DHP489 - Boor MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DHP489 MAKITA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DHP489 MAKITA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DHP489 - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DHP489 van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING DHP489 MAKITA
- In verband met ononderbroken research en ontwikkeling, behouden wij ons het recht voor de bovenstaande technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
• De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
- Het gewicht kan verschillen afhankelijk van de hulpstukken, waaronder de accu. De lichtste en zwaarste combinatie, overeenkomstig de EPTA-procedure 01/2014, worden getoond in de tabel.
Toepasselijke accu's en laders
| Accu | BL1815N / BL1820B / BL1830B / BL1840B / BL1850B / BL1860B |
| Lader | DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF / DC18SH / DC18WC |
- Sommige van de hierboven vermelde accu's en laders zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.

WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu's en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik eenige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand.
Gebruiksdoeleinden
Het gereedschap is bedoeld voor slagboren in bakstenen, muren en metselwerk. Het is ook geschikt voor schroeven en boren zonder slagwerking in hout, metaal, keramisch materiaal en kunststof.
Geluidsniveau
De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN62841-2-1:
Geluidsdrukniveau ( L_pA ): 84 dB (A)
Geluidsvermogenniveau ( L_WA ): 92 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

WAARSCHUWING: De geluidsemissie tij-ns het gebruik van het elektrisch gereedschap de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het reedschap wordt gebruikt, met name van het port werkstuk waarmee wordt gewerkt.

WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligidsmaatregelen worden getroffen ter beschering van de gebruiker die zijn gebaseerd op en schatting van de blootstelling onder praktomstandigheden (rekening houdend met alle en van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur durende welke het gereedschap is uitgeschaad en stationair draait, naast de ingeschakelde ldsduur).
Trilling
De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN62841-2-1: Gebruikstoepassing: slagboren in steen/cement Trillingsemissie ( a_h,ID ): 9,5 m/s ^2 Onzekerheid (K): 1,5 m/s ^2 Gebruikstoepassing: boren in metaal Trillingsemissie ( a_h,D ): 2,5 m/s ^2 of lager Onzekerheid (K): 1,5 m/s ^2
OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/ kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

WAARSCHUWING: De trillingsemissie tij- ns het gebruik van het elektrisch gereedschap de praktijk kan verschillen van de opgegeven arde(n) afhankelijk van de manier waarop het reedschap wordt gebruikt, met name van het ort werkstuk waarmee wordt gewerkt.

WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheids- atregelen worden getroffen ter bescherming van de ruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de bloot- ling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur urende welke het gereedschap is uitgeschakeld en ionair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).
Verklaringen van conformiteit
Alleen voor Europese landen
De verklaringen van conformiteit zijn bijgevoegd in Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap

WAARSCHUWING: Lees alle veiligheids- arschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en hnische gegevens behorend bij dit elektrische reedschap aandachtig door. Als u niet alle onder- ande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in nd, elektrische schokken en/of ernstig letsel.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).
Veiligheidswaarschuwingen voor een accuklopboor/-schroefmachine
Veiligheidsinstructies voor alle werkzaamheden
- Draag gehoorbescherming tijdens het klopbo-ren. Blootstelling aan het lawaai kan uw gehoor aantasten.
-
Houd het elektrisch gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde handgrepen wanneer de kans bestaat dat het accessoire of de bevestigingsmiddelen in aanraking kunnen komen met verborgen bedrading. Wanneer accessoires of bevestigingsmiddelen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van het elektrisch gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.
-
Zorg ook altijd dat u stevig op een solide bodem staat. Let bij het werken op hoge plaatsen op dat er zich niemand recht onder u bevindt.
-
Houd het gereedschap stevig vast.
-
Houd uw handen uit de buurt van draaiende onderdelen.
-
Laat het gereedschap niet draaiend achter. Schakel het gereedschap alleen in wanneer u het stevig vasthoudt.
-
Raak direct na uw werk het boorbit, het werkstuk of het boorgruis niet aan. Zij kunnen bijzonder heet zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken.
-
Bepaalde materialen kunnen giftige chemicaliën bevatten. Vermijd contact met uw huid en zorg dat u geen stof inademt. Volg de veiligheidsvoorschriften van de fabrikant van het materiaal.
