TS 410 - Zaag STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TS 410 STIHL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over TS 410 STIHL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TS 410 - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TS 410 van het merk STIHL.
GEBRUIKSAANWIJZING TS 410 STIHL
1 Met betrekking tot deze handleiding. 2
2 Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek...3
3 Gebruiksvoorbeelden 11
4Doorslijpschijven 14
5 Kunsthardsdoorslijpschijven. 15
6 Diamantdoorslijpschijven 15
7 Elektronische waterregeling. 17
8 Aansluitstuk met beschemkap monteren.18
9 V-riem spannen 22
10 Doorslijpschijf monteren/ervangen 23
11 Brandstof. 24
12Tanken 25
13 Motor starten/afzetten 27
14 Luchtfiltersystem 29
15 Carburateur afstellen 29
16 Bougie. 30
17 V-riem verrangen. 31
18 Slijpwagen 32
19 Apparaat opslaan. 32
20 Onderhouds- en reinigingsvoorschriften... 33
21 Slijtage minimisieren en schade voorkomen 34
22 Belangrijke componenten 35
23 Technische gegevens 36
24 Reparatierichtlijnen 37
25 Milieuverantwoord afvoeren. 37
26 EU-conformiteitsverklaring. 37
27 UKCA-conformiteitsverklaring. 38
Geache client(e),
Het doet ons veel genoegen dat u hebt gekozen voor een kwaliteit'sproduct van de firma STIHL.
Dit product werd met moderne productiemethoden en onder uitgebrende kwaliteitstcontroles gefabriceceerd. Er is ons alles aan gelegen dat u tevreden bent met dit apparaat en er probleemoos mee=kunt werken.
Wendt u zich met vragen over uw apparaat tot uw dealer of de importeur.
Met vriendelijke groet,

Dr. Nikolas Stihl
1 Met betrekking tot deze handleiding
1.1 Symbolen
Symbolen die op het apparaat zijn aangebrachte worden in deze handleiding togetelicht.
Afhankelijk van het apparaat en de uitrusting kuren de volgende symbolen op het apparaat� aangebracht.

Benzinetank; brandstofmengsel van benzine en motorolie

Decompressieklep bedieren
Hand-benzinepomp bedieren

Wateraansluiting, kraan

Spanmoer voor riem

Starhandgreep uittrekken
1.2 Coding van tekstblokken

WAARSCHUWING
Waarschuwing voor kans op oncevallen en letsel voor personen alsmede voor zwaarwegende materièle schade.
LET OP
Waarschuwing voor beschadiging van het apparaat of afzonderlijke componenten.
1.3 Technische doorontwikkeling
STIHL werkdt continu aan de verdere ontwikkeling van alle machines en apparaten; wijzigingen in de leveringsomvang qua vorm, techniek en uitrusting behouden wij ons waarom ook voor.
Aan geevens en afbeeldingen in deze handleiding können dan ook geen aanspraken worden ontleend.
2 Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek

Extra veiligheidsmaatregelen zijn nodig bij het werken met de doorslijpmachine, waar dat de doorslijpschijf tijdens het werk met een zeer hoog toerental draait.

De gehele gebruiksaanwijzing voor de eerste ingebruikneming aandachtig doorlezen en voor later gebruik goed opbergen. Het Niet in acht nemen van de veiligheidsvoorschriften kan tot levensgevaarlijke situatuie leiden.
De nationale veiligheidsvoorschriften, bijv. van beroepsgroepen, sociale instanties, arbeidsinspectie en andere in acht nemen.
Voor werkgevers in de EU is de richt-lijn 2009/104/EC verplicht -veiligheid en bescherming van de gezondheid bij gebruik van machines en apparaten door werknemersijdens de werkzaamheden.
Wie voor het eerst met het motorapparaat werk: door de verkoper of door een andere deskundige latent uitleggen hoe men hiermee veilig kan werk - of deelnemen aan een cursus.
Minderjarigen mogen nicht met het motorapparaat werkken - behalvejongeren boven de 16aar, die ondertoezichtleren met het apparaat te werkken.
Kinderen, huisdieren en toeschouwers op afstand houden.
Als het motorapparaat Niet worden gebruikt, het apparaat zo neerleggen dat niemand in gevaar kan worden gebracht. Het motorapparaat zo opbergen dat onbevoegden er geen toegang toe hebben.
De gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen die andere Personen of hun eigendommen overkomen, resp. voor de gezaren waaraan deze worden blootgesteld.
Het motorapparaat alleen meegeven of uitlenen aan Personen die met dit model en het gebruik ervan vertrouwd zich -.altijd de gebruiksaanwijzing meegeven.
Het gebruik van geluid producerende motorapparaten kan door nationale en ookplaatselijk,lokale voorschriftenijdelijk worden beperkt.
Wie met het apparaat werkt moet goed uitgerust en gezond zich en een goede lichamelijke condi-tie hebben.
Wie zich om gezondheidsredenen nicht mag inspannen, moet+zijn arts raadplegen of het werk met een motorapparaat möglichk is.
Alleen voor dragers van een pacemaker: het ontstekingsmechanisme van dit apparaat genereert een zeer ging electromagnetisch veld. Beinvloeding van enkele typen pacemakers kan nicht geheel worden uitgesloten. Ter voorkoming van
gezondheidsrisico's adviseert STIHL de behandelend arts en de fabrikant van de pacemaker te raadplegen.
Na gebruik van alcohol, medicijnen die het reactievermogen beinvloeden of drugs mag nicht met het motorapparaat worden gewerkt.
Bij ongunstige weersomstandigheden (sneeuw, ijzel, wind) de werkzaamhedenuitstellen - verhoogde kans op ongelukken!
Het motorapparaat is alleen bedoeld voor doorslijpen. Het apparaat is Niet geschikt voor het doorslijpen van hout of houten voorwerpen.
Asbeststof is uiterst schadelijk voor de gezondheid - nooit asbest doorslijpen!
Het gebruik van het motorapparaat voor andere doeleinden is Niet toegestaan en kan leiden tot ongelukken of schade aan het motorapparaat.
Geen wijzigingen aan het apparaat aanbrengen - uw veiligheid kan hierdoor in gevaar worden gebracht. Voor persoonlijke en materiele schade die door het gebruik van nicht-vrijgegeven aanbouwapparaten worden veroorzaakt, is STIHL nicht aansprakelijk.
Alleen die doorslijpschijven of toebehoren mon- teren die door STIHL voor dit motorapparaat zijn vrijgegeven of technisch gelijkwaardige onderde- len. Bij vragen hierover contact opnemen met een geauthoriserde dealer. Alleen hoogwaardige doorslijpschijven of toebehoren monteren. Als dit wordt nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan het motorapparaat.
STIHL advisert originele STIHL doorslijpschijven en toebehoren te monteren. Deze zich qua eigenschappen optimaal op het product en de eisen van de gebruiker afgestemd.
Voor het reinigen van het apparaat geen hogedrukreiniger gebruiken. Door de harde waterstraal+kennen onderdelen van het apparaat worden beschadigd.
Het apparaat Niet met water afspuiten.

Nooit cirkelzaagbladen, hardmetalen, bergings-, houtzaagbladen of andere vertande gereedschappen monteren - kans op dodelijk letsel! In gegenstellung tot het gelijkmatig doorslijpen bij het gebruik van een doorslijpschijf kenn den tanden van een cirkelzaagblad zich bij het zagen in het materiaal vasthaken. Dit zorgt voor een agressief slijpgedrag en kan leiden tot het verlies van de controle en uiterst gevaarlijke reactiekrachten (omhoog sloan) van het apparaat.
2.1 Kleding en uitrusting
De voorgeschreveen kleding en uitrusting dragen.

De kleding moet doelmatig zich en mag tijdens het werk Niet hinderen. Nauwsluitende kleding - combipak, geen stofjas
Bij het dooreljpen van staal, kleding van moeilijk ontvlambaar materiaal dragen (bijv. leer of met een vlamvertragend middel behandeld katoen) – geen synthetische verzels – brandgevaar door vonkenregen!
De kleding moet vrij় van brandbare stoffen (spanen,brandstof,olie,enz.).
Geen kleding dragen die verward kan raken in de bewegende delen van het apparaat - geen sjaal, stropdas en sieraden. Langhaar in een paardenstaart binden en dusdanig vastmaken, dat het zich boven de schoulders bevindt.

Veiligheidslaarzen met een stroeve, slipvrije zool en stalen neus dragen.

WAARSCHUWING

Om de kans op oogletsel te reduc- ren een nauw aansluitende veiligheidsbril volgens de norm EN 166 dragen. Erop letten dat de veiligheidsbril goed zit.
Veiligheidshelm dragen bij gevaar voor vallende voorwerpen.
Tijdens het werk kan/konnen er stof (bijv. kristalstof uit het door te slijpen voorwerp), vrijkomende dampen en rook ontstaan - gevaar voor de gezondheid!
Bij stofontwikkeling alkjd een stofmasker dragen.
Bij te verwachten vrijkomende dampen of rook (bijv. bij het doorslijpen van composieten) een mondkapje dragen.
"Persoonlijke" gehoorbescherming dragen - zoals bijv. oorkappen.

Robuuste werkhandschoenen van slijt vast materiaal dragen (bijv. leer).
STIHL biedt een omvangrijk programma aansoonlijke beschermuiitrusting.
2.2 Motorapparaat vervoeren
Altijd de motor afzetten.
Het apparaat alleen aan de draagbeugel dragen - de doorslijpschijf maarachten gericht - de hete uitlaatdemper van het lichaam af.
Hete machineonderdelen, vooral de uitlaatdemper, Niet aanraken - kans op brandwonden!
Het motorapparaat nooit met gemonteerde doorslijpschijf vervoeren - kans op breuk!
In auto's: het motorapparaat gegen omvallen, beschadiging en gegen het weglekken van benzine beveiliggen.
2.3 Tanken

Benzine is bijzonder Licht ontvlambaar -uit de buurt blijven van open vuur -geen benzine morsen - Niet roken.
Voor het tanken de motor afzetten.
Niet tanken zolang de motor nog heet is -de benzine kan overstromen - brandgevaar!
De tankdop voorzichtig losdraaien, zodate de heersende overdruk zich langzaam kan afbouwen en er geen benzine uit de tank kan spuiten.
Uitsluitend op een goed geventileerde plek tanken. Als er benzine werk gemorst, het motorapparaat direct schoonmaken - de kleding Niet in aanraking lately komen met de benzine, anders direct andere kleding aantrekken.
Op de motoreenheid kan zich stof ophopen, vooral rondom de carburateur. Als het stof met benzine worden doordrenkt, ontstaat er brandgevaar. Regelmatig het stof van de motoreenheid verwijderen.

