DL-230L - Meetinstrumenten VOLTCRAFT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DL-230L VOLTCRAFT in PDF-formaat.
| Producttype | Luxmeter-datalogger |
| Merk / Model | Voltcraft DL-230L |
| Meetbereik | 0 tot 40 000 lux/fc |
| Resolutie | 1 lux/fc (tot 9999), 10 lux/fc (daarboven) |
| Nauwkeurigheid | <10.000 lux: ±(3% + 10 eenheden); ≥10.000 lux: ±(10% + 10 eenheden) |
| Intern geheugen | 31.320 meetwaarden |
| Opname-interval | 10 seconden tot 24 uur, configureerbaar |
| Display | LCD-scherm met 4.000 punten en achtergrondverlichting |
| Interface | USB 2.0 (USB-stekker) |
| Beschermingsgraad | IP65 (met USB-beschermkap) |
| Voeding | 1 lithium knoopcel CR2450 van 3 V |
| Stroomverbruik | Ongeveer 40 μA in bedrijf |
| Gewicht | Ongeveer 53 g |
| Bedrijfsomstandigheden | +5 tot +40 °C, <80% RV zonder condensatie |
| Opslagomstandigheden | -10 tot +60 °C, <70% RV zonder condensatie |
| Hoofdfuncties | Verlichtingsmeting, automatische registratie, PDF/CSV-rapporten, LED-alarmen, meerdere start/stop-modi |
| Configuratie | Online via website of Voltsoft-software (CD meegeleverd) |
| Inhoud van de verpakking | Datalogger met USB-kap, CR2450-batterij, CD (handleiding + software), veiligheidsinstructies |
| Onderhoud en reiniging | Reinigen met een licht vochtige antistatische doek; vervang de batterij wanneer het symbool verschijnt; jaarlijkse kalibratie aanbevolen |
| Veiligheid | IP65, niet gebruiken in explosieve omgeving, sterke magnetische velden vermijden, volg de instructies in de handleiding |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Batterij CR2450 (ref. 652028); reparaties door erkende technicus |
Veelgestelde vragen - DL-230L VOLTCRAFT
Gebruikersvragen over DL-230L VOLTCRAFT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Meetinstrumenten in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DL-230L - VOLTCRAFT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DL-230L van het merk VOLTCRAFT.
GEBRUIKSAANWIJZING DL-230L VOLTCRAFT
NL Gebruiksaanwijzing
Datalogger Lux DL-230L
Bestelnr. 1931527 Pagina 96 - 126
Seite
- Inleiding 98
- Verklaring van de symbolen....98
- Doelmatig gebruik....99
- Leveringsomvang 99
- Veiligheidsinstructies ....100
- Overzicht van de onderdelen 101
- Aanduidingen en symbolen op het display 102
- LED-statusindicatoren 104
- Voor het eerste gebruik....104
a) Verwijder de beschermfolie ....104
b) De batterij plaatsen....104
- Ingebruikname....105
a) USB-beschermkap 105
b) Sluit de datalogger met de computer aan....105
c) Datalogger van de computer verwijderen....105
- Configuratie door software....106
a) Software installeren....106
b) Het configuratiebestand maken....107
- Online configuratie via website....107
a) Configuratie-interface - overzicht....107
b) Meting - basisinstellingen 108
c) Meting - alarminstellingen....109
d) Opties PDF-rapport 110
e) Opslagopties....110
f) Maken/bewaren van het configuratiebestand.... 111
g) Ovebrengen van het configuratiebestand naar de datalogger 111
h) Controleren van de configuratie-instellingen 111
- Bedrijfsmodi en indicatoren op de datalogger 112
a) Bedrijfsmodi en instellingen....112
b) Indicatoren op het LC-display.... 115
- Gegevens registreren 117
a) Voorbereiding 117
b) Functiemenu oproepen.... 117
c) Starten van de opname 117
d) Opname stoppen....117
e) Weergave van de resterende tijd tot het starten/stoppen van de opname.... 118
f) Activeren/deactiveren van de pauzefunctie van het limietalarm.... 118
g) Weergave van de min./max gemeten waarden 119
- Rapport maken 120
a) PDF-rapport....120
b) CSV-rapport....120
-
Gegevens wissen 121
-
Firmware updaten....121
-
Naar de fabrieksinstellingen terugzetten 122
-
Reiniging en onderhoud....122
a) Algemeen 122
b) Reiniging....122
c) Plaatsen en vervangen van de batterij....122
- Verwijdering 124
a) Product....124
b) Batterijen/accu's 124
-
Verhelpen van storingen....125
-
Technische gegevens 126
1. Inleiding
Geachte klant,
Met dit Voltcraft®-product hebt u een hele goede beslissing genomen, waarvoor we u van harte willen bedanken.
U hebt een hoogwaardig product uit de merkenfamilie gekocht dat zich onderscheidt op het gebied van de meet-, laad- en netwerktechnologieën door hun buitengewone vakkundigheid en permanente innovatie.
Met Voltcraft® kan zowel de kieskeurige hobbyist als de professionele gebruiker zelfs de moeilijkste taken probleem-loos uitvoeren. Voltcraft® biedt u betrouwbare technologie met een uitstekende prijs-kwaliteitsverhouding.
We zijn ervan overtuigd: uw keuze voor Voltcraft ® is tegelijkertijd het begin van zowel een langdurige als prettige samenwerking.
Veel plezier met uw nieuwe Voltcraft®-product!
Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk.
Voor meer informative kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be
2. Verklaring van symbolen

Het symbool met een uitroepteken in een driehoek duidt op belangrijke aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing die beslist opgevolgd moeten worden.

U ziet het pijl-symbool waar bijzondere tips en aanwijzingen over de bediening worden gegeven.

