MS35 - Controller Tru Components - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MS35 Tru Components in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MS35 Tru Components
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Controller in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MS35 - Tru Components en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MS35 van het merk Tru Components.
GEBRUIKSAANWIJZING MS35 Tru Components
Zeer geachte klant, Wij danken u voor de aankoop van dit product. Het product voldoet aan alle wettelijke, nationale en Europese normen. Om dit zo te houden en een veilig gebruik te garanderen, dient u als gebruiker deze gebruiks- aanwijzing in acht te nemen! Deze gebruiksaanwijzing behoort bij dit product. Er staan belangrijke aanwijzingen in over ingebruikname en gebruik. Houd hier rekening mee als u dit product doorgeeft aan derden. Bewaar deze gebruiksaanwijzing daarom voor later gebruik! Alle vermelde bedrijfs- en productnamen zijn handelsmerken van de respectievelijke eigenaren. Alle rechten voorbehouden. Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk. Voor meer informative kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be.
2. Verklaring van symbolen
Het symbool met het uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing die in ieder geval moeten worden opgevolgd. Het pijl-symbool ziet u waar u bijzondere tips en aanwijzingen over de bediening kunt vinden.
603. Voorgeschreven gebruik
Het product is een programmeerbare besturingseenheid (controller) voor RGB-LED-strips. Met behulp van PC-software kunnen bepaalde lichtprogramma‘s (kleur- en lichtreeksen) worden vastgelegd. Deze kunnen via een USB-programmeerkabel (Conrad bestelnr. 197339) van de pc naar de controller worden overgedragen. Vervolgens voert de controller deze kleur- en lichtreeksen zelfstandig uit. De keuze van de lichtprogramma‘s en de besturing ervan kan ook met een IR-afstandsbedie- ning of via externe bedieningstoetsen worden geregeld. De stroomvoorziening van de controller en de aangesloten lichtstrips vindt plaats via een gelijk- spanning van 12 - 24 V/DC. Dit product voldoet aan de voorwaarden van de nationale en Europese wetgeving. Alle voorko- mende bedrijfsnamen en productaanduidingen zijn handelsmerken van de betreffende eigena- ren. Alle rechten voorbehouden.
- Gebruiksaanwijzing Geactualiseerde gebruiksaanwijzingen Download de meest recente gebruiksaanwijzing via de link www.conrad.com/downloads of scan de afgebeelde QR-Code. Volg de aanwijzingen op de website op.
615. Veiligheidsvoorschriften
Bij schade veroorzaakt door het niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing, vervalt het recht op garantie! Voor vervolgschade die hieruit ontstaat, zijn wij niet aansprakelijk! Voor materiële schade of persoonlijk letsel veroorzaakt door ondeskundig ge- bruik of het niet opvolgen van de veiligheidsvoorschriften, zijn wij niet verant- woordelijk! In dergelijke gevallen vervalt elke aanspraak op garantie! Geachte klant, de volgende veiligheidsvoorschriften en risico‘s dienen niet alleen ter bescherming van uw eigen veiligheid maar ook ter bescherming van het apparaat. Lees de volgende punten zorgvuldig door:
- Om veiligheids- en keuringsredenen is het eigenhandig ombouwen en/of wijzigen van het product niet toegestaan.
- Onderhouds-, instellings- of reparatiewerkzaamheden mogen uitsluitend door een erkend technicus/elektrotechnisch bedrijf worden uitgevoerd.
- Het product mag niet vochtig of nat worden en is enkel geschikt voor gebruik in droge en gesloten binnenruimtes. Houd het apparaat uit de zon en bescherm het tegen overmatige hitte, kou, stof en vuil.
- Gebruik het apparaat uitsluitend in een gematigd klimaat; niet in een tropisch klimaat.
- Als het product vanuit een koude naar een warme ruimte overgeplaatst wordt (bijv. bij het transport), kan er condenswater worden gevormd. Hierdoor kan het product worden beschadigd. Laat het apparaat eerst op kamertemperatuur komen voordat het in gebruik wordt genomen. Dit kan soms meerdere uren duren.
- Houd het product buiten bereik van kinderen; het is geen speelgoed. Monteer en gebruik het product alleen buiten het bereik van kinderen.
- Laat het verpakkingsmateriaal niet achteloos liggen. Dit kan voor kinderen ge- vaarlijk speelgoed zijn.
