TELEFUNKEN Multitalent RC657 - Fiets

Multitalent RC657 - Fiets TELEFUNKEN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Multitalent RC657 TELEFUNKEN in PDF-formaat.

📄 172 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice TELEFUNKEN Multitalent RC657 - page 131
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL

Questions des utilisateurs sur Multitalent RC657 TELEFUNKEN

0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.

Poser une nouvelle question sur cet appareil

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Aucune question pour l'instant. Soyez le premier à en poser une.

Download de handleiding voor uw Fiets in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Multitalent RC657 - TELEFUNKEN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Multitalent RC657 van het merk TELEFUNKEN.

GEBRUIKSAANWIJZING Multitalent RC657 TELEFUNKEN

Handbook for Pedelecs Manuel du Pedelec Handboek voor pedelecsDE | 3 Pedelec-Pass

  • Met de Pedelec-Pass kan u uw pedelec bij diefstal aan de politie of de verzekering beschreven worden. Vul deze daarom onmiddellijk na de aankoop volledig in en bewaar hem op een veilige plaats. Er kan enkel aanspraak gemaakt worden op de garantie voor materiële gebreken na vertoon van het aankoopbewijs en de ingevulde Pedelec-Pass. Framenr.: Merk: Modelbenaming: EAN: Sleutelnr.: Aankoopdatum: Aankoopprijs: Type: City Framesoort: Heren Trekking Dames MTB Hardtail Unisex MTB Full Suspension Plooiets Motor: Frontmotor Middenmotor Achtermotor Kleur frame: Kleur geel: Kleur vork: Bandengrootte: Speciale uitrusting: Eigenaar Verkoper Naam: Naam: Voornaam: Voornaam: Straat: Straat: Postcode: Postcode: Plaats: Plaats: Telefoon: Telefoon: E-Mail: E-Mail:Inhoudstabel 4 | NL Pedelec-Pass p. 3
  • Inleiding & belangrijke instructies p. 5
  • Opbouw van een pedelec p. 10
  • Montage-instructies / voor de eerste rit p. 12
  • Pedelec-componenten p. 14
  • Pedelec-componenten - Accu p. 16
  • Pedelec-componenten - Bedieningseenheid p. 19
  • Hulp bij de zelfhulp p. 27
  • Reiniging, zorg, opslag p. 29
  • Onderhoud p. 30
  • Inspectiebewijzen NL | 5 Inleiding & belangrijke instructies p. 43

Geachte klant, U hebt gekozen voor een product van ons bedrijf. We bedanken u voor het vertrouwen dat u in ons hebt gesteld en wensen u veel vreugde met uw nieuwe pedelec. Opdat u zo lang mogelijk van uw rijplezier kunt genieten, hebben we in dit handboek veel wetenswaardigheden ronde het thema pedelecs/E-bikes samengevat. Indien u verder nog vragen hebt of hulp nodig hebt, neemt u contact op met het verkooppunt van uw vertrouwen of neemt u direct met ons contact op via telefoon of e-mail. We wensen u altijd een goede rit! Karcher AG Gewerbestr. 19 75217 Birkenfeld Onze service is als volgt voor u ter beschikking: Telefoon: +49 (0)7082 9254-20 Telefax: +49 (0)7082 9254-24 e-mail: service@karcher-products.de Gebruiksinstructies: Kopiëren, vertalen en vermenigvuldiging, ook van fragmenten, is zonder onze voorafgaande, schriftelijke toestemming niet toegelaten. We behouden ons te allen tijde het recht voor op technische wijzigingen tegenover de hier vermelde details en afbeeldingen. De hierbij gepubliceerde uitspraken worden niet geacht volledig te zijn. Ook kunnen voorwaarden afhankelijk van de onderhandelingsstatus van de wetgever wijzigen. Volg daarom publicaties van overheidsinstanties op en neem deze met voorrang en uitsluitend in acht. We zijn niet aansprakelijk voor overtredingen die op basis van onze uitspraken worden begaan. Opmerkingen bij dit handboek Lees dit handboek uiterst zorgvuldig en neem de door ons vermelde instructies in acht. Deze dienen voor uw veiligheid en de lange levensduur van uw pedelec. Dit handboek bevat functiebeschrijvingen en uitrustingsvarianten voor verschillende modellen. Niet alle beschreven componenten of functies zijn aan uw pedelec aanwezig. Een juridische vordering op zulke componenten of functies ontstaat hierdoor niet.Inleiding & belangrijke instructies 6 | NL Beoogd gebruik Gebruik elke pedelec enkel op het terrein waarvoor deze gebouwd en toegelaten is. Overbelast uw wiel nooit. Rijden op ongeschikt terrein of met te hoge lading heeft verhoogde slijtage tot gevolg en kan falende onderdelen tot gevolg hebben. Valgevaar! Pedelecs van de rma Karcher AG zijn uitsluitend voor privégebruik ontworpen. Als u een kinderstoeltje gebruikt, let dan op dat het toegelaten totale gewicht van de bagagedrager (zoals aangegeven op het bagagerek) alsook het toegelaten totaalgewicht van de fabrikant van het kinderstoeltje. Omhul de veerringen onder het zadel zorgvuldig om te voorkomen dat de vingers van het kind ingeklemd raken. Bij montage van kinderaanhangwagens alsook sleepinstallaties neemt u voor de correcte montage de gebruikshandleiding van de betreffende fabrikant alsook het toegelaten totaalgewicht in acht. Koop uitsluitend gecontroleerde kinderstoeltjes, kinderaanhangwagens en sleepinstallaties (bv. DIN/GS-gecontroleerd) en let in alle gevallen op de correcte montage volgens de instructies van de fabrikant. Bij twijfel stelt u vragen aan uw handelaar ter plaatse. Als het maximaal toegestane totale gewicht op het rek (zoals aangegeven op het rek) minder is dan 27 kg, dan is het rek niet geschikt om een kinderzitje te monteren. Speciale instructies voor pedelecs Toepassingsgebieden pedelec

  • Gebruik de pedelec niet voor wedstrijden.
  • Vermijd grotere putten en rijd niet door waterplassen. De pedelec is daarvoor niet bedoeld.
  • Vermijd ritten bij extreme weersomstandigheden zo veel mogelijk. Opmerkingen bij de accu en lader Aandrijvingseenheid, accu en lader zijn op elkaar afgestemd en uitsluitend voor gebruik voor uw pedelec toegelaten. Gebruik de accu of lader niet voor andere systemen. Gebruik enkel toegelaten accutypes. De laadtijd van de accu bedraagt afhankelijk van de accucapaciteit ong. 5 - 6,5 u. Laad de accu maximaal 1 u zonder toezicht op, daarna moet u telkens opnieuw het laadproces controleren en ev. de lader van het net resp. de accu ontkoppelen. Opmerkingen over de verlichting Als uw pedelec met een rijlicht op accu uitgerust is, moet de accu bij ritten in het wegverkeer altijd geplaatst zijn. Zo wordt gegarandeerd dat de verlichting te allen tijde werkingsklaar is. Opmerkingen over het totaalgewicht De vermelding van het toegelaten totaalgewicht van uw pedelec bevindt zich op het typeplaatje. Dit vindt u aan het frame van de pedelec. Neem bij twijfel contact op met uw vakhandelaar. Informatie over de manipulatie van het elektrische systeem Het elektrische systeem van de Pedelec mag op geen enkele manier worden gemanipuleerd of gewijzigd. Houd ook rekening met de mogelijkheid dat derden dit kunnen doen terwijl de Pedelec niet onder uw toezicht staat. Opmerkingen bij de eerste rit met elektrische ondersteuning Maak u voor de eerste rit vertrouwd met de pedelec. Denk eraan dat u ev. door andere verkeersdeelnemers foutief ingeschat kunt worden qua snelheid. De pedelec ondersteunt u slechts zolang tot u zelf de pedalen indrukt, hoe sneller u trapt, hoe sneller de pedelec wordt. Bij het bereikenNL | 7 Inleiding & belangrijke instructies

van een snelheid van 25 km/u schakelt de ondersteuning automatisch uit. Eveneens wordt bij een remprocedure (voor- of achterrem) de ondersteuning automatisch onderbroken. Let erop dat de vertrekhulp niet per ongeluk in de stand bv. aan een verkeerslicht geactiveerd wordt. Trek daarom in het beste geval altijd een rem dicht om het per ongeluk starten van de motor te verhinderen. Uit ervaring weten we dat het een voordeel is als u bij het eerste gebruik de ondersteuning volledig uitgeschakeld laat om zich eerste met de rij-eigenschappen vertrouwd te maken. Schakel de ondersteuning in en wen eerst aan de laagste ondersteuning. Deze kunt u almaar meer verhogen. Bij werkzaamheden aan de pedelec alsook bij het reinigen valt het altijd aan te raden om de stroomtoevoer te onderbreken zodat het systeem niet per ongeluk ingeschakeld kan worden. Reinig de pedelec enkel met een vochtige doek, vermijd dat de pedelec met een stoomdrukreiniger gereinigd wordt. Hierdoor kan er per ongeluk water in de elektronica dringen en een kortsluiting veroorzaken. Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen die de lak resp. de kunststofonderdelen kunnen aantasten. Algemene kerngegevens van de pedelec Nominaal vermogen: 250 Watt Nominale spanning: 36V DC Uitschakelsnelheid: 25 km/h Leeggewicht: ca. 25 kg Maximaal toegelaten totaalgewicht: 150 kg (tenzij anders vermeld op het EPAC-label) 120 kg (plooiets) De technische gegevens kunnen afhankelijk van het model en de uitrusting afwijken. De gegevens over uw model vindt u op het EPAC-label dat zich aan het frame bevindt. De pedelec werd volgens EN 15194 / EN ISO 4210-2 geproduceerd. Het A-gewogen geluidsniveau van de emissie bij de oren van de bestuurder is minder dan 70 dB (A). Veiligheidsinstructies Neem de volgende veiligheidsinstructies in acht. Niet in acht nemen van deze instructies kan ongevallen alsook materiële schade en persoonlijke verwondingen tot gevolg hebben.

