STIHL RMA 248 - Grasmaaier

RMA 248 - Grasmaaier STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis RMA 248 STIHL in PDF-formaat.

📄 152 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice STIHL RMA 248 - page 120
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RMA 248 - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RMA 248 van het merk STIHL.

GEBRUIKSAANWIJZING RMA 248 STIHL

  • Voorwoord p. 120
  • Nederlands 0478-131-9605-B 119 © ANDREAS STIHL AG & Co. KG 2024 0478-131-9605-B. VA1.D24. Gedrukt op chloorvrij gebleekt papier. Papier is recyclebaar. Vertaling van de originele handleiding 0000010743_005_NL2 Informatie met betrekking tot deze handlei‐ ding p. 120
  • 3 Overzicht p. 121
  • 4 Veiligheidsinstructies p. 122
  • 5 Grasmaaier bedrijfsklaar maken p. 130
  • 6 Accu laden en leds p. 131
  • 7 Grasmaaier in elkaar zetten p. 132
  • 8 Grasmaaier voor de gebruiker instellen p. 133
  • 9 Accu aanbrengen en wegnemen 10 Grasmaaier inschakelen en uitschakelen p. 134
  • 11 Grasmaaier controleren p. 135
  • 12 Met de grasmaaier werken p. 136
  • 13 Na de werkzaamheden p. 137
  • 14 Vervoeren p. 137
  • 15 Opslaan p. 138
  • 16 Reinigen p. 139
  • 17 Onderhoud p. 140
  • 18 Repareren p. 140
  • 19 Storingen opheffen p. 141
  • 20 Technische gegevens p. 143
  • 21 Onderdelen en toebehoren p. 144
  • 22 Milieuverantwoord afvoeren p. 145
  • 23 EU-conformiteitsverklaring p. 145
  • 24 UKCA-conformiteitsverklaring p. 145
  • 25 Adressen p. 146
  • 26 Algemene en productspecifieke veiligheid‐ sinstructies 1 Voorwoord Geachte cliënt(e), Wij zijn blij dat u hebt gekozen voor STIHL. Wij ontwikkelen en produceren onze producten in topkwaliteit in overeenstemming met de behoef‐ ten van onze klanten. Zo ontstaan producten met een hoge betrouwbaarheid, ook bij extreme belasting. STIHL staat ook voor service met topkwaliteit. Onze dealers staan garant voor deskundig advies en instructie alsmede een uitgebreide technische begeleiding. STIHL kiest uitdrukkelijk voor een duurzame en verantwoordelijke omgang met de natuur. Deze gebruiksaanwijzing is voor u bedoeld als onder‐ steuning om uw STIHL-product gedurende een lange levensduur veilig en milieuvriendelijk te gebruiken. Wij danken u voor uw vertrouwen in ons en wen‐ sen u veel plezier met uw STIHL product. Dr. Nikolas Stihl p. 146

BELANGRIJK! VOOR GEBRUIK GOED DOOR‐

LEZEN EN BEWAREN. 2 Informatie met betrekking tot deze handleiding

2.1 Geldende documenten

Deze gebruiksaanwijzing is een vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing van de fabri‐ kant in het kader van de EG-richtlijn 2006/42/EC. De lokale veiligheidsvoorschriften zijn van kracht. ► Lees naast deze gebruiksaanwijzing de vol‐ gende documenten, zorg dat je alles begrijpt en bewaar ze:

Veiligheidsaanwijzingen accu STIHL AK

Gebruiksaanwijzing oplaadapparaat STIHL AL 101, 301, 500

Veiligheidsinformatie voor STIHL accu's en producten met ingebouwde accu: www.stihl.com/safety-data-sheets

2.2 Aanduiding van de waarschu‐

wingen in de tekst GEVAAR ■ De aanwijzing duidt op gevaren die leiden tot ernstig letsel of zelfs tot de dood. ► De genoemde maatregelen kunnen ernstig letsel of de dood voorkomen. WAARSCHUWING ■ De aanwijzing duidt op gevaren die kunnen leiden tot ernstig letsel of zelfs tot de dood. ► De genoemde maatregelen kunnen ernstig letsel of de dood voorkomen. LET OP ■ De aanwijzing duidt op gevaren die kunnen leiden tot materiële schade. ► De genoemde maatregelen kunnen materi‐ ele schade voorkomen.

2.3 Symbolen in de tekst

Dit symbool verwijst naar een hoofdstuk in deze handleiding. Nederlands 1 Voorwoord 120 0478-131-9605-B3 Overzicht

3.1 Grasmaaier en accu

1 Schakelbeugel voor maaiwerk De schakelbeugel voor het maaiwerk schakelt samen met de blokkeerknop het mes in en uit. 2 Duwstang De duwstang dient voor het vasthouden, begeleiden en transporteren van de gras‐ maaier. 3 Schakelbeugel voor wielaandrijving De schakelbeugel voor wielaandrijving scha‐ kelt de wielaandrijving in en uit. 4 Blokkeerknop De blokkeerknop schakelt samen met de schakelbeugel het mes in en uit. 5 Inhoudsindicatie De inhoudsindicatie toont hoe vol de grasop‐ vangbox zit. 6 grasopvangbox De grasopvangbox vangt het gemaaide gras op. 7 Uitwerpklep De uitwerpklep sluit het uitwerpkanaal af. 8 Hendel De hendel dient voor het instellen en omklap‐ pen van de duwstang. 9 Greep De greep dient voor het vasthouden van de grasmaaier bij het instellen van de snijhoogte en voor het transporteren van de grasmaaier. 10 Hendel De hendel dient voor het instellen van de snij‐ hoogte. 11 Klep De klep bedekt de accu. 12 Transportgreep De transportgreep dient voor het transporte‐ ren van de grasmaaier. 13 Vergrendeling De vergrendeling houdt de zijdelings uitwerp‐ klep gesloten. 14 Zijdelingse uitwerpklep De zijdelingse uitwerpklep sluit de zijdelings uitwerpopening af. 15 Zijdelingse uitwerpopening De zijdelingse uitwerpopening leidt het gemaaide gras naar de zijkant. 16 Verlengstuk Het verlengstuk leidt het gemaaide gras zij‐ waarts naar de grond. 17 Mulchhulpstuk Het mulchhulpstuk sluit het uitwerpkanaal af. 18 mes Het mes maait en mulcht het gras. 19 Blokkeerhendel De blokkeerhendel houdt de accu in de accu‐ houder. 20 Accuhouder 1 De accuhouder 1 biedt plaats aan de accu. 21 Accuhouder 2 De accuhouder 2 biedt plaats aan een reser‐ veaccu. 22 Accu De accu voorziet de grasmaaier van energie. 23 Drukknop Met de drukknop worden de leds op de accu geactiveerd. 24 Leds De leds geven de laadtoestand van de accu en storingen aan. # Typeplaatje met machinenummer 3 Overzicht Nederlands 0478-131-9605-B 1213.2 Pictogrammen De pictogrammen kunnen op de grasmaaier, de accu en het oplaadapparaat staan en betekenen het volgende:

Gegarandeerd geluidsniveau volgens richtlijn 2000/14/EC in dB(A) om geluidsemissies van producten verge‐ lijkbaar te maken. Schakel het mes in. Schakel de wielaandrijving in. Stel de snijhoogte in. Inhoudsindicatie grasopvangbox. 1 led brandt rood. De accu is te warm of te koud. 4 leds knipperen rood. Er is sprake van een storing in de accu. De weergave naast het pictogram verwijst naar de energie-inhoud van de accu vol‐ gens de specificaties van de fabrikant. Het bij gebruik beschikbare vermogen ligt lager. Gooi het product niet bij het huisvuil weg. IP-aanduiding Wisselstroom Gelijkstroom Gebruik het elektrisch apparaat in een gesloten en droge ruimte. Lees de gebruiksaanwijzing, zorg dat je alles begrijpt en bewaar hem. Beschermingsklasse II elektrisch gereed‐ schap 4 Veiligheidsinstructies

4.1 Waarschuwingspictogrammen

WAARSCHUWING De waarschuwingspictogrammen op de gras‐ maaier of de accu betekenen het volgende: Neem de veiligheidsinstructies en bij‐ behorende maatregelen in acht. Lees de gebruiksaanwijzing, zorg dat je alles begrijpt en bewaar hem. Wees voorzichtig voor rondvliegende voorwerpen - houd afstand en houd anderen uit de buurt. Raak het draaiende mes niet aan. Neem de accu uit tijdens onderbrekin‐ gen van de werkzaamheden, het reini‐ gen en tijdens transport, opslag, onder‐ houd en reparaties. Bescherm de grasmaaier tegen regen en vocht. Verwijder de accu na gebruik. Bescherm de accu tegen hitte en vuur. Bescherm de accu tegen regen en vocht en dompel deze niet in vloeistof‐ fen onder.

4.2 Reglementair gebruik

De grasmaaier STIHL RMA 248.3 T of RMA 253.3 T dient voor het maaien en mulchen van droog gras. De grasmaaier wordt door een STIHL accu AK van stroom voorzien. Om alle functies onbeperkt te kunnen gebruiken, adviseert STIHL ten minste AK 30 S. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies

122 0478-131-9605-BWAARSCHUWING

■ Accu's die niet door STIHL voor grasmaaiers zijn goedgekeurd, kunnen brand of explosies veroorzaken. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Grasmaaier met een STIHL accu AK gebruiken. ■ Als de grasmaaier of de accu niet volgens de regels wordt gebruikt, kunnen personen ern‐ stig of dodelijk letsel oplopen en kan er materi‐ ele schade ontstaan.

Gebruik de grasmaaier en de accu zoals in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven.

4.3 Vereisten aan de gebruiker

WAARSCHUWING ■ Niet-geïnstrueerde gebruikers kunnen de gevaren van de grasmaaier en de accu niet herkennen of inschatten. De gebruiker of andere personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen. ► Lees de gebruiksaanwijzing, zorg dat u alles begrijpt en bewaar hem. ► Als de grasmaaier of de accu aan een andere persoon wordt doorgegeven: geef de gebruiksaanwijzing mee.

Zorg ervoor dat de gebruiker aan de vol‐ gende vereisten voldoet:

De gebruiker is uitgerust.

De gebruiker is lichamelijk, zintuigelijk en geestelijk in staat om de grasmaaier en de accu te bedienen en ermee te werken. Als de gebruiker met lichame‐ lijke, zintuigelijke of geestelijke beper‐ kingen daartoe in staat is, mag de gebruiker er alleen onder toezicht of na instructie door een verantwoordelijke persoon mee werken.

De gebruiker kan de gevaren van de grasmaaier en de accu herkennen en inschatten.

De gebruiker is zich ervan bewust dat hij aansprakelijk is voor ongevallen en voor materiële schade.

De gebruiker is meerderjarig of de gebruiker wordt conform nationale regelgeving onder toezicht voor een beroep opgeleid.

De gebruiker heeft instructie gekregen van een STIHL vakhandelaar of een deskundige persoon, voordat hij voor het eerst met de grasmaaier gaat wer‐ ken.

