MAKITA UN001G - Heggenschaar

UN001G - Heggenschaar MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis UN001G MAKITA in PDF-formaat.

📄 136 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice MAKITA UN001G - page 66
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over UN001G MAKITA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Heggenschaar in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding UN001G - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. UN001G van het merk MAKITA.

GEBRUIKSAANWIJZING UN001G MAKITA

Model: UN001G
Lengte messenblad 600 mm
Bewegingen per minuut 2.000/3.000/4.000 min-1
Hoek van messenblad 115° (omhoog 45°, omlaag 70°)
Totale lengte 2.268 mm
Nominale spanning Max. 36 V - 40 V gelijkspanning
Nettogewicht *1 4,0 kg
*2 4,7 - 5,9 kg
Beschermingsklasse IPX4

- In verband met ononderbroken research en ontwikkeling, behouden wij ons het recht voor de bovenstaande technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.

- De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.

*1: Gewicht zonder enige accessoires of accu('s)

*2: Het gewicht kan verschillen afhankelijk van het/de hulpstuk(ken), waaronder de accu. De lichtste en zwaarste combinaties, volgens EPTA-procedure 01/2014, worden vermeld in de tabel.

Toepasselijke accu's en laders

Accu BL4020 / BL4025 / BL4040 / BL4040F / BL4050F / BL4080F
Lader DC40RA / DC40RB / DC40RC / DC40WA
  • Sommige van de hierboven vermelde accu's en laders zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.

MAKITA UN001G - 1

WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu's en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik eenige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand.

Aanbevolen bekabelde voedingsbron

Draagbare voedingseenheidPDC01 / PDC1200 / PDC1500
  • De hierboven vermelde bekabelde voedingsbron(nen) is/zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.
  • Alvorens de bekabelde voedingsbron te gebruiken, leest u de instructies en waarschuwingsopschriften erop.

Symbolen

Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap kunnen worden gebruikt. Zorg ervoor dat u de betekenis ervan kent voordat u het gereedschap gaat gebruiken.

MAKITA UN001G - 2

MAKITA UN001G - 3

MAKITA UN001G - 4

MAKITA UN001G - 5

MAKITA UN001G - 6

MAKITA UN001G - 7

Ni-MH Li-ion

Alleen voor EU-landen

Als gevolg van de aanwezigheid van schadelijke componenten in het apparaat, kunnen oude elektrische en elektronische apparaten, accu's en batterijen negatieve gevolgen hebben voor het milieu en de gezondheid van mensen.

Gooi elektrische en elektronische apparaten en accu's niet met het huisvuil weg! In overeenstemming met de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten en inzake accu's en batterijen en oude accu's en batterijen, alsmede de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dienen oude elektrische apparaten, accu's en batterijen gescheiden te worden opgeslagen en te worden ingeleverd bij een apart inzamelingspunt voor huishoudelijk afval dat de milieubeschermingsvoorschriften in acht neemt.

Dit wordt op het apparaat aangegeven door het symbool van een doorgekruiste afvalcontainer.

MAKITA UN001G - 8

Gegarandeerd geluidsvermogenniveau conform EU-richtlijn inzake geluidsemissie buitenhuis.

MAKITA UN001G - 9

Geluidsvermogenniveau conform de Regelgeving Geluidsregeling van NSW, Australië

Gebruiksdoeleinden

Het gereedschap is bedoeld om heggen te snoeien.

Geluidsniveau

De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN62841-4-2:

Model Geluidsdrukniveau Gega-randeerd geluids-vermogen-niveauGemeten geluidsvermogenniveau
L_pA (dB (A))Onzekerheid K (dB (A)) L_wA (dB (A)) L_wA (dB (A))Onzekerheid K (dB (A))
UN001G 82 3 94 93 1,5

OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.

OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

A WAARSCHUWING: De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.
⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).

Trilling

De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN62841-4-2:

Model Linkerhand(voorhandgreep/handgreep)Rechterhand(achterhandgreep)
ah (m/s2) OnzekerheidK (m/s2)ah (m/s2) OnzekerheidK (m/s2)
UN001G 4,9 1,5 3,5 1,5

OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.

OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

A WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.
⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).

Verklaringen van conformiteit

Alleen voor Europese landen

De verklaringen van conformiteit zijn bijgevoegd in Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.

Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap

⚠ WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, afbeeldingen en technische gegevens die bij dit elektrisch gereedschap worden geleverd. Als niet alle onderstaande instructies worden opgevolgd, kan dat leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.

Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen.

De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).

Veiligheidswaarschuwingen voor een accustokheggenschaar

Veiligheidswaarschuwingen voor een accuheggenschaar:

  1. Gebruik de heggenschaar niet onder slechte weersomstandigheden, met name wanneer de kans op bliksem bestaat. Dit verkleint de kans om door de bliksem getroffen te worden.
  2. Houd alle netsnoeren en kabels uit de buurt van het snoeigebied. Netsnoeren en kabels kunnen verborgen liggen in heggen of struiken en kunnen per ongeluk worden doorgesneden door de messenbladen.
  3. Draag gehoorbescherming. Afdoende beschermingsmiddelen verkleinen het risico van gehoorschade.
  4. Houd de heggenschaar alleen vast bij de geïsoleerde oppervlakken omdat de messenbladen met verborgen bedrading in aanraking kunnen komen. Wanneer de messenbladen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van de heggenschaar onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.
  5. Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de messenbladen. Verwijder geen snoeiafval en houd geen materiaal om te snoeien vast terwijl de messenbladen bewegen. De messenbladen blijven bewegen nadat de schakelaar is uitgezet. Een ogenblik van onoplettendheid kan tijdens het gebruik van de heggenschaar leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  6. Bij het verwijderen van vastgelopen materiaal of het onderhouden van de heggenschaar, verzekert u zich ervan dat alle aan-uitschakelaars uit staan en de accu is verwijderd of losgekoppeld. Onverwachte inschakeling van de

heggenschaar tijdens het verwijderen van vastgelopen materiaal of uitvoeren van onderhoud, kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

  1. Draag de heggenschaar aan de handgreep met stilstaande messenbladen en let erop dat u geen enkele aan-uitschakelaar bedient. Door op de juiste manier de heggenschaar te dragen, verkleint u de kans op per ongeluk starten met als gevolg persoonlijk letsel door de messenbladen.

  2. Bij het transporteren of opbergen van de heggenschaar moet altijd de schede worden gebruikt over de messenbladen. Door op de juiste manier met de heggenschaar om te gaan, verkleint u de kans op persoonlijk letsel door de messenbladen.