Dit apparaat is CE-conform en voldoet aan de noodzakelijke nationale en Europese richtlijnen.
3. Voorgeschreven gebruik
De datalogger maakt de meting van de verlichtingssterkte in de meeteenheid Lux of Footcandle (Fc) mogelijk. Het interne geheugen kan tot 31320 metingen automatisch opslaan. De apparaatconfiguratie, zoals geheugeninterval of verschillende startmodi kunnen online worden geprogrammeerd via een webgebaseerde gebruikersinterface. Een software-installatie is hier niet nodig. Als er geen online verbinding beschikbaar is, kan de configuratie ook worden uitgevoerd met behulp van de bijgevoegde standaardsoftware.
Het meetbereik is 0 - 40000 lux/Fc. Het datalogger-interval kan worden ingesteld van 10 seconden tot 24 uur. Een LC-display geeft de huidige gemeten waarde weer.
De datalogger wordt bediend met een in de handel verkrijgbare lithium-knoopbatterij van 3 V (type CR2450). Gebruik het apparaat alleen met het aangegeven batterijtype.
Het product wordt verbonden met een computer zoals een standaard verwijderbare USB-schijf en wordt daar gelezen. Het stelt automatisch een grafisch rapport in PDF-formaat op en een tabelrapport in CSV-formaat.
Metingen in explosiegevaarlijke gebieden (Ex) zijn niet toegestaan. Het apparaat is stofdicht en waterbestendig (IP65) met een USB-beschermkap.
Elk ander gebruik dan hierboven beschreven zal het product beschadigen en kan andere gevaren met zich meebrengen, zoals kortsluiting, brand, elektrische schok enz. Het gehele product mag niet worden gewijzigd of worden omgebouwd!
Lees de gebruiksaanwijzing goed door en bewaar deze om later nogmaals te kunnen raadplegen.
De veiligheidsrichtlijnen dienen altijd in acht te worden genomen!
4. Leveringsomvang
• Datalogger met USB-beschermkap
• 3 V lithium-knoopbatterij CR2450
- Veiligheidsinstructies
- CD met gebruikershandleiding en standaardsoftware
Actuele gebruiksaanwijzingen
Download de actuele gebruiksaanwijzingen via de link www.conrad.com/downloads of scan ze met behulp van de afgebeelde QR-code. Volg de aanwijzingen op de website.


Lees de gebruiksaanwijzing voor gebruik zorgvuldig door. Deze bevat belangrijke informatie voor een juist gebruik van het product.
In geval van schade die ontstaat door het niet naleven van de gebruiksaanwijzing komt de waarborg/garantie te vervallen! We zijn niet aansprakelijk voor gevolgschade!
Wij zijn niet aansprakelijk voor materiële schade of persoonlijk letsel veroorzaakt door verkeerd gebruik of het niet opvolgen van de veiligheidsinstructies! In dergelijke gevallen komt de waarborg/garantie te vervallen.
- Het apparaat heeft de fabriek in een technisch veilige- en perfect werkende toestand verlaten.
- Volg de in deze gebruiksaanwijzing opgenomen veiligheidsinstructies en waarschuwingen op om het apparaat in deze conditie houden en om te zorgen voor een veilig gebruik ervan!
- Om redenen van veiligheid en goedkeuring is het eigenmachtig ombouwen en/of wijzigen van het apparaat niet toegestaan.
- Raadpleeg een expert wanneer u twijfelt over het juiste gebruik, de veiligheid of het aansluiten van het apparaat.
- Meetinstrumenten en toebehoren zijn geen speelgoed en moeten uit de buurt van kinderen worden gehouden!
- Neem in industriële omgevingen de Arbo-voorschriften met betrekking tot het voorkomen van ongevallen in acht.
- In scholen en opleidingsinstituten, hobby- en werkplaatsen, evenals bij mensen met beperkte lichamelijke en geestelijke vaardigheden moet werken met meetapparatuur gebeuren onder toezicht van daartoe opgeleid personeel.
- Gebruik het product niet in de directe omgeving van sterke magnetische of elektromagnetische velden, zendmasten of HF-generatoren. De gemeten waarde kan daardoor onjuist zijn.
- Het product is alleen stof- en waterdicht met een goed bevestigde beschermkap en een volledig gesloten behuizing en kan zowel binnen als buiten worden gebruikt. De datalogger mag niet worden gebruikt met een open batterijcompartiment of zonder beschermkap.
- Behandel het product met zorg. Schokken, botsingen of zelfs een val van een beperkte hoogte kan het product beschadigen.
- Indien aangenomen kan worden dat veilig gebruik niet meer mogelijk is, dient het apparaat uitgeschakeld en tegen onbedoeld gebruik beveiligd te worden. Men dient ervan uit te gaan dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is als:
- het apparaat zichtbaar beschadigd is,
- het apparaat niet langer werkt en
- gedurende een langere periode onder ongunstige omstandigheden opgeborgen is geweest of
- tijdens het vervoer aan een aanzienlijke belasting onderhevig is geweest.
- Zet het meetinstrument nooit onmiddellijk aan nadat het van een koude naar een warme ruimte is gebracht. De condens die hierbij wordt gevormd kan het apparaat onder bepaalde omstandigheden onherstelbaar beschadigen. Laat het instrument zonder het in te schakelen op omgevingstemperatuur komen.
- Laat het verpakkingsmateriaal niet achteloos rondslingeren; dit kan voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn.
- Neem ook de veiligheidsinstructies in de afzonderlijke hoofdstukken in acht.
6. Overzicht van de onderdelen


