Yato YT-828296 - Schuurmachine

YT-828296 - Schuurmachine Yato - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis YT-828296 Yato in PDF-formaat.

📄 248 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice Yato YT-828296 - page 175
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over YT-828296 Yato

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Schuurmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding YT-828296 - Yato en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. YT-828296 van het merk Yato.

GEBRUIKSAANWIJZING YT-828296 Yato

  1. behuizing
  2. extra handgreep
  3. afscherming slijpschijf
  4. spil
  5. spilblokkade
  6. schakelaar
  7. snelheidsregulatie
  8. slijpschijf (slijpsteen)
  9. onderste borgring
  10. bovenste bøgring
  11. accu
  12. accu-oplader
  13. oplaadindicator accu
  14. accugrendel

RU

  1. behuizing
  2. elektrische schakelaar
  3. toerentalregeling
  4. bevestigingsmoer
  5. gereedschapshouder
  6. accucontactdoos
  7. sleutel

GR

Draag een veiligheidsbril

Draag gehoorbescherming

Gebruik ademhalingsbescherming

Werk altijd met de slijper terwijl u deze met twee handen vasthoudt

Niet gebruiken om te snijden

Dit symbool geeft aan dat afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (inclusief batterijen en accu's) niet samen met ander afval mag worden weggegooid. Afgedankte apparatuur moet gescheiden worden ingezameld en bij een inzamelpunt worden ingeleverd om te zorgen voor recycling en terugwinning, zodat de hoeveelheid afval en het gebruik van natuurlijke hulpbronnen kan worden beperkt. Het ongecontroleerd vrijkomen van gevaarlijke componenten in elektrische en elektronische apparatuur kan een risico vormen voor de menselijke gezondheid en schadelijke gevolgen hebben voor het milieu. Het huishouden speelt een belangrijke rol bij het bijdragen aan hergebruik en terugwinning, inclusief recycling van afgedankte apparatuur. Voor meer informatie over de juiste recyclingmethoden kunt u contact opnemen met uw gemeente of detailhandelaar.

De haakse slijper is een elektrisch gereedschap voor het slijpen en doorslijpen van metalen en minerale bouwmaterialen zoals baksteen, natuur- en kunststeen, beton, tegels, enz. met behulp van slijpschijven en -schijven die zijn geselecteerd op basis van het materiaal. In geen geval mag het gereedschap worden gebruikt om andere dan de hierboven genoemde materialen te bewerken, bijv. schuren en snijden van hout of polijsten. Een juiste, betrouwbare en veilige werking van de slijpmachine is afhankelijk van een juiste bediening, dus voordat u de slijpmachine gebruikt:

Lees voordat u met het gereedschap gaat werken de volledige handleiding door en bewaar deze.

Altijd oogbescherming gebruiken!

Gebruik geen slijpschijven met een maximaal toegestane omtreksnelheid van minder dan 80 m/s!

Gebruik geen slijpschijven met een maximaal toelaatbare snelheid die lager is dan de snelheid van de slijpmachine.

Let op! Het stof dat vrijkomt bij het schuren van bepaalde oppervlakken kan schadelijk zijn voor de gezondheid of giftig.

De leverancier is niet aansprakelijk voor schade als gevolg van het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften en de aanbevelingen in deze handleiding.

UITRUSTING

Het product wordt compleet geleverd, maar vereist montagehandelingen voordat het kan worden gebruikt. Het volgende wordt meegeleverd: oplaadbare accu, laadstation (lader), slijpschijfdeksel, slijpsleutel en hulphandgreep.

* alleen op modellen die zijn uitgerust met een accu en een lader
** De opgegeven laadtijd geldt alleen voor de accu met de in de tabel vermelde capaciteit

De opgegeven geluidsemissiewaarde is gemeten volgens een standaardtestmethode en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. De opgegeven geluidsemissiewaarde kan worden gebruikt bij de initiele beoordeling van de blootstelling. De aangegeven totale trillingswaarde is gemeten met behulp van de standaard testmethode en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. De opgegeven totale trillingswaarde kan worden gebruikt bij de eerste beoordeling van de blootstelling.

Let op! De trillingsemissie tijdens het gebruik van het gereedschap kan afwijken van de opgegeven waarde, afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.

Let op! Er moeten veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener worden gespecificeerd, die gebaseerd zijn op een beoordeling van de blootstelling onder reële gebruiksomstandigheden (met inbegrip van alle onderdelen van de bedrijfscyclus, zoals de tijd dat het gereedschap wordt uitgeschakeld of stationair draait en de activeringstijd).

ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

LET OP!! Lees al deze instructies. Het niet naleven van de instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand of persoonlijk letsel. De term „elektrisch gereedschap“ dat wordt gebruikt in de instructies verwijst naar alle apparaten die worden aangedreven door elektrische stroom zowel bedraad als draadloos.

NALEVEN VAN ONDERSTAANDE INSTRUCTIES

Werkplaats

Houd de werkplek goed verlicht en schoon. Een rommelige werkplek en slechte verlichting kunnen leiden tot ongelukken.

Men dient het gereedschap niet te gebruiken in een omgeving met verhoogd risico op ontploffing die brandbare vloeistoffen, gassen of dampen bevatten. Van elektrisch gereedschap kunnen vonken afkomen die brand kunnen veroorzaken indien deze vonken in aanraking komen met brandbare gassen of dampen.

Geen kinderen of omstanders toelaten tot de werkplaats. Concentratieverlies kan leiden tot controleverlies over het apparaat.

Elektrische veiligheid

De stekker van de elektrische kabel dient te passen in het stopcontact. Men dient de stekker niet aan te passen. Het is verboden gebruik te maken van adapters om op die wijze de stekker geschikt te maken voor het stopcontact. Een niet aangepaste stekker die past op het stopcontact vermindert het risico op elektrische schokken.

Vermijd contact met geaarde oppervlakken zoals buizen, verwarmingen en koelers. Aarding van het lichaam verhoogt het risico op een elektrische schok.

Het elektrisch gereedschap niet blootstellen aan contact met regen of vocht. Water en vocht dat in het elektrische apparaat terecht komt vergroot de kans op een elektrische schok.

De stroomkabel niet overbelasten. Gebruik de stroomkabel niet om het apparaat te dragen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Vermijd contact van de stroomkabel met hitte, olie, scherpe randen en bewegende delen. Een beschadigde stroomkabel verhoogt het risico op een elektrische schok.

In geval van werkzaamheden in de open lucht dient men gebruik te maken van verlengsnoeren die bestemd zijn voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een correcte verlengsnoer vermindert het risico op elektrische schokken.

Indien het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdbaar is dient men ter bescherming tegen voedingsspanning gebruik te maken van een aardlekschakelaar(RCD). De toepassing van een aardlekschakelaar vermindert het risico op een elektrische schok.

Persoonlijke bescherming

Start de werkzaamheden indien men in een goede lichamelijke en geestelijke conditie verkeerd. Besteed aandacht aan hetgeen dat men doet. Verricht geen werkzaamheden indien men moe is of onder invloed van medicijnen of alcohol. Een moment van onoplettendheid kan leiden tot ernstige verwondingen.

Maak gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd een veiligheidsbril. Het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals stofmaskers, veiligheidsschoenen, helmen en gehoorbeschermers verminderen het risico op ernstig lichamelijk letsel.

Voorkom het onbedoeld inschakelen van gereedschap. Controleer of de elektrische schakelaar zich in de positie "uit" bevindt voordat het gereedschap wordt aangesloten op het elektriciteitsnet. Het vasthouden van het apparaat met de vinger op de schakelaar of het aansluiten van het elektrische apparaat op het moment dat de schakelaar op "aan" staat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

NL

Voordat men het elektrische gereedschap inschakelt dient men eventuele sleutels en andere gereedschappen die zijn gebruikt voor het instellen te verwijderen. Een sleutel die is achtergelaten op de roterende onderdelen van het gereedschap kunnen leiden tot ernstige verwondingen.

Blijf in evenwicht. Blijf de gehele tijd in de juiste houding. Dit maakt het makkelijker het elektrische apparaat onder controle te houden in geval van onverwachte situaties tijdens het gebruik.

