YT-09546 - Schroevendraaier Yato - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis YT-09546 Yato in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over YT-09546 Yato
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Schroevendraaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding YT-09546 - Yato en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. YT-09546 van het merk Yato.
GEBRUIKSAANWIJZING YT-09546 Yato
- luchtinlaat
- luchtinlaatconnector
- trekker
- draairichtingsschakelaar
- gereedschapshouder
- drukregeling
- gereedschap
- slangaansluiting
- slang
- slangkoppelstuk
- smeertoestel
- reductor
- fi Iter
- compressor
GR
Draag een veiligheidsbril
Draag gehoorbescherming
Plaats van het aanbrengen van de olie
Een pneumatische momentsleutel is een gereedschap dat wordt aangedreven door een straal perslucht onder de juiste druk. Met dopsleutels die op de gereedschapshouder worden geplaatst, kunnen schroeven worden aangedraaid en losgedraaid, vooral wanneer een hoog koppel vereist is. Een juist, betrouwbaar en veilig gebruik van het gereedschap is afhankelijk van de juiste bediening, daarom:
Lees voordat u met het gereedschap gaat werken de volledige handleiding door en bewaar deze.
De leverancier is niet aansprakelijk voor schade die voortvloeit uit het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften en aanbevelingen in deze handleiding. Het gebruik van het gereedschap voor andere doeleinden dan waarvoor het bestemd is, doet ook de garantie van de gebruiker en de rechten van de gebruiker uit hoofde van het contract komen te vervallen.
UITRUSTING
De sleutel is voorzien van een koppeling waarmee hij op een pneumatisch systeem kan worden aangesloten.
TECHNISCHE GEGEVENS
| Parameter Meeteenheid Waarde | ||
| Catalogusnummer YT-09546 | ||
| Lengte [mm] 195 | ||
| Gewicht [kg] 2,2 | ||
| Diameter luchtaansluiting (PT) [mm / ”] 6,3 / 1/4 | ||
| Diameter van luchttoevoerslang (intern) [mm / ”] 10 / 3/8 | ||
| Omwentelingen [min] | -1] 7400 | |
| Maximaal koppel [Nm] 1800 | ||
| Grootte van de gereedschapshouder | [mm / ”] | 12,7 / 1/2 |
| Maximale werkdruk | [MPa] | 0,63 |
| Benodigde luchttoevoer (bij 6,3 MPa) | [l/min] 255 | |
| Geluidsdruk _LpA ± K (ISO 15744) | [dB(A)] 92 ± 3,0 | |
| Geluidsvermogen _LwA ± K (ISO 15744) | [dB(A)] | 103 ± 3,0 |
| Trillingen a _h ± K (ISO 28927-2) | [m/s ^2 ] 5,47 ± 1,5 |
ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORWAARDEN
WAARSCHUWING! Bij het gebruik van persluchtgereedschap is het aan te bevelen altijd de basisveiligheidsmaatregelen in acht te nemen om de kans op brand, elektrische schokken en verwondingen te beperken.
Lees voorafgaand aan het gebruik van het gereedschap de volledige handleiding en bewaar deze goed.
LET OP! Lees alle onderstaande instructies. Als u deze niet naleeft, kan dit een elektrische schok, brand of lichamelijk letsel veroorzaken. Met "pneumatisch gereedschap" worden in deze gebruiksaanwijzing alle gereedschappen bedoeld die onder de juiste druk door een persluchtstroom worden aangedreven.
Algemene veiligheidsregels
Lees en begrijp de veiligheidsinstructies voordat u begint met de installatie, bediening, reparatie, onderhoud en vervanging van accessoires of wanneer u in de buurt van een pneumatisch gereedschap werkt vanwege meerdere gevaren. Doet u dit niet, dan kan dit ernstig letsel tot gevolg hebben. Pneumatisch gereedschap mag alleen door gekwalificeerd en geschoold personeel worden geïnstalleerd, afgesteld en gemonteerd. Breng geen wijzigingen aan het pneumatische gereedschap aan. Wijzigingen kunnen de efficiëntie en de veiligheid verminderen en het risico voor de bediener van het gereedschap verhogen. Gooi de veiligheidsinstructies niet weg, maar overhandig ze aan de bediener van het apparaat. Gebruik het pneumatisch gereedschap niet als het beschadigd is. Het gereedschap moet periodiek worden geïnspecteerd op de zichtbaarheid van de overeenkomstig ISO 11148 vereiste gegevens. De werkgever/gebruiker dient zo nodig contact op te nemen met de fabrikant om het typeplaatje te vervangen.