Veiligheidswaarschuwingen voor een accustokheggenschaar:

  1. Gebruik altijd hoofdbescherming wanneer u de stokheggenschaar boven uw hoofd bedient. Vallend afval kan ernstig persoonlijk letsel veroorzaken.
  2. Gebruik altijd twee handen om de stokheggenschaar te bedienen. Houd de stokheggenschaar met beide handen vast om te voorkomen dat u de controle erover verliest.
  3. Om de kans op elektrocutie te verkleinen, gebruikt u de stokheggenschaar nooit in de buurt van elektriciteitsdraden. Aanraking van of gebruik in de buurt van elektriciteitsdraden kan leiden tot ernstig letsel of een elektrische schok die leidt tot de dood.

Aanvullende veiligheidswaarschuwingen

Voorbereidingen

  1. DEZE HEGGENSCHAAR KAN ERNSTIG LETSEL VEROORZAKEN. Lees de instructies zorgvuldig voor een juiste hantering, voorbereiding, onderhoud, starten en stoppen van het gereedschap. Zorg dat u vertrouwd raakt met alle bedieningsorganen en het correcte gebruik van het gereedschap.
  2. Controleer de heggen en struiken op vreemde voorwerpen, zoals draadafrastering of verborgen draden, voordat u het gereedschap gebruikt.
  3. De heggenschaar mag niet worden gebruikt door kinderen of jeugd jonger dan 18 jaar. Jongeren ouder dan 16 jaar kunnen uitgezonderd worden van deze regel mits zij les krijgen onder toezicht van een expert.
  4. In geval van nood zet u onmiddellijk het gereedschap uit en verwijdert u de accu.
  5. GEVAAR - Houd uw handen uit de buurt van de messenbladen. Aanraking van de messenbladen kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  6. Gebruik uitsluitend wanneer de handgreep en beschermkap correct op het gereedschap zijn gemonteerd. Het gebruik van het gereedschap zonder de juiste beschermkap of handgreep kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  7. Beginnende gebruikers dienen door een ervaren gebruiker te worden voorgedaan hoe het gereedschap moet worden gebruikt.

  8. Onderzoek het werkgebied op draadafrasteringen, stenen en andere massieve voorwerpen voordat u met de werkzaamheden begint. Zij kunnen de bladen beschadigen.

  9. Gebruik de heggenschaar alleen als u in goede lichamelijke conditie bent. Als u vermoeid bent, kunt u zich minder goed concentreren. Wees met name voorzichtig aan het einde van de werkdag. Werk altijd rustig en voorzichtig. De gebruiker is aansprakelijk voor alle schade toegebracht aan derden.
  10. Alvorens met de werkzaamheden te beginnen, moet u controleren of de heggenschaar in goede en veilige staat verkeert. Controleer dat de beschermkappen stevig gemonteerd zijn. De heggenschaar mag niet worden gebruikt voordat deze geheel compleet en afgemon- teerd is.
  11. Vermijd gevaarlijke omgevingen. Gebruik het gereedschap niet op vochtige of natte plaatsen en stel het niet bloot aan regen. Als water binnendringt in het gereedschap, wordt de kans op een elektrische schok groter.

Persoonlijke-veiligheidsmiddelen

  1. Werkhandschoenen van stevig leer maken deel uit van de standaard werkuitrusting van de heggenschaar en moeten tijdens het werken ermee altijd worden gedragen. Draag tevens stevige schoenen met antislip zolen.
  2. Draag gehoorbescherming, zoals oorkappen, om gehoorschade te voorkomen.
  3. Draag een veiligheidsbril, veiligheidshelm en veiligheidshandschoenen om uzelf te beschermen tegen rondvliegend afval en vallende voorwerpen.
  4. Wanneer u de bladen aanraakt of de hoek van de bladen verandert, moet u veiligheidshandschoenen dragen. De bladen kunnen flinke snijwonden veroorzaken in blote handen.

Bediening

  1. Gebruik altijd twee handen om een gereedschap te bedienen dat is uitgerust met twee handgrepen. Als u één hand gebruikt, kunt u de controle over het gereedschap verliezen waardoor ernstig persoonlijk letsel kan worden veroorzaakt.
  2. Verzeker u bij bediening van het gereedschap er altijd van dat de bedieningspositie veilig en stabiel is. Het is bijzonder gevaarlijk met het gereedschap te ver te reiken, met name op een ladder. Werk niet vanaf een wankel of instabiel iets.
  3. Draag niet meerdere gereedschapsriemen en/ of schouderdraagstellen tegelijkertijd terwijl u het gereedschap bedient.
  4. Houd tijdens gebruik omstanders en dieren ten minste 15 meter uit de buurt van het gereedschap. Zet het gereedschap uit zodra iemand dichterbij komt.
  5. Als het snijgarnituur tegen een voorwerp stoot, of het gereedschap een ongebruikelijk geluid begint te maken, schakelt u het gereedschap onmiddellijk uit, verwijdert u de accu en laat u het gereedschap tot stilstand komen. Voer daarna de volgende stappen uit:

  6. Inspecteer op beschadigingen.

  7. Controleer op loszittende onderdelen en zet die goed vast.
  8. Laat alle beschadigde onderdelen repareren of vervangen door originele vervangingsonderdelen.

  9. Gebruik het gereedschap uitsluitend voor het beoogde doel. Gebruik het gereedschap niet voor enig ander doel.

  10. Schakel het gereedschap uit en verwijder de accu alvorens:

  11. te reinigen of een verstopping op te heffen,

  12. te controleren, onderhoud uit te voeren of te werken aan het gereedschap,
  13. de werkstand van de messenbladen af te stellen,
  14. het gereedschap onbeheerd achter te laten.

  15. Verzeker u ervan dat het gereedschap correct is vastgezet in een daarvoor bedoelde werkstand voordat u het gereedschap start.

  16. Bedien het gereedschap niet wanneer de mes- senbladen beschadigd of sterk gesleten zijn.
  17. Verzeker u er altijd van dat alle handgrepen en beschermkappen zijn aangebracht voordat u het gereedschap gebruikt. Probeer nooit een onvolledig gereedschap te gebruiken of een gereedschap waaraan niet-goedgekeurde wijzigingen zijn aangebracht.
  18. Let altijd goed op uw omgeving en wees bedacht op mogelijke gevaren waarvan u zich mogelijk niet bewust bent vanwege het geluid van het gereedschap.
  19. Wees voorzichtig niet per ongeluk een metalen afrastering of andere harde voorwerpen te raken tijdens het gebruik. De bladen zullen breken en kunnen ernstig letsel veroorzaken.
  20. Voorkom onbedoeld starten. Draag het gereedschap niet terwijl de accu is aangebracht met uw vinger op de schakelaar. Verzeker u ervan dat de schakelaar uit staat voordat u de accu aanbrengt.
  21. Pak de blote messenbladen of snijranden niet vast wanneer u het gereedschap oppakt of vasthoudt.
  22. Forceer het gereedschap niet. Het gereedschap werkt beter en met een kleinere kans op letsel op de manier waarvoor het is ontworpen.
  23. Gebruik het gereedschap niet in de regen of onder natte of zeer vochtige omstandigheden. De elektromotor is niet waterdicht.
  24. Houd tijdens het gebruik het gereedschap stevig vast.
  25. Laat het gereedschap niet onnodig onbelast draaien.
  26. Alvorens de messenbladen te controleren, storingen te verhelpen of vastgelopen vreemde voorwerpen uit de messenbladen te verwijderen, schakelt u het gereedschap altijd uit en verwijdert u de accu.
  27. Richt de messenbladen nooit op uzelf of anderen.

