BR 500 - Blazer STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BR 500 STIHL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over BR 500 STIHL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Blazer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BR 500 - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BR 500 van het merk STIHL.
GEBRUIKSAANWIJZING BR 500 STIHL
Met betrekking tot deze handleiding 60
Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek 60
Apparaat completeren 65
Gebruik in de winter 71
Ter informatie voor het starten 71
Motor starten/afzetten 72
Gebruiksvoorschriften 75
Luchtfilter vervangen 75
Controle en onderhoud door de geautoriseerde dealer 78
Onderhouds- en reinigingsvoorschriften 79
Slijtage minimaliseren en schade voorkomen 81
Belangrijke componenten 82
Reparatierichtlijnen 84
Milieuverantwoord afvoeren 84
EU-conformiteitsverklaring 85
STIHL
BR 500, BR 550, BR 600
Geachte cliënt(e),
Het doet ons veel genoegen dat u hebt gekozen voor een kwaliteitsproduct van de firma STIHL.
Dit product werd met moderne productiemethoden en onder uitgebreide kwaliteitscontroles gefabriceerd. Er is ons alles aan gelegen dat u tevreden bent met dit apparaat en er probleemloos mee kunt werken.
Wendt u zich met vragen over uw apparaat tot uw dealer of de importeur.
Met vriendelijke groet,
N.8. Still
Dr. Nikolas Stihl
Op deze handleiding rust auteursrecht. Alle rechten blijven voorbehouden, vooral het recht op verspreiding, vertaling en verwerking met elektronische systemen.
Nederlands
Met betrekking tot deze handleiding
Symbolen
Symbolen die op het apparaat zijn aangebracht worden in deze handleiding toegelicht.
Afhankelijk van het apparaat en de uitrusting kunnen de volgende symbolen op het apparaat zijn aangebracht.

Benzinetank; brandstofmengsel van benzine en motorolie

Geleiding aanzuiglucht: winterstand

Geleiding aanzuiglucht: zomerstand

Hand-benzinepomp bedienen
Codering van tekstblokken

WAARSCHUWING
Waarschuwing voor kans op ongevallen en letsel voor personen alsmede voor zwaarwegende materiële schade.

LET OP
Waarschuwing voor beschadiging van het apparaat of afzonderlijke componenten.
Technische doorontwikkeling
STIHL werkt continu aan de verdere ontwikkeling van alle machines en apparaten; wijzigingen in de leveringsomvang qua vorm, techniek en uitrusting behouden wij ons daarom ook voor.
Aan gegevens en afbeeldingen in deze handleiding kunnen dan ook geen aanspraken worden ontleend.
Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek

Er zijn speciale veiligheidsmaatregelen nodig bij het werken met een motorapparaat.

De gehele gebruiksaanwijzing voor de eerste ingebruikneming aan-dachtig doorlezen en voor later gebruik goed opbergen. Het veronacht-zamen van de gebruiksaanwijzing kan tot levensgevaarlijke situ- aties leiden.
De nationale veiligheidsvoorschriften, bijv. van beroepsgroepen, sociale instanties, arbeidsinspectie en andere in acht nemen.
Wie voor het eerst met het apparaat werkt: door de verkoper of door een andere deskundige laten uitleggen hoe men hiermee veilig kan werken – of deelnemen aan een cursus.
Minderjarigen mogen niet met het apparaat werken – behalve jongeren boven de 16 aan die onder toezicht leren met het apparaat te werken.
Kinderen, huisdieren en toeschouwers op afstand houden.
Als het apparaat niet wordt gebruikt, het apparaat zo neerzetten dat niemand in gevaar kan worden gebracht. Het apparaat zo opbergen dat onbevoegden er geen toegang toe hebben.
De gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen die andere personen of hun eigendommen overkomen, resp. voor de gevaren waaraan deze worden blootgesteld.
Het apparaat alleen meegeven of uitlenen aan personen die met dit model en het gebruik ervan vertrouwd zijn – altijd de gebruiksaanwijzing meegeven.
Het gebruik van geluid producerende apparaten kan door nationale alsook plaatselijke, lokale voorschriften tijdelijk worden beperkt.
Het apparaat alleen dan in gebruik nemen als alle componenten in goede staat verkeren.
Voor het reinigen van het apparaat geen hogedrukreiniger gebruiken. Door de harde waterstraal kunnen onderdelen van het apparaat worden beschadigd.
Toebehoren en onderdelen
Alleen die onderdelen of toebehoren monteren die door STIHL voor dit apparaat zijn vrijgegeven of technisch gelijkwaardige onderdelen. Bij vragen hierover contact opnemen met een geautoriseerde dealer. Alleen hoogwaardige onderdelen of toebehoren monteren. Als dit wordt nagelaten, is er kans op ongelukken of schade aan de apparaat.
STIHL adviseert originele STIHL onderdelen en toebehoren te monteren. Deze zijn qua eigenschappen optimaal op het product en de eisen van de gebruiker afgestemd.
Geen wijzigingen aan het apparaat aanbrengen – uw veiligheid kan hierdoor in gevaar worden gebracht. Voor
persoonlijke en materiële schade die door het gebruik van niet-vrijgegeven aanbouwapparaten wordt veroorzaakt, is STIHL niet aansprakelijk.
Lichamelijke gesteldheid
Wie met het apparaat werkt moet goed uitgerust en gezond zijn en een goede lichamelijke conditie hebben.
Wie zich om gezondheidsredenen niet mag inspannen, moet zijn arts raadplegen of het werken met een motorapparaat mogelijk is.
Alleen voor dragers van een pacemaker: het ontstekingsmechanisme van dit apparaat genereert een zeer gering elektromagnetisch veld. Beïnvloeding van enkele typen pacemakers kan niet geheel worden uitgesloten. Ter voorkoming van gezondheidsrisico's adviseert STIHL de behandelend arts en de fabrikant van de pacemaker te raadplegen.
Na gebruik van alcohol, medicijnen die het reactievermogen beïnvloeden of drugs mag niet met het apparaat worden gewerkt.
Gebruik conform de voorschriften
Met de bladblazer kunnen bladeren, gras, papier en dergelijke, bijv. in parken, sportstadions, op parkeerplaatsen of inritten, bij elkaar worden "geveegd". De bladblazer is ook geschikt voor het schoonblazen van jachtpaden in het bos.
Geen voor de gezondheid schadelijke materialen wegblazen.
Het gebruik van het apparaat voor andere doeleinden is niet toegestaan en kan leiden tot ongelukken of defecten aan het apparaat. Geen wijzigingen aan het product aanbrengen – ook dit kan leiden tot ongelukken of defecten aan het apparaat.
Kleding en uitrusting
De voorgeschreven kleding en uitrusting dragen

De kleding moet doelmatig zijn en mag tijdens het werk niet hinderen. Nauwsluitende kleding, combipak, geen stofjas.

