TA-FA1200ES - Ontvanger SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TA-FA1200ES SONY in PDF-formaat.
| Producttype | Receiver (versterker/tuner) |
| Merk | Sony |
| Model | TA-FA1200ES |
| Afmetingen (B x H x D) | 430 x 173 x 428 mm |
| Voeding | 230 V CA, 50/60 Hz |
| Stroomverbruik | 100 W (standby 0,5 W) |
| Uitgangsvermogen (8 ohm, 1 kHz, 0,7 % THD) | 110 W + 110 W |
| Uitgangsvermogen (4 ohm, 1 kHz, 0,7 % THD) | 120 W + 120 W |
| Frequentierespons (TUNER, SA-CD/CD, TAPE) | 10 Hz - 40 kHz ± 3 dB (8 ohm) |
| Analoge ingangen | PHONO, TUNER, SA-CD/CD, TAPE (gevoeligheid 150 mV, impedantie 50 kohm) |
| Digitale ingangen | 3 coaxiaal (DIGITAL 1/2/3), 1 optisch (DIGITAL 4) |
| Analoge uitgangen | TAPE (150 mV, 1 kohm) |
| Digitale uitgangen | 1 optisch (DIGITAL 4 OUT) |
| Hoofdtelefoonaansluiting | PHONES (jack 6,35 mm) |
| Belangrijkste functies | Dolby Digital, DTS, automatische kalibratie, toonregeling (laag/hoog), direct, standby, balans, dempen, dubbele luidsprekerbedrading |
| Onderhoud en reiniging | Zachte doek licht bevochtigd met neutraal reinigingsmiddel (vermijd alcohol, benzine, schurende doekjes) |
| Veiligheid | Bescherming tegen oververhitting, kortsluiting; ventilatieopeningen niet blokkeren; niet blootstellen aan vocht |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Neem contact op met een erkend Sony servicecentrum |
| Algemene informatie | Stereo-receiver met Dolby Digital en DTS decoders; afstandsbediening RM-AAU010 meegeleverd; optimalisatiemicrofoon ECM-AC1 inbegrepen |
Veelgestelde vragen - TA-FA1200ES SONY
Gebruikersvragen over TA-FA1200ES SONY
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ontvanger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TA-FA1200ES - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TA-FA1200ES van het merk SONY.
GEBRUIKSAANWIJZING TA-FA1200ES SONY
| DIGITAL 4 | Rauschabstand:96 dB(A, 20 kHz LPF) |
TONE
| TREBLE | ±10 dB, 1-dB-Schritte |
| BASS | ±10 dB, 1-dB-Schritte |
Allgemeines
Stel het apparaat niet bloot aan regen of vocht, om gevaar voor brand of een elektrische schok te voorkomen.
Om oververhitting en brandgevaar te vermijden, mag u de ventilatie-openingen van het apparaat niet afdekken met kranten, een tafelkleed, gordijnen e.d. Plaats nooit een brandende kaars bovenop het apparaat.
Om gevaar voor brand of een elektrische schok te voorkomen, mag u geen voorwerpen als vazen op het apparaat zetten.
Plaats het apparaat niet in een gesloten ruimte, zoals een boekenrek of ingebouwde kast.
Installeer het systeem zodat de stekker bij problemen onmiddellijk uit het stopcontact kan worden getrokken.

Gooi de batterij niet weg maar lever deze in als klein chemisch afval (KCA).
Voor klanten in Europa
Verwijdering van Oude Elektrische en Elektronische Apparaten (Toepasbaar in de Europese Unie en andere Europese landen met gescheiden ophaalsystemen)

Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. Het moet echter naar een plaats worden gebracht waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de correcte manier wordt verwijderd, voorkomt u voor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalbehandeling. De recycling van materialen draagt bij tot het vrijwaren van natuurlijke bronnen. Voor meer details in verband met het recyclen van dit product, neemt u contact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar u het product hebt gekocht.
Over deze handleiding
- De instructies in deze handleiding zijn voor het model TA-FA1200ES. U vindt het modelnummer in de rechteronderhoek van het voorpaneel.
- In deze gebruiksaanwijzing staan de bedieningselementen op de meegeleverde afstandsbediening beschreven. Ook de bedieningselementen op de versterker kunnen worden gebruikt indien ze dezelfde of soortgelijke namen hebben als die op de afstandsbediening.
Deze receiver beschikt over Dolby* Digital en DTS**.
* Gefabriceerd onder licentie van Dolby Laboratories.
"Dolby" en het symbool doublel-D zijn handelsmerken van Dolby Laboratories.
** "DTS" en "DTS 2.0" zijn handelsmerken van Digital Theater Systems, Inc.
Inhoudspgave
Aan de slag
Uitpakken 4
Luidsprekers aansluiten ....4
Een tweedraadsverbinding gebruiken ......6
Componenten met analoge audio-ingangen/uitgangen aansluiten ....7
Componenten met digitale audio-ingangen/uitgangen aansluiten ....8
Het netsnoer aansluiten 9
Batterijen in de afstandsbediening plaatsen ....9
Onderdelen en bediening
Voorpaneel 10
Achterpaneel ....11
Afstandsbediening 12
Configuratie
De juiste instellingen automatisch kalibreren (AUTO CALIBRATION) ......13
Instellingen voor de versterker ....17
Het geheugen van de versterker wissen .....18
Aanvullende informatie
Voorzorgsmaatregelen ....19
Problemen oplossen ....20
Controleer of u de volgende items hebt ontvangen:
- Gebruiksaanwijzing (deze handleiding)
• Optimalisatiemicrofoon ECM-AC1 (1) - Netsnoer (1)
• Afstandsbediening RM-AAU010 (1)
• R6 (AA)-batterijen (2)
Als er een item ontbreekt, neem dan contact op met uw dichtstbijzijnde Sony-dealer.
Audio-aansluitkabels, digitale aansluitkabels en luidsprekerkabels zijn niet meegeleverd bij deze versterker. U kunt deze apart aankopen.
Opmerkingen over aansluitingen
- Schakel eerst alle componenten uit voordat u aansluitingen maakt.
- Sluit het netsnoer pas aan nadat alle aansluitingen zijn voltooid.
- Sluit de stekkers stevig aan om gebrom en ruis te voorkomen.
Luidsprekers aansluiten
Sluit de luidsprekers aan op de versterker. Gebruik een luidsprekerkabel (niet meegeleverd) om een aansluiting te maken op de luidsprekeraansluitingen.
Luidsprekerkabel (niet meegeleverd)