  28. Als de messenbladen tijdens gebruik stoppen met bewegen doordat vreemde voorwerpen verstrikt geraakt zijn tussen de messenbladen, schakelt u het gereedschap uit en verwijdert u de accu, en verwijdert u vervolgens de vreemde voorwerpen met behulp van gereedschappen, zoals een tang. Als u de vreemde voorwerpen met de hand verwijdert, kan dat leiden tot letsel omdat de messenbladen kunnen gaan bewegen als reactie op het verwijderen van de vreemde voorwerpen.

  29. Verzeker u ervan dat er geen elektriciteitskabels, waterleidingen, gasleidingen, enz. zijn die een gevaarlijke situatie zouden kunnen veroorzaken als ze worden beschadigd door het gebruik van dit gereedschap.
  30. Raak de metalen onderdelen of hete oppervlakken van het gereedschap tijdens gebruik of onmiddellijk na gebruik niet aan. Zij kunnen bijzonder heet zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken. Laat het gereedschap eerst afkoelen voordat u enige werkzaamheden aan het gereedschap uitvoert.
  31. Gebruik het gereedschap niet op een zachte, instabiele of gladde ondergrond of op een steile helling. Vermijd het gebruik op een ladder of op grote hoogte. Als u dit toch doet, bestaat het risico van vallen, waardoor persoonlijk letsel kan worden veroorzaakt.
  32. Gebruik het gereedschap niet bij slecht weer of 's nachts wanneer het zicht beperkt is. Als u zich hier niet aan houdt, kan dat een val of verkeerde bediening veroorzaken als gevolg van het slechte zicht.
  33. Vermijd werken in een ongunstige omgeving waarin een verhoogde vermoeidheid van de gebruiker kan worden verwacht.
  34. Dompel het gereedschap niet onder in een waterplas.
  35. Laat het gereedschap niet onbeheerd buiten in de regen staan.
  36. Wanneer natte bladeren of vuil blijft kleven aan de aanzuigmond (ventilatieopening) als gevolg van de regen, verwijdert u deze.
  37. Gebruik het gereedschap niet in de sneeuw.

Elektrische veiligheid en accu

  1. Werp de accu('s) niet in een vuur. De accu kan exploderen. Raadpleeg de lokale regelgeving voor mogelijke speciale verwerkingsvereisten.
  2. Open of vervorm de accu('s) niet. Het elektrolyt is agressief en kan letsel toebrengen aan de ogen en huid. Het kan giftig zijn bij inslikken.
  3. Laad de accu niet op in de regen of op een natte plaats.
  4. Laad de accu niet buitenshuis op.
  5. Raak de lader, inclusief de stekker en de contacten van de lader, niet met natte handen aan.
  6. Vervang de accu niet met natte handen.
  7. Vervang de accu niet in de regen.
  8. Laat de aansluitpunten van de accu niet nat worden met een vloeistof, zoals water, en dompel de accu niet onder. Laat de accu niet in de regen liggen en laad of berg de accu niet op een vochtige of natte plaats op. Als de

aansluitpunten nat worden of vloeistof binnendringt in de accu, kan kortsluiting ontstaan in de accu en bestaat de kans op oververhitting, brand of explosie.

  1. Nadat de accu vanaf het gereedschap of de acculader is verwijderd, vergeet u niet het accudeksel op de accu te bevestigen en deze op een droge plaats op te bergen.
  2. Als de accu nat wordt, laat u het water eruit lopen en veegt u hem af met een droge doek. Laat de accu volledig drogen op een droge plaats voordat u hem gebruikt.

Onderhoud en opbergen

  1. Wanneer het gereedschap wordt stilgezet voor onderhoud, inspectie of opslag, schakelt u het gereedschap uit, verwijdert u de accu en verzekert u zich ervan dat alle bewegende delen tot stilstand zijn gekomen. Laat het gereedschap afkoelen alvorens enige inspectie, enz. uit te voeren.
  2. Laat het gereedschap altijd eerst afkoelen voordat u hem opbergt.
  3. Als het gereedschap niet wordt gebruikt, bevestigt u de schede op het gereedschap en bergt u het gereedschap binnen op op een droge, hoge of afgesloten plaats, buiten het bereik van kinderen.
  4. Onderhoud het gereedschap goed. Houd de snijranden scherp en schoon voor de beste prestaties en om de kans op letsel te verkleinen. Volg de instructies voor het smeren en het vervangen van accessoires. Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van olie en vet.
  5. Controleer beschadigde onderdelen. Zonder het gereedschap verder te gebruiken, moet elk onderdeel dat beschadigd is eerst goed worden onderzocht om te beoordelen of het goed zal werken en zijn beoogde functie kan uitvoeren. Controleer of bewegende delen goed uitgelijnd zijn en niet vastgelopen zijn, of onderdelen niet kapot zijn en stevig gemonteerd zijn, en enige andere situatie die van invloed kan zijn op de werking van het gereedschap. Een beschermkap of ander onderdeel dat is beschadigd, dient deugdelijk te worden gerepareerd of te worden vervangen door uw erkende servicecentrum.
  6. Gebruik uitsluitend originele vervangingsonderdelen.
  7. Wanneer u het gereedschap naar een andere plaats overbrengt, ook tijdens het werk, verwijdert u altijd de accu en brengt u de schede aan over de messenbladen. Draag of vervoer het gereedschap nooit terwijl de bladen bewegen. Pak de bladen nooit met uw handen beet.
  8. Reinig het gereedschap, en met name de messenbladen, na ieder gebruik en voordat het gereedschap langdurig wordt opgeborgen. Smeer de messenbladen met een beetje olie en breng de schede aan.
  9. Was het gereedschap niet met water onder hoge druk.
  10. Wanneer u het gereedschap wast, zorgt u ervoor dat geen water kan binnendringen in de elektrische delen, zoals de accu, motor en

aansluitingen.

