YT-82901 - Schroevendraaier Yato - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis YT-82901 Yato in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over YT-82901 Yato
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Schroevendraaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding YT-82901 - Yato en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. YT-82901 van het merk Yato.
GEBRUIKSAANWIJZING YT-82901 Yato
Nominale omwentelingssnelheid
Maximale diameter van boorhouder
Elektronisch instelbare omwentelingssnelheid
Draag een veiligheidsbril
Draag gehoorbescherming
Gebruik beschermende handschoenen
Dit symbool geeft aan dat afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (inclusief batterijen en accu's) niet samen met ander afval mag worden weggegooid. Afgedankte apparatuur moet gescheiden worden ingezameld en bij een inzamelpunt worden ingeleverd om te zorgen voor recycling en terugwinning, zodat de hoeveelheid afval en het gebruik van natuurlijke hulpbronnen kan worden beperkt. Het ongecontroleerd vrijkomen van gevaarlijke componenten in elektrische en elektronische apparatuur kan een risico vormen voor de menselijke gezondheid en schadelijke gevolgen hebben voor het milieu. Het huishouden speelt een belangrijke rol bij het bijdragen aan hergebruik en terugwinning, inclusief recycling van afgedankte apparatuur. Voor meer informatie over de juiste recyclingmethoden kunt u contact opnemen met uw gemeente of detailhandelaar.
De boorschroevendraaier is een universieel, mobiel toestel dat door een externe voedingsbron niet hoeft te worden geladen. Het is bestemd voor klusjesmannen die boorgaten willen maken in allerlei materialen (bvb. hout en materialen op houtbasis, metalen) alsook voor indraaien en uitdraaien van vijzen en schroeven. Zijn specifieke voordelen zullen door klusjesmannen die allerlei montage- en afwerkingswerkzaamheden uitvoeren, worden gewaardeerd. De juiste, betrouwbare en veilige werking van het elektrotoestel is afhankelijk van correct gebruik, daarom:
Lees de volledige instructie en bewaar deze voordat het product in gebruik wordt genomen.
De leverancier is niet aansprakelijk voor schade en letsels ontstaan uit gebruik dat niet overeenstemt met de bestemming van het product, niet naleving van veiligheidsvoorschriften en de in deze instructie vermelde aanbevelingen.
UITRUSTING
Het product wordt compleet geleverd en vereist geen montage. Samen met het product worden meegeleverd: accu en een laadstation (lader).
De opgegeven geluidsemissiewaarde is gemeten volgens een standaardtestmethode en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. De opgegeven geluidsemissiewaarde kan worden gebruikt bij de initiele beoordeling van de blootstelling.
De aangegeven totale trillingswaarde is gemeten met behulp van de standaard testmethode en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. De opgegeven totale trillingswaarde kan worden gebruikt bij de eerste beoordeling van de blootstelling.
Let op! De trillingsemissie tijdens het gebruik van het apparaat kan afwijken van de opgegeven waarde, afhankelijk van de manier waarop het apparaat wordt gebruikt.
Let op! Er moeten veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener worden gespecificeerd, die gebaseerd zijn op een beoordeling van de blootstelling onder reële gebruiksomstandigheden (met inbegrip van alle onderdelen van de bedrijfscyclus, zoals de tijd dat het gereedschap wordt uitgeschakeld of stationair draait en de activeringstijd).
ALGEMENE WAARSCHUWINGEN BETREFFENDE DE VEILIGHEID VAN HET ELEKTRISCHE GEREEDSCHAP
NL
Waarschuwing! Lees aandachtig alle waarschuwingen betreffende de veiligheid, illustraties en specificaties die met dit elektrisch toestel / machine werden meegeleverd. Niet-naleving ervan kan tot elektrocutie, brand of ernstige letsels leiden.
Bewaar zorgvuldig alle waarschuwingen en instructies voor toekomstig gebruik.
Het begrip „elektrotoestel / machine gebruikt in de waarschuwingen verwijst naar alle toestellen / machines elektrisch aangedreven, zowel draad als draadloze toestellen.
Veiligheid op de werkplek
De werkplek dient goed belicht en proper te zijn. Wanorde en een slechte belichting kunnen ongevallen veroorzaken.