  • Maak u eerst naast de openbare weg vertrouwd met de functies en het rijgedrag van uw nieuwe pedelec. Door het hogere eigengewicht van de pedelec is diens remweg langer dan bij een ets. Oefen vooral het vertrekken, remmen en rijden in nauwe bochten in.
  • Volg steeds de wetten en verkeersregels op van het land waarin u de pedelec gebruikt. In Duitsland zijn deze voorschriften in de StVZO en de StVO geregeld.
  • Volgens StVO moet elke deelnemer aan het openbare wegverkeer zich zodanig gedragen dat niemand anders in gevaar komt, schade oploopt of meer dan volgens de omstandigheden onvermijdelijk gestoord resp. gehinderd wordt. Rijd daarom altijd vooruitziend en omzichtig. Houd rekening met andere verkeersdeelnemers.
  • Uw pedelec mag enkel dan op openbare straten en wegen rijden als hij van de uitrusting voorzien is die in het betreffende land wettelijk voorgeschreven is. Volgens de StVZO moet een pedelec in Duitsland met - twee onafhankelijk van elkaar werkende remmen, - een duidelijk hoorbare bel, - een werkende koplamp en een achterlamp, - reectoren in de spaken resp. reecterende zijstrepen op de velg of banden, - pedaalreectoren, - een witte, naar voren werkende reector (indien niet in de koplamp geïntegreerd), - een rode, naar achter werkende reector (grote Z-reector) uitgerust zijn.Inleiding & belangrijke instructies 8 | NL
  • Bij slechte weersomstandigheden zoals nattigheid, sneeuw of ijzel moet er uiterst voorzichtig gereden worden of verschuif de rit naar een later tijdstip. Vooral de remprestatie kan bij slechte weersomstandigheden sterk beïnvloed worden.
  • Bij duisternis en slechte visuele omstandigheden moet de verlichting altijd ingeschakeld zijn. Als de verlichting is ingeschakeld, ziet u niet enkel beter maar u wordt ook door andere verkeersdeelnemers beter gezien. We raden aan om een etshelm te dragen om het risico op hoofdletsel te verlagen.
  • Draag opvallende kleding met heldere kleuren en reecterende strepen zodat u door andere verkeersdeelnemers beter en sneller gezien wordt.
  • Er bevinden zich draaiende en bewegende onderdelen aan uw pedelec. Door foutieve kleding, onjuiste hantering of onachtzaamheid bestaat er gevaar voor verwonding. - Beenbekleding moet nauw aansluitend zijn. Gebruik ev. broekklemmen. - Kledingstukken (bv. sjaals, rokken, koorden, enz.) mogen niet afhangen aangezien deze in de spaken kunnen raken. - Schoenen moeten antislip zijn en de voeten voldoende ondersteunen.
  • Het maximaal toegelaten totaalgewicht van de pedelec mag de op het typeplaatje (bevindt zich op het frame van de pedelec) vermelde waarde niet overstijgen. Dit maximaal toegelaten totaalgewicht omvat naast de pedelec de etser alsook alle soorten ladingen (bv. mand en zijtassen met inhoud, kinderzitje incl. kind, aanhangwagen en belasting aanhangwagen). Overschrijding kan beschadigingen en ongevallen met verwondingsgevaar tot gevolg hebben.
  • Technische wijzigen mogen enkel volgens StVZO en de op het typeplaatje vermelde DIN EN ISO uitgevoerd worden. Dit geldt in het bijzonder voor veiligheidsrelevante onderdelen zoals frame, vork, stuur, stuurvoorbouw, zadel, zadelsteun, bagagedrager, alle remcomponenten (vooral remhendel & remvoeringen); verlichtingsinrichtingen, trapzwengel, loopwielen, aanhangerkoppelingen, banden en slangen. Zoals het geval is bij alle mechanische componenten, is een pedelec blootgesteld aan slijtage en hoge belastingen. Als de ontwerplevensduur van een onderdeel overschreden wordt, kan het onderdeel plots falen en mogelijk verwondingen bij de etser veroorzaken. Alle soorten scheuren, krassen of kleurveranderingen aan zwaar belaste delen is een signaal dat de levensduur van het onderdeel werd bereikt en dat het onderdeel vervangen moet worden. Als u niet zeker bent met betrekking tot het vervangen van onderdelen aan uw pedelec, in het bijzonder rem- en wielelementen, neemt u contact op met uw gespecialiseerde etshandelaar. Bijzondere opmerkingen §1 van het verkeersreglement zegt dat elke deelnemer aan het openbare wegverkeer zich zodanig moet gedragen dat niemand anders in gevaar komt, schade oploopt of meer dan volgens de omstandigheden onvermijdelijk gestoord resp. gehinderd wordt. Houd hier bij elke rit rekening mee! Principieel gelden de voorschriften van het verkeersreglement van het land waarin met de pedelec wordt gereden.
  • Pedelecs met straatuitrusting zijn op basis van het ontwerp en de uitrusting - met en zonder veersystemen - bedoeld om op openbare straten en verharde wegen gebruikt te worden. De vereiste veiligheidstechnische uitrusting werd door de fabrikant meegeleverd en moet door de gebruiker regelmatig gecontroleerd en - indien vereist - onderhouden worden.
  • Voor elk verdergaand gebruik resp. het niet in acht nemen van de veiligheidstechnische instructies van deze gebruiksaanwijzing alsook die van de onderdelenfabrikant en voor de daaruit volgende schade is de fabrikant niet aansprakelijk. Dit geldt in het bijzonder bij: - Gebruik van de straatets op het terrein, - Overbelading alsook - nicht-correcte oplossing van gebreken.NL | 9 Inleiding & belangrijke instructies

Aansprakelijkheid voor gebreken/wettelijke garantie U hebt recht op een wettelijke garantie van 24 maanden na aankoop van deze pedelec. Binnen deze termijn zal onze handelspartner u volgens de serviceverklaring voor het oplossen van de vastgestelde gebreken in het kader van de wettelijke garantie ter beschikking staan. In deze service zijn slijtageonderdelen niet opgenomen. De voorwaarde is het beoogde gebruik van de pedelec. Er bestaat geen aansprakelijkheid voor gebreken bij:

  • Manipulatie van het elektrische systeem
  • schade aan lak of chroom die door weers-, vocht- of milieu-invloeden (vooral ammoniak- of zouthoudende lucht) ontstaan is.
  • Niet-correcte behandeling/gebruik
  • Constructieve veranderingen tegenover de leveringstoestand van de pedelec
  • Slijtage door gebruik van bijvoorbeeld - Motor - Banden - Remonderdelen - Kettingen - Veerelementen - Opslagcomponenten - Kabels - Gloeilampen - Batterijen/ accu’s
  • Bij grof nalatige of moedwillige beschadigingen
  • Schade door gebruik van de ets/pedelec bij wedstrijden
  • Schade na buitengewone gebeurtenissen zoals een ongeval Bij pedelecs op accu geldt een begrensde garantie van 6 maanden. Afdanking van elektro- en elektronicatoestellen Dit symbool op het product wijst erop dat het niet samen met het normale huishoudelijke afval afgevoerd mag worden. Voor af te danken elektro- en elektronicatoestellen is er een bijzonder, gratis afvoersysteem. Meer informatie krijgt u van uw lokale afvalverwerkingsbedrijf of van de handelaar bij wie u het product gekocht hebt. Met de gescheiden afvoer helpt u om het milieu en de gezondheid van uw medemensen te beschermen.Opbouw van een pedelec 10 | NL We willen u hier de in de etsbouw gebruikte begrippen voor aparte componenten bijbrengen zodat u in het geval van een technisch probleem de fout zo precies mogelijk kunt beschrijven. De onderstaande afbeeldingen dienen enkel voor eenvoudigere illustratie. De werkelijke uitvoering en kleur van uw pedelec kan hiervan afwijken. Mountainbike - Hardtail

4NL | 11 Opbouw van een pedelec

2. Bagagedrager/achterbouw

3. Accu & accuhouder

4. Remschijf/remzadel

7. koplamp(niet afgebeeld)

8. Achterlamp (niet afgebeeld)

10. Vork/veervorkMontage-instructies / voor de eerste rit

12 | NL Voer eerst de volgende instellingen op uw persoonlijke vereisten aan uw pedelec uit. Als u hierbij niet zeker bent, laat u uw pedelec door een gekwaliceerde mechanicus monteren en voorbereiden. Stuurvoorbouw/stuur

1. Maak de klemschroeven onder de rubberkap van de voorbouw

los met een binnenzeskantsleutel van 4 resp. 5 mm.

2. Lijn het stuur recht uit.

3. Haal de klemschroeven opnieuw aan (10 Nm).

4. Controleer of alle schroeven van de voorbouw vastzitten

1. Maak de zijdelingse klemschroeven van de voorbouw

met een binnenzeskantsleutel van 4 resp. 5 mm los.