Op lekkages letten! Als er benzine weglekt de motor nicht starten - levensgevaar door verbranding!
De doorslijpmachines können met verschillende tankdoppen zijn uitgerust:
2.3.1 Bajonettankdop

De bajonettankdop nooit met behulp van gereed-schap opendraaien of sluiten. De dop kan hierbij worden beschadigd en er kan benzine wegleken.
De bajonettankdop na het tanken zorgvuldig slui- ten.
2.3.2 Tankdop met schroefdraad

Na het tanken de schroef-tankdop zo vast möglichk aandraaien.
Hierdoor wordt het risico verkleind dat de tankdop door de motortrillingen losloopt en er benzine wegstroomt.
2.4 Doorslijpmachine, spillagering
Een in goede staat verkerende spillagering staat er garant voor dat de radiale en axiale slingering van diamantdoorslijpschijven binnen de voorgeschreven tolerancies blijven - zo nodig door een geauthoriseerde dealer latent controleren.
2.5 Doorslijpschijven
2.5.1 Doorslijpschijven selectoren
De doorslijpschijven要去en zich vrijgeveen voor los uit de hand slijpen. Andere lijpschijven en hulpmiddelen mogen Niet worden gebruikt - kans op ongelukken!
Doorslijpschijven zijn geschikt voor verschillende materialen: raadpleeg de codering van de doorslijpschijven.
STIHL adviseert in het algemeen te kiezen voor nat slijpen.

Op de buitendiameter van de door-slijpschijf letten.

De diameter van de spilboring van de doorslijpschijf en de as van de doorslijpmachine要去en met elkaar correponderen.
De spilboring op beschadiging controleren. Doorslijpschijven met een beschadigde spilboring nicht gebruiken - kans op ongelukken!

Het toelaatbare toerental van de doorslijpschijf moet even hoog of hoger waar dan het maximale spiltoerental van de doorslijpmachine! - Zie hoofdstuk "Technische gegevens".
Gebruekte doorslijpschijven voor de montage controlleren op scheurtjes, breuken, kernslijtage, vlakheid, materiaalmoeheid, beschadigde of ont
brekende segmenten, tekenen van oververhitting, (kleurverandering) en möglichke beschadiging van de spilboring.
Nooit werken met geschuurde, uitgeb broken of verbogen doorslijpschijven.
Minderwaardige, resp. nicht vrijgeven diamantdoorslijpschijven könnenijdens het doorslijpen trillen (slingeren). Dit slingeren leidt ertoe dat dergelijk diamantdoorslijpschijven in de slijpvoeg sterk worden afgeremd, resp. worden ingeklemd - gevaar door terugslag! Terugslag kan tot dodelijk letsel leiden! Diamant-doorslijpschijven die continu of ook slechts af en toe slingeren, direct verrangen.
Diamantdoorslijpschijven nooit richten.
Geen doorslijpschijven gebruiken die op de grond zichn gevallen - beschadigde doorslijpschijven können breken - kans op ongelukken!
Bij kunsthars doorslijpschijven op de vervaldatum letten.
2.5.2 Doorslijpschijven monteren
De spel van de doorslijpmachine controeren, geen doorslijpmachine met een beschadigde spel gebruiken - kans op ongelukken!
Bij diamantdoorslijpschijven op de draairichtingspijlen letten.
De voorste drukring aanbrengen - de spanbout vast aantrekken - de doorslijpschijf met de hand ronddraaien, hierbij de axiale en radiale slingering visueel controlleren.
2.5.3 Doorslijpschijven bewaren
De doorslijpschijven droog en vorstvrij, op een vlakke ondergrond, bij gelijkblijvende temperatu- ren opslaan -kans op breuk en versplinteren!
De doorslijpschijven zo bewaren dat deze nicht kuren worden blootgesteld aan schoksgewijs contact met de vloer of andere voorwerpen.
2.6 Voor het starten
De doorslijpmachine op technisch goede staat controleren - het desbeteffende hoofdstuk in de handleiding in acht nemen:
- Het brandstofsystem op lekke controleren, vooral de zichtbare onderdelen zoals bijv. de tankdop, slangaansluitingen, hand-benzinepomp (alleen bij motorapparaten met handbenzinepomp). Bij lekkages of beschadiging de motor Niet starten - brandgevaar! Het
Nederlands 2 Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek
apparaat voor de ingebruikneming door een geauthoriseerde dealer lately repareren
- De doorslijpschijf moet voor het door te slijpen materiaal geschikt়, in goede staat verkearen en correct় gemonteerd (draairichting en goed vastzitten)
- Het vastzitten van de beschemkap controlleden - bij een loszittende beschemkap contact opnemen met een geauthoriseerde dealer
- Gashendel en gashendelblokkering gangbaar - de gashendel moet automatisch in de stationaire stand terugveren
- Combischuif/combischakelaar/stopschakelaar gemakkelijk in stand STOP, resp. 0 te plaat-sen
- Bougiesteker op vastzitten controleren - bij een loszittende steker kuren vondenstaan, hierdoor kan het vrijkomende benzine-luchtmengsel ontbranden - brandgevaar!
- Geen wijzigingen aan de bedieningselementen en de verligheidsinrichtingen aanbrengen
- De handgrepen要去en schoon en droog, vrij van olie en vuil zijn - belangrijk voor het veilig werken met de doorslijpmachine
Bij nat slijpen zorgen voor voldoende watertoevoer
Het motorapparaat mag alleen in technisch goede staat worden gebruikt - kans op ongelukken!
2.7 Motor starten
Minstens op 3 m van de plek waar werk getankt en Niet in een afgesloten ruimte.
Alleen op een vlakke ondergrond, op een stabiele en veilige houding letten, het motorapparaat goed vasthouden - de doorslijpschijf mag Niet de grond, noch enig ander voorwerp raken en nicht in de slijpgroef liggen.
De doorslijpschijf kan na het starten direct meedraaien.
Het motorapparaat wordt door slechts een person bediend - geen andere Personen toelaten in de directe werkomgeving - ook Nietijdens het starten.
De motor nicht 'los uit de hand' starten - starten zoals in de gebruiksaanwijzing staat beschreiben.
De doorslijpschijf blijt nog even draaien nadat de gashendel worden losgelaten - kans op letsel door het uitloopeffect!
2.8 Apparaat vasthouden en bedi- nen
De doorslijpmachine alleen voor het los UIT de hand slijpen of gemonteerd op een STIHL slijpwagen gebruiken.
2.8.1 Losuit de hand slijpen

Het motorapparaat algijd met beiden handen vasthonden. Rechterhand bij deijkenste handgreep - geldt ook voor linkshandigen. Voor een goede geleiding de draagbeugel en de handgreep met de duimen omsluiten.

Als een doorslijpmachine met een roterende doorslijpschijf in de richting van de pijl worden bewogen, ontstaat er een kracht die de machine probeert te doein kantelen.
Het door te slijpen object moet vast liggen,.altijd het apparaat maar het object geleiden - nooit omgekeerd.
2.8.2 Slijpwagen
STIHL doorslijpmachines hunnen op een STIHL slijpwagen worden gemonteerd.
2.9 Beschermkap
Het verstelbereik van de beschemkap worden bepaald door een aanslagbout. Nooit de beschemkap over de aanslagbout drukken.

Beschermkap correct instellen voor de doorslijp-schijf: materiaaldeeltjes afbuigen van de gebrui-ker en het apparaat.
Traject van de wegteslepen materiaaldeeltjes inRCTn.
2.10 Tijdens de werkzaamheden
Bij dreigend gevaar, resp. in geval van nood direct de motor afzetten - combischuif/combischakelaar/stopschakelaar in stand STOP resp. 0 plaatsen.
Op een correct stationair toerental letten, zodate doorelsijpschijf na het loslaten van de gashendel Niet meer worden aangedreten en tot stilstand komt.
Regelmatig de instelling van het stationair toerental controleren, resp. corrigeren. Als de doorslijpschijf bij stationair toerental toch meedraait, het stationair toerental door een geauthoriseerde dealer lately repareren.
Het werkgebied ontruimen - houd rekening met hindernissen, gaten en putten.
Let op bij gladheid, regen, sneeuw, op hellingen, in oneffen terrein enz. -kans op uitglijden!
Niet op een ladder werken – Niet op een onstabiele ondergrond – Niet boven schouderhoogte – Niet met een hand – kans op ongelukken!
Altijd voor een stabiele en veilige houding zorgen.
Niet alleen werken -.altijd andere Personen op roepafstand houden, zodat die in geval van nood hulp hunnen bieden.
Geen andere Personen toelaten in het werkgebied - voldoende afstand ten opzichte van andere Personen aanhouden, als bescherming gegen lawaai enwegslingerende deeltjes.
Bij gebruik van gehoorbeschemers moet extra omzichtig en bedachtzaam worden gewerkt – waar geluiden die op gevaar wijzen (schreeu
wen, alarmsignalen e.d.) minder goed hoorbaar zichn.
Opijd rustpauzes nemen.
Rustig en met overleg werken - alleen bij voldoende Licht en goed zich. Voorzichtig werken, anderen nicht in gevaar brengen.

Het motorapparaat produceert giftige uitlaatgassen, zodra de motor draait. Deze gassen konnen geurloos en onzichtbaar zich en onverbrande koolwaterstoffen en benzol bevatten. Nooit in afgesloten of slecht geventi-leerde ruimtes met het motorapparaat werken - ook Niet met machines voorzien van katalysator.
Bij het werken in greppels, slenken of vergelijkbareplaatsen met weinig ruimte, steeds voor voldoende luchtventilatie zorgen -levensgevaardoor vergiftigng!
Bij misselijkheid, hoofdpijn, gezichtsstoornissen (bijv. kleiner wordend blikveld), gehoorverlies, duizeligheid, afnemende concentratie, de werkzaamheden direct onderbreken - deze symptomen können onder andere worden veroorzaakt door een te hoge uitlaatgas concentratie - kans op ongelukken!
Niet rokenijdens het gebruik en in de directe omgeving van het motorapparaat - brandgevaar!
Als het motorapparaat Niet volgens voorschrift (bijv. door geweld van buitenaf, door stoten of vallen) werk uitgeschakeld, voor het opnieuw in gebruik nemen beslist controeren of dit in goede staat verkeert - zie ook "Voor het starten". Vooral op lekkage van het brandstofsysteme en de goede werkig van de veiligheidsinrichtingen letten. Motorapparaten die Niet meer bedrijfszeker zich, in geen geval verdier gebruiken. In geval van twijfel contact opnemen met een geaurisiere de dealer.
Niet in de startgasstand werken - het motortoe- rental is bij deze stand van de gashendel nicht regelbaar.
Nooit een draaiende doorslijpschijf met de hand of met een ander lichaamsdeel aanraken.
De werkplek controleren. Gevaren als gevolg van beschadigingen aan pijpleidingen en elektrische leidingen verhinderen.
Het apparaat mag nicht worden gebruikt in de buurt van ontvlambare stoffen en brandbare gassen.
Nederlands 2 Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek
Niet in pijpen, metalen vaten of andere containers slijpen, wanneriet vaststaat dat ze geen vluchtige of brandbare substanties bevatten.
De motor Niet onbeheard latent draaien. Alvorens het apparaat worden achtergelaten (bijv. bij werkonderbrekingen) de motor afzetten.
Voordat de doorslijpmachine op de vloer worden gezet:
Motor uitschakelen
Wachten tot de doorslijpschijf stilstaat of de doorslijpschijf door voorzichtig contact met een hard oppervlak (bijv. betonplaat) tot stilstand afremmen

Doorslijpschijf vaker controleren - meteen verrangen wonneer scheuren, welvingen of andere beschadigingen (bijv. oververhitting) zichbaarijken - door breuk kans op ongelukken!
Bij wijzigingen in het doorslijpgedrag (bijv. sterkere trillingen, afnemende doorslijpcapaciteit) het werk onderbreken en de oorzaken voor de wijzigingen opheffen.
2.11 Reactiekrachten
De meest voorkomende reactiekrachten zich terugslag en intrekken.

