GEBRUIKSAANWIJZING ART 23 COMBITRIM BOSCH
Veiligheidsvoorschriften
Let op! Lees de volgende voorschriften zorgvuldig. Maak uzelf vertrouwd met de bedieningselementen en het juiste gebruik van de gazontrimmer. Bewaar de gebruiksaanwijzing goed voor later gebruik.
Verklaring van de symbolen op de gazontrimmer

Algemene waarschuwing.

Lees de gebruiksaanwijzing.

Draag een veiligheidsbril.

Voorkom dat personen in de buurt gewond raken door weggeslingerde voorwerpen.
Houd personen in de buurt op een veilige afstand tot de machine.

Schakel de gazontrimmer uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u de trimmer instelt of schoonmaakt, wanneer de kabel vast komt te zitten of wanneer u de trimmer (ook voor korte tijd) onbeheerd laat. Houd de stroomkabel uit de buurt van de messen.

Trim geen gazon wanneer het regent. Laat de gazontrimmer niet in de regen staan.
Gebruik de gazontrimmer nooit met beschadigde afschermingen of veiligheidsvoorzieningen en evenmin wanneer deze verwijderd zijn. Controleer voor het gebruik de stroomvoorzienings- of verlengkabel op tekenen van beschadiging of slijtage. Wanneer de kabel tijdens het gebruik beschadigd raakt, moet u de stekker onmiddellijk uit het stopcontact trekken. RAAK DE KABEL NIET AAN VOORDAT DE STEKKER UIT HET STOPCONTACT IS GETROKKEN. Gebruik de gazontrimmer niet wanneer de kabel beschadigd of versleten is. Controleer de machine voor het gebruik en na een schok of slag op slijtage en beschadigingen en repareer indien nodig.
- Gebruik de gazontrimmer niet op blote voeten of met sandalen. Draag altijd stevige schoenen en een lange broek. Houd de verlengkabel uit de buurt van snijdende onderdelen. Laat kinderen of personen die deze voorschriften niet gelezen hebben de gazontrimmer nooit gebruiken. In uw land gelden eventuele voorschriften ten aanzien van de leeftijd van de bediener. Bewaar de gazontrimmer wanneer deze niet wordt gebruikt buiten bereik van kinderen.
- Trim nooit gazon in de buurt van personen, in het bijzonder kinderen, of huisdieren. De bediener of gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen of verwondingen van anderen of schade aan hun eigendom. Wacht tot de ronddraaiende draad volledig tot stilstand gekomen is voordat u deze aanraakt. De draad draait na het uitschakelen van de motor nog en kan verwondingen veroorzaken. Trim alleen gazon bij daglicht of goed kunstlicht.
- Gebruik de gazontrimmer bij voorkeur niet wanneer het gras nat is. Schakel de gazontrimmer uit wanneer u deze verplaatst van of naar het te bewerken oppervlak. Houd voor het inschakelen handen en voeten uit de buurt van de ronddraaiende draad. Breng handen en voeten niet in de buurt van de ronddraaiende draad.
- Gebruik nooit snijdraden van metaal met deze trimmer. Laat de gazontrimmer regelmatig nazien en onderhouden. Laat de gazontrimmer alleen door een erkende servicewerkplaats repareren.
- Controleer altijd dat de ventilatieopeningen vrij van gasresten zijn. Wees voorzichtig voor verwondingen door het snijmes voor het inkorten van de draadlengte. Wanneer de draad is toegevoerd en voor het inschakelen van de trimmer, breng hem altijd in zijn normale werkstand. Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact:
- altijd wanneer u het gereedschap onbeheerd laat
- voor het vervangen van de draadspoel
- wanneer de kabel in de war geraakt is
- voor het reinigen of wanneer er aan de gazontrimmer wordt gewerkt. Bewaar de machine op een veilige en droge plaats, buiten bereik van kinderen. Plaats geen andere voorwerpen op de machine. ■ Vervang versleten of beschadigde delen veiligheidshalve. Verzeker u ervan dat de vervangingsonderdelen van Bosch afkomstig zijn.