Gevaren door uitgeworpen onderdelen
Beschadiging van het werkstuk, toebehoren of zelfs van het ingestoken gereedschap kan ertoe leiden dat er bij hoge toerentallen onderdelen worden uitgeworpen. Gebruik altijd een slagvaste oogbescherming. De mate van bescherming moet worden gekozen op basis van de werkzaamheden die worden verricht. Zorg ervoor dat het werkstuk goed vastgeklemd is.
Risico's verbonden aan verstrikking
Verstrikkingsgevaar kan leiden tot verstikking, scalperen en/of verwondingen als losse kleding, sieraden, haar of handschoenen niet uit de buurt van het gereedschap of de accessoires worden gehouden. Handschoenen kunnen verstrikt raken door een draaiende gereedschapshouder en kunnen leiden tot het afsnijden of breken van vingers. Met rubber bedekte handschoenen of met metaal versterkte handschoenen kunnen gemakkelijk verstrikt raken in de doppen die op de gereedschapshouder zijn aangebracht. Draag geen loszittende handschoenen of handschoenen met afgesneden of gerafelde vingers. Houd nooit de gereedschapshouder, dop of verlengsnoer vast. Houd uw handen uit de buurt van draaiende gereedschapshouders.
Risico's verbonden aan het werk
Het gebruik van het apparaat kan de handen van de bediener blootstellen aan risico's zoals bekneld raken, stoten, snijden, schuren en hitte. Draag geschikte handschoenen om uw handen te beschermen. De bediener en het onderhoudspersoneel moeten fysiek in staat zijn om met de hoeveelheid, het gewicht en het vermogen van het gereedschap om te gaan. Houd het toestel goed vast. Wees bereid om normale of onverwachte bewegingen te weerstaan en zorg dat steeds beide handen kunnen gebruikt worden. Wanneer koppelabsorberende middelen nodig zijn, wordt aanbevolen om waar mogelijk een draagarm te gebruiken. Als dit echter niet mogelijk is, is het aan te bevelen om zijgrepen te gebruiken voor recht gereedschap en gereedschap met een pistoolgreep. Het gebruik van reactiestangen voor hoekschroevendraaiers wordt aanbevolen. In ieder geval wordt het gebruik van bovenstaande koppelabsorberende middelen aanbevolen: 4 Nm voor recht gereedschap, 10 Nm voor pistoolgereedschappen, 60 Nm voor haakse schroevendraaiers. Bij stroomuitval moet de druk op de starten stopinrichting worden opgeheven. Gebruik alleen de door de fabrikant aanbevolen smeermiddelen. Vingers kunnen in schroevendraaiers met open grijpers worden geplet. Gebruik geen gereedschap in krappe ruimtes en vermijd het beknellen van de handen tussen gereedschap en werkstuk, vooral bij het losdraaien.
Gevaren door herhaalde bewegingen
Bij het gebruik van een pneumatisch werktuig voor repetitief werk wordt de bediener blootgesteld aan ongemak voor handen, armen, schouders, nek of andere lichaamsdelen. Bij het gebruik van pneumatisch gereedschap moet de gebruiker een comfortabele houding aannemen om ervoor te zorgen dat de voeten correct zijn geplaatst en vreemde of onevenwichtige houdingen te voorkomen. De bediener moet gedurende een lange periode zijn houding veranderen om ongemak en vermoeidheid te voorkomen. Als de bediener symptomen
NL
ervaart zoals aanhoudend of herhaald ongemak, pijn, pulserende pijn, tintelingen, verdoofdheid, branderigheid of stijfheid. Mag hij deze niet negeren, hij moet de werkgever erover inlichten en een dokter raadplegen. Gevaren veroorzaakt door accessoires
Gereedschap van de netvoeding loskoppelen, voordat u het ingestoken gereedschap of accessoires vervangt. Raak de doppen en accessoires niet aan terwijl het apparaat in werking is, omdat dit het risico op letsel, brandwonden of trillingen vergroot. Gebruik accessoires en verbruiksartikelen alleen in de door de fabrikant aanbevolen maten en typen. Gebruik alleen krachtdoppen in goede staat, krachtdoppen in slechte staat of gewone doppen die in slaggereedschap worden gebruikt, kunnen uit elkaar vallen en een kogel worden.
