HRX 537 VY - Grasmaaier Honda - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HRX 537 VY Honda in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over HRX 537 VY Honda
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HRX 537 VY - Honda en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HRX 537 VY van het merk Honda.
GEBRUIKSAANWIJZING HRX 537 VY Honda
Dank u voor de aanschaf van deze Honda gazonmaaier.
Deze handleiding beschrijft het gebruik en het onderhoud van de Honda gazonmaaier, type HRX537VYE.
Wij willen u helpen uw nieuwe maaier veilig te bedienen met het beste resultaat. Deze handleiding bevat alle hiervoor noodzakelijke informatie; lees deze daarom zorvuldig door.
Deze handleiding is een integraal onderdeel van de gazonmaaier en moet worden bijgeleverd als u de maaier verkoopt.
Neem contact op met uw leverancier indien u problemen of vragen hebt met betrekking tot de maaier.
Wij raden u aan de garantiebepalingen te lezen, zodat u volledig op de hoogte bent van uw rechten en plichten. De garantiebepalingen worden door uw leverancier afzonderlijk bijgeleverd.
Honda Power Equipment Mfg., Inc. behoudt zich het recht voor om zonder aankondiging vooraf en zonder verdere verplichtingen produktspecificaties te wijzigen.
Niets uit deze publicatie mag, op welke wijze ook, vermenigvuldigd worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming.
WAARSCHUWINGEN BETREFFENDE DE VEILIGHEID
Let vooral op waarschuwingen die als volgt zijn aangegeven:

GEVAAR
U WORDT GEDOOG of LOOPT ERNSTIG LETSEL OP als u de voorschiriften niet opvolgt.

WAARSCHUWING
Als u deze instructie niet opvolgt kan dat ERNSTIG LETSEL of LEVENSGEVAAR opleveren.

LET OP
Als u deze instructie niet opvolgt kunt u GEWOND raken.
Elke waarschuwing vermeldt het risico, wat er kan gebeuren en wat u kunt doen om de kans op letsel te voorkomen of te beperken.
OPMERKINGEN
Andere belangrijke opmerkingen om schade te voorkomen worden als volgt aangeduid:
OPMERKING
Als u deze instructie niet opvolgt kan schade ontstaan aan de gazonmaaier of andere voorwerpen.
Deze instructies dienen om schade aan de gazonmaaier, ander voorwerpen of het milieu te helpen voorkomen.
HONDA
INSTRUKTIEHANDLEIDING
(oorspronkelijke gebruiksaanwijzing)
HRX537VYE
GAZONMAAIER

Waarschuwingssticker....3
Produkt-Identifikatie-Plaatje....3
OVERZICHT VAN
ONDERDELEN 3
IN ELKAAR ZETTEN ..... 4
BEDIENING 5
Voorzorgsmaatregelen .....9
De Motor Starten 9
De Motor Afzetten ..... 10
Tips Voor Veilig Maaien.....10
Maaitips....11
ONDERHOUD 12
Het Belang van Onderhoud . . .12
Onderhoudsschema.....12
Motoronderhoud.....12
Honda Garantie Voorwaarden,
EG-Verklaring van
Overeenstemming.
Honda De Adressen Van De
Verdeler ..... Definitieve Pagina
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
WAARSCHUWING
Voor een veilige bediening –

- Honda gazonmaaiers zijn ontworpen voor veilige en betrouwbare bediening indien gebruikt volgens deze voorschriften.
Lees deze Gebruiksaanwijzing voordat u de maaier gaat gebruiken. Als u dat niet doet, kunt u zichzelf verwonden of de machine beschadigen.
Knoeien en wijzigen
Probeer nooit met het emissiecontrolesysteem te knoeien of het te wijzigen. Tot handelingen die een vorm van manipulatie zijn, behoren:
- verwijdering of wijziging van een willekeurig onderdeel van de inlaat-, brandstof-, of uitlaatsystemen
- het wijzigen of uitschakelen van de regulateurkoppeling of het snelheidsinstelmechanisme om te bereiken dat de motor buiten zijn ontwerpparameters werkt
- Lees deze instructies zorgvuldig door en maak u vertrouwd met de bediening en het juiste gebruik van de machine.
- Laat de gazonmaaier nooit bedienen door kinderen of personen die niet op de hoogte zijn van deze voorschriften.
- Gebruik de gazonmaaler nooit als er mensen in de buurt zijn, en zeker niet met kinderen of huisdieren in de buurt.
- Onthoud dat wie de machine gebruikt wettelijk aansprakelijk is in geval van verwondingen met betrekking tot andere mensen of hun eigendom.
- Draag bij het maaien altijd stevig schoeisel en een lange broek. Gebruik de machine niet zonder schoenen of op sandalen.
- Inspecteer grondig het gebied waar de apparatuur zal worden gebruikt en verwijder alle voorwerpen die door de machine kunnen worden gegooid (stenen, takken, draden, speelgoed, botten, enz ...).
• Benzine is uiterst brandbaar:
- Bewaar benzine altijd in een daarvoor bestemde jerrycan.
- Vul de tank altijd buiten bij en rook niet als u de tank vult.
- Vul de tank voordat u de motor start. Verwijder nooit de dop van de tank en vul nooit benzine bij terwijl de motor draait of nog heet is.
- Als u tijdens het vullen benzine morst, verplaats de machine dan met de hand naar een veilige plaats en wacht met starten tot alle benzine verdampt is.
- Sluit de tankdop zorgvuldig.
- Vervang de uitlaat als die defect is.
- Controleer voordat u begint met maaien of het mes(stel), de mesbout(en) en de behuizing niet versleten of beschadigd zijn. Vervang mes(stel) en mesbout(en) altijd in paren om het maaiwerk in evenwicht te houden.
- Gebruik de machine niet in een gesloten ruimte waar zich koolmonoxide kan ophopen.
- Maai alleen bij daglicht of bij voldoende kunstlicht. Maai niet als het zicht verminderd is.
- Maai het gazon bij voorkeur niet als het gras nat is.
- Let op bij het maaien van hellingen:
-
Kijk altijd uit waar u loopt.
-
Maai altijd dwars op een helling en nooit van boven naar beneden of vice versa.
- Maai voorzichtig; loop langzaam.
- Wees uiterst voorzichtig als u op een helling van richting verandert.
-
Gebruik de gazonmaaier niet op steile hellingen.
-
Wees uiterst voorzichtig als u de machine naar zich toe trekt.
- Ontkoppel het mes(stel) als u de machine moet kantelen voor transport, wanneer u over ander terrein gaat dan het gazon of wanneer u de machine verplaatst van of naar het te maaien terrein.
-
Probeer geen veiligheidssystemen te manipuleren of uit te schakelen.
-
Gebruik de gazonmaaier nooit als onderdelen beschadigd zijn of als veiligheidsvoorzieningen (zoals deflectors en/of grasvangbak) ontbreken.
- Probeer niet de maaihoogte te veranderen terwijl de motor draait.
- Verstel niet zelf de toerenregelaar en voer de motor niet op.
- Ontkoppel het mes(stel) en de aandrijving voordat u de motor start.
- Volg nauwgezet de instructies voor het starten van de motor en zorg dat uw voeten op voldoende afstand van het mes(stel) staan.
- Kantel de maaier niet tijdens het starten.
- Houd handen en voeten weg van roterende onderdelen. Ga nooit voor de afvoeropening staan.
- Probeer een gazonmaaier nooit op te tillen of te dragen als de motor draait.
-
Zet de motor af en ontkoppel de bougiekabel:
-
Voordat u verstoppingen in de gazonmaaier verwijdert.
- Voordat u de gazonmaaier inspecteert, reinigt of er overige werkzaamheden aan verricht.
- Wanneer de maaier een vreemd voorwerp heeft geraakt. Controleer of de gazonmaaier is beschadigd en vervang beschadigde onderdelen voordat u de maaier opnieuw start en verder gaat met maaien.
- Als de gazonmaaier hevig begint te trillen. Controleer de maaier direct.
- Zet de motor af:
- Als u bij de gazonmaaier wegloopt.
- Voordat u de tank bijvult.
-
Voordat u de grasvangzak, de zijdelingse afvoertrechter of de molmplug verwijdert.
-
Zet de gashendel in de laagste stand voordat u de motor afzet en draai de benzinekraan dicht wanneer u klaar bent met maaien.
- Draai alle moeren, bouten en schroeven regelmatig aan om de machine steeds veilig te kunnen gebruiken.
- Stal de machine nooit met gevulde tank in afgesloten ruimte waar benzinedamp een vlam of vonk kan bereiken.
- Laat de machine afkoelen voordat u hem binnen zet.
- Voorkom brandgevaar door de motor, de uitlaat, de batterijbak (indien van toepassing) en de benzine-opslagplaats vrij te houden van gras, bladeren of overtollig vet.
- Controleer de grasvangzak regelmatig op slijtage of beschadiging.
- Vervang versleten of beschadigde onderdelen voor uw eigen veiligheid.
- Als de benzinetank moet worden afgetapt, doe dit dan altijd buiten.
• Draag oogbescherming. - Gebruik de machine nooit in het geval van vermoeidheid of ziekte van de gebruiker, of na consumptie van medicijnen, drugs, alcohol of gevaarlijke stoffen die invloed kunnen hebben op zijn/haar vermogen met betrekking tot reflexen en concentratie.
- Bij het gebruik van de machine altijd veiligheidsschoenen dragen die sterk en slipvast zijn en een lange broek. Gebruik de machine niet met blote voeten of open schoenen. Vermijd het dragen van kettingen, armbanden of loszittende kleding met losse onderdelen of veters of stropdassen. Lang haar moet naar achteren worden vastgemaakt. Draag altijd een anti-geluidshelm.
- Vergeet niet dat de operator of gebruiker verantwoordelijk is voor enige ongevallen of onverwachte gebeurtenissen die mogelijk kunnen optreden bij andere personen of aan hun eigendommen. Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om te controleren op mogelijke risico's vanwege de grond waarop wordt gewerkt en om alle noodzakelijke voorzorgsmaatregelen te nemen om te zorgen voor zijn/haar eigen veiligheid en die van anderen, in het bijzonder op een hellende ondergrond, op ruw, glad of onstabiel terrein of nabij gaten, greppels of oevers.
- MERK OP – De geluids- en trillingsniveaus die in dit informatieblad worden aangeduid, zijn de maximale waarden voor het gebruik van de machine. Het gebruik van een niet-gebalanceerde snijder, een te hoge bewegingssnelheid en een gebrek aan onderhoud hebben aanzienlijke gevolgen voor geluidsemissies en trillingen. Het is daarom noodzakelijk om preventieve voorzorgsmaatregelen te nemen voor het elimineren van alle mogelijke schade vanwege te hoge geluidsniveaus en spanningen vanwege trillingen. Zorg dat de machine goed wordt onderhouden, draag een anti-geluidshelm. Neem tijdens het werk pauzes.
Verwijdering
Om het milieu te beschermen, gooi dit product, de batterij, motorolie, enz. niet achteloos weg met het afval. Houd rekening met de plaatselijke wetten en reglementeringen, of raadpleeg uw bevoegde Honda dealer voor verwijdering.
Deze sticker waarschuwt u voor mogelijke risico's op ernstig letsel. Lees de sticker aandachtig. Als de sticker loskomt of onleesbaar wordt, dient u contact op te nemen met uw dealer en hem een nieuwe te vragen.
| Brief Afbbeelding | |
| A | 1. Lees de gebruikershandleiding voor u deze maaier gebruikt.2. Gevaar voor wegschietende voorwerpen. Houd overige personen uit de buurt tijdens het gebruik van deze maaier.3. Gevaar voor snijwonden. Sneldraaiend mes. Steek uw hand of voet niet in de maakast. Neem de bougiekap van de bougie voor u onderhoud of reparaties aan de machine uitvoert.4. Niet gebruiken uitwerpkoker je of grasopvangbak. |
| B | 5 6 75. Lees de gebruikershandleiding voor u deze maaier gebruikt.6. De uitlaatgassen van de motor bevatten giftig koolmonoxidegas. Laat de motor niet draaien in een omsloten ruimte.7. Benzine is uiterst brandbaar en explosief. Zet de motor uit en laat deze afkoelen voordat u brandstof bijvult. |
PRODUKT-IDENTIFIKATIE-PLAATJE
| Brief Aftbeelding | |
| c | ![]() |
| 1. Gewaardborgd geluidsvermogensniveau volgens EEC Richtlijn 2000/14/EC2. Overeenstemmingsmarkering volgens gewijzigde EEC3. Conformity mark optional4. Nominaal vermogen in kilowattsVelocità del motore consigliata in giri al minuto5. Maximaal motorsnelheid | 6. Fabricagedatum7. Gewicht in kilogram8. Serienummer9. Model10.Naam en adres van toegelaten vertegenwoordiger11.Naam en adres van fabrikant |
| Naam en het adres van de fabrikant en de toegelaten vertegenwoordiger zijn geschreven in de "EG Declaraton of Conformity" CONTENT OVERZICHT in deze handleiding. | |
| Noteer de serienummers van het chassis en de motor hieronder. U zal deze serienummers nodig hebben bij het bestellen van onderdelen en wanneer u inlichtingen wenst betreffende technische gegevens of garantie.Serienummerchassis: ____ - ____Serienummermotor: ____ - ____Aanschafdatum: ____ / ____ / ____ | |
OVERZICHT VAN ONDERDELEN