Gevaar door terugslag - terugslag kan leiden tot dodelijk letsel.

002BA551 AM
Bij een terugslag (kickback) worden de doorslijpmachine plotseling en onontroleerbaar maar de gebruiker geslingerd.
Terugslag ontstaat bijv. als de doorslijpschijf
- ingeklemd raakt - met name in het bovenste kwartgedeelte
- door wrijvingscontact met een vast object sterk worden afgeremd
Terugslaggevaar verminderen
-
door weloverwogen, correct werken
-
Doorslijpmachine met beiden handen vasthouden en op een veilige manier hanteren

- het liefst Niet met het bovenste kwartgedeelte van de doorslijpschijf doorslijpen. De doorslijpschijf alleen uiterst voorzichtig in een slijpgroef aanbrengen, Niet verdraaien of schoksgewijs in de slijpgroef steken

Wigeffect vermijden, het afgeslepen gedeeltemag de doorslijpschijf Niet afremmen
- Altijd met een reactiebeweging van het door te slijpen voorwerp of met andere oorzaken rekening houden die ervoor zorgen dat de slijgpgroef wordenichtgedrukt en de doorslijpschijf kan vastlopen
- Het te bewerken object op betrouwbare wijze vastzetten en zo ondersteunen, dat de slijpvoegijdens en na het slijpen geopend blijft
- de door te slijpen objecten mogen.daarom nicht hol liggen, en要去en beveiligd zich降到 wegrollen, weglijk den trillingen

- een vrijliggende buis stabel en met voldoende draagvermögen ondersteunen, eventuele wig
2 Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek Nederlands
gen gebruiken -altijd de onderconstructie en ondergrond in acht nemen - materiaal kan afbrokkelen
- Met diamantdoorslijpschijven nat slijpen
Kunsthars doorslijpschijven zijn afhankelijk van de uitvoering alleen geschikt voor droog slijpen resp. nat slijpen. Nat slijpen met kunsthars doorslijpschijven die alleen voor nat slijpen geschikt�<|im_start|>assistant - Kunststhars dooreeuiiie

2.11.1 Wegtrekken
De doorslijpmachine trekt de gebruiker waar voren weg wonneer de doorslijpschijf het door te slijpen object aan de bovenzijde raakt.
2.12 Werkzaamheden - doorslijpen

De doorslijpschijfrecht in de slijpvoeg geleiden, Niet scheef drukken of enkelzijdig belasten.

Niet schuin slijpen of opruwen.

002BA554 AM
Geen lichaamsdeel in het verlangde zwenkbereik van de doorslijpschijf. Let op voldoende vrij ruimte, met name in bouwputten voldoende ruimte creeren voor de gebruiker en het vallen van het af te slijpen.Deel.
Niet te ver maar boven gebogen werken en nooit over de doorslijpschijf buigen, in het bijzonder wonneer de beschermkap�<|im_start|> boven is teruggetrokken.
Niet boven schouderhoogte werken.
De doorslijpmachine alleen voor doorslijpen gebruiken. De machine is Niet geschikt voor het loswrikken of weglijpen van voorwerpen.
Niet op de doorslijpmachine drukken.
Eerst de doorslijprichting bepalen, dan de doorslijpmachine aanbrengen. Doorslijprichting dan Niet meer veranderen. Nooit met het apparaat in de slijpvoeg stoten of sloan - het apparaat Niet in de slijpvoeg latent vallen - kans op breuk!
Diamantdoorslijpschijven: bij een teruglopende doorslijpcapaciteit controeren of de diamantdoorslijpschijf bot is, zo nodig aanscherpen. Daarvoor gedurende korteijd in abrasief materiaal slijpen, zoals zandsteen, gasbeton of asfait.
Na het dooreljpen wordt de doorslijpmachine Nieteer via de dooreljipschijf in de doorslijgroef ondersteund.De gebruiker moet het gewicht opnemen -kans op verlies van de contro!

Bij het doorslijpen van staal: is er door de vondenregen kans op brand!
Water en modder Niet in aanraking lately komen met stroomgeleidende kabels - kans op elektrische schokken!
Doorslijpschijf in het werkstuk trekken - Niet erin duwen. Uitgevoerde doorslijpingen Niet met de doorslijpmachine corrigeren. Niet opnieuw doorslijpen - achetergebleven verbindingsstukken of breuklijsten breken (bijv. met een hamer).
Bij gebruik van diamantdoorslijpschijven nat doorslijpen - bijv. STIHL wateraansluiting gebruiken.
Kunsthars doorslijpschijven zijn afhankelijk van de uitvoering alleen geschikt voor droog slijpen resp. nat slijpen.
Bij gebruik van kunsthars doorslijpschijven die alleen voor nat slijpen geschikt zich, het materiaal nat doorslijpen – bijv. STIHL wateraansluiting gebruiken.
Droog slijpen bij gebruik van kunsthars doorslijpschijven die alleen geschikt zichn voor droog slijpen. Worden dergelijkke kunsthars doorslijpschijven desondanks nat, verliezen ze hun slijpvermogen en worden bot. Als kunsthars doorslijpschijven nat wordenijdens het gebruik (bijv. door plassen of waterresten in buizen) - de slijpdruk Niet verhogen maar gelijk houden -
kans op breuk! Dergelijkke kunsthars doorslijp-schijven direct op gebruiken.
2.12.1 Slijpwagen
Weg voor de slijpwagen vrijmaken. Als de slijpwagen over voorwerpen worden geschoven, kan de doorslijpschijf in de slijpgroef worden scheef gedrukt - kans op breuk!
2.13 Trillingen
Langdurig gebruik van het motorapparaat kan leiden tot door trillingen veroorzaakte doorbloedingsstoornissen aan de handen ("witte vingers").
Een algemeen geldende gebruiksduur kan nicht worden vastgesteld, sondern deze van meerderere factoren afhankelijk is.
De gebruiksduur worden verlengd door:
- Bescherming van de handen (warme hand-schoenen)
Rustpauzes
De gebruiksduur worden verkort door:
- Bijzondere persoonlijke aanleg voor slechte doorbloeding (kenmerk: vaak koude vingers, kriebelen)
Lage buitentemperaturen
- De mate van kracht uitgeoefend door de handen (stevig beetpakken beinvloedt de doorbloeding nudelig)
Bij regelmatig, langdurig gebruik van het apparaat en bij het herhaald optreden van de betreffende symptomen (bijv. vingers kriebelen) worden een medisch onderzoek geadviseerd.
2.14 Onderhoud en reparations
Het motorapparaat regelmatig onderhonden. Alleen die onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uitvoeren die in de handleiding staan beschreiben. Alle andere werkzaamheden latent uitvoeren door een geauthoriseerde dealer.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te latentuitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatif geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Alleen hoogwaardige onderdelen monteren. Als dit worden nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan de handrugnevelspuit. Bij vragen contact opnemen met een geauthoriseerde dealer.
STIHL advisert originele STIHL onderdelen te monteren. Deze+zijn qua eigenschappen opti
maal op het apparaat en de eisen van de gebrui- ker afgestemd.
Bij reparatie-, onderhouds- en reinigingswerkzaamheden aktijd de motor afzetten en de bougiesteker lostrekken - kans op letsel door het onbedoeld starten van de motor! - Uitzondering: afstelling carburateur en stationair toerental.
De motor mag, als de bougiesteker is losgetrokken of als de bougie is losgedraaid, alleen met het startmechanisme worden getornd als de combischakelaar/stopschakelaar in stand STOP, resp. 0 staat - brandgevaar door ontstekingsvonden buiten de cilinder.
Het motorapparaat Niet in de nabijheid van open vuur onderhonden en opslaan - brandgevaar door de brandstof!
De tankdop regelmatig op lekkage controleren.
Alleen in goede staat verkerende, door STIHL vrijgeveen bougies -zie "Technische gegevens" - monteren.
Bougiekabel controlleren (goede isolatie, vaste aansluiting).
Controller of de uitlaatdemper in een goede staat verkeert.
Niet met een defecte of zonder uitlaatdempo Werken - brandgevaar! - Gehoorschade!
De hete uitlaatdemper nicht aanraken - gevaar voor brandwonden!
Silent-bloc aan de onderzijde van het apparaat controlleren - hetuis mag de grond Niet raken - kans op beschadiging!
De staat van de antivirusbatie-elementen beinvloedt het trillingsgedrag - de antivirusbatie-elementen regelmatig controleren.
3 Gebruiksvoorbeelden
3.1 Met diamantdoorslijpschijven alleen nat slijpen
3.1.1 Levensduer en slijpsnelheid verhogen
De doorslijpschijf in principe voorzien van water.
3.1.2 Stof binden
Aan de doorslijpschijf minimaal een waterhoeveelheid van 0,6 l/min toevoeren.
3.1.3 Wateraansluiting
- Wateraansluiting op de machine voor alle soorten watertoevoer
- Drukwatertank 10 I voor stofbinding
3 Gebruiksvoorbeelden Nederlands
- Op de slijpwagen te monteren watertank voor stofbinding
3.2 Met kunsthars doorslijpschijven droog, resp. nat doorslijpen - al naargelang de uitvoering
Kunsthars doorslijpschijven zijn, al naargelang de uitvoering, alleen geschikt voor droog slijpen of alleen voor nat slijpen.
3.2.1 Kunstshars doorslijpschijyen alleen geschikt voor droog doorslijpen
Bij droog slijpen een hiertoe geschikt stofmasker dragen.
Bij te verwachten vrijkomende dampen of rook (bijv. bij het doorslijpen van composieten) een mondkapje dragen.
3.2.2 Kunstshars doorslijpschijven alleen geschikt voor nat doorslijpen

