W8I HP42 L - Vaatwassers WHIRLPOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis W8I HP42 L WHIRLPOOL in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Vaatwassers in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding W8I HP42 L - WHIRLPOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. W8I HP42 L van het merk WHIRLPOOL.
GEBRUIKSAANWIJZING W8I HP42 L WHIRLPOOL
DANK U WEL VOOR UW AANKOOP VAN EEN WHIRLPOOL PRODUCT. Voor verdere assistentie kunt u het apparaat registeren op: www.whirlpool.eu/register EERSTE GEBRUIK Lees vóór gebruik van het apparaat de veiligheids- en installatie-instructies zorgvuldig door. Meer informatie over uw product is te vinden op website: docs.whirlpool.eu/docs Vergeet niet om na de installatie alle transportbeschermingen van de vaatwasser te verwijderen. INSTELLING MENU
1. Het apparaat inschakelen door op de toets AAN-UIT te drukken.
2. Houd de toets Instellingen (Halve Lading ) 3 seconden ingedrukt
tot u een pieptoon hoort en ‚SEt’ op het display verschijnt.
3. Na één seconde verschijnt de eerste beschikbare instelling (letter ‚h’).
4. Druk op VORIGE /VOLGENDE om door de lijst met beschikbare in-
stellingen te bladeren (zie onderstaande tabel) en druk vervolgens op START/Pauze om de waarde van de geselecteerde instelling te be- kijken of te wijzigen.
5. Druk op VORIGE /VOLGENDE om de waarde te veranderen, druk
vervolgens op START/Pauze om de nieuwe waarde op te slaan en terug te keren naar het hoofdmenu.
6. Herhaal punt 4 en 5 om andere instellingen te wijzigen.
7. Druk op AAN-UIT of wacht 30 seconden om het menu te verlaten.
HET ZOUTRESERVOIR BIJVULLEN
Het gebruik van zout voorkomt de vorming van KALKAANSLAG op het va- atwerk en op de functionele onderdelen van de machine. Het zoutreservoir bevindt zich onderin de vaatwasser (onder het onderste rek aan de linkerkant).
- Het is noodzakelijk dat HET ZOUTRESERVOIR NOOIT LEEG IS.
- het is belangrijk dat de hardheid van het water wordt ingesteld.
- Zout moet worden bijgevuld wanneer het controlelampje ZOUT BIJVULLEN op het bedieningspaneel brandt.
1. Verwijder het onderste rek en draai de dop van het re-
servoir los (linksom).
2. Plaats de trechter (zie afbeelding) en vul het zoutre-
servoir tot aan de rand (ongeveer 0,5 kg); het is niet ongebruikelijk dat er een beetje water uit lekt.
3. Alleen de eerste maal dat u dit doet: vul het zoutre-
4. Verwijder de trechter en veeg alle zoutresten weg van de opening.
Zorg ervoor dat de dop strak is aangedraaid, zodat geen vaatwasmiddel in de container kan komen tijdens het wasprogramma (dit kan de waterontharder onherstelbaar beschadigen). Draai altijd een programma zodra u het zoutreservoir heeft bijgevuld om corrosie te voorkomen. De waterhardheid instellen Als u de waterontharder perfect wilt laten werken is het essentieel dat de instelling van de waterhardheid is gebaseerd op de werkelijke waterhard- heid in uw huis. Deze informatie kan bij uw lokale waterleverancier worden opgevraagd. De fabrieksinstelling is “3” voor gemiddelde waterhardheid. Zie „TABEL WATERHARDHEID”. Volg de instructies in het hoofdstuk „INSTELLING MENU’”om dit te wijzigen. Tabel waterhardheid Niveau °dH Duitse graden °fH Franse graden °Clark Engelse graden 1 (zacht) 0 - 6 0 - 10 0 - 7 2 (gemiddeld) 7 - 11 11 - 20 8 - 14 3 (gemiddeld) 12 - 16 21 - 29 15 - 20 4 (hard) 17 - 34 30 - 60 21 - 42 5 (zeer hard) 35 - 50 61 - 90 43 - 62 Gebruik alleen zout dat speciaal voor afwasmachines is bestemd. Wanneer het zout in de machine is gestrooid wordt het lampje ZOUT BI- JVULLEN uitgeschakeld. Als het zoutreservoir niet gevuld wordt, kunnen de waterverzachter en het verwarmingselement beschadigd raken als gevolg van de accu- mulatie van ketelsteen. Het gebruik van zout wordt aanbevolen met elk type vaatwasmiddel. WATERVERZACHTEND SYSTEEM Waterverzachters reduceren automatisch de waterhardheid en voorkomen bijgevolg ketelsteenvorming op de verwarmer en dragen bij tot een eciëntere reiniging. Dit systeem wordt automatisch met zout geregenereerd, u dient dus het zoutreservoir te vullen wanneer het leeg is. De frequentie van de regeneratie hangt af van de instelling van het water- hardheidniveau - de regeneratie wordt uitgevoerd om de 4-6 Eco-cyclus- sen met het waterhardheidniveau ingesteld op 3. De regeneratie vindt plaats aan het begin van het programma met extra vers water.