  1. Voer inspectie en onderhoud uit op een plaats waar regen kan worden vermeden.
  2. Nadat u het gereedschap hebt gebruikt, verwijdert u het aanklevende vuil en laat u het gereedschap volledig drogen voordat u hem opbergt. Afhankelijk van het seizoen of gebied, bestaat de kans op een storing als gevolg van bevriezing.
  3. Wanneer u het gereedschap opbergt, vermijdt u direct zonlicht en regen, en bergt u het op een plaats op die niet heet of vochtig wordt.

BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN.

A WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig letsel.

Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu

  1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.
  2. Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
  3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brandwonden en zelfs een ontploffing veroorzaken.
  4. Als elektrolyt in uw ogen is terechtgeko- men, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.
  5. Voorkom kortsluiting van de accu:

(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal.
(2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spijkers, munten e.d. worden bewaard.
(3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brandwonden, en zelfs defecten.

  1. Bewaar en gebruik het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.
  2. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wanneer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur.
  3. Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in, snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp. Dergelijke

handelingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.

  1. Gebruik nooit een beschadigde accu.

  2. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoffen.

Voor commercieel transport en dergelijke door derden en transporteurs moeten speciale vereisten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd.

Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerd is het noodzakelijk een expert op het gebied van gevaarlijke stoffen te raadplegen. Houd u tevens aan mogelijk strengere nationale regelgeving.

Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking.

  1. Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.
  2. Gebruik de accu's uitsluitend met de gereedschappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu's worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, buitensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.
  3. Als u het gereedschap gedurende een lange tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.
  4. Tijdens en na gebruik, kan de accu heet worden waardoor brandwonden of koude brandwonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu.
  5. Raak de aansluitpunten van het gereedschap niet onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken.
  6. Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond vast komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu. Hierdoor kan oververhitting, brand, een barst en een storing in het gereedschap of de accu ontstaan waardoor brandwonden of persoonlijk letsel kunnen ontstaan.
  7. Behalve indien gebruik van het gereedschap is toegestaan in de buurt van hoogspanningsleidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.
  8. Houd de accu uit de buurt van kinderen.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.

ALET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu's. Het gebruik van niet-originele accu's, of accu's die zijn gewijzigd, kan ertoe leiden dat de acc ontploft en brand, persoonlijk letsel en schade veroo zaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita.

Tips voor een maximale levensduur van de accu

  1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.
  2. Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de

levensduur van de accu.

  1. Laad de accu op bij een omgevingstemperatuur tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.
  2. Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u hem vanaf het gereedschap of de lader.
  3. Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.

BESCHRIJVING VAN DE ONDERDELEN

▶ Fig.1

1Kop2Voorhandgreep3Bevestigingsoog4Uit-vergrendelhendel
5Accu6Achterhandgreep7Hendelschakelaar8Schuifmof
9Messenbladen10Toerentallampjes11Waarschuwingslampje12Omkeerknop
13Aan-uitknop------

BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES

ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren.

De accu aanbrengen en verwijderen

ALET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
ALET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt.

Om de accu aan te brengen lijnt u de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats. Steek de accu zo ver mogelijk in het gereedschap tot u een klikgeluid hoort. Wanneer het rode deel zichtbaar is, zoals aangegeven in de afbeelding, is de accu niet geheel vergrendeld.

Om de accu te verwijderen verschuift u de knop aan de voorkant van de accu en schuift u tegelijkertijd de accu uit het gereedschap.

▶ Fig.2: 1. Rood deel 2. Knop 3. Accu

LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.
LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk in het gereedschap kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht.

De resterende acculading controleren

Druk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. De indicatorlampjes branden gedurende enkele seconden.

▶ Fig.3: 1. Indicatorlampjes 2. Testknop

MAKITA UN001G - De resterende acculading controleren - 1

OPMERKING: Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden en de omgevingstemperatuur, is het mogelijk dat de aangegeven acculading verschilt van de werkelijke acculading.

OPMERKING: Het eerste (meest linker) indicator-lampje knippert wanneer het accubeveiligingssysteem in werking is getreden.

Gereedschap-/accubeveiligingssysteem

Het gereedschap is voorzien van een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Dit systeem schakelt automatisch de voeding naar de motor uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch stoppen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:

▶ Fig.4: 1. Waarschuwingslampje

Waarschuwingslampje Status
KleurMAKITA UN001G - Gereedschap-/accubeveiligingssysteem - 1
Groen###Overbelast
RoodMAKITA UN001G - Gereedschap-/accubeveiligingssysteem - 2Oververhit
Rood###Te ver ontladen

KENNISGEVING: Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden, stopt het gereedschap automatisch zonder enige aanduiding wanneer takken of afval verstrikt zijn/is geraakt in het gereedschap. Schakel in dat geval eerst het gereedschap uit, verwijder vervolgens de accu en verwijder daarna verstrikt geraakte takken of afval met behulp van een tang of ander gereedschap. Nadat de takken of afval zijn/is verwijderd, brengt u de accu weer aan en schakelt u het gereedschap in.

Overbelastingsbeveiliging

Wanneer het gereedschap of de accu overbelast wordt door verstrikt geraakte takjes of ander vuil, stopt het gereedschap automatisch en knippert het waarschu-wingslampje groen.

Schakel in die situatie het gereedschap uit en stop het gebruik dat ertoe leidde dat het gereedschap overbelast raakte. Schakel daarna het gereedschap in om het weer te starten.

Oververhittingsbeveiliging voor het gereedschap of de accu

Als het gereedschap of de accu oververhit is, stopt het gereedschap automatisch. Wanneer het gereedschap oververhit is, brandt het waarschuwingslampje rood.

Wanneer de accu oververhit is, knippert het waar- schuwingslampje rood. Laat het gereedschap en/of de accu afkoelen alvorens het gereedschap weer in te schakelen.

Beveiliging tegen te ver ontladen

Als de acculading laag wordt, stopt het gereedschap automatisch en gaat het waarschuwingslampje rood knipperen.

Als het gereedschap niet werkt, ook niet wanneer de schakelaars worden bediend, verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en laadt u hem op.

Beveiliging tegen andere oorzaken

Het beveiligingssysteem is ook ontworpen voor andere oorzaken die het gereedschap kunnen beschadigen, en zorgt ervoor dat het gereedschap automatisch stopt. Voer alle volgende stappen uit om de oorzaken op te heffen, wanneer het gereedschap tijdelijk is onderbroken of tijdens het gebruik is gestopt.

  1. Schakel het gereedschap uit en schakel het daarna weer in om het opnieuw te starten.
  2. Laad de accu('s) op of vervang hem/ze door (een) opgeladen accu('s).
  3. Laat het gereedschap en accu('s) afkoelen.

