PL40 - Stofzuiger CANDY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PL40 CANDY in PDF-formaat.
| Producttype | Inbouw gaskookplaat |
| Merk | CANDY |
| Model | PL40 (varianten PL40/X, PL40 N, PL40 W, PL40/SX) |
| Voeding | Gas met G1/2 aansluiting; elektrisch 230 V ~ 50/60 Hz |
| Aantal branders | 4 (snel, half-snel rechts, half-snel links, hulpbrander) |
| Diameter branders | Hulpbrander: 60-140 mm; Half-snel: 160-200 mm; Snel: 200-240 mm |
| Ontsteking | Elektrisch geïntegreerd in de knop of aparte ontstekingsknop afhankelijk van de versie |
| Veiligheid | Veiligheidsklep op sommige modellen (automatische gasafsluiting) |
| Materialen | Roestvrijstalen tafel, geëmailleerde delen, geëmailleerde of roestvrijstalen roosters |
| Installatie | Inbouw in meubel bestand tegen 90°C; ventilatie vereist |
| Gasaansluiting | Stijve metalen slang of flexibele roestvrijstalen slang (max 2 m) volgens norm UNI-CIG 9891 |
| Elektrische aansluiting | Aarding verplicht; kabel 3x0,50 mm² H05 V2V2-F |
| Aanpassing gas | Vervanging van inspuiters volgens de tabel; aanpassing van het verlaagde debiet |
| Reiniging | Spons en zeepwater voor geëmailleerde delen; roosters vaatwasmachinebestendig |
| Onderhoud | Jaarlijkse controle aanbevolen; niet zelf demonteren |
| Veiligheidsvoorschriften | Alleen door volwassenen gebruiken; na gebruik de kraan sluiten |
| Installatieklasse | Gas type 3, elektrisch type Y |
| CE-normen | Conform met richtlijnen 90/396/EEG, 73/23/EEG, 89/336/EEG, enz. |
Veelgestelde vragen - PL40 CANDY
Gebruikersvragen over PL40 CANDY
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Stofzuiger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PL40 - CANDY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PL40 van het merk CANDY.
GEBRUIKSAANWIJZING PL40 CANDY
Raadgevingen en waarschuwingen voor het gebruik.
BELANGRIJK! Deze handleiding is onlosmakelijk verbonden met het apparaat. De handleiding dient dus in perfecte staat en binnen handbereik te worden bewaard zolang de kookplaat in gebruik is. Wij raden aan deze handleiding en alle aanwijzingen die erin staan aandachtig te lezen voordat u het apparaat in gebruik neemt. Bewaar de eventuele onderdelen die samen met het apparaat worden geleverd goed. Het apparaat dient te worden geïnstalleerd door bevoegde monteurs en volgens de geldende voorschriften. Dit apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik en is gebouwd om de volgende functie te vervullen: voedingsmiddelen bereiden en verwarmen. Elk ander gebruik wordt als oneigenlijk beschouwd.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor verkeerde installatie, schending, verkeerd of afwijkend gebruik van wat is voorgeschreven.

Controleer of het apparaat geen schade heeft geleden tijdens het transport. Verpakkingselementen (plastic zakjes, piepschuim, plastic enz.) dienen uit het bereik van kinderen te worden gehouden, omdat ze een bron van gevaar kunnen vormen. De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal met het recyclingsymbool. Vervuil het milieu er niet mee.