-
Als het boorbit niet kan worden losgemaakt ondanks dat de klauwen geopend zijn, gebruikt u een tang om het eruit te trekken. In dat geval kan met de hand eruit trekken leiden tot letsel vanwege zijn scherpe rand.
-
Verzeker u ervan dat er geen elektriciteitskabels, waterleidingen, gasleidingen, enz. zijn die een gevaarlijke situatie zouden kunnen veroorzaken als ze worden beschadigd door het gebruik van dit gereedschap.
Veiligheidsinstructies bij gebruik van lange boorbits
-
Gebruik nooit op een hoger toerental dan het maximale nominale toerental van het boorbit. Op een hoger toerental zal het bit waarschijnlijk verbuigen als het vrij ronddraait zonder contact met het werkstuk, waardoor persoonlijk letsel kan ontstaan.
-
Begin altijd te boren op een laag toerental en terwijl de punt van het bit contact maakt met het werkstuk. Op een hoger toerental zal het bit waarschijnlijk verbuigen als het vrij ronddraait zonder contact met het werkstuk, waardoor persoonlijk letsel kan ontstaan.
-
Oefen alleen druk uit in een rechte lijn met het bit en oefen geen buitensporige druk uit. Bits kunnen verbuigen waardoor ze kunnen breken of u de controle kunt verliezen, met persoonlijk letsel tot gevolg.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
⚠ WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu
- Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.
- Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
- Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brandwonden en zelfs een ontploffing veroorzaken.
- Als elektrolyt in uw ogen is terechtgekomen, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.
- Voorkom kortsluiting van de accu:
(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal.
(2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spijkers, munten e.d. worden bewaard.
(3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brandwonden, en zelfs defecten. - Bewaar en gebruik het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.
- Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan- neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur.
- Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in, snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp. Dergelijke handelingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
- Gebruik nooit een beschadigde accu.
-
De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoffen.
Voor commercieel transport en dergelijke door derden en transporteurs moeten speciale vereisten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd.
Als voorbereiding van het artikel dat wordt getrans-porteerd is het noodzakelijk een expert op het gebied van gevaarlijke stoffen te raadplegen. Houd u tevens aan mogelijk strengere nationale regelgeving.
Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking. -
Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.
- Gebruik de accu's uitsluitend met de gereedschappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu's worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, buitensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.
- Als u het gereedschap gedurende een lange tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.
- Tijdens en na gebruik, kan de accu heet worden waardoor brandwonden of koude brandwonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu.
- Raak de aansluitpunten van het gereedschap niet onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken.
- Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond vast komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu. Hierdoor kan oververhitting, brand, een barst en een storing in het gereedschap of de accu ontstaan waar- door brandwonden of persoonlijk letsel kunnen ontstaan.
-
Behalve indien gebruik van het gereedschap is toegestaan in de buurt van hoogspanningsleidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.
-
Houd de accu uit de buurt van kinderen.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
LET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu's. Het gebruik van niet-originele accu's, of accu's die zijn gewijzigd, kan ertoe leiden dat de accu ontploft en brand, persoonlijk letsel en schade veroorzaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita.
Tips voor een maximale levensduur van de accu
- Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.
- Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.
- Laad de accu op bij een omgevingstemperatuur tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.
- Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u hem vanaf het gereedschap of de lader.
- Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.
BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES
ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren.
De accu aanbrengen en verwijderen
▲LET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
ALET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt.
▶ Fig.1: 1. Rood deel 2. Knop 3. Accu
Om de accu te verwijderen verschuift u de knop aan de voorkant van de accu en schuift u tegelijkertijd de accu uit het gereedschap.
Om de accu aan te brengen lijnt u de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats. Steek de accu zo ver mogelijk in het gereedschap tot u een klikgeluid hoort. Wanneer het rode deel zichtbaar is, zoals aangegeven in de afbeelding, is de accu niet geheel vergrendeld.
⚠ LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.
ALET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk in het gereedschap kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht.
De resterende acculading controleren
Alleen voor accu's met indicatorlampjes
▶ Fig.2: 1. Indicatorlampjes 2. Testknop
Druk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. De indicatorlampjes branden gedurende enkele seconden.
| Indicatorlampjes Resterende | acculading | ||
| Brandt Uit | Knippert | ||
| 75% tot 100% | |||
| 50% tot 75% | |||
| 25% tot 50% | |||
| 0% tot 25% | |||
| Laad de accu op. | |||
| Er kan een storing zijn opgetreden in de accu. | |||
OPMERKING: Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden en de omgevingstemperatuur, is het mogelijk dat de aangegeven acculading verschilt van de werkelijke acculading.