Het is verboden om met elektrotoestellen / machines in een omgeving van vergrote ontploffingsgevaar met brandbare vloeistoffen, gassen of dampen te werken. Elektrotoestellen / machines generen vonken en kunnen stof of dampen ontsteken.
Laat kinderen en omstanders op de werkplaats niet toe. Concentratieverlies kan tot verlies van controle leiden.
Elektrische veiligheid
De stekker van de voedingskabel moet in de netwerkdoos passen. Het is verboden om de stekker op een om het even welke wijze de modifiëren. Het is verboden om stekkeradapters met geaarde elektrotoestellen / machines te gebruiken.
Een niet-gemodifi eerste stekker verkleint het risico op elektrocutie.
Vermijd contact met geaarde oppervlakken zoals buizen, verwarmingstoestellen of koelkasten. Aarding van het lichaam vergroot het risico op elektrocutie. Stel elektrotoestellen / machines niet bloot aan atmosferische neerslag of vocht. Water en vocht die binnen het elektrotoestel / machine raakt, vergroot het risico op elektrocutie.
Overbelast de voedingskabel niet. Gebruik de voedingskabel niet om de stekker van de voedingskabel te dragen, te trekken of de stekker uit de netwerkdoos te ontkoppelen. Vermijd contact van de voedingskabel met warmte, oliën, scherpe randen of bewegende delen. Beschadiging of verstrengeling van de voedingskabel vergroot het risico op elektrocutie.
In geval van uitvoering van de werkzaamheden buiten de gesloten ruimte dienen verlengsnoeren bestemd voor werking buiten gesloten ruimtes te worden gebruikt. Gebruik van een verlengsnoer die aangepast is voor buitenwerking verkleint het risico op elektrocutie.
In geval wanneer het gebruik van het elektrotoestel / machine in een vochtig milieu niet kan worden vermeden, dient een aardlekschakelaar (RCD) te worden gebruikt als bescherming tegen de voedingsspanning. Gebruik van RCD verkleint het risico op elektrocutie.
Persoonlijke veiligheid
Blijf alert, wees bewust wat er wordt verricht en gebruik gezond verstand tijdens de werking met een elektrotoestel / machine. Gebruik het elektrotoestel / machine niet bij vermoeidheid of onder invloed van drugs of geneesmiddelen.
Zelfs een moment van onoplettendheid kan tot ernstige persoonlijke letsels leiden.
Gebruik persoonslijke beschermingsmidddelen. Draag altijd een veiligheidsbril. Gebruik van persoonlijke beschemringsmiddelen zoals antistofmaskers, anti-slip veiligheidsschoenen, helmen en oorbeschermers verkleint het risico op ernstige letsels.
Zorg ervoor dat het toestel niet toevallig wordt ingeschakeld. Controleer of de elektrische schakelaar in positie „uitgeschakeld” staat alvorens de voeding en/of de accu aan te sluiten of het elektrotoestel / machine op te heffen of te verplaatsen. Verplaatsen van het elektrotoestel / machine met de vinger op de schakelaar of het aansluiten van het elektrotoestel / machine wanneer de schakelaar zich in positie „ingeschakeld” bevindt, kan tot ernstige letsels leiden.
Alvorens het elektrotoestel / machine uit te schakelen, verwijder alle sleutels en andere instrumenten die gebruikt werden voor de afstelling. Een achtergelaten sleutel op roterende onderdelen van het elektrotoestel / machine kan ernstige letsels veroorzaken. Reik niet en hel niet te ver over. Neem een stabiele houding gedurende de uitvoering van de werkzaamheden aan. Dit zal een betere controle over het elektrotoestel / machine mogelijk maken tijdens onverwachte situaties.
Draag gepaste kledij. Gebruik geen losse kledij en draag geen juwelen. Houd het haar en de kledij ver van bewegende onderdelen van het elektrotoestel / machine. Losse kledij, juwelen of lang haar kunnen worden vastgegrepen door de bewegende onderdelen.
Indien de toestellen aangepast zijn tot het aansluiten van stofafzuiging-of ophoping, controleer of ze correct aangesloten en gebruikt werden. Gebruik van stofafzuiging verkleint het risico op stofgerelateerde gevaren.