Geen kleding dragen met losse koorden, snoertjes, en banden, geen sjaal, geen stropdas en geen sieraden dragen die in de luchtaanzuigopeningen aan de zijkant en aan de onderzijde van de machine terecht kunnen komen. Lang haar in een paardenstaart binden en dusdanig vastmaken, dat het zich boven de schouders bevindt.
Stevige schoenen met stroeve, slipvrije zolen dragen.
Nederlands

WAARSCHUWING

Om de kans op oogletsel te reduceren een nauw aansluitende veiligheidsbril volgens de norm EN 166 dragen. Erop letten dat de veiligheidsbril goed zit.
"Persoonlijke" gehoorbescherming dragen – zoals bijv. oorkappen.
STIHL biedt een omvangrijk programma aan persoonlijke beschermuitrusting.
Apparaat vervoeren
Altijd de motor afzetten.
Bij vervoer in voertuigen:
- Het apparaat zo beveiligen dat het niet kan omvallen, worden beschadigd en er ook geen benzine uit kan lopen
Tanken

Benzine is bijzonder licht ontvlambaar – uit de buurt blijven van open vuur – geen brandstof morsen – niet roken.
Voor het tanken de motor afzetten.
Niet tanken zolang de motor nog heet is – de benzine kan overstromen – brandgevaar!
Het apparaat voor het tanken van de rug nemen. Alleen tanken als het op de grond staat.
De tankdop voorzichtig losdraaien, zodat de heersende overdruk zich langzaam kan afbouwen en er geen benzine uit de tank kan spuiten.
Uitsluitend op een goed geventileerde plek tanken. Als er benzine werd gemorst, het motorapparaat direct schoonmaken – de kleding niet in aanraking laten komen met de benzine – anders direct andere kleding aantrekken.

Op lekkages letten! Als er benzine weglekt de motor niet starten – levensgevaar door verbranding!
Tank-schroefdop

Na het tanken de schroef-tankdop zo vast mogelijk aandraaien.
Hierdoor wordt het risico verkleind dat de tankdop door de motortrillingen losloopt en er benzine wegstroomt.
Voor het starten
Controleren of het apparaat in goede staat verkeert – het desbetreffende hoofdstuk in de gebruiksaanwijzing in acht nemen:
- Het brandstofsysteem op lekkage controleren, vooral de zichtbare onderdelen zoals bijv. de tankdop, slangaansluitingen, hand-benzinepomp (alleen bij motorapparaten met hand-benzinepomp). Bij lekkages of
beschadiging de motor niet starten – brandgevaar! Het apparaat voor de ingebruikneming door een geautoriseerde dealer laten repareren
- De gashendel moet soepel bewegen en vanzelf in de stationaire stand terugveren
- De stelknop moet gemakkelijk in stand STOP, resp. 0 kunnen worden geplaatst
- De blaasinrichting moet volgens voorschrift zijn gemonteerd
- De handgrepen moeten schoon en droog, vrij van olie en vuil zijn – belangrijk voor een veilige bediening van het motorapparaat
- Bougiesteker op vastzitten controleren – bij een loszittende steker kunnen vonken ontstaan, hierdoor kan het vrijkomende benzine-luchtmengsel ontbranden – brandgevaar!
- Geen wijzigingen aan de bedieningselementen en de veiligheidsinrichtingen aanbrengen
- Staat van het blaasventilatorhuis controleren
- De staat van de draagriemen en het draagstel controleren – beschadigde of versleten draagriemen vervangen
Slijtage aan het blaasventilatorhuis (scheurtjes, breuken) kan tot letsel leiden door naar buiten toe weggeslingerde voorwerpen. Bij beschadigingen aan het blaasventilatorhuis contact opnemen met een geautoriseerde dealer – STIHL adviseert de STIHL dealer
Het apparaat mag alleen in technisch goede staat worden gebruikt – kans op ongelukken!
In geval van nood: het snel losmaken van de sluiting van de heupgordel, het losmaken van de schouderriem en het op de grond plaatsen van het apparaat oefenen.
Motor starten
Minstens op 3 meter van de plek waar werd getankt en niet in een afgesloten ruimte.
Het apparaat wordt door slechts één persoon bediend – geen andere personen toelaten in de directe werkomgeving – ook niet tijdens het starten.
De motor niet 'los uit de hand' starten – starten zoals in de gebruiksaanwijzing staat beschreven.
Alleen op een vlakke ondergrond, op een stabiele en veilige houding letten, het apparaat goed vasthouden.
Na het aanslaan van de motor kunnen door de in kracht toenemende luchtstroom voorwerpen (bijv. stenen) omhoog worden geslingerd.
Tijdens de werkzaamheden
Bij dreigend gevaar, resp. in geval van nood direct de motor afzetten – stelhendel in stand STOP, resp. 0 plaatsen.

Binnen een straal van 15 m mogen zich geen andere personen ophouden – kans op letsel door weggeslingerde voorwerpen!
Deze afstand ook ten opzichte van andere objecten (auto's, ruiten) aanhouden – kans op materiële schade!

Nooit in de richting van personen of dieren blazen – het apparaat kan kleine voorwerpen met hoge snelheid omhoog slingeren – kans op letsel!
Tijdens het blazen (in open terrein en in de tuin) op huisdieren letten, om deze niet in gevaar te brengen.
Het apparaat nooit onbeheerd laten draaien.
Wees voorzichtig bij ijzel, regen, sneeuw, ijs,
Wees voorzichtig bij werkzaamheden op hellingen en in oneffen terrein – kans op uitglijden!
Op obstakels letten: afval, boomstronken, wortels, greppels – kans op struikelen!
Niet op een ladder, niet op onstabiele plaatsen werken.
Bij gebruik van gehoorbeschermers moet extra omzichtig en bedachtzaam worden gewerkt – omdat geluiden die op gevaar wijzen (schreeuwen, alarmsignalen e.d.) minder goed hoorbaar zijn.
Rustig en met overleg werken – alleen bij voldoende licht en goed zicht. Voorzichtig werken, anderen niet in gevaar brengen.
Op tijd rustpauzes nemen om vermoeidheid en uitputting te voorkomen – kans op ongelukken!

