LE 150 - Ontvochtiger BEURER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis LE 150 BEURER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over LE 150 BEURER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ontvochtiger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding LE 150 - BEURER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. LE 150 van het merk BEURER.
GEBRUIKSAANWIJZING LE 150 BEURER
NL Luchtontvochtiger Gebruiksaanwijzing 74
NL Vouw pagina 3 uit om de gebruiksaanwijzing te kunnen lezen.
Lees deze gebruiksaanwijzing vóór ingebruikname aandachtig door. Lees de waarschuwingen en volg de veiligheidsrichtlijnen op. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik. Zorg ervoor dat de gebruiksaanwijzing beschikbaar is voor andere gebruikers. Geef, als u het apparaat aan iemand anders geeft, ook de gebruiksaanwijzing mee.
WAARSCHUWING
- Dit apparaat is alleen bestemd voor thuis-/privégebruik, niet voor commerciële doeleinden.
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door personen met beperkte fysieke, zintuiglijke of mentale vermogens of gebrek aan ervaring of kennis, wanneer zij het apparaat onder toezicht gebruiken of zijn geïnstrueerd over het veilige gebruik van het apparaat en zij de daaruit voortkomende gevaren begrijpen.
- Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
- Het apparaat mag niet door kinderen worden gereinigd of onderhouden, tenzij dit onder toezicht gebeurt.
- Haal de netstekker uit het stopcontact als u het apparaat niet gebruikt, voordat u het vervoert en/of het apparaat reinigt.
- Plaats de luchtbevochtiger waterpas op een stabiele ondergrond, op zo'n manier dat er rondom het apparaat aan alle zijden 50 cm vrij is.
- Reinig het apparaat alleen op de voorgeschreven manier. Er mogen geen vloeistoffen binnendringen in de ventilatorunit.
- Gebruik geen oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen.
- Als het netsnoer beschadigd is, moet het door de fabrikant, de service-monteur of soortgelijke gekwalificeerde personen worden vervangen om gevaarlijke situaties te voorkomen.
INHOUD
- Bij levering inbegrepen....75
- Verklaring van de symbolen ....75
- Voorgeschreven gebruik....75
- Waarschuwingen en veiligheidsrichtlijnen....75
- Beschrijving van het apparaat....77
- Gebruik....78
6.1 Luchtontvochtiger plaatsen 78
6.2 Luchtontvochtiger in-/uitschakelen .....78
6.3 Ventilatorsnelheid instellen 78
6.4 Ontvochtigingsmodus instellen 79
6.5 Speciale modus instellen....79
6.6 Timer instellen....79
6.7 Luchtvochtigheidsindicator....80
6.8 Ontdooifunctie....80
6.9 Waterreservoir legen 80
6.10 Condensslang....80
7. Reiniging en onderhoud 80
7.1 Behuizing reinigen....81
7.2 Waterreservoir reinigen....81
7.3 Luchtfilter reinigen 81
8. Toebehoren en reserve onderdelen....81
9. Wat te doen bij problemen....81
10. Verwijderen....82
11. Technische gegevens....82
12. Garantie....82
1. BIJ LEVERING INBEGREPEN
Controleer of de buitenkant van de verpakking intact is en of alle onderdelen aanwezig zijn. Alvorens het apparaat te gebruiken, moet worden gecontroleerd of het apparaat en de toebehoren zichtbaar beschadigd zijn en moet al het verpakkingsmateriaal worden verwijderd. Wij adviseren u het product bij twijfel niet te gebruiken en contact op te nemen met de verkoper of met de betreffende klantenservice.
• 1 luchtontvochtiger
• 1 condensslang
2. VERKLARING VAN DE SYMBOLEN
Op het apparaat, in de gebruiksaanwijzing, op de verpakking en op het typeplaatje van het apparaat worden de volgende symbolen gebruikt:

GEVAAR
Dit symbool geeft aan dat dit apparaat een brandbaar koelmiddel gebruikt. Als het koelmiddel lekt en wordt blootgesteld aan een externe ontstekingsbron, treedt er brandgevaar op.

Duidt op een onmiddellijk dreigend gevaar. Indien dit niet vermeden wordt, heeft dit de dood of ernstig letsel tot gevolg.

Duidt op een mogelijk dreigend gevaar. Indien dit niet vermeden wordt, kan het de dood of ernstig letsel tot gevolg hebben.

Duidt op een mogelijk dreigend gevaar. Indien dit niet verme- den wordt, kan het lichte of geringe verwondingen tot gevolg hebben.

Duidt op een mogelijk schadelijke situatie. Indien deze niet vermeden wordt, kan de apparatuur of iets in de omgeving daarvan beschadigd raken.