text_image
[1] [2] A (STICKER) [3] [4] [5] [6] [7] [8] (2) [9] [10] [11] [1]
text_image
[12] [20] C (STICKER) [13] [19] [14] [15] [16] [17] B (STICKER) [18] [8]| 1 | Vliegwielremhende () |
| 2 | Vliegwielremhendel 12 Schakelhend |
| 3 | Dop benzinetank 13 Gashendel |
| 4 | Achterwaartse Uitworp Guard |
| 5 | Uitlaat 15 Brandstofkraan |
| 6 | Olievuldop |
| 7 | Serienr. motorMaaiselrichterknop |
| 8 | Maaihoogtehendels (4) |
| 9 | Grasvangzak |
| 10 | Startkoord |
| 11 | Roto-Stop knop |
| 14 | Stuurboombout |
| 16 | Serienr. motor |
| 17 | Luchtfilter |
| 18 | Carburateur |
| 19 | Bougiekap |
| 20 | Afvoerbeschermkap |
IN ELKAAR ZETTEN
UITPAKKEN
Verwijder alle karton van de handgreep.
MONTEREN VAN DE HANDGREPEN
- Draai de afstelknoppen van de handgreep [1] 90 graden naar ontgrendelde stand [2].
- Beweeg de handgreep naar de maaistand zodat de fixeerpennen uitlijnen met ofwel de hoogste, of de middelste, of de laagste gaatjes in montagebeugels van de handgreep.
- Draai de afstelknoppen 90 graden naar de vergrendelstand [3] toe en de pennen zullen op hun plaats vastklikken in de gaten.

Schuif het frame [1] van de graszak in de graszak [2] en monteer de plastic klemmen [3] zoals afgebeeld.

De maaimachine wordt ZONDER OLIE in de motor verscheept.
Vul dan genoeg SAE 10W-30 API olie van onderhoudscategorie SJ om het oliepeil tot tussen de bovengrens [2] en de ondergrensmarkeringen [3] op de peilstok [1] te brengen, zolas wordt afgebeeld.
Hoeveelheid bij te vullen: 0,35 \~ 0,40 L
Doe niet te veel olie in de motor. Als de motor te vol is, kan overtollige olie worden overgebracht naar de luchtfilterbehuizing en het luchtfilter.
BENZINE
Raadpleeg bladzijde 7.

Alle operators van de maaimachine moeten vóór gebruik van de maaimachine de volgende hoofdstukken lezen:
• VEILIGHEIDSINSTRUCTIES (bladzijde 2)
• BEDIENIN (bladzijde 5)
• CONTROLES VÓÓR HET IN BEDRIJF NEMEN (bladzijde 6)
• GEBRUIK (bladzijde 9)
• ONDERHOUDSSCHEMA (bladzijde 12)
BEDIENING
BRANDSTOFKRAAN
Met de brandstofkraan [1] wordt de verbinding tussen de brandstoftank en de carburateur geopend en gesloten.

Voor de beste snijkwaliteit, maai altijd met de gashendel in de stand FAST. Wanneer het snijmiddel roteert aan de vooringestelde hoge snelheid, wordt een sterke ventilering gecreëerd die optilt en efficiënter doet maaien.
Probeer niet om het vooringestelde FAST motortoerental te verhogen; het snijmiddel kunnen breken en los komen.

text_image
FASTCONTROLESYSTEEM VAN HET SNIJMIDDEL
Om de rotatie van het snijmiddel te starten, zorg ervoor dat de motor draait en de gashendel in de stand FAST staat.
-
Houd de knop Roto-Stop ingedrukt [1].
-
Trek de bedieningshendel van het snijmiddel [2] snel tegen de stuurstang waardoor de motor het snijmiddel op volle snelheid kan brengen en laat de knop Roto-Stop vervolgens los.
Houd de bedieningshendel van het snijmiddel tegen de stuurstang om de rotatie van het snijmiddel te behouden. Houd de bedieningshendel van het snijmiddel altijd volledig ingeschakeld tijdens het maaien. Laat nooit gedeeltelijk los - dit zal de levensduur van de koppeling verminderen.
Laat de bedieningshendel van het snijmiddel los om de rotatie van het snijmiddel te stoppen. Laat de bedieningshendel van het snijmiddel altijd los vooraleer de motor te starten om te voorkomen dat de snijmiddel roteert.
BEDIENING SELECT-DRIVE
Terwijl de motor draait en het snijmiddel roteert, duwt u de bediening Select Drive [1] in om de maaier vooruit te bewegen.
Normale bediening is met uw hand comfortabel rond de stuurstang en de bediening Select Drive. Duw de bediening Select Drive met uw duim in de inkeping voor versterkte werking (op een heuvel, of door dik gras).
U kunt de rijsnelheid verminderen door de bediening Select Drive gedeeltelijk los te laten.
Rijsnelheid varieert naargelang het terrein, de grashoogte, helling en het gewicht van de graszak. Door de knop Select Drive te bewegen of
het variëren in het vooruit duwen van de bediening Select Drive, kunt u de gewenste rijsnelheid handhaven onder voortdurend veranderende maaiomstandigheden.
Laat de bediening Select Drive los om de achterwielen te ontkoppelen (te stoppen).
Ontkoppel de aandrijving tijdens het maaien rond bomen en andere obstakels. Duw de maaier rond obstakels voor een betere directionele controle.
De bedieningsknop Select Drive afstellen
Met de bedieningsknop Select Drive [1] kunt u de maximale rijsnelheid afstellen wanneer de hendel Select Drive volledig is ingeschakeld.
Afstelling gaat van MIN tot MAX. Met de hendel Select Drive volledig ingeschakeld:
MIN zal de grasmaaier voortbewegen aan de laagste snelheid.

MAX zal de grasmaaier voortbewegen aan de hoogste snelheid.
MAAIHOOGTEHENDELS
De maaihoogte kan op zes niveaus worden ingesteld. Deze zijn hiernaast bij benadering aangegeven. De feitelijke maaihoogte is afhankelijk van de conditie van het gazon en de bodemgesteldheid.

text_image
19 mm 32 mm 45 mm 62 mm 75 mm 88 mm 101 mmElk wiel heeft een eigen maaihoogtehendel [1].

De maaiselrichterknop [1] regelt het opvangen in zak, mulchen, en afvoer aan de achterkant. De knop heeft tien instelmogelijkheden.

Draag beschermende kleding. Een lange broek en oogbescherming kunnen het risico op letsels veroorzaakt door weggeslingerde voorwerpen, verminderen. Draag schoeisel dat uw voeten beschermt en dat een stevige grip biedt op hellingen of oneffen terrein.
HET GAZON INSPECTEREN
Inspecteer voor uw eigen veiligheid en die van anderen altijd eerst het te maaien oppervlak.
Voorwerpen
Alles dat kan worden opgepakt door het snijmiddel en wordt gegooid, is een potentieel gevaar voor u en anderen. Zoek naar dingen zoals stenen, stokken, botten, speelgoed en draad. Verwijder ze uit het maaigebied.
Mensen en dieren
Mensen en dieren nabij het te maaien oppervlak kunnen in de baan van de gazonmaaier komen of in een positie waar ze geraakt kunnen worden door weggeslingerde voorwerpen. Zorg dat zich geen mensen, en vooral geen kinderen, of huisdieren in de buurt bevinden. Hun veiligheid is uw verantwoordelijkheid.
Gazon
Kijk hoe hoog het gras is en hoe het er bij staat om de maaihoogte en de snelheid te bepalen.
Maai het gras niet als het nat is. Niet alleen raakt het maaidek daardoor verstopt en klontert het gemaaide gras op het gazon, maar nat gras geeft ook weinig grip en vergroot het risico dat u uitglijdt.
DE MAAIER CONTROLEREN
Messen
-
Zet de gashendel in de STOP-stand (bladzijde 5).
-
Draai de brandstofkraan DICHT (bladzijde 5).
-
Maak de bougiekap los van de bougie (bladzijde 13).
-
Kantel de maaier om naar rechts zodat de brandstofdop naar boven is gericht. Zo help u lekken voorkomen, en verm de luchtfilter en dat de motor
-
Controleer de snijbladen [1] op beschadigingen, barsten en overmatige roest of corrosie.

