HBC 450 SV - Koelkast HOOVER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HBC 450 SV HOOVER in PDF-formaat.
| Producttype | Koelkast |
| Merk | Hoover |
| Model | HBC 450 SV |
| Afmetingen (H x B x D) | 185 x 70 x 65 cm |
| Netto gewicht | 70 kg |
| Voeding | 220-240 V, 50 Hz |
| Energieklasse | F |
| Netto totale capaciteit | 350 L |
| Capaciteit vriesvak | 90 L |
| Stroomuitval | 12 u |
| Vriesvermogen | 4 kg/24 u |
| Ontdooitype | Handmatig voor de vriezer, automatisch voor de koelkast |
| Binnenverlichting | LED |
| Legplanken | 4 verstelbare glazen legplanken |
| Groentelade | 1 lade met vochtregeling |
| Water- en ijsdispenser | Nee |
| Geluidsniveau | 42 dB(A) |
| Klimaatklasse | SN-ST (10°C tot 38°C) |
| Omkeerbare deuren | Ja |
| Onderhoud en reiniging | Reinigen met een zachte doek en zeepsop; vriezer handmatig ontdooien |
| Veiligheid | Voldoet aan CE-normen; kinderslot niet beschikbaar |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Onderdelen verkrijgbaar bij de Hoover klantenservice |
| Algemene informatie | Koelkast Hoover HBC 450 SV, gebruiksaanwijzing inbegrepen |
Veelgestelde vragen - HBC 450 SV HOOVER
Gebruikersvragen over HBC 450 SV HOOVER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HBC 450 SV - HOOVER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HBC 450 SV van het merk HOOVER.
GEBRUIKSAANWIJZING HBC 450 SV HOOVER
NL Gebruikers- en onderhoudshandleiding...... p. 134
ABBATTITORE DI TEMPERATURA
Gebruikers- en onderhoudshandleiding
Inhoudsopgave
1. INLEIDING.... 136
1.1 Algemene belangrijke aanwijzingen 136 1.2 Belangrijke aanwijzingen betreffende de veiligheid 136 1.3 Transport en verplaatsing.... 136 1.4 Uitpakken.... 136
2. INSTALLATIE 137
2.1 Gegevens op de typeplaat 137 2.2 Belangrijke aanwijzingen voor de installatie 137 2.3 Plaatsing 138 2.4 Omgevingstemperatuur en luchtverversing 138 2.5 Laatste controles.... 139 2.6 Beveiligingen....139
3. GEBRUIK 139
3.1 Belangrijke aanwijzingen voor de gebruiker 139 3.2 Voorafgaande inwendige reiniging 139 3.3 De kerntemperatuursonde.... 139 3.4 Te gebruiken houders en deksels 140 3.5 Schikking van het voedsel.... 140 3.6 Doelmatigheid van de snelkoel- en diepvriesprogramma's 140 3.7 Bewaren van snelgekoeld of diepgevroren voedsel.... 140 3.8 Programma's.... 141 3.9 Het display en interactie met de gebruiker 142 3.10 Betekenis van de pictogrammen 142 3.11 Inschakeling en uitschakeling.... 143 3.12 Keuze van het programma.... 143
3.12.1 Einde van het programma 143 3.12.2 Voorkoeling 144 3.12.3 Snelkoelen 144 3.12.4 Diepvriezen 145 3.12.5 Afkoeling 145 3.12.6 Dranken 146 3.12.7 Conservering bij 0°C 146 3.12.8 Rauwe vis 146 3.12.9 Ontdooien 147 3.12.10 Klaar om te serveren 147 3.12.11 Langzame bereiding.... 148 3.12.12 Rijzen 149
4. GEWOON ONDERHOUD....150
4.1 Informatie betreffende de veiligheid 150 4.2 Reiniging van de buitenkant.... 150 4.3 Reiniging van de cel.... 150 4.4 Inactiviteit.... 150
5. BUITENGEWOON ONDERHOUD....151
5.1 Problemen in de werking.... 151 5.2 Afvoer als afval van het apparaat.... 151
6. STORINGEN OPSPOREN 152
6.1 Alarmentabel.... 152
1.1 Algemene belangrijke aanwijzingen
Deze handleiding vormt onlosmakelijk onderdeel van het product en bevat informatie over de installatie, het gebruik en de veiligheid van het apparaat. Lees de aanwijzingen in deze handleiding aandachtig door.
De gebruiker en installateur zijn verplicht om deze handleiding aandachtig te lezen en als uitgangspunt te gebruiken.
Geadviseerd wordt om deze handleiding te bewaren op een plaats die bekend is bij, en toegankelijk voor, alle geautoriseerde gebruikers (installateur, eindgebruiker, onderhoudsmonteur), zodat zij op elk gewenst moment kan worden geraadpleegd. Bovendien moet zij met het apparaat worden meegegeven wanneer dit overgaat in andere handen.
Tijdens het transport, verplaatsingen en de installatie moet het apparaat op een vlakke ondergrond worden gezet, het mag niet gedurende langere periodes schuin worden geplaatst.
De fabrikant van dit apparaat verklaart dat het apparaat voldoet aan de geldende normen.
1.2 Belangrijke aanwijzingen betreffende de veiligheid

De gebruiker is als enige verantwoordelijk voor de handelingen die op het apparaat worden verricht zonder inachtneming van de aanwijzingen in deze handleiding.
Het apparaat mag niet worden gebruikt door kinderen, personen met beperkte fysieke, sensoriële of mentale capaciteiten of personen zonder ervaring of de nodige kennis, tenzij zij onder toezicht staan van een volwassene of tutor.
Kinderen mogen niet spelen met het apparaat. Reinigingen en onderhoud die door de gebruiker moeten worden verricht, mogen niet worden uitgevoerd door kinderen tenzij zij onder toezicht staan.
Het elektrische snoer en het stopcontact moeten ook bereikbaar zijn nadat het apparaat is geïnstalleerd. Het snoer mag geen knikken maken of bekneld worden, want dan zou de isolatie aangetast kunnen worden.
Na installatie van het apparaat mogen de luchtopeningen niet afgedekt zijn.
Alle elektrische onderdelen en de delen van het koelcircuit moeten regelmatig worden gecontroleerd, maar uitsluitend door geautoriseerd technisch personeel.
De fabrikant aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid en geen enkele verplichting tot garantie in het geval er schade aan het apparaat, persoonlijke verwondingen of materiële schade ontstaat die te wijten is aan:
- onjuiste installatie en/of gebruik, of installatie/gebruik in strijd met de geldende regelgeving;
- veronachtzaming tijdens de installatie van de normen voor ongevallenpreventie en de geldende wetgeving;
- wijzigingen en/of ingrepen die niet specifiek bedoeld zijn voor het model;
- gebruik van niet-originele vervangingsonderdelen of onderdelen die niet specifiek zijn voor het model;
- gehele of gedeeltelijke veronachtzaming van de aanwijzingen in deze handleiding.
1.3 Transport en verplaatsing
Het laden en lossen van het apparaat op/van het transportmiddel moet gebeuren met geschikte hulpmiddelen, bijvoorbeeld een heftruck. Als er geen geschikt hulpmiddel is, zijn er minstens twee mensen nodig voor het laden en lossen.
