MSA 220 TCO - Zaag STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MSA 220 TCO STIHL in PDF-formaat.

📄 152 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice STIHL MSA 220 TCO - page 119
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MSA 220 TCO - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MSA 220 TCO van het merk STIHL.

GEBRUIKSAANWIJZING MSA 220 TCO STIHL

  • Voorwoord p. 119
  • 2 Informatie met betrekking tot deze handlei‐ ding p. 119
  • 3 Overzicht p. 120
  • 4 Veiligheidsinstructies p. 122
  • 5 Motorzaag klaarmaken voor gebruik p. 129
  • 6 Accu laden en leds p. 130
  • 7 Bluetooth®-interface activeren en deactive‐ ren p. 130
  • 8 Motorzaag completeren p. 130
  • 9 Kettingrem inschakelen en lossen p. 132
  • 10 Accu aanbrengen en wegnemen p. 133
  • 11 Motorzaag inschakelen en uitschakelen. 133 12 Kettingzaag en accu controleren p. 134
  • 13 Met de motorzaag werken p. 135
  • 14 Na de werkzaamheden p. 137
  • 15 Vervoeren p. 137
  • 16 Opslaan p. 138
  • 17 Reinigen p. 138
  • 18 Onderhoud p. 139
  • 19 Repareren p. 140
  • 20 Storingen opheffen p. 141
  • 21 Technische gegevens p. 142
  • 22 Combinaties van zaagbladen en zaagkettin‐ gen p. 144
  • 23 Onderdelen en toebehoren p. 144
  • 24 Milieuverantwoord afvoeren p. 144
  • 25 EU-conformiteitsverklaring p. 144
  • 26 UKCA-conformiteitsverklaring p. 145
  • 27 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen 1 Voorwoord Geachte cliënt(e), Wij zijn blij dat u hebt gekozen voor STIHL. Wij ontwikkelen en produceren onze producten in topkwaliteit in overeenstemming met de behoef‐ ten van onze klanten. Zo ontstaan producten met een hoge betrouwbaarheid, ook bij extreme belasting. STIHL staat ook voor service met topkwaliteit. Onze dealers staan garant voor deskundig advies en instructie alsmede een uitgebreide technische begeleiding. STIHL kiest uitdrukkelijk voor een duurzame en verantwoordelijke omgang met de natuur. Deze gebruiksaanwijzing is voor u bedoeld als onder‐ steuning om uw STIHL-product gedurende een lange levensduur veilig en milieuvriendelijk te gebruiken. Wij danken u voor uw vertrouwen in ons en wen‐ sen u veel plezier met uw STIHL product. Dr. Nikolas Stihl p. 145

BELANGRIJK! VOOR GEBRUIK GOED DOOR‐

LEZEN EN BEWAREN. 2 Informatie met betrekking tot deze handleiding

2.1 Geldende documenten

De lokale veiligheidsvoorschriften zijn van kracht. Nederlands 0458-007-9601-A 119 © ANDREAS STIHL AG & Co. KG 2023 0458-007-9601-A. VA2.B23. Gedrukt op chloorvrij gebleekt papier. Papier is recyclebaar. Vertaling van de originele handleiding 0000009574_013_NL► Lees naast deze handleiding de volgende documenten, zorg dat u alles begrijpt en bewaar ze:

gebruiksaanwijzing accu STIHL AR

gebruiksaanwijzing "Heuptasje AP met aan‐ sluitkabel"

veiligheidsaanwijzingen accu STIHL AP

veiligheidsinformatie voor STIHL accu's en producten met een ingebouwde accu: www.stihl.com/safety-data-sheets Meer informatie over STIHL connected, compati‐ bele producten en veelgestelde vragen is te vin‐ den op www.connect.stihl.com of is verkrijgbaar bij een STIHL dealer. Het Bluetooth

-woordlogo en de -beeldmerken (logo's) zijn geregistreerde handelsmerken en eigendom van Bluetooth SIG, Inc. Elk gebruik van dit woordlogo/beeldmerk door STIHL gebeurt onder licentie. Accu's met beschikken over een Bluetooth

interface. Er moet rekening worden gehouden met plaatselijke gebruiksbeperkingen (bijv. in vliegtuigen of ziekenhuizen).

2.2 Symbolen in de tekst

Dit symbool verwijst naar een hoofdstuk in deze handleiding.

2.3 Aanduiding van de waarschu‐

wingen in de tekst WAARSCHUWING ■ De aanwijzing duidt op gevaren die kunnen leiden tot ernstig letsel of zelfs tot de dood. ► De genoemde maatregelen kunnen ernstig letsel of de dood voorkomen. LET OP ■ De aanwijzing duidt op gevaren die kunnen leiden tot materiële schade. ► De genoemde maatregelen kunnen materi‐ ele schade voorkomen. 3 Overzicht

3.1 Kettingzaag en accu

1 Kettingtandwiel Het kettingtandwiel drijft de zaagketting aan. 2 Spanbout De spanbout dient voor het instellen van de kettingspanning. 3 Kam De kam ligt tijdens de werkzaamheden met de kettingzaag tegen het hout. 4 Kettingvanger De kettingvanger vangt een weggeworpen of gebroken zaagketting op. 5 Zaagblad Het zaagblad geleidt de zaagketting. 6 zaagketting De zaagketting zaagt het hout. 7 Vellijst Met behulp van de vellijst kan de velrichting worden gecontroleerd. 8 Kettingtandwieldeksel Het kettingtandwieldeksel dekt het ketting‐ tandwiel af en bevestigt het zaagblad op de kettingzaag. 9 Moer De moer bevestigt het kettingtandwieldeksel op de kettingzaag. 10 Kettingbeschermer De kettingbeschermer biedt bescherming tegen het contact maken met de zaagketting. Nederlands 3 Overzicht 120 0458-007-9601-A11 Voorste handbeschermer De voorste handbeschermer beschermt de linkerhand tegen het contact met de zaagket‐ ting, dient voor het inschakelen van de ket‐ tingrem en schakelt bij een terugslag de ket‐ tingrem automatisch in. 12 Ontgrendelingsknop De ontgrendelingsknop dient voor het inscha‐ kelen van de kettingzaag. 13 Led "KETTINGREM" De led geeft aan of de kettingrem ingescha‐ keld is. 14 Led "STATUS" De led geeft de status van de kettingzaag aan. 15 Schakelhendelblokkering De schakelhendelblokkering deblokkeert de schakelhendel. 16 Bedieningshandgreep De bedieningshandgreep dient voor het bedienen, vasthouden en hanteren van de kettingzaag. 17 Blokkeerhendel De blokkeerhendel borgt de accu in de accu‐ schacht. 18 accuschacht De accu wordt ondergebracht in de accu‐ schacht. 19 luchtfilter Het luchtfilter filtert de door de motor aange‐ zogen lucht. 20 Oog Het oog dient om de kettingzaag aan te han‐ gen tijdens de werkzaamheden in de boom. 21 Oliepompstelschroef De oliepompstelschroef dient voor het instel‐ len van de opbrengst van de zaagkettingolie. 22 Olietankdop De olietankdop sluit de olietank af. 23 Draagbeugel De draagbeugel dient voor het vasthouden, hanteren en dragen van de kettingzaag. 24 Schakelhendel De schakelhendel schakelt de kettingzaag in en uit. 25 Accu De accu voorziet de kettingzaag van energie. 26 Leds De leds geven de laadtoestand van de accu en storingen aan. 27 Druktoets De druktoets activeert de leds op de accu. Deze activeert en deactiveert de Bluetooth®- interface (indien aanwezig).

” (alleen voor accu's met

De led geeft de activering en deactivering van de Bluetooth®-interface aan. # Typeplaatje met machinenummer

3.2 Uitrustingskenmerk

De kettingzaag kan, afhankelijk van de exportuit‐ voering, het volgende uitrustingskenmerk heb‐ ben:

0000098212_001 1 Led "ZAAGKETTINGOLIE" De led geeft aan dat geen zaagkettingolie wordt opgepompt.

De pictogrammen kunnen op de kettingzaag en de accu zijn aangebracht en hebben de vol‐ gende betekenis: Dit pictogram geeft de draairichting van de zaagketting aan. In deze richting draaien om de zaag‐ ketting te spannen. Dit pictogram duidt de olietank voor zaag‐ kettingolie aan. Dit pictogram duidt de oliepompstel‐ schroef en de toevoer van de zaagket‐ tingolie aan. In deze richting wordt de kettingrem ingeschakeld of gelost. Dit pictogram duidt de ontgrendelingsknop aan. 1 led brandt rood. De accu is te warm of te koud. 4 leds knipperen rood. In de accu bevindt zich een storing. 3 Overzicht Nederlands 0458-007-9601-A 121Lengte van een zaagblad dat mag wor‐ den gebruikt.

Gegarandeerd geluidvermogensniveau volgens de richtlijn 2000/14/EG in dB(A) om de geluidsemissie van pro‐ ducten vergelijkbaar te maken. De accu is voorzien van een Bluetooth

interface en kan met de STIHL connected app worden verbonden. De aanduiding naast het pictogram geeft de energie-inhoud van de accu aan vol‐ gens specificatie van de fabrikant van de accucellen. De tijdens het gebruik beschik‐ bare energie-inhoud is lager. Het product niet met het huisvuil afvoeren. 4 Veiligheidsinstructies

4.1 Waarschuwingssymbolen

De waarschuwingssymbolen op de kettingzaag of de accu hebben de volgende betekenissen: Op de veiligheidsinstructies en de maatregelen hierin letten. De gebruiksaanwijzing lezen, begrijpen en bewaren. Veiligheidsbril, gehoorbeschermer en veiligheidshelm dragen. Een lange broek met snijprotectie en snijprotectie op de beide armen dra‐ gen. Houd de kettingzaag met beide handen vast. Op de veiligheidsinstructies met betrekking tot terugslag en de maatre‐ gelen hiertegen letten. Kettingzaag alleen gebruiken zoals de gebruiker dit heeft geleerd voor het werken met een kettingzaag voor de boom‐ verzorging. De accu tijdens werkonderbrekingen, vervoer, opslag, onderhouds- of repa‐ ratiewerkzaamheden uit het apparaat nemen. De accu tegen hitte en vuur bescher‐ men. De accu niet onderdompelen in vloei‐ stoffen.

4.2 Gebruik conform de voorschrif‐

ten De kettingzaag voor de boomverzorging STIHL MSA 220.0 T, 220.0 TC dient voor de boomverzorging en voor het zagen in de kroon van een staande boom. De kettingzaag mag niet worden gebruikt voor werkzaamheden op de grond. De kettingzaag kan worden gebruikt bij regen. Het oog wordt gebruikt om de kettingzaag aan een kettingzaagstrop met overbelastingsbeveili‐ ging vast te maken en om de zaag aan een har‐ nas of touw in de boom te vervoeren. Deze kettingzaag wordt door een accu STIHL AP of een accu STIHL AR van energie voorzien. Als in een boom wordt geklommen, mag de ket‐ tingzaag alleen worden gebruikt met een direct in de kettingzaag aangebrachte accu STIHL AP. De accu met kan in combinatie met de STIHL connected-app informatie over de accu persona‐ liseren en overdragen door middel van de Blue‐ tooth

Accu's die niet door STIHL voor de ketting‐ zaag zijn vrijgegeven, kunnen leiden tot brand en explosiegevaar. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Kettingzaag gebruiken in combinatie met een accu STIHL AP of een accu STIHL AR. ■ Als de kettingzaag of de accu niet volgens de voorschriften wordt gebruikt, kan dit leiden tot ernstig persoonlijk letsel of zelfs de dood en er kan materiële schade ontstaan.