Zorg ervoor dat de verworven ervaring van veelvuldig gebruik van het elektrotoestel / machine er niet toe zal leiden dat de veiligheidsvoorschriften roekeloos worden genegeerd. Roekeloze handelingen kunnen in een fractie van een seconde ernstige letsels veroorzaken.
Gebruik en zorg voor het elektrotoestel / machine
Overbelast elektrotoestel / machine niet. Gebruik het elektrotoestel / machine bestemd voor de gekozen toepassing.
Een geschikt elektrotoestel / machine zal een betere en veilige werking garanderen indien het gebruikt voor de ontwikkelde belasting wordt.
Gebruik het elektrotoestel / machine niet indien de elektrische schakelaar het in- en uitschakelen niet mogelijk maakt. Het elektrotoestel / machine dat niet controleerbaar is met behulp van de netwerkschakelaar is gevaarlijk en dient door de technische dienst te worden hersteld. Ontkoppel de stekker van de voedingskabel van de netwerkdoos en/of demonteer de accu,
NL
indien hij van het elektrotoestel / machine kan worden ontkoppeld alvorens het elektrotoestel / machine af te stellen, accessiores te vervangen of op te slagen. Zulke voorzorgsmaatregelen zullen ervoor zorgen dat een toevallige inschakeling van het elektrotoestel / machine wordt vermeden.
Bewaar het toestel op een plaats die ontoegankelijk voor kinderen is. Laat personen die niet vertrouwd zijn met de instructie het elektrotoestel / machine niet gebruiken. Elektrotoestellen / machines kunnen in handen van ongeschoolde gebruikers gevaarlijk zijn.
Onderhoud het elektrotoestel / machine en zijn accessoires. Controleer het elektrotoestel / machine op het gebied van slechte aanpassingen of het klem zitten van bewegende onderdelen, beschadiging van onderdelen en om het even welke andere omstandgiheden die de werking van het elektrotoestel / machine kunnen beïnvloeden. Schade dient te worden hersteld alvorens het elektrotoestel / machine te gebruiken. Vele ongevallen worden veroorzaakt door slecht onderhoud van het elektrotoestel / machine.
Snijdende werktuigen dienen proper en scherp te zijn. Snijdende werktuigen met scherpe randen die goed onderhouden zijn zullen zich minder beklemmen en kunnen tijdens de werking beter worden gecontroleerd.
Gebruik elektrotoestellen / machines, accessoires en aanvullende werktuigen ed. overeenkomstig met deze instructie en houd rekening met hun soort en de arbeidsomstandigheden. Gebruik van toestellen bestemd voor andere werkzaamheden dan hun bestemming kan een gevaarlijke situatie veroorzaken.
Houd het handvat en de oppervlakken bestemd om te worden gegrepen altijd droog, proper en vrij van olie en vet. Gladde handvaten en oppervlakken laten geen veilig gebruik toe en houden het elektrotoestel / machine niet onder controle in gevaarlijke situaties.
Herstellingen
Laat het elektrotoestel / machine herstellen enkel bij de bevoegde technische diensten die originele reserveonderdelen gebruiken. Dit zal de gepaste veiligheid van het elektrotoestel garanderen.
Veiligheidsinstructies voor alle activiteiten
Gebruik gehoorbeschermers bij hamerboren. Blootstelling aan lawaai kan gehoorverlies veroorzaken.
Gebruik de extra handgre(e)pen. Verlies van controle kan persoonlijk letsel veroorzaken.
Grijp het apparaat goed vast vóór het gebruik. Dit apparaat genereert een hoog koppel en zonder goed vasthouden tijdens het gebruik kan verlies van controle over de machine lichamelijke letsels veroorzaken.
Houd het gereedschap met geïsoleerde handgrepen vast bij werkzaamheden waarbij het snijdend accessoire in contact kan komen met een verborgen kabel of netsnoer. Een snijdend accessoire dat in contact komt met een draad onder spanning kan de metalen delen van het gereedschap "onder spanning" zetten en de bediener een elektrische schok bezorgen.