Doorslijpschijf alleen in combinatie met water gebruiken.
Om het stof te binden aan de doorslijpschijf minimaal 1 I water per minuut toevoeren. Om de slijpcapaciteit Niet te reduceren, aan de doorslijpschijf maximaal 4 I water per minuut toevoeren.
Na de werkzaamheden de doorslijpschijf voor hetwegslingeren van het water ca. 3 tot 6 seconden zonder watertoevoer met het werktoerental latentraaien.
- Wateraansluiting op de machine voor alle soorten watertoevoer
- Drukwatertank 10 I voor stofbinding
- Op de slijpwagen te monteren watertank voor stofbinding
3.3 Bij het doorslijpen met diamanten kunsthars doorslijpschijven op het onderstaande letten
3.3.1 Door te slijpen voorwerpen
-要去en over de gehele lenghte zichn ondersteund
- gegen wegrollen, resp. weglijkden bevelligen
- gegen trillingen bevieleigen
3.3.2 Afgeslepen delen
Bij het makes van doorvoeringen, uitsparingen enz. is de volgorde van het aanbrengen van de doorslijpvoegen belangrijk. De LASTe slijpvoeg altijd zo aanbrengen dat de doorslijpschijf Niet
kan worden ingeklemd en dat het los- of uitgeslepen deel de gebruiker nicht in gevaar brengt.
Zo nodigkleine bruggetjeslatenstaanwaardoor het los te slijpen deel blijft staan.Deze bruggetjes later doorbreken.
Voor het definitief doorslijpen van het deel bepa- len:
Hoe zwaar is het deel
- In welke richting kan het deel na het losslijkpen bewegen
Staat het onder spanning
Bij het uitbreken van het deel de helpers nicht in gevaar brengen.
3.4 In meerterefasendoorslijpen

Slijpijn (A) aftekenen

Langs de slijplijn werken. Bij correcties de doorslijpschijf Niet scheef drukken, maar algijd opnieuw aanzetten - de slijpdiepte per fase mag maximaal 5 tot 6 cm bedragen. Dikker materiaal in meerdefasen doorslijpen
3.5 Platen doorslijpen
- Plaat borgen (bijv. op een slipvrije ondergrond, zandbed)

- Geleidegroef (A) langs de aangebrachte slijp-lijn inslijpen

Slijpvoeg (B) dieper inslijpen
Breuklijst (C) laten staan
De planta eerst bij de slijpvoeguiteinden doorslijpen, zodateer geen materiaaluitbreekt
Deplaatbreken

Bochten in meerdere cycli aanbrengen - erop letten dat de doorslijpschijf nicht scheef worden gedrukt
3.6 Buizen, Ronde en holle voorwerpen doorslijpen
-
Buizen, rond en holle voorwerpen borgen, zDat deze Niet trillen, weglijkden of wegrollen
Op de valrichting en het gewicht van het los te slijpen.Deel letten
Slijplijn bepalen en aftekenen, hierbij de bewapening vooral in de richting van de slijpvoeg ijden
Volgorde van de slijpvoeg vastleggen -
Geleidegroef langs de aangebrachte slijplijn inslijpen
De slijpvoeg langs de geleidegroef dieper uitslijpen - op de geadviseerde slijpdiepte per handeling letten - voorkleine richtingscorrecties de slijpschijf Niet scheef drukken, maar opnieuw aanzetten - zo nodigkleine bruggetjes latent staan die het los te lijpen deel in de juiste stand honden. Deze bruggetjes na de LASTe geplande slijpvoeg breken
3.7 Betonnen buis doorslijpen

De procedure is afhankelijk van de buitendiameter van de buis en de maximaal möglichke slijpdiepte van de doorslijpschijf (A).
De buis gegen trillingen, weglijk den en wegrollen beveiligigen
Op het gewicht, de spanning en de valrichting van het af te slijpen deel letten

De slijpvoeg bepalen en aftekenen
De slijpvolgorde vastleggen
3 Gebruiksvoorbeelden Nederlands
Buitendiameter is kleiner dan de maximale slijp-diepte

Een slijpvoeg van bovenaar beneden aanbrengen
Buitendiameter is groter dan de maximale slijp-diepte
Eerst plannen, daarna uitvoeren. Meerdere slijpvoegen zichn nodig - correcte volgorde is belangrijk.
Altijd aan de onderzijde beginnen, met het bovenste kwart van de doorslijpschijf werken

- De gegenoverliggende onderste zichde met het bovenste kwart van de doorslijpschijf doorslijpen

Eerste zijdelingse slijpvoeg in de bovenste helft van de buis

Tweede zijdelingse slijpvoeg in het gemar-keerde deel - in geen geval in het bereik van de LASTe slijpvoeg slijpen om te garanderen dat het af te slijpen deel van de buis vast blijft zitten
Pas als alle onderste en zijdelingse slijpvoegen bij aanbrengen.

De)[-stie slijpvoeg altijd vanaf de boenzijde (ca. 15% van de buisomtrek)
3.8 Betonnen buis - uitsparing uitslijpen
Volgorde van de slijpvoegen (1 tot 4) is belangrijk:
Eerst de moeilijk bereikbareplaatsen doorsijpen

De slijpvoeg alkijd zo uitvoeren dat de slijpschijf Niet worden ingeklemd

Keggen gebruiken en/of bruggetjes latent staan die nadat de slijpvoegen zich aangebracht können worden doorgebroken

- Als na het aanbrengen van de slijpvoegen het uitgeslepen deel in de uitsparing blijft hangen (door de gezebruekte keggen, bruggetjes) geen verdere slijpvoegen aanbrengen - het uitgeslepen deel afbreken
4 Doorslijpschijven
Doorslijpschijven worden vooral bij het doorslijpen vanuit de losse hand aan zeer zware belasting blootgesteld.
Daarom alleen de voor het gebruik van handgedragen apparaten volgens EN 13236 (diamant) of EN 12413 (kunsthars) vrijgegeven en de overeenkomstig gemarkeerde doorslijpschijven gebruiken. Op het maximumtoerental van de doorslijipschijf letten -kans op ongevallen!
De door STIHL, samen met gerenommeerde slijpschijffabrikanten, ontwikkelde doorslijpschijven zichkwalitatief hoogwaardig en precies afgestemd op het gebruiksdoel en op het motorvermogen van de doorslijpmachines.
Deze zijn van een gelijkblijvende,uitstekende kwaliteit.
4.1 Transport en opslag
- Doorsliipschijven bij transport en opslag Niet blootstellen aan direct zonlicht of andere warmtebronnen
- Schokken en stoten vermijden
- Doorsliipschijven droog en bij een zo constant möglichke temperatuur, op een vlakke ondergrond in de originele verpakking bewaren (stapelen)
- Doorslijpschijven Niet in de buurt van agressieve vloeistoffen bewaren
-Doorslijpschijven vorstvrij bewaren
5 Kunstshardsdoorslijpschijven

Type:
- voor droog slijpen
- voor nat slijpen
De juiste keuze en het juiste gebruik van kunsthars doorslijpschijven staan garant voor een economisch gebruik en voorkomen snelle slijtage.
Bij het kiezen helpt de codering op
- het etiket
-vandeverpakking(tabel met gebruiksadvie- zen)
STIHL kunsthars doorslijpschijven zijn, afhanke-lijk van de uitvoering, geschikt voor het doorslijpen van de volgende materialen:
- asfalt
-- beton
-steen - gegoten buizen
- staal; STIHL kunsthars doorslijpschijven zichniet geschikt voor het doorslijpen van spoorrails
6 Diamantdoorslijpschijven Nederlands
Geen andere materialen doorslijpen - kans op ongevallen!
6 Diamantdoorslijpschijven

Voor nat slijpen.
De juiste keuze en het juiste gebruik van diamant-doorslijpschijven staan borg voor een economisch gebruik en voorkomen snelle slijtage. Bij het kiezen helpt de codering op
-
het etiket
-
de verpakking (tabel met gebruiksadviezen)
STIHL diamant-doorslijpschijven zijn, afhankelijk van de uitvoering, geschikt voor het doorslijpen van de volgende materialen:
- asfalt
beton
-steen (hard gesteente) - grindbeton
- vers beton
- dakpannen
gresbuizen - gietijzer
Geen andere materialen doorslijpen - kans op ongevallen!
Nooit diamant-doorslijpschijven gebruiken die zichen voorzien van een slijplaag aan de zijkant, waar dat deze in de slijpvoeg kunnen gaan klemmen en daardoor tot een extreme terugslag kunnen leiden - kans op ongevallen!
6.1 Coderingen

De codering is een combinatie van maximaal vier letters en cijfers:
- De letters geen het hoofdegebruik van de doorslijpschijf aan
- De cijfers geleven de prestatieklasse van de STIHL diamant-doorslijpschijven aan
6.2 Radiale en axiale slingering
Een in goede staat verkerende spillagering van de doorslijpmachine is van doorslaggevend belang voor een lange levensduur en een efficiente werkung van de diamant-doorslijpschijf.
Het gebruik van de doorslijpschijf op een doorslijpmachine met een defecte spillagering kan leiden tot te hoge radiale en axiale slingering.

Een te große radiale slingering (A) overbelast enkele diamantsegmenten die hierbij te warm worden. Dit kan leiden tot spanningscheurtjes in het hart of tot het uitgloeien van enkele segmenten.
Axiale slingeringen (B) leiden tot een hogere warmtebelasting en bredere slijpvoegen.
6.3 Slijtage van de Kern

Bij het aanbrengen van slijpvoegen in het wegdek Niet in de draaglaag (vaak steengruis) slijpen - slijpen in steengruis is te herkennen aan het lichte stof - hierbij kan overmatige slijtage van de fern optreden - kans op breuk!
6.4 Afzettingen op de segmenten, aanscherpen

Afzettingen op de segmenten vormen eenlichtgrijze voering op de bovenzijde van de diamant
6.5 Opheffen van storingen
segmenten. Deze voering bedekt de diamanten in de segmenten waardoor de segmenten bot worden.
Afzettingen können worden gezvormd:
- Bij extreem hard slijpmateriaal, bijv. graniet
- Bij verkeerd gebruik, bijv. te hoge aanzetdruk
Afzettingen versterken trillingen, verminderen de doorslijpcapaciteit en veroorzaken vonkvorming.
Bij de eerste tekenen van afzetingen de diamant-doorslijpschijf direct 'aanscherpen' - hiermee kortstandig in abrasief materiaal, zoals bijv. zandsteen, gasbeton of asfait slijpen.
Het toevoeren van water voorkomt de vorming van afzetingen.

