingsgraad (pollution degree)
IEC 61010-1 specifieert verschillende types vervuilingsgraden welke bepaalde risico's met zich meebrengen. Iedere vervuilingsgraad vereist specifieke beschermingsmaatregelen. Omgevingen met een hogere vervuilingsgraad hebben een betere bescherming nodig tegen mogelijke invloeden van de verschillende types vervuiling die in deze omgeving kunnen voorkomen. Deze bescherming bestaat hoofdzakelijk uit aagepaste isolatie en een aangepaste behuizing. De opgegeven Pollution degree waarde geeft aan in welke omgeving dit apparaat veilig gebruikt kan worden.
| Pollution degree 1 | Omgeving zonder, of met enkel droge- niet geleidende vervuiling. De voorkomende vervuiling heeft geen in vloed (Komt enkel voor in uitzondelijke omgevingen) |
| Pollution degree 2 | Omgeving met enkel niet geleidende vervuiling, Uitzonderlijk kan condensatie voorkomen. (bvb. huishoudelijke- en kantooromgewing) |
| Pollution degree 3 | Omgeving waar geleidende vervuiling voorkomt, of droge niet geleidende vervuiling die geleidend kan worden door condensatie. (industriële omgevingen en omgevingen die blootgesteld worden aan buitenlucht zonder rechtstreeks contact met neerslag |
| Pollution degree 4 | Omgeving waar frequent geleidende vervuiling voorkomt, bvb. veroorzaakt door geleidend stof, regen of sneeuw (in openlucht en omgevingen met een hoge vochtigheidsgraad of hoge concentraties fijn stof) |
Waarschuwing:
Dit toestel is ontworpen conform EN 61010-1 vervuilingsgraad Pollution degree 2. Dit houdt bepaalde gebruiksbeperkingen in die te maken hebben met de pollutie die kan voorkomen in de gebruiksomgeving, zie tabel hierboven.

Dit toestel is enkel geschikt voor gebruik in omgevingen met Pollution degree 2 classificatie
6. Omschrijving
Raadpleeg de figuren op pagina 2 van deze handleiding.
a. Mul timeter
- l'cd-scherm
- toetsenpaneel
- functieselector, draaischakela ar
- meetbussen
- batterijvak
b. Lcd -scherm
| Nr. | Symbool | Omschrijving |
| 1 | ![]() | Zwakke batterij.Waarschuwing: Om onjuiste resultaten te vermijden, die tot elektroshocks en verwondingen kunnen leiden, vervang de batterij van zodra dit symbool verschijnt. |
| 2 | ![]() | Negatieve waarde . |
| 3 | ![]() | Aar duiding voor wisselspanning of -stroom. |
| 4 | ![]() | Aar duiding voor gelijkspanning of -stroom. |
| 5 | ![]() | De meter bevindt zich in de automatische bereikinstelling. |
| 6 | ![]() | De meter bevindt zich in de diodetestmodus. |
| 7 | ![]() | De meter bevindt zich in de continuiteitstestmodus. |
| 8 | ![]() | Data hold functieactief. |
| 9 | ![]() | Relatieve meetfunctie actief. |
| 10 | % °C °F kMΩHz num FAV | Een heden. |
| 11 | OL Aa | r duiding buiter bereik. |
c. Dru ktoetsen
| Toets | Symbool | Omschrijving |
| SELECT | · A mA μAPower-off | Selectie weerstand-, diode- en continuiteitsnmeting.Selectie wissel- of gelijkstroomn.Uitschakelen van de automatische batterijspaarstand. |
| HOLD/LIGHT | Druk om de datahold functie in- of uit te sch akelen.Houd gedurende 2 seconden ingedrukt om de achtergrondverlichting in- of uit te schakelen. | |
| RANG | V_, V, , A, mA, A | Druk om manuele bereikinstelling te selecteren en bereik in te stellen (achtereenvolgens indrukken om de verschillende bereiken te doorlopen).Houd gedurende 2 seconden ingedrukt om maar de automatische bereikinstelling tterug te keren. |
| REL | D | ruk om de rela tieve meetfunctie in- of uit te schakelen. |
| Hz/DUTY | V_, A, mA, A | Druk om de frequentie/cyclische verhouding te meten (εchtereenvolgens indrukken om de verschillende functies te selecteren). |
7. Gebruik

Elektrocutiegevaar tijdens het gebruik van deze multimeter.
Wees voorzichtig tijdens het meten van een circuit onder spanning.