Let op! Tijdens de verplaatsing moeten alle nodige voorzorgsmaatregelen worden getroffen om persoonlijke verwonding, materiële schade of schade aan het apparaat te vermijden. Specifieke aanwijzingen staan aangegeven op de verpakking.
1.4 Uitpakken
Open de doos aan de bovenkant door de flappen opzij te klappen om gemakkelijker te kunnen werken, verwijder daarna de bovenste bescherming en de hoekstukken van polystyreen (afb.1). Haal de beschermzak (afb.2) weg en neem ten slotte het apparaat uit de doos door het aan de handgrepen omhoog te tillen (afb.3).
Afb.1 Afb.2 Afb.3
Nadat de verpakking is verwijderd en voordat er andere activiteiten worden begonnen moet worden nagegaan of het apparaat onbeschadigd is. Als er afwijkingen worden vastgesteld mag het apparaat niet worden ingeschakeld en moet contact worden opgenomen met de verkoper.
De verpakkingsmaterialen moeten worden afgevoerd als afval volgens de normen die van kracht zijn in het land waar het apparaat wordt gebruikt en mogen beslist niet worden achtergelaten in het milieu.
Draag bij het optillen van het apparaat beschermende handschoenen en gebruik een geschikt hulpmiddel. Zet het apparaat op de beoogde plek.
Verwijder eventuele beschermfolie en elimineer lijmresten met een zachte doek en een neutraal product. Gebruik geen schuursponzen of sponzen die de oppervlakken onherstelbaar kunnen krassen.
Let op! De verpakkingsmaterialen kunnen een mogelijk gevaar vormen voor kinderen en dieren.
2. INSTALLATIE
2.1 Gegevens op de typeplaat
De kenmerken van het apparaat staan vermeld op het typelabel op de zijkant van het apparaat zelf (afb. 4).

Afb. 4 – Typelabel van het apparaat
Opmerking: het typelabel mag niet verwijderd, veranderd, beschadigd of gewijzigd worden.
2.2 Belangrijke aanwijzingen voor de installatie
Het apparaat mag uitsluitend worden geïnstalleerd door geautoriseerd, gespecialiseerd personeel, met inachtneming van de aanwijzingen, instructies en voorschriften die in dit document staan.
Voordat het apparaat wordt geïnstalleerd moet worden verzekerd dat de bestaande elektrische installaties voldoen aan de wettelijke voorschriften en geschikt zijn voor de nominale gegevens van het te installeren apparaat (spanning [V], frequentie [Hz] en vermogen [W]).
Het apparaat heeft een stroomsnoer met Schuko-stekker van 16A. Controleer of het snoer niet geknikt of geplet is.
Wikkel het snoer niet om zichzelf op en verzeker dat het geen obstakel of gevaar vormt voor passerende personen.
Het snoer mag niet worden natgemaakt met vloeistoffen, en niet in contact komen met scherpe of hete voorwerpen of met bijtende stoffen.
Raak het apparaat niet met vochtige of natte voeten/handen of zonder beschermingen (bv. geschikte handschoenen en schoenen) aan.
Steek geen schroevendraaiers, keukengerei of andere voorwerpen tussen de beschermingen en in de bewegende delen. Voorkom dat kinderen of dieren in contact kunnen komen met het snoer.
Let op! Na de installatie moet de stekker bereikbaar zijn! Als dit niet mogelijk is, moet de voeding van het apparaat worden voorzien van een geschikte, meerpolige stroomonderbreker.
2.3 Plaatsing
Het wordt afgeraden het apparaat op plaatsen met een slechte beluchting en hoge temperaturen te zetten, of op plaatsen waar het blootstaat aan direct zonlicht of aan weersinvloeden. Installeer het niet in de buurt van warmtebronnen.
Let op! Verzeker dat het openen van de deur na de installatie niet wordt gehinderd.
Let op! Gebruik geen verlengsnoeren, om problemen door oververhitting te vermijden.
Opmerking: voor de juiste werking van het apparaat is een luchtkanaal achter het apparaat met een doorsnede van minstens 250 cm² (afb. 5) verplicht.
Let op! Als het apparaat is ingebouwd, moet het met geschikte schroeven worden vastgezet.

Afb.5 – Afmetingen van de inbouwnis en van het product
2.4 Omgevingstemperatuur en luchtverversing
De prestaties van het apparaat worden gewaarborgd tot een omgevingstemperatuur van 32°C op voorwaarde dat er voldoende luchtverversing is, zoals aangegeven in paragraaf 2.3.
2.5 Laatste controles
Nadat het apparaat is opgesteld en elektrisch aangesloten:
- controleer of de elektrische aansluiting goed is;
- wacht minstens 4 uur alvorens het apparaat aan te zetten, om het thermodynamische circuit de tijd te geven zich te stabiliseren.
2.6 Beveiligingen
Het apparaat is voorzien van de volgende beveiligingen:
- zekering op de vermogenskaart als beveiliging tegen eventuele overbelastingen;
- thermische beveiliging met compressor als bescherming tegen eventuele overbelastingen of storingen in de werking;
- dubbele afkoppelaar als beveiliging tegen slechte werking van de elektrische weerstand.
3. GEBRUIK
Dit apparaat is voornamelijk bestemd voor het snelkoelen en diepvriezen van voedsel. Als bereid voedsel snel afgekoeld wordt, blijven de organoleptische kenmerken ervan gedurende 5-7 dagen ongewijzigd; als ze daarentegen worden diepgevroren, behouden ze hun oorspronkelijke consistentie en smaak na het ontdooien.
3.1 Belangrijke aanwijzingen voor de gebruiker

- lees dit boekje aandachtig door en raadpleeg het altijd; • als er afwijkingen op het apparaat worden geconstateerd, bijvoorbeeld een beschadigd snoer of een defect aan het bedieningspaneel, moet het apparaat onmiddellijk worden uitgeschakeld en moet contact worden opgenomen met een assistentiecentrum;
- dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door kinderen of personen met beperkte fysieke, sensoriële of mentale vermogens, of die onvoldoende ervaring en kennis hebben, tenzij zijn onder toezicht staan en instructies hebben ontvangen voor het gebruik. Kinderen mogen niet spelen met het apparaat;
- zet geen explosieve stoffen, zoals spuitbussen met ontvlambaar drijfgas in het apparaat;
- dit apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik;
- tijdens de werking en afhankelijk van het programma dat in uitvoering is, kan het apparaat warm worden. Tref passende voorzorgsmaatregelen als u binnenin het apparaat gaat werken. Houd kinderen uit de buurt:
- dit apparaat mag uitsluitend worden gebruikt voor de doelen waarvoor het is ontwikkeld: d.w.z. het snelkoelen, diepvriezen, ontdooien, rijzen, langzaam bereiden, afkoelen van voedingsmiddelen en dranken in een huishoudelijke omgeving. Ieder ander gebruik is oneigenlijk en mogelijk gevaarlijk.
3.2 Voorafgaande inwendige reiniging
Nadat de elektrische aansluiting is gemaakt en het apparaat is opgesteld, moet de cel grondig worden schoongemaakt met een zachte doek en mild reinigingsmiddel voordat het apparaat wordt ingeschakeld. Verwijder eventuele restanten reinigingsmiddel.
