MAKITA DUR192LRT - Grasmaaier

DUR192LRT - Grasmaaier MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DUR192LRT MAKITA in PDF-formaat.

📄 128 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice MAKITA DUR192LRT - page 57
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MAKITA

Model : DUR192LRT

Categorie : Grasmaaier

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DUR192LRT - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DUR192LRT van het merk MAKITA.

GEBRUIKSAANWIJZING DUR192LRT MAKITA

Accugrastrimmer GEBRUIKSAANWIJZING 57

Totale lengte (zondersnijgarnituur)

Diameter nylondraad 2,0 mm Geschiktesnijgarnituuren maaidiameter Nylondraad-snijkop (onderdeelnr.: 198893-8 / 191D89-4) 300 mm Nominale spanning 18Vgelijkspanning Netto gewicht 2,7 - 3,0 kg

  • Inverbandmetononderbrokenresearchenontwikkeling,behoudenwijonshetrechtvoordebovenstaande technischegegevenszondervoorafgaandekennisgevingtewijzigen.
  • De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
  • Hetgewichtkanverschillenafhankelijkvandehulpstukken,waaronderdeaccu.Delichtsteenzwaarstecom- binatie, overeenkomstig de EPTA-procedure 01/2014, worden getoond in de tabel. Toepasselijke accu’s en laders Accu BL1815N / BL1820B / BL1830B / BL1840B / BL1850B / BL1860B Lader DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF / DC18SH
  • Sommigevandehierbovenvermeldeaccu’senladerszijnmogelijknietleverbaarafhankelijkvanwaaru woont. WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu’s en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik van enige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand. Aanbevolen accuadapter Accuadapter PDC01
  • Dehierbovenvermeldeaccuadapter(s)is/zijnmogelijknietleverbaarafhankelijkvanwaaruwoont.
  • Alvorens de accuadapter in gebruik te nemen, leest u eerst de instructie en waarschuwingsopschriften op de accuadapter. Geluid Snijgarnituur Geluidsdrukniveau (L

) dB(A) Toepasselijke norm

  • Zelfsalshetbovenvermeldegeluidsdrukniveau80dB(A)ofminderis,kanhetniveautijdensbedrijfhogerzijn dan 80 dB (A). Draag gehoorbescherming. OPMERKING:Deopgegevengeluidsemissiewaarde(n)is/zijngemetenvolgenseenstandaardtestmethodeen kan/kunnenwordengebruiktomditgereedschaptevergelijkenmetanderegereedschappen. OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.58 NEDERLANDS WAARSCHUWING: Draag gehoorbescherming. WAARSCHUWING: De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de prak- tijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getro󰀨en ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscy- clus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Trillingen Snijgarnituur Linkerhand Rechterhand Toepasselijke norm

Nylondraad-snijkop 2,5 1,5 2,5 1,5 ISO22867 (ISO11806-1) OPMERKING:Detotaletrillingswaarde(n)is/zijngemetenvolgenseenstandaardtestmethodeenkan/kunnen wordengebruiktomditgereedschaptevergelijkenmetanderegereedschappen. OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de prak- tijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getro󰀨en ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscy- clus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Symbolen Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap kunnen worden gebruikt. Zorg ervoor dat u de betekenis ervan kent voordat u het gereedschap gaat gebruiken. Wees vooral voorzichtig en let goed op. Leesdegebruiksaanwijzing. 15m(50FT) Houd minstens 15 meter afstand. Gevaar: let op weggeworpen voorwerpen. Gebruik nooit een metalen en kunststof snijblad. Draag oog- en gehoorbescherming. Stel niet bloot aan vocht. Ni-MH Li-ion Alleen voor EU-landen Geef elektrisch gereedschap en accu’s niet met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtlijninzakeoudeelektrischeenelektroni- scheapparaten,eninzakebatterijenenaccu’s enoudebatterijenenaccu’s,endetoepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, die- nen elektrisch gereedschap, accu(’s) en batte- rijendieheteindevanhunlevensduurhebben bereikt, gescheiden te worden ingezameld en tewordenafgevoerdnaareenrecyclebedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen. EG-verklaring van conformiteit Alleen voor Europese landen DeEG-verklaringvanconformiteitisbijgevoegdals BijlageAbijdezegebruiksaanwijzing. VEILIGHEIDSWAAR- SCHUWINGEN Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap WAARSCHUWING: Lees alle veiligheids- waarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens behorend bij dit elektrische gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onder- staandeaanwijzingennaleeft,kandatresulterenin brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor- schriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).59 NEDERLANDS Belangrijke veiligheidsinstructies voor het gereedschap WAARSCHUWING: Lees alle veiligheids- waarschuwingen en alle instructies. Het niet vol- gen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betref- fende product altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheids- voorschriften vermeld in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. Gebruiksdoeleinden

Dit gereedschap is uitsluitend bedoeld voor het maaien van gras, onkruid, struiken en onder- groei. Het mag niet worden gebruikt voor enig ander doel, zoals kanten snijden en heggen snoeien, aangezien dit tot letsel kan leiden. Algemene instructies

1. Laat in geen geval personen die deze gebruiks-

aanwijzing niet gelezen hebben, personen (waaronder kinderen) met een verminderd lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk vermogen, of gebrek aan kennis en ervaring, het gereed- schap gebruiken. Kinderen dienen onder toe- zicht te staan om ervoor te zorgen dat zij niet met het gereedschap spelen.

Lees alvorens het gereedschap te starten deze gebruiksaanwijzing om u bekend te maken met de juiste manier van omgaan met het gereedschap.

3. Leen het gereedschap niet uit aan een

persoon met onvoldoende ervaring met of kennis van het omgaan met bosmaaiers en graskantmaaiers.

4. Wanneer u het gereedschap uitleent, geeft u

altijd deze gebruiksaanwijzing erbij.