Het motorapparaat produceert giftige uitlaatgassen, zodra de motor draait. Deze gassen kunnen geurloos en onzichtbaar zijn en onverbrande koolwaterstoffen en benzol bevatten. Nooit in afgesloten of slecht geventileerde ruimtes met het apparaat werken – ook niet bij machines met katalysator.
Bij het werken in greppels, slenken of op plaatsen met weinig ruimte, steeds voor voldoende luchtventilatie zorgen – levensgevaar door vergiftiging!
Bij misselijkheid, hoofdpijn, gezichtsstoornissen (bijv. kleiner wordend blikveld), gehoorverlies, duizeligheid, afnemende concentratie, de werkzaamheden direct onderbreken – deze symptomen kunnen onder andere worden veroorzaakt door een te hoge uitlaatgasconcentratie – kans op ongelukken!
Niet roken tijdens het gebruik en in de directe nabijheid van het apparaat – brandgevaar! Uit het brandstofsysteem kunnen ontvlambare benzinedampen ontsnappen.
Bij stofontwikkeling altijd een stofmasker dragen.
Nederlands
Geluidsoverlast en uitlaatgasemissie zo veel mogelijk beperken – de motor niet onnodig laten draaien, alleen gas geven tijdens het werk.
Het apparaat na de werkzaamheden op een vlakke, niet-brandbare ondergrond neerzetten. Niet in de buurt van licht ontvlambare materialen (bijv. houtspanen, boomschors, droog gras, brandstof) neerzetten – brandgevaar!
Als het apparaat niet volgens voorschrift (bijv. door geweld van buitenaf, door stoten of vallen) werd uitgeschakeld, voor het opnieuw in gebruik nemen beslist controleren of het apparaat in een bedrijfszekere staat verkeert – zie ook "Voor het starten". Vooral op lekkage van het brandstofsysteem en de goede werking van de veiligheidsinrichtingen letten. Een niet-bedrijfszeker apparaat in geen geval verder gebruiken. In geval van twijfel contact opnemen met een geautoriseerde dealer.
Bladblazer gebruiken

Het apparaat wordt op de rug gedragen. De rechterhand bedient de blaaspijp via de bedieningshandgreep.
Alleen stapsgewijs voorwaarts werken – de luchtuitstroomopening van de blaaspijp altijd in het oog houden – niet achteruit lopen – kans op struikelen!
Motor uitzetten alvorens het apparaat van de rug te nemen.
Werktechniek
Voor het minimaliseren van de blaastijd de hark en bezem gebruiken om het vuil voor het schoonblazen los te maken.
Geadviseerde werktechniek voor een minimale luchtvervuiling:
- Indien nodig het schoon te blazen oppervlak met water besproeien om sterke stofvorming te voorkomen.
- Het vuil niet in de richting van personen, vooral kinderen, huisdieren, in de richting van openstaande ramen of net gewassen auto's blazen. Vuil voorzichtig wegblazen
- Bij elkaar geveegd vuil in een vuilniscontainer afvoeren, niet op het perceel van de buurman blazen
Geadviseerde werktechniek voor een minimale geluidsproductie:
- Motorapparaten alleen gedurende de werkuren gebruiken – niet 's ochtends vroeg, laat in de avond/nacht of tijdens de middagpauze, als mensen er hinder van kunnen ondervinden. De lokaal voorgeschreven rusttijden aanhouden
- De bladblazer laten draaien met een zo laag mogelijk motortoerental waarbij de blaascapaciteit voldoende is voor de werkzaamheden
- De uitrusting voor de ingebruikneming controleren, vooral de uitlaatdemper, de luchtaanzuigopeningen en het luchtfilter
Trillingen
Langdurig gebruik van het motorapparaat kan leiden tot door trillingen veroorzaakte doorbloedingsstoornissen aan de handen ("witte vingers").
Een algemeen geldende gebruiksduur kan niet worden vastgesteld, omdat deze van meerdere factoren afhankelijk is.
De gebruiksduur wordt verlengd door:
- Warme handen
- Rustpauzes
De gebruiksduur wordt verkort door:
- Bijzondere persoonlijke aanleg voor slechte doorbloeding (kenmerk: vaak koude vingers, kriebelen)
– Lage buitentemperaturen - De mate van kracht uitgeoefend door de handen (stevig beetpakken beïnvloedt de doorbloeding nadelig)
Bij regelmatig, langdurig gebruik van het motorapparaat en bij het herhaald optreden van de betreffende symptomen (bijv. vingers kriebelen) wordt een medisch onderzoek geadviseerd.
Onderhoud en reparaties
Het motorapparaat regelmatig onderhouden. Alleen die onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uitvoeren die in de handleiding staan beschreven. Alle andere werkzaamheden laten uitvoeren door een geautoriseerde dealer.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatig geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Alleen hoogwaardige onderdelen monteren. Als dit wordt nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan de handrugnevelspuit. Bij vragen contact opnemen met een geautoriseerde dealer.
STIHL adviseert originele STIHL onderdelen te monteren. Deze zijn qua eigenschappen optimaal op het apparaat en de eisen van de gebruiker afgestemd.
Voor reparatie-, onderhouds- en schoonmaakwerkzaamheden altijd de motor afzetten – kans op letseil! – Uitzondering: afstelling carburateur en stationair toerental.
De motor mag bij een losgetrokken bougiesteker of bij een losgedraaide bougie niet met behulp van het startmechanisme worden getornd – brandgevaar door ontstekingsvonken buiten de cilinder!
Het motorapparaat niet in de nabijheid van open vuur onderhouden en opslaan.
De tankdop regelmatig op lekkage controleren.
Alleen in goede staat verkerende, door STIHL vrijgegeven bougies – zie "Technische gegevens" – monteren.
Bougiekabel controleren (goede isolatie, vaste aansluiting).
Controleer of de uitlaatdemper in een goede staat verkeert.
Niet met een defecte of zonder uitlaatdemper werken – brandgevaar! – Gehoorschade!
De hete uitlaatdemper niet aanraken – gevaar voor brandwonden!
De staat van de antivibratie-elementen beïnvloedt het trillingsgedrag – de antivibratie-elementen regelmatig controleren.
Motor afzetten voor het opheffen van storingen.
Apparaat completeren
Bedieningshandgreep monteren