Maak gebruik van beschermende kleding. Draag geen loszittende kleding en sieraden. Houd het haar, kleding en werkhandschoenen uit de buurt van bewegende delen van het elektrische gereedschap. Loszittende kleding, sieraden of lange haren kunnen in aanraking komen met de bewegende delen van het gereedschap. Maak gebruik van stofafscheiders of stofbakken indien van toepassing. Zorg ervoor dat dit correct wordt vastgemaakt. De toepassing van een stofafzuiging vermindert het risico op ernstige verwondingen.

Gebruik van het elektrische apparaat

Het elektrische apparaat niet belasten. Maak gebruik van gereedschap dat nodig is voor de desbetreffende werkzaamheden. Correct gereedschap dat bestemd is voor de desbetreffende werkzaamheden zorg voor efficiëntere en veiligere werkzaamheden.

Maak geen gebruik van het elektrische gereedschap indien de schakelaar niet werkt. Gereedschap dat niet kan worden gecontroleerd door middel van de schakelaar is gevaarlijk en dient te worden gerepareerd.

Trek de stekker uit het stopcontact voordat men het apparaat gaat afstellen, toebehoren gaat vervangen of voordat men het gereedschap wilt opslaan. Dit voorkomt het onbedoeld inschakelen van het elektrische gereedschap.

Bewaar het gereedschap buiten het bereik van kinderen. Laat ongeschoolde personen geen gebruik maken van het gereedschap. Het elektrisch gereedschap kan gevaarlijk zijn in de handen van ongeschoolde personen.

Zorg voor het juiste onderhoud van het gereedschap. Controleer het gereedschap op fouten of loszittende onderdelen.

Controleer de onderdelen op beschadigingen. In geval van eventuele gebreken dient men dit te repareren voordat men gebruik gaat maken van het elektrische apparaat. Veel ongelukken worden veroorzaakt door onjuist onderhouden gereedschap. Houd snijgereedschappen scherp en schoon. Goed onderhouden snijgereedschappen zijn makkelijker te controleren tijdens de werkzaamheden.

Gebruik elektrisch gereedschap en accessoires in overeenstemming met deze instructies. Gebruik gereedschappen voor het beoogde doel, rekening houdend met het type en de arbeidsomstandigheden. Het gebruik van gereedschappen voor andere werkzaamheden dan de bestemming daarvan kan de kans op gevaarlijke situaties te verhogen.

Reparatie

Repareer het gereedschap alleen op de daarvoor gerechtigde plaatsen en maak alleen gebruik van originele onderdelen.

Dit garandeert een goede veiligheid van het elektrisch gereedschap.

AANVULLENDE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR SCHIJFSCHUURMACHINES EN POLIJSTMACHINES

Het gereedschap is alleen ontworpen voor schuren, schuren met schuurpapier, schuren met staalborstels en snijden. Maak uzelf vertrouwd met alle waarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties die bij het elektrische gereedschap worden geleverd. Het niet naleven van alle onderstaande instructies kan een elektrische schok, brand en / of ernstig letsel tot gevolg hebben.

Bouw dit gereedschap niet om voor werkzaamheden waarvoor het niet door de fabrikant ontworpen en gespecificeerd is. Een dergelijke ombouw zal leiden tot verlies van controle en ernstig letsel veroorzaken.

Het is verboden het gereedschap te gebruiken als polijstmachine of op een andere manier dan in de gebruiksaanwijzing beschreven staat. Werken met het gereedschap waarvoor het niet is bedoeld, kan een risico vormen en letsel veroorzaken.

Gebruik geen accessoires die niet zijn ontworpen en niet zijn aanbevolen door de fabrikant. Het feit dat de accessoires op het gereedschap kunnen worden gemonteerd, betekent niet dat ze een veilig werk garanderen.

De maximale snelheid van de accessoires moet gelijk zijn aan of groter zijn dan de maximale snelheid van het gereedschap. Accessoires met een lagere snelheid dan de snelheid van het gereedschap kunnen tijdens het gebruik in stukken breken.

De externe diameter en dikte van de accessoires moeten binnen het gespecificeerde groottebereik voor het gereedschap vallen. Accessoires van onjuiste afmetingen kunnen niet goed worden afgedekt en gehanteerd.

De maat van het bevestigingsgat voor wieltjes, schijven, flenzen en ander toebehoren moet overeenkomen met de maat van de spindel van het gereedschap. Accessoires, waarvan de grootte van het montagegat komt niet overeen met de grootte van de gereedschapsspindel, zullen na het starten beginnen te vibreren, wat tot verlies van controle over het gereedschap kan leiden.

Gebruik geen beschadigde accessoires. Controleer vóór elk gebruik de staat van de accessoires op de aanwezigheid van spatten, scheuren en overmatige slijtage. Als u de accessoires laat vallen, controleert u deze op schade of plaatst u nieuwe, onbeschadigde accessoires. Nadat u de accessoires hebt geïnspecteerd en geïnstalleerd, plaatst u uzelf en omstanders buiten het rotatievlak van het accessoire en voert u het gereedschap vervolgens een minuut lang uit met de maximale snelheid. Slechte accessoires worden tijdens de test beschadigd.

Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Gebruik afhankelijk van de toepassing gezichtsbescherming, bril of veiligheidsbril. Gebruik indien nodig stofmaskers, gehoorbescherming, handschoenen en schorten om te beschermen tegen kleine fragmenten van accessoires of werkmaterialen. Oogbescherming moet in staat zijn om rondvliegende deeltjes die

NL

tijdens de werking ontstaan, te stoppen. Het stofmasker moet het stof kunnen filteren dat tijdens het gebruik wordt gegenereerd. Te lange blootstelling aan lawaai kan gehoorverlies veroorzaken.

Houd een veilige afstand tussen de werkplek en buitenstaanders. Personen die de werkplek betreden, moeten persoonlijke beschermingsmiddelen gebruiken. Fragmenten die tijdens het werk worden gemaakt of fragmenten van beschadigde accessoires kunnen uit de directe omgeving van de werkplek vliegen.

Wanneer u werkzaamheden uitvoert waarbij de schijf in aanraking kan komen met verborgen elektrische leidingen of stroomkabels die onder spanning staan, mag u de polijstmachine alleen vasthouden met geïsoleerde handgrepen. De schijf kan in contact met een stroomvoerende draad ertoe leiden dat de metalen onderdelen van het gereedschap onder spanning komen, waardoor de bediener van het gereedschap een elektrische schok kan krijgen.

Plaats het netsnoer uit de buurt van de draaiende delen van het gereedschap. In geval van verlies van controle over het gereedschap, kan het snoer worden doorgesneden of worden gevangen en kan de hand of arm van de bestuurder in de draaiende machineonderdelen worden getrokken.

Zet het gereedschap nooit neer totdat de draaiende delen volledig tot stilstand zijn gekomen. Roterende elementen kunnen de grond "vangen" en het gereedschap uit de hand trekken.

Start het gereedschap nooit tijdens het verplaatsen. Door per ongeluk contact met de draaiende delen kan de kleding worden gevangen en naar binnen worden getrokken en kan het gereedschap in contact komen met het lichaam van de gebruiker.

Reinig regelmatig de ventilatieopeningen van het gereedschap. De motorventilator zuigt stof aan dat ontstaat tijdens het gebruik van het gereedschap. Overmatige ophoping van metaaldeeltjes in het stof verhoogt het risico van een elektrische schok.

Gebruik het gereedschap niet in de buurt van ontvlambare materialen. Vonken tijdens het werk kunnen brand veroorzaken. Gebruik geen accessoires die vloeistofkoeling vereisen. Water of koelvloeistof kan een elektrische schok veroorzaken.

De schroefdraadgrootte van de accessoires moet overeenkomen met de schroefdraad van de polijstmachine. Bij accessoires die op een flens worden gemonteerd, moet het montagegat voor de accessoires overeenkomen met de montagemaat van de flens. Accessoires die niet in de houder van het elektrisch gereedschap passen, veroorzaken onbalans, overmatige trillingen en kunnen leiden tot verlies van controle over de machine.