5. Hanteer het gereedschap met de hoogstmoge-

lijke zorg en aandacht.

6. Gebruik het gereedschap nooit na het gebruik

van alcohol of drugs, of wanneer u zich moe of ziek voelt.

7. Probeer nooit het gereedschap te wijzigen.

8. Houd u aan de regelgeving zoals die in uw land

geldt voor het hanteren van bosmaaiers en graskantmaaiers. Persoonlijke-veiligheidsmiddelen ►Fig.1

Draag een veiligheidsbril om uzelf te beschermen tegen rondvliegend afval en vallende voorwerpen.

2. Draag gehoorbescherming, zoals oorkappen,

om gehoorschade te voorkomen.

3. Draag geschikte kleding en schoenen waar-

mee veilig kan worden gewerkt, zoals een werkoverall en stevige schoenen met antis- lipzolen. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Loshangende kleding, sieraden en lang haar kunnen verstrikt raken in bewegende delen. Veiligheid op de werkplek

1. Bedien het gereedschap alleen bij goed zicht

en daglicht. Bedien het gereedschap niet in het donker of in mist.

2. Gebruik het gereedschap niet in een omgeving

waar explosiegevaar bestaat door licht ont- vlambare vloeisto󰀨en, gas, damp of stof. Het gereedschap produceert vonken die de dampen of het stof kunnen ontsteken.

3. Tijdens gebruik mag u nooit op een instabiele

of gladde ondergrond of op een steile helling staan. Let in de winter op ijs en sneeuw, en zorg er altijd voor dat u stevig staat.

Houd tijdens gebruik omstanders en dieren ten min- ste 15 meter uit de buurt van het gereedschap. Zet het gereedschap uit zodra iemand dichterbij komt.

5. Gebruik het gereedschap nooit wanneer men-

sen, met name kinderen, of huisdieren zich in de buurt bevinden.

6. Onderzoek het werkgebied op stenen en

andere massieve voorwerpen voordat u met de werkzaamheden begint. Deze kunnen wor- den opgeworpen en leiden tot ernstig letsel en/of materiële schade.

WAARSCHUWING: Het gebruik van dit gereedschap kan stof opwerpen waarin chemi- sche bestanddelen kunnen zitten die ziekten aan de luchtwegen of andere ziekten kunnen veroor- zaken. Enkele voorbeelden van deze chemische bestanddelen zijn verbindingen die gevonden worden in pesticiden, insecticiden, meststo󰀨en en herbiciden. Het gevaar van blootstelling hangt af van hoe vaak u dit soort werk uitvoert. Om blootstelling aan deze chemicaliën tot een minimum te beperken, dient u in een goed geventileerde omgeving te werken en gebruik te maken van goedgekeurde veiligheidsmiddelen zoals stofmaskers die speciaal ontworpen zijn voor het ltreren van microscopische deeltjes. Elektrische veiligheid en accu

1. Stel het gereedschap niet bloot aan regen of

natte omstandigheden. Als water binnendringt in het gereedschap, wordt de kans op een elektri- sche schok groter.

2. Gebruik het gereedschap niet als het niet kan

worden in- en uitgeschakeld met de schake- laar. Ieder gereedschap dat niet met de schake- laarkanwordenbediendisgevaarlijkenmoet eerst worden gerepareerd.

3. Voorkom onbedoeld starten. Controleer dat de

schakelaar in de uit-stand staat alvorens de accu aan te brengen, het gereedschap op te pakken of te dragen. Door het gereedschap te dragen met uw vinger op de schakelaar, of door het gereedschap op een voeding aan te sluiten terwijldeschakelaaraanstaat,neemtdekansop ongevallen sterk toe.60 NEDERLANDS

4. Vermijd gevaarlijke omgevingen. Gebruik het

gereedschap niet op vochtige of natte plaatsen en stel het niet bloot aan regen. Als water bin- nendringt in het gereedschap, wordt de kans op een elektrische schok groter.

5. Werp de accu(’s) niet in een vuur. De accu kan

exploderen. Raadpleeg de lokale regelgeving voor mogelijkespecialeverwerkingsvereisten.

6. Open of vervorm de accu(’s) niet. Het elektrolyt

is agressief en kan letsel toebrengen aan de ogen enhuid.Hetkangiftigzijnbijinslikken.

7. Laad de accu niet op in de regen of op een

Laad alleen op met de acculader aanbevolen door de fabrikant. Een acculader die geschikt is voor een bepaald type accu, kan brandgevaar opleveren indien gebruikt met een ander type accu.

9. Gebruik elektrisch gereedschap uitsluitend

met de daarvoor bestemde accu. Als u een andere accu erin gebruikt, kan dit leiden tot per- soonlijkletselofbrand.

10. Als de accu niet wordt gebruikt, houdt u deze

uit de buurt van metalen voorwerpen zoals paperclips, muntgeld, sleutels, spijkers, schroeven en andere kleine metalen voorwer- pen die een kortsluiting kunnen veroorzaken tussen de accupolen. Kortsluiting tussen de accupolen kan leiden tot brandwonden of brand.

11. Onder zware gebruiksomstandigheden kan

vloeistof uit de accu komen. Voorkom aanra- king. Als u er per ongeluk mee in aanraking komt, spoelt u het er met water af. Als de vloei- stof in uw ogen komt, raadpleegt u een arts. Vloeistof uit de accu kan irritatie en brandwonden veroorzaken. In gebruik nemen

1. Alvorens het gereedschap te monteren of af te

stellen, verwijdert u de accu.

Voordat u de accu aanbrengt, inspecteert u het gereedschap op beschadigingen, losse schroe- ven/moeren en verkeerde montage. Als het snij- garnituur verbogen of beschadigd is, vervangt u het. Controleer of alle bedieningshendels en -schakelaars gemakkelijk kunnen worden bediend. Maak de handgrepen schoon en droog.