De kettingzaag zo gebruiken als in deze gebruiksaanwijzing staat beschreven. ► Gebruik de accu zoals staat beschreven in deze handleiding, de handleiding van accu STIHL AR, de STIHL connected-app en bij www.connect.stihl.com.

4.3 Eisen aan de gebruiker

Gebruikers die niet zijn opgeleid voor werk‐ zaamheden met een kettingzaag voor de Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 122 0458-007-9601-Aboomverzorging kunnen de gevaren van de kettingzaag en de accu niet herkennen of niet inschatten. De gebruiker of andere personen kunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel oplopen. ► De handleiding lezen, begrijpen en bewaren. ► De kettingzaag alleen gebruiken als de gebruiker voor het gebruik van een kettingzaag voor de boomver‐ zorging is opgeleid.

Als de kettingzaag of de accu aan een andere persoon wordt overhandigd: de handleiding meegeven.

Controleren of de gebruiker aan de vol‐ gende eisen voldoet:

De gebruiker is uitgerust.

De gebruiker is lichamelijk, sensorisch en geestelijk in staat de kettingzaag en de accu in gebruik te nemen en hiermee te werken. Als de gebruiker lichamelijk, sensorisch of geestelijk beperkt is, mag de gebruiker slechts onder toezicht van of na instructie door een hiertoe verant‐ woordelijke of bevoegde persoon hier‐ mee werken.

De gebruiker kan de gevaren van de kettingzaag en de accu herkennen en inschatten.

De gebruiker is meerderjarig of de gebruiker wordt overeenkomstig de nationale regelgeving onder toezicht onderwezen in een beroep.

De gebruiker verkeert niet onder invloed van alcohol, medicamenten of drugs. ► Indien er onduidelijkheden bestaan: contact opnemen met een STIHL dealer.

4.4 Kleding en uitrusting

Tijdens de werkzaamheden kunnen lange haren in de kettingzaag worden getrokken. De gebruiker kan hierdoor ernstig letsel oplopen.

Lang haar in een paardenstaart binden en dusdanig vastmaken, dat het zich boven de schouders bevindt.

Tijdens de werkzaamheden kunnen voorwer‐ pen met een hoge snelheid naar boven wor‐ den geslingerd. De gebruiker kan letsel oplo‐ pen. ► Draag een nauwsluitende veilig‐ heidsbril. Geschikte veiligheidsbrillen zijn aan de hand van de norm EN 166 of de nationale voorschriften getest en met de betreffende code‐ ring te koop. ► STIHL adviseert een gelaatsbeschermer te dragen. ► Een strak bovenstuk met lange mouwen dragen. ■ Tijdens de werkzaamheden wordt geluid geproduceerd. Geluid kan het gehoor bescha‐ digen. ► Een gehoorbeschermer dragen. ■ Vallende voorwerpen kunnen leiden tot letsel aan het hoofd. ► Als tijdens de werkzaamheden tak‐ ken kunnen vallen: een veiligheids‐ helm dragen. ■ Tijdens de werkzaamheden kan stof opdwar‐ relen en kunnen er dampen ontstaan. Inge‐ ademd(e) stof en dampen kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid en allergische reac‐ ties veroorzaken.

Als er stof opdwarrelt of damp ontstaat: een stofmasker dragen. ■ Hiertoe ongeschikte kleding kan blijven haken in hout, struikgewas en in de kettingzaag. Gebruikers zonder geschikte kleding kunnen ernstig letsel oplopen.

Draag nauwsluitende kleding. ► Doe sjaals en sieraden af. ■ Tijdens de werkzaamheden kan de gebruiker in contact komen met de ronddraaiende zaag‐ ketting. De gebruiker kan hierdoor ernstig let‐ sel oplopen. ► Een lange broek met snijprotectie en snijprotectie op de beide armen dra‐ gen. ■ Tijdens de werkzaamheden kan de gebruiker zich snijden aan het hout. Tijdens de reini‐ gings- of onderhoudswerkzaamheden kan de gebruiker in contact komen met de zaagket‐ ting. De gebruiker kan letsel oplopen.

Draag werkhandschoenen van slijtvast materiaal. ■ Als de gebruiker ongeschikte schoenen draagt, kan hij uitglijden. Als de gebruiker in contact komt met de ronddraaiende zaagket‐ ting, kan deze snijwonden oplopen. De gebrui‐ ker kan letsel oplopen.

Kettingzaaglaarzen met snijprotectie dra‐ gen. ■ Als in de boom wordt gewerkt, kan de gebrui‐ ker vallen. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0458-007-9601-A 123► Valbeveiligingsuitrusting dragen.

4.5 Werkgebied en -omgeving

Buitenstaanders, kinderen en dieren kunnen de gevaren van de kettingzaag en de opge‐ worpen voorwerpen niet herkennen en de gevaren hiervan niet inschatten. Onbevoegde personen, kinderen en dieren kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ont‐ staan.

Buitenstaanders, kinderen en huisdieren op afstand houden van het werkgebied. ► Kettingzaag niet zonder toezicht laten. ► Zorg ervoor dat kinderen niet met de ket‐ tingzaag kunnen spelen. ■ Elektrische componenten van de kettingzaag kunnen vonken veroorzaken. Vonken kunnen in licht ontvlambare of een explosieve omge‐ ving brand en explosies veroorzaken. Perso‐ nen kunnen zwaar letsel oplopen of worden gedood en er kan materiële schade ontstaan.

Niet werken in een licht ontvlambare en niet in een explosieve omgeving.

Buitenstaanders, kinderen en dieren kunnen de gevaren van de accu niet herkennen en de gevaren hiervan niet inschatten. Buitenstaan‐ ders, kinderen en dieren kunnen ernstig letsel oplopen.

Buitenstaanders, kinderen en huisdieren op afstand houden. ► Laat de accu niet zonder toezicht achter. ► Zorg ervoor dat kinderen niet met de accu kunnen spelen. ■ De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐ den van buitenaf. Als de accu blootstaat aan bepaalde invloeden van buitenaf kan de accu in brand vliegen, exploderen of onherstelbaar beschadigd raken. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ont‐ staan. ► De accu tegen hitte en vuur bescher‐ men. ► De accu niet in het vuur werpen. ► De accu niet buiten de aangegeven tempe‐ ratuurgrenzen opladen, gebruiken en opbergen, 21.5. ► De accu niet onderdompelen in vloeistoffen. ► De accu bij kleine metalen voorwerpen van‐ daan houden. ► De accu niet blootstellen aan hoge druk. ► De accu niet in de magnetron plaatsen. ► De accu tegen chemicaliën en zouten beschermen.

De kettingzaag verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De kettingzaag is niet beschadigd.

Het oog is niet beschadigd.

De kettingvanger is niet beschadigd.

De bedieningselementen werken en zijn niet gewijzigd.

De inloopsporen op het kettingtandwiel zijn niet dieper dan 0,5 mm.

Een in deze gebruiksaanwijzing aangegeven combinatie van zaagblad en zaagketting is gemonteerd.

Het zaagblad en de zaagketting zijn correct gemonteerd.

Alleen origineel STIHL toebehoren voor deze kettingzaag is gemonteerd.

Het toebehoren is correct gemonteerd.

In een niet-veilige toestand kunnen onderde‐ len niet meer naar behoren functioneren en kunnen veiligheidsvoorzieningen buiten werk‐ ing worden gezet. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Met een onbeschadigde kettingzaag wer‐ ken. ► Als de kettingzaag vuil is: kettingzaag reini‐ gen. ► Kettingzaag met een onbeschadigd oog gebruiken. ► Met een onbeschadigde kettingvanger wer‐ ken. ► Aan de kettingzaag geen wijzigingen aan‐ brengen. Uitzondering: montage van een in deze gebruiksaanwijzing aangegeven com‐ binatie van zaagblad en zaagketting. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 124 0458-007-9601-A► Als de bedieningselementen niet functione‐ ren: Niet met de kettingzaag werken. ► Alleen origineel STIHL toebehoren voor deze kettingzaag monteren. ► Zaagblad en zaagketting zo monteren als in deze gebruiksaanwijzing staat beschreven. ► Monteer het toebehoren zoals in deze handleiding of in de handleiding van het toebehoren beschreven staat.

Geen voorwerpen in de openingen van de kettingzaag steken. ► Olietankdop sluiten. ► Versleten of beschadigde stickers vervan‐ gen. ► Als er onduidelijkheid bestaat: contact opnemen met een STIHL dealer.

Het zaagblad verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

Het zaagblad is niet beschadigd.

Het zaagblad is niet vervormd.

De groef is zo diep als of dieper dan de mini‐ male groefdiepte,

Er bevinden zich geen bramen op de randen van de groef.

De groef is niet versmald of verbreed. WAARSCHUWING

In een onveilige staat kan het zaagblad de zaagketting niet meer correct geleiden. De ronddraaiende zaagketting kan van het zaag‐ blad springen. Personen kunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel oplopen.

Met een onbeschadigd zaagblad werken. ► Als de diepte van de groef kleiner is dan de minimale groefdiepte: zaagblad vervangen. ► Zaagblad wekelijks ontdoen van bramen. ► Als één en ander niet duidelijk is: verzoe‐ ken wij u contact op te nemen met een STIHL dealer.

De zaagketting verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De zaagketting is niet beschadigd.

De slijtagemarkeringen op de zaagtanden zijn zichtbaar. WAARSCHUWING

In een niet-veilige staat kunnen componenten niet meer correct functioneren en kunnen de veiligheidsinrichtingen zijn uitgeschakeld. Per‐ sonen kunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel oplopen. ► Met een onbeschadigde zaagketting wer‐ ken. ► Zaagketting correct aanscherpen/slijpen. ► Indien er onduidelijkheden bestaan: contact opnemen met een STIHL dealer.

De accu verkeert in een veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De accu is onbeschadigd.

De accu functioneert en is niet gemodificeerd. WAARSCHUWING ■ In een niet veilige staat kan de accu niet meer correct functioneren. Personen kunnen ernstig letsel oplopen.

Alleen met een onbeschadigde en goed werkende accu werken. ► Een beschadigde of defecte accu niet laden. ► Als de accu vuil is: de accu reinigen. ► Als de accu nat of vochtig is: de accu laten drogen, 21.6. ► Geen wijzigingen aanbrengen aan de accu. ► Geen voorwerpen in de openingen van de accu steken. ► Elektrische contacten van de accu niet met metalen voorwerpen met elkaar verbinden en kortsluiten.

Accu niet openmaken. ► Versleten of beschadigde stickers vervan‐ gen. ■ Uit een beschadigde accu kan vloeistof weg‐ lekken. Als de vloeistof in contact komt met de huid of de ogen, kunnen de huid of de ogen geïrriteerd raken.