- Eén enkele regeneratie verbruikt: ~3 liter water;
Glansspoelmiddel maakt het DROGEN van de vaat gemakkelijker. Het glansspoelmiddelreservoir A moet worden gevuld wanneer het controle- lampje GLANSSPOELMIDDEL BIJVULLEN op het display brandt.
1. Open het doseerbakje B door
de tab op het deksel in te dru- kken en omhoog te trekken.
2. Het glansspoelmiddel zorgvul-
dig inbrengen tot aan de maxi- mum (110 ml) insteekgleuf van de vulruimte - voorkom morsen. Wanneer dit gebeurt het gemorste glansspoelmiddel onmiddellijk met een droge doek reinigen.
3. Om het te sluiten het deksel naar beneden drukken totdat u een klik hoort.
Het glansspoelmiddel NOOIT rechtstreeks in de kuip gieten. De dosering glansspoelmiddel aanpassen Als u niet volledig tevreden bent over de droogresultaten kunt u de gebru- ikte hoeveelheid glansspoelmiddel aanpassen. Volg de instructies in het hoofdstuk „INSTELLING MENU” om dit te wijzigen. Als het niveau van het glansspoelmiddel is ingesteld op NUL (ECO) zal geen glansspoelmiddel worden afgegeven. Het controlelampje LAAG GLANSSPOELMIDDEL zal niet branden als het glansspoelmiddel op is. Er kan een maximum van 6 niveaus worden ingesteld, afhankelijk van het model afwasmachine.
- Als u blauwe strepen op het vaatwerk ziet stel dan een laag getal in (0-3).
- Als er druppels water of kalkaanslag op het vaatwerk zijn stel dan een hoog getal in (4-5).
4. Programmatoets Favoriete Programma met
8. Controlelampje Gesloten Waterkraan
10. Nummer programma en controlelampje resterende tijd
11. Toets voor optie Power Clean® met controlelampje
12. Toets voor optie Halve Lading met controlelampje/Instellingen
13. Toets voor optie Extra Droog met controlelampje
14. Toets voor optie Uitstel met controlelampje
15. Toets START/Pauze met controlelampje
LETTER INSTELLING WAARDEN (Standaard - vetgedrukt) Waterhardheidsgraad (zie ‘DE WATERHARDHEID INSTELLEN’ en ‘TABEL WATERHARDHEID’) 1 | 2 | 3 | 4 | 5 Glansspoelmiddelpeil (zie ‘DE DOSERING GLANSSPOELMIDDEL AANPASSEN’) 0 | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 NaturalDry (zie ‘OPTIES EN FUNCTIES’) ‘1’ = Aan, ‘0’ = Uit 1 | 0 Licht op de vloer (zie ‘OPTIES EN FUNCTIES’) ‘1’ = Aan, ‘0’ = Uit 1 | 0 Geluid ‘1’ = Aan, ‘0’ = Uit 1 | 0 Fabrieksinstellingen Druk op START/Pauze om alle waarden in het instellingenmenu terug te zetten naar de fabrieksinstellingen.
Controleer of de wasmachine is aangesloten op de waterleiding en of de waterkraan open is.
2. DE AFWASMACHINE INSCHAKELEN
Open de deur en druk op de toets AAN/UIT.
Kies het meest geschikte programma op basis van het soort ser- viesgoed en de vervuilingsgraad (zie PROGRAMMABESCHRIJVING) door de toets van het gekozen VORIGE/VOLGENDE in te drukken. Selecteer de gewenste opties (zie OPTIES EN FUNCTIES). Niet alle opties zijn compatibel met alle programma’s.
Start het programma door op de toets START/Pauze te drukken en de deur binnen 4 sec. te sluiten. Wanneer het programma start hoort u een enkele piep. Als de deur niet binnen 4 seconden is gesloten, hoort u een geluid ter waarschuwing. Open in dat geval de deur, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur opnieuw binnen 4 sec.
7. EINDE VAN HET WASPROGRAMMA
Het einde van de wascyclus wordt aangegeven met een geluid en op de display is END te zien. Open de deur en schakel het apparaat uit door op de toets AAN/UIT te drukken. Een paar minuten wachten voordat het serviesgoed wordt verwijderd - om brandwonden te voorkomen. De rekken uitladen, te beginnen met het onderste rek.
EEN LOPEND PROGRAMMA WIJZIGEN
Als er een verkeerd programma geselecteerd is, kan het worden gewijzigd, mits het nog maar net begonnen is. RESET de machine: Houd de toets AAN/UIT langer dan 3 sec. ingedrukt. De machine wordt uitgeschakeld. Het dashboard toont ”0:01”. Sluit de deur en wacht tot de afvoercyclus afgelopen is (ongeveer 1 minuut). Open de deur en schakel de machine weer in met de knop AAN/UIT en selecteer de nieuwe wascyclus en eventuele gewenste opties. Start het programma door op START/Pauze te drukken en de deur binnen 4 sec. te sluiten.