Waarschuwingen met betrekking tot het terugveren van het gereedschap naar de bediener

De reflectie van het gereedschap naar de bediener is een plotselinge reactie op een geblokkeerde of geklemde roterende schijf, borstelpolijstband of een ander accessoire. Een blokkering of vastklemming zorgt ervoor dat het draaiende accessoire plotseling stopt, waardoor het elektrische gereedschap in de tegenovergestelde richting van de rotatie van het accessoire draait.

Als de schuurschijf bijvoorbeeld door het werkstuk geblokkeerd of geklemd wordt, kan de rand van de schijf die in het klempunt komt, zich in het oppervlak van het materiaal ingraven, waardoor de schijf naar buiten komt of wordt uitgeworpen.

De schuurschijf kan ook in de richting van of van de bediener weg bewegen, afhankelijk van de bewegingsrichting van de schuurschijf op het klempunt. Schuurschijven kunnen ook breken onder deze omstandigheden.

Het terugveren van het gereedschap naar de bediener is het gevolg van onjuist gebruik en / of niet-naleving van de instructies in de bedienershandleiding. Verschijnselen kunnen worden vermeden door de onderstaande aanbevelingen op te volgen.

Gebruik een stevige greep op het gereedschap en een juiste houding van lichaam en hand om de krachten die tijdens het terugveren ontstaan te weerstaan. Gebruik altijd een extra handgreep, als deze bij het gereedschap wordt geleverd, zorgt dit voor maximale controle tijdens rebound of onverwachte rotatie bij het starten van het gereedschap. De operator kan de rotatie of het terugveren van het gereedschap controleren als de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen.

Plaats uw hand nooit in de buurt van de draaiende delen van het gereedschap. Roterende elementen kunnen, tijdens het terugveren, in aanraking komen met de hand.

Sta niet in de zone waarin het gereedschap zal bewegen tijdens het terugveren. Het terugveren richt het gereedschap in de tegenovergestelde richting van de draairichting van de schuurschijf, in de plaats van de blokkering ervan.

Let vooral op bij het werken in de buurt van hoeken, scherpe randen, etc. Vermijd het stoppen en vastlopen van de schuurschijf. Bij het bewerken van hoeken of randen bestaat een verhoogd risico op vastlopen van de schuurschijf, wat kan leiden tot verlies van controle of terugveren van het gereedschap.

Gebruik geen zaagkettingschijven voor houtbewerking, gesegmenteerde diamantschijven met een perifere opening tussen de segmenten van meer dan 10 mm of tandzagen. Dergelijke schijven veroorzaken vaak terugveren en verlies van controle over het gereedschap.

Waarschuwingen met betrekking tot slijpen en snijden

Gebruik alleen schijven die geschikt zijn voor gebruik met het gereedschap en de afschermingen die zijn ontworpen voor het type schijf. Schijven waarvoor het apparaat niet is ontworpen, kunnen niet goed worden afgeschermd en zijn niet veilig.

Een bolle schijf moet zodanig worden gemonteerd dat het slijpvlak niet buiten het vlak van de beschermingsflens van de afscherming uitsteekt. Een onjuist gemonteerde schijf die boven de afscherming uitsteekt, vormt een risico voor de veiligheid tijdens het gebruik.

De afscherming moet stevig aan het gereedschap worden bevestigd en in een positie worden geplaatst die maximale veiligheid biedt, zodat het kleinste gedeelte van de schijf in de richting van de bediener wordt blootgesteld. De afdekking helpt de bediener te beschermen tegen gebroken schijvenfragmenten en voorkomt onbedoeld contact met de schijf.

De schijf moet worden gebruikt zoals bedoeld. Bijvoorbeeld: niet slijpen met een snijschijf. Snijdende slijpschijven zijn

NL

ontworpen voor perifere belasting, de zijdelingse krachten die op de snijschijf worden uitgeoefend, kunnen ervoor zorgen dat deze uiteenvalt.

Gebruik altijd onbeschadigde klemschijven, die in de juiste maat voor de slijpschijf zijn. De juiste klemming van de slijpschijf vermindert de kans op beschadiging van de slijpschijf. De klemschijven van de doorslijpschijven kunnen afwijken van de klemschijven van de slijpschijven.

Gebruik geen versleten slijpschijven van grotere gereedschappen. Een schuurschijf met een grotere diameter is niet ontworpen voor de hogere snelheid van kleinere gereedschappen en kan breken.

Als u schijven voor tweeërlei gebruik gebruikt, gebruik dan altijd een beschermkap die geschikt is voor het type werk.

Het gebruik van de verkeerde bescherming kan ertoe leiden dat de gewenste mate van bescherming niet wordt geboden, wat kan leiden tot ernstig letsel.

Waarschuwingen met betrekking tot het snijden

Het zaagblad niet "vastzetten" of te veel druk uitoefenen. Probeer niet te diep te snijden. Overmatige spanning van het zaagblad verhoogt de belasting en de gevoeligheid voor verdraaiing of vastgrijpen van het zaagblad in de snijspleet, wat het risico op terugslag voor de bediener of beschadiging van het zaagblad verhoogt.

Plaats uw lichaam niet in de snijlijn of achter een draaiend zaagblad. Als het zaagblad tijdens het gebruik van de machine van het lichaam van de gebruiker af beweegt, kan de terugslag in de richting van de gebruiker het roterende zaagblad en het gereedschap in de richting van de gebruiker sturen.

Als het zaagblad vastzit of als het snijden om welke reden dan ook wordt onderbroken, schakel dan het gereedschap uit en houd het stil totdat het zaagblad volledig stopt met draaien. Probeer nooit het roterende zaagblad uit de gleuf te rijden, omdat dit kan leiden tot een terugslag naar de gebruiker. De redenen moeten worden gevonden en er moeten passende maatregelen worden genomen om te voorkomen dat het zaagblad komt vast te zitten.

Hervat het snijden in het materiaal niet. Laat de zaag nominale snelheid bereiken en steek ze dan pas voorzichtig in de snijsleuf. Het zaagblad kan worden vastgeklemd, uitgetrokken of teruggeslingerd worden in de richting van de bediener als de snede in het materiaal wordt hervat.

Platen en andere overmaatse materialen moeten worden ondersteund om het risico van vastklemmen en terugkaatsen naar de operator te minimaliseren. Overmaatse materialen hebben de neiging om te buigen onder hun eigen gewicht. De steunen moeten onder het materiaal worden geplaatst, dicht bij de snijlijn en dicht bij de rand van het materiaal, aan beide zijden van de snijlijn.

Wees bijzonder voorzichtig bij het maken van insnijdingen in muren en andere onbekende oppervlakken. Een uitstekend zaagblad kan door gas- of elektriciteitskabels of andere voorwerpen snijden die een terugslag in de richting van de gebruiker kunnen veroorzaken.

Probeer niet in een boog te snijden. Overbelasting van het mes verhoogt de belasting en gevoeligheid voor draaien of vastlopen in de sleuf van de snede en de kans op terugslag naar de gebruiker of scheuren van het mes, wat kan leiden tot ernstig letsel.

Waarschuwingen met betrekking tot schuren met schuurpapier

Gebruik schuurpapier van de juiste grootte. Een grote hoeveelheid schuurpapier dat uit de schijf steekt, kan letsel. Ver-oorzaken en het risico op vastlopen, scheuren of terugkaatsing van de rug naar de gebruiker vergroten.

Waarschuwingen met betrekking tot het werken met het gereedschap

Wees voorzichtig, want ook bij normaal gebruik worden er draadsplinters uit de borstel geslingerd. Overbelast de draden niet door te veel kracht op de borstel uit te oefenen. De draden kunnen gemakkelijk lichte kleding en/of huid doorboren.

Als het gebruik van afdekkingen wordt aanbevolen tijdens de werking van een draadborstel, moet elk contact tussen de borstel en de afdekking worden voorkomen. Een draadborstel kan onder belasting en centrifugale kracht zijn diameter vergroten.

Waarschuwingen met betrekking tot het schuren

Laat geen losse delen van de polijstschijf of het bevestigingssnoer vrij ronddraaien. Losse en draaiende snaren kunnen in de vingers verstrikt raken of in het werkstuk vast komen te zitten.