Als er met botte segmenten verder worden gewerkt, können deze vanwege de hoge hitteontwikkeling zacht worden -de Kern gloeit uit enverliest zichn sterkte - dit kan tot spanning leiden,duidelijk herkenbaar aan de slingering van dedoorslijpschijf. De doorslijpschijf Niet verder gebruiken -kans op ongelukken!
6.5.1 Doorslijpschijf
| Storing Oorzaak Remedie | ||
| Onregelmatige randen of slijp-vlakken, slijpvoeg verlooptSterke slijtage aan de zichden van de segmenten | Radiale of axiale slingering ContactDoorslijpschijf tuimelt Nieuwe doors | opnemen met geautori-seerde dealer1)lijpschijf monteren |
| Onregelmatige randen, slijpvoeg verloopt, geen doorslijpcapacitiet, vonkvorming | Doorslijpschijf is bot, afzettingen op de segmenten bij doorslijpschijven voor steen | Doorslijpschijf voor steen door het kortstondig slijpen in schu-rend materiaaal aanscherpen; |
| doorslijpschijf voor asfait verran-gen door een{nieuwe} | ||
| Slechte doorslijpcapaciteit, hoge segmentslijtage | Doorslijpschijf draait in de ver-keerde richting | Doorslijpschijf in de juiste draai-richting monteren |
| Breuken of scheurtjes in het stamblad en het segment | Overbelasting Nieuwe doorslijpschi | if monteren |
| Slijtage van de Kern Slijpen in ver-keerd materiaal Nieuwe doorslijpssch | hijf monteren; op de doorslijplagen van de verschillende materialen letten | |
STIHL doorslijpmachines hunnen worden uitgevoerd met een elektronische waterregeling.
Door de elektronische waterregeling is het mogelijk de doorslijpschijf te voorzien van de optimale hoeveelheid water. Bij het onbelast draaien worden geen water toegevoerd.
7.1 Voor de werkzaamheden
- Oefen bij een afgezette motor, zodate handelingen een automatisme worden

- Met de duim van de rechterhand konnen alle toetsen van het bedieningspaneel worden bediend - de rechterhand blijdtaar bij steeds op de achechterste handgreep
De linkerhand blijf steeds op de draagbeugel
7.2 Bedieningspaneel
Als de motor draait, kan de elektronische waterregeling worden in-, resp. uitgeschakeld en de waterhoeveelheid worden ingesteld.

1 Toets (+) : elektronische waterregeling inschakelen, resp.meer water aan de doorslijpschijf toevoeren
2 Toets (-): elektronische waterregeling inschakelen, resp. ); minder water aan de doorslijpschijf toevoeren
3 Elektronische waterregeling uitschakelen, de doordslijpschrift worden Niet voorzien van water
7.3 Met de elektronische waterregeling werken
Motor starten, zie "Motor starten/afzetten"
Toets (+) of toets (-) met de duim van de rechterhand aantippen, de rechtterhand blijft hierbij steeds op de achterste handgreep, de linkerhand blijft op de draagbeugel -de doorslijp-schijf krijgt bij onbelast draaien (stationair toerental) nog geen water toegevoerd
Tijdens de werkzaamheden krijgt de doorslijp-schijf de ingestelde hoeveelheid water toegevoerd.
- Zo nodig de waterhoeveelheid aanpassen – waaroor de toets (+) of toets (-) met de duim van de rechterhand zolang aantippen tot de juiste waterhoeveelheid is bereikt – de rechterhand blijft hierbij steeds op dechterste handgrep, de linkerhand blijft steeds op de draagbeugel
Als de doorslijpschijf na de werkzaamheden onbelast draait, krijgt de doorslijpschijf geen water toegevoerd - de elektronische waterregeling blijftECHTER ingeschakeld. Bij hetervoig van de werkzaamheden worden de doorslijpschijf automatisch weeer voorzien van de LAST ingestelde hoeveeelheid water.
Als de motor worden afgezet en opnieuw worden gestart is de elektronische waterregeling uitgeschakeld.
7.3.1 Gebruik op de slijpwagen STIHL FW 20
Als de doorslijpmachine op de slijpwagen STIHL FW 20 in combinatie met de watertank worden gebrukt de maximale waterhoeveelheid toevoeren.
7.4 Onderhoud
Als tijdens de werkzaamheden ondanks de ingeschakelde elektronische waterregeling te weinig of—helemaal geen water aan de doorslijpschijf worden toegevoerd:

Koppelingsmof (1) lostrekken
"Wateraansluiting met zeef" (2) losschroeven en onder stromend water schoonmaken - de zeef blijft op de wateraansluiting zitten
Als ondanks de schoongemaaakte zeef, de doorslijpschijf te weinig of geen water krijgt toegevoerd, contact opnemen met de dealer.
8 Aansluitstuk met beschermkap monteren
Af fabriek is het "aansluitstuk met beschemkap" aan de binnenzijde gemonteerd.
Al naargelang het gebruik kan het "aansluitstuk met beschermkap" ook aan de buitenzijde worden gemonteerd.
Voor het los uit de hand doorslijpen worden met het oog op de gunstigere positie van het zwaar-
tepunt, montage aan de binnenNZijde geadviseerd.
8.1 Montage aan de buitenzijde
- Doorslijpschijf demonteren (zie "Doorslijpschijf monteren/vervangen")
8.1.1 Wateraansluitnippel uitbouwen

- Banjobout (1) met behulp van de combisleutel losdraaien - waar bij de vierkante moer aan de binnenzijde van de beschemkapuit de geleiding nemen
Waterslang (2) met de nippel van de stelhendel (3) nemen
Waterslang (2)uit de geleiding (pijlen) van deriembeschemkap trekken
8.1.2 Stelhendel uitbouwen

- Banjobout (1) met behulp van de combisleutel losdraaien enSAMen met de pakkingring weg nemen - hierbij de vierkante moer aan de binnenzijde van de beschemkap uit de geleiding nemen
Bout (2) losdraaien
Stelhendel (3) waar boven draaien en wegme- men
8 Aansluitstuk met beschermkap monteren Nederlands
8.1.3 V-riem ontspannen

- Moeren (1) een slag losdraaien - Niet UIT de boring draaien
- Spanmoer (2) met behulp van de combisleutel linksom draaien - ca. 1/4 slag tot hij aan-ligt = 0
8.1.4 Riembeschermkap uitbouwen

Bout (1) losdraaien
Riembeschemkap (2) iets oplichten en waar voren toe wegtrekken

V-riem (3) van de voorste riempoelie (4) nemen
8.1.5 "Aansluitstuk met beschemkap" uittbouwen

Moeren (1) losdraaien
"Starterdeksel met het startmechanisme" (2) wegemen
"Aansluitstuk met beschemkap" (3) van de tapeinden nemen
8.1.6 "Aansluitstuk met beschermkap" voorbereiden voor montage aan de buitenzijde

Aanslagbout (1) losdraaien

De beschemkap in de afgebeelde stand (zie afbeelding) draaien
Aanslagbout (1) in de boring schroeven en vastdraaien
Stelhendel (2) in stand A aanbrengen
Bout (3) aanbrengen en vastdraaien
Bout (4) van de aanslag (5) losdraaien
Aanslag (5) lostrekken

"Aansluitstuk met beschermkap" zo draaien dat de beschermkap aan de buitenzijde zit
Aanslag (5) aanbrengen - de boring in de aanslag in lijn brengen met de boring in het aansluitstuk
Bout (4) aanbrengen en vastdraaien
De vierkante moer in de geleiding van de beschemkap schuiven en vasthonden
Kortere banjobout (6) met de pakkingring op de stelhendel draaien en met behulp van de combisleutel vastzetten
8.1.7 "Aansluitstuk met beschemkap" mon- teren - beschemkap aan de buitenzijde

Sleufgaten (1) van het "Aansluitstuk met beschemkap" over de tapeinden (2) schuiven - hierbij de V-riem over de voorste riempoelie geleiden
LET OP
De V-riem要去 gemakkelijk ronddraaien.
- Spanner (3)要去 gegen de pal (4) liggen

"Starterdeksel met startmechanisme" (5) op de tapeinden (2)plaatsen
Moeren (6) met de hand vastdraaien

Riembeschemkap (7) aanbrengen
Bout (8) aanbrengen en vastdraaien
8.1.8 Wateraansluitnippel monteren

- Langere banjobout (1) door de nippel (2) op de waterslang steken - let op de stand van de beschemkap
De vierkante moer in de geleiding van de beschemkap schuiven en vasthonden - De nippel met de langere banjobout gegen de stelhendel (3)plaatsen - de banjobout in de boring schroeven en met behulp van de combisleutel vastzetten
De waterslang in de geleiding van de riembeschermkap (pijlen) gezien vanaf de kraan in de richting van de beschemkap aanbrengen - geen scherpe bochten
8.1.9 Het verstelbereik van de beschemkap controlleren

De beschemkap zo ver möglichk maar voren enaar achteren draaien - het verstelbereik (A) moet worden begrensd door de aanslagboutein
Verder, zie "V-riem spannen".
8.2 Montage aan de binnenzijde
- Doorslijpschijf demonteren (zie "Doorslijpschijf monteren/vervangen")
Wateraansluitnippel uitbouwen
Stelhendeluitbouwen
V-riem ontspannen
Riembeschermkap uitbouwen
"Aansluitstuk met beschermkap"uitbouwen
8.2.1 "Aansluitstuk met beschermkap" voorbereiden voor montage aan de binnenzijde

Bout (1) van de aanslag (2) losdraaien
Nederlands 9 V-riem spannen
"Aansluitstuk met beschemkap" zo draaien dat de beschemkap aan de binnenzijde zit
Aanslag (2) aanbrengen - de boring in de aan-slag in lijn brengen met de boring in het aansluitstuk
Bout (1) aanbrengen en vastdraaien
Aanslagbout (3) losdraaien

De beschemkap in de afgebeelde stand (zie afbeelding) draaien
Aanslagbout (3) in de boring schroeven en vastdraaien
Stelhendel monteren
"Aansluitstuk met beschermkap" monteren - beschermkap aan de binnenzijde
Riembeschermkap monteren
Wateraansluitnippel monteren

8.2.2 Het verstelbereik van de beschemkap controlleren
De beschemkap zo ver möglichk maar voren enaaracteren draaien -hetverstelbereik (A) moet worden begrensd door de aanslagbouten
Verder, zie "V-riem spannen".
9 V-riem spannen
Dit apparatus is voorzien van een automatische, op veerkracht werkende riemspanner.