Veiligheidsinstructies bij het gebruik van lange boren
Werk nooit met een hogere snelheid dan de maximale boorsnelheid. Bij hogere snelheden zal de boor waarschijnlijk knikken als deze losgelaten wordt voor een vrije rotatie zonder contact met het werkstuk, wat verwondingen kan veroorzaken.
Begin altijd met werken op lage snelheid en wanneer het uiteinde van de boor in contact komt met het te verwerken materiaal. Bij hogere snelheden zal de boor waarschijnlijk knikken als deze losgelaten wordt voor een vrije rotatie zonder contact met het werkstuk, wat verwondingen kan veroorzaken.
Druk alleen in de richting van de booras en niet te veel druk uitoefenen. De boor kan buigen, waardoor een breuk of verlies van controle kan ontstaan, met lichamelijk letsel tot gevolg.
VOORBEREIDING
OPGELET! Alle hieronder vermelde handelingen dienen te worden uitgevoerd bij een uitgeschakelde spanningsbron – de accu dient van het toestel te worden ontkoppeld!
Veiligheidsinstructies betreff ende het laden van de accu
Opgelet! Vooraleer te beginnen met laden, controleer of het corpus van de voeding, het netsnoer en de stekker geen barsten of beschadigingen vertonen. Het is verboden om een defecte od beschadigde laadstation of voeding te gebruiken. Om accu te laden, mogen enkel de meegeleverde laadstation en voeding worden gebruikt. Gebruik van een andere voeding kan brand of beschadiging veroorzaken. Het laden mag enkel plaatsvinden in een gesloten, droge ruimte waarvan de toegang tot beveiligd is tegen onbevoegden, vooral kinderen. Het is verboden om de lader en de voeding te gebruiken zonder toezicht van een volwassene! Indien het nodig is om de ruimte, waarin het opladen plaatsvindt, te verlaten, dan dient de stekker van de stroom te worden ontkoppeld. In geval er rook of een verdachte geur enz. uit de lader vrijkomt, dan dient de stekker uit het stopcontact onmiddellijk te worden uitgetrokken!
De boorschroevendraaier wordt met een lege accu meegeleverd, daarom alvorens met het werk te beginnen, dient ze te worden opgeladen met behulp van de meegeleverde lader en voeding volgens de hieronder vermelde procedure. Accu's van het type Li-ion (lithium – ion) vertonen geen zogenaamde „geheugeneffect“ wat toelaat om ze op het even welk moment op te laden. Het is echter raadzaam om de accu volledig te ontladen tijdens de normale werking en vervolgens haar volledig op te laden. Indien zulke gebru-
NL
ikswijze van de accu niet altijd mogelijk is wegens de aard van de te verrichten werkzaamheden, dient de accu op deze wijze ten minste 1 keer per enkele of tientallen cycli te worden gebruikt. In geen geval mogen de accu's te worden ontladen waarbij elektroden met elkaar worden verbonden, omdat dit onomkeerbare schade zal veroorzaken! Het is ook verboden de oplaadstatus van de accu te controleren door elektroden te verbinden of vonkontsteking te checken.
Opslag van accu
Om de levensduur van de accu te verlengen, dient ze op een plaats met geschikte omstandigheden te worden opgeslagen. De accu heeft een levensduur van ongeveer 500 „laden – ontladen“-cycli. De accu dient in een temperatuur van 0 tot 30 graden Celsius bij een relatieve luchtvochtigheid van 50% te worden bewaard. Om de accu gedurende een lange periode op te slagen, dient ze te worden opgeladen tot ongeveer 70 % van haar capaciteit. In geval van opslag gedurende een langere periode, dient de accu ten minste 1 keer per jaar te worden opgeladen. Het is raadzaam om de accu buitensporig niet te ontladen, omdat dat haar levenduur verkort en onomkeerbare schade kan veroorzaken.