AANVULLENDE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR RECHTE SLIJPERS

Het toestel is enkel bestemd voor het slijpen, polijsten en werken met een staaldraadborstel bestemd voor beitel-en snijwerk. Lees aandachtig alle meegeleverde waarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties . Niet naleven van de benedenvermelde instructies kan tot elektrocutie, brand en/of ernstige letsels leiden.

Gebruik geen accessoires die niet ontworpen en aanbevolen zijn door de producent. Het feit dat deze accessoires op het toestel kunnen worden gemonteerd, betekent niet dat ze een veilige werking garanderen.

Het nominale toerental van accessoires kan hoger of gelijk aan het maximale toerental van het toestel zijn. Accessoires met een lager toerental dan dat van het toestel kunnen in stukken uiteenvallen tijdens de werking.

De externe diameter en de dikte van accessoires moet overeenkomstig zijn met de technische dimensies bestemd voor het toestel.

NL

Accessoires die daaraan niet voldoen kunnen niet op de juiste wijze worden gecontroleerd.

De afmetingen van de bevestigingsopening van de wielen, schijven, flenzen en andere accessoires moeten in de spil van het toestel passen. Accessoires met afmetingen die daaraan niet beantwoorden zullen na inschakeling vibreren, wat controleverlies van het toestel kan veroorzaken.

Schijfspillen, polijstschijven, snijschijven moeten volledig in de daarvoor bestemde klem of boorkop worden gemonteerd. Indien de spil op een onvoldoende wijze wordt vastgehouden en/of te ver uitsteekt, kan het loskomen en worden uitgeworpen met een grote snelheid

Gebruik geen beschadigde accessoires. Controleer vóór elke gebruik de staat van de accessoires: slijpschijven voor de aanwezigheid van barsten en slijtage, polijstschijven voor de aanwezigheid van barsten, slijtage en sporen van overmatig gebruik, staaldraadborstels voor de aanwezigheid van losse en gebarsten stalen draden. In geval dat een accessoire op de grond valt, controleer deze voor schade en indien nodig monteer een er nieuw zonder schade. Na visuele inspectie en installatie van de accessoires, zorg ervoor dat jezelf en omstanders zich buiten het bereikvlak van de accessoires bevinden. Schakel het toestel vervolgens voor één minuut op maximaal toerental in. Tijdens de test zullen de beschadigde accessoires worden vernield.

Maak gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. Afhankelijk van toepassing gebruik gezichtsbeschermers, brillen of veiligheidsbrillen, Indien vereist, gebruik stofmaskers, oorbeschermers, handschoenen en werkkledij die tegen kleine accessoirefragmenten en materialen bescherming bieden. Oogbeschermers moeten in staat zijn om rondvliegende fragmenten tegen te houden. De stofmasker moet de stof die tijdens de werkzaamheden ontstaan is, kunnen filtreren. Een te lange blootstelling aan lawaai kant ot gehoorverlies leiden.

Zorg ervoor dat er voldoende afstand is tussen de werkplaats en omstanders. Personen die de werkplaats betreden, dienen van persoonlijke beschermingsmiddelen gebruik te maken. Scherven van beschadigde accessiores die tijdens de werkzaamheden kunnen ontstaan, kunnen buiten de directe werkomgeving kunnen worden weggeworpen.

Tijdens de werkzaamheden, kan het ingeschakelde toestel met een verborgen draad onder stroom contact maken. Houd het toestel met behulp van geïsoleerde handgrepen vast. Contact met een een verborgen draad onder stroom kan de metalen elementen van het toestel onder stroom zetten, wat tot elektrocutie van de operator kan leiden.

Tijdens het inschakelen, houd het toestel met beide handen vast. Het foerental van de motor die tot de maximale snelheid versnelt, kan tot verplaatsing van het toestel leiden.

Indien mogelijk, gebruik klemmen om het te bewerken element vast te houden. Houd nooit een klein element met één hand en het toestel met de andere tijdens de werkzaamheden vast. Gebruik van klemmen voor te bewerken elementen zal de operator in staat stellen om het toestel met de handen te controleren. Ronde materialen zoals spillen of buizen kunnen roteren tijdens het snijden en kunnen tot beklemming of een onverwachte beweging in de richting van de operator leiden.

Zorg ervoor dat de stroomkabel zich ver van bewegende elementen bevindt. In geval van controleverlies over het toestel, kan de kabels worden doorgesneden of gegrepen terwijl de hand of de arm van de operator in de bewegende elementen van de machine worden getrokken.

Het toestel mag niet worden weggezet voordat alle bewegende elementen tot stilstand zijn gekomen. De bewegende elementen kunnen de ondergrond „grijpen” en het toestel oncontroleerbaar maken.

Na vervanging van de accessoires, voordat het toestel wordt ingeschakeld of afgesteld, controleer of de spilmoer, boorkop of om het even welk afstelinrichting veilig werd ingedraaid. Losgekomen afstelinrichting kan zich onverwacht verplaatsen en tot controleverlies leiden waardoor de losgekomen elementen drastisch zullen worden weggeworpen.

Schakel het toestel niet in tijdens het verplaatsen ervan. Toevallig contact met de bewegende elementen kan tot het grijpen in intrekken van de kledij en verolgens tot contact van toestel met het lichaam van de operator leiden.

Reinig regelmatig de ventilatieopeningen van het toestel. De motorventilator trekt de stof naar het toestel toe tijdens de werking, Overtollige opstapeling van metaalresten in de stof vergroot het gevaar tot elektrocutie.

Gebruik het toestel niet in de nabije omgeving van lichtontvlambare materialen. Mogelijke vonken kunnen brand veroorzaken.

Gebruik geen accessoires die koeling met vloeistoffen vereisen. Water en koelvloeistof kunnen tot elektrische schokken leiden.

Waarschuwingen met betrekking tot weerkaatsing van het toestel in de richting van de operator

Weerkaatsing van het toestel in de richting van de operator is een plotse reactie op een geblokkeerde of geklemde draaischijf, tape die de borstel polijst of een andere accessoire. De blokkade of beklemming veroorzaakt een plotse stopzetting van het bewegende accessoire met een omwenteling van het elektrotoestel in de tegenovergestelde zijde van de onwenteling van het accessoire als gevolg.

Bij voorbeeld, indien de slijpschijf geblokkeerd of geklemd is door het bewerkte voorwerp, schijfrand, die tot het klempunt ingaat, kan zich in de materiaaloppervlakte verdiepen waardoor de schijf vrijkomt of uitgeworpen wordt. De schijf kan ook in de richting naar de operator en in de richting van de operator vrijkomen, afhankelijk van bewegingsrichting van de slijpschijf op de plaats van beklemming. Slijpschijven kunnen ook in die omstandigheden barsten.

Weerkaatsing van het toestel in de richting van de operator is het resultaat van verkeerd gebruik en/of het niet naleven van de in deze instructie opgegeven aanbevelingen. Deze verschijnselen kunnen worden vermeden door het neleven van de hieronder vermelde aanbevelingen.

NL

Gebruik de handgrepen en zorg ervoor dat de positie van de handen en het lichaam correct zijn waardoor het mogelijk zal zijn om de weerkaatsingskrachten te kunnen weerstaan. De operator is in staat om de omwentelingen of de weerkaatsing van het element te controleren, indien hij de gepaste voorzorgsmaatregelen zal toepassen.

Wees bijzonder voorzichtig tijdens de werking in de nabijheid van hoeken, scherpe randen e.d. Vermijd de verhoging en beklemming van de slijpschijf. Tijdens het bewerken van hoeken en randen bestaat een verhoogde risico voor beklemming van de slijpschijf, wat tot controleverlies over het toestel of weerkaatsing van het toestel kan leiden.

Het is verboden om getande cirkelzaagbladen te gebruiken. Bladen kunnen tot veelvoorkomende weerkaatsingen en contro-leverlies over het toestel leiden.

Gebruik het toestel dat in het materiaal wordt geplaatst in dezelfde richting waarvan de snijrand uit het materiaal uitkomt (dezelfde richting in dewelke snippers worden uitgegooid). Gebruik van het toestel in verkeerde richting zal ertoe leiden dat de snijdende rand van het toestel uit het materiaal zal vrijkomen en het toestel in de stuurrichting zal trekken.

