BTX6019DCF - Fornuis BAUKNECHT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis BTX6019DCF BAUKNECHT in PDF-formaat.

📄 126 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice BAUKNECHT BTX6019DCF - page 37
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BAUKNECHT

Model : BTX6019DCF

Categorie : Fornuis

Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BTX6019DCF - BAUKNECHT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BTX6019DCF van het merk BAUKNECHT.

GEBRUIKSAANWIJZING BTX6019DCF BAUKNECHT

Lees voordat u het apparaat gaat gebruiken deze veiligheidsinstructies. Houd ze binnen handbereik voor toekomstige raadpleging. Deze instructies en het apparaat zelf zijn voorzien van belangrijke veiligheidsaanwijzingen, die te allen tijde moeten worden opgevolgd. De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor schade die het gevolg is van het niet opvolgen van deze veiligheidsinstructies, oneigenlijk gebruik van het apparaat of een foute instelling van de regelknoppen. WAARSCHUWING: Als het oppervlak van de kookplaat gebarsten is, gebruik het apparaat niet - risico voor elektrocutie. WAARSCHUWING: Brandgevaar: leg geen voorwerpen op de kookoppervlakken. VOORZICHTIG: Het bereidingsproces moet onder toezicht plaatsvinden. Een kort bereidingsproces moet onder voortdurend toezicht plaatsvinden. WAARSCHUWING: Onbewaakt bereiden op een kookfornuis met vet of olie kan gevaarlijk zijn - brandgevaar. Tracht NOOIT een brand te blussen met water: schakel daarentegen het apparaat uit en bedek vervolgens de vlam, bijv. met een deksel of een blusdeken. Gebruik de kookplaat niet als werkblad of als steun. Houd kleding of andere brandbare materialen uit de buurt van het apparaat tot alle onderdelen van het apparaat helemaal zijn afgekoeld - brandgevaar. Metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van het kookfornuis worden geplaatst, aangezien deze heet kunnen worden. Kleine kinderen (0-3jaar) moeten uit de buurt van het apparaat gehouden worden. Jonge kinderen (3-8 jaar) moeten uit de buurt van het apparaat gehouden worden, tenzij ze constant onder toezicht staan. Kinderen vanaf 8 jaar en personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, mogen dit apparaat gebruiken indien ze onder toezicht staan of instructies hebben ontvangen over veilig gebruik en de mogelijke gevaren ervan begrijpen. Kinderen mogen niet spelen met het apparaat. De reiniging en het onderhoud mogen niet door kinderen worden uitgevoerd zonder toezicht. Schakel het kookplaatelement na gebruik uit met de knop en vertrouw niet alleen op de pannendetector. WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen kunnen heet worden tijdens het gebruik. Wees voorzichtig dat u de verwarmingselementen niet aanraakt. Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt van het apparaat worden gehouden, tenzij er voortdurend toezicht is. Het voedsel mag voor of na de bereiding niet langer dan één uur in of op het product blijven liggen. TOEGESTAAN GEBRUIK VOORZICHTIG: Het apparaat is niet geschikt voor inwerkingstelling met een externe schakelinrichting zoals een timer of een afzonderlijk systeem met afstandsbediening. Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in huishoudelijke en gelijkaardige toepassingen zoals: personeelskeukens in winkels, kantoren en overige werkomgevingen; landbouwbedrijven; klanten in hotels, motels en andere residentiële omgevingen. Elk ander gebruik is verboden (bijv. als kamerverwarming). Dit apparaat is niet voor professioneel gebruik bestemd. Gebruik het apparaat niet buiten. WAARSCHUWING: De inductiekookplaat kan een akoestisch signaal geven als er iets op het bedieningspaneel is blijven liggen. Schakel de kookplaat uit met de toets AAN/UIT. INSTALLATIE Het apparaat moet verplaatst en geïnstalleerd worden door twee of meer personen - risico voor verwondingen. Gebruik beschermende handschoenen om uit te pakken en te installeren - risico voor snijwonden. Laat de installatie, m.i.v. de aansluiting op het waternet (indien van toepassing) en de elektrische aansluitingen en reparaties door een gekwaliceerd technicus verrichten. Repareer of vervang geen enkel onderdeel van het apparaat, behalve als dit expliciet aangegeven wordt in de gebruikershandleiding. Houd kinderen buiten bereik van de installatieplek. Controleer na het uitpakken van het apparaat of het tijdens het transport geen beschadigingen heeft opgelopen. Neem in geval van twijfel contact op met uw leverancier of de dichtstbijzijnde Klantenservice. Bewaar het verpakkingsmateriaal (plastic, piepschuim, enz.) na de installatie buiten bereik van kinderen - verstikkingsgevaar. Het apparaat moet worden losgekoppeld van het elektriciteitsnet voordat u installatiewerkzaamheden uitvoert - risico voor elektrocutie. Tijdens de installatie dient u ervoor te zorgen dat het apparaat de voedingskabel niet beschadigd - risico voor brand of elektrocutie. Het apparaat alleen activeren als de installatie is voltooid. Voer eerst alle zaagwerkzaamheden uit en verwijder alle spaanders en zaagresten voordat u het apparaat plaatst. ELEKTRISCHE WAARSCHUWINGEN Het moet mogelijk zijn het apparaat van het elektriciteitsnet af te koppelen door de stekker uit het stopcontact te halen of via een meerpolige netschakelaar die bovenstrooms van het stopcontact is geplaatst conform de bedradingsvoorschriften en het apparaat dient geaard te zijn conform de nationale veiligheidsnormen voor elektriciteit.Gebruik geen verlengsnoeren, meervoudige stopcontacten of adapters. Als de installatie voltooid is, mogen de elektrische onderdelen niet meer toegankelijk zijn voor de gebruiker. Gebruik het apparaat niet wanneer u natte voeten hebt of blootsvoets bent. Gebruik het apparaat niet als de stroomkabel of de stekker beschadigd is, als het apparaat niet goed werkt of als het beschadigd of gevallen is. Installatie met behulp van een netsnoerstekker is niet toegestaan, tenzij het product reeds is uitgerust met de door de fabrikant geleverde stekker. Als het netsnoer beschadigd is, moet het vervangen worden door de fabrikant, een servicevertegenwoordiger of gekwaliceerd personeel om risico’s te voorkomen - risico voor elektrocutie.

REINIGEN EN ONDERHOUD

WAARSCHUWING: Het apparaat moet worden losgekoppeld van het elektriciteitsnet voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert; gebruik geen stoomreinigers - risico van elektrocutie. Gebruik geen schurende of bijtende producten, reinigingsmiddelen op chloorbasis of schuursponsjes.

VERWERKING VAN DE VERPAKKING

De verpakking kan volledig gerecycled worden, zoals door het recyclingssymbool wordt aangegeven. De diverse onderdelen van de verpakking mogen daarom niet bij het gewone huisvuil worden weggegooid, maar moeten worden afgevoerd volgens de plaatselijke voorschriften voor afvalverwerking.