Opmerkingen over luidsprekeraansluitingen
Sluit de linkerluidspreker aan op de SPEAKERS L-aansluiting en de rechterluidspreker op de SPEAKERS R-aansluiting.
Zorg ervoor dat u de luidsprekerkabels aansluit tussen de luidsprekers en de versterker met dezelfde polariteit (plus (+) met plus (+), min (−) met min (−)).
Als u let op de kleur of op de markering van de luidsprekerkabel die moet worden aangesloten op de plus (+) of min (−) aansluiting, kunt u er altijd zeker van zijn dat u de kabel correct aansluit, zonder plus of min te verwisselen.
De luidsprekerimpedantie instellen
- Schakel het toestel uit voordat u de IMPEDANCE SELECTOR instelt.
- Wanneer u alle luidsprekers aansluit met een nominale impedantie van 8 ohm, stel dan de IMPEDANCE SELECTOR in op "8Ω". Wanneer u andere soorten luidsprekers aansluit, stel hem dan in op "4Ω".
- Wanneer u luidsprekers aansluit op zowel de SPEAKERS A- als B-aansluitingen, sluit dan de luidsprekers aan met een nominale impedantie van 8 ohm of meer.
- Wanneer u luidsprekers aansluit met een impedantie van 16 ohm of meer met zowel "A"- als "B"-configuratie: Stel IMPEDANCE SELECTOR in op "8Ω".
- Voor andere soorten luidsprekers met een andere configuratie:
Stel IMPEDANCE SELECTOR in op "4Ω".
- Als u twijfelt aan de impedanties van de luidsprekers, raadpleeg dan de gebruiksaanwijzing van de luidsprekers. (Deze informatie staat vaak op de achterkant van de luidspreker.)

* Als u een extra luidsprekersysteem hebt, sluit het dan aan op de SPEAKERS B-aansluitingen. U kunt het luidsprekersysteem kiezen dat u wilt gebruiken met de SPEAKERS (OFF/A/B/A+B) op het voorpaneel (pagina 11).
Een tweedraadsverbinding gebruiken
U kunt een tweedraadsverbinding maken door de SPEAKERS A-aansluitingen en de SPEAKERS B-aansluitingen tegelijkertijd aan te sluiten. In geval van een tweedraadsverbinding stelt u SPEAKERS (OFF/A/B/A+B) in op A+B (pagina 11).
Luidsprekers aansluiten

flowchart
graph TD
A["Luidspreker (R)"] -->|Hi Lo| B["Speaker"]
C["Luidspreker (L)"] -->|Hi Lo| D["Speaker"]
B --> E["Signal Line"]
D --> E
style A fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style D fill:#ccf,stroke:#333
Sluit de aansluitingen op de Lo (of Hi)-kant van de luidsprekers aan op de SPEAKERS A-aansluitingen en sluit de aansluitingen op de Hi (of Lo)-kant van de luidsprekers aan op de SPEAKERS B-aansluitingen. Zorg ervoor dat de metalen fittings van Hi/Lo die aangesloten zijn op de luidsprekers, verwijderd zijn. Indien dit niet het geval is, kan de werking van de versterker worden verstoord.
Opmerking
Als u de autokalibratiefunctie gebruikt, stel dan de instellingen van de tweedraadsverbinding in voordat u de autokalibratie uitvoert.
Componenten met analoge audio-ingangen/uitgangen aansluiten
U kunt op deze versterker een component aansluiten met analoge audio-ingangen, zoals een Super Audio CD-speler of CD-speler, enz. Gebruik een audiokabel (niet meegeleverd) om een component aan te sluiten op de analoge audio-aansluitingen.
Verbind de witte stekker met de L-aansluiting en de rode stekker met de R-aansluiting.
Audiokabel (niet meegeleverd)

flowchart
graph TD
A["Platenspeler"] --> B["PROFESSIONAL CONNECT"]
B --> C["Super Audio CD-speler, CD-speler, videorecorder"]
C --> D["Cassettedeck"]
D --> E["LINE INPUT"]
D --> F["L LINE OUTPUT"]
B --> G["PROFESSIONAL CONNECT"]
G --> H["PROFESSIONAL CONNECT"]
G --> I["TAPE"]
G --> J["DIGITAL"]
G --> K["SPEAKERS"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
style E fill:#ffc,stroke:#333
style F fill:#fcc,stroke:#333
style G fill:#cff,stroke:#333
style H fill:#ffc,stroke:#333
style I fill:#cfc,stroke:#333
style J fill:#cfc,stroke:#333
style K fill:#fcc,stroke:#333
Opmerking
Als uw platenspeler een aarding heeft, sluit hem dan aan op de (m) SIGNAL GND-aansluiting.
Componenten met digitale audio-ingangen/uitgangen aansluiten
Aansluiten op de COAXIAL-aansluiting
U kunt een component met coaxiale digitale uitgangen aansluiten op deze versterker. Gebruik een coaxiale digitale kabel (niet meegeleverd) om een component op de coaxiale aansluitingen aan te sluiten (DIGITAL 1 tot 3).
Coaxiale digitale kabel (niet meegeleverd)
Aansluiten op de OPTICAL-aansluiting
U kunt een component met optisch digitale uitgangen aansluiten op deze versterker. Gebruik een optisch digitale kabel (niet meegeleverd) om een component op de optische aansluitingen aan te sluiten (DIGITAL 4). Bij het aansluiten van optisch digitale kabels, moet u de stekkers stevig vastzetten tot ze klikken.
Optische digitale kabel (niet meegeleverd)