Risico's verbonden aan de werkplaats
Uitglijden, struikelen en vallen zijn de belangrijkste oorzaken van letsels. Pas op voor gladde oppervlakken die door het gebruik van het apparaat worden veroorzaakt en voor struikelgevaar dat door de luchtinstallatie wordt veroorzaakt. Ga voorzichtig te werk in een onbekende omgeving. Er kunnen verborgen gevaren zijn, zoals elektriciteit of andere nutsleidingen. Het pneumatisch gereedschap is niet bestemd voor gebruik in een explosiegevaarlijke omgeving en is niet geïsoleerd van contact met elektrische energie. Controleer of er geen elektrische kabels, gasleidingen, enz. aanwezig zijn die bij gebruik van het apparaat tot beschadigingen kunnen leiden.
Gevaren door dampen en stof
Stof en dampen van pneumatische werktuigen kunnen een slechte gezondheidstoestand veroorzaken (bijvoorbeeld kanker, aangeboren misvormingen, astma en/of huidontsteking), noodzakelijk zijn een risicoboordeling en het gebruik van de gepaste controlemiddelen met betrekking tot deze bedreigingen. De risicoboordeling heeft ook betrekking op de effecten van het stof dat door het gereedschap wordt gegenereerd en de mogelijkheid van het doen opwaaien van bestaand stof. De luchtuitlaat moet zodanig zijn gericht dat het ontstaan van stof in een stoffige omgeving tot een minimum wordt beperkt. Wanneer stof of dampen vrijkomen, moet prioriteit worden gegeven aan de beheersing ervan aan de bron van de emissies. Alle geïntegreerde functies en apparatuur voor het opvangen, afvoeren of verminderen van stof of rook moeten volgens de aanbevelingen van de fabrikant naar behoren worden bediend en onderhouden. Gebruik de ademhalingsbescherming volgens de instructies van de werkgever en volgens de hygiëne- en veiligheidsvoorschriften.
Lawaaihinder
Blootstelling aan een hoog geluidsniveau kan leiden tot blijvend en onomkeerbaar gehoorverlies en andere problemen zoals oorsuizen (rinkelen, zoemen, fluiten of gezoem in de oren). Een risicoboordeling en de toepassing van passende beheersmaatregelen voor deze risico's zijn noodzakelijk. Passende controles om het risico te beperken kunnen maatregelen omvatten zoals geluiddempende materialen om te voorkomen dat het werkstuk "rinkelt". Gebruik de gehoorbescherming volgens de instructies van de werkgever en volgens de hygiène- en veiligheidsvoorschriften. De bediening en het onderhoud van het pneumatisch gereedschap moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met de instructies in de bedieningshandleiding om de emissie van rook en stof tot een minimum te beperken. Als het pneumatisch gereedschap is voorzien van een geluiddemper, controleer dan altijd of deze correct is geïnstalleerd tijdens het gebruik van het gereedschap. Versleten gereedschappen kiezen, onderhouden en vervangen volgens de aanwijzingen in de bedieningshandleiding. Dit voorkomt een onnodige toename van het lawaai.