Technische gegevens
| Gazontrimmer | ART 23 COMBITRIM/ ART 2300 COMBITRIM | ART 26 COMBITRIM/ ART 2600 COMBITRIM | ART 30 COMBITRIM/ ART 3000 COMBITRIM |
| Bestelnummer | | 3 600 H78 B.. | 3 600 H78 C.. | 3 600 H78 D.. |
| Opgenomen vermogen | [W] | 400 | 450 | 500 |
| Onbelast toerental | [mi n-1] | 12 500 | 11 500 | 10 500 |
| Draadtoevoer | | Pro-aantipautomaat | Pro-aantipautomaat | Pro-aantipautomaat |
| Greep versteltaar | | ● | ● | ● |
| Hoekinstelling trimmerkop/instelling voor het knippen van randen | | ● | ● | ● |
| Snijdraad | [mm] | Ø 1,6 | Ø 1,6 | Ø 1,6 |
| Snijdiameter | [cm] | 23 | 26 | 30 |
| Capaciteit van de draadspoel | [m] | 8 | 8 | 8 |
| Extra sterke snijdraad | [mm] | Ø 2,4 | Ø 2,4 | Ø 2,4 |
| Gewicht (zonder extra toebehoren) | [kg] | 2,7 | 3,0 | 3,2 |
| Veiligheidsklasse | | ☐ / II | ☐ / II | ☐ / II |
| Seriennummer | Zie serialummer 16 (typeplaatje) op de machine. |
Gebruik volgens bestemming
Het gereedschap is bestemd voor het knippen van gras en onkruid onder struiken en op hellingen en randen die niet met de grasmaaier bereikt kunnen worden.
Het gebruik volgens bestemming heeft betrekking op een omgevingstemperatuur tussen 0 en 40°C
Inleiding
Dit handboek bevat voorschriften over de juiste montage en het veilig gebruik van uw gereedschap. Het is belangrijk dat u deze voorschriften zorgvuldig leest.
Meegeleverd
Neem de gazontrimmer voorzichtig uit de verpakking. Controleer of de volgende delen compleet zijn:
- Trimmer
- Beschermkap
- Verstelbare greep (gemonteerd)
- Wielen (alleen ART 30/3000 COMBITRIM)
- Boombeschermbeugel
(alleen ART 30/3000 COMBITRIM)
Extra sterke snijdraad - Gebruiksaanwijzing
Neem contact op met uw leverancier wanneer onderdelen ontbreken of beschadigd zijn.
Bestanddelen van de machine
1 Aan/uitschakelaar 2 Greep 3 Greepschroef 4 Verstelbare greep 5 Klemhuls 6 Buis 7 Trimmerkop 8 Ventilatieopeningen 9 Boombeschermbeugel (alleen ART 30/3000 COMBITRIM)
10 Beschermkap 11 Wielen (alleen ART 30/3000 COMBITRIM) 12 Voetpedaal voor hoekinstelling trimmerkop 13 Extra sterke snijdraad 14 Spoel met extra sterke snijdraad 15 Netstekker** 16 Serienummer
**verschilt per land
In de gebruiksaanwijzing afgebeeld en beschreven toebehoren worden niet altijd standaard meegeleverd.
Let op! Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u de machine instelt of reinigt en wanneer de kabel doorgesneden of beschadigd is of in de war is geraakt.
Na het uitschakelen van de gazontrimmer draait de snijdraad nog enkele seconden verder.
Voorzichtig! Raak de ronddraaiende snijdraad niet aan.
Uw machine is voor extra veiligheid geïsoleerd en heeft geen aarding nodig. De bedrijfspanning bedraagt 230 V AC, 50 Hz (voor Niet-EU-landen 220 V of 240 V, afhankelijk van de uitvoering). Gebruik alleen goedgekeurde verlengkabels. Informatie krijgt u bij uw Bosch klantenservice.
Voor nog meer veiligheid wordt het gebruik van een foutstroomschakelaar (reststroomapparaat) met een afschakelstroom van maximaal 30 mA geadviseerd. De foutstroomschakelaar moet voor elk gebruik worden gecontroleerd.
LET OP: voor uw veiligheid is het noodzakelijk dat de aan de machine aangebrachte stekker 15 met de verlengkabel 17 verbonden worden.
De stekker van de verlengkabel moet tegen spatwater bestemd zijn en uit rubber bestaan of met rubber bekleed zijn.
De verlengkabel moet met een trekontlasting worden gebruikt.
De aansluitkabel moet regelmatig op beschadigingen worden gecontroleerd en mag alleen in een goede toestand worden gebruikt.
Wanneer de aansluitkabel beschadigd is, mag deze alleen door een erkende Bosch-werkplaats worden gerepareerd.
Er mogen alleen verlengkabels van het type H05VV-F of H05RN-F worden gebruikt.
Montage

