DCS512 - Zaag DEWALT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DCS512 DEWALT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DCS512 DEWALT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DCS512 - DEWALT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DCS512 van het merk DEWALT.
GEBRUIKSAANWIJZING DCS512 DEWALT
Nederlands (vertaald vanuit de originele instructies) 86
Hartelijk gefeliciteerd!
U hebt gekozen voor een DEWALT gereedschap. Jarenlange ervaring, grondige productontwikkeling en innovatie maken DEWALT tot een van de betrouwbaarste partners voor gebruikers van professioneel gereedschap.
Technische gegevens
| DCS512XJ, GB, QW, XE | |||
| Spanning V | DC | 12 | |
| Type 1 | |||
| Accutype Li-lon | |||
| Onbelaste snelheid tpm/min 3600 | |||
| Zaagbladdiameter mm 140 | |||
| Maximale zaagdiepte mm 47 | |||
| Zaagbladboring mm 20 | |||
| Aanpassing afschuinhoek 50° | |||
| Gewicht (zonder accu) kg 2,2 | |||
| Geluidswaarden en/of vibratiewaarden (triax-vectorsom) volgens EN62841-2-5: | |||
| L_PA | (emissie geluidsdrukniveau) | dB (A) | 89 |
| L_WA | (geluidsvermogenniveau) | dB (A) | 100 |
| K | (onzekerheid voor het gegeven geluidsniveau) | dB (A) 4 | |
| Vibratie-emissiewaarde a_h, w = | m/s^2 | 2,5 | |
| Onzekerheid K = | m/s^2 | 1,5 | |
Het vibratie- en/of lawaai-emissieniveau dat in dit informatieblad wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test die wordt gegeven in EN62841 en u kunt ermee het ene gereedschap met het andere vergelijken. Het kan worden gebruikt voor een eerste inschatting van blootstelling.
WAARSCHUWING: Het verklaarde vibratie- en/of lawaai-emissieniveau geldt voor de hoofdtoepassingen van het gereedschap. Als het gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, dan wel met andere accessoires of slecht wordt onderhouden, kan de vibratie- en/of lawaai-emissie verschillen. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen gedurende de totale werkperiode.
Een inschatting van het blootstellingsniveau aan vibratie en/of lawaai moet ook worden overwogen wanneer het gereedschap wordt uitgeschakeld of als het aan staat maar geen daadwerkelijke werkzaamheden uitvoert. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verminderen gedurende de totale arbeidsduur.
Kijk naar aanvullende veiligheidsmaatregelen voor het beschermen van de gebruiker tegen de effecten of vibratie en/of lawaai, zoals: onderhoud het gereedschap en de accessoires goed, houd de handen warm (relevant voor vibraties), organisatie van werkpatronen.
EG-conformiteitsverklaring
Richtlijn Voor Machines

Cirkelzaag
DCS512
DEWALT verklaart dat deze producten zoals beschreven onder Technische gegevens in overeenstemming zijn met: 2006/42/EG, EN62841-1:2015, EN62841-2-5:2014.
Deze producten voldoen ook aan de Richtlijn 2014/30/EU en 2011/65/EU. Neem voor meer informatie contact op met DeWALT via het volgende adres of kijk op de achterzijde van de gebruiksaanwijzing.
De ondergetekende is verantwoordelijk voor de samenstelling van het technische bestand en legt deze verklaring af namens DEWALT.

text_image
M. GeorgMarkus Rompel
65510, Idstein, Duitsland
07.05.2021

WAARSCHUWING: Lees de instructiehandleiding om het risico op letsel te verminderen.
Definities: Veiligheidsrichtlijnen
De definities hieronder beschrijven de ernstgraad voor elk signaalwoord. Gelieve de handleiding te lezen en op deze symbolen te letten.
GFVAAR: Wijst op een dreigende gevaarlijke situatie dien niet vermeden, zal leiden tot de dood of ernstige verwondingen.
WAARSCHUWING: Wijst op een mogelijk gevaarlijke staatie die, indien niet vermeden, zou kunnen leiden tot de dood of ernstige letsels.
VOORZICHTIG: Wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie, dependien niet vermeden, kan leiden tot kleine of matige letsels.
OPMERKING: Geeft een handeling aan waarbij geen persoonlijk letsel optreedt die, indien niet voorkomen, schade aan goederen kan veroorzaken.
| Accu's Laders/Laadtijden (Minuten) | ||||||||||||
| Cat # V | DC | Ah | Gewicht kg | DCB104 | DCB107 | DCB110 | DCB112 | DCB113 | DCB115 | DCB116 | DCB132 | DCB119 |
| DCB122 | 12 | 2,0 | 0,22 | 30 | 90 | 90 | 60 | 50 | 30 | 30 | 30 | 60 |
| DCB124/G | 12 | 3,0 | 0,25 | 45 | 140 | 140 | 90 | 70 | 45 | 45 | 45 | 90 |
| DCB125 | 12 | 1,3 | 0,20 | 22 | 60 | 60 | 40 | 30 | 22 | 22 | 22 | 40 |
| DCB126/G | 12 | 5,0 | 0,46 | 75 | 240 | 240 | 150 | 120 | 75 | 75 | 75 | 150 |
| DCB127 | 12 | 2,0 | 0,22 | 30 | 90 | 90 | 60 | 50 | 30 | 30 | 30 | 60 |

op risico van een elektrische schok.

op brandgevaar.
ALGEMENE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR ELEKTRISCH GEREEDSCHAP