2. Lijn het stuur recht uit.

3. Haal de klemschroeven opnieuw aan (10 Nm).

4. Zet vervolgens de vier schroeven van de klem vast.

Pedalen monteren Let bij het monteren van de pedalen absoluut op de markering (L) links en (R) rechts. De markering geldt in de rijrichting. De pedalen worden altijd in de rijrichting naar voren vastgeschroefd en hebben daarom verschillende schroefdraden. Om corrosie door vuil en water en daaruit resulterende knarsende geluiden te voorkomen, valt het aan te raden de schroefdraden met een beetje montagevet in te strijken. Niet met geweld vastschroeven! Aanhaalmoment: 35 Nm Aanhaalmoment pedaalarmen: 40 Nm - absoluut na 50 km laten aanhalen! Zadel instellen Om de optimale zithoogte in te stellen moet u op uw ets gaan zitten en een voet met de hiel op de zich onderaan bevindende pedaal plaatsen. Nu moet uw been volledig gestrekt zijn. Om de minimale hoogte van het zadel te berekenen vermenigvuldigt u de traplengte met 0,885, zo bepaalt u de minimale zadelhoogte. De kanteling van het zadel kan aangepast worden door de inbusschroef los te maken. Vergrendel het zadel in de gewenste positie en schroef de inbusschroef opnieuw vast. Let absoluut op de minimale insteekdiepte van de zadelsteun! Op de zadelsteun bevindt zich een markering tot waar de zadelsteun zich minimaal in de zitbuis moet bevinden. De zadelsteun kan verschuiven of breken als de minimale insteekdiepte niet gerespecteerd wordt! Bovendien mag de zadelsteun niet ingekort worden. Ongeval- en verwondingsgevaar! Schakeling/remmen Maak u vertrouwd met de schakeling van de remmen en neem ev. de apart bijgevoegde bedieningshandleiding in acht. Andere opmerkingen over de schakeling vindt u ook in het hoofdstuk “Onderhoud”. Indien u onzeker bent, oefent u voor de eerste uitstap op een oppervlak waar dit toegelate en zonder gevaar is.NL | 13 Montage-instructies / voor de eerste rit

Door aan de linker remhendel te trekken remt u het voorwiel af, met de rechter remhendel remt u het achterwiel. Bij etsen met terugtraprem kunt u bovendien het achterwiel door “achteruit te trappen” afremmen. Rem altijd gelijkmatig en zo veel mogelijk tegelijkertijd met de voor- en achterwielrem. Let erop dat de remweg op een natte straat of gladde ondergrond (straatvuil, zand, gebladerte) duidelijk langer wordt. Verlichting Overtuig uzelf ervan dat de verlichting in vlekkeloze toestand is. Fiets met draadloze verlichting: Voor- en achterlamp moeten apart ingeschakeld worden. De voorlamp heeft een geïntegreerde accu die met micro-USB-kabel opgeladen kan worden (Laadkabel niet meegeleverd). De achterlamp wordt met normale batterijen van de grootte AA/LR6 aangedreven. Fietsverlichting met kabel, aangedreven via de etsaccu: De bediening wordt hierbij via de bedieningseenheid in- en uitgeschakeld. Zie hiervoor het gedeelte „Pedelec-componenten - Bedieningseenheid“. Vastzitten van alle schroeven Controleer of alle schroeven vastzitten. De etsen worden grotendeels in handwerk gemonteerd, aan het einde van de montage gecontroleerd en pas dan verpakt voor transport. Onafhankelijk daarvan controleert u nogmaals of alles in orde is voor u opstapt en wegrijdt. Controleer voor elke rit altijd de werkingsklare toestand van uw ets en schenk vooral aandacht aan de veiligheidsrelevante onderdelen zoals remmen, verlichting, schakeling en of alle schroeven vastzitten. Een ets is een vervoermiddel dat blootstaat aan bijzondere milieu-invloeden zoals nattigheid, koude en bij werking ook aan onverharde wegen. Daarbij kunnen onderdelen los raken en in hun functie beperkt zijn. Als bestuurder van de ets bent u voor de correcte toestand verantwoordelijk. Houd in uw eigen belang van het waardebehoud van de ets en uw gezondheid de ets in een vlekkeloze toestand. Plooiframe Bij een pedelec met plooiframe („plooiets“) zijn er enkele speciale punten die in acht genomen moeten worden:

  • zorg er voor elke rit voor dat de hendel van het sluitingsmechanisme volledig en correct gesloten is ev. correct vergrendeld is zodat inklappen van het frame niet mogelijk is. Ongevalgevaar!
  • Zorg er bij het in- en uitklappen van het frame voor dat er geen kabels of andere zaken tussen de frameonderdelen geklemd worden. Ongevalgevaar!Pedelec-componenten 14 | NL Een pedelec is een ets die bovenop alle etsspecieke eigenschappen met een elektrisch ondersteunend systeem is uitgerust. Dit systeem bestaat uit de volgende componenten:
  • Remhendel met nooduitschakeling Het elektrische systeem heeft de functie om u als etser te ondersteunen zodat u uw persoonlijke actieradius kunt uitbreiden. Een pedelec heeft een uitsluitend ondersteunend systeem dat met uitzondering van een ev. aanwezige vertrekhulp tot 6 km/u (stapsnelheid) enkel dan in werking treedt als u als etser de pedalen indrukt. Als er een vertrekhulp geïnstalleerd is, moet u, als u na 01/04/1965 geboren bent, minstens houder van een brometsrijbewijs zijn of een hoogwaardiger rijbewijs zoals auto- of motorrijbewijs hebben. Pedelecs zijn op basis van het feit dat ze tot een snelheid van maximaal 25 km/u ondersteunend ingrijpen, vrij van inschrijving en verzekering. Let er altijd op dat de bereikbare reikwijdte van een pedelec extreem sterkt afhankelijk is van u als bestuurder. Naast de milieu-invloeden zoals terreinproel, windverhoudingen of temperatuur bent u als bestuurder een bepalende factor. Enerzijds is het gewicht dat bewogen wordt, een aanzienlijke invloedsfactor, anderzijds is de kracht die u kunt uitoefenen, bepalend. Door de uitrusting van onze pedelecs met een trapfrequentiesensor meet het systeem enkel de trapfrequentie, maar niet de trapsterkte die u bijdraagt. Zo kan de ondersteuning door het systeem enkel via de ECO-modus beïnvloed worden. Afhankelijk van de uitvoering hebt u 6 niveaus ter beschikking. Hoe hoger de ondersteuning door het systeem wordt, hoe lager de bereikbare reikwijdte. De variantie rijkt hierbij van minder dan 20 km tot ong. 100 km. Minder dan 20 km bereikt u, als u het systeem gewoon “doet geloven” dat u meetrapt doordat u de eerste versnelling inschakelt en u nagenoeg volledig door het systeem laat “trekken”. Als u sportief in een hogere versnelling rijdt en met een snelheid van meer dan 25 km/u onderweg bent, ondersteunt het systeem u enkel bij het vertrek en schakelt het de ondersteuning uit vanaf 25 km/u. Zo is de reikwijdte dan theoretisch onbeperkt en enkel door de zelfontlading van de batterij binnen 3 maanden begrensd. We vermelden dit punt zo uitvoerig om u duidelijk te maken dat een vermelding van de reikwijdte altijd een niet-precieze vermelding onder aangenomen kadervoorwaarden kan zijn. Beschouw een pedelec daarom als “trainingstoestel” met het doel om de fysieke theid verder te verhogen zodat u zo weinig mogelijk ondersteuning door het elektrische systeem nodig hebt.NL | 15 Pedelec-componenten

Indien u onverwacht een storing vaststelt, probeer deze dan aan de hand van de volgende tabel op te lossen: Foutbeschrijving Oplossing Schakelaar ingeschakeld. Capaciteitsweergave brandt niet Hoofdzekering controleren, ev. vervangen. Accu niet juist in het frame Schakelaar ingeschakeld, laatste LED van de capaciteitsweergave brandt Accu leeg - opladen Motor schakelt niet in Verbindingsstekker aan de linker vorkschacht controleren. Accu niet correct in het frame ingebracht? Opnieuw plaatsen accu leeg - opladen Accu leeg Systeem vergeten uit te schakelen? Accu opladen Accu kan niet opgeladen worden - LED aan de lader brandt Werkt het stopcontact? Laadstekker correct in de laadbus gestoken? De vermelde reikwijdte wordt niet bereikt De reikwijdte wordt individueel volgens de omstandigheden zoals het gewicht van de bestuurder, wind, terrein, graad van ondersteuning hoger of lager. Een lagere reikwijdte is geen indicatie voor een defecte accuPedelec-componenten - Accu 16 | NL Veiligheidsinstructies Neem de volgende veiligheidsinstructies absoluut in acht. Niet in acht nemen kan kortsluitings-, brand- en explosiegevaar en verwondingen tot gevolg hebben.

  • Gebruik voor deze pedelec uitsluitend de meegeleverde accu en de meegeleverde lader.
  • Controleer de accu regelmatig op eventuele beschadigingen. Een accu met beschadigde behuizing mag niet meer gebruikt worden. Vervang de accu.
  • Houd de accu verwijderd van vuur en hitte. Leg de accu nooit in de magnetron.
  • Houd de accu verwijderd van water en vocht. Reinig ze nooit met een hogedrukreiniger of andere waterstraal.
  • Houd alle metalen voorwerpen (bv. spijkers, schroeven, metalen krullen, enz) verwijderd van de accu- en ladercontacten.
  • Vermijd een kortsluiting van de accu.
  • Stel de accu niet bloot aan intensieve stoten of continue trillingen.
  • Open of repareer de accu nooit. Vervang de accu in de plaats daarvan bij een defect. Gebruik hiervoor uitsluitend origineel toebehoren en originele reserveonderdelen van de fabrikant.
  • Verwijder de accu bij transport van de pedelec (bv. etsdrager op de auto). Stel de accu tijdens het transport niet bloot aan intensieve stoten of continue trillingen. Let steeds op een veilige opslag. Onderhoud en omgang met de accu De gebruikte batterij is een lithium-ion-accu van de nieuwe generatie. Deze heeft geen Memory-Li- effect meer zoals dat tot enkele jaren geleden gebruikelijk was bij NiCd-cellen. Dat betekent dat u de batterij voor het opladen niet meer volledig leeg moet laten lopen. U kunt de accu onafhankelijk van de laadtoestand te allen tijde bijladen zonder dat u aan capaciteit inboet. Na elke rit moet de batterij opgeladen worden tot de lader uitschakelt. Let erop dat het systeem wordt uitgeschakeld als de aandrijving niet wordt gebruikt (ook bij pauzes). Anders wordt de accu diep ontladen. Dit kan de accu beschadigen! De batterij is onderhevig aan een zekere zelfontlading. Om de volledige capaciteit voor uw rit te garanderen moet u de batterij voor het begin van de rit, onafhankelijk van de capaciteitsweergave, bijladen. De lange levensduur van uw batterij ondersteunt u aanzienlijk doordat u er steeds op let dat de batterij niet ontlaadt. Dat betekent dat ook tijdens de wintermaanden altijd eens tussengeladen moet worden, het beste in een ritme van 6 - 8 weken. Sla de batterij in geen geval op in een ruimte met hoge temperatuurschommelingen en negatieve temperaturen. U beschermt uw batterij het best als u ze bij kamertemperatuur opslaat. De batterij mag nooit leeg opgeslagen worden! Let erop dat de batterij een van de hoogst ontwikkelde en waardevolste onderdelen van de pedelec is en ga er in uw eigen belang altijd sparend mee om. Bij het verwijderen en plaatsen van de accu moeten het elektrische systeem/de motor uitgeschakeld zijn.NL | 17 Pedelec-componenten - Accu