Sluit het gereedschap nooit aan op het stopcontact voordat het volledig gemonteerd is.
A Montage van de beschermkap
Plaats de beschermkap 10 op de trimmerkop 7.
Haak de beschermkap vast aan de trimmerkop en duw deze naar achteren. Druk de beschermkap omlaag tot deze stevig vastklikt.
Wielen monteren
(alleen ART 30/3000 COMBITRIM)
31 Zet de wielen 11 op de geleidingsstang 6. B2 Monteer de schroef 19 en de vleugelmoer 18.
Opmerking: De stand van de wielen kan worden veranderd door de vleugelmoer 18 los te draaien en naar de gewenste plaats te schuiven.
E3 De wielen kunnen omhoog en omlaag langs de geleidingsstang 6 worden verschoven en op de gewenste kniphoogte worden ingesteld.
Installatie
Gebruik van de beweegbare greep
De beweegbare greep 4 kan in verschillende standen worden gezet:
1 Als u de stand wilt veranderen, draait u de greepschroef 3 los en verstelt u de beweegbare greep 4. Draai de greepschroef 3 vast om de beweegbare greep 4 in de ingestelde stand vast te zetten.
Draai de klemhuls 5 een kwartslag. 2 Als u de geleidingsstang wilt verlengen, trekt u deze naar buiten. Als u de stang wilt verkorten, schuift u deze naar binnen. Draai de klemhuls 5 weer vast.
E Hoek van de trimmerkop instellen:
Als u de kniphoek wilt veranderen, drukt u het voetpedaal 12 in en draait u de geleidingsstang 6 in de gewenste stand.
Laat het voetpedaal 12 los.
Instelling voor het knippen van randen
F Wielen verschuiven (voor zover gemonteerd): Draai de vleugelmoer 18 los. Draai de wielen 11 een kwartslag zoals getoond. 3 Draai de vleugelmoer 18 vast.
Hoek van de trimmerkop instellen:
Druk het voetpedaal 12 in. 2 Breng de geleidingsstang 6 in de onderste stand. Laat het voetpedaal 12 weer los.
H Trimmerkop verschuiven:
Draai de klemhuls 5 los. Draai de geleidingsstang 6 een kwartslag om de trimmerkop 7 zoals getoond in te stellen voor het knippen resp. het knippen van randen. Draai de klemhuls 5 weer vast.
Knippen en trimmen van randen

Verwijder stenen, losse stukken hout en andere voorwerpen van het te knippen oppervlak.
Na het uitschakelen van de gazontrimmer draait de snijdraad nog enkele seconden verder. Wacht tot de motor en de snijdraad stilstaan voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt.
Schakel het gereedschap niet kort achtereen uit en weer in.
In- en uitschakelen
Druk de schakelaar 1 in en houd deze vast. Laat de schakelaar 1 los om het gereedschap uit te schakelen.

Gras knippen
Verplaats de gazontrimmer naar links en naar rechts en houd deze steeds op voldoende afstand tot het lichaam.
De gazontrimmer kan gras tot een hoogte van 15 cm efficiënt knippen. Knip hoger gras in verschillende stappen.
Als u lang gras knipt, dient u eerst de wielen te verwijdenen (alleen ART 30/3000 COMBITRIM).
Zeer lang gras of onkruid knippen
Het apparaat is voorzien van een extra sterke snijdraad. De montage wordt beschreven in het gedeelte „Onderhoud van de spoel".
Bij zeer lange en sterke planten verhoogt de extra sterke snijdraad de arbeidscapaciteit en levert deze betere resultaten.

Randen trimmen
Geleid de gazontrimmer langs de gazonranden. Voorkom contact met vaste oppervlakken of muren om snel slijten van de draad te voorkomen.
Gebruik voor een betere besturing de boombeschermbeugel 9 als geleidingshulp (alleen ART 30/3000 COMBITRIM - als toebehoren verkrijgbaar voor ART 23/26/2300/2600 COMBITRIM).