OPMERKING: Het eerste (meest linker) indicator-lampje knippert wanneer het accubeveiligingssysteem in werking is getreden.
Gereedschap-/accubeveiligingssysteem
Het gereedschap is uitgerust met een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Dit systeem schakelt automatisch de voeding uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch stoppen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:
Overbelastingsbeveiliging
Deze beveiliging treedt in werking wanneer het gereedschap/de accu wordt gebruikt op een manier waarop een abnormaal hoge stroomsterkte wordt getrokken. In die situatie schakelt u het gereedschap uit en stopt u de toepassing die ertoe leidde dat het gereedschap overbelast raakte. Schakel vervolgens het gereedschap in om het weer te starten.
Oververhittingsbeveiliging
Deze beveiliging treedt in werking wanneer het gereedschap of de accu oververhit is. In die situatie laat u het gereedschap en de accu eerst afkoelen voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt.
Beveiliging tegen te ver ontladen
Deze beveiliging treedt in werking wanneer de resterende acculading laag wordt. In die situatie verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en laadt u de accu op.
Beveiliging tegen andere oorzaken
Het beveiligingssysteem is ook ontworpen voor andere oorzaken die het gereedschap kunnen beschadigen, en zorgt ervoor dat het gereedschap automatisch stopt. Voer alle volgende stappen uit om de oorzaken op te heffen, wanneer het gereedschap tijdelijk is onderbroken of tijdens het gebruik is gestopt.
- Schakel het gereedschap uit en schakel het daarna weer in om het opnieuw te starten.
- Laad de accu('s) op of vervang hem/ze door (een) opgeladen accu('s).
- Laat het gereedschap en de accu('s) afkoelen.
Als geen verbetering optreedt nadat het beveiligings- systeem is gereset, neemt u contact op met uw lokale Makita-servicecentrum.
De trekkerschakelaar gebruiken
ALET OP: Alvorens de accu in het gereedschap te plaatsen, moet u altijd controleren of de trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand "OFF".
▶ Fig.3: 1. Trekkerschakelaar
Om het gereedschap te starten, knijpt u gewoon de trekkerschakelaar in. Hoe harder u de trekkerschakelaar inknijpt, hoe sneller het gereedschap draait. Laat de trekkerschakelaar los om het gereedschap te stoppen.
OPMERKING: Het gereedschap stopt automatisch wanneer u de trekkerschakelaar gedurende ongeveer 6 minuten ingeknepen houdt.
Elektrische rem
Dit gereedschap is voorzien van een elektrische rem. Als het gereedschap continu niet snel stilstaat nadat de trekkerschakelaar is losgelaten, laat u het gereedschap onderhouden door een Makita-servicecentrum.
De lamp op de voorkant gebruiken
⚠ LET OP: Kijk niet direct in het lamplicht of in de lichtbron.
▶ Fig.4: 1. Lamp
Knijp de trekkerschakelaar in om de lamp in te schakelen. De lamp blijft branden zo lang de trekkerschakelaar wordt ingeknepen. Ongeveer 10 seconden nadat u de trekkerschakelaar hebt losgelaten, gaat de lamp uit.
OPMERKING: Wanneer het gereedschap oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en begint de lamp te knipperen. Laat in dat geval de trekkerschakelaar los. De lamp gaat na één minuut uit.
OPMERKING: Gebruik een droge doek om vuil van de lens van de lamp af te vegen. Wees voorzichtig dat u de lens van de lamp niet bekrast omdat dan de verlichting minder wordt.
Werking van de omkeerschakelaar
ALET OP: Controleer altijd de draairichting alvorens het gereedschap te gebruiken.
⚠LET OP: Verander de stand van de omkeerschakelaar alleen nadat het gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Als u de draairichting verandert terwijl het gereedschap nog draait, kan het gereedschap beschadigd raken.
ALET OP: Zet de omkeerschakelaar altijd in de neutrale stand wanneer u het gereedschap niet gebruikt.
▶ Fig.5: 1. Omkeerschakelaar
Dit gereedschap heeft een omkeerschakelaar voor het veranderen van de draairichting. Druk de omkeerschakelaar in vanaf kant A voor de draairichting rechtsom, of vanaf kant B voor de draairichting linksom.