3. Probeer nooit het gereedschap in te schakelen

als het beschadigd of nog niet volledig gemon- teerd is. Anders kan ernstig letsel ontstaan.

Stel het schouderdraagstel en de handgreep af op de lichaamsgrootte van de gebruiker, indien verstelbaar.

5. Wanneer u een accu aanbrengt, controleert

u of het snijgarnituur uw lichaam en andere voorwerpen, zoals de grond, niet raakt. Dit kan bijhetinschakelengaandraaienenpersoonlijk letsel, schade aan het gereedschap en/of materi- ele schade veroorzaken.

6. Verwijder alle afstelsleutels en tangen voordat

u het gereedschap inschakelt. Een accessoire dat nog aan een draaiend deel van het gereed- schapvastzit,kanpersoonlijkletselveroorzaken.

7. Het snijgarnituur moet zijn uitgerust met een

beschermkap. Gebruik het gereedschap nooit met een beschadigde beschermkap of zonder aangebrachte beschermkap!

8. Verzeker u ervan dat er geen elektriciteitska-

bels, waterleidingen, gasleidingen, enz. zijn die een gevaarlijke situatie zouden kunnen veroorzaken als ze worden beschadigd door het gebruik van dit gereedschap.

9. De toestand van het snijgarnituur, de vei-

ligheidsmiddelen en de schouderriem moet worden gecontroleerd voor aanvang van de werkzaamheden. Gebruik

1. In geval van nood zet u het gereedschap

2. Als u tijdens gebruik een ongebruikelijke situ-

atie opmerkt (bijv. geluid, trillingen), schakelt u het gereedschap uit en verwijdert u de accu. Gebruik het gereedschap niet meer totdat de oorzaak is opgespoord en verholpen.

Het snijgarnituur blijft nog een korte tijd draaien nadat het gereedschap is uitgeschakeld. Raak het snijgarnituur niet onmiddellijk aan.

4. Draag tijdens gebruik het schouderdraagstel

indien dit is geleverd bij het gereedschap. Houd het gereedschap stevig tegen uw rechterzij.

Reik niet te ver. Zorg altijd voor een stevige stand en goede lichaamsbalans. Kijk uit voor verborgen obstakels, zoals boomstronken, boomwortels en greppels, om te voorkomen dat u valt.

6. Zorg dat u stevig staat op hellingen.

7. Loop gewoon en ren niet.

8. Werk nooit op een ladder of in een boom om te

voorkomen dat u de controle over het gereed- schap verliest.

9. Nadat tegen het gereedschap is gestoten

of het is gevallen, controleert u de staat ervan voordat u de werkzaamheden hervat. Controleer de bedieningselementen en veilig- heidsvoorzieningen op een juiste werking. Als enige beschadiging zichtbaar is of u twijfelt, vraagt u ons erkende servicecentrum om inspectie en reparatie.

10. Neem een pauze om te voorkomen dat u door

vermoeidheid de controle over het gereed- schap verliest.Wijadviserenuiederuur10tot20 minuten te rusten.

11. Wanneer u het gereedschap achterlaat, al is

het maar even, verwijdert u altijd de accu. Een onbeheerd gereedschap met een aangebrachte accu kan door onbevoegden worden gebruikt en tot een ernstig ongeval leiden.

12. Als gras of takken bekneld raken tussen het

snijgarnituur en de beschermkap, schakelt u altijd het gereedschap uit en verwijdert u de accu voordat u ze verwijdert. Als u dat niet doet, kanhetsnijgarnituuronbedoeldgaanronddraaien en ernstig letsel veroorzaken.

13. Raak gevaarlijke, bewegende delen nooit aan

voordat de bewegende delen volledig tot stil- stand zijn gekomen en de accu is verwijderd.

14. Als het snijgarnituur een steen of ander hard

voorwerp raakt, schakelt u het gereedschap onmiddellijk uit. Verwijder daarna de accu en inspecteer het snijgarnituur.61 NEDERLANDS

15. Controleer het snijgarnituur tijdens gebruik

veelvuldig op barsten of beschadigingen. Voordat u inspecteert, verwijdert u de accu en wacht u tot het snijgarnituur volledig tot stilstand is gekomen. Vervang een beschadigd snijgarnituur onmiddellijk, ook wanneer het slechts oppervlakkige barsten vertoont.

16. Werk nooit boven heuphoogte.

Nadat u het gereedschap hebt ingeschakeld, wacht u tot het snijgarnituur een constant toeren- tal heeft bereikt alvorens het maaien te starten.

18. Bij gebruik van het snijgarnituur, zwaait u

het gereedschap gelijkmatig in halve cirkels van rechts naar links, zoals een zeis wordt gebruikt.

19. Houd het gereedschap alleen vast bij het

geïsoleerde oppervlak omdat het snijgarnituur met verborgen bedrading in aanraking kan komen.Wanneerhetsnijgarnituurinaanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van het gereed- schap onder spanning komen te staan zodat de gebruikereenelektrischeschokkankrijgen.

20. Schakel het gereedschap niet in wanneer

gemaaid gras verstrikt is geraakt rondom het metalen snijblad.

Alvorens het gereedschap in te schakelen, ver- zekert u zich ervan dat het gereedschap niet de grond of andere obstakels, zoals een boom, raakt.

22. Houd tijdens gebruik het gereedschap altijd

met twee handen vast. Houd het gereedschap tijdens het gebruik nooit met slechts één hand vast.

23. Bedien het gereedschap niet tijdens slecht

weer of als de kans op bliksem bestaat.