EXTRA SERVIESGOED TOEVOEGEN
Open de deur een klein stukje zonder de machine uit te schakelen, zorg dat er geen water uitspat (het controlelampje START/Pauze knippert) (Let op: Hete stoom!) en doe de vaat in de vaatwasser. Druk op de START/Pauze -toets en sluit de deur binnen 4 sec. , de cyclus wordt hernomen vanaf het punt waarop het was onderbroken. ONBEDOELDE ONDERBREKING Als de deur wordt geopend of als de stroom uitvalt tijdens het programma, stopt het programma. ALLEEN DOOR OP START/Pauze TE DRUKKEN en de deur binnen 4 sec. te sluiten, gaat het programma weer verder vanaf het punt waarop het werd onderbroken. ADVIEZEN Verwijder alvorens de manden te laden alle voedselresten uit het serviesgoed en leeg de glazen. Het serviesgoed hoeft niet tevoren onder stromend wa- ter afgespoeld te worden. Het serviesgoed zo rangschikken dat het stevig op zijn plaats staat en niet omslaat; rangschik de containers met de openingen naar beneden gericht en de holle/bolle onderdelen schuin geplaatst, waardoor het water elk oppervlak kan bereiken en vrij kan stromen. Waarschuwing: zorg ervoor dat deksels, grepen, platen en koekenpannen de sproeierarmen niet belemmeren bij het draaien. Plaats geen kleine voorwerpen in de bestekmand. Erg vervuild vaatwerk en pannen moeten in de onderste mand worden geplaatst, omdat in deze ruimte de watersproeiers sterker zijn en hogere wasprestaties hebben. Zorg ervoor dat na het laden van het apparaat de sproeierarmen vrij kunnen draaien. ONGESCHIKT SERVIESGOED
- Houten servies en bestek.
- Kwetsbare gedecoreerde glazen, artistiek handwerk en antiek serviesgoed. Hun decoraties zijn hier niet tegen bestand.
- Delen van synthetisch materiaal die niet bestand zijn tegen hoge tempera- turen.
- Koperen en tinnen serviesgoed.
- Serviesgoed bevuild met as, was, smeervet of inkt. De kleuren van glasdecoraties en aluminium/zilveren stukken kunnen wijzi- gen en vervagen tijdens het wasproces. Sommige soorten glas (bv. kristallen voorwerpen) kunnen na een aantal wascyclussen ook dof worden.
SCHADE AAN GLASWERK EN SERVIESGOED
- Gebruik alleen glas en porselein waarvan de fabrikant garandeert dat het veilig is voor de afwasmachine.
- Gebruik een zacht vaatwasmiddel dat geschikt is voor serviesgoed.
- Haal glazen en bestek uit de afwasmachine zodra het wasprogramma afgelopen is.
TIPS VOOR ENERGIEBESPARING
- Wanneer de huishoudelijke vaatwasmachine gebruikt wordt volgens de aanwijzingen van de fabrikant, verbruikt het wassen van vaatwerk in een vaatwasmachine gewoonlijk MINDER ENERGIE en water dan met de hand afwassen.
- Om de eciëntie van de vaatwasmachine te maximaliseren wordt aanbevolen om de wascyclus eerst te starten wanneer de vaat- wasmachine helemaal gevuld is. De huishoudelijke vaatwasma- chine vullen tot de hoeveelheid aangegeven door de fabrikant draa- gt bij tot het besparen van energie en water. Informatie over het correct laden van vaatwerk vindt u in het hoofdstuk DE REKKEN VULLEN. Als de machine gedeeltelijk is gevuld, wordt aanbevolen om de speciaal daarvoor bedoelde wasopties, indien voorzien, te gebruiken (Halve lading/ Zone Wash/ Multizone) en enkel geselecteerde rekken te vullen. De vaatwas- machine onjuist of overmatig vullen kan het gebruik van de hulpbronnen verhogen (zoals water, energie en tijd, en ook het geluidsniveau) en de rein- igings- en droogprestaties verlagen.
- Vaatwerk vooraf met de hand spoelen verhoogt het water- en energiev- erbruik en wordt niet aanbevolen. HYGIËNE Om te voorkomen dat zich geur en afzetting ophoopt in de afwasmachine moet u ten minste één per maand een programma met hoge temperatuur laten draaien. Gebruik een theelepel vaatwasmiddel en laat het apparaat zon- der lading draaien
Als het apparaat in een vertrek is geplaatst dat aan vorst kan worden blootgesteld, moet al het water worden afgevoerd. Draai de wa- terkraan dicht, koppel de toevoer- en afvoerslangen los en laat al het water er vervolgens uitstromen. Zorg ervoor dat de wateron- tharder vol zit met opgelost regenereerzout in het zoutreser- voir om het apparaat te beschermen tegen temperaturen tot -20°C. Als het apparaat bij temperaturen onder nul is opgeslagen, moet het min- stens 24 uur op een omgevingstemperatuur van minimaal 5°C blijven staan alvorens het weer in te schakelen.
Gebruik de opening apparaat C om het vaatwasmiddeldoseerbakje te openen. Het vaatwasmiddel alleen in het droge doseerbakje D invoeren. Plaats de hoeveelheid vaatwasmiddel voor voorspoelen direct in de kuip.
1. Raadpleeg bij het afmeten van het vaatwasmiddel
de eerder vermelde informatie om de juiste hoeveel- heid toe te voegen. In het doseerbakje D vindt u de aanwijzingen voor het doseren van het vaatwasmid- del.