Het mes is scherp en draait zeer snel rond.
Een ronddraaiend mes kan u ernstig verwonden en vingers en tenen amputeren.
• Draag beschermend schoeisel.
- Houd handen en voeten uit de buurt van het maaidek zolang de motor draait.
- Zet de motor altijd af voordat u instellingen verandert en inspectie of onderhoud uitvoert.
Een bot mes kan geslepen worden, maar een mes dat versleten, verbogen of gescheurd is moet vervangen worden. Afbrekende stukken van een versleten of beschadigd mes kunnen uit de maaier geslingerd worden.
Breng de gazonmaaier naar een geautoriseerde Honda-dealer om messen te laten slijpen of vervangen. Als u een momentsleutel hebt, kunt u zelf messen demonteren en monteren.
Controleer of de mesbouten [2] goed zijn aangedraaid (bladzijde 15).
Oliepeil
Zet de motor uit en plaats de maaier op een vlakke ondergrond als u het oliepeil gaat controleren.
Gebruik alleen olie voor viertaktmotoren met de aanduiding SH of vergelijkbare mengsels met een hoog detergensgehalte. Gebruik olie met een viscositeit die geschikt is voor de gemiddelde buitentemperatuur.
SAE 10W-30 wordt aanbevolen voor algemeen gebruik. Mengsels met een andere viscositeit zijn geschikt voor gebruik bij een gemiddelde buitentemperatuur zoals aangegeven in onderstaande grafiek.

text_image
30 5W-30 • 10W-30 0 20 40 60 80 100°F 40°C -20 -10 0 10 20 30 40°CWe adviseren het gebruik van originele Honda-olie om de prestaties van het emissiecontrolesysteem op peil te houden.
OPMERKING
- Starten van de motor bij een laag oliepeil kan de motor beschadigen.
-
Gebruik van olie met een laag detergensgehalte kan de levensduur van de motor verkorten, en gebruik van tweetaktmengsels kan de motor beschadigen.
-
Neem de dop van de olietank [1] en verwijder de olie van de peilstok.
- Steek de oliepeilstok in de olietank, maar schroef de dop niet vast. Controleer het oliepeil op de peilstok.
- Als het oliepeil dicht bij het onderste merkteken [3] staat, vult u de olie bij tot aan het bovenste merkteken [2]. Vul niet teveel olie bij.
- Breng de dop van de olietank [1] weer aan en draai hem goed vast.
Benzine
Deze motor is gecertifieerd voor werking op loodvrije benzine, met een research-octaangetal van 91 of hoger.

We raden aan om na elk gebruik bij te tanken zodat er zo weinig mogelijk lucht in de brandstoftank aanwezig is.
Zorg dat de motor uit staat en dat er voldoende ventilatie is als u benzine bijvult. Als de motor heeft gelopen, laat u hem eerst afkoelen. Vul de benzine nooit bij in een ruimte waar benzinedampen kunnen ontbranden door open vuur of vonken.
U mag normale loodvrije benzine gebruiken met maximaal 10% ethanol (E10) of 5% methanol van de inhoud. Daarnaast moet methanol cosolvents en corrosievertragers bevatten. Gebruik van benzine met hogere percentages ethanol of methanol dan hier aangegeven, kunnen problemen veroorzaken met starten en/of de rijprestaties. Tevens kan het de metalen, rubber en plastic onderdelen van het brandstofsysteem beschadigen. Bovendien is ethanol hygroscopisch, dit betekent dat het water aantrekt en vasthoudt in het brandstofsysteem. Beschadiging van de motor en problemen met rijprestaties die het resultaat zijn van gebruik van benzine met een percentage ethanol of methanol dat groter is dan hier aangegeven, vallen niet onder de garantie. Gebruik van de hierboven aangegeven brandstof is noodzakelijk om de prestaties van het emissiecontrolesysteem op peil te houden.
Gelieve als uw apparaat gebruikt zal worden op occasionele of periodieke basis (meer dan 4 weken tussen gebruik) het onderdeel Brandstof te raadplegen in het hoofdstuk BERGING (bladzijde 17), voor aanvullende informatie met betrekking tot de kwaliteitsafname van brandstof.
⚠ WAARSCHUWING
Benzine is licht ontvlambaar en explosief.
Bij het hanteren van brandstof is het risico van brandwonden of zwaar letsel zeer groot.
- Zet de motor af en houd hem buiten het bereik van hitte, vonken en open vuur.
• Hanteer brandstof uitsluitend buitenshuis.
• Dweil gemorste benzine onmiddelijk op.
Het is mogelijk dat de motor bij zware belasting licht "klopt" of "pingelt". Dit is geen reden tot zorg.
OPMERKING
Benzine tast verf en kunststof aan. Let erop dat u geen benzine most als u de tank bijvult. Schade ontstaan door gemorste benzine valt niet onder de garantie.
Draai de dop van de benzinetank los en controleer het benzinepeil. Vul de tank bij als het benzinepeil laag is. Wees voorzichtig met bijvullen om morsen te voorkomen. Vul de tank niet te veel; het benzinepeil dient niet tot de hals van de tank [1] te reiken.

text_image
[1]Draai na het vullen de tankdop stevig vast.
Zet de maaimachine ten minste 3 meter uit de buurt van de brandstofbron en -locatie voordat u de motor start.
Brandstoftank
Sla uw brandstof in een nette, plastic, afgesloten container op die geschikt is voor brandstofopslag. Sluit het ventilatiegat af (indien voorzien) en stel de de tank niet bloot aan direct zonlicht. Als de brandstof langer dan 3 maanden wordt opgeslagen, raden we aan bij het vullen van de tank een stabiliseringsmiddel aan de brandstof toe te voegen.
Als u op het einde van het seizoen nog brandstof in uw opslagtank heeft, dan raadt het milieubeschermingsagentschap aan om deze benzine in de brandstoftank van uw auto te gieten.
Luchtfilter
Verwijder het deksel [1]. Zorg dat de luchtfilter [2] zuiver en in goede staat is. Een vuile luchtfilter beperkt de luchtdoorvoer naar de carburator, met verminderde motorprestaties als gevolg. Ga naar bladzijde 13 voor informatie over het onderhoud van de luchtfilter.

text_image
[2] [1]Stuurboom verstellen
Stel de hoogte van de stuurstang in op een comfortabele stand (bladzijde 4).
Grasvangzak
Een gazonmaaier werkt als een stofzuiger: hij blaast lucht in de zak, waardoor de afgemaaide grashalmen daar in worden opgevangen. Leeg de grasvangzak voordat hij helemaal vol raakt. Het verzamelvermogen neemt af wanneer de zak voor ongeveer 90% vol is. Ook is de zak gemakkelijker te legen als hij niet propvol zit.
Controle
Bij een normaal gebruik is het materiaal van de graszak onderhevig aan verslechtering en slijtage.
OPMERKING
Controleer de grasvangzak op scheuren, gaten of versleten plekken. De grasvangzak slijt door normaal gebruik en moet te zijner tijd vervangen worden.
Raadpleeg (bladzijde 15) om de grasvangzak te vervangen door een nieuwe.
Aanbrengen
-
Til de kap [1] op, pak de handgreep [3] vast en haak de grasvangzak [2] aan het maaidek.
-
Laat de klep weer zakken om de grasvangzak vast te zetten.
Verwijderen
-
Til de kap op, pak de grasvangzak bij de handgreep en verwijder hem.
-
Laat de kap weer zakken.
-
Als de grasvangzak van de klep los is, kunt u hem door de stuurboom tillen of achterlangs onder de stuurboom door verwijderen.
Maaihoogte
Controleer of de vier maaihoogtehendels [1] alle in dezelfde stand staan voor de gewenste maaihoogte.

U kunt de maaihoogte verstellen door elke hendel [1] naar het wiel te duwen om hem in een andere stand te zetten.
Als u twijfelt over de juiste maaihoogte, begint u met een hoge stand. Maai een klein stukje

text_image
[1] 19 mm 32 mm 45 mm 62 mm 75 mm 88 mm 101 mmen bekijk het resultaat. Stel de maaihoogte vervolgens naar wens lager in.
Achterbeschermplaat
Tijdens een normaal gebruik is de achterbeschermplaat [1] onderhevig aan beschadigingen en slijtage. Verwijder de graszak en de afvoerkap [2] om de achterbeschermplaat te controleren op barsten of scheuren. Als de achterbeschermplaat overmatig versleten is, moet u ze laten vervangen door uw erkende dealer voor onderhoud en reparaties van Honda.

Stel voor het juiste maairesultaat de afstelknop [1] voor de maaiselrichting in op een van de tien standen.
Om de maaiselrichterknop af te stellen, dient u deze naar beneden te trekken in richting van de achterzijde van de maaimachine. De knop stelt een schuifdeur [2] in van de volledig geopende stand BAG tot de volledig gesloten stand MULCH.

text_image
[1] [2] (volledig gesloten)Als u veel weerstand bemerkt terwijl u de maaiselrichterknop van de ene naar de andere kant verschuift, kan er te veel gras zijn opgehoopt bovenop de schuifdeur.
De verzameling van een zekere hoeveelheid gras in de uitvoeropening is normaal als de maairesultaat de afstelknop volledig gesloten is. Om dit gras te verwijderen, moet u het afvoerscherm sluiten, de maairesultaat de afstelknop volledig openen, de motor starten en de Bladbedieningshendel verscheidene keren inschakelen.
Belangrijke Veiligheidsmaatregel
Zet de motor altijd af en trek de bougiedop eraf voordat u de afvoerbeschermkap omhoog haalt om rond de schuifdeur te inspecteren of schoon te maken. Zo voorkomt u contact met de draaiende messen en voorkomt u dat er voorwerpen het afvoergebied in worden geslingerd.
Stand schuifdeur
Door de plaatsing van de schuifdeur [2] kunnen er verschillende maairesultaten worden behaald. Als de voorkeursstand voor de schuifdeur onbekend is, monteer dan een graszak en begin het maaien met de maaiselrichterknop [1] helemaal op stand BAG.
Controleer hoe het gazon eruit ziet. Door de knop meer in richting van stand MULCH te schuiven, wordt er meer gras terug het gazon in gerecycled. Stel de maaiselrichterknop af tot het gewenste resultaat is bereikt.

Afvoer naar achteren
Om het afgeknipte gras naar achteren af te voeren, de graszak verwijderen en de maaiselrichterknop [1] in het bereik BAG plaatsen.
Maximale afvoer naar achteren vindt plaats als de maaiselrichterknop in de stand (BAG) helemaal links staat. Door de maaiselrichterknop meer naar rechts (MULCH) te schuiven, wordt er minder gras afgevoerd door de afvoerbeschermkap achter.

Lees VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN (bladzijde 2) and VOORDAT U GAAT MAAIEN (bladzijde 6) voordat u de gazonmaaier de eerste keer gebruikt.
Ook al hebt u ervaring met andere maaiers, neem dan toch even de tijd om vertrouwd te raken met de werking van deze maaier. Probeer hem op een vlak en ruim stuk gazon, voordat u uw vaardigheden beproeft op de moeilijker delen van uw gazon.
Uit oogpunt van veiligheid dient u de motor niet te starten of te gebruiken in een gesloten ruimte, zoals een garage. De uitlaatgassen van de maaier bevatten het giftige koolmonoxide dat in een gesloten ruimte snel leidt tot ademnood, bewusteloosheid en de dood.
GEBRUIKSFREQUENTIE
Gelieve als uw apparaat gebruikt zal worden op occasionele of periodieke basis(meer dan 4 weken tussen gebruik) het onderdeel Brandstof te raadplegen in het hoofdstuk BERGING (bladzijde 17), voor aanvullende informatie met betrekking tot de kwaliteitsafname van brandstof.
DE MOTOR STARTEN
- Draai de brandstofkraan [1] OPEN.

