VOLVO

S90 (1998) - Auto VOLVO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis S90 (1998) VOLVO in PDF-formaat.

📄 221 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice VOLVO S90 (1998) - page 1
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over S90 (1998) VOLVO

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Auto in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding S90 (1998) - VOLVO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. S90 (1998) van het merk VOLVO.

GEBRUIKSAANWIJZING S90 (1998) VOLVO

Een uitgebreide trefwoordenlijst staat achter in dit boekje.

Hoofdstuk

Instrumenten, schakelaars en bediening 1

Interieur, portieren, kofferdeksel, schuifdak 2

Starten en rijden 3

Wielen en banden 4

Als er iets gebeurt 5

Carrosserie-onderhoud 6

Service, onderhoud 7

Specifications 8

Zuivering uitlaatgassen 9

Audio 10

In de handleiding wordt niet alleen de standaarduitrusting beschreven, maar ook extra uitrusting of accessoires. Verder kan er een alternatief in de uitrusting zijn, b.v. een handgeschakelde of automatische versnellingsbak. Bepaalde landen hebben ook wettelijke voorschriften voor het uitrustingsniveau van de auto.

Daardoor moet u soms in de handleiding verder gaan dan het hoofdstuk waarin ultrusting beschreven wordt die de auto niet heeft.

De specificaties, constructiegegevens en illustraties in dit boekje zijn niet bindend. Wij behouden ons het recht voor om zonder voorafgaande mededeling wijzigingen aan te brengen.

Instrumenten, schakelaars en bediening
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 27 28

Instrumenten, schakelaars en bediening

1 Blaasmond 1:13

  1. Koplampen en parkeerlichten 1:6

3 Mistlamp achter 1:8

4 Mistlamp voor 1:8

5 Hoogte-instelling koplampstralen 1:8

6 Antenne 1:6

7 Instrumentenpaneel 1:2

8 Ruimte voor extra uitrusting

9 Elektrisch bediend schuifdak 1:20

10 Waarschuwingsknipperlichten 1:9

11 Elektrisch verwarmde achterruit, achteruitkijkspiegels 1:9

12 Blaasmonden 1:13

13 Verwarming en ventilatie 1:13

14 Airbag (SRS) aan passagierskant 2:22

15 Ruimte voor radio 10:1

16 Elektrisch bediende ruiten en achteruitkijkspiegels 1:12

17 Verlichting instrumentenpanel 1:8

18 Motorkapopening 7:4

19 Richtingaanwijzers, groot-/dimlicht en grootlichtsignaal 1:6

20 Stuurverstelling 1:8

22 Start-/stuurslot 1:7

23 Ruitewissers/-sproeiers en koplampwissers/-sproeiers 1:7

24 Sigareaansteker 1:11

25 Versnellingsbak 3:5

26 Asbak 1:11

27 Parkeerrem 1:11

28 Elektrisch verwarmde stoelen 1:11

Instrumenten, schakelaars en bediening

12510 1 2 3 4 5 6 7 8

1 Buitentemperatuurmeter (Extra)

Deze geeft tijdens het rijden de buitentemperatuur vlak boven het wegdek aan. Als de temperatuur tussen +2 °C en -5 °C ligt, waarschuwt de buitentemperatuurmeter met een rood lampje.

N.B.! Bij lage snelheid of als de auto stilstaat, kan de buitentemperatuurmeter door de warmte van de motor een te hoge waarde aanwijzen.

2 Brandstofmeter

De inhoud van de brandstoftank is ca. 80 liter. Er is nog ca. 6 liter brandstof over, als het lampje in het instrumentenpanel brandt.

3 Klokje

Het klokje werkt elektrisch en loopt op de accu. Om het klokje gelijk te zetten: druk het knopje in en draai eraan.

4 Snelheidsmeter

5 Kilometerteller

6 Dagteller Dagteller op nul zetten

Deze wordt voor het opmeten van korte rijafstanden gebruikt. Het rechter cijfer geeft hectometers (100 meter) aan. Druk de knop in om de dagteller op nul te zetten.

Als de dagteller een rood 100-meter wieltje heeft, is de snelheidsmeter, incl. de dagen kilometerteller, vervangen. De meterstand en het tijdstip voor het vervangen staan in uw Garantieboekje.

7 Toerenteller

Deze geeft het motortoerental in duizend omw./min. aan.

Het egaal rode gebied mag niet gebruikt worden.

8 Temperatuurmeter

Als de wijzer herhaaldelijk in het rode gebied komt of erin blijft staan, moet u het koel-vlocistofpeil en de aandrijfriemen onmiddellijk controleren.

Controle- en waarschuwingslampjes
3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 74100000

1 Linker richtingaanwijzer
2 Rechter richtingaanwijzer
3 Storing in de zuivering uitlaatgassen
4 Richtingaanwijzer, aanbanger
5 Niet aangesloten
6 Te weinig sproeivloeistof Als het lampje brandt, zit er nog maar 1/2-1 liter sproeivloeistof in het reservoir

7 Mistachterlamp
8 Defecte gloeilamp
9 Dynamo laadt niet bij
10 Oliedruk te laag
11 Grootlicht brandt
12 Remcircuit buiten werking
13 Parkeerrem is aangetrokken
14 ABS (niet-blokkerende remmen) buiten werking

15 Te weinig koelvloeistof
16 Niet aangesloten
17 Automatische versnellingsbak. Zie pagina 3:7
18 Controlelampje autogordels
19 Airbagsysteem defect.
20 Niet aangesloten
21 Niet aangesloten

Controle - en waarschuwingslampjes

Deze waarschuwingslampjes mogen tijdens het rijden nooit branden!

Zij moeten echter gaan branden, als u vóór het starten het contact aanzet. Dan ziet u, dat de lampjes werken. Als de motor aangeslagen is, moeten alle lampjes met uitzondering van het waarschuwingslampje voor de

parkeerrem uitgaan. Dit gaat uiteraard niet uit, voordat u de parkeerrem losgezet heeft.

Remcircuit buiten werking

Als het lampje tijdens het rijden of remmen brandt, is het remvloeistofpeil te laag. Sta onmiddellijk stil en controleer het peil in het remvloeistofreservoir (waar dit zit, staat op de achterkant van dit boekje). Als het peil ergens in het reservoir onder MIN ligt: rijd niet verder, maar laat de auto voor controle en reparatie naar een werkplaats slepen!

VOLVO S90 (1998) - Remcircuit buiten werking - 1

Oliedruk te laag

Als het lampje onder het rijden brandt is de oliedruk van de motor te laag. Zet de motor onmiddellijk af en controleer het oliepeil in de motor; zie pagina 7:6. Na zeer snel rijden kan het lampje gaan branden, als de motor weer stationair loopt. Dit is heel normaal, als het maar uitgaat, als het motortoerental opgevoerd wordt.

VOLVO S90 (1998) - Oliedruk te laag - 1

Een gloeilamp brandt niet meer

VOLVO S90 (1998) - Een gloeilamp brandt niet meer - 1

Als het lampje brandt, brandt een van de volgende gloeilampen niet meer:

Dimlichten

Achterlichten

Remlichten (als het lampje brandt bij intrappen van het rempedaal).

Controleer de zekering en de glocilamp.

Elektronisch systeem van de auto defect

Als na het starten van de motor he lampje blijft branden, heeft een van de diagnosesystemen in het brandstof- of ontstekingssysteem van de motor een storing ontdekt. Door de storing beautwoordt de motor vermoedelijk niet aan de geldende voorschriften voor de zuivering van uitleatgassen. Rijd voor controle naar een Volvo-werkplaats.

VOLVO S90 (1998) - Elektronisch systeem van de auto defect - 1

De dynamo laadt niet bij

Het controlelampje gaat brande wanneer de dynamo niet bijlaadt. Als het lampje onder het rijden gaat branden, zit er een storing in de elektrische installatie of is de ventilatorriem slecht aangespannen.

VOLVO S90 (1998) - De dynamo laadt niet bij - 1

Parkeerrem aangetrokken

VOLVO S90 (1998) - Parkeerrem aangetrokken - 1

Controle - en waarschuwingslampjes

Als het lampje blijft branden of onder het rijden gaat branden, heeft de diagnose-eenheid van het Airbagsysteem een storing ontdekt. Rijd voor controle onmiddellijk naar een Volvo-werkplaats. Meer over Airbag staat op pagina 2:22.

Stand W ingeschakeld (automatische versnellingsbak AW43)

VOLVO S90 (1998) - Stand W ingeschakeld (automatische versnellingsbak AW43) - 1

Het lampje brandt, als stand W ingeschakeld is. Als het controlelampje knippert, wijst dit op een storing in de automatische versnellingsbak. Neem contact met uw Volvo-werkplaats op.

Niet-blokkerende remmen (ABS) - buiten werking

VOLVO S90 (1998) - Niet-blokkerende remmen (ABS) - buiten werking - 1

Door het ABS-systeem kunnen bij sterk afremmen de wielen niet blokkeren. Als het lampje brandt, is het systeem buiten werking. Het gewone remsysteem van de auto werkt echter normaal. Rijd voor controle naar een Volvo-werkplaats. Op pag. 3:13 staat meer over ABS-remmen.

Te weinig koelyloeistof

VOLVO S90 (1998) - Te weinig koelyloeistof - 1

Als het lampje onder het rijden brandt, is het koelvloeistofpeil te laag. Sta onmiddellijk stil, controleer het peil en vul koelvloeistof bij in de expansietank (waar deze zit, ziet u op de achter-kant van dit boekje)! Rijd voor controle naar een Volvo-werkplaats.

Controlelampje knipperlichten aanhanger

VOLVO S90 (1998) - Controlelampje knipperlichten aanhanger - 1

Controlelampje voor de knipperlichten van een aanhanger. Als de aanhanger aangekoppeld is, knippert dit tegelijk met een van de controle-lampjes voor knipperlichten. Als dit niet knippert, werken de knipperlichten van de aanhanger niet.

Koplampen, parkeerlichten, richtingaanwijzers

Koplampen en parkeerlichten

0 Startsleutel in stand 0:

Alle verlichting is uit.

Startsleutel in stand I of II: Dimlichten (+ parkeerlichten voor en achter, kentekenplaatverlichting) branden.

De dimlichten gaan dus automatisch branden, als de startsleutel in de "rijstand" gedraaid wordt, en kunnen dus niet uitgedaan worden.

Automatische dimlichten komen slechts voor bepaalde landen voor.

Parkeerlichten voor en achter.

De parkeerlichten moeten alleen bij parkeren en nooit onder het rijden gebruikt worden.

Startsleutel in stand 0: Alle verlichting is uit.

Startsleutel in stand II:

Koplampen (+ parkeerlichten voor en achter, kentekenplaatver- lichting en instrumentenverlichting) branden.

VOLVO S90 (1998) - Koplampen en parkeerlichten - 1

De koplampen moeten natuurlijk branden, als in het donker op slecht verlichte wegen en overdag bij slecht zicht gereden wordt.

Als de schakelaar in de stand staat, gaat dus alle verlichting uit, als de startsleutel in stand 0 gedraaid wordt.

Dimlichten in andere landen

Voor meer informatic, zie pagina 3:16.

VOLVO S90 (1998) - Dimlichten in andere landen - 1

Richtingaanwijzers, groot-/dimlicht-schakelaar en grootlicht-"signaal"

1 "Drukpuntstand"

Bij bochten met een geringe stuuruitslag (verwisselen van rijbaan, passeren) moet het hendeltje iets omhoog- of omlaaggebracht en met de vinger vastgehouden worden. Het hendeltje gaat onmiddellijk in de neutrale stand terug, als het losgelaten wordt.

2 Normale bochten

3 Groot-/dimlicht-schakelaar (koplampen branden)

Trek het hendeltje voorbij de "signaalstand" naar het stuur en laat het weer los. De koplampen gaan van groot- naar dimlicht en omgekeerd.

3 Grootlicht-"signaal"

(koplampen branden niet)

Trek het hendeltje voorzichtig naar het stuur (totdat een lichte weerstand gevoeld wordt). Het grootlicht brandt, totdat het hendeltje weer losgelaten wordt.

Als een gloeilamp in de richtingaanwijzers stuk is, is dit merkbaar aan het controlelampje, omdat dit veel sneller dan normaal knippert.

Ruitewissers en -sproeiers, start- en stuurslot

VOLVO S90 (1998) - Ruitewissers en -sproeiers, start- en stuurslot - 1

Ruitewissers en -sproeiers, koplampwissers en -sproeiers

1 Wissen met intervallen

Dit wordt gebruikt bij het rijden in b.v. nevel of mist. De wissers maken ongeveer elke 6 seconden één slag.

2 "Drukpuntstand"

Als de wissers slechts een of een paar slagen moeten maken (b.v. bij motregen), moet het hendeltje in de drukpuntstand gebracht en met de vinger in deze stand gehouden wor den. De wissers blijven in de retourstand, als het hendeltje wordt losgelaten.

3 Ruitewissers, normale snelheid

4 Ruitewissers, hoge snelheid

5 Ruitesproeiers + koplampwissers/-sproeiers

Als het hendeltje in deze stand staat, worden ook de ruitewissers aangezet en maken deze 2-3 slagen, nadat het hendeltje losgelaten is.

Start- en stuurslot

0 Vergrendelingsstand

Het stuurslot vergrendelt het stuur, als de sleutel uit het slot wordt gehaald.

Bepaalde elektrische componenten kunnen worden ingeschakeld. De elektrische installatie van de motor is niet ingeschakeld.

II Rijstand

Stand van de sleutel tijdens het rijden. De dagrijlichten, achterlichten en kentekenplaatverlichting branden.

III Startstand

De startmotor wordt ingeschakeld. Laat de sleutel los, als de motor is aangeslagen. De sleutel veert dan automatisch in de rijstand terug.

Als de sleutel zwaar draait, komt dit, doordat de voorwielen zo staan dat het stuurslot onder spanning staat. Draai het stuur een beetje heen en weer en draai de sleutel, dan gaat het gemakkelijker. Let erop dat het stuurslot dient te zijn vergrendeld wanneer u de auto verlaat; zo vermindert u de kans op diefstal.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Neem nooit de contactsleutel uit het stuurslot tijdens het rijden of slepen van de auto!

Mistlampen, instrumentenverlichting, stuur instellen

B - Mistachterlicht

Het mistachterlicht wordt aangezet met behulp van de schakelaar (deze functie wordt automatisch uitgeschakeld wanneer de motor wordt uitgezet). Als het controlelampje op het dashboard brandt, brandt het mistachterlicht in combinatie met het groot/dimlicht.

C - Mistlamp voor

De mistlamp voor wordt in- en uitgeschakeld met behulp van de schakelaar. Als de LED op de schakelaar brandt, werkt de mistlamp voor in combinatie met het parkeerlicht en het groot/dimlicht.

E - Elektrische antenne (4-deurs):

Druk de schakelaar in om de antenne in te schuiven, bijv. wanneer u een cassette of CD beluistert, of wanneer u de antenne om andere redenen wilt intrekken.

Denk hieraan: De wettelijke voorschriften voor het gebruik van mistachterlampen verschillen van land tot land.

N = auto met Nivomat.

LadingS90S90NV90V90N
Bestuurder0000
Besturder en I passagier0000
5 inzittenden0-000
5 inzittenden + lading0-00-0
Bestuurder + lading0-0-0-0-

A B C D E F weerstand

A - Regelbare weerstand instrumentenverlichting

Bediening naar boven: sterkere verlichting Bediening naar beneden: zwakkere verlichting

D - Hoogte-instelling lichtstraal (sommige landen)

Het systeem bestaat uit een elektrische motor op elke koplamp en een schakelaar op het dashboard. Met de schakelaar kan de hoogte van de koplampstralen worden aangepast aan verschillende ladingen. De hoogte van de lichtstraal kan alleen worden ingesteld met ingeschakelde koplampen. De correcte niveaus voor de verschillende ladingen worden in nevenstaande tabel opgegeven.

F - Stuur instellen

Het stuur kan in 3 verschillende standen gezet worden

Druk de bediening aan de linkerkant van de stuurkolom naar benedlen en houd deze zo. Zet daarna het stuur in de stand die u het prettigst vindt.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Verstel het stuur, voordat u gaat rijden; nooit onder het rijden. Controleer of het stuur vergrendeld is.

Elektrisch verwarmde achterruit, buitenspiegels, achterruitwisser, schuifdak

VOLVO S90 (1998) - Elektrisch verwarmde achterruit, buitenspiegels, achterruitwisser, schuifdak - 1

Achterruitwisser en -sproeier

De achterruitwisser/-sproeier wordt bediend met de schakelaar aan de buitenkant van de ruitewisserhendel.

1 Achterruitwisser, normale snelheid.
2 Intervalwissen De achterruitwisser maakt elke 10 secon- den een slag.
3 Achterruitsproeier Ook de wisser gaat werken, als de knop ingedrukt wordt. Als de knop losgelaten wordt, maakt de wisser nog 2-3 slagen.

G - Schuifdak, elektrisch bediend

Het schuifdak werkt op twee manieren: ten eerste als een gewoon schuifdak, ten tweede kan het achterste deel omhooggebracht worden, waardoor het in een "ventilatiestand"

komt te staan,

De startsleutel moet in de rijstand staan. Om het schuifdak te sluiten: druk op de andere kant van de schakelaar dan bij het openzetten van het schuifdak.

Meer informatie over het schuifdak, zie pagina 1:20.

Bij defect, zie pagina's 1:20 en 5:3.

H - Elektrisch verwarmde achterruit Elektrisch verwarmde buitenspiegels

Gebruik de elektrische verwarming om ijs en aanslag van de achterruit en buitenspiegels te verwijderen.

Door op de schakelaar te drukken wordt de verwarming van de achterruit en van de buitenspiegels gelijktijdig aangezet. Dit blijkt hieruit, dat de beide oranje controlelampjes in de schakelaars branden. Een ingebouwde tijdschakelaar zorgt ervoor, dat de verwarming van de buitenspiegels na ca 12 minuten automatisch uitgeschakeld wordt. Tegelijk gaat het betreffende controlelampje uit. Als nogmaals op de schakelaar gedrukt wordt, terwijl een van de controlelampjes brandt, wordt de gehele verwarming uitgeschakeld. Als weer op de schakelaar gedrukt wordt, als de beide controlelampjes uitgegaan zijn, wordt de verwarming weer aangezet.

I - Waarschuwingsknipperlichten

De knipperlichten (alle vier richtingaanwijzers knipperen) moeten gebruikt worden, als men gedwongen is om de auto zo stil te zetten of te parkeren, dat het verkeer daardoor in gevaar gebracht of gehinderd wordt.

Denk eraan dat: de wettelijke bepalingen voor het gebruik van waarschuwingsknipperlichten van land tot land verschillen.

Cruise Control

VOLVO S90 (1998) - Cruise Control - 1

De schakelaar voor de Cruise Control zit op de richtingaanwijzerhendel. Gewenste snelheid instellen:

1 Zet schakelaar (B) in de stand ON.
2 Verhoog of verlaag tot de gewenste snelheid. N.B! De Cruise Control kan bij snelheden onder 35 km/nur niet ingeschakeld worden.
3 Druk SET-knop (A) op + of - in en u leest de gewenste snelheid af.

Snelheid verminderen

De Cruise Control wordt uitgeschakeld, als het rem- of koppelingspedaal ingetrapt wordt. De eerder ingestelde snelheid wordt in het geheu-gen bewaard. Als schakelaar (B) eventjes in de RESUME-stand gezet wordt, neemt de auto de eerder ingestelde snelheid weer aan.

Accelereren

Een tijdelijk snelheid vergroten, b.v. bij passeren, heeft geen invloed op de werking van de Cruise Control. De auto neemt de vorige snelheid weer aan zonder dat de schakelaar in de stand RESUME gezet moet worden. Omdat de Cruise Control al ingeschakeld is, kan de snelheid verhoogd of verlaagd worden door SET-knop (A) op + of - ingedrukt te houden. Kort indrukken komt overeen met ca 1,6 km/ uur. In plaats daarvan wordt de snelheid die de auto bij het loslaten van de knop heeft ingecprogrammeerd.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

De Cruise Control mag niet in druk ver- keer of op een gladde weg gebruikt wor- den.

N.B! Bij het rijden op een helling kan de werkelijke snelheid iets van de ingestelde afwijken.

Uitschakelen

Zet schakelaar (B) in de stand Off of trap op het rem- of koppelingspedaal. Als het contact afgezet of de keuzehendel in stand N gezet wordt, wordt de Cruise Control automatisch uitgeschakeld. Als de snelheid onder 75% van de gekozen snelheid daalt, wordt de Cruise Control automatisch uitgeschakeld. Dit gebeurt ook bij doorslippende/blokkerende wielen.

Automatische versnellingsbak

Wanneer u op hellingen rijdt, kan de versnellingsbak de neiging hebben om voortdurend te schakelen. U kunt dit voorkomen door het Economie programma te kiezen of de keuzehendel op stand 3 te zetten.

Parkeerrem, Sigareaansteker, Asbakjes en Stoelverwarming

VOLVO S90 (1998) - Parkeerrem, Sigareaansteker, Asbakjes en Stoelverwarming - 1

Schakelaar voorstoelverwarming

Parkeerrem (handrem)

De hendel zit tussen de voorstoelen. Als de parkeerrem aangetrokken is, brandt het waarschuwingslampje in het instrumentenpaneel. Als de parkeerrem losgezet moet worden, moet de hendel iets omhooggetrokken en de knop ingedrukt worden. Gebruik bij parkeren altijd de parkeerrem, want dan blijft deze goed werken.

Sigareaansteker en asbakjes

Druk de aansteker in, als deze gebruikt moet worden. Als hij warm genoeg geworden is - na ca 6-8 seconden - komt hij automatisch met een "klik" naar buiten. Als een asbakje geleegd moet worden, moet het helemaal uitgetrokken, de lip omlaaggedrukt en het asbakje verwijderd worden.

Schakelaars stoelverwarming

De elektrische verwarming kan met de schakelaars in- en uitgeschakeld worden. De verwarming werkt geheel automatisch en reageert op de temperatuur bij het starten. Als de juiste temperatuur bereikt is, schakelt de verwarming automatisch uit. De verwarming van de passagiersstoel wordt alleen bediend, als er iemand op de stoel zit.

Elektrisch bediende raammechanismen

Links achter

Links voor

VOLVO S90 (1998) - Elektrisch bediende raammechanismen - 1

Rechts achter
Rechts voor

OFF ON

Schakelaar raammechanismen achter

De elektrisch bediende raammechanismen worden met de schakelaars in de armsteunen van de portieren bediend. Om de raammechanismen te kunnen bedienen moet de startsleutel in de "rijstand" staan. De ramen gaan open, als op het achterste deel van de schakelaar gedrukt wordt en zij gaan dicht door op het voorste deel van de schakelaar te drukken.

De elektrisch bediende zijruit aan bestuurderszijde is voorzien van een extra

"AUTO"-functie. Door deze toets snel in te drukken, opent de ruit volledig. Dit kan worden onderbroken door de toets nogmaals snel in te drukken. OPMERKING! De AUTO-functie geldt enkel aan de bestuurderszijde.

Bij auto's met ook voor de achterportieren elektrisch bediende raammechanismen kunnen de raammechanismen vergrendeld worden met de schakelaar in het midden van het schakelaarpaneel van het bestuurdersportier. Denk eraan om altijd de stroom naar de raammechanismen te verbreken (d.w.z. de startsleutel te verwijderen), als u kinderen alleen in de auto achterlaat.

ON De ramen van de achterportieren kunnen met de schakelaar van het betreffende portier en met de schakelaar van het bestuurdersportier bediend worden.

OFF De ramen van de achterportieren kunnen alleen vanaf het bestuurdersportier en dus niet met de schakelaars van de achterportieren bediend worden.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Zorg er voor (speciaal als er kinderen in de auto zijn) dat bij het sluiten van de ramen geen handen klem komen te zitten.

N.B! De elektrisch bediende raammechanismen hebben een overbelastingsbeveiliging die werkt, als de ramen door iets geblokkeerd zijn. Als dit gebeurt: verwijder het voorwerp en wacht ca 20 seconden.

Dan is de beveiliging afgekoeld en kunt u de raammechanismen weer gebruiken.

Verwarming, ventilatie en airconditioning

Naar de achterbank

ECC - Electric Climate Control

De airconditioning werkt geheel automatisch, maar de installatie kan, desgewenst, ook met de hand bediend worden. Met behulp van twee sensoren die op verschillende plaatsen binnenin de auto aangebracht zijn, wordt de temperatuur automatisch geregeld. Een sensor zit aan de bovenkant van het dashboard en reageert daar op de zoninstraling. De andere sensor is in de plafondverlichting aangebracht en

A B C D

Openen - sluiten - richten

reageert op de temperatuur midden in de auto. Het is door de airconditioning mogelijk om in de auto een koel en aangenaam klimaat te krijgen, zelfs al is het buiten erg warm; denk er echter aan, dat de ramen en het schuifdak dicht moeten zijn.

Zorg ervoor dat de afvoeropeningen op de hoedenplank en in de wieluitsparingen in de bagageruimte van de 5-deurs modellen niet geblokkeerd raken.

Op de volgende twee pagina's staat meer over de werking van de airconditioning en hoe deze het doelmatigst gebruikt kan worden.

Blaasmonden

A Open

B Gesloten

C Opzijrichten van de luchtstroom

D Omhoogrichten van de luchtstroom

Verwarmings- en ventilatiesysteem met automatische airconditioning

Aanjager 0 = afgezet 5 = hoogste snelheid AUT = aanjagersnelheid automatisch aangepast Functiekiezer Kies de gewenste functie. AUT = normaal Temperatuurkiezer Stel de gewenste tempera- tour in. Wanneer deze knop ingedrukt is, wordt de lucht in het interieur "gerccirculeend", zonder aanvoer van verse buitenlucht. Zolang deze functie actief is, brandt het kader rond het con- trolelampje. Met de functiekiezer op de positie "ontwasemen" is de recirculatie nooit actief, ongeacht de stand van de knop. De airconditioning is actief bij ingedrukte knop. Zolang deze functie actief is, brandt het kader rond het controlelampje. Ingeval van systeemstoring gaat het lampje knipperen. De airconditioning is altijd actief wanner de functiekiezer op de positie "ontwasemen" staat, ongeacht de stand van de knop. Tempertuurkiezer AUT In deze stand wordt de luchtverde- ling automatisch aangepast. Lucht via de blaasmonden Lucht naar de ruiten. In deze stand recirculeert de lucht niet. Het air- conditioningsysteem is altijd inge- schakeld. Lucht naar de vloer en ruiten. Lucht naar de vloer. Lucht naar de vloer en de blaas- monden. Iets koudere lucht via de blaasmonden dan naar de vloer.

Verwarming en ventilatie

Zet de functiekiezer op AUT en kies de temperatuur.

Als de temperatuurkiezer op maximale warmte of koelte gezet wordt, werkt de aanjager op de hoogste snelheid.

Zo verdwijnen beslagen ruiten het snelst:

0 1 2 3 4 5 ALT ALT 24 22 20 18 AUTO

Zet de functiekiezer in de stand

VOLVO S90 (1998) - Zo verdwijnen beslagen ruiten het snelst: - 2

In deze stand is het airconditioningsysteem altijd ingeschakeld, ongeacht de stand van de knop 30 Tegelijk is de recirculatie-functie uitgeschakeld.

Hier nog enkele adviezen en inlichtingen:

  • Gebruik deze stand, als u een paar minuten geen last van stinkende uitlaatgassen wilt hebben. In deze stand komt namelijk geen frisse lucht van buiten. Maar rijd zo niet langer dan ca 10-15 minuten. Omdat er geen frisse lucht toegevoerd wordt, is er kans op ongezonde lucht in de auto.
  • Het airconditioningsysteem werkt niet bij temperaturen onder +6°C.

Gebruik de airconditioning regelmatig: dan werkt deze het beste.

N.B! Leg niets op de zonnewarmtegever die in het luidsprekerrooster rechts aangebracht is. De airconditioning krijgt dan verkeerde informatic.

Als het onder de auto druppelt, kan dit komen, omdat bij warm weer de airconditioning vaak condenswater afvoert.

Wanneer het gesnccuwd heeft, moet u de lucht-inlaat van het verwarmingssysteem vrijmaken (het rooster onderaan de voorruit).

Aanwijzing van een defect in de airconditioning

De knop ☐ heeft een controlelampje dat een defect in de airconditioning aangeeft.

Indien het controlelampje gaat knipperen, als het contact wordt aangezet, heeft de installatie een eenvoudig defect. Indien het lampje langer dan 20 seconden blijft knipperen, zit er een ernstiger defect in de airconditioning. Neem contact op met uw Volvo-werkplaats!

Moeilijke weersomstandigheden

Bij het rijden in zeer vochtige omstandigheden, zoals slagregen, smeltende sneeuw enz. kan het efficiënter zijn om de handmatige in plaats van de automatische instelling voor de ontwa- seming van de ruiten te kiezen. Zet de functie- kiezer op "Defrost" of "Defrost/vloer" en de aanjagersnelheid op 3 of hoger. Sluit ook de middelste blaasmonden.

Verwarming en ventilatie met handbediende airconditioning

Aanjager

0 = afgezet 5 = hoogste snelheid

Functiekiezer

Kies de gewenste functie.

Temperatuurkiezer

Stel de gewenste temperatuur in.

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80

VOLVO S90 (1998) - Temperatuurkiezer - 2

Wanneer deze knop ingedrukt is, "recirculeert" de lucht in het interieur, d.w.z. dat geen frisse lucht in de auto gezogen wordt. Het kader rond het controlelampje brandt rood wanneer deze functie actief is. Wanneer de functiekiezer in de stand defrost staat, is de recirculatie altijd uitgeschakeld, ongeacht de stand van de knop.

VOLVO S90 (1998) - Temperatuurkiezer - 3

Het airconditioningsysteem is ingeschakeld wanneer de knop ingedrukt is. Het kader rond het controlelampje brandt blauw wanneer de airconditioning aan staat. Het airconditioningsysteem is altijd ingeschakeld wanneer de functiekiezer in de stand defrost staat, ongeacht de stand van de knop.

Functiekiezer

VOLVO S90 (1998) - Functiekiezer - 1

Lucht via de blaasmonden.

VOLVO S90 (1998) - Functiekiezer - 2

Lucht naar de ruiten. In deze stand recirculeert de lucht niet. Het airconditioningsysteem is altijd ingeschakeld.

VOLVO S90 (1998) - Functiekiezer - 3

Lucht naar de vloer en naar de muiten.

VOLVO S90 (1998) - Functiekiezer - 4

Lucht naar de vloer.

VOLVO S90 (1998) - Functiekiezer - 5

Lucht naar de vloer en de blaasmonden. Iets koudere lucht via de blaasmonden dan naar de vloer.

Verwarming en ventilatie

Zo wordt het het warmst:

VOLVO S90 (1998) - Zo wordt het het warmst: - 1

Zet de middelste blaasmonden dicht. Zet, als het in het interieur warm geworden is, de aanjagerbediening in stand 2 en regel de temperatuur.

... en zo wordt het het koudst:

1 2 3 4 5 OSALOKING

Zet de blaasmonden open. moet ingedrukt zijn.

Regel de temperatuur met de temperatuurkie- zer.

... en zo verdwijnen beslagen ruiten:

1 2 3 0 5 D012000

Zet de functiekiezer in de stand Wanneer het gesneeuwd heeft, moet u de lucht- inlaat van het verwarmingssysteem vrijmaken (het rooster onderaan de voorruit).

Hier nog enkele adviezen en inlichtingen:

  • Voor het inschakelen van de airconditioning moet de aanjagerschakelaar tenminste in stand 1 staan.
  • Het airconditioningsysteem functioneert niet bij temperaturen onder +6°C.

VOLVO S90 (1998) - Hier nog enkele adviezen en inlichtingen: - 1

Gebruik deze stand om snel te verwar- /koelen of als u een paar minuten geen van stinkende uitlaatgassen wilt heb- In deze stand komt namelijk geen fris- cht van buiten. Maar rijd zo niet langer ca 10-15 minuten. Omdat er geen frisse t toegevoerd wordt, is er kans op onge- de lucht in de auto.

Om de aanslag snel uit de auto te verwijderen kan met voordeel de airconditioning gebruikt worden, ook al is het buiten relatief koud, omdat vocht uit de lucht verwijderd wordt, voordat deze in de auto geblazen wordt.

Gebruik de airconditioning regelmatig; dan werkt deze het beste.

Verwarming en ventilatie zonder airconditioning

Aanjager 0 = afgezet 5 = hoogste snelheid Functiekiezer Kies de gewenste functie. Temperatuurkiezer Stel de gewenste temperatuur in. De temperatuur in de auto kan nooit lager liggen dan de buitentemperatuur. De lucht "recirculeert" in het interieur, d.w.z. dat geen frisse lucht in de auto gezogen wordt. Het kader rond het controlelampje brandt rood wanneer deze functie actief is. Wanneer de functiekiezer in de stand defrost staat, is de recirculatie altijd uitgeschakeld, ongeacht de stand van de knop.

Functiekiezer

Lucht via de blaasmonden. Defroster Lucht naar de ruiten. In deze stand recirculeert de lucht niet. Lucht naar de vloer en naar de ruiten. Lucht naar de vloer. Lucht naar de vloer en de blaas- monden. Iets koudere lucht via de blaasmonden dan naar de vloer.

Verwarming en ventilatie

Zo wordt het het warmst:
1 2 3 0 5 1 0 004.1011

Hier nog enkele adviezen en inlichtingen:

Gebruik deze stand, als u een paar minuten geen last van stinkende uitlaatgassen wilt hebben. In deze stand komt namelijk geen frisse lucht van buiten. Maar rijd zo niet langer dan ca 10-15 minuten. Omdat er geen frisse lucht toegevoerd wordt, is er kans op ongezonde lucht in de auto.

... en zo wordt het het koudst:
1 2 3 0 5 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50

Zet de blaasmonden open. Regel de temperatuur met de temperatuurkiezer.

... en zo verdwijnen beslagen ruiten:
1 2 3 0 5 100% 0 00A:1213

Zet de functiekiezer in de stand 2021. Wanneer het gesneeuwd heeft, moet u de lucht- inlaat van het verwarmingssysteem vrijmaken (het rooster onderaan de vooruit).

Schuif-/kanteldak

VOLVO S90 (1998) - Schuif-/kanteldak - 1

Elektrisch bediend schuif-/kanteldak

Het schuif-/kanteldak werkt op twee manieren: als een gewoon schuifdak en ook kan het achterste deel omhooggezet worden, zodat u een "ventilatiestand" krijgt.

De startsleutel moet in de rijstand staan. Om het schuifdak open te doen: druk op de onderkant van de schakelaar.

Om het schuifdak dicht te doen: druk op de bovenkant van de schakelaar.

Voor de ventilatiestand: druk op de bovenkant van de schakelaar en druk op de onderkant om dicht te doen.

VOLVO S90 (1998) - Elektrisch bediend schuif-/kanteldak - 1

N.B! Het elektrisch bediende schnifdak heeft een overbelastingsbeveiliging die werkt, als het dak door iets geblokkeerd wordt. Als dit het geval is, moet het voorwerp verwijderd en ca 20 seconden gewacht worden.

Dan is de beveiliging afgekoeld en kunt u het schuifdak weer gebruiken.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Zorg er voor (speciaal als er kinderen in de auto zijn) dat bij het sluiten van het schuifdak geen handen klem komen te zitten.

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 2

Bij het schuifdak hoort aan de binnenkant ook een met de hand verschuifbaar zonnescherm. Dit gaat automatisch iets terug, als de "ventilatiestand" gebruikt wordt.

N.B! Doe het zonnescherm niet dicht, als het dak in de ventilatiestand staat, want het zou niet goed meer kunnen werken.

Interieur, portieren, kofferdeksel, schuifdak

Op de volgende pagina's worden b.v. stoelen, autogordels, portieren behandeld:

Portieren en sloten 2:2

Alarmsysteem 2:6

Voorstoelen 2:8

Achteruitkijkspiegels 2:10

Binnenverlichting, Schuifdak 2:11

Bergruimte 2:12

Bagageruimte, 5-deurs model 2:16

Veiligheidsgordels 2:20

SRS (airbag) 2:22

Kinderen in de auto 2:28

Correct laden, 5-deurs model 2:33

Ladingnet, 5-deurs model 2:34

Bagage-afdekking, 5-deurs model 2:35

Portieren en sloten

VOLVO S90 (1998) - Portieren en sloten - 1

Hoofdsleutel
Deze sleutels passen op alle sloten.

VOLVO S90 (1998) - Portieren en sloten - 2

Hulpsleutel
Voor voorportieren en start-/stuurslot.

De verschillende autosleutels zijn uitgerust met een gecodeerde zend/ontvanger (transponder). De code in elke sleutel wordt doorgegeven via een antenne in het startslot en vergeleken met de code in de regeleenheid van de startonderbreker. De auto kan alleen gestart worden als de juiste sleutel met de juiste code gebruikt wordt.

Als u de sleutels van de auto verliest, breng dan de overige sleutels naar een erkende Volvo-werkplaats. Ter voorkoming van diefstal moet de code van de verloren sleutel uit het systeem worden gewist en de overige sleutels opnieuw in het systeem worden geprogrammeerd«.

Nummerplaatje

De nummers van de sleutels (hoofdsleutels en extra sleutels) staan vermeld op een afzonderlijk nummerplaatje. Bewaar het nummerplaatje niet

bij uw sleutelbos, zodat niemand het nummer kan kopiëren. Bewaar het op een veilige plaats.

Portieren op slot en van het slot doen

Alle portieren en het kofferdeksel worden automatisch geopend en gesloten met het slot van het bestuurdersportier. Draai de sleutel een kwartslag rechtsom om alle portieren en het kofferdeksel te openen en een kwartslag linksom om deze op slot te doen. Het voorste passagiersportier kan ook met de sleutel worden geopend en gesloten, maar dat heeft geen invloed op de andere portieren en het kofferdeksel.

Alle portieren worden van binnenuit op slot gedaan door het vergrendelknopje aan de bestuurderskant in te drukken. De portieren kunnen altijd van binnenuit worden geopend, zelfs als de vergrendelknopjes ingedrukt zijn. Gebruik de startslutel om het bestuurdersportier van buitenaf op slot te doen.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Laat tijdens het rijden de vergrendelknopjes niet ingedrukt! Bij een ongeluk moeten de redders snel in de auto kunnen komen. Als het kinderveiligheidsslot vergrendeld is, kunnen de achterportieren alleen van buitenaf worden geopend, indien de knopjes omhooggetrokken zijn. De vergrendelknopjes van de achterportieren kunnen met de binnenhandgreep omhooggeschoven worden. Daarna kunt u de achterportieren van buitenaf openen.

Portieren en sloten

VOLVO S90 (1998) - Portieren en sloten - 1

Hoofdsleutel voor het kofferdeksel/de achterklep

Kofferdeksel-/achterklepslot

Op auto's met centrale vergrendeling wordt het kofferdeksel gestuurd door het slot van het bestuurdersportier.

U kunt de koffer echter ook op en van het slot doen met de hoofdsleutel, zelfs wanneer de auto "centraal vergrendeld" is.

VOLVO S90 (1998) - Kofferdeksel-/achterklepslot - 1
Van het slot doen

VOLVO S90 (1998) - Kofferdeksel-/achterklepslot - 2
Op slot doen

Trek de sleutel er loodrecht uit!

Bovendien kan het kofferdeksel/de achterklep als volgt tegen bediening door de centrale vergrendeling "geblokkeerd" worden:

VOLVO S90 (1998) - Kofferdeksel-/achterklepslot - 3
Trek de sleuteel er horizontaal uit

Het kofferdeksel/de achterklep is nu altijd op slot.

Deze mogelijkheid om het kofferdeksel/de achterklep te "blokkeren" kan gebruikt worden, als de auto uitgeleend wordt en bagage "on-aangeraakt" moet blijven. Geef de dubbelsleutel aan degene die de auto moet lenen.

Om het slot weer door de centrale vergrendeling te kunnen laten bedienen moet u het volgende doen:

VOLVO S90 (1998) - Kofferdeksel-/achterklepslot - 4
Trek de sleutel er loodrecht uit!

VOLVO S90 (1998) - Kofferdeksel-/achterklepslot - 5

Knop kinderveiligheidsslot

Kinderveiligheidsslot

De knop zit helemaal achteraan in de achterportieren en is onbereikbaar, als het portier dicht is.

A het slot werkt normaal

B het portier kan niet van binnenuit geopend worden.

Denk eraan dat, als de knop in stand B staat, de passagiers op de achterbank bij een eventueel ongeluk niet uit de auto kunnen komen. De achterportieren moeten dan van buitenaf geopend worden. Zie ook de tekst van de waarschuwing in het kader op de vorige pagina.

Centrale vergrendeling met afstandsbesturing, zonder alarm (sommige markten)

VOLVO S90 (1998) - Centrale vergrendeling met afstandsbesturing, zonder alarm (sommige markten) - 1

Volvo raadt aan om de portieren niet van binnenuit te vergrendelen met de afstandsbediening. Om veiligheidsredenen kunnen de portieren en de koffer niet vergrendeld worden wanneer de contactsleutel zich in positie I of II bevindt. Het is echter wel mogelijk ze te ontgrendelen. Om diefstal te voorkomen kunt u de afstandsbediening het beste aan de sleuteling laten. Als u de auto uitleent aan iemand die u niet voldoende kent, moet u deze persoon de hulpsleutel overhandigen, en niet de afstandsbediening. Neem onmiddellijk contact op met uw Volvo-dealer als u een van de afstandsbedieningen verliest. Voor meer informatie over de autosleutels, zie pagina 2:2.

Centrale vergrendeling met afstandsbesturing, (extra uitrusting)

Uw auto kan in optie uitgerust worden met een afstandsbediend systeem voor centrale vergrendeling. Dankzij dit systeem kunnen de sloten van portieren en koffer vergrendeld worden zonder sleutel.

De auto wordt geleverd met twee gecodeerde afstandsbedieningen. Met de afstandsbediening kunnen alle portieren en de koffer geopend en vergrendeld worden van op een afstand van 3-5 meter.

Ontgrendeling

Druk de grote knop van de afstandsbediening in. U hoort een korte bieptoon. Ook de richtingaanwijzers geven twee korte lichtsignalen. Tegelijk gaat de binnenverlichting branden. Alle portieren en de koffer zijn nu ongtrendeld.

Vergrendeling

Sluit alle portieren en de koffer. Druk de grote knop van de afstandsbediening in. U hoort een korte bieptoon. Ook de richtingaanwijzers geven één lang lichtsignaal. Alle portieren, de koffer en de motorkap zijn nu vergrendeld.