Deze apparatuur mag alleen door volwassenen worden gebruikt. Zorg ervoor dat kinderen niet aan de bedieningen komen en niet met het apparaat spelen. Het apparaat dient te worden geïnstalleerd en op gas en elektriciteit te worden aangesloten door bevoegde technici volgens de geldende wettelijke veiligheidsvoorschriften en de aanwijzingen van de fabrikant. De veiligheid van de elektrische aansluiting is alleen gewaarborgd als het apparaat correct wordt geaard. Het is gevaarlijk het apparaat te wijzigen of proberen te wijzigen. In geval van defect mag u het niet zelf proberen te repareren, maar dient u de hulp van een deskundige monteur in te roepen. Als u klaar bent met koken, dient u te controleren of alle knoppen dichtgedraaid zijn en het hoofdgaskraantje of het kraantje op de gasfles te sluiten. Als u het apparaat wenst af te danken, dient u het onbruikbaar te maken voordat u het sloopt volgens de milieu- en gezondheidsvoorschriften en alle delen die gevaarlijk kunnen zijn voor kinderen ongevaarlijk te maken. Het serieplaatje met alle identificatie- en technische gegevens is zichtbaar aangebracht onder de behuizing en afgebeeld in deze handleiding. Het serieplaatje onder de behuizing mag nooit worden verwijderd. De afbeeldingen met gebruiksaanwijzingen voor het apparaat zijn samengebracht aan het einde van deze handleiding.
Verklaring van overeenstemming

Dit apparaat voldoet aan de volgende EG-richtlijnen:
- 90/396/EEG "Apparaten op gas"
- 73/23/EEG "Laagspanning"
- 89/336/EEG "Elektromagnetische compatibiliteit"
- 93/68/EEG "Algemene normen"
- 89/109/EEG "Materialen of voorwerpen die in aanraking kunnen komen met voedingsmiddelen"
Deze aanwijzingen gelden alleen voor de landen van bestemming waarvan het identificatiesymbool op het serieplaatje in de handleiding en op het apparaat staat.
Waarschuwingen:
Dit apparaat is bedoeld om in een meubel te worden ingebouwd.
Het gasedeelte is ingedeeld in klasse 3 en het elektrische gedeelte onder type 3. De inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen temperaturen van minimum 90°C. Raadpleeg voor de correcte installatie de desbetreffende paragraaf en de tekeningen waarnaar wordt verwezen. Kookplaten die op gas werken, veroorzaken warmte en vocht in de omgeving waarin ze worden gebruikt. Zorg voor een goede ventilatie in de keuken: houd alle natuurlijke ventilatieopeningen vrij of installeer een mechanische ventilatie (afzuigkap). Voor intensief en langdurig werkende kookplaten kan extra ventilatie nodig zijn, zoals een raam dat opengezet kan worden of een sterkere mechanische ventilatie (de ventilatiekap sneller laten draaien).
Deze handleiding is bedoeld voor verschillende kookplaten. Op het serieplaatje achteraan kunt u het model van uw apparaat vinden. Met het model en de aanwijzingen in de volgende paragrafen plus de afbeeldingen die aan het einde van de handleiding staan (afb. 1 ÷ 2), kunt u bepalen hoe uw apparaat is samengesteld.
Voed
| MERK | ||
| Type: P...... | kW: 0.15 | |
| Mod TC: PL 40 | xx-x-x | 230 V ~ 50/60 Hz |
BRANDERS
Kookplaten van 60 cm met bediening aan de zijkant
De gastoevoer naar de branders wordt geregeld met de bedieningsknoppen op afb. 4/A die de kraantjes openen en sluiten. Afhankelijk van de uitvoering kunnen de symbolen op de knoppen zelf staan of op het paneel. Door de wijzer op de afgebeelde symbolen te zetten, regelt u het gas op de volgende manier:
Kraantje dicht, geen gas
Kraantje helemaal open, maximum gas. Kraantje bijna dicht, minimum gas.
De branders aanzetten
- Branders zonder veiligheidsventiel
Om één van de branders aan te zetten zonder stroom of als de stroom ontbreekt voor apparaten met elektrische ontsteking, een vlammetje bij de bovenkant van de brander houden en de bijbehorende
bedieningsknop opendraaien totdat het symbool
samenvalt met de verwijzing op de
bedieningen. Om het gas op het minimum te zetten, draait u verder aan de knop totdat deze op de kleine vlam staat.
De bedieningsknop moet in een stand tussen het maximum en het minimum staan, nooit tussen het maximum en de gesloten stand.
Om de brander uit te zetten, draait u de knop naar rechts totdat deze op "kraantje dicht" staat.