Tijdens het gebruik van roterende vijlen, snijschijven, snel snijdende snijmachines of snijmachines uit verbrandingscarbide, dient het bewerkte materiaal altijd veilig te worden gemonteerd. Deze accessoires kunnen gegrepen worden indien ze in zaagsnede gekanteld worden en kunnen een weerkaatsing veroorzaken. Indien een snijdende schijf gegrepen wordt zal ze gewoonlijk barsten. Indien de roterende vijl of de snijmachine uit verbrandingscarbide worden gegrepen, kunnen ze uit de zaagsnede vrijkomen en tot controleverlies over het toestel leiden.

Waarschuwingen met betrekking tot het slijpen en snijden met behulp van slijpschijven

Gebruik enkel schijven die bestemd zijn voor werkzaamheden met het toestel en behuizingen die ontworpen zijn voor een gegeven soort van werk. Slijp bijvoorbeeld schuurschijven niet met de rand. Schuurschijven voor het snijden zijn bestemd voor perifere belasting, de zijdelingse krachten van zulke schijf kunnen ertoe leiden dat de schijf uiteenvalt.

In geval van schuurkegels en pinnen met schroefdraden, gebruik enkel onbeschadigde spillen van schijven met vlakke flenzen met correcte afmeting en lengte. Gebruik van het juiste spillen zal de vorming van barsten reduceren.

Vermijd beklemmingen van snijschijven en druk erop niet te hard. Probeer de snijdiepte niet te vergroten. Overbelasting van de schijf vergroot de uitgeoefende belasting, mogelijkheid tot verdraaiing en scheuren tijdens het snijden alsook de waarschijnlijkheid van weerkaatsing of vernieling van de schijf.

Plaats de handen niet in de lijn of achter de spinnende schijf. Indien de schijf zich tijdens de werkzaamheden van de handen verwijdert, dan in geval van weerkaatsing zal de spinnende schijf en het toestel zich in de richting van de operator richten.

Indien de schijf gegrepen, geblokkeerd werd of in geval van pauze in het snijden om willekeurige reden, schakel het toestel uit en wacht totdat de schijven tot volledige stilstand komen. Probeer nooit een snijdende schijf uit de zaagsnede vrij te geven indien deze in beweging is, omdat dan de schijf kan worden weerkaatst.

Vind de oorzaken en pas gepaste stappen toe om de oorzaak voor het blokkeren van de schijf te elimineren.

Hervat het snijden van het bewerkte materiaal niet. Laat de schijf de maximale snelheid bereiken en hervat enkel dan heel voorzichtig het snijden. De schijf kan geblokkeerd worden, uit het materiaal vrijkomen of weerkaatsen indien het elektrotoestel in het bewerkte materiaal wordt ingechakeld.

Om beklemming of weerkaatsing van de schijf te vermijden, dienen de panelen en andere te grote verwerkte materialen te worden ondersteund. Grote materialen hebben de neiging om te buigen onder hun eigen gewicht. De steunen dienen onder het te bewerken materiaal te worden geplaatst dichtbij de snijlijn en dichtbij de rand, aan beide zijden van de snijlijn. Wees bijzonder voorzichtig tijdens het snijden van holtes in wanden of andere oppervlakken. De schijf kan kabels voor gas, water en elektriciteit en voorwerpen, die weerkaatsing zullen veroorzaken, doorsnijden.

Waarschuwingen met betrekking tot werkzaamheden met de staaldraadborstel

Wees voorzichtig, omdat de scherven van de draden ook tijdens normale werkzaamheden kunnen loskomen. Zet een niet te grote druk op de draden van de borstel. De borsteldraden kunnen heel gemakkelijk dun kledij en/of huid doorsnijden.

Alvorens de borstel te gebruiken, laat de borstels hun werksnelheid bereiken. Sta nooit voor of in de borstellijn terwijl de borstel hun werksnelheid bereikt. Losse draadscherven of draden zullen tijdens deze operatie loskomen.

Houd afstand van het onder de vibrerende borstel komende materiaal. Tijdens de werking kunnen kleine scherven en draad-fragmenten weggeworpen worden met een grote snelheid en de huid doorsnijden.

BATTERIJ ONDERHOUD

Veiligheidsinstructies voor het opladen van de oplaadbare accu

Let op! Alvorens op te laden moet u controleren of de behuizing van de voeding, het snoer en de stekker niet gebarsten of beschadigd zijn. Het is verboden om een defect of beschadigd oplaadstation en stroomvoorziening te gebruiken! Gebruik alleen het bijgeleverde laadstation en de bijgeleverde netadapter om de accu's op te laden. Gebruik van een andere voeding kan brand of beschadiging van het gereedschap tot gevolg hebben. Het opladen van de accu kan alleen plaatsvinden in een afgesloten ruimte, droog en beveiligd tegen onbevoegde toegang, vooral van kinderen. Gebruik het laadstation en de stroomconvertor niet zonder voortdurend toezicht van een volwassene! Als het nodig is de laadruimte te verlaten, koppelt u de lader los van het lichtnet door de voeding uit het stopcontact te halen. Als er rook, een verdachte geur, enz. uit de lader komt, trek dan onmiddellijk de lader uit het stopcontact!

NL

Het gereedschap wordt geleverd met een niet-geladen accu, dus voordat u met het werk begint moet u deze opladen volgens de hieronder beschreven procedure met behulp van de meegeleverde voeding en het oplaadstation. Li-ion-accu's vertonen niet het zogenaamde "geheugeneffect", waardoor u ze op elk gewenst moment kunt opladen. Het wordt echter aanbevolen om de accu te ontladen tijdens normaal gebruik en deze vervolgens volledig op te laden. Als het door de aard van het werk niet mogelijk is de accu elke keer op deze manier te behandelen, moet dat op zijn minst om de paar of zo cycli gebeuren. De accu's mogen in geen geval worden ontladen door de elektroden te kortsluiten, omdat dit onherstelbare schade aanricht! Controleer ook de laadtoestand van de accu niet door de elektroden te kortsluiten en te controleren op vonken.

Opslag van oplaadbare accu

Om de levensduur van de oplaadbare accu te verlengen, moeten de juiste opslagomstandigheden worden gegarandeerd. De accu kan ongeveer 500 cycli van "opladen - ontladen" aan. Bewaar de accu in een temperatuurbereik van 0 tot 30 graden Celsius, met een relatieve luchtvochtigheid van 50%. Om de accu voor een lange tijd op te bergen, moet deze worden opgeladen tot een capaciteit van ongeveer 70%. In het geval van een langere opslag moet de accu regelmatig, eenmaal per jaar worden opgeladen. Laat de accu niet te lang ontladen, omdat dit de levensduur verkort en onherstelbare schade aanricht. Tijdens de opslag zal de accu geleidelijk leeg raken als gevolg van lekkage. Het zelfontladingsproces is afhankelijk van de opslagtemperatuur, hoe hoger de temperatuur, hoe sneller het ontladproces. Als accu's verkeerd worden opgeborgen, kan er elektrolyt gaan lekken. In geval van lekkage moet de lekkage worden beveiligd met een neutraliserend middel, in het geval van contact van de elektrolyt met de ogen, de ogen spoelen met veel water en dan onmiddellijk een arts raadplegen. Het is verboden om het gereedschap met een beschadigde accu te gebruiken. Als de accu volledig is opgebruikt, breng haar dan naar een gespecialiseerd afvalverwerkingscentrum voor dit type afval.

Lithium-ionaccu's worden volgens de wettelijke voorschriften als gevaarlijke stoffen behandeld. De gebruiker kan het product met de accu en de accu's zelf over land vervoeren. Aan aanvullende voorwaarden hoeft niet te worden voldaan. In het geval van transport naar derden (bijvoorbeeld verzending per koerier), moet u voldoen aan de regels voor het vervoer van gevaarlijke materialen. Neem voor de verzending contact op met iemand met de juiste kwalificaties in deze materie.