Controleer vooraleer te meten altijd indien de aansluitingen, de functie en het bereik correct zijn ingesteld en indien het toestel en/of de testsnoeren niet beschadigd zijn
- Ove rschrijd nooit de grenswaarden! Deze waarden worden vermeld in de specificaties van elk meetbereik.
- Raa k geen ongebruikte ingangsbussen aan war neer de meter gekoppeld is aan een schak eling die u aan het testen bent.
- Geb ruik de meter enkel voor het meten in de aangeduide meetcategorie-installaties en meet geen voltages die de aangeduide waarden kunnen overschrijden.
- Kop pcel de testsnoeren los van het meetcircuit vooraleer u een andere functie kiest met da draaischakelaar.
- Let op bij metingen op circuits zoals tv's of schakelende voedingen, er kunnen spanningspieken voorkomen die de meter kunnen beschadigen.
- Wee is uiterst voorzichtig wanneer u werkt met voltages boven 60VDC of 30'VAC RMS. Houd tijdens metingen uw vingers te allen tijde achter de beschemningsrand van de meetpennen!
- Mee t geen stroom in circuits met een spanning > 600V
- Voe r nooit weerstandsmetingen, continuïteitstest, transistorest of diodetes of capaciteitsmetingen uit op schakelingen die onder spanning staan. Vergewis uzelf ervan dat condensatoren die zich in het circuit bevinden ontladen zijn.
"HOLD" functie:
druk op de "HOLD/LIGHT" toets om de weergegeven waarde op het scherm te bevriezen. Het symbol verschijnt op het scherm. Om het scherm terug vrij te geven druk oprieuw op de knop
"LIGHT" functie:
Achtergrondverlichting houd de "H OLD/LIGHT" to ets 2 seconden ingedrukt om de achtergrondverlichting in- of uit te schakelen.
REL fundie: (werkt niet in frequentiemeetmodus)
Druk tijdens het meten op de REL toets om de relatieve meetfunctie in te schakelen, de actue le waarde wordt nu opgeslaan als referentie en het display geeft de waarde 00.00 weer. Elke verandering in het meetcircuit wordt nu weegegeven als het verschil met de opgeslagen referentiewaarde. Het REL symbool is weergegeven op het scherm als het toestel zich in relatieve modus bevindt, druk nogma als op de REL toets om deze functie te verlaten
Automatische batterijspaarstand:
deze functie zet het toestel in batterijspaarstand na 30min. Hou HOLD/LIGHT even ingedrukt, of verdraai de functieselector om het toestel uit de slaapstand te halen. Om deze functie uit te schakelen, hou de SELECT toets 2 se conden ingedrukt.
Bij het inschakelen staat de meter in automatische modus, het AUTO icoon is weergegeven op het scherm. Het toestel kiest zelf het meest geschikte bereik voor de gekozen functie. Indien gewenst kan het bereik toch manueel gekozen worden door op de RANG toets te drukken. Iedere druk op de toets stelt een ander bereik in. Om terug te keren naar Automatische instelling hou de RANG toets 2 seconden ingedrukt.
7.1 Spanningsmetingen

Meet niet aan circuits waarin spanningen kunnen voorkomen > 600V CAT III of 1000V CAT II