AFDANKEN VAN HUISHOUDELIJKE APPARATUUR

Dit apparaat is vervaardigd van recyclebaar of herbruikbaar materiaal. Dank het apparaat af in overeenstemming met plaatselijke milieuvoorschriften voor afvalverwerking. Voor meer informatie over behandeling, terugwinning en recycling van huishoudelijke apparaten kunt u contact opnemen met uw plaatselijke instantie, de vuilnisophaaldienst of de winkel waar u dit apparaat hebt gekocht. Dit apparaat is gemarkeerd in overeenstemming met de Europese Richtlijn 2012/19/EU, Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur (AEEA) en met de Regeling Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur 2013 (zoals gewijzigd). Door ervoor te zorgen dat dit product correct wordt afgedankt, helpt u schadelijke gevolgen voor het milieu en de gezondheid te voorkomen. Het symbool op het product of op de begeleidende documentatie geeft aan dat dit apparaat niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden, maar dat het ingeleverd moet worden bij een speciaal inzamelingscentrum voor de recycling van elektrische en elektronische apparatuur.

TIPS OM ENERGIE TE BESPAREN

Maak zoveel mogelijk gebruik van de restwarmte van de hete plaat door de plaat uit te zetten enkele minuten voordat u stopt met koken. De basis van uw pot of pan dient de kookplaat volledig te bedekken; een recipiënt die kleiner is dan de kookplaat veroorzaakt energieverspilling. Dek potten en pannen af met goed aansluitende deksels terwijl u kookt en gebruik zo weinig mogelijk water. Koken zonder deksel verhoogt uw energieverbruik. Gebruik alleen kookpotten en pannen met een vlakke bodem. CONFORMITEITSVERKLARING Dit apparaat voldoet aan de Ecodesign-vereisten van Europese verordening 66/2014 en de Ecodesign Verordeningen 2019 voor energiegerelateerde producten en energie-informatie (Wijziging) (EU Exit), in overeenstemming met de Europese norm EN 60350-2. De informatie over de spaarstand van het apparaat in overeenstemming met Verordening (EU) 2023/826 is te vinden via de volgende link: https://docs. emeaappliance-docs.eu. OPMERKING Personen met een pacemaker of een gelijkaardig medisch hulpmiddel dienen voorzichtig te zijn wanneer ze in de buurt van de inductiekookplaat staan als deze ingeschakeld is. Het elektromagnetisch veld kan de pacemaker en gelijkaardige toestellen beïnvloeden. Raadpleeg uw arts of de fabrikant van de pacemaker of van gelijkaardige medische hulpmiddelen voor meer informatie over de eecten van elektromagnetische velden van inductiekookplaten.ELEKTRISCHE AANSLUITING De elektrische aansluiting moet tot stand gebracht worden voordat u het apparaat aansluit op het elektriciteitsnet. De installatie moet worden uitgevoerd door een erkend elektricien die op de hoogte is van de actuele veiligheids- en installatievoorschriften. De installatie moet in het bijzonder uitgevoerd worden in overeenstemming met de voorschriften van het plaatselijke elektriciteitsbedrijf. Zorg dat de spanning die op het typeplaatje aan de onderkant van het apparaat staat, overeenkomt met de spanning in uw woning. De aarding van het apparaat is wettelijk verplicht gebruik uitsluitend stroomgeleiders (inclusief de aardleiding) van de juiste afmetingen. 220-240 V

SPRODUCTBESCHRIJVING

1. Kookplaat2. Bedieningspaneel

BEDIENINGSPANEEL 1. Toets Flexi Zone (links) 2. Toets voor uitschakeling kookzone3. Scrolltoetsenbord4. Pijlen om Temperatuur/Timer in te stellen5. Knop snel verwarmen (Booster)6. Indicator voor voorverwarmen/afkoelen7. Display kookzone8. Indicatielampje - actieve functie9. Timerknop10. AAN/UIT-toets11. Ondersteund koken (Boil&Cook)-knop12. Veegfunctie-knop13. Knop toetsenvergrendeling - 3 sec14. Temperatuurindicator (graden Celsius)15. Minuten-indicator 16. Symbool van de kookwekker17. Heat Control-knop 18. Toets Flexi Zone (rechts)DANK U WEL VOOR UW AANKOOP VAN EEN BAUKNECHT PRODUCTVoor verdere assistentie kunt u het apparaat registeren op www.register10.eu.

SCAN DE QR-CODE OP UW

Lees de instructies aandachtig voordat u het apparaat gebruikt.

OPMERKING: Druk op de toets AAN/UIT (10); Alle beschikbare functies worden enkele ogenblikken zichtbaar, waarna alleen de belangrijkste actief blijven. De andere kunnen worden gebruikt en worden geactiveerd tijdens het volgende gebruik van het apparaat. BELANGRIJK: Alle beschikbare functies worden verlicht met een zwakke lichtintensiteit, die alleen intenser wordt wanneer ze worden geactiveerd.

Gebruikershandleiding NLEERSTE GEBRUIK

POWER MANAGEMENT VERMOGENSREGELING

Op het moment van de aankoop is het kookfornuis ingesteld op het maximale vermogen. Pas de instelling aan op basis van de limieten van uw elektriciteitsnet, zoals uitgelegd in de volgende paragraaf. OPMERKINGEN: Afhankelijk van het geselecteerde kookplaatvermogen kunnen sommige vermogenniveaus en functies van de kookzone (bijv. koken of snel verwarmen) automatisch worden beperkt om te voorkomen dat de geselecteerde limiet overschreden wordt. De onderstaande tabel toont het vermogen dat door elke zone voor elke functie wordt gebruikt, om u te helpen begrijpen wat de mogelijke gebruiksbeperkingen zijn op basis van de gekozen vermogensinstelling. ZONE 1 of 2 3 of 4 1 + 2 3 + 4 VERMOGEN 18 KW 2.2 2.2 2.2 2.2 BOOSTER KW 3.7 3.7 3.7 3.7

Voorbeelden met betrekking tot de waarden in de bovenstaande tabel: Als u de "Vermogensbeheerinstelling" instelt op 4 kW en meerdere kookzones tegelijk activeert, zal de kookplaat automatisch de vermogensniveaus aanpassen om de totale vermogenslimiet (bijv. 4 kW) niet te overschrijden. Als u bijvoorbeeld, met de “Vermogensbeheerinstelling” ingesteld op 4 kW, zone 4 instelt op “Booster” (=3,7 kW) en vervolgens zone 1 probeert te activeren op niveau 18 (2,2 kW), zou het totale geleverde vermogen de limiet van 4 kW overschrijden (3,7 + 2,2 = 5,9 kW). Daarom past de kookplaat het vermogen automatisch als volgt aan: de kookzone 4, die eerder op "Booster" was ingesteld, zal op niveau 18 (=2,2 kW) worden ingesteld, terwijl de kookzone 1 op niveau 15 (=1,6 kW, het maximale vermogensniveau dat de beperking van 4 kW niet mag overschrijden). Instelmenu: Basisinstellingen wijzigen Zodra u het apparaat heeft aangesloten op de netvoeding, kunt u de standaardinstellingen wijzigen door binnen 60 seconden naar het instellingenmenu te gaan:

1. Nadat u de kookplaat op de netstroom hebt aangesloten, wacht u totdat alle

ledlampjes achtereenvolgens aan en uit gaan.

2. Houd de aan/uit-knop (

om de kookplaat in te schakelen.

3. Druk minstens 6 seconden op de toetsvergrendeling (

) om het instellingenmenu te openen. Negeer het activeringsgeluid van de toetsvergrendeling dat u hoort na 3 seconden drukken.