Voor het spannen van de V-riem要去en de moeren (1) zich losingedraaid en de pijl op de spanmoer (2)要去aar 0 zich gericht.
Zo Niet de moeren (1) losdraaien en de spanmoer (2) met behulp van de combisleutel linksom draaien - ca. 1/4 slag, tot deze aanligt = 0

Voor het spannen van de V-riem de combisleutel zoals afgebeeld op de spanmoerplaatsen

WAARSCHUWING
De spanmoer staat onder veerspanning - combisleutel goed vasthouden.
De spanmoer rechtsom ca. 1/8 slag draaien op de spanmoer werkt de veerkracht
De spanmoer rechtsom ca. 1/8 slag verder draaien - tot dezeaanligt
LETOP
De combisleutel nicht geforceerd verder draaien.
In deze stand worden de V-riem automatisch door de veerkracht gespannen.
De combisleutel van de spanmoer nemen
Moeren (1) vastdraaien
9.1 V-riem naspannen

De V-riem worden nagespannen zonder de spanmoer te verdraaien.
Moeren (1) losdraaien
De V-riem worden automatisch door de veerkracht gespannen
Moeren (1) weer vastdraaien
10 Doorslijpschijf monteren/ervangen
Monteren, resp. verrangen alleen bij een afgezette motor - combischakelaar in stand STOP, resp. 0.
10.1 As blokkeren

- Doorn (1) door de boring in de riembeschemkap steken
De as met behulp van de combisleutel verdraien tot de doorn (1) in deaarachter ligende boring valt
10.2 Doorslijpschijf uitbouwen

Zeskantbout (2) met behulp van de combisleutel losdraaien en verwijderen
Voorste drukring (3) en de doorslijpschijf van de as nemen
10.3 Doorslijpschijf monteren

Doorslijpschijf (4) monteren

WAARSCHUWING
Bij diamantdoorslijpschijven op de draairichtingspijlen letten.
Voorste drukring (3) aanbrengen - de arre- teernokken van de voorste drukring (3) moeten in de sleuven van de as vallen
Zeskantbout in de boring plaatsen en met behulp van de combisleutel vastdraaien - bij gebruik van een momentsleutel, aanhaalmoment,zie "Technische gegevens"
De doorn uit de riembeschemkap trekken

WAARSCHUWING
Nooit twee doorslijpschijven gelijkrijk gebruiken - door ongelijkmatige slijtage - kans op breuk en letsel!
11 Brandstof
De motor draaith op een brandstofmengsel van benzine en motorolie.

WAARSCHUWING
Direct huidcontact met benzine en het inademen van benzinedampen voorkomen.
11.1 STIHL MotoMix
STIHL adviseert het gebruik van STIHL MotoMix. Dit kant-en-klare brandstofmengsel bevat geen benzol, is loodvrij, kenmerkt zich door een hoog octaangetal en biedt.altijd de juiste mengverhouding.
STIHL MotoMix is voor de langst möglichke levensduur van de motor gemengd met STIHL tweetaktmotorolie HP Ultra.
12 Tanken Nederlands
11.2 Brandstof(OPeng
LET OP
Brandstoffen die nicht geschikt zijn of met een afwijkende mengverhouding können leiden tot ernstige schade aan de motor. Benzine of motorolie van een mindere kwaliteit können de motor, keerringen, leidingen en benzinetank beschäigen.
11.2.1 Benzine
Alleen benzine van een gerenommeerd merk met een octaangetal van minimaal 90 RON tanken - loodvrij of loodhoudend.
Benzine met een alcoholpercentage van meer dan 10% kan bij motoren met handmatig instelbare carburateursurs storingen veroorzaken, waarom mag deze benzine voor deze motoren Niet worden gezruikt.
Motoren met M-Tronic leveren met benzine met een alcoholpercentage tot 25% (E25) het volle motorvermogen.
11.2.2 Motorolie
Als brandstof zich wordt gemengd mag alleen een STIHL tweetaktmotorolie of een andere hoogwaardige motorolie van de klasse JASO FB, JASO FC, JASO FD, ISO-L-EGB, ISO-L-EGC of ISO-L-EGD worden gezruikt.
STIHL schrijft de tweetaktmotorolie STIHL HP Ultra of een gelijkwaardige hoogwaardige motorolie voor om de emissiegrenswaarden gedurende de machinelevensduur te konnen waarborgen.
11.2.3 Mengverholding
Bij STIHL tweetaktmotorolie 1:50; 1:50 = 1 deel olie +50 delen benzine
11.2.4 Voorbeelden
Hoeveelheid ben- STIHL tweetaktzine olie 1:50
Liter Liter (ml)
10,02 (20)
50,10 (100)
10 0,20 (200)
15 0,30 (300)
20 0,40 (400)
25 0,50 (500)
In een voor benzine vrijgeveen jerrycan eerst motorolie bijvullen enervoigens benzine en goed mengen
11.3 Brandstofmengsel opslaan
Benzine alleen bewaren in voor benzine vrijgegeven jerrycans op een veilige, droge en koeleplaats, beschermd gegen Licht en zonnestralen.
Het brandstofmengsel veroudert - alleen de hoeveelheid die nodig is voor enkele weken men-gen. Het brandstofmengsel Niet langer dan 30 dagen bewaren. Door de inwerking van Licht, zon, lage of hoge temperatures kan het brandstofmengsel sneller onbruikbaar worden.
STIHL MotoMix kan darüber tot zo'n 2aar probleemloos worden bewaard.
De jerrycan met brandstofmengsel voor het tanken goed schudden

WAARSCHUWING
In de jerrycan kan zich druk opbouwen - de dop voorzichtig losdraaien.
De benzinetank en de jerrycan regelmatig grondig reinigen
De restbrandstof en de voor de reiniging gebruike vloeistof volgens voorschrift en milieubewust opslaan en afvoeren!
12 Tanken

12.1 Apparaat voorbereiden
- De tankdop en de omgeving ervan voor het tanken reinigen zodate er geen vuil in de tank valt
- Het apparatusat zo neerleggen dat de tankdop maar boven is gericht

De bajonettankdop nooit met behulp van gereed-schap opendraaien. De dop kan hierbij worden beschadigd en er kan benzine weglekken.
12.2 Dop openen

De dop met de hand tot aan de aanslag indrukken, linksom draaien (ca. 1/8 slag) en wegemen
12.3 Tanken
Bij het tanken geen benzine morsen en de tank Niet tot aan de rand vullen. STIHL advisert het STIHL vulsystem voor brandstof (special toebehoren).
12.4 Dop sluiten

Dop aanbrengen en draaien tot hij in de bajo-netopname valt
De dop met de hand tot deze aanligt aandrukken en rechtsom (ca. 1/8 slag) draaien tot hij wordt vergrendeld
12.5 Vergrendeling controleren

Dop vastpakken - de dop is correct vergrendeld, als deze nicht kan worden weggenomen en de markeringen (pijlen) op de dop en benzinetank in lijn staan
Als de dop kan worden weggenomen of de markeringen Niet in lijn liggen, de dop opnieuw sluiten -zie hoofdstuk "Dop sluiten" en hoofdstuk "Vergrendeling controleren".
12.6 De benzineaanzuigmond Jaar- lijks verrangen

Benzinetank aftappen
De benzineaanzigmond met een haak uit de tank trekken en deze lostrekken van de slang
Nieuwe aanzuigmond in de slang drukken
De aanzuigmond wee in de tank aanbrengen
13 Motor starten/afzetten

Gashendelblokkering (1) en geleiktijdig gashendel (2) indrukken
De beide hendels ingedrukt honden
- Combischuif (3) in stand START schuiven en eveneens vasthouden
Gashendel, combischuif en gashendelblokke- ring na elkaar loslaten - startgasstand

De chokeknop (4) aufhankelijk van de motortemperatureur instellen
bij koude motor
bij warme motor (ook als de motor reeds heeft gedraaid, maar nog koud is of als de warme motor minder dan 5 min. geleden is afgezet)
bij warme motor (als de warme motor lang- ger dan 5 min. geleden is afgezet)

Bijuitvoeringemetdecompressieklep
Knop (5) van de decompressieklep voor iedere startprocedure indrukken

Bij alleuitvoeringen
De balg (6) van de hand-benzinepomp 7-10 maal indrukken - ook als de balg nog met benzine is gezuld
13.1 Starten

- De doorslijpmachine stevig op de grond plaatsen - de doorslijpschijf mag geen voorwerpen of de grond raken - binnen het zwenkbereik van de doorslijpmachine mogen zich geen andere Personen ophouden
Een veilige houting aannemen - De doorslijpmachine met de linkerhand op de draagbeugel stevig op de grond drukken - de duim onder de draagbeugel
- De doorslijpmachine met de rechterknie op de kap gegen de grond drukken
- Met de rechterhand de starhandgreep langzaam tot aan de aanslag uittrekken -ervolgens nel en krachtig verder trekken - het startkoord Niet tot aan het uiteinde uittrekken
LETOP
De starthandgreep Niet terug latent schieten - kans op breuk! Het startkoord latent vieren, zodat het koord correct kan worden opgerold.
13.2 Na de eerste ontsteking

Chokeknop (4) in stand plaatsen
Knop van de decompressieklep indrukken (afhankelijk van de uitvoering)
Verder starten
13.3 Zodra de motor draait
De gashendel helemaal indrukken en de motor ca. 30 sec. met vol gas lately warmdraaien
Na de warmdraaifase -de chokeknop in stand -plaatsen

- Combischuif (3) springt bij het bedieren van de gashendel in de werkstand I
Bij een correct afgestelde carburateur mag de doorslijpschijf bij stationair toerental Niet meedraaien.
De doorslijpmachine is gereed voor gebruik.
13.4 Motor afzetten

13.5 Verdere aanwijzingen met betrekking tot het starten
13.5.1 Als de motor Niet aanslaat
Na de eerste ontsteking werden de chokeknop nicht opijd in stand geplaatst.
De combischuif in stand START = startgasstand
- Chokeknop in stand = warmestartstand plaatsen - ook bij koude motor
- Het startkoord 10-20 maal uittrekken - om de verbrandingskamer te ventileren
Motor opniewu starten
13.5.2 Alle benzine verbruikt
Tanken
De balg van de hand-benzinepomp 7-10 maal indrukken - ook als de balg met benzine is gezuld
14 LuchtfiltersystemeNederlands
- De chokeknop afhankelijk van de motortemporatuur instellen
Motor opniew starten
14 Luchtfiltersystem
14.1 Basisinformationie
De levensduur van de filters is gemiddeld meer dan 1aar. Het filterdeksel Niet demonteren en het luchtfilter Niet verrangen zolang er geen merkbaar vermogensverlies optreedit.
Bij het longlife-luchtfiltersystem met cycloon-voorafscheiding worden vuile lucht aangezogen en doelgericht in rotatie gebracht - hierdoor worden de grotere en zwaardere meegevoerde deeltjes waar buiten geslingerd en afgevoerd. In het luchtfiltersystem komt alleen voorgereinigde lucht - hierdoor een extreem lange levensduur van het filter.
14.2 Luchtfilter verrangen
14.2.1 Alleen als het motorvermogen merkbaar afneemt

- Chokeknop in stand
Bouten (1) losdraaien
Filterdeksel (2) Wegnemen en vuilvrijmaken
Hoofdfilter (3) Wegnemen
Hulpfilter (4) lostrekken – geen vuil in de luchtinlaatterechtlaten komen
Filterruimte reinigen
Nieuw hulpfilter en nieuw hoofdfilter aanbren-gen
Filterdekselaanbrengen
Bouten vastdraaien
Alleen hoogwaardige luchtfilters monteren, zodat de motor gegen het binnendringen van agressieve stoffen is beschermd.
STIHL adviseert alleen originele STIHL luchtfilters te monteren. De hoge kwaliteitsstandaard van deze onderdelen zorgt voor een storingsvrij gebruik, een lange levensduur van de motor en een extreem lange levensduur van het filter.
15 Carburateur afstellen
15.1 Basisinformationie
Het ontstekingssysteme van deze doorslijpmachine is voorzien van een elektronische toerentalbegrenzing. Het maximumtoerental kan nicht boven een geprogrammeerd maximum worden afgesteld.
De carburateur is af fabriek op de standardafstelling afgesteld.
De carburateur is zo afgesteld dat de motor onder alle bedrijfsomstandigheden worden voorzien van een optimaal benzine-luchtmensel.
15.2 Apparaat voorbereiden
Motor afzetten
Luchtfilter controlleren - indien nodig reinigen of verrangen
15.3 Standaardafstelling