Wees uiterst voorzichtig wanneer u werkt met voltages boven 60Vdc of30Vac rms. Hou tijdens metingen uw vingers te allen tijde achter de beschermingsrand van de meetpennen! Raak geen aansluitbussen aan tijdens de meting
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzV ^ C -bus.
- Plaa ts de draaischakelaar op V\~ voor wisselspanningsmeting, op V.voo r gelijkspanningsmeting of op mV... voor gelijkspanningsmeting in het millivoltbereik.
- Ver bind de meetsnoeren met het te meten circuit.
- De gemeten spanning kan afgelezen worden op de display.
- Sele cteer manueel bereik met de RANG toets indien gewenst (niet in het mV... b e r e i k
- Dru k indien gewenst achtereenvolgens op Hz/DUTY om de frequentie of duty cycle van de gemeten spanning weer te gever. Nogmaals drukken om terug te keren naar spanningsweergave
Nota:
- Bij gelijkspanningsmetingen wordt een negatieve polariteit van de gemeten spanning aan het rode meetsnoer weergegeven doorhet "-" teken vóór de weergegeven waarde.
- Indien het geselecteerde bereik te klein is voor de gemeten waarde verschijnt "OL" op de display, select eer dan een groter bereik.
7.2 Stroommetingen

Meet geen stroom in circuits met een spanning > 600V

Stroommeting en μAmA-aansluiting tot max. 400mA, voor stroommetingen tot max. 10A gebruik de 10A-aansluiting. Bij stroommetingen > 5A max. 15sec. aaneensluitend meten, telkens 10min. wachten tussen 2 metingen

Wees uiterst voorzichtig wanneer u werkt met voltages boven 60VDC of 30VAC RMS. Houd tijdens metingen uw vingers te allen tijde achter de beschermingsrand van de meetpennen!
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de μAmA-bus voor metingen tot max. 400mA.
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de 10A-bus voor metingen tot max.10A.
- Plaats de draaischakelaar op A voor metingen tot 10A voor metingen op de 10A-aansluitbus
- Plaats de draaischakelaar op mA of μA voor metingen tot max. 400mA op de μAmA-bus
- Indi en u niet zeker bent van het te meten bereik kies dan eerst de hoogste stand, en ga over naar een lagere instelling indien gewenst.
- Sele cteer wissel- of gelijkspanningsmeting met de SELECT-toets (AC = wisselspanning, DC = gelijkspanning).
- Ver bind de meetsnoeren in serie met het circuit.
- Lees de gemeten waarde van het lcd-scherm af.
- Sele cteer manueel bereik met de RANG toets indien gewenst
- Dru k indien gewenst achtereenvo lgens op Hz/DUTY om de frequentie of duty-cycle van de gemeten stroom weer te geven, nogmaals drukken om terug te keren naar stroomweergave
Nota:
- Bij gelijkstro o mmetingen wordt een negatie ve polariteit van de gemeten stroom aan het rode meetsnoer weergegeven door het "-" teken vóór de weergegeven waarde.
- Het μAmA-bereik is beveiligd tegen overbelasting met een zekering F500mA 600V, het 10A bereik is beveiligd tegen overbelasting met een zekering F10A 600V.
- Bij stroommetingen > 5A max. 15sec. aane ensluitend meten, telkens 10min. wachtemt tussen 2 metingen
- Indien het geselecteerde bereik te klein is voor de gemeten waarde verschijnt "OL" op het display. Selecteer een groter bereik.
7.3 Weerstandsmetingen

Voer geen weerstandsmeting en uit in circuits waarop spanning aanwezig is, of zou kunnen voorkomen
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzV ^ C-bus.
-
Plaa ts de draaischakelaar op .
-
Ver bind de meetsnoeren met het te meten circuit of de component.
- De gemeten weerstand kan afgelezen worden op het display.
- Sele deer manueel bereik met de RANG toets indien gewenst
Nota's:
- Zorg ervoor dat bij weerstand smetingen geen spanning meer op de schakeling staat en dat alle conde rsatoren volledig ontladen zijn.
- Om zo nauwkeurig mogelijk lage weerstand swaarden te meten, verbind eerst de meetpennen met elkaar. Druk op de REL toets, het display stelt zich terug op 00.00.
- Indien de weerstand groter is dan het meetbereik of bij een open circuit wordt 'OL' weergegeven cp het scherm.
- Weerstandsmetingen > 1MΩ stabiliseren zich pas na enkele seconden.
7.4 Continuïteitstest en diodetest