text_image
2 1 452BA101 KN- De beide helften van de zadelklem uit elkaar trekken
- Bedieningshandgreep (1) op de blaaspijp (2) schuiven

text_image
1 2 3 452BA102 KN- Bedieningshandgreep (1) ten opzichte van de naad op de blaaspijp uitlijnen – zoals afgebeeld
- Bedieningshandgreep (1) met bout (3) zo bevestigen dat deze nog net op de blaaspijp (2) kan worden verschoven
Nederlands
Blaaspijp monteren
BR 500

text_image
1 2 3 452BA005 KN- Afhankelijk van de lichaamslengte: blaaspijp (1) tot de betreffende marking op de blaaspijp (2) schuiven
- Blaaspijp (1) in de richting van de pijl verdraaien en in de betreffende groef (3) vastklikken
BR 550, BR 600

text_image
1 2 3 452BA066 KN- Afhankelijk van de lichaamslengte: blaaspijp (1) tot de betreffende marking op de blaaspijp (2) schuiven
- Blaaspijp (1) in de richting van de pijl verdraaien en in de betreffende groef (3) vastklikken
De slangklemmen en de harmonicaslang monteren

text_image
1 2 3 452BA108 KN- Slangklem (1) (met de borggroef voor de gaskabel) met de plaatsmarkeringen naar links gericht op het kniestuk (3) schuiven
● Harmonicaslang (2) over het kniestuk (3) schuiven

text_image
1 2 3 4 452BA109 KN- Slangklem (1) op de harmonicaslang (2) schuiven
- De plaatsmarkeringen op de slangklem (1) en het kniestuk (3) met elkaar in lijn brengen – het oog voor de bout is naar beneden gericht
- Slangklem (1) met de bout (4) bevestigen

text_image
2 5 6 452BA103 KN- Slangklem (5) (zonder borggroef voor de gaskabel) met de plaatsmarkeringen naar rechts gericht op de blaaspijp (6) schuiven
- Blaaspijp (6) in de harmonicaslang (2) schuiven

text_image
2 5 6 7 452BA104 KN- Slangklem (5) op de harmonicaslang (2) schuiven
- Slangklem (5) en de blaaspijp (6) uitlijnen – zoals afgebeeld
- Slangklem (5) met de bout (7) bevestigen
Blaasmond monteren

text_image
462BA111 KN 1 2 3- Blaasmond (1) zover over de blaaspijp (2) schuiven dat de pen (3) vastklikt
Blaasmond verwijderen

text_image
2 3 1 462BA112 KN- Blaasmond (1) in de richting van de pijl draaien tot de pen (3) niet meer zichtbaar is
- Blaasmond (1) van de blaaspijp (2) trekken
Bedieningshandgreep afstellen

text_image
1 2 3 452BA110 KN- Bedieningshandgreep (1) in de lengterichting op de blaaspijp (2) verschuiven en instellen op de armlengte
- De bedieningshandgreep (1) met de bout (3) bevestigen

text_image
5 4 6 4 452BA064 KN● Gaskabel (4) met de huls (5) in de borggroef (6) vastklikken
Slijtage-indicatoren op de blaasmond

text_image
452BA100 KNTijdens de werkzaamheden zal het voorste deel van de blaasmond door schurend contact met de grond slijten. De blaasmond is een onderdeel dat blootstaat aan slijtage, en moet worden vervangen bij het bereiken van de slijtagemarkering.
Transporthulp monteren
Voor opslaan en vervoer:

- Klittenband op de blaaspijp bevestigen – de naad door het oog trekken
Nederlands

- De blaaspijp aan de handgreepopening van de rugplaat bevestigen
Gaskabel afstellen Draagstel omdoen
Na de montage van het apparaat of na een langere gebruiksduur kan het nodig zijn de gaskabelafstelling te corrigeren.
De gaskabel alleen afstellen bij een compleet gemonteerd apparaat.

text_image
452BA052 KN- De gashendel in de volgasstand plaatsen – tot aan de aanslag
- De bout in de gashendel voorzichtig tot aan de eerst voelbare weerstand indraaien

text_image
B A B A 452BA013 KN- Het draagstel zo afstellen dat de rugplaat stevig en goed tegen de rug aan ligt
A Hoogte afstellen
B Hoek instellen
Draagstel spannen

text_image
373BA003 KN- Riemuiteinden naar beneden trekken
Draagstel losmaken

text_image
373BA004 KN● Schuifklem opwippen
Brandstof
De motor draait op een brandstofmengsel van benzine en motorolie.
! WAARSCHUWING
Direct huidcontact met benzine en het inademen van benzinedampen voorkomen.
STIHL MotoMix
STIHL adviseert het gebruik van STIHL MotoMix. Dit kant-en-klare brandstofmengsel bevat geen benzol, is loodvrij, kenmerkt zich door een hoog octaangetal en biedt altijd de juiste mengverhouding.
STIHL MotoMix is voor de langst mogelijke levensduur van de motor gemengd met STIHL tweetaktmotorolie HP Ultra.
MotoMix is niet in alle exportlanden leverbaar.
Brandstof mengen
LET OP
Brandstoffen die niet geschikt zijn of met een afwijkende mengverhouding kunnen leiden tot ernstige schade aan de motor. Benzine of motorolie van een mindere kwaliteit kunnen de motor, keerringen, leidingen en benzinetank beschadigen.
Nederlands
Benzine
Alleen benzine van een gerenommeerd merk met een octaangetal van minimaal 90 RON tanken – loodvrij of loodhoudend.
Benzine met een alcoholpercentage van meer dan 10% kan bij motoren met handmatig instelbare carburateurs storingen veroorzaken, daarom mag deze benzine voor deze motoren niet worden gebruikt.
Motoren met M-Tronic leveren met benzine met een alcoholpercentage tot 25% (E25) het volle motorvermogen.
Motorolie
Als brandstof zelf wordt gemengd mag alleen een STIHL tweetaktmotorolie of een andere hoogwaardige motorolie van de klasse JASO FB, JASO FC, JASO FD, ISO-L-EGB, ISO-L-EGC of ISO-L-EGD worden gebruikt.
STIHL schrijft de tweetaktmotorolie STIHL HP Ultra of een gelijkwaardige hoogwaardige motorolie voor om de emissiegrenswaarden gedurende de machinelevensduur te kunnen waarborgen.
Mengverhouding
Bij STIHL tweetaktmotorolie 1:50; 1:50 = 1 deel olie + 50 delen benzine
Voorbeelden
Hoeveelheid STIHL tweetaktolie 1:50 benzine
Liter Liter (ml)
1 0,02 (20)
5 0,10 (100)
10 0,20 (200)
Nederlands
Hoeveelheid STIHL tweetaktolie 1:50 benzine
Liter Liter (ml)
15 0,30 (300)
20 0,40 (400)
25 0,50 (500)
- In een voor benzine vrijgegeven jerrycan eerst motorolie bijvullen en vervolgens benzine en goed mengen
Brandstofmengsel opslaan
Benzine alleen bewaren in voor benzine vrijgegeven jerrycans op een veilige, droge en koele plaats, beschermd tegen licht en zonnestralen.
Het brandstofmengsel veroudert – alleen de hoeveelheid die nodig is voor enkele weken mengen. Het brandstofmengsel niet langer dan 30 dagen bewaren. Door de inwerking van licht, zon, lage of hoge temperaturen kan het brandstofmengsel sneller onbruikbaar worden.
STIHL MotoMix kan echter tot zo'n 2 jaar probleemloos worden bewaard.
- De jerrycan met brandstofmengsel voor het tanken goed schudden

