DW 10125 Quick - Schroevendraaier METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DW 10125 Quick METABO in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DW 10125 Quick METABO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Schroevendraaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DW 10125 Quick - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DW 10125 Quick van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING DW 10125 Quick METABO
nl Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing 31
es Manual original 40
Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
1. Conformiteitsverklaring
Wij verklaren op eigen en uitsluitende verantwoording: Deze haakse perslucht-slijpmachines, geïdentificeerd door type en serienummer *1), voldoen aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen *2) en normen *3). Technische documentatie bij *4) - zie pagina 3.
2. Gebruik volgens de voorschriften
Dit persluchtgereedschap is met originele Metabo-accessoires geschikt voor het professioneel slijpen en doorslijpen van metaal, beton, steen en gelijksoortige materialen, zonder gebruik van water.
Niet bestemd voor het polijsten, schuren en werken met draadborstels.
Dit gereedschap mag uitsluitend met perslucht-aanvoer worden aangedreven. De op het pers-luchtgereedschap aangegeven maximaal toelaat-bare werkdruk mag niet worden overschreden. Dit persluchtgereedschap mag niet worden aangedreven met explosieve, brandbare of gezondheidsbedreigende gassen. Niet gebruiken als hefboom, breek- of slagwerktuig.
ledere andere toepassing is niet volgens de voorschriften. Door onreglementair gebruik, veranderingen aan het persluchtgereedschap of door gebruik van onderdelen die niet door de fabrikant gekeurd en vrijgegeven zijn, kunnen niet te voorziene beschadigingen ontstaan!
Voor schade door oneigenlijk gebruik is alleen de gebruiker aansprakelijk.
De algemeen erkende veiligheidsvoorschriften en de bijgevoegde veiligheidsvoorschriften dienen te worden nageleefd.
3. Algemene veiligheidsvoorschriften

Let ter bescherming van uzelf en het persluchtgereedschap op de met dit symbool aangegeven passages!

WAARSCHUWING – Lees de gebruiksaanwijzing om het risico van letsel te vermin-deren.

WAARSCHUWING Lees alle veiligheids- voorschriften en aanwijzingen. Worden de veiligheidsinstructies en aanwijzingen niet in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen goed met het oog op toekomstig gebruik.
Geef het persluchtgereedschap alleen samen met deze documenten aan anderen door.
- De gebruiker of werkgever van de gebruiker moet de specifieke risico's inschatten die door het gebruik kunnen optreden.
- Vóór installatie, bediening, reparatie, onderhoud en vervanging van toebehoren en voordat in de buurt van het persluchtgereedschap wordt gewerkt, dienen de veiligheidsvoorschriften te worden gelezen en begrepen. Gebeurt dit niet, dan kan dit leiden tot ernstig lichamelijk letsel.
- Het persluchtgereedschap mag uitsluitend door gekwalificeerd en geschoold personeel worden geïnstalleerd of gebruikt.
- Aan het persluchtgereedschap mogen geen wijzigingen worden aangebracht. Wijzigingen kunnen de effectiviteit van de veiligheidsmaatregelen verminderen en de risico's voor de bediener verhogen.
- Gebruik nooit beschadigd persluchtgereedschap. Onderhoud het persluchtgereedschap zorgvuldig. Controleer regelmatig of beweeglijke onderdelen correct functioneren en niet klemmen, of er onderdelen gebroken of dermate beschadigd zijn dat de werking van het persluchtgereedschap hieronder lijdt. Controleer borden en opschriften op volledigheid en leesbaarheid. Laat beschadigde delen repareren of vernieuwen voordat u het apparaat gebruikt. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden persluchtgereedschap.
4. Speciale veiligheidsvoorschriften
4.1 Gevaar door wegslingerende onderdelen
- Maak het persluchtgereedschap los van de persluchtvoorziening, voordat u het inzetgereedschap of toebehoren vervangt of instel- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert.
- Wanneer een werkstuk, toebehoren of perslucht-gereedschap breekt, kunnen onderdelen met hoge snelheid worden weggeslingerd.
- Bij de bediening, het vervangen van toebehoren en bij reparatie- en onderhoudswerkzaamheden aan het persluchtgereedschap moet altijd een slagvaste oogbescherming worden gedragen. Het niveau van de vereiste bescherming dient voor elk geval apart te worden beoordeeld.
- Controleer of het werkstuk stevig is bevestigd.