flowchart
graph TD
A["Input"] --> B["Phondo TUNER SA-CD CO TAPE"]
B --> C["Digital"]
C --> D["SPEAKERS"]
D --> E["Output"]
subgraph Inputs
F["IN OPTICAL DIGITAL MD-deck, DAT-deck, satelliettuner (alleen voor de IN-aansluiting)"]
G["OUT OPTICAL COAXIAL SUPER Audio CD-speler, DVD-speler, DVD-recorder"]
end
F --> H["Signal DVD"]
G --> I["DIGITAL COAXIAL OUTPUT"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style D fill:#ccf,stroke:#333
style E fill:#cfc,stroke:#333
Opmerking
Wanneer DIGITAL 1, 2 of 3 is geselecteerd, wordt het geselecteerde invoersignaal uitgevoerd via de DIGITAL 4 OUT-aansluiting. Wanneer de DIGITAL 4-ingang of een analoge ingang is geselecteerd, wordt geen signaal uitgevoerd via de DIGITAL 4 OUT-aansluiting.
Tip
Alle digitale audio-aansluitingen zijn compatibel met bemonsteringsfrequenties van 32 kHz, 44,1 kHz, 48 kHz en 96 kHz.
Het netsnoer aansluiten
Sluit het meegeleverde netsnoer aan op de AC IN-aansluiting op de versterker en sluit het netsnoer vervolgens aan op een stopcontact. U kunt het netsnoer van uw component aansluiten op de AC OUTLET(s) van de versterker.

* De configuratie, de vorm en het aantal AC-stopcontacten kan verschillen afhankelijk van het gebied.

** Er blijft tussen de stekker en het achterpaneel een beetje ruimte vrij, ook al is de stekker stevig in het apparaat gestoken. Het is de bedoeling dat de aansluitkabel op deze manier aangesloten wordt. Dit is geen defect.
Opmerkingen
- De AC OUTLET(s) op de achterkant van de versterker is een geschakelde uitgang, die alleen stroom levert aan de aangesloten component als de versterker is ingeschakeld.
- Het totale stroomverbruik van de component(en) aangesloten op de AC OUTLET(s) van de versterker mag het wattage aangeduid op het achterpaneel niet overschrijden. Sluit geen huishoudtoestellen met een hoog wattage, zoals elektrische strijkijzers, ventilatoren of tv's, aan op dit stopcontact. Dit kan een storing veroorzaken.
Batterijen in de afstandsbediening plaatsen
Plaats twee R6 (AA)-batterijen in de RM-AAU010-afstandsbediening.
Houd daarbij rekening met de juiste polariteit.

- Laat de afstandsbediening niet achter op een zeer warme of vochtige plaats.
- Gebruik geen nieuwe batterij samen met oude batterijen.
- Gebruik geen mangaanbatterijen samen met andere soorten batterijen.
- Stel de afstandsbedieningssensor niet bloot aan directe zonnestraling of fel licht. Hierdoor kan de werking worden verstoord.
- Gaat u de afstandsbediening langere tijd niet gebruiken, verwijder dan de batterijen om te voorkomen dat ze gaan lekken of dat er corrosievorming optreedt.
Tip
Als u de versterker niet meer kan bedienen met de afstandsbediening, vervang dan de batterijen.
Voorpaneel

Naam Functie
| 1 POWER Druk hierop om de versterker in of uit te schakelen. | |
| 2 AUTO CAL MIC-aansluiting | Sluit aan op de meegeleverde optimalisatiemicrofoon voor de Auto Calibration-functie (autokalibratiefunctie) (pagina 13). |
| 3 TONE BASS/TREBLE | Draai hieraan om de BASS- en TREBLE-niveaus in te stellen. Het niveau kan worden aangepast van -10 dB tot +10 dB. |
| 4 Afstandsbedieningssensor | Ontvangt signalen van de afstandsbediening. |
| 5 Uitleesvenster | De huidige status van de geselecteerde component of van een lijst items die u kunt selecteren verschijnt hier. |
Naam Functie
| 6 DIRECT Druk hierop om de TONE-functie in te stellen voor betere geluidskwaliteit.OpmerkingWanneer u een disc afspeelt in DTS 96/24-formaat, stel dan de DIRECT-functie in op ON.Als de DIRECT-functie op OFF staat, wordt het DTS-signaal afgespeeld met 48 kHz. |
| 7MUTING Druk hierop om de geluidsonderdrukking te activeren. | |
| 8PHONES-aansluiting | Sluit aan op de hoofdtelefoon.OpmerkingAls u een hoofdtelefoon aansluit, wordt het DTS 96/24-signaal afgespeeld met DTS 48 kHz. |
| Naam Functie | |
| 9SPEAKERS(OFF/A/B/A+B) | Draai hiermee om OFF, A, B, A+B van de luidsprekers te selecteren. |
| 10INPUT SELECTOR | Draai hiermee om de ingangsbron die u wilt afspelen, te selecteren. |
| Naam Functie |
| 11VOLUME Draai hiermee om het volume van de luidsprekers aan te passen. Het niveau kan worden aangepast van - dB tot +23 dB. |
Achterpaneel