Productinformatie
Verwijzing naar belangrijke informatie

Instructie lezen

Raadpleeg de gebruikshandleiding

CE-markering
Dit product voldoet aan de eisen van de geldende Europese en nationale richtlijnen.

Scheid het product en de verpakkingscomponenten en voer het afval volgens de lokale voorschriften af.

Het (elektrisch) apparaat mag niet met het huisvuil worden weggegooid

Fabrikant

Aanduiding voor de identificatie van het verpak- kingsmateriaal.
A = materiaalafkorting,
B = materiaalnummer:
1-7 = kunststoffen,
20-22 = papier en karton

De producten voldoen aantoonbaar aan de eisen van de technische voorschriften van de Euraziatische Economische Unie (EEU)

Onderhoudsmelding; technische handleiding lezen

Rechtop bewaren

Minimale oppervlakte van de kamer

Gecontroleerde veiligheid overeenkomstig de eisen van de Duitse wet inzake productveiligheid (German Product Safety Act)
De luchtontvochtiger is uitsluitend bedoeld voor het ontvochtigen van de lucht in gesloten binnenruimtes, met uitzondering van vochtige ruimtes en ongeventileerde kelders. De luchtontvochtiger is uitsluitend bedoeld voor privégebruik. Gebruik het apparaat niet in de directe omgeving van badkuipen en douches.
WAARSCHUWING
Als u lijdt aan een ernstige aandoening van de luchtwegen of longen, moet u uw arts raadplegen voordat u de luchtontvochtiger gebruikt. Het apparaat is alleen bedoeld voor het in deze gebruiksaanwijzing beschreven gebruik. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit oneigenlijk of onzorgvuldig gebruik.
4. WAARSCHUWINGEN EN VEILIGHEIDS-RICHTLIJNEN
WAARSCHUWING
Verstikkingsgevaar! Houd verpakkingsmateriaal buiten bereik van kinderen.
Elektrische schokken
WAARSCHUWING
Net als elk elektrisch apparaat moet ook deze luchtontvochtiger voorzichtig en bedachtzaam worden gebruikt om elektrische schokken te voorkomen.
- Gebruik het apparaat alleen met de netspanning en frequentie die op het apparaat staat aangegeven (het typeplaatje bevindt zich naast het netsnoer van het apparaat).
- Gebruik het apparaat nooit wanneer het apparaat of de toebehoren zichtbaar beschadigd zijn, of wanneer het apparaat gevallen is. Neem een defect apparaat niet opnieuw in
gebruik, maar neem contact op met de klantenservice van Beurer.
- Het apparaat mag uitsluitend worden gebruikt met een stopcontact met een spanningsonderbreker-aardlekschakelaar (risico op elektrische schokken).
- Haal de stekker uit het stopcontact bij storingen, voor het reinigen en wanneer het apparaat niet in gebruik is.
- Schakel het apparaat in geval van een defect of storing onmiddellijk uit en koppel het apparaat los van de stroomvoorziening. Trek niet aan het netsnoer of aan het apparaat om de stekker uit het stopcontact te trekken. Gebruik het netsnoer nooit om het apparaat op te tillen of te dragen. Houd de snoeren uit de buurt van warme oppervlakken.
- Schakel het apparaat altijd uit voordat u de netstekker uit het stopcontact trekt.
- Trek de netstekker nooit met natte of vochtige handen uit het stopcontact.
- Houd het apparaat uit de buurt van vuur, ontvlambare of explosieve voorwerpen.
- Zorg ervoor dat de openingen van de luchtontvochtiger en het netsnoer niet met water, stoom of andere vloeistoffen in aanraking komen.
- Gebruik het apparaat niet in de buurt van brandbare of explosieve gasmengsels.