1 Lichtsensor
2 Rood LED-indicatorlampje
3 Groen LED-indicatorlampje
4 Geïntegreerd batterijcompartiment
5 Meetscherm (LC-display)
6 Functietoets "DOWN"
7 Toets voor ontgrendeling van batterijcompartiment
8 Functietoets "ENTER"
9 Rubberen afdichting voor batterijcompartiment
10 Rubberen afdichting voor USB-beschermkap
11 USB-stekker
12 USB-beschermkap
7. Aanduidingen en symbolen op het display
De volgende symbolen en informatie worden weergegeven op het display (5). Hier vindt u de lijst en de betekenis ervan:
| Symbool Betekenis | |
![]() | Statusindicator: De gemeten waarden liggen binnen de limieten die zijn ingesteld in de configuratie. |
| Er is geen bovenste/onderste alarmgrens ingesteld. | |
![]() | Waarschuwingsindicator: De gemeten waarden overschrijden de limieten die zijn ingesteld in de configuratie. |
![]() | De opname is gestopt. |
![]() | Opname loopt. |
![]() | De opname is gestopt. |
![]() | Het apparaat is klaar voor opname: Het apparaat is geconfigureerd en de opname is nog niet gestart. De indicator verdwijnt zodra de datalogger opneemt. |
![]() | Batterijsymbool: Volledige batterijcapaciteit |
![]() | Batterijsymbool: Voldoende batterijcapaciteit |
![]() | Batterijsymbool: Batterij bijna leeg, vervang de batterij |
| Lux | SI-eenheid van verlichtingssterkte |
| Fc | Empirische eenheid van verlichting (Footcandle) |
| x10 | Vermenigvuldiger x10 |
| ID | Logger ID |
| MAX | Grootste gemeten waarde |
| MIN | Kleinste gemeten waarde |
| USB | Verbonden met de computer. |
| USB PDF | Verbonden met de computer en genereren van het PDF-rapport. |
| PAUSE | Geeft weer dat de functie voor pauze is ingeschakeld voor het limietalarm. |
| MODE START | Geeft weer dat de opstartmodus is geselecteerd. Verschijnt voordat de opname start. |
| MODE STOP | Geeft weer dat de stopmodus is geselecteerd. Verschijnt voordat de opname eindigt. |
| TIME START | Geeft de resterende tijd weer voordat de opname start. |
TIME STOP![]() | Geeft de resterende tijd weer tot het einde van de opname.Klaar om met de opname te starten, waarbij u de toets “ENTER” (8) enkele seconden ingedrukt houdt. (Selecteer in de configuratie “begintoestand opname”: “Begin door op een toets te drukken”) |
![]() | De opname kan gestopt worden, door de toets “ENTER” (8) gedurende enkele seconden ingedrukt te houden. (Selecteer in de configuratie het “Voorwaarde voor einde opname”: “Stop-toets”) |
![]() | Klaar om de grenswaarde-pauzefunctie te activeren, door de toets “ENTER” (8) gedurende enkele seconden ingedrukt te houden. |
![]() | Klaar om de grenswaarde-pauzefunctie te deactiveren, door de toets “ENTER” (8) gedurende enkele seconden ingedrukt te houden. |
| [42T7] | Dagen, eenheid voor de resterende tijd. (Als de resterende tijd korter is dan één dag, wordt de resterende tijd weergegeven in UU:MM-formaat.) |
![]() | Klaar om de firmware te upgraden. |
![]() | Meetfout |
| De meetwaarden liggen buiten het meetbereik. | |
![]() | Configuratiefout. Er is een fout opgetreden tijdens de configuratie. Herhaal de configuratie. |
8. LED-statusindicatoren
De status van het apparaat wordt weergegeven via twee LED-indicatoren. De LED's bevinden zich boven het display (2 en 3). Hier vindt u de weergave en de betekenis ervan.
| LED-indicator Betekenis | |
| De groene LED (3) knippert. De gemeten | waarde(n) liggen binnen de geconfigureerde boven- en onderalarmgrenzen. |
| De rode LED (2) knippert. Het geheugen is vol. | |
| De rode LED (2) brandt continu. De datalogger maakt een PDF-rapport aan. | |
| De groene LED (3) knippert tweemaal. De configuratie was succesvol. | |
| Geen LED brandt. Het LED-alarm werd gedeactiveerd tijdens de configuratie. | |
9. Voor het eerste gebruik
a) Verwijder de beschermfolie
- Het display is voor transport beschermd tegen krassen met een dunne beschermende folie. Verwijder de beschermende folie voordat u de datalogger in gebruik neemt.
b) De batterij plaatsen
- Bij de eerste ingebruikname moet de bijgevoegde batterij in de datalogger worden geplaatst. De installatie van de batterij wordt in detail uitgelegd in het hoofdstuk "Reiniging en onderhoud".
10. Ingebruikname
a) USB-beschermkap

De datalogger is alleen stof- en waterdicht, als de USB-beschermkap (12) is bevestigd. Houd de twee rubberen afdichtingen (9, 10) altijd schoon om een goede afdichtingsfunctie te garanderen. Deze bescherming maakt continue opnamen mogelijk in vochtige ruimtes en buitenshuis.
- Verwijder de USB-beschermkap (12) alleen bij het vervangen van de batterij of het aansluiten van de datalogger op een computer.
- Verwijder de USB-beschermkap door deze uit de datalogger te verwijderen. De USB-beschermkap zit relatief vast dankzij de rubberen afdichting (10).
- Plaats de USB-beschermkap weer vast op de datalogger.
b) Sluit de datalogger met de computer aan
- Verwijder de USB-beschermkap (12) van de datalogger.
- Verbind de datalogger met een vrije USB-poort op uw computer. Gebruik indien mogelijk een USB-verlengkabel (niet meegeleverd), om mechanische belasting van de USB-poort te voorkomen. Het lezen van de datalogger-display wordt ook vergemakkelijkt.
- De computer detecteert nieuwe hardware. Het modeltype van uw datalogger verschijnt als een verwijderbare gegevensopslag op uw computer.

In de meetmodus kan de hardware detectie maximaal 2 minuten duren, omdat na het invoegen de automatische rapportcreatie begint ("USB PDF" wordt weergegeven). Daarna wordt de logger op de computer aangemeld.
c) Datalogger van de computer verwijderen
- Log de datalogger uit vanaf uw computersysteem. Verwijder de datalogger van de USB-poort.
- Plaats de USB-beschermkap op de datalogger.
11. Configuratie door software
Nadat u de batterij hebt geplaatst, configureert u de datalogger via software of online via de website. Voor online configuratie is geen software-installatie vereist.
Selecteer tijdens het configureren opnameparameters zoals bemonsteringsfrequentie, starttijd, opnametijd, pauzefunctie, LED-flitsinterval, LC-weergave activeren/deactiveren en PDF-rapportinstellingen.