WAARSCHUWING
In de jerrycan kan zich druk opbouwen – de dop voorzichtig losdraaien.
- De benzinetank en de jerrycan regelmatig grondig reinigen
De restbrandstof en de voor de reiniging gebruikte vloeistof volgens voorschrift en milieubewust opslaan en afvoeren!
Tanken

Apparaat voorbereiden

- De tankdop en de omgeving ervan voor het tanken reinigen zodat er geen vuil in de tank valt
Schroef-tankdop opendraaien

- Tankdop linksom draaien tot deze van de tankopening kan worden genomen
- Tankdop wegnemen
Tanken
Bij het tanken geen benzine morsen en de tank niet tot aan de rand vullen. STIHL adviseert het STIHL vulsysteem (speciaal toebehoren).
Schroef-tankdop dichtdraaien

- Tankdop aanbrengen
- Tankdop tot aan de aanslag rechtsom draaien en met de hand zo vast mogelijk aandraaien
Gebruik in de winter

Bij temperaturen beneden +10 °C:

text_image
1 2 452BA084 KN- Filterdeksel (1) en luchtfilter (2) verwijderen

text_image
462BA085 KN 3● Bout (3) losdraaien

text_image
4 3 4528A086 KN● Deksel (4) in stand ✗ (winterstand) plaatsen
- Bout (3) vastdraaien
- Filterdeksel en luchtfilter weer monteren
Bij temperaturen boven +20 °C:
- Deksel (4) beslist weer in stand (zomerstand) plaatsen –

Als dit niet gebeurt is er kans op motorstoringen door oververhitting!
Ter informatie voor het starten

Voor het starten bij stilstaande motor de volgende delen controleren en indien nodig reinigen:
- Bodemplaat (BR 600)
- Beschermrooster tussen rugplaat en motorunit
Standen van de stelknop
De apparaten kunnen zijn uitgerust met verschillende bedieningshandgrepen.

text_image
1 stop 2 04168A010 KN
text_image
1 2 452BA020 KN1 Stelknop
2 Gashendel
Nederlands
Stand "T"
Motor draait of kan worden gestart. Traploze bediening van de gashendel (2) mogelijk.
Stand "0"
Ontsteking wordt onderbroken, de motor slaat af. De stelknop (1) grijpt in deze stand niet aan, maar veert terug in de stand "T". De ontsteking is automatisch weer ingeschakeld.
Standgas

text_image
1 2 0418A013 KNGashendel (2) kan traploos worden gearrêteerd.

text_image
1 2 0000-GXX-1402-A0Stand "🔒"
Gashendel kan in drie standen worden vergrendeld: 1/3 gas, 2/3 gas en "volgas"-stand.
Voor het opheffen van de begrenzing:
- Stelknop (1) weer in stand "T" plaatsen
Motor starten/afzetten
Motor starten
- Veiligheidsvoorschriften in acht nemen

Het apparaat alleen op een schone en stofvrije ondergrond starten, zodat er geen stof door het apparaat wordt aangezogen.

● De stelknop moet in stand I staan

- De balg van de hand-benzinepomp ten minste 5-maal indrukken – ook als de balg met benzine is gevuld
Koude motor (koude start)

text_image
I N LA 452BA023 KN- De chokeknop in stand |draaien
Warme motor (warme start)

- De chokeknop in stand |draaien Deze instelling geldt ook als de motor reeds heeft gedraaid, maar nog koud is.
Starten

- Het apparaat zo op de grond plaatsen dat het stabiel staat – erop letten dat de blaasmond van de blaaspijp niet op personen is gericht
- Een stabiele houding aannemen: het apparaat met de linkerhand op het huis vasthouden en met een voet ervoor zorgen dat het apparaat niet wegschuift
-
Met de rechterhand de starthandgreep langzaam tot aan de eerst voelbare aanslag uittrekken – en vervolgens snel en krachtig verder trekken – het startkoord niet tot aan het uiteinde uittrekken – kans op breuk!
-
De starchandgreep niet terug laten schieten – maar laten vieren zodat het startkoord correct kan worden opgerold
- Starten tot de eerste ontsteking - uiterlijk na drie keer starten de chokeknop in stand ] (draaien
Na de eerste ontsteking

- Chokeknop in stand |draaien – verder starten tot de motor draait
Bij warme motor: - Doorstarten tot de motor draait
Zodra de motor draait
Om over te schakelen naar stationair toerental:

- Gashendel indrukken – de chokeknop springt automatisch in stand "I"
of
● De chokeknop met de hand in stand "I" plaatsen
Bij zeer lage temperaturen
- lets gas geven – de motor even warm laten draaien
Nederlands
Motor afzetten

- De stelknop richting "0" drukken – de motor slaat af – de stelknop veert terug in de uitgangsstand
Als de motor niet aanslaat
Chokeknop
Na de eerste ontsteking werd de chokehendel niet op tijd in stand geplaatst, de motor is verzopen.