- Raak nooit een apparaat aan dat in het water is gevallen. Trek onmiddellijk de netstekker uit het stopcontact.
- Stel het apparaat niet bloot aan schokken en laat het apparaat niet vallen.
- Dit apparaat moet overeenkomstig de plaatselijk geldende installatievoorschriften worden geinstalleerd.
• Kantel of keer het apparaat niet.
- Gebruik geen verlengsnoer of tussenstekker.
- Klim niet op het apparaat en ga er niet op zitten.
- Steek geen vingers of andere voorwerpen in de luchtuitlaat 2.
- Raak de luchtinlaat 7 en de aluminium lamellen van het apparaat niet aan.
- Gebruik het apparaat niet als het gevallen of beschadigd is of tekenen van beschadiging vertoont.
- Reinig het apparaat niet met chemische stoffen.
- Zorg ervoor dat het apparaat niet in de buurt van vuur, brandbare of explosieve voorwerpen staat.
- Het apparaat moet zodanig worden opgeslagen, dat mechanische schade wordt voorkomen.
- Ook na gebruik mag het apparaat niet worden gedemonteerd of verbrand.
- Let erop dat koudemiddel geurloos moet zijn.
- De leidingen moeten worden beschermd tegen fysieke schade en mogen niet worden geïnstalleerd in een ongeventileerde ruimte van minder dan 4 m ^2 .
- Het apparaat moet worden opgeslagen in een goed geventileerde ruimte die even groot is als de ruimte die is gespecificeerd voor gebruik.
- Dompel het apparaat nooit onder in water of een andere vloeistof. Er mag geen water op het apparaat komen of in het apparaat binnendringen.
- Het apparaat mag niet op een stekkerdoos worden aangesloten samen met andere huishoudelijke apparaten.
- Gebruik geen verlengsnoeren.
- Het apparaat mag niet op een natte of overstroomde ondergrond worden geplaatst.
- Hang geen gordijnen of natte kledingstukken voor de luchtuitlaat 2, dit leidt tot overbelasting van het apparaat.
- Hang geen natte kleding boven het apparaat, omdat er anders water in het apparaat kan druppelen.
Reparatie
WAARSCHUWING
- Reparaties aan elektrische apparatuur mogen alleen worden verricht door speciaal daarvoor opgeleide personen. Ondeskundige reparaties kunnen leiden tot aanzienlijke gevaren voor de gebruiker. Neem voor reparaties contact op met de klantenservice of met een erkend verkooppunt.
- Haal het apparaat niet uit elkaar en open het niet met gereedschap.
Brandgevaar
WAARSCHUWING
Door oneigenlijk gebruik of het negeren van de aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing ontstaat er onder bepaalde omstandigheden brandgevaar!
- Gebruik het apparaat nooit wanneer het is afgedekt, bijvoorbeeld met een deken, kussen, enz.
- Gebruik het apparaat nooit in de nabijheid van benzine of andere licht ontvlambare stoffen.
- Plaats het apparaat nooit op een plaats waar het aan warmtebronnen kan worden blootgesteld.
- Plaats het apparaat nooit in de buurt van warmtebronnen zoals radiatoren, verwarmingskussens, ovens of andere producten die warmte genereren.
- Plaats het apparaat nooit in een ruimte waar olie of water kan spatten.
- Plaats het apparaat nooit in direct zonlicht.
- Plaats het apparaat nooit op een plaats waar het wordt bloot-gesteld aan mechanische trillingen, schokken of veel stof.
- Plaats het apparaat nooit op een plaats met onvoldoende ventilatie (bijv. in een kast of boekenkast).
- Plaats het apparaat op een vlakke ondergrond.
- Vermijd direct zonlicht tijdens het gebruik en de opslag van het apparaat.