Knippen rond bomen en struiken
Knip voorzichtig rond bomen en struiken zodat u zich niet in contact met de draadkommen.
Planten kunnen afsterven wanneer de schors beschadigd worden.
Gebruik voor een betere besturing de verstelbare greep en de boombeschermbeugel 9 (alleen ART 30/3000 COMBITRIM - als toebehoren verkrijgbaar voor ART 23/26/2300/2600 COMBITRIM).
Draad toevoeren
De ronddraaiende draad kan versleten raken of breken. Dat merkt u doordat de motor zonder last draait en het gras niet geknipt worden.
Duw de lopende gazontrimmer tegen de grond of een vast oppervlak en laat deze weer los (vereiste aandrukkracht ca. 3 kg). Daardoor geeft de activator 20 de snijdraad vrij. De draadspoel voert bij elke bediening ca. 4 cm draad toe.
Wanneer de draad volledig gebroken is, tweemaal drukken om de volle snijdiameter te krijgen.
Wanneer de draad de maximale snijdiameter overschrijdt, worden deze door het in de beschermkap 10 geïntegreerde mes 24 afgesneden.
Onderhoud

Opmerking: Voer de volgende onderhoudswerkzaamheden regelmatig uit zodat u verzekerd bent van een lang en probleemloos gebruik.
Controleer het apparaat regelmatig op zichtbare gebreken zoals een losse bevestiging en versleten of beschadigde onderdelen.
Controleer of afschermingen en veiligheidsvoorzieningen niet beschadigd zijn en juist zijn aangebracht. Voer voor het gebruik eventueel noodzakelijke onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit.
Wanneer de gazontrimmer ondanks zorgvuldige productie- en testprocedures toch defect raakt, moet de reparatie door een erkende klantenservice voor Bosch elektrische gereedschappen worden uitgevoerd.
Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het bestelnummer van 10 cijfers van de machine.
Onderhoud van de spoel

Trek altijd eerst de stekker uit het stopcontact voor werkzaamheden aan de machine.
Draadspoel vervangen
Houd de spoelplaat 23 vast.
Draai de spoelafscherming 21 tegen de wijzers van de klok in en verwijder deze.
Neem de lege spoel 25 uit de spoelafscherming.
Steek de draad van de nieuwe of gevulde spoel door het gat 22 en leg de spoel in de spoelafscherming 21.
Trek ongeveer 9 cm draad uit de spoel.
Plaats de spoel met de spoelafscherming 21 juist op de spoelplaat (bajonetsluiting), druk de spoel vast en draai deze vervolgens naar rechts tot aan de aanslag.
Houd de spoelplaat 23 vast.
Draai de spoelafscherming 21 tegen de wijzers van de klok in en verwijder deze.
Plaats de extra sterke snijdraad 14 in de juiste positie op de spoel (bajonetsluiting), druk de spoel omlaag en draai met de wijzers van de klok mee tot deze vastklikt.
Als de extra sterke snijdraad breekt, verwijdert u de spoel zoals hierboven beschreven en plaatst u de vervangingsnijdraad 13 zoals weergegeven in de spoel.
Een reserve van extra sterke snijdraden kan op het apparaat worden bewaard, zoals op de hoofdafbeelding weergegeven.

Draad bijvullen
Verwijder de spoel 25 zoals hierboven beschreven.
Druk de vasthoudring 27 samen, duw de ring naar voren en verwijder deze over de kleine diameter van de spoel.
Snijd ongeveer 8 m draad van de bijvulrol. Duw een uiteinde in de inkeping van de spoel zodat dit ongeveer 4 mm uitsteekt.
Wikkel de draad netjes, strak, in lagen en in de richting van de pijl op.
Steek het uiteinde van de draad van binnen door de sleuf 26 in de vasthoudring 27.
Houd de draad strak en schuif de vasthoudring 27 over de kleine diameter van de spoel.
Breng de spoel aan zoals hierboven beschreven.
Opmerking: Gebruik alleen Bosch-vervangingsnijdraad. Dit speciaal ontwikkelde product bezit verbeterde snij- en toevoereigenschappen. Een andere snijdraad leidt tot een slechter werkresultaat.
Na het trimmen. Machine opbergen