4. Het instellingstype (bijv. "PL") wordt linksboven op het display van de kookzone

weergegeven en de standaard (of huidige) waarde (bijv. "2_5") wordt linksonder op het display van de kookzone weergegeven.

5. U kunt het instellingstype selecteren met de pijlen omhoog ( ) en omlaag (

) van de kookzone linksboven. U kunt de waarde wijzigen met de pijlen omhoog

) en omlaag ( ) van de kookzone linksonder. Zie de onderstaande tabel voor de instellingstypes, standaardwaarden en mogelijke waarden.

6. Druk op de toets Aan/Uit om te bvestigen.

7. Zonder bevestiging zal de kookplaat het menu Instellingen verlaten en binnen

30 seconden terugkeren naar de vorige waarden. ORDER TYPE INSTELLING LINKSBOVEN LINKSONDER STANDAARD MOGELIJKE WAARDEN

Vermogensbe- grenzing PL 7_4 2_5 kW ; 4_0 kW ; 6_0 kW ; 7_4 kW 2 Akoestische toon Aud Aan Aan/Uit 3 Demomodus DE Uit Aan/Uit OPMERKINGEN: Als de demomodusfunctie eenmaal is geactiveerd, blijft deze AAN, zelfs als de hoofdvoeding wordt onderbroken. ACCESSOIRES Gebruik alleen potten en pannen van ferromagnetisch materiaal dat geschikt is voor inductiekookplaten. Controleer op de aanwezigheid van het symbool (dat meestal op de onderkant gedrukt is) om te bepalen of de pan geschikt is. Er kan ook een magneet worden gebruikt om te controleren of de bodem van het kookgerei magnetisch is.

KOOKGEREI MATERIAAL EIGENSCHAPPEN

Aanbevolen kookgerei De basis is gemaakt van roestvrij staal met sandwichontwerp, geëmailleerd staal of gietijzer. Zorgt voor optimale efficiëntie, warmt snel op en verdeelt de warmte gelijkmatig. Geschikt kookgerei De bodem is niet volledig ferromagnetisch (de magneet kleeft slechts op een deel van de bodem van het kookgerei). Alleen het ferromagnetische gedeelte warmt op. Hierdoor kan het zijn dat de pan minder snel opwarmt en dat de warmte minder gelijkmatig wordt verdeeld. Geschikt kookgerei De ferromagnetische basis bevat gebieden met aluminium of heeft een verzonken gebied in het midden. Het ferromagnetische oppervlak is kleiner dan het eigenlijke oppervlak van de bodem van het kookgerei. Hierdoor wordt mogelijk minder vermogen geleverd en wordt kookgerei mogelijk niet voldoende verhit. Kookgerei wordt mogelijk niet gedetecteerd. Niet geschikt Normaal dun staal, glas, klei, koper, aluminium en andere niet- ferromagnetische materialen en kookgerei met rubberen voetjes Kookgerei wordt niet gedetecteerd en warmt niet op. OPMERKING: Alle kookgerei moet een vlakke bodem hebben. Controleer de basis regelmatig op tekenen van kromtrekken omdat sommige pannen kunnen vervormen door grote hitte. Het gebruik van kookgerei dat niet overeenkomt met de aanbevolen maten en eigenschappen kan de kookprestaties aanzienlijk beïnvloeden en onbevredigende resultaten veroorzaken. ADAPTERS VOOR POTTEN/PANNEN DIE ONGESCHIKT ZIJN VOOR INDUCTIE Het gebruik van adapterplaten beïnvloedt de efficiëntie en verlengt daardoor de tijd die nodig is om water of voedsel te verwarmen. Zorg ervoor dat de ferromagnetische diameter van de panbodem uitgelijnd is met zowel de diameter van de adapterplaat als de diameter van de kookzone. Als deze metingen niet overeenkomen, kan dit de efficiëntie en prestaties aanzienlijk verlagen. Als u deze richtlijnen niet volgt, kan er warmte worden opgebouwd die niet effectief wordt doorgegeven aan de pan of pot, waardoor de plaat en de kookplaat mogelijk zwart worden.

LEGE POTTEN EN PANNEN

De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem dat de functie "Automatisch uitschakelen" activeert wanneer een te hoge temperatuur wordt gedetecteerd. Het gebruik van lege potten en pannen met een dunne bodem wordt niet aanbevolen, maar als ze worden gebruikt, kan de temperatuur sneller stijgen dan de tijd die nodig is om de "Automatisch uitschakelen" onmiddellijk te activeren, met het risico dat de pan of het oppervlak van de kookplaat wordt beschadigd. Raak de pan of het kookoppervlak niet aan als dit gebeurt. Wacht tot alle onderdelen zijn afgekoeld. Als er een foutmelding wordt weergegeven, belt u het Servicecentrum. GESCHIKT FORMAAT PAN/BODEM VOOR DE VERSCHILLENDE KOOKZONES Gebruik pannen met een geschikte bodemdiameter voor elke zone (zie de onderstaande tabel) om te zorgen dat de kookplaat goed werkt. Let op: fabrikanten van kookgerei geven vaak de diameter van de bovenkant van het kookgerei aan, in plaats van de diameter van de onderkant. Om ervoor te zorgen dat de kookplaat zoals verwacht werkt, moet u altijd een kookzone gebruiken met een grootte die overeenkomt met de ferromagnetische grootte van de pan. Plaats de pan correct op de kookzone die u gebruikt. Het wordt aanbevolen om geen potten te gebruiken die groter zijn dan de grootte van de kookzone.

Zone Kookgerei met geschikte vormGeschikt ferromagnetisch bodem (cm)1 of 2 Rond of vierkant 16 - 213 of 4 Rond of vierkant 16 - 211+2 of 3+4 (Flexi Zone)Ovaal of rechthoekigKorte zijde 16 - 21Lange zijde 24 - 38DAGELIJKS GEBRUIK

DE KOOKPLAAT IN/UITSCHAKELEN

Houd de aan/uit-knop om de kookplaat in te schakelen. De LED boven de knop gaat aan en u hoort een akoestisch signaal. Na een paar seconden kunt u communiceren met de kookplaat. Druk nogmaals op dezelfde knop om de kookplaat uit te schakelen; Alle kookzones worden uitgeschakeld. PLAATSING Bedek de symbolen van het bedieningspaneel niet met pannen. Opmerking: In de kookzones in de buurt van het bedieningspaneel is het raadzaam om potten en pannen binnen de markeringen te houden. Dit geldt zowel voor de bodem als voor de bovenrand van de potten en pannen, die vaak breder is. Zo wordt voorkomen dat het toetsenblok oververhit. Voor grillen of frituren gebruikt u zo mogelijk de achterste kookzones.