De gebruiker is niet onder invloed van alcohol, medicijnen of drugs.

Als er onduidelijkheid bestaat: neem con‐ tact op met een STIHL vakhandelaar.

4.4 Kleding en uitrusting

WAARSCHUWING ■ Tijdens het werken kunnen er voorwerpen met grote snelheid omhoog worden geslingerd. De gebruiker kan letsel oplopen.

Draag een lange broek van stevig materi‐ aal. ■ Tijdens het werken kan er stof opstuiven. Ingeademd stof kan de gezondheid schaden en allergische reacties veroorzaken.

Als er stof opstuift: draag een stofmasker. ■ Ongeschikte kleding kan vast blijven zitten in hout, struikgewas en de grasmaaier. Gebrui‐ kers zonder geschikte kleding kunnen ernstig letsel oplopen.

Draag nauwsluitende kleding. ► Doe sjaals en sieraden af. ■ De gebruiker kan tijdens het reinigen, onder‐ houden of transporteren in contact komen met het mes. De gebruiker kan letsel oplopen.

Draag veiligheidshandschoenen. ■ Gebruikers die ongeschikte schoenen dragen, kunnen uitglijden. De gebruiker kan letsel oplopen.

Draag stevige, dichte schoenen met een stroeve zool. ■ Tijdens het slijpen van messen kunnen deel‐ tjes worden weggeslingerd. De gebruiker kan letsel oplopen.

Draag een nauwsluitende veiligheidsbril. Geschikte veiligheidsbrillen zijn getest vol‐ gens de norm EN 166 of volgens nationale voorschriften en zijn met de bijbehorende aanduiding in de handel verkrijgbaar.

Draag veiligheidshandschoenen.

4.5 Werkgebied en -omgeving

Niet-betrokken personen, kinderen en dieren kunnen de gevaren van de grasmaaier en omhoog geslingerde voorwerpen niet herken‐ nen en niet inschatten. Niet-betrokken perso‐ nen, kinderen en dieren kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0478-131-9605-B 123► Houd niet-betrokken personen, kinderen en dieren ver uit de buurt van het werkgebied. ► Houd afstand tot voorwerpen. ► Laat de grasmaaier niet zonder toezicht staan. ► Zorg ervoor dat kinderen niet met de gras‐ maaier kunnen spelen. ■ Als er bij regen wordt gewerkt, kan de gebrui‐ ker uitglijden. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Als het regent: niet werken. ■ De grasmaaier is niet tegen water beschermd. Als er in de regen of in een vochtige omgeving wordt gewerkt, kan er kortsluiting optreden. De gebruiker kan letsel oplopen en de grasmaaier kan beschadigd raken.

Werk niet in de regen of in een natte omge‐ ving. ► Maai of mulch geen nat gras. ■ Elektrische onderdelen van de grasmaaier kunnen vonken veroorzaken. Vonken kunnen in een licht ontvlambare of explosieve omge‐ ving brand of een explosie veroorzaken. Per‐ sonen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplo‐ pen en er kan materiële schade ontstaan.

Werk niet in een licht ontvlambare of explo‐ sieve omgeving.

Buitenstaanders, kinderen en dieren kunnen de gevaren van de accu niet herkennen en de gevaren hiervan niet inschatten. Buitenstaan‐ ders, kinderen en dieren kunnen ernstig letsel oplopen.

Buitenstaanders, kinderen en huisdieren op afstand houden. ► De accu niet zonder toezicht laten. ► Zorg ervoor dat kinderen niet met de accu kunnen spelen. ■ De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐ den van buitenaf. Als de accu blootstaat aan bepaalde invloeden van buitenaf kan de accu in brand vliegen, exploderen of onherstelbaar beschadigd raken. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ont‐ staan. ► De accu tegen hitte en vuur bescher‐ men. ► De accu niet in het vuur werpen. ► De accu niet buiten de aangegeven tempe‐ ratuurgrenzen opladen, gebruiken en opbergen, 20.6. ► De accu tegen regen en vocht beschermen en niet onderdompelen in vloeistoffen. ► De accu bij kleine metalen voorwerpen van‐ daan houden. ► De accu niet blootstellen aan hoge druk. ► De accu niet in de magnetron plaatsen. ► De accu tegen chemicaliën en zouten beschermen.

WAARSCHUWING ■ Buitenstaanders en kinderen kunnen de geva‐ ren van de acculader en de elektrische stroom niet herkennen en ook niet inschatten. Buiten‐ staanders, kinderen en dieren kunnen ernstig of fataal letsel oplopen.

Buitenstaanders, kinderen en huisdieren op afstand houden. ►Zorg ervoor dat kinderen niet met de acculader kunnen spelen.

De acculader is niet waterdicht. Als er in de regen of in een vochtige omgeving wordt gewerkt, kan dit leiden tot een elektrische stroomstoot. De gebruiker kan letsel oplopen en de acculader kan worden beschadigd. ► Deze niet gebruiken in de regen en niet in een vochtige omgeving. ■ De acculader is niet beschermd tegen alle invloeden van buitenaf. Als de acculader aan bepaalde invloeden van buitenaf is blootge‐ steld, kan de acculader in brand vliegen of exploderen. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Acculader in een gesloten en droge ruimte gebruiken. ► Acculader niet in een licht ontvlambare en ook niet in een explosieve omgeving gebruiken.

Acculader niet op een licht ontvlambare ondergrond gebruiken. ► De acculader niet buiten de aangegeven temperatuurgrenzen gebruiken en bewaren,

Personen kunnen struikelen over de aansluit‐ kabel. Personen kunnen letsel oplopen en de acculader kan worden beschadigd.

De aansluitkabel plat op de vloer leggen. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 124 0478-131-9605-B4.6 Veilige staat

De grasmaaier verkeert in een veilige toestand, als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De grasmaaier is onbeschadigd.

De bedieningsorganen werken en zijn niet gewijzigd.

Als er wordt gemaaid en het gemaaide gras in de grasopvangbox moet worden opgevangen: Het mulchhulpstuk is verwijderd, het verleng‐ stuk is losgehaakt en de grasopvangbox is correct ingehaakt.

Als er wordt gemaaid en het gemaaide gras aan de achterkant moet worden uitgeworpen: de grasopvangbox is losgehaakt en de uit‐ werpklep is gesloten.

Bij het maaien moet het gemaaide gras zij‐ waarts naar de grond worden geleid: De gra‐ sopvangbox is losgehaakt, het mulchhulpstuk is correct geplaatst en het verlengstuk is cor‐ rect ingehaakt.

Als er gemulcht wordt: Het verlengstuk en de grasopvangbox zijn losgehaakt en het mulch‐ hulpstuk is correct geplaatst.

Het mes is correct gemonteerd.

Er is op de juiste wijze een origineel STIHL accessoire voor deze grasmaaier gemonteerd. WAARSCHUWING

In een niet veilige toestand kunnen onderde‐ len niet meer naar behoren functioneren en kunnen veiligheidsvoorzieningen buiten werk‐ ing worden gezet. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Werk met een onbeschadigde grasmaaier. ► Als de grasmaaier vuil of nat is: reinig de grasmaaier en laat deze drogen. ► Breng geen wijzigingen aan de grasmaaier aan. ► Als de bedieningsorganen niet werken: niet met de grasmaaier werken. ► Als er wordt gemaaid en het gemaaide gras in de grasopvangbox moet worden opge‐ vangen: Verwijder het mulchhulpstuk, haak het verlengstuk los en haak de grasopvang‐ box in zoals beschreven in deze gebruiks‐ aanwijzing.

Bij het maaien moet het gemaaide gras zij‐ waarts naar de grond worden geleid: Haak de grasopvangbox los, plaats het mulch‐ hulpstuk en haak het verlengstuk in zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing.

Als er gemulcht wordt: Haak het verleng‐ stuk en de grasopvangbox los en plaats het mulchhulpstuk zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing. ► Monteer originele STIHL accessoires voor deze grasmaaier. ► Monteer het mes zoals in deze gebruiks‐ aanwijzing beschreven staat. ► Monteer accessoires zoals in deze gebruiksaanwijzing of in de gebruiksaanwij‐ zing van het accessoire beschreven staat.

Steek geen voorwerpen in de openingen van de grasmaaier. ► Vervang versleten of beschadigde waar‐ schuwingsstickers. ► Als er onduidelijkheid bestaat: neem con‐ tact op met een STIHL dealer.

Het mes is veilig, als aan de volgende voorwaar‐ den is voldaan:

Het mes en de aanbouwdelen zijn onbescha‐ digd.

Het mes is niet vervormd.

Het mes is correct gemonteerd.

Het mes is correct geslepen.

Het mes heeft geen bramen.

Het mes is correct gebalanceerd.

De minimumdikte en de minimumbreedte van het mes zijn niet onderschreden,

De slijphoek is aangehouden,

Als het mes niet in een veilige toestand ver‐ keert, kunnen delen van het mes losraken en weggeslingerd worden. Personen kunnen ern‐ stig letsel oplopen.

Werk met een onbeschadigd mes en onbe‐ schadigde aanbouwdelen. ► Monteer het mes op de juiste manier. ► Slijp het mes op de juiste manier. ► Als de minimumdikte of de minimumbreedte is onderschreden: vervang het mes. ► Laat messen door een STIHL vakhandelaar uitbalanceren. ► Als er onduidelijkheid bestaat: neem con‐ tact op met een STIHL vakhandelaar.

De accu verkeert in een veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De accu is onbeschadigd.

De accu functioneert en is niet gemodificeerd. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands

0478-131-9605-B 125WAARSCHUWING

■ In een niet veilige staat kan de accu niet meer correct functioneren. Personen kunnen ernstig letsel oplopen.

Alleen met een onbeschadigde en goed werkende accu werken. ► Een beschadigde of defecte accu niet laden. ► Als de accu vuil is: de accu reinigen. ► Als de accu nat of vochtig is: de accu laten drogen, 20.7. ► Geen wijzigingen aanbrengen aan de accu. ► Geen voorwerpen in de openingen van de accu steken. ► Elektrische contacten van de accu niet met metalen voorwerpen met elkaar verbinden en kortsluiten.

Accu niet openmaken. ► Versleten of beschadigde stickers vervan‐ gen. ■ Uit een beschadigde accu kan vloeistof weg‐ lekken. Als de vloeistof in contact komt met de huid of de ogen, kunnen de huid of de ogen geïrriteerd raken.

Contact met de vloeistof voorkomen. ► Als contact met de huid heeft plaatsgevon‐ den: was de betreffende plekken op de huid met veel water en zeep.

Als contact met de ogen heeft plaatsgevon‐ den: was de ogen ten minste 15 minuten met veel water en raadpleeg een arts.

Een beschadigde of defecte accu kan een ongewone geur veroorzaken, roken of bran‐ den. Personen kunnen ernstig of dodelijk let‐ sel oplopen en er kan materiële schade ont‐ staan.