Gebruik geen roestvrij stalen sponsjes, schrapers, schurende, zure of bijtende stoffen die de interne oppervlakken onherstelbaar zouden kunnen beschadigen.
3.3 De kerntemperatuursonde
De kerntemperatuursonde is een accessoire dat wordt gebruikt om de temperatuur in voedingsmiddelen te meten. Bij programma's die gebruik maken van de kerntemperatuursonde wordt het proces automatisch gestopt op het moment dat de gewenste temperatuur wordt bereikt.
Als de kerntemperatuursonde niet is verbonden met het apparaat en de gebruiker de werkingswijze met kerntemperatuursonde wil gebruiken, verschijnt op het display het bericht "Verbind de sonde om het programma te starten".
Voor het juiste gebruik moet de sonde vóór het begin van het programma in het voedsel zijn gestoken.
Opmerking: de kerntemperatuursonde moet tot in het midden van het voedsel worden gestoken en mag niet uit het voedsel steken. Voor een betere doelmatigheid van de programma's moet de sonde in het grootste stuk worden gestoken.
Als de kerntemperatuursonde niet goed in het voedsel is gestoken omdat hij vergeten op de bodem van de cel ligt of omdat hij is losgeraakt uit het voedsel zelf, schakelt het apparaat het programma 5 minuten na het begin automatisch over op de werkingswijze "volgens recept", terwijl de instellingen "Type voedsel" en "Voorbereiding" onveranderd blijven.
Hanteer de sonde met zorg en let op de punt ervan. Maak de sonde na het gebruik schoon met een zachte doek en lauw water en berg hem op.
Als de werkingswijze "volgens recept" wordt geselecteerd bij snelkoelen of diepvriezen, heeft het gebruik van de kerntemperatuursonde geen enkel effect op de uitvoering van het programma.
3.4 Te gebruiken houders en deksels
Het gebruik van ondiepe schalen en houders bevordert de interne ventilatie, en heeft daarom de voorkeur.
Suggestie: om de doelmatigheid van snelkoel- en vriesprogramma's te verhogen wordt geadviseerd een zo groot mogelijke portie van het voedsel te laten raken door de luchtstroom; bedek schalen en houders daarom niet want dat verhoogt de isolatie.
Verzeker u ervan dat de schalen en houders geschikt zijn voor gebruik op lage temperaturen (-40°C).
Bij programma's met verwarmingsfuncties dienen bij voorkeur houders van metaal, keramiek te worden gebruikt of van andere materialen die geschikt zijn voor temperaturen tot 80°C.
3.5 Schikking van het voedsel
Wanneer mogelijk wordt aangeraden om voedsel in de ovenschaal niet te stapelen, maar zo ruim mogelijk te rangschikken over een groot oppervlak, voor een betere interne ventilatie.
3.6 Doelmatigheid van de snelkoel- en diepvriesprogramma's
De beste snelkoel- en diepvriesresultaten worden verkregen door het voedsel vlak nadat het bereid is in het apparaat te zetten, zonder het lange tijd bloot te stellen aan een omgevingstemperatuur, omdat er dan vocht verloren gaat en de originele kleur-, geur- en smaakkenmerken verloren gaan.
Suggestie: snelkoel- en diepvriesprogramma's die worden uitgevoerd op erg heet voedsel of voedsel met een zeker gewicht, zijn korter en leveren betere resultaten op als er tevoren een voorkoelprogramma is uitgevoerd.
3.7 Bewaren van snelgekoeld of diepgevroren voedsel
De juiste plaats om snelgekoeld voedsel te bewaren is de koelkast, terwijl dat voor diepgevroren voedsel de vriezer is; daarom wordt geadviseerd om dergelijke apparaten te gebruiken voor het bewaren van de voedingsmiddelen.
Aangezien diepgevroren voedsel lange tijd kan worden bewaard (6-12 maanden), is het wenselijk om de houders te voorzien van een etiket waarop de inhoud en de bereidings- en de houdbaarheidsdatum zijn genoteerd.
Suggestie: om de conserveringstijden van snelgekoeld of diepgevroren voedsel nog verder te verbeteren is vacuümconservering mogelijk. Hiervoor moet geschikte apparatuur worden gebruikt en moeten de voorgeschreven temperaturen en tijden in acht worden genomen.
3.8 Programma's
![]() | SNELKOELENDankzij de snelle afkoeling tot +3°C met deze functie kan voedsel 5÷7 dagen lang in de koelkast worden bewaard. Deze afkoeling blokkeert de waterverdamping uit producten die net uit de ov komen en remt de bacteriegroe i, waardoor het voedsel langer kan worden bewaard. |
![]() | DIEPVRIEZENDankzij de snelle afkoeling van voedingsmiddelen tot -18°C met deze functie kunnen voedingsmiddelen verschillende maanden in de vriezer worden bewaard. De organoleptische eigenschappen, de smaak, het aroma en het uiterlijk blijven onveranderd vanwege de microkristallisatie van het water in het voedsel, die ervoor zorgt dat de interne moleculaire structuren intact blijven. |
![]() | VOORKOELINGHiermee kunnen de uitvoeringstijden van de programma's (zoals het snelkoelen en diepvriezen) worden verkort wanneer er erg heet voedsel of voedsel met een zeker gewicht moet worden afgekoeld. Het proces bestaat uit het afkoelen van de interne delen van het apparaat en daardoor optimalisatie van de bewerkingstijden in de keuken, omdat het kan plaatsvinden terwijl de recepten worden bereid. |
![]() | AFKOELINGHiermee wordt zojuist bereid, en dus nog erg heet, voedsel sneller afgekoeld tot de gewenste temperatuur, zonder de normale klimatisering af te wachten, om consumptie in korte tijd mogelijk te maken. |
![]() | DRANKENHiermee kan de temperatuur van een drank worden afgekoeld op basis van de beschikbare tijd. De conservering van dranken op de gewenste temperatuur is een taak van de wijnkelder, maar d snelkoeler heeft erg nuttige prestatiekenmerken wanneer men niet over voldoende tijd beschikt. |
![]() | CONSERVERING BIJ 0°CHiermee kunnen de organoleptische eigenschappen van ongekookt voedsel worden behouden, en deze functie is geschikt wanneer u voedingsmiddelen (bv. vlees, vis en groenten) enkele uren wil bewaren voordat ze worden bereid. |
![]() | RAUWE VISMet deze functie kan in huis het desinfectieproces op lage temperatuur worden toegepast door gebruik te maken van de hoge prestaties van de snelkoeler. Slechte conservering van visserijproducten kan risico's voor de gezondheid veroorzaken vanwege besmetting door Anisakis, een parasiet die K worden geëlimineerd door langdurige bereidingsprocessen of conservering op -30°C. |
![]() | ONTDOOIENHiermee kan een voedingsmiddel van de diepvriestemperatuur naar ongeveer 4°C worden gebracht zonder vloeistoffen te verliezen en zonder de bereiding te beginnen. Zodoende wordt de transformatie van eiwitten vermeden die bijvoorbeeld optreedt bij het ontdooien van vlees in de magnetron. |
![]() | KLAAR OM TE SERVERENHiermee kan voedsel dat eerder bereid is en bewaard wordt in de koelkast worden verwarmd en op tafel worden gezet met de juiste temperatuur voor consumptie. |
![]() | LANGZAME BEREIDINGHiermee kan voedsel worden gekookt in een omgeving met constante temperatuur gedurende een bepaalde tijd. Met deze techniek kunnen de kwaliteiten en de malsheid van voedsel worden gehandhaafd dankzij de beperkte verdamping van water uit het voedsel. |
![]() | RIJZENHiermee kan een microklimaat worden geschapen met gecontroleerde temperatuur en vochtigheid, zodat de fermentatie kan plaatsvinden in optimale omstandigheden en de natuurlijke opbolling van het deeg wordt veroorzaakt. Door de duur van het rijzen te programmeren kan de hoeveelheid gist worden gereduceerd, zodat er een lichter, beter verteerbaar product wordt verkregen en de ontwikkeling van het gewenste aroma wordt bevorderd. |
3.9 Het display en interactie met de gebruiker
Het bedieningspaneel bestaat uit een touch-display van 4,3 inch en een inschakelknop aan de zijkant.