text_image
1 2 0000-GXX-1401-A0- Stelknop (1) naar boven schuiven. De gashendel (2) staat in de "Volgas"-stand

text_image
1 2 0000-GXX-1402-A0- Stelknop (1) in stand "💡" plaatsen
● Gashendel (2) in de "Volgas"-stand vergrendelen - Verder starten tot de motor draait
Verdere aanwijzingen met betrekking tot het starten
De motor slaat niet aan
-
Controleren of alle bedieningselementen correct zijn afgesteld
● Controleren of de tank met benzine is gevuld, zo nodig tanken
● Controleren of de bougiesteker stevig op de bougie is gedrukt -
Startprocedure herhalen
- Afstelling van de gaskabel controleren – zie "Gaskabelafstelling"
De motor slaat in de koudestartstand ↓ of bij het accelereren af
- Chokeknop in stand ▼ draaien – verder starten tot de motor draait
De motor start niet in de warmestartstand
- Chokeknop in stand ↓ draaien – verder starten tot de motor draait
Alle benzine werd verbruikt
- Na het tanken de balg van de hand-benzinepomp ten minste 5-maal indrukken – ook als de balg met benzine is gevuld
- De chokeknop afhankelijk van de motortemperatuur instellen
- Motor opnieuw starten
Gebruiksvoorschriften Luchtfilter vervangen
Tijdens de werkzaamheden
De motor nog even stationair laten draaien als hij voordien lange tijd onder vollast heeft gedraaid, tot de meeste warmte door de koelluchtstroom is afgevoerd. Dit om te voorkomen dat de componenten op de motor (ontstekingssysteem, carburateur) door warmteophoping te zwaar worden belast.
Na de werkzaamheden
Als het werk even wordt onderbroken: de motor laten afkoelen. Het apparaat met lege benzinetank op een droge plaats, niet in de buurt van ontstekingsbronnen, opbergen tot het moment dat het apparaat weer wordt gebruikt. Bij langdurige stilstand – zie "Apparaat opslaan".
Vervuilde luchtfilters reduceren het motorvermogen, verhogen het benzineverbruik en bemoeilijken het starten.
Als het motorvermogen merkbaar afneemt

text_image
1 2 1 452BA029 KN● De chokeknop in stand |→| draaien
- Bouten (1) losdraaien
● Het filterdeksel (2) wegnemen

text_image
3 452BA030 KN- Filter (3) wegnemen
● Vervuilde of beschadigde filters vervangen - Een nieuw filter in het filterhuis aanbrengen
- Filterdeksel aanbrengen
- De bouten aanbrengen en vastdraaien
Nederlands
Bij enkele uitvoeringen is de afstelling van de carburateur niet meer nodig. Deze apparaten zijn herkenbaar aan het ontbreken van de afstelgegevens op de afdekkap.

text_image
H L LA I 452BA105 KNDeze apparaten zijn af fabriek zo afgesteld dat de motor onder alle omstandigheden en in elke omgeving wordt voorzien van een optimaal benzine-luchtmengsel.
Stationair toerental instellen
Motor slaat bij stationair toerental af:
- Aanslagschroef stationair toerental (LA) langzaam rechtsom draaien tot de motor gelijkmatig draait
Apparaten met afstelbare carburateur
De carburateur is af fabriek op de standaardafstelling afgesteld.
De carburateur is zo afgesteld dat de motor onder alle bedrijfsomstandigheden wordt voorzien van een optimaal benzine-luchtmengsel.
Bij deze carburateur kunnen slechts geringe correcties via de hoofdstelschroef en de stelschroef stationair toerental worden uitgevoerd.
Standaardafstelling
- Motor afzetten
- Luchtfilter controleren – indien nodig reinigen of vervangen
- Afstelling gaskabel controleren – indien nodig afstellen – zie "Gaskabel afstellen"
- Vonkenrooster (afhankelijk van de exportuitvoering) in de uitlaatdemper controleren – indien nodig reinigen of vervangen

- Beide stelschroeven voorzichtig tot aan de aanslag linksom draaien:
● Hoofdstelschroef (H) is 3/4 slag open
● Stelschroef stationair toerental (L) is 3/4 slag open
Stationair toerental instellen
- Standaardafstelling uitvoeren
- Motor starten en warm laten draaien
Motor slaat bij stationair toerental af
- Aanslagschroef stationair toerental (LA) langzaam rechtsom draaien tot de motor gelijkmatig draait
Onregelmatig stationair toerental, motor slaat af ondanks de gecorrigeerde LA-afstelling, motor neemt slecht op
- Stelschroef stationair toerental (L) linksom draaien tot de motor regelmatig draait en goed opneemt – max. tot aan de aanslag
Onregelmatig stationair toerental
Stationaire instelling is te rijk.
- Stelschroef stationair toerental (L) rechtsom draaien tot de motor gelijkmatig draait en nog goed opneemt – max. tot aan de aanslag
Na elke correctie van de stand van de stelschroef stationair toerental (L) moet meestal ook de stand van de aanslagschroef stationair toerental (LA) worden gewijzigd.
Correctie van de carburateurafstelling bij gebruik op grotere hoogtes
Als de motor niet optimaal draait, kan een geringe correctie noodzakelijk zijn:
- Standaardafstelling uitvoeren
● Motor warm laten draaien - Hoofdstelschroef (H) iets rechtsom (armer) draaien – max. tot aan de aanslag

LET OP
Nadat is teruggekeerd vanuit grote hoogte, de carburateurafstelling weer terugzetten op de standaardafstelling.
Bij een te arme afstelling bestaat de kans op motorschade door een gebrek aan smering en oververhitting!
Bougie
- Bij onvoldoende motorvermogen, slecht starten of onregelmatig stationair toerental eerst de bougie controleren.
- Na ca. 100 bedrijfsuren de bougie vervangen – bij sterk ingebrande elektroden reeds eerder – alleen door STIHL vrijgegeven, ontstoorde bougies gebruiken – zie "Technische gegevens"
Bougie uitbouwen

text_image
1 2 452BA092 KN● Bougiesteker (1) lostrekken
● De bougie (2) losdraaien
Bougie controleren

text_image
000BA039 KN A● Vervuilde bougie reinigen
- Elektrodeafstand (A) controlleren en zo nodig afstellen, waarde voor elektrodeafstand – zie "Technische gegevens"
- Oorzaken van de vervuiling van de bougie opheffen
Mogelijke oorzaken zijn:
- Te veel motorolie in de benzine
- Vervuild luchtfilter
- Ongunstige bedrijfsomstandigheden

text_image
000BA045 KN 1! WAARSCHUWING
Bij een niet vastgedraaide of ontbrekende aansluitmoer (1) kunnen vonken worden gevormd. Als in een licht brandbare of explosieve omgeving wordt gewerkt, kunnen brand of
Nederlands
explosies ontstaan. Personen kunnen ernstig letsel oplopen of er kan materiële schade ontstaan.
- Ontstoorde bougies met een vaste aansluitmoer monteren
Bougie monteren