Als geen verbetering optreedt nadat het beveiligings- systeem is gereset, neemt u contact op met uw lokale Makita-servicecentrum.

In- en uitschakelen

⚠ WAARSCHUWING: Omwille van uw veiligheid is dit gereedschap uitgerust met een uit-vergrendelschakelaar die voorkomt dat het gereedschap onbedoeld wordt ingeschakeld. Gebruik het gereedschap NOOIT wanneer dit kan worden ingeschakeld door gewoon de hendelschakelaar in te knijpen zonder de uit-vergrendelhendel te bedienen. Stuur het gereedschap naar ons erkende servicecentrum voor deugdelijke reparatie ALVORENS het verder te gebruiken.

⚠ WAARSCHUWING: U mag NOOIT het doel of de werking van de uit-vergrendelknop teniet doen of deze vastplakken.

ALET OP: Alvorens de accu in het gereedschap aan te brengen, moet u altijd controleren of de hendelschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand "OFF". Het gebruik van gereedschap met een schakelaar die niet goed werkt, kan leiden tot verlies van controle en ernstige verwondingen.

LET OP: Leg uw vinger nooit op de schakelaar terwijl u het gereedschap draagt. Het gereedschap kan onbedoeld starten en letsel veroorzaken.

KENNISGEVING: Knijp de hendelschakelaar niet hard in zonder de uit-vergrendelhendel in te drukken. Hierdoor kan de schakelaar kapot gaan.

Druk op de aan-uitknop om het gereedschap in te schakelen. Om het gereedschap uit te schakelen, houdt u de aan-uitknop ingedrukt totdat het toerentallampje uit gaat.

▶ Fig.5: 1. Aan-uitknop 2. Toerentallampje 3. Waarschuwingslampje

OPMERKING: Het waarschuwingslampje knippert groen als de hendelschakelaar wordt ingeknepen bij omstandigheden waaronder bediening onmogelijk is, zoals:

  • de hoofdschakelaar inschakelen terwijl u de uit-vergrendelhendel ingedrukt houdt en de hendelschakelaar ingeknepen houdt;
  • de hendelschakelaar inknijpen terwijl de uit-ver-grendelhendel ingedrukt wordt gehouden en de gereedschapskop wordt omgeklapt.

OPMERKING: Dit gereedschap maakt gebruik van de automatische uitschakelfunctie. De hoofdschakelaar wordt automatisch uitgeschakeld nadat het gereedschap gedurende ongeveer 5 minuten niet is bediend.

OPMERKING: De automatische uitschakelfunctie kan in werking treden nadat het gereedschap is gestopt doordat een beveiligingsfunctie is geactiveerd. De hoofdschakelaar zal automatisch worden uitgeschakeld ongeveer 5 minuten nadat de motor automatisch is gestopt en geen corrigerende handeling is uitgevoerd naar aanleiding van de beveiliging van het gereedschap.

Om te voorkomen dat de hendelschakelaar per ongeluk wordt ingeknepen, is uit veiligheidsoverwegingen een dubbele uit-vergrendelschakelaar aangebracht.

Om het gereedschap te starten, duwt u de vergrendelknop omlaag naar voren tot voorbij zijn normale stand met het deel van uw hand tussen duim en wijsvinger, en drukt u de uit-vergrendelhendel omlaag met de palm van uw hand. Terwijl u de uit-vergrendelhendel ingedrukt houdt, knijpt u daarna de hendelschakelaar in. Laat de hendelschakelaar los om het gereedschap te stoppen.

▶ Fig.6: 1. Vergrendelknop 2. Uit-vergrendelknop 3. Hendelschakelaar

Toerentalregeling

U kunt het toerental van het gereedschap instellen door op de aan-uitknop te drukken. Bij elke druk op de aan-uitknop, verandert het toerental.

▶ Fig.7: 1. Aan-uitknop 2. Toerentallampjes

Lampje Functie Aantal slagen
321Hoog 4.000 min-1
321Gemiddeld 3.000 min-1
321Laag 2.000 min-1

OPMERKING: Het gereedschap start in dezelfde functie als bij de laatste bediening. Als u de accu verwijdert terwijl de motor draait na het uitschakelen, start het gereedschap mogelijk niet in dezelfde functie als bij de laatste bediening.

Omkeerknop voor verwijderen van vuil

⚠ WAARSCHUWING: Als verstrikt geraakte takken of afval niet kunnen worden verwijderd door middel van de omkeerfunctie, schakelt u eerst het gereedschap uit, verwijdert u vervolgens de accu en verwijdert u daarna verstrikt geraakte takken of afval met behulp van een tang of ander gereedschap. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet wordt verwijderd, kan dat na per ongeluk inschakelen leiden tot ernstig persoonlijk letsel. Als verstrikt geraakte takken en afval met de hand wordt verwijderd, kan dat leiden tot letsel omdat de messenbladen kunnen bewegen als reactie op het verwijderen.

Dit gereedschap heeft een omkeerknop om de bewegingsrichting van de messenbladen te veranderen. Dit is alleen voor het verwijderen van takken en afval dat verstrikt is geraakt in het gereedschap.

Om de bewegingsrichting van de messenbladen om te keren, wacht u tot de messenbladen tot stilstand zijn gekomen en drukt u op de omkeerknop. Houd vervolgens de uit-vergrendelhendel ingedrukt en knijp de hendelschakelaar in. Het toerentallampje begint te knipperen en de messenbladen bewegen in de omgekeerde richting.

Nadat verstrikt geraakte takken en afval zijn verwijderd, keert het gereedschap terug naar de normale bewegingsrichting en stopt het toerentallampje met knipperen en gaat het branden.

▶ Fig.8: 1. Omkeerknop 2. Toerentallampje

OPMERKING: Als de verstrikt geraakte takken en afval niet kunnen worden verwijderd, laat u de hendelschakelaar los, drukt u op de omkeerknop en knijpt u de hendelschakelaar weer in totdat ze zijn verwijderd.

OPMERKING: Als u op de omkeerknop drukt terwijl de messenbladen nog bewegen, komt het gereedschap tot stilstand en staat klaar voor bewegen in de omgekeerde richting.

De snoeihoek instellen

⚠ LET OP: Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld voordat u de kop omklapt of weer terug klapt.
⚠ LET OP: Wanneer u de kop omklapt om het gereedschap te vervoeren of na gebruik van het gereedschap, moet u altijd de schede aanbrengen voordat u de kop omklapt.
▲LET OP: Wanneer u de kop omklapt, bent u voorzichtig dat uw vingers niet bekneld raken tussen de kop en de schuifmof.