GEVAAR
Waarschuwingen met betrekking tot het koude-middel R-290 (propaan)
Het apparaat gebruikt R-290 (propaan) als koudemiddel. R-290 heeft geen schadelijke invloed op de ozonlaag (ODP), een laag broeikaseffect (GWP) en is wereldwijd verkrijgbaar. Vanwege de efficiënte en energiezuinige eigenschappen is R-290 zeer geschikt als koudemiddel voor dit gebruik. Vanwege de hoge ontvlambaarheid van het koudemiddel moeten de volgende speciale voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen.
WAARSCHUWING
Het apparaat moet in een ruimte met een vloeroppervlak van meer dan 4 m² worden geïnstalleerd, gebruikt en opgeslagen.

Het negeren van de volgende waarschuwingen voor koudemiddelen kan leiden tot explosies, (dodelijk) letsel of materiële schade.
- Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor gebruik met R-290 (propaan) als koudemiddel. Gebruik geen andere koudemiddelen.
- Het koudemiddelcircuit is gesloten. Koudemiddelonderhoud mag alleen worden uitgevoerd door een gekwalificeerde technicus.
- Laat koudemiddel R-290 (propaan) niet in de atmosfeer ont-snappen.
- Koudemiddel R-290 (propaan) is brandbaar en zwaarder dan lucht. Het verzamelt zich eerst in lage gebieden, maar kan door de ventilatoren worden rondgeblazen.
- Als er propaangas in de ruimte aanwezig is of wordt vermoed, laat dan geen ongetraind personeel proberen de oorzaak te vinden.
- Het in het apparaat gebruikte koudemiddel R-290 (propaan) is geurloos. Het ontbreken van een geur betekent niet dat er geen gas is ontsnapt.
- Als u een gaslek aan het apparaat ontdekt, evacueer dan onmiddellijk alle personen uit de ruimte. Ventileer de ruimte. Gebruik het apparaat niet, maar neem contact op met de klantenservice van Beurer.
- Gebruik geen open vuur, sigaretten of andere mogelijke ontstekingsbronnen in de buurt van het apparaat.
Gebruik
PAS OP
- Schakel het apparaat na elk gebruik en voor elke reiniging uit en haal de stekker uit het stopcontact.
- Steek geen voorwerpen in de openingen of in de roterende delen van het apparaat.
- De condensslang 9 mag bij lage temperaturen niet naar buiten worden geleid.
- Leeg de waterreservoir 1 voordat u het apparaat vervoert om morsen van water te voorkomen.
- Kantel het apparaat niet, omdat lekkend water het apparaat kan beschadigen.
- Controleer het apparaat af en toe tijdens het gebruik.
- Haal de stekker uit het stopcontact als het apparaat niet wordt gebruikt.
LET OP
- Plaats geen voorwerpen op het apparaat.
- Bescherm het apparaat tegen hoge temperaturen.
- Vermijd waterschade door het apparaat zorgvuldig te gebruiken (bijv. waterschade door spatwater op houten vloeren).
- Dit apparaat is ontworpen om optimale prestaties tussen 5 °C en 30 °C te leveren.
- Vervoer het apparaat altijd rechtop (verticaal), niet schuin/horizontaal.
De bijbehorende tekeningen zijn afgebeeld op pagina 3.
Apparaat
1 Waterreservoir
2 Luchtuitlaat
3 Bedieningseenheid met led-indicatoren
4 Handvat
5 Vochtigheidsindicator
6 Luchtfilter
7 Luchtinlaat
8 Opening voor condensslang
9 Condensslang
10 Wieltjes
Display
11 Timersymbool
(licht op als de timer is ingeschakeld)
12 Nachtsymbool
(licht op als de nachtmodus is ingeschakeld)
13 Symbool wasdroger
(licht op als de wasdroogmodus is ingeschakeld)
14 Automatisch-symbol
(brandt als de automatische modus is ingeschakeld)
15 Symbol voor continu bedrijf
(brandt als continue ontvochtiging is ingeschakeld)
16 Symbool voor doelluchtvochtigheid
(licht op als een doelluchtvochtigheid kan worden ingesteld)
17 AAN/UIT-symbol
(licht op zodra het apparaat in stand-by staat)
18 Lage ventilatorsnelheid
(brandt als een lage ventilatorsnelheid is ingesteld)
19 Hoge ventilatorsnelheid
(brandt als een hoge ventilatorsnelheid is ingesteld)
20 Waterpeilsymbool
(brandt wanneer de waterreservoir vol is en moet worden geleegd of niet is geplaatst)
Knoppen
21 AAN/UIT-toets (apparaat in-/uitschakelen)
22 Luchtvochtigheidstoets (doelluchtvochtigheid instellen)
23 Ventilatorsnelheidstoets (lage en hoge ventilatorsnelheid instellen)
24 Automatisch-toets (automatische modus instellen)
25 Nacht-/wasdroogtoets (nachtmodus/wasdroogmodus instellen)
26 Timer-toets (timerduur instellen)
6. GEBRUIK
Overzicht van het gebruik
STAP 1
Luchtontvochtiger plaatsen
→ (Hoofdstuk 6.1)

STAP 2
Luchtontvochtiger inscha- kelen
→ (Hoofdstuk 6.2)

STAP 3
Ventilatorsnelheid selecteren
→ (Hoofdstuk 6.3)

laag

hoog
STAP 4
Ontvochtigingsmodus selecteren
→ (Hoofdstuk 6.4)

continue ont- vochtiging

Ontvochtiging met doellucht- vochtigheid
STAP 5 (optioneel)
Speciale modus instellen → (Hoofdstuk 6.5)

Wasdroog- modus

Nachtmodus

Automati- sche modus
STAP 6 (optioneel)
timer instellen → (Hoofdstuk 6.6)

1-24 uur
6.1 Luchtontvochtiger plaatsen
- Laat de plastic zak dicht en haal het apparaat naar boven toe uit de verpakking.
- Verwijder nu al het plastic. Rol het netsnoer volledig uit om oververhitting te voorkomen.
- Controleer het apparaat, de netstekker en het netsnoer op beschadigingen voor ieder gebruik.
- Plaats het apparaat op een vlakke, stevige ondergrond die niet gevoelig is voor water. Zo kunnen vibraties en lawaai verme- den worden.
- Plaats de luchtontvochtiger zo dat er rondom het apparaat aan alle zijden 50 cm vrij is. Gebruik geen open vuur, sigaretten of andere mogelijke ontstekingsbronnen in de buurt van het apparaat.
- Zorg ervoor dat de luchtuitlaat 2 en de luchtinlaat 7 van het apparaat nooit worden geblokkeerd.
- Steek de netstekker in een geschikt stopcontact. Zorg ervoor dat het netsnoer geen struikelgevaar vormt.
- Laat het apparaat vóór ingebruikname minstens 24 uur rechtop staan. Als het apparaat meer dan 45° gekanteld is geweest, laat het dan minstens 24 uur rechtop staan vóór ingebruikname.