De configuratiebepalingen en -opdrachten kunnen per software en website verschillen.
De volgende instructies en verklaringen zijn gebaseerd op de voorwaarden en opdrachten van de configuratiewebsite.
a) Software installeren
- Plaats de software-CD in de DVD-drive van uw computer.
- De installatie begint automatisch. Als dat niet het geval is, gaat u naar de map van uw dvd-drive en opent u het installatiebestand "autorun.exe".
- Selecteer de gewenste taal.
- Volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien. Afhankelijk van uw besturingssysteem is mogelijk opnieuw opstarten vereist.
- Raadpleeg de handleiding van de software op de cd voor meer informatie (hoofdstuk 3).
- De bijgevoegde software is de Voltsoft-standaardversie. De professionele versie (Voltsoft Datalogger, artikelnr. 101333) is een los verkrijgbaar optioneel accessoire. Als u de professionele versie koopt, ontvangt u een licentiesleutel die de standaardversie ontgrendelt. Volg de stappen in de gebruikershandleiding van Voltsoft om te registreren en te upgraden naar de professionele versie.
Overzicht van de softwarefuncties (x = beschikbaar, - = niet beschikbaar)
| Functies Norm Professional | ||
| Gebruikersbeheer - x | ||
| E-mailbeheer - x | ||
| Algemene instellingen x x | ||
| Taalinstellingen x x | ||
| E-mailsjabloon - x | ||
| Apparaatbeheer (toevoegen/verwijderen) | x x | |
| Aangepaste grafiek | - x |
b) Het configuratiebestand maken
- Verbind de datalogger met uw computer.
- Start de Voltsoft-software en volg de instructies in de softwarehandleiding (hoofdstuk 6 - selecteer uw ondersteunde apparaat).
- Nadat u het configuratiebestand hebt gemaakt, slaat u het lokaal op uw computer op en kopieert u het bestand naar de datalogger.
- Ontkoppel de datalogger van uw computer.
12. Online configuratie via website
Nadat u de batterij hebt geplaatst, configureert u de datalogger via software of online via de website. Voor online configuratie is geen software-installatie vereist.
Selecteer tijdens het configureren opnameparameters zoals bemonsteringsfrequentie, starttijd, opnametijd, pauzefunctie, LED-flitsinterval, LC-weergave activeren/deactiveren en PDF-rapportinstellingen.
Er zijn 3 manieren om de configuratie-website te openen:
- Open www.conrad.com in een browser en navigeer naar de productpagina met behulp van het artikelnummer van de datalogger (1931527). Klik op de link naar de configuratiepagina om deze te openen.
- Open het volgende internetadres in een internetbrowser: http://datalogger.voltcraft.com/ConfigBuilder/index.jsp
- Verbind de datalogger met uw computer en wacht, totdat deze als een verwisselbare schijf werd geregistreerd. Open de drive van de datalogger op uw computer. Klik op de link "Configuration Website.html", om deze te openen.
a) Configuratie-interface - overzicht
De configuratie-interface kan in drie gebieden worden verdeeld.
Algemene instellingen:
Rechtsboven wordt de taal ingesteld via de vlaggen van het land. Klik op de vlag van uw land om over te schakelen naar de landstaal.
Daaronder is het modeltype geselecteerd. Selecteer het type "DL-230L" in de lijst en klik erop.
Meting
In dit gebied zijn alle basisinstellingen en opnameparameters voor de datalogger geselecteerd.
Opties PDF-gebied
In dit gebied kunnen alle parameters voor PDF-rapportage worden ingevoerd.
Opslagopties
De drie onderste selectievakjes "configuratie maken", "laadinstelling" en "standaard" kunnen worden gebruikt om de configuraties op te slaan, te laden of opnieuw in te stellen naar de standaardwaarden.
b) Meting - basisinstellingen
| Logger-ID (000 ~ 9999) De | logger-ID is een viercijferige ID. Voer een getal in tussen 0000 en 9999 in, bijvoorbeeld 0014.Gebruik verschillende logger-ID's om bijvoorbeeld dataloggers met verschillende configuratiebestanden voor verschillende doeleinden te identificeren. |
| Voorwaarden voor opnamestart | Selecteer een van de volgende opties om aan te geven wanneer de datalogger met de opname start. Elke optie heeft een standaard stopinstelling. |
| "Onmiddellijk, totdat het geheugen vol is"De datalogger start onmiddellijk de opname totdat het geheugen vol is. | |
| "Start door een druk op een toets"De datalogger start de opname wanneer u de toets "ENTER" (8) gedurende enkele seconden ingedrukt houdt. De datalogger stopt de opname wanneer het geheugen vol is. | |
| "Start bij starttijd"De datalogger start de opname op een specifieke datum en tijd totdat het geheugen vol is. | |
| "Start-/eindtijd"De datalogger start en stopt de opname op een specifieke datum en tijd. | |
| "Continu loggen"De datalogger start de opname onmiddellijk en neemt in een lus op. De meest recente gegevens overschrijven de oudste gegevensDe opname/Het loggen wordt gestopt zodra de batterij leeg is of de configuratie is vervangen door een andere "voorwaarde" | |
| Voorwaarden voor het einde van de opname | Selecteer een van de volgende opties om aan te geven wanneer de datalogger stopt met de opname. |
| "Geen"Er werd geen voorwaarde om te stoppen vastgelegd. De datalogger stopt de opname op basis van de instelling "voorwaarden voor opnamestart". | |
| "Stop-toets"De datalogger stopt de opname, wanneer u de toets "ENTER" (8) gedurende enkele seconden ingedrukt houdt. | |
| "Na het maken van de PDF"De datalogger stopt de opname wanneer het PDF-rapport wordt gegenereerd. | |
| Starttijd Definieer de datum | en tijd waarop de opname moet beginnen. |
| Eindtijd Definieer de datum | en tijd waarop de opname moet stoppen. |
| Start-vertraging in minuten | Definieer de vertraging om onmiddellijk met de opname te beginnen. |
| Bemonsteringsfrequentie | Bepaal hoe vaak de datalogger metingen moet uitvoeren en gegevens moet opslaan (10 seconden tot 24 uur).→ Als u de datalogger bij extreem lage temperaturen gebruikt, selecteert u een langere bemonsteringsfrequentie om het stroomverbruik te verminderen en de levensduur van de batterij te verlengen. |
| Opnameduur Deze waarde | wordt automatisch berekend op basis van de bemonsteringsfrequentie en kan niet door de gebruiker worden gewijzigd. |
| LED knipperinterval Selecteer | hoe snel de LED-indicatorlampjes (2, 3) moeten knipperen. Selecteer een interval van 5, 10, 15, 20, 25 of 30 seconden. |
| Display activeren Schakel het | het selectievakje uit om het LC-display uit te schakelen of schakel het selectievakje in om het LC-display in te schakelen.→ Als u de datalogger bij extreem lage temperaturen gebruikt, selecteert u een langere bemonsteringsfrequentie om het stroomverbruik te verminderen en de levensduur van de batterij te verlengen. |
c) Meting - alarminstellingen
| LED-alarm activeren Het LED | D-alarm geeft aan wanneer een meting buiten het opgegeven bereik valt.Als u het LED-alarm wilt deactiveren, verwijdert u het vinkje in het selectievakje.Als u het LED-alarm wilt activeren, plaatst u het vinkje in het selectievakje.→ Als u de datalogger gebruikt bij extreem lage temperaturen, schakelt u het LED-alarm uit om het stroomverbruik te verminderen en de levensduur van de batterij te verlengen. |
| Pauzefunctie limietwaarde | Tijdens het opnemen kan het alarmlimiet worden uitgezet.Selecteer “Activeren” of “Deactiveren”.De pauzefunctie stopt de opname niet. |
| Verlichtingssterkte Als dit selec | lectievakje is ingeschakeld, kan een waarde voor het verlichtingsniveau worden ingevoerd in de velden “Low alarm” en “High alarm”. De eenheid kan ook worden gekozen (Lux/Fc) |
| Low alarm Lage alarmwaarde | voor de verlichtingssterkte |
| High alarm Hoog alarmwaarde | voor de verlichtingssterkte |
d) Opties PDF-rapport
| Taal Selecteer de taal uit het selectievak waarin het PDF-rapport moet worden weer-gegeven. | |
| PDF-bestandsnaam | Klik op “naam invoeren”, om het patroon voor de bestandsnaam te definiëren. Hier kunt u de inhoudsvelden en de volgorde van de latere bestandsnaam opgeven.Druk op “verwijderen”, om alle huidige elementen te verwijderen. Het veld “bestandsnaam” is weer leeg.Selecteer de juiste elementen in de gewenste volgorde (eigenaar/serienummer/modelnaam/datum/tijd/locatie).Er kunnen maximaal 6 elementen worden geselecteerd. De geselecteerde elementen verschijnen in het veld “bestandsnaam”.Als u het patroon voor de bestandsnaam wilt opslaan en dit venster wilt sluiten, drukt u op het sluitsymbool “x” in de rechterbovenhoek. |
| Datumformaat Selecteer het gewenste datumformaat uit het menu.TT = dag, MM = maand, JJJJ = jaar | |
| Tijdformaat Selecteer tussen het formaat 12 uur of 24 uur. | |
| Eigenaar (max 32 tekens) Voer de naam van de eigenaar/gebruiker in. | |
| Locatie(maximaal 32 tekens) | Voer de naam van de locatie in, zoals de naam van de locatie waar u gaat meten. |
| Rapportnaam(max. 40 tekens) | Voer een rapportnaam in die in het PDF-rapport wordt weergegeven. |
| Gebruikerstekst(max. 40 tekens) | Voer indien nodig opmerkingen of aanvullende informatie in. |
e) Opslagopties
| Configuratie aanmaken Maak het configuratiebestand aan, sla het op uw computer op en installeer het op de datalogger.Voor verdere instructies zie “f) Configuratiebestand aanmaken/opslaan” en “g) Het configuratiebestand overbrengen naar de datalogger”. | |
| Instellingen laden | Laad een eerder configuratiebestand - indien aanwezig - om de details van dit bestand op de webpagina te bekijken.-- Een nieuw venster verschijnt. -- Selecteer een configuratiebestand dat u eerder hebt gemaakt en opgeslagen op de computer. |
| Norm De instellingen naar de standaardwaarden en -instellingen terugzetten. | |
f) Maken/bewaren van het configuratiebestand
- Na het voltooien van de configuratie-instellingen, selecteert u "configuratie maken" om het configuratiebestand op uw computer op te slaan.
- Er verschijnt een nieuw venster om de naam van het configuratiebestand te wijzigen. De standaardnaam is "Set-Log". Wijzig zo nodig de naam van het bestand.
- Bevestig de bestandsnaam door op "configuratie maken" klikken. Uw configuratiebestand wordt in het downloadgebied op uw computer opgeslagen.
g) Ovebrengen van het configuratiebestand naar de datalogger
- Verwijder de USB-beschermkap van de datalogger.
- Verbind de datalogger met uw computer en wacht tot de datalogger wordt herkend als een verwisselbare schijf.
- Sleep het configuratiebestand van de downloadmap van uw computer naar de map van de datalogger om de configuratie te voltooien.
- De groene LED-indicator (3) knippert tweemaal, als het configuratiebestand met succes is geïnstalleerd op de datalogger.
- Als de datalogger is geconfigureerd, koppelt u deze los van uw computer.
h) Controleren van de configuratie-instellingen
- De opstartmodus is gebaseerd op de configuratie-instelling "voorwaarden voor opnamestart".
- U kunt controleren welke startmodus actief is, door het bestaande configuratiebestand in de webinterface te laden, het PDF-rapport te bekijken of door het functiemenu van de datalogger op te roepen.
- De stopmodus is gebaseerd op de configuratie van de "voorwaarde voor einde opname".
- U kunt controleren welke stopmodus actief is, door het bestaande configuratiebestand in de webinterface te laden of door het functiemenu van de datalogger op te roepen.
- Voor verdere instructies over het oproepen van het functiemenu, zie hoofdstuk "14 b) Functiemenu oproepen."
13. Bedrijfsmodi en indicatoren op de datalogger
a) Bedrijfsmodi en instellingen
Om de configuratie wat eenvoudiger te maken, zijn hier 13 algemene bedieningsmodi weergegeven. Om de volgende configuratie-instellingen uit te voeren, zie hoofdstuk "12 b) Meting – basisinstellingen".
Modus 1
| Functie De opname start onmiddellijk.De opname stopt wanneer het geheugen vol is. | |
| Instelling | • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Onmiddellijk, totdat het geheugen vol is” |
Modus 2
| Functie De opname start onmiddellijk.De opname stopt wanneer de toets “ENTER” (8) enkele seconden ingedrukt wordt. | |
| Instelling | Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Onmiddellijk, totdat het geheugen vol is”Selecteer als “voorwaarde voor einde opname”: “Stop-toets” |
Modus 3
| Functie De opname start onmiddellijk.De opname stopt na het maken van het PDF-rapport. | |
| Instelling | Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Onmiddellijk, totdat het geheugen vol is”Selecteer als “voorwaarde voor einde opname”: “Na het maken van de PDF” |
Modus 4
| Functie | Die opname start wanneer de toets “ENTER” (8) voor enkele seconden ingedrukt wordt. De opname stopt wanneer het geheugen vol is. |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Start door een druk op een toets” | |
Modus 5
| Functie | De opname start en stopt wanneer de toets “ENTER” (8) voor enkele seconden ingedrukt wordt. |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Start door een druk op een toets”• Selecteer als “voorwaarde voor einde opname”: “Stop-toets” | |
Modus 6
| Functie | Die opname start wanneer de toets “ENTER” (8) voor enkele seconden ingedrukt wordt. De opname stopt na het maken van het PDF-rapport. |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Start door een druk op een toets”• Selecteer als “voorwaarde voor einde opname”: “Na het maken van de PDF” | |
Modus 7
| Functie De opname start op het opgegeven tijdstip.De opname stopt wanneer het geheugen vol is. | |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Start bij starttijd”• Definieer de datum en tijd om de opname in het veld “starttijd” te starten. |
Modus 8
| Functie De opname start op het opgegeven tijdstip.De opname stopt wanneer de toets “ENTER” (8) enkele seconden ingedrukt wordt. | |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Start bij starttijd”• Definieer de datum en tijd om de opname in het veld “starttijd” te starten.• Selecteer als “voorwaarde voor einde opname”: “Stop-toets” |
Modus 9
| Functie De opname start op het opgegeven tijdstip.De opname stopt na het maken van het PDF-rapport. | |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Start bij starttijd”• Definieer de datum en tijd om de opname in het veld “starttijd” te starten.• Selecteer als “voorwaarde voor einde opname”: “Na het maken van de PDF” |
Modus 10
| Functie De opname start en stopt op het opgegeven tijdstip. | |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Start-/eindtijd”• Definieer de datum en tijd om de opname in het veld “starttijd” te starten.• Definieer de datum en tijd om te stoppen met de opname in het veld “eindtijd”. |
Modus 11
| Functie De gegevens worden onmiddellijk en in een eindeloze lus vastgelegd.De opname stopt zodra de batterij leeg is of de configuratie wordt vervangen door een andere “voorwaarde van start opname”. |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Continu loggen” |
Modus 12
| Functie De gegevens worden onmiddellijk en in een eindeloze lus vastgelegd.Als u een extra stopmodus wilt, selecteert u: De opname stopt wanneer de toets “ENTER” (8) enkele seconden ingedrukt wordt. |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Continu loggen”• Selecteer als “voorwaarde voor einde opname”: “Stop-toets” |
Modus 13
| Functie De gegevens worden onmiddellijk en in een eindeloze lus vastgelegd.Als u een extra stopmodus wilt, selecteert u: De opname stopt na het maken van het PDF-rapport. |
| Instelling • Selecteer als “voorwaarde voor opnamestart”: “Continu loggen”• Selecteer als “voorwaarde voor einde opname”: "Na het maken van de PDF |
→ Voor de modi 1 tot en met 13 kunt u extra functies gebruiken om de starttijd van de opname te vertragen. Voer tijdens de configuratie "startvertraging in minuten" een waarde in.
b) Indicatoren op het LC-display
- Sommige instellingen hebben geen indicatoren op het LC-display. Om de instellingen te controleren, zie hoofdstuk "12 h) Controleren van de configuratie-instellingen".
- Als er geen weergave is of als de datalogger de opname start/stopt, wordt de laatste meting weergegeven op het display.