1 AUDIO INPUT/OUTPUT-gedeelte
![]() | L | AUDIO IN/OUT-aansluitingen | Sluit aan op een Super Audio |
| [8w4C] | R | CD-speler, cassettedeck, MD-deck of DAT-speler, enz. (pagina 7). |
DIGITAL INPUT/OUTPUT-gedeelte
| COAXIAL IN-aansluitingen | Sluit aan op een DVD-speler, Super Audio CD-speler, enz. De COAXIAL-aansluitingen zorgen voor betere geluidskwaliteit (pagina 8). | |
| OPTICAL IN/OUT-aansluiting |
3 SPEAKERS-gedeelte
| + - | Sluit aan op de luidsprekers (pagina 4). |
4 IMPEDANCE SELECTOR
Stel de geschikte luidsprekerimpedantie in voor de luidsprekers die u gebruikt (pagina 5).
Afstandsbediening
RM-AAU010

Naam Functie
| 1 I/↓(aan/stand-by) | Druk hierop om de versterker in of uit te schakelen. |
| 2 ∧/V/</>ENTER | Druk op MENU (9) en vervolgens op ∧/V, < of >om de instellingen te kiezen.Druk vervolgens op ENTERom de keuze in te voeren (pagina 17). |
Naam Functie
| 3Invoertoetsen Druk op een van de toetsen om de component te kiezen die u wilt gebruiken. Als u op een van de invoertoetsen drukt, wordt de versterker ingeschakeld. | |
| 4BALANCE L/R Druk hierop om de balans tussen linker- enrechterluidsprekers te regelen. Zowel de linker- alsrechterbalans kan worden aangepast van 0 dB tot +20 dB. De oorspronkelijke instelling is 0 dB (midden). | |
| 5BASS/TREBLE +/- Druk hierop om de BASS- en TREBLE-niveaus aan te passen. Het niveau kan worden aangepast van -10 dB tot +10 dB. | |
| 6DIMMER Druk hierop om de helderheid van het uitleesvenster aan te passen. | |
| 7VOLUME +/- Druk hierop om het volume van de luidsprekers aan te passen.Het volume kan worden aangepast van -∞ dB tot +23 dB. | |
| 8SLEEP Druk hierop om de functieSleep Timer en het moment waarop de versterker automatisch uitschakelt te activeren.De Sleep Timer kan worden ingesteld op 30, 60, 90 of 120 minuten. | |
| 9MENU Druk hierop om het menu voor de versterker weer te geven (pagina 17). | |
| 10DIRECT Druk hierop om de TONE-functie in te stellen voor betere geluidskwaliteit.OpmerkingWanneer u een disc afspeelt in DTS 96/24-formaat, stel dan de DIRECT-functie in op ON.Als de DIRECT-functie op OFF staat, wordt het DTS-signaal afgespeeld met 48 kHz. | |
| 11MUTING Druk hierop om de geluidsonderdrukking te activeren. |
Configuratie
De juiste instellingen automatisch kalibreren (AUTO CALIBRATION)
De autokalibratiefunctie staat u toe het volgende te meten:
- Of de luidsprekers zijn aangesloten
- Polariteit van de luidsprekers
- De afstand tussen elke luidspreker en de luisterpositie
- Luidsprekerhoek
- Luidsprekerniveau
- Frequentiekenmerken
Nadat u het meetresultaat hebt opgeslagen, kunt u het luidsprekerniveau bevestigen door op BALANCE L/R (page 12) te drukken. De andere meetresultaten worden niet weergegeven maar worden automatisch ingesteld op de juiste instellingen.
Alvorens autokalibratie uit te voeren
Voordat u autokalibratie uitvoert, stelt u de luidsprekers op en sluit u hen aan (pagina 4).
- De AUTO CAL MIC-aansluiting wordt alleen gebruikt voor de meegeleverde optimalisatiemicrofoon. Sluit geen andere microfoons aan op deze aansluiting. Hierdoor kunnen de versterker en de microfoon worden beschadigd.
- Tijdens de kalibratie komt er een luid geluid uit de luidsprekers. Het volume kan niet worden aangepast. Houd rekening met de aanwezigheid van kinderen en met het effect op uw buren.
- Voer de autokalibratie uit in een stille omgeving om geluidsoverlast te vermijden en om een meer accurate meting te verkrijgen.
- Als er zich hindernissen tussen de optimalisatiemicrofoon en de luidsprekers bevinden, kan de kalibratie niet correct worden uitgevoerd. Verwijder alle obstakels uit het meetgebied om een foutieve meting te vermijden.
Opmerkingen
- De autokalibratiefunctie werkt niet als er een hoofdtelefoon op de versterker is aangesloten.
- Annuleer MUTING als dit is ingeschakeld.