De hoek van de kop kan worden afgesteld in 6 stappen tussen 45° omhoog en 70° omlaag. Om de hoek van de kop te veranderen, volgt u de onderstaande stappen.

▶ Fig.9: 1. Hoek van de kop omhoog 2. Hoek van de kop omlaag

  1. Houd de kop vast en verschuif de schuifmof zoals aangegeven in de afbeelding.
    ▶ Fig.10: 1. Kop 2. Schuifmof
  2. Beweeg de kop terwijl u de schuifmof omlaag houdt en laat daarna de schuifmof los.
  3. Beweeg de kop iets tot deze met een klik wordt vergrendeld.

OPMERKING: Verzeker u ervan dat de kop stevig vergrendeld is voordat u het gereedschap gebruikt.

Elektronische functie

Het gereedschap is uitgerust met elektronische aansturing voor een gemakkelijke bediening.

  • Constant-toerentalregeling De toerentalregelfunctie zorgt voor een constant toerental ongeacht de belastingsomstandigheden.
  • Elektrische rem Dit gereedschap is voorzien van een elektrische rem. Als het gereedschap constant niet in staat is de messenbladen snel stil te zetten nadat de hendelschakelaar is losgelaten, laat u het gereedschap onderhouden door een erkend Makita-servicecentrum.
  • Beveiliging tegen onopzettelijk herstarten Als u het gereedschap inschakelt terwijl u de hendelschakelaar ingedrukt houdt, start het gereedschap niet en knippert het waarschuwingslampje groen. Om het gereedschap te starten, laat u eerst de hendelschakelaar los en schakelt u daarna het gereedschap in.

MONTAGE

ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren.
ALET OP: Draag bij het vervangen van de messenbladen altijd handschoenen zodat uw handen niet rechtstreeks in aanraking komen met de messenbladen.

De messenbladen aanbrengen en verwijderen

⚠LET OP: Breng de schede aan voordat u de messenbladen aanbrengt of verwijdert.

KENNISGEVING: Bij het aanbrengen of verwijderen van de messenbladen veegt u het vet op het tandwiel en de kruk er niet af.

OPMERKING: Voordat u de messenbladen aanbrengt of verwijdert, klapt u de kop van het gereedschap om zodat de kop recht op het gereedschapshuis staat.

  1. Leg het gereedschap ondersteboven en verwijder daarna de 6 bouten.

▶ Fig.11: 1. Bout

  1. Verwijder de afdekking en de plaat.
    ▶ Fig.12: 1. Afdekking 2. Plaat

Als het moeilijk is om de afdekking eraf te halen, gebruikt u een platkopschroevendraaier om de afdekking eraf te wrikken.

Steek de platkopschroevendraaier in een of meer gaten en uitsparingen in het gereedschapshuis en wrik de afdekking van de behuizing af.

▶ Fig.13: 1. Uitsparingen (aan beide zijkanten van de behuizing) 2. Opening (tussen de afdekking en de messenbladen)

OPMERKING: De plaat kan vast blijven zitten binnenin de afdekking.

  1. Verwijder de drijfstang en het lager.

▶ Fig.14: 1. Drijfstang 2. Lager

OPMERKING: De drijfstang en het lager kunnen vast blijven zitten binnenin de afdekking.

  1. Verwijder de 2 bouten en de 2 bussen vanaf de messenbladen. Maak de messenbladen los uit de behuizing van het gereedschap. Maak daarna het viltblok en de rubber stofafdichting los van de messenbladen.

▶ Fig.15: 1. Bout 2. Bus 3. Messenbladen 4. Viltblok 5. Stofafdichting

KENNISGEVING: Wees voorzichtig geen losse onderdelen kwijt te raken, want deze zijn weer nodig bij het in elkaar zetten van het gereedschap.

  1. Verwijder de schede en breng hem aan op de nieuwe messenbladen.
    ▶ Fig.16: 1. Schede
  2. Stel de kruk zodanig af dat de 2 gaten uitgelijnd staan op de uitlijnlijn.
    ▶ Fig.17: 1. Gaten 2. Uitlijnlijn
  3. Lijn de uitstekende delen aan beide zijkanten van de messenbladen met elkaar uit.
    ▶ Fig.18: 1. Uitstekende delen
  4. Houd de messenbladen vast met de gaten voor de bussen omhoog gericht. Bevestig het viltblok op de messenbladen zodanig dat de zijkanten ervan rondom de messenbladen grijpen.
    ▶ Fig.19: 1. Viltblok 2. Gat voor bus
  5. Draai de messenbladen ondersteboven. Bevestig de rubber stofafdichting op de messenbladen. Stel de positie ervan af zodat één uiteinde van de stofafdichting tegen het uitstekende deel van de messenbladen ligt.
    ▶ Fig.20: 1. Stofafdichting 2. Uitstekende deel
  6. Draai de messenbladen om zodat het viltblok omhoog gericht is. Lijn de uitstekende delen van de messenbladen uit met de kop van de drijfstang. Breng de messenbladen weer op hun plaats aan.
    ▶ Fig.21: 1. Viltblok 2. Stofafdichting 3. Uitstekende deel 4. Kop van de drijfstang 5. Uitsparing voor viltblok 6. Uitsparing voor de stofafdichting

KENNISGEVING: Verzeker u ervan dat het viltblok en de rubber stofafdichting goed passen in hun uitsparingen in de behuizing.

KENNISGEVING: Breng een kleine hoeveelheid smeervet aan op de binnenomtrek van de kop van de drijfstang.

  1. Breng nieuwe bussen aan in de gaten voor de bussen in de messenbladen.

▶ Fig.22: 1. Bus 2. Gat voor bus

KENNISGEVING: Let erop dat u de bussen niet verliest.

  1. Lijn de gaten van de bussen uit met die in de messenbladen en die in de behuizing zodat ze recht boven elkaar liggen. Monteer vervolgens de 2 bouten om de messenbladen te bevestigen.

▶ Fig.23: 1. Bout 2. Bus 3. Messenbladen

  1. Breng de drijfstang en het lager aan.

▶ Fig.24: 1. Drijfstang 2. Kop van de drijfstang 3. Lager

KENNISGEVING: Breng een kleine hoeveelheid smeervet aan op de binnenomtrek van de kop van de drijfstang.

KENNISGEVING: Verzeker u ervan dat het uitstekende deel van de messenbladen goed past in de kop van de drijfstang.

  1. Breng de plaat weer op zijn plaats aan.

▶ Fig.25: 1. Plaat 2. Uitstekende deel

KENNISGEVING: Verzeker u ervan dat het uitstekende deel van de messenbladen goed past in het gat van de plaat.