Tijdens de opslag zal de accu zich geleidelijk ontladen wegens lekkage. Het ontladingsproces is afhankelijk van de opslagtemperatuur, hoe hoger de temperatuur hoe sneller de accu zich zal ontladen. In geval van slechte accuopslag kan dit leiden tot lekkage van elektrolyt. In geval van elektrolytlekkage dient het lek met behulp van een neutraliserend middel te worden beveiligd. In geval dat de elektrolyt in contact met de ogen komt, dienen ze uitvoerig met water te worden gespoeld en vervolgens geconsulteerd te worden met de arts. Het is verboden het toestel met een beschadigde accu te gebruiken.
Wanneer de accu verbruikt is, dient deze naar een containerpark voor afvalverwerking te worden gebracht.
Lithium-ionenaccu's worden volgens de wetgeving als gevaarlijke metarialen beschouwd. De gebruiker van het toestel mag het toestel met de accu alsook enkel de accu's zelf over land transporteren. Dan hoeven de bijkomende voorwaarden niet te worden vervuld. In geval het transport wordt uitgevoerd via derden (bvb. zending via koerier) dan dient de wetgeving betreffende het vervoer van gevaarlijke materialen te worden opgevolgd. Alvorens de zending wordt uitgevoerd dient in deze kwestie contact te worden opgenomen met een daarvoor opgeleide persoon.
Het is verboden om beschadigde accu's te vervoeren. Vóór het transport dienen de gedemonteerde accu's uit het toestel te worden verwijderd en de blootliggende contacten te worden beveiligd, bvb. beveiligen door middel van isolatietape. De accu's dienen op zulke wijze in de verpakking te worden beveiligd zodat ze zich niet verplaatsen tijdens het transport. De nationale wetgeving betreffende het vervoer van gevaarlijke materialen dient ook te worden nageleefd.
Opladen van de accu
Let op! Koppel de stekker van de lader los van het lichtnet voordat u deze oplaadt. Reinig bovendien de accu en de accupolen van vuil en stof met een zachte, droge doek of borstel.
Sluit de accu aan op het gereedschap.
Schuif de accu in de oplaadbus (II).
Steek de lader in een stopcontact.
De rode LED zal oplichten, wat het laadproces aangeeft.
Wanneer het opladen voltooid is, gaat de rode LED uit en gaat de groene LED branden om aan te geven dat de accu volledig is opgeladen.
Trek de stekker van de lader uit het stopcontact.
Trek de accu uit het laadstation door op de accuvergrendelingsknop te drukken.
Let op! Als de groene LED oplicht wanneer de lader op het lichtnet is aangesloten, is de accu volledig opgeladen. In dit geval zal de lader het laadproces niet starten.
Het apparaat heeft een ingebouwde laadindicator. Door op de netschakelaar te drukken, hoe meer de LED's oplichten, hoe meer de accu wordt opgeladen. Als de LED's niet oplichten wanneer de knop wordt ingedrukt, is de accu ontladen.
Afstelling van de toerentalsnelheid en de keuze van het koppel
Het toestel heeft twee mechanisch geschakelde versnellingen (III). Afhankelijk van het gekozen maximale toetental, dient er één versnelling te worden gekozen. De versnelling die gekenmerkt wordt door een lager toerental, wordt aanbevolen voor het in en uitdraaien van de schroeven. De versnelling die gekenmerkt wordt door een hoger toerental, wordt aanbevolen voor het boren.
Het koppel wordt afgesteld met behulp van een ring die achter de boorkop is geplaatst (IV). Hoe groter de instelling, hoe hoger het koppel dat het toestel aanbiedt. Het is raadzaam om het koppel niet hoger in te stellen dan het nodig is voor de juiste werking, anders kunnen de schroefdraden worden vernield. In geval dat de schroeven rechtstreeks in het materiaal worden gedraaid, dient het juiste koppel proefondervindelijk te worden gekozen. De proef kan op afvalmateriaal worden uitgevoerd. Indien het maximale koppel, dat veilig is voor een gegeven verbinding, niet gekend is, dient de kleinste waarde te worden ingesteld. Deze kleinste waarde dient gradueel te worden vehoogd totdat de juiste waarde voor het werk wordt bereikt. Indien het toestel het maximaal instelbare koppel bereikt, zal een veiligheidskoppeling om de overbelasting te verhinderen, in werking treden. Stop vervolgens met het indraaien.