- Bougie (3) in de boring schroeven en de bougiesteker (2) op de bougie (3) drukken
Apparaat opslaan Controle en onderhoud door de geautoriseerde dealer
Bij buitengebruikstelling vanaf ca. 3 maanden
- De benzinetank op een goed geventileerde plaats aftappen en reinigen
- De brandstof volgens de voorschriften en milieuwetgeving opslaan
- De motor laten draaien tot hij uit zichzelf afslaat – als dit wordt nagelaten kunnen de carburateurmembranen vastplakken
- Het apparaat goed schoonmaken, vooral de cilinderribben en het luchtfilter
- Het apparaat op een droge en veilige plaats opslaan. Beschermen tegen onbevoegd gebruik (bijv. door kinderen)
Benzineaanzuigmond in de tank
- De benzineaanzuigmond in de tank jaarlijks laten vervangen
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren.
Onderhouds- en reinigingsvoorschriften
| De gegevens zijn gebaseerd op normale bedrijfsomstandigheden. Onder zware omstandigheden (veel stofoverlast enz.) en bij langere werktijden per dag dienen de gegeven intervallen navenant te worden verkort. | Voor begin van de werkzaamheden | Na beëindigen van de werk-zaamheden, resp. dagelijks | Na elke tankvulling | Wekelijks | Maandelijks | Jaarlijks | Bij storingen | Bij beschadiging | Indien nodig | |
| Complete machine | Visuele controle (staat, lekkage) X | X | ||||||||
| reinigen X | ||||||||||
| Bedieningshandgreep Werking controleren X X | ||||||||||
| Luchtfilter vervangen X | ||||||||||
| Hand-benzinepomp | controleren X | |||||||||
| laten repareren door geautoriseerde dealer1) | X | |||||||||
| Filter in de benzinetank | laten controleren door geautoriseerde dealer1) | X | ||||||||
| filter vervangen door geautoriseerde dealer1) | X | X | ||||||||
| Benzinetank reinigen X | ||||||||||
| Carburateur | Stationair toerental controleren X | X | ||||||||
| stationair toerental instellen X | ||||||||||
| Bougie | elektrodeafstand afstellen X | |||||||||
| elke 100 bedrijfsuren vervangen | ||||||||||
| Aanzuigopening voor koellucht | Visuele controle X | |||||||||
| reinigen | X | |||||||||
| Klepspeling | controleren, zo nodig afstellen na 139 bedrijfsuren door geautoriseerde dealer1) | X | ||||||||
| Bereikbare bouten, schroeven en moeren (behalve stelschroeven) | natrekken | X | ||||||||
| Antivibratie-elementen | controleren X | |||||||||
| laten vervangen door geautoriseerde dealer1) | X | X | ||||||||
Nederlands
| De gegevens zijn gebaseerd op normale bedrijfsomstandigheden. Onder zware omstandigheden (veel stofoverlast enz.) en bij langere werktijden per dag dienen de gegeven intervallen navenant te worden verkort. | Voor begin van de werkzaamheden | Na beëindigen van de werk-zaamheden, resp. dagelijks | Na elke tankvulling | Wekelijks | Maandelijks | Jaarlijks | Bij storingen | Bij beschadiging | Indien nodig | |
| Beschermrooster van de blaasluchtaanzuiging | controleren X X | |||||||||
| reinigen X | ||||||||||
| Bodemplaat2) | controleren X X | |||||||||
| reinigen X | ||||||||||
| Gaskabel plaatsen X | ||||||||||
| Veiligheidssticker vervangen X | ||||||||||
Slijtage minimaliseren en schade voorkomen
Het aanhouden van de voorschriften in deze handleiding voorkomt overmatige slijtage en schade aan het apparaat.
Gebruik, onderhoud en opslag van het apparaat moeten net zo zorgvuldig plaatsvinden als staat beschreven in de handleiding.
De gebruiker is zelf verantwoordelijk voor alle schade die door het niet in acht nemen van de veiligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen wordt veroorzaakt. Dit geldt in het bijzonder voor:
- Niet door STIHL vrijgegeven wijzigingen aan het product
- Het gebruik van gereedschappen of toebehoren die niet voor het apparaat zijn vrijgegeven, niet geschikt of kwalitatief minderwaardig zijn
- Het niet volgens voorschrift gebruikmaken van het apparaat
- Gebruik van het apparaat bij sportmanifestaties of wedstrijden
- Vervolgschade door het blijven gebruiken van het apparaat met defecte onderdelen
Onderhoudswerkzaamheden
Alle in het hoofdstuk "Onderhouds- en reinigingsvoorschriften" vermelde werkzaamheden moeten regelmatig worden uitgevoerd. Voorzover deze onderhoudswerkzaamheden niet door de gebruiker zelf kunnen worden
uitgevoerd, moeten deze worden overgelaten aan een geautoriseerde dealer.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatig geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Als deze werkzaamheden niet of onvakkundig worden uitgevoerd kan er schade ontstaan waarvoor de gebruiker zelf verantwoordelijk is. Hiertoe behoren o.a.:
- Schade aan de motor ten gevolge van niet tijdig of niet correct uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden (bijv. lucht- en benzinefilter), verkeerde carburateurafstelling of onvoldoende reiniging van de koelluchtgeleiding (inlaatsleuven, cilinderribben)
- Corrosie- en andere vervolgschade ten gevolge van onjuiste opslag
- Schade aan het apparaat ten gevolge van gebruik van kwalitatief minderwaardige onderdelen
Aan slijtage onderhevige delen
Sommige onderdelen van het motorapparaat staan ook bij gebruik volgens de voorschriften aan normale slijtage bloot en moeten, afhankelijk van de toepassing en de gebruiksduur, tijdig worden vervangen. Hiertoe behoren o.a.:
- Filter (voor lucht, benzine)
- Startmechanisme
- bougie
- dempingselementen van het antivibratiesysteem
Belangrijke componenten