Voer geen continuïteitsmeting/diodetest uit in circuits waarop spanning aanwezig is, of zou kunnen voorkomen
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzV ^ C -bus.
- Plaats de draaischa kelaar op .
Continuïteitstest
- Dru k op de SELECT toets tot het symbol o p het scherm verschijnt.
- Ver bind de meetsnoeren met het te testen circuit.
- Indi en de weerstaard minder dan 75Ω bedraagt wordt een continue pieptoon weergegeven, de indicatie weergegeven op het scherm is de weerstandswaarde. Indien de weerstand groter is dan het meetbereik of bij een open circuit wordt 'OL' weergegeven op het scherm
Diodetest
- Dru k op de SELEC ^- toets tot het ➤ symbol op het scherm verschijnt
- Ver bind het rode meetsnoer met de anode van de diode en het zwarte meetsnoer met de kathode.
- De meter geeft de voorwaartse spanningsval van de diode weer. Bij verkeerde aansluitpolariteit of open circuit verschijnt 'OL' op het scherm.
Nota:
- Zorg ervoor dat bij de continuïteittest/diodetest geen spanning meer op de schakeling staat en dat alle condensatoren volledig ontladen zijn
- Meten van diodes die zich in een circuit bevinden kan foute resultaten opleveren, het is best de diodes los te koppelen van het meetcircuit.
7.5 Capaciteitsmeting

Voer geen capaciteitsmeting uit in circuits waarop spanning aanwezig is, of zou kunnen voorkomen
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzV ^ C -bus.
- Plaats de draaischa kelaar op -
- Ver bind de meetsnoeren met de te testen condensator. Let op de polariteit bij het meten van gepolariseerde condesatoren.
- De c apaciteitswaarde verschijnt op het scherm.
- Not a's:
- De waarde stabiliseert pas na enkele seconden. Dit is absoluut normaal.
- Om zo nauwkeurig mogelijk kleine capaciteitswaarden te meten (< 50nF), verbind eerst de klemmen met elkaar. Druk op de REL toets, het display stelt zich terug op 00.00.
- Indien de capaciteit groter is dan het meetbereik wordt 'OL' weergegeven op het scherm.
- Zorg ervoor dat bij de capaciteitstest geen spanning meer op de schakeling staat en dat alle condensato ren volledig ontladen zijn.
7.6 Frequentiemeting

Meet geen frequentie in circuits met een spanning > 600V CAT III of 1000V CAT II

Wees uiterst voorzichtig wanneer u werkt met voltages boven 60Vdc of 30Vac rms. Houd tijdens meting en uw vingers te allen tijde achter de best hermingsrand van de
meetpennen! Raak geen aansluitbussen aan tijdens de meting
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzV ^ C-bus.
- Plaa ts de draaischakelaar op Hz.
- Ver bind de meetsnoeren met het circuit.
- De f requentie verschijnt op het scherm.
-
Not a's:
-
Indien de frequentie groter is dan het meetbereik verschijnt 'OL' op het scherm
- Frequentie en duty-cycle kunnen ook gemeten worden door in de wisselspanning- of wisselstroom functie op de Hz/DUTY toets te drukken (zie §7.1 of §7.2).
- Gebruik een afgeschermde kabel voor het meten van kleine signalen in een storingsgevoelige omgeving.
7.7 Temperatuurmeting

Raak geen delen aan die onder spanning zouden kunnen staan met de temperatuurmeetprobe. Gebruik het meegeleverde thermokoppel.
- Kop pel de zwarte pen met de COM- en de rod ε pen met de HzVΩ°C- bus.
- Stel de draaischakelaar in op het °C-bereik.
- Raa k het te meten voorwerp aan met de tip van het thermokoppel.
- De t emperatuur wordt weergegeven op het scherm
Nota:
- Als géén temperatuurmeetprobe is aangesloten is de huidige omgevingstemperatuur af te lezen op het s'herm.
8. Reiniging en onderhoud

De gebruiker mag geen inwendige onderdelen vervange r. Indien het toestel defect is raadpleeg uw dealer. Vervang beschadigde of verloren accessoires enkel door accessoires van hetzelfde type of met dezelfde specifi caties. Bestel reserveaccessoires zoals meetsnoeren bij uw dealer.

Koppel de testsnoeren los van het meetcircuit en trek de stekkers uit de aansluitbussen vooraleer de batterijen of dezekering te vervangen.