Bediening Accutype Bagagedrageraccu Frameaccu Frameaccu semi-geïntegreerd Zitbuisaccu Aanzicht Accu plaatsen Schuif de accu in de houder aan de bagagedrager. Vergrendel de accu aan de hand van de sleutel. Steek de accu in de houder aan het frame tot deze vergrendelt. Steek de accu in de houder aan het frame tot deze vergrendelt. Trek de zitbuis uit het frame en schuif de accu inde houder aan de zitbuis. Inschakelen Als het een systeem met een hoofdschakelaar is, stelt u deze op “I” in. Druk op de in-/ uitschakeltoets resp. houd deze 2 seconden lang ingedrukt - afhankelijk van het systeem - om het systeem in te schakelen. Druk op de in-/ uitschakeltoets resp. houd deze 2 seconden lang ingedrukt - afhankelijk van het systeem - om het systeem in te schakelen. Druk op de in-/ uitschakeltoets resp. houd deze 2 seconden lang ingedrukt - afhankelijk van het systeem - om het systeem in te schakelen. Draai de sleutel naar de positie “ON” en houd dan de in-/ uitschakeltoets aan de bovenzijde van de accu 2 seconden lang ingedrukt om het systeem in te schakelen. Uitschakelen Druk de in-/ uitschakeltoets in resp. houd deze 2 seconden lang ingedrukt - afhankelijk van het systeem - om het systeem uit te schakelen. Als het een systeem met een hoofdschakelaar is, stelt u deze op “0” in. Druk de in-/ uitschakeltoets in resp. houd deze 2 seconden lang ingedrukt - afhankelijk van het systeem - om het systeem uit te schakelen. Druk de in-/ uitschakeltoets in resp. houd deze 2 seconden lang ingedrukt - afhankelijk van het systeem - om het systeem uit te schakelen. Draai de sleutel naar de positie “OFF” Accu verwijderen Maak de vergrendeling aan de hand van de sleutel los en trek de accu uit de houder. Maak de vergrendeling aan de hand van de sleutel los en trek de accu uit de houder. Maak de vergrendeling aan de hand van de sleutel los en trek gelijktijdig aan de hendel aan de linker zijde van de accuhouder om de accu te kunnen verwijderen. Trek de zitbuis uit het frame. Druk de sleutel dan licht in het slot om deze op de positie”UNLOCK” in te stellen. De accu kan nu uitgetrokken worden.Pedelec-componenten - Accu 18 | NL De accu opladen

  • Gebruik voor het laden enkel de originele lader. Het gebruik van andere toestellen leidt tot verwoesting van de batterijcellen.
  • Laad de accu bij de eerste oplading gedurende 24 uur op. Om op te laden steekt u de laadstekker van de lader in de laadbus aan de batterij. Steek de lader in het stopcontact. De correcte laadfunctie wordt door de LED als volgt weergegeven: Rood = laden is bezig Groen = laden beëindigd Afdanking Batterijen en accu’s mogen niet met het normale huisvuil afgevoerd worden. Elke consument is verplicht om oude batterijen en accu’s bij een inzamelpunt van zijn gemeente, zijn stadsdeel of in de handel af te geven zodat ze op een milieuvriendelijke manier afgevoerd kunnen worden. Lithiumbatterijen en accupacks mogen enkel in ontladen toestand bij terugnamepunten afgegeven worden. Er moeten voorzorgen tegen kortsluiting getroffen worden (bv. door het isoleren van de polen met kleefstroken).NL | 19 Pedelec-componenten - Bedieningseenheid

Onze pedelecs zijn afhankelijk van het model met verschillende LCD-panelen uitgerust. Daarom worden hieronder verschillende systemen verklaard.

  • Let op uw veiligheid. Maak in geen geval de verbinding los wanneer de display ingeschakeld is.
  • Vermijd stoten en slagen.
  • Stel de display niet bloot aan nattigheid of vocht.
  • Gebruik de display niet als hij defect is.

KM529 Snelheid Snelheidseenheid Foutcode Ondersteuningsniveau Afstandseenheid Set Batterij Afstand In-/uitschakelen

  • Om het systeem te starten houdt u de toets
  • Om het systeem uit te schakelen houdt u de toets

opnieuw gedurende 2 seconden ingedrukt. Als de pedelec meer dan 10 minuten lang niet gebruikt wordt, schakelt het systeem automatisch uit. Selectie van het ondersteuningsniveau

  • Druk de toets in om het ondersteuningsniveau te verhogen.
  • Druk de toets in om het ondersteuningsniveau te verlagen.
  • De niveaus reiken van 1 tot 5 en worden aan de rechter displayzijde weergegeven.
  • Niveau 1-5 is als volgt begrensd in maximale snelheid: 12 km/u, 16 km/u, 19 km/u, 22 km/u en 25 km/u.
  • Bij het inschakelen van de E-bike is automatisch niveau 1 geselecteerd. De ondersteuning neemt bij het indrukken van de pedalen lineair toe zodat aangenaam zacht rijden mogelijk wordt. Daardoor wordt het risico van tractieverlies voorkomen. Snelheidsaanduidingen De standaardinstelling na het inschakelen van de display geeft de actuele snelheid aan. Druk gelijktijdig op de toetsen

en gedurende ongeveer twee seconden om de weergegeven informatie in de volgende volgorde te wijzigen: Actuele snelheid (km/u) -> gemiddelde snelheid (km/u) -> topsnelheid Afstandsweergaven De standaardinstelling na het inschakelen van de display geeft de actueel afgelegde snelheid aanPedelec-componenten - Bedieningseenheid 20 | NL (“Trip”). Druk op de toets

om de weergegeven informatie in de volgende volgorde te wijzigen: Actuele afstand (“Trip“) -> Totale afstand (“Odo“) Dagkilometers resetten Om de dagkilometers te resetten moet de display op “Trip” staan. Druk de toetsen

en gelijktijdig in om de weergave op 0 te zetten. Schuifhulp Houd de toets ingedrukt om de schuifhulp te starten. De display moet daarvoor ingeschakeld zijn. Verlichting in-/uitschakelen

  • Druk ongeveer twee seconden op de toets om de verlichting van de display in te schakelen. De koplamp van de pedelec wordt gelijktijdig ingeschakeld.
  • Houd de knop opnieuw gedurende twee seconden ingedrukt om de verlichting opnieuw in te schakelen. Dit geldt enkel voor koplampen die met het pedelecsysteem verbonden zijn, niet voor pedelecs met apart aangedreven (draadloze) koplampen. Deze moeten apart in-/ uitgeschakeld en met een micro-USB-kabel (niet meegeleverd) opgeladen worden. De achterlamp wordt met normale batterijen van de grootte AA LR6 aangedreven. Displayhelderheid instellen Onder het menupunt “BL” kunt u de verlichting van de display regelen.
  • Houd hiervoor de toetsen en gelijktijdig ingedrukt. Kies met behulp van de toetsen resp. de gewenste waarde tussen 1 en 3, waarbij 1 de laagste en 3 de hoogste helderheid aanduidt.
  • De fabrieksinstelling is 1. “bL” achtergronfverlichting.
  • Bevestig uw keuze met de toets

om het instellingenmenu af te sluiten.

  • Om het systeem te starten houdt u de toets “MODE” gedurende 2 seconden ingedrukt.
  • Om het systeem uit te schakelen houdt u de toets “MODE” opnieuw gedurende 2 seconden ingedrukt. Als de pedelec meer dan 10 minuten lang niet gebruikt wordt, schakelt het systeem automatisch uit. Display-interface Na het inschakelen geeft de display de gereden snelheid en gereden km alsook de accustand en het ondersteuningsniveau aan. Om de weergave te wijzigen drukt u kort op de toets “MODE” zoals hieronder getoond. Snelheid (km/u)-> gereden afstand (km) -> gereden tijd (hour)-> maximale snelheid (km/u) -> gemiddelde snelheid (km/u)-> motorvermogen (W) -> Actuele snelheid (km/u)NL | 21 Pedelec-componenten - Bedieningseenheid

Schuifhulp Om de schuifhulp te activeren drukt u op de min-toets. De pedelec rijdt dan 6 km/u zonder te trappen. Licht aan/uit

  • Om het licht in te schakelen houdt u de plus-toets gedurende 2 seconden ingedrukt.
  • Om het licht uit te schakelen gaat u op dezelfde manier te werk. Ondersteuningsniveau wijzigen Om het ondersteuningsniveau te kiezen drukt u op de plus- resp. min-toets op de display. Dagkilometers resetten Om de dagkilometers te restten drukt u gelijktijdig op de plus- en min-toets om tussen Y en N te kiezen. De standaardwaarde is N. Kies Y en bevestig met de toets “MODE” om de dagkilometers op 0 te resetten. Instelling km/mijl U betekent instelling km of mijl, „U-1” betekent mijl, „U-2” betekent kilometer. De standaardinstelling is op km (U-1) ingesteld. Om de instelling te wijzigen houdt u de toets “MODE” ingedrukt. Kies vervolgens met plus of min tussen de beide opties. Bevestig opnieuw met de toets “MODE”.Pedelec-componenten - Bedieningseenheid 22 | NL Ondersteuningsniveautabel