24. Gebruik het gereedschap alleen als u in goede

lichamelijke conditie bent. Werk altijd rustig en voorzichtig. Gebruik uw gezond verstand en denk eraan dat de gebruiker van het gereed- schap verantwoordelijk is voor ongelukken en gevaren die personen of hun eigendommen kunnen overkomen.

25. Behalve in noodgevallen mag u het gereed-

schap nooit op de grond laten vallen of weg- gooien omdat hierdoor het gereedschap zwaar beschadigd kan raken.

26. Sleep het gereedschap nooit over de grond

wanneer u het wilt verplaatsen omdat hierdoor het gereedschap kan worden beschadigd.

27. Forceer het gereedschap niet. Het gereed-

schap werkt beter en met een kleinere kans op letsel op de manier waarvoor het is ontworpen. Snijgarnituren

1. Gebruik geen snijgarnituur dat niet is aanbevo-

2. Gebruik een geschikt snijgarnituur voor de

geplande werkzaamheden. — Nylondraad-snijkoppen(graskantmaaier- koppen)zijngeschiktvoorhetmaaienvan gazongras. — Gebruiknooitanderesnijbladen,waaronder metalen meerdelige kettingen en vlegelmes- sen. Dit kan leiden tot ernstig letsel.

3. Gebruik uitsluitend een snijgarnituur dat is

gemarkeerd met een toerental dat gelijk is aan of hoger is dan het toerental aangegeven op het gereedschap.

Houd altijd uw handen, gezicht en kleding uit de buurt van het snijgarnituur wanneer dit ronddraait. Alsuditnietdoet,kanpersoonlijkletselontstaan.

5. Gebruik altijd de beschermkap van het snijgar-

nituur die geschikt is voor het snijgarnituur dat u gebruikt.

6. Wees voorzichtig dat u geen letsel oploopt

door het mesje voor het op lengte afsnijden van de nylondraad. Nadat u de nylondraad hebt uitgetrokken, zet u het gereedschap altijd eerst terug rechtop voordat u het inschakelt. Trillingen

1. Mensen met een slechte bloedsomloop die

worden blootgesteld aan sterke trillingen, kunnen verwondingen aan bloedvaten of het zenuwstelsel oplopen. Trillingen kunnen de volgende symptomen veroorzaken in de vingers, handen of polsen: ‘Slapen’ (gevoelloosheid), tinte- len,pijn,stekendgevoel,veranderingvanhuids- kleur of van de huid. Als een van deze symptomen zich voordoet, raadpleegt u uw huisarts!

2. Om de kans op ‘witte-vingerziekte’ te verklei-

nen, houdt u uw handen warm tijdens het werk en onderhoudt u het gereedschap en de acces- soires goed. Vervoeren

1. Alvorens het gereedschap te vervoeren, scha-

kelt u het uit en verwijdert u de accu.

Wanneer u het gereedschap vervoert, draagt u het horizontaal door de schacht vast te pakken.

Wanneer u het gereedschap in een voertuig vervoert, zet u het goed vast om te voorkomen dat het omvalt. Als u dat niet doet, kan het gereed- schap en andere bagage beschadigd worden. Onderhoud

1. Laat uw gereedschap onderhouden door ons

erkende servicecentrum met gebruikmaking van uitsluitend originele vervangingsonderde- len. Een verkeerde reparatie of slecht onderhoud kan de levensduur van het gereedschap verkorten en de kans op ongelukken vergroten.

2. Voordat u enige onderhouds-, reparatie- of

reinigingswerkzaamheden uitvoert aan het gereedschap, schakelt u altijd het gereed- schap uit en verwijdert u de accu.

3. Verwijder altijd stof en vuil vanaf het gereed-

schap. Gebruik voor dit doel nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan lei- den tot verkleuren, vervormen of barsten van de kunststofdelen.

5. Probeer geen onderhouds- of reparatie-

werkzaamheden uit te voeren die niet in de gebruiksaanwijzing worden beschreven. Vraag ons erkend servicecentrum om dergelijke werkzaamheden uit te voeren.62 NEDERLANDS

6. Gebruik altijd uitsluitend onze originele ver-

vangingsonderdelen en accessoires. Als u onderdelen of accessoires van derden gebruikt, kan het gereedschap defect raken, eigendommen worden beschadigd en/of ernstig letsel worden veroorzaakt.

7. Verzoek regelmatig ons erkend servicecen-

trum om het gereedschap te inspecteren en onderhouden.

8. Houd het gereedschap altijd in goed wer-

kende staat. Slecht onderhoud kan leiden tot ondermaatse prestaties en de levensduur van het gereedschap verkorten.

9. Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van

olie en vetten. Zorg ervoor dat alle koelluchtin- laten vrij zijn van vuil.

10. Verwijder na gebruik de accu van het gereed-

schap en controleer op beschadigingen. Opslag

1. Alvorens het gereedschap op te bergen, voert

u alle reinigings- en onderhoudswerkzaamhe- den uit. Verwijder de accu.

2. Berg het gereedschap op een droge en hoge

of afgesloten plaats op, buiten het bereik van kinderen.

3. Laat het gereedschap nooit ergens tegenaan

leunen, zoals tegen een muur. Als u dit doet, kan het plotseling vallen en letsel veroorzaken. Eerste hulp

1. Zorg dat er altijd een EHBO-doos in de buurt

is. Vervang onmiddellijk elk item dat uit de EHBO-doos is genomen.

2. Geef de volgende informatie wanneer u om

hulp vraagt: — Plaats van het ongeval — Beschrijvingvanhetongeval — Aantal gewonden — Aard van het letsel — Uw naam Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu

1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op

(1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.

2. Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem

niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.

3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu

aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brand- wonden en zelfs een ontplo󰀩ng veroorzaken.

4. Als elektrolyt in uw ogen is terechtgeko-

men, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.

5. Voorkom kortsluiting van de accu:

(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spij- kers, munten e.d. worden bewaard. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brand- wonden, en zelfs defecten.