- Indien het apparaat beschadigingen vertoont, dan mag u het niet meer gebruiken. Breng het apparaat naar een elektrotechnisch bedrijf. 62• Waarschuwing! Het betreft hier een klasse A apparaat. Dit apparaat kan in een woonomgeving radiostoringen veroorzaken; in dat geval kan van de gebruiker ervan worden geëist, passende maatregelen te treffen om het apparaat te ont- storen.
- In industriële omgevingen dienen de Arbo-voorschriften ter voorkoming van on- gevallen met betrekking tot elektrische installaties en bedrijfsmiddelen in acht te worden genomen.
- In scholen, opleidingscentra, hobbyruimten en werkplaatsen moet door geschoold personeel voldoende toezicht worden gehouden op de bediening van het product.
- Behandel het product voorzichtig. Door stoten, schokken of een val - zelfs van geringe hoogte - kan het beschadigd raken. 63loading-circle-1loading-circle-1loading-circle-18. Toetsenbord a) Aansluiting van een toetsenbord Op de 6 pinnen die met „Keys“ zijn aangeduid (zie bovenstaande afbeelding) kunnen in totaal 5 externe toetsen worden aangesloten waarmee de basisfuncties van de controller kunnen wor- den bediend. Pin Toets Functie 1 PRG Programmaselectie (beschrijving van de lichtprogramma‘s, zie hfdst. 7) 2 SPEED Snelheidsinstelling 3 DIMM Lichtsterkte-instelling (bovendien voor instelling van draairegelaar „S-POT“) 4 UP Toetsfunctie „UP“, omhoog 5 DOWN Toetsfunctie „DOWN“, omlaag
6 - Totale massa/GND van alle toetsen
67b) Bediening met toetsenbord Programma selecteren Druk kort op de toets „PRG“. Vervolgens kunt u een van de lichtprogramma‘s (zie hfdst. 7) selecteren met de toetsen „UP“ resp. „DOWN“. Snelheid instellen Druk kort op de toets „SPEED“. Vervolgens wordt door meerdere keren kort drukken op de toets „UP“ resp. „DOWN“ de snelheid steeds verhoogd of verlaagd. Helderheid instellen Druk kort op de toets „DIMM“. Vervolgens kunt u de gewenste lichtsterkte instellen met de toetsen „UP“ resp. „DOWN“. In-/uitschakelen van de controller Houd de toets „PRG“ langer dan 3 seconden ingedrukt om de controller en daarmee ook de aangesloten LED-strip uit of in te schakelen. Na het inschakelen start het met de steekbruggen J1-J4 vooringestelde lichtprogramma. De snelheid is afhankelijk van de stand van de draairegelaar „S-POT“.
689. IR-afstandsbediening
Het RGB-LED-stuurapparaat kan ook aan de hand van een daarvoor geschikte IR-afstandsbe- diening worden bestuurd. Er is geen IR-afstandsbediening inbegrepen, deze dient afzonderlijk te worden besteld. Ga naar www.conrad.com en let op de aangeboden toebehoren bij het RGB- LED-stuurapparaat op de website van het product. Om het aantal compatibele afstandsbedieningen te verhogen, ondersteunt het RGB-LED-stuur- apparaat vanaf versie 1.3 meer apparaatcodes. Wij raden voor het gebruik de volgende IR-afstandsbedieningen aan: „OneForAll URC 2981“, bestelnr. 943361: „OneForAll URC 3920“, bestelnr. 942168: apparaatcode 0081 = Philips VCR apparaatcode 20081 = Philips VCR
691: ON/OFF Stuurapparaat inschakelen. Het met behulp van steekbruggen ingestelde programma wordt gestart. Dit wordt met de via de potentiometer voorgekozen snelheid en in volle helderheid uitgevoerd. Door de toets opnieuw in te drukken wordt het apparaat weer uitgeschakeld. 2: Programmakeuzetoetsen „1“ tot „9“ Keuze en start van de betreffende kleurenreeks; start met basissnelheid en volledige lichtsterkte 3: Toetsen „AV“ en „-/--“ Relevant voor het instellen van eigen kleuren. „AV“ zorgt voor verhogen, „-/--“ voor verlagen van het betreffende kleuraandeel bij het instellen van eigen kleuren, zie punt 7 verderop. 4: „Luider“/„Stiller“ (resp. stuurkruis links/rechts) Lichtsterkte van het afgespeelde programma donkerder/lichter 5: „Ch+“/„Ch-“ (resp. stuurkruis op/af) Start van het volgende resp. vorige programma met de basissnelheid en volledige lichtsterkte 6: Vooruit/achteruit/pauze/start Programma versnellen / verlangzamen / pauzeren / voortzetten 7: Rood/groen/blauw-toetsen Kleur mengen: Eerst toets „AV“ kort indrukken: Kleuraandeel wordt verhoogd Eerst toets „-/--“ kort indrukken: Kleuraandeel wordt verminderd. Een lopend programma wordt daarbij beëindigd. 7010. Aansluiting en ingebruikneming De aansluiting resp. opbouw van de controller mag alleen worden uitgevoerd wanneer de verbinding met de stroomvoorziening is verbroken.