| Modus Startmodus Stopmodus Opmerkingen | |||
| 1 Geen weergave Niet van toepassing Wanneer het geheugen vol is, knippert de rodeLED (2). | |||
2 Geen weergave Stop de opname door ER" (8) enkele seconden ingedrukt te houden. | |||
| 3 Geen weergave Geen weergave | |||
4 Niet van toep het geheugen vol is, knippert de rodeLED (2).Start de opname door de toets "ENTER" (8) enkele seconden ingedrukt te houden | |||
5 Start en stop de toets ![]() | enkele seconden ingedrukt te houden. | ||
| 6 Geen weergave Start de opname door de toets "ENTER" (8) enkele seconden ingedrukt te houden. | |||
7 Niet van toep het geheugen vol is, knippert de rodeLED (2). | |||
8 Stop de opna s "ENTE ![]() | seconden ingedrukt te houden. | ||
| 9 Geen weerga | ![]() | ||
| 10 | ![]() | ![]() | |
| 11 Geen weergave Niet van toepassing | |||
12 Geen weergave Stop de opname do ![]() | "ER" (8) enkele seconden ingedrukt te houden. | ||
| 13 Geen weergave Geen weergave | |||
| "Startvertraging in minuten" | |||
![]() | Afhankelijk van modus 1 - 13 | ||
14. Gegevens registreren