-
Zet de gashendel [1] in de juiste stand om te SNEL(♠).
-
Trek het startkoord langzaam uit tot u weerstand voelt, en start de motor dan met een flinke ruk. Laat het startkoord lanzaam terugwikkelen.
Zet de meskoppelingshendel en de aandrijfkoppelingshendel voor het starten altijd in de vrijstarnd om te voorkomen dat het/de mes(sen) gaat/gaan draa

text_image
SNEL [1]- Zodra de motor op bedrijfstemperatuur is gekomen, zet u de gashendel [1] op SNEL (♠) om te gaan maaien of op LANGZAAM (♠) om de motor stationair te laten draaien.
Laat de motor minimaal drie minuten warmdraaien voordat u deze afzet om ervoor te zorgen dat het Auto Choke System makkelijk opnieuw kan worden gestart en optimaal presteert. Bij temperaturen lager dan 21°C moet u de motor langer laten warmdraaien.
Gebruik in de bergen
Op grote hoogte levert de standaard afstelling van de carburateur een te rijk benzine/luchtmengsel. Hierdoor vermindert het motorvermogen en stijgt het brandstofverbruik. Ook wordt de bougie vuil, hetgeen startproblemen geeft.
Bij gebruik in de bergen kan het motorvermogen verhoogd worden door enkele aanpassingen aan de carburateur. Als u de maaier alleen
op een hoogte van meer dan 610 m gebruikt, kunt u deze aanpassingen laten uitvoeren door de Honda-dealer.
Ondanks deze aanpassing vermindert het het motorvermogen met ongeveer 3,5% per 300 meter stijging. De vermindering van motorvermogen zal nog groter zijn als de carburateur niet wordt aangepast.
OPMERKING
Als de carburateur is aangepast voor gebruik op grote hoogte, is het benzine/luchtmengsel te arm voor gebruik op een hoogte beneden 610 m. Dit kan oververhitting en ernstige motorschade veroorzaken. Laat de Honda-dealer de carburateur daarom eerst terugbrengen in de oorspronkelijke staat, voordat u de maaier beneden de 1800 m gebruikt.
DE MOTOR AFZETTEN
-
Laat de meskoppelingshendel [1] los.
-
Schuif de gasklephendel [2] naar STOP.

- Draai de brandstofkraan DICHT wanneer de maaier niet gebruikt wordt.
- Als uw grasmachine gedurende 3 tot 4 weken niet zal worden gebruikt, dan raden we aan om de brandstop uit de carburator van de motor te verwijderen. U kunt dit doen door de brandstofklep in de stand OFF (Uit) te zetten, de motor opnieuw te
starten en de resterende brandstof op te gebruiken. Als u de grasmaaier langer dan 4 weken niet gaat gebruiken, raadpleeg dan het hoofdstuk BERGING (bladzijde 16).

Houd voor uw eigen veiligheid alle vier wielen aan de grond en let op waar u loopt zodat u niet de controle over de maaier verliest. Houd de stuurboom stevig vast en loop altijd normaal, nooit hard, met de maaier. Wees voorzichtig als u een ongelijk of geaccidenteerd oppervlak maait.
Duw nooit met uw voet tegen de maaier als hij vast zit; gebruik alleen de stuurboom om de maaier te hanteren.
GEVAAR
De snijmiddelen zijn scherp en draaien op hoge snelheid.
Als u in contact komen met een draaiende snijmiddelen, zal het je ernstig gesneden en kunnen vingers en tenen amputeren.
• Draag beschermend schoeisel.
- Houd handen en voeten uit de buurt van het maaidek zolang de motor draait.
- Zet de motor altijd af voordat u instellingen verandert en inspectie of onderhoud uitvoert.
Hellingen
Maai een helling altijd dwars, niet van boven naar beneden. Maai geen steile hellingen (met een stijgings-percentage van meer dan 20°), en wees voorzichtig als u van richting verandert. Als u een helling maait met nat of vochtig gras kunt u uitglijden en de macht over de maaier verliezen.
Obstakels
Maai langs grote obstakels, zoals een hek of een muur, met de zijkant van de maaier.

Laat de aandrijfkoppelingshendel los om de aandrijving te ontkoppelen wanneer u rond een boom of een ander obstakel maait. In zulke gevallen kunt u de maaier beter sturen als u hem duwt. Wees voorzichtig als u over ingegraven obstakels heen maait, zoals sproeikoppen, tegels, boorders, enz. Maai nooit over dingen heen die boven het maaiveld uitsteken.
Als het mes iets heeft geraakt of als de maaier begint te trillen, zet dan de motor onmiddellijk af en controleer of er iets is beschadigd. Een obstakel kan het mes beschadigen, de krukas buigen en/of het maaidek of andere onderdelen breken. Trilling duidt meestal op een ernstig mankement.
⚠ WAARSCHUWING
Een versleten, gescheurd of beschadigd mes kan afbreken, waardoor stukken van het mes gevaarlijke projectielen kunnen worden.
Ook andere weggeslingerde objecten kunnen ernstig letsel veroorzaken.
Inspecteer het mes daarom regelmatig en gebruik de maaier niet met een versleten of beschadigd mes.
Onderdelen die worden beschadigd door ongelukken of een botsing vallen niet onder de garantie.
Gravel en losse voorwerpen
Gravel, grind en ander materiaal voor het aanleggen van tuinen kan door de maaier worden opgepikt en meters ver weggeslingerd worden met voldoende kracht om ernstig lichamelijk letsel of materiële schade te veroorzaken. De beste manier om mogelijk letsel door weggeslingerde voorwerpen te voorkomen is door de meskoppelingshendel los te laten, zodat het mes stilvalt voordat u op terrein komt waarop gravel, grind of ander los materiaal ligt.
MAAITIPS
Wanneer maaien?
De meeste grassoorten moeten gemaaid worden als ze 1 tot 3 cm boven hun aanbevolen hoogte uitkomen.
Als u het gras molmt, dient u vaker te maaien dan wanneer u het verzamelt. Maai uw gazon in het groeiseizoen twee maal per week voor de beste resultaten.
Maaihoogte
Vraag een kwekerij of een tuincentrum bij u in de buurt om advies over de aanbevolen maaihoogte en verzorging voor specifieke grassoorten.

GOEDE LENGTE
Als u goed kijkt, ziet u dat de meeste grassoorten een steel en bladeren hebben.
Als u de grashalmen helemaal afmaait, scalpeert u het gazon. Geef het gras voldoende tijd om zich te herstellen tussen

TE KORT
maaibeurten. Dan zal de maaier beter werken en uw gazon beter ogen.
Als het gras te lang wordt, maait u het eerst op de hoogste maaihoogte en twee of drie dagen later nogmaals. Maai niet meer dan één-derde van de totale lengte per keer om te voorkomen dat bruine plekken ontstaan.
De werking van de maaihoogtehendels wordt beschreven in het hoofdstuk BEDIENING (bladzijde 5).
Maaistroken
Voor een gelijkmatige gazon laat u de maaistroken elkaar overlappen (5–10 cm). Bij zeer lang of dik gras houdt u een bredere overlapping aan.
Messnelheid
Het mes moet zeer snel roteren om goed te maaien. Zet de gashendel bij het maaien altijd op snel en laat de motor met maximale toeren draaien.
Als het toerental vermindert, kan dit betekenen dat de motor overbelast wordt doordat het mes teveel gras moet maaien. Maai een smallere strook, maai langzamer of stel de maaihoogte hoger in.
Messcherpte
Een scherp mes maait scherp. Door een stomp mes scheuren de grashalmen, waardoor de uiteinden bruin worden. Als het mes niet meer scherp maait, laat u het slijpen of vervangen.
Droog gras
Als de grond te droog is kan er bij het maaien veel stof opwaaien. Behalve dat dit onprettig werkt, kan ook het luchtfilter verstopt raken door grote hoeveelheden stof.
Als stof problemen geeft, sproeit u uw gazon een dag voordat u het gaat maaien. Maai het wanneer het gras droog aanvoelt, maar de grond nog vochtig is.
Nat gras
Nat gras is glad waardoor u kunt uitglijden. Bovendien klontert nat gras samen in het maaidek en op het gazon. Wacht altijd met maaien totdat het gras droog is.
Gevallen bladeren
U kunt met uw maaier gevallen bladeren verzamelen om deze weg te gooien. Als u de maaimachine gebruikt om grote hoeveelheden bladeren te verzamelen en niet om te maaien, stel de snijhoogteafstelhendels dan zo in dat de voorzijde van het maaierde één of twee instellingen hoger staat dan de achterzijde. Om te beginnen zet u de maaiselrichterknop in stand #9 (niet helemaal volledig mulchen). Met deze instelling worden de bladeren gerecycled en fijngesneden totdat de deeltjes klein genoeg zijn om door de schuifopening de graszak in te gaan. Afhankelijk van de grootte, het soort en hoeveelheid water die de bladeren bevatten, kan het nodig zijn de schuifdeur te openen voor het beste resultaat bladopvang in de zak. Met het juiste gebruik van de schuifdeur wordt de graszak beter gevuld, waardoor deze minder vaak hoeft te worden geleegd. Zorg dat er geen obstakels zoals stenen zijn verstopt onder de bladeren.
Als u uw gazon met mulch van bladeren wilt bedekken, laat de laag bladeren dan niet te dik worden voor u begint. Het beste resultaat wordt bereikt als u begint uw gazon met mulch te bedekken terwijl u het gras nog door de laag bladeren kunt zien. Op plaatsen waar de gevallen bladeren het gras volkomen bedekken, dient u ze met een hark te verwijderen of de graszak te gebruiken, zodat uw maaimachine ze kan verzamelen voor opruiming. Zet de maaiselrichterknop op de stand MULCH.
Verstopt maaidek
Zet de motor af en draai de brandstofkraan DICHT voordat u het maaidek reinigt. Verwijder de kap van de bougie voordat u de maaier met de carburateur omhoog op zijn kant legt.
Verwijder aangekoekt gras altijd met een stuk hout, niet met uw handen.
Maairichting
De Honda-maaier werkt het best als u zoveel mogelijk maait in de richting zoals hieronder aangegeven. Het ontwerp van het maaidek en de machine, alsmede door de draairichting van het mes, geeft maaien in deze richting het beste resultaat.
Molmen
Maak een linksdraaiend maaipatroon als de maaiselrichtingknop op de stand volledige MULCH staat. Als het gazon een onregelmatige vorm heeft, of veel obstakels, dient u het in delen op te delen waar u de linksdraaiende maaipatronen kunt gebruiken.

Maak een linksdraaiend maaipatroon. Zo word de prestatie van de maaiselrichter en het opvangen in de zak het beste, waarbij er de minste hoeveelheid gemaaid gras op het gazon blijft.
Maaien met afvoer naar achteren
Verwijder de graszak en sluit de afvoerbeschermkap. Stel de maaiselrichterknop in op de gewenste stand en begin met maaien in een rechtsdraaiend patroon. Als het gazon een onregelmatige vorm heeft, of veel obstakels, dient u het in delen op te delen.