Wanneer de omkeerschakelaar in de neutrale stand staat, kan de trekkerschakelaar niet worden ingeknepen.
Snelheidskeuze
ALET OP: Zet de snelheidskeuzeknop altijd volledig in de juiste stand. Als u het gereedschap gebruikt met de snelheidskeuzeknop halverwege tussen de standen "1" en "2", kan het gereedschap beschadigd worden.
⚠ LET OP: Verander de instelling van de snel-heidskeuzeknop niet terwijl het gereedschap draait. Het gereedschap kan hierdoor worden beschadigd.
▶ Fig.6: 1. Snelheidskeuzeknop
| Afgebeeld nummer | Snelheid Koppel Toepassing | |
| 1 Laag Hoog Zware | belasting | |
| 2 Hoog Laag Lichte | belasting | |
Als u de snelheid wilt veranderen, schakelt u eerst het gereedschap uit. Verschuif de snelheidskeuzeknop om "2" af te beelden voor een hoge draaisnelheid of "1" voor een lage draaisnelheid. Verzeker u ervan dat de snelheidskeuzeknop in de juiste stand staat voordat u het gereedschap bedient.
Als de draaisnelheid van het gereedschap tijdens gebruik sterk daalt in stand "2", verschuift u de knop zodat "1" wordt afgebeeld en hervat u de bediening.
Instelring
U kunt de werkingsfunctie kiezen en het draaikoppel instellen met behulp van de instelring.
De werkingsfunctie kiezen
▶ Fig.7: 1. Instelring 2. Markering 3. Pijlteken Dit gereedschap heeft drie werkingsfuncties.
| Boorfunctie (alleen draaien) | |
| Klopboorfunctie (draaien met kloppen) | |
| 1 - 21 Schroevendraaierfunctie | (draaien met koppeling) |
Selecteer de functie die geschikt is voor uw werkzaamheden. Draai de instelring en lijn de markering van de gewenste functie uit met het pijlteken op het gereedschapshuis.
KENNISGEVING: Zorg dat de ring precies staat ingesteld op de gewenste functiemarkering. Als u het gereedschap gebruikt met de ring halverwege tussen de functiemarkeringen, kan het gereedschap beschadigd worden.
KENNISGEVING: Verander de werkingsfunctie niet terwijl het gereedschap draait.
KENNISGEVING: Als het moeilijk is om de instelring te draaien, schakelt u het gereedschap gedurende een seconde in zodat het ronddraait, en schakelt u vervolgens het gereedschap uit. Draai daarna de instelring naar de stand voor de gewenste functie.
Het aandraaikoppel instellen
▶ Fig.8: 1. Instelring 2. Markering (koppelaanduiding 1 - 21) 3. Pijlteken
Door de instelring te draaien, kan het draaikoppel worden ingesteld op 21 niveaus. Lijn de koppelaanduiding uit met het pijlteken op het gereedschapshuis. Voor het minimumaandraaikoppel kiest u 1 en voor het maximumaandraaikoppel kiest u 21.
Alvorens met het eigenlijke werk te beginnen, draait u eerst een testschroef in uw werkstuk of een stuk identiek materiaal, om te bepalen welk aandraaikoppel het meest geschikt is voor een bepaalde toepassing.
| Koppelaanduiding | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | |
| Kolomschroef M4 M5 M6 | ||||||||||||||||||||||
| Houtschroef | Zachthout (bijv. naaldhout) | - | 3,5 × 22 | 4,1 × 38 | - | |||||||||||||||||
| Hardhout (bijv. meranti) | - | 3,5 × 22 | 4,1 × 38 | - | ||||||||||||||||||
OPMERKING: De instelring wordt niet vergrendeld wanneer het pijlteken tussen twee koppelaanduidingen in staat.
MONTAGE
ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren.
Het schroefbit/boorbit aanbrengen of verwijderen
Optioneel accessoire
Draai de klembus linksom los om de klauwen van de spankop te openen. Steek het schroefbit/boorbit zo ver mogelijk in de spankop. Draai de klembus rechtsom om het bit in de spankop vast te klemmen. Om het schroef-bit/boorbit te verwijderen, draait u de klembus linksom.