De datalogger is alleen stof- en waterdicht als de USB-beschermkap (12) en de rubberen afdichtingen (9, 10) zijn bevestigd. Deze bescherming maakt continue opnamen mogelijk in vochtige ruimtes en buitenshuis.
Controleer voor gebruik of de USB-beschermkap stevig op de datalogger is bevestigd en de behui- zing volledig is gesloten.
Niet in water onderdompelen!
Vermijd de werking in de buurt van sterke magnetische velden.
a) Voorbereiding
- Zorg ervoor dat de rubberen afdichtingen in de juiste positie staan en dat de kap stevig op de datalogger zit. Plaats de datalogger op de bedoelde locatie. Plaats de datalogger met de lichtsensor (1) zo, dat deze zich in een hoek van 90° ten opzichte van de lichtbron bevindt. Houd een veilige afstand tot hete lichtbronnen. Door het opwarmen van de datalogger kan een meetfout zich voordoen (zie technische gegevens, arbeidsomstandigheden).
- De beschermkap moet worden verwijderd om de batterij te plaatsen/te vervangen of om de opgeslagen gegevens op een computer te lezen. Verwijder de beschermkap van het apparaat.
- Plaats de beschermkap stevig op de datalogger voordat u de volgende opname maakt.
b) Functiemenu oproepen
- Om naar het functiemenu te gaan, drukt u op de toets "DOWN" (6).
- Door herhaaldelijk op de toets "DOWN" (6) te drukken, wordt achtereenvolgens de laatst geregistreerde meting, de logger-ID en de start/stop-modus die tijdens de configuratie is geselecteerd, weergegeven.
c) Starten van de opname
- De opname start afhankelijk van de configuratie voor "voorwaarden voor opnamestart".
- Wanneer de datalogger de opname start, verschijnt " 10p het LC-display (5).
- "P" geeft weer dat de datalogger gereed is voor opname; het dooft zodra de datalogger opneemt.
d) Opname stoppen
- De opname stopt afhankelijk van de configuratie voor "voorwaarden voor einde opname".
- Wanneer als voorwaarden voor einde opname "geen" geselecteerd wordt, stopt indien nodig de opname gebaseerd op de instelling "voorwaarden voor opnamestart".
- Wanneer de datalogger de opname stopt, verschijnt "■p het LC-display (5).
e) Weergave van de resterende tijd tot het starten/stoppen van de opname
- Druk op de toets "DOWN" (6), om het functiemenu op te roepen.
- Druk op de toets "DOWN" (6) meermaals, tot "TIME START" of "TIME STOP" en de resterende tijd (in uren/ minuten of dagen) wordt weergegeven op het LC-display.
Tijdsperioden onder de 24 uur worden weergegeven in UU: MM-formaat.
Als de resterende tijd langer is dan 24 uur, wordt deze in dagen weergegeven: "d.

- Zodra de opname start/stopt, wordt de laatste meting weergegeven op het display.
- Druk op de toets "DOWN" (6), om terug te keren naar het functiemenu.
f) Activeren/deactiveren van de pauzefunctie van het limietalarm
Om de pauzefunctie van het limietalarm tijdens de opname te activeren/deactiveren, moet het alarm voor de limietwaarde worden geactiveerd tijdens de configuratie "12 c) meeting - alarminstellingen").
![]() | Toets “ENTER” (8)lang indrukken→pauze in | ![]() |
![]() | Toets “ENTER” (8)lang indrukken→pauze uit | ![]() |
Activeer/deactiveer de grenswaarde-pauzefunctie door de toets "ENTER" (8) enkele seconden ingedrukt te houden.
Zodra de pauzefunctie van het alarm wordt geactiveerd/gedeactiveerd, wordt de laatste meting op het display weergegeven.