  1. Breng de afdekking aan en draai daarna de 6 bouten vast.

▶ Fig.26: 1. Afdekking 2. Bout

KENNISGEVING: Als de messenbladen niet soepel bewegen, grijpen de messenbladen niet goed aan op de drijfstangen. Breng de messenbladen opnieuw aan.

KENNISGEVING: Als andere onderdelen dan de messenbladen, zoals de drijfstangen, versleten zijn, vraagt u een erkend Makita-servicecentrum om vervanging of reparatie.

De snoeiafvalvanger aanbrengen en verwijderen

Optioneel accessoire

⚠LET OP: Draag bij het aanbrengen of verwijderen van de snoeiafvalvanger altijd handschoenen zodat uw handen niet rechtstreeks in aanraking komen met de messenbladen.

KENNISGEVING: De schede kan niet worden aangebracht als de snoeiafvalvanger is aangebracht op het gereedschap. Alvorens het gereedschap mee te nemen of op te bergen, verwijdert u de snoeiafvalvanger en brengt u de schede aan om de messenbladen om blootstelling van de messenbladen te voorkomen.

KENNISGEVING: Verwijder de schede voordat u de snoeiafvalvanger aanbrengt.

De snoeiafvalvanger verzamelt afgesneden bladeren waardoor het opruimen later veel gemakkelijker is. Hij kan aan beide kanten van het gereedschap worden bevestigd.

  1. Haak de klauwen van de snoeiafvalvanger aan de messenbladen.
  1. Lijn de gaten in de snoeiafvalvanger uit met de bouten van de messenbladen, en bevestig daarna de snoeiafvalvanger stevig aan de messenbladen.

KENNISGEVING: Zorg ervoor dat de snoeiafval- vanger de takkenvanger niet overlapt.

▶ Fig.29: 1. Takkenvanger

Om de snoeiafvalvanger te verwijderen, drukt u de hendels in om de vergrendelhaken te ontgrendelen.

▶ Fig.30: 1. Hendel

KENNISGEVING: Probeer de snoeiafvalvanger nooit met grote kracht te verwijderen terwijl de haken aangrijpen in de groeven van de messenbladen.

BEDIENING

Het schouderdraagstel bevestigen

ALET OP: Verzeker u er voor gebruik van dat het schouderdraagstel goed is bevestigd aan het bevestigingsoog van het gereedschap.

ALET OP: Wanneer u het gereedschap gebruikt in combinatie met de ruggedragen voeding, zoals de draagbare voedingseenheid, mag u het schouderdraagstel dat in de doos van het gereedschap zit niet gebruiken, maar gebruikt u in plaats daarvan de draagriem die wordt aanbevolen door Makita.

Als u het schouderdraagstel dat in de doos van het gereedschap zit omdoet en tegelijkertijd het schouderdraagstel van de ruggedragen voeding draagt, is het moeilijk om het gereedschap of de ruggedragen voeding in een noodgeval af te doen, waardoor een ongeval of letsel kan ontstaan. Voor de aanbevolen draagriem neemt u contact op met een erkend Makita-servicecentrum.

OPMERKING: Gebruik het schouderdraagstel bevestigd aan het gereedschap. Stel voor gebruik het schouderdraagstel af op de lichaamsgrootte van de gebruiker om vermoeidheid te voorkomen.

  1. Draag het schouderdraagstel over uw schouder.
    ▶ Fig.31
  2. Maak de haak van het schouderdraagstel vast aan het bevestigingsoog van het gereedschap.
    ▶ Fig.32: 1. Haak 2. Bevestigingsoog
  3. Stel het schouderdraagstel af op een comfortabele werkhouding.
    ▶ Fig.33

Het schouderdraagstel is voorzien van een snelontgrendelingsmethode.

Knijp eenvoudigweg de zijkant van de gesp in om het gereedschap los te maken van het schouderdraagstel.

▶ Fig.34: 1. Gesp

Het gereedschap bedienen

⚠ WAARSCHUWING: Gebruik het gereedschap niet in de buurt van elektriciteitsdraden. Aanraking van elektriciteitsdraden of gebruik van het gereedschap in de buurt van elektriciteitsdraden kan leiden tot ernstig letsel of een elektrische schok die leidt tot de dood.

⚠ WAARSCHUWING: Houd uw handen uit de buurt van de messenbladen.

⚠ WAARSCHUWING: Let er goed op dat u te allen tijde de controle over het gereedschap behoudt. Zorg ervoor dat het gereedschap zich niet in uw richting of in de richting van iemand die in de buurt staat beweegt. Als u de controle over het gereedschap verliest, kan dat leiden tot ernstig letsel van de gebruiker en omstanders.

ALET OP: Vermijd, voor zover dat praktisch is, het gebruik van het gereedschap bij zeer warm weer. Let tijdens gebruik van het gereedschap op uw fysieke toestand.

ALET OP: Wees voorzichtig niet per ongeluk een metalen afrastering of andere harde voorwerpen te raken tijdens het snoeien. De messenbladen kunnen breken en letsel veroorzaken.

⚠LET OP: Wees voorzichtig dat de messenbladen tijdens gebruik niet de grond raken. Het gereedschap kan hierdoor terugslaan en letsel veroorzaken.

▲LET OP: Het is bijzonder gevaarlijk met de heggenschaar te ver te reiken, met name op een ladder. Werk niet vanuit een wankele of instabiele stand.

KENNISGEVING: Probeer geen takken met een diameter van meer dan 10 mm te snoeien met het gereedschap. Snoei deze takken met behulp van een snoeischaar 10 cm lager af dan de snoeihoogte voordat u het gereedschap gebruikt.

▶ Fig.35: 1. Snoeihoogte 2. 10 cm

KENNISGEVING: Snoei niet in dode bomen of andere harde voorwerpen. Als u dit toch doet, kan het gereedschap worden beschadigd.

KENNISGEVING: Snijd geen gras of onkruiden met de messenbladen. Het gras of de onkruiden kunnen verstrikt raken in de messenbladen.

Houd het gereedschap met beide handen vast.

▶ Fig.36

Houd de uit-vergrendelhendel ingedrukt, knijp de hendelschakelaar in en bereid het gereedschap voor op het snoeien.

▶ Fig.37

Als standaardmethode houdt u de messenbladen gekanteld in de snoeirichting en beweegt u ze rustig en langzaam met een snelheid van 3 of 4 seconden per meter.

▶ Fig.38

Om de zijkant van een heg gelijkmatig te snoeien, snoeit u van onder naar boven.

▶ Fig.39

Als u een ronde vorm wilt snoeien (snoeien van buxus, rododendron, enz.), snoeit u van onder naar boven voor een mooie afwerking.

▶ Fig.40

Als de snoeiafvalvanger is bevestigd aan de messenbladen, verzamelt deze de gesnoeide bladeren en maakt het opruimen naderhand veel gemakkelijker.