NL
Indien het product reeds uitgerust werd met een slagfunctie, beschikt het dan over een hamersymbool dat zichtbaar is op de ringinstelling. Instelling van de ring op het hamersymbool zal het slagmechanisme inschakelen. Boren met slagfunctie dient te worden gebruikt om in het beton te boren en mag niet worden gebruikt om in hout of kunststof te boren.
Om gaten met het toestel te boren, dient de ring op het boor- of hamersymbool te worden ingesteld waardoor de veiligheidskoppeling ontkoppeld wordt en waarna op de boor het maximale koppel zal worden overgedragen.
Opgelet! Gebruik om te boren geen instellingen die met cijfers worden aangegeven. De inwerkingtreding van de veligheidskoppeling tijdens het boren kan de vernieling van het materiaal of de boor veroorzaken en het risico op letsels verhogen.
Vastmaken van boren in de boorkop
Gebruik een voor het werk geschikte boor met een cilindrische houder.
Plaats de boor in de houder. Draai manueel de boorkop totdat de boor goed vast zit (V)
Stel het maximale koppel in. Stel het koppel op het boor- of hamersymbool in.
Afstelling van toerentalrichting
Stel de schakelaar van de toerentalrichting in op de gewenste positie. De toerentalrichting werd aangegeven met een pijltje (VI).
Opgelet! De toerentalrichting kan enkel worden veranderd wanneer de stroom uitgeschakeld is! Het is verboden om de toerentalrichting te veranderen tijdens de werking van het toestel!
Vastmaken van schroefuiteinden in de boorkop
Plaats de uiteindenhouder in de opening van de boorkop en vervolgens het voor het werk gepaste uiteinde of bevestig het uiteinde rechtstreeks in de houder. (VII)
Voorbereidende handelingen
Alvorens met werk te beginnen:
Bevestig het verwerkte materiaal in de bankschroef of met behulp van de daarvoor bestemde klemmen.
Gebruik het juiste werkgereedschap voor uit te voeren werk. Zorg ervoor dat ze scherp en in goede staat zijn.
Draag werkkledij en beschermingsmiddelen voor de ogen en het gehoor.
Neem het toestel met beide handen vast (VIII).
Neem een zekere en een stabiele houding aan.
Schakel de elektrische schakelaar van het toestel met je vinger in.
Opgelet! Indien er verdacht lawaai, knallen of stank worden opgemerkt, schakel het toestel onmiddelijk uit en neem de accu eruit.
GEBRUIKSAANWIJZING
Opgelet! Draag altijd oorbeschermers tijdens de werking van het toestel!
Gebruik van rechtse of linkse toerental
Pas rechtse toeren toe tijdens het boren met de gebruikelijke rechtsdraaiende boren.
Pas linkse toerental toe in geval dat de rechtsdraaiende boor in het materiaal en bij het uidraaien van de schroeven vast komt te zitten. In geval van uitdraaien van schroeven pas het minimale toerental toe.
Boren in hout
Vooraleer gaten te boren is het raadzaam om het te verwerken materiaal eerst in klemmen of in bankschroef vast te maken en vervolgens met de puntbeitel of nagel de plaats van boren te bepalen. Plaats de juiste boor in de boorkop, bepaal het toerental, sluit de stroomvoeding aan en begin te boren.
In geval van uitvoering van gaten „volledig door het materiaal” in het raadzaam om een houten element eronder te leggen, waardoor de openingsrand geen scheuren zal vertonen.
In geval er gaten met grote diameters geboord worden, is het raadzaam om eerst een kleiner gat te boren.
Boren in metalen
Vooraleer gaten te boren is het raadzaam om het te verwerken materiaal eerst in klemmen of in bankschroef vast te maken en vervolgens met de puntbeitel of nagel de plaats van boren te bepalen. Plaats de juiste boor in de boorkop, bepaal het toerental, sluit de stroomvoeding aan en begin te boren.
Gebruik boren voor staal. In geval dat er geboord wordt in witte gietijzer is het raadzaam om boren met uiteinden van gecemen- teerde carbide te gebruiken. In geval er gaten met grote diameters geboord worden, is het raadzaam om eerst een kleiner gat te boren.