Contact met de vloeistof voorkomen. ► Als contact met de huid heeft plaatsgevon‐ den: was de betreffende plekken op de huid met veel water en zeep.

Als contact met de ogen heeft plaatsgevon‐ den: was de ogen ten minste 15 minuten met veel water en raadpleeg een arts.

Een beschadigde of defecte accu kan een ongewone geur veroorzaken, roken of bran‐ den. Personen kunnen ernstig of dodelijk let‐ sel oplopen en er kan materiële schade ont‐ staan.

Als de accu vreemd ruikt of rookt: de accu niet gebruiken en bij brandbare stoffen van‐ daan houden.

Als de accu brandt: de accu met een brand‐ blusser of water proberen te blussen. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0458-007-9601-A 1254.7 Werken

Als er buiten het werkgebied geen personen binnen gehoorafstand aanwezig zijn, kan in geval van nood geen hulp worden gevraagd.

Zorg ervoor dat er personen op gehooraf‐ stand buiten het werkgebied aanwezig zijn. ■ De gebruiker kan in bepaalde omstandighe‐ den niet meer geconcentreerd werken. De gebruiker kan de controle over de kettingzaag verliezen, struikelen, vallen en ernstig letsel oplopen.

Werk rustig en doordacht. ► Als de lichtomstandigheden en het zicht slecht zijn: niet met de kettingzaag werken. ► Kettingzaag alleen bedienen. ► Niet boven schouderhoogte werken. ► Let op obstakels. ► Als in de boom wordt geklommen: een touwzekering gebruiken. ► Als de kettingzaag wordt gebruikt in combi‐ natie met een energievoorziening met aan‐ sluitkabel: een hoogwerker gebruiken.

Als er vermoeidheidsverschijnselen optre‐ den: las een pauze in. ■ Als in de boom wordt gewerkt, kan de ketting‐ zaag naar beneden vallen. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Kettingzaag met een kettingzaagstrop zekeren via het oog. De kettingzaagstrop moet voorzien zijn van een overbelasting‐ sbeveiliging. Passende toebehoren zijn ver‐ krijgbaar bij de vakhandel.

Door de ronddraaiende zaagketting kan de gebruiker snijwonden oplopen. De gebruiker kan hierdoor ernstig letsel oplopen.

Raak de ronddraaiende zaagketting niet aan. ► Als de zaagketting door een voorwerp wordt geblokkeerd: Kettingzaag uitschake‐ len, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen. Verwijder pas daarna het voorwerp dat de blokkade veroorzaakt.

De ronddraaiende zaagketting wordt warm en zet uit. Als de zaagketting niet voldoende wordt gesmeerd en nagespannen, kan de zaagketting van het zaagblad springen of bre‐ ken. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Zaagkettingolie gebruiken. ► Tijdens de werkzaamheden regelmatig de spanning van de zaagketting controleren. Als de spanning van de zaagketting te laag is: de zaagketting spannen. ■ Als de werking van de kettingzaag zich tijdens de werkzaamheden wijzigt of deze zich onge‐ woon gedraagt, kan de kettingzaag in een onveilige staat verkeren. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Beëindig de werkzaamheden, verwijder de accu en neem contact op met een STIHL dealer.

Tijdens de werkzaamheden kunnen trillingen door de kettingzaag worden gevormd. ► Handschoenen dragen. ► Neem pauzes. ► Als er tekenen van een doorbloedingsstoor‐ nis optreden: raadpleeg een arts. ■ Als de ronddraaiende zaagketting contact maakt met een hard voorwerp kunnen vonken ontstaan. Vonken kunnen in een makkelijk brandbare omgeving brand veroorzaken. Per‐ sonen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplo‐ pen en er kan materiële schade ontstaan.

Werk niet in een makkelijk brandbare omgeving. ■ Als de schakelhendel wordt losgelaten, draait de zaagketting nog even door. De bewegende zaagketting kan snijwonden toebrengen aan personen. Personen kunnen ernstig letsel oplopen.

Wacht tot de zaagketting niet meer draait. WAARSCHUWING

Als hout dat onder spanning staat wordt gezaagd, kan het zaagblad worden ingeklemd. De gebruiker kan de controle over de ketting‐ zaag verliezen en zwaar letsel oplopen.

Eerst een ontlastingszaagsnede (1) in de drukzijde (A) aanbrengen, vervolgens een kapzaagsnede (2) van boven, direct boven de eerste snede, in de trekzijde (B) aan‐ brengen. GEVAAR

Als in de buurt van spanningvoerende kabels wordt gewerkt kan de zaagketting in contact Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 126 0458-007-9601-Akomen met de spanningvoerende kabels en deze beschadigen. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Werk niet in de buurt van onder spanning staande leidingen.

WAARSCHUWING ■ Ongeoefende personen kunnen de gevaren bij het vellen niet inschatten. Personen kunnen zwaar letsel oplopen of worden gedood en er kan materiële schade ontstaan.

Indien er onduidelijkheden bestaan: niet zelf vellen. ■ Tijdens het vellen kunnen te verwijderen delen van de boom en takken op personen of voor‐ werpen vallen. Personen kunnen zwaar letsel oplopen of worden gedood en er kan materiële schade ontstaan.

Velrichting zo bepalen dat het gebied waarin het te verwijderen deel van de boom valt open/vrij is.

Buitenstaanders, kinderen en dieren buiten een afstand van een cirkel van 2,5 boom‐ lengtes om het werkgebied houden.

0000-GXX-3112-A0 Een terugslag kan door de volgende oorzaken ontstaan:

De ronddraaiende zaagketting maakt met het bovenste kwart gedeelte van de zaagbladneus contact met een hard voorwerp en wordt snel afgeremd.

De ronddraaiende zaagketting is bij de zaag‐ bladneus ingeklemd. De kettingrem kan een terugslag niet voorko‐ men. WAARSCHUWING 0000-GXX-3214-A0

Als er terugslag ontstaat kan de kettingzaag in de richting van de gebruiker omhoog worden geslingerd. De gebruiker kan vooral door het concept van het handgreepsysteem met een korte afstand tussen de handgrepen, de con‐ trole over de kettingzaag verliezen en zwaar letsel of zelfs dodelijk letsel oplopen. ► De kettingzaag met beide handen vasthouden. ► Het lichaam buiten het verlengde zwenkbe‐ reik van de kettingzaag houden. ► Zo werken als in deze handleiding staat beschreven. ► Niet met het bovenste kwart gedeelte van de zaagbladneus werken. ► Met een correct aangescherpte/geslepen en correct gespannen zaagketting werken. ► Een terugslaggereduceerde zaagketting gebruiken. ► Een zaagblad met een kleine zaagbladneus gebruiken. ► Met vol gas zagen.

4.8.2 In het hout trekken

0000-GXX-1348-A0 Als met de onderzijde van het zaagblad wordt gewerkt, wordt de kettingzaag weggetrokken van de gebruiker. WAARSCHUWING

Als de ronddraaiende zaagketting contact maakt met een hard voorwerp en snel wordt afgeremd, kan de kettingzaag plotseling met grote kracht van de gebruiker weg worden getrokken. De gebruiker kan de controle over 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0458-007-9601-A 127de kettingzaag verliezen en zwaar letsel oplo‐ pen of zelfs worden gedood. ► De kettingzaag met beide handen vasthou‐ den. ► Zo werken als in deze handleiding staat beschreven. ► Het zaagblad recht in de zaagsnede gelei‐ den. ► De kam correct plaatsen. ► Met vol gas zagen.

0000-GXX-1349-A0 Als met de bovenzijde van het zaagblad wordt gewerkt, wordt de kettingzaag naar de gebruiker toe gestoten. WAARSCHUWING ■ Als de ronddraaiende zaagketting contact maakt met een hard voorwerp en snel wordt afgeremd, kan de kettingzaag plotseling met grote kracht naar de gebruiker toe worden gestoten. De gebruiker kan de controle over de kettingzaag verliezen en zwaar letsel oplo‐ pen of zelfs worden gedood.

De kettingzaag met beide handen vasthou‐ den. ► Zo werken als in deze handleiding staat beschreven. ► Het zaagblad recht in de zaagsnede gelei‐ den. ► Met vol gas zagen.

Tijdens het vervoer kan de kettingzaag kante‐ len of verschuiven. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden. ► De accu verwijderen. ► Kettingrem inschakelen. ► De kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven totdat deze vastklikt, zodat deze het gehele zaagblad afdekt.

Kettingzaag met spanbanden, riemen of een net dusdanig beveiligen, dat hij niet kan kantelen en niet kan bewegen.

Als de kettingzaag over het oog van de ket‐ tingbeschermer wordt getransporteerd, kan de kettingzaag omlaag vallen. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optre‐ den.

Kettingzaag aan het oog aan de behuizing vervoeren.

WAARSCHUWING ■ De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐ den van buitenaf. Als de accu aan bepaalde invloeden van buitenaf wordt blootgesteld, kan de accu worden beschadigd en kan er materi‐ ele schade ontstaan.

Een beschadigde accu niet vervoeren. ■ Tijdens het vervoer kan de accu omvallen of verschuiven. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden.

De accu in de verpakking zo verpakken dat deze niet kan bewegen. ► Verpakking zo borgen dat deze niet kan vallen en verschuiven.

Kinderen kunnen de gevaren van de ketting‐ zaag niet herkennen en ook niet inschatten. Kinderen kunnen ernstig letsel oplopen. ► De accu verwijderen. ► Kettingrem inschakelen. ► De kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven totdat deze vastklikt, zodat deze het gehele zaagblad afdekt.

De kettingzaag buiten het bereik van kinde‐ ren opslaan. ■ De elektrische contacten op de kettingzaag en metalen onderdelen kunnen door vocht corro‐ deren. De kettingzaag kan beschadigd raken. ► De accu verwijderen. ► De kettingzaag schoon en droog bewaren. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 128 0458-007-9601-A4.10.2 Accu WAARSCHUWING

Kinderen kunnen de gevaren van de accu niet herkennen en ook niet inschatten. Kinderen kunnen ernstig letsel oplopen.

De accu buiten het bereik van kinderen opslaan. ■ De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐ den van buitenaf. Als de accu aan bepaalde invloeden van buitenaf wordt blootgesteld, kan de accu onherstelbaar worden beschadigd.

De accu schoon en droog opslaan. ► Berg de accu in een gesloten ruimte op. ► De accu apart van de kettingzaag opslaan. ► Als de accu in de acculader wordt bewaard: de netstekker uit het stopcontact trekken en de accu met een laadniveau tussen 40% en 60% bewaren (2 groene leds).

De accu niet buiten de aangegeven tempe‐ ratuurgrenzen bewaren, 21.5.

4.11 Reiniging, onderhoud en repa‐

ratie WAARSCHUWING ■ Als tijdens de reinigings-, onderhouds- of reparatiewerkzaamheden de accu in de ket‐ tingzaag wordt geplaatst, kan de kettingzaag onbedoeld worden ingeschakeld. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan mate‐ riële schade ontstaan. ► Accu verwijderen. ► Kettingrem inschakelen. ■ Agressieve reinigingsmiddelen, het reinigen met een waterstraal of puntige voorwerpen kunnen de kettingzaag, het zaagblad de zaag‐ ketting en de accu beschadigen. Als de ket‐ tingzaag, het zaagblad, de zaagketting of de accu niet op de juiste wijze werden gereinigd, kunnen componenten niet meer correct functi‐ oneren en kunnen de veiligheidsinrichtingen zijn uitgeschakeld. Personen kunnen ernstig letsel oplopen. ► Kettingzaag, zaagblad, zaagketting en accu zo reinigen als staat beschreven in deze handleiding.