▶ Fig.41

ONDERHOUD

ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie.

A LET OP: Leg het gereedschap altijd op de grond wanneer u het inspecteert of onderhoudt. Als u het gereedschap monteert of afstelt terwijl het rechtop staat, kan ernstig letsel worden veroorzaakt.

Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijd met gebruik van Makita-vervangingsonderdelen.

Het gereedschap reinigen

Reinig het gereedschap door het stof eraf te vegen met een droge doek of een doek gedoopt in zeepwater en uitgewrongen.

KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt.

De messenbladen onderhouden

Voorafgaand aan gebruik, en één keer per uur tijdens gebruik, brengt u olie met een lage viscositeit (machineolie of smeerolie uit een spuitbus) aan op de messenbladen.

▶ Fig.42

Verwijder na de werkzaamheden het vuil vanaf beide zijden van de messenbladen met behulp van een staalborstel, veeg de messenbladen schoon met een doek, en breng daarna olie met een lage viscositeit (machineolie of smeerolie uit een spuitbus) aan op de messenbladen.

▶ Fig.43

KENNISGEVING: Was de messenbladen niet met water. Als u dit toch doet, kan het gereedschap gaan roesten of worden beschadigd.

KENNISGEVING: Vuil en roest zorgen voor een buitensporige weerstand tussen de messenbladen en verkorten de gebruiksduur van een acculading.

Opslag

Schuif de schede over de messenbladen zodat deze niet bloot liggen. Bewaar het gereedschap buiten bereik van kinderen. Bewaar het gereedschap op een plaats die niet is blootgesteld aan vocht of regen.

De messenbladen slijpen

KENNISGEVING: Als de messenbladen aanzienlijk vervormd zijn door het slijpen, vervangt u de messenbladen door nieuwe.

  1. Breng de accu aan op het gereedschap.
  2. Schakel het gereedschap in en start het zodat het bovenste messenblad en onderste messenblad versprongen ten opzichte van elkaar staan.

▶ Fig.44

  1. Schakel het gereedschap uit en verwijder de accu vanaf het gereedschap.

  2. Verwijder de schroef en verwijder daarna de takkenvanger.

▶ Fig.45: 1. Schroef 2. Takkenvanger

  1. Stel de hoek van een vijl in op 50° en slijp het bovenste messenblad met de vijl in exact de richting van de drie snijranden.

ALET OP: Alvorens de messenbladen te slijpen, verzekert u zich ervan dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu vanaf het gereedschap is verwijderd.

  1. Leg het gereedschap ondersteboven en verwijder daarna de bramen vanaf het messenblad met behulp van een wetsteen.

▶ Fig.47: 1. Wetsteen

  1. Stel de hoek van de vijl in op 50° en slijp het onderste messenblad met de vijl in exact de richting van de drie snijranden.
  2. Leg het gereedschap terug in zijn normale stand en verwijder daarna de bramen vanaf het messenblad met behulp van een wetsteen.
  3. Breng de takkenvanger weer aan door de schroef vast te draaien.

Smeren met vet

Smeerinterval: Elke 50 bedrijfsuren

Het smeergat gebruiken

  1. Verwijder de bout uit het gat om te smeren.

▶ Fig.48: 1. Bout

  1. Verwijder de dop vanaf de smeervethouder. Lijn de opening van de smeervethouder uit met het gat in de afdekking en druk daarna de opening van de smeervethouder op het gat.

▶ Fig.49: 1. Smeervethouder 2. Gat

  1. Breng het smeervet aan in het gereedschap (ongeveer 5 g als richtlijn).

  2. Draai de bout vast.

De smeernippel gebruiken

De smeernippel zorgt voor een lekvrije verbinding met een vetspuit.

  1. Bereid een vetspuit voor op gebruik.
  2. Sluit de adapter van de vetspuit aan op de smeernippel van het gereedschap.

▶ Fig.50: 1. Adapter van de vetspuit 2. Smeernippel

  1. Breng het smeervet aan in het gereedschap (ongeveer 5 g als richtlijn).

  2. Kantel de adapter iets om de inwendige druk af te laten en verwijder vervolgens de adapter vanaf de smeernippel.

Veeg het vet vanaf de adapter en de smeernippel.

PROBLEMEN OPLOSSEN

Alvorens u verzoekt om reparatie, kunt u zelf als volgt het probleem opsporen en oplossen. Als u met een probleem kampt dat in deze handleiding niet wordt beschreven, probeer dan niet het gereedschap te demonteren. Laat reparaties over aan een erkend Makita-servicecentrum, uitsluitend met gebruik van originele Makita-vervangingsonderdelen.

Probleemomschrijving Waarschijnlijke oorzaak (storing) Oplossing
Motor loopt niet. De accu is niet aangebracht. Breng de accu aan.
Probleem met de accu (lage spanning). Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, vervangt u de accu.
De aandrijving werkt niet goed. Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.
De motor stopt na kort te hebben gedraaid.De accu is bijna leeg. Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, vervangt u de accu.
Oververhitting. Stop het gebruik van het gereedschap en laat het afkoelen.
Het gereedschap bereikt niet het maximumtoerental.De accu is niet goed aangebracht. Breng de accu aan zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing.
Het accuvermogen neemt af. Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, vervangt u de accu.
De aandrijving werkt niet goed. Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.
De messenbladen bewegen niet: → stop het gereedschap onmiddellijk!Ongeschikte hoek van de messenbladen. Verzeker u ervan dat de kop goed is vastgezet in de correcte hoek voor gebruik.
Vreemde voorwerpen zijn vastgelopen tussen de messenbladen. 1. Druk op de omkeerknop.2. Schakel het gereedschap uit en verwijder de accu, en verwijder daarna de vreemde voorwerpen met behulp van een tang of ander gereedschap.
De aandrijving werkt niet goed. Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.
Abnormale trillingen: → stop het gereedschap onmiddellijk!De messenbladen zijn gebroken, verbo-gen of versleten. Vervang de messenbladen.
De aandrijving werkt niet goed. Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.
De messenbladen en de motor kunnen niet stoppen: → verwijder de accu onmiddellijk!Elektrische storing. Verwijder de accu en vraag uw plaatselijk erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.

ALET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat het gevaar van persoonlijke letsel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.

Wenst u meer bijzonderheden over deze accessoires, neem dan contact op met het plaatselijke Makita-servicecentrum.

  • Messenbladen compleet
  • Snoeiafvalvanger
    • Smeervethouder
  • Originele Makita-accu en -acculader

OPMERKING: Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Deze kunnen van land tot land verschillen.

ESPECIFICACIONES

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MAKITA

Model : UN001G

Categorie : Heggenschaar