2. Verwijder de resten vaatwasmiddel van de randen
van het doseerbakje en sluit het deksel totdat het klikt.
3. Sluit het deksel van het vaatwasmiddeldoseerbakje door het omhoog te
trekken tot het sluitingsmechanisme is vastgezet. Het vaatwasmiddeldoseerbakje opent automatisch op het juiste moment, volgens het programma. Het gebruik van vaatwasmiddelen die niet bedoeld zijn voor vaatwasmachines kan de slechte werking van het apparaat veroorzaken of het beschadigen.
PROGRAMMATABEL Pro- gramma Beschrijving programma’s Drogen fase NaturalDry Beschikbare functies
Duur van waspro- gramma (h:min)
Wa- terverbruik (liter/cyclus) Energie- verbruik (kWh/cyclus)
Eco 50°- -programma is geschikt voor het reinigen van normaal vervuild vaatwerk, dat voor dit gebruik het meest eciënte pro- gramma is wat betreft de combinatie van energie- en waterver- bruik en in overeenstemming is met de Europese Ecodesign- -wetgeving. aangepast. 3:30 9,5 0,75
Auto Intensief 65° - Automatisch programma voor zwaar vervuild vaat- werk en pannen. Meet de mate van vervuiling van het ser- viesgoed af en past het programma dien- overeenkomstig aan. Wanneer de sensor de mate van vervuiling meet, verschijnt er een animatie in de display en wordt de cyclus- duur aangepast. 2:25-3:10 15,5-24,5 1,30-1,70
Auto Gemengd 55° - Automatisch programma voor normaal vuile vaat met opgedroogde etensresten. 1:20-3:00 7,5-19,5 0,75-1,20
Auto Snel 50° - Automatisch program- ma voor normaal en licht vuile vaat. Het dagelijkse programma voor het opti- maal reinigen en drogen in kortere tijd. 1:00-1:50 7,5-15,5 0,70-1,10
Snel 45° - Programma dat kan worden gebruikt voor een hal- ve lading licht vervuilde vaat zonder opgedroogde etensresten. Heeft geen droogfase.
Kristallen 45° - Programma voor kwetsbare stukken die gevoe- liger zijn voor hoge temperaturen, bijvoorbeeld glazen en kopjes. 1:40-1:50 12,5-16,5 0,95-1,20
Stil 55° - Geschikt voor werking van het apparaat in de nacht. Garandeert een optimale reinigende en drogende werking met de laagste geluidsemissie. 3:50-4:10 10,5-14,5 0,80-1,15
Desinfecterende 65° - Normaal of sterk vervuild servies- goed, met extra antibacteriële afwasfase. Kan gebruikt worden voor het uitvoeren van onderhoud aan de afwasmachine.
Voorspoelen - Gebruikt om servies vochtig te houden dat la- ter gewassen moet worden. Met dit programma wordt er geen vaatwasmiddel gebruikt.
0:12 4,5 0,10 P10 Zelfreinigend 65° - Programma te gebruiken voor het onder- houd van de afwasmachine, wordt enkel uitgevoerd wanneer de afwasmachine LEEG is met gebruik van specieke reinigings- middelen die speciaal ontworpen zijn voor het onderhoud van de afwasmachine.
1:15 11,0 1,10 De gegevens van het ECO-programma worden gemeten onder laboratoriumomstandigheden, volgens de Europese norm EN 60436:2020. Aanwijzing voor de Proeaboratoria: Voor gedetailleerde informatie over de omstandigheden van de EN-vergelijkingsproef kunt u contact opnemen met: dw_test_support@europeanappliances.com Voorbehandeling van het vaatwerk vóór de programma’s is niet nodig. *) Niet alle opties kunnen tegelijkertijd gebruikt worden. **) Waarden aangegeven voor andere programma’s dan het Eco-programma zijn slechts indicatief. De werkelijke tijd is afhankelijk van vele factoren, zoals de temperatuur en de druk van het toevoerwater, de kamertemperatuur, hoeveelheid vaatwasmiddel, de hoeveelheid en soort lading, evenwicht van de lading, extra gekozen opties en de kalibratie van de sensor. De kalibratie van de sensor kan de duur van het programma met max. 20 min. verlengen. OPTIES kunnen na het kiezen van het programma direct worden in-/uitgeschakeld door op de betreffende toets te drukken (het indicatorlampje gaat branden, indien beschikbaar) (zie BEDIENINGSPANEEL). Als een optie niet compatibel is met het geselecteerde programma (zie PROGRAMMATABEL) gaat de bijbehorende LED 3 keer snel knipperen en klinken er pieptonen. De optie wordt niet ingeschakeld. Een optie kan de tijd of het water- of energieverbruik voor het programma wijzigen.
HALVE LADING - Als er niet veel vaat moet worden gewassen, wordt de functie HALVE LADING gebruikt om water, elektriciteit of tijd te besparen, afhankelijk van het gekozen programma. Vergeet niet om de hoeveelheid vaatwasmiddel te verminderen. EXTRA DROOG - Een hogere temperatuur en langere droogfase na de laatste spoelbeurt helpen de vaat beter te drogen. De EXTRA DROOG optie verlengt het wasprogramma. UITSTEL - De start van het programma kan worden uitgesteld voor een periode tussen 0:30 en 24 uur.