Gevaar voor trillingen
Blootstelling aan trillingen kan blijvende schade toebrengen aan de zenuwen en de bloedtoevoer van de handen en armen. Houd uw handen uit de buurt van schroevendraaierbussen. Draag warme kleding bij het werken bij lage temperaturen en houd uw handen warm en droog. Als de huid van uw vingers of handen verdoofd, tintelend, pijnig of gebleekt is, stop dan met het gebruik van het pneumatisch gereedschap en informeer uw werkgever en raadpleeg uw arts. De bediening en het onderhoud van het pneumatisch gereedschap moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met de instructies in de bedieningshandleiding om de onnodige
NL
toename van het trillingsniveau tot een minimum te beperken. Gebruik geen versleten of slecht gemonteerde doppen, omdat deze een aanzienlijke verhoging van de trillingsniveaus kunnen veroorzaken. Versleten gereedschappen kiezen, onderhouden en vervangen volgens de aanwijzingen in de bedieningshandleiding. Dit voorkomt een onnodige toename van de trillingen. Waar mogelijk moet een afschermende montage worden gebruikt. Ondersteun indien mogelijk het gewicht van het gereedschap in een rek, spanner of een equivalent daarvan. Houd het gereedschap licht maar goed vast, rekening houdend met de benodigde reactiekrachten, omdat bij een hogere klemkracht de kans op trillingen meestal groter is.
Aanvullende veiligheidsinstructies voor pneumatisch gereedschap
Perslucht kan ernstige letsels veroorzaken:
- ontkoppel altijd de luchttoevoer, maak de slang leeg van de luchtdruk en ontkoppel het apparaat van de luchttoevoer als het niet wordt gebruikt, voordat u accessoires verwisselt of reparaties uitvoert;
- richt de lucht nooit op uzelf of iemand anders.
Een slag van de slang kan ernstige letsels veroorzaken. Controleer altijd op beschadigde of loszittende slangen en fittingen. Houd koude lucht uit de buurt van de handen. Gebruik geen snelkoppeling aan de inlaat van het slaggereedschap of luchthydraulisch gereedschap. Gebruik schroeffittingen van gehard staal (of materiaal van vergelijkbare sterkte). Wanneer universele schroefverbindingen (klauwverbindingen) worden gebruikt, moeten veiligheidspennen en koppelingen worden gebruikt om schade aan de verbindingen tussen de slangen en tussen de slang en het gereedschap te voorkomen. Overschrijd de maximale luchtdruk die voor het apparaat is aangegeven niet. De luchtdruk is van cruciaal belang voor de veiligheid en is van invloed op de prestaties in koppelgestuurde systemen en gereedschappen met continue rotatie. In dit geval moeten de lengte en diameter van de slangen in acht worden genomen. Draag het apparaat nooit door de slang vast te houden.
GEBRUIKSVOORWAARDEN
Zorg ervoor dat de persluchtbron de juiste werkdruk genereert om de vereiste luchtstroom te verzekeren. Bij een te hoge toevoerdruk moet een drukregelaar met veiligheidsventiel worden gebruikt. Het pneumatische gereedschap moet door het filter- en smeersysteem worden gevoed. Dit zorgt ervoor dat de lucht zowel schoon is als bevochtigd met olie. Controleer vóór elk gebruik de toestand van het filter en de smeernippel en reinig indien nodig het filter of compenseer olietekorten in de smeernippel. Dit garandeert een correcte werking van het gereedschap en verlengt de levensduur ervan.
Bij het gebruik van extra beugels of steunhouders moet erop worden gelet dat het gereedschap correct en stevig is bevestigd.
Er moet worden voorzien in een geschikte positie om een normale of onverwachte beweging van het gereedschap veroorzaakt door het koppel tegen te gaan.
De gebruikte dopsleutels en ander gereedschap moeten geschikt zijn voor gebruik met pneumatisch gereedschap. Het in te brengen gereedschap moet efficiënt, schoon en onbeschadigd zijn en de grootte ervan moet zijn aangepast aan de grootte van de gereedschapshouder. Het is verboden om de sleuteldoppen of de gereedschapshouder aan te passen.
GEBRUIK VAN HET GEREEDSCHAP
Controleer voor elk gebruik van het apparaat of er geen onderdelen van het pneumatische systeem beschadigd zijn. Als u schade vaststelt, vervang dan meteen door nieuwe onbeschadigde elementen van het systeem.