- Branders met elektrische ontsteking
Modellen met ontstekingsknop
Om één van de branders aan te zetten, drukt u op de knop met het symbool en draait u tegelijkertijd aan de bedieningsknop totdat deze op maximum staat (symbool ♠).
Houd de ontstekingsknop ingedrukt totdat het vuur aan is, zet daarna de vlam met de bedieningsknop op de gewenste sterkte.
Deze modellen zijn te herkennen aan het symbool ★ in de buurt van het symbool (Maximale afgifte).
Om één van de branders aan te steken, drukt u de knop in en draait u deze tot aan de maximumstand. Houd de knop ingedrukt tot de brander aan is gegaan en regel vervolgens de vlam door de knop te draaien tot u de gewenste intensiteit heeft bereikt.
Opmerking:
Wanneer bijzondere condities van het lokaal geleverde gas het aansteken van de brander met de knop in de maximumstand bemoeilijken, wordt aangeraden de brander aan te steken voordat u de pan op het vuur zet en met de knop in de minimumstand.
- Branders met veiligheidsklep
Sommige modellen zijn voorzien van een veiligheidsklep die, wanneer de brander om welke reden dan ook uit gaat, de gastoevoer automatisch onderbreekt.
Om de brander weer aan te doen, zet u de knop terug in de stand ● en herhaalt u de handelingen die nodig zijn voor het inschakelen van de brander, zoals beschreven in de volgende paragrafen.
De branders gebruiken
Op de modellen met een ontstekingsknop draait u de bedieningsknop helemaal open, waarna u de ontstekingsknop indrukt en ongeveer 4 tot 5 seconden ingedrukt houdt. Laat de bedieningsknop los en zet de vlam met de bedieningsknop op de gewenste sterkte.
Waarschuwing:
Het ontstekingsmechanisme mag niet langer dan 15 seconden ingedrukt worden.
Als na deze tijdspanne het vuur niet aan is of toevallig weer is uitgegaan, wacht dan 1 minuut voordat u het vuur weer probeert aan te doen.
Welke brander gebruiken
De symbolen op de plaat (tekening afb. 4/A) naast de bedieningsknoppen geven de sterkte van het vuur aan. Welke brander u kiest, hangt af van de diameter en de inhoud van uw kookpan (zie tabel). Belangrijk is dat de diameter van de pan past bij de kracht van de brander voor een maximaal rendement.
| Pandiameters | ||
| Brander | Minimum diameters | Maximum diameters |
| Sudderbrander | 60 mm (met verdeler) | 140 mm |
| Normaalbrander | 160 mm | 200 mm |
| Sterkbrander | 200 mm | 240 mm |
Het apparaat omstellen voor ander gas
Als de kookplaat met een ander gas wordt gebruikt dan waarvoor deze is uitgerust, dienen de injectoren te worden vervangen.
Als de injectoren die u nodig hebt niet in de verpakking zitten, kunt u deze in een erkend servicecentrum vinden.
Kies de injectoren die u moet monteren aan de hand van de tabel.
Van elke injector wordt de diameter vermeld die ook op de injector zelf is gedrukt.
De injectoren vervangen
Haal de roosters en de branders van de kookplaat. Met een steeksleutel de injectoren "J" (afb. 11) demonteren en vervangen door de injectoren voor het gas dat u wenst te gebruiken. Monteer de branders weer zoals op afbeelding 13.
De primaire luchttoevoer naar de branders hoeft niet te worden geregeld.
De minimum gastroevoer instellen
Nadat de injectoren zijn verrangen, zet u een brander aan en haalt u de knop van de bedieningsknop af. Steek een schroevendraaier in het stangetje en draai het kraantje op het minimum: aanschroeven voor een kleinere vlam, losschroeven voor een grotere vlam. (afb. 11)
Voor G30/G31-gas haalt u de stelschroef helemaal aan.