Als de accu vreemd ruikt of rookt: de accu niet gebruiken en bij brandbare stoffen van‐ daan houden.

Als de accu brandt: de accu met een brand‐ blusser of water proberen te blussen.

De acculader verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De acculader is niet beschadigd.

In een niet-veilige staat kunnen componenten niet meer correct functioneren en kunnen de veiligheidsinrichtingen zijn uitgeschakeld. Per‐ sonen kunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel oplopen.

Een onbeschadigde acculader gebruiken. ► Als de acculader vervuild of nat is: accula‐ der reinigen en laten drogen. ► Aan de acculader geen wijzigingen aan‐ brengen. ► Geen voorwerpen in de openingen van de acculader steken. ► Elektrische contacten van de acculader niet met metalen voorwerpen verbinden en kort‐ sluiten.

De acculader niet demonteren.

WAARSCHUWING ■ De gebruiker kan in bepaalde omstandighe‐ den niet meer geconcentreerd werken. De gebruiker kan struikelen, vallen en ernstig let‐ sel oplopen.

Werk rustig en doordacht. ► Als de lichtomstandigheden en het zicht slecht zijn: niet met de grasmaaier werken. ► Bedien de grasmaaier alléén. ► Pas op voor obstakels. ► Kantel de grasmaaier niet. ► Werk rechtop staand op de grond en zorg voor goed evenwicht. ► Als er vermoeidheidsverschijnselen optre‐ den: las een pauze in. ► Als op een helling wordt gemaaid: maai dwars op de helling. ► Werk niet op hellingen van meer dan 25° (46,6 %). ■ De gebruiker kan zich aan het draaiende mes snijden. De gebruiker kan ernstig letsel oplo‐ pen. ► Raak het draaiende mes niet aan. ► Als het mes door een voorwerp geblokkeerd is: Schakel de gras‐ maaier uit en neem de accu eruit. Verwijder pas hierna het voorwerp.

Als tijdens het werken zonder wielaandrijving wordt gewerkt, kan de wielaandrijving onbe‐ doeld worden ingeschakeld en zet de gras‐ maaier zich in beweging. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Bedien de schakelbeugel voor wielaandrij‐ ving alleen wanneer de wielaandrijving moet worden ingeschakeld.

Tijdens het werken kunnen op de grasmaaier vibraties ontstaan. ► Draag veiligheidshandschoenen. ► Neem pauzes. ► Als er tekenen van een verstoring van de doorbloeding optreden: raadpleeg een arts. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 126 0478-131-9605-B■ Als het mes tijdens het werken op een vreemd voorwerp stuit, kan het mes of delen ervan beschadigd raken en met hoge snelheid omh‐ oog worden geslingerd. Personen kunnen let‐ sel oplopen en er kan beschadiging optreden.

Verwijder vreemde voorwerpen uit het werkgebied. ■ Wanneer de schakelbeugel voor maaiwerk wordt losgelaten, draait het mes nog korte tijd door. Personen kunnen ernstig letsel oplopen.

Wacht totdat het mes niet meer draait. ■ Als het mes op een hard voorwerp stuit, kun‐ nen vonken ontstaan. Vonken kunnen in een licht ontvlambare omgeving brand veroorza‐ ken. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Werk niet in een licht ontvlambare omge‐ ving. ■ Als de grasmaaier op een hellend vlak wordt neergezet, kan deze onbedoeld naar beneden rollen. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden.

Laat de grasmaaier alleen los, als deze op een horizontaal vlak staat en niet vanzelf kan wegrollen.

Als er voorwerpen aan de duwstang worden bevestigd, kan de grasmaaier door het extra gewicht kantelen. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden.

Bevestig geen voorwerpen aan de duw‐ stang. GEVAAR

Als in de buurt van onder spanning staande leidingen wordt gewerkt, kan het mes met de onder spanning staande leidingen in contact komen en deze beschadigen. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Werk niet in de buurt van onder spanning staande leidingen. ■ Als bij onweer wordt gewerkt, kan de gebrui‐ ker door de bliksem worden getroffen. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplo‐ pen.

Als het onweert: niet werken. ■ De wielaandrijving wordt uitgeschakeld bij overbelasting bij het werken op steile hellin‐ gen. Dit heeft tot gevolg dat de gebruiker opeens meer duwkracht moet uitoefenen en daardoor de controle over de grasmaaier ver‐ liest. De grasmaaier kan door zijn eigen gewicht naar de gebruiker toe rollen.

maai dwars op de helling. Zorg voor een veilige stand om de grasmaaier te allen tijde onder controle te houden.

Tijdens het laden kan een beschadigde of een defecte acculader stinken of roken. Personen kunnen letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

De netstekker uit de contactdoos trekken. ■ De acculader kan bij een ontoereikende warm‐ teafvoer oververhit worden en in brand raken. Personen kunnen zwaar letsel oplopen of wor‐ den gedood en er kan materiële schade ont‐ staan.

Acculader niet afdekken.

4.9 Elektriciteit aansluiten

Contact met stroomvoerende componenten kan ontstaan door de volgende oorzaken:

De aansluitkabel of de verlengkabel is bescha‐ digd.

De netstekker van de aansluitkabel of de ver‐ lengkabel is beschadigd.

De contactdoos is niet correct geïnstalleerd. GEVAAR ■ Contact met stroomvoerende componenten kan leiden tot een stroomschok. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Controleer dat de aansluitkabel, de verleng‐ kabel en de netstekker hiervan niet zijn beschadigd. Als de aansluitkabel of de verlengkabel beschadigd is: ► beschadigde plaats niet aanraken. ► Trek de netstekker uit de contact‐ doos.

Aansluitkabel, verlengkabel en de netstek‐ kers ervan met droge handen beetpakken. ► Netstekker van de aansluitkabel of de ver‐ lengkabel in een correct geïnstalleerde en beveiligde contactdoos met randaarde ste‐ ken.

Acculader via een aardlekschakelaar (30 mA, 30 ms) aansluiten. ■ Een beschadigde of niet geschikte verlengka‐ bel kan leiden tot een elektrische schok. Per‐ sonen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplo‐ pen.

Gebruik een verlengkabel met de juiste kabeldoorsnede, 20.5. WAARSCHUWING

Tijdens het laden kan een verkeerde netspan‐ ning of een verkeerde netfrequentie leiden tot overspanning in de acculader. De acculader kan hierbij worden beschadigd. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0478-131-9605-B 127► Controleren of de netspanning en de netfre‐ quentie van het lichtnet corresponderen met de gegevens op het typeplaatje van de acculader.

Als de acculader op een meervoudige contact‐ doos is aangesloten, kunnen de elektrische onderdelen tijdens het opladen worden over‐ belast. De elektrische componenten kunnen warm worden en in brand vliegen. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Zorg ervoor dat de vermogensgegevens op de meervoudige contactdoos niet worden overschreden door het totaal van de gege‐ vens op het typeplaatje van de acculader en alle op de meervoudige contactdoos aangesloten elektrische apparaten.

Een verkeerd neergelegde aansluitkabel en verlengkabel kunnen beschadigd raken en personen kunnen hierover struikelen. Perso‐ nen kunnen letsel oplopen en de aansluitkabel of verlengkabel kan worden beschadigd.

De aansluitkabel en verlengkabel zo neer‐ leggen en kenmerken, dat personen niet kunnen struikelen.

De aansluitkabel en verlengkabel zo neer‐ leggen, dat ze niet onder spanning staan of verwikkeld zijn.

De aansluitkabel en verlengkabel zo neer‐ leggen, dat ze niet beschadigd, geknikt of geplet kunnen worden of schuren.

Aansluitkabel en verlengkabel beschermen tegen hitte, olie en chemicaliën. ► De aansluitkabel en verlengkabel neerleg‐ gen op een droge ondergrond. ■ Tijdens de werkzaamheden wordt de verleng‐ kabel warm. Wanneer de warmte niet kan wor‐ den afgevoerd, kan de warmte brand veroor‐ zaken.

Als er een kabelhaspel wordt gebruikt: de kabelhaspel volledig afwikkelen. ■ Als er elektrische bedrading en leidingen in de muur zitten, kunnen deze worden beschadigd als de acculader op de muur wordt bevestigd. Contact met elektrische bedrading kan leiden tot een elektrische schok. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Controleren of er op de geplande plaats geen elektrische bedrading en leidingen in de muur zitten.

Als de acculader niet zoals in deze handlei‐ ding staat beschreven op de muur is gemon‐ teerd, kan de acculader of de accu van de muur vallen of kan de acculader te heet wor‐ den. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden. ► Acculader zo op de muur monteren als in deze handleiding staat beschreven. ■ Als de acculader met aangebrachte accu op een muur wordt gemonteerd, kan de accu uit de acculader vallen. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden.

De acculader eerst aan de muur monteren en daarna de accu plaatsen.

WAARSCHUWING ■ Bij het transport kan de grasmaaier omvallen of bewegen. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden. ► Neem de accu eruit. ► Zet de grasmaaier met spangordels, riemen of een net zodanig vast, dat deze niet kan omvallen en niet kan bewegen.

Als tijdens het transport met uitgeschakelde wielaandrijving de accu is ingestoken, kan de wielaandrijving onbedoeld worden ingescha‐ keld en zet de grasmaaier zich in beweging. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan. ► Neem de accu eruit.

De accu is niet beschermd tegen alle invloe‐ den van buitenaf. Als de accu aan bepaalde invloeden van buitenaf wordt blootgesteld, kan de accu worden beschadigd en kan er materi‐ ele schade ontstaan.

Een beschadigde accu niet vervoeren. ■ Tijdens het vervoer kan de accu omvallen of verschuiven. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden.

De accu in de verpakking zo verpakken dat deze niet kan bewegen. ► Verpakking zo borgen dat deze niet kan vallen en verschuiven. Nederlands 4 Veiligheidsinstructies 128 0478-131-9605-B4.10.3 Acculader WAARSCHUWING

Tijdens het vervoer kan de acculader omvallen of verschuiven. Personen kunnen letsel oplo‐ pen en er kan beschadiging optreden.

De netsteker uit de contactdoos trekken. ► Accu verwijderen. ► De acculader met spanbanden, riemen of een net dusdanig beveiligen, dat deze niet kan omvallen en niet kan verschuiven.

De aansluitkabel is niet bedoeld om de accula‐ der daaraan te dragen. De aansluitkabel en de acculader kunnen worden beschadigd.

De aansluitkabel opwikkelen en aan de acculader bevestigen.

WAARSCHUWING ■ Kinderen kunnen de gevaren van de gras‐ maaier niet herkennen en niet inschatten. Kin‐ deren kunnen ernstig letsel oplopen. ► Neem de accu eruit. ► Sla de grasmaaier buiten bereik van kinde‐ ren op. ■ De elektrische contacten op de grasmaaier en de metalen onderdelen kunnen door vocht gaan corroderen. De grasmaaier kan bescha‐ digd raken. ► Neem de accu eruit. ► Sla de grasmaaier schoon en droog op. ■ Als tijdens de opslag de accu is ingestoken, kunnen het mes en de wielaandrijving onbe‐ doeld worden ingeschakeld. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan. ► Neem de accu eruit. ■ Als de grasmaaier op een hellend vlak wordt opgeslagen, kan deze onbedoeld naar bene‐ den rollen. Personen kunnen letsel oplopen en er kan beschadiging optreden.