RSCHUWING: Lees alle
voligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties die bij dit gereedschap zijn meegeleverd. Het niet opvolgen van alle onderstaande instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel.
De term „elektrisch gereedschap“ in de waarschuwingen verwijst naar uw (met een snoer) op de netspanning aangesloten elektrische gereedschap of naar (draadloos) elektrisch gereedschap met een accu.
1) Veiligheid Werkplaats
a) Houd het werkgebied schoon en goed verlicht.
Rommelige of donkere gebieden zorgen voor ongelukken.
b) Bedien elektrische gereedschappen niet in een explosieve omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen kunnen doen ontbranden.
c) Houd kinderen en omstanders op een afstand terwijl u een elektrisch gereedschap bedient. Als u wordt afgeleid kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
2) Elektrische Veiligheid
a) Stekkers van elektrisch gereedschap moeten in het stopcontact passen. Pas de stekker nooit op enige manier aan. Gebruik geen adapterstekkers samen met geaard elektrisch gereedschap. Niet aangepaste stekkers en passende contactdozen verminderen het risico op een elektrische schok.
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlaktes zoals buizen, radiatoren, fornuizen en ijskasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is.
c) Stel elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of natte omstandigheden. Als er water in een elektrisch
gereedschap terecht komt, verhoogt dit het risico op een elektrische schok.
d) Behandel het stroomsnoer voorzichtig. Gebruik het stroomsnoer nooit om het elektrische gereedschap te dragen of te trekken, of de stekker uit het stopcontact te halen. Houd het snoer uit de buurt van warmte, olie, scherpe randen, of bewegende onderdelen. Beschadigde snoeren of snoeren die in de war zijn verhogen het risico op een elektrische schok.
e) Als u een elektrisch gereedschap buitenshuis gebruikt, gebruikt u een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor buitenshuis, vermindert het risico op een elektrische schok.
f) Als het gebruik van een elektrisch gereedschap op een vochtige locatie onvermijdelijk is, gebruikt u een stroomvoorziening die beveiligd is met een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op een elektrische schok.
3) Persoonlijke Veiligheid
a) Blijf alert, kijk wat u doet en gebruik uw gezonde verstand als u een elektrisch gereedschap bedient. Gebruik het gereedschap niet als u vermoeid bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicatie bent. Een moment van onoplettendheid tijdens het bedienen van elektrische gereedschappen kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
b) Gebruik een beschermende uitrusting. Draag altijd oogbescherming. Beschermende uitrusting zoals een stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, een helm, of gehoorbescherming gebruikt in de juiste omstandigheden zal het risico op persoonlijk letsel verminderen.
c) Vermijd onbedoeld starten. Zorg ervoor dat de schakelaar in de 'off' (uit) stand staat voordat u het gereedschap aansluit op de stroombron en/ of accu, het oppakt of ronddraagt. Het ronddragen van elektrische gereedschappen met uw vinger op de schakelaar of het aanzetten van elektrische gereedschappen waarvan de schakelaar aan staat, zorgt voor ongelukken.
d) Verwijder alle stelsleutels of moersleutels voordat u het elektrische gereedschap aan zet. Een moersleutel of stelsleutel die in een ronddraaiend onderdeel van het
elektrische gereedschap is achtergelaten kan leiden tot persoonlijk letsel.
e) Rek u niet te ver uit. Blijf altijd stevig en in balans op de grond staan. Dit zorgt voor betere controle van het elektrische gereedschap in onverwachte situaties.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden of lang haar kunnen door bewegende delen worden gegrepen.
g) Als er in apparaten wordt voorzien voor het aansluiten van stofverwijdering- of verzamelapparatuur, zorg er dan voor dat deze correct worden aangesloten en gebruikt. Het gebruik van een stofverzamelaar kan aan stof gerelateerde gevaren verminderen.
h) Denk niet dat u, doordat u het gereedschap veel hebt gebruikt, het allemaal wel weet en dat u de veiligheidsbeginselen kunt negeren. Een onvoorzichtige actie kan in een fractie van een seconde ernstig letsel tot gevolg hebben.
4) Gebruik en Verzorging van Elektrisch Gereedschap
a) Forceer het gereedschap niet. Gebruik het juiste elektrische gereedschap voor uw toepassing. Het juiste elektrische gereedschap voert de werkzaamheden beter en veiliger uit waarvoor het is ontworpen.
b) Gebruik het gereedschap niet als de schakelaar het niet aan en uit kan zetten. leder gereedschap dat niet met de schakelaar kan worden bediend is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of neem de accu, als deze kan worden losgenomen, uit het elektrisch gereedschap en voer daarna pas aanpassingen uit, wissel daarna pas accessoires of berg daarna pas het gereedschap op. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart.
d) Bewaar gereedschap dat niet wordt gebruikt buiten het bereik van kinderen en laat niet toe dat personen die onbekend zijn met het elektrische gereedschap of deze instructies het gereedschap bedienen.
Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk in handen van ongetrainde gebruikers.
e) Onderhoud elektrische gereedschappen. Controleer op verkeerde uitlijning en het grijpen van bewegende onderdelen, breuk van onderdelen en andere omstandigheden die de werking van het gereedschap nadelig kunnen beïnvloeden. Zorg dat het gereedschap voor gebruik wordt gerepareerd als het beschadigd is. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden gereedschap.
f) Houd snijdgereedschap scherp en schoon. Correct onderhouden snijdgereedschappen met scherpe
snijdranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker te beheersen.
g) Gebruik het elektrische gereedschap, de accessoires en gereedschapsonderdelen enz. in overeenstemming met deze instructies, waarbij u rekening houdt met de werkomstandigheden en de werkzaamheden die dienen te worden uitgevoerd. Gebruik van het elektrische gereedschap voor werkzaamheden die anders zijn dan het bedoelde gebruik, kunnen leiden tot een gevaarlijke situatie.
h) Houd de handgrepen en oppervlakken die u beet pakt, droog, schoon en vrij van olie en vet. Door gladde handgrepen en oppervlakken die u beet pakt, kan veilig werken en bedienen van het gereedschap in onverwachte situaties onmogelijk worden.
5) Gebruik en Verzorging van Gereedschap op Accu
a) Gebruik alleen de lader die door de fabrikant wordt opgegeven. Een lader die geschikt is voor één accutype, kan een risico op brand veroorzaken indien gebruikt met een andere accu.
b) Gebruik elektrische gereedschappen uitsluitend met speciaal omschreven accu's. Gebruik van andere accu's kan leiden tot letsel en brandgevaar.
c) Als de accu niet in gebruik is, dient u deze uit de buurt te houden van andere metalen voorwerpen zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding van het ene contactpunt met het andere kunnen maken. Het kortsluiten van de accucontactpunten samen kan brandwonden of brand veroorzaken.
d) Als het gereedschap te zwaar wordt belast, kan er vloeistof uit de accu lekken; vermijd contact hiermee. Als u per ongeluk hier toch mee in contact komt, spoelt u met water. Als de vloeistof in contact met de ogen komt, dient u daarnaast medische hulp in te roepen. Vloeistof afkomstig uit de accu kan irritatie of brandwonden veroorzaken.
e) Werk niet met een accu of met gereedschap dat beschadigd is of waaraan wijzigingen zijn aangebracht. Beschadigde of gemodificeerde accu's kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen dat kan leiden tot brand, explosie of een risico van letsel.
f) Stel een accu of gereedschap niet bloot aan open vuur of uitzonderlijk hoge temperatuur. Brand of een temperatuur boven de 130 °C kunnen de accu doen exploderen.
g) Volg alle instructies voor het opladen en laad de accu of het gereedschap niet op buiten het temperatuurbereik dat in de instructies wordt opgegeven. Door op onjuiste wijze opladen of opladen bij een temperatuur buiten het opgegeven bereik kan de accu beschadigd raken en het risico van brand toenemen.
6) Service
a) Zorg dat u gereedschap wordt onderhouden door een erkende reparateur die uitsluitend identieke vervangende onderdelen gebruikt. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van het gereedschap blijft gegarandeer.
b) Probeer nooit beschadigde accu's te repareren. De reparaties aan accu's mogen alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of door geautoriseerde servicecentra.
Veiligheidsvoorschriften voor alle zagen
Zaagprocedures
a) ▲ GEVAAR: Houd uw handen verwijderd van het zaaggebied en het zaagblad. Houd uw tweede hand op de hulphandgreep, of op de motorbehuizing.
Als beide handen de zaag vasthouden, kunnen zij niet in aanraking met het zaagblad komen.
b) Reik niet onder het werkstuk. Onder het werkstuk kan de beschermkap u niet beschermen tegen het zaagblad.
c) Pas de zaagdiepte aan aan de dikte van het werkstuk. Er moet minder dan een volledige tand van de zaagbladtanden zichtbaar zijn onder het werkstuk.
d) Houd nooit een werkstuk dat u zaagt, in uw handen of tegen uw been gedrukt. Zet het werkstuk vast op een stabiele ondergrond. Het is belangrijk dat het werkstuk goed wordt ondersteund zodat blootstelling van het lichaam, vastlopen van het zaagblad of het verlies van controle tot een minimum worden beperkt.
e) Houd het gereedschap vast bij de geïsoleerde greepoppervlakken wanneer u een handeling uitvoert waarbij het accessoire van het zaaggereedschap in aanraking kan komen met verborgen bedrading. Contact met bedrading die onder stroom staat, kan metalen onderdelen van het gereedschap onder stroom zetten en de gebruiker een elektrische schok geven.
f) Gebruik, wanneer u overlangs gaat zagen, altijd een langsgeleider of een richtliniaal. Dat verbetert de nauwkeurigheid van de zaagsnede en vermindert de kans dat het zaagblad vastloopt.
g) Gebruik altijd zaagbladen van de juiste omvang en vorm (ruitvormig tegenover rond) van het asgat.
Zaagbladen die niet passen bij de montagevoorziening van de zaag zullen excentrisch lopen, waardoor verlies van controle ontstaat.
h) Gebruik nooit beschadigde of onjuiste zaagbladringen of een onjuiste zaagbladbout.
De zaagbladringen en -bout zijn speciaal voor uw zaag ontworpen, voor optimale prestaties en veiligheid in gebruik.
NADERE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR ALLE ZAGEN
Oorzaken van terugslag en hoe de gebruiker deze kan voorkomen:
- Terugslag is een plotselinge reactie bij een bekneld, vastgelopen of verkeerd uitgelijnd zaagblad, waardoor de gebruiker de controle over de zaag kan verliezen en de zaag uit het werkstuk omhoog kan komen naar de gebruiker;
- Wanneer het zaagblad bekneld raakt of vastloopt in de zaagsnede die zich sluit, komt het zaagblad tot stilstand en stuurt de reactie van de motor de machine snel in achterwaartse richting de gebruiker;
- Als het zaagblad krom wordt of verkeerd uitgelijnd raakt in de zaagsnede, kunnen de tanden aan de achterzijde van het zaagblad zich in het bovenoppervlak van het hout vreten, waardoor het zaagblad uit de zaagsnede omhoog klimt naar de gebruiker toe.
Terugslag is het gevolg van een verkeerd gebruik en/of onjuiste gebruiksomstandigheden van de zaag en kan worden voorkomen door geschikte voorzorgsmaatregelen te nemen zoals hieronder worden vermeld:
a) Blijf de zaag stevig met beide handen vasthouden en plaats uw armen zodanig dat u een eventuele terugslag kunt tegenhouden. Plaats uw lichaam aan één van beide zijden van het zaagblad, maar niet in lijn met het zaagblad. Door terugslag kan de zaag naar achteren springen, maar de krachten van de terugslag kunnen door de gebruiker worden gecontroleerd, als de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen.
b) Wanneer het blad vast komt te zitten, of wanneer u het zagen om welke reden dan ook wilt onderbreken, laat u de schakelaar los en houdt u de zaag zonder beweging in het materiaal totdat het blad tot volledige stilstand is gekomen. Probeer nooit de zaag uit het werkstuk te trekken of de zaag naar achteren te trekken terwijl het zaagblad loopt of wanneer terugslag zich kan voordoen. Zoek naar de oorzaak van het vastlopen en neem de geschikte maatregelen om die oorzaak te verhelpen.
c) Centreer, wanneer u een zaag opnieuw start in het werkstuk, het zaagblad in de zaagsnede en controleer dat de zaagtanden niet in het materiaal vastzitten. Als een zaagblad is vastgelopen, kan het omhoog komen of terugslaan uit het werkstuk als de zaag opnieuw wordt gestart.
d) Ondersteun grote panelen zodat het risico van vastlopen of terugslaan zoveel mogelijk wordt beperkt. Grote panelen kunnen onder hun eigen gewicht doorzakken. Er moet aan beide zijden ondersteuning onder het paneel worden geplaatst, dicht bij de zaagsnede en dicht bij de rand van het paneel.
e) Gebruik geen botte of beschadigde bladen. Bij niet-geslepen of onjuist geplaatste zaagbladen krijgt u
een nauwe zaagsnede, ontstaat te veel wijving, komt het zaagblad vast te zitten en treedt terugslag op.
f) Vergrendelingen van de zaagbladdiepte en afschuinhoek moeten goed vastzitten voordat er wordt gezaagd. Als het zaagblad tijdens het zagen verschuift, kan het vast komen te zitten en treedt terugslag op.
g) Wees bijzonder voorzichtig wanneer u invallend zaagt op bestaande muren of andere verborgen gedeelten. Het vooruitstekende zaagblad kan voorwerpen zagen die terugslag kunnen veroorzaken.
Veiligheidsinstructies voor de onderste beschermkap
a) Controleer altijd dat de onderste beschermkap is gesloten voordat u de zaag gebruikt. Gebruik de zaag niet als de onderste beschermkap niet vrij beweegt en zich niet ogenblikkelijk sluit. Klem of bind de onderste beschermkap nooit vast in een geopende stand. Als de zaag komt te vallen, kan de onderste beschermkap verbogen raken. Breng de onderste beschermkap met de terugtrekhendel omhoog en controleer dat de kap vrij kan bewegen en onder geen enkele hoek en bij geen enkele zaagdiepte het zaagblad of een ander onderdeel raakt.
b) Controleer het veermechanisme voor de onderste beschermkap. Als de beschermkap en de veel niet goed werken, moeten zijn vóór gebruik worden nagezien. Mogelijk werkt de onderste beschermkap traag als gevolg van beschadigde onderdelen, ingedikte resten van smeermiddelen of opeenhoping van vuil.
c) U mag de onderste beschermkap alleen met de hand omhooghouden bij speciale verrichtingen, zoals "invalzaagsneden" en "samengestelde zaagsneden". Breng de onderste beschermkap omhoog door de handgreep terug te halen en laat de kap los zodra het zaagblad in het materiaal dringt. Voor alle andere zaagwerkzaamheden moet de onderste beschermkap automatisch functioneren.
d) Let er altijd goed op dat de onderste beschermkap het zaagblad bedekt voordat u de zaag op een werkbank of op de vloer zet. Als het zaagblad niet afgeschermd is kan het uitlopende zaagblad de zaag naar achteren laten lopen en kan alles wat de zaag tegenkomt beschadigd raken. Houd rekening met de tijd die het zaagblad nodig heeft om tot stilstand te komen nadat u de schakelaar hebt losgelaten.
Aanvullende veiligheidsinstructies voor cirkelzagen
- Draag gehoorbescherming. Blootstelling aan lawaai kan gehoorverlies veroorzaken.
-
Draag een stofmasker. Blootstelling aan stofdeeltjes kan ademhalingsproblemen en mogelijk letsel veroorzaken.
-
Gebruik geen zaagbladen met een grotere of kleinere diameter dan wordt aanbevolen. Raadpleeg voor de juiste maten van het zaagblad de Technische gegevens. Gebruik alleen de zaagbladen die worden opgegeven in deze handleiding, en die voldoen aan EN847-1.
- Gebruik nooit slijpschijven.
- Gebruik geen hulpstukken voor de toevoer van water.
- Zet het werkstuk met klemmen of op een andere praktische manier vast en ondersteun het op een stabiele ondergrond. Wanneer u het werkstuk vasthoudt met de hand of het tegen uw lichaam gedrukt houdt, is het instabiel en kunt u de controle verliezen.
- Gebruik alleen zaagbladen waarop een snelheid wordt vermeld die gelijk is aan of hoger is dan de snelheid die op het gereedschap wordt vermeld.
- Voorkom oververhitting van de punten van het zaagblad.
- Installeer vóór gebruik de stofafzuigpoort op de zaag.
Overige risico's
Ondanks het toepassen van de relevante veiligheidsvoorschriften en het toepassen van veiligheidsapparaten kunnen sommige overige risico's niet worden vermeden. Dit zijn:
- Gehoorbeschadiging.
- Risico op persoonlijk letsel door rondvliegende deeltjes.
- Risico van brandwonden omdat accessoires tijdens het gebruik heet worden.
- Risico van persoonlijk letsel als gevolg van langdurig gebruik.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES
Laders
DEWALT laders hoeven niet te worden afgesteld en zijn zo ontworpen dat zij zeer gemakkelijk in het gebruik zijn.
Elektrische veiligheid
De elektrische motor is slechts voor één voltage ontworpen. Controleer altijd of het voltage van de accu overeenkomt met het voltage op het typeplaatje. Zorg er ook voor dat het voltage van uw oplader overeenkomt met dat van uw stroomvoorziening.