1 Sluit de meegeleverde optimalisatiemicrofoon aan op de AUTO CAL MIC-aansluiting op het voorpaneel.
2 Installeer de optimalisatiemicrofoon.
Plaats de optimalisatiemicrofoon op uw luisterpositie. Gebruik een krukje of drievot zodat de optimalisatiemicrofoon zich op uw oorhoogte bevindt. Richt de L-zijde van de optimalisatiemicrofoon naar de voorste linkerluidspreker en de R-zijde van de optimalisatiemicrofoon naar de voorste rechterluidspreker.
Autokalibratie uitvoeren
1 Schakel de versterker in.
2 Druk op MENU.
wordt vervolgd
3 Druk op V om "<2-Auto Calibration>" weer te geven en druk op ENTER om het menu te openen.
4 Druk op V om "CAL TYPE", weer te geven en druk op ENTER om de parameter in te voeren.
5 Druk op ∧/∨ om de parameter te selecteren en druk op ENTER om uw selectie in te voeren.
Kalibratietype Verklaring
| ENGINEER Stelt defrequentiekenmerken in opeen set die overeenkomt metdie van de Sony-luisterruimtestandaard. |
| FULL FLAT Neemt de meting op van defrequentie van elkluidsprekeroppervlak. |
6 Druk op ∧ om "AUTO CAL START?" weer te geven en druk op ENTER om de meting te starten.
De meting start over vijf seconden. Het aftellen wordt weergegeven in het uitleesvenster.
Om een foutieve meting te vermijden, moet u uit de buurt blijven van de meetzone terwijl de tijd aan het aftellen is.
7 De meting wordt gestart.
Het meetproces zal ongeveer 10 seconden duren. Wacht tot het meetproces is voltooid.
Tip
Wanneer u speciale luidsprekers gebruikt, zoals tweepolige luidsprekers, wordt de meting mogelijk niet correct uitgevoerd of wordt de autokalibratie mogelijk niet uitgevoerd.
Autokalibratie annuleren
Autokalibratie wordt geannuleerd wanneer u het volume, de ingangsbron of de luidsprekerselectie wijzigt, of als u op MUTING drukt of een hoofdtelefoon aansluit.
De meetresultaten bevestigen/opslaan
1 Bevestig het meetresultaat.
Wanneer de meting stopt, hoort u een pieptoon en de meetresultaten verschijnen in het uitleesvenster.
| Meetresultaat Uitleesvenster Verklaring | ||
| Als het meetproces correct is voltooid | COMPLETE | Ga verder met stap 2. |
| Als het meetproces is mislukt | ERROR CODE XX | Zie "Wanneer een foutcode verschijnt" (pagina 15). |
2 Druk herhaaldelijk op ∧/∨ om het item te selecteren en druk op ENTER.
| Item Verklaring |
| RETRY Voert de autokalibratie opnieuw uit. |
| SAVE EXIT Slaat de meetresultaten op en verlaat het instelproces. |
| WRN CHECK Geeft een waarschuwing weer over de meetresultaten. Zie "Wanneer u "WRN CHECK" selecteert" (pagina 15). |
| EXIT Verlaat het instellingsproces zonder de meetresultaten op te slaan. |
Wanneer een foutcode verschijnt
Probeer de oplossingen en voer de autokalibratie opnieuw uit.
Foutcode Oorzaak en oplossingen
| CODE 31 SPEAKERS (OFF/A/B/A+B) is ingesteld op OFF. Selecteer A of B en voer de autokalibratie opnieuw uit. In geval van een tweedraadsverbinding stelt u SPEAKERS (OFF/A/B/A+B) in op A+B. |
| CODE 32 Geen enkele luidspreker werd gevonden. Zorg ervoor dat de optimalisatiemicrofoon goed is aangesloten en voer de autokalibratie opnieuw uit.Als de optimalisatiemicrofoon correct wordt aangesloten maar er verschijnt een foutcode, is de kabel van de optimalisatiemicrofoon mogelijk beschadigd of verkeerd aangesloten. |
| CODE 33 Geen enkele luidspreker is aangesloten. |
| CODE 34 De luidsprekers staan niet in de juiste positie. De luidsprekers of een optimalisatiemicrofoon rechts of links kan verkeerd zijn geplaatst. Controleer de luidsprekerpositie. |
•CODE 31
1 Draai aan SPEAKERS (OFF/A/B/A+B) om A of B te selecteren en volg de instructies in stap 2 van "Autokalibratie uitvoeren".
In geval van een tweedraadsverbinding stelt u SPEAKERS (OFF/A/B/A+B) in op A+B.
•CODE 32, 33, 34
1 Los de fout op.
2 Druk op ENTER.
"RETRY?" verschijnt.
3 Druk op ∧/∨ om "YES" te selecteren en druk op ENTER.
De autokalibratie wordt opnieuw gestart vanaf stap 7 van "Autokalibratie uitvoeren".
Als er een waarschuwing over een meetresultaat is, wordt er gedetailleerde informatie weergegeven.
Druk op ENTER om terug te keren naar stap 1 van "De meetresultaten bevestigen/opslaan".
Waarschuwings- Verklaring code
| WARNING 40 Probeer de autokalibratie uit te voeren in een stille omgeving. De autokalibratie is voltooid. Toch is er veel ruis. De autokalibratie wordt mogelijk goed worden uitgevoerd als u het opnieuw probeert, ook al kan de meting niet worden uitgevoerd in elke omgeving. |
| WARNING 41 | Probeer de autokalibratie uit te voeren als de omgeving stil genoeg is voor een goede meting. De geluidsinvoer van de optimalisatiemicrofoon bevindt zich buiten het aanvaardbare bereik. Het is luider dan het luidste geluid dat kan worden gemeten. |
| WARNING 42 Probeer de autokalibratie uit te voeren als de omgeving stil genoeg is voor een goede meting. Het volume van de versterker bevindt zich buiten het aanvaardbare bereik. |
NO WARNING Er is geen waarschuwingsinformatie.
Auto Calibration menuparameters
De oorspronkelijke instelling is onderstreept.
■ AUTO CAL START? (Start autokalibratie)
- MEASUREMENT COUNTDOWN In het uitleesvenster telt de tijd af van vijf seconden tot een seconde.
- MEASURING TONE Verschijnt terwijl TONE wordt gemeten.
• MEASURING T.S.P.