1. Selecteer het programma en eventuele gewenste opties. Druk (meerdere
keren) op de UITSTEL-toets om de start van het programma uit te stellen. Instelbaar van 0:30 tot 24 uur. Zodra de instelling van 24 uur is bereikt, drukt u nogmaals op de toets UITSTEL om de functie uit te schakelen.
2. Druk op de toets START/Pauze en sluit binnen 4 seconden de deur de
timer begint met aftellen.
3. Wanneer deze tijd verstreken is wordt het controlelampje uitgeschakeld
en begint het programma automatisch. Zodra er een programma is gestart kan de UITSTEL-functie niet worden ingesteld. POWER CLEAN® - Dankzij de extra krachtige stralen biedt deze functie een intensievere en krachtigere afwascyclus op de betreffende plek in het onderste reka. Deze functie wordt aanbevolen voor het afwassen van pannen en ovenschalen. (Zie het gedeelte over Power Clean®). FAVORIETEN - De mogelijkheid om uw favoriete programma op te slaan voor handiger gebruik. Selecteer met de knop VORIGE/VOLGENDE het programma en houd vervolgens de favorieten knop 3 seconden ingedrukt. WATERTOEVOER GESLOTEN - Alarm - Knippert wanneer er geen watertoevoer is of de waterkraan gesloten is. LICHT OP DE VLOER - Er wordt LED-licht op de vloer geprojecteerd om aan te geven dat de afwasmachine in bedrijf is. Het licht gaat uit aan het einde van een programma. Deze functie is standaard actief, maar kan worden uitgeschakeld in het “INSTELLING MENU”. NaturalDry - Een convectiedroogsysteem dat de deur tijdens/na de droog- fase automatisch opent voor buitengewone droogprestaties, elke dag weer. De deur gaat open bij een temperatuur die veilig is voor uw keukenmeube- len, dus niet wanneer de optie ANTIBACTERIEEL SPOELEN is ingeschakeld. Als extra bescherming tegen stoom wordt een speciaal ontworpen be- schermingsfolie bij de vaatwasser geleverd. Raadpleeg het INSTALLATIE- BOEKJE om te zien hoe u de beschermingsfolie aanbrengt. Deze functie is standaard actief, maar kan worden uitgeschakeld in het “IN- STELLING MENU”. ONTKALKEN – Alarm - Er is kalkaanslag geconstateerd op interne onderdelen van het apparaat. Controleer of de waterhardheid juiste is ingesteld en of er zout in het zoutreservoir zit (zie EERSTE GEBRUIK). Gebruik vervolgens een ontkalkingsmiddel (het merk WPro wordt aanbevolen) met het programma Zelfreinigen. Na een succesvolle ontkalking wordt het symbool niet meer weergegeven. Als de bovenstaande handelingen niet worden uitgevoerd, zal het apparaat minder goed werken. De waarschuwing ‘Ontkalken’ begint te knipperen en op het display verschijnt ‘dES’. Als er nog steeds niet wordt ingegrepen, start het apparaat nog slechts enkele malen op (aangegeven met ‘dES’ op het display). Hierna start het apparaat niet meer om schade aan onderdelen te voorkomen. Alleen het programma Zelfreinigen is nog beschikbaar. Pas na een volledige ontkalking start het apparaat weer. Bij extreem veel kalkaanslag kan het nodig zijn om twee keer te ontkalken. WAARNEMEN - Wanneer de sensor meet hoe vuil de vaat is, verschijnt er een animatie op het display (ongeveer 20 min.) en wordt de programmaduur aangepast. Bij het waarnemen wordt gekeken hoe vuil de vaat is. Dit kan worden gebruik bij alle programma’s (behalve Eco) waarbij het programma dienovereenkomstig wordt aangepast.NL
REKKEN VULLEN CAPACITEIT: 14 standaard couvertsHET FILTERSYSTEEM REINIGENReinig het ltersysteem regelmatig, zodat de lters niet verstoppen en het afvalwater correct weg stroomt.Het gebruik van vaatwasmachines met verstopte lters of vreemde voor-werpen in het ltersysteem of de sproeiarmen kan de slechte werking er-van en bijgevolg lagere prestaties, lawaai of een hoger verbruik van hulp-bronnen veroorzaken.Het ltersysteem bestaat uit drie lters die voedselresten uit het afwaswa-ter verwijderen en vervolgens het water opnieuw laten circuleren.De afwasmachine mag niet worden gebruikt zonder lters of als het lter is losgeraakt.Controleer tenminste eens per maand of na elke 30 cyclussen het ltersys-teem en reinig het eventueel grondig onder stromend water, met een niet--metalen borstel en volgens de onderstaande instructies:
1. Draai het cilindrische lter A linksom en trek het uit (Afb. 1). Bij het te-
rugplaatsen van het lter is het belangrijk dat de twee driehoeken die op de vergroting zijn aangegeven, elkaar raken.
2. Verwijder het houderlter B door licht op de zijkleppen te drukken (Afb. 2).
3. Schuif de roestvrij stalen plaat lter C er uit (Afb. 3).
4. Als u vreemde voorwerpen vindt (gebroken glas, porselein, beenderen, zaden van vruchten, enz.), verwijdert u ze zorgvuldig.