WAARSCHUWING:
Om elektrische schokken te vermijden, verwijder de testsnoeren alvorens de behuizing te openen
Opmerking: dit is de vertaling van de waarschuwing die zich onderaan op de achterkant van het toestel bevindt.
Algemeen onderhoud:
- Maa k het toestel geregeld schoon met een vochtige, niet pluizende doek. Gebruik geen alcohol of solventen.
Vervangen van de zekering:
- Kop pel de testsnoeren los van het meetcircuit en trek de ste kkers uit de aansluitbussen.
- Sch äkel het toestel uit.
- Ver wijder de 4 behuizingschroeven achteraan en open voorzichtig het toestel.
- Ver wijder de zekering uit de zekeringhouder en plaats een nieuwe zekering van hetzelfde type en met dezelfde specificaties (F500mA/600V, ∅ 5 x 20mm - F10A/600V, ∅ 6 x 30mm).
- Sluit het toestel zorgvuldig.
Vervangen van de batterij:
- Ver vang de batterij van zodra wanneer -+ hort scherm verschijnt om onjuiste meet resultaten te vermijden.
- Kop pel de testsnoeren los van het meetcircuit en trek de ste kkers uit de aansluitbussen.
- Sch äkel het toestel uit.
- Ver wijder de 2 batterijvakschroeven achteraan en open het batterijvak.
- Ver vang de batterij door een nieuwe batterij van hetzelfde type en met dezelfde specificaties (6LR61/6F22 9V alkaline, gebruik geen oplaadbare batterijen).
- Sluit het batterijvak zorgvuldig.
Nota:
- Maak de meter nooit open wanneer er snoeren aangeslot en zijn op de nmeetbussen
• Probeer de meter nooit zelf te repareren of te ijken, contacteer uw dealer. - Vervang beschadigde accessoires onmiddellijk, bestel deze bij uw dealer
- Indien het toestel beschadigd is, gebruik het dan niet meer
9. Technische specificaties
Dit toestel is niet geijkt bij aankoop!
- Geb ruik dit toestel enkel voor metingen aan installatiecategorie CAT I, CAT II en CAT III circuits (zie §4).
- Geb ruik dit toestel alleen in een vervuilingsgraad 2 omgeving (zie §5).
| Ideale omgevingstemperatuur | 18-28°C |
| Ideale relatieve vochtigheid | 75% |
| Max. Gebruikshoogte | max. 2000m |
| Overspanningcategorie | 1000V CAT. II en 600V CAT. III |
| Vervuilingsgraad | pollution degree (vervuilingsgraad) 2 |
| Werktemperatuur | 0°C~40°C (RH<80%) |
| Opslagtemperatuur | -10°C~60°C (RH<70%, opslaan zonder batterijen) |
| Zekering | μAmA bereik F500mA/600V, 5 x 20mm10A bereik F10A/600V, 6 x 30mm |
| Display | 3 3⁄4 -digit lcd |
| bemonsteringsfrequentie | 3x/sec. |
| Aanduiding buiten bereik | je ('OL') |
| Aanduiding zwakke batterij | je (⊕) |
| Polariteinstelling | '-'automatische aanduiding |
| "Hold" functie van de gegevens | je |
| Achtergrondverlichting | je (wit) |
| Automatische uitschakeling | je |
| Voeding | 1 x 9V 6LR61 / 6F22 batterij (gebruik geen oplaadbare batterijen) |
| Afmeting en | 185 x 85 x 44m m |
| Gewicht | ± 360g (met batterijen) |
| Accessoires | handleiding, me etsnoeren, batterijen, temperatuursonde |
9.1 Spanning
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| gelijkspanning mV --- 40 | 0mV | 0.1mV | ±1.0% + 10 digits |
| gelijkspanning V --- | 4V | 1mV | ±0.5% + 3 digits |
| 40V | 10mV | ||
| 400V | 100mV | ||
| 1000V | 1V | ||
| wisselspanning ^1,2 V~ | 400mV ^3 | 0.1mV | ±3.0% + 3 digits |
| 4V | 1mV | ±1.0% + 3 digits | |
| 40V | 10mV | ||
| 400V | 100mV | ||
| 700V | 1V |
^1 Frequentiebereik: 40 Hz \~ 500Hz