Verschijnt terwijl TSP* wordt gemeten.
- COMPLETE
Verschijnt wanneer het meetproces is voltooid. Voor details over elk bericht, zie "De meetresultaten bevestigen/opslaan" (pagina 14).
Verschijnt als er een waarschuwing over het meetresultaat is. Voor details over elk bericht, zie "De meetresultaten bevestigen/opslaan" (pagina 14).
- NO WARNING
Er is geen waarschuwingsinformatie.
- ERROR CODE [ :3■]
Verschijnt wanneer de meting mislukt. Voor details over elk bericht, zie "De meetresultaten bevestigen/opslaan" (pagina 14).
- RETRY?
Verschijnt om u te vragen om de meting opnieuw uit te voeren of om af te sluiten zonder opnieuw te meten wanneer de meting mislukt.
- CANCEL
Verschijnt wanneer u autokalibratie annuleert tijdens de meting.
Een TSP-signaal is een uiterst precies meetsignaal dat impulsenergie gebruikt en dat in een korte periode een brede band meet, van laag tot hoog. De hoeveelheid energie die wordt gebruikt om signalen te meten is belangrijk om zeker te zijn van een accurate meting in een normale binnenomgeving. Het gebruik van TSP-signalen maakt het mogelijk om signalen effectief te meten.
■ CAL TYPE (parametertype)
• ENGINEER
Stelt de frequentie in op een die overeenkomt met die van de Sony-luisterruimtestandaard.
• FULL FLAT
Neemt de meting op van de frequentie van elk luidsprekeroppervlak.
■ EQ CURVE EFFECT (Activeert/deactiveert de EQ-curve-meting)
Activeert de EQ-curve-meting. Nadat de meting is voltooid, wordt deze instelling automatisch op ON gezet.
Opmerkingen
- DTS 96/24-signalen worden afgespeeld als signalen van 48 kHz wanneer EQ CURVE EFFECT is ingesteld op "ON". Wanneer u DTS 96/24-signalen weergeeft, stelt u dit item in op "OFF" en stelt u de functie DIRECT in op "ON" (pagina 10, 12).
- U kunt deze instelling niet selecteren voordat u de meetresultaten heeft opgeslagen (standaardinstelling).
Instellingen voor de versterker
Door de System Settings-menu's te gebruiken, kunt u de versterker aanpassen aan uw persoonlijke wensen.
1 Druk op MENU.
2 Druk op ∧ om "<1-System Settings>" weer te geven en druk op ENTER om het menu te openen.
3 Druk herhaaldelijk op ∧/∨ om de parameter weer te geven die u wilt aanpassen.
4 Druk op ENTER om de parameter in te voeren.
5 Druk herhaaldelijk op ∧/∨ om de instelling te selecteren die u wilt aanpassen.
6 Druk op ENTER om in te voeren.
7 Herhaal stap 3 tot 6 als u andere instellingen wilt maken.
Terugkeren naar een hoger niveau in het menu
Druk op <.
Het menu verlaten
Druk op MENU.
Opmerking
Bepaalde parameters en instellingen kunnen gedimd in het uitleesvenster verschijnen. Dit betekent dat ze onbeschikbaar of vast en onveranderlijk zijn.
System Settings menuparameters
De oorspronkelijke instelling is onderstreept.
■ DEC. PRIORITY (decodeeprioriteit digitale audio-invoer)
Hiermee kunt u de invoermodus voor de digitale signaalinvoer naar de DIGITAL IN-aansluitingen specificeren.
• AUTO
Schakelt de invoermodus automatisch om tussen DTS, Dolby Digital of PCM.
- PCM
PCM-signalen krijgen prioriteit (om onderbreking te voorkomen wanneer de weergave start).
Opmerking
Wanneer u "AUTO" instelt en het geluid van de digitale audio-aansluitingen (voor een CD, enz.) wordt onderbroken wanneer de weergave start, stel dan in op "PCM".
■ DUAL MONO (tweetalige audioselectie)
Voor een tweetalige uitzending kunt u de taal kiezen waarnaar u wilt luisteren. Deze functie werkt alleen voor Dolby Digital-bronnen.
- MAIN/SUB
Geluid van de hoofdtaal wordt door de linkerluidspreker uitgevoerd, terwijl geluid van de subtaal tegelijkertijd door de rechterluidspreker wordt uitgevoerd.
• MAIN
Geluid van de hoofdtaal wordt uitgevoerd.
- SUB
Geluid van de subtaal wordt uitgevoerd.
- MAIN+SUB
Geluid van zowel de hoofd- als subtaal wordt gemengd uitgevoerd.
■ D.RANGE COMP. (compressor dynamisch bereik)
Staat u toe het dynamische bereik van het geluidsspoor te comprimeren. Dit is handig om 's nachts films te bekijken met laag volume. Het dynamische bereik comprimeren is alleen mogelijk met Dolby Digital-bronnen.
• OFF
Het dynamische bereik werd niet gecomprimeerd.
• STD
Het dynamische bereik wordt gecomprimeerd zoals bedoeld door de recording engineer.
• MAX
Het dynamische bereik wordt sterk gecomprimeerd.
Tip
Met de compressor voor het dynamische bereik kunt u het dynamische bereik van het geluidsspoor comprimeren op basis van de informatie over het dynamische bereik in het Dolby Digital-signaal. "STD" is de standaardinstelling maar staat alleen lichte compressie toe. Daarom raden we aan de "MAX"-instelling te gebruiken. Dit comprimeert het dynamische bereik sterk en u kan er 's nachts films mee bekijken met laag volume. In tegenstelling tot analoge beperkers zijn de niveaus vooraf bepaald en zorgen ze voor een erg natuurlijke comprimering.
■ DC PHASE L. (DC faselinearisator)
Hiermee benadert u de kenmerken van een fase met lage frequentie van een traditionele analoge versterker.
• OFF
Fasecorrectie wordt niet uitgevoerd.
- LOW-A, STD-A, HIGH-A, LOW-B, STD-B, HIGH-B
Het bandbreedtebereik van de fasecorrectie stijgt in de volgorde "LOW", "STD", "HIGH".
"B"-parameter fasecorrectie zorgt voor verbeterde bass-kenmerken.
Het geheugen van de versterker wissen
1,2 2