Vóór elk gebruik van het pneumatische systeem, dient men de gecondenseerde vochtigheid in het gereedschap, de compressor en de leidingen, te drogen.
Gereedschap op pneumatisch systeem aansluiten
De afbeelding laat de aanbevolen aansluiting van het gereedschap op het pneumatische systeem zien. Dit
NL
zorgt voor een zo efficiënt mogelijk gebruik van het gereedschap en verlengt ook de levensduur van het gereedschap.
Doe enkele druppels olie met viscositeit SAE 10 in de luchtinlaat.
Om de luchtslang (II) aan te sluiten, moet een geschikt mondstuk stevig aan de draad van de luchtinlaat worden geschroefd.
Bevestig de juiste bit (IV) op de gereedschapshouder. Gebruik voor het werken met pneumatisch gereedschap alleen toebehoren dat geschikt is voor gebruik met slaggereedschappen.
Sluit het gereedschap aan op het pneumatische systeem met een slang met de in de tabel met technische gegevens (III) aangegeven inwendige diameter. Zorg ervoor dat de slang een sterkte van ten minste 1,38 MPa heeft.
Stel de juiste draairichting in (V). De draairichting van de gereedschapshouder wordt aangegeven met een pijl. De letteraanduiding geeft de looprichting van de rechtse schroefdraadbout aan. F - strakker, R - losser.
Als het gereedschap een verstelbare luchtuitlaat heeft, moet deze zo worden geplaatst dat hij zo ver mogelijk van de handen en het lichaam van de bediener en andere personen in de werkomgeving is verwijderd.
Pas de druk (het koppel) aan. Als het niet mogelijk is de druk op het gereedschap in te stellen, moet dit gebeuren op een regelaar in de persluchttoevoer van het gereedschap.
Start het apparaat enkele seconden en controleer of er geen verdachte geluiden of trillingen optreden.
Werken met slagdopsleutels
Voordat u de bout of moer met een sleutel vastdraait, schroeft u de bout of moer handmatig op de schroefdraad (minstens twee slagen). Zorg ervoor dat de grootte van de steeksleutel in relatie tot het aan te schroeven of vast te draaien onderdeel zorgvuldig is gekozen. Verkeerde maatkeuze kan schade aan zowel de sleutel als de moer of bout veroorzaken.
Losdraaien en vastdraaien
Stel de druk in het pneumatische systeem zodanig in dat deze de maximale waarde voor het gereedschap niet overschrijdt. Stel de juiste draairichting van het gereedschap en het juiste koppel in. Monteer een geschikte dopsleutel op de gereedschapshouder. Verbind de momentsleutel met het pneumatische systeem. Breng de moersleutel met de gemonteerde mof aan op het onderdeel dat moet worden los- of vastgedraaid. Geleidelijk aan de duwschakelaar van het gereedschap induwen. Na het beëindigen van de werkzaamheden, demonteer het pneumatische systeem en conserveer het gereedschap.
ONDERHOUD
Gebruik nooit benzine, oplosmiddel of een andere ontvlambare vloeistof om het apparaat te reinigen. Dampen kunnen ontbranden, waardoor het apparaat kan barsten en men ernstige letsels kan oplopen.
De oplosmiddelen die voor het reinigen van de gereedschapshouder en de behuizing worden gebruikt, kunnen de afdichtingen verzachten. Droog het apparaat grondig af voordat u met de werkzaamheden begint.
Bij een storing aan het apparaat moet het apparaat onmiddellijk van het pneumatische systeem worden losgekoppeld.
Alle onderdelen van het pneumatische systeem moeten tegen verontreiniging zijn beschermd. Verontreinigingen die het pneumatische systeem binnendringen, kunnen het gereedschap en andere onderdelen van het pneumatische systeem beschadigen.
Onderhoud van het gereedschap vóór elk gebruik
Het gereedschap van het pneumatische systeem loskoppelen.
Vóór elk gebruik een kleine hoeveelheid conserveringsmiddel (bijv. WD-40) via de luchtinlaat inbrengen.