^2 Respons: gemiddeld, RMS
Max. spanning: 1000Vrms
Ingangsimpedantie/capacitantie (nominaal): > 10MΩ / < 100pF, Wisselspanning: > 5MΩ / < 100pF
9.2 Stroom
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| Gelijkstroom μA— | 400μA | 0.1μA | ± 1.5% + 3 digits |
| 4000μA | 1μA | ||
| Gelijks troom mA— | 40 mA | 0.01mA | ± 1.5% + 3 digits |
| 400 mA | 0.1 mA | ||
| Gelijkstroom A— | 4A | 1 mA | ± 2.0% + 5 digits |
| 10A | 10 mA | ||
| Wisselstroom ^1,2 μA~ | 400μA | 0.1μA | ± 1.8% + 5 digits |
| 4000μA | 1μA | ||
| Wisselstroom ^1,2 mA~ | 40 mA | 0.01 mA | ± 1.8% + 5 digits |
| 400 mA | 0.1 mA | ||
| Wisselstroom ^1,2 A~ | 4A | 1 mA | ± 3.0% + 8 digits |
| 10A | 10 mA |
^1 Frequentiebereik: 40Hz\~200Hz
^2 Respons: gemidd eld, rms
Bescheming tegen overbelasting:
F10A/600V zekering voor 10A bereik, F500mA/60 CV zekering voor μA en mA bereiken
Max. ingangsstroom: 10A rms voor 10A bereik, 400mA rms voor μA en mA bereiken
Voor met ingen > 5A, max. 15sec. achttereenvolgens meten en 10 m nuten wachter tussen 2 metingen
9.3 Weerstand
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| Weerstand Ω | 400.0Ω | 0.1Ω | ± 0.5% + 3 digits |
| 4.000kΩ | 1Ω | ± 0.5% + 2 digits | |
| 40.00kΩ | 10Ω | ||
| 400.0kΩ | 100Ω | ||
| 4.000kΩ | 1kΩ | ||
| 40.00MΩ | 10kΩ | ± 1.5% + 3 digits |
Max. spanning: 600Vrms
9.4 Diode/continuïteit
| Functie | Bereik | Resolutie | |
| Diodetest ➕ | 1V | 0.001V | 1.0% onzekerheid |
| Continuïteit 🌐 | 400Ω | 0.1Ω | ∅ pen circuit testspanning ± 0.5V |
DC doorlaatstroom: ±1mA DC sperspanning: ±1.5V
Max. gebruikersveilige ingangsspanning: 600Vrms
Zoemer continuïteit: ≤ 75Ω
9.5 Capaciteit
| |Functie | Bereik | Resolutie | Nau wkeurigheid |
| Capaciteit | 50nF | 10pF | < 10nF: ± 5.0% - 50 digits ± 3.0% + 10 digits |
| 500nF | 100pF | ± 3..0% + 5 digits | |
| 5μF | 1nF | ||
| 50μF | 10nF | ||
| 100μF | 100nF |
Max. gebruikersveilige ingangsspanning: 600Vrms
9.6 Frequentie
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| Frequentie Hz(10 Hz~100kHz) | 50.00Hz | 0.01Hz | ± 0.1% + 3 digits |
| 500.0Hz | 0.1Hz | ||
| 5.000Hz | 0.001kHz | ||
| 50kHz | 0.01kHz | ||
| 100 kHz | 0.1kHz |
Max. spanning: 1000Vrms
9.7 Temperatuur
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| Temperatuur °C1 | -55C°~0°C | 0.1°C | ± 9.0% + 2°C |
| 1°C~400°C | ± 2.0% + 1°C | ||
| 401°C~1000°C | 1°C | ± 2.0% |
^1 Temperatuurspecificaties bevatten geen fouten in het thermokoppel. Max. gebruikersveilige ingangsspanning: 600Vrms
Gebruik dit toestel enkel met originele accessoires. Velleman nv is niet aansprakelijk voor schade of kwetsuren bij (verkeerd) gebruik van dit toestel. Voor meer informatie over dit: product en de meest recente versie van deze handleiding, zie www.velleman.eu. De informatie in deze handleiding kan te allen tijde worden gewijzigd zonder voorafgaande kennisgeving.
© AUTEURSRECHT
Velleman nv heeft het auteursrecht v (or deze handl eiding. Alle wereldwijde rechten voorbehouden. Het is niettoegestaan om deze handleiding of gedeelten ervan over te nemen, te kopiëren, te vertalen, te bewerken en op te slaan op een elektronisch medium zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de rechthebbende.
NOTICE D'EMPLOI
1. Introduction
Velleman® service- en kwaliteitsgarantie