Als de kettingzaag, het zaagblad, de zaagket‐ ting en de accu niet op de juiste wijze werden onderhouden of gerepareerd, kunnen compo‐ nenten niet meer correct functioneren en kun‐ nen de veiligheidsinrichtingen zijn uitgescha‐ keld. Personen kunnen ernstig of dodelijk let‐ sel oplopen. ► De kettingzaag en accu niet zelf onderhou‐ den of repareren. ► Als aan de kettingzaag of de accu onder‐ houds- of reparatiewerkzaamheden moeten worden uitgevoerd: contact opnemen met een STIHL dealer.

Zaagblad en zaagketting zo onderhouden of repareren als in deze gebruiksaanwijzing staat beschreven.

Tijdens de reinigings- of onderhoudswerk‐ zaamheden aan de zaagketting kan de gebrui‐ ker letsel oplopen door de scherpe zaagtan‐ den. De gebruiker kan letsel oplopen.

Draag werkhandschoenen van slijtvast materiaal. 5 Motorzaag klaarmaken voor gebruik

5.1 Kettingzaag klaarmaken voor

gebruik Voorafgaand aan de werkzaamheden moeten altijd de volgende stappen worden gezet: ► Zorg ervoor dat de volgende componenten zich in een veilige toestand bevinden:

► De accu volledig laden, zoals in de handlei‐ ding van de acculader AL 101, 301, 301-4, 500 staat beschreven.

Zaagkettingolie bijvullen, 8.3.

Kettingsmering controleren, 12.6. ► Als de stappen niet kunnen worden uitge‐ voerd: de kettingzaag niet gebruiken en con‐ tact opnemen met een STIHL dealer.

Accu met een Bluetooth

-interface op het mobiele eindappa‐ raat activeren.

5 Motorzaag klaarmaken voor gebruik Nederlands 0458-007-9601-A 129► Download de STIHL connected app vanuit de App Store op het mobiele eindapparaat en maak een account aan. ► STIHL connected app openen en aanmelden. ► Accu toevoegen in de STIHL connected app en de aanwijzingen op het beeldscherm opvol‐ gen. Contactmogelijkheden en meer informatie zijn te vinden op https://support.stihl.com of in deS‐ TIHL connected app. De STIHL connected app is afhankelijk van de markt beschikbaar. 6 Accu laden en leds

De laadtijd is afhankelijk van diverse invloeden, zoals bijv. de temperatuur van de accu of de omgevingstemperatuur. Voor een optimale pres‐ tatie moeten de aanbevolen temperatuurberei‐ ken in acht worden genomen, 21.6. De wer‐ kelijke laadtijd kan afwijken van de aangegeven laadtijd. De laadtijd is te vinden op www.stihl.com/charging-times. ► De accu opladen zoals staat beschreven in de handleiding van de acculader STIHL AL 101, 301, 301-4, 500.

De leds kunnen de laadtoestand van de accu of storingen aangeven. De leds kunnen groen of rood branden of knipperen. Als de leds groen branden of knipperen wordt de laadtoestand weergegeven. ► Als de leds rood branden of knipperen: storin‐ gen opheffen,

In de kettingzaag of in de accu zit een storing. 7 Bluetooth®-interface acti‐ veren en deactiveren

Als de accu van een Bluetooth

-interface is voorzien: druktoets indrukken en zo lang inge‐ drukt houden tot de led “BLUETOOTH

” naast het symbool 3 seconden blauw brandt. De Bluetooth

-interface op de accu is geacti‐ veerd.

Als de accu van een Bluetooth

-interface is voorzien: druktoets indrukken en zo lang inge‐ drukt houden tot de led “BLUETOOTH

” naast het symbool zesmaal blauw knippert. De Bluetooth

-interface op de accu is gedeac‐ tiveerd. 8 Motorzaag completeren

De combinaties van zaagblad en zaagketting die bij het kettingtandwiel passen en daarmee gemonteerd mogen worden, staan aangegeven in de technische gegevens,

► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen.

0000-GXX-3113-A1 ► Moer (2) losschroeven. ► Kettingtandwieldeksel (1) verwijderen.

0000-GXX-3114-A1 Nederlands 6 Accu laden en leds 130 0458-007-9601-A► Spanbout (3) zo ver linksom draaien, tot de spanschuif (4) links tegen het huis ligt. 0000081120_002 ► Zaagketting vervolgens in de groef van het zaagblad leggen, zodat de pijlen op de verbin‐ dingsschakels van de zaagketting aan de bovenzijde in de draairichting gericht zijn.

0000-GXX-3115-A1 ► Het zaagblad en de zaagketting zo op de ket‐ tingzaag plaatsen dat aan de volgende voor‐ waarden wordt voldaan:

De aandrijfschakels van de zaagketting val‐ len in de tanden van het kettingtandwiel (5).

De kop van de bout (6) valt in het sleufgat van het zaagblad (8).

De pen van de spanschuif (4) valt in het boorgat (7) van het zaagblad (8). De oriëntering (plaatsing) van het zaagblad (8) speelt geen rol. De opdruk op het zaagblad (8) kan ook ondersteboven staan. ► Kettingrem lossen.

0000-GXX-3202-A1 ► Spanbout (3) zolang rechtsom draaien, tot de zaagketting aansluit op het zaagblad. Hierbij de aandrijfschakels van de zaagketting in de groef van het zaagblad leiden. Het zaagblad (8) en de zaagketting liggen tegen de kettingzaag. ► Kettingtandwieldeksel (1) zo op de kettingzaag plaatsen, dat deze gelijkligt met de ketting‐ zaag. ► Moer (2) aanbrengen en vastdraaien.

8.1.2 Zaagblad en zaagketting uitbouwen

► Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inscha‐ kelen en accu eruit nemen. ► Moer losdraaien. ► Kettingtandwieldeksel wegnemen. ► Spanbout tot aan de aanslag linksom draaien. De zaagketting is ontspannen. ► Zaagblad en zaagketting wegnemen.

8.2 Zaagketting spannen

Tijdens het gebruik rekt de zaagketting uit of trekt samen. De spanning van de zaagketting verandert. Tijdens de werkzaamheden moet de zaagkettingspanning regelmatig worden gecon‐ troleerd en moet deze zo nodig worden nage‐ spannen. ► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen.

0000-GXX-3203-A2 ► Moer (2) losdraaien. ► Kettingrem lossen. ► Zaagblad bij de neus optillen en de span‐ schroef (1) zo lang rechtsom of linksom draaien, tot aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De afstand a in het midden van het zaag‐ blad bedraagt 1 mm tot 2 mm.

De zaagketting kan nog met twee vingers en met geringe krachtsinspanning over het zaagblad worden getrokken. ► Zaagblad bij de punt blijven optillen en moer (2) vastdraaien. ► Als de afstand a in het midden van het zaag‐ blad niet 1 mm tot 2 mm bedraagt: zaagketting opnieuw spannen.

8.3 Zaagkettingolie bijvullen

De zaagkettingolie zorgt voor de smering en de koeling van de ronddraaiende zaagketting. STIHL adviseert STIHL zaagkettingolie of een andere voor kettingzagen vrijgegeven, heldere of 8 Motorzaag completeren Nederlands 0458-007-9601-A 131biologisch afbreekbare zaagkettingolie te gebrui‐ ken. ► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► Motorzaag zo op een vlakke ondergrond plaat‐ sen dat de olietankdop naar boven is gericht. ► Het gebied rondom de olietankdop schoonma‐ ken met een vochtige doek. 0000-GXX-2930-A0 ► De beugel van de olietankdop opklappen. ► Olietankdop tot aan de aanslag linksom draaien. ► Olietankdop wegnemen. ► De zaagkettingolie zo bijvullen dat er geen zaagkettingolie wordt gemorst en de olietank niet tot aan de rand wordt gevuld. ► Als de beugel van de olietank is ingeklapt: de beugel opklappen.

► De olietankdop zo aanbrengen dat de marke‐ ring (1) naar de markering (2) is gericht. ► De olietankdop naar beneden drukken en tot aan de aanslag rechtsom draaien. De olietankdop klikt hoorbaar vast. De marke‐ ring (1) is naar de markering (3) gericht. ► Controleren of de olietankdop naar boven kan worden losgetrokken. ► Als de olietankdop niet naar boven kan wor‐ den losgetrokken: de beugel van de olietank‐ dop inklappen. De olietank is gesloten. Als de olietankdop naar boven kan worden los‐ getrokken, moeten de volgende stappen worden uitgevoerd: ► De olietankdop in een willekeurige positie aan‐ brengen.

► De olietankdop naar beneden drukken en tot aan de aanslag rechtsom draaien. ► De olietankdop naar beneden drukken en zolang linksom draaien tot de markering (1) naar de markering (2) is gericht. ► Opnieuw proberen de olietank te sluiten. ► Als de olietank nog steeds niet kan worden gesloten: niet met de kettingzaag werken en contact opnemen met een STIHL dealer. De kettingzaag verkeert niet in de veilige staat.

De kettingzaag is uitgerust met een kettingrem. De kettingrem wordt bij een voldoende sterke terugslag automatisch ingeschakeld door de massatraagheid van de handbeschermer of kan worden ingeschakeld door de gebruiker. Nederlands 9 Kettingrem inschakelen en lossen 132 0458-007-9601-A1 0000098214_001 ► Handbeschermer met de linkerhand weg van de draagbeugel duwen. De handbeschermer klikt hoorbaar vast. Als er een accu is geplaatst: de led "KETTING‐ REM" (1) brandt. De kettingrem is ingescha‐ keld.

9.2 Kettingrem lossen

0000098215_001 ► Handbeschermer met de linkerhand richting de gebruiker trekken. De handbeschermer klikt hoorbaar vast. Als er een accu geplaatst is: de led "KETTING‐ REM" (1) brandt niet meer. De kettingrem is gelost. 10 Accu aanbrengen en weg‐ nemen

0000087076_003 ► Accu (1) tot aan de aanslag in de accu‐ schacht (2) drukken. De accu (1) klikt vast en is dan vergrendeld.

10.2 Accu verwijderen

► Kettingzaag op een vlakke ondergrond plaat‐ sen.

0000087077_003 ► Beide blokkeerhendels (1) indrukken. De accu (2) is ontgrendeld en kan worden ver‐ wijderd. 11 Motorzaag inschakelen en uitschakelen

11.1 Kettingzaag inschakelen

► Kettingzaag met de rechterhand op de bedie‐ ningshandgreep zo vasthouden dat de duim om de bedieningshandgreep valt. ► Kettingrem lossen. ► Kettingzaag met de linkerhand op de draag‐ beugel zo vasthouden dat de duim om de draagbeugel valt.