Belangrijke punten

Als u na ontgrendeling van de auto geen van de portieren of de koffer opent binnen 2 minuten, worden de portieren en koffer automatisch weer vergrendeld.

Vergrendelen en ontgrendelen met de sleutel

Als u enkel de autosleutels gebruikt, zullen de richtingaanwijzers geen bevestigingssignaal geven.

Kleine knop

Deze knop wordt enkel gebruikt in combinatie met een alarmsysteem.

Centrale vergrendeling met afstandsbesturing, zonder alarm (sommige markten)

Auto's met elektronische startonderbreker

Op sommige markten zijn de auto's met elektronische startonderbreker uitgerust met een LED op het dashboard. Het knipperen van deze LED geeft aan dat de elektronische startonderbreker geactiveerd is.

Programmering van nieuwe afstandsbedieningen

Alle afstandsbedieningen moeten tegelijk geprogrammeerd worden (maximum 4 afstandsbedieningen).

Programmering van uw nieuwe afstandsbedieningen:

  • Sluit alle portieren, de motorkap en de koffer.
  • Zet het contact binnen tien seconden 5 keer aan en uit en laat het de vijfde keer aan staan.
  • Druk een van de twee toetsen van elke afstandsbediening in.
  • Opmerking: De eerste afstandsbediening moet binnen 15 seconden geprogrammeerd worden. De rest moet geprogrammeerd worden met tussenpozen van maximaal 10 seconden.
  • Zet het contact af en test de afstandsbedieningen.
  • Als u dit verkiest, kunt u deze bewerking ook overlaten aan uw Volvo-dealer.

Opgelet!

VOLVO S90 (1998) - Opgelet! - 1

Vergrendel de portieren niet van binnenuit met de afstandsbediening. Anders kunnen de hulpdiensten zich bij een ongeval geen toegang verschaffen tot het interieur van de auto.

Volvo raadt aan de portieren niet van binnemuit te vergrendelen met de afstandsbediening.

Batterijen vervangen.

De afstandsbediening geeft bij gebruik een korte pieptoon, hetgeen aangeeft dat de batterijen in orde zijn. Wanneer u echter bij elk gebruik van de afstandsbediening een serie van 3 korte pieptonen hoort, dan betekent dit dat de batterijen bij de eerstvolgende onderhoudsbeurt of binnen een paar weken moeten worden vervangen. Volvo adviseert om uit voorzorg de batterijen één keer per jaar te vervangen. Ga als volgt te werk indien u de batterijen zelf vervangt:

  • Draai het kapje op de afstandsbediening met behulp van een muntstuk naar links, in de richting van "OPEN". Draai niet verder dan de "OPEN"-markering! Verwijder het kapje voorzichtig.
  • Vervang de batterijen (3 Volt, type CR 1220). Plaats de nieuwe batterijen eerst in het kapje! Zorg dat de afdichtring van het kapje goed op zijn plaats zit.

VOLVO S90 (1998) - Batterijen vervangen. - 1

Opmerking! Het drukveertje onder de batterijen is breekbaar!

  • Plaats het kapje met de nieuwe batterijen weer in de oorspronkelijke stand terug, aan de hand van de markeringen op de achterzijde van de afstandsbediening. Controleer of het kapje goed is vastgedraaid, zodat er geen vocht in de eenheid kan komen.
  • Oude batterijen kunt u inleveren bij uw Volvo-dealer, die voor verdere milieuvriendelijke verwerking zal zorgdragen.
  • Raak de batterijen niet met uw vingers aan; dit verkort de levensduur ervan. Gebruik handschoenen, een zakdoek of iets dergelijks.

Centrale vergrendeling met afstandsbesturing en alarm (sommige markten)

Activering van het alarm

Sluit alle portieren en de koffer. Druk knop I van de afstandsbediening in. U hoort een korte bieptoon. De richtingaanwijzers geven een lang lichtsignaal. De portieren, motorkap en koffer zijn nu vergrendeld en het alarm is geactiveerd. De LED op het dashboard knippert wanneer het alarm geactiveerd is.

Desactivering van het alarm

Druk knop 1 van de afstandsbediening in. De richtingaanwijzers geven twee korte lichtsignalen. Tegelijk gaat de binnenverlichting branden. De portieren, motorkap en koffer zijn nu ontgrendeld.

OPMERKING!

Als uw afstandsbediening om welke reden ook niet zou werken, als u hem kwijt bent of als hij beschadigd is en u toch de auto wilt starten, moet u als volgt te werk gaan: Open het bestuurdersportier met de sleutel. Het alarm wordt ingeschakeld en de claxon weerklinkt. Wacht totdat het alarm niet meer weerklinkt (ongeveer 30 seconden), en start dan de auto binnen de 5 seconden. Het alarmsysteem is nu gedesactiveerd. Het alarm kan na deze procedure alleen weer geactiveerd worden met een werkende afstandsbediening. Ingeval een van de sensoren een alarm heeft gegenereerd of er een poging is geweest om in de auto te breken zonder de sleutel, kan bovenstaande methode niet gebruikt worden. De auto kan dan alleen gestart worden met een werkende afstandsbediening.

1 2

5020464
Afstandsbediening

Belangrijke punten

  1. Wanneer het contact wordt aangezet, wordt het alarm gedesactiveerd.
  2. Als de LED langer dan 5 seconden continu brandt, wijst dit op een storing in een van de alarmcircuits (zoals een slecht gesloten portier).
  3. Als u het alarm desactiveert maar geen van de portieren, motorkap of koffer opent

binnen twee minuten, wordt het alarm weer geactiveerd (en de portieren weer vergrendeld). Als u zich nog in de auto bevindt terwijl het alarm om de een of andere reden ingeschakeld is, dan zal het alarm geactiveerd worden wanneer u de auto probeert te starten. In dit geval moet u het gehele alarmsysteem uitschakelen met behulp van uw afstandsbediening. Zie de volgende bladzijde

  1. Wanneer het alarm afgaat, weerklinkt de extra claxon in de motorruimte gedurende 30 seconden. Bovendien knipperen de richtingaanwijzers gedurende vijf minuten.
  2. Als de LED continu blijft branden na de desactivering van het alarm, wijst dit er op dat er een poging tot inbraak in de auto heeft plaatsgevonden.
  3. Als u om welke reden ook de aandacht wilt trekken wanneer u zich in of bij de auto bevindt, met het alarmsysteem gedesactiveerd en het contact afgezet, moet u het overvalalarm als volgt inschakelen: druk de kleine knop (2) van de afstandsbediening gedurende 3 seconden in. De extra claxon gaat werken en de knipperlichten werken gedurende 30 seconden. Om het overvalalarm af te zetten moet u een van de toetsen van de afstandsbediening indrukken.
  4. U kunt de auto ook afsluiten als een van de portieren openstaat. Daarom is het belangrijk om ervoor te zorgen dat uw sleutel niet in de auto ligt als het laatste portier gesloten wordt.

Centrale vergrendeling met afstandsbesturing en alarm (sommige markten)

Volledige ontkoppeling van het alarmsysteem

U kunt deze functie gebruiken wanneer de auto een onderhoudsbeurt krijgt of wanneer u hem uitleent. Overhandig uw afstandsbediening nooit aan een vreemde. Zo voorkomt u dat buiten uw medeweten andere afstandsbedieningen voor uw auto worden geprogrammeerd.

Ga te werk als volgt: Desactiveer het alarmsysteem en zet het contact aan. Druk knop 1 gedurende 3 seconden in. Wacht tot de knipperlichten van de auto twee korte signalen geven. Ter bevestiging knippert ook de LED van het instrumentenpaneel om de drie seconden.

Het alarm wordt weer aangesloten wanneer u het activeert.

Accu van de auto vervangen (alarmsysteem met extra sirene)

Desactiveer het alarmsysteem. Zet het contact aan en weer uit. Ontkoppel een van de polen van de accu in de motorruimte binnen 15 seconden. De sirene wordt weer aangesloten wanneer de stroomvoorziening hersteld wordt.

Programmeren van nieuwe afstandsbedieningen

Alle afstandsbedieningen moeten tegelijk geprogrammeerd worden (maximum 4 afstandsbedieningen).

Ga te werk als volgt:

  • Sluit alle portieren, de motorkap en de koffer.
  • Zet het contact 5 keer binnen tien seconden aan en uit, en laat het de laatste keer aan staan.
  • Druk een van de twee toetsen van een afstandsbediening in.
  • Opmerking: De eerste afstandsbediening moet geprogrammeerd worden binnen de 15 seconden. De rest moet geprogrammeerd worden met een maximale tussentijd van 10 seconden. - Wanneer het alarmsysteem de codes van de verschillende afstandsbedieningen heeft aanvaard, gaat de LED op het dashboard even continu branden en daarna snel knipperen.
  • Zet het contact uit en test de afstandsbedieningen.
  • Als u dit verkiest, kunt u deze bewerking ook overlaten aan uw Volvo-dealer.

Sensoren ontkoppelen

Het alarmsysteem kan uitgerust zijn met verschillende types sensoren, die een extra beveiliging bieden voor uw auto.

Niveausensor: reageert wanneer de auto gaat hellen, zodat het alarm geactiveerd wordt wanneer iemand probeert uw wielen te stelen enz. Tijdens tochtjes op veerboten e.d. is het aangewezen de niveausensor te ontkoppelen.

Ultrageluidssensor: reageert op bewegingen in de auto. Laat dus geen honden of kinderen in de auto achter.

Glasbreuksensor: reageert op het geluid van brekend glas.

Om de sensoren te ontkoppelen: desactiveer het alarmsysteem en zet het contact aan. Druk knop 1 van de afstandsbediening even in. Wacht tot de richtingaanwijzers van de auto een kort lichtsignaal geven. Activeer daarna het alarmsysteem weer. De sensors worden weer aangekoppeld wanneer u de ontsteking of het alarmsysteem weer inschakelt.

Opmerking! Wanneer u één sensor ontkoppelt, zijn automatisch alle sensoren in de auto ontkoppeld.

Voorstoelen

Hoogte-instelling

De voorkant van de bestuurders- en passagiers-stoel kan op drie verschillende hoogten en de achterkant in vier standen gezet worden.

Hendel naar voren = de voorkant kan versteld worden.

Hendel naar achteren = de achterkant kan versteld worden.

ersteld an - = zachter Lendesteun + = harder Hellingshoek van de rugleuning

Lengteverstelling

Verstel de stoel, voordat u gaat rijden. Als de beugel omhooggebracht is, kan de stoel naar voren of achteren geschoven worden.

Controleer of de stoel vergrendeld is, als de stoel versteld is.

WAARSCHUWING!

Verstel de stoel, voordat u gaat rijden.

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Elektrische regeleenheid

N.B! De elektrisch verstelbare voorstoelen hebben een beveiliging tegen overbelasting die werkt, als een stoel door iets geblokkeerd is. Als dit gebeurt, moet het contact afgezet (de startsleutel in stand 0) en ca 20 seconden gewacht worden, voordat de stoel weer gebruikt kan worden

Voorstoelen

Elektrisch bediende bestuurders- en passagiersstoel zonder geheugen

Als uw Volvo elektrisch verstelbare stoelen heeft, kunt u met de twee schakelaars aan de zijkant van de stoel instellen:

De hoogte van de voorkant van de stoel

Naar voren - naar achteren

De hoogte van de achterkant van de stoel

De hellingshoek van de rugleuning

Stopknop (alleen stoel zonder geheugen)

De knop STOP is een noodstopknop. De knop schakelt de overige schakelaars uit, zodat de stoel niet per ongeluk versteld kan worden.

Elektrisch bediende bestuurders- en passagiersstoel met geheugenfunctie.

Programmering:

Drie standen kunnen opgeslagen worden. Nadat de stoel ingesteld is, wordt de knop MEM ingedrukt gehouden en tegelijk op knop 1 gedrukt. Met de geheugenknoppen 2 en 3 kunnen nog meer stoelstanden in het geheugen opgeslagen worden.

VOLVO S90 (1998) - Programmering: - 1

Houd een van de geheugenknoppen (1, 2 of 3) ingedrukt tot de stoel stopt.

Zodra een van de verstelknoppen wordt losgelaten stopt de stoel om veiligheidsredenen onmiddellijk met bewegen.

Noodstop (stoel met geheugen)

Als de stoel per ongeluk in beweging komt, moet u een van de knoppen indrukken. De stoel staat dan direct stil.

Contactsleutel

De contactsleutel moet niet in het contactslot zitten om de stoelen te verstellen.

N.B! De elektrisch verstelbare voorstoelen hebben een beveiliging tegen overbelasting die werkt, als een stoel door iets geblokkeerd is. Als dit gebeurt, moet het contact afgezet (de startsleutel in stand 0) en ca 20 seconden gewacht worden, voordat de stoel weer gebruikt kan worden.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Bij het verstellen van de stoelen moet u nagaan of zich geen voorwerpen voor of achter de stoel bevinden. Zorg ervoor dat de achterpassagiers niet beklemd kunnen raken bij het verstellen. Zorg ervoor dat de kinderen niet met de schakelaars spelen om te voorkomen dat ze bekneld zouden raken.

Achteruitkijkspiegels

A B

B = anti-verblindingsstand

A B A B HIDEX

Schakelaars buitenspiegels

VOLVO S90 (1998) - Achteruitkijkspiegels - 3

B anti-verblindingsstand. Gebruik deze stand, als u last van de koplampen van auto's achter u heeft.

Buitenspiegels, elektrisch instelbaar

De schakelaars voor het instellen van de twee buitenspiegels zitten helemaal vooraan in de armsteun van het voorportier.

A zijdelings instellen

B hoogte instellen

Make-up spiegel

Draai de klep omhoog, dan gaan de beide lampen branden.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Stel de spiegels goed in, voordat u gaat rijden!

Gebruik geen stalen schraper om ijs van de spiegels te verwijderen, omdat dan het spiegelglas kan krassen! Bepaalde modellen hebben aan de bestuurderskant een buitenspiegel waarvan de buitenste helft van

het spiegelglas een "groothoekspiegel" is die de "dode hoek" elimineert. Denk eraan, dat de spiegel een verkeerd beeld van hoeken en afstanden geeft!

Binnenverlichting

Leeslampjes voor de voorstoelen
1 2 3

Plafondlamp

A B

Leeslampjes achter

VOLVO S90 (1998) - Binnenverlichting - 3

Binnenverlichting, leeslampjes

De binnenverlichting bestaat uit een plafondlamp en leeslampjes voor de vier zitplaatsen van de auto.

1 De lamp is altijd aan
2 De lamp is altijd uit
3 De lamp gaat branden, als een van de portieren geopend wordt.

Om u de tijd te geven om o.a. in het donker het startslot te vinden, heeft de binnenverlichting een ingebouwde vertraging waardoor de lamp pas 30 seconden na het sluiten van het bestuurdersportier uitgaat. De lamp gaat onmiddellijk uit als de portieren vergrendeld worden of als het contact wordt aangezet.

Leeslampjes achter

A Lampje brandt

B Lampje brandt niet

Voor de achterpassagiers zijn er twee leeslampjes in het plafond. Deze verlichting wordt met de schakelaar aan en uit gedaan.

Portierschakelaar

De binnenverlichting en de rode waarschuwingslampen in de achterplaten van de portieren gaan aan, als een portier geopend wordt.

Als u de portieren een tijdje open wilt hebben, maar niet wilt, dat deze lampen branden, moet u alle portierschakelaars indrukken en iets rechtsom draaien: de lampen gaan dan uit.

Als het portier gesloten wordt, komen de schakelaars in de normale stand terug.

Opbergplaatsen

VOLVO S90 (1998) - Opbergplaatsen - 1

Let erop, dat er geen zware voorwerpen op de hoedenplank of op andere plaatsen liggen waar deze bij sterk afremmen gevaarlijke projectielen kunnen worden. Zet grote, zware dingen altijd met een van de autogordels vast!

VOLVO S90 (1998) - Opbergplaatsen - 2

VOLVO S90 (1998) - Opbergplaatsen - 3

Opbergplaatsen in de middenconsole (bepaalde modellen)

Bepaalde modelle bekerhouders voor achterin. Om de gebruiken, moet ze achterin te gel 180° openen. De middenconsole k om voorwerpen o geluidscassettes.

Bepaalde modellen zijn uitgerust met bekerhouders voor de passagiers voorin en achterin. Om de bekerhouders voorin te gebruiken, moet u ze naar voren trekken. Om ze achterin te gebruiken, moet u het deksel 180° openen. De opbergplaatsen in de middenconsole kunnen ook gebruikt worden om voorwerpen op te bergen, bijvoorbeeld geluidscassettes. Als het deksel 90° geopend is, kan het bovengedeelte dienst doen als opbergplaats voor een mobilofoon.

De krik moet altijd helemaal ingedraaid zijn om in de houder te passen. Zet de krik met de riem vast.

VOLVO S90 (1998) - Opbergplaatsen in de middenconsole (bepaalde modellen) - 2

Bagageruimteverlichting

A De lamp is altijd uit.

B De lamp brandt, als het kofferdeksel open is.

Luikje voor "lange lading" 4-deurs model

VOLVO S90 (1998) - Luikje voor "lange lading" 4-deurs model - 1

Lange lading altijd verankeren

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Veranker de lading met de neergeklapte armleuning. Anders kan de lading bij sterk afremmen gaan schuiven en persoonlijk letsel toebrengen. Beschern scherpe randen met iets zachts.

Om lange voorwerpen te kunnen vervoeren zit er in het paneel achter de rugleuning van de achterbank een luikje waardoor geladen kan worden (zie de afbeelding). Als b.v. voor ski's een zak (accessoire) gebruikt wordt, wordt de bekleding niet vuil gemaakt.

N.B.! Het luikje is er alleen voor lichte lading (b.v. ski's). Maximumlengte: 2 meter en maximumgewicht: 15 kg.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Zet de motor af en trek de parkeerrem aan bij het laden of lossen van lange voorwerpen! In ongunstige gevallen kan de lading tegen de versnellings- of de keuzehendel komen en deze in een rijstand zetten, waardoor de auto kan gaan rijden.

Achterklep, 5-deurs model

VOLVO S90 (1998) - Achterklep, 5-deurs model - 1

Openen van het achterportier

VOLVO S90 (1998) - Achterklep, 5-deurs model - 2

Openen van binnenuit

VOLVO S90 (1998) - Achterklep, 5-deurs model - 3

Plaats en standen van het achterklepslot

Openen en sluiten van het achterportier

Het achterklepslot zit achter een dekplaatje in de handgreep. Klap het dekplaatje naar beneden tot het vastklikt om de achterklep te openen of te sluiten met de sleutel. Hef de achterklep daarna omhoog. Het achterklepslot is verbonden met de centrale vergrendeling.

Van binnenuit de laadruimte wordt de achterklep geopend, als de handgreep naar links ge-trokken en tegelijk de achterklep naar buiten gedrukt wordt.

Vergrendeling achterklepslot

Gebruik de pal, als u niet wilt, dat de achterklep van binnenuit geopend kan worden.

A De achterklep wordt van binnenuit geopend.
B De achterklep kan niet van binnenuit geopend worden.

De gereedschapsdoos kan eruit genomen worden, als de pal verticaal gedraaid en de doos omlaaggeklapt wordt.

Reservewiel en krik

Het reservewiel en de krik met slinger zijn onder de mat in het grote opbergvak vastgezet.

Zet het reservewiel altijd goed vast en draai de krik zo vast, dat de slinger vastgeklemd wordt. Dan heeft u geen gerammel.

Verlichting in de laadruimte

Helemaal achterin de laadruimte zit een extra daklamp.

A De lamp gaat branden, als de achterklep geopend wordt.
0 De lamp is altijd uit.
B De lamp brandt altijd.

Grendel van de zitting

Achterbank neerklappen

Laadruimte verlengen

  • Zet de rugleuningen van de voorstoelen recht op, als deze erg achteroverhellen.
  • Trek aan de band voor de zittinggrendel en klap de zitting naar de rugleuningen van de voorstoelen.
  • De rugleuning van de achterbank bestaat uit twee delen. Deze kunnen apart neergeklapt worden.
  • Druk de grendel van de rugleuning naar achteren en klap de rugleuning voorover.
  • N.B! Let erop, dat de gaten in de plastic beschermers bovenin de rugleuning in de haken onderin de zitting haken.
  • De hoofdsteunen van de buitenste plaatsen gaan automatisch in de rugleuning en

VOLVO S90 (1998) - Laadruimte verlengen - 1

Grendel van de rugleuning

behoeven dus niet met de hand omlaaggedrukt te worden. Druk de hoofdsteun van de middelste plaats omlaag, als deze omhooggetrokken is.
- Bij het weer terugklappen van de rugleuning en de zitting gaan de hoofdsteunen weer in hun oorspronkelijke

VOLVO S90 (1998) - Laadruimte verlengen - 2

VOLVO S90 (1998) - Laadruimte verlengen - 3

standen (als deze hoog stonden, moet u deze zelf het laatste stukje omhoogtrekken).

Controleer of het rode vergrendelteken niet meer zichtbaar is. Dan is de rugleuning in de opgeklapte stand goed vergren-deld. Let er ook op, dat de autogordels niet ingeklemd worden.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Het rode vergrendelteken bij de grendelbediening van de rugleuning geeft aan, dat de rugleuning niet vergrendeld is. Als deze door het openingsknopje van de vergrendeling bedekt is, is de rugleuning vergrendeld. Door met een onvergrendelde rugleuning te rijden wordt bij snel afremmen of bij een botsing de kans op schade groter.

Zitting tegen de voorstoelen opklappen en zitting verwijderen

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 2

Onder de vloer van de laadraimte zitten drie opbergvakken. De klep voor het grote vak is in tweeën gedeeld.

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 3

Lading altijd verankeren

Zitting verwijderen

De zitting kan eenvoudig worden verwijderd; u krijgt dan een iets langere laadruimte. Ga te werk als volgt: klap de zitting tegen de voorstoelen op en verwijder de zitting.

Opbergvakken

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Laad zware lading niet tot vlak bij de voorstoelen, dan wordt de neergeklapte rugleuning onnodig zwaar belast. Laad nooit hoger dan de rugleuning! Als u dit toch doet, kan bij sterk afremmen of een botsing de lading naar voren geslingerd worden en u of uw passagiers ernstig letsel toebrengen. Denk er ook aan om de lading altijd goed te verankeren (vast te binden).

Verankeringsogen voor lading

Veranker volumineuze en zware lading altijd. Anders kan bij sterk afremmen of een botsing persoonlijk letsel toegebracht worden. Er zijn zes ogen om banden of touw aan vast te maken.

Bij uw Volvo-dealer kunt u banden kopen die bij de ogen passen.

Veiligheidsgordels

Gebruik bij het rijden altijd de veiligheidsgordel

Zelfs sterk afremmen kan ernstige gevolgen hebben, als de veiligheidsgordel niet gebruikt wordt! Zeg tegen alle passagiers, dat ook zij de veiligheidsgordel moeten gebruiken! In geval van een ongeluk worden anders degenen die op de achterbank zitten tegen de rugleuning van de voorstoelen geslingerd. Daardoor worden de veiligheidsgordels van de voorstoelen zwaarder belast dan waarvoor zij bestemd zijn. Alle personen in de auto kunnen dan letsel oplopen.

Deze moet u als volgt gebruiken: trek de veiligheidsgordel heel langzaam uit en zet deze vast door de borglip in de vergrendeling te steken. Een sterke "klik" geeft aan, dat de veiligheidsgordel vastzit. Normaal is de veiligheidsgordel niet vergrendeld en kunt u zich vrij bewegen.

De veiligheidsgordel wordt vergrendeld en kan dus niet uitgetrokken worden:

• als de gordel te snel uitgetrokken wordt
• bij afremmen en accelereren
• als de auto sterk overhelt
• bij het nemen van bochten.
Om de veiligheidsgordels los te maken moet op de rode vergrendelingsknop gedrukt worden. Laat daarna de rol de veiligheidsgordel geheel oprollen.

Laat de rugleuning niet te veel achterover hellen. De gordel is bedoeld als beveiliging bij een normale rijhouding.

VOLVO S90 (1998) - Gebruik bij het rijden altijd de veiligheidsgordel - 1

Veiligheidsgordel vastzetten

Het is voor een maximale bescherming van belang, dat de gordel goed tegen het lichaam ligt. Denk er daarom aan dat:

• de gordel niet scheef of gedraaid zit
- de heupgordel laag moet zitten (dus niet om de buik)
- de heupgordel strak om de heup moet worden gezet door diagonaalsgewijs aan de gordel te trekken (zie de afbeelding)
- geen klemmen of andere accessoires gebruikt worden waardoor de gordel niet strak kan zitten

Uiteraard is elke gordel slechts voor een persoon bestemd!

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Als de gordel, b.v. bij een botsing, zwaar belast geweest is, moet de gehele gordel compleet met rol, bevestigingen, bouten, sluiting en eventuele gordelspanner door een nieuwe vervangen worden. Zelfs al lijkt de gordel niet beschadigd te zijn, kan een deel van de beveiligende eigen- schappen ervan verloren gegaan zijn. Vervang de gordel ook, als deze erg ver- sleten of beschadigd is. Verander of repareer de veiligheidsgordel nooit zelf, maar laat dit door de Volvo-werkplaats doen!

Controleer af en toe de veiligheidsgordels

Het vergrendelen van de rolgordels kunt u controleren door de gordel vast te pakken en er snel aan te rukken. De gordel mag dan niet uitgetrokken worden! Controleer of de gordel niet tegen scherpe randen schuurt en overigens in goede staat is. Gebruik water en een synthetisch wasmiddel om de gordel te reinigen. Denk hierom! Het is in bepaalde landen wettelijk voorgeschreven, dat alle inzittenden de veiligheidsgordel moeten gebruiken.

VOLVO S90 (1998) - Controleer af en toe de veiligheidsgordels - 1

Hoofdsteun in de hoogte afstellen

Hoofdsteun achter (5-deurs model)

De hoofdsteunen in alle stoelen kunnen al naar gelang de lengte van de passagier in hoogte worden versteld. Trek de hoofdsteun met beide handen naar voren en druk hem tegelijkertijd naar beneden. Indien u het gordelkussen gebruikt, zorg dan dat de hoofdsteun zorgvuldig is afgesteld, zodat deze zich achter het hoofd van het kind bevindt. Zie ook Pagina 2:31.

Hoofdsteun achter (4-deurs-model)

De hoofdsteun in de middelste stoel kan al naar gelang de lengte van de passagier in boogte worden versteld. Druk de hoofdsteun zover als nodig is naar boven of naar beneden. Indien u het gordelkussen gebruikt, zorg dan dat de hoofdsteun zorgvuldig is afgesteld, zodat deze zich achter het hoofd van het kind bevindt. Zie ook Pagina 2:31.

SRS (Airbag) SIPS airbag

VOLVO S90 (1998) - SRS (Airbag) SIPS airbag - 1

De airbag is in het midden van het stuurwiel ingebouwd en aangeduid met 'SRS'.

SRS AIRBAG

De airbag is boven het handschoenenkastje ingebouwd en aangeduid met 'SRS'.

BIP6® BAG

De zijdelingse airbags zijn in de rugleuningen van de voorstoelen ingebouwd.

SRS (airbag) en SIPS (zijdelingse airbag)

Als extra beveiliging en als aanvulling op de standaard driepuntsgordel, is uw auto uitgerust met een airbag (SRS). De vermelding 'SRS' is aangebracht op het stuurwiel en op het dashboard aan de passagierszijde, als daar een airbag is aangebracht. De opblaasbare luchtkussens liggen samengevouwen in het stuurwiel en boven het handschoenenkastje. De SIPS-airbags (zijdelingse luchtkussens) zorgen voor een nog grotere veiligheid in de auto. Als de auto uitgerust is met SIPS, is de vermekling 'SIPS' aangebracht aan de zijkant van beide voorstoelen. De zijdelingse luchtkussens zijn aangebracht in de rugleuningen van de voorstoelen. De luchtkussens worden opgeblazen als de auto betrokken is bij een voldoende zware botsing. De hock van de botsing en de snelheid en de aard van het andere voorwerp spelen ook een rol bij het bepalen of de luchtkussens worden opgeblazen. De SIPS-luchtkussens treden alleen in werking bij zijdelingse botsingen (dezelfde factoren als hierboven gelden). U kunt hierover meer lezen op pagina 2:27.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

De airbag (SRS) is bedoeld als aanvulling op en niet ter vervanging van de veiligheidsgordel. De zijdelingse airbag (SIPS*) is bedoeld als aanvulling op het bestaande SIPS-systeem. Voor een optimale bescherming moet u altijd uw veiligheidsgordel dragen.

* Side Impact Protection System

SRS (Airbag) SIPS-airbag

Het SRS-systeem (luchtkussens in het stuurwiel en in het dashboard)

Dit systeem bestaat uit een gasgenerator (1), omgeven door een op- blaasbaar kussen (2). Bij voldoende zware botsingen activeert de sensor (3) het ontstekingssysteem van de gasgenerator, waardoor het lucht-kussen wordt opgeblazen en opgewarmd. Om de klap van het kussen tegen het lichaam op te vangen, begint het kussen direct na de botsing leeg te lopen. Hierbij komt wat rook vrij in de auto. Het hele verloop, van het opblazen tot het leeglopen van het kussen, neemt slechts enkele tienden van seconden in beslag.

Veiligheidsgordels met spanners

Auto's met airbags (SRS) hebben speciale gordelspanners met springladingen (4). In het rolsysteem is een kleine springlading aangebracht die tot ontploffing wordt gebracht op het moment van een botsing, waardoor de gordel zich strak om het lichaam spant om zo de speelruimte door losse kleding enz. weg te halen. Hierdoor worden de krachten van een botsing beter opgevangen.

SIPS-systeem (zijdelings luchtkussen)

Dit systeem bestaat uit een gasgenerator (4), een mechanische sensor (3), een pyrotechnische kabel (2) en een luchtkussen (1). Een voldoende zware botsing activeert de sensor, die de generator ontsteekt, die op zijn beurt het luchtkussen opblaast. Het luchtkussen plaatst zich tussen de inzittende en de deur en absorbeert de schok op het moment van de botsing en begint onmiddellijk daarna leeg te lopen. De SIPS-lucht-kussens in de voorstoelen werken onafhankelijk van elkaar.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Rijd nooit met opgeblazen airbags. Ze kunnen het besturen van de auto nadelig beïnvloeden. Andere beveiligingssystemen kunnen ook beschadigd worden. De rook en het stof als gevolg van het opblazen van de luchtkussens kunnen irritatie aan huid of ogen veroor-zaken, als u er te lang aan blootgesteld wordt. Spoel huid en/of ogen in dat geval met koud water en/of neem contact op met uw dokter. Door de snelheid waarmee het proces gepaard gaat kan het materiaal van de airbag schaafwonden veroorzaken.

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 2

Het waarschuwingslampje op het dashboard

Het SRS-systeem wordt permanent bewaakt door een sensor/diagnose-eenheid. Op het dashboard bevindt zich een waarschuwingslampje met de letters 'SRS'. Dit lampje gaat tegelijk met de andere lampjes branden als u de auto start en moet uitgaan als de motor draait. Ook als u de contactsleutel in positie II draait, moet het lampje na zo'n tien seconden uitgaan.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Als het waarschuwingslampje blijft branden of gaat branden tijdens het rijden, betekent dit dat het SRS-systeem niet naar behoren werkt. Als dit gebeurt, dient u onmiddellijk contact op te nemen met een erkende Volvo-werkplaats.

A-4m (13) 040413 A-4m (13) 1695 DOT IMPORTED BY: VOLVO NORUM AMERICA CORP. RODINI DASHI BELT NO. XXXXXX VOLVO COTHERNOLFO MAYA FRIJZIKEN DATE OF MANUFACTURE YEAR: WEEK DAY NO. 2 2

Label op de veiligheidsgordels met gordelspanners

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 3

Sticker op de deurstijl

Het jaar en de maand op de sticker op de deurstijl geven aan wanneer u naar uw erkende Volvo-werkplaats moet voor onderhoud of vervanging van de airbags en de gordelspanners. Probeer nooit zelf te werken aan het SRS-systeem of aan de SIPS-airbag. Neem contact op met uw Volvo-dealer als u vragen hebt over het SRS-systeem of de SIPS-airbags.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Probeer nooit zelf te werken aan het SRS-systeem of de SIPS-airbags, aangezien dit kan leidien tot defecten van het systeem en persoonlijke verwondingen. Werkzaamheden aan het SRS-systeem of de SIPS-airbags mogen alleen uitgevoerd worden in een erkende Volvo-werkplaats.

SRS (Airbag) SIPS-airbag

VOLVO S90 (1998) - SRS (Airbag) SIPS-airbag - 1

Opblazen van het luchtkussen aan passagierskant

Airbag - passagierskant

Wanneer het luchtkussen wordt opgeblazen, bedraagt het volume ongeveer 150 liter aan de passagierskant en ongeveer 65 liter aan de bestuurderskant (lager volume door de positie van het stuurwiel). Beide kussens bieden vrijwel dezelfde bescherming bij een botsing.

WAARSCHUWING!

Airbag - passagierskant

- Passagiers voorin mogen nooit voorover leunen over het dashboard, op het randje van de stoel gaan zitten, of in een vreemde houding zitten. Ze moeten rechtop zitten in een comfortabele positie, met hun rug tegen de rugleuning. De passagiers moeten te allen tijde hun veiligheidsgordel dragen.

- De passagiers moeten hun voeten op de vloer houden, en dus niet op het dashboard, in het portiervakje, op de stoel of tegen of uit het raam.

- Laat kinderen nooit voor de stoel staan of zitten.

- Gebruik nooit een kinderzitje of kinderkussen op de voorste stoel als u auto uitgerust is met een airbag aan de passagierskant.

- Passagiers die kleiner zijn dan 140 cm dienen niet in de passagiersstoel te zitten indien de auto is uitgerust met een airbag aan de passagierszijde.

- Er mogen geen voorwerpen of accessoires geplaatst worden op of bevestigd worden aan het SRS-paneel (boven het handschoenenkastje) of in de zone van ontplooiing van het luchtkussen.

- Laat geen losse voorwerpen slingeren op vloer, stoel of dashboard.

- Probeer nooit om h 1 SRS-paneel op het stuurwiel of boven het handschoenenkastje te openen. Dit mag slechts gebeuren in een erkende Volvo-werkplaats.

VOLVO S90 (1998) - Airbag - passagierskant - 1

WAARSCHUWING!

Bevestig geen labels of stickers op een van de SRS-panelen!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

SIPS-airbag

  • Gebruik voor de voorstoelen van auto's die zijn uitgerust met het SIPS-systeem uitsluitend de originele Volvo-bekleding of bekleding die door Volvo is goedgekeurd voor gebruik met airbags.
  • Plaats geen voorwerpen of accessoires in de zone van ontplooing van de zijdelingse airbag.
  • Probeer nooit om het SIPS-paneel in de voorstoelen te openen. Het vervangen van de onderdelen van de SIPS-airbag mag slechts uitgevoerd worden door een erkende Volvo-werkplaats.

SRS (Airbag) SIPS-airbag

12.4 6008:1

Airbag en kinderzijje kunnen niet samen worden gebruikt!

Het kind kan ernstig letsel oplopen als het kinderzitje of kinderkussen op de passagiersstoel wordt geplaatst van een auto met een airbag aan de passagierskant.

De achterbank is de meest veilige plaats voor een kinderzitje of een kinderkussen indien de auto is uitgerust met een airbag aan de passagierszijde.

Een kinderzitje of kinderkusseu kan op de passagiersstoel worden aangebracht indien de auto alleen aan de passagierszijde met een SIPS-airbag is uitgerust.

WARNING VOBO-IATENTIONATION VOLVO 90.14

SRS-tekst aan de zijkant van het dashboard

WAARSCHUWING!

Gebruik nooit een kinderzitje of kinderkussen op de voorste stoel als de auto uitgerust is met een airbag aan de passagierskant.

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

WARNING: (1) #1-4 #2-3 #3-4 #4-5 #5-6 #6-7 #7-8 #8-9 #9-10 #10-11 #12-13 #14-15 #16-17 #18-19 #20-21 #22-23 #24-25 #26-27 #28-29 #30-31 #32-33 #34-35 #36-37 #38-39 #40-41 #42-43 #44-45 #46-47 #48-49 #50-51 #52-53 #54-55 #56-56 #58-57 #60-61 #62-63 #64-65 #66-66 #68-67 #70-68 #72-67 #74-66 #76-65 #78-64 #80-63 #82-62 #84-61 #86-60 #88-59 #90-58 #92-57 #94-56 #96-55 #98-54 #100-53 #102-52 #104-51 #106-50 #108-49 #110-48 #112-47 #114-46 #116-45 #118-44 #120-43 #122-42 #124-41 #126-40 #128-39 #130-38 #132-37 #134-36 #136-35 #138-34 #140-33 #142-32 #144-31 #146-30 #148-29 #150-28 #152-27 #154-26 #156-25 #158-24 #160-23 #162-22 #164-21 #166-20 #168-19 #170-18 #172-17 #174-16 #176-15 #178-14 #180-13 #182-12 #184-11 #186-10 #188-9 #190-8 #192-7 #194-6 #196-5 #198-4 #200-3 #202-2 #204-1 #206-0

Opblazen van de SIPS-airbag

SIPS-airbag

Het SIPS-systeem bestaat uit een mechanische inrichting met twee hoofdelementen: de airbagmodule en de sensoreenheid. De airbag-module bevindt zich in het frame van de rugleu-ning van de stoel en de sensor is bevestigd aan de zijkant van het zitgedeelte van de stoel, aan de kant van het portier. Aangezien het een mechanisch systeem betreft, wordt de sensor niet bestuurd door de diagnose-eenheid van het SRS-systeem. In opgeblazen toestand heeft de airbag een inhoud van ongeveer 12 liter.

Wanneer de airbags worden opgeblazen

Bij een botsing reageert de sensor in het SRS-systeem zowel op de kracht van de botsing als op de vaartvermindering van de auto. De sensor berekent of de botsing voldoende zwaar is om de airbag in werking te stellen.

Hierbij moet worden opgemerkt dat de sensoren van de auto niet geactiveerd worden door vervorming van de carrosserie, maar wel door een sterke vaartvermindering op het moment van de botsing. Dit houdt in dat het SRS-systeem zal reageren wanneer de inzittenden in de voorstoelen gevaar lopen letsel op te lopen door aanraking met het dashboard of het stuurwiel.

De bovenstaande informatie geldt eveneens voor de SIPS-airbag, op het feit na dat deze alleen geactiveerd wordt bij zijdelingse botsingen, wanneer de auto in botsing komt met een onbeweeglijk/massief voorwerp binnen de zone die bestreken wordt door het SIPS-systeem, en als deze botsing voldoende zwaar is.

OPMERKING! Het SRS- en SIPS-airbagsysteem kan slechts één keer worden geactiveerd. Daarna adviseren wij het volgende:

  • Laat de auto naar een Volvo-werkplaats slepen. Zelfs als de auto na het ongeluk nog kan rijden, raden wij u af om ermee te blijven rijden nadat de airbags geactiveerd zijn.
  • De onderdelen van het SRS- en SIPS-systeem moeten worden vervangen in een erkende Volvo-werkplaats.
  • Gebruik alleen originele Volvo-onderdelen om de SRS- en SIPS-onderdelen te vervangen (airbags, gordelspanners etc.).

Het centrale element van het Volvo-veiligheids- systeem

De driepuntsgordel vormt het centrale element van het Volvo-veiligheidssysteem. Alle inzittenden moeten een veiligheidsgordel dragen in alle omstandigheden. Het SRS-systeem vormt slechts een aanvullende beveiliging op de driepuntsgordel, zoals het SIPS-airbagsysteem een aanvulling vormt op het SIPS-systeem in de carrosserie.

VOLVO S90 (1998) - Het centrale element van het Volvo-veiligheids- systeem - 1

WAARSCHUWING!

De SRS-sensor zit op de vloer onder de bestuurdersstoel. Als de vloerbekleding doorweekt raakt of als de vloer van het passagiersgedeelte onder water komt te staan, dient u de accuklemmen onder de motorkap los te koppelen. Probeer de motor niet te starten, omdat dan de airbag geactiveerd kan worden. Laat de auto wegslepen naar de dichtstbijzijnde erkende Volvo-werkplaats.

Kinderen in de auto

Ook kinderen moeten goed zitten - en veilig!

Een volwassene met de autogordel om is in een Volvo zeer goed beschermd bij een botsing of een ander ongeluk. Om uw kinderen dezelfde goede bescherming te kunnen geven volgen hier enkele adviezen over de uitrusting en de plaats van kinderen in de auto. Denk eraan, dat een kind, ongeacht de leeftijd en grootte, nooit "los" in de auto mag zitten. En laat ook nooit een kind bij een passagier op schoot zitten!

N.B! In veel landen is het wettelijk voorgeschreven, hoe kinderen in de auto geplaatst moeten worden. Informeer hiernaar in het land waarheen u wilt gaan. Welke bescherming het doelmatigst is, hangt als volgt af van de lichaamsgrootte van het kind.

Als alle zitplaatsen in het interieur bezet zijn, kan bij 5-deurs modellen een extra zitje in de bagageruimte gebruikt worden. Het extra zitje is geschikt voor twee kinderen, elk met een gewicht tot 40 kg en een lengte tot ca 10 cm.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Zet het kinderzitje nooit op de voorstoel, als de auto aan de passagierskant SRS (Airbag) heeft. Zie ook pag. 2:22.

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 2

Op de voorstoel gezet

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 3

Buitenste plaats van de achterbank

Kinderen tot ongeveer 3 jaar

In het Volvo kinderzitje kunnen ook pasgeboren kinderen veilig zitten. Dit zijte is in combinatie met een speciale montageset en de 3-puntsgordel van de auto goedgekeurd om achterste voren op de voorstoel (voor kinderen tot 18 kg) en op de buitenste plaatsen en de middelste plaats van de achterbank (voor kinderen van 9 kg tot 18 kg) aangebracht te worden.

Om kleine kinderen stevig in het kinderzitje vast te zetten is er een baby-inzetstuk dat eenvoudig in het kinderzitje vastgemaakt kan worden.

Voor bepaalde markten zijn dit jaar standaard twee bevestigingsogen gemonteerd op de voorstoel. Ze bevinden zich onder de vloermat en onder een paneel. Voor meer informatie over het gebruik van deze bevestigingsogen, zie pagina 2:32.