Goed onderhoud is van wezenlijk belang voor veilige, zuinige en probleemloze werking van de maaier. Het zal ook bijdragen tot een vermindering van de luchtvervuiling en ervoor zorgen dat de emissieprestaties van de motor behouden blijven.
Voor een goed onderhoud van uw maaier bevatten de volgende pagina's een onderhoudsschema, standaard inspectie-procedures en eenvoudige onderhoudswerkzaamheden die u zelf kunt verrichten. Andere verrichtingen, die moeilijker zijn of speciaal gereedschap vereisen, kunt u het best overlaten aan de vakman en worden normaliter uitgevoerd bij de Honda-dealer.
Het onderhoudsschema is van toepassing op normale bedrijfsomstandigheden. Als u de maaier onder abnormale omstandigheden gebruikt, vraag dan de Honda-dealer om bijpassend advies.
Onthoud dat de Honda-dealer het best bekend is met de maaier en volledig is toegerust voor onderhoud en reparatie ervan.
Gebruik alleen nieuwe, originele Honda-onderdelen of onderdelen van vergelijkbare kwaliteit voor reparatie en vervanging, teneinde de hoogste betrouwbaarheid te waarborgen
⚠ WAARSCHUWING
Gebrekkig onderhoud of nalatigheid bij het verhelpen van een probleem voordat u de maaier gebruikt, kan storingen veroorzaken en ernstig letsel of de dood tot gevolg hebben.
Volg altijd de aanbevelingen op in deze gebruiks-aanwijzing voor inspectie en onderhoud.
LET OP UW VEILIGHEID
Hier volgen enkele van de belangrijkste veiligheidsvoorschriften. We kunnen u echter niet waarschuwen voor elk denkbaar risico bij het uitvoeren van onderhoud. Alleen u kunt bepalen of u een bepaalde taak al of niet zelf zou moeten uitvoeren.
⚠ WAARSCHUWING
Als u de onderhoudsinstructies en veiligheids voorschriften niet precies opvolgt kunt u ernstig of dodelijk gewond raken.
Volg altijd de aanbevelingen op in deze gebruiks-aanwijzing voor inspectie en onderhoud.
Veiligheidsvoorschriften
- Zorg ervoor dat de motor uit staat voordat u met onderhoud of reparatie begint. Hierdoor voorkomt u verscheidene risico's:
- Koolmonoxidevergiftiging door uitlaatgassen.
Zorg altijd voor voldoende ventilatie als u de motor moet laten draaien. - Brandwonden door aanraking van hete machine-onderdelen. Laat de motor en de uitlaat afkoelen voordat u ze aanraakt.
- Letsel door bewegende onderdelen.
Laat de motor niet draaien, tenzij dat uitdrukkelijk wordt gevraagd.
- Lees de instructies voordat u begint en zorg ervoor dat u beschikt over het benodigde gereedschap en de vereiste kennis.
- Beperk brand- en explosiegevaar tot een minimum door voorzichtig om te gaan met benzine. Gebruik alleen niet-ontvlambaar oplosmiddel en geen benzine voor het schoonmaken van onderdelen. Houd sigaretten, vonken, en open vuur uit de buurt van onderdelen die met brandstof te maken hebben..
ONDERHOUDSSCHEMA
Elk tijdvak uitvoeren of na het aantal aangegeven bedrijfsuren als dat eerder bereikt is ^(1) .
| Servicetijdvak Actie Bladzijde | ||
| Voor Elk gebru Achter | beschermplaat: ControlerenMes en mesbouten: ControlerenGrasvangzak: ControlerenMotorolie: ControlerenLuchtfilter: ControlerenControle van de werking van de bladbedieningshendel | bladzijde 8bladzijde 6bladzijde 15bladzijde 6bladzijde 7bladzijde 5 |
| 1ste maand of 5 uur | Motorolie: VerversenSelect Drive kabel: Nastellen | bladzijde 12bladzijde 14 |
| 1ste 25 uur Luchtfilter | Reinig ^1 Meskoppelings-kabel: Nastellen ^2 Select Drive kabel: Nastellen | bladzijde 13bladzijde 14 |
| Elke 50 uur Motorolie | Verversen ^1 Luchtfilter: Reinig ^1 Select Drive kabel: Nastellen | bladzijde 12bladzijde 13bladzijde 14 |
| Elk 100 uur 6 mnd items | hierboven, plus:Bougie: Reinig./NastellVonkenvanger: Reinigen ^3 (iindien aanwezig)Meskoppeling: Controleren, Afstellen Gaskabel: Afstellen ^2 Pignon toestellen: Smeer ^2 Meskoppelings-kabel: Nastellen ^2 Klepspeling: Afstellen ^2 Stationair toerental: Control./Nastell ^2 Benzinetank: Reinigen ^2 | bladzijde 13bladzijde 14bladzijde 14 |
| Elk 150 uur Per jaar items | hierboven, plus:Luchtfilter: VervangBougie: VervangInspecteer-Smeer achterwiel adjuster bus ^2 | bladzijde 13bladzijde 13 |
| Elk 2 jaar Benzineleiding: Vervangen ^2 | ||
- Vaker bij gebruik in stoffige omgeving.
- Door de dealer laten uitvoeren, tenzij u zelf beschikt over het benodigde gereedschap en de vereiste kennis. Raadpleeg in dat geval het Honda werkplaatshandboek.
- In Europa en andere landen waar richtlijn 2006/42/EC voor machines van kracht is, dient deze reiniging door uw onderhoudsgarage te worden uitgevoerd.
Het niet in acht nemen van dit onderhoudsschema kan leiden tot storingen die niet onder de garantie vallen of tot een vermindering van de prestaties en het niet naleven van de emissievoorschriften.
MOTORONDERHOUD
Olie verversen
Tap oude olie af als de motor nog warm is, omdat de olie dan het snelst en volledig wordt afgetapt.
- Zet de gashendel op STOP en draai de brandstofkraan DICHT. Hiermee beperkt u het risico van brandstoflekkage (bladzijde 5).
-
Veeg het gebied rond de vulopening schoon en verwijder de olievuldop.
-
Zet een opvangblik naast de maaier om de afgewerkte olie op te vangen en kantel de maaier naar rechts. De olie komt door de vulopening naar buiten. Laat alle olie eruit lopen.
Help grondwatervervuiling te voorkomen. Gooi afgewerkte olie niet zomaar weg, maar breng het in een oud blik naar een innamepunt voor afgewerkte olie. Gooi het niet in de vuilnisbak, in het riool of in de tuin.
-
Vul het carter met het aanbevolen type olie (bladzijde 6) tot aan de bovenste streep op de oliepeilstok. Meet het oliepeil zoals beschreven op de volgende pagina. Hoeveelheid bij te vullen: 0,35 \~ 0,40 L
-
Als u de olie hebt ververst, zet u de maaier overeind om het oliepeil te controleren voordat u de motor start:
a. Verwijder de olievuldop [1].
b. Veeg de oliepeilstok [1] schoon.
c. Plaats de oliepeilstok [1] terug zonder de dop vast te draaien. Controleer het oliepeil dat op de peilstok aangegeven wordt.
d. Als de olie onder het onderste streepje [2] op de peilstok staat vult u olie bij tot aan het bovenste streepje [3]. Vul niet teveel olie bij om te voorkomen dat olie in het luchtfilter terecht komt.
OPMERKING
Als u de motor laat draaien met een te laag oliepeil, kan motorschade optreden.
e. Draai de olievuldop stevig vast.
Luchtfilter
Een goed onderhouden luchtfilter zorgt ervoor dat er geen vuil in uw motor kan komen. Als er vuil in de carburator komt, dan kan dit in dit kanalen komen en ervoor zorgen dat de motor vroegtijdig verslijt. Deze kleine kanalen kunnen worden verstopt, wat werking- of startproblemen kan veroorzaken. Gebruik altijd een luchtfilter die geschikt is voor uw motor zodat u er zeker kunt zijn dat hij zoals bedoeld afdicht en werkt.

Wanneer er zonder luchtfilter gewerkt wordt, of met een defecte luchtfilter, geraakt er vuil in de motor waardoor de motor sneller verslijt. Deze schade wordt niet gedekt door de Beperkte Garantie van de Verdeler.
- Druk de lipjes [1] van het deksel van de luchtfilter in en verwijder het deksel.
- Neem de filter [2] uit de behuizing [3].
- Controleer de filter en vervang indien beschadigd.
- Reinig de filter door er enkele keren mee op een harde ondergrond te tikken of blaas er lucht onder druk (niet meer dan 207 kPa) door via de binnenkant. Borstel vuil nooit af: borstelen doet het doordringen tot in de vezels.
- Veeg de binnenkant van de behuizing en het deksel schoon met een vochtige doek. Zorg ervoor dat er geen vuil in het luchtkanaal naar de carburator terechtkomt.
- Monteer de filter en het deksel opnieuw.
Bougie
Aanbevolen bougies: NGK - BPR5ES
OPMERKING
Verkeerde bougies kunnen schade aan de motor veroorzaken.
Voor een goede werking moet de bougie [1] goed afgesteld en vrij van aanslag zijn.
- Verwijder de bougiekap [2] en verwijder aanslag.
-
Draai de bougie los met een bougiesleutel.
-
Inspecteer de bougie. Als de elektroden versleten zijn of als het isolerend gedeelte kapot is of gebarsten, vervangt u de bougie.
- Meet de afstand tussen de elektroden met een voelermaat. De juiste afstand is 0,7 \~ 0,8 mm. Met voorzichtig tikken kunt u een te grote afstand nastellen.
- Schroef de bougie voorzichtig handvast in de cilinderkop.
- Als de bougie is vastgeschroefd, draait u hem aan met een bougiesleutel zodat de afdichtingsring ingedrukt wordt.

Als u een oude bougie opnieuw gebruikt, trekt u hem 1/8 tot 1/4 slag aan.
Een nieuwe bougie moet een 1/2 slag aangetrokken worden zodat de afdichtingsring [3] ingedrukt wordt.
Boutmoment: 20 N·m
OPMERKING
Als een bougie te los zit kan hij te heet worden en de cilinderkop beschadigen. Als de bougie te vast wordt aangetrokken kan het schroefdraad in de cilinderkop beschadigd worden.
- Breng de bougiekap weer aan.
Vonkenvanger
In Europa en andere landen waar richtlijn 2006/42/EC voor machines van kracht is, dient deze reiniging door uw onderhoudsgarage te worden uitgevoerd.
De vonkenvanger moet om de honderd uur een onderhoudsbeurt krijgen om zijn goede werking te behouden.
- Laat de motor afkoelen.
- Maak de twee lipjes op de rode kap [6] aan de uitlaatdemperzijde van de motor los en til de kap vervolgens iets op.
- Verwijder dan de drie bouten [1] van het dempschild [2] met een copsleutel van 10 mm.
- Verwijder het dempschild [2].
- Verwijder de schroef [4].
- Neem de vonkenvanger [3] uit de demper [5].
- Controleer de vonkenvanger [3] en de uitlaatpoort op koolstofafzettingen. Borstel de koolstofresten weg. Beschadig het scherm [3] van de vonkenvanger niet.
- Monteer de vonkenvanger in de demper.
- Monteer alle onderdelen van de demper op de motor en draai de drie bouten stevig aan.

text_image
[1] (3) [2] [3] [4] [5] [6] (rode deksel getoond verwijderd)AFSTELLINGEN BEDIENINGSKABEL
Kabelafstelling tractie-aandrijving
Met de motor uitgeschakeld, draait u de borgmoer [1] één omwenteling los.
Draai de regelaar [4] door het draaien van CW een omwenteling met de hand, en trek de grasmaaier naar achteren om de weerstand te controleren.
Als er geen wielweerstand is, herhaalt u de bovenstaande procedure totdat de wielen blokkeren bij het naar achteren trekken.
Vervolgens markeer de regelaar [3] en draai [2] aan de stabilisator CCW acht volledige.
Houd de regelaar vast en draai de borgmoer vast tegen de regelaar. Duw de grasmaaier naar voren en naar achteren om te controleren of er weinig of geen weerstand meer is.