Het is verboden om beschadigde accu's te vervoeren. Tijdens het transport dienen gedemonteerde accu's uit het gereedschap te worden verwijderd, de blootliggende contacten moeten worden vastgezet, bijv. afgedicht met isolatietape. Bevestig de accu's zodanig in de verpakking dat ze zich tijdens het transport niet in de verpakking verplaatsen. De nationale voorschriften met betrekking tot het vervoer van gevaarlijke materialen moeten ook in acht worden genomen.

Oplaadbare accu

Slechts één van de vermelde YATO 18 V Li-Ion accu's kan worden gebruikt voor de stroomvoorziening: YT-82842, YT-82843, YT-82844 en YT-82845, die alleen kunnen worden opgeladen met YATO opladers YT-82848 of YT-82849. Het is verboden om andere accu's te gebruiken met een andere nominale spanning en die niet overeenkomen met de accu-contactdoos van het apparaat. Het is verboden om het stopcontact en/of de accu te vervangen om ze in elkaar te passen.

Steek de accu in het stopcontact met de contacten naar de binnenkant van het apparaat gericht totdat de vergrendeling van de accu vastklikt. Controleer of de accu niet losraakt tijdens het gebruik. Maak de accu los door de vergrendeling ingedrukt te houden en vervolgens de accu uit de behuizing van het apparaat te schuiven.

Accu opladen

Let op! Koppel voor het opladen de stroomtoevoer van het laadstation los van het lichtnet door de stekker uit het stopcontact te halen. Reinig eveneens de accu en de accupolen van vuil en stof met een zachte, droge doek.

De accu heeft een ingebouwde laadindicator. Door op de netschakelaar te drukken gaan dioden (II) branden, hoe meer er oplichten, hoe meer de accu is opgeladen. Als de LED's niet oplichten wanneer de knop wordt ingedrukt, is de accu ontladen.

Sluit de accu aan op het gereedschap.

Schuif de accu in de oplaadbus (V).

Steek de lader in een stopcontact.

De rode LED zal oplichten, wat het laadproces aangeeft.

Wanneer het opladen voltooid is, gaat de rode LED uit en gaat de groene LED branden om aan te geven dat de accu volledig is opgeladen.

Trek de stekker van de lader uit het stopcontact.

Trek de accu uit het laadstation door op de accuvergrendelingsknop te drukken.

Let op! Als de groene LED oplicht wanneer de lader op het lichtnet is aangesloten, is de accu volledig opgeladen. In dit geval zal de lader het laadproces niet starten.

MONTAGE VAN HAAKSE SLIJPER ACCESSOIRES

Montage van de schuurschijfbescherming

Plaats hiertoe de schijfbescherming op het cilindrische gedeelte van het lichaam rond de spindel en zet deze met een schroef

NL

of klem op de beschermkap vast, zodat de beschermkap recht, stevig en stevig vastzit. Stel de schuurschijfbescherming zo af dat het onbeschermde deel van de schijf zo ver mogelijk van de hand van de slijper verwijderd is. Gebruik de slijpmachine nooit zonder correct gemonteerde beschermkap!

Bij de schuurmachine wordt een beschermkap geleverd die alleen voldoende bescherming biedt bij het schuren met schuurschijven en schijven met schuurpapier en sommige draadborstels. De op de spindel gemonteerde schijf mag niet buiten de zijrand van de afscherming uitsteken. Neem voor andere toegestane werkzaamheden contact op met de fabrikant voor een afscherming die voor dat soort werkzaamheden is ontworpen.

Als een type A afscherming (voor het snijden) wordt gebruikt om het zijvlak te slijpen, kan de afscherming het werkstuk verstoren, waardoor het gereedschap slecht onder controle kan worden gehouden. Wanneer een type B afscherming (voor het slijpen) wordt gebruikt voor het doorsnijden met een slijpschijf, neemt het risico op blootstelling aan vonken en deeltjes toe, evenals aan delen van de schijf als deze breekt. Bij gebruik van een type A (voor het snijden), type B (voor het slijpen) of type C (gecombineerd) afscherming voor het snijden of slijpen van het zijoppervlak van beton of steen, neemt het risico op blootstelling aan stof en verlies van controle als gevolg van stuiteren naar de operator toe. Bij gebruik van een type A (voor het snijden), type B (voor het slijpen) of type C (gecombineerd) afscherming met een schijfdraadborstel van een dikte die ervoor zorgt dat de borstel buiten de kraag van het deksel uitsteekt, kan dit ertoe leiden dat de draden het deksel grijpen, waardoor de draden zullen breken.

Montage van de extra handgreep

Monteer de handgreep door deze stevig op de kop van het gereedschap te schroeven.

HAAKSE SLIJPER BEHANDELING VAN SCHUURWIELEN

LET OP! De montage van slijpschijven mag alleen plaatsvinden als de voedingsspanning is uitgeschakeld. Verwijder de accu uit de contactdoos van het gereedschap!

Plaats van de bevestigingsfl enzen

Merk op dat de schijven op het bevestigingspunt aan de spindel in dikte kunnen verschillen.

Naargelang dunne (dikte tot 3,2 mm) of dikke (dikte boven 3,2 mm) schuurschijven worden gebruikt, is de plaats van de klemflenzen (III) verschillend. De maximale dikte van de schuurschijf die op de slijpmachine kan worden bevestigd is 6 mm.

Montage van de slijpschijven

Koppel de voeding van het gereedschap los. Verwijder de accu uit de contactdoos van het gereedschap!

Let er bij de montage op dat de randen A (IV) onderaan de spindelschacht en de bevestigingsflenzen elkaar precies overlappen.

Monteer de bovenste bevestigingsfl ens op de spindel.

Slijpschijf op spindel en bovenste bevestigingsfl ens monteren

Schroef de onderste bevestigingsfl ens op de spindel.

Druk de spindelvergrendeling in en draai de onderste bevestigingsflens vast met een moersleutel, laat vervolgens de druk op de vergrendelingsknop los.

Plaats de accu, schakel de slijpmachine in en observer de werking ervan zonder belasting gedurende ongeveer 1 minuut.

De accu verwijderen en de bevestiging van de schijf controleren.

Verwijderen van slijpschijven

Schakel de slijpmachine uit en verwijder de accu uit de gereedschapshouder.

Druk de spilvergrendeling in en draai de onderste bevestigingsflens los met een klemsleutel, verwijder vervolgens de schuurschijf van de spindel. Reinig de spindel en de klemflenzen van stof en ander vuil dat tijdens het gebruik ontstaat.

Soorten slijpschijven

Elke voor gebruik met haakse slijpmachines ontworpen versterkte slijpschijf met een toegestane omtreksnelheid van minstens 80 m/s en de in de tabel met technische gegevens aangegeven opspan- en buitendiameters mag gebruikt worden.

Als de slijpschijf voorzien is van een gat zonder schroefdraad voor de installatie, gebruik dan de bevestigingsflenzen.

Het is ook mogelijk om schijven met een in de tabel met technische gegevens aangegeven uitwendige diameter met een M14-schroefgat te installeren. Gebruik in dit geval geen bevestigingsflenzen en schroef de schijf rechtstreeks op de spindel door deze met een knop te vergrendelen en de schijf stevig en zeker vast te draaien met een platte sleutel (niet inbegrepen in de slijpmachine).

Gebruik bij schijven waarbij de schuurpapierschijf met klittenband kan worden bevestigd, alleen schuurpapierschijven met de diameter die in de tabel met technische gegevens is aangegeven. De schijven moeten concentrisch op de schijf worden geplaatst.

De rand van de schijf mag niet buiten de rand van de schijf van het toestel uitsteken.

Het is ook mogelijk om diamant slijpschijven te gebruiken met de in de tabel met technische gegevens aangegeven afmetingen, bestemd voor droog slijpen en slijpen. De installatie moet op dezelfde manier worden uitgevoerd als bij slijpschijven. Indien ge-segmenteerde diamantschijven worden gebruikt, mag de spleet tussen de segmenten niet groter zijn dan 10 mm, gemeten aan de omtrek van de schijf, en moeten de segmenten een negatieve invalshoek hebben.

Het wordt aanbevolen om slijpschijven te gebruiken die gemaakt zijn van materialen die bedoeld zijn voor de behandeling van een

NL

bepaald type metaal. Raadpleeg de meegeleverde documentatie bij de slijpschijf.