Bij het aanbrengen van de steunen en de vastzetband voor het kinderzitje moet de bijgeleverde montage-instructie precies opgevolgd worden om een zo groot mogelijke veiligheid te bereiken.

De steunen van het kinderzitje worden in de rails van de stoel aangebracht. Bij het aanbrengen op de achterbank moet op het kinderzitje ook een steumpoot aangebracht worden.

Kinderen in de auto

VOLVO S90 (1998) - Kinderen in de auto - 1

Middelste plaats van de achterbank

VOLVO S90 (1998) - Kinderen in de auto - 2

Veranker het kinderzitje door de vastzetband door het zitje te halen, vast te maken aan de steun en strak aan te trekken.

Bevestig de heupgordel aan de haken van het kinderzitje.

Span aan door de schoudergordel aan te trekken.

N.B! Volg bij het aanbrengen van het kinder-zitje altijd de montage-instructie voor het zitje precies op om een zo groot mogelijke veiligheid te bereiken.

Kinderen vanaf ongeveer 3 jaar

Als het kind uit het kinderzitje gegroeid is, moet het op de achterbank of de voorstoel op het kinderkussen gezet worden en moet de rolgordel van de auto gebruikt worden. Liefst in combinatie met de ruggesteun. Volvo's eigen kinderkussen, ruggesteun (goedgekeurd voor kinderen van 15-36 kg) en 3-puntsgordel in de auto zijn speciaal geconstrueerd om een grote veiligheid te geven. Bij het aanbrengen van het kinderzitje en de ruggesteun moet de meegeleverde montage-instructie precies opgevolgd worden om een zo groot mogelijke veiligheid te bereiken.

Zet het kinderkussen en de ruggesteun op de achterbank of de voorstoel. Zet het kind op zijn plaats, trek de heupband om de hoeken van het kinderkussen en de diagonale band over of onder de hoeken, zodat de diagonale band goed over het asgedeelte ligt. Druk de gordelsluiting dicht en haal de gordel aan, zodat deze tegen het lichaam van het kind ligt.

Kinderen in de auto

VOLVO S90 (1998) - Kinderen in de auto - 1

Controleer of de gordel goed over het asge- deelte ligt en of de heupband laag zit, zodat de beste beveiliging bereikt wordt. De gordel mag de hals van het kind niet raken of onder de as liggen. Als de ruggesteun gebruikt wordt, moet de diagonale band in de hoeken van de rugge-steun vrij liggen.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Zet het kinderzitje nooit op de voorstoel, als de auto aan de passagierskant SRS (Airbag) heeft.

Belangrijke tips!

Het is bij het gebruiken van andere in de handel zijnde kinderveiligheidsprodukten van belang, dat men de meegeleverde montage-instructie goed doorleest en opvolgt. Hier volgt nog meer om aan te denken;

  • Het kinderzitje moet altijd aangebracht worden, zoals door de fabrikant voorgeschreven is.
  • Zet de vastzetband van het kinderzitje niet vast aan de afstelstang voor de stoellengte, veren en diverse rails en balken onder het zitje met scherpe randen.
  • Laat de rug van het kinderzitje tegen het dashboard rusten.
  • Laat het bovenste deel van het kinderzitje niet tegen de voorruit rusten.

N.B! Neem in geval van problemen met het aanbrengen van kinderveiligheidsprodukten voor duidelijkere montage-instructies contact met de fabrikant op.

VOLVO S90 (1998) - Belangrijke tips! - 1

Eén geheel vormend gordelkussen voor kinderen van 15-36 kg

Gordelkussen

Volvo's eigen één geheel vormende gordelkussen voor de middelste plaats is speciaal voor een zo groot mogelijke veiligheid geconstrucerd. In combinatie met de 3-puntsgordel is het goedgekeurd voor kinderen van 15-36 kg. Om het kind correct in de auto te installeren moet het heupgedeelte van de 3-puntsgordel door de gordelgeleider B lopen (indien dit type gordelkussen gemonteerd is) en over het bekken van het kind - niet over de buik. Zie illustratie. Stel ook de stand van de hoofdsteun nauwkeurig t.o.v, het hoofd van het kind af. Zie voor reinigen pagina 6:8.

Het gordelkussen opklappen

Klap het kussen op tot u een klik hoort.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Als het één geheel vormende gordelkussen, b.v. bij een botsing, zwaar belast geweest is, moet het gehele kussen incl. gordel, d.w.z. compleet met bouten, door een nieuw vervangen worden. Ook al lijkt het één geheel vormende gordelkussen onbeschadigd, toch kunnen de beveiligende eigenschappen ten dele verloren gegaan zijn. Het gordelkussen moet ook vervangen worden, als het erg versleten of beschadigd is. Denk er echter aan, dat het vervangen van het kussen vakkundig gebeuren moet, omdat het voor de veiligheid van de inzittenden van wezenlijk belang is, dat het kussen goed vastzit. Laat het vervangen en eventueel repareren van het kussen dus aan uw Volvo-werkplaats over. Als het kussen vuil geworden is, moet het in de eerste plaats ter plaatse gereinigd worden. Als de bekleding zo vuil is, dat deze apart gewassen moet worden, gelden bovenstaande instructies voor het aambrengen van het kussen.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

De gewone armsteun midden achteraan mag niet worden gebruikt als kinderkussen. Alleen Volvo's één geheel vormende gordelkussen mag hiervoor worden gebruikt.

Kinderen in de auto

VOLVO S90 (1998) - Kinderen in de auto - 1

De heupgordel moet laag zitten

Bevestigingsogen

Voor bepaalde markten zijn dit jaar standaard twee bevestigingsogen gemonteerd op de voorstoel. Het linkeroog bevindt zich onder de vloermat, het rechteroog onder een paneel; zie illustratie. Voor meer informatie over het gebruik van deze bevestigingsogen moet u contact opnemen met uw Volvo-dealer.

Aanstaande moeders

Aanstaande moeders moeten er heel goed om denken om de veiligheidsgordel te gebruiken. Denk er altijd om de veiligheidsgordel zo aan te brengen, dat geen druk op de baarmoeder uitgeofend wordt. De heupband van de driepuntsgordel moet laag zitten.

Juist laden, 5-deurs model

VOLVO S90 (1998) - Juist laden, 5-deurs model - 1

Plaats de lading tegen de rugleuning

VOLVO S90 (1998) - Juist laden, 5-deurs model - 2

Plaats de lading tegen de twee delen van de rugleuning

VOLVO S90 (1998) - Juist laden, 5-deurs model - 3

Veranker de luding met de laadriemen

Laden in de laadruimte

De veiligheidsgordels en airbags bieden bestuurder en passagiers een goede bescherming, vooral bij frontale botsingen. Het risico van verwondingen kan echter ook van achteren komen. Bij het laden van de auto moet u eraan denken dat voorwerpen die niet correct zijn geladen en vastgezet naar voren kunnen worden geslingerd bij botsingen of bij bruusk remmen, wat ernstige letsels kan veroorzaken.

Denk eraan dat een voorwerp van 20 kg het equivalent van 1000 kg weegt bij een frontale botsing aan 50 km/h.

Hou volgende punten voor ogen bij het laden van de auto:

  • Plaats de lading tegen de rugleuning.
  • Plaats zware lading zo laag mogelijk.
  • Laad volumineuze voorwerpen aan beide zijden van de opsplitsing van de achterbank
  • Veranker de lading met laadriemen die door de verankeringsogen in de laadruimte lopen.
  • Als niemand op de achterbank zit moet u de rugleuning verstevigen door de gordels achteraan vast te maken.
  • Plaats nooit een lading boven de rugleuning zonder gebruik te maken van een ladingnet.

Bagageruimte, 5-deurs model - Ladingnet

VOLVO S90 (1998) - Bagageruimte, 5-deurs model - Ladingnet - 1

Uw auto kan als extra uitrusting worden uitgerust met een ladingnet. Het ladingnet voorkomt dat lading of dieren naar voren worden geworpen ingeval u hard moet remmen. Het ladingnet kan in de dakbekleding worden opgeborgen wanneer het niet gebruikt wordt,

VOLVO S90 (1998) - Bagageruimte, 5-deurs model - Ladingnet - 2

Ladingnet en extra naar achter gekeerd kinderzitje

Als uw auto uitgerust is met een extra naar achter gekeerd kinderzitje in de bagageruimte, moet u absoluut het ladingnet verwijderen voor u het kinderzitje kunt gebruiken. Anders kan het kind, als u bruusk moet remmen, ernstig gewond raken, en ook de hulpdiensten kunnen problemen ondervinden om in de bagageruimte te komen.

Om het ladingnet te verwijderen:

• Druk bet ladingnet naar achter
- Maak de twee knoppen op het ladingnet los en duw ze naar het midden
• Verwijder het ladingnet
- Om het net terug te plaatsen gaat u te werk in omgekeerde volgorde.

Bagageruimte, 5-deurs model - Bagageafdekking

VOLVO S90 (1998) - Bagageruimte, 5-deurs model - Bagageafdekking - 1

Uw auto kan als extra uitrusting uitgerust worden met een bagageafdekking. Deze bagageafdekking wordt uitgerold achter de achterbank. Trek hem uit en bevestig hem aan de achterkant van de bagageruimte om de lading af te schermen en aan het zicht te onttrekken. (Zie afbeelding.)

De bagageafdekking verwijderen (zie afbeelding)

Als u de bagageafdekking tijdelijk wilt verwijderen, bijv. om een omvangrijke lading te vervoeren:

  • Duw het uiteinde van de bagageafdekking naar het midden
  • Trek de bagageafdekking naar achter
  • Om de bagageafdekking terug te plaatsen gaat u te werk in omgekeerde volgorde

Starten en rijden

In dit hoofdstuk wordt hetgeen met rijden te maken heeft behandeld, zoals b.v. het starten van de motor, schakelen, slepen, rijden met een caravan, enz.; zie hiervoor de pagina's:

Brandstof tanken, "inrijden" 3:2

Zuinig rijden 3:3

Motor starten 3:4

Schakelen 3:5

Om aan te denken 3:9

Slepen 3:10

Starten met een hulpaccu 3:11

Remmen 3:12

Maatregelen voor de winter 3:13

Tips over het rijden met een caravan 3:14

Maatregelen voor lange reizen 3:16

Brandstof tanken, "inrijden"

VOLVO S90 (1998) - Brandstof tanken, "inrijden" - 1

Vulpijp met vernauwing voor auto's met katalysator

Brandstof tanken (Loodvrij)

Als u een auto met katalysator heeft, zit er een vernauwing in de tankpijp. De tankdop zit achter de klep in het linker achterspatscherm. Hang bij het tanken de dop in de houder aan de binnenkant van de klep. Bij hoge buitentemperaturen kan in de tank overdruk ontstaan. Draai de tankdop voorzichtig los. Doe niet te veel benzine in de tank. Laat het benzinepistool niet meer dan driemaal automatisch afslaan Bij warm weer kan de brandstoftank overlopen indien deze te veel brandstof bevat. Breng na het tanken de tankdop weer aan en draai deze tot u een „klik” hoort.

Uw nieuwe auto - gladde wegen

Rijden op gladde wegen voelt verschillend aan naargelang de auto uitgerust is met een handgeschakelde of een automatische versnellingsbak. Oefen het rijden op gladde wegen in optimale omstandigheden om na te gaan hoe uw nieuwe auto reageert.

Een nieuwe auto moet "ingereden" worden!

Als uw auto nieuw is, adviseren wij u om het wat kalm aan te doen en de mogelijkheden van de auto gedurende de eerste 2000 km niet geheel te gebruiken.

Overschrijd de volgende snelheden niet:

Tijdens de eerste1000 kmTussen 1000en 2000 km
1e versnelling30 km/uur40 km/uur
2e versnelling50 km/uur70 km/uur
3e versnelling80 km/uur100 km/uur
4e versnelling110 km/uur130 km/uur
5e versnelling130 km/uur150 km/uur

Maar rijd ook niet te langzaam in een hoge versnelling, d.w.z. laat de motor niet zwoegen, en gebruik de eerste 2000 km de "kickdown" niet, als u een automatische versnellingsbak heeft.

Auto's met katalysator moeten altijd op loodvrije benzine rijden om de katalysator niet te beschadigen. Geadviseerd octaangetal: 95 RON.

Sommige benzinemaatschappijen passen in de brandstof schoonhoudende toevoegstoffen toe. Deze verkleinen de kans, dat de brandstof in de motor afzettingen veroorzaakt die het rijgedrag en de prestaties nadelig beïnvloeden. Vraag het personeel, als u eraan twijfelt of de benzine deze toevoegstoffen bevat.

N.B! Voeg zelf geen schoonhoudende toevoegstoffen toe zonder dat u van een erkende Volvo-werkplaats uitdrukkelijk het advies gekregen heeft dit te doen.

Overleg met uw Volvo-werkplaats over reizen naar landen waar loodvrije benzine of benzine met een hoog genoeg octaangetal moeilijk te krijgen is.

Rijd anticiperend

Zuinig rijden wil zeggen, anticiperend en soepel rijden en de rijstijl en de snelheid aan de bestaande situatie aanpassen.

Denk hierbij aan het volgende:

  • Laat de motor zo snel mogelijk warm worden! Dat wil zeggen: laat de motor niet stationair lopen, maar begin zo snel mogelijk met geringe belasting te rijden.
    Een koude motor verbruikt veel meer brandstof dan een warme en bovendien slijt de motor sneller.
  • Rijd liefst geen korte afstanden, omdat de motor dan nooit warm kan worden.
  • Rijd soepel! Vermijd onnodig snel accelereren en sterk afremmen.
  • Verlaag bij het rijden op buitenwegen en autosnelwegen de snelheid een beetje.
  • Rijd niet onnodig met een zware lading in de auto.
  • Rijd niet meer op winterbanden, als de we-gen schoon en droog geworden zijn.
  • Verwijder de imperiaal, als deze niet gebruikt wordt.
  • Zet de zijramen niet onnodig open.

Schakel tijdig

Een belangrijk gedeelte van zuinig rijden is het op de juiste manier benutten van de versnellingsbak. Kies de juiste versnelling!

  • Schakel van de le naar de 2e versnelling bij ca 20 km/uur
    2e naar 3e versnelling bij ca 35 km/uur 3e naar 4e versnelling bij ca 50 km/uur 4e naar 5e versnelling bij ca 70 km/uur.
  • Bij auto's met een automatische versnelingsbak schakelt deze zelf tijdig, maar vermijd een onnodig gebruik van de "kick-down".

Verzorg de auto

Bovendien moet u natuurlijk de auto en dan met name de motor in goede staat bouden. Factoren die kunnen helpen om het brandstofverbruik laag te houden zijn b.v.:

  • Goede bougies (geldt voor benzinemoto-ren)
    • Schoon luchtfilter
  • Juiste klepspeling
  • Juiste motorolie, juist interval van olie verversen en nieuw oliefilter
  • Remmen die niet "aanlopen"
  • Juiste voorwieluitlijning
  • Juiste bandenspanning.

Denk eraan, dat voor wat betreft het brandstofverbruik u zelf de belangrijkste factor bent en ook de manier, waarop u met het gaspedaal, het rempedaal en de versnellingshendel omgaat.

De katalysator heeft een werktemperatuur van verscheidene honderden graden °C. Parkeer de auto dus niet boven brandbaar materiaal (b.v. hoog gras) dat door de katalysator aangestoken kan worden.

Motor starten

Zo moet u de motor starten:

1 Haal de parkeerrem (handrem) aan.
2 Automatische versnellingsbak: Keuzehendel in stand P of N. Handgeschakelde versnellingsbak: Keuzehendel in neutrale stand en gaspedaal helemaal ingetrapt (met name belangrijk bij koud weer).
3 Raak het gaspedaal niet aan.
4 Draai de startsleutel in de startstand. Als de motor niet binnen 5-10 seconden aanslaat: laat de sleutel los en probeer opnieuw te starten.
5 Als de motor niet start na twee pogingen, moet u het gaspedaal half indrukken voor u de contactsleutel weer in startpositie draait. Laat het gaspedaal geleidelijk los wanneer de motor start.

Laat de motor na koud starten niet onmiddellijk razen!

Als de motor overslaat of niet aanslaat, moet u naar de dichtstbijzijnde Volvo-werkplaats gaan!

De auto mag niet aangesleept worden.

Als deze instructie niet opgevolgd wordt, bestaat er kans, dat de katalysator slechter werkt.

6-cilindermotor

Deze motoren zijn uitgerust met hydraulische klepstoters, waardoor de klepspeeling automatisch wordt afgesteld. De klepstoters kunnen gedurende enkele seconden na het starten van de motor een tikkend geluid maken, tot de oliedruk voldoende hoog is. Als de auto gedurende lange tijd niet gebruikt is, kan dit tikkend geluid wel 15 minuten aanhouden, zonder dat dit op een storing duidt. Waarschuwing! Laat de motor niet sneller draaien dan 3000 omw/min tot het geluid verdwenen is.

Starten bij extreme koude

Bij koud-starten op grote hoogte (boven 1800 m) kan het starten vergemakkelijkt worden door het gaspedaal voor de helft in te trappen en daar te houden, voordat de startsleutel in de startstand (punt 4 hierboven) gedraaid wordt. Als de motor aanslaat en het toerental oploopt, laat u het gaspedaal langzaam opkomen.

Motor met elektronische startonderbreker starten

De motor wordt op de normale manier gestart. Als u niet de juiste sleutel gebruikt, stopt de motor na 2 seconden. Als de sleutel langer dan 4 minuten in de startstand wordt gehouden, moet hij terug worden gedraaid. Start dan opnieuw.

Zet de garagedeuren altijd helemaal open, als u de auto in de garage start! De uitlaatgassen bevatten namelijk koolmonoxyde dat onzichtbaar en reukloos, maar wel dodelijk giftig is.

Schakelen

Blokkeerinrichting achteruitversnelling

De blokkeerinrichting voorkomt dat de versnellingsbak per ongeluk in achteruit wordt geschakeld bij het schakelen van 5de naar 4de. Deze blokkeerinrichting wordt altijd ingeschakeld wanneer de versnellingshendel in 5de versnelling wordt geduwd, en wordt uitgeschakeld wanneer de versnellingshendel in neutraal komt (tussen 3de en 4de).

VOLVO S90 (1998) - Blokkeerinrichting achteruitversnelling - 1

Schakelstanden handgeschakelde versnellingsbak

Trap bij het schakelen het koppelingspedaal telkens helemaal in. Haal tussen het schakelen de voet van het koppelingspedaal. Om zo zuinig mogelijk te rijden moet u bij een normale snelheid van meer dan 70 km/h op buitenwegen de 5e versnelling zo vaak mogelijk gebruiken. Door de versnellingen in de juiste volgorde te schakelen, gaat de versnellingsbak langer mee. Schakel bijvoorbeeld nooit direct van 2e in 5e versnelling.

Achteruitvergrendeling

Om de achteruitversnelling in te kunnen schakelen, moet de versnellingshendel eerst in de neutraalstand (tussen 3e en 4e versnelling) worden gezet. Het veiligheidsmechanisme van de achteruitversnelling voorkomt dat vanuit 5e versnelling rechtstreeks in achteruit kan worden geschakeld.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Schakel nooit de achteruitversnelting in terwijl u vooruit rijdt.

Automatische versnellingsbak, belasting en rij-eigenschappen

Starten en stilstaan met een automatische versnellingsbak

1 Zet de keuzehendel in stand P of N. De motor mag in geen andere stand gestart worden.
2 Start de motor op normale wijze met de startsleutel.
3 Trap het rempedaal naar beneden.
4 Zet de keuzehendel in de gewenste rijstand - de versnelling schakelt nu met enige vertraging in; dit geldt vooral voor de achteruit R. Dit is duidelijk merkbaar - de auto begint te trekken.
De motor moet dan stationair lopen! Geef pas gas, als u gevoeld heeft, dat de versnelling ingeschakeld werd!
Als u na het kiezen van een rijstand te snel gas geeft, wordt bruusk ingeschakeld en slijt de versnellingsbak onnodig.
5 Laat het rempedaal los en geef gas.

Kies stand N bij even stilstaan met lopende motor. Dan voorkomt u, dat de versnellingsbakolie onmodig warm wordt!

Speciale wenken voor het rijden met een aanhanger

  • Kies stand 1 of L van de versnellingsbak bij het oprijden van steile hellingen of als u langzaam rijdt. Zo voorkomt u, dat de versnellingsbak opschakelt en wordt de versnellingsbakolie kouder. In bergterreim met lange en niet zo steile hellingen kunt u stand 1 of 2 kiezen.
  • Bij het afrijden van lange steile hellingen moet stand 1 gekozen worden (stand 1 of 2 bij minder steile hellingen). U remt dan zo veel mogelijk op de motor af.
  • Laat de auto op een helling niet met het gaspedaal stilstaan, maar gebruik de rem. Zo voorkomt u, dat de versnellingsbakolie onnodig heet wordt.

Automatische versnellingsbak - koud starten

Als u wegrijdt bij koud weer, schakelen de versnellingen duidelijk merkbaar in. Dat komt omdat de transmissieolie bij lage temperatuur nog viskeus is.

Bij koud starten, schakelt de versnelling met enige vertraging om de afgifte van uitlaatgassen te beperken.

"Kick-down"

Als u het gaspedaal helemaal - voorbij de normale volgasstand - intrapt, wordt onmiddel- lijk automatisch naar een lagere versnelling teruggeschakeld ("kick-down"-terugschakeling).

Als u de maximumsnelheid voor deze versnel- ling bereikt of als u het gaspedaal iets uit de "kick-down" stand loslaat, wordt automatisch opgeschakeld. De "kick-down" moet u gebruiken, als u maximaal wilt accelereren, zoals b.v. bij het inhalen.

Denk erom, dat de versnellingsbak pas naar de 4e versnelling opschakelt, als u het gaspedaal uit de "kick-down" stand loslaat!

De versnellingsbak is uitgerust met een terug- schakelvergrendeling.

De versnellingsbak heeft in alle versnellingen een terugschakelvergrendeling.

"Lock-up"

De automatische versnellingsbuk heeft een zo- genoemde "lock-up". Deze zorgt ervoor, dat het motortoerental en het brandstofverbruik dalen.

"Lock-up" houdt kortgezegd in, dat de koppelomvormer van de versnellingsbak bij het schakelen tussen de 2e, 3e en 4e versnelling uitgeschakeld wordt.

Soms is deze "lock-up" als een extra schakeling merkbaar.

Om aan te denken!

De lading en de plaats ervan hebben invloed op de rij-eigenschappen

Uw auto heeft bij het opgegeven rijklaargewicht de neiging tot onderstuur. Daarom moet u bij het nemen van een bocht steeds meer stouruitslag geven, als u de snelheid verhoogt. Hierdoor blijft de auto stabiel in de bocht en wordt de kans op uitbreken van de achterwielen kleiner. Denk erom, dat deze eigenschappen kunnen veranderen, als de auto anders belast wordt. Hoe zwaarder de lading helemaal achterin de bagageruimte is, des te minder raakt de auto onderstuurd. N.B! De lading van de auto moet zo aangepast worden, dat het totaalgewicht van de auto of de asdruk niet overschreden wordt.

Rij-eigenschappen en banden

De banden zijn van groot belang voor de rij-eigenschappen van de auto. Het bandentype - radiaalbanden - de maat en de bandenspanning zijn van belang voor het gedrag van de auto. Bij het vervangen van banden moet u erop letten dat u hetzelfde type en dezelfde maat en liefst ook hetzelfde merk krijgt als al op alle vier wielen van de auto zaten en de aanbevolen bandenspanning opvolgen (zie pag. 4:3)

Rijd niet met een open kofferdeksel!

Bij het rijden met een open kofferdeksel kan namelijk een deel van de uitlaatgassen en dus ook het giftige koolmonoxyde via de bagageruimte in de auto gezogen worden. Als u echter toch gedwongen bent om een stukje met open kofferdeksel te rijden, moet u het volgende doen:

• Draai alle ramen dicht.
- Zet de functiekeizer van de verwarming op
en de aanjager op de volle snelheid, 5.

Vermijd oververhitting van het koelsysteem

In ongunstige gevallen bestaat er kans op oververhitting van het koelsysteem. Dit geldt met name op warme dagen, als...

... u met een aanhanger lang met volgas en een hoog motortoerental tegen steile hellingen oprijdt.

... de auto lang stationair loopt en de airconditioning ingeschakeld is.

... de motor onmiddellijk afgezet wordt, als u lang snel gereden heeft (dit wordt wel "nakoken" genoemd).

... er vóór de grille extra lichten gemonteerd zijn.

Oververhitting kan worden vermeden door het volgende in acht te nemen:

  • Verminder de snelheid en gebruik een lagere versnelling, als u met een aanhanger lange en steile hellingen oprijdt. Zet de air-conditioning eventjes af.
  • Laat de motor niet onnodig stationair lopen.
  • Zet de motor niet onmiddellijk af, als u na hardrijden stilstaat.

Automatisch sperdifferentieel

Het sperdifferentieel wordt bij snelheden bo- ven 5 km/uur automatisch ingeschakeld, als een van de aangedreven wielen doordraait, en bij snelheden boven 40 km/uur uitgeschakeld. Het sperdifferentieel zorgt voor een betere trekkrachtverdeling over de aangedreven wi- len op een glad en slipperig wegdek; het wisselt snel tussen de aangedreven wielen afhankelijk van de ondergrond - ook bij achteruitrijden.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Door extra matten bij de bestmurdersplaats kan het gaspedaal blijven hangen. Let er dus op, dat het gaspedaal vrij is.

Slepen

VOLVO S90 (1998) - Slepen - 1

Als u gesleept moet worden

  • Zet het stuurslot los, zodat de auto bestuurbaar is!
  • Denk aan de wettelijk toegestane maximumsnelheid!
  • Bedenk, dat de bekrachtiging van de voetrem en de stuurinrichting niet werkt, als de motor stilstaat! U moet dan 3 tot 4 maal sterker op het rempedaal drukken en het sturen gaat veel zwaarder dan normaal.
  • Rijd soepel. Houd de sleepkabel strak: zo voorkomt u onnodige schokken!

Speciaal voor auto's met automatische versnellingsbak

  • De keuzehendel moet in stand N zijn, de versnellingsbak goed afgesteld en het olieniveau op peil.
  • De hoogst toegelaten snelheid is 20 km/h. De auto mag maximaal over een afstand van 30 km worden gesleept.
  • Als u niet zeker bent van het correcte olieniveau of de goede afstelling, moet de auto worden gesleept met de aandrijfwielen van de grond.
  • De motor mag niet aangesleept worden; zie voor hulpstarten de volgende pagina.

Motor door aanslepen starten

N.B. Dit mag niet bij een auto met automatische versnellingsbak.

Auto's met katalysator mogen niet aangesleept worden.

Als de accu ontladen is, moeten startkabels gebruikt worden (zie de volgende pagina).

Auto's met handgeschakelde versnellingsbak zonder katalysator.

Draai de startsleutel in de rijstand (II). Start de trekkende auto en rijd deze met gelijkmatige snelheid.

Zet uw auto in de 3e of 4e versnelling en laat het koppelingspedaal soepel opkomen. Trap het koppelingspedaal weer in, zodra de motor aanslaat.

Slepen

OPMERKING! De sleepogen mogen alleen worden gebruikt voor het slepen van de auto over de weg. Ze mogen niet worden gebruikt voor het trekken van een auto uit een gracht. Hier moet een beroep worden gedaan op professionele bijstand.

Starten met een hulpaccu

VOLVO S90 (1998) - Starten met een hulpaccu - 1

Denk eraan, dat de accu's, met name de hulpaccu, knalgas bevatten dat zeer explosief is. Een vonk die bij het verkeerd aansluiten van de startkabels kan ontstaan, is al voldoende om de accu te laten exploderen en persoonlijk letsel en materiële schade toe te brengen.

De accu bevat het zeer agressieve zwavel-zuur! Als dit op uw huid of kleren spat, moet u onmiddellijk rijkelijk met water afspoelen. Ga naar een arts, als u spatten in uw ogen gekregen heeft!

Zo moet u met een hulpaccu starten

Als de accu van uw auto ontladen is, kunt u om de motor aan de gang te krijgen stroom "lenen" van een losse accu of van de accu van een andere auto. Controleer altijd of de klemmen goed vastzitten, zodat er bij de startpogingen geen vonken ontstaan. Om explosiegevaar te voorkomen adviseren wij u het onderstaande nauwkeurig op te volgen:

• Draai de startsleutel in de stand D.
- Controleer of de hulpaccu een spanning van 12 volt heeft.
- Als de hulpaccu in een andere auto zit, moet de motor hiervan afgezet worden en gecontroleerd worden of de auto's elkaar niet raken.
- Shuit de rode kabel aan tussen de pluspolen van de beide accu's: deze zijn met rood, P of + gemerkt (I en 2 in de afbeelding).
- Zet de ene klem van de zwarte kabel op de minpool van de hulpaccu; deze is met blauw, N of - gemerkt (3).

  • Zet op uw auto de andere klem van de zwarte kabel op een plaats - massa - die op een afstand van de accu ligt, b.v. op een van de hijsgen van de motor; dit is in de afbeelding met nr. 4 aangegeven.
  • Start de motor van de "hulpauto". Laat de motor een paar minuten met een hoger toerental dan normaal, 1500 omw/min, lopen.
  • Start de motor van de auto met de ontladen accu.

N.B.! Raak tijdens de startpogingen de aansluitingen niet aan (kans op vonkvorming) en sta niet over een van de accu's gebogen!

- Maak de kabels in de omgekeerde volgorde t.o.v. bij het aansluiten weer los.

Remmen

Als een remcircuit defect raakt

VOLVO S90 (1998) - Als een remcircuit defect raakt - 1

Dan gaat het waarschuwingslampje bran- den.

Het rempedaal pakt wat lager en kan wat zachter dan normaal aanvoelen. Bij auto's met ABS is verder een grotere pedaaldruk nodig om het normale remvermogen te krijgen.

Als het waarschuwingslampje tijdens het rijden of remmen brandt, is het remvloeistofpeil te laag. Sta onmiddellijk stil en controleer het peil in het remvloeistofreservoir (waar dit zit, staat op de achterkant van dit boekje)!

Als het peil ergens in het reservoir onder MIN ligt: rijd niet verder, maar laat de auto voor controle en reparatie naar een werkplaats slepen!

De rembekrachtiger werkt alleen, als de motor loopt

Als de auto met afgezette motor rolt of geslept wordt, moet u ca 4 maal zo hard op het rempedaal trappen als wanneer de motor loopt. Het rempedaal voelt stug en hard aan.

Door vocht op remschijven en remvoeringen veranderen de remeigenschappen!

Als u met de auto in zware regen of door grote plassen rijdt en als de auto gewassen wordt, worden de remonderdelen vochtig. Daardoor veranderen de wrijvingscigenschappen van de remvoeringen en kan een zekere vertraging in de remwerking geconstateerd worden.

Trap af en toe licht op het rempedaal, als u in regen of natte sneeuw grote afstanden rijdt; daardoor worden de remvoeringen warm en verdampt het water. Dit moet u ook doen, als de auto gewassen is, en na wegrijden in zeer vochtig weer. Dit moet u ook doen als de auto gewassen is en na wegrijden in zeer vochtig of zeer koud weer.

Als de remmen zeer zwaar belast worden

Bij het rijden in bergterrein of op andere we- gen met dergelijke hoogteverschillen worden de remmen zeer zwaar belast, ook al trapt u niet bijzonder hard op het rempedaal. Omdat de snelheid bovendien vaak laag is, worden de remmen niet zo effectief afgekoeld als bij het rijden op vlakke wegen.

Om de remmen niet onmodig zwaar te belasten moet u in plaats van alleen maar de voetrem te gebruiken terugschakelen en dezelfde versnel- ling gebruiken als bij het klimmen. Zo wordt effectiever op de motor afgeremd en hoelt de voetrem telkens maar eventjes gebruikt te wor- den.

Denk erom, dat de remmen nog zwaarder be- last worden, als u met een caravan/aanhangwa- gen rijdt.

Maatregelen voor de winter

Voor auto's met ABS

Het ABS-systeem is geconstrueerd om bij sterk afremmen het blokkeren van de wielen te verhinderen. Het systeem "voelt" als de remmen de wielen gaan blokkeren, regelt de remdruk en verhindert daardoor blokkeren van de wielen. Het ABS-systeem ondergaat zelfdiagnose, als de motor gestart wordt en bij een snelheid van ca 6 km/uur. Dan kunt u het rempedaal voelen pulseren. Er kan ook een zacht klikkend geluid klinken wanneer u gas geeft na een tijd stationair te hebben gedraaid. Het ABS-systeem voert dan immers een zelfdiagnose uit. Dit is geheel normaal voor het systeem. Als het ABS-systeem tijdens het afremmen regelt, voelt u in het rempedaal drukimpulsen en deze zijn ook duidelijk hoorbaar. Dit alles is geheel normaal. Verminder de pedaaldruk niet, als de ABS-regeling voelbaar is! Denk eraan, dat u met volle kracht op het rempedaal moet trappen om het maximale vermogen te krijgen, maar dat het ABS-systeem het totale remvermogen niet vergroot. U behoudt echter altijd de mogelijkheid om de auto te besturen en heeft dus een betere controle over de auto en dus een grotere veiligheid.

Als het koud begint te worden

Als u zelf uw auto wilt nakijken om in het koude jaargetijde onnodige moeilijkheden te voorkomen, moet u aan het volgende denken:

  • Controleer of de koelyloeistof tegen -35°C bestand is zonder te bevriezen, d.w.z. dat het glycolgehalte ca 50% d.w.z. ca 5 liter Volvo anti-vries is. Zie voor het verversen van koelyloeistof pagina 7:10.
  • Om geen condenswater in de brandstoftank te krijgen moet u deze zo vol mogelijk trachten te houden.
  • Gebruik de juiste motorolie. De viscositeit van de motorolie is van groot belang. Bij lagere viscositeit (dunnere olie) gaat het koud-starten van de motor beter en daalt het brandstofverbruik tijdens het warmworden. Als de temperatuurgrenzen van pagina 7:6-7:8 worden aangehouden, worden 's winters 5W/30 oliën aangeraden en hiervan met name de synthetische. Let er goed op, dat de oliën aan de kwaliteitsnormen voldoen en niet bij hard rijden in een warm klimaat worden gebruikt. Zie ook pagina 7:6-7:8 of vraag uw Volvo-werkplaats om advies.
  • De accu wordt in de winter aanzienlijk zwaarder belast dan in de zomer, omdat de verlichting, kachelaanjager, ruitewissers, e.d. meer gebruikt worden. Bovendien daalt de accucapaciteit met de temperatuur. Een slecht geladen accu kan stukvriezen, als het erg kond wordt. Controleer de ladingstoestand van de accu regelmatig en bespuit de occupolen met een roestwerend middel.
  • Om ijsvorming in reservoir, slangen en sproeiers van de ruite-/koplampwissers te voorkomen moet het reservoir met een vorstbestendige vloeistof gevuld worden. Dit is belangrijk, omdat er bij het rijden in de winter veel water en vuil op de voorruit en de koplampen komen en de wissers en sproeiers dus vaak gebruikt moeten worden.
  • Gebruik in de sloten Volvo Slotenolie (Teflon-spuitbus) of vet voor lage temperatuur. Deze kunt u bij uw Volvo-dealer kopen. N.B! Vermijd het gebruik van ijs oplossende spuitvloeistoffen, want dan kunnen de sloten slechter werken.

Tips over het rijden met een caravan

Zeer belangrijk voor caravaneigenaars!

  • De trekhaak van de auto moet van een goedgekeurd type zijn! Uw Volvo-dealer weet welke trekhaken u kunt gebruiken. De door Volvo geconstrueerde trekhaken zijn voor uw auto op maat gemaakt en een Volvo-garage kan deze aanbrengen.
  • Denk erom, dat de bumpers van de auto energie absorberen en dat u geen trekhaken kunt gebruiken die aan de bumper vastgezet moeten worden?
  • Bepaalde 5-deurs modellen hebben een automatische niveauregeling van de achtervering, zodat tijdens het rijden de achterasophanging altijd de juiste hoogte heeft, ongeacht de belasting.
  • Leg de lading zo in de aanhangwagen, dat de druk op de trekhaak van de auto bij aanhanggewichten onder 1200 kg ca 50 kg en bij aanhanggewichten boven 1200 kg ca 75 kg is. Denk eraan, dat de druk op de trekhaak (50/75 kg) een deel van het laadvermogen van de auto is en dat daarom de lading in de bagageruimte misschien verminderd moet worden, zodat de asbelastingen en/of het totaalgewicht van de auto bij het rijden met een aanhangwagen niet overschreden worden.
  • Verhoog de bandenspanning tot die voor vollast; zie de tabel op pagina 4:3.
  • Als u een inklapbare Volvo trekhaak heeft, moet u eraan denken om de haak in uitgeklapte toestand met de borgpen te blokkeren.
  • Maak de trekhaak regelmatig schoon en vet de kogel ^a en alle bewe- gende delen in om onnodige slijtage te vermijden. Smeer de smeer- nippel voor de lagering van de inklapbare trekhaak regelmatig.
  • Rijd niet met een zware aanhangwagen, als de auto nog helemaal nieuw is! Wacht hiermee, totdat de auto tenminste 1000 km gelopen heeft.
  • Bij het afdalen van lange en steile hellingen worden de remmen van de auto zwaarder dan normaal belast. Schakel dan naar een lagere versnelling terug en pas uw snelheid aan.
  • Speciale wenken voor eigenaars van een auto met een automatische versnellingsbak, zie pagina 3:9.
    * Geldt niet voor een kogelhandschoen met trillingdemper.

  • Bij het rijden in warme gebieden mag het aanhanggewicht niet meer dan 1500 kg bedragen.

  • De motor wordt bij het rijden met een aanhangwagen zwaarder dan normaal belast. Daarom moet de olie vaker ververst worden; zie de tabel op pagina 7:7. Houd er ook rekening mee, dat het koelsysteem van de motor zwaarder dan normaal wordt belast; zie pagina 3:9.
  • De maximaal toegestane snelheid is 80 km/h.
  • Het maximaal toegestanc aanhanggewicht voor een niet-afgeremde aanhangwagen is 500 kg.
  • N.B! De opgegeven maximaal toegestane aanhanggewichten en snelheidsgrenzen zijn door Volvo Car Corporation toegestaan. Denk er echter aan, dat nationale voertuigbepalingen het aanhanggewicht en de snelheid nog verder kunnen beperken.

Extra olieradiator

N.B! Bepaalde modellen hebben een automatische versnellingsbak, zodat geen extra oliekoeler vereist is. Bepaalde modellen hebben als standaard een extra oliekoeler. Laat uw Volvo-werkplaats controle- ren of uw auto uitgerust moet worden met een extra oliekoeler voor de automatische versnellingsbak. Zie volgende pagina!

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Als u de voor gewicht en snelheid opgegeven grenzen niet opvolgt, kan de gehele combinatie bij uitwijken en afremmen moeilijk beheersbaar worden met alle risico's voor u en andere weggebruikers.

Een caravan of aanhangwagen

VOLVO S90 (1998) - Een caravan of aanhangwagen - 1

Als uw auto uitgerust is met een verwijderbare trekhaak: controleer voor u vertrekt of de trekhaak goed vergrendeld is. De groene grendel moet in horizontale stand staan! Zie afbeelding.

Maximaal toegestaan aanbanggewicht voor een afgeremde aanhangwagenGewicht op de trekhaakVolvo's versterkingsset vereist. Trillingdemper geadviseerd.Auto's met automaat: Zie pagina's 3:8-9.
Extra oliekoeler wordt geadviseerd.Extra oliekoeler vereist.
0-1200 kg50 kg
1201-1500 kg75 kg
1501-1600 kg75 kg
1601 -1800 kg75 kg

Maatregelen voor lange reizen

Als u met de auto een lange reis wilt maken, moet u de auto in een Volvo-garage helemaal laten controleren.

Het is altijd goed om tijdig vóór de reis een stel van de meest noodzakelijke service-onderdelen (gloeilampen, zekeringen, wisserbladen) aan te schaffen. Hiervoor heeft een Volvo-dealer speciale sets.

Als u zelf de auto wilt nakijken, adviseren wij het volgende te doen:

  • Controleer of de motor goed loopt en het brandstofverbruik normaal is.
  • Controleer de motor, de versnellingsbak en de achteras op lekkage van olie, koelvloeistof of brandstof.
  • Controleer de ladingstoestand van de accu.
  • Controleer de banden nauwkeurig, ook de reserveband. Vervang onbetrouwbare banden.
  • Laat de remmen, wieluitlijning en stuurinrichting controleren.
  • Controleer de verlichting.
  • Controleer het gereedschap.
  • In veel landen b.v, is een gevarendriehoek vereist. Controleer of deze aanwezig is.
  • Bij reizen naar Groot-Brittannië of andere landen met links verkeer moet u het deel van het koplampglas dat asymmetrisch dimlicht geeft met zwarte tape afplakken. Anders wordt het tegemoetkomende verkeer verblind.
  • Bij reizen naar landen waar benzine met het juiste octaangetal of loodvrije benzine moeilijk te krijgen is, kan de motor enigszins worden aangepast. Vraag uw Volvo-werkplaats om advies.

Als u een imperiaal gebruikt:

  • Moet u een stevige imperiaal gebruiken die goed op de auto vastgezet kan worden. Volvo-dealers hebben imperiaals die voor Volvo ont-wikkeld zijn.
  • Moet u regelmatig controleren of de imperiaal goed vastzit.
  • Mag u maximaal 100 kg op het dak laden.
  • Moet de lading gelijkmatig over de imperiaal verdeeld worden. Laad niet scheel! Moet u de zwaarste lading onderaan leggen.
  • Moet u crom denken dat het zwaartepunt en de rij-eigenschappen van de auto veranderen, als de auto zwaar geladen wordt.
  • Moet u erom denken dat de auto meer wind vanget en dus meer brandstof verbruikt naarmate de lading groter is.
  • Moet u de lading met een sterk touw goed vastzetten! Moet u soepel rijden! Vermijd sterk accelereren, sterk afremmen en het nemen van scherpe bochten.
  • Moet u de imperiaal verwijderen, als u deze niet meer nodig heeft; daardoor vermindert de luchtweerstand en dus ook het brandstofverbruik.

Dimlichten bij reizen in het buitenland

Met knop (A) kunnen de dimlichten in overeenstemming worden gebracht met de voorschriften van het land waarin u zich bevindt. Druk de knop in en draai hem in de gewenste positie met een kleine schroevedraaier.