Bij boren in staal, gebruik machineolie om de boor af te koelen.
Voor aluminium pas als koelmiddel terpentine of parafine toe.
Bij boren in geelkoper, koper of gietijzer dienen geen koelmiddelen te worden gebruikt. Neem de boor vaak uit het materiaal om deze te laten afkoelen.
NL
Boren in cermische materialen
Boren in harde en vaste materialen (beton, harde baksteen, steen, marmer enz.)
Van toepassing enkel voor toestellen met slagfunctie.
Maak eerste een kleine gat vooraleer de eigenlijke gat te boren met de slagfunctie. Gebruik boren van gecementeerde carbide, die in goede staat zijn.
Boren in glazuur, zachte baksteen, gips enz.
Gebruik hiervoor slagboren. Gebruik de slagfunctie niet (indien beschikbaar in de boormachine). Zet veel kracht op het toestel tijdens het boren. Neem de boor af en toe uit het geboorde gat om stof en resten te verwijderen.
Gebruik van het toestel om schroeven in en uit te draaien.
Hiervoor is het raadzaam om: zo laag mogelijke toerental en de juiste uiteinden te gebruiken.
De uiteinden kunnen rechtstreeks in de boorkop te worden bevestigd of met behulp van een speciaal magnetische houder.
Om de schroef uit te draaien het linkse toerental (L) door middel van de schakelaar te worden ingesteld.
Gebruik van aanvullend gereedschap
Het is verboden het toestel tot aandrijving van aanvullende elementen te gebruiken.
Aanvullende opmerkingen
Om het toestel en zijn delen niet te beschadigen, oefen een niet te grote druk uit op het te verwerken materiaal tijdens de uitvoering en voer geen plotse bewegingen uit.
Maak regelmatige pauzes tijdens het werk.
Veroorzaak geen overbelasting van het toestel – de temperatur van externe oppervlakken mag 60 °C nooit overschrijden.
Zodra het werk beëindigd is, schakel de boormachine uit, trek de stekker uit het stopcontact en voer een routine onderhoud van het toestel uit. Kijk of het toestel in orde is. De opgegeven, volledige waarde van de trillingen wordt gemeten met behulp van de standard onderzoeksmethode en kan ter vergelijking van het ene toestel met het andere te worden gebruikt. De opgegeven, volledige waarde van de trillingen kan gebruikt worden voor een voorlopige beoordeling van de blootstelling.
Opgelet! De ontstane trillingen van het toestel tijdens het werk kunnen verschillen van de opgegeven waarden, afhankelijk van hoe het toestel wordt gebruikt
Opgelet! De beschermingsmiddelen van de operator, gebaseerd op de beoordeling van het risico in werkelijke gebruiksomstandigheden (inclusief alle werkcycli, zoals bvb. tijd waarop het toestel is uitgeschakeld of waarop het zich in stationaire werking bevindt alsook de activatietijd), dienen te worden bepaald.
ONDERHOUD EN INSPECTIES
OPGELET! Vóór aanvang van de afstelling, technisch onderhoud of onderhoud dient de stekker uit het stopcontact te worden uitgetrokken. Controleer de technische staat van het product na zijn werking door middel van een externe inspectie en een evaluatie van: behuizing en handgreep, elektrisch snoer met stekker, werking van de elektrische schakelaar en doorlaatbaarheid van ventilatieroosters, vonken van borstel, geluidsniveau van lagers en tandwieltjes, opstart en werkinguniformiteit. Tijdens de garantieperiode mag de gebruiker aanvullende elektrotoestellen niet monteren of componenten of bestanddelen vervangen, omdat dit tot garantieverlies zal leiden. Alle bij de inspectie of de werking geobserveerde onregelmatigheden zijn een signaal om het toestel bij de service te laten herstellen. Na beëindiging van de werkzaamheden dienen de behuizing, ventilatieroosters, schakelaars, aanvullende handgreep en covers te worden schoongemaakt bvb. met een luchtstroom (met een druk die niet groter is dan 0,3 MPa), penseel of droge vod zonder gebruik van chemische middelen en schoonmaakvloeistoffen. Gereedschap en houders dienen met een droge, propere vod te worden schoongemaakt.