De kookzones inschakelen: Wanneer de kookplaat wordt INGESCHAKELD, wordt het scroltoetsenbord (SLIDER) van alle beschikbare kookzones ingeschakeld met een lage lichtsterkte. Plaats uw vinger op het scroltoetsenbord (SLIDER) van de zone die u wilt activeren en schuif het zachtjes naar rechts als u het vermogensniveau wilt verhogen of naar links om het te verlagen. U zult merken dat de segmenten van het bedieningstoetsenbord naar hoge helderheid verschuiven op basis van het geselecteerde vermogensniveau en dat de displaycijfers het nummer tonen dat overeenkomt met het geselecteerde vermogensniveau (van 1 tot 18). De knop "P" kan worden gebruikt om de snelle verwarmingsfunctie (Booster) te selecteren om water snel aan de kook te brengen. De kookzones uitschakelen: Selecteer de toets "UIT" aan het begin van het toetsenbord. OPMERKING: Gemorst water, overlopend voedsel en/of een voorwerp op de knoppen van het bedieningspaneel kunnen uw vinger nabootsen en per ongeluk een van de knoppen van de kookplaat activeren of deactiveren. Als dergelijke elementen niet binnen 8 seconden worden verwijderd, maakt de kookplaat twee korte akoestische geluiden en schakelt zichzelf uit terwijl het bericht "OFF" (uit) wordt weergegeven. TOETSENBLOKKERING De vergrendelfunctie van het bedieningspaneel is ontworpen om de instellingen van de kookplaat te vergrendelen, om te voorkomen dat de instellingen per ongeluk worden gewijzigd of dat de functies per ongeluk worden geactiveerd of gedeactiveerd. Het kan nodig zijn om deze functie bijvoorbeeld te gebruiken. In geval van mogelijk morsen van vloeistoen of voedsel, of om veiligheidsredenen (kinderen kunnen per ongeluk met de kookplaat spelen) om te voorkomen dat de kookplaat per ongeluk wordt ingeschakeld. Om de vergrendelingsfunctie van het paneel te gebruiken, de knop gedurende 3 seconden indrukken. De knop wissel naar hoge helderheid en een geluidssignaal en een lampje boven het symbool geven aan dat de functie is ingeschakeld. Om de blokkering van de bedieningen te deactiveren, herhaalt u de activeringsprocedure. OPMERKING: Het bedieningspaneel wordt helemaal geblokkeerd, behalve de uitschakelfunctie. Als u de kookplaat uitschakelt terwijl de vergrendeling van het bedieningspaneel actief is, druk dan op de AAN/UIT-knop en vervolgens 3 sec op de vergrendelknop om de kookplaat te ontgrendelen. VEEGFUNCTIE De veegfunctie vergrendelt tijdelijk de knoppen van de gebruikersinterface om te voorkomen dat de instellingen per ongeluk worden gewijzigd tijdens het reinigingsproces. De functie onderbreekt het kookproces niet. De veegfunctie helpt om geluiden te voorkomen als er water op de gebruikersinterface terechtkomt tijdens het kookproces of tijdens het gewone reinigen. Om veiligheidsredenen kan de AAN/UIT-knop worden geactiveerd, zelfs onvrijwillig, tijdens het reinigen. De veegfunctie inschakelen:

1. Druk op de Veegfunctieknop

. U hoort een akoestisch geluid wanneer de functie actief is.

2. De LED boven de knop gaat aan en blijft aan terwijl de knop zelf knippert

voor de volledige duur van de functieactiviteit.

3. Het bedieningspaneel blijft 30 seconden vergrendeld.

KOOKWEKKER De timer controleert alle actieve kookzones. De kookwekker inschakelen:

1. Selecteer de kookzone en stel het vereiste vermogensniveau in.

2. De timerknop gaat ongeveer 5 seconden nadat het kookgerei is herkend

aan. Druk op totdat een indicatielampje gaat branden in lijn met het specieke symbool op de gekozen kookzone.

3. Gebruik de pijlen omhoog (

) en omlaag ( ) om de tijd in te stellen (niet langer dan 8 seconden ingedrukt houden, anders geeft de kookplaat OFF aan. Raadpleeg het gedeelte "Probleemoplossing" voor meer informatie). De tijd verandert van 000 seconden tot 30 minuten, telkens met 1 minuut; van 30 tot 150 minuten, zal de tijd toenemen in stappen van 5 minuten. Als u de tijd met 10 minuten wilt veranderen, gebruik dan de streepjes aan de zijkant. Het streepje links verwijdert 10 minuten, terwijl het streepje rechts 10 minuten toevoegt (zie volgende afbeelding).

4. Om de ingestelde tijd te bevestigen, kunt u op de klokknop (

drukken. Anders wordt de tijd na 5 seconden automatisch bevestigd.

5. U kunt de tijd op elk moment wijzigen en meerdere timers tegelijk activeren.

6. Tik tijdens het aftellen met uw vinger op de schuifknop om het energieniveau

te zien. Tik op de pijl omhoog ( ) of omlaag ( ) om de ingestelde temperatuur te zien. Na 3 seconden verschijnt het aftellen opnieuw.

7. Wanneer de ingestelde tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal en

wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld. De kookwekker uitschakelen: Druk op de pijl omlaag ( ) totdat 000 wordt weergegeven en na 5 seconden wordt gedeactiveerd.

INDICATOR VAN DE KOOKWEKKER

Deze led (wanneer AAN) geeft aan dat de kookwekker voor de kookzone is ingesteld. Gebruikershandleiding NLFUNCTIES P BOOSTFUNCTIE Booster is een speciale modus met een vermogensniveau hoger dan niveau 18, voor de snelste verwarming. Deze modus kan een verschillende duur hebben, afhankelijk van de gebruikte zone (zie onderstaande tabel). Nadat de boostertijd is verstreken, wordt het vermogen automatisch verlaagd naar niveau 18. BELANGRIJK: Niet gebruiken met een lege pan of olie/boter. Deze functie is ideaal voor het koken van water. OPMERKING: Afhankelijk van de Vermogensbeheerinstelling is de Booster- functie mogelijk niet beschikbaar voor bepaalde kookzones. Bovendien, als u een kookzone op Booster zet en vervolgens een andere zone activeert, wordt de eerste zone teruggebracht naar het maximaal beschikbare niveau (zelfs veel lager dan niveau 18) om de tweede zone te kunnen gebruiken. De tweede kookzone wordt ingesteld of beperkt op basis van het resterende vermogen dat beschikbaar is aan die kant van de kookplaat. Houd er ook rekening mee dat de vermogensafgifte kan variëren afhankelijk van de grootte en het materiaal van het gebruikte kookgerei.

BESCHRIJVING VAN DE ZONESZone Nominaal vermogen (Niveau 18, kW)Vermogens-booster (kW)Boosterduur (min.)1 of 2 2.2 3.7 103 of 4 2.2 3.7 101+2 of 3+4 (Flexi Zone)2.2 3.7 10OPMERKINGEN: de waarden in de tabel verwijzen naar testomstandigheden zoals beschreven in de normatieve norm voor het evalueren van de prestaties van kooktoestellen.Het getoonde vermogen kan variëren afhankelijk van de grootte of het materiaal van het gebruikte kookgerei.