De zijhandgreep (hulphandgreep) aanbrengen
Optioneel accessoire
▶ Fig.10: 1. Zijhandgreep 2. Uitsteeksel 3. Groef 4. Arm
Bij gebruik onder zwaardere belasting, kunt u met behulp van de zijhandgreep het gereedschap stabieler houden.
Breng de zijhandgreep zodanig aan dat de uitsteeksels op de arm in de groef in de schacht van het gereedschap vallen. Draai de zijhandgreep rechtsom om hem te bevestigen. De zijhandgreep kan onder de gewenste hoek worden vastgezet.
Afhankelijk van uw toepassing kan de zijhandgreep aan de linker- of rechterkant van het gereedschap worden gemonteerd.
Verstelbare dieptegeleider
Optioneel accessoire
▶ Fig.11: 1. Dieptegeleider 2. Klemschroef
De verstelbare dieptegeleider is nuttig voor het boren van gaten van gelijke diepte. Draai de klemschroef los, stel de dieptegeleider in de gewenste stand en draai daarna de klemschroef vast.
De haak aanbrengen
⚠ WAARSCHUWING: Gebruik de opgang-/ bevestigingsmiddelen alleen waarvoor ze bedoeld zijn, d.w.z. ophangen aan een gereedschapsgordel tussen werkzaamheden of tijdens pauzes.
⚠ WAARSCHUWING: Wees voorzichtig dat de haak niet overbelast wordt aangezien een te hoge kracht of onregelmatige overbelasting kan leiden tot beschadiging van het gereedschap met persoonlijk letsel tot gevolg.
ALET OP: Als u de haak aanbrengt, bevestigt u deze altijd stevig met de schroef. Als u dit niet doet, kan de haak losraken en tot persoonlijk letsel leiden.
⚠ LET OP: Verzeker u ervan dat het gereedschap veilig hangt voordat u het loslaat. Door onzorgvuldig of ongebalanceerd ophangen kan het gereedschap eraf vallen en persoonlijk letsel worden veroorzaakt.
▶ Fig.12: 1. Gleuf 2. Haak 3. Schroef
De haak is handig om het gereedschap tijdelijk op te hangen. De haak kan aan iedere zijkant van het gereedschap worden bevestigd. Om de haak te bevestigen, steekt u deze in een gleuf op een zijkant en zet u hem vast met de schroef. Om de haak eraf te halen, draait u de schroef los en haalt u de haak eraf.
Het gat gebruiken
⚠ WAARSCHUWING: Gebruik het ophanggat nooit voor iets waar het niet voor bedoeld is, bijvoorbeeld om het gereedschap mee vast te binden op een hoge plaats. Stuikdruk in een zwaar belast gat kan het gat beschadigen, waardoor letsel kan ontstaan bij u of mensen rondom of onder u.
▶ Fig.13: 1. Ophanggat
Gebruik het ophanggat achteraan de onderkant van het gereedschap om het gereedschap aan een muur te han-gen met behulp van een ophangkoord of soortgelijk touw.
De schroefbithouder aanbrengen
Optioneel accessoire
Pas de schroefbithouder op de uitstekende nok aan de voet van het gereedschapshuis, links of rechts naar keuze, en zet de bithouder vast met een schroef. Wanneer u het schroefbit niet gebruikt, kunt u het in de schroefbithouders opbergen. Schroefbits van 45 mm lengte kunnen hier worden bewaard.
BEDIENING
ALET OP: Wanneer de snelheid sterk afneemt, verlaagt u de belasting of stopt u het gereedschap om te voorkomen dat het gereedschap wordt beschadigd.
Houd het gereedschap stevig vast met één hand aan de handgreep en de andere aan de onderkant van de accu om wringkrachten goed te kunnen beheersen.
▶ Fig.15
KENNISGEVING: Bedek de ventilatieopeningen niet omdat anders het gereedschap oververhit en beschadigd kan raken.
Gebruik als schroevendraaier
ALET OP: Stel de koppelinstelring in op het juiste koppel voor uw werkstuk.
ALET OP: Zorg dat het schroefbit recht in de schroefkop steekt, anders kunnen de schroef en/of het schroefbit beschadigd worden.
Draai eerst de instelring zodat het pijlteken op het gereedschapshuis naar het juiste draaikoppelniveau (1 - 21) wijst.