0000098216_001 ► Schakelhendelblokkering (1) met de hand indrukken en ingedrukt houden. ► Ontgrendelknop (2) indrukken. ► De schakelhendel (3) met de wijsvinger indrukken en ingedrukt houden. De kettingzaag loopt aan en de zaagketting draait. Hoe verder de schakelhendel (3) is ingedrukt, des te sneller draait de zaagketting. De kettingzaag kan ook worden ingeschakeld door eerst de ontgrendelknop (2) in te drukken en binnen 5 seconden (zolang de led "STATUS" knippert) de ontgrendeling van de schakelhen‐ del (1) in te drukken. De schakelhendel (3) is nu ontgrendeld en de kettingzaag is klaar voor gebruik. 10 Accu aanbrengen en wegnemen Nederlands 0458-007-9601-A 133Als de schakelhendel (3) en de schakelhendel‐ blokkering (1) na het inschakelen worden losge‐ laten, knippert de led "STATUS" (4) nog 1 seconde lang. Zolang de led "STATUS" (4) knippert, kan de kettingzaag zonder indrukken van de ontgrendelknop (2) opnieuw worden inge‐ schakeld.

11.2 Kettingzaag uitschakelen

► Schakelhendel en schakelhendelblokkering loslaten. Wachten tot de zaagketting na ca. 1 seconde niet meer draait. ► Als de zaagketting na ca. 1 seconde nog draait: de kettingrem inschakelen, de accu eruit nemen en contact opnemen met een STIHL dealer. De kettingzaag is defect. 12 Kettingzaag en accu con‐ troleren

12.1 Kettingtandwiel controleren

► Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inscha‐ kelen en accu eruit nemen. ► Kettingrem lossen. ► Kettingtandwieldeksel uitbouwen. ► Zaagblad en zaagketting uitbouwen.

0000-GXX-1216-A0 ► Inloopsporen op het kettingtandwiel controle‐ ren met behulp van een STIHL kaliber. ► Als de inloopsporen dieper zijn dan a = 0,5 mm: de kettingzaag niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. Het kettingtandwiel moet worden vervangen.

12.2 Zaagblad controleren

► Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inscha‐ kelen en accu eruit nemen. ► Zaagketting en zaagblad uitbouwen. 0000-GXX-1217-A0 ► De groefdiepte van het zaagblad meten met behulp van het meetkaliber van het STIHL vij‐ lkaliber. ► Zaagblad vervangen, als aan een van de vol‐ gende voorwaarden wordt voldaan:

Het zaagblad is beschadigd.

De gemeten groefdiepte is kleiner dan de minimale groefdiepte van het zaagblad,

De groef van het zaagblad is versmald of verbreed. ► Als één en ander niet duidelijk is: verzoeken wij u contact op te nemen met een STIHL dea‐ ler.

12.3 Zaagketting controleren

► Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inscha‐ kelen en accu eruit nemen.

► De hoogte van de dieptebegrenzer (1) meten met behulp van het STIHL vijlkaliber (2). Het STIHL vijlkaliber moet passen bij de steek van de zaagketting. ► Als een dieptebegrenzer (1) boven het vijlkali‐ ber (2) uitsteekt: dieptebegrenzer (1) afvijlen,

Nederlands 12 Kettingzaag en accu controleren 134 0458-007-9601-A► Controleren of de slijtagemarkeringen (1 tot 4) op de zaagtanden zichtbaar zijn. ► Als één van de slijtagemarkeringen op een zaagtand niet zichtbaar is: de zaagketting niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. ► Met behulp van een STIHL vijlkaliber controle‐ ren of de aanscherphoek van de zaagtanden van 30° is aangehouden. Het STIHL vijlkaliber moet passen bij de steek van de zaagketting. ► Als de aanscherphoek van 30° niet werd aan‐ gehouden: de zaagketting aanscherpen/slij‐ pen. ► Als één en ander niet duidelijk is: verzoeken wij u contact op te nemen met een STIHL dea‐ ler.

12.4 Kettingrem controleren

► Kettingzaag inschakelen. ► Kettingrem inschakelen. Als de zaagketting onmiddellijk stilstaat, func‐ tioneert de kettingrem. ► Als de zaagketting niet onmiddellijk stilstaat: de kettingzaag niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. De kettingrem is defect.

12.5 Bedieningselementen controle‐

ren Schakelhendelblokkering en schakelhendel ► Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen. ► Probeer de schakelhendel in te drukken, zon‐ der de schakelhendelblokkering in te drukken. ► Als de schakelhendel kan worden ingedrukt: de kettingzaag niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. De schakelhendelblokkering is defect. ► Schakelhendelblokkering indrukken en inge‐ drukt houden. ► De schakelhendel indrukken en weer loslaten. ► Als de schakelhendel of de schakelhendel‐ blokkering zwaar loopt of niet terugveert naar de eindstand: de kettingzaag niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. De schakelhendel of de schakelhendelblokke‐ ring is defect. Kettingzaag inschakelen ► De accu plaatsen. ► Kettingrem lossen. ► Schakelhendelblokkering indrukken en inge‐ drukt houden. ► Deblokkeringsknop indrukken. ► De schakelhendel indrukken en ingedrukt hou‐ den. De zaagketting draait. ► Als er 3 leds op de accu rood knipperen: de accu eruit nemen en contact opnemen met een STIHL dealer. In de kettingzaag zit een storing. ► De schakelhendel loslaten. De zaagketting draait niet meer. ► Als de zaagketting blijft draaien: de kettingrem inschakelen, accu wegnemen en contact opnemen met een STIHL dealer. De kettingzaag is defect.

12.6 Kettingsmering controleren

► Accu aanbrengen. ► Kettingrem lossen. ► Zaagblad op een lichtgekleurd oppervlak rich‐ ten. ► Kettingzaag inschakelen. Zaagkettingolie wordt weggeslingerd en is her‐ kenbaar op het lichtgekleurde oppervlak. De kettingsmering functioneert. ► Als er geen weggeslingerde zaagkettingolie zichtbaar is: ► Zaagkettingolie bijvullen. ► Kettingsmering opnieuw controleren. ► Als er nog steeds geen zaagkettingolie op het lichtgekleurde oppervlak zichtbaar is: de kettingzaag niet gebruiken en contact opne‐ men met een STIHL dealer. De kettingsme‐ ring is defect.

12.7 Accu controleren/testen

► Druktoets op de accu indrukken. De leds branden of knipperen. ► Als de leds niet branden of knipperen: accu niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. In de accu zit een storing. 13 Met de motorzaag werken

13.1 Olieopbrengst instellen

De kettingzaag is voorzien van een instelbare oliepomp.

0000-GXX-7209-A0 13 Met de motorzaag werken Nederlands 0458-007-9601-A 135Als de oliepompstelschroef (1) in stand E (Ema‐ tic) staat, is de olieopbrengst optimaal ingesteld voor de meeste toepassingen. De opbrengst van de oliepomp kan voor verschil‐ lende zaaglengtes, houtsoorten en werktechnie‐ ken worden aangepast. Olieopbrengst verhogen ► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► Oliepompstelschroef (1) rechtsom draaien. Olieopbrengst verlagen ► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► Oliepompstelschroef (1) linksom draaien.

13.2 Kettingzaag vasthouden en

bedienen 0000-GXX-3209-A1 ► Kettingzaag zo met de linkerhand op de draagbeugel en de rechterhand op de bedie‐ ningshandgreep vasthouden en bedienen, dat de duim van de linkerhand om de draagbeugel en de duim van de rechterhand om de bedie‐ ningshandgreep valt. WAARSCHUWING ■ Als de kettingzaag met één hand wordt bediend, is het risico op een terugslag ver‐ hoogd. Als er terugslag ontstaat, kan de ket‐ tingzaag in de richting van de gebruiker omh‐ oog worden geslingerd. De gebruiker kan de controle over de kettingzaag verliezen en zwaar letsel oplopen of zelfs worden gedood.

Niet met het bovenste kwart gedeelte van de zaagbladneus werken. ► Met de andere hand niet de tak vasthouden die moet worden afgezaagd. ► Vallende takken niet vasthouden. De kettingzaag mag met één hand worden gebruikt als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

Bediening van de kettingzaag met beide han‐ den is niet mogelijk.

De veilige werkpositie moet met één hand worden gewaarborgd.

De kettingzaag kan ook met één hand stevig worden vastgehouden.

Alle lichaamsdelen bevinden zich buiten het verlengde zwenkbereik van de kettingzaag.

WAARSCHUWING ■ Als er een terugslag optreedt kan de ketting‐ zaag naar boven in de richting van de gebrui‐ ker worden geslingerd. De gebruiker kan ern‐ stig of dodelijk letsel oplopen.

Zaag met vol gas. ► Niet met het bovenste kwart gedeelte van de zaagbladneus zagen. ► Zaagblad met vol gas zo in de zaagsnede geleiden dat het zaagblad niet scheef wordt gedrukt. 0000-GXX-3210-A1 ► Kam tegen het hout plaatsen en als draaipunt gebruiken. ► Zaagblad volledig zo door het hout geleiden, dat de kam altijd weer opnieuw tegen het hout wordt geplaatst. ► Aan het einde van de zaagsnede het gewicht van de kettingzaag opvangen. Voor een optimale prestatie moeten de aanbevo‐ len temperatuurbereiken in acht worden geno‐ men, 21.6.

► Zaagblad met vol gas met een hefboombewe‐ ging tegen de tak drukken.

Nederlands 13 Met de motorzaag werken 136 0458-007-9601-A► Eerst een ontlastingszaagsnede (1) in de drukzijde (A) aanbrengen, vervolgens een kapzaagsnede (2) van boven, direct boven de eerste snede, in de trekzijde (B) aanbrengen. ► Maak de laatste zaagsnede (3) dicht bij de stam zonder de schors te beschadigen.

13.5.1 Basisbeginselen voor de velsnede

0000-GXX-A332-A0 A Valkerf De valkerf bepaalt de velrichting. B Breuklijst De breuklijst geleidt het te verwijderen deel als een scharnier naar de grond. De breuklijst is 1/10 van de stamdiameter breed. C Velsnede Door middel van de velsnede wordt de stam doorgezaagd.

13.5.2 Valkerf inzagen

De valkerf bepaalt de richting waarin het te ver‐ wijderen deel van de boom valt. De nationale richtlijnen voor het aanbrengen van de valkerf moeten worden aangehouden. 90°

0000094225_001 ► Kettingzaag zo uitlijnen dat de valkerf haaks ten opzichte van de velrichting staat. ► De velrichting met de vellijst (1) controleren. ► Horizontale zoolzaagsnede inzagen. ► De schuine daksnede in een hoek van 45° ten opzichte van de horizontale zoolzaagsnede inzagen.