text_image
STIHL® 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 1520
21 22 16 17 18 19 20 0000-GXX-1449 A01 Blaasmond, recht 1)
2 Blaasmond, gebogen 1)
3 Blaaspijp BR 550/600
4 Blaaspijp BR 500
5 Blaaspijp BR 500/550/600
6 Bedieningshandgreep
7 Gashendel
8 Stelhendel
9 Harmonicaslang
10 Draagriem
11 Rugplaat
12 Beschermrooster
13 Luchtfilter
14 Tankdop
15 Bodemplaat 2)
16 Bougiesteker
17 Carburateurstelschroeven
18 Chokeknop
19 Hand-benzinepomp
20 Starthandgreep
21 Benzinetank
22 Uitlaatdemper
Machinenummer
1) Alleen afhankelijk van de exportuitvoering gemonteerd
2) BR 600
Technische gegevens
Motor
STIHL 4-MIX-motor
Cilinderinhoud: 64,8 cm ^3
Boring: 50 mm
Slag: 33 mm
Stationair toerental: 2500 1/min
Ontstekingssysteem
Elektrodeafstand: 0,5 mm
Brandstofsysteem
Onafhankelijk van de stand werkende membraancarburateur met geïntegreerde benzinepomp
Inhoud benzinetank: 1400 cm ^3 (1,4 l)
Blaascapaciteit
Blaaskracht:
BR 500: 22 N
BR 550: 27 N
BR 600: 32 N
Luchtsnelheid:
BR 500: 77 m/s
BR 550: 94 m/s
BR 600: 89 m/s
Luchtdebiet:
BR 500: 925 m ^3 /h
BR 550: 930 m ^3 /h
BR 600: 1150 m ^3/h
Maximale luchtsnelheid:
BR 500: 93 m/s
BR 550: 113 m/s
BR 600: 106 m/s
Maximaal luchtdebiet (zonder blaasmechanisme):
BR 500: 1380 m ^3/h
BR 550: 1490 m ^3/h
BR 600: 1720 m ^3/h
Gewicht
zonder benzine:
BR 500: 10,1 kg
BR 550: 9,9 kg
BR 600: 9,8 kg
BR 600 met bodemplaat: 10,2 kg
Geluids- en trillingswaarden
Voor het bepalen van de geluids- en trillingswaarden is rekening gehouden met het stationair toerental en het nominale maximumtoerental in de verhouding 1:6.
Gedetailleerde gegevens met betrekking tot de arbo-wetgeving voor wat betreft trillingen 2002/44/EG, zie www.stihl.com/vib/.
Geluiddrukniveau L _peq volgens DIN EN 22868:2011
BR 500: 90 dB(A)
BR 550: 98 dB(A)
BR 600: 100 dB(A)
Geluidvermogensniveau L _weq volgens DIN EN 22868:2011
BR 500: 100 dB(A)
BR 550: 107 dB(A)
BR 600: 107 dB(A)
Trillingswaarde a_hv,eq volgens ISO 22867
Standaarduitvoering
Hand- greep rechts
BR 500: 1,4 m/s 2
BR 550: 1,6 m/s ^2
BR 600: 1,8 m/s 2
Voor het geluiddrukniveau en het geluidvermogensniveau bedraagt de K--waarde volgens RL 2006/42/EG = 2,0 dB(A); voor de trillingswaarde bedraagt de K--waarde volgens RL 2006/42/EG = 2,0 m/s ^2 .
Nederlands
REACH
REACH staat voor een EG voorschrift voor de registratie, classificatie en vrijgave van chemicaliën.
Informatie met betrekking tot het voldoen aan het REACH voorschrift (EG) nr. 1907/2006 zie www.stihl.com/reach
Uitlaatgasemissiewaarde
De in de EU-
typegoedkeuringsprocedure gemeten CO₂-waarde staat weergegeven bij de voor het product specifieke technische gegevens bij www.stihl.com/co2.
De gemeten CO _2 -waarde werd op een representatieve motor volgens een genormeerde testprocedure onder laboratoriumomstandigheden bepaald en vormt geen uitdrukkelijke of impliciete garantie van het vermogen van een bepaalde motor.
Door het in deze handleiding beschreven gebruik conform de voorschriften en onderhoud, wordt aan de geldende uitlaatgasemissie-eisen voldaan. Bij modificaties aan de motor vervalt de typegoedkeuring.
Reparatierichtlijnen Milieuverantwoord afvoeren
Door de gebruiker van dit apparaat mogen alleen die onderhouds- en reinigingswerkzaamheden worden uitgevoerd die in deze handleiding staan beschreven. Verdergaande reparaties mogen alleen door geautoriseerde dealers worden uitgevoerd.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatig geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Bij reparatiewerkzaamheden alleen onderdelen inbouwen die door STIHL voor dit apparaat zijn vrijgegeven of technisch gelijkwaardige onderdelen. Alleen hoogwaardige onderdelen monteren. Als dit wordt nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan de apparaat.
STIHL adviseert originele STIHL onderdelen te monteren.
Originele STIHL onderdelen zijn te herkennen aan het STIHL
onderdeelnummer, aan het logo
STIHL ^® en, indien aanwezig, aan het STIHL onderdeellogo G_® (op kleine onderdelen kan dit logo ook als enig teken voorkomen.).
Bij het milieuvriendelijk verwerken moeten de nationale voorschriften met betrekking tot afvalstoffen in acht worden genomen.

text_image
000BA073 KNSTIHL producten behoren niet bij het huisvuil. STIHL producten, accu's, toebehoren en verpakking moeten worden ingeleverd voor een milieuvriendelijke recycling.
Actuele informatie betreffende het milieuvriendelijk verwerken van accu's is verkrijgbaar bij de STIHL dealer.
EU-conformiteitsverklaring
verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat
Constructie: Bladblazer
Merk: STIHL
Type: BR 500
BR 550
BR 600
Serie-identificatie: 4282
3
Cilinderinhoud: 64,8 cm
voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2011/65/EU, 2006/42/EG, 2014/30/EU en 2000/14/EG en in overeenstemming met de ten tijde van de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd:
EN ISO 12100, EN 15503, EN 55012, EN 61000-6-1
Voor het bepalen van het gemeten en het gegarandeerde geluidsvermogenniveau werd volgens richtlijn 2000/14/EG, bijlage V, onder toepassing van de norm ISO 11094 gehandeld.
Gemeten geluidsvermogenniveau
BR 500: 100 dB(A)
BR 550: 108 dB(A)
BR 600: 108 dB(A)
Gegarandeerd geluidsvermogenniveau
BR 500: 102 dB(A)
BR 550: 110 dB(A)
BR 600: 110 dB(A)
Bewaren van technische documentatie:
Het productiejaar en het machinenummer staan vermeld op het apparaat.
Waiblingen, 3-2-2020
Hoofd productgegevens, -voorschriften en goedkeuring