Achtergrondverlichting

Bafang Beschrijving van de weergave Verklaring van de weergaven A. Instructie “onderhoud”: Indien onderhoud noodzakelijk is, verschijnt het symbool “SERVICE”. Het geeft aan dat een zekere loopprestatie bereikt resp. overschreden werd of wanneer een zeker aantal batterijladingen bereikt werd. B. Menu (keuzetoets) C. Snelheidsweergave km/u of mph (mijl) D. Weergave voor gemiddelde snelheid (AVG) resp. hoogst gereden snelheid (MAXS) E. Weergavefout in het systeem. Dit symbool vakhandelaar contacteren verschijnt. F. Afstandsweergave – geeft de reikwijdte afhankelijk van de gekozen instellingen aan G. Weergave van de ondersteuningsgraad (1 tot 5) van de motor. Als er geen weergave verschijnt, ondersteunt de motor niet. Als het wiel wordt verschoven, herkent het systeem dit en de weergave WALKH verschijnt. Weergave voor gang- resp. schuifondersteuning

I. Weergave valt weg bij uw voertuig

J. Weergave voor gereden afstand: Dagtrajectteller en totale loopprestatie K. Batterij-informatie met 10-segmentweergave; de voltage die elk segment representeert, kan individueel aangepast worden A. HOGER B. LAGER C. valt weg

E. Selectieknop In-/uitschakelen Houd gedurende 2 seconden ingedrukt - Display wordt geactiveerd. Houd gedurende 2 seconden ingedrukt - Display wordt gedeactiveerd. Als de pedelec niet wordt gebruikt, grijpt de energiebesparingsfunctie in en schakelt het systeem automatisch uit. De uitschakeltijd is instelbaar. Ondersteuningsmodus Na activering van het systeem drukt u op plus of min om de gewenste motorondersteuning te kiezen. Het laagste niveau is 1 – het hoogste 5. Als het systeem geactiveerd is, is het niveau “1” het standaardniveau. Als er geen getal wordt weergegeven, is er geen motorondersteuning aanwezig.Pedelec-componenten - Bedieningseenheid 24 | NL Omschakelen tussen “kilometerprestatie / traject” en “snelheid” Druk kort op Omschakelen tussen “kilometerprestatie / traject” en “snelheid” om tussen de weergavemodi te schakelen: dagkilometerteller, totale kilometerteller, maximale snelheid of gemiddelde snelheid. Schuifhulp Houd min gedurende twee seconden ingedrukt - de E-bike gaat naar de “schuif” = WALK-modus als de toets wordt losgelaten, wordt de schuiffunctie beëindigd.

Ananda D13 Knop Knop + Knop - Batterij status Bijstandsniveau Lichtindicator (wordt weergegeven wanneer de lichten zijn ingeschakeld) Push Assistance Indicator (wordt weergegeven als de push-assistentie actief is) Snelheidsindicator Ritinformatie weergeven Aan / uit zetten

  • Houd de knop /M ingedrukt om het systeem in te schakelen.
  • Houd de knop /M ingedrukt om het systeem uit te schakelen. Opmerking: als het systeem niet wordt gebruikt, wordt het na 10 minuten automatisch uitgeschakeld. Batterij status
  • Wanneer alle balken van de batterijstatusweergave worden weergegeven, is de batterij volledig opgeladen.
  • Hoe minder balken er worden weergegeven, hoe lager de batterijlading. Opmerking: ter bescherming van de batterij mag deze nooit volledig worden ontladen. Laad de batterij op als er nog twee balken van de batterijstatusweergave over zijn. Bijstandsniveau Het systeem biedt 5 ondersteuningsniveaus.
  • Druk eenmaal op de knop + om een hoger ondersteuningsniveau te selecteren.
  • Druk eenmaal op de knop - om een lager ondersteuningsniveau te selecteren.
  • Als “0” is ingesteld, is er geen hulp. Push Assistance
  • Houd de knop ingedrukt - terwijl u drukt om de duwhulp te activeren.
  • Zodra de knop - wordt losgelaten, wordt de duwhulp gedeactiveerd. Lichten aan / uit Opmerking: dit is alleen beschikbaar wanneer de lichten van uw pedelec op het systeem zijn aangesloten.NL | 25 Pedelec-componenten - Bedieningseenheid
  • Houd de knop + ingedrukt om de verlichting in te schakelen.
  • Houd de knop + opnieuw ingedrukt om de verlichting uit te schakelen. Ritinformatie Terwijl het systeem is ingeschakeld, drukt u kort en herhaaldelijk op de knop /M om de volgende ritinformatie op het display weer te geven:
  • Totale gereden afstand (ODO)
  • Max. snelheid (MAX SPEED)
  • Gemiddelde snelheid (AVG SPEED) Om de bovenstaande waarden te resetten (behalve de totale gereden afstand), houdt u de knoppen +/- tegelijkertijd ongeveer 5 seconden ingedrukt.

Ananda D15 Knop Knop + Knop - Batterij status Bijstandsniveau In- / uitschakelen

  • Houd de knop ingedrukt om het systeem in te schakelen.
  • Houd de knop ingedrukt om het systeem uit te schakelen. Opmerking: als het systeem niet wordt gebruikt, wordt het na 10 minuten automatisch uitgeschakeld. Batterij status
  • Als alle LED’s van de batterijstatusweergave branden, is de batterij volledig opgeladen.
  • Als de linker LED van de batterijstatusweergave knippert, is de batterij leeg en moet deze worden opgeladen. Opmerking: ter bescherming van de batterij mag deze nooit volledig worden ontladen. Laad de batterij op zodra er nog twee LED’s van de batterijstatusweergave over zijn. Bijstandsniveau Het systeem biedt 5 ondersteuningsniveaus.
  • Druk eenmaal op de knop + om een hoger ondersteuningsniveau te selecteren.
  • Druk eenmaal op de knop - om een lager ondersteuningsniveau te selecteren. Push Assistance
  • Houd de knop ingedrukt - terwijl u drukt om de duwhulp te activeren.Pedelec-componenten - Bedieningseenheid 26 | NL
  • Zodra de knop - wordt losgelaten, wordt de duwhulp gedeactiveerd. Lichten aan / uit Opmerking: dit is alleen beschikbaar wanneer de lichten van uw pedelec op het systeem zijn aangesloten.
  • Houd de knop + ingedrukt om de verlichting in te schakelen.
  • Houd de knop + opnieuw ingedrukt om de verlichting uit te schakelen.

LED-bedieningseenheid De hieronder weergegeven bedieningseenheid dient enkel als illustratie. De werkelijke bedieningseenheid aan de pedelec kan er ev. anders uitzien. In-/uitschakelen Druk op de toets om de bedieningseenheid en de motorondersteuning in resp. uit te schakelen. Batterijweergave Bij een volledig opgeladen accu branden de vier LED’s van de batterijstandweergave. Als de linker LED van de batterijstandweergave knippert, betekent dit dat de accu opgeladen moet worden. Accu volledig opgeladen Linker LED knippert: Accu moet opgeladen worden Koplamp in-/uitschakelen Druk de lamptoets in om de koplamp in- en uit te schakelen (niet mogelijk als de koplamp van het pedelec-systeem afzonderlijk is). Koplamp ingeschakeld Koplamp uitgeschakeld Motorondersteuning Dit toestel biedt vier niveaus van motorondersteuning. Druk op de toets om tussen de beschikbare niveaus te wisselen. Uit Geen motorondersteuning. LOW Laagste ondersteuning en zuinig accuverbruik. MED Gemiddelde ondersteuning. HIGH Hoogste ondersteuning, maar ook hoog accuverbruik.NL | 27 Hulp bij de zelfhulp

Probleem Mogelijke oplossing Knakken/ knarsen in het gedeelte van het traplager Controleer de schroefdraad van de pedalen; controleer de centrale schroef van de pedaalarm aan het traplager (40 Nm). Smeer de geleidingspin van de motor die in het frame uitsteekt (uitsparing frame/geleidingsnippel). Deze bevindt zich aan de onderzijde van het traplager. Plaats de ets daarvoor ondersteboven. Verlichting werkt niet Zitting en contact van de kabelstekkers aan de koplamp, achterlamp en aan de dynamo controleren en ev. nieuwe stekkers inklemmen, lichtbron controleren en ev. vervangen Zijloopdynamo controleren: Contact met de band ok? Ev. band vervangen als het loopvlak versleten is. Ev. dynamo van wrijvingsrol voorzien. Remmen piepen/ te zwak Voeringsdikte van de remvoeringen controleren en ev. vervangen. Positie van de remvoeringen tegenover de velg controleren, V-positie instellen (zie Onderhoud). Schakeling schakelt niet correct Vooral bij kettingschakelingen zetten de schakelkoorden bij gebruik nog een beetje uit. Via jnaanpassingsmoeren direct aan de remhendel bijstellen door deze ong. 2 omwentelingen uit te draaien. Daardoor wordt de trekspanning verder verhoogd. (zie ook Onderhoud) Schakeling (Shimano Nexus 7 versnellingen) maakt geluiden De aanpassing gebeurt via de kartelmoer voor de klickbox aan de achterwielnaaf.