Afb.6 – Hoofdmenu en voorbeeld van een selectiescherm
- Pictogram "Programma": door het pictogram aan te raken verschijnt het uitvoeringsscherm van het betreffende programma.
- Pictogram "Instellingen": door dit pictogram te selecteren wordt de omgeving geopend waar de taal, tijd, helderheid van het display en het volume van het geluidssignaal kunnen worden geregeld.
- Huidige tijd: aanduiding van de systeemklok.
- Pictogram "Terug": om terug te keren naar het vorige scherm.
- Pictogram "Home": om terug te keren naar het scherm "Hoofdmenu" voor selectie van de programma's.
- Verschuifpictogram: geeft het gebied van het scherm aan waardoor "gebladerd" kan worden om alle keuzemogelijkheden te zien.
3.10 Betekenis van de pictogrammen
Ongeacht het geselecteerde programma zijn er enkele pictogrammen die zich steeds weer presenteren tijdens de interactie tussen de gebruiker en het display. Hieronder vindt u een beschrijving van de betekenissen.
![]() | HOMEOm terug te keren naar het hoofdmenu.Elk gegeven dat eventueel al is ingevoerd wordt gewist. |
![]() | INSTELLINGENOm de wijzigingsmodus van de belangrijkste instellingen van het apparaat te openen: helderheid van het display, volume van het geluidssignaal, taal, tijd van het systeem. |
![]() | TERUGOm terug te keren naar het vorige scherm.Als u zich in een selectiescherm van een programma bevindt, blijven de gegevens van de vorige schermen behouden. |
![]() | BEGINOm het geselecteerde programma te laten beginnen.Nadat deze toets is ingedrukt, wordt het pictogram van het programma dat wordt uitgevoerd blauw (koude cycli) of rood (warme cycli), wat de bedrijfstoestand van het apparaat aangeeft. |
![]() | STOPOm het programma dat wordt uitgevoerd te stoppen.De annulering moet worden bevestigd door op “ja” te drukken op het volgende scherm.Het programma wordt onderbroken en het display keert terug naar het scherm van het hoofdmenu. |
![]() | LICHTOm de binnenverlichting van de cel aan of uit te zetten: het licht gaat aan of uit afhankelijk daarvan of het lampje respectievelijk wit of zwart is. Als er lange tijd geen interactie van de gebruiker met het apparaat is, wordt de binnenverlichting uitgezet. |
3.11 Inschakeling en uitschakeling
Het apparaat wordt ingeschakeld door de toets ON/OFF naast het display minstens 2 seconden in te drukken. Het logo wordt weergegeven, en daarna het scherm van het "Hoofdmenu".
Als er 5 minuten geen interactie is, verschijnt de screensaver met de huidige tijd op het display.
Het apparaat wordt uitgeschakeld door de toets ON/OFF naast het display minstens 2 seconden in te drukken. Dit is op elk moment mogelijk: als het apparaat wordt uitgeschakeld terwijl er een programma bezig is, verschijnt er een bericht waarna het programma definitief wordt gestopt.
3.12 Keuze van het programma
Het programma wordt gekozen door op het scherm van het "Hoofdmenu" het gewenste pictogram aan te raken. Door lang aanraken van elk pictogram verschijnt er een scherm met de uitleg van het betreffende programma (afb.7).

Afb.7 – Voorbeeld van een informatiescherm
Als er nadat het programma gestart is 2 minuten lang geen interactie is, verschijnt op het display een screensaver met het pictogram van het programma dat bezig is.
Om de screensaver te laten verdwijnen moet het display op een willekeurig punt worden aangeraakt.
3.12.1 Einde van het programma
Aan het einde van ieder programma geeft het apparaat een geluidssignaal om te waarschuwen dat het voedsel uit het apparaat kan worden gehaald. Bij enkele programma's gaat het apparaat automatisch over naar de handhavingsmodus gedurende welke het voedsel in de snelkoeler kan blijven. Er verschijnt dan een waarschuwingsscherm. Om deze situatie te onderbreken drukt u op de toets "stop" en haalt u het voedsel uit de snelkoeler.
De programma's "Snelkoelen", "Diepvriezen", "Rauwe vis" en "Conservering op 0°C" hebben ook een automatische ontdooifase die plaatsvindt aan het einde van het handhaven of wanneer de handhaving wordt onderbroken door de gebruiker. Het ontdooien wordt gesignaleerd door een scherm en duurt 15 minuten. Daarna keert het display terug naar het hoofdmenuscherm. Het automatische ontdooien kan op elk moment worden onderbroken door op de toets "stop" te drukken.
3.12.2 Voorkoeling
Voorkoeling wordt geadviseerd om de uitvoeringstijden van de snelkoel- en diepvriesprogramma's te verkorten.
| VOORKOELING | |
| Voor het begin van het programma | De informatie op het samenvattingsscherm kan worden gecontroleerd. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Het apparaat geeft een geluidssignaal en geeft het waarschuwingsscherm weer.Er is geen enkele handhaving of ontdooiing voorzien, het apparaat is gereed om andere programma's uit te voeren. | |
3.12.3 Snelkoelen
Door snelkoelen kan voedsel 5÷7 dagen in de koelkast worden bewaard. Dankzij het snelle koelproces worden de waterverdamping en het verlies van vitamines, eiwitten en minerale zouten uit producten die zojuist uit de oven zijn gehaald geblokkeerd. Door het voedsel kortere tijd op een temperatuur te houden waarbij bacteriegroei optreedt, kan het voedsel langer worden bewaard. Bovendien kan er zelfs zojuist bereid voedsel worden behandeld met een temperatuur van wel 90°C.