Sla de grasmaaier uitsluitend op een vlakke ondergrond op.

Kinderen kunnen de gevaren van de accu niet herkennen en niet inschatten. Kinderen kun‐ nen ernstig letsel oplopen.

Sla de accu buiten bereik van kinderen op. ■ De accu is niet tegen alle omgevingsinvloeden beschermd. Als de accu aan bepaalde omge‐ vingsinvloeden is blootgesteld, kan de accu onherstelbaar beschadigd raken.

Sla de accu schoon en droog op. ► Sla de accu in een gesloten ruimte op. ► Sla de accu losgekoppeld van de gras‐ maaier op. ► Als de accu in het oplaadapparaat wordt opgeslagen: haal de stekker uit het stop‐ contact en bewaar de accu met een laad‐ toestand tussen 40% en 60% (er branden 2 groene leds).

Sla de accu niet op buiten de gespecifi‐ ceerde temperatuurgrenzen, 20.6.

WAARSCHUWING ■ Kinderen kunnen de gevaren van de accula‐ der niet herkennen en ook niet inschatten. Kin‐ deren kunnen ernstig of zelfs dodelijk letsel oplopen.

Netstekker uit de contactdoos trekken. ► De acculader buiten het bereik van kinde‐ ren opslaan. ■ De acculader is niet beschermd tegen alle invloeden van buitenaf. Als de acculader aan bepaalde invloeden van buitenaf wordt bloot‐ gesteld, kan de acculader worden beschadigd.

Netstekker uit de contactdoos trekken. ► Als de acculader warm is: de acculader laten afkoelen. ► De acculader schoon en droog opslaan. ► De acculader in een gesloten ruimte opslaan. ► De acculader niet buiten de aangegeven temperatuurgrenzen bewaren, 20.6. ■ De aansluitkabel is niet bedoeld om de accula‐ der daaraan te dragen of op te hangen. De aansluitkabel en de acculader kunnen worden beschadigd.

De acculader bij het huis vastpakken en vasthouden. Aan de acculader is een hand‐ greepkom aangebracht voor het gemakke‐ lijk optillen van de acculader.

De acculader ophangen aan de muurhou‐ der. 4 Veiligheidsinstructies Nederlands 0478-131-9605-B 1294.12 Reiniging, onderhoud en repa‐ ratie WAARSCHUWING

Als tijdens reinigings-, onderhouds- of repara‐ tiewerkzaamheden de accu is ingestoken, kan het mes onbedoeld worden ingeschakeld. Per‐ sonen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan. ► Neem de accu eruit. ■ Als tijdens reinigings-, onderhouds- en repara‐ tiewerkzaamheden de accu is ingestoken, kan de wielaandrijving onbedoeld worden inge‐ schakeld en zet de grasmaaier zich in bewe‐ ging. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan. ► Neem de accu eruit. ■ Als gevolg van agressieve reinigingsmiddelen, reinigen met een waterstraal of met scherpe voorwerpen kunnen de grasmaaier, het mes en de accu beschadigd raken. Als de gras‐ maaier, het mes en de accu niet op de juiste manier worden gereinigd, kunnen onderdelen niet meer naar behoren functioneren en kun‐ nen veiligheidsvoorzieningen buiten werking worden gezet. Personen kunnen ernstig letsel oplopen. ► Reinig de grasmaaier, het mes en de accu zoals in deze gebruiksaanwijzing beschre‐ ven staat.

Als de grasmaaier, het mes of de accu niet op de juiste manier wordt onderhouden of gere‐ pareerd, kunnen onderdelen niet meer naar behoren functioneren en kunnen veiligheids‐ voorzieningen buiten werking worden gezet. Personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen.

Voer niet zelf onderhoud of reparaties aan de grasmaaier of de accu uit. ► Als onderhoud of reparaties aan de gras‐ maaier of de accu moeten worden uitge‐ voerd: neem contact op met een STIHL dealer.

Voer onderhoud aan het mes uit zoals in deze gebruiksaanwijzing beschreven staat. ■ Tijdens het reinigen, onderhoud uitvoeren of repareren van het mes kan de gebruiker zich snijden aan de scherpe snijranden. De gebrui‐ ker kan letsel oplopen.

Draag veiligheidshandschoenen. ■ Tijdens het slijpen kan het mes heet worden. De gebruiker kan zich branden. ► Wacht totdat het mes is afgekoeld. ► Draag veiligheidshandschoenen. ■ Het mes van de grasmaaier kan bewegen, zelfs wanneer de motor is uitgeschakeld. Tij‐ dens het onderhoud van het mes kan de gebruiker gewond raken door het bewegende blad.

Werk voorzichtig. ► Draag veiligheidshandschoenen. ■ Het mes van de grasmaaier kan bewegen. Tij‐ dens het onderhoud van het mes kunnen de vingers van de gebruiker klem komen te zitten tussen het bewegende mes en de vaste delen van de grasmaaier.

Werk voorzichtig. ► Draag veiligheidshandschoenen. 5 Grasmaaier bedrijfsklaar maken

5.1 Grasmaaier bedrijfsklaar

maken Voorafgaand aan de werkzaamheden moeten altijd de volgende stappen worden gezet: ► Verwijder het verpakkingsmateriaal en de transportvergrendelingen. ► Controleer of de volgende onderdelen in een veilige toestand verkeren:

Controleer het mes, 11.2.

Stel de duwstang in, 8.3. ► Als er wordt gemaaid en het gras in de gra‐ sopvangbox moet worden opgevangen:

Haak het verlengstuk los, 7.3.2.

Neem het mulchhulpstuk weg, 7.2.1.

Haak de grasopvangbox vast, 7.1.2. ► Bij het maaien moet het gras zijwaarts naar de grond worden geleid:

Plaats het mulchhulpstuk, 7.2.2.

Haak het verlengstuk in, 7.3.1. Nederlands 5 Grasmaaier bedrijfsklaar maken 130 0478-131-9605-B► Als er gemulcht wordt:

Haak het verlengstuk los, 7.3.2.

Plaats het mulchhulpstuk, 7.2.2.

Stel de snijhoogte in,

Controleer de bedieningsorganen, 11.1. ► Als de stappen niet kunnen worden uitge‐ voerd: gebruik de grasmaaier niet en neem contact op met een STIHL dealer. 6 Accu laden en leds

6.1 Acculader aan een muur mon‐

teren De acculader kan aan een muur worden gemon‐ teerd.

Acculader zo op een muur monteren dat aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

Juiste bevestigingsmaterialen zijn gebruikt.

De acculader is waterpas. De volgende maatvoering is aangehouden:

b (voor AL 101) = 75 mm

b (voor AL 301) = 100 mm

b (voor AL 500) = 120 mm

De laadtijd is afhankelijk van diverse invloeden, zoals bijv. de temperatuur van de accu of de omgevingstemperatuur. Voor een optimale pres‐ tatie moeten de aanbevolen temperatuurberei‐ ken in acht worden genomen, 20.7. De wer‐ kelijke laadtijd kan afwijken van de aangegeven laadtijd. De laadtijd is te vinden op www.stihl.com/charging-times. Als de netstekker op een contactdoos is aange‐ sloten en de accu in de acculader wordt geplaatst, start de laadprocedure automatisch. Als de accu volledig is geladen, schakelt de acculader automatisch uit. Tijdens het laden worden de accu en de accula‐ der warmer.

0000-GXX-0628-A0 ► Netstekker (6) in een goed bereikbare contact‐ doos (7) aansluiten. De acculader (3) voert een zelftest uit. De led (4) brandt ca. 1 seconde lang groen en ca. 1 seconde lang rood. ► Aansluitkabel (5) aanbrengen. ► Accu (2) in de geleidingen van de accula‐ der (3) plaatsen en tot aan de aanslag hierop drukken. De led (4) brandt groen. De leds (1) branden groen en de accu (2) wordt geladen. ► Als de led (4) en de leds (1) op de accu niet meer branden: de accu (2) is volledig geladen kan uit de acculader (3) worden genomen ► Als de acculader (3) niet meer wordt gebruikt: de netstekker (6) uit de contactdoos (7) trek‐ ken.

De leds kunnen de laadtoestand van de accu of storingen weergeven. De leds kunnen groen of rood branden of knipperen. Als de leds groen branden of knipperen, wordt de laadtoestand weergegeven. 6 Accu laden en leds Nederlands 0478-131-9605-B 131► Als de leds rood branden of knipperen: storin‐ gen verhelpen, 19.1. Er is sprake van een storing in de grasmaaier of in de accu.

6.5 Led op acculader

De led geeft de status van de acculader weer. Als de led groen brandt, wordt de accu geladen. ► Als de led rood knippert: storingen opheffen. In de acculader zit een storing. 7 Grasmaaier in elkaar zet‐ ten

7.1 Grasopvangbox in elkaar zet‐

► Plaats het bovenstuk van de grasopvang‐ box (1) op het onderstuk van de grasopvang‐ box (2) ► Druk de pennen (3) van binnen door de ope‐ ningen (4). ► Duw het bovenstuk van de grasopvangbox (1) omlaag. Het bovenstuk van de grasopvangbox klikt hoorbaar vast.

7.1.2 Grasopvangbox vasthaken

► Schakel de grasmaaier uit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Als het verlengstuk is ingehaakt: verlengstuk loshaken. ► Als het mulchhulpstuk is geplaatst: mulchhulp‐ stuk wegnemen. ► Open de uitwerpklep (1) en houd deze vast. ► Pak de grasopvangbox (2) aan de greep (3) vast en haak deze van boven met de haken (4) in de uitsparingen (5) vast. ► Leg de uitwerpklep (1) op de grasopvang‐ box (2).

7.1.3 Grasopvangbox loshaken

► Schakel de grasmaaier uit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Open de uitwerpklep en houd deze vast. ► Neem de grasopvangbox aan de greep naar boven weg. ► Sluit de uitwerpklep.

7.2 Mulchhulpstuk wegnemen en

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Open de uitwerpklep (1) en houd deze vast. ► Trek de borglip (2) omhoog. ► Verwijder het mulchhulpstuk (3) uit het uit‐ werpkanaal. ► Uitwerpklep (1) sluiten.

7.2.2 Mulchhulpstuk plaatsen

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Open de uitwerpklep (1) en houd deze vast. Nederlands 7 Grasmaaier in elkaar zetten 132 0478-131-9605-B► Plaats het mulchhulpstuk (2) in het uitwerpka‐ naal (3). ► Druk de klemnok (4) van het mulchhulpstuk in de uitsparing van de behuizing (5). De borglip klikt vast. ► Sluit de uitwerpklep (1).