  • Stel de vierde versnelling in.
  • De geel gemarkeerde instellingslijnen van de schakeleenheid en de rol moeten op elkaar uitgelijnd zijn, in het andere geval kunnen storende geluiden tijdens het rijden of schakelproblemen ontstaan. Tegenover elkaar uitgelijnd betekent dat de markeringen op één lijn moeten staan. Mogelijk moet u uw kettingbescherming een beetje opzij duwen om de beide lijnen beter te kunnen zien. Alternatief kunt u ook van achter voorbij de kettingbescherming kijken.
  • Als de instellingen niet vlak bij elkaar staan, gaat u als volgt te werk: Draai aan de trekinstelschroef (zwart) aan de schakelgreep om de instellingslijnen correct uit te lijnen. Schakel vervolgens van de vierde naar de eerste versnelling en dan terug naar de vierde versnelling en controleer daarna opnieuw de positie van de instellingslijnen.
  • Voer een schakelingsintensieve testrit uit. Foutieve instelling Correcte instellingHulp bij de zelfhulp 28 | NL Elektro-aandrijving schakelt niet in Controleer of de trapfrequentiesensor aan het traplager nog met een afstand van max. 3 mm voor de magneetring zit. Controleer of het systeem correct inschakelt en de batterijcontrolelamp brandt (aan de batterij/op de display). Controleer of de batterij vast in het inschuifvak zit Batterij van de pedelec laadt niet Controleer alle stekkers. Controleer de zekering in de batterij. Controleer of u de remhendels vrij kunt bewegen - deze zijn voorzien van een schakelaar zodat het systeem bij het bedienen van de rem onmiddellijk uitschakelt Controleer de zekering in de batterij. Schakel bij de framebatterij de sleutel op positie 1. De LED in de lader brandt rood als de batterij laadt en groen als het laden beëindigd is. Laad en sla de batterij het best op bij kamertemperatuur, in geen geval onder 0 °C.Reiniging, zorg, opslag NL | 29

Stroomstoot- en kortsluitingsgevaar! Bij zorg-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden bestaat gevaar door elektrische stroom.

  • Verwijder de accu van de pedelec.
  • Ontkoppel de lader van het net.
  • Reinig de componenten nooit met stromend water of andere vloeistoffen.
  • Gebruik nooit hogedrukreinigers of waterstralen. Reiniging & zorg Regelmatige zorg behoudt de veiligheid en betrouwbaarheid van uw pedelec.
  • Houd alle componenten van de elektrische aandrijving schoon.
  • Reinig de componenten met een licht vochtige doek.
  • Gebruik milde reinigingsmiddelen en nooit oplosmiddelhoudende of andere agressieve reinigingsmiddelen.
  • Let bij de zorg op de elektrische verbindingen. Controleer of alle leidingen, verbindingen en contacten onbeschadigd en schoon zijn (visuele controle).
  • Vermijd dat vocht of vuil aan de contacten raakt. Aandrijvingseenheid verzorgen De aandrijvingseenheid is onderhoudsvrij. Verzorg de behuizing en de aansluitingen zoals hierboven beschreven. Neem bij problemen altijd contact op met uw vakhandelaar. Opslag Om uw pedelec op te slaan brengt u voor de opslag een conservering in de vorm van een geschikt verzorgingsmiddel aan zodat corrosie zo veel mogelijk wordt vermeden voor het kan ontstaan. Let erop dat remrubbers en banden niet in contact komen met olie. Verwijder bij de pedelec altijd de batterij en zorg ervoor dat deze bij kamertemperatuur wordt opgeslagen. Verder laadt u de batterij om de 2 maanden eens volledig bij om een zo groot mogelijk waardebehoud te hebben.Onderhoud 30 | NL
  • Alle onderhoudswerkzaamheden en reparaties mogen uitsluitend door een gekwaliceerde vakman uitgevoerd worden.
  • Verwijder de accu van de pedelec.
  • Ontkoppel de lader van het net. Snelspanners Voor snelle verstelbaarheid resp. montage en demontage zijn aan de meeste etsen/pedelec snelspanners aangebracht. Er moet voor elk gebruik van de ets/pedelec gecontroleerd worden of de snelspanners vastzitten. Snelspanners moeten uiterst voorzichtig bediend worden aangezien uw eigen veiligheid er direct van afhangt. Oefen de correcte bediening van snelspanners om ongevallen te voorkomen. De snelspanner bestaat op zich uit twee bedieningselementen:

1. Hendel aan een zijde van de naaf: Hij zet de sluitbeweging via een excenter in de klemkracht om.

2. De klemmoer op de tegenoverliggende zijde van de naaf: Hiermee wordt op een schroefdraadstang

(de snelspanas) die voorspanning ingesteld. Open de snelspanner. Zorg ervoor dat het te bevestigen onderdeel perfect gepositioneerd is. Beweeg de hendel in de richting van de klempositie zodat daarop van buiten “close” te lezen is. Bij het begin van de sluitbeweging tot halfweg moet de hendel heel eenvoudig bewogen kunnen worden. Daarna moet de hendelkracht duidelijk toenemen, de hendel mag op het einde nog maar moeilijk bewogen kunnen worden. Gebruik de duimmuis en trek ter ondersteuning met de vingers aan een vast onderdeel, bv. aan het vork of de achterbouwstrook, echter niet aan een remschijf of spaak. In de eindpositie moet de hendel in een rechte hoek tegenover de snelspanas liggen. Hij mag ook in geen geval zijdelings uitsteken. De handel moet dus zodanig aansluiten op het frame resp. vork dat hij niet per ongeluk kan openen. Hij moet echter goed bereikbaar zijn om daadwerkelijk snel bediend te kunnen worden. Controleer de positie door op het uiteinde van de gesloten hendel te drukken en hem te proberen draaien. Als hij beweegt moet u hem openen de voorspanning verhogen. Draai de klemmoer aan de overzijde in tegenwijzerzin een halve slag om. Sluit de snelspanner en controleer de positie opnieuw. Frame De frame van uw ets is van een hoogwaardige lak voorzien die door het gebruik van een natte lak een bijzondere glans aan de kleur geeft en door de verzegeling met een op kunststof gebaseerde poedercoating met heldere lak een bijzondere bescherming tegen stoten biedt. Het framenummer bevindt zich afhankelijk van het model aan de stuurkop of aan de onderzijde van het traplager. Verzorg het frame alsook alle aanbouwdelen met een gangbare etsverzorgingsolie volgens de handleiding van het gebruikte verzorgingsmiddel. Denk er altijd aan dat milieu-invloeden uw ets aan een bijzondere belasting blootstellen. Vooral zout- of ammoniakhoudende lucht maken frequentere verzorging en bescherming van de lak alsook van alle aanbouwdelen vereist.NL | 31 Onderhoud

Vork Afhankelijk van de uitvoering is uw ets met één van de volgende vorken uitgerust: Starre Unicrown-vork Veervork met elastomeer/veerdemping Instelbare veervork met lock-out (grendel) en bijstelmogelijkheid Veerzadelsteun Bijstelmoer Klemring Indien u een veerzadelsteun aan uw ets hebt, kunt u het veercomfort instellen door de bijstelmoer te verstellen. Voor een hardere vering draait u de bijstelmoer naar rechts, voor een zachtere vering naar links. Let erop dat de bijstelmoer in elk geval met de volledige schroefdraad in de veerzadelsteun blijft. Deze is tegen volledig uitdraaien met een klemring beveiligd. Als u de klemring verwijdert en de bijstelmoer volledig uitdraait, opent u de steun en hebt u dus toegang tot de veer, wat in normale gevallen echter niet vereist is.Onderhoud 32 | NL Remmen We gebruiken de volgende remtypes afhankelijk van de uitrusting en het etstype: Handremmen: Instelschroef Schroef Aan de handremhendel bevindt zich een instelschroef om jnafstelling van de remtrekspanning te kunnen uitvoeren. Bij normaal via spierkracht bediende etsen is er een schroef om het nulpunt van de hendel te verstellen. Deze instelling dient voor het aanpassen van de hendel indien u bijzonder kleine handen hebt. Zo hebt u de remhendel altijd veilig in de hand. Om bij te stellen maakt u de remkabel aan het remlichaam los, draait u de nulpuntschroef verder in tot de remhendel in de gewenste positie is en xeert u de kabel opnieuw aan het remlichaam. Let er in elk geval op dat de remhendel altijd een reserve heeft, de hendel mag ook het stuur niet aanraken als de remmen volledig dichtgetrokken worden. Bij pedelecs gebruiken we over het algemeen handremhendels met een schakelaar die de ondersteuning door het elektrische systeem onmiddellijk onderbreekt als de handremhendel bediend wordt. Remmen zijn kritieke onderdelen. Controleer de remmen voor elke rit en gebruik bij slijtage enkel onderdelen van dezelfde soort en kwaliteit. Neem bij twijfel altijd contact op met een gespecialiseerde etshandelaar! De veilige omgang met de remmen is voor uw veiligheid bij het rijden van doorslaggevend belang. Maak u daarom voor uw eerste rit absoluut vertrouwd met de remmen van uw E-bike. Ongevalgevaar! Controleer voor elke rit de remmen op hun functie. Foutief ingestelde of gebrekkig gerepareerde remmen kunnen een verminderde remprestatie of zelfs volledig falen van de remmen tot gevolg hebben. Ongevalgevaar! De remprestatie is afhankelijk van vele factoren. Ze kan bv. op basis van de bodemstructuur (grindpaden, slijtlaag, enz.), bijkomende lading, afdalingen of ongunstige weersomstandigheden deels aanzienlijk verminderen. Bij natte ondergrond kan de remweg ong. 60% langer zijn als bij een droge ondergrond. Stel uw rijgedrag daarop overeenkomstig in. Rijd trager en bijzonder voorzichtig. Ongevalgevaar! Vermijd rukkend en sterk remmen om mogelijk slippen resp. blokkeren van de loopwielen te vermijden. Ongevalgevaar! De remschoenen vervangen Om bij de remvoeringen te kunnen moeten eerst de remarmen uitgehangen worden. Bij V-Brakes drukt u hiervoor de remarmen aan het boveneinde samen. Dat neemt de spanning van de Bowdenmantel en deze kan van de dwarsdrager van de remarm losgemaakt worden. Nu hangt de Bowdenmantel nog slechts aan een van de twee remarmen en de rem is geopend. Bij Cantilever- remmen werkt het op een gelijkaardige manier: De verbindingskabel, die meestal naar de beide remarmen leidt, moet uit de ophanging losgemaakt worden. Ook hiervoor moeten de beide remarmen bovenaan samengedrukt worden om spanning van de Bowdenmantel te nemen. Nu is de rem open. Bij V-Brakes en Cantilever-remmen hebt u door de geopende rem nu toegang tot de remschoenen die met inbusschroeven aan de remarmen bevestigd zijn. De schroeven maakt u los met een gangbare inbussleutel. Bij vele remmen moeten verschillende sluitringen aan het loopwiel uitgelijnd worden. Om de rem later uiterst precies te kunnen monteren, moet de volgorde van de verschillende sluitringen onthouden worden.NL | 33 Onderhoud