Trek altijd eerst de stekker uit het stopcontact voor werkzaamheden aan de machine.
Maak de buitenkant van de gazontrimmer grondig schoon met een zachte borstel en een doek. Gebruik geen water en geen oplos- of polijstmiddelen. Verwijder al het vastzittende gras en deeltjes, in het bijzonder van de ventilatieopeningen 8.
Leg de machine op de zijkant en reinig de beschermkap 10 van binnen. Verwijder vastgekoekt gras met een stuk hout of plastic.
Hang de kabel op aan de geïntegreerde kabelhaak. Wikkel de aansluit- en verlengkabel NIET samen om de kabelhaak en de beschermkap. Als de kabel het snijmes aanraakt, kan het beschadigd worden. Hang de kabel ALLEEN op aan de geïntegreerde kabelhaak.
Problemen oplossen
De volgende tabel geeft een overzicht van storingsverschijnselen en geeft aan hoe u problemen kunt oplossen wanneer uw machine niet goed werkt. Neem contact op met uw servicewerkplaats wanneer u het probleem niet zelf kunt verhelpen.
Let op: Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u op zoek gaat naar de fout.
| Symptom | Mogelijk oorzaak | Oplossing |
| Gazontrimmer loopt Niet | Netspanning ontbreektStopcontact defectVerlengkabel beschadigdZekering doorgeslagen | Controleren en inschakelenGebruik een ander stopcontactController de kabel en verrang deze indien nodigZekering verrangen |
| Gazontrimmer loopt met onderbrekingen | Verlengkabel beschadigdInterne bekabeling van de machine defect | Controller de kabel en verrang deze indien nodig Neem contact op met de klantenserviceNeem contact op met de klantenservice |
| Machine overbelast | Gras te hoog | Knip het gras in stappen |
| Machine knipt Niet | Draad te kort of gebroken | Voer de draad handmatig of automatisch toe |
| Snijdraad worden Niet toegevoerd | Spoel leegDraad in de spoel verkeerd gewikkeld | Controller de spoelOpnieuw wikkelen indien nodig |
| Snijdraad breekt nog steeds | Draad in de spoel verkeerd gewikkeldDe trimmer worden nicht correct gezruikt. | Opnieuw wikkenen indien nodigSnij alleen met de punt van de snij-draad en voorkoming aanraking van stenen, muren en andere vaste voor-werpen. Voer de snijdraad regelmatig toe om de volledige snijbreede te ver-krijgen. |
Afvalverwijdering
Elektrische gereedschappen, toebehoren en verpakkingen moeten op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Alleen voor landen van de EU:

Gooi elektrische gereedschappen niet bij het huisvuil.
Volgens de Europese richtlijn
2002/96/EG over elektrische en elektronische oude apparaten en de omzetting van de richtlijn in nationaal
recht moeten niet meer bruikbare elektrische gereedschappen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Klantenservice
Nederland
+31(0)76/5795454
Fax +31(0)76/5795494
E-Mail: gereedschappen@nl.bosch.com
België
+32(0)70/225565
Fax +32 (0)70 / 22 55 75
E-Mail: outillage.gereedschap@be.bosch.com
Meetwaarden vastgesteld volgens 2000/14/EG (1,60 m hoogte, 1,0 m afstand) en EN 28 662.
Het A-gewaardeerde geluidsdrukniveau van de machine bedraagt kenmerkend: geluidsdrukniveau 84 dB (A); geluidsvermogenniveau 95 dB (A).
Kenmerkend is dat de trillingen van hand en arm geringer zijn dan 2,5 m/s².
Wij verklaren op eigen verantwoordelijkheid dat dit product voldoet aan de volgende normen en normatieve documenten: EN 786, EN 60 335 volgens de bepalingen van de richtlijnen 89/336/EEG, 98/37/EG, 2000/14/EG.
2000/14/EG: het gegarandeerde geluidsvermogenniveau L_WA is lager dan 96 dB(A). Waarderingsmethode van de conformiteit volgens aanhangsel VI.
Benoemde keuringsinstantie: SRL, Sudbury England
Identificatienummer benoemde keuringsinstantie: 1088
Leinfelden, 01.12.2004.
Dr. Egbert Schneider
Wijzigingen voorbehouden