5. Inspecteer de sifon en verwijder eventuele voedselresten. VERWIJDER
NOOIT de pompbescherming van het wasprogramma (aangegeven door de pijl) (Afb. 4).Na het schoonmaken van het lter het ltersysteem opnieuw plaatsen en goed op zijn plaats zetten; dit is essentieel voor het behoud van de eciën-te werking van de afwasmachine.
REINIGING EN ONDERHOUD
HOOGSTE REK Het hoogste rek biedt een speciale reinigingszone voor kommen, mokken en zelfs grote borden en bestek die u normaal gesproken in de onderste rekken zou plaatsen. Hierdoor ontstaat extra ruimte voor de rest van de vaat.Een aparte rangschikking voor het bestek maakt het oppakken na de afwas eenvoudiger en verbetert de was- en droogprestaties.Messen en andere gebruiksvoorwerpen met scherpe randen moeten worden geplaatst met de punten naar beneden gericht. BOVENSTE REK Laden van kwetsbaar en licht vaatwerk: glazen, kopjes, schoteltjes, lage saladekommen.Het bovenste rek heeft opklapbare steunen die in een verticale positie kunnen worden gebruikt bij het schikken van thee/dessertschoteltjes of in een lagere positie om kommen en schalen te laden.(laadvoorbeeld voor het bovenste rek)De hoogte van het bovenste rek afstellenDe hoogte van het bovenste rek kan worden afgesteld: hoge stand voor groot serviesgoed in de onderste mand en lage stand om optimaal gebruik te maken van de opklapbare steunen, door het creëren van meer ruimte naar boven en botsen met de items die in het onderste rek zijn geladen te voorkomen. Het bovenste rek is uitgerust met een hoogteversteller bovenste rek (zie afbeelding , zonder op de hefbomen te hoeven drukken, opheen door gewoon de zijkanten van het rek vast te houden, zodra het rek stabiel in de bovenste positie staat. Voor herstellen naar de lagere positie op de hefbomen A aan de zijkanten van het rek drukken en de mand naar beneden verplaatsen.Het is raadzaam de hoogte van het rek niet aan te passen wanneer het is geladen. NOOIT de mand slechts aan één kant verhogen of verlagen.Opvouwbare kleppen met verstelbare standDe opvouwbare kleppen aan de zijkant kunnen worden opgevouwen of opengevouwen voor een optimale rangschikking van het serviesgoed in het rek. Wijnglazen kunnen veilig in de opvouwbare kleppen worden geplaatst door de steel van elk glas in de overeenkomstige sleuven in te voeren.Afhankelijk van het model: • om de kleppen open te vouwen moet u ze om-hoog schuiven en roteren of ze losmaken van de klemmen en omlaag trekken.• om de kleppen op te vouwen moet u ze roteren en omlaag schuiven of ze omhoog trekken en aan de klemmen vastmaken. ONDERSTE REK Voor potten, deksels, platen, saladekommen, bestek enz. Grote platen en deksels moeten idealiter aan de zijkanten worden geplaatst, om aanraking met de sproeierarmen te voorkomen. Het onderste rek heeft opklapbare steunen die in een verticale positie kunnen worden gebruikt bij het schikken van platen of in een horizontale positie (lager) om pannen en saladekommen te laden.(laadvoorbeeld voor het onderste rek)POWER CLEAN®Power Clean® maakt gebruik van speciale waterstralen aan de achterzijde van de ruimte voor een intensievere reiniging van zeer vuile items. Het onderste rek heeft een lege ruimte, een speciale uittrekbare steun aan de achter-zijde van het rek, die kan worden gebruikt ter ondersteuning van koekenpannen of braad-pannen in verticale positie, zodat ze minder ruimte in beslag nemen.Activeer POWER CLEAN op het paneel tijdens het plaatsen van de pannen / ovenschalen tegenover het Power Clean® component Power Clean® gebruiken:1. Pas het Power Clean gebied (G) aan door de achterste bordenhouders omlaag te klap-pen om potten en pannen te laden.2. Laad potten, pannen en schalen verticaal gekanteld in het Power Clean gebied. Potten en pannen moeten naar de krachtige waterstralen toe gekanteld worden.BestekkorfHet is uitgerust met rasters aan de bovenkant, om het bestek beter te kunnen rangschikken. Het mag alleen aan de voorkant van het onderste rek worden geplaatst.Messen en andere gebruiks-voorwerpen met scherpe ran-den moeten in de bestekmand worden gezet met de punten naar beneden gericht of horizontaal ge-plaatst in de opklapbare compartimenten op het bovenste rek.NLSnelle referentiegids
Af en toe kunnen er voedsel- resten op de sproeierarmen vastzitten en worden de openingen voor het water sproeien geblokkeerd. Het is daarom raadzaam dat u de armen van tijd tot tijd controleert en ze met een kleine niet-metalen borstel schoonmaakt. U kunt de bovenste sproeier alleen samen met het spruit- stuk verwijderen. Het het hoogste rek heeft een vaste waterbuis waarvan alle sproeiers naar boven zijn gericht. Om de buis schoon te maken, schuift u het rek naar bui- ten. Met een pincet kunt u dingen uit de sproeiers verwijderen. PROBLEMEN OPLOSSEN Als uw vaatwasmachine niet goed werkt, doorloopt u de onderstaande lijst om te controleren u of u het probleem kunt verhelpen. Voor andere fouten of problemen neemt u contact op met de bevoegde Consumentenservice, de contactgegevens ervan vindt u in de garantieboekje. Reserveonderdelen zijn beschikbaar voor een periode van maximaal 7 of maximaal 10 jaar, afhankelijk van de regels die van toepassing zijn. PROBLEMEN
MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSINGEN
De zoutindica- tor brandt Zoutreservoir is bijna leeg. Vul het reservoir met zout (voor meer informatie - zie HET ZOUTRESERVOIR BIJVULLEN). Controleer zo nodig de instelling van de waterhardheid - zie TABEL WATERHARDHEID. De zoutindica- tor knippert Zoutreservoir is leeg. Vul het reservoir zo snel mogelijk met zout. Gebruik van het apparaat zonder zout kan de interne onderdelen beschadigen. Glansspoelmid- delindicator brandt of knippert Glansspoelmiddelbakje is leeg. (Na het bijvullen kan de glansspoelmiddelindicator nog even blijven branden). Vul het reservoir met een glansspoelmiddel (zie - HET GLANSSPOELMIDDELRESERVOIR BIJVULLEN). De ontkalkingsin- dicator brandt of knippert; het alarm „dES” wordt weergegeven. Er zit kalkaanslag op de interne onderdelen van het apparaat. Ontkalk het apparaat onmiddellijk met behulp van het Zelfreinigendsprogramma en een in de handel verkrijgbaar ontkalkingsmiddel (zie OPTIES EN FUNCTIES). Vul het reservoir met zout. Controleer de instelling van de waterhardheid. Als het apparaat niet wordt ontkalkt, werkt het niet meer. De afwasmachine start niet of reageert niet op opdrachten. Het apparaat is niet goed aangesloten. Steek de stekker in het stopcontact. Stroomuitval. Om veiligheidsredenen start de vaatwasser niet automatisch opnieuw op wanneer de stroom weer beschikbaar is.Open de deur van de vaatwasmachine, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur binnen 4 sec. De deur van de afwasmachine is niet goed geslo- ten. De pin NaturalDry is niet ingetrokken. De deur krachtig aanduwen totdat u de „klik” hoort. Een programma wordt onderbroken als de deur langer dan 4 seconden wordt geopend. Druk op START/Pauze en sluit de deur binnen 4 seconden. Het bedieningspaneel reageert niet of F6 E1 wordt weergegeven. Schakel het apparaat uit door op de toets AAN/UIT/Reset te drukken, schakel het na ongeveer een minuut weer in en start het programma opnieuw. Als het probleem niet is verholpen, trekt u de stekker van het apparaat 1 minuut uit het stopcontact en plaatst u hem weer terug. De afwasmachine pompt niet af. Weergave op het display: F7 E3 of F9 E1 Filter is verstopt met voedselresten of kalkaans- lag. Reinig het lter en ontkalk het apparaat (zie HET FILTERSYSTEEM REINIGEN en ONTKALKEN). Er zit een knik in de afvoerslang. Controleer de afvoerslang (zie AANWIJZINGEN VOOR INSTALLATIE). De pijp van de gootsteenafvoer is geblokkeerd. Reinig de pijp van de gootsteenafvoer. De vaatwasser maakt veel lawaai. Het serviesgoed rammelt tegen elkaar. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). Er is te veel schuim aanwezig. Het vaatwasmiddel is niet goed afgemeten of het is niet geschikt voor gebruik in afwasmachines (zie HET VAATWASMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN). Start de actuele wascyclus opnieuw: schakel de afwasmachine UIT, vervolgens terug in, selecteer een nieuw programma, druk op START/Pauze en sluit de deur binnen 4 seconden. Voeg geen vaatwasmiddel toe. Het serviesgoed is niet goed gerangschikt. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). Het lter is verstopt met voedselresten of kalka- anslag. Reinig het ltersysteem (zie REINIGING EN ONDERHOUD). Het vaatwerk is niet schoon. Het serviesgoed is niet goed gerangschikt. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). Sproeierarmen kunnen niet vrij draaien, ze wor- den door het serviesgoed belemmerd. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). Controleer of het bovenste rek in de juiste stand staat en stel het zo nodig bij (optillen). Het wasprogramma is te zacht. Selecteer een geschikt wasprogramma (zie PROGRAMMATABEL). Er is te veel schuim aanwezig. Het vaatwasmiddel is niet goed afgemeten of het is niet geschikt voor gebruik in afwasmachines (zie HET VAATWASMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN). De dop op het glansspoelmiddelcompartiment is niet goed afgesloten. Zorg ervoor dat de dop van het glansspoelmiddelbakje is gesloten. Het lter is verstopt met voedselresten of kalka- anslag. Reinig het lter en ontkalk het apparaat (zie HET FILTERSYSTEEM REINIGEN). Het zoutreservoir is leeg. Vul het zoutreservoir (zie HET ZOUTRESERVOIR BIJVULLEN). De onderste sproeierarm kan worden verwijderd door het omhoog te trek- ken. Trek de sproeiarm omhoog en draai hem rechtsom om hem weer te bevestigen De bovenste sproeierarm kan worden verwijderd door deze omhoog te duwen en linksom te draaien. Trek de sproeiarm omhoog en draai hem rechtsom om hem weer te bevestigen.NL