Bij schijfremmen verwijdert u de remvoeringen door aan de inbusschroef te draaien waarmee ze in het remzadel bevestigd zijn. Vervolgens kunnen ze uitgetrokken worden. Gebruik enkel originele reserveonderdelen van de fabrikant. Bij twijfel neemt u contact op met uw gespecialiseerde handelaar ter plaatse. De remschoenen met de nieuwe remvoering plaats u nu opnieuw in de remarm. Let erop dat de sluitringen in de daarvoor voorziene volgorde geplaatst zijn. Vervolgens haalt u de schroef zo vast aan dat de remschoen veilig zit, maar nog licht bewogen kan worden. Daarna wordt de rem opnieuw ingehangen om hem uit te lijnen. Neem daarbij de volgende instructies in acht:

  • Beide remvoeringen moeten het loopwiel bij het remmen volledig aanraken. Daarbij moet het voorste deel van de remvoering bij het remmen als eerste contact met het loopwiel hebben om piepen bij het remmen te vermijden en het remeffect te optimaliseren.
  • De perfecte afstand tussen remvoering en loopwiel bedraagt tussen 1,5 mm en 2 mm.
  • De remvoeringen mogen de band niet aanraken aangezien dit de band kan beschadigen. Bij schijfremmen moeten de remvoeringen samengedrukt worden en daarbij uiterst precies in het remzadel liggen. Vervolgens worden deze met behulp van de inbusschroef opnieuw gexeerd via remkabel Hier wordt de kracht via een conventionele remkabel van de handremhendel op de schijf overgebracht. De remvoeringen zijn afhankelijk van het remgedrag voor een lange levensduur ontworpen. Aangezien deze echter altijd typespeciek zijn, bestelt u uw reserve met vermelding van het artikelnummer van de door u aangekochte ets. Werkzaamheden aan de remmen dient u door een gespecialiseerd bedrijf te laten uitvoeren. Onjuiste montage kan ervoor zorgen dat de remmen haperen. Valgevaar! via hydraulische leiding Hier wordt de kracht via een gesloten systeem met remvloeistof overgedragen. Aan de remhendel bevindt zich een voorraadcontainer waarmee met een druk op de hendel remvloeistof in de remcilinder wordt overgedragen.Onderhoud 34 | NL Aan de naaf van het loopwiel is de remschijf bevestigd. Hiermee wordt het remvermogen opgebouwd. Door de dichtheid van de vloeistof is krachtverlies bij dit systeem duidelijk lager dan bij een trekkoordsysteem. Terugtraprem De terugtraprem is afhankelijk van de uitvoering in de schakelingsnaaf geïntegreerd en wordt gewoon via het terugtrappen van het pedaal geactiveerd. De efciëntie is op basis van de weersongevoeligheid heel hoog. Loopwielen Voor de productie van onze loopwielen gebruiken we normaal gezien aluminium velgen, afhankelijk van de uitvoering kast- resp. hollekamervelgen met dubbele wand, verzonken resp. nirospaken, aluminium/stalen vrijloopnaven, merkterugtrapremnaven, merkmotoren voor pedelecs, banden met correct proel voor het type, reexring/spaakreectoren. Indien u reservebanden nodig hebt, let er dan absoluut op dat u de correcte bandengrootte gebruikt. Deze is aan de zijkant van de band afgedrukt en heeft de volgende betekenis: 28“ x 1,75 (traditionele duimgrootte) komt overeen met 47-622 (47 is de bandenbreedte in mm, 622 is de diameter van de band in mm) Indien bij uw pedelec een band met reexring is ingebouwd, let er dan op dat u opnieuw een dergelijke gebruikt aangezien u anders voor het behoud de van de stVZO-toelating telkens 2 spijkerreectoren per loopwiel moet gebruiken. Let erop dat bij het oppompen nooit de op de band gedrukte maximale druk overschreden wordt. De verschillende ventielen hebben verschillende adapters nodig voor een luchtpomp. Autoventiel Dunlop-ventiel Sclavender-ventiel Als u het loopwiel bv. voor het vervangen van een band of slang moet demonteren, maakt u eerst de asmoeren los. Dan drukt u het V-remlichaam met de hand samen zodat de remkabel uit de tegenpositie van het rechter remlichaam kunt uithangen. Dan verwijdert u het loopwiel. In omgekeerde volgorde opnieuw monteren nadat de band is vervangen. Let op de hieronder vermelde aanhaalmomenten.NL | 35 Onderhoud

Schakelingen Bij de schakelingen wordt er principieel een onderscheid gemaakt tussen 2 verschillende systemen, de kettingschakelingen en de naafschakelingen. Afhankelijk van de uitvoering kan een naafschakeling met een terugtraprem gecombineerd worden. Een kettingsschakeling is altijd zonder terugtraprem uitgerust. Kettingschakelingen Een kettingschakeling herkent u doordat aan het achterste loopwiel een tandwielpakket (ringwiel) met 5-10 tandwielen, een schakelstation en vooraan aan de traphendel 1-3 kettingbladen en een derailleur aan uw ets ziet. Kettingbladen aan de traphendel (hoe groter het kettingwiel, hoe hoger de weerstand), tandwielpakket aan het achterwiel (hoe kleiner het tandwiel, hoe hoger de weerstand). Met verhoogde weerstand is een hogere eindsnelheid mogelijk. Let erop dat u een geschikte versnelling voor het vertrekken op bv. hellingen kiest. Tandkrans achteraan Schakelstation achteraan Kettingblad vooraan met derailleur Het aantal versnellingen van uw ets weet u door het aantal voorste kettingbladen te vermenigvuldigen met het aantal achterste tandwielen, in het voorbeeld hieronder dus 21 versnellingen. Om uw kettingschakeling te sparen maf de ketting niet te schuin in uw ets lopen. Dat verhoogt de slijtage. De niet-schakelbare combinaties betekenen geen verlies aan comfort aangezien het theoretische schakelmogelijkheden zijn. Werkingswijze en bediening Een kettingschakeling werkt altijd volgens het volgende principe: Groot kettingblad vooraan = zware loop, grote overbrenging Klein kettingblad vooraan = soepele loop, kleinere overbrenging Groot tandwiel achteraan = soepele loop, kleinere overbrenging Klein tandwiel achteraan = zware loop, grote overbrenging Meestal zijn de schakelaars zo gemonteerd: Schakelhendel rechts: achterste tandwiel Schakelhendel links: voorste kettingbladen Het is slecht als de ketting vooraan op het kleinste kettingblad en tegelijkertijd achteraan op de drie uiterste (kleine) tandwielen ligt of als ze op het grote kettingblad vooraan en op de binnenste (grote) tandwielen van de achterets geschoven wordt. Het traplager is de koppeling tussen traphendel en frame. Er zijn verschillende structuren - soms hoort de lageras bij het traplager, soms is hij in de rechter traphendel geïntegreerd. De afgedichteOnderhoud 36 | NL kogellagers zijn af fabriek onderhouds- en spelingvrij ingesteld. De vaste positie van het traplager in het frame moet regelmatig gecontroleerd worden. Controleer ook regelmatig of de hendels vast op de lageras zitten en of het lager speling vertoont. Als u krachtig aan de traphendel schudt, mag er geen speling merkbaar zijn. Als dit toch het geval is, raadpleegt u onmiddellijk uw vakhandelaar. Een schakelprocedure start, onafhankelijk van het ingebouwde schakelsysteem, met het bedienen van een schakelhendel van een remschakeleenheid of een korte draai van de pols bij draaigreepschakelaars. Tijdens de hele schakelprocedure moeten de pedalen ingedrukt worden. De pedaalkracht moet echter merkbaar verlaagd worden. Belangrijk en een reden voor het aankopen van een kettingschakeling met meer versnellingen is de in de regel grotere spanbreedte, d.w.z. hoe meer versnellingen, hoe makkelijker het is om in de eerste versnelling te rijden en hoe hoger de bereikbare eindsnelheid in de hoogste versnelling is. Tandkrans: Tandwiel 1 2 3 4 5 6 7 1 2 3 Tandkrans: Tandwiel 1 2 3 4 5 6 7

Kettingwiel vooraan 3-voudig Tandkrans achteraan 7-voudig Kettingwiel vooraan 3-voudig Tandkrans achteraan 7-voudig Deze schakelinstellingen mogen gebruikt worden: Deze schakelinstellingen mogen niet gebruikt worden:NL | 37 Onderhoud