- Er dient voor gezorgd te worden, dat het slijpma- teriaal veilig op de slijpmachine is gespannen.
- Gecontroleerd moet worden of het maximale bedrijfstoerental van het slijpmateriaal, omgerekend naar omwentelingen per minuut, gelijk of hoger is dan het opgegeven toerental van de spindel. Er mogen geen borstels op machines worden aangebracht, waarvan het toerental hoger is dan het maximaal toelaatbare toerental voor borstels.
- Verzeker u ervan dat de beschermkap is gemonteerd, in goede toestand en volgens voorschrift is bevestigd en regelmatig wordt gecontroleerd.
- Er moet regelmatig worden gecontroleerd of het toerental van het persluchtgereedschap niet hoger is dan het op het persluchtgereedschap aangegeven toerental. Deze toerentalcontroles
NEDERLANDSnl
dienen zonder ingebracht inzetgereedschap plaats te vinden. De Metabo-klantenservice kan zulke controles uitvoeren.
- Zorg ervoor dat vonken en brokstukken die bij het werk ontstaan, geen gevaar vormen.
- Maak het persluchtgereedschap los van de persluchtvoorziening, voordat u het inzetgereedschap of toebehoren vervangt of instel-, onderhouds- of reinigingswerkzaamheden uitvoert.
- Er moet worden gecontroleerd of de spanringen overeenkomstig de opgaven van de fabrikant worden gebruikt en of ze zich in een goede toestand bevinden, d.w.z. of ze vlak en zonder scheuren en barsten zijn.
- Er moet worden gecontroleerd of de spindel en het spindeldraad zijn beschadigd of versleten.
4.2 Gevaar te worden meegetrokken/verwik- keld
- Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van het persluchtgereedschap. Loshangende kleding, sieraden en lange haren kunnen door bewegende delen worden meegenomen. Er bestaat letselgevaar.
4.3 Gevaren tijdens bedrijf
- Vermijd contact met de draaiende spindel en de aangebrachte slijpschijf om snijwonden aan handen of andere lichaamsdelen te voorkomen.
- Bij gebruik van het persluchtgereedschap kunnen de handen van de bediener blootgesteld worden aan gevaren, zoals snij-, schaaf- en verbrandingsletsel. Draag ter bescherming van uw handen geschikte handschoenen.
- Het bedienings- en onderhoudspersoneel dient fysiek in staat te zijn de grootte, het gewicht en het vermogen van de machine te hanteren.
- Houd het persluchtgereedschap correct vast: Wees erop voorbereid de normale of plotselinge bewegingen op te vangen – houd beide handen gereed.
- Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in even-wicht blijft.
- Voorkom dat het apparaat onbedoeld wordt ingeschakeld. Wordt de luchtvoorziening onderbroken, het persluchtgereedschap bij de in-/uitschakelaar uitzetten.
- Gebruik uitsluitend de door de fabrikant aanbe- volen smeermiddelen.
- Draag persoonlijke beschermende uitrusting en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van een persoonlijke beschermende uitrusting, zoals veiligheidshandschoenen, beschermende kleding, stofmasker, slipvrije werkschoenen, veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van soort en gebruik van het apparaat, vermindert het risico op letsel en wordt aanbevolen.
- Wees u ervan bewust, dat de machine bij het indrukken van de in-/uitschakelaar start - gevaar door bewegend inzetgereedschap.
- Draag bij bovenhandse werkzaamheden een veiligheidshelm.
-
Machine loopt na: De machine na het uitschakelen pas wegzetten wanneer de motor tot stilstand is gekomen.
-
Bij het doorslijpen moet het werkstuk zo worden ondersteund, dat de doorslijpsnede tijdens de gehele bewerking een constante of toenemende breedte heeft.
- Indien het slijpmateriaal bij het doorslijpen in de doorslijpsnede vast komt te zitten, moet de slijpmachine worden uitgeschakeld en de slijpschijf worden losgemaakt. Alvorens verder te gaan, moet worden gecontroleerd of het slijpmateriaal nog volgens voorschrift is bevestigd en niet is beschadigd.
- Slijp- en doorslijpschijven mogen niet worden gebruikt voor het vlakslijpen met de zijkant van de schijf, het zgn. kopslijpen (uitzondering: slijpschijven voor het kopslijpen). Slijpmachines mogen niet worden gebruikt bij overschrijding van het maximale omwentelingstoerental van een slijpmiddel.