1 Druk op POWER om de versterker uit te schakelen.
2 Houd POWER ingedrukt terwijl u op DIRECT en MUTING drukt om de versterker in te schakelen.
Nadat "MEMORY CLEARING..." even in het display wordt weergegeven, verschijnt "MEMORY CLEARED!".
De volgende items worden hersteld naar hun oorspronkelijke instellingen.
- Alle instellingen in de menu's System Settings en Auto Calibration.
Aanvullende informatie
Voorzorgsmaatregelen
Veiligheid
In het geval er een voorwerp of vloeistof in de behuizing terechtkomt, moet u de versterker uit het stopcontact trekken en het toestel eerst door een deskundige laten nakijken, alvorens het weer in gebruik te nemen.
Spanningsbronnen
- Voordat u de versterker gebruikt, moet u controleren of het bedieningsvoltage gelijk is aan dat van uw plaatselijke stroomleverancier.
Het bedieningsvoltage wordt aangeduid op het naamplaatje op de achterkant van de versterker. - Het toestel blijft onder (net)spanning staan zolang de stekker in het stopcontact zit, ook al is het toestel zelf uitgeschakeld.
- Trek de stekker uit het stopcontact als u denkt de versterker geruime tijd niet te gebruiken. Om het netsnoer uit te trekken, neemt u alleen de stekker vast. Trek nooit aan het snoer zelf.
- Het netsnoer mag alleen door bevoegd vakkundig personeel worden vervangen.
Oververhitting
De versterker warmt op tijdens de bediening. Dit duidt niet op een storing. Als u de versterker langdurig gebruikt met hoog volume, stijgt de temperatuur aan de bovenkant, onderkant en zijkanten van de behuizing aanzienlijk. Raak de behuizing niet aan om te voorkomen dat u zich verbrandt.
Plaatsing
- Plaats de versterker op een goed geventileerde plaats om te voorkomen dat hij oververhit raakt en om de levensduur van de versterker te verlengen.
- Plaats de versterker niet in de buurt van warmtebronnen of op een plaats waar hij is blootgesteld aan directe zonnestraling, overmatig stof of mechanische schokken.
- Blokkeer de ventilatiegaten niet door iets bovenop de behuizing te plaatsen. Hierdoor kan een storing optreden.
- Plaats de versterker niet in de buurt van apparatuur zoals een televisie, videorecorder of cassettedeck. (Als de versterker wordt gebruikt samen met een televisie, videorecorder of cassettedeck en te dicht bij het apparaat is geplaatst, kan er ruis optreden en kan de beeldkwaliteit verminderen. Dit kan vooral gebeuren wanneer u een binnenantenne gebruikt. Daarom raden we aan een buitenantenne te gebruiken.)
Bediening
Schakel de versterker uit en trek de stekker uit het stopcontact alvorens andere componenten aan te sluiten.
Reinigen
Reinig de behuizing, het paneel en de bedieningselementen met een zachte doek die lichtjes is bevochtigd met een mild zeepsopje. Gebruik geen schuursponsje, schuurpoeder of oplosmiddelen, zoals alcohol of benzine.
Met alle vragen over of eventuele problemen met uw versterker kunt u steeds terecht bij uw dichtstbijzijnde Sony-dealer.
Problemen oplossen
Indien u een van de volgende problemen ondervindt bij het gebruik van de versterker, probeer die dan eerst zelf op te lossen aan de hand van de onderstaande lijst. Als het probleem daarmee niet is opgelost, raadpleeg dan uw dichtstbijzijnde Sony-dealer.
Audio
Er is geen geluid, welke component er ook is geselecteerd, of er is alleen een heel zacht geluid hoorbaar.
- Controleer of de luidsprekers en componenten goed zijn aangesloten.
- Contoleer of alle luidsprekerkabels correct zijn aangesloten.
- Controleer of zowel de versterker als alle componenten zijn ingeschakeld.
- Controleer of de VOLUME-bediening niet is ingesteld op - dB.
- Controleer of SPEAKERS (OFF/A/B/A+B) niet is ingesteld op "OFF" (pagina 11).
- Druk op MUTING om de geluidsonderdrukking te annuleren.
- Controleer of u de juiste component hebt gekozen met INPUT SELECTOR.
- Controleer of er geen hoofdtelefoon is aangesloten.
- Het beschermingsapparaat op de versterker werd geactiveerd. Schakel de versterker uit, los het kortsluitingsprobleem op en schakel het toestel weer in.
Er komt geen geluid uit een bepaalde component.
- Controleer of de component juist is aangesloten op de audio-ingangen voor die component.
- Controleer of de kabel(s) gebruikt voor de aansluiting volledig in de aansluitingen zit(ten) op zowel de versterker als de component.
Er komt geen geluid uit een van de luidsprekers.
- Sluit een hoofdtelefoon aan op de PHONES-aansluiting om na te gaan of er geluid wordt uitgevoerd via de hoofdtelefoon. Als slechts één kanaal wordt uitgevoerd via de hoofdtelefoon, is de component mogelijk niet juist aangesloten op de versterker. Controleer of alle kabels volledig in de aansluitingen zitten op zowel de versterker als de component. Als beide kanalen worden uitgevoerd via de hoofdtelefoon, is de component mogelijk niet juist aangesloten op de versterker. Controleer de aansluiting van de luidspreker die geen geluid uitvoert.
- Zorg ervoor dat u zowel de L- als R-aansluiting hebt aangesloten op een analoge component en niet alleen op de L- of R-aansluiting. Gebruik een mono-stereo kabel (niet meegeleverd).
De linker-en rechtergeluiden zijn niet in balans of omgewisseld.
- Controleer of de luidsprekers en componenten correct en stevig zijn aangesloten.