In elk geval moet het resultaat een kleine homogene vlamkroon zijn die zich overal even hoog of laag is. Draai vervolgens het kraantje met een snelle beweging helemaal open en dicht om te controleren of de vlam niet uitgaat. Voor branders zonder beveiliging controleert u of de vlam het thermokoppel lichtjes raakt. Laat de brander enkele minuten branden om te controleren of de vlam goed geregeld is. Als de vlam uitgaat, het minimum verhogen.
De pandragers gebruiken:
De pandragers op de kookplaat zijn gebruiksvriendelijk en veilig ontworpen. Wij raden wel aan telkens voordat u begint te koken, te controleren of de pandragers goed recht op hun plaats liggen. Controleer bovendien altijd of de steunrubbertjes nog heel zijn en goed zitten.
Pandrager voor kleine pannen (afb. 3)
U legt deze extra pandrager op de pandrager van de sudderbrander (de kleinste brander) zodat hele kleine pannetjes niet om kunnen vallen.
AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATIE
Belangrijk!
De installatie van het apparaat is ten laste van de gebruiker. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor de installatie.
Alle eventuele werkzaamheden waarmee de fabrikant worden belast die te wijten zijn aan verkeerd geïnstalleerde apparatuur, vallen niet onder de garantie.
De hierna volgende aanwijzingen zijn bestemd voor een deskundige installateur.
De apparatuur dient correct en volgens alle geldende voorschriften te worden geïnstalleerd.
Schakel altijd de stroom uit voordat u aan het apparaat begint te werken.
Het kookblad in het werkblad monteren
Deze kookplaat kan in ieder meubel worden gemonteerd dat bestand is tegen hitte (minimum temperatuur van 90°C).
De afmetingen van de opening die u in het werkblad moet maken en de minimum afstanden tussen de kookplaat en de wanden erachter, ernaast en erboven staan in de afbeeldingen 5 en 6.
Houd rekening met de volgende bedenking:

Als de kookplaat zonder oven wordt geïnstalleerd, moet onvoorwaardelijk een paneel worden gemonteerd tussen de bodem van de kookplaat en het meubel eronder op een minimum afstand van 10 mm.
Als de kookplaat op een basis met oven wordt gemonteerd, dient men alle voorzorgsmaatregelen te nemen zodat de installatie volgens de geldende veiligheids- en gezondheidsvoorschriften gebeurt (EEG - UNI - CIG). Zorg er altijd voor dat het stroomsnoer en de gasbuis (slang) niet tegen de hete wanden of het overglas komen. Als bovendien de oven onder de kookplaat geen koelventilator heeft, dient men ventilatieopeningen in het meubel te maken waarin de oven en de kookplaat komen. Deze ventilatieopeningen moeten een minimale vrije oppervlakte hebben van 300 cm² die verdeeld is zoals op de afbeelding 7.
Wij raden dus aan een oven te gebruiken met een eigen ingebouwd ventilatiesysteem.
In elk geval dienen beide apparaten afzonderlijk op het stroomnet te worden aangesloten, zowel omdat dit beter is voor de stroom als omdat later de apparaten er gemakkelijker uit kunnen worden gehaald.
De kookplaat bevestigen
De kookplaat dient op de volgende manier aan het meubel te worden bevestigd:
Plaats de speciaal hiervoor bedoelde pakking die in de verpakking zit, op de buitenrand van de opening in het meubel volgens het schema op afbeelding 5 zodat de uiteinden perfect tegen elkaar komen en niet over elkaar gaan liggen. Zet het kookblad precies recht in de opening in het werkblad. Maak de kookplaat vast in het meubel met de speciale beugels (A) die in de verpakking zitten, zoals op de afbeelding 8. Als de afdichtingspakking (C) goed gemonteerd is, verhindert ze het doorsijpelen van vloeistoffen. De beugels moeten vastgemaakt worden met de openingen die aangeduid zijn op afbeelding 9.
Installatieruimte en afvoer van de verbrandingsproducten
De apparatuur dient volgens alle geldende voorschriften te worden geïnstalleerd en te werken in hiervoor geschikte ruimtes.