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Druk op de vergrendeling (1) en houd deze ingedrukt. ► Open de zijdelingse uitwerpklep (2) en houd deze vast. ► Haak de haak (3) van onderen aan de as (4) vast. ► Plaats de zijdelingse uitwerpklep (2) op het verlengstuk (5).

7.3.2 Verlengstuk loshaken

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Open de zijdelingse uitwerpklep (1) en houd deze vast. ► Maak de haak (2) los. ► Klap het verlengstuk (3) omhoog en verwijder het. ► Sluit de zijdelingse uitwerpklep (1). 8 Grasmaaier voor de gebruiker instellen

8.1 Duwstang omhoog klappen

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Houd de duwstang (1) vast. ► Druk de hendel (2) omlaag en houd deze vast. ► Klap de duwstang (1) omhoog. ► Laat de hendel (2) los. De duwstang klikt hoorbaar vast.

8.2 Duwstang inklappen

De duwstang kan worden ingeklapt om de gras‐ maaier ruimtebesparend te vervoeren of op te slaan. ► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. 8 Grasmaaier voor de gebruiker instellen Nederlands 0478-131-9605-B 133► Houd de duwstang (1) vast. ► Druk de hendel (2) omlaag en houd deze vast. ► Klap de duwstang (1) in. ► Laat de hendel (2) los. De duwstang klikt hoorbaar vast.

8.3 Duwstang instellen

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Houd de duwstang (1) vast. ► Druk de hendel (2) omlaag en houd deze vast. ► Zet de duwstang (1) in de gewenste positie en zorg ervoor dat de duwstang weer volledig vastklikt. ► Laat de hendel (2) los. 9 Accu aanbrengen en weg‐ nemen

► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Pak de klep (1) vast bij de greep (2), open deze tot aan de aanslag en houd hem vast. ► Druk de accu (3) tot aan de aanslag in de accuhouder 1 (4). De accu klikt hoorbaar vast en is vergrendeld. ► Als er een tweede accu moet worden meege‐ nomen: Druk de accu in accuhouder 2 (5). De accu klikt hoorbaar vast en is vergrendeld. ► Sluit de klep (1).

► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Pak de klep (1) vast bij de greep (2), open deze tot aan de aanslag en houd hem vast. ► Houd de accu (3) vast en druk op de blokkeer‐ hendel (4). De accu is ontgrendeld. ► Neem de accu (3) eruit. ► Sluit de klep (1). 10 Grasmaaier inschakelen en uitschakelen

10.1 Mes inschakelen en uitschake‐

► Kantel de grasmaaier niet. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. Nederlands 9 Accu aanbrengen en wegnemen 134 0478-131-9605-B► Druk met de rechterhand op de blokkeer‐ knop (1) en houd deze ingedrukt. ► Trek de schakelbeugel voor het maaiwerk (2) met de linkerhand volledig in de richting van de duwstang (3) en houd deze zodanig dat de duim de duwstang (3) omsluit. Het mes draait. ► Laat de blokkeerknop (1) los. ► Houd de duwstang (3) en de schakelbeugel voor maaiwerk (2) met de rechterhand zoda‐ nig vast dat de duim de duwstang (3) omsluit.

10.1.2 Messen uitschakelen

► Laat de schakelbeugel voor maaiwerk los. ► Wacht totdat het mes niet meer draait. ► Als het mes doordraait: neem de accu eruit en neem contact op met een STIHL dealer. De grasmaaier is defect.

10.2 Wielaandrijving inschakelen en

10.2.1 Wielaandrijving inschakelen

► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Schakel het mes in. ► Trek de schakelbeugel voor wielaandrijving (1) volledig in de richting van de duwstang (2) en houd deze zodanig dat de duim de duw‐ stang (2) omsluit. De grasmaaier zet zich in beweging.

10.2.2 Wielaandrijving uitschakelen

► Laat de schakelbeugel voor wielaandrijving los. ► Wacht totdat de grasmaaier stilstaat. ► Als de grasmaaier doorrijdt: neem de accu eruit en neem contact op met een STIHL dea‐ ler. De grasmaaier is defect. 11 Grasmaaier controleren

11.1 Bedieningsorganen controleren

Blokkeerknop en schakelbeugel voor maaiwerk ► Neem de accu eruit. ► Druk op de blokkeerknop en laat deze weer los. ► Trek de schakelbeugel voor maaiwerk volledig in de richting van de duwstang en laat deze weer los. ► Als de blokkeerknop of de schakelbeu‐ gel voor maaiwerk moeilijk beweegt of niet in de uitgangspositie terugveert: gebruik de gras‐ maaier niet en neem contact op met een STIHL dealer. De blokkeerknop of de schakelbeu‐ gel voor maaiwerk is defect. Schakelbeugel voor wielaandrijving ► Neem de accu eruit. ► Trek de schakelbeugel voor wielaandrijving volledig in de richting van de duwstang en laat deze weer los. ► Als de schakelbeugel voor wielaandrijving moeilijk beweegt of niet in de uitgangspositie terugveert: gebruik de grasmaaier niet en neem contact op met een STIHL dealer. De schakelbeugel voor wielaandrijving is defect. Mes inschakelen ► Plaats de accu. ► Druk met de rechterhand op de blokkeerknop en houd deze ingedrukt. ► Trek de schakelbeugel voor maaiwerk met de linkerhand volledig in de richting van de duw‐ stang en houd deze zodanig dat de duim de duwstang omsluit. Het mes draait. ► Als er 3 leds rood knipperen: neem de accu eruit en neem contact op met een STIHL dea‐ ler. Er is sprake van een storing in de grasmaaier. ► Laat de blokkeerknop en de schakelbeu‐ gel voor maaiwerk los. Het mes draait na korte tijd niet meer. ► Als het mes doordraait: neem de accu eruit en neem contact op met een STIHL dealer. De grasmaaier is defect. Wielaandrijving inschakelen ► Plaats de accu. 11 Grasmaaier controleren Nederlands 0478-131-9605-B 135► Schakel het mes in. ► Trek de schakelbeugel voor wielaandrijving volledig in de richting van de duwstang en houd deze zodanig dat de duim de duwstang omsluit. De grasmaaier zet zich in beweging. ► Laat de schakelbeugel voor wielaandrijving los. De grasmaaier blijft staan. ► Als de grasmaaier doorrijdt: neem de accu eruit en neem contact op met een STIHL dea‐ ler. De grasmaaier is defect.

11.2 Mes controleren

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit.

Zet de grasmaaier rechtop, 16.1. ► Meet het volgende:

Slijphoek c ► Als de minimumdikte of de minimumbreedte is onderschreden: mes vervangen,

► Als de slijphoek niet is aangehouden: mes slij‐ pen, 20.2. ► Als er onduidelijkheid bestaat: neem contact op met een STIHL dealer.

11.3 Accu controleren/testen

► Druktoets op de accu indrukken. De leds branden of knipperen. ► Als de leds niet branden of knipperen: accu niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. In de accu zit een storing. 12 Met de grasmaaier werken

12.1 Grasmaaier vasthouden en lei‐

den ► Houd de duwstang met beide handen zodanig vast dat de duimen de duwstang omsluiten.

12.2 Snijhoogte instellen

Er kunnen 7 snijhoogtes worden ingesteld:

100 mm = stand 7 De standen zijn op de grasmaaier aangegeven. Snijhoogte instellen ► Schakel de grasmaaier uit. Het mes mag niet draaien. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Houd de grasmaaier aan de greep (1) vast. ► Druk de hendel (2) in en houd deze ingedrukt. ► Breng de grasmaaier door optillen en laten zakken in de gewenste positie. De huidige snijhoogte kan op de aanduiding snijhoogte (3) met behulp van de marke‐ ring (4) worden afgelezen. ► Laat de hendel (2) los. De grasmaaier klikt vast. Nederlands 12 Met de grasmaaier werken 136 0478-131-9605-B12.3 Maaien en mulchen De grasmaaier is uitgerust met een multimes en kan worden gebruikt om te maaien of te mul‐ chen. ► Als met ingeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: rijd de grasmaaier gecontroleerd vooruit. ► Als met uitgeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: Duw de grasmaaier langzaam en gecontroleerd vooruit. ► Als tijdens het maaien een vreemd voorwerp wordt geraakt en het mes geblokkeerd is: ► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Zorg ervoor dat alle bewegende delen volle‐ dig tot stilstand zijn gekomen. ► Controleer de grasmaaier. ► Als er reparaties nodig zijn: neem contact op met een STIHL dealer. ► Als de grasmaaier hard begint te trillen: ► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Controleer de grasmaaier. ► Controleer of alle moeren, bouten en schroeven vastzitten. ► Als er reparaties nodig zijn: neem contact op met een STIHL dealer. Voor optimale prestaties moeten de aanbevolen temperatuurbereiken in acht worden genomen,

De door het mes gecreëerde luchtstroom tilt de inhoudsindicatie (1) omhoog. Als de grasopvang‐ box is gevuld, stopt de luchtstroom. Als de lucht‐ stroom te gering is, zakt de inhoudsindicatie (2) naar de rusttoestand terug. Dit is een indicatie dat de grasopvangbox moet worden geledigd. Van een onbeperkte werking van de inhoudsindi‐ catie is alleen bij een optimale luchtstroom sprake. Invloeden van buitenaf, zoals vochtig, dicht of hoog gras, lage snijstanden, vuil en der‐ gelijke kunnen de luchtstroom en de werking van de inhoudsindicatie negatief beïnvloeden. ► Als de inhoudsindicatie naar de rusttoestand terugvalt: Maak de grasopvangbox leeg. ► Schakel de grasmaaier uit. ► Haak de grasopvangbox los. ► Open de sluitlip (1). ► Klap het bovenste gedeelte van de grasop‐ vangbox (2) aan de greep (3) open en houd deze daar. ► Houd deze met de andere hand de onderste handgreep (4) vast. ► Maak de grasopvangbox leeg. ► Klap de grasopvangbox dicht. ► Haak de grasopvangbox vast. 13 Na de werkzaamheden

14.1 Grasmaaier vervoeren

► Als de grasmaaier van en naar het te maaien gebied wordt verplaatst: ► Schakel de grasmaaier uit. Het mes mag niet draaien. ► Neem de accu eruit. 13 Na de werkzaamheden Nederlands 0478-131-9605-B 137► Als de grasmaaier gekanteld moet worden voor transport over andere gebieden dan gras: ► Schakel de grasmaaier uit. Het mes mag niet draaien. ► Neem de accu eruit. Grasmaaier duwen ► Duw de grasmaaier langzaam en gecontro‐ leerd vooruit. Grasmaaier dragen ► Schakel de grasmaaier uit. ► Neem de accu eruit. ► Draag veiligheidshandschoenen. ► Haak de grasopvangbox los. ► verlengstuk loshaken. ► Als de grasmaaier met uitgeklapte duwstang wordt gedragen: ► Laat één persoon de grasmaaier met beide handen aan de transportgreep (1) vasthou‐ den en een andere persoon met beide han‐ den aan de duwstang (2). ► Til en draag de grasmaaier met twee perso‐ nen. ► Als de grasmaaier met ingeklapte duwstang wordt gedragen:

► Laat één persoon de grasmaaier met beide handen aan de transportgreep (1) vasthou‐ den en een andere persoon met beide han‐ den aan de greep (3). ► Til en draag de grasmaaier met twee perso‐ nen. De grasmaaier in een voertuig transporteren ► Zet de grasmaaier rechtopstaand zodanig vast, dat de grasmaaier niet kan omvallen en niet kan bewegen.