13.5.3 Velsnede uitvoeren

0000-GXX-A336-A0 ► Horizontale velsnede zo uitvoeren dat de breuklijst behouden blijft. ► Waarschuwing roepen. ► Het te verwijderen deel van de boom via de breuklijst naar beneden kantelen. Het te verwijderen deel van de boom valt. 14 Na de werkzaamheden

► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► Als de kettingzaag nat is: de kettingzaag laten drogen. ► Als de accu nat of vochtig is: de accu laten drogen, 21.6. ► Kettingzaag reinigen. ► Zaagblad en zaagketting reinigen. ► Moer op het kettingtandwieldeksel losdraaien. ► Spanbout 2 slagen linksom draaien. De zaagketting is ontspannen. ► Bout vastdraaien. ► De kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven totdat deze vastklikt, zodat deze het gehele zaagblad afdekt. ► De accu reinigen. 15 Vervoeren

15.1 Kettingzaag vervoeren

► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► De kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven totdat deze vastklikt, zodat deze het gehele zaagblad afdekt. Kettingzaag dragen ► Kettingzaag met de rechterhand zo op de draagbeugel dragen dat het zaagblad naar achteren is gericht. Kettingzaag in een voertuig vervoeren ► De kettingzaag zo borgen dat deze niet kan kantelen en verschuiven. 14 Na de werkzaamheden Nederlands 0458-007-9601-A 137Kettingzaag aan het oog vervoeren

0000099302_001 ► Kettingzaag met het oog (1) aan de gordel of aan een touw vervoeren. Kettingbeschermer aan het oog vervoeren

0000099287_001 ► Kettingbeschermer aan het oog (1) aan de riem vervoeren.

► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► Controleren of de accu in de veilige, goede staat verkeert. ► De accu zo in de verpakking verpakken dat deze niet kan bewegen. ► Verpakking zo borgen dat deze niet kan vallen en verschuiven. De accu is onderworpen aan de eisen voor het transport van gevaarlijke goederen. De accu is geclassificeerd als UN 3480 (lithium-ionaccu's) en is gecontroleerd volgens het UN-handboek Beproevingen en Criteria , deel III, subparagraaf

► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► De kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven dat deze het gehele zaagblad afdekt. ► Berg de kettingzaag zo op dat aan de vol‐ gende voorwaarden wordt voldaan:

De kettingzaag bevindt zich buiten het bereik van kinderen.

De kettingzaag is schoon en droog. ► Indien de kettingzaag langer dan 30 dagen wordt opgeborgen: zaagblad en zaagketting demonteren.

STIHL adviseert de accu bij een laadtoestand tussen 40% en 60% (2 groen brandende leds) op te slaan. ► De accu zo opslaan dat aan de volgende voor‐ waarden wordt voldaan:

De accu bevindt zich buiten het bereik van kinderen.

De accu bevindt zich in een gesloten ruimte.

De accu is losgekoppeld van de ketting‐ zaag.

Als de accu in de acculader wordt bewaard: de netstekker uit het stopcontact trekken en de accu met een laadniveau tussen 40% en 60% bewaren (2 groene leds).

De accu is niet buiten de aangegeven tem‐ peratuurgrenzen opgeborgen,

LET OP ■ Als de accu niet overeenkomstig de beschrij‐ ving in deze handleiding wordt opgeborgen, kan de accu diep ontladen en daardoor onher‐ stelbaar beschadigd raken.

Een lege accu voor het opbergen opladen. STIHL adviseert de accu bij een laadtoe‐ stand tussen 40% en 60% (2 groen bran‐ dende leds) op te bergen.

De accu apart van de kettingzaag opslaan. 17 Reinigen

17.1 Kettingzaag reinigen

► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► Kettingzaag met een vochtige doek of STIHL harsoplosmiddel reinigen. ► De ventilatiesleuven met een kwast reinigen. ► Kettingtandwieldeksel uitbouwen. ► Gebied rondom het kettingtandwiel met een vochtige doek of STIHL harsoplosmiddel reini‐ gen. ► Vreemde voorwerpen uit de accuschacht ver‐ wijderen en de accuschacht met een vochtige doek reinigen. ► Elektrische contacten in de accuschacht met een kwast of een zachte borstel reinigen. ► Kettingtandwieldeksel monteren. Nederlands 16 Opslaan 138 0458-007-9601-A17.2 Zaagblad en zaagketting reini‐ gen ► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen. ► Zaagblad en zaagketting uitbouwen.

0000-GXX-3212-A1 ► Olie-uitstroomkanaal (1), olietoevoerboring (2) en moer (3) met een kwast, een zachte borstel of STIHL harsoplosmiddel reinigen. ► Zaagketting met een kwast, een zachte borstel of STIHL harsoplosmiddel reinigen. ► Zaagblad en zaagketting monteren.

17.3 Vliesluchtfilter reinigen

► Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschake‐ len en accu eruit nemen.

0000098922_001 ► De bouten (1) zo ver linksom draaien tot de kap (2) kan worden verwijderd. ► Kap (2) wegnemen. ► Borgnok (3) indrukken en het luchtfilter (4) wegnemen. ► Luchtfilter (4) uitkloppen. ► Als het luchtfilter (4) is beschadigd: luchtfilter (4) vervangen. ► Luchtfilter (4) vanaf de schone zijde met pers‐ lucht schoon blazen. WAARSCHUWING ■ Als reinigingsmiddel in contact komt met de huid of de ogen, kunnen de huid of de ogen geïrriteerd raken.

Op de gebruiksaanwijzing van het reini‐ gingsmiddel letten. ► Contact met reinigingsmiddelen vermijden. ► Als contact met de huid heeft plaatsgevon‐ den: was de betreffende plekken op de huid met veel water en zeep.

Als contact met de ogen heeft plaatsgevon‐ den: was de ogen ten minste 15 minuten met veel water en raadpleeg een arts.

De buiten- en binnenzijde van het luchtfil‐ ter (4) inspuiten met STIHL speciaal reini‐ gingsmiddel of een reinigingsmiddel met een pH‑waarde hoger dan 12. ► STIHL speciaal reinigingsmiddel of reinigings‐ middel 10 minuten laten inwerken. ► Schone zijde van het luchtfilter (4) onder stro‐ mend water afspoelen. ► Vuile zijde van het luchtfilter (4) onder stro‐ mend water afspoelen. ► Luchtfilter (4) aan de lucht laten drogen.

0000098923_001 ► Luchtfilter (4) dusdanig plaatsen dat de ver‐ grendelingsnok (5) in de uitsparing (6) grijpt. ► Luchtfilter (4) dichtklappen. Het luchtfilter (4) klikt hoorbaar vast. ► Kap (2) aanbrengen. ► De bouten (1) aanbrengen en vastdraaien.

► De accu met een vochtige doek reinigen. 18 Onderhoud

18.1 Onderhoudsintervallen

Onderhoudsintervallen zijn afhankelijk van de omgevings- en werkomstandigheden. STIHL adviseert de volgende onderhoudsinter‐ vallen: Kettingrem 18 Onderhoud Nederlands 0458-007-9601-A 139► De kettingrem met de volgende intervallen door een STIHL dealer laten onderhouden:

Continu gebruik: elk kwartaal

Periodiek gebruik: halfjaarlijks

Incidenteel gebruik: jaarlijks Wekelijks ► Kettingtandwiel controleren. ► Zaagblad controleren en ontbramen. ► Zaagketting controleren en aanscherpen/slij‐ pen. Maandelijks ► Olietank door een STIHL dealer laten reinigen. ► Luchtfilter reinigen. halfjaarlijks ► Ventilatorbehuizing door een STIHL dealer laten reinigen.

18.2 Bramen verwijderen van zaag‐

blad Aan de buitenzijde van het zaagblad kan een braam worden gevormd. ► Braam met behulp van een platte vijl of een STIHL zaagbladrichter verwijderen. ► Als één en ander niet duidelijk is: verzoeken wij u contact op te nemen met een STIHL dea‐ ler.

18.3 Zaagketting slijpen

Het vraagt veel oefening zaagkettingen correct aan te scherpen/slijpen. STIHL vijlen, STIHL vijlhouders, STIHL slijpappa‐ raten en de brochure "STIHL zaagkettingen aan‐ scherpen/slijpen" helpen om de zaagketting cor‐ rect aan te scherpen/slijpen. De brochure is via www.stihl.com/sharpening-brochure beschik‐ baar. STIHL adviseert de zaagkettingen door een STIHL dealer te laten aanscherpen/slijpen. WAARSCHUWING ■ De zaagtanden van de zaagketting zijn scherp. De gebruiker kan zich verwonden. ► Werkhandschoenen van een slijtvast mate‐ riaal dragen. 0000-GXX-1219-A0 ► Elke zaagtand met behulp van een ronde vijl zo vijlen dat aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

De ronde vijl past bij de steek van de zaag‐ ketting.

De ronde vijl wordt van binnen naar buiten geleid.

De ronde vijl wordt haaks ten opzichte van het zaagblad gehouden.

De aanscherphoek van 30° wordt aange‐ houden. 0000-GXX-1220-A1 ► Dieptebegrenzer met behulp van een vlakke vijl zo vijlen dat deze gelijkligt met het STIHL vijlkaliber en evenwijdig aan de slijtage‐ markering. Het STIHL vijlkaliber moet passen bij de steek van de zaagketting. ► Als er onduidelijkheden zijn: contact opnemen met een STIHL dealer. 19 Repareren

19.1 Kettingzaag en accu repareren

De gebruiker kan de kettingzaag, het zaagblad, de zaagketting en de accu niet zelf repareren. ► Als de kettingzaag, het zaagblad of de zaag‐ ketting zijn beschadigd: de kettingzaag, het zaagblad of de zaagketting niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. ► Als de accu defect of beschadigd is: de accu vervangen. Nederlands 19 Repareren 140 0458-007-9601-A20 Storingen opheffen

20.1 Storingen in de kettingzaag of de accu verhelpen

Storing Leds op de accu Oorzaak Oplossing De kettingzaag loopt bij het inschakelen niet aan. 1 led knippert groen. De laadtoestand van de accu is te laag. ► De accu volledig laden, zoals in de gebruiksaanwijzing van de acculader STIHL AL 101, 301, 301-4, 500 staat beschreven. 1 led brandt rood. De accu is te warm of te koud. ► Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen. ► Laat de accu afkoelen of opwarmen. 3 leds knippe‐ ren rood. In de kettingzaag zit een storing. ► Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen. ► Elektrische contacten in de accuschacht reinigen. ► Plaats de accu. ► Kettingrem lossen. ► Kettingzaag inschakelen. ► Als er nog steeds 3 leds rood knipperen: de kettingzaag niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. 3 leds branden rood. De kettingzaag is te warm. ► Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen. ► De kettingzaag laten afkoelen. 4 leds knippe‐ ren rood. In de accu bevindt zich een storing. ► Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen en opnieuw aanbrengen. ► Kettingrem lossen. ► Kettingzaag inschakelen. ► Als er nog steeds 4 leds rood knipperen: de accu niet gebruiken en contact opne‐ men met een STIHL dealer. De elektrische aans‐ luiting tussen de ket‐ tingzaag en de accu is onderbroken. ► Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen. ► Elektrische contacten in de accuschacht reinigen. ► Plaats de accu. De kettingzaag of de accu zijn vochtig.