- De controller en LED-strip dienen afhankelijk van de montageplaats te worden bevestigd en bekabeld. Monteer de LED-strips zodat geen kortsluiting kan ontstaan en zorg dat de LED- stripssteviggexeerdzijn. Voor de montage van de controller dient men ervoor te zorgen dat deze op een goed geventi- leerde plaats wordt gemonteerd (niet in isolatiemateriaal inbouwen, brandgevaar!). Zorg ook dat de montageplaats voor kinderen niet toegankelijk is. Zorg bij het vastschroeven dat geen kabels of leidingen worden beschadigd! Monteer de controller en LED-strips nooit op of in de buurt van brandbare oppervlakken. Ge- bruik de controller en LED-strips eveneens nooit op plaatsen waar brandbare of explosieve gassen/stoffen aanwezig kunnen zijn of in explosiegevaarlijke ruimten.
- Let bij de aansluiting van LED-strips en controller resp. van controller en stroomvoorziening op een toereikende dimensionering van de kabels/aansluitsnoeren. De kabeldoorsnede van de aansluitkabels dient afhankelijk van het aantal aangesloten LED- strips te worden gekozen. Houd er rekening mee dat de stroom van de drie kleuren (R, G, B) zich samenvoegt; dimensioneer de „+“-leiding dienovereenkomstig!
- Verbind de LED-strips (niet bij levering inbegrepen) met elkaar en let hierbij op de juiste polariteit.
- Sluit dan de LED-strips aan op de klemmen „RGB“ (zie hfdst. 6) en de plus-aansluiting. De plus-aansluiting van de LED-strips kan ook rechtstreeks met de plus-aansluiting van de stroomvoorziening worden verbonden. Er mogen alleen LED-strips met een gezamenlijke plusleiding (gemeenschappelijke anode) worden gebruikt; sluit nooit verschillende LED-strips aan op de controller. Let bij het aansluiten op de juiste toewijzing van de kleuren (R = rood, B = blauw, G = groen).
- Op het aansluitveld „KEYS“ kunnen 5 toetsen worden aangesloten die eveneens voor de besturing van de lichtprogramma‘s kunnen worden gebruikt, zie hoofdstuk 8.
- Indien gewenst, kunt u de IR-ontvanger verbinden met de aansluiting „IR“ op de printplaat. Via deze en in combinatie met de IR-afstandsbediening kunnen later de lichtprogramma‘s worden aangestuurd, zie hoofdstuk 9. 71• Controleer nogmaals of alle componenten goed zijn aangesloten.
- Verbind tenslotte de stroomvoorziening volgens de juiste polariteit met de beide aansluitingen „+“ en „-“ van de controller. De voedingsspanning moet tussen 12 en 24 V = liggen (gelijkspanning). Afhankelijk van het aantal aangesloten LED-strips is een stroom van max. 15 A nodig (de stroom van de drie kleuren R, G, B worden opgeteld).
- Direct na het aansluiten van de voedingsspanning start het met de steekbruggen J1-J4 voo- ringestelde lichtprogramma (zie hoofdstuk 7); de snelheid komt overeen met de instelling van de draairegelaar „S-POT“. De beide gebruikersprogramma‘s zijn af fabriek reeds voorgeprogrammeerd. Wan- neer u deze wilt wijzigen, hebt u de meegeleverde pc-software en de USB-program- meeradapter (Conrad bestelnr. 197339) nodig.
11. Installatie van software/stuurprogramma
Als besturingssysteem is minimaal Windows XP of Vista/7/8/10 vereist. Het gebruik van oudere Windows-versies is niet mogelijk.
- Installeer eerst het stuurprogramma voor de USB-programmeeradapter (Conrad bestelnr. 197339). Raadpleeg de betreffende gebruiksaanwijzing.
- Plaats daarna de bij de controller geleverde cd in het betreffende station van uw pc en volg de instructies op het scherm om de software van de controller te installeren. Voor het gebruik is het „Microsoft.NET Framework“ nodig. Dit wordt automatisch geïnstalle- erd als dit nog niet op uw computer aanwezig is.