Uw DEWALT oplader is dubbel geïsoleerd in overeenstemming met EN60335; daarom is geen aarding nodig.
Als het netsnoer is beschadigd, mag het alleen worden vervangen door DEWALT of door een geautoriseerd servicebedrijf.
Een verlengsnoer gebruiken
U dient geen verlengsnoer te gebruiken, tenzij dit absoluut noodzakelijk is. Gebruik een goedgekeurd verlengsnoer dat geschikt is voor de stroominvoer van uw oplader (zie
Technische gegevens). De minimale geleidergrootte is 1 mm ^2 ; de maximale lengte is 30 m.
Als u een haspel gebruikt, dient u het snoer altijd volledig af te rollen.
Belangrijke veiligheidsinstructies voor alle acculaders
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES: Deze handleiding bevat belangrijke instructies voor de veiligheid en voor de bediening van geschikte batterijladers (raadpleeg Technische gegevens).
- Lees voordat u de lader gebruikt, alle instructies en aanwijzingen voor de veiligheid op de lader, de accu en het product dat de accu gebruikt.
WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schok. Laat geen vloeistof in de lader dringen. Dit zou kunnen leiden tot een elektrische schok.
WAARSCHUWING: Wij adviseren een aardlekschakelaar met een reststroomwaarde van 30mA of minder te gebruiken.
VOORZICHTIG: Gevaar voor brandwonden. Beperk hafvatico van letsel, laad alleen oplaadbare accu's op van het merk DEWALT. Andere typen accu's zouden uit elkaar kunnen springen en persoonlijk letsel en schade kunnen veroorzaken.
VORZICHTIG: Houd toezicht op kinderen zodat zij niet met het apparaat kunnen spelen.
OPMERKING: Onder bepaalde omstandigheden, wanneer de stekker van de lader in het stopcontact zit, kunnen de niet-afgedekte laadcontacten binnenin de lader door materiaal of een voorwerp worden kortgesloten. Bepaalde materialen die geleidend zijn, zoals, maar niet uitsluitend, staalwol, aluminiumfolie of een opeenhoping van metaalachtige deeltjes, kunnen beter bij de holtes van de lader worden weggehouden. Trek altijd de stekker uit het stopcontact wanneer er geen accu in de lader zit. Trek de stekker van de lader uit het stopcontact voordat u de lader gaat reinigen.
- Probeer NIET de accu op te laden met andere laders dan die in deze handleiding worden beschreven. De lader en de accu zijn speciaal voor elkaar ontworpen.
- Deze laders zijn niet bedoeld voor een andere toepassing dan het opladen van oplaadbare accu's van DEWALT. Andere toepassingen kunnen leiden tot het gevaar van brand, elektrische schok of elektrocutie.
- Stel de lader niet bloot aan regen of sneeuw.
- U kunt beter niet aan het snoer trekken wanneer u de stekker van de lader uit het stopcontact trekt. Er is dan minder risico op beschadiging van het snoer en van de stekker.
- Het is belangrijk dat u het snoer zo plaatst dat niemand erop kan stappen of erover kan struikelen, en het snoer niet op een andere manier kan beschadigen of onder spanning kan komen te staan.
- Gebruik alleen een verlengsnoer als het er werkelijk niet anders kan. Gebruik van een ongeschikt verlengsnoer kan het risico van brand, elektrische schok of elektrocutie tot gevolg hebben.
- Plaats niet iets boven op een lader en plaats de lader niet op een zacht oppervlak omdat hierdoor de ventilatiesleuven kunnen worden geblokkeerd en de lader binnenin veel te heet wordt. Plaats de lader niet in de
buurt van een warmtebron. De lader wordt geventileerd door sleuven boven en onder in de behuizing.
- Gebruik de lader niet met een beschadigd snoer of een beschadigde stekker—laat deze onmiddellijk vervangen.
- Gebruik de lader niet als er hard op is geslagen, als de lader is gevallen of op een andere manier beschadigd is. Breng de lader naar een erkend servicecentrum.
- Haal de lader niet uit elkaar; breng de lader naar een erkend servicecentrum wanneer service of reparatie nodig is. Onjuiste montage kan leiden tot het risico van een elektrische schok, elektrocutie of brand.
- Als het netsnoer is beschadigd, moet het onmiddellijk worden vervangen door de fabrikant, een servicemonteur van de fabrikant of een dergelijk vakbekwaam persoon, zodat risico is uitgesloten.
- Trek de stekker van de lader uit het stopcontact voordat u de lader gaat schoonmaken. Er is dan minder risico van een elektrische schok. Het risico is niet minder wanneer u de accu verwijderd.
• Probeer NOOIT 2 laders op elkaar aan te sluiten. - De lader is ontworpen voor de 230V stroomvoorziening van een woning. Probeer de lader niet te gebruiken op een andere spanning. Dit geldt niet voor de 12V-lader.
Een accu opladen (Afb. [Fig.] B)
- Steek de lader in een geschikt stopcontact voordat u de accu insteekt.
- Plaats de accu 3 in de lader, en let er daarbij op dat de accu geheel in de lader komt te zitten. Het rode lampje (opladen) knippert herhaaldelijk en dat duidt erop dat het laadproces is gestart.
- Een volledig opgeladen accu wordt aangegeven door het rode lampje dat constant AAN blijft. De accu is nu volledig opgeladen en kan worden gebruikt of kan in de acculader blijven zitten. Duw, als u de accu uit de lader wilt nemen, op de accu-vrijgaveknop 13 op de accu.
OPMERkIng: U kunt maximale prestaties en levensduur van lithium-ion-accu's garanderen door de accu's volledig op te laden voordat u deze voor het eerst in gebruik neemt.
Werking van de lader
Raadpleeg onderstaande indicatoren voor de laadstatus van de accu.
Laadindicaties