Hoofdstelschroef (H) tot aan de aanslag linksom draaien - max. 3/4 slag
Stelschroef stationair toerental (L) rechtsom tot aan de aanslag draaien -ervolgens 3/4 slag linksom terugdraaien
15.4 Stationair toerental instellen
Standaardafstellinguitvoeren
Motor starten en warm laten draaien

15.4.1 Motor slaat bij stationair toerental af
Aanslagschroef stationair toerental (LA) rechtsom draaien tot de doorslijpschijf begint mee te draaien -ervolgens 1 slag terug-draaien
15.4.2 Doorslijpschijf draait bij stationair toerental mee
Aanslagschroef stationair toerental (LA) linksom draaien, tot de doorslijpschijf stilstaat -ervolgens 1 slag indezelfde richting verder draaien

WAARSCHUWING
Als de doorslijpschijf na de uitgevoerde afstelling bij stationair toerental nicht stil blijft staan, de doorslijpmachine door een geauthoriseerde dealer latent repareren.
15.4.3 Onregelmatig stationair toerental; motor neemt slecht op (ondanks wijziging van de LA-afstelling)
Stelschroef stationair toerental (L) ca. 1/4 slag linksom draaien tot de motor gelijkmatig draait en goed opneemt - max. tot aan de aanslag
15.4.4 Het stationair toerental kan via de aan-slagschroef stationair toerental (LA) Niet voldoende worden verhoogd, de machine staat bij het overgaan van deellast maar stationair toerental af
Stationaire instelling is te rijk.
Stelschroef stationair toerental (L) ca. 1/4 slag rechtsom draaien
Na elke correctie van de stand van de stelschroef stationair toerental (L) moet meestal ook de stand van de aanslagschroef stationair toerental (LA) worden gewijzigd.
15.5 Correctie van de carburatuarafstelling bij gebruik op groterehoogtes
Als de motor Niet optimaal draait, kan een geringe correctieoodzakelijk+zijn:
Standaardafstellinguitvoeren
Motor warm laten draaien
Hoofdstelschroef (H) iets rechtsom (armer) draaien - max. tot aan de aanslag
LET OP
Nadat is teruggeerd vanuit grote hoogte, de carburateurafstelling weer terugzetten op de standaardafstelling.
Bij een te arme afstelling bestaat de kans op motorschade door een gebrek aan smering en oververhitting.
16 Bougie
Bij onvoldoende motorvermogen, slecht starten of onregelmatig stationair toerental eerst de bougie controleren.
Na ca. 100 bedrijfsuren de bougie verrangen - bij sterk ingebrande elektroden reeds eerder - alleen door STIHL vrijgegeven, ontstoorde bougies gebruiken -zie "Technische gevevens"
16.1 Bougie uitbouwen
- Motor afzetten - stopschakelaar in stand STOP, resp. 0 plaatsen

Bout (1) losdraaien en de kap (2) wegemen - de bout (1) is verliesvrij bevestigd in de kap (2)

Bougiesteker (3) lostrekken
Bougie (4) losdraaien
16.2 Bougie controlleren

Vervuilde bougie reinigen
- Elektrodeafstand (A) controlleren en zo nods afstellen, waarde voor elektrodeafstand - zich "Technische gegevens"
Oorzaken van de verwiling van de bougie opheffen
Mogelijkkeoorzakenzijn:
- Te veel motorolie in de benzine
Vervuild luchtfilter
Ongunstige bedrijfsomstandigheden

WAARSCHUWING
Bij een Niet vastgedraaide of ontbrekende aansluitmoer (1) kuren vonden gezormd. Als in een Licht brandbare of explosieve omgeving wordt gewerkt, kuren brande of explosies ontstaan. Personen kuren ernstig letsel oplopen of er kan materiele schade ontstaan.
- Ontstoorde bougies met een vaste aansluitmoer monteren
16.3 Bougie monteren
De bougie met de hand aanbrengen en in de boring schroeven
De bougie met behulp van de combisleutel vastdraaien
Bougiesteker vast op de bougie drukken
Kap voor de bougiesteker aanbrengen en vastschroeven
17 V-riem verrangen

Moeren (1) losdraaien
Spanmoer (2) met behulp van de combisleutel linksom draaien - ca. 1/4 slag tot hij aanligt = 0

De waterslang uit de geleiding van de riembeschermkap trekken
Bout (3) losdraaien
Riembeschemkap (4) iets oplichten en waar voren toe wegrekken
De V-riem van de voorste riempoelie nemen

Moeren (1) losdraaien en wegemen
Starterdeksel (5) wegemen
"Aansluitstuk met beschermkap" (6) nicht weg-nemen - met de hand op de tapeinden drukken - tot het starterdeksel weeer worden gemont-teerd
Defecte V-riem wegemen

Nieuwe V-riem (7) zorgvuldig over de riempoelie (8) op de motor en de voorste riempoelie (9) geleiden

De riem要去 gemakkelijk ronddraaien.

Starterdeksel (5) op de tapeinden (10) plaatsen
Moeren (1) met de hand vastdraaien

Riembeschemkap (4) aanbrengen
Bout (3) aanbrengen en vastdraaien
De waterslang in de geleiding van de riembeschermkap (pijlen) gezien vanaf de kraan in de richting van de beschemkap aanbrengen - geen scherpe bochten
Verder zie "V-riem spannen".
18 Slijpwagen

De doorslijpmachine kan met enkele handelingen op de STIHL lijpwagen FW 20 (specialtoebehoren) worden gemonteerd.
De slijpwagen vereenvoudigt het
wegwerken van schade aan het wegdek
- aanbrengen van rijstrookmarkeringen
- inslijpen van dilatatievoegen
19 Apparaat opslaan
Bij buitengebruiktelling vanaf ca. 3 maanden:
De benzinetank op een goed geventileerde plaats aftappen en reinigen
De brandstof volgens de voorschriften en milieuuwetgeving opslaan
- De motor laten draaien tot hij uit zichzelf afslaat, als dit worden nagelaten{kunnen de carburateurmembranen vastplakken
Doorslijpschijven verwijderen
Het apparatus grondig reinigen
- Het apparaat op een droge en veilige plaats opslaan. Beschermen gegen onbevoegd gebruik (bijv. door kinderen)
20 Onderhouds- en reinigingsvoorschriften
| Onderstaande gevevens zijn gebaseerd op nor-male bedrijfsomstandigheden. Onder zware omstandigheden (veel stofoverlast enz.) en bij lan-gere dagelijkse werkelijkden dienen de geveven intervallen navenant te worden verkort. | Voor begin van de werkzaamheden | Na beindigen van de werkzaamheden, resp. dagelijkns | Na elke tankvilling | Wekelijns | Maandelijns | Jaarijns | Bij storingen | Bij beschadiging | Indien nodig | |
| Complete machine visuèle | controle (staat, lekkage) | X X | ||||||||
| reinigen | X | |||||||||
| Bedieningselementen Werking controlleden | X X | |||||||||
| Hand-benzinepomp (indien gemonteerd) | controlleder X | |||||||||
| laten repareren door geauthoriseerde dealer1) | X | |||||||||
| Aanzuigmond in de ben-zinetank | controlleder | X | ||||||||
| ervangen XX | ||||||||||
| Benzinetank reinigen | X | |||||||||
| Geribde V-riem reinigen/naspannen | X | X | ||||||||
| ervangen XX | ||||||||||
| Luchtfilter (alle filtercom-ponenten) | verwisselen | Alleen als het motorvermogen merkbaar afneemt | ||||||||
| Koellucht-aanzuigsleuven | reinigen | X | ||||||||
| Cilinderribben latent reinigen | en door geauthoriseerde dealer1) | X | ||||||||
| Wateraansluiting controlleden | X | X | ||||||||
| repareren door geauto-riseerde dealer1) | X | |||||||||
| Onderstaande gevevens zijn gebaseerd op nor-male bedrijfsomstandigheden. Onder zwareomstandigheden (veel stofoverlast enz.) en bij lan-gere dagelijkse werkelijkden dienen de geveven intervallen navenant te worden verkort. | Voor begin van de werkzaamheden | Na beëindigen van de werkzaamheden, resp. dagelijkns | Na elke tankvilling | Wekelijns | Maandelijns | Jaarijns | Bij storingen | Bij beschadiging | Indien nodig | |
| Carburateur stationair toerental con-troleren – doorslijpschijf mag Niet meedraaien | X X | |||||||||
| Bougie elektrodeafstand afstellen | X | |||||||||
| Bereikbare bouten, schroeven en moeren (behalte stelschroeven) | natrekken | X | X | |||||||
| Antivibratie-elementen controleren | X | X | X | |||||||
| laten verrangen door geauthoriseerde dealer1) | X | |||||||||
| Doorslijpschijf controleren | X X | |||||||||
| vervangen | X | X | ||||||||
| Steu/silent-bloc (onder-zijde apparaat) | controleren X | |||||||||
| vervangen | X | X | ||||||||
| Veiligungsdsteller verwangen | X | |||||||||
21 Slijtage minimisieren en schade voorkomen
Het aanhonden van de voorschriften in deze handleiding voorkomt overmatige slijtage en schade aan het apparaat.
Gebruik, onderhoud en opslag van het apparaat要去en net zo zorgvuldigplaatsvinden als staat beschreiben in de handleiding.
De gebruiker is zich verantwoordelijk voor alle schade die door het Niet in acht nemen van de
veiligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen worden veroorzaakt. Dit geldt in het bijzonder voor:
- Niet door STIHL vrijgegeven wijzigingen aan het product
- Het gebruik van gereedschappen of toebehoren die Niet voor het apparaat zijn vrijgegeven, Niet geschikt of kwalitatief minderwaardig�<|im_start|>assistant
- Hertijtige en de wijn teken.
- Het Niet volgens voorschrift gebruikmaken van het apparaat
22 Belangrijke componenten Nederlands
- Gebruik van het apparaat bij sportmanifestations of wedstrijden
Vervolgschade door het blijven gebruiken van het apparaat met defecte onderdelen
21.1 Onderhoudswerkzaamheden
Alle in het hoofdstuk "Onderhouds- en reinigingsvoorschriften" vermelde werkzaamheden要去 regelmatig worden uitgevoerd. Voorzover deze onderhoudswerkzaamheden Niet door de gebruiker zich hunnen worden uitgevoerd,要去 deze worden overgelaten aan een geauthoriserde dealer.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te latentuitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatif geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Als deze werkzaamheden Niet of onvakkundig worden uitgevoerd kan er schade ontstaan waarvoor de gebruiker zich verantwoordelijk is. Hiertoe behoren o.a.:
Schade aan de motor ten gevolge van nicht tinkig of Niet correct uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden (bijv. lucht- en benzinefilter), verkeerde carburateurafstelling of onvoldoende reiniging van de koelluchtgeleiding (inlaatsleuven, cilinderriben)
Corrosie- en andere nervolgschade ten gevolge van onjuiste opslag
Schade aan het apparaat ten gevolge van gebruik van kwalitatief minderwaardige onderdelen
21.2 Aan slijtage onderhevige delen
Sommige onderdelen van het motorapparaat staan ook bij gebruik volgens de voorschriften aan normale slijtage bloot en moeten, afhankelijk van de toepassing en de gebruiksduur,ijdig worden verrangen. Hiertoe behoren o.a.:
- koppeling, V-riem
- doorslijpschijven (alle typen)
-Filter (voor lucht, benzine) - Startmechanisme
- Bougie
- dampingselementen van het antivirusiesysteme
22 Belangrijke componenten