Voor de behandeling van keramische materialen mogen slijpschijven voor steenverwerking of diamantschijven voor droog gebruik worden gebruikt.

Het wordt aanbevolen om staalborstels en schijven met schuurpapier te gebruiken om oude verlagen van metalen componenten te verwijderen.

Het is verboden om het bevestigingsgat, de spindel of de reductieringen te bewerken om de diameter van het bevestigingsgat aan te passen aan de diameter van de spindel. Het is verboden andere dan de in de tabel met technische gegevens vermelde slijpschijven met bevestigingsdiameters te gebruiken. Het is verboden schijven met een zaagketting of cirkelzaagbladen te gebruiken omdat ze het risico op een terugslag van het gereedschap richting de gebruiker verhogen.

Let op! Het is verboden andere schijven te gebruiken dan die welke in deze handleiding zijn toegestaan. Zelfs als deze op de slijpspindel kan worden gemonteerd. Ongeschikte schijven zijn mogelijk niet bestand tegen de belastingen die ontstaan bij het gebruik van een haakse slijpmachine. Beschadigde, uit elkaar vallende slijpschijven vormen een risico op ernstig persoonlijk letsel of de dood.

LET OP! Alle activiteiten die in dit hoofdstuk worden genoemd, moeten worden uitgevoerd met ontkoppelde stroomtoevoer - de accu moet worden ontkoppeld van het gereedschap!

DE HAAKSE SLIJPER GEBRUIKEN

Verwijder de accu uit de contactdoos van het gereedschap!

Controleer voordat u met het apparaat gaat werken of de behuizing en de accu niet beschadigd zijn.

Als er beschadigingen zichtbaar zijn, is het verboden de accu op het gereedschap aan te sluiten!

Plaats de schuurschijfbescherming en de handgreep.

Gebruik de slijpmachine nooit zonder dat de slijpschijfafdekking is geïnstalleerd!

Kies het geschikte type slijpschijf voor de klus en monteer de schijf op de spindel van de slijpmachine.

Monteer het werkstuk op een geschikte manier zodat het tijdens de bewerking niet kan verschuiven, bijvoorbeeld met bankschroeven of klemmen. De slijpschijf draait met hoge snelheid en het ondeskundig vastzetten van het werkstuk kan veroorzaken dat het ongecontroleerd beweegt tijdens het gebruik, wat het risico op ernstige letsels vergroot.

In het geval van snijden, steun het snijmateriaal aan beide zijden van de snijlijn, maar zodanig dat de snijschijf niet vastloopt tijdens het snijden. De steunen moeten dicht bij de rand van het zaagmateriaal en in de buurt van de zaaglijn worden geplaatst.

Draag oogbescherming, gehoorbescherming en veiligheidshandschoenen.

Controleer of de schakelaar in de stand "off - 0" staat. Sluit dan de accu aan op het gereedschap.

Neem de juiste positie in om evenwicht te garanderen en start de slijpmachine met de schakelaar.

Als de schakelaar zich aan de bovenkant of zijkant van het slijphuis bevindt, drukt u, om hem in te schakelen, op de schakelaar aan de achterkant van de slijpmachine en duwt u hem vervolgens, zonder de druk los te laten, naar voren in de richting "I". De aan/uit-schakelaar kan een vergrendeling hebben waarmee hij in deze stand kan worden vergrendeld voor gemakkelijk langdurig gebruik. Om de slijpmachine uit te schakelen, drukt u op de schakelaar aan de achterkant van de slijpmachine en laat u deze terugtrekken. Als de stroom uitvalt tijdens de werking met de vergrendelde schakelaar, kan het werk pas worden aangevat nadat de stroom is hersteld nadat de schakelaar is ontgrendeld en weer ingeschakeld.

Als de schuurmachine is uitgerust met een aan/uit-schakelaar aan de onderkant van de handgreep, houdt u de vergrendelknop ingedrukt en drukt u vervolgens op de schakelaar. Houd de schakelaar ingedrukt terwijl u werkt, maar u hoeft de vergrendelknop niet ingedrukt te houden. Als u de druk op de schakelaar loslaat, wordt de molen uitgeschakeld. Een dergelijke schakelaar heeft niet de mogelijkheid om de bediening te vergrendelen.

Begin te werken door het juiste schijfoppervlak op het werkstuk aan te brengen:

- In het geval van slijpschijven om te slijpen, slijp op de zijkant en/of de voorkant,

- bij lamellenschijven het zijvlak zo slijpen dat de schuurvellen parallel aan het te bewerken materiaal bewegen,

- in het geval van klittenbandschijven die de bevestiging van schuurpapier mogelijk maken, moet het slijpen worden uitgevoerd met het zijoppervlak,

- Bij draadborstels moet het werk worden uitgevoerd door het uiteinde van de draad en niet op zijn kant,

- In het geval van doorslijpschijven, snijden met de voorkant, niet slijpen met de voorkant van de doorslijpschijf.

Snelheidsregeling (VI)

Snelheidsregeling is alleen mogelijk wanneer de voedingsaccu is aangesloten.

Druk op de toets, de lampjes naast het versnellingsnummer gaan één voor één branden. Hoe hoger het aantal versnellingen, hoe hoger de snelheid. Zodra de hoogste snelheid is bereikt, wordt bij een volgende druk op de knop overgeschakeld naar de laagste versnelling. Bij lagere versnellingen branden de lampjes groen en bij hogere versnellingen rood.

Voor borstels en schuurpapier moeten lagere snelheden worden gebruikt. Voor schuurschijven moet een hoge snelheid worden gebruikt.

Houd de slijpmachine bij het slijpen met het zijoppervlak onder een hoek van niet meer dan 30 graden ten opzichte van het bewerkte oppervlak (VII). Beweeg de slijpmachine in vloeiende bewegingen van u weg en naar u toe.

Bij het snijden moet de snijschijf loodrecht op het snijvlak staan. Niet onder een andere hoek snijden. Het is verboden de hoek van de snijschijf ten opzichte van het werkstuk te wijzigen tijdens het snijden zelf. Snijd alleen in een rechte lijn. Het niet naleven van

NL

de bovenstaande aanbevelingen verhoogt het risico op het vastlopen van de snijschijf in het werkstuk, waardoor het gereedschap naar de bediener kan stuiteren, de schijf kan breken of kan uiteenvallen.

Leid de slijpmachine bij het doorslijpen in de draairichting van de schijf (VIII).

Oefen bij het gebruik van de schuurmachine niet te veel druk uit op het werkstuk en maak geen plotselinge bewegingen om vastlopen of barsten en scheuren van de schuurschijf te voorkomen.

Overbelast de slijpmachine niet, de buitenoppervlaktetemperatuur mag nooit hoger zijn dan 60°C.

Na afloop van de werkzaamheden de slijpmachine uitschakelen, de accu demonteren en inspecteren.

Let op! De schijf kan nog enige tijd na het uitschakelen van de slijpmachine draaien. Laat de schijf afkoelen voordat u de inspectie uitvoert. Tijdens het gebruik kunnen zowel de schijf als het werkstuk opwarmen tot een hoge temperatuur.

Denk eraan! Bij het werken met een haakse slijper:

Altijd oogbescherming gebruiken.

Gebruik geen slijpschijven met een maximaal toelaatbaar omwentelingstoerental van minder dan 80 m/s.

Gebruik geen slijpschijven met een maximaal toelaatbaar toerental dat lager is dan dat van de slijpmachine.

MONTAGE VAN DE ACCESSOIRES VAN DE RECHTE SLIJPER

LET OP! Alle activiteiten die in dit hoofdstuk worden genoemd, moeten worden uitgevoerd met ontkoppelde stroomtoevoer - de accu moet worden ontkoppeld van het gereedschap!

Plaatsen van de uitrusting in de gereedschapshouder (II)

Het kan nodig zijn de borgmoer los te draaien alvorens het insteekgereedschap in de houder te plaatsen. Houd daartoe de spindel vast met één sleutel en draai de moer los met de andere. De moer mag niet volledig van het handvat worden verwijderd.

Plaats de schacht van het inzetgereedschap in de houder. Tussen het werkstuk en de gereedschapshouder mag niet meer dan 8 mm ruimte zitten. Zorg er bovendien voor dat ten minste de helft van de schacht van het insteekgereedschap zich in de gereedschapshouder bevindt.