text_image
bezig met opladen volledig opgeladen hete/koude accuvertraging** Het rode lampje blijft knipperen, maar er brandt ook een geel indicatielampje wanneer de functie actief is. Wanneer de accu een geschikte temperatuur heeft bereikt, gaat het gele lampje uit en hervat de lader de laadprocedure.
De geschikte lader(s) laden niet een kapotte accu op. Wanneer er niet een lampje op de lader gaat branden, betekent dat dat de batterij niet goed is.
OPMERKING: Dit kan ook betekenen dat er iets mis is met de lader.
Als de lader laat zien dat er een probleem is, laat de lader en de accu dan testen door een geautoriseerd servicecentrum.
Hot/Cold Pack Delay (Vertraging Hete/Koude Accu)
Wanneer de lader waarneemt dat een accu te warm of te koud is, wordt onmiddellijk een Hot/Cold Delay gestart en wordt het laden uitgesteld tot de accu een geschikte temperatuur heeft bereikt. De lader schakelt dan automatisch over op de accu-laadstand. Deze functie waarborgt een maximale levensduur van de accu.
Een koude accu zal minder snel worden opgeladen dan een warme accu. De accu zal minder snel opladen gedurende de gehele laadcyclus en zal niet op maximumsnelheid gaan opladen, ook niet als de accu warmer wordt.
XR Li-Ion-gereedschap is ontworpen met een Elektronisch Beveiligingssysteem dat ervoor zorgt dat de accu niet te veel wordt geladen, niet te heet wordt of te veel wordt ontladen. Het product zal automatisch uitgeschakeld worden, als het elektronisch beschermingssysteem actief wordt. Als dit gebeurt, zet u de Lithium-ion-accu op de lader, totdat deze volledig geladen is.
Montage aan de wand
Deze laders kunnen aan de wand worden gemonteerd of rechtop op een tafel of werkoppervlak staan. Plaats bij wandmontage de accu dichtbij een stopcontact en uit de buurt van een hoek of andere obstakels die de doorstroming van lucht kunnen verhinderen. Gebruik de achterzijde van de lader als sjabloon voor de plaatsing van de montageschroeven aan de wand. Monteer de lader stevig met gipsplaatschroeven (afzonderlijk aan te schaffen), van tenminste 25,4 mm lang waarvan de schroefkop een diameter heeft van of 7 – 9 mm, in hout geschroefd tot op een optimale diepte, waarbij ongeveer 5,5 mm van de schroef uitsteekt. Houd de sleuven aan de achterzijde van de lader tegenover de uitstekende schroeven en steek montagesleuven volledig op de schroeven.
Instructies voor het reinigen van de lader
WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schok. Mioem, voordat u met de reiniging begint, de stekker van de lader uit het stopcontact. U kunt stof en vet van de buitenzijde van de lader verwijderen met een doek of een zachte, niet-metalen borstel. Gebruik geen water of schoonmaakmiddelen. Laat nooit vloeistof in het gereedschap komen; dompel nooit een onderdeel van het gereedschap onder in een vloeistof.
Accu
Belangrijke veiligheidsinstructies voor alle accu's
Als u vervangende accu's bestelt, zorg er dan voor dat u het catalogusnummer en voltage vermeldt.
De accu is niet volledig opgeladen als deze uit de verpakking komt. Voordat u de accu en oplader gebruikt, dient u de onderstaande veiligheidsinstructies te lezen. Volg vervolgens de oplaadprocedures zoals die zijn uitgelegd.
LEES ALLE INSTRUCTIES
- Laad de accu niet op en gebruik deze niet in een explosieve omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Wanneer u de accu plaatst in of verwijdert uit de lader kan het stof of de damp door een vonk vlamvatten.
- Gebruik nooit geweld bij het plaatsen van de accu in de lader. Wijzig de accu op geen enkele manier als deze niet past in een lader die niet geschikt is, omdat de accu kan openbarsten waardoor ernstig persoonlijk letsel kan ontstaan.
• Laad de accu's alleen op in DEWALT-laders.
- Spat NIET met water en dompel de accu niet onder in water of andere vloeistoffen.
- Berg het gereedschap en de accu niet op plaatsen op waar de temperatuur kan dalen tot onder 4 °C (39,2 °F) (zoals in een schuur buiten of een metalen gebouw in de winter), of kan oplopen tot tot 40 °C (104 °F) of hoger (zoals in een schuur buiten of een metalen gebouw in de zomer).
- Verbrand de accu niet, zelfs niet als deze ernstig beschadigd is of volledig verbruikt. De accu kan in vuur exploderen. Als lithium ion accu's worden verbrand, komen giftige dampen en materialen vrij.
- Als de inhoud van de accu in contact met de huid komt, wast u dit onmiddellijk af met water en een milde zeep. Als accuvloeistof in de ogen komt spoelt u 15 minuten met water in het geopende oog, of totdat de irritatie stopt. Als medische hulp nodig is dient u te vermelden dat de accuelektrolyt is samengesteld uit een mengsel van vloeibare organische carbonaten en lithiumzouten.
- De inhoud van geopende accucellen kan irritatie aan de luchtwegen veroorzaken. Zorg voor frisse lucht. Zoek als de symptomen aanhouden medische hulp.
WAARSCHUWING: Gevaar voor brandwonden. Aloestof kan ontvlambaar zijn als deze aan een vonk of vlam wordt blootgesteld.
WAARSCHUWING: Probeer nooit om welke reden dan de accu te openen. Als de behuizing van de accu is gescheurd of beschadigd, zet de accu dan niet in de lader. Klem een accu niet vast, laat een accu niet vallen, beschadig een accu niet. Gebruik een accu of lader waar hard op is geslagen, die is gevallen, waar overheen is gereden of die op welke manier dan ook is beschadigd (dat wil zeggen, doorboord met een spijker, geraakt met een hamer, vertrapt) niet. Een elektrische schok of elektrocutie kan het gevolg zijn. Breng beschadigde accu's terug naar het servicecentrum zodat ze kunnen worden gerecycled.
WAARSCHUWING: Brandgevaar. Berg de accu met op en vervoer de accu niet op een manier dat
metalen voorwerpen in contact kunnen komen met de aansluitpunten van de accu. Bijvoorbeeld, steek de accu niet in een schortzak, broekzakken, gereedschapskisten, gereedschapsdozen, laden, enz., waar een losse spijkers, schroeven, sleutels, enz. liggen.
VOORZICHTIG: Plaats het gereedschap wanneer niet in gebruik is, op z'n zijkant op een stabiel oppervlak waar het niet kan vallen of omvallen.
Sommige gereedschappen met grote accu's kunnen rechtop staan op de accu maar kunnen gemakkelijk worden omgegooid.
Transport
WAARSCHUWING: Brandgevaar. Tijdens het transport kunnen accu's mogelijk vlam vatten als de aansluitingen van de accu onbedoeld in aanraking komen met geleidende materialen. Controleer dat tijdens het transport de aansluitingen van de accu afgeschermd zijn en goed geïsoleerd van materialen die ermee in contact kunnen komen en kortsluiting kunnen veroorzaken.
OPMERKING: Lithium-ion batterijen mogen niet in gecontroleerde bagage worden gestopt.
DEWALT accu's voldoen aan alle van toepassing zijn verzendvoorschriften zoals deze zijn bepaald door de bedrijfstak en door wettelijke normen, zoals Aanbevelingen voor het Transport van Gevaarlijke Goederen van de UN; Voorschriften voor Gevaarlijke Goederen van de International Air Transport Association (IATA), Voorschriften Internationale Maritieme Gevaarlijke Goederen (IMDG) en de Europese Overeenkomst Betreffende het Internationale Vervoer van Gevaarlijke Goederen over de Weg (ADR). Lithium-ion cellen en accu's zijn getest in overeenstemming met Hoofdstuk 38,3 van de Aanbevelingen voor het Transport van Gevaarlijke Goederen Handleiding van Testen en Criteria.
In de meeste gevallen zal bij de verzending van een DEWALT-accu deze naar verwachting worden geclassificeerd als volledig gereguleerd Klasse 9 Gevaarlijk materiaal. Over het algemeen zullen alleen verzendingen die een lithium-ion-accu bevatten met een energie-classificatie hoger dan 100 Wattuur (Wh), moeten worden verzonden als volledig gereguleerd Klasse 9. Bij alle lithium-ion-accu's wordt de Wattuur-classificatie op de accu vermeld. Verder adviseert DEWALT in verband met complicaties met de voorschriften, lithium-ion-accu's niet als luchtvracht alleen te verzenden, ongeacht de Wattuur-classificatie. Zendingen van gereedschap met accu's (combo-sets) kunnen naar verwachting per luchtvracht worden verzonden, als de Wattuur-classificatie van de accu niet hoger is dan 100 Wh.
Ongeacht of een verzending wordt geacht een vrijstelling te hebben of volledig voorgeschreven, is voor de verantwoordelijkheid van de verzender de meest recente voorschriften voor verpakking, labeling/markering en vereisten ten aanzien van documentatie.
De informatie die in dit hoofdstuk van de handleiding wordt verstrekt, wordt verstrekt in goed vertrouwen en wordt geacht nauwkeurig te zijn op het moment dat het document werd opgesteld. Er wordt echter geen garantie gegeven, impliciet of expliciet. Het is voor de verantwoordelijkheid van de koper ervoor te zorgen dat zijn activiteiten in overeenstemming zijn met de geldende voorschriften.
Aanbevelingen voor opslag
- De beste plaats om het apparaat op te bergen is koel en droog, uit direct zonlicht en niet in overmatige hitte of koude. Voor optimale accuprestaties en levensduur bergt u accu's op bij kamertemperatuur als deze niet in gebruik zijn.
- Wanneer u de accu lange tijd opbergt, kunt u deze voor optimale resultaten het beste volledig opgeladen opslaan op een koele, droge plaats buiten de lader.
OPMERkIng: Accu's kunnen beter niet volledig ontladen worden opgeslagen. De accu moet voor gebruik weer worden opgeladen.
Labels op de oplader en accu
Behalve de pictogrammen die in deze handleiding worden gebruikt, kunnen de volgende pictogrammen op de labels op de lader en op de accu staan:

Lees gebruiksaanwijzing voor gebruik.

Zie Technische gegevens voor de oplaadtijd.

Niet doorboren met geleidende voorwerpen.

Laad geen beschadigde accu's op.

Niet blootstellen aan water.

Zorg dat defecte snoeren onmiddellijk worden vervangen.

Uitsluitend opladen tussen 4 °C en 40 °C.

Alleen voor gebruik binnenshuis.

Bied de accu als chemisch afval aan en houd rekening met het milieu.

Laad DEWALT-accu's alleen op met de aangewezen DEWALT-laders. Wanneer u andere accu's dan de aangewezen DEWALT-accu's oplaadt met een DEWALT-lader dan kunnen deze barsten of kan dit leiden tot andere gevaarlijke situaties.

Gooi de accu niet in het vuur.

Accutype
De volgende SKU(s) werken met een 12 volt accu: DCS512
Deze accu's kunnen worden gebruikt: DCB122, DCB124/G,
DCB125, DCB126/G, DCB127. Raadpleeg Technische Gegevens voor meer informatie.
Inhoud van de verpakking
De verpakking bevat:
1 Cirkelzaag
1Zaagbladcirkelzaag
1Inbussleutel
1Langsgeleiding
1Stofafzuigpoort
1Instructiehandleiding
OPMERkIng: Bij de N-modellen worden geen accu's, laders en gereedschapskoffers geleverd. Bij de NT-modellen worden geen accu's en laders geleverd. Bij de B-modellen worden Bluetooth®-accu's geleverd.
OPMERkIng: Het merkteken met het woord Bluetooth® en logo's zijn geregistreerde handelsmerken die eigendom zijn van Bluetooth®, SIG, Inc. en ieder gebruik van dergelijke merktekens door DEWALT is onder licentie. Overige handelsmerken en merknamen zijn eigendom van hun respectievelijke eigenaren.
- Controleer of het gereedschap, de onderdelen of accessoires mogelijk zijn beschadigd tijdens het transport.
- Neem de tijd om deze handleiding grondig door te lezen en te begrijpen voor u de apparatuur in gebruik neemt.
Markering op het gereedschap
De volgende pictogrammen staan op het gereedschap vermeld:

Lees gebruiksaanwijzing voor gebruik.

Draag gehoorbescherming.

Draag oogbescherming.