| SNELKOELEN |
| Er kan worden gekozen uit twee snelkoelmethoden: “volgens recept” en “kerntemperatuur”.Bij snelkoelen volgens recept hoeft de kerntemperatuursonde niet te worden gebruikt, maar moeten het gewicht en de begintemperatuur van het te verwerken voedsel worden aangegeven.Bij snelkoelen van de kern wordt de temperatuur binnenin het voedsel waargenomen tijdens het programma. |
| SNELKOELEN VOLGENS RECEPT | |
| Keuzes | Type voedsel: specificeer het soort voedsel dat verwerkt moet worden.Bereiding: specificeer de kenmerken van het voedsel dat verwerkt moet worden (consistentie en vorm, bv. pasta of vlees en heel of in stukken....).Gewicht: specificeer de hoeveelheid voedsel die verwerkt moet worden.Aanvankelijke toestand: als het voedsel zojuist bereid is in de oven, of een hoge temperatuur heeft, kiest u “warm”. Als het op omgevingstemperatuur of lauw is, kiest u “omgeving”. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| SNELKOELEN VAN DE KERN | |
| Keuzes | Type voedsel: specificeer het soort voedsel dat verwerkt moet worden.Bereiding: specificeer de kenmerken van het voedsel dat verwerkt moet worden (consistentie en vorm, bv. pasta of vlees en heel of in stukken....).Deze instellingen heeft het apparaat nodig om het werkprogramma te bepalen dat de optimale snelkoeling garandeert. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen weer en de effectieve temperatuur van het voedsel. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA |
| Ongeacht de geselecteerde snelkoelmethode geeft het apparaat aan het einde van het programma een geluidssignaal en verschijnt er een waarschuwingsscherm. Vervolgens wordt de handhavingsmodus actief waarbij de cel op een temperatuur van +5°C wordt gehouden totdat de gebruiker ingrijpt. Aan het einde is ontdooien voorzien. |
Opmerking: als de deur wordt geopend terwijl het snelkoelen bezig is, komt er warme, vochtige lucht naar binnen waardoor het programma langer duurt. In de modus "volgens recept" heeft het programma een vaste duur: herhaaldelijk openen van de deur zou kunnen leiden tot een slecht resultaat van het snelkoelen. Open de deur van het apparaat niet tijdens het snelkoelprogramma.
3.12.4 Diepvriezen
Met diepvriezen kan de voedseltemperatuur snel worden gereduceerd tot -18°C, waardoor het voedsel vervolgens verschillende maanden in de vriezer kan worden bewaard. De organoleptische kenmerken, de smaak, het aroma en het uiterlijk van het voedsel blijven intact door snelle microkristallisatie van het water dat zij bevatten. Hierdoor wordt voorkomen dat de interne moleculaire structuren beschadigd worden.
| DIEPVRIEZEN | |
| Er kan worden gekozen uit twee diepvriesmethoden: “volgens recept” en “kerntemperatuur”.Bij diepvriezen volgens recept hoeft de kerntemperatuursonde niet te worden gebruikt, maar moeten het gewicht en de begintemperatuur van het te verwerken voedsel worden aangegeven.Bij diepvriezen van de kern wordt de temperatuur binnenin het voedsel waargenomen tijdens het programma. | |
| DIEPVRIEZEN VOLGENS RECEPT | |
| Keuzes | Type voedsel: specificeer het soort voedsel dat verwerkt moet worden.Bereiding: specificeer de kenmerken van het voedsel dat verwerkt moet worden (consistentie en vorm, bv. pasta of vlees en heel of in stukken....).Gewicht: specificeer de hoeveelheid voedsel die verwerkt moet worden.Aanvankelijke toestand: als het voedsel zojuist bereid is in de oven of een hoge temperatuu heeft, kiest u “warm”. Als het op omgevingstemperatuur of lauw is, kiest u “omgeving”. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| DIEPVRIEZEN VAN DE KERN | |
| Keuzes | Type voedsel: specificeer het soort voedsel dat verwerkt moet worden.Bereiding: specificeer de kenmerken van het voedsel dat verwerkt moet worden (consistentie en vorm, bv. pasta of vlees en heel of in stukken....).Deze instellingen heeft het apparaat nodig om het werkprogramma te bepalen dat het optimale diepvriezen garandeert. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen weer en de effectieve temperatuur van het voedsel. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Ongeacht de geselecteerde diepvriesmethode geeft het apparaat aan het einde van het programma een geluidssignaal en verschijnt er een waarschuwingsscherm. Vervolgens wordt de handhavingsmodus actief waarbij de cel op een temperatuur van -21°C wordt gehouden totdat de gebruiker ingrijpt. Aan het einde is ontdooien voorzien. | |
Opmerking: als de deur wordt geopend tijdens het diepvriezen komt er warme, vochtige lucht naar binnen waardoor het programma langer duurt. In de modus "volgens recept" heeft het programma een vaste duur: herhaaldelijk openen van de deur van het apparaat zou kunnen leiden tot een slecht resultaat van het diepvriezen. Open de deur van het apparaat niet tijdens het diepvriesprogramma.
3.12.5 Afkoeling
Door het afkoelen kan de wachttijd voor het gebruik van warm voedsel worden verkort. Met deze functie kan voedsel dat net uit de oven komt op tafel worden geserveerd of worden gebruikt voor verdere bewerkingen in de keuken, zonder de normale acclimatisering te hoeven afwachten.
| AFKOELING | |
| Keuzes | Luchttemperatuur: specificeer de temperatuur van de lucht die wordt gebruikt om het voedsel af te koelenDuur: specificeer hoe lang u het voedsel wenst af te koelen. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Aan het einde van het programma geeft het apparaat een geluidssignaal en verschijnt het waarschuwingsscherm.De temperatuur van de cel wordt op geen enkele manier gehandhaafd.Aan het einde is er geen ontdooien voorzien. | |
3.12.6 Dranken
Met het programma "Dranken" kan de temperatuur van een drank worden afgekoeld op basis van de beschikbare tijd. De snelkoeler kan uiterst nuttige prestaties leveren als er te weinig tijd beschikbaar is om dranken voor te bereiden om te worden geproefd.
Opmerking: dit apparaat is geen flessenkoeler en is geen vervanging voor de wijnkelder. Te sterke afkoeling van de flessen zou kunnen leiden tot bevriezing van de vloeistof die zij bevatten waardoor de flessen kunnen barsten.
| VOORBEREIDING VAN DRANKEN | |
| Keuzes | Aantal flessen: specificeer het aantal flessen dat u wilt afkoelen. Er is plaats voor maximaal 6 flessen.Duur: specificeer hoe lang u de flessen wenst af te koelen. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Aan het einde van het programma geeft het apparaat een geluidssignaal en verschijnt het waarschuwingsscherm.De temperatuur van de cel wordt op geen enkele manier gehandhaafd en er is geen ontdooien voorzien aan het einde. | |
Opmerking: de "typische" fles is een "bordeauxfles" van 75 cl; bedenk dat een glazen houder beter isoleert dan een blikje van dezelfde inhoud, daarom is het gemakkelijker een drank in een blikje af te koelen dan een drank in glas.
3.12.7 Conservering bij 0°C
Door de conservering bij 0°C worden de omgevingsomstandigheden van een koelkast op nul graden nagebootst. De ontwikkeling van microben in voedsel is een natuurlijk verschijnsel die beïnvloed wordt door de omgevingsomstandigheden. De temperatuur is een factor die de groei en vermenigvuldiging van bacteriën beïnvloedt die voedselbederf veroorzaken. Dit programma houdt de interne temperatuur van het apparaat constant op ongeveer +3°C gedurende maximaal 36 uur en 20 minuten, of totdat de gebruiker ingrijpt.