FLEXIBELE KOOKZONE FLEXI ZONE

Met deze functie kunt u twee kookzones combineren tot één langere zone voor rechthoekig, ovaal of langwerpig kookgerei, en één instelling gebruiken voor de hele gecombineerde zone. Gebruik voor de juiste resultaten alleen potten en pannen met een ferromagnetische bodem die lang genoeg zijn om de twee zones tegelijk te bestrijken. Plaats het kookgerei in het midden van het flexibele rechthoekige kookgedeelte. Raadpleeg de onderstaande figuur voor voorbeelden van correct en incorrect gebruik. OPMERKING: Een grote ronde pan die in het midden wordt gebruikt, kan minder snel opwarmen en de warmte kan minder gelijkmatig worden verdeeld. BELANGRIJK: Voor potten en pannen met een ferromagnetische bodem van 21 cm of kleiner wordt aanbevolen de enkele kookzones te gebruiken zonder de exibele kookstand (Flexi Zone) te activeren. Plaats het kookgerei op de voorste of achterste zone en activeer die zone. Als Flexi Zone actief is, is de functie Warmteregeling niet beschikbaar en zie je deze dus niet op het bedieningspaneel. Raadpleeg de onderstaande guur voor voorbeelden van correct en incorrect gebruik. Flexizone gebruikt als twee afzonderlijke zones Wanneer u twee potten of pannen tegelijk gebruikt, is het aan te raden om de eerste op de achterste zone te plaatsen en de tweede op de voorste zone (zie onderstaande afbeelding). In dit geval moeten de zones worden geactiveerd zonder de exibele kookmodus (Flexi Zone)te gebruiken. Voor optimale prestaties moet u ervoor zorgen dat beide pannen gecentreerd zijn in hun respectieve zones. Zet een pot/pan niet uit het midden om ruimte te maken voor de andere. Plaats het kookgerei niet buiten de kookzone of bovenop het bedieningspaneel. Raadpleeg de onderstaande guur voor voorbeelden van correct en incorrect gebruik.

HEAT CONTROL ONDERSTEUND KOKEN MET TEMPERATUUR

Met deze functie kunt u de gewenste temperatuur selecteren en bereiden (zoals u met een oven zou doen), in plaats van de standaard vermogensniveaus te gebruiken. Met deze functie zal de kookplaat automatisch de warmte aanpassen en een stabiele temperatuur voor het kookgerei handhaven, zodat er niet voortdurend aanpassingen nodig zijn. Deze functie is alleen beschikbaar op kookzones met het pictogram. OPMERKING: De weergegeven temperatuur heeft betrekking op het midden van de lege pan. Afhankelijk van het specieke kookgerei dat u gebruikt, kan de weergegeven temperatuur afwijken van de werkelijke temperatuur van het kookgerei. Voor optimale prestaties is het aan te raden om het kookgerei in het midden van de kookzone te plaatsen en de functie te activeren wanneer er geen 'restwarmte'-indicator ( ) actief is.

MAXIMALE WERKTIJD VAN KOOKZONES EN FUNCTIES

Vermogen of functie UIT 1-3 4-6 7-9 10-12 13-15 16-18 Booster Maximale werktijd - 8 u 6 u 4 u 3 u 2 u 1,5 u 10 minuten Vermogensniveau na time-out - 0 0 0 0 0 0 18 Voorbeelden met betrekking tot de waarden in de bovenstaande tabel: Als u een kookzone inschakelt en het vermogen instelt op niveau 14, blijft deze maximaal 2 uur werken. Na 2 uur daalt het vermogensniveau naar niveau 0 en schakelt de kookzone automatisch uit. Als er geen andere kookzones actief zijn en er binnen 30 seconden geen interactie is met de knoppen op het bedieningspaneel, wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld. Als u de Booster-functie op een kookzone activeert, daalt deze na 10 minuten automatisch naar vermogensniveau 18. Na 1,5 uur daalt het vermogen naar niveau 0 en schakelt de kookzone automatisch uit. Als er geen andere kookzones actief zijn en er binnen 30 seconden geen interactie is met de knoppen op het bedieningspaneel, wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.BELANGRIJK: Deze functie is niet bedoeld voor het koken van water of frituren. Daarom zal het water niet koken, zelfs niet als een temperatuur hoger dan 100°C wordt geselecteerd. Raadpleeg het gedeelte "Ondersteund koken" of gebruik de boosterfunctie om snel te koken. Heat Control activeren:

1. Plaats het kookgerei op de zone met het

2. Druk op het pictogram

3. Gebruik de pijl omhoog (

) om de vereiste temperatuur in te stellen. De standaard instelling is 45°C. U kunt de temperatuur naar behoefte verhogen tot 200°C (zie de tabel hieronder voor kooktips). Gebruik de pijl omlaag ( ) om de temperatuur te verlagen.

4. Tijdens de opwarmfase knippert er een pijl omhoog (

) naast de geselecteerde temperatuur.

5. Wanneer het kookgerei de ingestelde temperatuur heeft bereikt, meldt de

kookplaat dit met een geluidssignaal en stopt de pijl omhoog ( ) met knipperen. Nu kunt u voedsel toevoegen.

6. Zodra de instelwaarde is bereikt, kunt u met de pijlen omhoog (

) en omlaag ( ) de temperatuur aanpassen in stappen van 5°C.

7. Als de nieuwe geselecteerde temperatuur lager is dan de huidige, knippert

er een pijl omlaag ( ) naast de geselecteerde temperatuur totdat de nieuwe instelwaarde is bereikt. Als de nieuwe geselecteerde temperatuur hoger is dan de huidige, knippert er een pijl omhoog ( ) naast de geselecteerde temperatuur totdat de nieuwe instelwaarde is bereikt.

8. Als u een timer instelt op een zone waar de Heat Control actief is, start de

timer pas nadat de instelwaarde is bereikt. Het display toont het aftellen van de timer in plaats van de temperatuur. Tik tijdens het aftellen op de pijl omhoog ( ) of omlaag ( ) om de ingestelde temperatuur te zien. Na 3 seconden verschijnt het aftellen opnieuw.

HEAT CONTROL - KOOKTIPS

De tabel hieronder geeft enkele suggesties voor kooktechnieken voor elke temperatuur.

LAAG VUUR MIDDELHOOG VUUR HOOG VUUR

45° C 80° C 130° C 150° C 180° C 200°C Smelten (chocolade, boter) Warm houden Zacht braden (plantaardige basismix) Roeren (eieren) Sauteren Roerbakken Grill (rundvlees, groenten) Ontdooien (vlees, vis) Indikken, Creaming (risotto) Konfijten (groenten) Afblussen Karameliseren (suiker, groenten) Bruin (pannen- koeken, toast) Dichtschroeien (steak, braadstuk) Sudderbrander (120°C) Raadpleeg het gedeelte "Ondersteund koken" of gebruik de Boosterfunctie om snel te koken. OPMERKINGEN:

  • Het systeem kan de kooktemperatuur controleren, maar het is altijd aan te raden om in de buurt te blijven als de kookplaat in gebruik is.
  • Afhankelijk van de activeringsvolgorde van de kookzone is de functie Heat Control mogelijk niet beschikbaar. De kookplaat meldt dit met een geluidssignaal. Scan de QR-code om de geheimen van koken met Heat Control te ontdekken. Ontdek hoe makkelijk en lonend het is om met temperatuur te koken door onze website te bezoeken, waar je aan de hand van stap-voor-staprecepten advies kunt krijgen over verschillende kooktechnieken, alledaagse maaltijden en spannende nieuwe gerechten. ONDERSTEUND KOKEN (BOIL&COOK) Deze functie brengt water aan de kook en past automatisch het vermogen aan om het te laten sudderen tot u klaar bent om eten toe te voegen. Deze functie helpt ook om overkoken en energieverspilling te voorkomen in vergelijking met de modus Booster. Om energie te besparen en het kookproces te versnellen, raden we aan de pan af te dekken met een deksel. Ondersteund koken is alleen beschikbaar op kookzones met het pictogram. OPMERKING: Als u deze functie gebruikt, moet de pan een bodemdiameter van 160 - 210 mm hebben en voor 1/2 tot 3/4 gevuld zijn met water. Bedenk dat het maximale volume dat met deze functie kan worden gebruikt ongeveer 4 l is. Voeg geen zout toe aan het water voordat het aan de kook is, want dan werkt het systeem niet zoals verwacht. Voor optimale prestaties is het aan te raden om het kookgerei in het midden van de kookzone te plaatsen, water op kamertemperatuur te gbruiken en de functie te activeren wanneer er geen 'restwarmte'-indicator actief is. BELANGRIJK: Deze functie is alleen bedoeld voor het koken van water, niet voor melk of andere vloeistoen. Op basis van het kookgerei dat op de markt verkrijgbaar is, kan het zijn dat de functie niet werkt zoals verwacht. Ondersteund koken activeren:

1. Vul de pan met water (zie de opmerkingen hierboven).

2. Plaats het kookgerei op een kookzone met het pictogram

4. Druk één keer op de knop Ondersteund koken ( ) als Heat Control

slechts op één kookzone beschikbaar is. Als Heat Control beschikbaar is op meer dan één kookzone, druk dan verschillende keren op de knop tot u de kookzone bereikt waar u de functie Ondersteund Koken wilt gebruiken. Een "-b-" indicatie verschijnt op het display om u door de zones te leiden.

5. Wanneer de zone is geselecteerd, ziet u -b- enkele seconden knipperen op

het zonedisplay en daarna start de functie automatisch.

6. Wanneer de functie Ondersteund koken start, verschijnt er een animatie

op het display tijdens de opwarmfase.

7. Binnen 90 seconden vanaf het moment dat het water begint te koken,

meldt de functie dit met een geluidssignaal. De animatie verdwijnt en de kookplaat stelt het vermogen automatisch in op 15 om zachtjes te laten koken.

8. Afhankelijk van het gebruikte kookgerei kan het vermogen automatisch

dalen tot niveau 15 zonder het kookpunt van het water te bereiken. Om het kookpunt te bereiken, kunt u het vermogen van de gebruikte kookzone verhogen. U kunt ook een andere pan proberen die geschikt is voor inductiekoken. Als de hierboven beschreven omstandigheden zich niet voordoen, raden we aan de Boil&Cook-functie uit te schakelen en de vermogens handmatig in te stellen om verder te kunnen koken.

9. Voeg voedsel toe en verander indien nodig het vermogensniveau om

de kooksterkte naar wens aan te passen. De selectie van het vermogen wordt beperkt tot de niveaus die geschikt zijn voor het onderhoud van kookplaten (d.w.z. niveaus 10 - 18). OPMERKING:

  • Ongeacht of het water kookt, na ongeveer 15 minuten na het activeren van de functie zet de kookplaat het vermogensniveau automatisch op 15 en verdwijnt de animatie.
  • Afhankelijk van de Vermogensbeheerinstelling of de activeringsvolgorde van de kookzone, is de functie Ondersteund koken mogelijk niet beschikbaar. De kookplaat meldt dit met een geluidssignaal.
  • Wanneer u deze functie gebruikt, kunt u geen timer instellen tijdens de opwarmfase van het water. De timer kan alleen worden ingeschakeld na ontvangst van de akoestische melding dat het water het kookpunt heeft bereikt.
  • Het systeem kan het kookproces controleren, maar het is altijd aan te raden om in de buurt te blijven als de kookplaat in gebruik is.
  • Als er de mogelijkheid is om Boil&Cook in meerdere zones op uw kookplaat te gebruiken, kan er maar één Boil&Cook-functie worden geactiveerd voor elke kant. Tijdens het selectieproces wordt de animatie (slang) echter enkele seconden aan dezelfde kant weergegeven, ook al kan de functie niet worden geactiveerd. Gebruikershandleiding NLINDICATOREN RESTWARMTE Als “Hot” wordt weergegeven op het display, is de kookzone heet. De indicator licht zelfs op als de zone niet was ingeschakeld maar wel is opgewarmd (als gevolg van het gebruik van de aangrenzende zones, of omdat er een hete pot op werd gezet). Wanneer de bereidingszone is afgekoeld, verdwijnt de melding “Hot”. DE PAN IS VERKEERD GEPLAATST OF ER IS GEEN PAN Dit symbool verschijnt als de pot niet geschikt is voor een inductiekookplaat, als hij niet correct is geplaatst of geen geschikte afmetingen heeft voor de geselecteerde kookzone. Als er binnen 30seconden na de selectie geen pot wordt geregistreerd, dan wordt de kookzone uitgeschakeld. BEREIDINGSTABEL De kooktabel geeft kooktips voor elk vermogensniveau. Het daadwerkelijke afgegeven vermogen van elk vermogensniveau hangt af van de afmeting van de bereidingszone en het gebruikte kookgerei. VERMOGENSNIVEAU KOOKTIPS Maximum vermogen (P) Booster* - Breng water zo snel mogelijk aan de kook. Niet gebruiken met een lege pan of olie/boter. 17 − 18 Breng water aan de kook en frituur** diepvriesproducten. 15 − 16 Laat alles levendig koken, dichtschroeien, blakeren, roerbakken, bruinbakken. 10 − 14 Zachtjes laten koken, voorverwarmen, grillen (gedurende lange tijd), roerbakken, sauteren, karameliseren, bruin bakken, pannenkoeken bakken. 5 − 9 Sudderen, stoven, indikken, langzaam koken. 3 − 4 Warm houden, ontdooien. 1 − 2 Smelten, creaming (risotto). Geen vermogen (UIT) Kookplaat in stand-by of uitgeschakelde modus (mogelijke restwarmte na aoop van de bereiding, aangeduid met “Hot”). *Booster is een speciale modus die een vermogensniveau hoger dan 18 gebruikt om water sneller op te warmen. Deze modus kan maximaal 10 minuten worden aangehouden, afhankelijk van de gebruikte zone. Na deze tijd wordt het vermogensniveau automatisch verlaagd naar niveau 18. ** Voor het frituren van diepvriesproducten, zoals frietjes, is het aanbevolen om niet-Flexi Zone kookzones te gebruiken. Als u wilt frituren met Flexi zone kookzones, is het aanbevolen om de voorste zone te gebruiken.
  • Controleer voor het reinigen of de kookzones uitgeschakeld zijn en dat de restwarmte-indicatie (“Hot”) niet wordt weergegeven.
  • Gebruik geen schuursponsjes of schuurmatjes, omdat hiermee het glas wordt beschadigd.
  • Reinig de kookplaat na elk gebruik (wanneer deze is afgekoeld) om aanslag en vlekken door voedselresten te verwijderen.
  • Een oppervlak dat niet goed wordt schoon gehouden kan de gevoeligheid van de knoppen van het bedieningspaneel verminderen.
  • Gebruik enkel een schraper als restjes op de kookplaat plakken. Volg de instructies van de fabrikant van de schraper om het glas niet te krassen.
  • Suiker of voedsel met een hoog suikergehalte kan tot beschadiging van de kookplaat leiden en moet direct verwijderd worden.
  • Door zout, suiker en zand kan het glasoppervlak bekrast raken.
  • Gebruik een zachte doek, absorberend keukenpapier of een speciale kookplaatreiniger (volg de instructies van de fabrikant).
  • Gemorste vloeistoen in de kookzones kunnen ervoor zorgen dat de pannen bewegen of trillen.
  • Droog de kookplaat grondig nadat deze gereinigd is. Als het CleanProtect-logo op het glas staat, is de kookplaat behandeld met CleanProtect-technologie. Deze exclusieve coating zorgt voor uitstekende schoonmaakresultaten en houdt het oppervlak van de kookplaat langer glanzend. Het is aan te raden om dagelijks te reinigen, na elk gebruik. Volg de volgende aanwijzingen om CleanProtect-kookplaten te reinigen:
  • Maak de zones die gereinigd moeten worden grondig nat met water en zorg ervoor dat de hele bevuilde zone bedekt is. Zorg ervoor dat er geen water op het bedieningspaneel terechtkomt.
  • Bevochtigingsprocedure:
  • Wacht minstens 2 minuten als de kookplaten normaal vuil zijn.
  • Wacht minstens 5 minuten als de kookplaten erg vuil zijn.
  • Als het water opdroogt op de kookplaat, maak het dan opnieuw nat.
  • Gebruik een niet-schurende spons om aanslag te verwijderen en droog de kookplaat na het schoonmaken.PROBLEEMOPLOSSING
  • Controleer of er geen stroomuitval is.
  • Als de kookplaat na gebruik niet uitgeschakeld kan worden, trek dan de stekker uit het stopcontact.
  • Als bij de inschakeling van de kookplaat op het display alfanumerieke codes worden weergegeven, dient u volgens onderstaande tabel te handelen. Let op: De aanwezigheid van water, vloeistof die overgekookt is uit de pannen of voorwerpen die op de kookzoneknop worden gezet, kunnen ertoe leiden dat de knopvergrendeling onbedoeld geactiveerd of gedeactiveerd wordt. DISPLAYCODE/ PROBLEEM GEDETECTEERD