Zichtbare straling. Staar niet in het licht.
Positie Datumcode (Afb. [Fig.] A)
De datumcode 16, die ook het jaar van fabricage omvat, is in de behuizing afgedrukt.
Voorbeeld:
2021 XX XX
Productiejaar en -week
Beschrijving (Afb. A)
WAARSCHUWING: Pas het gereedschap of een onderdeel even nooit aan. Dit kan schade of persoonlijk letsel tot gevolg hebben.
1 Aan/Uit-schakelaar/Knop voor vergrendeling in de Uit-stand
2 Aan/uit-schakelaar
3 Accu
4 Hendel voor diepteafstelling
5 Zaagschoen
6 Terugtrekhendel onderste zaagbladbeschermkap
7 Onderste zaagbladbeschermkap
8 Zaagbladklemschroef
9 Zaagsnede-indicator
10 Hendel voor aanpassing van de schuine hoek
11 Werklicht
12 Hulphandgreep
13 Accu-ontgrendelknop
14 Inbussleutel
15 Zaagblad
Bedoeld gebruik
Uw DCS512 snoerloze cirkelzaag is ontworpen voor professionele zaagtoepassingen.
nIET TE gEBRUIkEn onder natte omstandigheden of op een plaats waar brandbare vloeistoffen of gassen zijn.
Deze cirkelzagen voor zware toepassingen zijn professioneel elektrische gereedschap.
LaaT nIET klnDEREn in contact met het gereedschap komen. Toezicht is vereist als onervaren gebruikers met dit gereedschap werken.
- Dit product is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) die verminderde fysieke, zintuiglijke of psychische mogelijkheden hebben; wanneer sprake is van gebrek aan ervaring, kennis of vaardigheden is gebruik alleen toegestaan onder toezicht van een persoon die verantwoordelijk is voor de veiligheid van gebruikers. Laat nooit kinderen alleen met dit product.
MONTAGE EN AANPASSINGEN
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig p#s onlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u de accu, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.
WAARSCHUWING: gebruik alleen de accusets en laders van O. WALT.
De accu in het gereedschap zetten en uit het gereedschap verwijderen (Afb. B)
OPMERkIng: Voor het beste resultaat is het belangrijk dat u de accu 3 volledig oplaadt.
De accu in de handgreep van het gereedschap installeren
-
Houd de accu 3 tegenover de rails in de handgreep van de lamp (Afb. B).
-
Schuif de accu in de handgreep totdat de accu stevig vastzit in het gereedschap en controleer dat de accu niet los raakt.
De accu uit het gereedschap halen
- Druk op de accu-ontgrendelknop 13 en trek de accu stevig uit de handgreep van het gereedschap.
- Zet de accu in de lader zoals wordt beschreven in het ladergedeelte van deze handleiding.
Vermogenmeter (Afb. B)
Er zijn DEWALT-accu's met een vermogenmeter en deze bestaat uit drie groene LED-lampjes die een aanduiding geven van de hoeveelheid lading die de accu nog heeft.
U kunt de vermogenmeter inschakelen door de knop van de vermogenmeter 27 in te drukken. Een combinatie van de drie groene LED-lampjes gaat branden en dat geeft een aanduiding van de hoeveelheid lading die de accu nog heeft. Wanneer de lading in de accu onder het bruikbare niveau ligt, gaat de vermogenmeter niet branden en moet de accu worden opgeladen.
OPMERkIng: De brandstofmeter geeft slechts een indicatie van de hoeveelheid lading die de accu nog heeft. De meter geeft geen aanwijzingen over de functionaliteit van het gereedschap en is onderhevig aan schommelingen afhankelijk van productcomponenten, temperatuur en de toepassing door de eindgebruiker.
Zaagbladen wisselen
Het zaagblad installeren (Afb. A, C)
WAARSCHUWING: Neem de accu uit voor u onderhoud, distellingen uitvoert of accessoires plaatst of verwijdert.
- Plaats de binnenste klemring 20 op juiste wijze op de zaagas 17.
- Trek de onderste zaagbladbeschermkap 7 terug en plaats het zaagblad op de zaagas tegen de binnenste klemring en let er daarbij op dat het zaagblad in de juiste richting draait (de richting van de pijl die de rotatie aangeeft op het zaagblad en de tanden moeten in dezelfde richting wijzen als die van de rotatiepijl op de onderste zaagbladbeschermkap). Ga er niet vanuit dat de afdruk op het zaagblad altijd naar u toe is gericht wanneer deze goed is geïnstalleerd. Wanneer u de onderste zaagbladbeschermkap intrekt voor het installeren van het zaagblad, controleer dan de staat en de werking van de onderste zaagbladbeschermkap zodat u er zeker van kunt zijn dat deze goed werkt. Controleer dat deze vrij beweegt en niet het zaagblad of een ander onderdeel raakt, onder alle hoeken en bij alle zaagdiepten.
- Plaats de buitenste klemring 19 op de zaagas met het grote platte oppervlak tegen het zaagblad met de schuine zijde naar buiten gericht.
- Draai met de hand de zaagbladklemschroef 8 op de zaagas (de schroef heeft linkse draad en moet naar links worden vastgedraaid).
-
Druk de vergrendelingsknop 21 van het zaagblad in terwijl u de zaagas draait met de inbussleutel 14 tot de zaagbladvergrendeling ingrijpt en het zaagblad niet meer draait.
-
Zet de zaagbladklemschroef stevig vast met de zaagbladsleutel.
OPMERkIng: Schakel de zaagbladvergrendeling nooit in zolang de zaag loopt, en laat de vergrendeling ook nooit ingrijpen in een poging het gereedschap te stoppen. Schakel de zaag nooit in terwijl de zaagbladvergrendeling is ingeschakeld. De zaag kan dan ernstig beschadigd raken.
Het zaagblad vervangen (Afb. A, C)
WAARSCHUWING: Neem de accu uit voor u onderhoud, d'lingen uitvoert of accessoires plaatst of verwijdert.
- Druk als u de zaagbladklemschroef 8 wilt losmaken de vergrendelingsknop 21 van het zaagblad in en draai de zaagas draait met de inbussleutel 14 tot de zaagbladvergrendeling ingrijpt en het zaagblad niet meer draait. Draai met de zaagbladvergrendeling ingeschakeld de zaagbladklemschroef met de inbussleutel naar rechts (de schroef heeft linkse draad en moet naar rechts worden losgedraaid).
- Verwijder alleen de zaagbladklemschroef 8 en de buitenste klemring 19. Verwijder het oude zaagblad.
- Haal alle zaagsel weg die zich mogelijk heeft verzameld in de buurt van de beschermkap en de klemring en controleer de staat en de werking van de onderste beschermkap, zoals eerder is uiteengezet. Breng hier geen smering aan.
- Selecteer het juiste zaagblad voor de toepassing (zie Zaagbladen). Gebruik altijd zaagbladen van de juiste afmeting (diameter) met een middengat van de juiste afmeting en vorm voor de montage op de zaagas. Zorg er altijd voor dat de maximale aanbevolen snelheid (tpm) op het zaagblad overeenkomt met of hoger is dan de snelheid (tpm) van de zaag.
- Volg stap 2 tot en met 6 onder Het Zaagblad installeren en let erop dat het zaagblad in de juiste richting draait.
Onderste zaagbladbeschermkap
WAARSCHUWING: De onderste zaagbladbeschermkap is een veiligheidsvoorziening die het risico van ernstig persoonlijk letsel beperkt. Gebruik de zaag nooit als de onderste beschermkap ontbreekt, beschadigd is, verkeerd gemonteerd is of niet goed werkt. U kunt er niet op vertrouwen dat de onderste zaagbladbeschermkap u onder alle omstandigheden beschermt. Uw veiligheid is afhankelijk van het opvolgen van de volgende waarschuwingen en aanwijzingen voor een veilig gebruik en ook van een goede werking van de zaag. Controleer voor ieder gebruik dat de onderste zaagbladbeschermkap goed sluit. Als de onderste zaagbladbeschermkap ontbreekt of niet goed werkt, laat de zaag dan nazien voordat u het gereedschap weer gebruikt. De veiligheid en betrouwbaarheid van het product kunnen alleen worden gewaarborgd als reparatie, onderhoud en afregeling worden uitgevoerd door een geautoriseerd servicecentrum of een andere gekwalificeerde service-organisatie,
waarbij altijd identieke vervangende onderdelen moeten worden gebruikt.
De onderste beschermkap controleren (Afb. A)
- Schakel het gereedschap uit en trek de stekker uit het stopcontact.
- Draai de hendel 6 van de onderste beschermkap uit de geheel gesloten positie naar de geheel geopende positie.
- Laat de hendel los en zie erop toe dat de beschermkap 7 naar de geheel gesloten positie terugkeert.
Het gereedschap moet in een officieel erkend servicecentrum worden nagezien, als de beschermkap:
- niet terugkeert in de geheel gesloten positie,
- met horten en stoten of langzaam beweegt, of
- contact maakt met het zaagblad of met een deel van het gereedschap onder alle hoeken en bij alle zaagdiepten.
Zaagbladen
WAARSCHUWING: Beperk het risico van oogletsel mogelijk, gebruik altijd oogbescherming. Carbide is een hard maar bros materiaal. Voorwerpen in het werkstuk, die er niet in horen, zoals draad of spijkers, kunnen tot gevolg hebben dat de zaagbladtips scheuren of breken. Werk alleen met de zaag wanneer een goede zaagbladbeschermkap is geplaatst. Monteer vóór gebruik het zaagblad stevig en let op de juiste draairichting, gebruik altijd een schoon, scherp zaagblad.
WAARSCHUWING: Zaag geen metaal, kunststof, beton, metselwerk of vezelcementmateriaal met deze zaag.
Gebruik deze zaag niet met schurende schijven of bladen. Een bot zaagblad maakt dat het zagen langzaam en inefficiënt verloopt, de motor wordt overbelast, er uitzonderlijk veel splinters ontstaan en de mogelijkheid van de terugslag zou kunnen toenemen. Raadpleeg onderstaande tabel voor het bepalen van de juiste afmeting van het vervangende zaagblad voor het model van deze zaag.
Zaagbladdiameter Tanden Toepassing
140 mm 24 Zagen voor algemene doeleinden
Zaagdiepteafstelling (Afb. A, H)
- Houd de zaag stevig vast en draai de hendel 4 voor diepteafstelling (naar rechts) los en verplaats de zaagschoen (5, Afb. A) naar de gewenste zaagdiepte.
- Let erop dat u de zaag pas gaat bedienen wanneer u de hendel voor diepteafstelling weer (naar links) hebt vastgezet.
Stel voor een zo efficiënt mogelijke werking van de zaag de diepteafstelling zo in dat een halve tand van het zaagblad aan de onderzijde uit het materiaal steekt. Dit is de afstand van de punt van de tand tot de onderzijde van de geul die zich voor de tand bevindt. Zo blijft de wrijving van het de zaagblad tot een minimum beperkt, wordt zaagsel uit de zaagsnede verwijderd en dit geeft een koelere en snellere zaagwerking en vermindert de kans van terugslag. In Afbeelding H wordt een methode getoond voor het controleren van de juiste zaagdiepte. Leg
een stuk van het materiaal dat u wilt gaan zagen, langs het zaagblad, zoals wordt getoond, en kijk hoeveel van een tand uit het materiaal steekt.
Afstelling verstekhoek (Afb. A, I)
Het volledige bereik van de afstelling van het verstek is van 0° tot 50°. De kwadrant is verdeeld in stappen van 1°. Aan de voorzijde van de zaag bevindt zich een mechanisme voor het afstellen van de verstekhoek, dat bestaat uit een gekalibreerde kwadrant en een hendel 10 voor afstelling van de verstekhoek.
De zaag instellen voor een zaagsnede in verstek
- Maak de hendel 10 voor afstelling van de verstekhoek los en kantel de zaagschoen (5, Afb. A) tot de gewenste hoek door de aanwijzer tegenover het hoekmerkteken van uw keuze te plaatsen.
- Draai de hendel weer (naar rechts) vast.
Zaagsnede-indicator (Afb. A)
De voorzijde van de zaagschoen heeft een indicator voor de zaagsnede 9 voor verticaal zagen en onder een schuine hoek zagen. Met deze indicator kunt u de zaag langs zaaglijnen geleiden, die u op het te zagen materiaal hebt afgetekend. De zaagsnede-indicator wijst naar de linker (binnen)zijde van het zaagblad, waardoor de sleuf of "zaagsnede" die door het draaiende zaagblad wordt gezaagd, rechts van de indicator uitkomt. Leid de zaag langs de afgetekende zaaglijn zodat de zaagsnede uitkomt op het restmateriaal.