- Pas de balansparameters aan door op BALANCE te drukken op de afstandsbediening.
Sterke brom of ruis is hoorbaar.
- Controleer of de luidsprekers en componenten goed zijn aangesloten.
- Let erop dat de aansluitkabels zich niet in de buurt van een transformator of motor bevinden, en minstens 3 meter verwijderd zijn van een tv-toestel of fluorescentieverlichting.
- Plaats de tv verder van de audiocomponenten af.
- Zorg ervoor dat u de 1m SIGNAL GND-aansluiting hebt geaard (alleen wanneer een platenspeler is aangesloten).
- De stekkers en aansluitingen zijn vuil. Maak ze schoon met een doek die lichtjes is bevochtigd met alcohol.
Opname kan niet worden uitgevoerd.
- Controleer of alle componenten goed zijn aangesloten (pagina 7, 8).
- Selecteer de broncomponent met INPUT SELECTOR (pagina 11, 12).
Afstandsbediening
De afstandsbediening werkt niet.
- Richt de afstandsbediening naar de afstandsbedieningssensor op de versterker.
- Verwijder alle obstakels tussen de afstandsbediening en de versterker.
- Vervang alle batterijen in de afstandsbediening, als deze bijna leeg zijn.
- Zorg ervoor dat u de juiste ingang selecteert op de afstandsbediening.
Foutmeldingen
Als er zich een storing voordoet, toont het uitleesvenster een code van twee cijfers. Aan de hand van de meldingen kunt u de toestand van het systeem controleren. Raadpleeg de volgende tabel om het probleem op te lossen. Als het probleem daarmee niet is opgelost, raadpleeg dan uw dichtstbijzijnde Sony-dealer.
CHECK CODE 11
Onregelmatige stroom wordt uitgevoerd via de luidsprekers. Schakel de versterker uit, zorg ervoor dat de kern van een luidsprekerkabel de versterker of andere luidsprekers niet aanraakt en schakel de versterker opnieuw in. In geval van een tweedraadsverbinding controleert u of de metalen fittings die aangesloten zijn op de luidsprekers en gebruikt worden om de Hi/Lo-aansluitingen te verkorten, verwijderd zijn.
CHECK CODE 12
Het versterkersgedeelte is oververhit. Zorg ervoor dat de ventilatie-opening niet is bedekt. Schakel de versterker uit, laat de versterker een tijdje staan en schakel het toestel weer in. In geval van een tweedraadsverbinding controleert u of de metalen fittings die aangesloten zijn op de luidsprekers en gebruikt worden om de Hi/Lo-aansluitingen te verkorten, verwijderd zijn.
CHECK CODE 13
Het voedingsgedeelte is oververhit. Zorg ervoor dat de ventilatie-opening niet is bedekt. Schakel de versterker uit, laat de versterker een tijdje staan en schakel het toestel weer in. In geval van een tweedraadsverbinding controleert u of de metalen fittings die aangesloten zijn op de luidsprekers en gebruikt worden om de Hi/Lo-aansluitingen te verkorten, verwijderd zijn.
CHECK CODE 14
Schakel de versterker uit, zorg ervoor dat de kern van een luidsprekerkabel de versterker of andere luidsprekers niet aanraakt.
CHECK CODE 21
Schakel de versterker uit en controleer of de luidsprekerkabels juist zijn aangesloten. Schakel het toestel opnieuw in. In geval van een tweedraadsverbinding controleert u of de metalen fittings die aangesloten zijn op de luidsprekers en gebruikt worden om de Hi/Lo-aansluitingen te verkorten, verwijderd zijn.
Technische gegevens
Versterkergedeelte
POWER OUTPUT
Nominale stroomuitvoer*
8 ohm 1 kHz, THD 0,7 %:
110 W + 110 W
4 ohm 1 kHz, THD 0,7 %:
120 W + 120 W
Voeding 230 V AC, 50/60 Hz
* Gemeten onder de volgende omstandigheden:
Voeding: 230 V AC, 50/60 Hz
(in landen/gebieden in Europa,
uitgezonderd Verenigd Koninkrijk)
240 V AC, 50/60 Hz
(in Verenigd Koninkrijk en algemeen
gebied)
Frequentiebereik
| PHONO RIAA equalizercurve ± 0,5 dB | |
| TUNER, SA-CD/CD, TAPE | 10 Hz - 40 kHz ± 3 dB (8 ohm) |
Ingangen (analoog)
| PHONO Gevoeligheid: 2,5 mV | |
| Impedantie: 50 kohmS/N: 86 dB (A, 20 kHzLPF) | |
| TUNER, SA-CD/CD,TAPE | Gevoeligheid: 150 mVImpedantie: 50 kohmS/N: 96 dB (A, 20 kHzLPF) |
Uitgangen (analoog)
| TAPE Voltage: 150 mV | Impedantie: 1 kohm |
Ingangen (digitaal)
| DIGITAL 1/2/3 | Impedantie: 75 ohmS/N: 96 dB (A, 20 kHz LPF) |
| DIGITAL 4 | S/N: 96 dB(A, 20 kHz LPF) |
Uitgangen (digitaal)
Europa, uitgezonderd
Verenigd Koninkrijk)
240 V AC, 50/60 Hz
(in Verenigd Koninkrijk en
algemeen gebied)
Stroomverbruik 100 W
Stroomverbruik (in stand-bymodus)
0,5 W
Stopcontacten 1 geschakeld, 100 W/0,4 A
MAX (in landen/gebieden
in Europa, uitgezonderd
Verenigd Koninkrijk)
Afmetingen 430 × 173 × 428 mm
incl. uitstekende delen en
bedieningselementen
Gebruiksaanwijzing (deze handleiding)
Optimalisatiemicrofoon ECM-AC1 (1)
Netsnoer (1)
Afstandsbediening RM-AAU010 (1)
R6 (AA)-batterijen (2)
Ontwerp en specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
Index
Symbolen
SIGNAL GND-aansluiting 7
A
Afstandsbediening 12
Voor gebruik 9
Auto Calibration 13
B
BALANCE 12
C
Cassettedeck 7
CD-speler 7,8
D
DAT-deck 8
DIMMER 12
DIRECT 10, 12
DVD-speler/DVD-recorder 8
F
Foutmeldingen 21
H
Herstellen 18
|
IMPEDANCE SELECTOR 5
INPUT SELECTOR 11
L
Luidsprekers 4
M
MD-deck 8
Menu
Auto Calibration 15
System Settings 17
MUTING 10, 12
N
Netsnoer 9
P
PHONES 10
S
Satelliettuner 8
SLEEP 12
Tweedraadsverbinding 6
U
Uitleesvenster 10
V
Videorecorder 7
VOLUME 11, 12