30° 0

① Automatische dimlichten (GB - verminderde dimlichten)
Verminderde dimlichten (Canada)
Dimlichten zijn uit

Wielen en banden - belangrijk voor de rij-eigenschappen van de auto!

Lees daarom de volgende pagina's nauwkeurig door. De goede rij-eigenschappen van de auto kunnen opvallend veranderen, als u slordig bent met b.v. de bandenspanning.

Slijtageprofiel, winterbanden 4:2

Bandenspanning 4:3

Algemeen, reservewiel 4:4

Slijtageprofiel, winterbanden

De banden hebben een "slijtageprofiel"

Het slijtageprofiel bestaat uit enkele smalle strepen dwars op het loopvlak met een 1,6 mm minder diep profiel dan de rest van de band. Als de band zo versleten is, dat maar 1,6 mm over is, zijn de strepen duidelijk zichtbaar en moet u nieuwe banden monteren. Denk erom, dat banden met zo weinig profiel bij regen en sneeuw een slechte greep op het wegdek hebben.

VOLVO S90 (1998) - De banden hebben een "slijtageprofiel" - 1
Slijtageprofiel vóór, normale slijtage

Zo kunt u onnodige bandenslijtage vermijden

• Zorg voor de juiste bandenspanning.
- Rijd soepel. Vermijd "wegscheuren", snel bochten nemen en sterk afremmen.
- Denk eraan, dat snel rijden de banden sterk doct slijten.
- Verwissel de wielen niet onderling.
- Rijd niet met een verkeerde voorwielhuitlijning.
• Balanceer de wielen zo nodig.
- Denk om de banden, als u langs een trottoirrand parkeert.

"Ochtendzool"

Alle banden worden tijdens het rijden warm. Als daarna bij het parkeren de banden afkoelen, vervormen de banden door het contact met de grond, d.w.z. dat de banden iets platter worden. Deze vervorming, de zogenaamde "ochtendzool", kan op onbalans gelijkende trillingen veroorzaken en verdwijnt pas, als de band weer warm wordt. Verschil- lende bandentypen vertonen deze ochtendzool in verschillende mate als gevolg van verschillende typen koordmateriaal in het bandenkarkas. Bij koud weer duurt het langer, voordat de banden warm worden en de och- tendzool verdwijnt.

Winterbanden, sneeuwkettingen

Voor Scandinavie raden wij winterbanden195/65 R15 aan. Voor andere landen raden wij winterbanden met dezelfde maat als normale banden, of bandmaat 195/65 R15 aan.

Gebruik altijd winterbanden op alle vier wielen!

N.B! Slechts bepaalde velgen van andere Volvo-modellen kunnen worden gebruikt. Uw Volvo-dealer weet welke.

Spijkerbanden moet u 500-1000 km soepel en rustig "inrijden", zodat de spijkers zich goed in de banden kunnen zetten. Dit vergroot de levensduur van de banden en met name van de spijkers.

Laat de banden gedurende hun gehele levensduur steeds in dezelfde richting draaien. Als u wielen wilt verwisselen, moet u deze aan dezelfde kant als ervoor laten zitten.

Denk erom, dat de wettelijke bepalingen voor het gebruik van spijkerbanden van land tot land verschillen.

Sneeuwkettingen mogen uitsluiten op de achterwielen worden gebruikt. Bij gebruik van sneeuwkettingen moeten de banden afmetingen 195/65 R15 bezitten. De kettingen moeten fijne schakels hebben en niet zo ver uitsteken van de band dat ze tegen de remklauwen of andere onderdelen schuren. Volvo-dealers hebben goedgekeurde sneeuwkettingen.N.B! Met sneeuwkettingen mag u nooit sneller dan 50 km/u rijden. Rijd ook nooit onnodig op sneeuwvrije ondergrond, omdat de banden en kettingen dan snel slijten.

Gebruik nooit zogenaamde snel monteerbare kettingen, omdat de ruimte tussen remklauw en wiel te klein is.

WAARSCHUWING!

Speciale velgen

De enige goedgekeurde "speciale velgen" voor Volvo-modellen zijn de velgen die zijn getest door Volvo en die zijn opgenomen in de lijst met "Volvo Original Parts - Originele Volvo-onderdelen".

VOLVO S90 (1998) - Speciale velgen - 1

Bandenspanning

De bandenspanning is belangrijk!

Controleer de bandenspanning regelmatig! De juiste spanning staat in de tabel hiernaast.

Als u niet met de juiste bandenspanning rijdt, is het rijgedrag van de auto opvallend slechter en slijten de banden sterker:

Denk erom, dat de waarden in de tabel voor koude banden gelden (heersende buitentemperatuur). Al na een paar kilometer rijden worden de banden warm en loopt de spanning op. Dit is normaal en u moet dus geen lucht laten ontsnappen, als u bij warme banden de spanning controleert. U moet de spanning wel verhogen, als deze te laag is.

Denk eraan, dat de bandenspanning met de buitentemperatuur kan variëren.

Controleer de bandensspanning dus buitenshuis, als de banden koud zijn.

VOLVO S90 (1998) - De bandenspanning is belangrijk! - 1

Op de rechter portierstijl zit een sticker met de juiste bandenspanning.

Bandenspanning koude banden, kPa (100 kPa = 1 kg/cm)

Tussen haakjes staan de waarden in de Engelse eenheid pounds/square inch (psi).

Model1-3 personenVollast en aanhanger
VoorAchterVoorAchter
4-deurs200 (29)200 (29)210 (30)260 (38)
5-deurs200 (29)220 (32)210 (30)280 (41)
"Temporary Spare"420 (60)420 (60)420 (60)420 (60)

Als snel - sneller dan 160 km/uur - gereden wordt, moet de bandenspanning met 30 kPa (4 psi) verhoogd worden.

N.B.! Dit geldt niet voor de reserveband "Temporary Spare".

Algemeen, reservewiel

Wielen en banden, algemeen

Wat betekent de codering op de zijkant van de band 195/65R15 91V? Wel, deze codering betekent het volgende:

195 is de sectiebreedte in mm.

65 is de verhouding tussen de sectiehoogte en -breedte in procent.

R betekent radiaalband en

15 is de velgdiameter van de band in inch.

91 zijn codecijfers voor de toegestane maximumbelasting; in dit geval 615 kg

V vermeldt, dat de band voor snelheden tot 240 km/uur gemaakt is.

U moet er bij het vervangen van banden goed op letten, dat u op alle vier wielen hetzelfde type (radiaalband), dezelfde maat (codering) en liefst ook hetzelfde merk krijgt, omdat anders de rij-cigenschappen van de auto kunnen veranderen.

Denk bij het wielen verwisselen aan het volgende!

Als u van zomerwielen op winterwielen overgaat, moet u met krijt op de banden aantekenen, waar het wiel zat, b.v. LV = links voor, enz. In de velgen van de auto zit een "extra" gat. Dit gat moet passen over de paspen die achter op de remschijven zit.

Door de paspen komen de wielen na verwisselen in verband met een lege band of bij het overgaan van winterbanden op zomerbanden altijd in precies dezelfde stand als daarvoor te zitten, zodat de wielen weer goed gebalanceerd zijn.

Denk eraan dat u op het wiel aantekent waar het wiel zat wanneer u het verwijdert! De wielen moeten hangend of liggend worden opgeslagen, nooit staand.

Reservewiel "Temporary Spare" (bepaalde landen)

Uit ervaring is gebleken, dat tegenwoordig een reserveband zelden gebruikt wordt. Daarom kan deze al 4-5 jaar oud zijn, voordat deze nog 4-5 jaar als gewone band gebruikt gaat worden. Een zo oude band te gebruiken is niet aan te raden, omdat het rubber verouderd is. Daarom heeft Volvo een speciaal reservewiel ontwikkeld dat slechts zo kort gebruikt moet worden als nodig is om de gewone band te repareren of vervangen. Het reservewiel van uw auto heeft een speciale band die "Temporary Spare" genoemd wordt (Engels voor speciaal reservewiel).

Als de band stukgaat, kunt u een nieuwe band bij uw Volvo-dealer kopen.

Volgens bestaande wetten is het slechts toegestaan om het reservewiel eventjes te gebruiken, als een band beschadigd, e.d. is. Een gemontcerd wiel van dit type moet dus zo snel mogelijk door een normaal wiel vervangen worden.

Denk er ook om, dat deze band, samen met de normale andere banden, de rij-eigenschappen iets kan veranderen.

De aanbevolen maximumsnelheid, als een reservewiel "Temporary Spare" gemonteerd is, is daarom 80 km/uur, ook al is de band tegen de maximumsnelheid van de auto bestand.

155 R5.65 F16 87 T 9

Nieuwe banden

Vergeet niet dat banden een beperkte levensduur hebben.

Deze band werd vervaardigd in week 15, in 1995! (155)

Als er iets gebeurt...

Ook al verzorgt u uw auto voorbeeldig, toch kan het gebeuren, dat u met de auto iets krijgt dat u zelf moet verhelpen om verder te kunnen rijden, zoals b.v. een lekke band, een kapotte gloeilamp, enz. In dit hoofdstuk worden behandeld:

Lokaliseren van storingen 5:2

Zekeringen vervangen 5:4

Wielen verwisselen 5:8

Gloeilampen vervangen 5:10

Lokaliseren van storingen

In de vorige hoofdstukken zijn al instructies bij bedrijfsstoringen behandeld. In dit hoofdstuk is alleen sprake van storingen die u zelf kunt verhelpen om verder te kunnen rijden.

De motor slaat over en loopt onregelmatig (benzinemotor)

Storing in het ontstekingssysteem.

Controleer of alle kabels van het ontstekingssysteem goed aangesloten en schoon zijn.

IJsvorming in de carburateur of het inspuitsysteem.

Zet de auto in de warmte en voeg carburateurvloeistof toe.

Verstopt luchtfilter/brandstofffilter:

Vervang het filter.

Auto met elektronische startonderbreker start niet

De motor start maar stopt direct

Controleer of u de juiste sleutel gebruikt. Probeer een van de andere autosleutels. Controleer of er niet meer dan één sleutel met elektronische startonderbreker naast elkaar liggen: hierdoor worden immers verschillende signalen tegelijk naar de regelmodule gestuurd.

De motor start helemaal niet

Volg de instructies op pagina 3:4

De motor start moeilijk of helemaal niet

De aanwijzingen voor het starten van de motor zijn niet in acht genomen; zie pagina 3:4.

Start de motor volgens de aanwijzingen.

De accu is slecht geladen of ontladen.

Start de auto door aanslepen of met een hulpaccu; zie pagina 3:11.

Laat de accu opladen.

Zoek de oorzaak op waarom de accu ontladen is.

Slecht contact in het elektrisch systeem.

Controleer alle aansluitingen op de ontstekingsspoel, de accu en de starter.

Er komt geen brandstof bij de motor.

Controleer of er brandstof in de tank is.

Controleer of er een slang ingeklemd of een slangaansluiting van het brandstofsysteem losgeraakt is.

Controleer of de zekeringen voor de brandstofpomp heel zijn.

Storing in het outstekingssysteem.

Controleer of alle kabels van het ontstekingssysteem goed aangesloten en schoon zijn.

Lokaliseren van storingen

Onbalans of trillingen tijdens het rijden

Wielonbalans.

Laat de wielen balanceren.

Te laag oliepeil in de stuurbekrachtigingspomp.

Controleer het oliepeil en vul olie bij.

Het schuifdak kan niet dichtgedaan worden

Geen stroom naar de schuifdakmotor.

De overbelastingsbeveiliging heeft gewerkt. Wacht ca 20 seconden. Dan is deze beveiliging afgekoeld.

De motor wordt warm

De radiatorslangen zijn kapot of lekken.

Controleer de slangen en vervang deze, indien nodig.

Te weinig koelyloeistof.

Controleer het koelvloeistofpeil en vul koelvloeistof bij.

Zekeringen vervangen

Zekeringen

Om het elektrisch systeem van de auto niet te beschadigen bij kortsluiting of overbelasting zijn de elektrische onderdelen en functies beschermd door een aantal zekeringen.

De zekeringen bevinden zich op drie plaatsen in de auto:

De zekeringen in het hoofdzekeringenkastje beschermen het volledige elektrische voedingssysteem van de auto.

De zekeringen in het zekeringen/relaiskastje beschermen de elektrische componenten en functies in de motorruimte.

De centrale verdeeldoos links van het instrumentenpaneel bevat zekeringen die de elektrische functies binnenin de auto beschermen.

Hoofdzekeringenkastje
VOLVO S90 (1998) - Zekeringen - 1

Centrale verdeeldoos links van het instrumentenpaneel

Zekeringen vervangen

Als een elektrische component niet werkt, kan dat komen door een zekering die door een tijdelijke overbelasting is doorgebrand. Om na te gaan welke zekering doorgebrand is, moet u de lijst met zekeringen in de handleiding nakijken. Verwijder de zekering en kijk aan de zijkant of de draad is doorgebrand. Breng in dat geval een nieuwe zekering met dezelfde kleur en stroomsterkte aan. De centrale verdeeldoos links van het instrumentenpaneel bevat verschillende reservezekeringen en een zekeringtang.

Als dezelfde zekering meermaals doorbrandt, zit er een storing in de beschermde component. Breng uw auto voor controle naar een Volvo-werkplaats.

Vervang nooit de zekeringen van het hoofdzekeringenkastje.

Zekeringen vervangen

Hoofdzekeringenkastje (kastje A)

De hoofdzekeringen beschermen het volledige elektrische systeem van de auto. Een doorgebrande zekering wijst op een ernstig probleem. Vervang de zekeringen nooit zelf. Roep de hulp in van uw Volvo-werkplaats.

Ga na welke zekering doorgebrand is in de centrale verdeeldoos links van het instrumentenpanel of in het zekeringen/relaiskastje in de motorruimte.

1 2 3 4 5 6 7 8 GSCM1-023

Nummer

Ampère

1 Elektrisch verwarmde achterruit, centrale vergrendeling, startslot hoofdrelais "B" 50
2 Audiosysteem, elektrisch verstelbare stoelen, Waarschuwingsknipperlichten, binnenverlichting, elektrisch bediende antenne, elektrische aansluiting aanhangwagen, relais mistlamp....50
3 Relais stroomvoorziening "A" 50
4 Relais brandstof/ontstekingssysteem 50
5 ABS-systeem 50
6 Luchtpomp, elektrisch bediende klep starter, claxon .... 50
7 Koelventilator 50
8 Stadslichten/parkeerlichten, relais hoofdverlichting 50

Zekeringen vervangen

VOLVO S90 (1998) - Zekeringen vervangen - 1

De zekeringen van het zekeringen/relaiskastje beschermen hoofdzakelijk de elektrische componenten in de motorruimte.

De zekeringen bevinden zich onder het deksel van het zekeringen/relaiskastje. Maak de vier klemmen los en trek de zekering uit. Kijk aan de zijkant of de draad is doorgebrand. Neem in dat geval een reservezekering uit de centrale verdeeldoos links van het instrumentenpaneel. Vervang de doorgebrande zekering door een zekering met dezelfde kleur en stroomsterkte. Gebruik nooit een zekering met een hogere stroomsterkte.

De centrale verdeeldoos links van het instrumentenpaneel bevat ook een zekeringtang.

Nummer

Ampère

1 Regeleenheid motor, regeleenheid automaat 5
2 AC-relais 5
3 EGR-klep, relais luchtpomp, Elektrisch verwarmde Lambda-sonde 5
4 Brandstofpomp 15
5 Brandstofinspuitkleppen, voeler massadebietmeter, regelaar stationair, regeleenheid motor 15
6 Regeleenheid automaat 15
7 Ontstekingsspoel, elektrisch verwarmde Lambda-sonde ..... 25
8 Mistlampen 25
9 Reserve

Nummer

Ampère

10 Stadslichten/parkeerlichten, links 15
11 Stadslichten/parkeerlichten, rechts 15
12 Linker koplamp 15
13 Rechter koplamp, instrumentenverlichting 15
14 Dimlicht links 15
15 Dimlicht rechts 15
16 Compressor airconditioning 15
17 Claxon 15
18 Accessoires (zie afzonderlijke instructies).... 15

Zekeringen vervangen

Centrale verdeeldoos in het interieur (kastje C)

Deze zekeringen beschermen de elektrische componenten in het interieur. Ze zitten achter een paneel links van het instrumentenpaneel, samen met enkele reservezekeringen. Vervang de zekeringen op dezelfde manier als het zekering/relaiskastje in de motorruimte (zie vorige pagina).

Als u belangstelling heeft voor het nauwkeurige bedradingsschema van de auto met de werking en plaats van de relais, raden wij u ons Servicehandboek aan. U kunt dat handboek bij uw Volvo-dealer bestellen.

Nummer

Ampère

1 Elektrisch verwarmde achterruit ..... 25
2 Centrale vergrendeling, alarmsysteem ... 20
3 Remlicht, verlichtingsschakelaar .... 15
4 Startcontact, SRS 10
5 Reserve
6 Claxon, Voorruitwisser/sproeier, koplampwissers 25
7 Airconditioning 20
8 Elektrisch verstelbare stoelen, elektrisch bediende buitenspiegels, achterruitwisser/sproeier, instrumentenverlichting, buiten-temperatuurmeter 15
9 Audiosysteem 15
10 Niveauregeling koplampen, sigareaansteker, claxon .... 15
11 Binnenverlichting, programmakiezer ..... 5
12 ABS 5
13 Klokje, binnenverlichting/verlichting van handschoenenkastje, waarschuwingslampen portieren, verlichting van koffer, make-up spiegel.... 10

VOLVO S90 (1998) - Ampère - 1

14 Alarmsirene 10
15 Elektrisch bediende antenne, lichtsignaal, aanhangwagen 20
16 Parkeerverwarming 20
17 Waarschuwingsknipperlichten, Richtingaanwijzer 20
18 Audiosysteem/versterker.... 15
19 Achteruitrijlichten, richtingaanwijzers, Cruise Control 15
20 Verlichtingsschakelaar, relais dimlichten/grootlichten .... 15

21 Waarschuwing autogordels, vertraging elektrisch verwarmde achterruit, temperatuurmelder Japan 5
22 Elektrisch verwarmde voorstoel links .... 15
23 Elektrisch verwarmde voorstoel rechts .. 15
24 Mistachterlamp 5
25 Elektrisch verstelbare stoelen* 30
26 Elektrisch bediende raammechanismen, elektrisch bediend schuifdak* ...... 30
* Automatische zekeringen

Wielen verwisselen

VOLVO S90 (1998) - Wielen verwisselen - 1

Wieldop verwijderen (aluminium velg)

VOLVO S90 (1998) - Wielen verwisselen - 2

Wieldop verwijderen (stalen velg)

VOLVO S90 (1998) - Wielen verwisselen - 3

Wielmoeren losdraaien

Het reservewiel ligt onder de vloermat van de bagageruimte.

- Trek de parkeerrem aan en schakel bij auto's met bandgeschakelde versnellingsbak de achteruit in. Plaats een blok vóór en achter de wielen die op de grond blijven staan.

- Auto's met stalen velgen hebben een losneembare wieklop. Verwijder deze als volgt: grijp de wieldop vast en trek deze rechtuit los. Als u de wieldop aanbrengt: let er goed op, dat het ventielgat van de dop recht voor het ventiel komt.

- Draai de wielmoeren met de pijpsleutel 1/2-1 slag los. De moeren worden losgedraaid door hen linksom te draaien.

VOLVO S90 (1998) - Wielen verwisselen - 4

Zo moet de krik zitten

  • Bij elk wiel zit een kriksteun.
  • Houd de krik tegen de pen in de kriksteunbevestiging en draai de krikvoet zo naar beneden, dat deze vlak tegen de grond drukt.
  • Controleer opnieuw of de krik volgens de afbeelding in de steun zit en of de krikvoet loodrecht onder de steun zit.
  • Breng de auto zo ver omhoog, dat het wiel vrijkomt.
  • Verwijder de wielmoeren en neem het wiel af. Beschadig de schroefdraad van de wielmoeren niet.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

  • Kruip nooit onder de auto, als deze op de krik staat!
  • De auto en de krik moeten zich op een stevig, horizontaal vlak bevinden.
  • Bij het verwisselen van wielen moet de originele krik van de auto gebruikt worden. Bij alle andere werkzaamheden aan de auto moet een garagekrik gebruikt worden en moeten bokken gezet worden onder het gedeelte van de auto dat omhooggebracht is.
  • Trek de parkeerrem aan, schakel bij een handgeschakelde versnellingsbak de le versnelling of de achteruit in, resp. stand P bij een automatische versnellingsbak.
  • Blokkeer de wielen die nog op de grond staan aan de voor- en achterkant. Gebruik stevige houtblokken of grote stenen.
  • De schroefdraad van de krik moet altijd goed gesmeerd zijn.

Wielen aanbrengen

  • Maak de aanlegvlakken van het wiel en de naar schoon.
  • Breng het wiel aan. Op de remschijven van de achterwielen zit een paspen die in het "extra" gat in de velg moet zitten. Draai de wielmoeren vast. N.B.! De conische kant van de wielmoeren moet naar het wiel gekeerd worden.
  • Laat de auto zakken zodat de wielen niet meer kunnen draaien. Draai de bouten diagonaal en geleidelijk aan. Aanhaalmoment is ongeveer 85 Nm (8,5 kpm). Het is belangrijk dat de bouten worden aangespannen met het juiste aanhaalmoment, gebruik dus een momentsleutel.
  • Breng de wieldop aan. Bepaalde modellen hebben een wieldop die de gehele velg bedekt. Het symbool op de achterkant van de wieldop moet naar het ventiel gekeerd worden.
  • Draai de krik helemaal in, voordat u deze in de bagageruimte in de houder zet.

Gloeilampen vervangen

Motorkap WOMENIA

Gloeilamp dimlicht
Gloeilamp koplamp
Klemveer Klemveer Gloeilamp P14,5s/H1 55W Gloeilamp P14,5s/H1 55W HCM0005

Gloeilamp in een koplamp vervangen

De glocilampen van beide koplampen moeten vanuit de motorzuimte worden vervangen.

N.B.! Pak het glas van de gloeilampen nooit aan met de vingers. Vet en olic van de vingers verdampen namelijk door de warmte en kunnen de reflector beschadigen.

  • Schakel de verlichting uit en draai de startsleutel in stand 0.
  • Open de motorkap.
  • Duw op de uitstekende delen van de plastic dop en trek de dop naar het spatbord.
  • Maak de klemveren los en buig ze naar boven.
  • Verwijder de gloeilamp en de kabel.
  • Plaats een nieuwe gloeilamp.

  • Zet de gloeilamp op zijn plaats. De lamp kan maar op één manier goed zitten.

  • Zet de klemveren op de kabel van de lamp.
    • Druk de klemveren in hun zitting.
  • Zet de plastic dop weer terug.

Gloeilampen van koplampen

De gloeilampen van de koplampen worden op dezelfde manier vervangen als de dimlichten. Merk op dat de klemveren volledig naar beneden worden gebogen en niet naar boven!

Gloeilampen vervangen

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 1

Richtingaanwijzer 21 WBAU 15s
VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 2

Lamphuis Fitting Lamp 21 W BAU 15s 95CM40037

Gloeilamp in een stadslicht vervangen

  • Schakel de verlichting uit en draai de startsleutel in stand 0.
  • Duw op de uitstekende delen van de plastic dop en trek de dop naar het spatbord.
  • Verwijder de fitting door hem linksom te draaien.
  • Trek de lamp er recht uit.
  • Plaats een nieuwe gloeilamp.
  • Zet de fitting weer door hem rechtsom te draaien.
  • Controleer of de nieuwe lamp werkt.
    • Zet de plastic dop weer terug.

Gloeilamp in een hoeklicht voor vervangen

  • Schakel de verlichting uit en draai de startsleutel in stand 0.
  • Duw op de geleideveer in de motorruimte en verwijder de lampeenheid.
  • Verwijder de fitting door hem linksom te draaien.
  • Neem de gloeilamp uit de fitting door erop te duwen en linksom te draaien.
  • Plaats een nieuwe gloeilamp en zet de fitting weer in de lampeenheid.
  • Zet het contact aan en controleer of de nieuwe lamp werkt.
  • Zet de lampeenheid weer en controleer of ze stevig vastzit.

Gloeilampen vervangen

1 2 3 A

Buitenkant, links

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 2

Gloeilamp in een achterlicht vervangen - 4 deurs-model

Alle gloeilampen in een achterlicht moeten van binnenuit de bagageruimte vervangen worden.

Advies: vervang telkens één gloeilamp om verwisseling te voorkomen.

Doe het volgende:

  • Schakel de verlichting uit en draai de startsleutel in stand 0.
  • Buitenkant: Draai schroef A los en buig de afdekkap omlaag. Klep: Til de haak op en buig de afdekkap omlaag. De kap zit aan de onderkant vast.
  • Verwijder de fitting. De gloeilampen zitten in de fitting vast.
  • Verwijder de gloeilamp door deze in te drukken en een paar mm linksom te draaien.
  • Zet een nieuwe gloeilamp in de fitting en breng de fitting weer in het achterlicht aan.

N.B.! Merk op dat een van de pasnokken van de fitting breder dan de beide andere is.

Deze pasnok moet in de breedste uitsparing in het gat voor de fitting passen.

Draai de fitting rechtsom vast.

Controleer of de nieuwe lamp werkt. Schroef de afdekkap vast.

Gloeilampen
Sterkte Fitting

1,4 Achterlicht5 WBA 15s
2 Richtingaanwijzer21 WBAU 15s
3 Remlicht21 WBA 15s
5 Achteruitrijlicht21 WBA 15s
6 Mistachterlamp (alleen links)21 WBA 15s

Gloeilampen vervangen

1 2 3 4 BEOM265

De gloeilampen worden van binnenuit de auto vervangen.

GloeilampenSterkteFitting
1 Mistachterlamp (alleen links)21 WBA 15s
2 Achteruitrijlicht21 WBA 15s
3 Richtingaanwijzer21 WBAU 15
4 Remlicht /achterlicht21/4 WBAZ 15

(witte fitting rechts, zwarte fitting links)

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 2
21 W BA 15 s
I pool

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 3
21 W BAU 15 s

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 4
21/4 W BAZ 15 d
2 polen
Paspennen op verschillende hoogten.

Gloeilamp in een achterlicht vervangen

5-deurs model

Advies: vervang telkens één gloeilamp om verwisseling te voorkomen.

• Doe de verlichting uit.
- Wring het paneel voor het achterlicht met b.v. een schroevedraaier uit.
- Draai de fitting van de kapotte gloeilamp ca 10 mm linksom en neem deze los.
- Verwijder de gloeilamp uit de fitting door deze naar binnen te drukken en 10 mm linksom te draaien.

- Breng een nieuwe gloeilamp in de fitting aan en zet de fitting weer in het achterlicht.

N.B.! Merk op, dat een van de pasnokken van de fitting brexler dan de overige is. Deze pasnok moet in de breedste uitsparing in het gat voor de fitting passen.

• Draai de fitting rechtsom vast.
- Controleer of de gloeilamp licht geeft.
- Druk het paneel voor het achterlicht weer op zijn plaats.

Denk erom, dat er in bepaalde landen twee verschillende types gloeilampen voorkomen, 1-polige en 2-polige.

Bij de 2-polige lamp zitten de paspennen op verschillende hoogten. De lamp kan maar op één manier aangebracht worden. Probeer maar! Breng de lamp aan, druk deze naar binnen en draai deze voorzichtig een paar mm. Als dit niet gaat, moet de lamp verwijderd, een 1/2 slag gedraaid en weer aangebracht worden. Bij goed aanbrengen moet de lamp zonder kracht vastgedraaid kunnen worden.

Gloeilampen vervangen

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 1

Schroevedraaier insteken en voorzichtig draaien

Mistlamp

N.B.! Raak het glas nooit met uw vingers aan. Schakel de verlichting uit en draai de startsleutel op positie 0. Schroef de kap los met een kruiskopschroevedraaier. De kap bevindt zich onder de lampeenheid. Maak de klemveren los en verwijder de lamp met de kabel. Vervang de lamp door een nieuwe lamp met kabel. Zet het contact aan en controleer of de nieuwe lamp werkt. Schroef de kap weer vast.

Zijknipperlicht

Schakel de verlichting uit. De gloeilamp moet van buitenaf vervangen worden. Schuif de lamp naar voren en trek de achterkant eruit. Daarna kan de gehele lamp verwijderd worden. Laat de draden in de fitting zitten. Draai de fitting een 1/4 slag linksom en trek deze rechtuit los. Trek de kapotte gloeilamp er recht uit.

Waarschuwingslamp portier

Alle portieren hebben rode waarschuwingslampen. Dit moet u doen om een lamp te vervangen: Steek volgens de afbeelding een schroevedraaier in en draai voorzichtig, dan laat het glas los. Trek de kapotte lamp recht uit. Vervang de lamp en breng het glas weer aan.

Gloeilampen vervangen

5W W2 XLT 223

Kruiskopschroef van het lampeglas

x9,5d XTL 232 100189022

Kruiskopschroef van het lampeglas

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 3

Waarschuwingslamp portier

Kentekenplaatverlichting

Schakel de verlichting uit en draai de startsleutel in stand 0. Draai de schroeven van het lampeglas los. Steek volgens de afbeelding een schroevedraaier in en draai voorzichtig, dan laat het glas los. Trek de kapotte lamp recht uit. Vervang de lamp en breng het glas weer aan.

Kentekenplaatverlichting

5-deurs model

Schakel de verlichting uit en draai de startsleutel in stand 0. Draai de schroeven uit met de schroevedraaier van de gereedschapsdoos. Let erop dat de schroevedraaier in de steel verschillende bits heeft. Verwijder het lampeglas en vervang de lamp. Zet het lampeglas weer terug. Het glas heeft een uitsparing die op de pasnok past.

Steek een schroevedraaier in en draai voorzichtig, dan laat het glas los. Maak de aansluitkabel van de lamp los. Buig de twee randen om en verwijder het lamphuis. Vervang de lamp, zet het lamphuis weer en buig de randen om. Sluit de kabel weer aan en plaats het lampeglas weer. Controleer of de lamp werkt.

Gloeilampen vervangen

SECAB3553 10 W SV8,5

Schroevedraaier naar binnen drukken

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 2

Schroevedraaier naar binnen drukken

1,2 W SV5,5

Schroevedraaier insteken en draaien

Bagageruimteverlichting

Druk de pasnok van het glas met een schroevedraaier naar binnen (zie de afbeelding) en verwijder het glas. Vervang de gloeilamp en breng het glas weer aan.

Bagageruimteverlichting

5-deurs model

Druk de pal in het lamphuis naar binnen door de schroevedraaier in de opening aan de korte kant van het lamphuis te brengen. Trek het lamphuis naar beneden uit de bevestiging en vervang de gloeilamp.

Make-up spiegel

Steek een schroevedraaier in en draai deze, dan laat het glas los.

Verwijder en vervang de gloeilamp.

Druk eerst de onderkant van het lampeglas weer op de vier haken en druk daarna de bovenkant vast.

Gloeilampen vervangen

VOLVO S90 (1998) - Gloeilampen vervangen - 1

Schroevedraaier insteken en draaien

Plafondlamp en leeslampjes

Schakel de verlichting uit.

Pak het voorste deel van het lamphuis vast (zie de afbeelding) en trek het recht naar beneden los. Vervang de kapotte gloeilamp. Controleer of deze licht geeft. Breng het lamphuis weer aan. Let crop, dat de draden niet ingeklemd worden.

Glocilampen

Plafondlamp

Leeslampjes

Sterkte

10 W

5 W

Fitting

SV8.5

W2,1x9,5d

Leeslampje achter

Schakel de verlichting uit. Steek een schroevedraaier in en draai deze, zodat de fitting loslaat. Vervang de gloeilamp en druk de fitting weer naar binnen.

Carrosserie-onderhoud - niet alleen voor het aanzicht!

De carrosserie wordt natuurlijk onderhouden om de auto van buiten en van binnen schoon en mooi te houden. Maar er is nog veel meer:

het moet ook gebeuren uit het oogpunt van roestwering, om de roestwerende behandeling regelmatig te controleren en bij te werken en om de lak op beschadigingen te controleren en deze bij te werken.

Roestwerende behandeling - controleren en bijwerken 6:2

Lakbeschadingen controleren en bijwerken 6:4

Auto wassen 6:6

Bekleding reinigen 6:8

Roestwerende behandeling - controleren en bijwerken

Roestwerende behandeling - controleren en bijwerken

Uw Volvo kreeg al van fabriekswege een nauwkeurige en volledige roestwerende behandeling. Aan de buitenkant, op het onderstel en in de wielkuipen werd een dik, slijtvast roestwerend middel gespoten en aan de binnenkant van de balken, holle ruimten en gesloten secties een dunnere, penetrerende roestwerende vloeistof.

Bijwerken van de roestwerende behandeling:

- Houd de auto schoon! Gebruik een hoge-drukslang om de chassis-onderdelen, het onderstel, de wielkuipen en de spatschermranden schoon te spuiten. Hou de hoge-drukslang op minstens 30 cm van het lakwerk.

- Laat de roestwerende behandeling regelmatig controleren en bijwerken.

* Draagarmen, draagarmstangen, veerstoelen en veerpootschotels

De auto is gebouwd met een roestwerende behandeling die bij normale omstandigheden pas na circa 8 jaar een nabehandeling nodig heeft. Na deze tijd moet met tussenpozen van drie jaar nabehandel worden. Als uw auto nabehandel moet worden: laat uw Volvo-werkplaats u hierbij helpen.

Om een perfect resultaat te krijgen moet het nabehandelen vakkundig gebeuren.

De roestwerende behandeling moet door uw Volvo-werkplaats worden gecontroleerd - zie het Garantiebockje.

VOLVO S90 (1998) - Roestwerende behandeling - controleren en bijwerken - 1

Roestwerende behandeling - controleren en bijwerken

De "zichtbare" roestwerende behandeling

De "zichtbarc" roestwerende behandeling moet regelmatig gecontroleerd en bijgewerkt worden. Als de roestwerende laag ergens bijgewerkt moet worden, moet u dit onmiddellijk laten doen, zodat geen vocht onder de roestwerende laag binnendringt - laat uw Volvo-werkplaats u helpen.

Als u zelf de roestwerende laag wilt bijwerken, moet u erop letten, dat de bij te werken plaats schoon en droog is. Spoel, was en droog de auto zorgvuldig. Gebruik een roestwerend middel in een spuitbus of breng het met een kwast op.

Er zijn twee verschillende types roestwerend middel: a) dun (kleurloos) voor zichtbare plaatsen b) dik voor slijtplekken van het onderstel en de wielkuipen

Denkbare plaatsen om met deze middelen bij te werken zijn b.v.:

• Zichtbare lasnaden en puntlasnaden (dunne vloeistof)
- Onderstel en wielkuipen (dikke vloeistof)
• Portierscharnieren (dunne vloeistof)
- Motorkapscharnieren en -slot (dunne vloeistof)

Als de behandeling klaar is, kan het overtollige roestwerende middel verwijderd worden met een lap die met terpentine bevochtigd is.

De motorruimte is van fabriekswege behandeld met een kleurloos roestwerend middel op wasbasis. Dit middel is tegen normale wasmiddelen bestand zonder op te lossen of niet meer te werken. Als de motor echter wordt gereinigd met zogenaamde aromatische oplosmiddelen, zoals thinner, terpentine (speciaal als deze emulgatoren bevat), moet de wasbescherming na het reinigen worden vernieuwd. De Volvo-dealers verkopen dergelijke wassen.

Motorkapscharnieren en

-slot Portierscharnieren

Onderstel en wielkuipen

Lakbeschadigingen controleren en bijwerken

De lak is een belangrijk onderdeel van de roestbescherming van de auto en moet dus regelmatig gecontroleerd worden. Lakbeschadigingen moeten onmiddellijk behandeld worden om roestvorming te voorkomen. De meest voorkomende lakbeschadigingen, d.w.z. de beschadigingen die u ook zelf kunt bijwerken, zijn:

  • Kleine steenslagplekken en krassen
  • Afbladerende spatschermranden en dreimpels b.v.

Bij het bijwerken moet de auto goed gewassen en droog zijn en een temperatuur boven +15°C hebben.

Lakkleurcode

Let erop, dat u de juiste lakkleur heeft. Controleer dit met het codenummer voor de lakkleur dat op het typeplaatje in de motorruimte staat.

VOLVO S90 (1998) - Lakkleurcode - 1
Lakkleurcode

VOLVO S90 (1998) - Lakkleurcode - 2

Lakresten met maskeertape verwijderen

VOLVO S90 (1998) - Lakkleurcode - 3

Kleine steenslagplekken en krassen bijwerken

Materialen:

• Grondlak (primer) in bus
• Lak in bus of zgn. lakpen
- Penseel
• Maskeertape

Als de steenslagplek niet tot de plaat doorgedrongen en er nog een onbeschadigde laklaag over is, kan na verwijdering van vuil de lak direct opgebracht worden. Als de steenslagplek tot de plaat doorgedrongen is, moet u het volgende doen:

- Breng een stukje maskeertape op het beschadigde vlak aan. Trek daarna de maskeertape weg, zodat lakresten meegaan (zie afbeelding 1)

  • Roer de grondlak (de primer) goed om en breng deze met een fijn penseeltje of met een lucifer op (afbeelding 2).
  • Als de grondlak goed droog is, kan de eindlak met een penseel opgebracht worden. Roer de lak goed om en breng deze daarna enkele malen dun op en laat de lak telkens eerst goed drogen.

VOLVO S90 (1998) - Kleine steenslagplekken en krassen bijwerken - 1

  • Bij krassen doet u, zoals hierboven beschreven is, maar het kan gewenst zijn om onbeschadigde lak door afplakken te beschermen (zie afbeelding 3).
  • Wacht een paar dagen met de nabehandeling, dwz. het poetsen. Gebruik een zachte doek en wees zuinig met polish.

Lakbeschadigingen controleren en bijwerken

20-30 cm

Spuitbus zó houden

Beschadigde spatschermranden en drempels bijwerken

Materialen:

• Grondlak - spuitbus
• Lak - spuitbus
• Maskeertape

Bij het lakken van grote oppervlakken moet u de omgeving eerst maskeren met tape en papier. Verwijder de tape onmiddellijk na de laatste maal spuiten en voordat de lak gedroogd is.

• Verwijder loszittende bladders.
• Schud de spuitbus tenminste 1 minuut.

Spuit de grondlak op. Bij het opspuiten moet u de spuitbus met gelijkmatige snelheid op een afstand van 20-30 cm van de plek heen en weer bewegen; zie de afbeelding. Bescherm de omringende vlakken met karton.

Als de grondlak goed droog is, kan de cindlak op dezelfde manier opgespoten worden. Spuit deze een paar maal op en laat de lak telkens eerst een paar minuten drogen.

Auto wassen

De auto moet vaak gewassen worden!

Was de auto zodra deze vuil geworden is, met name in de winter, omdat wegenzout en vocht gemakkelijk corrosie kunnen veroorzaken. Op de volgende manier kunt u de auto wassen:

  • Spoel het vuil zorgvuldig af van de onderkant van de auto (wielkui-pen, spatschernranden, enz.)
  • Spoel de gehele auto af, totdat het vuil week geworden is.
  • Bij gebruik van een hogedrukspuit: Let erop dat het mondstuk van de hogedrukspuit op ten minste 30 centimeter afstand van de carrosserie wordt gehouden. Spuit niet direct op sloten.
  • Was de auto met een spons met of zonder wasmiddel en veel water. Gebruik hierbij liefst lauw, maar geen heet water.
  • Als het vuil erg vastzit, kunt u de auto met een koud-ontvettingsmiddel wassen, maar dat moet dan op een spoelplaats met een spoelputje gebeuren.
  • Droog de auto af met een schone zachte zeem.
  • De elektrisch bedienbare antenne (accessoire) dient na een autowasbewurt te worden gedroogd.
  • Was de wisserbladen af met een nagelborsteltje en een lauwe zeepoplossing.

Geschikte wasmiddelen:

Autowasmiddelen (autoshampoo) of 5-10 cl gewoon vloeibaar af wasmiddel op 10 liter water.

Vlekken op aluminium lijsten rondom ramen, spatschermen en portieren kunnen met autopolish weggepoctst worden. Gebruik nooit polijstpasta of staalwol.

Denk hieraan!

Verwijder vogelvuil altijd zo snel mogelijk van de lak. Het bevat namelijk stoffen die de lak snel doen verkleuren. Dit kan niet meer weggepolijst worden.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Als onmiddellijk na het wassen met de auto gereden wordt, moet eerst voorzichtig geremd worden, zodat het vocht van de remvoeringen kan verdwijnen!

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Was de motor niet, als deze warm is. Brandgevaar!

N.B! Bij het wassen moet u de afwateringsgaten in de portieren en in de drempels telkens goed schoonmaken om te voorkomen dat deze door modder en vuil verstopt raken.

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 2

Automatische wasinrichting

Met een automatische wasinrichting kan de auto snel en eenvoudig schoongemaakt worden. Denk er echter aan, dat een automatische wasinrichting de auto niet zo effectief en voorzichtig wast als u zelf met de hand met spons en water doet. De borstels van de wasautomaat kunnen niet overal bijkomen. Het onderstel van de auto wordt niet in alle wasautomaten afgespoeld, terwijl dit met name in de winter van groot belang is.

Let erop, dat eventuele accessoires (extra koplampen, buitenspiegels, antennes) goed vastzitten, want anders bestaat er kans, dat de borstels van de wasautomaat dergelijke onderdelen losrukken.

Draai b.v. de antenne los of schuif deze in.

Voordat u de automatische wasinrichting binnenrijdt, moet u de armen van de koplampwissers onder de aanslagen onderaan de koplampen leggen om te verhinderen, dat de borstels de armen pakken en het wissermechanisme beschadigen.

N.B.! Vergeet daarna niet om de wisserarmen weer in hun normale stand te brengen, als het wassen klaar is.

Was uw auto alleen in wasautomaten met schone borstels!

Was de auto de eerste maanden - voordat de lak hard geworden is liefst met de hand.

Denk eraan, dat het wassen in een automatische wasinrichting het wassen met de hand nooit kan vervangen!

U moet de auto poetsen en in de was zetten, als u vindt dat de lak mat is en u deze een extra bescherming wilt geven, b.v. vlak vóór de winter. Normaal behoeft de auto pas dau na een jaar gepoetst te worden. In de was zetten kan eerder gebeuren.

U moet de auto goed wassen en droogmaken, voordat u gaat poetsen en/of in de was zetten. Verwijder asfalt- en teerspatten met terpentine.

Moeilijker te verwijderen vlekken kunnen met een poetsmiddel voor autolak ("rubbing") verwijderd worden.