Opgenomen waarden worden zoals gebruikelijk weergegeven wanneer de pauzefunctie is ingeschakeld in de grafiek van het rapport. In de afbeelding wordt echter duidelijk weergegeven wanneer en hoelang de pauzefunctie is geactiveerd.
Als de grenswaarde-pauzefunctie is geactiveerd tijdens de opname, wordt er geen waarschuwing weergegeven " of " . De LED-alarmstatus, de minimum- en maximumwaarden worden niet bijgewerkt.
g) Weergave van de min./max gemeten waarden
![]() | Toets “ENTER” (8)kort indrukken→ | ![]() | Toets “ENTER” (8)kort indrukken→ | ![]() |
- Druk op de toets "ENTER" (8) om de leesmodus voor de maximum- en minimumwaarden op te roepen.
- Druk op de toets "ENTER" (8), om te wisselen tussen maximale en minimale waarden in de geselecteerde opname en terug te keren naar de normale meter. Elke keer dat u op de toets drukt, schakelt het display over.
→ "MAX" geeft de hoogste waarde en "MIN" de laagste waarde weer.
De hoogste en laagste metingen worden geregistreerd vanaf het moment dat de opname werd gestart.
Voor de laatste gemeten waarden controleert en actualiseert de logger de waarde op het display, tenzij de grenswaar-de-pauzefunctie geactiveerd werd.
De hoogste en laagste waarden worden niet langer bijgewerkt als het apparaat de opname stopt.
15. Rapport maken
a) PDF-rapport
Het PDF-rapport bevat algemene informatie van het apparaat, datalogger-instellingen, alarmstatus, min/max.-waarden en een grafiek die de gemeten waarden gedurende de geregistreerde tijd weergeeft.
- Verbind de datalogger met uw computer.
- Er wordt automatisch een PDF-rapport gemaakt. De rode LED (2) licht op en het LC-display (5) geeft "USB PDF" weer. Koppel de datalogger gedurende deze tijd niet los van uw computer.
- Nadat het PDF-bestand met succes is gemaakt, verdwijnt "PDF" van het LC-display (5). "USB" blijft op het LC-display staan. Nadat de rapporten zijn gemaakt, wordt de datalogger door de computer herkend als een verwisselbare schijf.
- Open de drive van de datalogger op uw computer.
- Selecteer en open het PDF-bestand.
- Het PDF-rapport bevat algemene informatie over het apparaat, datalogger-instellingen, alarmstatus en een grafiek die de gemeten waarden tijdens de geregistreerde tijd weergeeft.
- Sla het PDF-bestand op uw computer op en sluit het bestand.
- Ontkoppel de datalogger van uw computer.
→ Afhankelijk van het aantal opgeslagen metingen kan het maken van het PDF-bestand ongeveer 30 seconden duren.
Het PDF-rapport toont alleen de hoogste en laagste waarden tijdens de opname (niet tijdens de pauzefunctie).
b) CSV-rapport
In het CSV-rapport worden alle gemeten waarden getabelleerd getoond tijdens de opname. Uit deze gegevens kunnen verschillende evaluaties en protocollen worden gemaakt met tabelprogramma's. Het CSV-rapport wordt op hetzelfde moment gemaakt als het PDF-rapport. De werkwijze is identiek aan het maken van het PDF-rapport.
16. Gegevens wissen
Maak en sla het PDF-rapport op, voordat u gemeten gegevens indien nodig verwijdert.
Het verwijderen van gegevens heeft geen invloed op de configuratie-instellingen.
- Houd de toetsen "DOWN" (6) en "ENTER" (8) ingedrukt en verbind de datalogger met uw computer. OP het LC-display wordt "USB" weergegeven. Alle gegevens zijn gewist.
- Laat beide toetsen los. De datalogger wordt herkend als een verwisselbare schijf.
- De datalogger-map op uw computer is leeg, wat betekent dat alle gegevens met succes zijn verwijderd. Ontkoppel de datalogger van uw computer.
Druk op de toets "DOWN" (6) meermaals, tot de viercijferige logger-ID en "ID" op het display weergegeven worden.
Houd de toets "ENTER" (8) ingedrukt, tot de viercijferige Logger-ID door "up" is vervangen.

- Verbind de datalogger met uw computer.
- Sleep de firmware van de datalogger naar uw computer.
- De logger start de upgrade. Gedurende deze tijd zal de datalogger tijdelijk niet worden weergegeven als een verwisselbare schijf. Koppel de datalogger niet los van uw computer!
- Zodra de datalogger weer als een verwisselbare schijf verschijnt, is de upgrade voltooid. De groene LED-indicator knippert twee keer.
- Koppel het apparaat los van uw computer.
De firmwareversie van de datalogger kan worden gecontroleerd in de linkerbenedenhoek van het PDF-rapport.
18. Naar de fabrieksinstellingen terugzetten

Terugzetten naar fabrieksinstellingen wist alle eerder gedefinieerde configuratie-instellingen. Dit heeft geen invloed op de opgeslagen meetwaarden. De gemeten waarden worden behouden.
- Verwijder de batterij zoals beschreven in hoofdstuk "19 c) plaatsen en vervangen van de batterij".
- Houd de toets "DOWN" (6) ingedrukt en verbind de datalogger met uw computer. Zodra de groene LED (3) oplicht, laat u de toets "DOWN" (6) los.
- Wacht een paar minuten tot de computer de datalogger als een verwisselbare schijf herkent. De datalogger wordt teruggezet naar fabrieksinstellingen.
- Configureer de datalogger zoals beschreven in hoofdstuk "11. of 12. Configuratie".
19. Reiniging en onderhoud
a) Algemeen
Om de nauwkeurigheid van de datalogger over een langere periode te garanderen, moet deze eenmaal per jaar worden gekalibreerd.
Het product is, behalve een regelmatige reiniging en het vervangen van de batterijen, onderhoudsvrij.
Voor instructies over hoe de batterijen te vervangen, zie hieronder.

Controleer regelmatig de technische veiligheid van het apparaat – b.v. op schade aan de behuizing of beknelling, etc.
b) Reiniging
Gebruik voor de reiniging geen schurende reinigingsmiddelen, benzine, alcohol of dergelijke. Daardoor wordt het oppervlak van het meetinstrument aangetast. De dampen zijn bovendien schadelijk voor de gezondheid en explosief. Gebruik voor de reiniging ook geen scherp gereedschap zoals schroevendraaiers of staalborstels e.d.
Voor de reiniging van het instrument of het display dient u een schone, pluisvrije, antistatische en licht vochtige schoonmaakdoek te gebruiken. Laat het apparaat compleet drogen voordat u het voor de volgende meting gebruikt.
c) Plaatsen en vervangen van de batterij
Voor het gebruik van de meter is een lithiumbatterij van 3 V van het type CR2450 vereist. Bij eerste inbedrijfstelling of wanneer het symbool voor het vervangen van de batterij "☐" verschijnt op het display, moet er een nieuwe, volle batterij worden geplaatst.

Als de batterij wordt vervangen, worden geen gegevens of instellingen gewist.
Ga voor het plaatsen of vervangen van de batterij als volgt te werk:
- Verwijder de beschermkap (12) van de datalogger.
- Houd de ontgrendelknop van het batterijcompartiment (7) ingedrukt en trek de logger-eenheid voorzichtig uit de behuizing. De logger-eenheid zit relatief stevig in de behuizing vanwege de tweede rubberen afdichting (9).
- Draai de logger-eenheid om. Het batterijcompartiment (4) bevindt zich aan de achterkant van de logger-eenheid. Raak het display niet aan, want er is geen beschermhoes over.
- Vervang de verbruikte batterij door een nieuwe van hetzelfde type. Plaats de nieuwe batterij (CR2450) in het batterijcompartiment met de juiste polariteit. Let op de polariteitsaanduiding in het batterijvak. De pluspool van de batterij moet naar buiten wijzen. Het plaatsen van de batterij zal gemakkelijker zijn als u de batterij voor het eerst in de zijkant van het batterijcompartiment plaatst waar het zijcontact is geplaatst.
- Duw de logger-eenheid terug in de juiste richting in de behuizing. Zorg ervoor dat het LC-display overeenkomt met het venster van de behuizing. Sluit de behuizing voorzichtig opnieuw tot de logger-eenheid inschakelt.
- Plaats de beschermkap terug op de datalogger.