6. Bewaar en gebruik het gereedschap en de

accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.

7. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan-

neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontplo󰀨en in het vuur.

8. Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in,

snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp.Dergelijkehande- lingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.

9. Gebruik nooit een beschadigde accu.

10. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn

onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke sto󰀨en. Voorcommercieeltransportendergelijkedoor derden en transporteurs moeten speciale vereis- ten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd. Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerdishetnoodzakelijkeenexpertop hetgebiedvangevaarlijkesto󰀨enteraadplegen. Houdutevensaanmogelijkstrengerenationale regelgeving. Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking.

11. Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert

u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.

12. Gebruik de accu’s uitsluitend met de gereed-

schappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu’s worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, bui- tensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.

13. Als u het gereedschap gedurende een lange

tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.

14. Tijdens en na gebruik, kan de accu heet wor-

den waardoor brandwonden of koude brand- wonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu.

15. Raak de aansluitpunten van het gereedschap

niet onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken.

16. Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond

vast komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu. Dit kan leiden tot slechte prestaties of een defect van het gereedschap of de accu.63 NEDERLANDS

17. Behalve indien gebruik van het gereedschap

is toegestaan in de buurt van hoogspannings- leidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.

18. Houd de accu uit de buurt van kinderen.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. LET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu’s. Het gebruik van niet-originele accu’s, of accu’sdiezijngewijzigd,kanertoeleidendatdeaccu ontploftenbrand,persoonlijkletselenschadeveroor- zaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita. Tips voor een maximale levens- duur van de accu

Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.

Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.

3. Laad de accu op bij een omgevingstempe-

ratuur tussen 10°C en 40°C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.

4. Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u

hem vanaf het gereedschap of de lader.

Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.

BESCHRIJVING VAN DE ONDERDELEN

►Fig.2 1 Indicatorlampjes 2 Aan-uitknop 3 Accu 4 Uit-vergrendelknop 5 Trekkerschakelaar 6 Bevestigingsoog 7 Handgreep 8 Pijpen 9 Koppelstuk 10 Beschermkap 11 Schouderdraagstel - -

  • Alle in de tabel vermelde onderdelen dienen te worden geassembleerd zoals aangegeven in de bovenstaande afbeelding.

FUNCTIES WAARSCHUWING: Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en dat de accu is verwijderd voordat u de werking van het gereed- schap aanpast of controleert. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet uit het gereedschapwordtverwijderd,kandatnaperonge- lukinschakelenleidentoternstigpersoonlijkletsel. De accu aanbrengen en verwijderen LET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert. LET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijkletselwordenveroorzaakt. ►Fig.3: 1. Rood deel 2. Knop 3. Accu Omdeaccuteverwijderenverschuiftudeknopaande voorkantvandeaccuenschuiftutegelijkertijddeaccu uit het gereedschap. Omdeaccuaantebrengenlijntudelipopdeaccuuit metdegroefindebehuizingenduwtudeaccuopzijn plaats.Steekdeaccuzovermogelijkinhetgereed- schap tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht. LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden. LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Alsdeaccunietgemakkelijkinhetgereedschap kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht. Gereedschap-/ accubeveiligingssysteem Het gereedschap is uitgerust met een gereedschap-/ accubeveiligingssysteem. Dit systeem sluit automatisch de voeding naar de motor af om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereed- schapkantijdenshetgebruikautomatischstoppen, waarbijdeindicatorlampjesgaanbranden,alshet gereedschap aan één van de volgende omstandighe- den wordt blootgesteld: ►Fig.4: 1.Indicatorlampjes64 NEDERLANDS Indicatorlampjes Beveili- gingstoe- stand Kleur Brandt Uit Knippert Groen Overbelast Rood Oververhit Rood Te ver ontladen Overbelastingsbeveiliging Als een van de volgende situaties zich voordoet met het gereedschap, stopt het gereedschap automatisch en gaathetindicatorlampjegroenknipperen: — Het gereedschap of de accu wordt overbelast door verstrikt geraakt onkruid of ander vuil. — Hetsnijgarnituurwordtgeblokkeerd. — Deaan-uitknopwordtingeschakeldterwijlde trekkerschakelaar ingeknepen is. Laatindiesituatiedetrekkerschakelaarlosenverwij- derzonodigverstriktgeraakteonkruidenofvuil.Knijp daarna de trekkerschakelaar weer in om het gebruik te hervatten. LET OP: Als u de verstrikt geraakte onkruiden vanaf het gereedschap wilt verwijderen of het geblokkeerde snijgarnituur wilt vrijmaken, moet u het gereedschap uitschakelen voordat u begint. Oververhittingsbeveiliging voor het gereedschap of de accu Wanneer het gereedschap of de accu oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en gaat het indica- torlampjeroodbranden.Laathetgereedschapen/of de accu afkoelen alvorens het gereedschap weer in te schakelen. Beveiliging tegen te ver ontladen Wanneer de acculading laag wordt, stopt het gereed- schapautomatisch.Hetindicatorlampjeknippertrood. Als het gereedschap niet werkt, ook niet wanneer de schakelaarswordenbediend,verwijdertudeaccu vanaf het gereedschap en laadt u hem op. De resterende acculading controleren Alleen voor accu’s met indicatorlampjes ►Fig.5: 1.Indicatorlampjes2. Testknop Druk op de testknop op de accu om de resterende acculadingtezien.Deindicatorlampjesbrandengedu- rende enkele seconden. Indicatorlampjes Resterende acculading Brandt Uit Knippert 75% tot 100% 50% tot 75% 25% tot 50% 0% tot 25% Laad de accu op. Er kan een storingzijn opgetreden in de accu. OPMERKING: Afhankelijkvandegebruiksomstandighe- denendeomgevingstemperatuur,ishetmogelijkdatdeaan- gegevenacculadingverschiltvandewerkelijkeacculading. OPMERKING: Heteerste(meestlinker)indicatorlampjeknip- pert wanneer het accubeveiligingssysteem in werking is getreden. Hoofdschakelaar Tik op de aan-uitknop om het gereedschap in te schakelen. Om het gereedschap uit te schakelen, houdt u de aan-uit- knopingedrukttotdatdeindicatorlampjesuitgaan. ►Fig.6: 1.Indicatorlampjes2. Aan-uitknop OPMERKING: Het gereedschap wordt automatisch uitgeschakeld nadat het gedurende een bepaalde tijdsduurnietisbediend. De trekkerschakelaar gebruiken WAARSCHUWING: Voor uw veiligheid is dit gereedschap uitgerust met een uit-vergren- delknop die voorkomt dat het gereedschap onbedoeld start. Gebruik het gereedschap NOOIT wanneer het start door alleen de trekkerschake- laar in te knijpen zonder de uit-vergrendelknop in te drukken. Stuur het gereedschap naar ons erkende servicecentrum voor deugdelijke repara- tie ZONDER het verder te gebruiken. WAARSCHUWING: U mag NOOIT het doel of de werking van de uit-vergrendelknop teniet doen of deze vastplakken. LET OP: Voordat u de accu aanbrengt in het gereedschap, controleert u altijd of de trekker- schakelaar correct werkt en na loslaten terugkeert naar de uit-stand. Het gebruik van een gereedschap met een schakelaar die niet goed werkt, kan leiden tot verliesvancontroleenernstigpersoonlijkletsel. LET OP: Plaats uw vinger nooit op de aan-uit- knop en de trekkerschakelaar wanneer u het gereedschap draagt. Het gereedschap kan onbe- doeld starten en letsel veroorzaken.65 NEDERLANDS KENNISGEVING: Knijp de trekkerschakelaar niet hard in zonder de uit-vergrendelknop in te drukken. Hierdoor kan de schakelaar kapot gaan. Om te voorkomen dat de trekkerschakelaar per ongeluk wordt bediend, is een uit-vergrendelknop aangebracht. Om het gereedschap te starten, houdt u de uit-vergren- delknopingedruktenknijptudetrekkerschakelaarin. De snelheid van het gereedschap neemt toe naarmate u meer druk uitoefent op de trekkerschakelaar. Laat de trekkerschakelaar los om te stoppen. ►Fig.7: 1. Uit-vergrendelknop 2. Trekkerschakelaar OPMERKING: Nadat het gereedschap gedurende eenbepaaldetijdnietisbediend,wordthetgereed- schap automatisch uitgeschakeld. Toerentalregeling U kunt het toerental van het gereedschap selecteren dooropdeaan-uitknoptetikken.Bijelketikopde aan-uitknop, verandert het toerental. ►Fig.8: 1.Indicatorlampjes2. Aan-uitknop Indicatorlampjes Functie Toerental Hoog 0 - 6.000 min