Poets eerst met polish en behandel de auto daarna met vloeibare of vaste was. Volg de instructies op de verpakkingen nauwkeurig op. Veel preparaten bevalten zowel polish als was.

Er zijn momenteel veel verschillende merken zogenaamde polymeerwassen voor autolak in de handel.

Deze wassen zijn gemakkelijk te verwerken en geven een zeer hard en glad oppervlak, waardoor de lak tegen oxydatie, vuil worden en verbleken beschermd is.

Auto wassen

Bekleding reinigen

Vlekken op textiel behandelen

Voor vuile textielbekleding worden speciale reinigingsmiddelen aanbevolen die bij uw Volvo-dealer verkrijgbaar zijn. Andere chemische produkten kunnen de brandwerende behandeling van de bekleding schaden. Vlekken kunnen altijd het beste onmiddellijk verwijderd worden, nog voordat deze ingedroogd zijn. De vlekken moeten opgelost, niet weggewreven of met een harde borstel weggeborsteld worden.

Vlekken op vinyl behandelen

Krab of wrijf nooit op een vlek. Gebruik nooit sterke ontvlekkingsmiddelen. Reinig met een zwakke zeepoplossing en lauw water.

Verwijderen van vlekken op het leer

Reinig de vuil geworden lederen binnenbekleding met speciale reinigingsmiddelen die bij uw Volvo-dealer verkrijgbaar zijn. Een behandeling een- of tweemaal per jaar met de Volvo leeronderhoudset wordt geadviseerd om het leer soepel en comfortabel te houden.

Gebruik nooit sterke oplosmiddelen, benzine, alcohol, white-spirit, enz. Deze produkten kunnen de stof, het vinyl en het leer beschadigen.

Vlekken in stoffen, vloermatten behandelen

Behandel de vlek zo snel mogelijk.

Verwijder het grootste deel van het vuil met een bot mes of iets dergelijks.

Zuig van de vlek zo veel mogelijk op met schone witte doeken. Stofzuig rondom de vlek, zodat omringend vuil niet oplost.

Bevochtig een schone witte lap met het oplosmiddel. Zuig vervolgens het oplosmiddel met een droge wattenprop uit de vlek op. Herhaal de behandeling tot de vlek verdwenen is.

Denk aan het volgende:

  • Bij verflekken, b.v. inkt, balpuntpennen, lippenstift, moet heel voorzichtig met het ontvlekkingsmiddel gewerkt worden, omdat de kleurstof in de vlek kan oplossen en de vlek daardoor groter wordt.
  • Gebruik zo weinig mogelijk oplosmiddel. Te veel oplosmiddel kan het schuimplastic in de zitting beschadigen.
  • Werk altijd van buiten naar het midden van de vlek toe.

Autogordels reinigen

Gebruik hiervoor water met een synthetisch wasmiddel.

Ontvlekkingsmiddelen

Gebruik Volvo's textielwasset of:

Ammoniakoplossing: 1 theelepel ammoniak (ca 90%-ig) wordt met 3 dl water gemengd.

Ammoniak-zeepoplossing: bovenstaande ammoniakoplossing wordt met 1 dl zeepwater gemengd. Zeepwater kan gemaakt worden door b.v. geraspte ongekleurde toiletzeep in lauw water op te lossen.

Regelmatig onderhoud - dat is investeren!

Deze investering brengt zijn geld op, omdat u op uw auto kunt vertrouwen en omdat deze langer meegaat. En ook als u uw auto door een nieuwere wilt vervangen. Lees daarom over:

Volvo Service 7:2

Om aan te denken! 7:3

Motorkap 7:4

Motorruimte 7:5

Motorolie, peil controleren en verversen 7:6

Stuurbekrachtiging, koppeling, remmen, vloeistofpeil controleren 7:8

Carrosseriesmering 7:9

Koelvloeistof controleren en vervangen 7:10

Ruitewissers Koplampwissers 7:11

Wisserblad vervangen 7:12

Installatie van accessoires 7:13

Accu-onderhoud 7:14

Volvo Service

Afleveringsinspectie

Voordat uw Volvo de fabriek verliet, werd met uw auto proefgereden en werd deze zorgvuldig gecontroleerd en afgesteld. Voordat de auto aan u werd overgedragen, kreeg deze een uitgebreide afleveringsinspectie bij uw Volvo-dealer om er zeker van te zijn dat de auto geheel aan de Volvo-normen zou voldoen.

Het Volvo Onderhouds Programma

Om steeds van de grote veiligheid en betrouwbaarheid van uw Volvo gebruik te kunnen maken moet u het Volvo Onderhouds Programma opvolgen dat in het Serviceboekje beschreven is.

Wij raden u ten sterkste aan om de werkzaamheden waarvan in deze onderhoudsschema's sprake is, toe te vertrouwen aan uw Volvo-dealer die de ervaring, technische gegevens en apparatuur heeft. U bent er dan zeker van, dat de werkzaamheden worden uitgevoerd met de hoge kwaliteit die u, als Volvo-bezitter, verwacht. U kunt er tevens van verzekerd zijn, dat uw Volvo-dealer alleen maar originele Volvo service-onderdelen gebruikt die van dezelfde hoge kwaliteit zijn als de onderdelen die oorspronkelijk tijdens de fabricage van uw Volvo werden gebruikt. Het Volvo Onderhouds Programma is voor de normale autorijder opgezet. Als u van mening bent, dat uw manier van rijden meer dan normaal van de auto vergt, moet u dit met u Volvo-dealer bespreken; hij zal u gaarne adviseren met een eventueel speciaal onderhoud dat nodig kan zijn.

Belangrijk

Voorwaarde voor de geldigheid van de garantie is absoluut: dat bovengenoemde garantie-inspectie ongeveer bij de juiste kilometerstand wordt uitgevoerd, dat het onderhoud van de auto volgens de instructies van deze handleiding wordt uitgevoerd, en dat de inspecties en reparaties door een erkende Volvo- werkplaats worden uitgevoerd.

Denk eraan, dat...

  • regelmatig onderhoud noodzakelijk is om uw auto in goede conditie te houden zowel wat betreft de betrouwbaarheid als de verkeersveiligheid.
  • het overslaan van een inspectie tot gevolg kan hebben, dat uw auto uitlaatgassen afgeeft met een onaanvaardbaar hoog gehalte aan stoffen die voor het milieu schadelijk zijn.
  • de inspecties het beste door een Volvo-werkplaats kunnen worden uitgevoerd, omdat deze ervaren personeel hebben dat met de produkten bekend is en speciaal gereedschap en betrouwbare serviceliteratuur van Volvo heeft.
  • Uw Serviceboekje na elke inspectie moet worden afgestempeld. Een "goed afgestempeld" serviceboekje is een aanwijzing, dat de auto goed onderhouden is en dit verhoogt de tweedehandswaarde.

Servicehandboeken

Als u technische belangstelling heeft en gedetailleerde gegevens wilt hebben die niet in dit boekje staan, maken wij u attent op onze Service-bandboeken die u bij uw Volvo-dealer of rechtstreeks bij Volvo kunt bestellen. Deze handboeken bevatten nauwkeurige informatie over reparaties en afstellingen en over de constructie en werking van de componenten van uw auto. Dit zijn namelijk dezelfde handboeken als door het Volvo-personeel worden gebruikt.

Om aan te denken!

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Het ontstekingssysteem werkt met zeer hoge spanning! Het hele outstekingssysteem kan levensgevaarlijke spanningsniveaus voeren! Raak de bougies, bougiekabels of bobines niet aan wanneer de motor draait of wanneer het contact aan staat.

Zet het contact altijd af bij:

  • het aansluiten van motortestapparatuur,
  • het vervangen van ontstekingsonderdelen, zoals bougies, bobine, stroomverdeler, bougiekabels enz.

Ontkoppel de accu voor:

- Werkzaamheden aan het SRS-systeem.

De massaverbinding van de SRS-airbag onder de bestuurdersstoel mag niet worden ontkoppeld. Verbind ook geen andere elektrische uitrusting met de massa onder de bestuurdersstoel. Bij incorrecte massaverbinding kan de goede werking van het SRS-systeem in gevaar komen.

Auto omhoogbrengen

Als de auto met een garagekrik omhooggebracht wordt, moeten de vier kriksteunen (twee aan elke kant) gebruikt worden. Deze zijn voor dit doel speciaal versterkt.

Een garagekrik kan ook onder het gegoten achterashuis of onder de voor-as midden tussen de voorwielen gezet worden.

Beschadig de afschermplaat onder de motor niet. Let erop, dat de krik goed wordt geplaatst, zodat de auto niet van de krik afglijdt.

Gebruik altijd bokken of iets dergelijks.

Als de auto met een hefbrug met twee kolommen omhooggebracht wordt, moeten de voorste hefarmen onder de steunen van de draagarmstangen (zie de afbeelding) aangebracht worden en niet onder de kriksteunen! Anders wordt de auto van voren te zwaar, zodat bij werkzaamheden aan de achteras en de achterveren het achterste deel van de auto los kan komen van de achterste hefarmen. De achterste hefarmen moeten onder de achterste kriksteunen aangebracht worden.

Voordat u werkzaamheden uitvoert aan de auto:

Accu

Ga na of de accukabels correct zijn aangesloten en stevig vastzitten. Ontkoppel de accu nooit terwijl de motor draait (bijv. om de accu te vervangen).

Gebruik nooit een snellader om de accu te laden. Bij het laden moeten de accukabels ontkoppeld zijn.

Schakel de radio uit alvorens de accukabels te ontkoppelen.

Als uw radio een antidiefstalcode bezit en de accu wordt losgekoppeld, moet u de radiocode opnieuw invoeren om de radio te kunnen aanzetten.

Zorg voor het milieu

De accu bevat een zuur dat agressief en giftig is. Het is dus van belang, dat op een milieu-vriendelijke manier met de accu omgegaan wordt. Laat de Volvo-dealer u helpen.

Achterste kriksteunen
Voorkant SESC0065

Steinen van de draagarmstangen

Motorkap

VOLVO S90 (1998) - Motorkap - 1

Grendels indrukken - geheel openzetten

VOLVO S90 (1998) - Motorkap - 2

... omhoogdrukken en openen

VOLVO S90 (1998) - Motorkap - 3

Grendels naar beneden duwen - volledig gesloten

Motorkap openen

Trek aan de vergrendelingshandgreep helemaal links onder het dashboard. U kunt horen, dat het slot opengaat.

Til de motorkap een paar cm op, ga er met de hand onder en druk op de hendel van de veiligheidspal. Open de motorkap.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Controleer of de motorkap na het sluiten goed vergrendeld is!

De motorkap wordt normaal tot over een hoek van ca 55° geopend. Er kan loodrecht geopend worden door de beide rode vergrendelingen naar boven te drukken (zie de afbeelding). Let erop, dat de vergrendelingen goed komen te zitten.

Als de motorkap gesloten wordt, moet de motorkap iets opgetild en moeten de vergrendelingen naar beneden gedrukt worden. Let crop, dat de motorkap het plafond niet raakt, als de auto in een garage staat.

Motorruimte

Motorruimte

1 Expansietank koelsysteem
2 Vuldop motorolie
3 Peilstok motorolie
4 Reservoir koppelings-/remvloeistof
5 Accu
6 Plaatje met gegevens
7 Radiator
8 Reservoir stuurbekrachtigingsvloeistof
9 Luchtfilter
10 Reservoir sproeivloeistof
11 Hoofdzekeringenkastje
12 Zekeringen/relaiskastje

VOLVO S90 (1998) - Motorruimte - 1

De ventilator kan enige tijd nadat de motor is afgezet gaan draaien!

VOLVO S90 (1998) - Motorruimte - 2

Motorolie, peil controleren en verversen

Controleer de motorolie regelmatig bij het tanken

Het is met name belangrijk, dat u in de inrijperiode de motorolie controleert. Zet de auto vlak en wacht na het afzetten van de motor ten minste 5 minuten, zodat de olie in de oliepan heeft kunnen terugstromen.

De betrouwhaarste waarde krijgt u bij een koude motor vóór het starten. Veeg vóór het controleren de peilstok af.

Het peil moet binnen het op de peilstok gemarkeerde gebied liggen. De afstand tussen MAX en MIN op de peilstok komt overeen met ca 1 liter. Als het peil bij MIN ligt, moet bijgevuld worden bij

Koude motor 1 liter Warme motor 0,5 liter.

VOLVO S90 (1998) - Controleer de motorolie regelmatig bij het tanken - 1

De aftapbout zit aan de achterkant van de oliepan.

Oliefilter vervangen bij het olie verversen

Verwijder eerst de afschermplaat onder de motor. Verwijder daarna het oude filter. Breng volgens de instructies op het filter een nieuw aan.

Eventueel olie bijvullen

Gebruik dezelfde oliesoort als in de motor zit. Zie de volgende pagina. De vuldop moet recht omhooggetrokken worden.

Als u bij het olic verversen de juiste hoeveelheid toevoegt, komt het oliepeil ongeveer in het midden van het gearceerde deel van de peilstok te liggen, d.w.z. midden tussen de merktekens MAX en MIN hetgeen geheel normaal is. Vul niet met teveel olie; dan wordt het olieverbruik hoger.

Olievuldop Oliepeilstok Aftapschroef Oliefilter

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Mors geen olie op de hete uitlaatpijpen. Brandgevaar!

Motorolie, peil controleren en verversen

Oliekwaliteit:

ACEA A2/A3

Synthetische of semi-synthetische oliën mogen gebruikt worden, als deze aan bovenstaande kwaliteitseisen voldoen.

Gebruik geen olie-additieven, tenzij aanbevolen door een erkende Volvo-werkplaats.

Viscositeit (bij constante luchttemperatuur)
VOLVO S90 (1998) - ACEA A2/A3 - 1

bar | SAE Type | Value | | :--- | :--- | | -30 | -22 | | -20 | -4 | | -10 | 14 | | 0 | 32 | | 10 | 50 | | 20 | 68 | | 30 | 86 | | 40 °C | 104°F | SAE 5W/30 SAE 5W/40 SAE 10W/30 SAE 10W/40 SAE 15W/40 SAE 20W/40 SAE 30 SAE 40

Bij extreme rij-omstandigheden die een abnormaal hoge olietemperatuur of een abnormaal hoog olieverbruik geven, zoals bijv. bij het rijden in bergterrein met veel afremmen op de motor en bij snel rijden op autowegen, wordt SAE 15W/40 of SAE 20W/40 aangeraden. Denk echter aan de onderste temperatuurgrens voor deze oliën!

Olie-inhoud:

5,75 liter (+0,4 liter bij afgetapte oliekoeler).

Olie verversen en oliefilter vervangen

Rij-omstandighedenInterval olie verversen en oliefilter vervangen
Ongunstige rij-omstandig-heden: zie hieronder.Om de 7500 km of 6 maanden
Normale rij-omstandig-heden.Om de 15.000 km of 12 maanden

Ongunstige rij-omstandigheden

• langdurig rijden in stoffige/zanderige omgeving
• langdurig rijden met caravan/aanhangwagen
• langdurig rijden in bergterrein
• langdurig rijden met zeer hoge snelheid
• langdurig stationair lopen of rijden met lage snelheid
- lage temperaturen (onder 0°C) met voornamelijk korte afstanden (korter dan 10 km)

Stuurbekrachtigings-, koppelings- en remvloeistof

VOLVO S90 (1998) - Stuurbekrachtigings-, koppelings- en remvloeistof - 1

Reservoir stuurbekrachtigingsvloeistof
Remvloeistofreservoir

Stuurbekrachtigingsvloeistof

De oliepeilstok zit aan de dop vast. Het oliepeil mag bij koude motor niet boven het streepje MAX staan.

Vul olie bij, als het peil bij MIN staat.

Oliekwaliteit: ATF-olie

Olie-inhoud: 0,8 liter

Olie verversen: is niet nodig.

Remvloeistof en koppelingsvloeistof

Het remvloeistofpeil moet boven het MIN teken staan.

Vloeistoftype: remvloeistof

Kwaliteit: DOT 4+

Vlocistofinhoud: 0,6 liter

Vlocistofpeil controleren: regelmatig.

Vloeistof verversen: om het jaar.

Bij auto's waarmee zo wordt gereden, dat er veel en krachtig moet worden geremd, b.v. bij rijden in de bergen en bij het rijden in een tropisch klimaat met hoge luchtvochtigheid, moet de remvloeistof elk jaar ververst worden.

Het verversen behoort niet tot een normale inspectie, maar dit moet bij een dergelijke inspectie wel door een Volvo-werkplaats gedaan worden.

Carrosseriesmering

VOLVO S90 (1998) - Carrosseriesmering - 1

1 2 3 4 5 6 7 8 9

3 Portieruitsteller - zit bij het onderste portierscharnier

Nr Smeerplaats (aantal)

1 Slot en veiligheidshaak (3)
2 Motorkapscharnieren (2)
3 Portierscharnieren (8) Portieruitstellers (4)
4 Windscherm schuifdak (1) en rails (2)
5 Glijvlakken portiersloten (4)
6 Slot kofferdeksel (1)

Smeermiddel

Olic

Olic

Olic

Olie

Olic

Vet voor lage temperatuur Vet voor lage temperatuur of Teflon-spray

Nr Smeerplaats (aantal)

7 Raammechanismen (4) Sluitingen (binnenkant portieren)
8 Rails (4) en blokkering- en (2) voorstoelen
9 Portiersloten

Smeermiddel

Olie. Vet

Vet voor lage temperatuur

Olie

Vet voor lage temperatuur of Teflon-spray

Koelvloeistof controleren en vervangen

Samenstelling van de koelyloeistof

Vul nooit met alleen schoon water bij! Gebruik het gehele jaar een mengsel van 50% Volvo anti-vries, en 50% water.

OPMERKING! Sommige motoronderdelen zijn vervaardigd uit een aluminiumlegering. Het is dan ook belangrijk dat u de koelvloeistof van Volvo gebruikt, aangezien deze een speciaal corrosiewerend middel bevat!

Verschillende koelylocistoffen mogen niet met elkaar gemengd worden!

Door de anti-vries wordt in de zomer corrosie en in de winter ook bevriezen voorkomen. Als de auto nieuw is, is het koelsysteem gevuld met koelvloeistof die tegen circa -35°C bestand is.

Inhoud van het koelsysteem: ca 10 liter.

Koelvloeistof regelmatig controleren; normaal behoeft deze niet ververst te worden

Het peil moet tussen de streepjes MIN en MAX op de expansietank liggen. Vul de vloeistof bij, als het peil onder het MIN-streepje gekomen is. Draai, als bijgevuld moet worden en de motor warm is, de dop van de expansietank voorzichtig los om de overdruk te laten ontsnappen.

N.B.!

De motor mag alleen lopen met een goed gevuld koelsysteem. Als dit niet goed gevuld is, kunnen plaatselijk hoge temperaturen optreden met kans op beschadigen (scheuren) van de cilinderkop.

Zorg voor het milieu

Als u zelf de koelvloeistof ververst, moet u erop letten, dat u op een milieu-vriendelijke manier met de afvalkoelvloeistof omgaat. Laat de Volvo-dealer u helpen.

Koelyloeistof verversen

Aftappen

1 Zet de kachelbediening op het instrumentenpaneel op warm.
2 Verwijder de dop van de expansietank.
3 Draai de aftapkraan open.
4 Maak de onderste radiatorslang los bij de radiator.

Vullen

I Draai de onderste radiatorslang vast.
2 Draai de aftapkraan dicht.

Expansietank
Aftapkraan Radiatorslang Onderste radiatorslang Radiator RadiatorSL

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

Bijvullen

Draai, als u koelvlocistof moet bijvullen en de motor warm is, de dop van de expansietank voorzichtig los om de overdruk te laten verdwijnen.

Ruitewissers Koplampwissers

VOLVO S90 (1998) - Ruitewissers Koplampwissers - 1

Stralen zo afstellen

VOLVO S90 (1998) - Ruitewissers Koplampwissers - 2

Sproeivloeistofreservoir

1 2 965E043

Sproeikoppen afstellen

De vloeistofstralen moeten de voorruit volgens de afbeelding raken. De stralen kunnen met een schroevedraaiertje in de hoogte en de breedte versteld worden.

Sproeivloeistofreservoir

De ruite- en koplampwissers (en bij de 5-deurs modellen ook de achterruitwisser) hebben hetzelfde vloeistofreservoir. Dit zit onder de motorkap en heeft een inhoud van ca 4 liter. Gebruik in de winter anti-vries, zodat het reservoir en de slangen niet bevriezen. Bij auto's met turbo- of dieselmotor zit het reservoir op de overeenkomstige plaats aan de rechterkant van de auto.

Achterruitwisser, 5-deurs model

  1. Klap de wisserarm uit. Druk de sluitknop naar buiten.
  2. Duw de wisser naar binnen, naar het midden en verwijder. Ga voor het plaatsen van het nieuwe wisserblad te werk in omgekeerde volgorde.

Wisserblad vervangen

VOLVO S90 (1998) - Wisserblad vervangen - 1

Klap de wisserarm uit en houd het wisserblad baaks op de wisserarm. Druk de borgveer aan de achterkant van de wisserarm in.

VOLVO S90 (1998) - Wisserblad vervangen - 2

Trek het gehele wisserblad naar beneden, zodat het "oog" van de arm helemaal door het gat in de wisserbladhouder gaat.

VOLVO S90 (1998) - Wisserblad vervangen - 3

Breng het nieuwe wisserblad in tegengestelde volgorde aan en controleer of het goed vastzit.

Maak de wisserbladen met een nagelborsteltje en een lauwe zeepoplossing schoon, als deze strepen op de ruiten gaan achterlaten.

Lang Naar het midden van de auto Kort

Koplampwissers vervangen

Klap de wisserarm naar voren. Trek het wisserblad naar buiten los. Druk het nieuwe wisserblad vast.

Controleer of het goed vast zit.

VOLVO S90 (1998) - Koplampwissers vervangen - 1

Installatie van accessoires

Installatie van telefoon en accessoires

Om storingen en schade aan het elektrisch systeem te voorkomen wordt uw auto geleverd met twee connectoren voor de installatie van een telefoon en andere elektrische uitrusting. De twee connectoren bevinden zich onder het handschoenenkastje, achter het geluidwerende paneel.

Bij de installatie van de accessoires of de telefoon kunt u het beste contact opnemen met een erkende Volvo-werkplaats.

Bij de installatie van orginele Volvo accessoires moet u onderstaande installatie-instructies volgen.

Installatie van accessoires

Zwarte connector (voor accessoires)

PositieAansluitingMax. belasting
1Aarde (31)4A
2Grootlicht (56 A)1A
3Reostaat (PR)1A
4Accu + (30)16A*

Gele connector (voor telefoon)

PositieAansluitingMax. belasting
1Aarde (31)4A
2Contact, posities I en II1A
3Onderdrukkingssignaal**
4Accu + (30)16 A*

*De totale maximumbelasting voor posi tie 4 -

zwarte connector + positie 4 - gele connector bedraagt 16 A.

** Neem voor meer informatie contact op met een erkende Volvo-werkplaats.

Accu-onderhoud

VOLVO S90 (1998) - Accu-onderhoud - 1

De rij-omstandigheden, uw rijstijl, het aantal startpogingen, de klimaatomstandigheden enz. kunnen allemaal een invloed uitoefenen op de levensduur en werking van uw accu. Om uw accu in optimale conditie te houden moet u volgende punten voor ogen houden:

  • Controleer regelmatig (minstens om de zes maanden of elke 15.000 km) het correcte vloeistofpeil in de accu (zie afbeelding).
  • Controleer alle cellen in de accu. Gebruik een schroevedraaier om de afdekking te

verwijderen. De controle van het vloeistofpeil verloopt makkelijker met een zaklamp. Elke cel bezit zijn eigen niveau-indicator (zie afbeelding).

  • Vul indien nodig de accu met water bij tot de maximum-markering. OPMERKING! Vul niet verder bij dan de maximum-markering!
  • Gebruik geen kraanwater. Gebruik gedistilleerd of gedeioniseerd water.
  • Als u de accu herlaadt, moet u het vloeistofpeil controleren na het laden en, indien nodig, water bijvullen.
  • Zorg ervoor dat de doppen goed zijn aang-espannen.
  • Accu's met grijze doppen (ontluchtingsfilters) - de grijze dop mag niet vervangen worden door een zwarte luchtdichte dop.

WAARSCHUWING

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING - 1

Denk eraan dat de accu een zeer ontplofbaar mengsel van waterstof en zuurstof bevat. Open vuur of roken in de nabijheid van de accu kan de explosie van de accu met zich meebrengen, met schade aan de auto en persoonlijk letsel tot gevolg. De accu bevat ook zwavelzuur, dat ernstige corrosie kan veroorzaken. Als het zuur in aanraking komt met uw ogen, huid of kleding, moet u grondig spoelen met water. Als het zuur in uw ogen spat, moet u eerst spoelen en onmiddellijk daarna medische hulp inroepen.

Aan de bovenzijde van de batterij staan de volgende sym bolen vermeld

VOLVO S90 (1998) - Aan de bovenzijde van de batterij staan de volgende sym bolen vermeld - 1

Gebruik een veiligheids- bril.

VOLVO S90 (1998) - Aan de bovenzijde van de batterij staan de volgende sym bolen vermeld - 2

Zie voor meer details het instructieboekje.

VOLVO S90 (1998) - Aan de bovenzijde van de batterij staan de volgende sym bolen vermeld - 3

Bewaar de batterij buiten het bereik van kinderen.

VOLVO S90 (1998) - Aan de bovenzijde van de batterij staan de volgende sym bolen vermeld - 4

De batterij bevat een bij- tend zuur.

VOLVO S90 (1998) - Aan de bovenzijde van de batterij staan de volgende sym bolen vermeld - 5

Vermijd vonken of open vuur.

VOLVO S90 (1998) - Aan de bovenzijde van de batterij staan de volgende sym bolen vermeld - 6

Explosiegevaat.

Specifications

Specifications

In dit hoofdstuk staan allerlei getallen e.d. die bij het opzoeken van specifieke gegevens van belang kunnen zijn:

Specifications 8:2

Type-aanduiding 8:2

Maten en gewichten 8:3

Oliekwaliteit, Koelsysteem, brandstof 8:4

Transmissie 8:5

Elektrische installatie 8:6

Motor 8:7

Aandrijfriem 8:8

Specifications

Type-aanduidingen

Bij alle contacten met uw Volvo-dealer over de auto en bij het bestellen van service-onderdelen en accessoires kan het gemakkelijk zijn, als u de type-aanduiding, het chassisnummer en het motornummer van de auto kent.

1 Type- en modeljaaraanduiding en chassisnummer Deze zijn in de middelste portierstijl rechts ingeslagen.
2 Type-aanduiding, toegestane maximum-gewichten en codenummers voor de lak-kleur en bekleding
3 Type-aanduiding, onderdeel- en fabricagenummer Op het nokkenasdeksel.
4 Type-aanduiding en fabricagenummer van de versnellingsbak

a handgeschakelde versnellingsbak: aan de linkerkant
b automatische versnellingsbak: aan de rechterkant.

5 Overbrengingsverhouding achteruit, onderdeel- en fabricagenummer

Sticker op achterste deel van de achteras.

1 2 3 4 5 AISIN-WA LINE LHD 03-71 1751 NP 609171 FAISR NP 105970

Specifications

Maten en gewichten 4-deurs 5-deurs

Lengte487 cm486 cm
Breedte175 cm175 cm
Hoogte142 cm145 cm
Wielbasis277 cm277 cm
Spoorbreedte, voor150 cm150 cm
achter152 cm152 cm
Draaicirkel9,7 m9,7 m

Toegestane belasting = Totaalgewicht - Rijklaargewicht

Plaatje met gewichtsgegevens op de plaat boven de rechter koplamp.

1 - Maximaal totaalgewicht
2 - Maximaal trekgewicht (auto en aanhanger)
3 - Maximaal gewicht vooras
4 - Maximaal gewicht achteras

VOLVO S90 (1998) - Specifications - 1

Maximum dakbelasting 100 kg

Maximum aanhanggewicht 1800 kg

Zie ook pagina 3:15.

De (het) toegestane maximumasdruk of totaalgewicht mag nooit overschreden worden!

Laadruimte, 5-deurs modellen

Lengte met opgeklapte achterbank 107 cm
Lengte met neergeklapte achterbank 180 cm
Laadopening, grootste breedte 129 cm
Laadopening, grootste hoogte 83 cm

Inhoudsgegevens in liter

Brandstoftank ca 80 liter

Koelsysteem ca 10 liter

Motorolie 5,75 liter

+0,4 liter, als de

oliekoeler afgetapt is

Versnellingsbakolie,

M 90 1,75 liter

automaat 7,8 liter

Achterasolie 1,3-1,6 liter

Stuurbekrachtiging 0,8 liter

Sproeivlocistofreservoir 4,2 liter

Airconditioning 900 gram

Specifications

Oliekwaliteit: ACEA A2/A3

Synthetische en semi-synthetische oliën mogen gebruikt worden, als deze aan bovenstaande API-normen voldoen.

Gebruik geen olie-additieven, tenzij aanbevolen door een erkende Volvo-werkplaats.

Viscositeitsdiagram: zie pagina 7:7.

Olic-inhoud: incl. oliefilter 5,75 liter

+0,4 liter, als de oliekoeler afgetapt is

Versnellingsbak

Oliekwaliteit: Volvo synthetische versnellingsbakolie 97308 (handgeschakeld) Volvo synthetische versnellingsbakvloeistof 97337 (die voldoet aan zowel de vereisten Dexron II E als Ford Mercon), (automaat)

Olie-inhoud: Handgeschakeld M 90 1,75 liter Automaat AW 43 7,8 liter

Achterasoverbrenging

Oliekwaliteit: Volvo Achterasolie, Volvo O/N 1 161 329 of API-GL-5 (MIL-L-2105 C of D)

Viscositeit SAE 90 of 80 W/90

Olie-inhoud: 1,6 liter 5-deurs 1,3 liter 4-deurs

Stuurbekrachtiging

Oliekwaliteit: ATF-olie

Olie-inhoud: 0,8 liter

Remvloeistof

Vloeistoftype: Remvloeistof DOT 4+ Vloeistofinhoud: ca 0,6 liter

Airconditioning

Koelmiddel: R 134a Volume: 900 gram

Olietype: Sanden SP-20 P/N= 1161425

Koelsysteem

Type Gesloten, overdruk Inhoud ca 10 liter De thermostaat opent bij: 87°C

Brandstofsysteem

Inspuitpomp Bosch VE 6/10 F 2400 L. Verstuivers, mondstuk Bosch DNO SD 193 of DNO SD 293

Benzine, octaangetal

F-motor (Auto met katalysator) advies: 95 loodvrij minimum: 91 loodvrij G-motor minimum 91 gelood/loodvrij Norm DIN 51600

Specifications

Transmissie - autom.

Elektronisch gestuurde automatische 4-versnellingsbak, bestaande uit een hydraulische koppelomvormer met planeetversnellingsbak.

Versnellingsbak

Hand-geschakeldAutomaat
OverbrengingsverhoudingB6254GB6304S
1e versnelling3,54:13,91:12,80:1
2e versnelling2,05:12,20:11,53:1
3e versnelling1,38:11,38:11,00:1
4e versnelling1,00:11,00:10,75:1
5e versnelling0,75:10,75:1
achteruit3,45:13,81:12,39:1

Aanbevolen minimum- en maximumsnelheden, km/uur

Versnellingsbak1e2e3e4e5e
M 900-4520-8030-12540<70<

Achterasophanging

Gescheiden wielophanging met onafhankelijk geveerde wielen en schokdempers met automatische niveauregeling. De ophanging bestaat uit naar achteren gerichte draagarmen, bovenste en onderste ophangarmen en spoorstangen.

Toe-spoor (Toe-in), bij de velg opgemeten 0,4 ± 0,5 mm bij de zijkant band opgemeten 0,5 ± 0,8 mm

Voortrein

Voorwielophanging met veerpoten van het type MacPherson. De schokdempers zijn in de veerpoten ingebouwd.

Stuurinrichting met tandheugel. De stuurkolomas is van het veiligheids-type.

De afstelwaarden gelden voor een onbelaste auto, incl. brandstof, koelvlocistof en reservewiel.

Toespoor (Toe-in), bij de velg opgemeten 2,3 ± 1,0 mm bij de zijkant band opgemeten 2,8 ± 1,3 mm

Specifications

Elektrische installatie

Spanning12 volt

Accu

Spanning12 Volt12 Volt
Koudstartvermogen (CCA)600 A/30s520 A/30s
Reservevermogen (RC)115 min/25 A90 min/25 A
Als u de accu moet vervangen, moet u een accu kiezen met hetzelfde vermogen als de oorspronkelijke accu. (Zie sticker op de accu.)

Dynamo,

maximumstroomsterkte120 A
100A
Startmotor, vermogen1,7 kW

Gloeilampen, 12 V. Zo zien zij eruit.
VOLVO S90 (1998) - Specifications - 1

GloeilampenVermogenFittingAfb.nr
Koplampen55 WP14,5s/H11
Verstralers, mistlampen55 WH32
Parkeerlichten, voor5 WBA 15 s5
Richtingaanwijzer, voor (geel)21 WBAU 15s11
achter (geel)21 WBAU 15s11
opzij (geel)5 WW2,1x9,5d8
Achterlichten5 WBA 15 s5
Hoog geplaatst remlicht21 WBA 15 s4
Remlichten21 WBA 15 s4
Achterlichten Remlichten ***21/4 WBAZ 15 d3
Achteruitrijlichten21 WBA 15 s4
Mistachterlamp(en)21 WBA 15 s4
Kentekenplaatverlichting**5 WW2,1x9,5d8
Kentekenplaatverlichting***5 WW2,1x9,5d8
Instapverlichting5 WW2,1x9,5d8
Waarschuwingslamp portier3 WW 2,1x9,5d8
Plafondverlichting10 WSV 8,56
Leeslampjes, voor5 WW 2,1x9,5d8
Bagageruimtevertlichting10 WSV 8,56
Verlichting handschoenenkastje2 WBA 9 s9
Make-up verlichting1,2 WSV 5,57
Instrumentenverlichting3 WW 2,1x9,58
Verlichting bedieningspaneel1,2 WW 2x4,6 d10
automaat1,2 WW 2x4,6 d10
asbakje achter1,2 WW 2x4,6 d10
Waarschuwings-/controlelampjes in instrumentenpanel1,2 WW 2x4,6 d10

** 4-deurs model
*** 5-deurs model

Specifications

MotorB6304SB6304GB6304S2B6254G
Vermogen [kW bij r/s]150/100150/100132/87125/95
[pk bij omw/min]204/6000204/6000180/5200170/5700
Koppel [Nmbij r/s]267/72267/72260/73230/76
[kgm bij omw/min]27.2/430027.2/430026.5/435023.8/4550
Cilinderaantal6666
Cilinderdiameter [mm]83838381
Slaglengte [mm]90909080
Cilinderinhoud [dm3 (1)]2.922.922.922.47
Compressieverhouding10.7:110.7:110.7:110.5:1
Bougies
Normaal rijdenP/N 271636-3*P/N 271636-3*P/N 271636-3*P/N 271636-3*
Hard rijdenP/N 271427-7*P/N 271427-7*P/N 271427-7*P/N 271427-7*
Elektrode-afstand [mm]0.7-0.80.7-0.80.7-0.80.7-0.8
Aanhaalmoment [Nm]25252525
Octaangetal
advies95**95**
minimum91**91***91**91***

* Of dienovereenkomstig Hard rijden: Langdurig met hoge snelheid op autosnelwegen rijden.
“ Loodvrij
Gelood/loodvrij

Momenteel kunnen alle benzinemotoren van Volvo op loodvrije benzine rijden. Het is alleen nodig, dat de benzine het geadviseerde minimum octaangetal heeft.

N.B! Auto's met katalysator moeten altijd op loodvrije benzine rijden om de katalysator niet onwerkzaam te maken.

Aandrijfriem voor de dynamo, stuurbekrachtiging en airconditioning

Stuurbekrachtigingspomp Dynamo Compressor van de airconditioning Krukas

De aandrijfriem heeft een automatische riemspanner.

De riemspanning moet niet en kan niet afgesteld worden.

De riem moet bij een onderhoudsbeurt en niet door de klant zelf gecontroleerd worden.

Aandrijfriem door een Volvo- werkplaats laten vervangen

Door de plaats van de riem kan het voor u erg lastig zijn om de riem zelf te vervangen. Laat dit daarom over aan uw Volvo-werkplaats. Al- tijd moet een originele Volvo riem gebruikt worden.

Zuivering uitlaatgassen

Volvo Car Corporation heeft al jarenlang een traditie op het gebied van het milieu. Al in 1970 begonnen wij met de ontwikkeling van schonere motoren en dit resulteerde in een door een Lambda-sonde gestuurde driewegkatalysator. Als eerste autofabrikant leverden wij in 1976 de eerste in serie geproduceerde personenauto's met dit op de volgende pagina beschreven systeem naar USA. Het is ook van belang, dat u als autobezitter weet welke componenten van de auto op de inhoud van de uitlaatgassen invloed kunnen hebben en welke maatregelen nodig zijn om de uitstoot van schadelijke uitlaatgassen te beperken.

Zorg voor het milieu

Wat betreft de zorg voor het milieu zijn er binnen het werkterrein van Volvo veel voorbeelden. Wij gebruiken in onze verwarmings-/ventilatie-systemen een nieuw chloorvrij koelmiddel dat voor de ozonlaag geheel ongevaarlijk is en in zeer beperkte mate aan het broeikaseffect bijdraagt. Asbestloze remmen, motoren met katalysator en rijden op methanol zijn andere voorbeelden van hetgeen wij bij Volvo Car Corporation voor het milieu doen.

Ook onze specifieke diensten zijn voor het milieu van belang, zoals b.v. door originele Volvo onderdelen te gebruiken en het ontstekings- en brandstofsysteem te onderhouden en andere maatregelen om de uitstoot van uitlaatgassen direct te verminderen. Verder willen wij ook de nadruk leggen op de milieuvriendelijkheid van de Volvo-werkplaatsen wat betreft het omgaan met voor het milieu gevaarlijke stoffen, enz.

Katalysator 9:2

Positieve carterventilatie,

brandstofverdampingssysteem 9:3

Brandstofverbruik en kooldioxideuitstoot 9:4

Katalysator

Keramisch element Lambda-sonde Isolatielaag Lambda-sonde

Katalysator

De katalysator is een uitbreiding van het uitlaatsysteem en dient om de uitlaatgassen te zuiveren. Hij bestaat uit een huis met een keramisch element, zo ontworpen dat de uitlaatgassen door kanalen in het element stromen. De kanaalwanden zijn bekleed met een dun laagje palladium en platina-rhodium. Deze metalen werken als katalysatoren: zij veroorzaken en versnellen de chemische reacties zonder er zelf aan deel te nemen.

N.B.!

Auto's die met een katalysator zijn uitgerust, mogen alleen op loodvrije benzine rijden, omdat de katalysator anders wordt beschadigd. (Zie de geadviseerde brandstoffen.)

Lambda-sonde ^TM (zuurstofgehaltegever)

Hier is sprake van een regelsysteem dat dient om de uitstoot te verminderen en de brandstof beter te benutten. Twee Lambda-sondes bewaakt de samenstelling van de uitlaatgassen die uit de motor komen. De bij de analyse van de uitlaatgassen verkregen meetwaarde wordt ingevoerd in een elektronisch systeem dat de injectoren continu stuurt. De mengverhouding van de brandstof en lucht die naar de motor gaan wordt zodanig continu geregeld, dat er optimale voorwaarden voor de verbranding en met behulp van een driewegkatalysator een doelmatige vermindering van de drie schadelijkste stoffen (koolwaterstoffen, koolmonoxyde en stikstofoxyde) ontstaan.

Positieve carterventilatie, brandstofverdampingssysteem

Aanzuignuis EVAP-klep Koolstofbus Kantelklep Brandstoftank

VOLVO S90 (1998) - Positieve carterventilatie, brandstofverdampingssysteem - 2

De motor is uitgerust met een brandstofverdampingssysteem dat de uitstoot van brandstofdampen in de atmosfeer voorkomt. Het systeem bestaat uit een aantal slangen in de brandstoftank, een "Roll-Over" klep op de dwarsbalk voor de brandstoftank, een koolstoffilterbus in de motorruimte die de brandstofdampen opneemt, en een elektrisch bediende klep die, wanneer nodig, de verdampte brandstof in de motorruimtebus naar de motor afvoert.

De verschillende componenten zijn onderling verbonden door slangen waardoorheen de gassen uit de brandstoftank naar het filter stromen. Deze worden daar bewaard, totdat de motor gestart wordt en dan bij gasgeven (niet bij stationair lopen) in het inlaatspruitstuk van de motor gezogen.

Positieve carterventilatie

De carterventilatie verhindert, dat de carterdampen van de motor in de lucht terechtkomen. In plaats daarvan worden deze via de aanzuigbuis in de cilinders gezogen en nemen aan de verbranding deel.

Carterventilatie controleren

De toestand en de mate van verstopping van de slangen moeten volgens het Volvo Onderhouds Programma gecontroleerd worden. Slechte slangen moeten vervangen worden. De geijkte nippel in de aanzuigbuis moet verwijderd en gereinigd worden.

Brandstofverbruik en kooldioxide (CO2) -uitstoot

Brandstofverbruik en kooldioxide (CO2) -uitstoot
MotorTransm.Brandstofverbruik 1/100 kmKookdioxide (CO2)-uitstoot g/km
S90 - B6304Aut.11.4274
V90 - B6304Aut.11.4274
S90 - B6304S2Aut.11.7277
S90 - B6304S2Hand.11.0263
V90 - B6304S2Aut.11.7277
V90 - B6304S2Hand.11.0263
S90 - B6254Aut.11.5271
S90 - B6254Hand.10.9266
V90 - B6254Aut.11.5271
V90 - B6254Hand.10.9266

Audio

Audio

Op de volgende pagina's vindt u de beschrijving en het audiosysteem* in uw Volvo

RDS 10:2

SC-802 10:3

CR-906 10:22

SC-805 10:37

SC-900 10:59

CD-wisselaar 10:84

Algemene informatie 10:85

Technische specificaties 10:88

* Extra uitrusting

RDS

Radio Data Systeem

De Volvo SC-802, CR-906, SC-805 en SC-900 toestellen toestellen zijn ontworpen voor het digitale informatiesysteem RDS (Radio Data Systeem), ontwikkeld door Swedish Telia in samenwerking met de European Broadcasting Union (EBU). RDS biedt automatische programmering en directe verkeersinformatic, en zorgt voor extra mogelijkheden inzake programmakeuze. Het radiostation zendt informatie uit over het programma. Deze informatie is vervat in een datacode waarin het programma geidentificeerd wordt, ongeacht de frequentie waarop wordt uitgezonden. Hierdoor is de bestuurder niet verplicht van frequentie te veranderen als hij naar hetzelfde programma wil blijven luisteren. Elke zender/programma heeft een eigen identificatiecode waar de radio naar kan zoeken.