De installateur dient de geldende wetten inzake ventilatie en afvoer van verbrandingsproducten na te leven. Vergeet niet dat de hoeveelheid lucht die verbrand wordt, 2 m³/h voor elke geïnstalleerd kW vermogen (gas) bedraagt.
Installatieruimte
De ruimte waarin een apparaat dat op gas werkt wordt geïnstalleerd, moet een natuurlijke luchttoevoer hebben die voldoende is voor gasverbranding (UNI-CIG-voorschriften 7129 en 7131). Deze lucht dient direct te worden geleverd door één of twee openingen in een vrij oppervlak van minimum 100 cm² (A). Voor apparaten zonder veiligheidsventiel dient deze opening minimum 200 cm² (afb. 10) te bedragen. De openingen moeten zowel aan de binnen- als aan de buitenkant altijd vrij zijn en dienen zich boven de vloer te bevinden, bij voorkeur aan de overkant van de plaats waar de rook en damp worden geproduceerd. Als men geen dergelijke openingen kan maken, mag de nodige lucht ook uit een aangrenzende ruimte komen die goed geventileerd is, mits deze ruimte geen slaapkamer is, een gevaarlijke ruimte of een ruimte met onderdruk (UNI-CIG 7129).
Afvoer van de verbrandingsproducten
Kookapparaten op gas moeten hun verbrandingsproducten afvoeren via kappen die direct op een schoorsteenpijp zijn aangesloten of naar buiten leiden (afb. 10). Als een dergelijke afzuigkap niet kan worden gemonteerd, dient een elektrische ventilator te worden gebruikt tegen de buitenmuur of op een raam in de keuken. Deze elektrische ventilator moet sterk genoeg zijn om ten minste 3 tot 5 maal de hoeveelheid lucht in de keuken te kunnen verversen (UNI-CIG 7129).
Componenten op afbeelding 10:
A: Luchtingang C: Kap voor de afvoer van verbrandingsproducten E: Elektrische ventilator voor de afvoer van verbrandingsproducten

Voordat u begint, dient u te controleren of het plaatselijke gasnet (gassoort en -druk) compatibel is met de gasregelingen van de kookplaat. Controleer hiervoor de gegevens op het serieplaatje dat op de kookplaat zit en in de handleiding is afgebeeld.
De kookplaat dient op het gas te worden aangesloten volgens de UNI-CIG-voorschriften 7129 en 7131 met harde metalen of soepele roestvaste stalen volwandbuizen volgens het UNI-CIG-voorschrift 9891 met een maximale lengte van 2 m. (afb. 14) Als u soepele metalen buizen of slangen gebruikt, dient u ervoor te zorgen dat deze nergens met bewegende delen in aanraking komen of platgedrukt worden. Trek of duw niet aan het apparaat om de buizen of slangen te installeren. De gasingang heeft een gasdraad van G 1/2. (afb. 14)
Voor ISO R7-aansluitingen hoeft u de zichting er niet tussen te doen. Voor ISO R228-aansluitingen dient u de kopdichtingsring wel te monteren.

Als de buizen zijn aangekoppeld, controleert u de aansluitingspunten op lekken met wat zeepwater.
Aansluiten op het stroomnet
Voor de aansluiting op het stroomnet dient u te controleren of de netspanning overeenstemt met de voorschriften op het serieplaatje en of de elektrische kabels dik genoeg zijn voor het vermogen dat ook op het serieplaatje staat. De stekker voor de aansluiting moet voldoen aan de voorschriften en geschikt zijn voor de door het apparaat opgenomen stroom. Als het apparaat rechtstreeks op het net wordt aangesloten (zonder stekker) dient tussen het apparaat en het net een omnipolaire beveiligingsschakelaar met een minimumopening van 3 mm tussen de contacten te worden gemonteerd die geschikt is voor het gebruikte vermogen en voldoet aan alle geldende voorschriften.

Gebruik geen verloopstukken, adaptors of aftakkingen voor de aansluiting op het net, want die kunnen oververhit raken en dus kunnen gaan branden.