Velleman® heeft ruim 35 jaar ervaring in de elektronicawereld en verdeelt in meer dan 85 landen.
Al onze producten beantwoorden aan strikte kwaliteitseisen en aan de wettelijke bepalingen geldig in de EU. Om de kwaliteit te waarborgen, ondergaan onze producten op regelmatige tijdstippen een extra kwaliteitscontrole, zowel door onze eigen kwaliteitsafdeling als door externe gespecialiseerde organisaties. Mocht er ondanks deze voorzorgen toch een probleem optreden, dan kunt u steeds een beroep doen op onze waarborg (zie waarborgvoorwaarden).
Algemene waarborgvoorwaarden consumentengoederen (voor Europese Unie):
- Op alle consumentengoederen geldt een garantieperiode van 24 maanden op productie- en materiaalfouten en dit vanaf de oorspronkelijke aankoopdatum. - Indien de klacht gegrond is en een gratis reparatie of vervanging van een artikel onmogelijk is of indien de kosten hiervoor buiten verhouding zijn, kan Velleman® beslissen het desbetreffende artikel te vervangen door een gelijkwaardig artikel of de aankoopsom van het artikel gedeeltelijk of volledig terug te betalen. In dat geval krijgt u een vervangend product of terugbetaling ter waarde van 100% van de aankoopsom bij ontdekking van een gebrek tot één jaar na aankoop en levering, of een vervangend product tegen 50% van de kostprijs of terugbetaling van 50 % bij ontdekking na één jaar tot 2 jaar.
• Valt niet onder waarborg:
- alle rechtstreekse of onrechtstreekse schade na de levering veroorzaakt aan het toestel (bv. door oxidatie, schokken, val, stof, vuil, vocht...), en door het toestel, alsook zijn inhoud (bv. verlies van data), vergoeding voor eventuele winstderving.
- verbruiksgoederen, onderdelen of hulpstukken die regelmatig dienen te worden vervangen, zoals bv. batterijen, lampen, rubberen onderdelen, aandrijfriemen... (onbeperkte lijst).
- defecten ten gevolge van brand, waterschade, bliksem, ongevallen, natuurrampen, enz.
- defecten veroorzaakt door opzet, nalatigheid of door een onoordeelkundige behandeling, slecht onderhoud of abnormaal gebruik of gebruik van het toestel strijdig met de voorschriften van de fabrikant.
- schade ten gevolge van een commercieel, professioneel of collectief gebruik van het apparaat (bij professioneel gebruik wordt de garantieperiode herleid tot 6 maand). - schade veroorzaakt door onvoldoende bescherming bij transport van het apparaat. - alle schade door wijzigingen, reparaties of modificaties uitgevoerd door derden zonder toestemming van Velleman®. - Toestellen dienen ter reparatie aangeboden te worden bij uw Velleman®-verdeler. Het toestel dient vergezeld te zijn van het oorspronkelijke aankoopbewijs. Zorg voor een degelijke verpakking (bij voorkeur de originele verpakking) en voeg een duidelijke foutomschrijving bij.
- Tip: alvorens het toestel voor reparatie aan te bieden, kijk nog eens na of er geen voor de hand liggende reden is waarom het toestel niet naar behoren werkt (zie handleiding). Op deze wijze kunt u kosten en tijd besparen. Denk eraan dat er ook voor niet-defecte toestellen een kost voor controle aangerekend kan worden. - Bij reparaties buiten de waarborgperiode zullen transportkosten aangerekend worden. - Elke commerciële garantie laat deze rechten onverminderd.









