Als het apparaat omgevallen is of als u het apparaat op een andere plek hebt neergezet, moet u het apparaat minstens 24 uur rechtop laten staan. Plaats het apparaat niet op een plaats waar ontvlambare gassen kunnen ontsnappen. Het apparaat moet worden gebruikt in een ruimte met een vloeroppervlak van meer dan 4 m ^2 .
6.2 Luchtontvochtiger in-/uitschakelen
- Druk op de AAN/UIT-toets om de luchtontvochtiger in te schakelen 21.
Het symbool voor lage ventilatorsnelheid 18 en doelluchtvochtigheid 16licht op. - Druk nogmaals op de AAN/UIT-toets 21 om de luchtontvochtiger uit te schakelen.
Alle leds, behalve het AAN/UIT-symbol, gaan uit.
6.3 Ventilatorsnelheid instellen
De luchtontvochtiger heeft twee ventilatorsnelheden. Een lage en 18 een hoge ventilatorsnelheid 19.

Niet selecteerbaar als de luchtontvochtiger in de nachtmodus of de wasdroogmodus staat.
- Om tussen de lage 18 en hoge ventilatorsnelheid 19 te wisselen, drukt u op de ingeschakelde luchtontvochtiger op de ventilatorsnelheidstoets 23.
→ Op het bedieningspaneel begint de ingestelde ventilatorsnelheid te branden (18 of 19).
6.4 Ontvochtigingsmodus instellen
Het apparaat heeft twee ontvochtigingsmodi.
- Continue ontvochtiging
- Ontvochtiging met doelluchtvochtigheid
Continue ontvochtiging
Bij de continue ontvochtiging wordt een ruimte ononderbroken ontvochtigd.
- Om de continue ontvochtiging in te schakelen, drukt u net zo vaak op de luchtvochtigheidstoets 22 tot '--' op het display verschijnt. Het symbool voor continue werking 15 brandt.
Ontvochtiging met doelluchtvochtigheid
Bij de ontvochtiging met doelluchtvochtigheid wordt een ruimte slechts tot een van tevoren ingestelde doelwaarde ontvochtigd (bijvoorbeeld 50% luchtvochtigheid). Als de ingestelde doelwaarde bereikt is, wordt de ontvochtiging gestopt.