Elektrische rem Dit gereedschap is voorzien van een elektrische rem. Als het gereedschap continu niet snel stilstaat nadat de trekkerschakelaar is losgelaten, laat u het gereedschap onderhouden door ons servicecentrum. LET OP: Het remsysteem is geen vervanging voor de beschermkap. Gebruik het gereedschap nooit zonder de beschermkap. Een onbeschermd snijgarnituurkanleidentoternstigpersoonlijkletsel. Elektronische functie Constant-toerentalregeling De toerentalregelfunctie zorgt voor een constant toe- rental ongeacht de belastingsomstandigheden. Zachte-startfunctie Maakteenzachtestartmogelijkdooronderdrukking van de aanloopschok. MONTAGE WAARSCHUWING: Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is ver- wijderd alvorens enige werkzaamheden aan het gereedschap te verrichten. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet uit het gereedschapwordtverwijderd,kandatnaperonge- lukinschakelenleidentoternstigpersoonlijkletsel. WAARSCHUWING: Start het gereedschap nooit voordat het op de juiste wijze is gemon- teerd.Doorhetgereedschapineengedeeltelijk gemonteerde toestand te laten werken, kan dat na perongelukinschakelenleidentoternstigpersoonlijk letsel. LET OP: Haal het gereedschap niet uit elkaar nadat u alle hoofdcomponenten hebt gemonteerd. De hoofdcomponenten monteren De pijp monteren LET OP:Snijddekabelbinder(nylonbevestiging) pasdoornadatdedubbelgeklaptepijpenstevigzijn gemonteerd.

1. Klapdetweedubbelgevouwenpijpenrechtenlijn

daarnadekoppelingspenvandebovenstepijpuitmet het koppelingsgat in het koppelstuk. ►Fig.9: 1.Bovenstepijp2. Koppelingsgat

3. Koppelingspen 4. Koppelstuk

2. Steekdebovenstepijpinhetkoppelstukterwijlu

de koppelingspen ingedrukt houdt. Verzeker u ervan dat de pen omhoog komt in het koppelingsgat en zo de onderstepijpstevigvergrendelt. ►Fig.10: 1.Onderstepijp2. Koppelingsgat

3. Draai de inbusbout op stevig vast om het koppel-

verwijderdezevanafhetgereedschap. ►Fig.12: 1. Kabelbinder Handgreep

2. Stel de hoek en de positie van de handgreep af,

zoals aangegeven in de afbeelding, en draai daarna de bout vast. ►Fig.14: 1. Handgreep66 NEDERLANDS De positie van de handgreep en het bevestigingsoog afstellen

1. Draai de inbusbout op de handgreep los.

Verplaats de handgreep naar een comfortabele werk- houding en draai daarna de bout vast. ►Fig.15: 1. Inbusbout 2. Handgreep