De radio wordt zo automatisch op een nieuwe frequentie ingesteld tijdens het rijden. De RDS-radio kan ook verkeersinformatie ontvangen. Deze informatie wordt door-gestuurd met een speciaal signaal dat normale radiouitzendingen en cassettes/CD's onderbreekt om de informatie, altijd op normaal volume, te laten horen.

In sommige landen wordt ook "PTY" (programmatype) en "EON" (Enhanced Other Network) informatie uitgezonden, die een uit-breiding vormen van het RDS-systeem.

EON zorgt ervoor dat een aantal zenders (met of zonder verkeersinformatie) worden gekoppeld in een netwerk. Als u dus luistert naar een EON-gekoppelde zender zonder verkeersinformatie, krijgt u die informatie toch te horen vanuit een andere zender in het EON-netwerk.

Verdere functies in het RDS-systeem zijn tijdsturingssignalen, alarmsignalen e.d. Het systeem wordt voortdurend uitgebreid en bestrijkt het grootste deel van West-Europa.

Uw autoradio beantwoordt aan de normen van EG-richtlijn 89/336/EEC. De normen inzake gevoeligheid conform EN 55020 en inzake storingen conform EN 55013 worden nageleefd bij gebruik in woongebieden, bedrijfsruimten en kleinere ondernemingen, zowel binnen als buiten de gebouwen.

24 23 22 21 20 19 1 2 3 4 5 6 7 8 9 18 17 16 15 14 13 12 11 10 RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG RNG

  1. Aan/uit (drukken)
  2. • Volume (draaien)
    • Pauze/Mute (drukken)
    • Balans (trekken)
  3. • Actieve geluidsregeling: aan/uit
  4. • Keuzetoets cd-wisselaar
  5. Keuzetoets verkeersinfo lokaal/la
  6. • Keuzetoets cassettemode
    • Keuzetoets cassetterichting
  7. Regeling lage tonen
  8. Regeling hoge tonen
  9. Balansregeling voor/achter

  10. • Voorkeuzetoetsen
    • Keuzetoets cd-nummer

  11. PROG - cassetterichting omkeren
  12. Dolby B NR toets
  13. Uitwerptoets cassettedeck
  14. Ontvanger afstandsbedieningssignaal
  15. Automatisch zoeken
  16. Nieuws
  17. • Zoekend afstemmen omhoog/omlaag
    • Cassettemode: volgend/vorig nummer
  18. Cd-mode: volgende UP/vorige DOWN track

  19. • Manueel afstemmen

  20. Cassettemode: snel vooruit/achteruit spoelen
    • Cd-mode: muziek zoeken UP/DOWN
  21. RND-toets
  22. Cassette-opening
  23. Display
  24. Keuzetoets programmatype
  25. Keuzetoets verkeersinformatieprogramma
  26. Keuzetoets golflengte (FM, AM)
  27. Antidiefstal-LED

Antidiefstalcode SC-802

SOUND SYSTEM Radio Pass Color: Video: XXXX SPR: 10% VOLVO Codekoartje

Antidiefstal-LED RMS RADS TP PTT RDC CHER TRP ALOG THOLE VACER 2 3 4 5 6

CODE EEEE OFF

Antidiefstalcode

De radio is voorzien van een antidiefstalcircuit. Als het apparaat uit de auto wordt gehaald of de accuvoeding wordt onderbroken, moet een speciale code worden ingevoerd om het toestel opnieuw te kunnen gebruiken.

Zie het radiocodekaartje dat bij uw voertuig werd geleverd of vraag uw leverancier om de juiste code.

De antidiefstal-LED knippert wanneer de auto geparkeerd is en de sleutel uit het contact verwijderd is.

Om de code in te voeren

Als het apparaat na installatie wordt ingeschakeld of indien het weer op de stroom wordt aangesloten en aangezet, verschijnt het woord "CODE" op het display.

Voer met behulp van de voorkeuzetoetsen de code van vier cijfers in. Als u de juiste code invoert, is het toestel klaar voor gebruik.

Als u een onjuiste code invoert, dient u opnieuw te beginnen en de juiste code in te voeren.

Incorrecte code

Als u een onjuiste code heeft ingevoerd, verschijnen de letters "EEEE" op het display. Voer de juiste code in. Na drie mislukte pogingen wordt het apparaat geblokkeerd en zal het twee uur lang geblokkeerd blijven. Het woord "OFF" verschijnt op het display.

Tijdens deze twee uur moet:

• de accu aangesloten blijven;
• de contactsleutel op stand "I" blijven;
- het apparaat ingeschakeld blijven.

Controleer of de koplampen uit zijn om te voorkomen dat de accu leegloopt.

Voer de code opnieuw in zodra de twee uren voorbij zijn.

A B C D FWR RADIO TP PTT ADC CHCR TYPE BASYS TMELD PENON VOLVO M HND AUTO AVG LIC 3001115

VOLVO S90 (1998) - Tijdens deze twee uur moet: - 2

A - Aan/uit-schakelaar

Druk op de toets om de radio aan/uit te schakelen.

B - Volumeregeling

Draai de knop naar rechts om het geluidsvolume te verhogen. De volumeregelaar is elektronisch en heeft geen eindstand.

C - Keuzetoets golflengte

U kiest de gewenste golflengte door op de "RADIO"-toets te drukken. De zender en de golflengte verschijnen op het display.

OPMERKING: Er zijn drie FM-golflengtes en één AM-golflengte. Hierdoor kunt u 3 x 6 FM-zenders en 6 AM-zenders in het geheugen opslaan.

D - Manueel afstemmen

Druk op de linkerkant van de afstemtoets om op lagere frequenties af te stemmen en op de rech-terkant om op bogere frequenties af te stemmen. De frequentie waarop u heeft afgestemd, ver-schijnt op het display.

De letters ST verschijnen op het display als de FM-zender stereo wordt ontvangen.

U 1 = ultrakorte golflengte (FM 1)

U 2 = ultrakorte golflengte (FM 2)

U 3 = ultrakorte golflengte (FM 3)

Radio SC-802

RND A U3 103.9A AF SF U3 AUTO VOLVO B/C 2000 VCC

Met deze functie worden tot 8 sterke AM- of FM-zenders automatisch opgezocht en in een afzonderlijk geheugen opgeslagen. Dit is zeker bandig als u in gebieden bent waar de zenders onbekend zijn.

  1. Houd de "AUTO"-toets minstens 1 seconde ingedrukt. Een aantal sterke zenders (max. 8) op de gekozen golflengte worden nu automatisch in het geheugen opgeslagen. De letter "A" verschijnt op het display. Als er geen sterke zenders kunnen worden ont-vangen, verschijnt "NO STN" op het display.

  2. Druk de "AUTO"-toets kort in (korter dan 1 seconde) om naar een andere automatisch opgeslagen zender te huisteren. Telkens als u de toets kort indrukt, zoekt het apparaat naar een nieuwe zender.

B - Voorkeuzen instellen

  1. Stem af op de gewenste frequentie.
  2. Druk de voorkeuzetoets in en houd hem ingedrukt. Het geluid valt weg. Houd de toets ingedrukt totdat u weer geluid krijgt (ongeveer 2 seconden).
  3. De frequentie is nu onder deze voorkeuzetoets opgeslagen.

C - Voorkeuzetoetsen

Druk op de voorkeuzetoets om een voorgeprogrammeerde radiofrequentie te selecteren. De ingestelde frequentie verschijnt op het display.

D/E A B C RND R240 TF FT1 GSC CHER TYPE BAS TMOLC TACER VOLADO HME AUTO FR40 E 30/100x

VOLVO S90 (1998) - C - Voorkeuzetoetsen - 2

A - Regeling lage tonen

Schuif de knop naar boven of beneden om de lage tonen te regelen (naar boven voor meer la-ge tonen, naar beneden voor minder lage tonen). De "klikstand" geeft aan dat de geluidsweergave van de lage tonen "vlak" is.

B - Regeling hoge tonen

Schuif de knop naar boven of beneden om de hoge tonen te regelen (naar boven voor meer hoge tonen, naar beneden voor minder hoge tonen). De "klikstand" geeft aan dat de geluids-weergave van de hoge tonen "vlak" is.

C - Balansregeling voor/achter

Schuif de knop naar boven of naar beneden om balans tussen de luidsprekers voorin/achterin te regelen (naar boven om het volume voorin te verhogen, naar beneden om het volume achterin te verhogen).

De "klikstand" geeft aan dat de balans tussen de luidsprekers voorin/achterin "vlak" is.

D - Pauzefunctie

Druk op de "volume"-knop om het geluid tijdelijk te onderdrukken. Het woord "PAUSE" verschijnt op het display.

E - Balansregeling links/rechts

Trek aan de "volume"-knop en draai hem naar links of naar rechts om de balans tussen de lin-ker- en rechterluidsprekers te regelen.

RDS AF-functie (automatisch afstemmen) SC-802

B A AUDIO P PD AC-DC VOLVO RNG AUTO HENG PHG 300V/540

VOLVO S90 (1998) - RDS AF-functie (automatisch afstemmen) SC-802 - 2

RDS AF-functie (automatisch afstemmen)

Als u afstemt op een zender met een RDS-code, wordt op het display eerst de frequentie weerge-geven en vervolgens de naam van het zender in letters. Met deze AF-zoekfunctie stemt het toe-stel automatisch af op de sterkste zender van het geselecteerde programma. Als u naar een RDS-zender met een zwakke ontvangst wilt blijven luisteren, gaat u als volgt te werk:

Houd de "RADIO"-toets langer dan 2 seconden ingedrukt. De vermelding "AF OFF" verschijnt gedurende 1 seconde op het display. Herhaal deze handeling als u de AF-zoekfunctie weer wilt inschakelen. De vermelding "AF ON" verschijnt gedurende 1 seconde op het display.

"AF ON": - sterkste zender wordt auto- mat- "AF OFF": - automatische zoekfunctie is inactief

AF staat voor automatisch opzoeken van een alternatieve frequentie.

A - Zoekend afstemmen omhoog/omlaag

Druk op de linkerkant van de afstemtoets om af te stemmen op lagere frequenties en op de rechterkant om af te stemmen op hogere frequenties. De radio zoekt de volgende zender met een goede ontvangst op en stopt daar. Druk opnieuw op de afstemtoets als u wilt blijven zoeken.

Als de toetsen "TP" (Traffic Programme: verkeersinformatieprogramma), "NEWS" (nieuws) en "PTY" (Programmatype) zijn ingeschakeld, stoppen de "ZOEK"- en "AUTO"-functies alleen bij zen-ders die dat soort informatie uitzenden.

Verkeersinformatieprogramma SC-802

TP USB [IP] TP -5R G36- BAS S TICLE FUGR VOLVO

Verkeersinformatieprogramma (TP)

Als u de "TP"-toets (Traffic Programme) kor-ter dan 0,9 seconde indrukt, vangt het apparaat de RDS-zenders op die verkeersinformatie uit-zenden. Als deze functie is ingeschakeld, ver-schijnt de vermelding "TP" op het display. Als het apparaat op cassette-of cd-wisselaarmode staat, stemt de radio op de achtergrond automa-tisch af op een sterke FM-zender die de ver-keersinformatie uitzendt. Als u een cassette of een cd afspeelt op het moment dat er verkeersinformatie wordt uitgezonden, wordt de cassette- of de cd-wisselaar onderbroken en ontvangt u de informatie op het geluidsniveau dat u van tevoren voor het beluisteren van verkeersinformatie heeft ingesteld.

Zelfs als u het geluid helemaal heeft uitgedraaid, ontvangt u het bericht op het van tevoren ingestelde geluidsoiveau. Als het bericht is afgelopen, schakelt het apparaat automatisch over op het voorgaande geluidsvolume. De cassette- of cd-wisselaar wordt weer ingeschakeld.

  • De verkeersinformatie komt alleen door als TP en TP tegelijkertijd op het display staan.
  • Als er alleen TP op het display staat, wordt er door de gekozen zender geen verkeersinformatie uitgezonden.
  • Druk langer dan 0,9 seconde op de TP-toets als u prioritair wilt laten zocken naar zen-ders die verkeersinformatie uitzenden. De vermelding "TP S ON" verschijnt op het display.

  • Druk langer dan 0,9 seconde op de TP-toets als u naar een zwakke zender wilt blijven luisteren die geen verkeersinformatie uit-zendt. De vermelding "TP S OFF" ver-
    schijnt op het display. Dit kan handig zijn als u in het grensgebied van een zender bent.

  • Druk korter dan 0,9 seconde op de TP-toets als u de verkeersinformatic die ontvangen wordt, wilt negeren.
  • Druk langer dan 0,9 seconde op de CHGR-toets als u wilt overschakelen van TP la naar TP lokaal

TA = Verkeersinformatic

TA dx = op lange afstand

TA local = lokale verkeersinformatie

Nieuws SC-802

TUBI RND RADIN TP PTI SC 002 RDS HDMI AUTO ASC CHGR TAPE BASS TREAD FLOOR VOLVO PROG DC

U2 AF TP ST NEWS --SR G3G-- U2 AF TP ST NEWS NEWS NEWS

Nieuws aan/uit

Druk op "NEWS" om de nieuwsfunctie in te schakelen. "NEWS" verschijnt in het klein op het display. Druk opnieuw op "NEWS" om de functie uit te schakelen.

Zodra er een nieuwsbericht wordt uitgezonden, worden alle andere functies van het apparaat onderbroken, met inbegrip van de cassette- en de cd-wisselaar, zodat u naar het nieuwsbericht kunt luisteren.

Als u de "NEWS"-toets indrukt terwijl er een nieuwsbericht wordt uitgezonden, wordt het programma onderbroken. De nieuwsfunctie blijft echter ingeschakeld en de radio zal het volgende nieuwsbericht afwachten.

Druk korter dan 0,9 seconde op de "NEWS"-toets als u de NEWS-functie wilt negeren wan- neer er een nieuwsbericht wordt uitgezonden.

Programmatypes SC-802

RADIO TF ATTY S-002 VOLVO RADIO TARE BASS TREE PAPER 1 2 3 4 5 6 RND NEXT AUTO NORS PROG 2008-078

VOLVO S90 (1998) - Programmatypes SC-802 - 2

Definitie van de termen waarmee de programmatypes worden aangeduid

DisplayDisplayDisplay
1. NieuwsNEWS6. ToncelDRAMA11. RockmuziekROCK M
2. ActualiteitenAFFAIRS7. CultuurCULTURE12. Lichte muziekM.O.R.M.*
3. InformatieINFO8. WetenschapSCIENCE13. Licht klassiekLIGHT M
4. SportSPORT9. GevarieerdVARIED14. Ernstig klassiekCLASSIC
5. OpvoedingEDUCATE10. PopmuziekPOP M15. Andere muziekOTHER M

Met de "PTY"-functie kunt u tijdelijk een ander type programma kiezen. Als u naar een bepaald programmatype wilt zoeken, gaat u als volgt te werk:

  1. Druk de "PTY"-toets korter dan 0,9 seconde in. Het type van het programma waarop u heeft afgestemd verschijnt op het display.
  2. U kunt de verschillende programmatypes overlopen door telkens kor-ter dan 0,9 seconde op de afstemtoets te drukken. Druk langer dan 0,9 seconde op de toets om de types sneller te overlopen.

  3. Als u een programmatype heeft gevonden dat u wilt selecteren, drukt u op de "PTY"-toets om de radio opdracht te geven het geselecteerde programmatype te zoeken. Uw keuze wordt door een sterretje "op het display bevestigd. Terwijl de radio zoekt, verschijnt het woord "WAIT" op het display.

  4. Indien er een programma van het gewenste type is gevonden, verschijnt de naam van het programma gedurende 5 seconden op het display. Indien er geen programma van het gewenste type wordt gevon-den, verschijnt de vermelding "NO PTY" gedurende 5 seconden op het display en blijft de radio de vorige zender uitzenden.

  5. Om de taal op het display te veranderen, zet u de radio uit. Druk voorkeuzetoets 5 in en houd hem ingedrukt terwijl u de radio weer aanzet. U kunt een andere taal kiezen door een van de voorkeuzetoetsen 1, 2, 3 of 4 in te drukken. De nieuwe instelling van de taal wordt na 5 seconden automatisch in het geheugen opgeslagen, maar kan ook worden opgeslagen door voorkeuzetoets 5 in te drukken.

Prioritaire programmatypes SC-802

RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND RND SOMX VOLVO TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPB TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN TAPBN

VOLVO S90 (1998) - Prioritaire programmatypes SC-802 - 2

Programmatypes - Prioriteit

De Prioriteitsmode onderbreckt, net als de TP-mode, het afspelen van cassettes of cd's. Als u bijvoorbeeld prioriteit heeft gegeven aan klassie-ke muziek, wordt het cassettedeck of de cd-wisselaar onderbroken om de klassieke muziek te kunnen ontvangen.

Als u de "PTY"-toets langer dan 0,9 seconde indrukt, verschijnen het type van het ontvangen programma en in kleine letters de vermelding "PTY PRI" op het display.

Vervolgens verschijnt de vermelding "PTY PRIO" op het display en daarna met een sterretje het van tevoren gekozen programmatype (of "NO PTY" als u geen programmatype had gekozen).

Druk vervolgens korter dan 0,9 seconde op de afstemtoets om het gewenste programmatype op te zoeken en te selecteren.

Druk op de "PTY"-toets als u een programmatype hebt gevonden waar- aan u prioriteit wilt geven. Uw keuze wordt bevestigd met een sterretje * op het display.

De radio schakelt nu weer over op de voorgaande mode en zoekt met be-hulp van EON-informatie (Enhanced Other Network) naar het geselecteerde programmatype. Indien het geselecteerde programmatype niet on-middellijk wordt gevonden, blijft de radio zoeken en zodra hij het geselecteerde programmatype heeft gevonden schakelt bij over op de desbe-treffende zender. Er verschijnt een kleine letter "P" in de kanaalindicator op het display.

Prioritaire programmatypes SC-802

A PTT RNG B 2001-756

VOLVO S90 (1998) - Prioritaire programmatypes SC-802 - 2

A - Programmatypes - Prioriteit

Druk de "PTY"-toets korter dan 0,9 seconde in indien u een gekozen programmatype wilt negeren wanneer het de andere functies onderbreekt.

Druk de "PTY"-toets langer dan 0,9 seconde in als u de PTY-prioriteitsfunctie wilt uitschakelen.

B - Regionale programma's - Aan/uit

Druk de RND-toets in als u naar een regionaal programma luistert en naar dat specifieke programma wilt blijven luisteren, ook als u in een regio komt waar een ander regionaal programma wordt uitgezonden. De vermelding "REG ON" verschijnt op het display. Druk dezelfde toets opnieuw in als u niet naar een specifiek regionaal programma wilt luisteren. Op het display verschijnt de vermelding "REG OFF".

A B C RND RND RND AUTO VOLVD PASS THESLE PODR

VOLVO S90 (1998) - B - Regionale programma's - Aan/uit - 2

A - Volume TP/nieuws

Om het volume voor verkeersinformatie en nieuws te regelen:

  1. zet de radio uit, en daarna weer aan terwijl u de "TP"- of de "NEWS"-toets ingedrukt houdt;
  2. regel het volume en druk de "TP"- of de "NEWS"-toets opnieuw in om de nieuwe instelling op te slaan.

Andere mogelijkheid: als u het volume bijstelt terwijl er een verkeersbericht wordt uitge-zonden, wordt deze instelling automatisch op-geslagen.

B - Volume PTY

Om het volume voor PTY-berichten te regelen:

  1. zet de radio uit, en daarna weer aan terwijl u de "PTY"-toets ingedrukt houdt;
  2. regel het volume en druk de "PTY"-toets in om de nieuwe instelling op te slaan.

Andere mogelijkheid: als u het volume bijstelt terwijl de PTY-functie is ingeschakeld, wordt deze instelling automatisch opgeslagen.

C - Automatische geluidsregeling (ASC: Active Sound Control)

Met de ASC-functie wordt het geluidsniveau van het audio-systeem automatisch aangepast aan de snelheid van de auto. Om de ASC uit te schakelen, drukt u de "ASC"-toets in tot de vermelding "ASC OFF" van het display is verdwenen. Om de ASC in te schakelen, drukt u de "ASC"-toets in tot de vermelding "ASC ON" op het display verschijnt (na onge-veer 2 seconden). U kunt de gevoeligheid van de ASC-functie instellen door eerst de "ASC"-toets en daarna de "ASC + PWR"-toetsen tegelijk in te drukken. Door dan op de voorkeuzetoetsen 1, 2 of 3 te drukken, stelt u de functie in op respectievelijk lage, normale en hoge gevoeligheid van de ASC.

Cassettedeck SC-802

A
VOLVO S90 (1998) - Cassettedeck SC-802 - 1

B
VOLVO S90 (1998) - Cassettedeck SC-802 - 2

C FF A D/E E RPT B B A 32C1759

De cassette wordt met de open kant naar rechts in het cassettedeck gestoken (kant 1 of A van de cassette naar boven). Als de cassette in het deck wordt gestoken, wordt de radio uitgesc-hakeld en begint het deck automatisch de cas-sette af te spelen. Met de vermelding "TAPE A" of "TAPE B" op het display wordt aangegeven welke kant van de cassette wordt afge-speeld. Als de ene kant van de cassette is af-gelopen, schakelt het deck automatisch over op de andere kant (auto-reverse). Ook als het ap-paraat is uitgeschakeld, kunt u er een cas-sette insteken of uithalen.

10:16

B - De cassette omdraaien

Druk op de toets om de andere kant van de cassette af tespelen.

De kant van de cassette die wordt afgespeeld, wordt vermeld op het display.

C - Snelspoelen

De cassette wordt vooruitgespoeld met "▶" en teruggespoeld met "◀◀". Tijdens het snelspoelen geeft de indicator van de cassette- kant "FF" of "REW" aan op het display.

U kunt het snelspoelen stoppen door opnieuw op de toets te drukken. De aanduiding "FF" of "REW" knippert terwijl er vooruit of achteruit wordt gespoeld.

D - Volgend nummer

Druk op de “▶▶|”-toets en de cassette spoelt automatisch verder naar het volgende nummer. Voor deze functie moet tussen de nummers een pauze van ongeveer 5 seconden zijn ingelast.

E - Vorig nummer

Druk op de “|→→”-toets en de cassette spoelt automatisch terug naar het vorige nummer. Voor deze functie moet tussen de nummers een pauze van ongeveer 5 seconden zijn ingelast.

De aanduiding "FF" of "REW" knippert terwijl er vooruit of achtenuit wordt gespoeld.

Cassettedeck SC-802

A B C TAPE A CX7-036

A - Pauze

Als u op de "volume"-knop drukt, stopt het cassettedeck, valt het geluid weg en verschijnt het woord "PAUSE" op het display. Druk op-nieuw op de knop om de cassette verder af te spelen.

B - Dolby B NR-toets

Druk op deze toets als u cassettes afspeelt die zijn opgenomen met het Dolby B ruisonderdrukkingssysteem. Het dubbel D symbool verschijnt op het display.

C - Metal-cassettes

Als u een metal-cassette afspeelt, verschijnt de vermelding "CRO" op het display.

Cassettedeck SC-802

B RADD TP FTV ADC CHOR TAPE BAS2 TAP2E RAD2E D C 10/17/48 PROG AUTO PROG TAPE A

A - Cassette uitwerpen

Als de toets wordt ingedrukt, stopt het deck en wordt de cassette uit het deck geworpen. De radio wordt automatisch ingeschakeld. De radio of de cd-wisselaar beginnen automatisch te spelen (alfankelijk van welke mode er was ingeschakeld voordat de cassette werd afge-speeld).

B - Terug naar radiomode

Druk op de "RADIO"-toets om terug te gaan naar de radiomode.

Als het apparaat teruggaat naar de radiomode, blijft de cassette in het deck zitten.

C - Terug naar cassettemode

Indien de cassettefunctie is uitgeschakeld en er een cassette in het deck zit, kunt u naar de cas-settemode teruggaan door op de "TAPE"-toets te drukken.

D - Terug naar cd-wisselaarmode

Indien de cd-wisselaarfunctie is uitgeschakeld, kunt u naar de cd-wisselaarmode teruggaan door op de "CHGR"-toets te drukken.

A B C RND RND TP PTT S0420 P23-CD 100000 AUTO ASC CHK TAPE BASS THS SL MACH Volvo 1 2 3 4 5 6 2001788

VOLVO S90 (1998) - D - Terug naar cd-wisselaarmode - 2

A - Keuzetoets cd-wisselaarmode

Druk op de "CHGR"-toets om de cd-wisselaarmode in te schakelen. De cd/track waarnaar u het laatst hebt geluisterd, wordt verder afge-speeld. Als de cassette* van de cd-wisselaar leeg is, verschijnt "CD - - - ." op het display. Als u een cdplaats selecteert die leeg is, worden het nummer van de cd en "cd 5-00" op het display vermeld en selecteert het apparaat automatisch de vol-gende cd.

B - Keuzetoets cd-nummer

Druk een van de voorkeuzetoetsen (1-6) in om het gewenste cd-nummer te selecteren. De num-mers van de geselecteerde cd en de gekozen track verschijnen op het display.

C - Muziek zoeken

Druk de “◀◀ ”- of de “▶▶ ”-toets in om te zoeken binnen een track. Zolang u de toets in-drukt, wordt de speelduur van de track op het display aangegeven.

Cd-wisselaar SC-802

B A BASS TRES LE PADI VOLVO RNG AUTO HENS OFF FROG DC SOUT 12E

VOLVO S90 (1998) - Cd-wisselaar SC-802 - 2

A - Een andere track selecteren

Druk op "◀◀" om de volgende track te selecteren en op "▶◀" om de vorige track te selecteren. De nummers van de geselecteerde cd en de gekozen track verschijnen op het display.

B - Weergave speelduur

Als u op de "CHGR"-toets drukt, verschijnt de speelduur van de track die wordt afgespeeld gedurende 5 seconden op het display.

Cd-wisselaar SC-802

C RND A B RACIO TP PTI SC-01 VOLVO AUTO ASIC CHRY TAVI BASE THREE FAGE PROG E D RACE

A U ABC CD C TRACK RND 3--10

A - Willekeurige volgorde

Druk op "RND" om de mode voor afspelen in een willekeurige volgorde in te schakelen. Van een willekeurig gekozen cd worden 4 tracks afgespeeld (ook willekeurig gekozen). Vervolgens wordt op dezelfde manier een andere cd afgespeeld. Als deze functie is ingeschakeld, verschijnt de vermelding "RND" op het display..

B - Pauze

Als u op de "volume"-knop drukt, stopt de cd-wisselaar, valt het geluid weg en verschijnt het woord "PAUSE" op het display. Druk opnieuw op de knop om de cd-wisselaar verder te laten spelen.

C - Terug naar radiomode

Druk op de "RADIO"-toets.

D - Terug naar cassettemode

Indien er al een cassette in het deck zit, schakelt het cassettedeck weer in als u op de "TAPE"-toets drukt.

E - Terug naar cd-wisselaarmode

Als de cd-wisselaarfunctie is uitgeschakeld, kunt u naar de cd-wisselaarmode teruggaat door op de "CHGR"-toets te drukken.

CR-906

15 14 13 12 11 1 2 ANTI-THEFT W/N CD VOLVO CP-706 10 1 2 3 4 5 6 8 DISC No. SCN/RND 3 4 5 6 9 10

I. • Aan/uit

Volume
• Balansregeling links/rechts (duwen)
• Balansregeling voor/achter (trekken)

  1. Antidiefstal-indicator

  2. Regeling lage tonen

  3. Regeling hoge tonen

  4. Golfengtekiczer
  5. Afstemknop
  6. CD
  7. Display
  8. Voorkeuzeknoppen

  9. Autostore

  10. Programmatype
  11. Verkeersprogramma
  12. Cassetterichting
  13. Cassette-opening
  14. Uitwerpen cassette

VOLVO S90 (1998) - CR-906 - 2

Alle toestellen worden geleverd met twee kaarten waarop de correcte code van het toestel staat vermeld. Bewaar deze kaarten niet in de auto.

Antidiefstalcode

De radio is voorzien van een antidiefstalcircuit. Als het toestel uit de auto wordt gehaald of de accuvoeding wordt onderbroken, moet een speciale code worden ingevoerd om het toestel te kunnen gebruiken. Zie het radiokaartje dat bij uw voertuig werd geleverd of viaag uw leverancier de correcte code.

Wanneer de motor wordt uitgeschakeld en de sleutel uit het contactslot wordt verwijderd, gaat de antidiefstal-indicator knipperen.

Gebruik van de code

  1. Controleer of de radio correct is aangesloten.
  2. Schakel het toestel aan. Het display geeft "CODE" weer.
  3. Voer de code van vier cijfers in met de voorkeuzeknoppen 1-6.
  4. Als de ingevoerde code niet correct is, wordt "CODE" opnieuw weergegeven. Herhaal punt 3.
    OPMERKING: Er zijn drie pogingen tot invoer van de code toegelaten. Daarna wordt het toestel 2 uur lang geblokkerd. Gedurende deze wachttijd van 2 uur moet het toestel aangesloten blijven. Voer de code opnieuw in na deze periode.

A ANTI-THEFT WN CD VOLVO CR 506 B C/D RDSi TP PTY TP U 1 98, 19 DISC No. SCN/RND

A - Aan/uit-schakelaar en volumeregeling

Draai de knop rechtsom voor inschakeling en verboging van het volume.

B - Golflengtekiezer

Druk knop WB in om de gewenste golflengte kiezen. De ingestelde golflengte wordt afgebeeld: U1, U2, MW of LW.

U=FM

MW=MG

LW=LG

C - Manueel afstemmen

Druk de linkerkant van de afstemknop in om af te stemmen op een lagere frequentie en rechtsom om af te stemmen op een hogere frequentie. Als de knop langer dan 0,9 seconde wordt ingedrukt, wordt de "ZOEK"-functie ingeschakeld.

D - ZOEK-afstemmen

De "ZOEK"-functie kan worden gebruikt aan weerskanten van de afstemknop. Als de knop langer dan 0,9 seconde wordt ingedrukt, gaat de radio automatisch zoeken naar de volgende duidelijk behuisterbare zender, waar hij stopt. Als u wilt blijven zoeken, moet u de afstemknop opnieuw langer dan 0,9 seconden indrukken.

Als de TP of PTY knoppen zijn ingedrukt, zal de "ZOEK"-functie, indien geactiveerd, alleen stoppen bij zenders die deze informatic uitzenden.

RDS GAIN ANTI THEFT WN CD AUTO MEMA 1 2 3 4 5 6 AUT B VOLVO CR-90E DEC 14 SQN/RHG A 90AL0312

A - Voorkeuzen instellen

  1. Kies de gewenste golflengte.
  2. Druk een voorkeuzeknop in. Het geluid valt weg.
  3. Houd de knop ingedrukt tot het geluid weer opkomt (ong. 2 seconden).
  4. De frequentie is nu opgeslagen en kan opnieuw worden opgeroepen door de betrokken voorkeuzeknop in te drukken. Het gekozen voorkeuzenummer wordt afgebeeld,

Deze functie werkt in alle golflengten! 1. Druk de "AUT"-knop in tot "AUTO MEM A" wordt afgebeeld. De sterkste zenders (max. 8) in de gekozen golflengte zijn nu automatisch opgeslagen in het gebeugen. Als er geen hoorbare zenders zijn, wordt "NO STN" afgebeeld.

  1. Druk de "AUT"-knop nogmaals in gedurende minder dan 0,9 seconde om te luisteren naar een andere automatisch opgeslagen zender. Iedere keer dat u "AUT" indrukt wordt op een nieuwe zender afgestemd.

RDS1 ANTI-THEFT WB CD TP -RR P3 -A VOLVO CR-BOX 144 >>> DC COLOTH IN NSL DISC NO. SON/RND A B C D TP PTY 1 2 3 4 5 6 DISPLAY

A - Balans links/rechts

Druk de knop in en draai links- of rechtsom om de balansregeling tussen de luidsprekers links en rechts te regelen.

B - Balansregeling voor/achter

Trek de knop uit en draai links- of rechtsom om de balansregeling tussen de luidsprekers voor en achter te regelen. Druk de knop na het regelen terug in de oorspronkelijke positie.

C - Regeling lage tonen

Druk de knop in. De knop is geveerd. Draai links- of rechtsom om de lage tonen te regelen. Breng de knop na het regelen terug in de oor-spronkelijke positie.

D - Regeling hoge tonen

Druk de knop in. De knop is geveerd. Draai links- of rechtsom om de hoge tonen te regelen. Breng de knop na het regelen terug in de oorspronkelijke positie.

AF-zoekfunctie (automatisch herafstemmen) CR-906

VOLVO S90 (1998) - AF-zoekfunctie (automatisch herafstemmen) CR-906 - 1

AF-zockfunctie (automatisch herafstemmen)

Als u afstemt op een zender met RDS-code, wordt eerst de frequentie weergegeven en daarna de naam van de zender in letters. Deze AF-zockfunctie zorgt ervoor dat het toestel automatisch afstemt op de krachtigste zender van het gekozen programma.

Als u wilt blijven luisteren naar een zwakke RDS-zender gaat u als volgt te werk; Druk de WB-knop in gedurende meer dan 0,9 seconde. "AF OFF" wordt afgebeeld gedurende 1 seconde. Als u de AF-zoekfunctie weer wilt inschakelen, herhaalt u deze bewerking. "AF OFF" wordt afgebeeld gedurende 1 seconde.

"AF ON" Automatische zenderopsporing is actief.

"AF OFF" Automatische zenderopsporing is inactief.

"AF" Alternatieve frequentie.

Verkeersprogramma CR-906

RDSi ANTI-THEFT DG WD CD < > VOLVO CR-95 DC LTR TP TP --RR P 1--A 1 2 3 4 5 6 DISC No. SCN/RND TP TP

Verkeersprogramma (TP)

Als de "TP"-knop (Traffic Program) gedurende meer dan 0,9 seconde wordt ingedrukt, kunnen RDS-zenders die verkeersinformatie uitzenden worden opgevangen. "TP" wordt afgebeeld wanneer deze functie wordt ingeschakeld. Wanneer het toestel in cassette of CD-mode is, stemt de radio op de achtergrond automatisch af op een sterke FM-zender met verkeersinformatie. Als een cassette of CD speelt op het moment dat er verkeersinformatie wordt uitgezonden, worden deze onderbroken en kan de informatie op normaal niveau worden beluisterd.

Zelfs als het volume volledig uitgedraaid is, wordt de aankondiging gehoord bij normaal volume. Na de aankondiging keert het toestel terug tot het oorspronkelijk ingestelde volume. De cassette of CD gaan weer spelen,

  • De verkeersinformatie onderbreekt alleen wanneer zowel TP als TP afgebeeld worden.
  • Zolang alleen TP wordt afgebeeld, zendt de huidige zender geen verkeersinformatie uit.
  • Als u prioritair wilt laten zoeken naar zenders die verkeersinformatie uitzenden, moet u de TP-knop indrukken gedurende meer dan 0,9 seconde. "TP S ON" wordt afgebeeld.

  • Als u wilt blijven luisteren naar een zwakke zender die geen verkeersinformatie uitzendt, moet u de TP-knop indrukken gedurende meer dan 0,9 seconde. "TP S OFF" wordt afgebeeld.

  • Als u een verkeersaankondiging niet wilt beluisteren, moet u de TP-knop indrukken gedurende minder dan 0,9 seconde.

Programmatypes CR-906

RDSI 10.1719 ANTI-THEFT CCI WII CD < > NEWS VOLVO CR-X6 DOBY-8.NH REV TP PTY 1 2 3 4 5 6 AUT DISC No. SCN/RNO OKL00011

Definities van de termen waarmee de programmatypes worden aangeduid

DisplayDisplayDisplay
1. NieuwsNEWS6. ToneelDRAMA11. RockROCK M
2. ActualiteitenAFFAIRS7. CultuurCULTURE12. Lichte muziekM.O.R.M.*
3. InformatieINFO8. WetenschapSCIENCE13. Licht klassiekLIGHT
4. SportSPORT9. GevarieerdVARIED14. Ernstig klassiekCLASSIC
5. OpvoedingEDUCATE10. PopPOPM15. Andere muziekOTHER M
  1. Als u alle geselecteerde prioriteiten wilt wissen, moet u "ALLCLEAR" indrukken en de afstemknop indrukken gedurende meer dan 0,9 seconde.
  2. Als u één van de geselecteerde prioriteiten wilt wissen, moet u de "PTY"-knop indrukken op het moment dat het geprogrammeerde type wordt afgebeeld op het display. Het sterretje verdwijnt ook.
  3. Wanneer u door de verschillende programmatypes schuift, kunt u ook kiezen tussen "SPRAAK" en "MUZIEK", "SPRAAK" omvat types 1-9, "MUZIEK" omvat types 10-15.

  4. Net zoals TP-mode onderbreekt ook de Prioritaire mode cassettes en CD's. Als u bijvoorbeeld prioriteit hebt verleend aan Nieuws, zullen de cassette of CD worden onderbroken om het nieuws te kunnen beluisteren.

  5. Als u een geselecteerd programma niet wilt beluisteren op het moment van de onderbreking, moet u de "PTY"-knop indrukken gedurende meer dan 0,9 seconde.

A B C ANTI-THEFT TP WT PTY WD CD TAPE -- 1 2 3 AUT 4 5 6 VOLVO CR-906 X DOK E NE DISC No. SON/RND

050418963

De cassette wordt ingeschoven met de open kant naar rechts (kant 1 of A van de cassette naar boven). Wanneer de cassette wordt ingebracht, wordt de radio uitgeschakeld en begint de cassette automatisch te spelen. Op het dis-play wordt "TAPE →" of "← TAPE" afge-beeld om aan te geven welke kant van de cassette wordt afgespeeld. Wanneer een kant van de cassette afgespeeld is, schakelt het toestel automatisch over op de andere kant (auto-reverse). De cassette kan ook worden ingebracht of uitgeworpen wanneer het toestel uitgeschakeld is.

B - Omkeren van de cassette (rev)

Druk beide "REV"-knoppen in om de andere kant van de cassette te spelen. De afgespeelde kant van de cassette wordt afgebeeld.

C - Snel spoelen

Druk één van de knoppen in om snel vooruit of achteruit te spoelen. Als u de betrokken knop volledig indrukt, gaat het snel spoelen verder tot het einde van de cassetteband. Vervolgens wordt de andere kant van de cassette gespeeld.

Cassettedeck CR-906

A ANTI-THEFT WB CD TAPE CX B VOLVO CR-016 DX/8.6 NO REV TP PTY 1 2 3 4 5 6 DISC No. SCN/RND COALORATE

A - Cassette uitwerpen

Druk de cassetteknop in om de cassette te stoppen en uit te werpen. De radio begint automatisch weer te spelen en ontvangt de laatst gekozen zender.

B - Dolby B NR ruisonderdrukkingssysteem

Dit toestel beschikt over het DOLBY B NR ruisonderdrukkingssysteem voor het afspelen van cassettebanden. Het Dolby-systeem is ingeschakeld wanneer het dubbel D symbool wordt afgebeeld in het display. Druk de CD-knop in gedurende meer dan 0,9 seconden om het Dolby ruisonderdrukkingssysteem in/uit te schakelen.

RDSi 301N ANTI-THEFT WD HD DISC TRACK [ ] 2-06 VOLVO CR-2015 DISE 8.12 DIST IN SCN/RND TP PTY 1 2 3 4 5 6 A B C/D A BCA-3592

A - CD-keuzeknop

Druk CD in om de CD-mode te activeren. De laatst beluisterde CD/track begint opnieuw te spelen. Als de CD-wisselaar* geen CD's bevat wordt “—” afgebeeld. Als een geselecteerde CD-positie geen CD bevat, worden het CD-nummer en “—” afgebeeld en wordt automatisch de volgende CD geselecteerd.

B - Keuzeknoppen CD-nummer

Druk een van de voorkeuzeknoppen in om het gewenste CD-nummer te kiezen. Het geselecteerde CD-nummer en het track-nummer worden afgebeeld.

* De functies in verband met de CD-wisselaar zijn slechts van toepassing als de Volvo CD-wisselaar is aangesloten op het toestel. Deze wisselaar wordt apart verkocht als extra uitrusting. Als geen CD-wisselaar is aangesloten op het toestel wordt "CD E-EE" afgebeeld ingeval u de CD-mode selecteert.

C - Keuzeknop track-nummer

Druk de afstemknop in gedurende minder dan 0,9 seconde om het gewenste track-nummer te selecteren. Het gekozen track-nummer wordt afgebeeld.

D - Muziek zoeken

Druk de afstemknop in gedurende meer dan 0,9 seconde om binnen de track te zoeken. Tijdens het zoeken kunt u de muziek horen, die aan een hogere snelheid wordt afgespeeld. Tegelijk wordt de totale gespeelde tijd weergegeven.

CD CR-906

RDSI SGN ANTI-THEET DCN VOLVO CD-906 Wn CD < > B SPY TP 1 2 3 4 5 6 A B C DISC No. DUAL0302

A - Scankeuze

Druk de AUT-knop in gedurende minder dan 0,9 seconde. Van elke track van elke CD wordt gedurende 10 seconden muziek gespeeld. "SCN" wordt weergegeven.

B - Willekeurige keuze

Druk de AUT-knop in gedurende meer dan 0,9 seconde. Uit een willekeurig gekozen CD worden, eveneens willekeurig, 4 tracks gespeeld. Vervolgens wordt op dezelfde manier een nieuwe CD gespeeld. Wanneer deze functie ingeschakeld is, wordt "RND" weergegeven.

C - Om terug te keren tot de vorige mode

Door op de CD-knop te drukken keert u terug tot de laatst gebruikte mode (cassette of radio).