Ontvochtiging met doelvochtigheid werkt alleen in deze modus of in de nachtmodus.
- Als er geen modi zijn geselecteerd, kunt u de gewenste luchtvochtigheid en ventilatorsnelheid vrij kiezen.
- Selecteer met de luchtvochtigheidstoets 22 een doelluchtvochtigheid (instelbaar tussen 30-80%, in stappen van 5%). Het symbool voor doelluchtvochtigheid 16 gaat branden. Als bij de selectie na 80% --' op het display verschijnt, werkt het apparaat weer met continue ontvochtiging.
- Daarnaast kunt u met de ventilatorsnelheidstoets 23 kiezen tussen de lage en de hoge ventilatorsnelheid. Het symbool voor ventilatorsnelheid 18 of 19 begint te branden.
6.5 Speciale modus instellen
Het apparaat heeft drie optionele speciale modi die naar wens kunnen worden geselecteerd.
- Nachtmodus
- Wasdroogmodus voor kleding
• Automatische modus
Nachtmodus
In de nachtmodus wordt automatisch de lage ventilatorsnelheid 18 ingesteld en worden alle leds en toetstonen uitgeschakeld, voor een ongestoorde en ontspannen slaap. De gewenste luchtvochtigheid kan in de nachtmodus altijd worden ingesteld.
- Om de nachtmodus in te schakelen, drukt u op de nacht-/wasdroogtoets 25.
→ Het nachtsymbool12 brandt gedurende 3 seconden en wordt daarna gedimd. Alle andere leds en toetstonen zijn uitgeschakeld.
Wasdroogmodus voor kleding
Het apparaat heeft een speciale wasdroogmodus voor wanneer u kleding in woonruimtes wilt drogen en de daardoor ontstane hoge luchtvochtigheid wilt tegengaan. Bovendien kan de kleding sneller drogen.
In deze wasdroogmodus wordt automatisch de hoge ventilatorsnelheid 19 en continue ontvochtiging ingesteld. Hierbij kan geen doelluchtvochtigheid worden ingesteld.
WAARSCHUWING
Risico op elektrische schok! Plaats geen kledingstukken op het apparaat. Hang geen kleding over het apparaat, omdat er dan water in het apparaat kan stromen en kortsluiting kan veroorzaken. Plaats het apparaat zo, dat er aan alle zijden ten minste 50 cm vrije ruimte is. Houd de ruimte gesloten (incl. deuren en ramen).
- Om de wasdroogmodus in te schakelen, drukt u twee keer op de nacht-/wasdroogtoets 25.
→ Op het display begint het wasdroogsymbool te3 branden. - Om de wasdroogmodus weer uit te schakelen, drukt u één keer op de nacht-/wasdroogtoets 25.
→ Op het display verdwijnt het wasdroogsymbool. Het apparaat schakelt over naar de ontvochtigingsinstelling 'Ontvochtiging met doelluchtvochtigheid'.
Automatische modus
In de automatische modus wordt de lucht in de ruimte automatisch zo ontvochtigd, dat de luchtvochtigheid altijd tussen 45-55% ligt.
- Druk op de automatisch-toets 24 om de automatische modus in te schakelen. Het 14 symbool Automatisch gaat branden.
- Om tussen 18 de lage en hoge 19 ventilatorsnelheid te wisselen, drukt u op de ingeschakelde luchtontvochtiger op de ventilatorsnelheidstoets 23.
- Druk nogmaals op de automatisch-toets 24 om de automatische modus uit te schakelen. Het symbool Automatisch 14 verdwijnt.
6.6 Timer instellen
De luchtontvochtiger beschikt over een timerfunctie, waarmee u kunt aangeven na hoeveel uur het apparaat automatisch uitgeschakeld moet worden.
- Selecteer met de timertoets 26 de gewenste timerduur (selecteerbaar tussen 1-24 uur, in stappen van 1 uur). Op het display wordt de momenteel ingestelde timerduur weergegeven. Zodra de ingestelde timerduur vijf keer op het display knippert, is de timerduur bevestigd en gaat het timersymbool 11 branden. Na bevestiging van de timerduur verschijnt weer de actuele luchtvochtigheid op het display.
- Druk op de timertoets 26 om de resterende timerduur te bekijken. Op het display verschijnt kort de resterende timerduur (in uren), waarna de luchtontvochtiger automatisch wordt uitgeschakeld.
- Druk om de timer uit te schakelen net zo vaak op de timertoets 26 tot op het display '00' wordt weergegeven.
Uitschakeltijd:
Druk op de timertoets 26 terwijl het apparaat in bedrijf is om de uitschakeltijd in te stellen. Na de geselecteerde tijd wordt het apparaat uitgeschakeld.
Inschakeltijd:
Druk op de timertoets 26 terwijl het apparaat is uitgeschakeld om de inschakeltijd in te stellen. Na de geselecteerde tijd wordt het apparaat ingeschakeld.
6.7 Luchtvochtigheidsindicator
De luchtvochtigheidsindicator 5 op het apparaat geeft de actuele luchtvochtigheid in de omgeving aan.
Lage luchtvochtigheid < 45% = luchtvochtigheidsindicator blauw Optimale luchtvochtigheid 45-65% = luchtvochtigheidsindicator groen
Hoge luchtvochtigheid > 65% = luchtvochtigheidsindicator rood
6.8 Ontdooifunctie
Als het apparaat in een omgeving met lage temperaturen gebruikt wordt, kan er ijsvorming optreden in het apparaat. Om een probleemloze werking te kunnen garanderen, beschikt de luchtontvochtiger over een ontdooifunctie.
Bij een temperatuur tussen 5°C en 16°C start het apparaat automatisch gedurende 10 minuten met de ontdooifunctie.
Tijdens het ontdooien knippert het AAN/UIT-symbol op het display.
Na afloop van de 10 minuten blijft het apparaat 60 minuten werken als gewoonlijk.

Schakel het apparaat niet uit tijdens het ontdooien en probeer het ontdooiproces niet te versnellen.
6.9 Waterreservoir legen
Als het waterreservoir 1 vol is, licht het 20 waterpeilsymbool rood op en stopt het apparaat automatisch. Er klinkt een geluidssignaal (behalve in de nachtmodus) en de melding 'FL' verschijnt op het display.
Ga als volgt te werk om het waterreservoir 1 te legen:
- Druk op de AAN/UIT-toets 21 om de luchtontvochtiger uit te schakelen.
Alle leds, behalve het AAN/UIT-symbol 1.7 gaan uit.
-
Trek het waterreservoir 1 voorzichtig aan de handgrepen aan de zijkant naar achteren.
-
Giet het waterreservoir 1 leeg via de afvoer van het reservoir.