Het gereedschap op het pneumatische systeem aansluiten en ca. 30 seconden laten draaien. Hierdoor kunt u het conserveringsmiddel door de binnenkant van het apparaat verspreiden en het reinigen.
NL
Het gereedschap van het pneumatische systeem nogmaals loskoppelen.
Doe een kleine hoeveelheid SAE 10 olie in het gereedschap via de luchtinlaatopening en de daarvoor bestemde gaten. Het gebruik van SAE 10 wordt aanbevolen voor het onderhoud van pneumatische gereedschappen.
Gereedschap aansluiten en kort laten lopen.
Let op! WD-40 kan niet worden gebruikt als de eigenlijke smeerolie.
Veeg overtollige olie die eventueel via de uitlaatopeningen is ontsnapt, af. Achtergebleven olie kan de afdichtingen van het gereedschap beschadigen.
Overig onderhoud
Controleer vóór elk gebruik van het apparaat of er geen beschadigingen aan het apparaat zijn opgetreden. Houd gereedschaphouders, gereedschapshandvatten en assen schoon.
Laat het apparaat om de 6 maanden of na 100 bedrijfsuren door een gekwalificeerd personeel in een herstelwerkplaats controleren. Als het apparaat zonder de aanbevolen luchttoevoer is gebruikt, moet het aantal inspecties van het apparaat worden opgedreven.
Probleemoplossing
Stop het gebruik van het apparaat, zodra u een fout opmerkt. Het gebruik van een defect apparaat kan verwondingen tot gevolg hebben. Reparaties of vervangingen van de onderdelen van het gereedschap moeten door gekwalificeerd personeel bij een erkende reparateur worden uitgevoerd.
| Defecten Mogelijke oplossing | |
| Het gereedschap draait te langzaam of start niet op | Doe een kleine hoeveelheid WD-40 in de luchtinlaatopening. Start het apparaat voor enkele seconden. De messen konden aan de rotor blijven kleven. Start het apparaat voor ongeveer 30 seconden. Smeer het apparaat met een kleine hoeveelheid olie. Let op! Overtollige olie kan ertoe leiden dat het apparaat vermogen verliest. Reinig in dit geval de aandrijving. |
| Het gereedschap start en vertraagt daarna | De compressor zorgt niet voor de juiste luchttoevoer. Het apparaat wordt geactiveerd door de lucht die zich in het compressorreservoir heeft opgehoopt. Bij het leeglopen van de tank houdt de compressor geen gelijke tred met het aanvullen van luchttekorten. Sluit het apparaat aan op een effi ciëntere compressor. |
| Onvoldoende vermogen | Zorg ervoor dat uw slangen de in de tabel in hoofdstuk 3 aangegeven binnendiameter hebben. Controleer de drukinstelling om er zeker van te zijn dat deze op de maximum waarde is ingesteld. Zorg ervoor dat het apparaat goed is gereinigd en gesmeerd. Laat het apparaat repareren als er geen resultaten zijn. |
Na gebruik moeten het huis, de lamellen, schakelaars en de bijkomende handgreep en kap worden gereinigd, bijvoorbeeld met een stroom lucht (bij een druk van ten hoogste 0,3 MPa), een borstel of een droge doek, zonder gebruik van chemicaliën en reinigingsvloeistoffen. Reinig gereedschap en handgrepen met een droge, schone doek.
Gebruikte gereedschappen zijn secundaire grondstoffen - ze mogen niet met het huisvuil worden weggegooid, omdat ze stoffen bevatten die gevaarlijk zijn voor de menselijke gezondheid en het milieu! Helpt u ons alstublieft actief bij het spaarzaam omgaan met natuurlijke hulpbronnen en de bescherming van het milieu door gebruikte apparatuur over te maken aan een opslagplaats voor afgedankte apparatuur. Om de hoeveelheid weggegooid afval te verminderen, is het noodzakelijk deze in een andere vorm te hergebruiken, te recycleren of terug te winnen.
Een lijst van reserveonderdelen is beschikbaar op de website van de fabrikant in het productblad.