Aangezien de kettingschakeling een uiterst complex, extern schakelsysteem is, raden we nadrukkelijk aan om het wekelijks te reinigen en te behandelen met een kettingsmeermiddel. Een kettingschakeling kan vooral door uitzetting van de schakelkabels heel snel onjuist ingesteld raken. Het bijstellen is echter heel eenvoudig en kan met 2 aanslagschroeven en een kartelmoer uitgevoerd worden. Instellingen kunnen principieel enkel uitgevoerd worden als u bij het schakelen het systeem in beweging houdt. De vrij loop van het achterste schakelstation alsook van de voorste derailleur moet gegarandeerd zijn. Ga hiervoor als volgt te werk: Controleer de vrije loop van de voorste derailleur. Breng hiervoor het schakelstation achteraan in een centrale positie (bv. tandwiel nr. 4), draai het kettingwielgarnituur aan de hendelarm en schakel de linker schakelhendel in de posities 1 – 2 – 3. Kartelmoer voor jninstelling Positie 1 = kettingblad 1 Positie 2 = kettingblad 2 Positie 3 = kettingblad 3 Indien de ketting niet op alle 3 de kettingbladeren bewogen kan worden, moet de overeenkomstige aanslagschroef losgedraaid worden. Indien de ketting overslaat, moet de overeenkomstige schroef verder ingedraaid worden. Aanslagschroef „High“ = voor grote kettingbladen Aanslagschroef „Low“ = voor kleine kettingbladen Om de vrije loop te controleren stelt u de schakelhendel op positie 1 in en drukt u de derailleur met de duim in positie 3 terwijl u het kettingwielgarnituur met de hendelarm draait. Als de afstelling dan niet werkt, beweegt u de kartelmoer aan de schakelhendel naar rechts om de derailleur verder in de richting van het kleine kettingblad 1 te bewegen en naar links om de derailleur verder in de richting van het grote kettingblad 3 te bewegen. Dan schakelt u de schakelhendel naar positie 2 zodat de ketting vooraan op het middelste kettingblad loopt en zo een probleemloze instelling van het achterste schakelstation mogelijk is. De instelling van het schakelstation voert u als volgt uit: Controleer eerst de vrije loop van het schakelstation. Draai hiervoor de schakelgreep op het kleinste tandwiel dat gelijktijdig voor de hoogste versnelling verantwoordelijk is. Probeer dan het schakelstationOnderhoud 38 | NL met de hand tijdens het draaien van de hendelarm zo ver in te drukken dat de ketting op het grote tandwiel nr. 1 loopt. Indien dit niet werkt, moet u de aanslagschroeven losdraaien. Als de ketting “overslaat”, dus van de tandkrans springt, met de betreffende schroef opnieuw worden ingeschroefd. Aanslagschroef „H“ voor kleinste tandwiel Aanslagschroef „L“ voor grootste tandwiel Kartelmoer voor jninstelling Als de vrije loop gegarandeerd is, volgt de jninstelling. Hiervoor schakelt u naar de 1

versnelling (dus naar het grote tandwiel van de tandkrans) en draait u de schakelgreep naar positie 2 voor de

versnelling. Indien de ketting op het 2

tandwiel springt, draait u de kartelmoer ½ tot 1 slag naar rechts, dus naar binnen. Daarna schakelt u terug naar de 1

versnelling. Daarna herhaalt u de schakelprocedure bij de 2

versnelling. Als de ketting nu op het 2

tandwiel glijdt, gaat u op dezelfde manier met de 3

tot de laatste versnelling verder. Dan schakelt u van de laatste versnelling versnelling per versnelling terug naar de 1

versnelling. Eventueel moet u daarbij de kartelmoer opnieuw iets naar links draaien. Het is van belang dat u versnelling per versnelling werkt en zodoende de optimale positie van de kartelmoer instelt. De instellingen bij andere schakelgrepen moet analoog hiermee uitgevoerd worden. Of het Rapid Fire-hendels, duimschakelaars of draaigrepen zijn, de technologie voor het instellen in principieel altijd dezelfde. Naafschakelingen Naafschakelingen zijn door de geïntegreerde structuur principieel verschillend va kettingschakelingen, de onderhoudsinspanning is net zoals de verstelmogelijkheden duidelijk lager. Bij elke naafschakeling is er een aparte beschrijving van de naaffabrikant, in principe moet echter enkel de afstelling van de positieweergave aan de schakelgreep met de positie in de naaf gerealiseerd worden. Hiervoor is aan de schakelgreep een versnelling gemarkeerd, bv de 4

versnelling. Achteraan de naaf bevindt zich dan een kabelinvoer alsook een markering die overeen moeten stemmen. Voorbeelden: SRAM S7-naafschakeling: De aanpassing gebeurt via de kartelmoer voor de klickbox aan de achterwielnaaf.NL | 39 Onderhoud

versnelling Lichtinstallatie We maken inzake de lichtinstallaties principieel een onderscheid tussen 3 verschillende etstypes. Fietsen zonder verlichting Fietsen zonder verlichting zijn niet voor gebruik in het openbare wegverkeer geschikt. Hiermee mag niet in het StVZO-gedeelte gereden worden. Fietsen met verlichting De etsen zijn met een stVZO-conforme verlichting uitgerust. De koplampen beschikken bij ons over een minimale lichtkracht van 10 Lux, de dynamo wekt 6 Volt en 3 Watt op. Het achterlicht is in de regel met een automatisch standlicht uitgerust, waarbij de variant met batterij of met condensator bestaat. De batterijvariant heeft het voordeel dat de standlichtfuncftie reeds na de eerste korte voeding met stroom door de dynamo beschikbaar is. Het standlicht brandt dan ong. 4 minuten zodat u bv. aan een verkeerslicht door het achteropkomende verkeer onmiddellijk wordt gezien. De batterij moet echter vervangen worden zodra ze niet meer voldoende spanning heeft. Dit wordt door een controlelamp aangegeven. De condensatorvariant laadt tijdens het rijden op en brandt na een traject van ong. 2-3 km eveneens 4 minuten. Verder zijn de vereiste reectoren aan de ets gemonteerd (zie ook wettelijke vereisten) steunbalk-/ spatbordachterlicht Bagagedragerachterlicht Koplamp met naafdynamo De naafdynamo doet dienst als moderne stroombron. Hij is weersongevoelig, nagenoeg slijtagevrij en onderhoudsarm.Onderhoud 40 | NL Het verlichtingssysteem wordt gewoon via een centrale schakelaar aan de achterzijde van de koplamp geactiveerd. Ketting & kettingspanning Om de kettingslijtage te controleren beschikt uw vakhandelaar over precieze meettoestellen. Het vervangen van de ketting is werk voor vakkundige handen, u hebt namelijk speciaal gereedschap nodig en dient een ketting te kiezen die bij de betreffende schakeling past. Om de ketting te spannen maakt u de snelspanner aan het achterwiel los en trekt u vervolgens het wiel licht naar achter tot de optimale kettingspanning bereikt is. De ketting moet bij optimale spanning een halve centimeter doorhangen. Ze moet zonder krachtinspanning ong. 3 cm naar boven en ook naar onder gedrukt kunnen worden. Zet het wiel na centrering van het wiel de snelspanner opnieuw vast. Zijstaander (bagagesteun) De zijstaander moet verhinderen dat de pedelec bij het parkeren omvalt. Er moet op gelet worden dat de pedelec stabiel staat. Hiervoor is een stabiele ondergrond onmisbaar (bv. asfalt). Bij het parkeren op onverharde ondergronden (grind, kiezel, gazon) is de stabiliteit niet gegarandeerd. Aanhaalmomenten Zorg ervoor dat de schroeven aan de ets met de volgende aanhaalmomenten worden aangehaald voor u wegrijdt: Onderdeel Schroefverbinding Aanhaalmoment Asmoeren Dopmoeren van het voorwiel 20 Nm Dopmoeren van het achterwiel 25 Nm Traphendel Bevestitingsschroeven 30 Nm Remblok Moer 5 Nm Dynamobevestiging Moer 10 Nm Overige schroeven M4 2,1 Nm M5 4,2 Nm M6 7,3 Nm M8 17 Nm M10 34 NmNL | 41 Onderhoud

We raden nadrukkelijk aan om uw pedelec omwille van het waardebehoud te verzorgen en te onderhouden en om ervoor te zorgen dat versleten en defecte componenten onmiddellijk vervangen worden. In het kader van een inspectie worden ev. vereiste reparaties vroegtijdig herkend. Laat deze daarom door een vakman uitvoeren. Als bewijs voor de zorgende omgang maakt u gebruik van de inspectiebewijzen in dit handboek en laat u deze door een gespecialiseerd bedrijf bevestigen. Garantie of garantie kan worden geweigerd in geval van schade veroorzaakt door het niet naleven van het onderhoudsplan en de bijbehorende onderhoudswerkzaamheden. Onderhoudsschema Onderdeel Activiteit Voor elke rit Tijdens elke inspectie Overige Verlichting Functie controleren x x Banden Luchtdruk controleren x x Remmen (velgen) Hendelloop, voeringsdikte controleren x x Remmen (hydraulische velgen) Hendelloop, voeringsdikte controleren x x Remmen (trommel) Hendelloop, remtest bij stilstand x x Remkabels Reinigen x Remmen (schijven) Visuele controle x Veervork Schroeven controleren, aanhalen, grote service (olie vervangen) x x Velgen (bij velgremmen) Wanddikte controleren x Ten laatste na de 2

set remvoeringen Vork (star) Controleren ev. vervangen x min. om de 2 jaar Binnenlager Lagerspeling controleren, demonteren en opnieuw invetten

Ketting Controleren resp. smeren x x Vanaf 1.000 km resp. 50 bedrijfsuren Telescopische zadelsteun Onderhouden x Traphendel Controleren ev. aanhalen

Lak/Eloxal/ Carbon Conserveren x Min. halfjaarlijksOnderhoud 42 | NL Loopwielen/ spaken Ronde loop en spanning controleren ev. naspannen x Indien nodig Stuur en voorbouw Controleren ev. vervangen x Ten laatste om de 2 jaar Stuurlagers Lagerspeling controleren; opnieuw invetten

Naven Lagerspeling controleren; opnieuw invetten

Gebruik bij het smeren en invetten geschikte vetten: Lager: lagervet Ketting: kettingolie Bowdenmantels: etsolie / teon smeerolie Naven: speciaal vet Let erop dat de smeermiddelen geen bijtende stoffen of alcohol bevatten.NL | 43 Inspectiebewijzen

Na 3 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaar

Na 18 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaar

Na 36 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaar

Na 6 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaar

Na 24 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaar

Na 42 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaar

Na 12 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaar

Na 30 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaar

Na 48 maanden Uitgevoerde werkzaamheden/ opmerkingen: Gebruikt materiaal: Datum: Handtekening: Stempel van de handelaarv9 / 16.07.2020

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : TELEFUNKEN

Model : Multitalent RC657

Categorie : Fiets