Audio-systeem SC-805 Premium Sound System

25 24 23 22 21 20 19 1 2 3 4 5 6 7 8 9 18 17 16 15 14 13 12 11 10

  1. Aan/uit (drukken)
  2. • Volume (draaien)
    • Pauze/Mute (drukken)
    • Balans (trekken)
  3. • Keuzetoets CD-mode (CD-speler)
    • Automatische geluidsregeling: aan/uit
  4. • Keuzetoets CD-wisselaar
    • Keuzetoets verkeersinfo lokaal/LA
  5. • Keuzetoets cassettemode
    • Keuzetoets cassetterichting
  6. Regeling lage tonen
  7. Regeling hoge toucn

  8. Balansregeling voor/achter

  9. • Voorkeuzetoetsen
    • Keuzetoets CD-nummer
  10. Dalby B NR toets
  11. CD: afspelen in willekeurige volgorde
    • Regionaal aan/uit
  12. Uitwerptoets cassettedeck
  13. Ontvanger afstandsbedieningssignaal
  14. Automatisch zoeken
  15. Nieuws
  16. • Zockend afstemmen omhoog/omlaag
    • Cassettemode: volgend/vorig nummer
  17. CD-mode: volgende UP/vorige DOWN track

  18. • Manueel afstemmen

  19. Cassettemode; snel vooruit/achteruit spoelen
    • CD-mode: muziek zoeken UP/DOWN

  20. Uitwerptoets CD (CD-speler)

  21. CD-opening
  22. Cassette-opening
  23. Display
  24. Keuzetoets programmatype
  25. Keuzetoets verkeersinformatieprogramma
  26. Keuzetoets golflengte (FM, AM)
  27. Antidiefstal-LED
    • LED: CD in speler (CD-speler)

Antidiefstalcode SC-805

SOUND SYSTEM Radio Pass Candle Box Vol. 10 香港电灯 Volume: 50 VOLVO

VOLVO 1 2 3 4 5 6 300948

CODE EEEE OFF

Antidiefstalcode

De radio is voorzien van een antidiefstalcircuit. Als het apparaat uit de auto wordt gehaald of de accuvoeding wordt onderbroken, moet een speciale code worden ingevoerd om het toestel opnieuw te kunnen gebruiken.

Zie het radiocodekaartje dat bij uw voertuig werd geleverd of vraag uw leverancier om de juiste code.

De antidiefstal-LED knippert wanneer de auto geparkeerd is en de sleutel uit het contact verwijderd is.

Om de code in te voeren

Als het apparaat na installatie wordt ingeschakeld of wanneer het weer op de stroom wordt aangesloten en aangezet, verschijnt het woord "CODE" op het display.

Voer met behulp van de voorkeuzetoetsen de code van vier eijfers in. Als u de juiste code invoert, is het toestel klaar voor gebruik.

Als u een onjuiste code invoert, dient u opnieuw te beginnen en de juiste code in te voeren.

Incorrecte code

Als u een onjuiste code heeft ingevoerd, verschijnen de letters "EEEE" op het display. Voer de juiste code in. Na drie mislukte pogingen wordt het apparaat geblokkeerd en zal het twee uur lang geblokkeerd blijven. Het woord "OFF" verschijnt op het display. Tijdens deze twee uur moet:

• de accu aangesloten blijven;
- de contactsleutel op stand "I" blijven;
- het apparaat ingeschakeld blijven.

Controleer of de koplampen uit zijn om te voorkomen dat de accu leegloopt.

Voer de code opnieuw in zodra de twee uren voorbij zijn.

A FMR B RADIS TP PTT CD CHSR TYPE MADS TROSE ORDER C D VOLVO 300265

VOLVO S90 (1998) - Incorrecte code - 2

A - Aan/uit-schakelaar

Druk op de toets om de radio aan/uit te schakelen.

B - Volumeregeling

Draai de knop naar rechts om het geluidsvolume te verhogen. De volumeregelaar is elektronisch en heeft geen eindstand.

C - Keuzetoets golflengte

U kiest de gewenste golflengte door op de "RADIO"-toets te drukken. De zender en de golflengte verschijnen op het display. OPMERKING: Er zijn drie FM-golflengtes en één AM-golflengte. Hierdoor kunt u 3 x 6 FM-zenders en 6 AM-zenders in het geheugen opslaan.

D - Manueel afstemmen

Druk op de linkerkant van de afstemtoets om op lagere frequenties af te stemmen en op de rechterkant om op hogere frequenties af te stemmen. De frequentie waarop u heeft afgestemd, verschijnt op het display.

De letters ST verschijnen op het display als de FM-zender stereo wordt ontvangen.

U 1 = ultrakorte golflengte (FM)

A NF U3 103,5A B/C

Met deze functie worden tot 8 sterke AM- of FM-zenders automatisch opgezocht en in een afzonderlijk geheugen opgeslagen. Dit is zeker handig als u in gebieden bent waar u niet bekeend bent met de zenders.

  1. Houd de "AUTO"-toets minstens 1 seconde ingedrukt. Een aantal sterke zenders (max. 8) op de gekozen golflengte worden nu automatisch in het geheugen opgeslagen. De letter "A" verschijnt op het display. Als er geen sterke zenders kunnen worden ontvangen, verschijnt "NO STN" op het display.

  2. Druk de "AUTO"-toets kort in (korter dan 1 seconde) om naar een andere automatisch opgeslagen zender te luisteren. Telkens als u de toets kort indrukt, zoekt het apparaat naar een nieuwe zender.

B - Voorkeuzen instellen

  1. Stem af op de gewenste frequentie.
  2. Druk de voorkeuzetoets in en houd hem ingedrukt. Het geluid valt weg. Houd de toets ingedrukt totdat u weer geluid krijgt (ongeveer 2 seconden).
  3. De frequentie is nu onder deze voorkenze- toets opgeslagen.

C - Voorkeuzetoetsen

Druk op de voorkuzetoets om een voorgeprogrammeerde radiofrequentie te selecteren. De ingestelde frequentie verschijnt op het display.

D/E A B C CO CHRY TAPR RATIO TP PT1 20.0K VOLVO X1 RNO 200.0008

PAUSE

A - Regeling lage tonen

Schuif de knop naar boven of beneden om de lage tonen te regelen (naar boven voor meer lage tonen, naar beneden voor minder lage tonen). De "klikstand" geeft de middenpositie aan.

B - Regeling hoge tonen

Schuif de knop naar boven of beneden om de hoge tonen te regelen (naar boven voor meer hoge tonen, naar beneden voor minder hoge tonen). De "klikstand" geeft de middenpositie aan.

C - Balansregeling voor/achter

Schuif de knop naar boven of naar beneden om de balans tussen de luidsprekers voorin/achterin te regelen (naar boven om het volume voorin te verhogen, naar beneden om het volume achterin te verhogen). De "klikstand" geeft de middenpositie aan.

D - Pauzefunctie

Druk op de "volume"-knop om het geluid tijdelijk te dempen. Het woord "PAUSE" verschijnt op het display.

E - Balansregeling links/rechts

Trek aan de "volume"-knop en draai hem naar links of naar rechts om de balans tussen de linker- en rechterluidsprekers te regelen.

RDS AF-functie (automatisch afstemmen) SC-805

VOLVO S90 (1998) - RDS AF-functie (automatisch afstemmen) SC-805 - 1

RDS AF-functie (automatisch afstemmen)

Als u afstemt op een zender met een RDS-code, wordt op het display eerst de frequentie weergegeven en vervolgens de naam van de zender in letters. Met deze AF-zoekfunctie stemt het toestel automatisch af op de sterkste zender van het geselecteerde programma. Als u naar een RDS-zender met een zwakke ontvangst wilt blijven luisteren, gaat u als volgt te werk: Houd de "RADIO"-toets langer dan 2 seconden ingedrukt. De vermelding "AF OFF" verschijnt gedurende 1 seconde op het

display. Herhaal deze handeling als u de AF-zockfunctie weer wilt inschakelen. De vermelding "AF ON" verschijnt gedurende 1 seconde op het display.

"AF ON": sterkste zender wordt automatisch opgezocht "AF OFF": automatische zoekfunctie is inactief

AF staat voor automatisch opzoeken van een alternatieve frequentie.

A - Zoekend afstemmen omhoog/omlaag

Druk op de linkerkant van de afstemtoets om af te stemmen op lagere frequenties en op de rechterkant om af te stemmen op hogere frequenties.

De radio zoekt de volgende zender met een goede ontvangst op en stopt daar. Druk opnieuw op de afstemtoets als u wilt blijven zoeken.

Als de toetsen "TP" (Traffic Programme: verkeersinformatieprogramma), "News" (nieuws) en "PTY" (Programmatype) zijn ingeschakeld, stoppen de "ZOEK"- en "AUTO"-functies alleen bij zenders die dat soort informatie uitzenden.

Verkeersinformatieprogramma SC-805

TP US MP TP ST -5R 6BG--

Verkeersinformatieprogramma (TP)

Als u de "TP"-toets (Traffic Programme) korter dan 0,9 seconde indrukt, vangt het apparaat de RDS-zenders op die verkeersinformatie uitzenden. Als deze functie is ingeschakeld, verschijnt de vermelding "TP" op het display. Als het apparaat op cassette-of CD-mode staat, stemt de radio op de achtergrond automatisch af op een sterke FM-zender die de verkeersinformatie uitzendt. Als u een cassette of een CD afspeelt op het moment dat er verkeersinformatie wordt uitgezonden, wordt de cassette- of de CD-speler onderbroken en ontvangt u de informatie op het geluidsniveau dat u van tevoren voor het beluisteren van verkeersinformatie heeft ingesteld.

Zelfs als u het geluid helemaal heeft uitgedraaid, ontvangt u het bericht op het ingestelde geluidsniveau. Als het bericht is afgelopen, schakelt het apparaat automatisch over op het voorgaande geluidsvolume. De cassette- of CD-speler wordt weer ingeschakeld.

  • De verkeersinformatie komt alleen door als TP en TP tegelijkertijd op het display staan.
  • Als er alleen TP op het display staat, wordt er door de gekozen zender geen verkeersinformatie uitgezonden.
  • Druk langer dan 0,9 seconde op de TP-toets als u prioritair wilt laten zoeken naar zenders die verkeersinformatie uitzenden. De vermelding "TP S ON" verschijnt op het display.

  • Druk langer dan 0,9 second op de TP-toets als u naar een zwakke zender wilt blijven luisteren die geen verkeersinformatie uitzendt. De vermelding "TP S OFF" verschijnt op het display. Dit kan handig zijn als u in het grensgebied van een zender bent.

  • Druk korter dan 0,9 seconde op de TP-toets als u de verkeersinformatie die ontvangen wordt, wilt negeren.
  • Druk langer dan 0,9 seconde op de CHGR-toets als u wilt overschakelen van TA LA naar TA lokaal

TA = Verkeersinformatie

TA LA = op lange afstand

TA lokaal = lokale verkeersinformatie

Nieuws SC-805

RADIO TP PTY CD CER TRPS BASS TRESSE REACH VOLVO AUTO OFF FND 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80

UP NF TP ST NEWS -5R G8G-- 12 NF TP ST NEWS NEWS

Nieuws aan/uit

Druk op "NEWS" om de nieuwsfunctie in te schakelen. Er verschijnt een korte tekst met "NEWS" op het display. Druk opnieuw op "NEWS" om de functie uit te schakelen.

Zodra er een nieuwsbericht wordt uitgezonden, worden alle andere functies van het apparaat onderbroken, met inbegrip van de cassette- en de CD-speler en de CD-wisselaar, zodat u naar het nieuwsbericht kunt luisteren.

Als u de "NEWS"-toets indrukt terwijl er een nieuwsbericht wordt uitgezonden, wordt het programma onderbroken. De nieuwsfunctie blijft echter ingeschakeld en de radio zal het volgende nieuwsbericht afwachten.

Druk korter dan 0,9 seconde op de "NEWS"-toets als u de NEWS-functie wilt negeren wanneer er een nieuwsbericht wordt uitgezonden.

Programmatypes SC-805

VOLVO S90 (1998) - Programmatypes SC-805 - 1

Definitie van de termen waarmee de programmatypes worden aangeduid

Display

  1. Nieuws
  2. Actualiteiten
  3. Informatie
  4. Sport
  5. Opvoeding

NEWS
AFFAIRS
INFO
SPORT
EDUCATE

  1. Toneel
  2. Cultuur
  3. Wetenschap
  4. Gevarieerd
  5. Popmuziek

DRAMA
CULTURE
SCIENCE
VARIED
POP M

  1. Rockmuziek
  2. Lichte muziek
  3. Licht klassiek
  4. Eröstig klassiek
  5. Andere muziek

Met de "PTY"-functie kunt u op elk moment een ander type programma kiezen. Als u naar een bepaald programmatype wilt zoeken, gaat u als volgt te werk:

  1. Druk de "PTY"-toets korter dan 0,9 seconde in. Het type van het programma waarop u heeft afgestemd verschijnt op het display.
  2. U kunt de verschillende programmatypes overlopen door telkens korter dan 0,9 seconde op de afstemtoets te drukken. Druk langer dan 0,9 seconde op de toets om de types sneller te overlopen.
  3. Als u een programmatype heeft gevonden dat u wilt selecteren, drukt u op de "PTY"-toets om de radio opdracht te geven het geselecteerde programmatype te zoeken.

Uw keuze wordt door een sterretje * op het display bevestigd. Terwijl de radio zoekt, verschijnt het woord "WAIT" op het display.

  1. Wanneer er een programma van het gewenste type is gevonden, verschijnt de naam van het programma gedurende 5 seconden op het display. Indien er geen programma van het gewenste type wordt gevonden, verschijnt de vermelding "NO PTY" gedurende 5 seconde op het display en blijft de radio de vorige zender uitzenden.
  2. Om de taal op het display te veranderen, zet u de radio uit. Druk voorkeuzetoets 5 in en houd hem ingedrukt terwijl u de radio weer aanzet. U kunt een andere taal kiezen door een van de voorkeuzetoetsen 1, 2, 3 of 4 in te drukken. De nieuwe instelling van de taal wordt na 5 seconden automatisch in het geheugen opgeslagen,

Programmatypes SC-805

R100 R400 TF PTT CD CHECK SAFE VOLVO R300 TRAVG FADBE

VOLVO S90 (1998) - Programmatypes SC-805 - 2

Programmatypes - Prioriteit

De Prioriteitsmode doorbreekt, net als de TP-mode, het afspelen van cassettes of CD's. Als u bijvoorbeeld prioriteit heeft gegeven aan klassieke muziek, wordt het cassettedeck of de CD-speler onderbroken om de klassieke muziek te kunnen ontvangen.

Als u de "PTY"-toets langer dan 0,9 seconde indrukt, verschijnen het type van het ontvangen programma en in kleine letters de vermelding "PTY PRI" op het display.

Vervolgens verschijnt de vermelding "PTY PRIO" op het display en daarna met een sterretje het van tevoren gekozen programmatype (of "NO PTY" als u geen programmatype had gekozen).

Druk vervolgens korter dan 0,9 seconde op de afstemtoets om het gewenste programmatype op te zoeken en te selecteren.

Druk op de "PTY"-toets als u een programmatype hebt gevonden waaraan u prioriteit wilt geven. Uw keuze wordt bevestigd met een sterretje * op het display.

De radio schakelt nu weer over op de voorgaande mode en zoekt met behulp van EON-informatie (Enhanced Other Network) naar het geselecteerde programmatype. Indien het geselecteerde programmatype niet onmiddellijk wordt gevonden, blijft de radio zoeken en zodra hij het geselecteerde programmatype heeft gevonden schakelt bij over op de desbetreffende zender. Er verschijnt een kleine letter "P" in de kanaalindicator op het display.

Prioritaire programmatypes SC-805

BMW RNG RNG T1 PYY GND RNG AUTO VOLVO RNG BASS TROALE FROER 1 2 3 4 5 6

VOLVO S90 (1998) - Prioritaire programmatypes SC-805 - 2

Programmatypes - Prioriteit

Druk de "PTY"-toets korter dan 0,9 seconde in indien u een gekozen programmatype wilt negeren wanneer het de andere functies doorbreekt.

Druk de "PTY"-toets langer dan 0,9 seconde in als u de PTY-prioriteitsfunctie wilt uitschakelen.

Regionale programma's - Aan/uit

Druk de RND-toets in als u naar een regionaal programma luistert en naar dat specifieke programma wilt blijven luisteren, ook als u in een regio komt waar een ander regionaal programma wordt uitgezonden. De vermelding "REG ON" verschijnt op het display. Druk dezelfde toets opnieuw in als u niet naar een specifiek regionaal programma wilt luisteren. Op het display verschijnt de vermelding "REG OFF".

VOLVO S90 (1998) - Regionale programma's - Aan/uit - 1

Het volume voor verkeersinformatie en nieuws regelen:

  1. zet de radio uit en weer aan terwijl u de "TP"- of de "NEWS"-toets ingedrukt houdt;
  2. regel het volume en druk op de "TP"- of de "NEWS"-toets om de nieuwe instelling op te slaan.

Andere mogelijkheid: als u het volume bijstelt terwijl er een verkeersbericht wordt uitgezonden, wordt deze instelling automatisch opgeslagen.

B - Volume PTY

Het volume voor PTY-berichten regelen:

  1. zet de radio uit en weer aan terwijl u de "PTY"-toets ingedrukt houdt;
  2. regel het volume en druk op de "PTY"-toets om de nieuwe instelling op te slaan.

Andere mogelijkheid: als u het volume bijstelt terwijl de PTY-functie is ingeschakeld, wordt deze instelling automatisch opgeslagen.

C - Automatische geluidsregeling (ASC: Active Sound Control)

Met de ASC-functie wordt het geluidsniveau van het audio-systeem automatisch aangepast aan de snelheid van de auto. Om de ASC uit te schakelen, drukt u de "CD"-toets in totdat de vermelding "ASC OFF" van het display is verdwenen. Om de ASC in te schakelen, drukt u de "CD"-toets in totdat de vermelding "ASC ON" op het display verschijnt (na ongeveer 2 seconden). U kunt de gevoeligheid van de ASC-functie instellen door op de "CD + PWR"-toetsen te drukken. Door op de voorkeuzetoetsen 1, 2 of 3 te drukken, stelt u de functie in op respectievelijk lage, normale en hoge gevoeligheid van de ASC.

Cassettedeck SC-805

VOLVO S90 (1998) - Cassettedeck SC-805 - 1

De cassette wordt met de open kant naar rechts in het cassettedeck gestoken (kant 1 of A van de cassette naar boven). Als de cassette in het deck wordt gestoken, wordt de radio uitgeschakeld en begint het deck automatisch de cassette af te spelen. Met de vermelding "TAPE → " of "TAPE ← " op het display wordt aangegeven welke kant van de cassette wordt afgespeeld. Als de ene kant van de cassette is afgelopen, schakelt het deck automatisch over op de andere kant (auto-reverse). Ook als het apparaat is uitgeschakeld, kunt u er een cassette insteken of uithalen.

B - De cassette omdraaien

Druk op de toets om de andere kant van de cassette af te spelen.

De kant van de cassette die wordt afgespeeld, wordt vermeld op het display.

C - Snelspoelen

De cassette wordt vooruitgespoeld met " <> " en teruggespoeld met " <>". Tijdens het snelspoelen geeft de indicator van de cassettekant "FF" of "REW" aan op het display. U kunt het snelspoelen stoppen door opnieuw op de toets te drukken. De aanduiding "FF" of "REW" knippert terwijl er vooruit of achteruit wordt gespoeld.

D - toets (volgende nummer)

Druk op de “∞” toets en de cassette spoelt automatisch verder naar het volgende nummer. Voor deze functie moet tussen de nummers een pauze van ongeveer 5 seconden zijn ingelast.

E - toets (vorige nummer)

Druk op de " toets en de cassette spoelt automatisch terug naar het vorige nummer. Voor deze functie moet tussen de nummers een pauze van ongeveer 5 seconden zijn ingelast.

De aanduiding "FF" of "REW" knippert terwijl er vooruit of achteruit wordt gespoeld.

Cassettedeck SC-805

VOLVO S90 (1998) - Cassettedeck SC-805 - 1

Als u op de "volume"-knop drukt, stopt het cassettedeck, valt het geluid weg en verschijnt het woord "PAUSE" op het display. Druk opnieuw op de knop om de cassette verder af te spelen.

B - Dolby B NR-toets

Druk op deze toets als u cassettes afspeelt die zijn opgenomen met het Dolby B ruisonder- drukkingssysteem. Het dubbel D symbool verschijnt op het display.

C - Metal-cassettes

Als u een metal-cassette afspeelt, verschijnt de vermelding "CRO" op het display.

Cassettedeck SC-805

B RADIO TP AUTO A TAPE -->

A - Cassette uitwerpen

Als de toets wordt ingedrukt, stopt het deck en wordt de cassette uit het deck geworpen. De radio wordt automatisch ingeschakeld. De radio, de CD-speler of de CD-wisselaar beginnen automatisch te spelen (afhankelijk van welke mode er was ingeschakeld voordat de cassette werd afgespeeld).

B - Terug naar radiomode

Druk op de "RADIO"-toets om terug te gaan naar de radiomode.

Als het apparaat teruggaat naar de radiomode, blijft de cassette in het deck zitten.

C - Terug naar cassettemode

Indien de cassettefunctie is uitgeschakeld en er een cassette in het deck zit, kunt u naar de cassettemode teruggaan door op de "TAPE"-toets te drukken.

D - Terug naar CD-mode

Indien de CD-functie is uitgeschakeld en er een CD in de CD-speler zit, kunt u naar de CD-mode teruggaan door op de "CD"-toets te drukken.

E - Terug naar CD- wisselaarmode

Indien de CD-wisselaarfunctie is uitgeschakeld, kunt u naar de CD-wisselaarmode teruggaan door op de "CHGR"-toets te drukken.

A B C RNR MOSO RADIO TP PTY SC-055 AVG S AUTO CHAFT TAPS VOLVO BASSE TEPABLE (AVR) RNG 300*19263

VOLVO S90 (1998) - E - Terug naar CD- wisselaarmode - 2

A - CD-opening

Steek een CD in de opening met de bedrukte kant naar boven terwijl het audiosysteem aanstaat. Als u de CD in de speler steekt, wordt de radio uitgeschakeld en begint de CD-speler de CD automatisch af te spelen. Ook als het apparaat is uitgeschakeld, kunt u er een CD insteken of uithalen.

Als er een CD in de speler zit, is het "DISC IN"-lampje altijd AAN, zelfs als de radio, het cassettedeck of de CD-wisselaar in gebruik zijn.

B - Keuzetoets CD-mode

Druk op "CD" om de CD-mode in te schakelen. De track die het laatst werd beluisterd, wordt verder afgespeeld. Als de CD-speler leeg is, verschijnt de aanduiding "NO DISC" op het display.

C - CD uitwerpen

Als de toets wordt ingedrukt, stopt de CD-speler en wordt de CD uit de speler geworpen. De radio wordt automatisch ingeschakeld. De radio, het cassettedeck of de CD-wisselaar beginnen automatisch te spelen (afhankelijk van welke mode er was ingeschakeld voordat de CD werd afgespeeld).

OPMERKING: Als de CD niet wordt weggehaald binnen 12 seconden nadat de CD-uitwerptoets is ingedrukt, trekt de speler de CD weer in.

CD-speler SC-805

A B C KANDO TF FT1 VOLVO GASS TICLE REDH 1 2 3 4 5

VOLVO S90 (1998) - CD-speler SC-805 - 2

A - Muziek zoeken

Druk op de “∞” of de “∞” toets om te zoeken binnen dezelfde track. Zolang u de toets indrukt, verschijnt de speelduur van de desbetreffende track op het display.

B - Een andere track selecteren

Druk op " |»" om de volgende track te selecteren en op " |»" om de vorige track te selecteren. Het nummer van de CD en van de gekozen track verschijnen op het display.

C - Weergave speelduur

Als u op de "CD"-toets drukt, verschijnt de speelduur van de track die wordt afgespeeld gedurende 5 seconden op het display.

C B RADIO Tr FTT SC-95 AVOC AUTO CHA TYPE A RMS 7m E F D 1 2 3 4 5 6 VOLVO 100Hz

VOLVO S90 (1998) - C - Weergave speelduur - 2

A - Willekeurige volgorde

Druk op "RND" om de mode voor afspelen in een willekeurige volgorde in te schakelen. De tracks van de CD worden in willekeurige volgorde afgespeeld.

Als deze functie is ingeschakeld, verschijnt de vermelding "RND" op het display.

B - Pauze

Als u op de "volume"-knop drukt, stopt de CD-speler, het gehuid valt weg en het woord "PAUSE" verschijnt op het display. Druk opnieuw op de knop om de CD-speler verder te laten spelen.

C - Terug naar radiomode

Druk op de "RADIO"-toets.

D - Terug naar cassettemode

Indien er al een cassette in het deck zit, schakelt het cassettedeck weer in als u op de "TAPE"-toets drukt.

E - Terug naar CD-mode

Als de CD-functie is uitgeschakeld en er nog een CD in de speler zit, kunt u naar de CD-mode teruggaan door op de "CD"-toets te drukken.

F - Terug naar CD- wisselaarmode

Als de CD-wisselaarfunctie is uitgeschakeld, kunt u naar de CD-wisselaarmode teruggaan door op de "CHGR"-toets te drukken.

CD-wisselaar SC-805

A B C 1 2 3 4 5 6 MASC THE BLC FADEN VOLVO RADIO TP FTP SC-95 AUTO ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD ADD Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add Add + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + + +

VOLVO S90 (1998) - CD-wisselaar SC-805 - 2

A - Keuzetoets CD-wisselaarmode

Druk op de "CHGR"-toets om de CD-wisselaarmode in te schakelen. De CD/track waarnaar u het laatst hebt geluisterd, wordt verder afgespeeld. Als de cassette* van de CD-wisselaar leeg is, verschijnt "CD" op het display. Als u een CD-plaats selecteert die leeg is, worden het nummer van de CD en "CD 5-00" op het display vermeld en selecteert het apparaat automatisch de volgende CD.

B - Keuzetoets CD-nummer

Druk een van de voorkeuzetoetsen (1-6) in om het gewenste CD-nummer te selecteren. De nummers van de geselecteerde CD en de gekozen track verschijnen op het display.

C - Muziek zoeken

Druk op de " <> " of de " <> " toets om te zoeken binnen een track. Zolang u de toets indrukt, wordt de speelduur van de track op het display aangegeven.

* De functies in verband met de CD-wisselaar zijn slechts van toepassing als de Volvo CD-wisselaar is aangesloten op het toestel. Deze wisselaar wordt op sommige modellen apart verkocht als extra uitrusting, op andere modellen is hij standaard gemonteerd. Indien er geen CD-wisselaar is aangesloten op het toestel, wordt "NO CHGR" weergegeven wanneer u de wisselaar-mode kiest.

CD-wisselaar SC-805

RADIO TP FTT CD OHR TRPS BASS TRESLE FLOOR A VOLVO A B AUTO RNG ISO RNG 10.1.26

VOLVO S90 (1998) - CD-wisselaar SC-805 - 2

A - Een andere track selecteren

Druk op “” om de volgende track te selecteren en op “” om de vorige track te selecteren. De nummers van de geselecteerde CD en de gekozen track verschijnen op het display.

B - Weergave speelduur

Als u op de "CHGR"-toets drukt, verschijnt de speelduur van de track die wordt afgespeeld gedurende 5 seconden op het display.

CD-wisselaar SC-805

B AUDIO TP PIT C AUTO HOME A CD CHSR TRAP VOLVO LED AHD E F D 2017-42

A U3 ABC CD C TVOK RND 3-10

A - Willekeurige volgorde

Druk op "RND" om de mode voor afspelen in een willekeurige volgorde in te schakelen. Van een willekeurig gekozen CD worden 4 tracks afgespeeld (ook willekeurig gekozen). Vervolgens wordt op dezelfde manier een andere CD afgespeeld. Als deze functie is ingeschakeld, verschijnt de vermelding "RND" op het display.

B - Pauze

Als u op de "volume"-knop drukt, stopt de CD-speler, valt het geluid weg en verschijnt het woord "PAUSE" op het display. Druk opnieuw op de knop om de CD-speler verder te laten spelen.

10:58

C - Terug naar radiomode

Druk op de "AUTO"-toets.

D - Terug naar cassettemode

Indien er al een cassette in het deck zit, schakelt het cassettedeck weer in als u op de "TAPE"-toets drukt.

E - Terug naar CD-mode

Als de CD-functie is uitgeschakeld en er nog een CD in de speler zit, kunt u naar de CD-mode teruggaan door op de "CD"-toets te drukken.

F - Terug naar CD- wisselaarmode

Als de CD-wisselaarfunctie is uitgeschakeld, kunt u naar de CD-wisselaarmode teruggaan door op de "CHGR"-toets te drukken.

Audio-systeem SC-900

23 21 20 22 19 18 17 24 25 26 27 1 2 3 4 5 6 7 8 16 15 12 13 14 11 10 9

  1. Aan/uit (drukken)

• Volume (draaien)
• Balans (trekken en draaien)

  1. CD-speler - aan/uit

  2. CD-mode - aan/uit

  3. • Regeling lage tonen

- Volumeregeling - geluidseffecten (trekken en draaien)

  1. Regeling hoge tonen

  2. • Balansregeling voor/achter

- Volumeregeling - centrale luidspreker (trekken en draaien)

  1. Voorkeuzetoetsen

• Keuzetoets cd3 cd-nummer 1-3
• Keuzetoets cd6 cd-nummer 1-6

  1. Keuzetoets golflengte (FM)

  2. Keuzetoets golflengte (AM)

  3. • Automatisch programmeren

• CD - afspelen in willekeurige volgorde

  1. • Keuzetoets nieuws

• Keuzetoets radiotekst

  1. • Keuzetoets programmatype

• Dolby B NR toets

  1. Keuzetoets verkeersinformaticprogramma

  2. • Manueel afstemmen

• CD-mode: muziek zoeken
- Scanning

  1. Prologic Surround Sound

  2. Cassette-opening

  3. Display

  4. CD-opening

  5. Snel voorwaarts zoeken

• CD - voorwaarts zoeken
• Cassette - voorwaarts zoeken
• Radio - bogere frequentie

  1. Snel achterwaarts zocken

• CD - achterwaarts zocken
• Cassette - achterwaarts zocken
• Radio - lagere frequentie

  1. CD - volgende track

• Cassette - volgend nummer
• Radio - volgende zender (hogere frequentie)

  1. CD - herhaal vorige track

• Cassette - herbaal vorig nummer
- Radio - volgende zender (lagere frequentie)

  1. CD - open
  2. • Antidiefstal-LED
    • CD - cd in speler
  3. Uitwerptoets cassette
  4. PROG - draairichting cassette wijzigen

Antidiefstalcode SC-900

SOUND SYSTEM Radio Pass C:\Program Files\VOLVO XXXX Date: 01/04/2016

VOLVO VOLVO Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Control Circuit Condition

Antidiefstalcode

De radio is voorzien van een antidiefstalcircuit. Als het apparaat uit de auto wordt gehaald of de accuvoeding wordt onderbroken, moet een speciale code worden ingevoerd om het toestel opnieuw te kunnen gebruiken.

Zie het radiocodekaartje dat bij uw voertuig werd geleverd of vraag uw leverancier om de juiste code.

Het antidiefstallampje knippert wanneer de auto geparkeerd is en de sleutel uit het contact verwijderd is.

Om de code in te voeren

Als het apparaat na installatie wordt ingeschakeld of wanneer het weer op de stroom wordt aangesloten en aangezet, verschijnt het woord 'CODE' op de display.

Voer met behulp van de voorkeuzetoetsen de code van vier cijfers in. Als u de juiste code invoert, is het toestel klaar voor gebruik. Als u een onjuiste code invoert, dient u opnieuw te beginnen en de juiste code in te voeren.

Onjuiste code

Als u een onjuiste code heeft ingevocerd, verschijnen de letters 'CODE Repeat' op de display. Voer de juiste code in. Na drie mislukte pogingen wordt het apparaat geblokkeerd en zal hett wee uur lang geblokkeerd blijven. Op de display verschijnt 'System Off'.

Tijdens deze twee uur moet:

  • de accu aangesloten blijven;
    • de contactsleutel op stand 'I' blijven;
  • het apparaat ingeschakeld blijven.
    Controleer of de koplampen uit zijn om te voorkomen dat de accu leegloopt.

Voer de code opnieuw in zodra de twee uren voorbij zijn.

A/B D C

A - Aan/uit-schakelaar

Druk op de toets om de radio aan/uit te schakelen.

B - Volumeregeling

Draai de knop naar rechts om het geluidsvolume te verhogen. De volumeregelaar is elektronisch en heeft geen eindstand.

C - Keuzetoets golflengte

U kiest de gewenste golflengte door op de toets 'FM' of 'AM' te drukken. De naam van de zender en de golflengte verschijnen op de display.

OPMERKING: Er zijn drie FM-golflengtes en één AM-golflengte. Hierdoor kunt u 3 x 6 FM-zenders en 6 AM-zenders in het geheugen opslaan. Door herhaaldelijk op de FM-toets te drukken, kunt u kiezen tussen FM 1, FM 2 en FM 3.

D - Manueel afstemmen

Draai deze knop naar rechts om op hogere frequenties af te stemmen en naar links om op lagere frequenties af te stemmen. De frequentie waarop u heeft afgestemd, verschijnt op de display.

VOLVO XC-20019898 A B C C

De voorgeprogrammeerde zenders onder de voorkeuzetoetsen 1-6 worden niet gewist door het gebruik van deze functie.

Met deze functie worden automatisch maximaal 10 sterke AM- of FM-zenders opgezocht en in een afzonderlijk geheugen opgeslagen.

Dit is vooral handig als u in gebieden bent waar u de frequentie van de zenders niet kent.

  1. Houd de 'AUTO'-toets minstens 1 seconde ingedrukt. Een aantal sterke zenders (max. 10) op de gekozen golflengte worden nu automatisch in het geheugen

opgeslagen. De letter 'A' verschijnt rechts op de display. Als er geen sterke zenders kunnen worden ontvangen, verschijnt 'No Station' op de display.

  1. Druk de 'AUTO'-toets kort in (korter dan 1 seconde) als u wil overschakelen naar een andere automatisch opgeslagen zender. Telkens als u de toets kort indrukt, zoekt het apparaat naar een nieuwe opgeslagen zender.

B - Manueel frequenties programmeren

  1. Stem af op de gewenste frequentie.
  2. Druk een voorkeuzetoets in (het geluid valt weg) en houd hem ingedrukt totdat u weer geluid krijgt (ongeveer twee seconden).
  3. De frequentie is nu onder deze voorkeuze- toets opgeslagen.

C - Voorkeuzetoetsen

Druk op een voorkeuzetoets om een voorge-programmeerde radiofrequentie te selecteren. De ingestelde frequentie verschijnt op de display.

RDA PP PPT NAT VOLSO VOCI D VOLSO VOCI A HOSO LED 1 CLOS TAFS FM AM AUTO NEW FUT TP BACK THICKS RISK 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90

A - Regeling lage tonen

U kunt de lage tonen regelen door op de knop te drukken, zodat hij naar buiten komt, en hem naar links of rechts te draaien. De middenpositie correspondeert met een normaal hoge tonen-niveau. Druk de knop weer in nadat u het niveau hebt ingesteld.

B - Regeling hoge tonen

U kunt de hoge tonen regelen door op de knop te drukken, zodat hij naar buiten komt, en hem naar links (minder hoge tonen) of rechts (meer hoge tonen) te draaien.

De mid-denpositie correspondeert met een normaal lage tonen-niveau. Druk de knop weer in nadat u het niveau hebt ingesteld.

C - Balansregeling voor/achter

U kunt de balans tussen de luidsprekers voorin/achterin regelen door op de knop te drukken, zodat hij naar buiten komt, en hem naar links (meer volume uit de luidsprekers voorin) of rechts (meer volume uit de luidsprekers achterin) te draaien. De middenpositie correspondeert met een normale balans.

Druk de knop weer in nadat u het niveau hebt ingesteld.

D - Balansregeling links/rechts

'Trek aan de 'volume'-knop en draai hem naar links of naar rechts om de balans tussen de linker en rechter luidsprekers te regelen. De balans is zichtbaar op de display.

RDS AF-functie (automatisch afstemmen) SC-900

A REV FF RPT MXT AM9801234 SAMS AVOC TURK B A PUM DCI CDI TNP FM DM AUTO RPG FST TP A PUL TRUS PAUC PUL 207.00A

AF-functie

(automatisch afstemmen)

Als u afstemt op een zender met een RDS-code, wordt op de display eerst de naam weergegeven en vervolgens de frequentie van de zender. Met deze AF-zoekfunctie stemt het toestel automatisch af op de sterkste zender van het geselecteerde programma. Houd de FM-toets minstens twee seconden ingedrukt. De vermelding 'AF Switch ON' verschijnt gedurende twee seconden op de display. Als u de AF-zoekfunctie weer wil uitschakelen, drukt u de FM-toets kort in (korter dan 1 seconde). De vermelding 'AF Switch OFF' verschijnt op de display.

'AF Switch ON'

'AF Switch OFF'

  • sterkste zender wordt automatisch opgezocht
  • automatische zoekfunctie is inactief

Als de 'TP'-toets (Traffic Programme: verkeersinformatieprogramma), is ingedrukt, worden alleen zenders gezocht die verkeersinformatie uitzenden.

A - Zoekend afstemmen omhoog/omlaag

Druk op de linkerkant van de afstemtoets om af te stemmen op lagere frequenties en op de rechterkant om af te stemmen op hogere frequenties. De radio zoekt de volgende zender met een goede ontvangst op en stopt daar. Druk opnieuw op de afstemtoets als u wil blijven zoeken.

B - Scanning

Druk op deze toets om vijf seconden naar elke zender te luisteren. Als het apparaat in de cassette- of cd-mode staat, zal elk nummer tien seconden hoorbaar zijn. Druk nogmaals op de toets om deze functie uit te schakelen.

NOM - PT OPT - 100V SOLVO WALWARI KUK OFF TIME TUBE HIGH CNT 3 FREE CD-5 CD-4 ANS FA NM AUTO BONE PTX 7P RASS TREE FLEX 1 2 4 5 6 ALL ONER ALL ONER

Als u de "TP"-toets korter dan 0,9 seconde indrukt, vangt het apparaat de RDS-zenders op die verkeersinformatie uitzenden. Als deze functie is ingeschakeld, verschijnt de vermelding 'TP' op de display. Als u een cassette of een cd afspeelt op het moment dat er verkeersinformatie wordt uitgezonden, wordt de cassette- of de cd-speler onderbroken en ontvangt u de informatie op het geluidsniveau dat u van tevoren voor het beluisteren van verkeersinformatie had ingesteld.

Als het bericht is afgelopen, schakelt het apparaat automatisch over op het voorgaande geluidsvolume.

De cassette- of cd-speler wordt weer ingeschakeld.

De verkeersinformatie komt alleen door als er TP op de display staat.

Als de letters TP knipperen, betekent dit dat er geen verkeersinformatie uitgezon den wordt door de gekozen zender of dat de zender te zwak is.

Na 70 seconden hoort u een bieptoon, wat betekent dat u moet overschakelen naar een sterkere zender met verkeersinformatie. Om dit signaal te desactiveren: Druk de TP-toets in en schakel de radio in. "TP Alarm on/off" verschijnt op de display. Druk de TP-toets in om te wisselen tussen TP Alarm aan en uit. Na 5 seconden werkt de radio weer op de normale manier.

Als u prioriteit wil geven aan verkeersinformatie van een bepaalde zender, drukt u tegelijkertijd op de TP-toets en op de voorkeuzetoets van de gewenste zender. De vermelding 'Prio Set' en de naam van de

zender verschijnen op de display. Voordat u dit kunt doen, moet u de gewenste verkeersinformatiezender opslaan onder de voorkeuzetoets.

Als u wil controleren welke zender u hiervoor hebt gekozen, drukt u tweemaal op de TP-toets. De vermelding 'TP Prio On' verschijnt op de display. Daarna verschijnen de naam van de zender, 'Prio Set' en het nummer van de voorkeuzetoets waaronder u de zender hebt opgeslagen op de display.

Als u deze prioriteit wil annuleren, drukt u langer dan twee seconden op de TP-toets. De vermelding 'Clear' verschijnt op de display, evenals het nummer van de zender.

Als u niet langer naar de verkeersinformatic wil luisteren, maar wel wil dat de radio klaar staat voor de volgende aanondiging, drukt u korter dan 0,9 seconde op de TP-toets.

REV FF RPT EXT WIDE A VALUE SIGNAL A PINS OFF CD:1 CD:2 TWC FM AM AUTO HOME HADS ITEMS MOUNT FL. 3000 FL. 3000 VOLVO 100-VCHN SUN AKOS TIME RESCUI

NEWS

Druk op 'NEWS' om de nieuwsfunctie in te schakelen. De vermelding 'NEWS' verschijnt op de display. Druk opnieuw op 'NEWS' om de functie uit te schakelen.

Zodra een nieuwsbericht wordt uitgezonden, worden de cassette- en de cd-speler en de cd-wisselaar uitgeschakeld, zodat u naar het nieuwsbericht kunt luisteren.

Als u de NEWS-toets indrukt terwijl er een nieuwsbericht wordt uitgezonden, wordt het programma onderbroken. De nieuwsfunctie blijft echter ingeschakeld en de radio zal het volgende nieuwsbericht afwachten.

- Als u prioriteit wil geven aan het nieuws van een bepaalde zender, drukt u op de NEWS-toets en op de voorkeuzetoets van de desbetreffende zender. De vermelding 'Prio Set' en het zendernummer verschijnen op de display. Voordat u dit kunt doen, moet u de gewenste zender opslaan onder de voorkeuzetoets.

- Als u wil controleren welke zender u hiervoor hebt gekozen, drukt u tweemaal op de NEWS-toets. De vermelding 'NEWS Prio On' verschijnt op de display. Daarna verschijnen de naam van de zender, 'Prio Set' en het nummer van de

voorkeuzetoets waaronder u de zender hebt opgeslagen op de display. Als u deze prioriteit wil annuleren, drukt u de NEWS-toets en de voorkeuzetoets opnieuw in. De vermelding 'Clear' verschijnt op de display, evenals het nummer van de zender.

- Als u niet langer wil dat de radio op een nieuwsprogramma wacht, drukt u kort (korter dan 0,9 seconde) op de NEWS-toets.