2. Draai de inbusbout op het bevestigingsoog los.

Verplaats het bevestigingsoog naar een comfortabele werkhouding en draai daarna de bout vast. ►Fig.16: 1. Bevestigingsoog 2. Inbusbout De beschermkap aanbrengen WAARSCHUWING: Gebruik het gereedschap nooit zonder dat de beschermkap is aangebracht, zoals aangegeven in de afbeelding. Als u zich hier nietaanhoudt,kanernstigpersoonlijkletselworden veroorzaakt. LET OP: Wees voorzichtig uzelf niet te ver- wonden aan het snijgarnituur wanneer u de nylon- draad afsnijdt. Bevestig de beschermkap aan de klem met behulp van bouten. ►Fig.17:

1. Inbusbout 2. Klem 3. Beschermkap 4.Mesje

Het snijgarnituur aanbrengen LET OP: Gebruik altijd de bijgeleverde sleu- tels bij het verwijderen of aanbrengen van het snijgarnituur. LET OP: Vergeet niet de inbussleutel die in de gereedschapskop is gestoken te verwijderen nadat het snijgarnituur is aangebracht. OPMERKING:Hettypesnijgarnitu(u)r(en)datals standaardtoebehorenisbijgeleverd,verschiltafhan- kelijkvanhetland.Hetsnijgarnituurwordtinsommige landennietbijgeleverd. OPMERKING: Draai het gereedschap ondersteboven zodatuhetsnijgarnituurgemakkelijkkuntvervangen. Nylondraad-snijkop KENNISGEVING: Gebruik altijd een originele nylondraad-snijkop van Makita.

1. Steek de inbussleutel in de opening van het

motorhuis om de as te vergrendelen. Draai de as totdat de inbussleutel er helemaal in kan worden gestoken. ►Fig.18: 1. As 2. Motorhuis 3. Inbussleutel OPMERKING: De gaten in het motorhuis zitten aan de linkerkant en rechterkant.

2. Plaatsdenylondraad-snijkopopdeasendraai

hem met de hand stevig vast. ►Fig.19: 1.Nylondraad-snijkop2. As 3. Aanhalen 4. Losdraaien

3. Verwijderdeinbussleuteluithetmotorhuis.

Omdenylondraad-snijkopteverwijderen,volgtu de procedures voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. Opbergen van de inbussleutel LET OP: Denk eraan dat u de inbussleutel niet in de gereedschapskop laat zitten. Dit kan letsel en/of schade aan het gereedschap veroorzaken. Wanneer de inbussleutel niet wordt gebruikt, bergt u hem op zoals aangegeven in de afbeelding zodat u hem niet verliest. ►Fig.20: 1. Inbussleutel BEDIENING Het schouderdraagstel bevestigen LET OP: Wanneer u het gereedschap gebruikt in combinatie met de ruggedragen voeding, zoals de draagbare voedingseenheid, mag u het schou- derdraagstel dat in de doos van het gereedschap zit niet gebruiken, maar gebruikt u in plaats daar- van de draagband aanbevolen door Makita. Als u het schouderdraagstel die in de doos van het gereedschapzitomdoetentegelijkertijdhetschou- derdraagstel van de ruggedragen voeding draagt, is hetmoeilijkomhetgereedschapofderuggedragen voeding in een noodgeval af te doen, waardoor een ongeval of letsel kan ontstaan. Voor de aanbevolen draagband neemt u contact op met een erkend Makita-servicecentrum. LET OP: Gebruik altijd het schouderdraagstel bevestigd aan het gereedschap. Stel voor gebruik het schouderdraagstel af op de lichaamsgrootte van de gebruiker om vermoeidheid te voorkomen. LET OP: Verzeker u er voor gebruik van dat het schouderdraagstel goed is bevestigd aan het bevestigingsoog van het gereedschap.