De Langsgeleiding monteren en afstellen (Afb. M)
Met de langsgeleiding 26 kunt u parallel aan de rand van het werkstuk zagen.
Monteren
- Zet de afstellingsknop van de langsgeleiding 25 wat losser zodat de langsgeleiding kan passeren.
- Steek de langsgeleiding 26 in de grondplaat, zoals wordt getoond.
- Zet de afstellingsknop van de langsgeleiding 25 vast.
Afstellen
- Draai de afstellingsknop van de langsgeleiding 25 los en los en zet de langsgeleiding 26 op de gewenste breedte. U kunt de afstelling aflezen van de schaalverdeling van de langsgeleiding.
- Zet de afstellingsknop van de langsgeleiding 25 vast
De stofafzuigpoort monteren (Afb. A, E)
De cirkelzaag wordt geleverd met een mondstuk voor de stofafzuiging.
De poort voor stofafzuiging installeren
- Maak de hendel voor afstelling van de zaagdiepte helemaal los 4.
- Plaats de zaagschoen 5 in de laagste positie.
- Duw de stofafzuigpoort 22 op de ronde bovenste beschermkap van de zaag en houd deze tegenover
de montagegaten. Zet de stofafzuigpoort met de twee meegeleverde schroeven 24 vast op de bovenste beschermkap.
Voordat u het gereedschap in gebruik neemt
- Controleer dat de beschermkappen goed zijn gemonteerd. De zaagbladbeschermkap moet gesloten zijn.
- Controleer dat het zaagblad draait in de richting van de pijl op het zaagblad.
- Gebruik geen zeer versleten zaagbladen.
BEDIENING
Instructies voor gebruik
WAARSCHUWING: Houd u altijd aan de vagheidsinstructies en van toepassing zijnde voorschriften.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig pazoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u de accu, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.
Juiste handpositie (Afb. D)
WAARSCHUWING: Beperk het risico op ernstig persoonlijk letsel, plaats ALTIJD uw handen in de juiste positie, zoals afgebeeld.
WAARSCHUWING: Beperk het risico van ernstig persoonlijk letsel, houd het gereedschap ALTIJD stevig vast, zodat u bent voorbereid op een plotselinge terugslag.
Voor een juiste positie van de handen zet u één hand op de hoofdhandgreep 23 en de andere op de hulphandgreep 12.
In- en uitschakelen (Afb. A)
Om veiligheidsredenen is de Aan/Uit-schakelaar 2 van uw gereedschap voorzien van een knop voor vergrendeling in de Uit-stand 1.
Ontgrendel het gereedschap door de knop voor vergrendeling in de Uit-stand in te drukken.
U kunt de machine in werking zetten door op de Aan/Uit-schakelaar 2 te drukken. Zodra u de Aan/Uit-schakelaar loslaat wordt de knop voor vergrendeling in de Uit-stand automatisch ingeschakeld zodat wordt voorkomen dat de machine onbedoeld wordt gestart.
OPMERKING: Schakel het gereedschap niet in of uit wanneer het zaagblad het werkstuk of andere materialen raakt.
Spanthaak (Afb. G)
(Inbegrepen bij sommige modellen)
WAARSCHUWING: Beperk het risico van ernstig persoonlijk letsel, gebruik de spanthaak van het gereedschap niet om het gereedschap aan uw lichaam te hangen. Gebruik de spanthaak NIET om het gereedschap vast te zetten of tijdens het gebruik aan een persoon of voorwerp vast te maken. Hang het gereedschap NIET
boven uw hoofd en hang geen voorwerpen op aan de spanthaak.
WAARSCHUWING: Beperk het risico van letsel dat zou laan ontstaan doordat de cirkelzaag op gebruikers of omstanders valt, let er vooral goed op dat de zaag stevig wordt ondersteund wanneer u de spanthaak gebruikt, en plaats het gereedschap op een veilige en stabiele plaats wanneer u het niet gebruikt. Houd de ruimte eronder vrij zodat het risico dat het gereedschap of het afgezaagde materiaal valt en iemand of iets eronder raakt, wordt beperkt.
De cirkelzaag heeft een handige spanthaak 18 waarmee het gereedschap op een geschikte en stabiele structuur kan worden gehangen wanneer u het even niet gebruikt. Gebruik de spanthaak niet om het gereedschap vast te zetten of tijdens het gebruik aan een persoon of voorwerp vast te maken.
Werklicht (Afb. A)
VOORZICHTIG: Kijk niet in het werklicht. Dit kan tot einklig oogletsel leiden.
Het werklicht 11 wordt ingeschakeld wanneer u de aan/uit-schakelaar/knop voor vergrendeling in de uit-stand 1 indrukt, en gaat automatisch uit 20 seconden nadat u de knop loslaat. Als u de aan/uit-schakelaar 2 ingedrukt houdt, blijft het werklicht branden.
NB: Het werklicht is bedoeld voor het verlichten van het werkoppervlak in de onmiddellijke nabijheid en het is niet de bedoeling dat u het licht gebruikt zoals u een zaklantaarn gebruikt.
Ondersteuning van het werkstuk (Afb. D, J–L)
WAARSCHUWING: Het is belangrijk dat het werkstuk goed wordt ondersteund en dat de zaag stevig wordt vastgehouden, zodat verlies van controle en daardoor persoonlijk letsel wordt voorkomen. Afbeelding D laat zien hoe u de zaag goed met uw handen kunt ondersteunen. Blijf de zaag stevig met beide handen vasthouden en plaats uw lichaam en arm zo dat u een eventuele terugslag kunt tegenhouden. SCHAKEL ALTIJD HET GEREEDSCHAP UIT EN NEEM DE ACCU UIT VOOR U AANPASSINGEN UITVOERT!
Afbeelding K laat de juiste zaagpositie zien. NB. houd handen weg van het zaaggebied. Vermijd terugslag, ondersteun ALTIJD board- en plaatmateriaal DICHTBIJ de zaagsnede, (Afb. J). ONDERSTEUN board- of plaatmateriaal NIET ver van de zaagsnede verwijderd (Afb. J).
Plaats het werk met de "goede" zijde — de zijde die er het mooist moet uitzien — omlaag. De zaag zaagt naar boven, dus splinters zullen te zien zijn op de zijde van het werkstuk die omhoog gericht is tijdens het zagen.
Zagen (Afb. L–N)
Plaats het bredere gedeelte van de grondplaat van de zaag op dat gedeelte van het werkstuk dat stevig wordt ondersteund, niet op een gedeelte dat valt wanneer de zaagsnede is voltooid.
Als voorbeeld illustreert Afb. K de JUISTE manier voor het afzagen van het uiteinde van een stuk materiaal. Zet het werk altijd met klemmen vast. Probeer niet korte stukken materiaal met de hand vast te houden! (Afb. L) Denk er aan dat u vrijdragend en overhangend materiaal moet ondersteunen. Ga voorzichtig te werk wanneer u materiaal van onderaf afzaagt. Het is belangrijk dat de zaag op volle snelheid draait voordat het zaagblad het te zagen materiaal raakt. Wanneer u met zagen begint met het zaagblad tegen het materiaal dat moet worden gezaagd of met het zaagblad dat vooruit wordt geduwd in de zaagsnede, kan dat terugslag tot gevolg hebben. Duw de zaag naar voren met een snelheid waarbij het zaagblad zonder veel moeite kan zagen. Hardheid en taaiheid kunnen variëren, zelfs in hetzelfde stuk materiaal, en knoestige of vochtige delen kunnen de zaag zwaar belasten. Duw de zaag, wanneer dit gebeurt langzamer vooruit, maar wel zo stevig dat de zaag kan blijven werken zonder veel verlies van snelheid. Wanneer u de zaag met geweld voortduwt, kan dat leiden tot ruwe zaagsneden, terugslag en oververhitting van de motor. Als het zo is dat uw zaagsnede begint af te wijken van de zaaglijn, probeer dan niet de zaaglijn weer te bereiken. Laat de schakelaar los en laat het zaagblad volledig tot stilstand komen. U kunt dan de zaag terugtrekken, opnieuw aanleggen en een nieuwe zaagsnede beginnen enigszins binnen de verkeerde zaagsnede. U moet in ieder geval de zaag terugtrekken als u de zaagsnede moet verplaatsen. Wanneer u met geweld een correctie probeert uit te voeren binnen de zaagsnede, kan de zaag vastlopen en dat kan leiden tot terugslag.
LOOPT DE ZAAG VAST, LAAT DE AAN/UIT-SCHAKELAAR DAN LOS EN TREK DE ZAAG TERUG UIT DE ZAAGSNEDE. HET IS BELANGRIJK DAT HET ZAAGBLAD RECHT IN DE ZAAGSNEDE ZIT EN VRIJ VAN DE ZAAGRAND VOORDAT U OPNIEUW BEGINT.
Laat de schakelaar los, wanneer u de zaagsnede voltooit, laat het zaagblad tot stilstand komen en til vervolgens pas de zaag van het werk. Wanneer u de zaag optilt, zal de geveerde telescopische beschermkap zich automatisch onder het zaagblad sluiten. Denk eraan dat het zaagblad pas is afgedekt als de beschermkap is gesloten. Reik niet om welke reden dan ook onder het werk. Wanneer u de telescopische beschermkap met de hand moet terugtrekken (zoals dat moet bij het begin van insteekzagen), doe dat dan altijd met de terugtrekhendel.
WAARSCHUWING: Let er bij het zagen van dunne stroken goed op dat de kleine afgezaagde delen niet binnen de onderste beschermkap terechtkomen.
Overlangszagen (Afb M)
Overlangs afkorten is het proces van het in smalle stroken zagen van breed plaatmateriaal – zagen in de richting van de nerf. Het met de hand geleiden van het gereedschap is bij deze manier van zagen moeilijker en daarom wordt u geadviseerd een DEWALT langsgeleiding te gebruiken.
Invalzagen (Afb. N)
WAARSCHUWING: Zet de onderste zagsladbeschermkap nooit vast in een opgehaalde stand. Verplaats de zaag nooit naar achteren bij het invalzagen. Hierdoor kan de zaag zich omhoog werken uit het werkoppervlak en dat kan leiden tot letsel.
Een insteekzaagsnede is een zaagsnede die wordt gemaakt in een vloer, wand of een ander vlak oppervlak.
- Stel de zaagvoet van de zaag zo af dat het zaagblad op de gewenste diepte zaagt.
- Kantel de zaag naar voren en laat de voorzijde van de zool op het te zagen materiaal rusten.
- Trek met de terugtrekhendel van de onderste beschermkap de onderste beschermkap omhoog. Laat de achterzijde van de zaagschoen zakken tot de tanden van het zaagblad bijna de zaaglijn raken.
- Laat de onderste zaagbladbeschermkap los (door het contact met het werk kan de kap vrij opengaan wanneer u de zaagsnede begint). Neem uw hand van de hendel van de onderste beschermkap en pak de hulphandgreep 12 stevig vast, zoals in Afbeelding N wordt getoond. Plaats uw lichaam en arm zo dat u weerstand kunt geven aan terugslag, als deze zich voordoet.
- Controleer dat het zaagblad niet contact maakt met het zaagoppervlak voor u de zaag start.
- Start de motor en laat de zaag geleidelijk zakken tot de zaagvoet vlak op het te zagen materiaal rust. Breng de zaag naar voren langs de zaaglijn tot de zaagsnede is voltooid.
- Laat de aan/uit-schakelaar los en trek het zaagblad pas uit het materiaal wanneer het geheel tot stilstand is gekomen.
- Ga aan het begin van iedere nieuwe zaagsnede steeds weer te werk zoals hierboven wordt vermeld.
Stofafzuiging (Afb. E, F)
WAARSCHUWING: Risico van het inademen van stofbeperk het risico van persoonlijk letsel, draag ALTIJD een goedgekeurd stofmasker.
Er wordt een stofafzuigpoort 22 meegeleverd bij uw gereedschap.
Met de stofafzuigpoort kunt u het gereedschap op een externe stofzuiger aansluiten met behulp van het AirLock™-systeem (DWV9000-XJ) of een standaard 32 mm- voor een stofzuiger.
WAARSCHUWING: Gebruik ALTIJD stofafzuiging die doorpen is in overeenstemming met de van toepassing zijnde richtlijnen voor stofemissie bij het zagen van hout. Slangen van de meeste gewone stofzuigers passen rechtstreeks in de poort voor stofafzuiging.
ONDERHOUD
Uw gereedschap op stroom is ontworpen om gedurende een lange tijdsperiode te functioneren met een minimum aan onderhoud. Het continu naar bevrediging functioneren hangt af van de juiste zorg voor het gereedschap en regelmatig schoonmaken.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig p. 2. onlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u de accu, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.
Aan de lader en de accu kan geen onderhoud worden verricht.