De kettingzaag schakelt tijdens het gebruik uit. 3 leds branden rood. De kettingzaag is te warm. ► Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen. ► De kettingzaag laten afkoelen. Er is sprake van een elektrische storing. ► Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen en opnieuw aanbrengen. ► Kettingzaag inschakelen. De werktijd van de kettingzaag is te kort. De accu is niet volle‐ dig opgeladen. ► De accu volledig laden, zoals in de gebruiksaanwijzing van de acculader STIHL AL 101, 301, 301-4, 500 staat beschreven. De levensduur van de accu is overschreden. ► De accu vervangen. Bij het zaagge‐ bied wordt rook gevormd of is een brandlucht aanwezig. De zaagketting is niet correct aangescherpt/ geslepen. ► Zaagketting correct aanscherpen/slijpen. In de olietank zit te weinig zaagkettingo‐ lie. ► Zaagkettingolie bijvullen. 20 Storingen opheffen Nederlands 0458-007-9601-A 141Storing Leds op de accu Oorzaak Oplossing De kettingsmering geeft te weinig zaag‐ kettingolie af. ► Olieopbrengst verhogen. De zaagketting is te strak gespannen. ► Zaagketting correct spannen. De kettingzaag wordt niet correct gebruikt. ► De werking laten toelichten en oefenen. Led “ZAAGKET‐ TINGOLIE” brandt rood. In de olietank zit te weinig zaagkettingo‐ lie. ► Zaagkettingolie bijvullen. In de oliesensor zit te weinig zaagkettingo‐ lie. ► Olieopbrengst op maximale opbrengst instellen. ► Schakel de kettingzaag in, druk de scha‐ kelhendel volledig in en laat de ketting‐ zaag ca. 1 minuut draaien. De led "ZAAGKETTINGOLIE" gaat uit. De oliepomp kan voor de werkzaamhe‐ den worden ingesteld. ► Als de led “ZAAGKETTINGOLIE” rood brandt: de kettingzaag niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. De zaagkettingolie is ongeschikt, vervuild of te oud. ► Nieuwe, geschikte zaagkettingolie bijvul‐ len en gebruiken, 8.3. ► Als de led “ZAAGKETTINGOLIE” rood brandt: de kettingzaag niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. Led “ZAAGKET‐ TINGOLIE” knip‐ pert rood. De sensor voor zaag‐ kettingolie is defect. ► De kettingzaag niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. De accu met kan niet met de STIHL connected app worden gevonden. De Bluetooth

-inter‐ face op de accu of het mobiele eindapparaat is gedeactiveerd.

-interface op de accu en op het mobiele eindapparaat activeren. De afstand tussen accu en mobiel ein‐ dapparaat is te groot.

Afstand verkleinen, 21.4. ► Als de accu nog altijd niet met de STIHL connected-app kan worden gevonden: contact met een STIHL dealer opnemen.

20.2 Productondersteuning en hulp

voor het gebruik Productondersteuning en hulp voor het gebruik zijn verkrijgbaar bij een STIHL dealer. Contactmogelijkheden en meer informatie zijn te vinden op https://support.stihl.com of op www.stihl.com. 21 Technische gegevens

STIHL AP (uitgezonderd STIHL AP 100)

Gewicht zonder accu, zaagblad en zaagket‐ ting: 2,7 kg

Elektrische beschermklasse: IPX4 (bescher‐ ming tegen spatwater van alle zijden) De looptijd kan op www.stihl.com/battery-life worden bekeken.

21.2 Kettingtandwielen en ketting‐

snelheden De volgende kettingtandwielen kunnen worden gemonteerd:

Maximale kettingsnelheid: 23,3 m/s Nederlands 21 Technische gegevens 142 0458-007-9601-A21.3 Minimale groefdiepte van de zaagbladen De minimale groefdiepte is afhankelijk van de steek van het zaagblad.

Capaciteit in Ah: zie typeplaatje

Energie-inhoud in Wh: zie typeplaatje

Gewicht in kg: zie typeplaatje

-interface (alleen voor accu's met

5.1. Het mobiele eindtoestel moet geschikt zijn voor Bluetooth

Uitgezonden maximaal zendvermogen: 1

Signaalbereik: ca. 10 m. De signaalsterkte is afhankelijk van de omgevingsvoorwaar‐ den en het mobiele eindtoestel. Het bereik kan sterk variëren, afhankelijk van externe omstandigheden, inclusief het gebruikte ont‐ vangsttoestel. Binnen gesloten ruimten en door metalen barrières (bijvoorbeeld muren, kasten, koffers) kan het bereik aanzienlijk kleiner zijn.

Eisen aan het besturingssysteem van het mobiele eindtoestel: Android of iOS (in de huidige versie of hoger)

21.5 Temperatuurgrenzen

WAARSCHUWING ■ De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐ den van buitenaf. Als de accu blootstaat aan bepaalde invloeden van buitenaf kan de accu in brand vliegen of exploderen. Personen kun‐ nen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Accu niet laden bij temperaturen lager dan -20 °C of hoger dan +50 °C. ► Kettingzaag of accu niet gebruiken bij tem‐ peraturen lager dan -20 °C of hoger dan +50 °C.

Kettingzaag of accu niet opbergen bij tem‐ peraturen lager dan -20 °C of hoger dan +70 °C.

21.6 Aanbevolen temperatuurberei‐

ken Voor een optimale prestatie van de kettingzaag en de accu moeten de volgende temperatuurbe‐ reiken in acht worden genomen:

Gebruik: -10 °C tot +40 °C

Opbergen: -20 °C tot +50 °C Als de accu buiten de aanbevolen temperatuur‐ bereiken wordt opgeladen, gebruikt of opgebor‐ gen, kan de prestatie verminderd zijn. Als de accu nat of vochtig is, laat deze dan ten minste 48 uur drogen bij meer dan + 15 °C en minder dan + 50 °C en bij een vochtigheid van minder dan 70%. Een hogere luchtvochtigheid kan de droogtijd verlengen.

21.7 Geluids- en trillingswaarden

STIHL adviseert een gehoorbeschermer te dra‐ gen.

gemeten volgens EN ISO 22868: 94 dB(A). De K-waarde voor het geluidsdrukniveau bedraagt 2 dB(A).

gemeten volgens EN ISO 22868: 104 dB(A). De K-waarde voor het geluidvermogensniveau bedraagt 2 dB(A).

gemeten volgens EN ISO 22867:

Bedieningshandgreep: 3,4 m/s². De K- waarde voor de trillingswaarde bedraagt 2 m/s².

Draagbeugel: 3,0 m/s². De K-waarde voor de trillingswaarde bedraagt 2 m/s². De aangeven geluids- en trillingswaarden zijn volgens een gestandaardiseerde testprocedure gemeten en kunnen ter vergelijking van elektri‐ sche apparaten worden geraadpleegd. De daad‐ werkelijk optredende geluids- en trillingswaarden kunnen, afhankelijk van de manier van gebruik, afwijken van de aangegeven waarden. De aan‐ gegeven geluids- en trillingswaarden kunnen worden gebruikt voor een eerste inschatting van de geluids- en trillingsbelasting. De daadwerke‐ lijke geluids- en trillingsbelasting moet worden ingeschat. Daarbij kan ook rekening worden gehouden met de tijden waarop het elektrische apparaat is uitgeschakeld en die waarin het wel‐ iswaar is ingeschakeld, maar zonder belasting draait. 21 Technische gegevens Nederlands

0458-007-9601-A 14321.8 REACH

REACH staat voor een EG voorschrift voor de registratie, classificatie en vrijgave van chemica‐ liën. Informatie met betrekking tot het voldoen aan het REACH-voorschrift is onder www.stihl.com/reach weergegeven. 22 Combinaties van zaagbladen en zaagkettingen

22.1 Kettingzaag STIHL MSA 220.0 T, MSA 220.0 TC

Steek Dikte aand‐ rijfschakel/ groefbreedte Lengte Zaagblad Aantal tan‐ den neu‐ standwiel Aantal aand‐ rijfschakels zaagketting 3/8“ P 1,1 mm 30 cm Rollomatic E/ Light 04

De zaaglengte van een zaagblad is afhankelijk van de gebruikte kettingzaag en zaagketting. De wer‐ kelijke zaaglengte van een zaagblad kan kleiner zijn dan de vermelde lengte.

Wanneer dit zaagblad wordt gebruikt, mag de kettingzaag alleen worden gebruikt met een direct in de kettingzaag aangebrachte accu STIHL AP. 23 Onderdelen en toebehoren

23.1 Onderdelen en toebehoren

Deze symbolen kenmerken de origi‐ nele STIHL onderdelen en het originele STIHL toebehoren. STIHL adviseert alleen originele STIHL onderde‐ len en origineel STIHL toebehoren te gebruiken. Reserveonderdelen en toebehoren van andere fabrikanten kunnen door STIHL wat betreft betrouwbaarheid, veiligheid en geschiktheid ondanks continue marktobservatie niet worden beoordeeld en STIHL kan ook niet borg staan voor het gebruik ervan. Originele STIHL onderdelen en origineel STIHL toebehoren zijn leverbaar via de STIHL dealer. 24 Milieuverantwoord afvoe‐ ren

24.1 Kettingzaag en accu afvoeren

Informatie over de afvoer is verkrijgbaar bij de gemeente of bij een STIHL dealer. Een onjuiste afvoer kan schadelijk zijn voor de gezondheid en voor het milieu. ► De STIHL producten inclusief de verpakking volgens de plaatselijke voorschriften bij een geschikt verzamelpunt voor recycling inleve‐ ren. ► Niet bij het huisvuil afvoeren. 25 EU-conformiteitsverklaring

ANDREAS STIHL AG & Co. KG Badstraße 115 D-71336 Waiblingen Duitsland verklaart op eigen verantwoording dat

Constructie: Accukettingzaag

Type: MSA 220.0 TC, serie-identificatie: MA01 voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2011/65/EU, 2006/42/EG, 2014/30/EU en 2000/14/EG en in overeenstemming met de ten tijde van de productiedatum geldende ver‐ sies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd: EN 55014‑1, EN 55014‑2, EN 62841‑1 en EN 11681‑2 (voor zover van toe‐ passing). De EG-typegoedkeuring werd uitgevoerd aan de hand van de richtlijn 2006/42/EG, art. 12.3(b) door: VDE Prüf- u. Zertifizierungsinstitut (keu‐ rings- en certificeringsinstituut) (NB 0366), Meri‐ anstraße 28, 63069 Offenbach, Duitsland

Certificeringsnummer: 40052944 Nederlands 22 Combinaties van zaagbladen en zaagkettingen 144 0458-007-9601-AVoor het bepalen van het gemeten en het gega‐ randeerde geluidsvermogenniveau werd gehan‐ deld volgens de richtlijn 2000/14/EG, bijlage V.