14.2 Accu transporteren

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Controleer of de accu in een veilige toestand verkeert. ► Verpak de accu zodanig dat deze in de ver‐ pakking niet kan bewegen. ► Zet de verpakking zodanig vast, dat deze niet kan bewegen. De accu valt onder de eisen voor transport van gevaarlijke stoffen. De accu is als UN 3480 (lithium-ionaccu) geclassificeerd en is volgens UN-handboek Tests en criteria deel III, paragraaf

14.3 Acculader vervoeren

► De netsteker uit de contactdoos trekken. ► Accu verwijderen. ► De aansluitkabel opwikkelen en aan de accu‐ lader bevestigen. ► Als de acculader in een auto wordt vervoerd: de acculader met spanbanden, riemen of een net dusdanig beveiligen, dat de acculader niet kan omvallen en niet kan verschuiven. 15 Opslaan

15.1 Grasmaaier opslaan

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Laat de grasmaaier afkoelen. ► Maak de grasopvangbox leeg. ► Sla de grasmaaier zodanig op, dat aan de vol‐ gende voorwaarden is voldaan:

De grasmaaier staat buiten het bereik van kinderen.

De grasmaaier kan niet omvallen.

De grasmaaier kan niet wegrollen.

De grasmaaier kan worden ingeklapt om ruimte te besparen. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Haak de grasopvangbox los.

Zet de snijhoogte in de hoogste stand. 12.2

Nederlands 15 Opslaan 138 0478-131-9605-B► Houd de grasmaaier met de ene hand aan de greep (1) vast en met de andere hand aan de transportgreep (2) en zet deze naar achteren overeind.

STIHL adviseert de accu met een laadtoestand tussen 40 % en 60 % (2 groen brandende leds) op te slaan. ► Sla de accu zodanig op, dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:

De accu bevindt zich buiten het bereik van kinderen.

De accu bevindt zich in een gesloten ruimte.

Als de accu in het oplaadapparaat wordt opgeslagen: haal de stekker uit het stopcon‐ tact en bewaar de accu met een laadtoe‐ stand tussen 40% en 60% (er branden 2 groene leds).

De accu wordt niet opgeslagen buiten de gespecificeerde temperatuurgrenzen,

LET OP ■ Als de accu niet wordt opgeslagen zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing, kan de accu diep ontladen raken en onherstelbaar beschadigd worden.

Laad een lege accu op voordat u deze opslaat. STIHL adviseert de accu met een laadtoestand tussen 40% en 60% (er bran‐ den 2 groene leds) op te slaan.

► Trek de netstekker uit de contactdoos.

► De aansluitkabel opwikkelen en aan de accu‐ lader bevestigen. ► De acculader zo opslaan dat aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

De acculader bevindt zich buiten het bereik van kinderen.

De acculader bevindt zich in een gesloten ruimte.

De acculader is niet opgehangen aan de aansluitkabel of aan de beugel (3) voor de aansluitkabel.

De acculader is niet buiten de aangegeven temperatuurgrenzen opgeborgen,

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐ grond. ► Haak de grasopvangbox los.

Zet de snijhoogte in de hoogste stand. 12.2

Zet de duwstang in de laagste stand, 8.3. ► Plaats rechts van het apparaat. ► Open de uitwerpklep (1) en houd deze vast. ► Druk met de linkerhand de hendel (2) naar beneden en houd deze vast. ► Houd met de rechterhand de grasmaaier aan de transportgreep (3) vast en zet deze naar achteren rechtop. De grasmaaier is stabiel en kan worden schoon‐ gemaakt.

16.2 Grasmaaier reinigen

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Reinig de grasmaaier met een vochtige doek. ► Reinig het uitwerpkanaal met een zachte bor‐ stel of een vochtige doek. ► Verwijder vreemde voorwerpen uit de accu‐ houder en reinig de accuhouder met een vochtige doek. ► Reinig de elektrische contacten in de accu‐ houder met een kwast of een zachte borstel. ► Reinig de ventilatiesleuven met een kwast. ► Zet de grasmaaier rechtop. 16 Reinigen Nederlands 0478-131-9605-B 139► Reinig het gebied rondom het mes en het mes zelf met een houten stok, een zachte borstel of een vochtige doek. LET OP ■ Reiniging met een hogedrukreiniger of water‐ stralen kan het apparaat beschadigen. ► Reinig het apparaat niet met een hogedruk‐ reiniger of waterstraal.

► De accu met een vochtige doek reinigen.

16.4 Acculader reinigen

► De netsteker uit de contactdoos trekken. ► De acculader met een vochtige doek reinigen. ► De ventilatiesleuven met een kwast reinigen. ► Elektrische contacten van de acculader met een kwast of een zachte borstel reinigen. 17 Onderhoud

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Zet de grasmaaier rechtop. ► Blokkeer het mes (1) met een stuk hout (2). ► Draai de bout met ring (3) in de richting van de pijl eruit en neem deze weg. ► Neem het mes (1) weg. ► Gooi de bout met ring (3) weg. Gebruik voor de montage van het mes (1) een nieuwe bout met ring.

► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Zet de grasmaaier rechtop. ► Breng boutborgmiddel Loctite 243 op de schroefdraad van de bout met ring (1) aan. ► Plaats het mes (2) zodanig, dat de verhogin‐ gen op het contactvlak in de uitsparingen grij‐ pen. ► Draai de bout met ring (1) erin. ► Blokkeer het mes (2) met een stuk hout (3). ► Haal de bout met ring (1) met 60 Nm aan

17.2 Messen slijpen en uitbalance‐

ren Het vereist veel oefening om het mes goed te kunnen slijpen en uitbalanceren. STIHL raadt aan om het mes door een STIHL dealer te laten slijpen en uitbalanceren. De actuele adressen van de dealers zijn bij de desbetreffende STIHL landvertegenwoordiger www.stihl.com te vinden. WAARSCHUWING ■ De snijkanten van het mes zijn scherp. De gebruiker kan zich snijden. ► Draag veiligheidshandschoenen. ► Schakel de grasmaaier uit en neem de accu eruit. ► Zet de grasmaaier rechtop. ► Demonteer de messen. ► Slijp de messen. Houd daarbij de slijphoek aan en koel het mes, 20.2. Het mes mag tijdens het slijpen niet blauw ver‐ kleuren. ► Monteer de messen. ► Als er onduidelijkheid bestaat: neem contact op met een STIHL dealer. 18 Repareren

18.1 Grasmaaier repareren

De gebruiker kan de grasmaaier en het mes niet zelf repareren. ► Als de grasmaaier of het mes beschadigd is: gebruik de grasmaaier of het mes niet en neem contact op met een STIHL vakhande‐ laar. Nederlands 17 Onderhoud 140 0478-131-9605-B► Als de waarschuwingsstickers onleesbaar of beschadigd zijn: laat de waarschuwingsstic‐ kers door een STIHL vakhandelaar vervan‐ gen.

18.2 Acculader onderhouden en

repareren De acculader hoeft niet te worden onderhouden en kan niet worden gerepareerd. ► Als de acculader defect of beschadigd is: de acculader vervangen. ► Als de aansluitkabel defect of beschadigd is: de acculader niet gebruiken en de aansluitka‐ bel door een STIHL dealer laten vervangen. 19 Storingen opheffen

19.1 Storingen van de grasmaaier of de accu verhelpen

Storing Leds op de accu Oorzaak Oplossing De grasmaaier gaat bij het inschakelen niet aan. 1 led knippert groen. De laadtoestand van de accu is te laag. ► Laad de accu op zoals in de gebruik‐ saanwijzing voor oplaadapparaten van STIHL AL 101, 301, 500 wordt beschre‐ ven. 1 led brandt rood. De accu is te warm of te koud. ► Neem de accu eruit. ► Laat de accu afkoelen of opwarmen. 3 leds knippe‐ ren rood. Er is sprake van een storing in de gras‐ maaier. ► Neem de accu eruit. ► Reinig de elektrische contacten in de accuhouder. ► Plaats de accu. ► Schakel de grasmaaier in. ► Als er nog steeds 3 leds rood knipperen: gebruik de grasmaaier niet en neem contact op met een STIHL dealer. 3 leds branden rood. De grasmaaier is te warm. ► Neem de accu eruit. ► Laat de grasmaaier afkoelen. 4 leds knippe‐ ren rood. Er is sprake van een storing in de accu. ► Neem de accu eruit en plaats deze weer terug. ► Schakel de grasmaaier in. ► Als er nog steeds 4 leds rood knipperen: gebruik de accu niet en neem contact op met een STIHL dealer. De elektrische verbin‐ ding tussen de gras‐ maaier en de accu is onderbroken. ► Neem de accu eruit. ► Reinig de elektrische contacten in de accuhouder. ► Plaats de accu. De grasmaaier of de accu is vochtig. ► Neem de accu eruit. ► Reinig de grasmaaier. ► Laat de grasmaaier of de accu drogen,

De weerstand op het mes is te groot. ► Als met ingeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: Schakel de wielaandrij‐ ving uit. ► Als met uitgeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: ga langzamer vooruit. ► Stel een hogere snijhoogte in. ► Schakel de grasmaaier in lager gras in. Het gebied rondom het mes is verstopt. ► Reinig de grasmaaier. De wielaandrij‐ ving werkt niet. Er is sprake van een storing in de wie‐ laandrijving. ► neem contact op met een STIHL dealer. 19 Storingen opheffen Nederlands 0478-131-9605-B 141Storing Leds op de accu Oorzaak Oplossing De grasmaaier schakelt tijdens gebruik uit. 3 leds branden rood. De grasmaaier is te warm. ► Neem de accu eruit. ► Laat de grasmaaier afkoelen. ► Reinig de grasmaaier. ► Schakel de grasmaaier niet binnen korte tijd te vaak in. ► Als met ingeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: Schakel de wielaandrij‐ ving uit. ► Als met uitgeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: ga langzamer vooruit. ► Stel een hogere snijhoogte in. ► Maai lager gras. Het mes is geblok‐ keerd. ► Neem de accu eruit. ► Reinig de grasmaaier. Er is sprake van een elektrische storing. ► Neem de accu eruit en plaats deze weer terug. ► Schakel de grasmaaier in. De grasmaaier trilt tijdens gebruik sterk. De bout op het mes zit los. ► Haal de bout stevig aan. Het mes is niet correct gebalanceerd. ► Slijp en balanceer het mes. De bedrijfstijd van de gras‐ maaier is te kort. De accu is niet volle‐ dig geladen. ► Laad de accu volledig op zoals in de gebruiksaanwijzing voor oplaadappara‐ ten van STIHL AL 101, 301, 500 wordt beschreven. De levensduur van de accu is overschreden. ► Vervang de accu. Het gebied rondom het mes is verstopt. ► Reinig de grasmaaier. Het mes is stomp of versleten. ► Slijp en balanceer het mes. De weerstand op het mes is te groot. ► Als met ingeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: Schakel de wielaandrij‐ ving uit. ► Als met uitgeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: ga langzamer vooruit. ► Stel een hogere snijhoogte in. ► Maai lager gras. De accu klemt bij het plaatsen in de accuhouder. De geleiders of de elektrische contacten in de accuhouder zijn verontreinigd. ► Reinig de grasmaaier. Na het plaatsen van de accu in het oplaadappa‐ raat begint het opladen niet. 1 led brandt rood. De accu is te warm of te koud. ► Neem de accu eruit. ► Laat de accu afkoelen of opwarmen. Het gras is slecht gesneden of het gazon is geel.