1. Draag het schouderdraagstel over uw

linkerschouder. ►Fig.21

2. Maak de haak van de schouderriem vast aan het

bevestigingsoog van het gereedschap. ►Fig.22: 1. Haak 2. Bevestigingsoog

3. Stel het schouderdraagstel af op een comforta-

bele werkhouding. ►Fig.23 Het schouderdraagstel is voorzien van een snelontgrendelingsmethode. Knijpeenvoudigwegdezijkantvandegespinomhet gereedschap los te maken van het schouderdraagstel. ►Fig.24: 1. Gesp67 NEDERLANDS Correct hanteren van het gereedschap WAARSCHUWING: Houd het gereedschap altijd tegen uw rechterzij. Een correcte plaatsing van het gereedschap geeft een maximale controle en verkleintdekansopernstigpersoonlijkletsel. WAARSCHUWING: Let er goed op dat u te allen tijde de controle over het gereedschap behoudt. Zorg ervoor dat het gereedschap zich niet in uw richting of in de richting van iemand die in de buurt staat beweegt. Als u de controle over het gereedschap verliest, kan dat leiden tot ernstig letsel van de gebruiker en omstanders. WAARSCHUWING: Om een ongeval te voor- komen, bewaart u een afstand van 15 meter tus- sen gebruikers wanneer twee of meer gebruikers in hetzelfde gebied aan het werk zijn. Zorg boven- dien voor een persoon die de afstand tussen de gebruikers in de gaten houdt. Als iemand of een dier binnen het werkgebied komt, stopt u onmid- dellijk met het gebruik. LET OP: Als tijdens gebruik het snijgarnituur per ongeluk een steen of hard voorwerp raakt, moet het gereedschap worden gestopt en op beschadigingen worden gecontroleerd. Als het snijgarnituur beschadigd is, moet deze onmiddel- lijk worden vervangen. Het gebruik van een bescha- digdsnijgarnituurkanleidentoternstigpersoonlijk letsel. Een correcte plaatsing en hantering geven een optimale controle en verkleinen de kans op letsel. ►Fig.25 Bij gebruik van de nylondraad-snijkop (type met stoot-aanvoermechanisme) Denylondraad-snijkopiseendubbele-draad- kop voor de graskantmaaier uitgerust met een stoot-aanvoermechanisme. Omdenylondraadaantevoeren,tiktumetdesnijkop opdegrondterwijldezedraait. ►Fig.26: 1.Meeste󰀨ectievemaaigebied KENNISGEVING: Het stoot-aanvoermecha- nisme zal niet goed werken wanneer de nylon- draad-snijkop niet draait. OPMERKING: Als de nylondraad niet wordt aan- gevoerdwanneerdesnijkoptegendegrondwordt gestoten, volgt u de procedures in de tekst onder het kopjeOnderhoudomdenylondraadopnieuwopte wikkelen of te vervangen. ONDERHOUD WAARSCHUWING: Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u een inspectie of onderhoud aan het gereedschap uitvoert. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet uit het gereedschapwordtverwijderd,kandatnaperonge- lukinschakelenleidentoternstigpersoonlijkletsel. KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was- benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoudofafstellingentewordenuitgevoerdbijeen erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijdmetgebruikvanMakita-vervangingsonderdelen. Het gereedschap reinigen Reinig het gereedschap door stof, vuil of maaisel eraf te vegen met een droge doek of een doek die in zeepwa- ter is gedompeld en uitgewrongen. Om oververhitting van het gereedschap te voorkomen, zorgt u ervoor dat het gemaaide gras of vuil dat aan het rooster van het gereedschapkleeftwordtverwijderd. De nylondraad vervangen WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend nylondraad met de diameter die wordt aangege- ven in deze gebruiksaanwijzing. Gebruik nooit een zwaardere draad, metaaldraad, touw of iets dergelijks. Als u dit niet doet, kan dat schade aan het gereedschap veroorzaken en leiden tot ernstig persoonlijkletsel. WAARSCHUWING: Verwijder altijd de nylon- draad-snijkop vanaf het gereedschap wanneer u de nylondraad vervangt. WAARSCHUWING: Controleer of het deksel van de nylondraad-snijkop goed op de behuizing is bevestigd, zoals beschreven in deze gebruiks- aanwijzing. Als u het deksel niet stevig bevestigt, kan denylondraad-snijkopuitelkaarvliegenenernstig persoonlijkletselveroorzaken. Vervang de nylondraad wanneer deze niet meer wordt aangevoerd. De vervangingsmethode voor denylondraadverschiltafhankelijkvanhettype nylondraad-snijkop. 95-M10L ►Fig.27 96-M10L ►Fig.2868 NEDERLANDS PROBLEMEN OPLOSSEN Alvorens u verzoekt om reparatie, kunt u zelf als volgt het probleem opsporen en oplossen. Als u met een probleem kampt dat in deze handleiding niet wordt beschreven, probeer dan niet het gereedschap te demon- teren. Laat reparaties over aan een erkend Makita-servicecentrum, uitsluitend met gebruik van originele Makita-vervangingsonderdelen. Probleemomschrijving Waarschijnlijke oorzaak (storing) Oplossing Motor loopt niet. De accu is niet aangebracht. Breng de accu aan. Probleem met de accu (lage spanning). Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, ver- vangt u de accu. Deaandrijvingwerktnietgoed. Vraaguwplaatselijke,erkendeservicecentrumhet gereedschap te repareren. De motor stopt na kort te hebben gedraaid. Deaccuisbijnaleeg. Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, ver- vangt u de accu. Oververhitting. Stop het gebruik van het gereedschap en laat het afkoelen. Het gereedschap bereikt het maxi- male toerental niet. De accu is niet goed aangebracht. Breng de accu aan zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Het accuvermogen neemt af. Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, ver- vangt u de accu. Deaandrijvingwerktnietgoed. Vraaguwplaatselijke,erkendeservicecentrumhet gereedschap te repareren. Hetsnijgarnituurdraaitniet: stop het gereedschap onmiddellijk! Een vreemd voorwerp, zoals een tak, zit vastgeklemd tussen de bescherm- kapenhetsnijgarnituur. Verwijderhetvreemdevoorwerp. Hetsnijgarnituurzitlos. Zethetsnijgarnituurstevigvast. Deaandrijvingwerktnietgoed. Vraaguwplaatselijke,erkendeservicecentrumhet gereedschap te repareren. Abnormale trillingen: stop het gereedschap onmiddellijk! Eén uiteinde van de nylondraad is afgebroken. Tikmetdenylondraad-snijkoptegendegrond terwijldezedraaitzodatnieuwenylondraadwordt aangevoerd. Kapot, verbogen of versleten snijgarnituur Vervanghetsnijgarnituur. Hetsnijgarnituurzitlos. Zethetsnijgarnituurstevigvast. Deaandrijvingwerktnietgoed. Vraaguwplaatselijke,erkendeservicecentrumhet gereedschap te repareren. Hetsnijgarnituurendemotorkunnen niet stoppen: verwijderdeaccuonmiddellijk! Elektrische of elektronische storing. Verwijderdeaccuenvraaguwplaatselijkerkende servicecentrum het gereedschap te repareren. OPTIONELE ACCESSOIRES WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de aanbevolen accessoires of hulpstukken die wor- den aangegeven in deze gebruiksaanwijzing. Het gebruik van enig ander accessoire of hulpstuk kan leidentoternstigpersoonlijkletsel. LET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven.Bijgebruikvanandereaccessoiresof hulpstukkenbestaathetgevaarvanpersoonlijkelet- sel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel. Wenstumeerbijzonderhedenoverdezeacces- soires,neemdancontactopmethetplaatselijke Makita-servicecentrum.

  • Nylondraad(snijdraad)