Gewaarborgd geluidsniveau: 106 dB(A) De technische documentatie wordt bij de pro‐ ductgoedkeuring van ANDREAS STIHL AG & Co. KG bewaard. Het productiejaar, het productieland en het machinenummer staan vermeld op de ketting‐ zaag. Waiblingen, 1-8-2022 ANDREAS STIHL AG & Co. KG Bij volmacht Robert Olma, Vice President, Regulatory Affairs & Global Governmental Relations 26 UKCA-conformiteitsverkla‐ ring

ANDREAS STIHL AG & Co. KG Badstraße 115 D-71336 Waiblingen Duitsland verklaart op eigen verantwoording dat

Constructie: Accukettingzaag

Type: MSA 220.0 TC, serie-identificatie: MA01 voldoet aan de betreffende bepalingen van de Britse richtlijnen The Restriction of the Use of Certain Hazardous Substances in Electrical and Electronic Equipment Regulations 2012, Supply of Machinery (Safety) Regulations 2008, Electro‐ magnetic Compatibility Regulations 2016 en Noise Emission in the Environment by Equi‐ pment for use Outdoors Regulations 2001 en in overeenstemming met de ten tijde van de pro‐ ductiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd: EN 55014‑1, EN 55014‑2, EN 62841-1 en EN 11681‑2 (voor zover van toepassing). De typegoedkeuring is uitgevoerd door: Intertek Testing & Certification Ltd, Academy Place, 1 – 9 Brook Street, Brentwood Essex, CM14 5NQ, Verenigd Koninkrijk

Certificeringsnummer: UK-MCR-0060 Voor het bepalen van het gemeten en het gega‐ randeerde geluidsvermogenniveau werd gehan‐ deld volgens de Britse richtlijn Noise Emission in the Environment by Equipment for use Outdoors Regulations 2001, Schedule 8.

Gewaarborgd geluidsniveau: 106 dB(A) De technische documentatie wordt bij ANDREAS STIHL AG & Co. KG bewaard. Het productiejaar, het productieland en het machinenummer staan vermeld op de ketting‐ zaag. Waiblingen, 1-8-2022 ANDREAS STIHL AG & Co. KG Bij volmacht Robert Olma, Vice President, Regulatory Affairs & Global Governmental Relations 27 Algemene veiligheidswaar‐ schuwingen voor elektri‐ sche gereedschappen

In dit hoofdstuk staan de algemene veiligheidsin‐ structies volgens de norm EN/IEC 62841 voor handgeleide, door een elektromotor aangedre‐ ven gereedschappen. STIHL moet deze teksten afdrukken. De onder "Elektrische veiligheid" beschreven vei‐ ligheidsinstructies ter voorkoming van elektrische schokken gelden niet voor de STIHL accupro‐ ducten. WAARSCHUWING ■ Lees alle veiligheidsinstructies, voorschriften, illustraties en technische gegevens, waarvan dit elektrische gereedschap is voorzien. Als de hierna volgende instructies niet worden opge‐ volgd, kan dit leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle veilig‐ heidsaanwijzingen en voorschriften voor toe‐ komstig gebruik. 26 UKCA-conformiteitsverklaring Nederlands 0458-007-9601-A 145Het in de veiligheidsaanwijzingen gebruikte begrip 'elektrisch gereedschap' heeft betrekking op elektrisch gereedschap voor aansluiting op het lichtnet (met netkabel) of op elektrisch gereedschap dat als energiebron een accu heeft (zonder netkabel).

27.2 Veiligheid op de werkplek

Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelig of onverlicht werkge‐ bied kan leiden tot ongevallen.

Niet met elektrisch gereedschap werken in een omgeving waar explosiegevaar bestaat en waarin zich brandbare vloeistoffen, gas‐ sen of stoffen bevinden. Elektrisch gereed‐ schap genereert vonken die stof of dampen tot ontsteking kunnen brengen.

Houd kinderen en andere personen tijdens het werken met elektrisch gereedschap op afstand. Als de aandacht wordt afgeleid, kunt u de controle over het elektrische gereed‐ schap verliezen.

De aansluitsteker van het elektrische gereedschap moet in de contactdoos pas‐ sen. Aan de steker mogen op geen enkele wijze wijzigingen worden aangebracht. Gebruik geen verloopstekers in combinatie met geaard elektrisch gereedschap. Onge‐ wijzigde stekers en passende contactdozen beperken het risico op een elektrische schok.

Voorkom lichaamscontact met geaarde oppervlakken, zoals bijvoorbeeld buizen, ver‐ warmingen, fornuizen en koelkasten. Er is een hoger risico op een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.

Bescherm elektrisch gereedschap tegen regen of vocht. Het binnendringen van water/ vocht in elektrisch gereedschap verhoogt de kans op een elektrische schok.

Gebruik de netkabel niet voor andere doel‐ einden. Gebruik de netkabel nooit om het elektrische gereedschap te dragen of te trek‐ ken of om de stekker uit het stopcontact te trekken. De netkabel uit de buurt houden van hittebronnen, olie, scherpe randen of bewe‐ gende onderdelen. Beschadigde of in de war geraakte aansluitkabels verhogen de kans op een elektrische schok.

Bij het in de open lucht werken met elek‐ trisch gereedschap, alleen verlengkabels gebruiken die geschikt zijn voor gebruik bui‐ tenshuis. Het gebruik van voor buiten geschikte verlengkabels beperkt het risico op een elektrische schok.

Als werken met elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, maak dan gebruik van een aardlekschake‐ laar. Het gebruik van een aardlekschakelaar verkleint de kans op een elektrische schok.

27.4 Veiligheid van personen

Wees alert, let goed op wat u doet en ga met overleg te werk bij het werken met elektrisch gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap als u moe of onder de invloed van drugs, alcohol of medicijnen bent. Eén moment van onoplettendheid bij het gebruik van het elektrische gereedschap kan leiden tot ernstig letsel.

Draag persoonlijke beschermende uitrusting en altijd een veiligheidsbril. Draag altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmas‐ ker, werkschoenen met stroeve zool, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert de kans op letsel.

Voorkom het per ongeluk inschakelen. Con‐ troleer of het elektrische gereedschap is uit‐ geschakeld voordat de steker in de contact‐ doos wordt gestoken en/of de accu wordt aangesloten, het gereedschap wordt opge‐ pakt of gedragen. Als bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schakelaar ligt of als het elektrisch gereed‐ schap ingeschakeld op het lichtnet wordt aangesloten, kan dit leiden tot ongevallen.

Afstelgereedschap of schroefsleutels verwij‐ deren voordat het elektrische gereedschap wordt ingeschakeld. Afstelgereedschap of een sleutel dat/die in een draaiend deel van het elektrische gereedschap zit, kan leiden tot letsel.

Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele houding en bewaar altijd het evenwicht. Hierdoor kan het elektri‐ sche gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle worden gehouden.

Geschikte kleding dragen. Draag geen los‐ hangende kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, sieraden of Nederlands 27 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappe… 146 0458-007-9601-Alange haren kunnen blijven haken aan bewe‐ gende delen.

Als er een stofafzuig- en -opvanginrichting moet worden gemonteerd, moeten deze wor‐ den aangesloten en correct worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiginrichting beperkt het gevaar door stof.

Wees alert, voorkom een vals gevoel van veiligheid en lap de veiligheidsregels voor elektrisch gereedschap niet aan uw laars, ook als u na veelvuldig gebruik volledig ver‐ trouwd bent met elektrisch gereedschap. Achteloos handelen kan binnen een fractie van een seconde tot zwaar letsel leiden.

27.5 Gebruik en behandeling van

het elektrische gereedschap

Het elektrische gereedschap niet overbelas‐ ten. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aange‐ geven capaciteitsbereik.

Geen elektrisch gereedschap gebruiken waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.

Trek de steker uit de contactdoos en/of ver‐ wijder de uitneembare accu alvorens afstel‐ werkzaamheden uit te voeren, toebehoren te vervangen of het apparaat op te bergen. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt het onbedoeld aanlopen van het elektrische gereedschap.

Niet-gebruikt elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen opbergen. Elektrisch gereedschap niet laten gebruiken door per‐ sonen die er niet mee vertrouwd zijn of die de instructies niet hebben gelezen. Elek‐ trisch gereedschap is gevaarlijk als dit door onervaren personen wordt gebruikt.

Elektrisch gereedschap en toebehoren zorg‐ vuldig onderhouden. Controleer of de bewe‐ gende delen correct functioneren en dat deze niet klemmen, gebroken of beschadigd zijn omdat hierdoor de werking van het elek‐ trische gereedschap nadelig wordt beïn‐ vloed. Beschadigde onderdelen voor het gebruik van het elektrische gereedschap laten repareren. Vele ongevallen zijn te wij‐ ten aan slecht onderhouden elektrisch gereedschap.

De messen scherp en schoon houden. Zorg‐ vuldig geslepen messen met scherpe snij‐ kanten klemmen minder snel en zijn gemak‐ kelijker te hanteren.

Elektrisch gereedschap, toebehoren, wissel‐ gereedschap enz. volgens deze instructies gebruiken. Hierbij op de arbeidsomstandig‐ heden en de uit te voeren werkzaamheden letten. Het gebruik van elektrisch gereed‐ schap voor andere dan de bedoelde toepas‐ singen kan tot gevaarlijke situaties leiden.

Houd de handgrepen en handgreepvlakken, schoon en olie- en vetvrij. Gladde handgre‐ pen en handgreepvlakken staan een veilige bediening en controle over het elektrische gereedschap in onvoorziene situaties in de weg.

27.6 Gebruik en behandeling van

Laad de accu’s alleen met acculaders die door de fabrikant worden geadviseerd. Met een acculader die geschikt is voor een bepaald type accu is er kans op brandgevaar als deze wordt gebruikt voor een ander type accu.

Gebruik alleen de daarvoor bedoelde accu’s in de elektrische gereedschappen. Het gebruik van andere accu’s kan leiden tot let‐ sel en brandgevaar.

De niet-gebruikte accu uit de buurt houden van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwer‐ pen waarmee de contacten kunnen worden overbrugd. Kortsluiting tussen de accucon‐ tacten kan leiden tot brandwonden of brand.

Bij verkeerd gebruik kan accuvloeistof uit de accu weglekken. Contact hiermee voorko‐ men. Bij toevallig contact, met water afspoe‐ len. Als de accuvloeistof in de ogen komt bovendien een arts raadplegen. Weglek‐ kende accuvloeistof kan leiden tot huidirrita‐ ties of brandwonden.

Gebruik geen beschadigde accu's of accu's waaraan wijzigingen zijn aangebracht. Beschadigde of gewijzigde accu's kunnen zich onvoorspelbaar gedragen en leiden tot kans op explosie of letsel.

Stel een accu niet bloot aan vuur of hoge temperaturen. Vuur of temperaturen boven de 130 °C (265 °F) kunnen leiden tot explo‐ sies. 27 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappe… Nederlands 0458-007-9601-A 147g) Volg alle instructies met betrekking tot het laden op en laad de accu of het accugereed‐ schap nooit op buiten het in de handleiding genoemde temperatuurbereik. Verkeerd laden of laden buiten het vrijgegeven tempe‐ ratuurbereik kan de accu beschadigen en kans op brand verhogen.

Laat elektrisch gereedschap alleen repare‐ ren door gekwalificeerd en vakkundig perso‐ neel en alleen met originele vervangingson‐ derdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het elektrische apparaat behouden blijft.

Voer geen onderhoudswerkzaamheden uit aan beschadigde accu's. Al het onderhoud aan accu's mag alleen door de fabrikant of een hiertoe gemachtigd bedrijf worden uitge‐ voerd. Nederlands 27 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappe… 148 0458-007-9601-A27 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappe… Nederlands 0458-007-9601-A 149Nederlands 27 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappe… 150 0458-007-9601-A27 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappe… Nederlands 0458-007-9601-A 151www.stihl.com *04580079601A* *04580079601A* 0458-007-9601-A 0458-007-9601-A

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : STIHL

Model : MSA 220 TCO

Categorie : Zaag