BESCHRIJVING MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSING

F9E0 Foute aansluiting stroomsnoer. De voedingsaansluiting is niet exact zoals aangegeven in het gedeelte "Elektrische aansluiting". Sluit de voeding aan volgens het hoofdstuk "Elektrische aansluiting". F0EA Het bedieningspaneel wordt uitgeschakeld door te hoge temperaturen. De interne temperatuur van de elektronische onderdelen is te hoog. Wacht tot de kookplaat is afgekoeld voordat u hem weer gebruikt. F0E9 Het vermogensniveau wordt automatisch verlaagd. Een kookzone wordt automatisch uitgeschakeld. De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld. De kookzone schakelt uit als de temperaturen te hoog zijn. Het vermogen wordt verlaagd of de kookzone wordt uitgeschakeld of de kookplaat wordt uitgeschakeld als de temperaturen te hoog zijn. De interne temperatuur van de elektronische onderdelen is te hoog. De ventilatie van de kookplaat is mogelijk niet voldoende voor een goede werking van de kookplaat. Wacht tot de kookplaat is afgekoeld voordat u hem weer gebruikt. Voor een goede werking van het apparaat moet de kookplaat voldoende geventileerd worden door voldoende toevoer van verse lucht. Controleer of de kookplaat geïnstalleerd is volgens de aanwijzingen beschreven in het hoofdstuk "Installatie". Zorg ervoor dat geen enkel voorwerp de achterkant en de onderkant van de kookplaat blokkeert. F0E2, F0E4, F0E6, F0E8, F1E1, F2E1, F6E1, F6E2, F7E5, F7E6, FCE1, FCE2, FCE3 Koppel de kookplaat los van de netvoeding. Wacht een aantal seconden (meer dan 10) en sluit de kookplaat weer op de netvoeding aan. Neem contact op met het servicecentrum als het probleem zich blijft voordoen en vermeld de foutcode die op het display verschijnt. d E [wanneer de kookplaat is uitgeschakeld] De kookplaat wordt niet warm. De functies gaan niet AAN. DEMOMODUS aan. Volg de instructies in het gedeelte "Eerste gebruik". Een speciale functie wordt niet ingeschakeld en de kookplaat produceert een geluidssignaal. De kookplaat activeert geen speciale functie. De vermogensregelaar beperkt de activering van de speciale functie in overeenstemming met de Vermogensbeheerinstelling die is geselecteerd voor de kookplaat (bijv. 2,5 kW). Zie het gedeelte "Vermogensregeling". Wanneer u een vermogensniveau kiest of de Booster-functie gebruikt, wordt het vermogensniveau automatisch verlaagd. De kookplaat stelt automatisch het maximaal beschikbare vermogen in (zelfs lager dan het ingestelde vermogen) om ervoor te zorgen dat de kookzone kan worden gebruikt. De vermogensregelaar beperkt de activering van de speciale functie in overeenstemming met de Vermogensbeheerinstelling die is geselecteerd voor de kookplaat (bijv. 2,5 kW). De Booster-functie kan een verschillende duur hebben, afhankelijk van de gebruikte zone. Nadat de boostertijd is verstreken, wordt het vermogen automatisch verlaagd naar niveau 18. De ventilatie van de kookplaat is mogelijk niet voldoende voor een goede werking van de kookplaat. Zie het gedeelte " Vermogensregeling " of "Boosterfunctie". Voor een goede werking van het apparaat moet de kookplaat voldoende geventileerd worden door voldoende toevoer van verse lucht. Controleer of de kookplaat geïnstalleerd is volgens de aanwijzingen beschreven in het hoofdstuk "Installatie". Zorg ervoor dat geen enkel voorwerp de achterkant en de onderkant van de kookplaat blokkeert. Kookgerei wordt niet gedetecteerd. De kookzone schakelt na 30 seconden uit. Dit symbool verschijnt als de pot niet geschikt is voor een inductiekookplaat, als hij niet correct is geplaatst of geen geschikte afmetingen heeft voor de geselecteerde kookzone. Als er binnen 30seconden na de selectie geen pot wordt geregistreerd, dan wordt de kookzone uitgeschakeld. Als uw kookgerei geschikt is voor inductiekoken (zie het hoofdstuk "Accessoires") en correct geplaatst is op de vereiste kookzone, probeer het dan te gebruiken op een kleinere kookzone. Gebruik anders geschikt kookgerei (zie het hoofdstuk "Accessoires"). De kookplaat maakt twee korte akoestische geluiden en schakelt dan vanzelf UIT. De melding "OFF" wordt vervolgens maximaal 60 seconden weergegeven, gedurende deze tijd kan de kookplaat niet opnieuw worden ingeschakeld en herhaalt het de twee korte akoestische geluiden om de 5 seconden. Gemorst water, overlopend voedsel en/of een voorwerp op de knoppen van het bedieningspaneel kunnen uw vinger nabootsen en per ongeluk een van de knoppen van de kookplaat activeren of deactiveren:

  • de AAN/UIT-knop, waardoor de kookplaat onbedoeld wordt uitgeschakeld;
  • de toetsvergrendelingsknop, waardoor de toetsvergrendelingsfunctie ongewenst wordt geactiveerd als deze langer dan 3 seconden continu wordt ingedrukt. De functie blijft actief, zelfs nadat de kookplaat is uitgeschakeld, met het sleutelvergrendelingspictogram en de LED aan;
  • het scroltoetsenbord, waardoor de vermogensniveaus ongewenst veranderen. De kookplaat schakelt vanzelf uit (met de melding "OFF") als deze niet binnen 8 seconden wordt schoongemaakt. Droog en/of reinig en/of verwijder het voorwerp zodat de kookplaat weer kan worden ingeschakeld 60 seconden nadat het OFF- bericht is verschenen. Als de toetsvergrendelingsfunctie per ongeluk is geactiveerd, druk dan gedurende 3 seconden op de toetsvergrendelingsknop om deze uit te schakelen. Druk op de AAN/UIT knop om de kookplaat in te schakelen. Water kookt niet wanneer Heat Control ( ) wordt gebruikt Water kookt niet wanneer de temperatuur is ingesteld met de Heat Control functie. U gebruikt Heat Control om water te koken. Gebruik Ondersteund Koken (Boil&Cook) of de Booster-functie. Gebruikershandleiding NLDISPLAYCODE/ PROBLEEM GEDETECTEERD

BESCHRIJVING MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSING

U hoort een klikkend en/of tikkend geluid wanneer u het kookgerei plaatst. Deze voortdurende klikgeluiden en/of tikkende geluiden treden op wanneer de pan niet het volledige vermogen kan ontvangen dat wordt geleverd voor het ingestelde vermogensniveau. De pan diameter kan kleiner zijn dan het minimum aangegeven in de handleiding voor specifieke kookzones. Zelfs als u een pan met de juiste afmetingen gebruikt, hebben sommige panmodellen een basis die gedeeltelijk bedekt is met metalen inzetstukken (of zonder een gelijkmatige ferromagnetische verdeling), en ze presteren niet altijd zoals verwacht. Gebruik een pan met een grotere diameter dan het minimum aangegeven in de handleiding voor de specifieke kookzones, of gebruik een pan met betere prestaties (zie het hoofdstuk "Accessoires"). De kookplaat is uitgeschakeld. De kookplaat schakelt automatisch uit in de volgende situaties:

  • Als er water wordt gemorst, als er voedsel overstroomt of als er voorwerpen op de knoppen van het bedieningspaneel worden geplaatst waardoor de AAN/UIT- knop per ongeluk kan worden geactiveerd. Als deze items niet binnen 8 seconden worden verwijderd, schakelt de kookplaat automatisch uit met een geluidssignaal.
  • Als er langer dan 30 seconden geen interactie is met het bedieningspaneel en er geen kookzone actief is.
  • Als er gedurende meer dan 30 seconden geen kookgerei is gedetecteerd en er gedurende dezelfde tijd geen interactie is geweest met het bedieningspaneel.
  • De maximale werktijd voor een vermogensniveau of functie is verstreken en er is meer dan 30 seconden geen interactie geweest met de kookplaat.
  • Andere gevallen, hier niet gespeciceerd. Zie het gedeelte "Dagelijks gebruik" voor meer informatie. Zet de kookplaat handmatig aan. Tijdens het gebruik van de Ondersteund koken (Boil&Cook)-functie bereikt het water niet het kookpunt.

Afhankelijk van het kookgerei of de hoeveelheid water die wordt gebruikt, wordt het kookpunt misschien niet bereikt. Ongeacht of het water kookt, het vermogensniveau kan automatisch dalen naar 15 na ongeveer 15 minuten vanaf het moment dat de functie is geactiveerd. Als het water niet kookt, kunt u het aan de kook brengen door het vermogensniveau van de gebruikte kookzone te verhogen. U kunt ook een andere pan gebruiken die geschikt is voor inductiekoken. De functie geeft niet aan dat het kookpunt is bereikt binnen ongeveer 90 seconden vanaf het moment dat het water begint te koken. Als de functie niet binnen ongeveer 90 seconden vanaf het moment dat het water begint te koken aangeeft dat het kookt, raden we u aan de (Boil&Cook)-functie uit te schakelen en de vermogensniveaus te gebruiken om verder te koken. Een inductiekookplaat kan sissen of kraken tijdens de normale werking. Deze geluiden zijn afkomstig van het kookgerei en houden verband met de kenmerken van de bodems van de pan (bijvoorbeeld als de bodem uit verschillende lagen bestaat of onregelmatig is). Ze kunnen variëren afhankelijk van het type gebruikt kookgerei en van de hoeveelheid voedsel dat het bevat en zijn geen symptoom van een gebrek. Inductiekookplaten kunnen voortdurend klikkende en/of tikkende geluiden produceren bij een gepositioneerde pan. Deze geluiden kunnen optreden als de pan niet het volledige vermogen kan ontvangen dat wordt geleverd voor het ingestelde vermogensniveau. Gebruik een pan met een grotere diameter dan het minimum aangegeven in de handleiding voor de specieke kookzones, of gebruik een pan met betere prestaties (zie het hoofdstuk "Accessoires"). Gemorst water, overlopend voedsel en/of een voorwerp op de knoppen van het bedieningspaneel kunnen uw vinger nabootsen en per ongeluk een van de knoppen van de kookplaat activeren of deactiveren en akoestische signalen produceren door het contact tussen de voorwerpen en de knoppen. Als deze voorwerpen niet binnen 8 seconden worden verwijderd, schakelt de kookplaat automatisch uit met een geluid dat vervolgens elke 5 seconden wordt herhaald totdat het voorwerp of het water van het bedieningspaneel is verwijderd, zelfs na uitschakeling. Om uitschakeling te voorkomen, verwijdert u gemorste vloeistoen van de gebruikersinterface en droogt u deze binnen 8 seconden grondig af, of gebruikt u de Veegfunctie waarmee u 30 seconden hebt om schoon te maken en te drogen. Vergeet niet dat de AAN/UIT-knop altijd actief is. GELUIDEN DIE TIJDENS DE WERKING WORDEN GEPRODUCEERDKLANTENSERVICE VOORDAT U DE SERVICEAFDELING BELT:

1. Kijk of u het probleem zelf kunt oplossen met behulp van de suggesties in

het hoofdstuk PROBLEEMOPLOSSING.

2. Zet het apparaat aan en uit om te controleren of het probleem is opgelost.

ALS NA HET UITVOEREN VAN DEZE CONTROLES DE STORING NOG STEEDS AANWEZIG IS, NEEM DAN CONTACT OP MET DE DICHTSTBIJZIJNDE KLANTENSERVICE. Geef altijd op wanneer u contact opneemt met onze klantenservice:

  • een korte beschrijving van de storing;
  • het type en het exacte model van het apparaat; XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXMade in X Type: XXXMod.: XXX
  • het servicenummer (nummer na de letters SN op het typeplaatje aan de onderkant van het apparaat). Het serienummer is ook vermeld in de documentatie; Mod. Ind.C. SN: Prod.N. xxxx xxxx xxxx xxxx xxxx xxxx xxxx xxxx xxxx xxx xxx PRODUCT INFORMATION
  • uw telefoonnummer. Wendt u tot een erkende klantenservice indien reparatie noodzakelijk is (alleen dan heeft u zekerheid dat originele vervangingsonderdelen worden gebruikt en de reparatie correct wordt uitgevoerd).

Beleid, standaarddocumentatie en aanvullende productinformatie vindt u:

  • Met de QR-code van uw apparaat;