Opmerking: dit apparaat is niet bedoeld om voedsel te conserveren. Als u voedsel of een voedingsmiddel lange tijd wilt bewaren, wordt geadviseerd om een apparaat te gebruiken dat hiervoor is bedoeld.
| CONSERVERING BIJ 0°C | |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Aan het einde van het programma geeft het apparaat een geluidssignaal en verschijnt het waarschuwingsscherm.De temperatuur van de cel wordt op geen enkele manier gehandhaafd en er is geen ontdooien voorzien aan het einde. | |
3.12.8 Rauwe vis
Met het programma Rauwe vis kan dit voedingsmiddel 24 uur lang op ongeveer -30°C worden gehouden (ontsmetting door middel van lage temperaturen). Slechte conservering van visserijproducten kan risico's voor de gezondheid veroorzaken vanwege besmetting door Anisakis, een parasiet die alleen kan worden geëlimineerd door langdurige bereidingsprocessen of koeling.
Let op! De fabrikant aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor gevolgen van onjuist gebruik van het apparaat of door overtreding van de geldende hygiënenormen.
| RAUWE VIS | |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Aan het einde van het programma geeft het apparaat een geluidssignaal en verschijnt het waarschuwingsscherm.Vervolgens wordt de handhavingsmodus actief waarbij de cel op een temperatuur van -21°C wordt gehouden totdat de gebruiker ingrijpt. Aan het einde van het programma vindt geen ontdooien plaats. | |
3.12.9 Ontdooien
Door ontdooien kan een voedingsmiddel van de diepvriestemperatuur naar ongeveer +4°C worden gebracht zonder vloeistoffen te verliezen en zonder de bereiding te beginnen. Zodoende wordt de transformatie van eiwitten vermeden die bijvoorbeeld optreedt bij het ontdooien van vlees in de magnetron.
| ONTDOOIEN | |
| Keuzes | Type voedsel: specificeer het soort voedsel dat verwerkt moet worden.Bereiding: specificeer de kenmerken van het voedsel dat verwerkt moet worden (consistentie en vorm, bv. pasta of vlees en heel of in stukken....).Gewicht: specificeer de hoeveelheid voedsel die verwerkt moet worden. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Aan het einde van het programma geeft het apparaat een geluidssignaal en verschijnt het waarschuwingsscherm.Vervolgens wordt de handhavingsmodus actief waarbij de cel op een temperatuur van +4°C wordt gehouden totdat de gebruiker ingrijpt. Aan het einde is er geen ontdooien voorzien. | |
3.12.10 Klaar om te serveren
Met de functie Klaar om te serveren kan bereid voedsel dat in de koelkast is bewaard of tot omgevingstemperatuur is geacclimatiseerd worden verwarmd en op tafel worden gebracht op de juiste temperatuur voor consumptie.
Let op! Tijdens de werking in deze modus kunnen bereikbare delen van het apparaat erg heet worden: kinderen moeten op afstand worden gehouden. Zorg dat u de hete oppervlakken van het apparaat niet aanraakt en draag ovenhandschoenen om accessoires of hittebestendige schalen uit de oven te halen of erin te zetten.
| KLAAR OM TE SERVEREN | |
| Het programma Klaar om te serveren kan op twee manieren worden uitgevoerd:“onmiddellijk” en “uitgesteld”. Bij “Onmiddellijk klaar om te serveren” begint het verwarmen wanneer het programma wordt gestart.Bij “Uitgesteld klaar om te serveren” vindt de verwarming plaats na een wachtperiode gedurende welke het apparaat het voedsel conserveert bij een temperatuur van +4°C, zodat het programma 's morgens kan worden gestart om het voedsel op de juiste temperatuur aan te treffen bij de lunch of het avondeten. | |
| ONMIDDELLIJK KLAAR OM TE SERVEREN | |
| Keuzes | Temperatuur: specificeer de temperatuur van de lucht die het voedsel verwarmt.Duur: specificeer hoe lang u het voedsel wenst te verwarmen. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| UITGESTELD KLAAR OM TE SERVEREN | |
| Keuzes | Uitstel: specificeer hoe lang na de start van het programma u het verwarmen wilt laten beginnen.Temperatuur: specificeer de temperatuur van de lucht die het voedsel verwarmt.Duur: specificeer hoe lang u het voedsel wenst te verwarmen. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Wachtperiode | Het display geeft de geselecteerde instelling, het tijdstip van het einde van het programma en het tijdstip waarop het verwarmen begint. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Aan het einde van het programma geeft het apparaat een geluidssignaal en verschijnt het waarschuwingsscherm.Vervolgens begint de handhavingsmodus totdat de gebruiker ingrijpt (aanvankelijk gedurende 30 minuten op de ingestelde verwarmingstemperatuur, vervolgens op +4°C). Aan het einde is er geen ontdooien voorzien. | |
3.12.11 Langzame bereiding
Met langzame bereiding, of bereiding op lage temperatuur, kan het voedsel gelijkmatig worden gekookt, de structuur van de cellen waaruit het bestaat worden beschermd en worden er meer water en vetten vastgehouden tijdens het proces dan met andere bereidingsmethoden op hoge temperatuur. Dit type bereiding is bedoeld om malsere en smaakvollere gerechten te maken.
Afhankelijk van het recept kan langzame bereiding een grotere vochtigheidsgraad vereisen. In dat geval wordt geadviseerd om een bakje water onder het rooster met de schaal met het voedsel te zetten.
Let op! Tijdens de werking in deze modus kunnen bereikbare delen van het apparaat erg heet worden: kinderen moeten op afstand worden gehouden. Zorg dat u de hete oppervlakken van het apparaat niet aanraakt en draag ovenhandschoenen om accessoires of hittebestendige schalen uit de oven te halen of erin te zetten.
| LANGZAME BEREIDING | |
| Er kan worden gekozen tussen twee methoden voor langzame bereiding: “onmiddellijk” en “uitgesteld”.Bij “Onmiddellijke langzame bereiding” begint de bereiding wanneer het programma wordt gestart.Bij “Uitgestelde langzame bereiding” vindt de verwarming plaats na een wachtperiode gedurende welke het apparaat het voedsel conserveert bij een temperatuur van +4°C, zodat het programma 's morgens kan worden gestart om het voedsel bereid aan te treffen bij de lunch of het avondeten. | |
| ONMIDDELLIJKE LANGZAME BEREIDING | |
| Keuzes | Temperatuur: specificeer de luchttemperatuur waarbij het voedsel moet worden bereid.Duur van de bereiding: specificeer hoe lang u het voedsel wenst te bereiden. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| UITGESTELDE LANGZAME BEREIDING | |
| Keuzes | Tijdstip einde programma: specificeer hoe laat u het hele programma wilt beëindigen.Temperatuur: specificeer de temperatuur van de lucht waarbij het voedsel moet worden bereid.Duur van de bereiding: specificeer hoe lang u het voedsel wenst te bereiden. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Wachtperiode | Het display geeft de geselecteerde instellingen, het tijdstip van het einde van het programma en het tijdstip waarop de bereiding begint. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
| AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA | |
| Aan het einde van het programma geeft het apparaat een geluidssignaal en verschijnt het waarschuwingsscherm.Vervolgens begint de handhavingsmodus totdat de gebruiker ingrijpt (aanvankelijk gedurende 30 minuten op de ingestelde bereidingstemperatuur, vervolgens op +4°C). Aan het einde is er geen ontdooien voorzien. | |
3.12.12 Rijzen
Rijzen schept een microklimaat met gecontroleerde temperatuur en vochtigheid om de activering en transformatie van gisten te bevorderen. Hierdoor kan de fermentatie plaatsvinden in optimale omstandigheden zodat het natuurlijke, gewenste opbollen van het deeg wordt veroorzaakt. Door de duur van het rijzen te programmeren kan de hoeveelheid gist worden gereduceerd, waardoor er een lichter, beter verteerbaar product ontstaat en tegelijkertijd de ontwikkeling van het gewenste aroma wordt bevorderd.