De apparatuur kan worden verwijderd door de borgmoer los te draaien.

Waarschuwing! Onmiddellijk na voltooiing kan het insteekgereedschap heet zijn. Laat het spontaan afkoelen alvorens het te demonteren.

Starten en stoppen van de slijpmachine

Voordat u de slijpmachine start, houdt u deze met beide handen aan de handgrepen vast en zorgt u ervoor dat de gereedschap niet in contact komt met welk voorwerp ook. De draairichting van de spil wordt aangegeven door een pijl op het gereedschapshuis in de buurt van de gereedschapshouder.

Start het gereedschap door de achterkant van de aan/uit-schakelaar ingedrukt te houden en dan naar voren te duwen (III). De schakelaar kan in de voorste stand worden vergrendeld, wat handig kan zijn bij langdurig werk.

Als het gereedschap in deze stand staat, houd het dan ongeveer 30 seconden vast en let op ongewone geluiden of trillingen.

Als er geen tekenen van slechte werking worden waargenomen, moet het gereedschap worden uitgeschakeld door de druk op de schakelaar los te laten of, als hij vergrendeld was, door de achterkant van de schakelknop in te drukken. e drukknop trekt zich automatisch terug, het insteekgereedschap kan nog enige tijd bewegen nadat de schakelaar is losgelaten.

Het gereedschap kan pas worden neergezet als de beweging van het insteekgereedschap volledig is gestopt.

Snelheidsregeling (IV)

Snelheidsregeling is alleen mogelijk wanneer de voedingsaccu is aangesloten.

Druk op de toets, de lampjes naast het versnellingsnummer gaan één voor één branden. Hoe hoger het aantal versnellingen, hoe hoger de snelheid. Zodra de hoogste snelheid is bereikt, wordt bij een volgende druk op de knop overgeschakeld naar de laagste versnelling. Bij lagere versnellingen branden de lampjes groen en bij hogere versnellingen rood.

Bij het gebruik van slijpschijven moeten elementaire voorzorgsmaatregelen worden genomen. Voor elk gebruik moeten de slijpschijven visueel worden geïnspecteerd op beschadiging en vervorming. Het is verboden slijpschijven te gebruiken waarin beschadigingen zijn geconstateerd. Slijpschijven mogen niet worden gegooid, geslagen of met geweld op het werkstuk worden aangebracht. Hierdoor kan de slijpschijf uiteenvallen, met ernstig letsel tot gevolg.

De gereedschapshouder mag niet meer dan 8 mm uit de gereedschapshouder steken.

Gebruik de accessoires overeenkomstig hun bestemming. Bijvoorbeeld, niet slijpen met schijven die bedoeld zijn om te snijden, geen boren gebruiken voor zijwaarts frezen.

Voordat u accessoires monteert, moet u de juiste werksnelheid voor het type apparatuur instellen. Eenmaal in elkaar gezet, laat

NL

u het op volle snelheid draaien. Pas alleen roterende accessoires op volle snelheid toe op het werkstuk. Oefen niet te veel kracht uit, maar slechts zoveel als nodig is voor de goede werking. Breng de schuurschijven onder een lichte hoek op het werkstuk aan. Plaats de snijschijven loodrecht op de beoogde snede. De borstels moeten zo worden aangebracht dat de uiteinden van de draden worden behandeld en niet hun zijvlakken.

Als u klaar bent met de bewerking, verwijdert u het inzetstuk veilig van het werkstuk, schakelt u het elektrische gereedschap uit en wacht u tot het inzetstuk volledig tot stilstand is gekomen. Maak de accu los van het elektrische gereedschap en ga verder met de demontage of afstelling.

Het te bewerken materiaal moet zodanig worden opgespannen of ondersteund dat ongecontroleerde beweging van het materiaal en de delen ervan tijdens de bewerking wordt voorkomen. Dit kan gebeuren met behulp van steunen, beugels, klemmen, bankschroeven, enz. Het spannen moet zodanig gebeuren dat vrije toegang tot het te bewerken oppervlak gewaarborgd is.

Houd het gereedschap altijd met beide handen vast aan de geïsoleerde handgrepen (V). Dit zal het werk veiliger maken en de controle over het gereedschap vergemakkelijken, ook in onverwachte situaties.

Houd het gereedschap met voldoende kracht vast om veilig te kunnen werken. Een te stevige greep kan vermoeidheid veroorzaken. Voorkom dat u het gereedschap alleen met uw vingers vasthoudt.

Bij gebruik van toebehoren dat op een schroefdraadschacht wordt geschroefd, moet het toebehoren zo worden gekozen dat de bevestigingsschroefdraad niet langer is dan het gat waarin het wordt geschroefd. Dit voorkomt dat de accessoires breken. Er moeten stelen worden gebruikt met een drukkraag die vlak is en zonder ondersnijdingen of uitsparingen. Dit vergroot het contactoppervlak tussen de doorn en het accessoire en voorkomt breuk.

Accessoires met een grotere diameter dan in deze handleiding is aangegeven, mogen niet worden gebruikt.

Ga aan het werk. Bij continu gebruik moet de warmteontwikkeling van de slijpmachine en het gereedschap in de gaten worden gehouden en moeten tijdens het gebruik pauzes worden ingelast wanneer de temperatuur stijgt. Om te voorkomen dat de motor oververhit raakt, is het raadzaam regelmatig een pauze in te lassen en de ventilatiesleuven vrij te houden.

Oefen bij het gebruik van de schuurmachine niet te veel druk uit op het werkstuk en maak geen plotselinge bewegingen om de aangesloten apparatuur of de schuurmachine zelf niet te beschadigen.

Bij het boren of frezen in staal of aluminium kan het gereedschap worden gekoeld met emulgerende olie of een voor het specifieke materiaal aanbevolen koelmiddel, terwijl het gebruik van koelmiddel niet wordt aanbevolen bij het werken in messing. In de laatste fase van het doorboren van gaten moet de druk op de boor worden verminderd om breken of vastlopen te voorkomen. Schakel het gereedschap onmiddellijk uit als de boor is vastgelopen. Het uitoefenen van hoge druk op het gereedschap, of de verkeerde keuze van de snelheid voor het soort werk, leidt tot overbelasting van het gereedschap, wat te herkennen is aan een aanzienlijke verhitting van de buitenoppervlakken van het gereedschapslichaam.

Overbelast het gereedschap niet. De temperatuur van de buitenoppervlakken mag nooit hoger zijn dan 60°C.

Na afloop van de werkzaamheden het apparaat uitschakelen, de accu loskoppelen en onderhoud en inspectie uitvoeren.

ONDERHOUD EN ONDERHOUDSBEURTEN

LET OP! Trek de stekker uit het stopcontact of haal de accu uit het apparaat voordat u aanpassingen, onderhoud of reparaties uitvoert. Controleer na het werk de toestand van het elektrische gereedschap door de buitenkant visueel te inspecteren en te beoordelen: het lichaam en de handgreep, de elektrische kabel met stekker en trekontlasting of de behuizing van de batterij, de werking van de elektrische schakelaar, de goede werking van de ventilatiesleuven, het vonken van de borstels, de luidheid van de lagers en tandwielen, het starten en de gelijkmatigheid van de werking. Tijdens de garantieperiode mag de gebruiker elektrische gereedschappen niet demonteren of componenten vervangen, omdat dit de garantie ongeldig maakt. Eventuele geconstateerde onregelmatigheden tijdens de inspectie of tijdens het werk zijn een signaal om reparaties uit te voeren in het servicecentrum. Na gebruik moeten het huis, de lamellen, schakelaars en de bijkomende handgreep en kap worden gereinigd, bijvoorbeeld met een stroom lucht (bij een druk van ten hoogste 0,3 MPa), een borstel of een droge doek, zonder gebruik van chemicaliën en reinigingsvloeistoffen. Reinig gereedschappen en handvatten met een droge schone doek.

ΧΑΡΑΚΤΗΡΙΣΤΙΚΑ ΕΡΓΑΛΕΙΟΥ

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Yato

Model : YT-828296

Categorie : Schuurmachine