- Controleer of de vlotter nog kan bewegen, voordat u de tank terugplaatst. De vlotter mag niet geblokkeerd zijn. Als de vlotter geblokkeerd is, kan dit leiden tot een onjuiste waterniveau-indicator op het display ('FL' voor vol waterreservoir).

- Plaats het waterreservoir 1 vervolgens weer in het apparaat.
6.10 Condensslang
Sluit bij continu bedrijf de meegeleverde condensslang 9 aan op het apparaat. Het condenswater kan automatisch in een voldoende grote opvangbak of een geschikte afvoer lopen.
VOORZICHTIG
- Blokkeer nooit de afvoer van de condensslang, omdat er anders condenswater in het 1 waterreservoir terugstroomt.
• Verbuig de condensslang 9 niet. - Zorg ervoor dat het niveauverschil tussen de condensslangaansluiting 8 en de afvoer groot genoeg is, zodat het condenswater weg kan stromen. Zorg ervoor dat het uiteinde van de condensslang vlak ligt op de bodem van de wasbak of afvoer.
- De condensslang 9 moet correct op de opening 8 van het apparaat zijn aangesloten.
- De condensslang 9 niet buigen.
-
De opening voor de condensslang 8 moet altijd stevig worden afgesloten met de siliconenstop als er geen condensslang is aangesloten.
-
Trek de condensslang 9 recht.
-
Steek het ene uiteinde van de condensslang door de ronde opening 8 aan de achterkant van het apparaat, boven de waterreservoir.
- Druk de slang stevig op de wateruitlaat.
- Hang het andere uiteinde van de condensslang in een afvoer.
- Als u de condens weer met behulp van het waterreservoir 1 wilt opvangen, trekt u de condensslang eruit.

- Zorg er voorafgaand aan elke reiniging voor dat de netstekker van het apparaat uit het stopcontact getrokken is!
- Sla het apparaat altijd op in de originele verpakking. Het apparaat mag uitsluitend rechtop worden opgeslagen. Plaats geen voorwerpen op het apparaat.
- Sla het apparaat op in een goed geventileerde ruimte met een oppervlakte van minstens 4 m².
- Bewaar het apparaat droog en beschermd tegen vorst en hitte.
- Reinig het apparaat voordat u het opslaat en laat het volledig drogen.
- Het apparaat moet worden opgeslagen in een ruimte waar geen permanente warmtebronnen aanwezig zijn (bijv. open vuur, een werkend gastoestel of een werkende elektrische verwarming).
Dit apparaat bevat het koudemiddel R290. De hoeveelheid koudemiddel bedraagt echter minder dan 1 kg en bevindt zich in een gesloten koelcircuit. Alleen gekwalificeerde technici of service-personeel van Beurer mogen onderhoud uitvoeren. Het apparaat hoeft bij correct gebruik en een onbeschadigd koelmiddelcircuit niet met koudemiddel te worden bijgevuld.
Regelmatig reinigen is noodzakelijk voor een hygiënische, probleemloze werking. Leeg en reinig het waterreservoir van de luchtontvochtiger volledig als u het apparaat langer dan 3 dagen niet hebt gebruikt. Bij onvoldoende reiniging en hygiène kunnen bacteriën, algen en schimmels in het water ontstaan.
7.1 Behuizing reinigen
Reinig de luchtontvochtiger met een licht vochtige doek. Gebruik geen oplosmiddelen of andere agressieve reinigings- of schuur-middelen, omdat die het oppervlak kunnen beschadigen. Zorg ervoor dat er geen vocht in het apparaat terechtkomt.
7.2 Waterreservoir reinigen
-
Trek het waterreservoir voorzichtig uit het apparaat naar achteren, zoals weergegeven.
-
Spoel het waterreservoir elke 2 weken met schoon water uit. Reinig het waterreservoir bij zeer intensief gebruik nog vaker. Verwijder afzettingen in het waterreservoir indien nodig met een kunststof borstel.

We raden u aan om het luchtfilter 6 elke 14 dagen te reinigen, omdat er stof vast kan komen te zitten, waardoor de luchtstroom belemmerd wordt. Gebruik het apparaat niet zonder geplaatst 6 luchtfilter.
- Trek de waterreservoir 1 eruit.
- Verwijder het luchtfilter 6.

- Bij lichte vervuiling gebruikt u de borstel van de stofzuiger om stofresten voorzichtig van de zeef te verwijderen.
- Bij sterke vervuiling het luchtfilter laten weken 6 in warm water, ca. 40 °C. Spoel het daarna voorzichtig af met een neutraal schoonmaakproduct.
- Laat het luchtfilter 6 volledig drogen, voordat u het weer in het apparaat plaatst. Plaats nooit een vochtig of nat luchtfilter 6
- Plaats het luchtfilter 6 en de waterreservoir 1 weer in het apparaat.