Smering
Uw elektrische gereedschap heeft geen aanvullende smering nodig.

Reiniging
WAARSCHUWING: Blaas vuil en stof uit de hootbehuizing met droge lucht, zo vaak u ziet dat vuil zich in en rond de luchtopeningen ophoopt. Draag goedgekeurde oogbescherming en een goedgekeurd stofmasker als u deze procedure uitvoert.
WAARSCHUWING: Gebruik nooit oplosmiddelen of de beijtende chemicaliën voor het reinigen van niet-metalen onderdelen van het gereedschap. Deze chemicaliën kunnen het materiaal dat in deze onderdelen is gebruikt verzwakken. Gebruik een doek die uitsluitend met water en milde zeep is bevochtigd. Zorg dat er nooit enige vloeistof in het gereedschap komt; dompel nooit enig onderdeel van het gereedschap in een vloeistof.
Onderste beschermkap
De onderste beschermkap moet altijd vrij kunnen draaien en sluiten uit een geheel open of geheel gesloten positie. Controleer altijd of de beschermkap goed werkt door de kap voorafgaand aan zaagwerkzaamheden geheel te openen en los te laten. Als de beschermkap langzaam sluit of niet geheel sluit, moet de kap worden schoongemaakt of worden nagezien. Gebruik de zaag pas weer als de beschermkap goed werkt. Maak de beschermkap schoon met droge lucht of een zachte borstel en verwijder alle opgehoopte zaagsel en vuil uit het pad van de beschermkap en rond de veer van de beschermkap. Als hiermee het probleem niet is verholpen, moet het gereedschap worden nagezien door een erkend servicecentrum.
GEBRUIK BIJ DEZE ZAAG GEEN ACCESSOIRES VOOR DE TOEVOER VAN WATER.
VOER EEN VISUELE INSPECTIE UIT VAN CARBIDE ZAAGBLADEN VOORAFGAAND AAN GEBRUIK. VERVANGEN IN HET GEVAL VAN BESCHADIGING.
Optionele accessoires
WAARSCHUWING: Omdat accessoires, anders dan die worden aangeboden door DEWALT, niet in combinatie met dit product werden getest, kan het gebruik van dergelijke accessoires in combinatie met dit product gevaarlijk zijn. Om het risico op letsel te beperken, dienen uitsluitend door DEWALT aanbevolen accessoires in combinatie met dit product gebruikt te worden.
Vraag uw dealer om nadere informatie over de juiste accessoires.
Bescherming van het milieu

Gescheiden inzameling. Producten en batterijen die zijn voorzien van dit symbool, mogen niet bij het normale huishoudelijke afval worden weggegooid.
Producten en batterijen bevatten materialen die kunnen worden teruggewonnen en gerecycled, zodat de vraag naar grondstoffen afneemt. Recycle elektrische producten en batterijen volgens de lokale voorschriften. Nadere informatie is beschikbaar op www.2helpU.com.
Herlaadbare accu
Deze duurzame accu moet herladen worden als hij niet krachtig genoeg blijkt tijdens het uitvoeren van klussen die daarvoor vlot verliepen. Aan het einde van zijn technische levensduur dient u dit werktuig weg te gooien met respect voor het milieu:
- Gebruik de accu helemaal op en verwijder deze vervolgens uit het werktuig.
- Lithium-ion-cellen recyclebaar. Breng ze terug bij uw leverancier of naar het milieupark bij u in de buurt. De ingezamelde accu's zullen worden gerecycled of op juiste wijze tot afval worden verwerkt.