- Na voltooiing van de software-installatie verschijnt op het bureaublad een nieuw pictogram voor deze software.
- Verbind nu de computer met behulp van de USB-programmeeradapter met de controller, zie hoofdstuk 12. 7212. Aansluiting op de computer Voordat u de controller met de computer verbindt, dient u eerst het stuurprogramma voor de USB-programmeeradapter te installeren (Conrad bestelnr. 197339) en daarna de software voor de controller.
- Neem eerst de kunststof afdekplaat van de bovenzijde. Druk hiervoor de pinnetjes aan de rand van de behuizing naar binnen zodat de afdekplaat loskomt van het onderste gedeelte.
- Verbind de bus PROG van de controller (zie afb. rechts) via de USB-programmeeradapter met een vrije USB-poort van uw computer. Bij de eerste aansluiting op de computer herkent Windows nieuwe hardware en wordt de installatie van het stuurpro- gramma afgesloten.
- In het Conguratiescherm van Windows (in Apparaatbeheer) kunt u controleren welke COM-poort voor de USB-programmeerkabel is gebruikt (in afb. hieronder „COM3“). Deze COM-poort dient na het starten van de software (zie hfdst. 13) te worden ingesteld, zodat de software via de USB-programmer verbinding met de controller kan maken. 7313. Bediening van de software Installeer eerst de stuurprogramma‘s en de software zoals beschreven in hoofdstuk 11. Ver- volgens sluit u de controller aan op een vrije USB-poort van uw computer, zie hoofdstuk 12. Start de software. Het volgende venster verschijnt (bij nieuwere versies van de software kan dit afwijken): Selecteer zoals u hierboven kunt zien de juiste COM-poort voor de USB-programmeeradapter (zie ook hoofdstuk 12). Afhankelijk van de hoeveelheid COM-interfaces in uw computer en van de benaming die Windows aan de COM-interfaces geeft, is de betreffende COM-interface bijv. COM3. Indien geen verbinding met de USB-programmeeradapter tot stand kan worden ge- bracht, controleert u of de COM-poort van de USB-programmeeradapter in het Con- guratieschermaanwezigis,ziehoofdstuk12. Als de USB-programmeeradapter en RGB-controller zijn gevonden, verschijnt in de onderste regel van het boven vermelde venster de melding „Connected“ en worden de knoppen van het venster vrijgegeven, zie volgende pagina. Ter bevestiging van de probleemloze verbinding tussen computer en controller vindt een korte kleurwisseling van de LED-strips plaats (rood -> groen -> blauw, ong. om de 0,5 seconde). 74Start een van de voorgeprogrammeerde lichtprogramma‘s door er met de muis op te klikken. Met de symboolvelden rechts kunt u:
- De helderheid aanpassen
- Lichtprogramma stoppen/voortzetten
- Controller in-/uitschakelen Om een lichtprogramma zelf te programmeren, kiest u „User-sequence 1“ resp. „User- sequence 2“. Stel linksboven in het venster het gewenste aantal kleurwisselingen in (in bovenstaande afbeel- ding zijn 5 kleurwisselingen geselecteerd). Voor elke kleurwisseling kan de intensiteit van de basiskleuren (RGB), de vasthoudtijd en de overgangstijd worden ingesteld. Door u gemaakte lichtprogramma‘s kunnen op de computer worden opgeslagen resp. weer worden geladen en worden overgedragen naar de controller. In de programmamappen op de vaste schijf vindt u diverse voorbeelden van lichtprogramma‘s. 75Wanneer u op de knop „Edit“ onder de invoervelden klikt, kunt u de instellingen heel gemakkelijk met behulp van de schuifregelaars uitvoeren, zie volgende afbeelding. De instelling „0“ voor de lichtsterkte deactiveert de LEDs, de instelling „255“ geeft de volledige lichtsterkte. De standaardsnelheid „1“ komt overeen met ongeveer 0,13 seconden, dus „255“ is ca. 32 se- conden. Met de drie „SET“-knoppen kunnen drie kleuren bovendien voor de toepassing met andere kleurwisselingen worden opgeslagen (gewenste kleur met de regelaar instellen en dan op „SET“ klikken om op te slaan). Devoorgedenieerdekleurenkunnendooraanklikkenwordengeselecteerd. 7614. Afvalverwijdering Elektronische apparaten worden beschouwd als waardevolle stoffen en horen niet bij het huisvuil. Gooi het product aan het einde van zijn gebruiksduur weg volgens de geldende wettelijke bepalingen.
SimpelGids