Het apparaat moet geaard zijn. De fabrikant is niet aansprakelijk voor gevolgen van het niet naleven van dit voorschrift. (Afb. 12)
Als het stroomsnoer dient te worden vervangen, gebruikt u hiervoor een snoer met dezelfde kenmerken als het oorspronkelijke, dat geschikt is voor het vermogen en de temperatuur (type T90°C) en dat u in een erkend servicecentrum kunt vinden. De geelgroene aardingsdraad van het uiteinde dat naar het apparaat gaat, dient bovendien 20 mm langer te zijn dan de andere draden. De afmetingen van de stroomkabel zijn de volgende:
| Type kookplaat | Afmetingen |
| Alleen met gasbranders | 3x0,50mm2 H05 V2V2-F |
Om uw kookplaat altijd in perfecte staat te houden, dient u deze regelmatig en na elk gebruik schoon te maken, nadat de plaat eerst is afgekoeld.
Haal de bedieningsknoppen er nooit af.
Gelakte delen
Gelakte delen mogen alleen met een in sop of in een zacht reinigingsproduct gedrenkte spons worden gewassen. Droog deze delen na afloop grondig af.
Roestvaste plaat
De roestvaste plaat dient te worden gereinigd met een vochtige doek en speciale producten voor RVS die in de handel verkrijgbaar zijn. De plaat eerst afspoelen en dan liefst met een zeemvel afdrogen.
Roosters
De gelakte roosters op de plaat kunnen ook in de vaatwasmachine worden gewassen. Roosters in RVS kunnen een blauwe kleur krijgen rondom de branders door de hoge temperaturen. U kunt deze kleur verzachten met speciale sponsjes voor staal die normaal in de handel verkrijgbaar zijn.
Branders
De branders die uit twee delen bestaan, kunnen eraf worden gehaald en gereinigd met speciale producten. Droog de branders goed af na afloop en monteer ze zorgvuldig op de plaat. Controleer op de modellen met een elektrische ontsteking ook de elektrode "E" (afb. 13): die moet altijd schoon zijn. Op modellen met een beveiliging reinigt u de "T"-voeler (afb. 13) die ervoor zorgt dat het veiligheidsventiel altijd goed werkt. Zowel de voeler als de elektrode moeten voorzichtig worden gereinigd.
Monteer na afloop de branders zoals op de afbeelding 13.
Deze apparaten hebben geen bijzonder onderhoud nodig, maar wij bevelen aan om de kookplaten om de twee jaar te laten controleren.
Als de bedieningsknoppen stroef beginnen te draaien of als u gas ruikt, sluit u de gaskraan en belt u de technische service op.
Een defecte kraan moet door de fabrikant worden vervangen.
KLANTENSERVICE
Voordat u de technische service opbelt
Als de kookplaat niet werkt, raden wij eerst de volgende handelingen aan:
Controleer of de stekker goed in het stopcontact zit; Controleer de gastoevoer.
Als u de oorzaak van het probleem niet vindt,
zet u het apparaat uit, kom er niet aan en belt u de technische service op.
GEBRUIKSAANWIJZING
INBOUW-KOOKPLAAT
A: Kopstuk B: Dichtingsring C: Harde buis of soepele buis

NL Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake Afgedankte elektrische en elektronische apparaten (AEEA).
Door ervoor te zorgen dat dit product op de juiste manier als afval wordt verwerkt, helpt u mogelijke negatieve consequenties voor het milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen die anders zouden kunnen worden veroorzaakt door onjuiste verwerking van dit product als afval.
Het symbool op het product of op de bijbehorende documentatie geeft aan dat dit product niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. In plaats daarvan moet het worden afgegeven bij een verzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparaten.
Afdanking moet worden uitgevoerd in overeenstemming met de plaatselijke milieuvoorschriften voor afvalverwerking.
Voor nadere informatie over de behandeling, terugwinning en recycling van dit product wordt u verzocht contact op te nemen met het stadskantoor in uw woonplaats, uw afvalophaaldienst of de winkel waar u het product heeft aangeschaft.