Laat geen lege batterijen in het meetapparaat zitten. Zelfs lekbestendige batterijen kunnen gaan roesten, waardoor er chemicaliën uit kunnen lekken die schadelijk zijn voor de gezondheid en het apparaat kunnen beschadigen.
Laat batterijen niet achteloos rondslingeren. Deze kunnen door kinderen of huisdieren worden ingeslikt. Raadpleeg onmiddellijk een arts als er een batterij is ingeslikt.
Haal om lekkage te voorkomen de batterijen uit het apparaat wanneer het langere tijd niet wordt gebruikt.
Lekkende of beschadigde batterijen kunnen chemische brandwonden veroorzaken als deze met uw huid in aanraking komen. Draag daarom geschikte handschoenen als u dergelijke batterijen aanraakt.
Zorg ervoor dat batterijen niet worden kortgesloten. Gooi batterijen niet in het vuur.
Normale batterijen mogen niet opgeladen of uit elkaar gehaald worden. Er bestaat brand- of explosiegevaar.
→ U ontvangt een geschikte lithium-knoopcelbatterij onder het volgende bestelnummer: Bestelnr. 652028 (gelieve 1x te bestellen).
20. Verwijdering
a) Product

Elektronische apparaten zijn recyclebare stoffen en horen niet bij het huisvuil. Als het product niet meer werkt, moet u het volgens de geldende wettelijke bepalingen voor afvalverwerking inleveren. Verwijder batterijen/accu's die mogelijk in het apparaat zitten en gooi ze afzonderlijk van het product weg.
b) Batterijen/accu's

U bent als eindverbruiker volgens de KCA-voorschriften wettelijk verplicht alle lege batterijen en accu's in te leveren; verwijdering via het huisvuil is niet toegestaan.
Batterijen/accu's die schadelijke stoffen bevatten, zijn gemarkeerd met nevenstaand symbool. Deze mogen niet via het huisvuil worden afgevoerd. Deze mogen niet via het huisvuil worden afgevoerd. De aanduidingen voor irriterend werkende, zware metalen zijn: Cd = cadmium, Hg = kwik, Pb = lood (de aanduiding staat op de batterijen/accu's bijv. onder het links afgebeelde vuilnisbaksymbool).
U kunt verbruikte batterijen/accu's gratis bij de verzamelpunten van uw gemeente, onze filialen of overal waar batterijen/accu's worden verkocht, afgeven.
Zo vervult u uw wettelijke verplichtingen en draagt u bij tot de bescherming van het milieu.
21. Verhelpen van storingen
Met de datalogger hebt u een product gekocht dat is gebouwd volgens de nieuwste technologie en betrouwbaar is.
Er kunnen zich echter problemen of storingen voordoen.
Raadpleeg daarom de volgende informatie over de manier waarop u eventuele problemen zelf gemakkelijk op kunt lossen:
| Storing Mogelijke oplossing | |
| De computer detecteert de data-logger niet. | Controleer na de aansluiting of “USB” op de datalogger wordt weergegeven. Als dit niet het geval is, sluit u deze aan op een andere USB-aansluiting. |
| Controleer of de functie voor verbruik van de USB-verwisselbare schijf op uw computer is geactiveerd. | |
| Er is geen PDF-bestand gemaakt. | Controleer of de datalogger door uw computer is gedetecteerd. |
| Controleer of uw computer de datalogger als een verwisselbare schijf weergeeft. | |
| Controleer of de logger een firmware-update uitvoert. | |
| Onrealistische informatie op het LC-display. | Zet de datalogger terug naar fabrieksinstellingen |
| De toetsen ENTER/DOWN reageren niet, alhoewel ze werden ingedrukt. | |
| Het LC-display is uitgeschakeld. | Controleer of het LC-display tijdens de configuratie was gedeactiveerd |
| Vervang de batterij. | |
| Geen LED-alarm. Controleer of het L | ED-alarm was gedeactiveerd in het configuratiebestand |
| Controleer of het alarm was gestopt (hoofdstuk “De pauzefunctie van het limietalarm activeren/deactiveren”) |

Alle reparaties die hier niet beschreven worden, mogen alleen door een erkende deskundige worden uitgevoerd. Aarzel niet om contact op te nemen met onze technische dienst als u vragen hebt over de werking van het meetinstrument.
Bescherming....IP65 stofdicht en beschermd tegen waterstralen
(met bijgevoegde USB-beschermkap)
Stroomvoorziening....1x 3 V Lithium-knoopbatterij CR2450
Stroomverbruik......nominaal ong. 40 μA (werking van de logger)
Werkomstandigheden....+5 tot +40 °C (+41 tot +104 °F)
<80% relatieve luchtvochtigheid, niet-condenserend
Bedrijfs- en bewaarcondities ....-10 tot +60 °C (+14 tot +140 °F)
<70% relatieve luchtvochtigheid, niet-condenserend
Opgave van de nauwkeurigheid in ± (% van de aflezing + weergavefout in counts (= aantal kleinste posities)). De nauwkeurigheid geldt 1 jaar lang bij een temperatuur van +23 °C (±5 °C), bij een rel. luchtvochtigheid van minder dan 75%, niet condenserend. Temperatuurcoëfficiënt: +0,1 x (gespecificeerde nauwkeurigheid)/1 °C.
De meting kan worden beïnvloed als het apparaat binnen een hoogfrequente elektromagnetische veldsterkte wordt gebruikt.
NL Dit is een publicatie van Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com).
Alle rechten, vertaling inbegrepen, voorbehouden. Reproducties van welke aard dan ook, bijvoorbeeld fotokopie, microverfilming of de registratie in elektronische gegevensverwerkingsapparatuur, vereisen de schriftelijke toestemming van de uitgever. Nadruk, ook van uittreksels, verboden. De publicatie voldoet aan de technische stand bij het in druk bezorgen. Copyright 2019 by Conrad Electronic SE.
















ER" (8) enkele seconden ingedrukt te houden.
het geheugen vol is, knippert de rodeLED (2).Start de opname door de toets "ENTER" (8) enkele seconden ingedrukt te houden
de toets 
het geheugen vol is, knippert de rodeLED (2).
s "ENTE 