Voor optimaal rijzen wordt geadviseerd het deeg in een open schaal te leggen en de schaal af te dekken met een vochtige doek.
Als u het rijzen wilt laten plaatsvinden in een bijzonder vochtige omgeving wordt geadviseerd om een bakje warm water naast de schaal met deeg te zetten.
RIJZEN
| Er kan worden gekozen uit drie rijsmethoden: "onmiddellijk", "met conservering" en "uitgesteld".Bij "onmiddellijk" rijzen begint het proces onmiddellijk.Als u het rijzen onmiddellijk wilt laten beginnen maar het deeg na het rijzen niet kunt weghalen, is het mogelijk het deeg op de juiste temperatuur te houden met de modus "met conservering".Als u het rijzen enkele uren nadat het deeg in het apparaat is gezet wilt laten beginnen, is de "uitgestelde" modus beschikbaar. |
ONMIDDELLIJK RIJZEN
| Keuzes | Temperatuur: specificeer de gewenste luchttemperatuur voor fermentatie van de gisten.Duur: specificeer hoe lang u het voedsel wilt laten rijzen.Vochtigheid: specificeer de gewenste vochtigheidsgraad in het apparaat. Als u een hoge vochtigheidsgraad wenst, kunt u een bakje water naast de schaal met deeg zetten. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
RIJZEN MET CONSERVERING
| Keuzes | Tijdstip einde programma: specificeer hoe laat u het hele programma wilt beëindigen.Temperatuur: specificeer de gewenste luchttemperatuur voor fermentatie van de gisten.Duur: specificeer hoe lang u het voedsel wilt laten rijzen. Het apparaat laat het rijzen meteen beginnen. Aan het einde wordt het deeg op +4°C gehouden (conservering) om fermentatie te verhinderen, en ten slotte op +15°C gebracht (heractivering).Vochtigheid: specificeer de gewenste vochtigheidsgraad in het apparaat. Als u een hoge vochtigheidsgraad wenst, kunt u een bakje warm water naast de schaal met deeg zetten. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Wachtperiode | Het display geeft de geselecteerde instellingen, het tijdstip van het einde van het programma en het tijdstip waarop het rijzen begint. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
UITGESTELD RIJZEN
| Keuzes | Tijdstip einde programma: specificeer hoe laat u het hele programma wilt beëindigen.Temperatuur: specificeer de gewenste luchttemperatuur voor fermentatie van de gisten.Duur: specificeer hoe lang u het voedsel wilt laten rijzen. Het apparaat laat het rijzen niet onmiddellijk beginnen, maar is in afwachting waarbij de temperatuur aanvankelijk op +4°C wordt gehouden (conservering) en vervolgens op +15°C (activering) wordt gebracht; na de wachttijd vindt het rijzen plaats gedurende de gewenste tijd.Vochtigheid: specificeer de gewenste vochtigheidsgraad in het apparaat. Als u een hoge vochtigheidsgraad wenst, kunt u naast de schaal met deeg een bakje warm water neerzetten. |
| Voor het begin van het programma | De ingevoerde informatie kan op het samenvattingsscherm worden nagegaan. |
| Wachtperiode | Het display geeft de geselecteerde instellingen, het tijdstip van het einde van het programma en het tijdstip waarop het rijzen begint. |
| Programma bezig | Het display geeft de instellingen en de resterende tijd tot het einde van het programma weer. |
AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA
Ongeacht de geselecteerde rijsmethode geeft het apparaat aan het einde van het programma een geluidssignaal en verschijnt er een waarschuwingsscherm. Vervolgens begint de handhavingsmodus totdat de gebruiker ingrijpt (aanvankelijk op +15°C gedurende 45 minuten, daarna op +4°C). Aan het einde is er geen ontdooien voorzien.
4. GEWOON ONDERHOUD
4.1 Informatie betreffende de veiligheid

Het wordt aangeraden om de reinigingen en het onderhoud in veilige toestand uit te voeren, met strikte inachtneming van de volgende regels:
- koppel het apparaat af van het elektriciteitsnet voordat u erop gaat werken;
- trek niet aan het snoer om het apparaat af te koppelen; raak het apparaat niet met vochtige of natte voeten/handen of zonder beschermingen (bv. geschikte handschoenen en schoenen) aan;
- steek geen schroevendraaiers, keukengerei of andere voorwerpen tussen de beschermingen en in de bewegende delen.
Tijdens werkzaamheden voor gewoon onderhoud mogen de beveiligingen niet uitgeschakeld of verwijderd worden: de fabrikant aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor ongevallen die het gevolg zijn van overtreding van dit voorschrift.
4.2 Reiniging van de buitenkant
Behuizing: voor het schoonmaken van de roestvrij stalen buitenkant van het apparaat moeten een zachte doek of spons en een mild reinigingsmiddel worden gebruikt, met bewegingen in de richting van de satinering. Gebruik geen roestvrij stalen sponsjes, schrapers, schurende, zure of bijtende stoffen, want deze kunnen de roestvrij stalen oppervlakken onherstelbaar beschadigen.
Aanbevolen wordt om na de reiniging de buitenkant te beschermen met specifieke producten op oliebasis voor roestvrij staal.
Let op! Het typelabel bevat belangrijke en nuttige informatie voor technische assistentie: let op dat u het label niet verwijdert bij het schoonmaken.
Display: om het glazen display gemakkelijk schoon te maken gebruikt u specifieke producten voor glazen oppervlakken en een zachte doek.
4.3 Reiniging van de cel
De cel moet van binnen worden schoongemaakt om de hygiëne en kwaliteit van de verwerkte producten te waarborgen; daarom wordt geadviseerd om het apparaat na elk gebruik schoon te maken. De afgeronde vorm van de inwendige onderdelen en de rangschikking van de accessoires in de cel zijn zo ontwikkeld dat ze gemakkelijk kunnen worden schoongemaakt. Gebruik een zachte doek of een niet-krassende spons en een mild reinigingsmiddel.
Gebruik geen roestvrij stalen sponsjes, schrapers, schurende, zure of bijtende stoffen, want deze kunnen de roestvrij stalen oppervlakken onherstelbaar beschadigen. Spoel na de reiniging na met lauw water en maak het apparaat goed droog.