De afwasmachine vult zich niet met water. Op het scherm: H2O is verlicht; er klinkt een geluid- salarm.” Geen water in de watertoevoer of de kraan is gesloten. Zorg ervoor dat er water in de watertoevoer komt en dat de kraan open staat. Er zit een knik in de toevoerslang. Controleer de toevoerslang (zie INSTALLATIE). Open de deur van de vaatwasmachine, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur binnen 4 sec. De zeef in de watertoevoerslang is verstopt; het moet gereinigd worden. Controleer en reinig de zeef in de watertoevoerslang. Open de deur van de vaatwasmachine, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur binnen 4 sec. De vaatwasser beëin- digt het programma voortijdig. Op het scherm: F8 E3 Filter is verstopt met voedselresten of kalkaans- lag. Reinig het lter en ontkalk het apparaat (zie HET FILTERSYSTEEM REINIGEN en ONTKALKEN). De afvoerslang zit te laag of hevelt naar de riolering. Controleer of het uiteinde van de afvoerslang op de juiste hoogte is geplaatst (zie INSTALLATIE). Controleer of er naar het riool wordt geheveld en installeer zo nodig een hevelonderbreker/ luchttoevoerklep. Er is te veel schuim aanwezig. Het vaatwasmiddel is niet goed afgemeten of het is niet geschikt voor gebruik in afwasmachines (zie HET VAATWASMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN). Lucht in de watertoevoer. Controleer de watertoevoer op lekken of andere problemen die lucht binnenlaten. Het serviesgoed is niet goed droog. Er is geen spoelglansmiddel aanwezig of de dosering is te laag. Zorg ervoor dat het spoelglansmiddelbakje gevuld is (zie HET GLANSSPOELMIDDELRESERVOIR BIJVULLEN). Met multifunctionele tabletten droogt het serviesgoed niet zo goed als wanneer er een vloeibaar spoelglansmiddel wordt gebruikt. Het serviesgoed is uit het apparaat gehaald nadat de deur automatisch werd geopend, maar vóór het einde van het programma. Controleer of het programma is afgelopen voordat u het serviesgoed uit het apparaat haalt (zie DAGELIJKS GEBRUIK). Laat het serviesgoed nog 15 minuten met de deur open in de vaatwasser staan nadat het programma is afgelopen om het extra goed te laten drogen. Het serviesgoed is te vlak gerangschikt. Als er water in de holtes van kopjes, mokken of kommen blijft staan, probeer het serviesgoed dan schuiner te laden (vooral in het bovenste rek) zodat het water kan weglopen voordat het drogen begint. Het geselecteerde programma heeft geen droogfase. Controleer in de PROGRAMMATABEL of het geselecteerde programma een droogfase heeft. Pro- gramma’s zonder de droogfase drogen minder goed. Voor een goede droging is het raadzaam een programma met droogfase te kiezen. Het vaatwerk heeft een antiaanbaklaag of is van kunststof. Het is normaal dat waterdruppels op dit soort materiaal achterblijven. Er zitten blauwe strepen of blau- wachtige tinten op het serviesgoed. De dosering van glansspoelmiddel is te hoog. Stel de dosering lager in. Het serviesgoed is bedekt met kalk of een witachtige lm. Zoutreservoir is leeg. Vul het reservoir zo snel mogelijk met zout. Gebruik van het apparaat zonder zout kan de interne onderdelen beschadigen. De waterhardheid is te laag ingesteld. Verhoog de instelling (zie TABEL WATERHARDHEID). De dop van het zoutreservoir is niet goed geslo- ten. Controleer en sluit de dop van het zoutreservoir. Het spoelglansmiddelreservoir is leeg of de spoel- glansmiddeldosering is onvoldoende. Vul het reservoir met spoelglansmiddel en controleer de doseerinstelling (zie - HET GLANSSPOEL- MIDDELRESERVOIR BIJVULLEN). Op de vaatwasser staat F8 E5 De klep is geblokkeerd of defect. Sluit de kraan, indien mogelijk. Schakel de voeding niet uit. Bel de klantenservice. De bedrijfsregels, standaarddocumentatie, bestellen van onderdelen en aanvullende productinformatie kunt u vinden:
- Gebruik makend van de QR-code en op onze website: docs.whirlpool.eu/docs
- Op onze website: parts-selfservice.europeanappliances.com
- Anders, contacteer onze Klantenservice (Het telefoonnummer staat in het garantieboekje). Wanneer u contact neemt met de Klantenservice, gelieve de codes te vermelden die op het identicatie- plaatje van het apparaat staan. De modelinformatie kan gevonden worden aan de hand van de QR-code die op het energielabel aangegeven is. Het label bevat ook de model-ID die kan worden gebruikt om het portaal van het register te raadplegen op https://eprel.ec.europa.eu. IEC 436 :PLInstrukcja Codziennej Eksploatacji
Notice-Facile