Start de motor om zeker te zijn dat de grasmaaier niet vooruit beweegt zonder dat de bediening Select Drive wordt ingeduwd.
MES MONTEREN EN DEMONTEREN
Als u het messtel demonteert om te slijpen of te vervangen, hebt u een momentsleutel nodig voor de montage. Draag hierbij werkhandschoenen om uw handen te beschermen.
SLIJPEN: Laat het messtel slijpen door een vakman of bij de Honda-dealer om te voorkomen dat het verzwakt, zijn evenwicht verliest of slecht snijdt.
VERVANGEN: Vervang een versleten mes(stel) altijd door een nieuw, origineel Honda-messtel.
Demonteren
- Zet de gashendel op STOP sluiten.
- Draai de brandstofkraan DICHT. Kantel de maaier om naar rechts zodat de brandstofdop naar boven is gericht. Zo help u lekken voorkomen, en vermijdt u dat er motorolie doorsijpelt in de luchtfilter en dat de motor moeilijk start.
- Zet het maairnes vast met een blok hout om te voorkomen dat het gaat draaien. Gebruik een pijpsleutel (14 mm) en verwijder de twee bouten [1] en de speciale ringetjes [2] van de aandrijfas [5].
- Verwijder het bovenste [4] en het onderste molmmes [3].

text_image
[3] [4] [1] (2) [2] (2) [5]Monteren
- Verwijder eventueel vuil en gras van de aandrijfas.
- Monteer het mes(stel) [3] [4] met de bouten [1] en de speciale ringetjes [2], zoals getoond in de illustratie.
WAARSCHUWING
Als deze maaier met slechts één snijblad gebruikt wordt, zal het blad niet goed vastzitten, en kan het uit de maaier geworpen worden. Dit kan leiden tot ernstige verwondingen of de dood van mensen.
Gebruik altijd beide snijbladen als een set.
Zorg ervoor dat u de specale ringetjes aanbrengt met de holle kant naar het mes(stel) toe en de bolle kant naar de kop van de bouten toe.
De bouten zijn speciaal ontworpen voor deze toepassing. Gebruik onder geen beding andere bouten.

text_image
[3] [4] [2] (2) [1] (2) [2]- Draai de bouten vast met een momentsleutel [7]. Zet het mes(stel) vast met een houten blok [6] om te voorkomen dat het gaat draaien.

text_image
[3] [4] [7] 49 ~ 59 N•m [6]Boutmoment: 49 \~ 59 N·m
Als u niet beschikt over een momentsleutel, laat dan uw Honda-dealer de bouten vastzetten voordat u de maaier gebruikt. Als de bouten te vast zijn aangehaald kunnen ze breken; als ze niet vast genoeg zijn aangehaald, kunnen ze lostrillen. In beide gevallen kan het mes(stel) los komen en weggeslingerd worden tijdens het gebruik van de maaier.
Blade montage bout inspectie
Inspecteer de mesbouten op tekenen van beschadiging of losheid. Als ze beschadigd zijn, moeten ze worden vervangen.
Als ze los lijken, moet een momentsleutel worden gebruikt om de bladbouten nauwkeurig aan te draaien tot het vereiste moment. Als u geen momentsleutel hebt, neemt u uw grasmaaier naar een erkende dealer om de bouten te laten vervangen of vast te zetten.
Gebruik alleen originele Honda-bouten en speciale onderlegringen, omdat ze speciaal voor dit doel zijn ontworpen. Vervangende onderdeelnummers staan op bladzijde 18.

text_image
Inspecteer sluitringen en boutkoppen op losheid en beschadiging.GRASVANGZAK REINIGEN EN VERVANGEN
Reinigen
Spuit de grasvangzak schoon met de tuinslang en laat hem goed drogen; een natte zak raakt snel verstopt.
Vervangen
Vervang een versleten of beschadigde grasvangzak door een originele Honda grasvangzak.
Verwijderen
- Haal de plastic randen [1] van de zak [2] los van het frame [3].
- Neem de zak [2] van het frame.
Aanbrengen
- Plaats het frame [3] in de zak [2], zoals in de bovenste illustratie.
- Bevestig de plastic randen [1] van de zak [2] aan het frame.

Als de motor heeft gedraaid, laat u hem ten minste 15 minuten afkoelen voordat u de maaier in de auto of op een aanhanger laadt. Aan een hete motor en uitlaat kunt u zich verbanden en ander materiaal kan vlam vatten.
Draai de brandstofkraan [1] DICHT. Dat zal verzuipen van de carburateur voorkomen en de kans op brandstoflekkage reduceren.

text_image
HONDA DICHT [1]Stuurboom neerklappen
-
Verwijder de grasvangzak, indien gemonteerd. Deze kunt u met de opening naar voren bovenop de motor leggen (bladzijde 7).
-
Ontgrendel de afstelknoppen van de handgreep [1] en zwaai dan de handgreep naar voren [2]. Zorg dat de bedieningshendel van het blad de motor schoonmaakt bij het inklappen van het stuur.
Wanneer u de stuurboom omklapt, moet u er op letten dat de kabels daarbij niet geknikt of afgeknepen worden.

Plaats de maaier zodanig dat alle vier wielen op het laadvlak van het transportvoertuig staan. Blokkeer de vier wielen en sjor de maaier vast. Let op dat sjorringen niet op de bedieningshendels, kabels en de carburateur dragen.
OPMERKING
Rijd de maaier niet op de motor een laadplank op of af. Zo voorkomt u dat u de macht over de maaier verliest en schade veroorzaakt. Schakel nooit de aandrijfkoppeling in wanneer u de gazonmaaier achteruit rolt, om beschadiging van de koppeling te voorkomen.
-
Stop de motor en laat de gashendel op STOP staan. Draai de brandstofkraan DICHT.
-
Gebruik een laadplank die lang genoeg is om de maaier onder een hoek van maximaal 15° te kunnen in- of uitladen. Als u niet beschikt over een laadplank, moet de maaier door twee mensen op of van het transportvoertuig getild worden, waarbij de machine rechtop gehouden wordt.

text_image
HONDA <15°BERGING
Juiste berging zorgt er voor dat uw maaier in goede conditie blijft. Onderstaande stappen helpen u de maaier te beschermen tegen roestvorming en bij de verzorging, zodat hij het volgende seizoen weer gemakkelijk start.
Schoonmaken
- Spuit de gazonmaaier schoon, inclusief de onderkant van het maaidek.
Motor
Was de motor met de hand en zorg ervoor dat er geen water in het luchtfilter komt.
OPMERKING
Als u de motor schoonspuit met een tuinslang of een hogedrukspuit kan er water in het luchtfilter binnendringen. Water wordt door de filteronderdelen geabsorbeerd en kan vervolgens in de carburateur of de cilinder terecht komen, met motorschade als gevolg.
Als er water in contact komt met een hete motor kan er schade optreden. Als de motor heeft gedraaid, laat u hem ten minste een half uur afkoelen voordat u hem schoonmaakt.
Maaidek
Als u een tuinslang of een hogedrukspuit gebruikt om het maaidek te reinigen, laat dan geen water in de bedieningshendels en kabels komen of in de buurt van het luchtfilter of de uitlaat.
Zorg ervoor dat u de gashendel op STOP hebt gezet en de brandstofkraan DICHT gedraaid is, voordat u de onderkant van het maaidek schoonmaakt. Kantel de maaier om naar rechts zodat de brandstofdop naar boven is gericht. Dit voorkomt brandstoflekkage en startproblemen door een verzopen carburateur. Draag werkhandschoenen om uw handen te beschermen tegen het mes(stel).
Grasvangzak
Demonteer de zak van de maaier en reinig deze met een tuinslang of een hogedrukspuit. Laat de zak goed drogen voordat u hem opbergt.
-
Wrijf alle toegankelijke oppervlakken van de maaier na het schoonmaken droog.
-
Zet de maaier rechtop en start de motor buitenshuis. Laat de motor warmdraaien om eventueel achtergebleven water te laten verdampen.
-
Trek, terwijl de motor draait, vier of vijf keer aan de meskoppelingshendel om water van het meskoppelingsmechanisme te verwijderen. Laat het mes enkele minuten draaien, zodat er geen water kan achterblijven.
-
Zet de motor af en laat hem afkoelen.
-
Als de gazonmaaier schoon en droog is, kunt u eventueel kale plekken bijwerken en andere delen die kunnen roesten spaarzaam inoliën.
Brandstof
OPMERKING
Afhankelijk van de streek waar u uw apparaat gebruikt, kan de kwaliteit van de brandstofsamenstelling slechter zijn en kan deze sneller oxideren. Een kwaliteitsafname en oxidatie van de brandstof kan al na 30 dagen voorkomen, en kan schade toebrengen aan de carburator en /of het brandstofsysteem. Gelieve uw onderhoudsdealer te raadplegen voor lokale aanbevelingen in verband met de bewaring.
Benzine veroudert tijdens de opslag. Oude benzine veroorzaakt startproblemen harsafzetting waardoor de brandstoftoevoer verstopt raakt. Als de benzine in uw maaier tijdens de berging veroudert, moeten de carburateur en andere onderdelen van de brandstoftoevoer mogelijk gerepareerd of vervangen worden.
Hoe lang u benzine in de tank en de carburateur kunt laten zitten zonder dat dit motorstoring veroorzaakt, is afhankelijk van verschillende factoren, zoals het type mengsel, de temperatuur in de berging en hoe vol de tank is. Door de lucht in een niet-volle tank veroudert de benzine eerder. Bij een hoge temperatuur in de berging zal de benzine sneller verouderen. Benzine kan al binnen enkele maanden verouderen, of nog eerder als u de tank met benzine had gevuld die niet vers was.
Als je een container voor het tanken van benzine, er zeker van zijn dat het alleen verse benzine bevat.
Als de brandstof langer dan 3 maanden wordt opgeslagen, raden we aan bij het vullen van de tank een stabiliseringsmiddel aan de brandstof toe te voegen
Kortstondige opslag (30-90 dagen):
Als uw grasmaaier gedurende 30 tot 90 dagen niet wordt gebruikt, dan raden we het volgende aan om brandstofgerelateerde problemen te vermijden:
- Voeg benzinestabilisator toe volgens de instructies van de fabrikant.
Bij het toevoegen van een benzinestabilisator, vul de brandstoftank met verse benzine. Indien slechts gedeeltelijk gevuld is, de lucht in de tank brandstof verslechtering tijdens de opslag te bevorderen.
Opmerking:
- Alle stabiliseringsmiddelen hebben een beperkte houdbaarheid en hun prestatie zal na verloop van tijd vervallen.
-
Brandstofstabilizeringsmiddelen vervangen niet gewone brandstof.
-
Na het toevoegen van een benzine stabilisator laat u de motor gedurende 10 minuten buiten draaien om te verzekeren dat de onbehandelde benzine in het brandstofsysteem is vervangen door de behandelde benzine.
- Draai de brandstofklep naar de DICHT-stand.
- Laat de motor draaien totdat deze stopt door gebrek aan brandstof in het brandstofreservoir van de carburateur. Laat de motor minder dan 3 minuten draaien.
Langdurige opslag (langer dan 90 dagen)
Start de motor en laat hem lang genoeg draaien totdat er geen benzine meer in het brandstofsysteem is (inclusief de brandstoftank). Laat geen benzine in de motor als u de machine langer dan 90 dagen niet gaat gebruiken.
Schade aan de brandstoftoevoer of problemen met de motor doordat u de berging niet zorgvuldig hebt voorbereid, vallen niet onder de garantie.
Olie
Ververs de olie (bladzijde 12).
Cilinder
Als de maaier langer dan 3 maanden niet wordt gebruikt, maakt u de bougie los (zie bladzijde 13) en giet u 5 \~ 10 cc schone olie in de cilinder [1]. Trek langzaam 2 à 3 keer aan het starterkoord om de olie te verspreiden en monteer de bougie.