Het mes is stomp of versleten. ► Slijp en balanceer het mes. De weerstand op het mes is te groot. ► Als met ingeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: Schakel de wielaandrij‐ ving uit. Nederlands 19 Storingen opheffen 142 0478-131-9605-BStoring Leds op de accu Oorzaak Oplossing ► Als met uitgeschakelde wielaandrijving wordt gewerkt: ga langzamer vooruit. ► Stel een hogere snijhoogte in. ► Maai lager gras.

19.2 Storingen in de acculader

opheffen Als de accu niet wordt geladen en de led op de acculader rood knippert duidt dit erop dat de elektrische verbinding tussen de acculader en de accu is onderbroken. ► Accu wegnemen. ► Elektrische contacten op de acculader reini‐ gen. ► Accu aanbrengen. ► Als de accu niet wordt opgeladen en de led op de acculader rood knippert: acculader niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. In de acculader zit een storing. 20 Technische gegevens

Gewicht met grasopvangbox en zonder accu:

Maximumcapaciteit van de grasopvangbox:

Elektrische classificatie: IPX4 De looptijd staat op www.stihl.com/battery-life vermeld.

Capaciteit in Ah: zie typeplaatje

Energie-inhoud in Wh: zie typeplaatje

Gewicht in kg: zie typeplaatje

Nominale spanning: zie typeplaatje

Frequentie: zie typeplaatje

Nominaal vermogen: zie typeplaatje

Laadstroom: zie typeplaatje De laadtijden kunnen op www.stihl.com/char‐ ging-times worden bekeken.

Als gebruik wordt gemaakt van een verlengka‐ bel, moeten de aders, afhankelijk van de span‐ ning en de lengte van de verlengkabel minimaal de volgende doorsnede hebben: Als de nominale spanning op het typeplaatje 220 V tot 240 V bedraagt:

Kabellengte 20 m tot 50 m: AWG 13/2,5 mm² Als de nominale spanning op het typeplaatje 100 V tot 127 V bedraagt:

Kabellengte 10 m tot 30 m: AWG 12/3,5 mm² 20 Technische gegevens Nederlands 0478-131-9605-B 14320.6 Temperatuurgrenzen WAARSCHUWING ■ De accu is niet tegen alle omgevingsinvloeden beschermd. Als de accu aan bepaalde omge‐ vingsinvloeden is blootgesteld, kan de accu in brand raken of exploderen. Personen kunnen ernstig letsel oplopen en er kan materiële schade ontstaan.

Laad de accu niet op bij temperaturen lager dan - 20 °C of hoger dan + 50 °C. ► Gebruik de maaier of de accu niet beneden - 20 °C of boven + 50 °C. ► Sla de maaier of de accu niet op beneden - 20 °C of boven + 70 °C.

20.7 Aanbevolen temperatuurberei‐

ken Voor optimale prestaties van de grasmaaier, accu en oplaadapparaat moet je de volgende temperatuurbereiken in acht nemen:

Gebruik: - 10 °C tot + 40 °C

Opslag: - 20 °C tot + 50 °C Als de accu wordt opgeladen, gebruikt of opge‐ slagen buiten de aanbevolen temperatuurberei‐ ken, kunnen de prestaties afnemen. Als de accu nat of vochtig is, laat deze dan min‐ stens 48 uur drogen bij meer dan + 15 °C en minder dan + 50 °C en bij een luchtvochtigheid van minder dan 70 %. Een hogere luchtvochtig‐ heid kan de droogtijd verlengen.

20.8 Geluids- en vibratiewaarden

RMA 248.3 T De K-waarde voor het geluidsdrukniveau bedraagt 2 dB(A). De K-waarde voor het geluids‐ niveau bedraagt 2,2 dB(A). De K-waarde voor de vibratiewaarde bedraagt 0,90 m/s².

Gegarandeerd geluidsniveau L WAd gemeten volgens 2000/14/EC / S.I. 2001/1701: 95 dB(A)

duwstang gemeten vol‐ gens EN IEC 62841-4-3: 1,80 m/s² RMA 253.3 T De K-waarde voor het geluidsdrukniveau bedraagt 2 dB(A). De K-waarde voor het geluids‐ niveau bedraagt 2,0 dB(A). De K-waarde voor de vibratiewaarde bedraagt 0,90 m/s².

Gegarandeerd geluidsniveau L WAd gemeten volgens 2000/14/EC / S.I. 2001/1701: 94 dB(A)

duwstang gemeten vol‐ gens EN IEC 62841-4-3: 1,80 m/s² De aangeven vibratiewaarden zijn volgens een gestandaardiseerde testprocedure gemeten en kunnen ter vergelijking van elektrische apparaten worden geraadpleegd. De daadwerkelijk optre‐ dende vibratiewaarden kunnen afhankelijk van de manier van gebruik afwijken van de aangege‐ ven waarden. De aangegeven vibratiewaarden kunnen worden gebruikt voor een eerste inschat‐ ting van de vibratiebelasting. De daadwerkelijke vibratiebelasting moet worden ingeschat. Daarbij kan ook rekening worden gehouden met de tij‐ den waarop het elektrische apparaat is uitge‐ schakeld en die waarin het weliswaar is inge‐ schakeld, maar zonder belasting draait. Informatie over het voldoen aan de werkgevers‐ richtlijn Vibratie 2002/44/EC en S.I. 2005/1093 staat op www.stihl.com/vib vermeld.

REACH staat voor een EG voorschrift voor de registratie, classificatie en vrijgave van chemica‐ liën. Informatie met betrekking tot het voldoen aan het REACH-voorschrift is onder www.stihl.com/reach weergegeven. 21 Onderdelen en toebehoren

21.1 Onderdelen en toebehoren

Deze symbolen kenmerken de origi‐ nele STIHL onderdelen en het originele STIHL toebehoren. STIHL adviseert alleen originele STIHL onderde‐ len en origineel STIHL toebehoren te gebruiken. Reserveonderdelen en toebehoren van andere fabrikanten kunnen door STIHL wat betreft betrouwbaarheid, veiligheid en geschiktheid ondanks continue marktobservatie niet worden beoordeeld en STIHL kan ook niet borg staan voor het gebruik ervan. Originele STIHL onderdelen en origineel STIHL toebehoren zijn leverbaar via de STIHL dealer.

21.2 Belangrijke vervangingsonder‐

Mes: Nederlands 21 Onderdelen en toebehoren 144 0478-131-9605-B–

Mesbout met ring: 0000 951 3505 22 Milieuverantwoord afvoe‐ ren

22.1 Grasmaaier, accu en oplaadap‐

paraat wegdoen Informatie over de verwijdering is verkrijgbaar bij de plaatselijke overheid of bij een STIHL dealer. Onjuiste verwijdering kan de gezondheid scha‐ den en het milieu belasten. ► Breng de STIHL producten inclusief verpak‐ king naar een geschikt inzamelpunt voor recycling overeenkomstig de plaatselijke voor‐ schriften. ► Gooi ze niet bij het huisvuil weg. 23 EU-conformiteitsverklaring

STIHL RMA 248.3 T, RMA 253.3 T STIHL Tirol GmbH Hans Peter Stihl-Straße 5 6336 Langkampfen Oostenrijk verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat

voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2000/14/EC, 2006/42/EC, 2014/30/EU en 2011/65/EU en overeenkomstig de op de pro‐ ductiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd: EN 62841-1, EN IEC 62841-4-3, EN 55014-1 en EN 55014-2. Bevoegde instantie: TÜV Rheinland LGA Products GmbH Tillystraße 2 90431 Nürnberg, DE Voor het bepalen van het gemeten en gegaran‐ deerde geluidsniveau is gehandeld volgens richt‐ lijn 2000/14/EC, bijlage VIII.

Gemeten geluidsniveau:

Gegarandeerd geluidsniveau:

RMA 253.3 T: 94 dB(A) De technische documentatie is bewaard bij STIHL Tirol GmbH. Het bouwjaar en het machinenummer staan op de grasmaaier vermeld. Langkampfen, 11.12.2023 STIHL Tirol GmbH

Matthias Fleischer, Hoofd productontwikkeling

Sven Zimmermann, Hoofdafdelingschef Kwaliteit 24 UKCA-conformiteitsverkla‐ ring

STIHL RMA 248.3 T, RMA 253.3 T STIHL Tirol GmbH Hans Peter Stihl-Straße 5 6336 Langkampfen Oostenrijk verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat

Gemeten geluidsniveau:

Gegarandeerd geluidsniveau:

RMA 253.3 T: 94 dB(A) De technische documentatie is bewaard bij STIHL Tirol GmbH. Het bouwjaar en het machinenummer staan op de grasmaaier vermeld. Langkampfen, 11.12.2023 STIHL Tirol GmbH

Matthias Fleischer, Hoofd productontwikkeling

Sven Zimmermann, Hoofdafdelingschef Kwaliteit 25 Adressen www.stihl.com 26 Algemene en productspeci‐ fieke veiligheidsinstructies

In dit hoofdstuk zijn de algemene en productspe‐ cifieke veiligheidsinstructies opgenomen die in de productnorm zijn voorgeschreven en vooraf geformuleerd. De onder "Elektrische veiligheid" vermelde veilig‐ heidsinstructies ter vermijding van elektrische schokken gelden niet voor STIHL accuproduc‐ ten, met uitzondering van punt c). WAARSCHUWING ■ Lees alle veiligheidsinstructies, aanwijzingen, illustraties en technische gegevens waarvan de grasmaaier voorzien is. Het niet naleven van de volgende aanwijzingen kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor later gebruik.

26.2 Veiligheid van de werkplek

Houd uw werkgebied schoon en goed ver‐ licht. Rommel of onverlichte werkplekken kunnen leiden tot ongelukken.

Gebruik de grasmaaier niet in een explo‐ sieve omgeving waar ontvlambare vloeistof‐ fen, gassen of stof aanwezig zijn. Grasmaai‐ ers produceren vonken die stof of dampen kunnen doen ontbranden.