Programmatypes SC-900

  1. Nieuws
  2. Zaken
  3. Info
  4. Sport
  5. Vorming
  6. Toneel
  7. Cultuur
  8. Wetenschap
  9. Gevarieerd

VOLVO S90 (1998) - Programmatypes SC-900 - 1

  1. Popmuziek
  2. Rockmuziek
  3. Lichte
  4. Licht klassiek
  5. Klassiek
  6. Andere muziek
  7. Muziek
  8. Sprak
  9. Alarm

Programmatype

Met de 'PTY'-functie kunt u een ander type programma kiezen. Als u naar een bepaald programmatype wil zoeken, gaat u als volgt te werk:

  1. Druk de 'PTY'-toets korter dan 0,9 seconde in. Het programmatype van de opgeslagen zender verschijnt op de display.
  2. U kunt de verschillende programmatypes overlopen door aan de afstemknop te draaien.
  3. Als u een programmatype heeft gevonden dat u wil selecteren, drukt u op de afstemtoets om de radio opdracht te geven het geselecteerde programmatype te zoeken. Terwijl de radio zoekt, wordt het gekozen programmatype vermeld op de display.

  4. Indien de radio een programma van het gewenste type vindt, stemt hij daarop af en de naam van de zender verschijnt op de display. Indien er geen programma van het gewenste type wordt gevonden, verschijnt de vermelding 'No PTY' gedurende vijf seconden op de display en keert de radio terug naar de vorige zender.

  5. De taal die wordt gebruikt op de display kan worden gewijzigd. Druk op de PROG-toets om van taal te veranderen (Zweeds, Frans, Duits, Engels).

Programmatypes SC-900

VOLVO S90 (1998) - Programmatypes SC-900 - 1

PTY voor voorkeuzetoetsen

De voorkeuzetoetsen zijn voorgeprogrammeerd met volgende programmatypes:

Toets 1 - Popmuziek

Toets 2 - Klassiek

Toets 3 - Gevarieerd

Toets 4 - Rockmuziek

Toets 5 - Sport

Toets 6 - Andere muziek

Om deze instellingen zelf te herprogrammeren:

  • Druk de 'PTY'-toets korter dan 1 seconde in.
  • Draai de knop voor manueel afstemmen om een ander programmatype te kiezen.
  • Druk een van de voorkeuzetoetsen minstens 2 seconden in om het nieuw gekozen programmatype op te slaan.

PTY en de voorkeuzetoetsen

Druk een van de voorkeuzetoetsen in om een programmatype te kiezen. Het gekozen programmatype en de naam van de zender verschijnen op de display. Druk dezelfde voorkeuzetoets opnieuw in om hetzelfde programmatype op een andere zender te kiezen.

Programmatypes - Prioriteit SC-900

VOLVO 1200 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 100 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RDT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10 RGT 10

Programmatypes - Prioriteit

De prioriteitsmode doorbreekt, net als de TP-mode, het afspelen van cassettes of cd's. Als u bijvoorbeeld prioriteit heeft gegeven aan klassieke muziek, wordt het cassettedeck of de cd-speler onderbroken om de klassieke muziek te kunnen ontvangen.

Als u de 'PTY'-toets langer dan 0,9 seconde indrukt, verschijnt de vermelding 'Select PTY' op de display.

U kunt nu de verschillende programmatypes doorlopen door aan de afstemknop te draaien.

Als u een programmatype hebt gevonden waaraan u prioriteit wilt geven, drukt u nogmaals langer dan 0,9 seconde op de 'PTY'-toets. Uw keuze verschijnt op de display.

De radio schakelt nu weer over op de voorgaande mode en zoekt met behulp van EON-informatie (Enhanced Other Network) naar het geselecteerde programmatype. Op de display verschijnt in kleine letters 'PTY PRIO'. Indien het geselecteerde programmatype niet onmiddellijk wordt gevonden, blijft de radio zoeken. Zodra hij het geselecteerde programmatype heeft gevonden schakelt hij over op de desbetreffende zender. Rechts op de display verschijnen het gekozen programmatype en de letter 'P'.

Programmatypes - Prioriteit SC-900

REV PE RPT NOT VOLVO XC2008 VOLVER PULIO. TUNG RUS NCWI PICK ON/OFF CD/CT CD 6 TYPE FM AM AUTO BAND BAND SINGLE ROOT 1 2 3 4 5 NC BAND NULL ON/OFF 30 XIA

Programmatype annuleren

Indien u een van de eerder gekozen prioriteiten wil annuleren, drukt u langer dan 0,9 seconde op de PTY-toets. Op de display verschijnen 'Prio Off' en het programmatype dat u wil annuleren. Indien u de ontvangst van een programmatype met prioriteit wil onderbreken, drukt u op de PTY-toets (korter dan 0,9 seconde).

Regionale radioprogramma's

Als u naar een regionaal programma aan het luisteren bent en u wilt overschakelen naar een ander radioprogramma, moet u op de voorkeuzetoets drukken die correspondeert met het gewenste regionale radioprogramma.

Telkens als u op een voorkeuzetoets drukt, ontvangt u een nieuwe regionale zender, mits het signaal sterk genoeg is. Deze functie werkt alleen als de radiozenders met elkaar communiceren met behulp van EON-informatie.

A B C

A - Volume voor verkeers- informatie, nieuws en PTY- prioriteit

Als u het volume wijzigt tijdens een verkeersbericht, een nieuwsprogramma met prioriteit of terwijl er een programma met PTY-prioriteit werkzaam is, wordt het gekozen geluidsniveau automatisch opgeslagen.

De Auto Volume-functie past zowel het geluidsniveau als de frequentie automatisch aan de snelheid van de auto aan. Deze functie kan worden in- en uitgeschakeld door voorkeuzetoets 1 ingedrukt te houden wanneer u de radio aanzet. De gewenste instelling (ON of OFF) verschijnt op de display. Om deze functie om te schakelen drukt u voorkeuzetoets 1 kort in. Na vijf seconden werkt de display weer normaal.

C - Radio-Tekst

Sommige RDS-zenders zenden algemene informatie uit over programma's, muziek, het weer enz. in tekstformaat. Deze informatie kan worden weergegeven door de NEWS-toets zo'n 2 seconden ingedrukt te houden. Als er geen tekstinformatie beschikbaar is, verschijnt 'No Radio Text' op de display.

WAARSCHUWING!

VOLVO S90 (1998) - WAARSCHUWING! - 1

De Radio-Tekst functie mag niet gebruikt worden door de bestuurder wanneer de auto in beweging is, aangezien dit een verkeersrisico kan opleveren.

Cassettedeck SC-900

Opmerking: De FF/REW- en NXT/RPT-functies kunnen op de achtergrond werken. Druk de gewenste spoeltoets in een selecteer dan een andere functie. Het spoelen verloopt op de achtergrond, terwijl u luistert in een andere functie.

VOLVO S90 (1998) - Cassettedeck SC-900 - 1

De cassette wordt met de open kant naar rechts in het cassettedeck gestoken (kant 1 of A van de cassette naar boven). Als de cassette in het deck wordt gestoken, wordt de radio uitgeschakeld en begint het deck automatisch de cassette af te spelen. Met de vermelding 'TAPE A' of 'TAPE B' op de display wordt aangegeven welke kant van de cassette wordt afgespeeld. Als de ene kant van de cassette is afgelopen, schakelt het deck automatisch over op de andere kant (auto-reverse). De cassette kan tot vijf minuten nadat u de sleutel uit het contact hebt gehaald uit het apparaat gehaald worden.

B - De draairichting van de cassette wijzigen (PROG)

Druk op deze toets om de andere kant van de cassette af te spelen. De kant van de cassette die wordt afgespeeld, wordt vermeld op de display.

C - Spoelen

De cassette wordt vooruitgespoeld met 'FF' en teruggespoeld met 'REW'. Tijdens het spoelen verschijnt 'FF' (fast forward) of 'REW' (rewind) op de display. U kunt het spoelen stoppen door opnieuw op de toets te drukken.

D - Volgend nummer

Als u op de 'NXT'-toets drukt spoelt de cassette automatisch verder naar het volgende nummer. Voor deze functie moet tussen de nummers een pauze van ongeveer vijf seconden zijn ingelast.

E - Vorig nummer

Als u op de 'RPT'-toets drukt spoelt de cassette automatisch terug naar het begin van het zojuist beluisterde nummer. Voor deze functie moet tussen de nummers een pauze van ongeveer vijf seconden zijn ingelast. De aanduiding 'NXT' of 'RPT' knippert terwijl er vooruit of achteruit wordt gespoeld.

VOLVO S90 (1998) - E - Vorig nummer - 1

Als u op de 'TAPE'-toets drukt, stopt het cassettedeck, valt het geluid weg en verschijnt het woord 'PAUSE' op de display. Druk opnieuw op de toets om de cassette verder af te spelen.

B - Dolby B NR-toets

Druk op deze toets als u cassettes afspeelt die zijn opgenomen met het Dolby B ruisonderdrukkingssysteem. Het dubbel D symbool verschijnt op het display.

C - Metal-cassettes

Als u een metaal-cassette (CrO _2 ) afspeelt, verschijnt de vermelding 'MTL' op de display.

Cassettedeck SC-900

FLOM FLT PFT NXT RMS A VOLIPO LEAVING A A TYPE CD-3 CD-5 TYPE FA FA AUTO RMS TP TP BASE TREBE FRWR 1 2 3 4 5 6 FAM/FF AT/ATC B D E C B

A - Cassette uitwerpen

Als de 'EJECT'-knop wordt ingedrukt, stopt het deck en wordt de cassette uitgeworpen. De radio, de cd3-speler of de cd6-wisselaar beginnen automatisch te spelen (afhankelijk van welke mode er was ingeschakeld voordat de cassette werd afgespeeld).

B - Terug naar radiomode

Druk op de FM-, AM- of AUTO-toets om het apparaat weer in de radiomode te zetten. In dit geval blijft de cassette in het deck zitten.

C - Terug naar cassettemode

Indien de cassettefunctie is uitgeschakeld en er een cassette in het deck zit, kunt u naar de cassettemode teruggaan door op de 'TAPE' toets te drukken.

D - Terug naar CD 3-mode

Indien de cd-functie is uitgeschakeld, maar het magazijn wel in de cd-speler zit, kunt u naar de CD 3-mode teruggaan door op de 'CD 3'-toets te drukken.

E - Terug naar CD 6-wissel-aarmode

Indien de cd6-wisselaarfunctie is uitgeschakeld, kunt u naar de CD 6-wisselaarmode teruggaan door op de 'CD 6'-toets te drukken.

TREM FV HPT NO SINK START COLOR FISH ENERGY CO-3 CO-G IAC FM NA AND SENS TA 2000 TERRA 700K 1 2 3 4 5 6 PAL MRT PAL LAIN VOLVO ON CHIN A TIME RELIEVE B MOSCA

A - CD-3-opening

Als u het magazijn in de speler steekt, wordt de radio automatisch uitgeschakeld en begint de CD-3-speler te spelen. Ook als het apparaat is uitgeschakeld, kunt u er een magazijn in steken.

B - CD-3 mode - aan

Druk op 'CD-3' om de cd-speler in te schakelen. De track die het laatst werd beluisterd, wordt opnieuw afgespeeld. Als het magazijn leeg is, wordt het automatisch uitgeworpen. Kies CD 1, 2 of 3 met de voorkeuzetoetsen 1-3.

C - CD-3 uitwerpen

Als deze toets wordt ingedrukt, stopt de CD-3 speler en wordt het magazijn uit de speler geworpen. De radio, het cassettedeck of de CD-6-wisselaar beginnen automatisch te spelen (afhankelijk van welke mode er was ingeschakeld voordat de CD-3 werd afgespeeld).

OPMERKING: Trek niet aan het magazijn terwijl de CD-3-speler speelt. Dit kan het mechanisme beschadigen.

CD-3-speler SC-900

A/C REN FE B APT. NAT VOLUME RECALL TIME RESC. ON PICK OR OFF MODE OFF AUTO PRESS TAX RIO SIN TAX OFF TIME FAIR 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100MHz

A - Muziek zoeken

Druk op de 'FF' of de 'REW' toets om te zoeken binnen dezelfde track. Zolang u de toets indrukt, verschijnt de speelduur van de desbetreffende track op de display.

B - Een andere track selecteren

Druk 'NXT' in om de volgende track te selecteren en 'RPT' om de vorige track te herha- len. U kunt ook de manuele afstemknop gebruiken. De nummers van de geselecteerde cd en van de gekozen track verschijnen op de display.

C - Weergave speelduur

Als u op de 'FF'- of 'REW'-toets drukt, verschijnt de speelduur van de track die wordt afgespeeld gedurende vijf seconden op de display.

VULSO SOLVER MOS A C D E F D C A CD-1 CD-2 TAP5 FM FM AUTO NCA3 PF2 PF B E F D C A SP10A

A - Willekeurige volgorde

Druk op 'RND' om de mode voor afspelen in een willekeurige volgorde in te schakelen. De tracks van de cd worden in willekeurige volgorde afgespeeld. Als deze functie is ingeschakeld, verschijnt de vermelding 'RND' (random) op de display.

B - Pauze

Als u op de 'CD 3'-knop drukt, stopt de cd-speler, het geluid valt weg en het woord 'Pause' verschijnt op de display. Druk opnieuw op de knop om de CD 3-speler verder te laten spelen.

C - Terug naar radiomode

Druk op de 'FM'- of 'AM'-toets.

D - Terug naar cassettemode

Indien er een cassette in het deck zit, gaat het cassettedeck weer spelen als u op de "TAPE"-toets drukt.

E - Terug naar CD-3 mode

Indien de CD-3 functie is uitgeschakeld, maar het magazijn wel in de cd-speler zit, kunt u naar de CD-3 mode teruggaan door op de 'CD-3'-toets te drukken.

F - Terug naar CD-6 wissel- aarmode

Indien de CD-6-wisselaarfunctie is uitgeschakeld, kunt u naar de CD-6-wisselaarmode teruggaan door op de 'CD-6'-toets te drukken.

CD-6-wisselaar SC-900

C REV PP PPT NOT STOCK 2 TOLERately A A HOLD INPUT TYPE HM AM AUTO NERS FTY TP BANDER FROCK FROCK ALL OUT PE...OUT B SOLVO OAS CHAMP MTR GOLD MODE TUNE SWITCH 300 NGA

A - CD-6-wisselaar - aan

Druk op de 'CD-6'-toets om de cd6-wisse-laarmode in te schakelen. De cd/track waarnaar u het laatst hebt geluisterd, wordt verder afgespeeld. Als het magazijn* van de cd-wisselaar leeg is, verschijnt 'No Disc' op de display. Als u een cd-plaats selecteert die leeg is, worden het nummer van de cd en 'CD X-00' op de display vermeld en selecteert het apparaat automatisch de volgende cd. Als er geen magazijn in de wisselaar zit, verschijnt 'No Magazine' op de display. X = cd-nummer

B - Keuzetoets cd-track

Druk op een van de voorkeuzetoetsen (1-6) om de gewenste cd-track te selecteren. De nummers van de geselecteerde cd en de gekozen track verschijnen op de display.

C - Muziek zoeken

Druk op 'FF' of 'REW' om te zoeken binnen een track. Zolang u de toets indrukt, wordt de speelduur van de track op de display aangegeven.

* De functies van de cd-wisselaar werken alleen als het apparaat verbonden is met de cd-wisselaar van Volvo, die standaard geleverd wordt bij een aantal modellen en afzonderlijk verkocht wordt als accessoire bij andere modellen. Als het apparaat niet verbonden is met een cd-wisselaar, gebeurt er niets als u op de cd6-knop drukt.

B ROM PR H2018 VOLVO H2018 A VOLUME 2.5 V.1.5 V. TIME POSITION: AM PWM INPUT OFF CD-1 CD-3 TAPE FM AK AUTO NAME T-4 BACK TRUCK NAO 1 P 2 3 4 5 6 RCA WTR TEC 1000

A - Een andere track selecteren

Druk op 'NXT' om de volgende track te selecteren en op 'RPT' om de vorige track te herhalen. De nummers van de geselecteerde cd en de gekozen track verschijnen op de display.

B - Weergave speelduur

Als u op 'FF' of 'REW' drukt, verschijnt de speelduur van de track die wordt afgespeeld gedurende vijf seconden op de display.

REV PE RPT EXT VOLVO HAC-5089 SATE NOTE 1.0 MHz CAN OFF MODE PAN CD-3 CD-5 TYPE FL4 AM AUTO WMG TSP TIME TIME RED T S K T M P 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 MHz 100 kHz E B F D C A

A - Willekeurige volgorde

Druk op 'RND' om de mode voor afspelen in een willekeurige volgorde in te schakelen. Van willekeurig gekozen cd's worden willekeurig gekozen tracks afgespeeld. Als deze functie is ingeschakeld, verschijnt de vermelding 'RND' (random) op de display.

B - Pauze

Als u op de 'CD-6'-knop drukt, stopt de cd-speler, valt het geluid weg en verschijnt het woord 'Pause' op de display. Druk opnieuw op de knop om de CD-6-wisselaar weer in te schakelen.

C - Terug naar radiomode

Druk op de 'FM'- of 'AM'-toets.

D - Terug naar cassettemode

Indien er een cassette in het deck zit, gaat het cassettedeck weer spelen als u op de 'TAPE'-toets drukt.

E - Terug naar CD 3-mode

Indien de CD-3 functie is uitgeschakeld, maar het magazijn wel in de cd-speler zit, kunt u naar de CD-3 mode teruggaan door op de 'CD-3'-toets te drukken.

F - Terug naar CD-6 wissel-aarmode

Indien de CD-6 wisselaarfunctie is uitgeschakeld, kunt u naar de CD-6 wisselaarmode teruggaan door op de 'CD-6' toets te drukken.

Dankzij een centrale luidspreker die is gemonteerd in het midden van het dashboard, biedt Dolby Prologic Surround Sound een veel helderder en realistischer geluid.

Door een verbinding met een speciale decoder (accessoire) en een centrale luidspreker (accessoire) worden de normale links/rechtsstereokanalen verdeeld over links-midden-rechts. Bovendien kan er een stereofonisch effect gecreëerd worden via de luidsprekers achterin de auto. Deze meerkanaalsstereofonie bootst de resonantie in een geluidsstudio na.

Tegenwoordig worden de meeste opnames zo gemaakt dat de zanger/solist op de voorgrond te horen is, terwijl het orkest over het gehele links/rechtsspectrum alsook van achteren te horen is. Dolby Prologic Surround Sound biedt een geluidsweergave die veel dichter bij het origineel ligt.

* Werkt niet in radiomode (FM of AM)

Druk op de 'MODE'-knop om de centrale luidspreker en de decoder in te schakelen. De geselecteerde mode verschijnt op de display.

'3 CH' = alleen centrale luidspreker ingeschakeld

'Dolby Prologic' = Dolby Prologic is ingeschakeld met stereofonisch effect uit achterste luidsprekers.

B - Volumeregeling centrale luidspreker

Trek de knop naar buiten om het volume van de centrale luidspreker te regelen.

C - Volumeregeling stereofonisch effect

Trek de knop naar buiten om het volume te regelen van de geluidseffecten uit de achterste luidsprekers (geldt alleen voor 5 CH Dolby Prologic)

"Werkt niet in radiomode (FM of AM)"

REM REF RFT NXT DAKT A TUNG SELLAN SOLVD SEV400 Z/20 Z/20 AUTO TRAV PUNDS, PA PUSH SNOW GND-3 CD-1 TYPE PA AVI AUTO NEWS PTV TP B A B A

A - Instellingen voor verschillende gebieden

De instellingen voor bepaalde landen worden gewoonlijk in de fabriek of bij de dealer aangepast. Als u deze instelling wilt veranderen, doet u het volgende: zet de radio uit; druk op voorkeuzetoets 5; zet de radio aan en druk nogmaals op voorkeuzetoets 5 tot de naam van het gewenste continent (US, AUS of EU) op de display verschijnt.

B - Het afstellen van de interne equalizer

Om frequentiecorrectie te kiezen, gaat u als volgt te werk: zet de radio uit, houd voorkeuzetoets 2 ingedrukt; zet de radio aan en druk nogmaals op voorkeuzetoets 2 tot de gewenste frequentiecorrectiemode op de display verschijnt - 'Fix EQ Curve 1' of 'Fix EQ Curve 2'. Als er geen luidsprekers in de hoedenplank zitten, kiest u 'Curve 2'. Als er wel luidsprekers in de hoedenplank zitten, kiest u 'Curve 1'.

CD 3-speler, CD-wisselaar

VOLVO S90 (1998) - CD 3-speler, CD-wisselaar - 1

Gebruiksaanwijzingen

  • Voor u een nieuwe CD voor het eerst gebruikt moet u eventuele bramen in het midden en aan de rand verwijderen, bijv. met de schacht van een pen of iets dergelijks.
  • Gebruik alleen kwaliteits-CD's.
  • Houd de CD's schoon. Reinig ze met een zachte, schone, pluisvrije doek, waarbij u vanuit het midden naar de rand wrijft. Bevochtig de doek indien nodig met een neutrale zeepoplossing. Droog grondig alvorens te gebruiken.

  • Gebruik in geen geval een reinigingsspray of een anti-statische oplossing. Gebruik alleen een reinigingsmiddel dat speciaal voor CD's is bedoeld.

  • Gebruik alleen CD's van het juiste formaat (plaats geen 3"-CD's in de CD6-wisselaar).
  • Breng geen kleefband of labels aan op de CD zelf.
  • In koude winteromstandigheden kan zich condensatie afzetten op de CD's of het optisch systeem. De CD kan worden gedroogd met een schone, pluisvrije doek.

Het kan echter tot een uur duren voor het optisch systeem in de CD-wisselaar droog is.

  • Probeer nooit om een CD af te spelen die op welke manier ook beschadigd is.
  • Wanneer ze niet gebruikt worden, moeten de CD's worden bewaard in hun hoezen. Bewaar ze niet in te grote hitte, direct zonlicht of stoffige omgevingen.

Algemene informatie

FM AM

VOLVO S90 (1998) - Algemene informatie - 2

De M- en L(AM)-radiogolven volgen de ronding van de aarde en worden in de atmosfeer weerkaatst. Hierdoor hebben deze radiogolven een grote draagwijdte.

FM-radiogolven (U-golven) kunnen de ronding van de aarde niet volgen en worden niet teruggekaatst in de atmosfeer. Hierdoor is de draagwijdte van FM-golven beperkt.

Zwakke ontvangst (fading)

Door de beperkte draagwijdte van de FM-zenders en gevoeligheid van FM-golven voor weerkaatsing kan het voorkomen, dat de FM-ontvangst in bepaalde gebieden zwak is. Als de golven worden geblokkeerd door bergen of gebouwen kan bovendien storing optreden.

Storing

De reden waarom FM-golven wel en L/M-golven niet kunnen worden ontvangen in parkeergarages, onder bruggen e.d. is dat FM-golven worden weerkaatst door grote objecten zoals gebouwen. Omdat de FM-golven zo gemakkelijk worden weerkaatst, kan multipath-storing optreden. Deze storing ontstaat wanneer een weerkaatst signaal en een direct signaal de radio-antenne vlak na elkaar bereiken. Dat veroorzaakt vervolgens totale opheffing van a lle signalen. Dit probleem doet zich voornamelijk voor in een dichtbebouwde omgeving.

Interferentie, FM(U)-oorzaken van storing AM(M/L)-oorzaken van storing

VOLVO S90 (1998) - Interferentie, FM(U)-oorzaken van storing AM(M/L)-oorzaken van storing - 1

Interferentie van zenders treedt op wanneer u naar een zwakke zender luistert terwijl er een sterkere zender in de buurt is. Beide zenders worden tegelijk ontvangen en zo kan vervorming van het signaal optreden.

FM (U) - Oorzaken van storing

FM-golven kunnen worden gestoord door de elektrische systemen van andere voertuigen, in het bijzonder als deze niet zijn voorzien van een ontstoringssysteem. De storing wordt versterkt wanneer de zender zwak is of niet goed is afgestemd. FM-ontvangst is in dit opzicht minder gevoelig voor elektrische storing dan AM (M/L).

AM (M/L) - Oorzaken van storing

M/L-ontvangst is gevoelig voor elektrische storingsbronnen zoals hoogspanningsleidingen, bliksem e.d.

Radio

Stereo-ontvangst (FM)

Stereo-ontvangst stelt zeer hoge eisen aan de kwaliteit van het radiosignaal. Dit betekent dat de hiervoor beschreven storingen bij stereo-ontvangst nog sneller zullen optreden. Voor goede stereo-ontvangst is een sterker signaal vereist. Dit beperkt echter tevens de draag-wijdte van de zender.

Wij hopen, dat deze informatie zal bijdragen tot een beter begrip van de problemen die kunnen optreden bij radio-ontvangst in auto's. De omstandigheden voor goede ontvangst zijn niet altijd optimaal en liggen helaas buiten onze macht. Echter, de kwaliteit van de Volvo-audiosystemen is zodanig dat u onder alle om-standigheden verzekerd bent van de best mogelijke ontvangst.

Radioantenne

N. B! Schuif de antenne altijd volledig in als u gebruik maakt van een autowasinstallatie of wanneer u een garage binnenrijdt.

De antenne dient elke 8000 km (of vaker indien nodig) te worden schoongemaakt. Gebruik hiervoor WD40 of 5.56.

Spuit de antenne in met WD40 of 5.56, veeg deze schoon en droog met een doek. Spuit de antenne nogmaals in. Schuif de antenne in en uit, veeg deze weer schoon en droog. Herhaal dit 4 tot 6 maal. Zorg ervoor dat de antenne altijd vrij is van vuil en/of reinigingsmiddel.

Radioantenne, 5-deurs model (sommige landen)

De radioantenne bevindt zich bij het linkerraam van de bagageruimte.

Als uw auto in de fabriek is uitgerust met een audio-systeem is deze antenne voorzien van een antenneversterker.

N.B! De antenne werkt niet zonder de versterker.

Zorg ervoor dat de antennedraden aan de binnenkant van het raam niet kunnen worden beschadigd door de vervoerde voorwerpen. Zorg er ook voor dat u bij het reinigen van de ramen de draden niet beschadigt, bijv. met ringen. Als ze beschadigd raken zal de radio-ontvangst achteruit gaan.

Cassettes

Bewaar cassettes altijd in hun doosje of in het speciale Volvo-cassettevak, dat als Volvo-accessoire verkrijgbaar is.

Raak het bandoppervlak niet aan. Cassettes nooit blootstellen aan direct zonlicht of extreme temperaturen.

Vermijd contact van cassettes met olie, vet of andere verontreinigingen.

Het gebruik van C-120-cassettes wordt afgeraden. Voordat u de cassette gebruikt, eventuele speling van een te los opgewonden band opheffen door de band met een pen of potlood strak te trekken.

Reinigingscassette

Voor het reinigen van de weergavekoppen bevelen wij de Volvo-reinigingscassette aan. Deze is verkrijgbaar als origineel Volvo-accessoire. Regelmatig gebruik van de reinigingscassette verbetert de weergave, reinigt de vitale onderdelen en voorkomt vastlopen van de band.

Technische specificaties

CR-906

Het audiosysteem CR-906 van Volvo is een microprocessorgestuurde radio met PLL (Phase Lock Loop), ontworpen voor het Radio Data Systeem (RDS). De radio is uitgerust met een interne 4 x 20 W versterker voor de portierluidsprekers. De dashboardluidsprekers zijn via een interne filter aangesloten op de versterker van de voorportierluidsprekers.

Opmerking: Gebruik alleen de hoge-tonenluidsprekers van Volvo voor het dashboard.

Radio

Uitgangsvermogen:4 x 20 W (10 % vervorming)
Uitgangsimpedantie:4 Ohm
Spanning:12 V, negatieve massa
Zekering:10 A
Frequentiebereik:U (FM) 87,5 - 108 MHzM (MG) 522 - 1611 kHzL (LG) 153 - 281 kHz

Gevoeligheid:

U (FM) 1.5 μV

M (MG) 6.5 μV

L (LG) 30.0 μV

Cassettedeck

Bandsnelheid:4,76 cm/sec
Pinch-off:
Kanaalscheiding:40 dB
Frequentiebereik:30 - 15.0000 Hz
S/R-verboudinng (120μs):50 dB
Wow en flutter:<0.08%

Alarm

"Alarm" wordt afgebeeld wanneer een Alarm-bericht wordt uitgezonden. Deze functie maakt de bestuurders attent op ernstige ongevallen of rampen, zoals een ongeval in een kerncentrale, een neergestorte brug e.d.

Dolby ruisonderdrukking geproduceerd onder licentie van Dolby Laboratories Licensing Corporation. Dolby en het dubbel D symbool zijn handelsmerken van Dolby Laboratories Licensing Corporation.

Technische specificaties

SC-802

Uitgangsvermogen:4 x 25 W (10 % verv.)
Impedantie:4 ohm
Systeemspanning:12 V, negatieve massa

Radio

Volvo's SC-802 cassetteradio is een microprocessorgestuurde radio met PLL (Phase Lock Loop), ontworpen voor het Radio Data System (RDS). De radio is uitgerust met een interne 4 x 25 W versterker voor de portierluidsprekers. De dashboardluidsprekers zijn via een interne filter aangesloten op de versterker van de voorportierluidsprekers. Opmerking: gebruik alleen de hoge-tonenluidsprekers van Volvo voor het dashboard.

"Alarm" wordt afgebeeld wanneer een Alarm-bericht wordt uitgezonden. Deze functie maakt de bestuurders attent op ernstige ongevallen of rampen, zoals een ongeval in een kerncentrale, een neergestorte brug e.d.

Dolby ruisonderdrukking geproduceerd onder licentie van Dolby Laboratories Licensing Corporation. Dolby en het dubbel D symbool zijn handelsmerken van Dolby Laboratories Licensing Corporation.

Technische specificaties

SC-805

Uitgangsvermogen: 4 x 20 W (10 % verv.)

Uitgangsimpedantie: 4 Ohm

Systeemspanning: 12 V, negatieve massa

Radio

Volvo's SC-805 cassetteradio is een microprocessorgestuurde radio met PLL (Phase Lock Loop), ontworpen voor het Radio Data System (RDS). De radio is uitgerust met een interne 4 x 20 W versterker voor de portierluidsprekers. De dashboardluidsprekers zijn via een interne filter aangesloten op de versterker van de voorportierluidsprekers. Opmerking: gebruik alleen de hoge-tonenluidsprekers van Volvo voor het dashboard.

Frequentiebereik:U (FM)87,5-108 Mhz
M (AM)522-1611 kHz
L (AM)153-281 kHz
Gevoeligheid:U (FM)1,1 iV
M (AM)2,2 iV
L (AM)30,0 iV
Stereoscheiding:35 dB

Cassettedeck

Bandsnelheid4,76 cm/sec.
Kanaalscheiding40 dB
Frequentiebereik30-15000 Hz
S/R (120 IV)50 dB
Wow en flutter< 0,07 %
Pinch-off

Alarm

"Alarm" wordt afgebeeld wanneer een Alarm-bericht wordt uitgezonden. Deze functie maakt de bestuurders attent op ernstige ongevallen of rampen, zoals een ongeval in een kerncentrale, een neergestorte brug e.d.

Dolby ruisonderdrukking geproduceerd onder licentie van Dolby Laboratories Licensing Corporation. Dolby en het dubbel D symbool ☒ zijn handelsmerken van Dolby Laboratories Licensing Corporation.

Technische specificaties

SC-900

Uitgangsvermogen: 1 x 25 W (centrale luidspreker)

Uitgangsimpedantie: 4 Ohm

Systeemspanning: 12 V, negatieve massa

Radio

Volvo's SC-900 stereosysteem bestaat uit een microprocessorgestuurde radio met PLL (Phase Lock Loop), ontworpen voor het Radio Data System (RDS). De SC-900 moet verbonden worden met een aparte versterker.

Frequentiebereik:U (FM)87,5 - 108 MHz
M (AM)522 - 1611 kHz
L (AM)153 - 281 kHz
Gevocligheid:U (FM)1,1 μV
M (AM)2,2 μV
L (AM)30,0 μV
Stereoscheiding:35 dB

Cassettedeck

Bandsnelheid: 4,76 cm/sec.

Kanaalscheiding: 40 dB

Frequentiebereik: 30 - 15 000 Hz

S/R (120 μV): 50 dB

Wow en flutter: <0,07 %

Pinch-off

Alarm

De vermelding 'Alarm' verschijnt op de display als er een alarmbericht wordt uitgezonden. Deze functie dient ervoor om bestuurders op een ernstig ongeval of een ernstige ramp te attenderen, zoals een ingestorte brug of een ongeval met een kerncentrale.

Dolby Prologic is een handelsmerk van de Dolby Laboratories Licensing Corporation. Het Dolby Prologic Surround System wordt vervaardigd in licentie van de Dolby Laboratories Licensing Corporation.

Alfabetische trefwoordenlijst

Aandrijfriem8:8
Aanhanger, rijden met3:14
Aanslepen3:10
ABS-systeem1:5
Accu7:3, 7:14
Achterasolie8:4
Achterbank, op-/neerklappen2:18
Achterklep2:3, 2:16
Achterlicht, gloeilamp vervangen5:12
Achterruit, elektrische verwarming1:9
Achterruitwisser/-sproeier, gebruik wisserblad vervangen1:97:12
Achteruitkijkspiegels2:10
Achteruitrijllichten, gloeilampen vervangen5:12
Achteruitvergrendeling3:5
Achterruitwisser vervangen7:11
Aftapkraan koelvloeistof7:10
Aftapplug motorolie7:6
Afwateringsgaten6:6
Airbag(SRS-systeem)2:22-2:27
Airconditioning1:16
Als er iets gebeurt5:1
Anti-vries7:10
Anti-verblindingshendel1:6
Asbakjes1:11
Auto omhoogbrengen7:3
Automatisch wassen6:7
Automatische versnellingsbak, rijden met3:6-3:8
Motorolie controleren/verversen7:6-7:7
Bagageafdekking2:35
Bagage, imperiaal3:16
Bagageruimte2:14
Bagageruimteverlichting, gloeilamp vervangen2:145:16
Banden4:1
Bandenslijtage4:2
Bandenspanning4:3
Bedrijfsstoringen5:2
Bekleding reinigen6:8
Bestuurdersstoel2:9
Binnenspiegel2:10
Binnenverlichting, gebruik gloeilamp vervangen2:135:17
Blaasmonden1:13
Blokkeerinrichting, keuzehendel3:7
Bougies8:7
Brandstof (loodvrij) tanken3:2
Brandstof, zuinig zijn met3:3
Brandstofmeter1:2
Brandstofspecificaties8:4
Brandstofsysteem8:4
Brandstofverbruik en kooldioxide (CO2) -uitstoot9:4
Brandstofverdampingssysteem9:3
Brandstofverdampingssysteem (EVAP)9:3
Buitenspiegels2:10
Caravan, rijden met3:14-3:15
Carrosserie-onderhoud6:1
Carrosseriesmering7:9
Carterventilatie9:3
Centrale vergrendeling2:2-2:4
Chassisnummer8:2
Controlelampjes1:3
Dagteller1:2
Defroster1:14
Draaicirkel8:3
Dynamo8:6
Elektrisch bediende raammechanismen1:12
Elektronische startonderbreker2:2
Elektrisch verstelbare voorstoel2:9
Elektrisch verwarmde achterruit1:9
Elektrisch verwarmde stoelen1:11
Elektrische installatie, gegevens8:6
Expansietank koelsysteem7:10
Garagekrik7:3
Garantie7:2
Garantie-inspectie7:2
Gegevens, technische8:1
Gereedschap2:14-2:17
Gewichten8:3
Gloeilampen, overzicht8:6
vervangen5:10
Grootlichtsignaal, knipperen1:6
Handrem1:11
Hocklicht, gloeilamp vervangen5:11
Hoogteverstelling voorstoelen2:8
Houder voor parkeerbiljetten2:12
Hulpstartaccu3:11
Identificatie, type-plaatjes8:2
Imperiaal3:16
In de was zetten6:7
Inhoudsgegevens8:3
Inrijden3:2
Installatie van accessoires7:13
Instrumenten1:2
Instrumenten en bediening1:1
Instrumentenpaneel1:2
Instrumentenverlichting1:8
Interieuronderdelen2:1
Intervalstand ruitewissers1:7
achterruitwisser1:9
Katalysator3:3, 9:2
Kentekenplaatverlichting,gloeilamp vervangen5:15
Keuzehendel automaat3:7
Kick-down3:8
Kilometerteller1:2
Kinderen, veiligheid2:28-2:32
Kinderen in de auto2:28-2:32
Kinderveiligheidssloten2:3
Kinderzitje2:26
Klepspeling8:7
Klokje1:2
Knipperlichten, gebruik1:6
gloeilamp vervangen5:11
Koelsysteem7:10
Koelvloeistof7:10
Koelvloeistofpeil controleren7:10
Koelvloeistofpeil1:5
Kofferdeksel2:3
Kogeldruk, rijden met caravan3:15
Koplampen, gloeilamp vervangen5:10
schakelaar1:6
Koplampwissers/-sproeiers, gebruik1:7
wisserblad vervangen7:12
Krik2:14, 2:17
Kriksteunen7:3
Laadruimte 5-deurs model8:3
Laden8:3
Ladingnet2:34
Lading verankeren2:19
Lakkleurcode6:4
Lak bijwerken6:4-6:5
Lambda-sonde9:2
Lampen, gegevens8:6
vervangen5:10
Lange lading2:15
Lange reizen, voorzorgsmaatregelen3:16
Leeslampjes, gebruik2:11
gloeilamp vervangen5:17
Lekke band5:8
Lendesteun voorstoelen2:8
Lengteverstelling voorstoelen2:8
Lichtbediening1:6
Lichtsignaal1:6
Lokaliseren van storingen5:2-5:3
Luchtpompsysteem9:4
Maten en gewichten8:3
Matten reinigen6:8
Maximumbelasting8:3
Mistachterlamp(en), gebruik1:8
Mistlampen1:8
Moeilijke weersomstandigheden1:15
Motor, gegevens8:7
olie verversen7:6
oliepeil controleren7:6
Motor met elektronische startonderbreker starten3:4
Motorkap openen7:4
Motorkapsluiting7:4
Motornummer8:2
Motorolie, controleren/verversen7:6-7:7
Motorruimte7:5
Nummerplaatje sleutels2:2
Octaangetal8:4
Olie verversen motor7:6
Oliedruk1:3
Oliefilter7:6
Oliën en vlocistoffen8:4
Oliepeil controleren,motor7:6
Oliepeilstok,motor7:6
Om aan te denken3:9
Omhoogbrengen auto7:3
Onbalans in wielen4:2
Onderhoud7:1
Ontstekingssysteem8:7
Onderstelbehandeling6:3
Opbergplaatsen2:12-2:13
Opkrikken auto7:3
Overbrengingsverhouding, achterasversnellingsbak8:58:5
Parkeerlichten, gebruik1:6
gloeilamp vervangen5:11
Parkeerrem1:11
Peilstok motorolie7:6
Plafondverlichting,gloeilamp vervangen5:17
Poetsen6:7
Portier waarschuwingslamp,gloeilamp vervangen2:35:14
Portieren2:2-2:3
Portierschakelaar2:11
Raammechanismen, elektrisch bediend1:12
Reinigen6:6
Remlicht, gloeilamp vervangen5:13
Remmen3:12
Remvloeistof7:8
Reservewiel, beschrijving gebruik2:174:4
Richtingaanwijzers, gebruik gloeilamp vervangen1:65:11
Rijden met aanhanger/caravan imperiaal3:14-3:153:16
Rij-eigenschappen3:9
Rij-instructies3:1
Roestwerende behandeling6:2-6:3
Rolgordels2:20-2:21
Rugleuning verstellen2:8-2:9
Ruitewisserblad vervangen7:12
Ruitewissers/-sproeiers1:7
Ruitesproeiers afstellen7:11
Samenstelling uitlaatgassen9:2
Schakelen, autom. versn. bak handschakeling3:6-3:73:5
Schuifdak1:20
Sigareaansteker1:11
SIPS airbag (zijdelingse airbags)2:22-2:27
Sleepogen3:10
Sleutels2:2
Sloten2:2-2:3
Slijtageprofiel4:2
Smeermiddelen8:4
Smering carrosserie7:9
Sneeuwkettingen4:2
Snelheidsmeter1:2
Speciale velgen4:2
Specificaties8:1
Spiegels2:10
Spijkerbanden4:2
Sproeikoppen afstellen7:11
Sproeivloeistofreservoir7:11
Starten met hulpstartaccu/kabels3:11
Starten motor3:4
Startsleutel1:7
Steeslag plekken6:4
Stoelen3:4
Stuurbekrachtigingsvloeistof2:8
Stuureigenschappen3:8-3:9
Stuurinrichting, gegevens8:6
Stuurslot1:7
Tankdop3:2
Temperatuurmeter1:2
Toerenteller1:2
Transmissie, gegevens8:5
Trekhaak3:14-3:16
Type-aanduidingen8:2
Veiligheidsgordels2:20-2:21, 2:23
Veiligheidsvergrendeling,achterklep2:3
Verlichting, gebruik1:6
Versnellingsbak handgeschakeld,standen3:5
Versnellingsbak, gegevens8:5
Versnellingsbakolie8:4
Versnellingshendel handschakeling3:5
Verwarming en ventilatie1:13-1:19
Vlekken verwijderen6:8
Voetrem3:12-3:13
Voorstoelen2:8-2:9
Voorwieluitlijning8:5
Waarschuwingsknipperlichten,
gebruik1:9
gloeilamp vervangen5:11
Waarschuwingslamp portier,gloeilamp vervangen5:14
Waarschuwingslampjes1:4-1:5
Waarschuwingsprofielbandenslijtage4:2
Wassen6:6-6:8
Wiel verwisselen5:8
Wielbalans4:2
Winterbanden4:2
Wintertijd, voorzorgsmaatregelen3:13
Wisselstroomdynamo8:6
Wisserblad vervangen7:12
Zekering vervangen5:4-5:7
Zijknipperlicht,gloeilamp vervangen5:14
Zitting verwijderen2:19
Zittingen2:8-2:9
Zuivering uitlaatgassen9:2
Zuinig rijden3:3

Reinigings- en oplosmiddelen

Gebruik als reinigings- of oplosmiddel geen benzine die lood of benzeen bevat. Lood of benzeen kunnen in bepaalde gevallen hoofdpijn, een gevoel van onwelzijn, e.d. veroorzaken. Bij hoge concentraties kunnen deze stoffen ook de bloedvormende organen van het lichaam beschadigen.

Installatie van accessoires

Het verkeerd aansluiten of installeren van accessoires, zoals autotelefoons b.v., kan storingen in de elektronische installaties van de auto veroorzaken.

Necm, voordat u accessoires installeert, eerst contact met uw Volvo-dealer op voor adviezen over de juiste manier van installeren. Denk eraan, dat het gebruik van draagbare mobilofoons in de auto ook invloed op de elektronika van de auto kan hebben.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : VOLVO

Model : S90 (1998)

Categorie : Auto