1 Achterste handgreep
2 Gashendelblokkering
3 Gashendel
4 Combischuif
5 Starhandgreep
6 Carburatustrstelschroeven
7 Tankdop
8 Wateraansluiting
9 Spanmoer
10 Stelhendel
11 Doorslijpschijf
12 Voorste drukring
13 Beschermkap
14 Uitlaatdemper
15 Draagbeugel
16 Decompressieklep1)
1 Kap voor bougiesteker 7
18 Chokeknop
19 Hand-benzinepomp
20 Filterdeksel
Machinenummer
A Veiligheidssticker
B Veiligheidssticker
C Veiligheidssticker
STIHL eencilinder-tweetaktmotor
23.1.1 TS 410
Cylinderinhoud: 66,7 cm3
Boring: 50 mm
Slag: 34 mm
Vermogen volgens 3,2 kW (4,4 pk) bij
ISO 7293: 9000 1/min
Stationair toerental: 2500 1/min
Max. spiltoerental volgens 5080 1/min
ISO 19432:
23.1.2 TS 420
Cylinderinhoud: 66,7 cm3
Boring: 50 mm
Slag: 34 mm
Vermogen volgens 3,2 kW (4,4 pk) bij
ISO 7293: 9000 1/min
Stationair toerental: 2500 1/min
Max. spiltoerental volgens 4880 1/min
ISO 19432:
23.2 Ontstekingssystem
Elektrodeafstand: 0,5 mm
23.3 Brandstofsystem
Onafhankelijk van de stand werkende membrancarburateur met geintegreerde benzinepomp
Inhoud benzinetank: 710 cm³ (0,71 l)
23.4 luchtfilter
Hoofdfilter (papieren filter) en secundair filter met bevlokt draadweeefsel
23.5 Gewicht
Zonder benzine, zonder doorslijpschijf, met wateraansluiting
TS 410:9,4 kg
TS 420:9,6 kg
Zonder benzine, zonder doorslijpschijf, met elektronische waterregeling
TS 410:9,9 kg
TS 420:10,1 kg
1) Afhankelijk van de uitrusting
23.6 Doorslijpschijven
Het vermelde maximaal toelaatbare werktoerental van de doorslijpschijf moet hoger of gelijk+zijn aan het maximale spiltoerental van de gezebruekte doorslijpmachine.
23.7 Doorslijpschijven (TS 410)
Buitendiameter: 300~mm
Max. dikte: 3,5 mm
Boringsdiameter/spildiameter: 20mm
Aanhaalmoment: 30 Nm
Kunsthars doorslijpschijven
Minimale buitendiameter van de 103 mm drukringen:
Maximale slijdpdiepte: 100 mm
Diamant-doorslijpschijven
Minimale buitendiameter van de 103 mm drukringen:
Maximale slijdpdiepte: 100 mm
23.8 Doorslijpschijven (TS 420)
Buitendiameter: 350~mm
Max. dikte: 4,5 mm
Boringsdiameter/spildiameter: 20mm
Aanhaalmoment: 30 Nm
Kunsthars doorslijpschijven
Maximale slijdpdiepe:3) 125 mm
1)Voor Japan 118 mm2)Voor Australie
118 mm3)Bij gelebruik van drukringen met een buitendiameter van 118 mm wordt de maximale slijpdiepte gereduceerd tot 116 mm
Diamant-doorslijpschijven
Minimale buitendiameter van de 103 mm drukringen:1)
Maximale slijdpiepte:3) 125 mm
1)Voor Japan 118 mm3)Bij gelebruik van drukringen met een buitendiameter van 118 mm worden de maximale slijpdiepte gereduceerd tot 116 mm
23.9 Geluids- en trillingswaarden
Gedetailleerde gegevens m.b.t. de arbo-wetge-ving voor wat betreft trillingen 2002/44/EG, zie www.stihl.com/vib/
23.9.1 Geluiddrukniveau L
ISO 19432
peq volgens
TS 410:98 dB(A)
TS 420:98 dB(A)
23.9.2 Geluidvermogensniveau L ISO 19432
w volgens
TS 410: 109 dB(A)
TS 420:109 dB(A)
24 Reparatierichtlijnen Netherlands
23.9.3 Trillingswaarde a hv,eq volgens ISO 19432
Handgreep linksHand
greep
rechts
TS 410: 3.9 m/s^2
3.9 m/s²
TS 420: 3,9m / s^2
3,9 m/s²
Voor het geluiddrukniveau en het geluidvermögensniveau bedraagt de K--waarde volgens RL 2006/42/EG = 2,0 dB(A); voor de trillingswaarde bedraagt de K--waarde volgens RL 2006/42/EG = 2,0 m/s².
23.10 REACH
REACH staat voor een EG voorschrift voor de registratie, classificatie en vrijgave van chemica- liën.
Informatie met betrekking tot het voldoen aan het REACH voorschrift (EG) nr. 1907/2006 zie www.stihl.com/reach
23.11 Uitlaatgasemissiewaarde
De in de EU-typegoedkeuringsprocedure gemeten CO_2 -waarde staat weergegeven bij de voor het product specifieke technische gegevens bij www.stihl.com/co2.
De gemeten CO_2 -waarde werden op een representatieve motor volgens een genormeerde testprocedure onder laboratoriumomstandigheden bepaald en vormt geen uitdrukkelijke of impliciete garantie van het vermogen van een bepaalde motor.
Door het in deze handleiding beschreiben gebruik conform de voorschriften en onderhoud, worden aan de geldende uitlaatgasemissie-eisen voldaan. Bij modificaties aan de motor verwalt de typegoedkeuring.
24 Reparatierichtlijnen
Door de gebruiker van dit apparaat mogen alleen die onderhouds- en reinigingswerkzaamheden worden uitgevoerd die in deze handleiding staan beschreiben. Verdergaande reparations mogen alleen door geauthoriseerde dealers worden uitgevoerd.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te latentuitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatif geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Bij reparatiewerkzaamheden alleen onderdelen inbouwen die door STIHL voor dit apparaat+zijn
vrijgegeven of technisch gelijkwaardige onderden. Alleen hoogwaardige onderdelen monteren. Als dit worden nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan de apparaat.
STIHL advisert originele STIHL onderdelen temonteren.
Originele STIHL onderdelen zich te herkennen aan het STIHL onderdeelnummer, aan het logo STIHLe n, indien aanwezig, aan het STIHL onderdeellogo (op kleine onderdelen kan dit logo ook als enig teken voorkomen.).
25 Milieuverantwoord afvoeren
Bij het milieuvriendelijk verwerken要去en de nationale voorschriften met betrekking tot afvalstoffen in acht worden genomen.

STIHL producten behoren nicht bij het huisvuil.
STIHL producten, accu's, toebehoren en verpakking要去en worden ingeleverd voor een milieuvriendelijk recycle.
Actuele informatatie betreffende het milieuvriendelijk verwerken van accu's is verkrijgbaar bij de STIHL dealer.
26 EU-conformiteitsverklaring
verklaart op eigengerantwoordelijkheid dat
Constructie:doorslijpmachine
Merk: STIHL
Type: TS 410
TS 410-A,
TS 420
TS 420-A
Serie-identificatie: 4238
Cylinderinhoud:
66,7 cm3
voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2011/65/EU, 2006/42/EG, 2014/30/EU en 2000/14/EG en in overeenstemming met de tenijdve van de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geprodueerd:
EN ISO 19432, EN 55012, EN 61000-6-1
Voor het bepalen van het gemeten en het gegarandeerde geluidsvermogenniveau werden volgensrichtlijn 2000/14/EG, bijlage V, onder toepassing van de norm ISO 3744 gehandeld.
Gemeten geluidsvermogenniveau
alle TS 410: 114 dB(A)
alle TS 420:114 dB(A)
Gegarandeerd geluidsvermogenniveauau
alle TS 410: 116 dB(A)
alle TS 420:116 dB(A)
Bewaren van technische documentatione:
Het productiejaar en het machinenummer staan vermeld op het apparaat.
Waiblingen, 15-7-2021
Hoofd van de afdeling productgoedkeuring, -regelgeving

27 UKCA-conformiteitsverkla-ring
verklaart op eigeng verantwoordelijkheid dat
Constructie: doorslijpmachine
Merk:STIHL
Type: TS 410
TS 410-A,
38 0458-370-7621-H
TS 420
TS 420-A
Serie-identificatie: 4238
Cylinderinhoud: 66,7 cm3
voldoet aan de betreffende bepalingen van de Britse richtlijnen The Restriction of the Use of Certain Hazardous Substances in Electrical and Electronic Equipment Regulations 2012, Supply of Machinery (Safety) Regulations 2008, Electromagnetic Compatibility Regulations 2016 en Noise Emission in the Environment by Equipment for use Outdoors Regulations 2001 en in overeenstemming met de tenijdve van de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduedd:
EN ISO 19432, EN 55012, EN 61000-6-1
Voor het bepalen van het gemeten en het gegarandeerde geluidsvermogenniveau werden gehandel volgens de Britse richtlijn Noise Emission in the Environment by Equipment for use Outdoors Regulations 2001, Schedule 8 of met gebruikmaking van norm ISO 3744.
Gemeten geluidsvermogenniveau
alle TS 410:114 dB(A)
alle TS 420:114 dB(A)
Gegarandeerd geluidsvermogenniveaua
alle TS 410: 116 dB(A)
alle TS 420:116 dB(A)
Bewaren van technische documentatione:
Het productiejaar en het machinenummer staan vermeld op het apparatus.
Waiblingen, 15-7-2021
Hoofd van de afdeling productgoedkeuring, -regelgeving