4.4 Inactiviteit
Als het apparaat langere tijd niet zal worden gebruikt, is het raadzaam het af te koppelen van het elektriciteitsnet en het grondig schoon te maken, zowel van binnen als van buiten, volgens de aanwijzingen van de paragrafen 4.2 en 4.3. Bovendien is het raadzaam de deur op een kier te laten zolang het apparaat niet wordt gebruikt.
Bij het eerstvolgende gebruik moet de voorafgaande reiniging worden verricht, zoals aangegeven in paragraaf 3.2.
5. BUITENGEWOON ONDERHOUD
5.1 Problemen in de werking
Werkzaamheden voor buitengewoon onderhoud en/of vervanging van onderdelen van het apparaat, alsook voor wat betreft het verlichtingssysteem, moeten worden verricht door gekwalificeerd, geautoriseerd personeel.
Opmerking: als er storingen worden geconstateerd, gelieve eerst te controleren of de stekker goed in het stopcontact zit en of er spanning is, voordat u het assistentiecentrum belt. Als de storing ook daarna nog aanhoudt, kunt u het assistentiecentrum bellen met de volgende gegevens bij de hand:
- de gegevens van het typelabel op de zijkant van het apparaat zelf (par. 2.1, afb.4); • de aanschafdatum;
- de eventuele alarmcode die op het display verschijnt.
Opmerking: elke poging om het apparaat te wijzigen of te repareren heeft tot gevolg dat de garantie vervalt. Laat alleen gekwalificeerde, geautoriseerde technici aan het apparaat werken.
5.2 Afvoer als afval van het apparaat
INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKERS

In de zin van de Richtlijnen 2011/65/EU en 2012/19/EU betreffende de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur, alsook de verwerking van afval.
Het symbool van de doorgekruiste vuilbak, aangebracht op het apparaat of op de verpakking, duidt aan dat het product aan het einde van zijn gebruiksduur gescheiden van ander afval moet worden verzameld.
AFVOER VAN DE VERPAKKING: de verpakkingselementen (zakken, folie, polystyreen) zijn potentieel gevaarlijk voor kinderen en dieren (verstikkingsgevaar). De verpakking is gemaakt van materialen die gerecycled kunnen worden volgens de richtlijnen die gelden in het land waar het apparaat als afval moet worden verwerkt.
AFVOER VAN HET APPARAAT: de gebruiker moet het apparaat aan het einde van de gebruiksduur inleveren bij centra voor gescheiden inzameling van elektrisch en elektronisch afval, of overhandigen aan de verkoper wanneer een nieuw, gelijkwaardig apparaat wordt aangeschaft, in de verhouding van één op één.
Een goede gescheiden verzameling van onderdelen voor recycling, verwerking en/of milieuvriendelijke afvoer draagt bij aan het voorkomen van mogelijke negatieve effecten op het milieu en de gezondheid, en bevordert het hergebruik en/of de recycling van de materialen waaruit het apparaat bestaat.
Op illegaal storten van het product door de gebruiker staan de administratieve sancties die zijn voorzien door de geldende regelgeving.
De belangrijkste materialen waaruit het apparaat in kwestie bestaat zijn:
• Staal; - Kunststof - Koper; - Aluminium; - Polyurethaan.
6. STORINGEN OPSPOREN
6.1 Alarmentabel
| CODE | BESCHRIJVING | HANDELING |
| AS1 | Luchtsonde defect | Neem contact op met de assistentie voor vervanging van de luchtsonde |
| AS4 | Geen gegevensuitwisseling tussen de vermogenskaart en de gebruikersinterface | Neem contact op met de assistentiedienst voor reparatie |
| Snelkoelcapaciteit | 3 kg |
| Diepvriescapaciteit | 3 kg |
| Aantal schappen (voor roosters) | 3 |
| Elektrische parameters | 220/240V 50Hz |
| Max. stroom | 2,5 A |
| Max. vermogen (afkoeling) | 300 W |
| Max. vermogen (verwarming) | 220 W |
| Snoer | Driepolig snoer met Schuko-stekker van 16A |
| Koelmiddel | R290 |
| Klimaatklasse | SN |
| Nettogewicht | 38 kg |
| Brutogewicht | 40 kg |
7.1 Afmetingen

A.8 – Afmetingen van het product

Afb.10 – Afmetingen van de verpakking
8. SCHAKELSCHEMA

Afb.12 – Schakelschema
| 1 | Vermogenskaart | 8 | Condensorventilator |
| 2 | Zekering | 9 | Condensorventilator |
| 3 | IEC-aansluiting met EMI-filter | 10 | Display |
| 4 | Aardklem | 11 | Led-spot |
| 5 | Verwarmingselement | 12 | Verdamperventilator |
| 6 | Compressor | 13 | Luchtsonde |
| 7 | Bimetaalbeveiliging | 14 | Kerntemperatuursonde |
9. INFO
9.1 Service
De technische assistentie voor dit product wordt geboden door erkende centra in uw omgeving. Zie voor de adressen per specifiek gebied de bijlage bij deze handleiding.
Behalve de wettelijke garantie geldt voor dit product een garantie onder de voorwaarden die vermeld staan op het conventionele garantiebewijs dat in het product is te vinden. Het garantiebewijs moet worden bewaard en indien nodig worden vertoond aan ons erkende technische assistentiecentrum, samen met de kassabon die getuigt van de aanschaf van het elektrische huishoudelijke apparaat.
De garantievoorwaarden zijn tevens te raadplegen op onze internetsite.
Vul om assistentie te vragen het speciale online formulier in of bel ons onder het nummer dat vermeld staat op de assistentiepagina van onze internetsite.
9.2 De klantgegevens
Een snellere en doelmatigere assistentie is mogelijk als de klant onmiddellijk de volgende gegevens vermeld over zijn/haar aanschaf:
- factuurnummer;
- tenaamstelling van de factuur;
- aanschafdatum;
- serienummer van het apparaat.
10. WIZARD APP-EXTRA INHOUD VOOR SOUS VIDE-PRODUCTEN
Om het product optimaal te gebruiken, raden we aan de HOOVER WIZARD * APP te downloaden van uw smartphone of tablet. Vervolgens moet u het gedeelte SOUS VIDE openen en het serienummer van het gekochte product invoeren. Het is dus mogelijk om uw product te registreren bij de WIZARD app en gebruik te maken van extra inhoud die specifiek is voor dit type product:
- INTRODUCTIE: Opmerkingen over het Sous Vide-systeem en de producten waaruit het bestaat: vacuümlade, stoomoven, straalkoeler.
- PRODUCTINFORMATIE sectie: beknopte handleiding voor het gebruik van het gekochte apparaat, met een link terug naar de online handleiding en nummer voor technische assistentie - Service.
- TIPS & TRUCKS Section: nuttige en innovatieve tips voor het gebruik van het product via enkele van de belangrijkste functies en kneepjes van het vak.
- RECEPTEN sectie: eenvoudige maar smakelijke recepten voor koken met het vacuümsysteem (vacuümlade - stoomoven - straalkoeler) * Beschikbaar op Apple Store voor Iphone / Ipad-apparaten en Play Store voor Android-apparaten.
