Houd kinderen en andere personen uit de buurt tijdens het gebruik van de grasmaaier. U kunt de controle over de grasmaaier verlie‐ zen als u afgeleid wordt.

De stekker van de grasmaaier moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele wijze worden gewijzigd. Gebruik geen adapterstekkers samen met grasmaai‐ ers met randaarde. Onaangepaste stekkers en bijpassende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schokken.

Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken zoals leidingen, verwarmings‐ toestellen, fornuizen en koelkasten. Er is een verhoogd risico op elektrische schokken als uw lichaam geaard is.

Gebruik de grasmaaier niet bij regen of natte omstandigheden. Dit kan het risico van een elektrische schok vergroten.

Gebruik de aansluitkabel niet verkeerd. Gebruik de aansluitkabel nooit om de gras‐ maaier te dragen, te trekken of los te koppe‐ len. Houd de aansluitkabel uit de buurt van warmte, olie, scherpe randen of bewegende delen. Beschadigde of in de knoop geraakte aansluitkabels verhogen het risico op elektri‐ sche schokken.

Wanneer u buitenshuis met een grasmaaier werkt, gebruik dan alleen verlengkabels die Nederlands 25 Adressen 146 0478-131-9605-Book geschikt zijn voor gebruik buitenshuis. Gebruik van een verlengkabel die geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico van een elektrische schok.

Als het gebruik van de grasmaaier in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, gebruik dan een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.

26.4 Veiligheid van personen

Wees oplettend, let op wat u doet en gebruik uw gezond verstand wanneer u met een grasmaaier werkt. Gebruik de grasmaaier niet wanneer u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onvoorzichtigheid bij het gebruik van de grasmaaier kan leiden tot ernstig letsel.

Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals een stofmasker, antislip veiligheidsschoe‐ nen, een helm of gehoorbescherming, afhan‐ kelijk van het type en gebruik van de gras‐ maaier, vermindert het risico op letsel.

Voorkom onbedoelde inbedrijfstelling. Zorg ervoor dat de grasmaaier is uitgeschakeld voordat u hem aansluit op de stroomvoorzie‐ ning en/of de accu, oppakt of draagt. Als u uw vinger op de schakelaar houdt wanneer u de grasmaaier draagt of als u de grasmaaier aansluit op de stroomvoorziening wanneer deze is ingeschakeld, kan dit tot ongevallen leiden.

Verwijder afstelgereedschap of moersleutels voordat u de grasmaaier inschakelt. Een stuk gereedschap of een moersleutel dat vastzit in een draaiend deel van de grasmaaier kan letsel veroorzaken.

Vermijd een abnormale houding. Zorg ervoor dat u stevig staat en uw evenwicht bewaart. Dit geeft u een betere controle over de gras‐ maaier in onverwachte situaties.

Draag geschikte kleding. Draag geen losse kleding of juwelen. Houd haar en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kleding, juwelen of lang haar kunnen door bewegende delen worden gegrepen.

Indien stofafzuig- en opvangapparatuur kan worden aangebracht, moet deze correct wor‐ den aangesloten en gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiger kan de gevaren van stof verminderen.

Laat u niet verleiden tot een vals gevoel van veiligheid en negeer de veiligheidsvoorschrif‐ ten voor grasmaaiers niet, zelfs niet als u vertrouwd bent met de grasmaaier na hem vele malen te hebben gebruikt. Onvoorzich‐ tige handelingen kunnen binnen een fractie van een seconde tot ernstig letsel leiden.

26.5 Gebruik en behandeling van de

Overbelast de grasmaaier niet. Gebruik de grasmaaier die voor uw werkzaamheden ont‐ worpen is. Met de juiste grasmaaier werkt u beter en veiliger in het opgegeven vermo‐ gensbereik.

Gebruik geen grasmaaier waarvan de scha‐ kelaar defect is. Een grasmaaier die niet meer aan of uit kan worden gezet, is gevaar‐ lijk en moet worden gerepareerd.

Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver‐ wijder een verwijderbare accu voordat u apparatuur bijstelt, onderdelen van het bedieningsgereedschap vervangt of de gras‐ maaier wegzet. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt dat de grasmaaier onbedoeld start.

Houd ongebruikte grasmaaiers buiten het bereik van kinderen. Laat de grasmaaier niet gebruiken door iemand die er niet mee ver‐ trouwd is of die deze gebruiksaanwijzing niet heeft gelezen. Grasmaaiers zijn gevaarlijk wanneer ze door onervaren mensen worden gebruikt.

Onderhoud de grasmaaier en het bedie‐ ningsgereedschap met zorg. Controleer of de bewegende delen goed werken en niet geblokkeerd zijn, of er geen onderdelen gebroken of beschadigd zijn zodat de werk‐ ing van de grasmaaier wordt belemmerd. Laat beschadigde onderdelen repareren voordat u de grasmaaier gebruikt. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden grasmaaiers.

Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijkanten loopt minder vast en is gemakkelijker te geleiden.

Gebruik de grasmaaier, het bedieningsge‐ reedschap, de accessoires, enz. volgens deze instructies. Houd rekening met de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren activiteit. Het gebruik van grasmaaiers voor 26 Algemene en productspecifieke veiligheidsinstructies Nederlands 0478-131-9605-B 147andere toepassingen dan die waarvoor zij bestemd zijn, kan tot gevaarlijke situaties lei‐ den.

Houd handgrepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Gladde handgrepen en gripoppervlakken maken een veilige bediening van en controle over de grasmaaier in onvoorziene situaties niet mogelijk.

26.6 Gebruik en behandeling van de

Laad de accu's alleen op met door de fabri‐ kant aanbevolen opladers. Een oplader die voor een bepaald type accu is ontworpen, kan brandgevaar veroorzaken wanneer deze voor andere accu's wordt gebruikt.

Gebruik alleen de daarvoor bestemde accu's in de grasmaaiers. Gebruik van andere accu's kan leiden tot letsel en brandgevaar.

Houd de ongebruikte accu uit de buurt van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwer‐ pen die een overbrugging van de contacten kunnen veroorzaken. Een kortsluiting tussen de accucontacten kan leiden tot brandwon‐ den of brand.

Bij ondeskundig gebruik kan er vloeistof uit de accu stromen. Vermijd contact ermee. Spoel bij onbedoeld contact af met water. Indien de vloeistof in aanraking komt met de ogen, raadpleegt u een arts. Uitstromende accuvloeistof kan huidirritatie of brandwon‐ den veroorzaken.

Gebruik geen beschadigde of gewijzigde accu. Beschadigde of gewijzigde accu's kun‐ nen zich onvoorspelbaar gedragen en brand, explosie of letsel veroorzaken.

Stel een accu niet bloot aan vuur of hoge temperaturen. Vuur of temperaturen boven 130 °C (265 °F) kunnen een explosie veroor‐ zaken.

Volg alle laadinstructies op en laad de accu of de accugrasmaaier nooit op buiten het in de gebruiksaanwijzing aangegeven tempera‐ tuurbereik. Onjuist opladen of opladen buiten het toegestane temperatuurbereik kan de accu onherstelbaar beschadigen en het risico van brand vergroten.

Laat uw grasmaaier alleen repareren door gekwalificeerd personeel en alleen met origi‐ nele reserveonderdelen. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van de grasmaaier gehand‐ haafd blijft.

Onderhoud nooit beschadigde accu's. Alle onderhoud aan accu's mag alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of erkende ser‐ vicecentra.

26.8 Veiligheidsinstructies voor

Gebruik de grasmaaier niet bij slecht weer, vooral niet bij onweer. Dit vermindert het risico om door de bliksem getroffen te wor‐ den.

Inspecteer het werkgebied grondig op wilde dieren. Wilde dieren kunnen gewond raken door de draaiende grasmaaier.

Onderzoek het werkgebied grondig en ver‐ wijder alle stenen, stokken, draden, beende‐ ren en andere vreemde voorwerpen. Wegge‐ slingerde onderdelen kunnen verwondingen veroorzaken.

Voordat u de grasmaaier gebruikt, moet u altijd controleren of het maaimes en het maaiwerk niet versleten of beschadigd zijn. Versleten of beschadigde onderdelen verho‐ gen het risico op letsel.

Controleer de grasopvangbox regelmatig op slijtage of scheuren. Een versleten of beschadigde grasopvangbox verhoogt het risico op letsel.

Laat de beschermkappen op hun plaats. Beschermkappen moeten operationeel zijn en goed vastzitten. Een losse, beschadigde of niet goed functionerende beschermkap kan letsel veroorzaken.

Houd de luchtinlaatopeningen vrij van vuil. Verstopte luchtinlaten en vuil kunnen leiden tot oververhitting of brandgevaar.

Draag altijd antislip veiligheidsschoenen wanneer u de grasmaaier bedient. Werk nooit op blote voeten of op open sandalen. Dit vermindert het risico op voetletsel wan‐ neer de voet in contact komt met het draai‐ ende maaimes.

Draag altijd een lange broek wanneer u de grasmaaier bedient. Een onbedekte huid ver‐ hoogt de kans op verwondingen door uitge‐ worpen onderdelen.

Gebruik de grasmaaier niet in nat gras. Doe het werk lopend, niet rennend. Dit vermindert Nederlands 26 Algemene en productspecifieke veiligheidsinstructies 148 0478-131-9605-Bhet risico op uitglijden en vallen, wat tot ver‐ wondingen kan leiden.

Gebruik de grasmaaier niet op te steile hel‐ lingen. Dit vermindert het risico de controle te verliezen, uit te glijden en te vallen, wat tot verwondingen kan leiden.

Wanneer u op hellingen werkt, moet u ervoor zorgen dat u stevig staat; werk altijd dwars op de helling, nooit naar boven of naar bene‐ den, en wees uiterst voorzichtig wanneer u van werkrichting verandert. Dit vermindert het risico de controle te verliezen, uit te glij‐ den en te vallen, wat tot verwondingen kan leiden.

Wees bijzonder voorzichtig bij achterwaarts maaien of als u de grasmaaier naar u toe trekt. Let altijd op de omgeving. Dit vermin‐ dert het risico van struikelen tijdens het werk.

Raak geen messen of andere gevaarlijke onderdelen aan die nog in beweging zijn. Dit vermindert het risico op verwondingen door bewegende delen.

Zorg ervoor dat alle schakelaars zijn uitge‐ schakeld en dat de accu is losgekoppeld voordat u bekneld materiaal verwijdert of de grasmaaier schoonmaakt. Onverwachte werking van de grasmaaier kan ernstig letsel veroorzaken. 26 Algemene en productspecifieke veiligheidsinstructies Nederlands 0478-131-9605-B 149Nederlands 26 Algemene en productspecifieke veiligheidsinstructies 150 0478-131-9605-B26 Algemene en productspecifieke veiligheidsinstructies Nederlands 0478-131-9605-B 151www.stihl.com *04781319605B* *04781319605B* 0478-131-9605-B 0478-131-9605-B

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : STIHL

Model : RMA 248

Categorie : Grasmaaier