Trek langzaam aan het
starterkoord totdat u weerstand voelt en breng de handgreep dan met de hand terug. Hierdoor worden de kleppen gesloten zodat er geen vocht in de cilinder kan komen.
De Maaier Opbergen
Als u de maaier in de berging zet terwijl er benzine in de tank en de carburateur zit, is het belangrijk te voorkomen dat benzinedampen kunnen ontbranden. Kies een goed geventileerde bergplaats waar geen apparaten staan die vonken of vuur gebruiken, zoals een geiser, of apparaten met een elektrische ontsteking.
Vermijd zo mogelijk een bergplaats met een hoge luchtvochtigheid waardoor roest en corrosie kunnen optreden.
Zet de maaier altijd met zijn wielen op een horizontaal vlak. Als hij scheef staat kan er benzine of olie uit lekken.
Om ruimte te besparen kunt u de stuurboom neerklappen (bladzijde 16).
Als de motor en de uitlaat zijn afgekoeld dekt u de maaier af tegen stof. Als de motor en de uitlaat heet zijn, kunnen sommige materialen smelten of vlam vatten. Gebruik geen plastic als afdekking; onder een niet-poreuze afdekking kan zich vocht ophopen waardoor roest en corrosie sneller kunnen optreden.
Uit De Berging Halen
Controleer de maaier zoals beschreven in het hoofdstuk VOORDATU GAAT MAAIEN, eerder in deze gebruiksaanwijzing (bladzijde 6).
Als u olie in de cilinder heeft gegoten alvorens de maaier op te bergen, zal de motor na het starten even roken. Dat is normaal.
STORINGZOEKEN
MOTOR START NIET
| Mogelijke oorzaak Oplossing | |
| Brandstofkraan is DICHT Draai brandstofkraan OPEN (bladzijde 5). | |
| Gashendel in verkeerde stand | Zet gashendel op snel (bladzijde 5). |
| Benzine is op | Vul benzine bij (bladzijde 7). |
| Benzine is oud; maaier opgeborgen zonder benzine af te behandelen, of bijgetankt met oude benzine | Vul bij met nieuwe benzine (bladzijde 7). |
| Bougie kapot, vuil of te grote elektrode-afstand | Vervang, ontkool bougie of stel elektrode bij (bladzijde 13). |
| Bougie nat van benzine (verzopen carburateur) | Laat bougie eerst drogen, start motor met gas- hendel op snel. |
| Benzinefilter verstopt, carburateur defect, ontsteking defect, kleppen vast, enz. | Breng de maaier naar de Honda-dealer of raadpleeg werkplaats- handboek. |
VERMOGEN DAALT
| Mogelijke oorzaak Oplossing | |
| Gashendel staat niet op snel | Zet gashendel op snel (bladzijde 5). |
| Het gras is te lang voor de maaihoogte | Vermeerder maaihoogte (bladzijde 8), maai smallere strook (bladzijde 8), of maai vaker. Stel de maaiselrichterknop. |
| Maaidek verstopt | Reinig het maaidek deck (bladzijde 11). |
| Luchtfilter is verstopt Reinig of vervang de luchtfilter (bladzijde 13). | |
| Benzine is oud; maaier opgeborgen zonder benzine af te behandelen, of bijgetankt met oude benzine | Vul bij met nieuwe benzine (bladzijde 7). |
| Benzinefilter verstopt, carburateur defect, ontsteking defect, kleppen vast, enz. | Breng de maaier naar de Honda-dealer of raadpleeg werkplaats- handboek. |
OVERMATIGE TRILLING
| Mogelijke oorzaak Oplossing | |
| Gras en tuinafval onder het maaidek | Reinig het maaidek (bladzijde 11). |
| Mes(stel) los, verbogen, beschadigd, of uit evenwicht na slijpen | Draai losse mesbout(en) vast. Vervang beschadigd mes(stel) (bladzijde 14). |
| Mechanische schade, bijv. verbogen krukas | Breng de maaier naar de Honda-dealer of raadpleeg werkplaats- handboek. |
MAAI- EN VERZAMELPROBLEMEN
| Mogelijke oorzaak | Oplossing |
| Machinesnelheid te laag om goed te kunnen maaien. | Zet gashendel op snel (bladzijde 5). |
| Maaier gaat te snel voor de conditie van het gazon. | Schakel naar lagere versneling (bladzijde 5). |
| Maaihoogtehendels staan niet in dezelfde positie. | Stel alle hendels in op dezelfde maaihoogte (bladzijde 5). |
| Grasvangzak te vol of verstopt. Leeg graszak. Reinig graszak als deze vuil is (bladzijde 15). | |
| Maaidek verstopt | Reinig het maaidek (bladzijde 11). |
| Mes(stel) bot, versleten of beschadigd. | Slijp of vervang mes(stel) (bladzijde 14). |
| Verkeerd mes(stel) gemonteerd Monteer het juiste mes(stel). | |
ONDERDELEN
| Item Onderdeelnummers | |
| Luchtfilter | 17211-Z8B-901 |
| Bougie | 98079-55846 |
| Snijbladen | 72531-VH7-000 (bovenste)72511-VH7-000 (onderste) |
| Bladbout (2) | 90105-960-710 |
| Bout ringetjes (2) | 90502-VG3-000 |
SPECIFICATES
| MODEL | HRX537C5 |
| TYPES | VYE |
| OMSCHRIJVINGSCODE | MAMA |
ALGEMEEN
| Lengte | 1.610 mm |
| Hoogte Stuurboom | 1.073 mm |
| Gewicht (ISO5395) | 43,5 kg |
| Spoorbreedte (voor/achter) | 588 mm |
| Maaibreedte | 530 mm |
| Instelbare maaihoogtes | 19 mm, 32 mm, 46 mm, 62 mm, 75 mm, 88 mm, 101 mm |
| Inhoud grasvangzak | 76 L |
| Geluidsdruk op oorhoogte (overeenkom stig de EN ISO 5395-1:2013) | 85 dB(A) |
| Onzekerheid | 1 dB(A) |
| Gemeten geluidsvermogensniveau (overeenkomstig de richtlijnen 2000/14/EC) | 96 dB(A) |
| Onzekerheid | 1 dB(A) |
| Gewaardborgd geluidsvermogensniveau (overeenkomstig de richtlijnen 2000/14/EC) | 98 dB(A) |
| Trillingen doorgegeven (overeenkom stig de EN ISO 5395-1:2013) | 5.4 m/s^2 |
| Onzekerheid | 2.1 m/s^2 |
MOTOR
| Model | GCV200 |
| Type | Viertakt, éencilinder, verticale schacht |
| Cilinderinhoud | 201 cc |
| Boring x slag | 66 x 59 mm |
| Koeling | Lucht |
| Smering | Dompel/spatsmering |
| Compressieverhouding | 8,0:1 |
| Bedrijfstoerental | 2.850^+0_-10 min ^-1 |
| Stationair toerental | 1.700 ± 150 min ^-1 |
| Nominale kracht | 3.7 kW |
| Ontsteking | Transistor |
| Bougie | NGK: BPR5ES |
| Elektrodenafstand | 0,7 ~ 0,8 mm |
| Luchtfilter | Droogfiltratietype |
| Voorgeschreven brandstof | Octaangehalte 91 of hoger(liefst ongelood) |
| Inhoud benzinetank | 0,91 L |
| Aanbevolen smeerolie | SAE 10W-30, API SJ of soortgelijke |
| Carterinhoud | 0,40 L* Hoeveelheid bij te vullen: 0,35 ~ 0,40 L |
| Koolzuur ( CO_2 ) emissies** | Raadpleeg voor de CO_2 -waarden van deHondamotorwww.honda-motoren-eu.com/co2 |
* Werkelijke hoeveelheid kan verschillen wegens resterende olie in de motor. Gebruik altijd de peilstok om het werkelijke oliepeil te bevestigen (bladzijde 4).
** Deze CO _2 -meting is het resultaat van een test over een vaste testcyclus onder laboratoriumomstandigheden van een (ouder)motor die representatief is voor het motortype (motorfamilie) en houdt geen enkele garantie in voor de prestaties van een bepaalde motor.
OVERBRENGING
| Type | Vloeistofoverbren-ging |
| Wielaandrijving | V-snaar |
| Hoofdkoppeling | Vloeistofkoppeling |
| Voorwaartse snelheid 0 ~ 1 | 64 m/s |
| Aanbevolen vloeistof | 10W-30 |
Honda Garantie Voorwaarden
Wij willen u bedanken voor het kopen van een Honda gazonmaaier.
Honda verleent 2 jaar garantie op uw nieuwe Honda gazonmaaier, gerekend vanaf de aankoopdatum (3 maanden bij professioneel gebruik). Deze garantie dekt de kostebze reparatie van alle voorkomende materiaal- en constructiefouten welke in deze periode aan het licht komen. Deze garantie is een toevoeging op de wettelijke rechten welke u als konsument heeft.
Neem, indien zich met uw maaier een probleem voordoet, kontakt op met het bedrijf waar u de maaier heeft gekocht. Hier kan men u adviseren betreffende de Honda garantievorwaarden en hoe verder te handelen. Breng voor reparatie onder garantie uw maaier naar een officiele Honda gazonmaaierdealer samen met de garantie kaart en het aankoopbewijs.
Er zijn een aantal voorwaarden: Het volgende wordt in ieder geval niet gedekt door de Honda garantie.
-
Enige schade als gevolg van het niet uitvoeren van onderhoud zoals voorgeschreven volgens het onderhoudsschema.
-
Enige schade als gevolg van een reparatie of onderhoud door een niet als Honda dealer aangesteld bedrijf.
-
Enige schade als het gevolg van onoordeelkundig gebruik of gebruik anders als dan aangegeven in de gebruikers handleiding.
-
Enige schade als gevolg van het gebruik van niet orginele onderdelen, het gebruik van niet aanbevolen vloeistoffen of smeermiddelen en niet door Honda goedgekeurde accessores.
-
Enige schade of achteruitgang als gevolg van de natuurlijke veroudering (verkleuring, verdroging enz).
-
Normale consumptie onderdelen: Honda Geeft geen garantie op normale slijtage. Onderstaande onderdelen worden niet gedekt door de garantie, tenzij ze deel uitmaken van een reparatie onder garantie.
- Onderdelen: Bougie, brandstofffilter, luchtfilter, remblokken, koppelingsplaten, banden, wielen, wiellagers, startkoord, kabels, snaren.
- Vloeistoffen: Olie, vet.
-
Reinigen, inspectie, afstellen en ander periodiek onderhoud (karburateur schoonmaken, olie verversen, messen slijpen, afstellen van kabels en V-snaren).
-
Niet door de garantie gedekte kosten, zoals:
- Kompensatie voor verloren tijd, commerciele verliezen of huur voor vervangende apparaten.
- Vervoerskosten van en naar de dealerwerkplaats.
Enige schade als gevolg van blootstelling aan roet of rook, chemische stoffen vogelpoep, zeewater of lucht, zout of enig ander natuurlijk verschijnsel.