Ga voor de aanschaf van toebehoren en reserveonderdelen naar www.beurer.com of neem contact op met het betreffende servicepunt in uw land (zie de lijst met servicepunten). Toebehoren en reserveonderdelen zijn ook verkrijgbaar in de winkel.
| Omschrijving Artikel-/bestelnummer | |
| Kunststof afdekking met filter 1 | 10.105 |
| Waterreservoir 110.101 | |
| Condensslang 110.106 | |
| Waterreservoirdeksel 110.103 | |
9. WAT TE DOEN BIJ PROBLEMEN
Het apparaat werkt niet:
- Het apparaat is niet aangesloten op het elektriciteitsnet. Steek de netstekker in het stopcontact en schakel het apparaat in.
- Het apparaat is om veiligheidsredenen uitgeschakeld. Reinig of vul het apparaat eerst, voordat u het weer in gebruik neemt. Schakel het apparaat vervolgens opnieuw in.
Het apparaat stopt automatisch met ontvoch- tigen:
- Het waterreservoir is vol. Leeg het waterreservoir en neem het apparaat vervolgens weer in gebruik.
- Het waterreservoir is niet correct teruggeplaatst. Plaats het waterreservoir op de juiste wijze in het apparaat.
- Het luchtfilter is verstopt. Maak het luchtfilter schoon 6.
- Het apparaat is mogelijk automatisch aan het ontdooien. Tijdens de ontdooifunctie vindt er geen ontvochtiging plaats.
Het apparaat werkt onvoldoende:
- De ruimte is te groot. Het apparaat wordt aanbevolen voor gebruik in ruimtes tot 60 m ^2 .
- Het luchtfilter is verstopt. Maak het luchtfilter schoon 6.
- De luchtinlaat 7 of luchtuitlaat 2 is geblokkeerd. Zorg ervoor dat de luchtinlaat 7 en de luchtuitlaat 2 niet worden geblokkeerd.
- Er gaat te veel lucht de ruimte in en uit. Sluit ramen en deuren.
- Het apparaat blijft werken, hoewel de doelluchtvochtigheid is bereikt. Om de onderdelen van het apparaat te beschermen, loopt de ontvochtiging ook na het bereiken van de doelluchtvochtigheid nog ca. 3 minuten door.
Op het display wordt een foutmelding weergegeven:
| Weergave | Probleem Oplossing | |
| E2 | Vochtigheidssensor defect | Contact op-nemen met de klantenservice |
| LO | Omgevingsluchtvochtigheid < 20% | De luchtont-vochtiger wordt uitgeschakeld om zichzelf te beschermen |
| HI | Omgevingsluchtvochtigheid >90% | |
| CL | Bescherming tegen lage temperaturen: omgevingstemperatuur < 5 °C | Gebruik het apparaat niet in ruimten met een temperatuur van minder dan 5 °C. |
| CH | Bescherming tegen hoge temperaturen: omgevingstemperatuur > 38 °C | Gebruik het apparaat niet in ruimten met een temperatuur van meer dan 38 °C. |
| FL | Waterreservoir vol, afwezig of niet correct geplaatst | Waterreservoir legen of correct plaatsen |
10. VERWIJDEREN
Met het oog op het milieu mag het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil worden weggegooid. U kunt het apparaat inleveren bij gespecialiseerde inza -
melpunten in uw land. Neem de plaatselijke voorschriften voor het afvoeren van de materialen in acht. Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijn voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment).

Neem bij vragen contact op met de verantwoordelijke instantie voor afvalverwijdering in uw gemeente. Voor inzamelpunten van oude afgedankte apparatuur kunt u contact opnemen met uw gemeente, bijvoorbeeld met het gemeentebestuur, met de lokale afvalverwerkingsdienst of met de verkoper.
| Model LE 150 | |
| Netspanning/vermogen AC 220-240 V, 50 Hz / 200 W(30 °C, 80% rH) | |
| Afmetingen (l x b x h) 22,0 x 25,0 x 45,5 cm | |
| Leeggewicht 10,0 kg | |
| Aanbevolen grootte van de ruimte | tot 30 m^2 |
| Tankinhoud 2,0 l | |
| Ontvochtigingsvermogen 12 l / 24 uur (30 °C, 80% rH) | |
| Koudemiddel R-290 (propaan), 50 g | |
| Bekabelingsschema Zie de laatste pagina van deze gebruiksaanwijzing | |
12. GARANTIE
Meer informatie over de garantie en de garantievoorwaarden vindt u in de meegeleverde garantiebrochure.