Plaats de punt van het schroefbit in de schroefkop en oefen wat druk uit op het gereedschap. Start het gereedschap langzaam en verhoog dan geleidelijk de snelheid. Zodra de koppeling aangrijpt, laat u de trekkerschakelaar onmiddellijk los.
OPMERKING: Voor het vastdraaien van houtschroeven dient u een boorgat van 2/3 de diameter van de schroef voor te boren. Dit vergemakkelijkt het vastdraaien en voorkomt dat het werkstuk kan splijten.
Gebruik als klopboor
ALET OP: Op het moment dat het boorgat doorbreekt, het boorgat verstopt raakt met schilfertjes of metaaldeeltjes, of de klopboor de bewapening in het steen raakt, wordt een plotselinge en enorme torsiekracht uitgeoefend op het gereedschap/boorbit.
Draai eerst de instelring zodat het pijlteken op het gereedschapshuis naar de markering wijst. Gebruik vooral een boorbit met een hardmetalen punt. Plaats de punt van het boorbit op de plaats waar u een gat wilt boren en knijp dan de trekkerschakelaar in. Forceer het gereedschap niet. Een lichte druk geeft de beste resultaten. Houd het gereedschap zorgvuldig op zijn plaats en zorg dat het niet uit het boorgat raakt. Oefen niet méér druk uit wanneer het boorgat verstopt raakt met schilfertjes of boorgruis. Laat daarentegen het gereedschap "stationair" draaien en trek het boorbit gedeeltelijk terug uit het boorgat. Door dit enkele malen te herhalen, kunt u het boorgat gruisvrij maken, zodat u het normale boren kunt hervatten.
Luchtblazer
Optioneel accessoire
▶ Fig.17: 1. Luchtblazer
Nadat het gat geboord is, gebruikt u het luchtblazer om het stof uit het gat te blazen.
Gebruik als boormachine
ALET OP: Het boren zal niet sneller verlopen als u hard op het gereedschap drukt. In feite zal dergelijk hard drukken alleen maar leiden tot beschadiging van het boorbit, lagere prestaties van het gereedschap en een kortere levensduur van het gereedschap.
LET OP: Houd het gereedschap stevig vast en let vooral goed op wanneer het boorbit door het werkstuk heen breekt. Op het moment dat het boorgat doorbreekt wordt een enorme wringende kracht uitgeoefend op het gereedschap/boorbit.
ALET OP: Een vastgelopen boorbit kan eenvoudig verwijderd worden door de draairichting te veranderen met de omkeerschakelaar, om zo het boorbit eruit te draaien. Houd het gereedschap daarbij wel stevig vast, want er is kans op een plotselinge terugslag.
ALET OP: Zet het werkstuk altijd vast in een bankschroef of soortgelijke klemvoorziening.
ALET OP: Als het gereedschap continu wordt bediend totdat de accu leeg is, laat u het gereedschap gedurende 15 minuten liggen alvorens verder te werken met een volle accu.
Draai eerst de instelring zodat het pijlteken naar de markering wijst. Ga daarna als volgt te werk.
Boren in hout
Bij het boren in hout verkrijgt u de beste resultaten met houtboortjes voorzien van een geleideschroefpunt. Deze geleideschroefpunt vergemakkelijkt het boren, door het boorbit het werkstuk in te trekken.
Boren in metaal
Om te voorkomen dat het boorbit bij het begin van het boren zijdelings wegglijdt, maakt u met een hamer en een centerpons een putje precies op de plaats waar u wilt boren. Plaats dan de punt van het boorbit in het putje en begin met boren.
Gebruik bij het boren in metaal een smeermiddel. Uitzonderingen hierbij zijn ijzer en koper, die droog geboord moeten worden.
ONDERHOUD
ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie.
KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt.
Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijd met gebruik van Makita-vervangingsonderdelen.
ALET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat het gevaar van persoonlijke letsel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.
Wenst u meer bijzonderheden over deze accessoires, neem dan contact op met het plaatselijke Makita-servicecentrum.
- Boorbits
- Schroefbits
• Schroefbithouder - Luchtblazer
Haak - Zijhandgreep
• Dieptegeleider
• Rubber rugschijf compleet
• Wollen polijstschijf
• Schuimrubber polijstschijf
- Originele Makita accu's en acculaders
OPMERKING: Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Deze kunnen van land tot land verschillen.
ESPECIFICACIONES