| Français.(French)Déclaration CE de Conformité1. Le sous signé, Peter Neckebroeck, de la partdu représentant autorisé, déclare que la machedéont ci-dessous répond à toutes les dispositionsapplicables de* Directive Machine 2006/42/CE* Directive 2014/30/UE sur la compatibilitéeléptomagnétique* Directive 2000/14/CE-2005/88/CE desemissions sonores dans l'environnement dessmatériels destinés à être utilisé à l'extérieur dosbatiments* Directive 2011/65/UE - (UE) 2015/863 relative àla limitation de l'utilisation de certainessubstancas dangereuses dans les équipementsélectriques et électroniques2. Description de la machinaa) Produit : Tondeuse à gazonb) Fonction : couper de l'horbe (tondre)c) Modèle d) Type e) Numéro de série3. Construcéur4. Représentant autorisé et en charge deséditions de documentation techniques5. Riference aux nomies appliquées6. Directive des émissions sonores dansl'environnement des matériels destinés à êtreutilisé à l'extérieur des batimentsa) Puissance accoustique mesuréeb) Puissance accoustique garantiec) Paramètre du bruitd) Procedure d'évaluation de conformitée) Organisme notifié7. Fait à8. Date | Italiano (Italian)Dichiarazione CE di Conformità1. Il sottoscritto, Peter Neckebroeck, in qualità dicrappresentante autorizzato, dichara qui di seguitocha la machina sotto descritta soddisfa tutte ledisposizioni pertinenti delle:* Diretiva machine 2006/42/CE* Diretiva sulla compatibilità eletromagnetica2014/30/UE* Diretiva sulla emissione acustica delle macchine eatrezzature destinate a funzionare all'aperto2000/14/CE-2005/88/CE* Diretiva 2011/65/UE - (UE) 2015/863 sullarestrizione dell'uso di determinate sostanzepericolose nelle apparecchiature elettriche edelettroniche2. Descrizione della macchina) Prodotto : Tosaarbab) Funzione : Taglio di erbac) Modello d) Tipo e) Numero di serie3. Costruttore4. Rappresentante autorizzato e competente per lacomplizione della documentazione tecnica5. Riferimento alle norme applicate6. Direttiva sulla emissione acustica delle macchinac eatrezzature destinate a funzionare all'aportoa) Livello di potenza sonora misuratob) Livello di potenza sonora garantiloc) Parametri emissione acustica6) Procedure di valuazione della conformitàe) Organismo notificado7. Fatto aB. Data | Deutsch (German)EG-Konformitätserklärung1. Der Unterzeichner, Peter Neckebroeck erklärthiermit im Namen der Bevollmächtigten, dassdas hierunter genannte Maschine alieneinschälgigen Bestimmungen der * entspricht.* Maschinenrichtlinie 2006/42/EG* Richtlinie der ElektronmagnetischenKompabitilität 2014/30/EU* Geräuschrichtlinie im Freien 2000/14/EG-2005/88/EG* Richtlinio 2011/65/EU - (EU) 2015/863 zurBeschränkung der Verwendung bestimmtergeffährlicher Stoffe in Elektro- undElektronikgeräten2. Beschnreibung der Maschinea) Produkt : Rasenmäherb) Funktion : Gras schneidenc) Modell d) Typ e) Seriennummer3. Hersteller4. Bevollmächtigter und in der Position, dietechnische Dokumentation zu erstellen5. Verweis auf aufwendbare Standards6. Geräuschrichtlinie im Freiena) gemessene Lautstärkeb) Schalleistungspegelc) Geräuschvorgabe4) Konformilitäsbewertungs Ablaufe) Benannte Stelle7. Ort8. Datum |
| Nederlands (Dutch)EG-verklaring van overeenstemming1. Ondergelekdende, Peter Neckebroeck, in naamvan de gemachligde van de fabrikant, verklaardhierstaat en het honderder besreven van machinebetrofoet aan alle toepasselijke bepalingen vanc)* Richtlijn 2006/42/EG betreffende machines* Richtlijn 2014/30/EU betreffendeelektronmagnetische overeenslemming* Richtlijn 2000/14/EC-2005/88/EC betreffendegeluidemsmasie (openlucht)* Richtlijn 2011/65/EU - (EU) 2015/863betreffende beperking van het gebruik vencbepaalde gevaartlijke stoffen in elektrische enelektronische apparatuur2. Beschrijving van de machinea) Produt : Grasmaalae) Functie : gras maalien) Model d) Type e) Serienummer3. Fabrikant4. Gemachligde van de fabrikant en in staat omde technische documentate samen te stellen5. Referentile voor loegepaste worden6. Geluidsemisierichtijn (openlucht)a) Gemelen geluidsvermogensniveaub) Gewaarborg geluidsvermogensniveau4. Geluidspanameterd) Conformiteitsbeoordelingsproceduree) Aangemeide instantie7. Plaats8. Datum | Dansk (Danish)EF OVERENSTEMMELSEERKLÄRING1. UNDERTEGNEDE, PETER NECKEBROECK, PAVEGNE AFIEN AUTORIZISEREDERREÄSENTANT, ERKLERER HERMED ATMASKINEN, SOMER BESKREYET NEDENFOR.OPFYLDER ALLE RELEVANTE BESTEMMELSERIFÖLGE* MASKINDIREKTIV 2006/42/EF* EMC-DIREKTIV 2014/30/EU* DIREKTIV OM ST3/JEMISITION 2000/14/EF-2005/88/EF* dirktiv 2011/65/EU - (EU) 2015/863 ombegrennsing af anvendelsen af visse farlige stoffer iolektrisk et elektronisk udstyr2. BESKRIVELSE AF PRODUKTETa) Produkt : Prænkelipper2) ANVENDELSE : Cræsklipningc) Model d) TYPE e) SERIENUMMER3. PRODUCENT4. AUTORISERET REPRESENTANT OG I STANDTIL AT UDARBEJDE DEN TEKNISKEDOKUMENTATION5. Hervisning til anvendte standarder6. DIREKTIV OM ST3/JEMISITION FRA MASKINERTIL UDENDÖRS BRUG* MÄLT LYDEFFEKTNIVEAU* GARANTERET LYDEFFEKTNIVEAUC) STÖPARAMETERd) PROCEDURE FOREVERENSSTEMMELSESVURDERINGe) BEMYNDIOET ORCAN7. STEDD 8. DATO | Ελληνικό (Greek)ΕΚ-δημωση σαυμφάρμωση1. Ο καπώθε υπογγερμεμέως, PeterNeckebroeck, εκ μέροχου του εξουσεδομεντουονημπροσμον με το τοσμον δηκλωνη στη τοποροκτον περαγρομμενο έχρηνα ταπροί διές τησμοκτον πραβαρροσμές την* Οδηγία 2006/42/EK για μηνανές* Οδηγία 2014/30/EE για την ηλκυροσμεντικήσυμετότητο* Οδηγία 2000/14/EK-2005/88/EK για το επιτεδοθορόβου στε εξυμπρικούς γώρους* Οδηγία 2011/65/EE - (EE) 2015/863 για τονημπρορισμό της χρησης οροσμενων επικήνδυνωνωνωνων σε ηλεκτρικό και ηλεκτρικό εξοπταμό2. Περιγραφή μηχανήμοτοςa) προλέν : Χλοκοκτικόb) Λεπουργία : για κόμιμο γρασσδιουc) Μοντέλο d) Τύτοςe) Αριθμός σταρός ποσχανυγής3. Κατοσκευστής4. Εφυσιοδομημένος οντημπρόσωτος και είναι σταθεη να καταρικίαν του τοχινικό φεκλο2. Πορατομήτι στα ισχόντα πρότυπα6. Οδηγία επιτεδου Βοράβου εξυμπερικών χώρωνa) Μετρηφίδιας ηχητική ένταση4. Εγυγμημένη χητική ένταση3. Ηηχτηκή παρομετροςd) Διοδίκοσία πατοπολήσηςe) Ορονανομούστηστοπολήσης7. Η δοσμή έντα6. Ημερομηνία |
| Svenska (Swedish)EG-försäkrån om överensstämmelse1. Untertecknad, Peter Neckebroeck, påupdrag av aktoriserad representant, deklaserarhärmod alt maskinen besolviven nedan fulfiljølleralla relevanta bestämmeiser enl• Direktiv 2000/42/EG gällande maskiner* Direktiv 2014/30/EU gallande elektronmagnetikompabilitatie:• Direktiv 2000/14/EG-2005/88/EG gällandebuller utomhus• direktiv 2011/65/EU - (EU) 2015/863 ombegränsning av användning av vassa furligaåmnen i elektrisk och elektronisk utrustning2. Maskinbeskrivninga) Produkt : Gräsklippareb) Funktion : gräsklippingc) Modell d) Typc) Serennummer3. Tilverkare4. Auktoriserad representant och ska kunnamasmanstalla teknisk dokumentationen.5. Referens for tillämpad standard6. Direktiv för buller utomhusa) Uppmätt judniväb) Garanterad judniväc) Buller parameterd) Förfarande för bedömninge) Annämäde organ7. Ulfirdat vd8. Datum | Español (Spanish)Declaración de Conformidad CE1. El abajo firmante, Peter Neckebroeck, enrepresentación del representante autorizado,adjunto declara que la máquina abajo descrla,cumple las cídasulas relevantes de:* Directiva 2006/42/CE de maquinaria* Directiva 2014/30/EU de compatibiladelectromagnética* Directiva 2000/14/CE-2005/88/CE de ruido exterior* Directiva 2011/65/EU - (UE) 2015/863 sobrestriciones a la utilización de determinadasauslanticlas pregrusses en aparatos elecíclicos yelectrónicos2. Descripción de la máquinaa) Producto : Cortadora de céspedb) Funcion : Cortar el céspedc) Modelo d) Typc) Número de serie3. Fabricante4. Representante autorizado que puede compilar elsexpediente técnico5. Referencia a normas aplicadas6. Directiva sobre ruido exteriora) Potencia sonora Mediciab) Potencia sonora Garantizadac) Parámetros ruidod) Procedimiento evaluación conformidade) Organismo notificado7. Realizado en8. Fecha | Română (Romanian)CE - Declaratie de Conformitate1. Subsemnatul Peter Neckebroeck, in numelereprezentantului autorizat, declar prin prezentafactul ca sechipimentului desoris mai josindeplineste toate conditiile necessare din:* Directiva 2006/42/CE privind echipimentul* Directiva 2014/30/EU privind compatilitateselectromagnética* Directiva 2011/65/EU - (UE) 2015/863 privindpipelineale in activizare a anumotor subslantepericuloase In echipamentele electrice sieelectronce2. Descrieras echipamentulu1. Produsul : Masina de tuns larbab) Domeniu de utilizare : tunderea irerbiic) Model d) Tip e) Serie produs3. Productor4. Reprezentant autorizat și abilitat să realizezedocumentaje tehnica5. Referingă la standardele aplicate6. Directiva privind poluarea fonica in spatiuinchisa) Putera acusica masuratab) Putere acusica maxim garantatac) Indice poluare fonicad) Procedura de evaluare a conformatialef) Notificari7. Emisa la8. Data |
1. Lees de gebruikershandleiding voor u deze maaier gebruikt.2. Gevaar voor wegschietende voorwerpen. Houd overige personen uit de buurt tijdens het gebruik van deze maaier.3. Gevaar voor snijwonden. Sneldraaiend mes. Steek uw hand of voet niet in de maakast. Neem de bougiekap van de bougie voor u onderhoud of reparaties aan de machine uitvoert.4. Niet gebruiken uitwerpkoker je of grasopvangbak.