- Verzeker u ervan, dat er zich geen personen in de onmiddellijke omgeving bevinden.
- Er dient een persoonlijke veiligheidsuitrusting, zoals geschikte handschoenen, schorten en veiligheidshelmen, te worden gebruikt.
- Door vonken die bij het slijpen ontstaan, kan de kleding vlam vatten en kunnen zware verbrandingen worden veroorzaakt. Er dient voor gezorgd te worden, dat er geen vonken op de kleding terechtkomen. Draag brandwerende kleding en zorg ervoor, dat er een emmer water in de buurt staat.
4.4 Gevaar door herhalende bewegingen
- Bij het werken met het persluchtgereedschap kunnen onaangename gevoelens in handen, armen, schouders, de halsstreek of andere lichaamsdelen optreden.
- Neem bij het werk met het persluchtgereedschap een gemakkelijke positie in, let op een goede steun en voorkom een stand die ongunstig is of waarbij het moeilijk is het evenwicht te behouden. Bij langdurige werkzaamheden moet de bediener zijn lichaamshouding af en toe veranderen, om onaangenaamheden en vermoeidheid te voorkomen.
- Indien bij een bediener symptomen zoals aanhoudende onpasselijkheid, klachten, kloppen, pijn, kriebels, doofheid, branden of stijfheid optreden, mogen deze waarschuwingsindicatoren niet worden genegeerd. De bediener dient zijn werkgever te informeren en een gekwalificeerde arts te raadplegen.
4.5 Gevaar door toebehoren
- Maak het persluchtgereedschap los van de persluchtvoorziening, voordat inzetgereedschap of toebehoren worden bevestigd of vervangen.
- Gebruik alleen toebehoren die voor dit apparaat bestemd zijn en voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing genoemde eisen en kenmerken.
- Gebruik uitsluitend inzetgereedschap dat zich in een goede toestand bevindt. Een gebrekkige toestand van toebehoren kan ertoe leiden dat deze bij het gebruik stukbreken en worden weggeslingerd.
-
Zorg ervoor dat de afmetingen van het slijpmiddel compatibel zijn met die van de slijpmachine en dat het slijpmiddel op de spindel past.
-
Zorg ervoor dat type en grootte van het schroefdraad van het slijpmiddel precies overeenkomen met het type en de grootte van het spindelschroefdraad.
- Er moet voor worden gezorgd, dat het slijpmiddel vóór gebruik volgens voorschrift is bevestigd en stevig genoeg is aangetrokken; de slijpmachine dient minstens 1 min in een beveiligde toestand te worden bediend; de machine moet direct worden uitgeschakeld, wanneer aanzienlijke trillingen of andere schade worden waargenomen; de oorzaak voor deze fouten moeten worden vastgesteld.
- Door controle van de afmetingen en andere belangrijke gegevens van de spindel moet worden voorkomen dat het uiteinde van de spindel in contact komt met de bodem van de opening van slijpkommen, slijpkegels of slijp-stiften met schroefdraad-inzet, die voor machine-spindels bestemd zijn.
- Bij slijpmateriaal dat met verloopstukken of -moffen wordt geleverd of dat met verloopstukken of -moffen moet worden gebruikt, moet de gebruiker ervoor zorgen, dat het verloopstuk of de verloopmof niet in contact komt met de kopse kant van de spanring en dat er door de spankracht voldoende rotatieaandrijving is, om te voorkomen dat het slijpmiddel wegschuift.
- Ingeval de spanring voor verschillende typen en groottes van het slijpmateriaal moet worden bijgesteld, dient u altijd de juiste spanring voor het te gebruiken slijpmiddel te bevestigen.
- Voorkom tijdens en na gebruik direct contact met het inzetgereedschap, omdat het heet of scherp kan zijn.
4.6 Gevaar op de werkplek
- Het meeste letsel op de werkplek wordt veroorzaakt door uitglijden, struikelen of vallen. Let op oppervlakken die door het gebruik van het persluchtgereedschap wellicht glad zijn geworden en op het mogelijke gevaar van struikelen door de luchtslang.
- Ga in een onbekende omgeving voorzichtig te werk. Er kan sprake zijn van verborgen gevaar door stroomkabels of andere voedingsleidingen.
- Het persluchtgereedschap is niet bestemd voor gebruik in een explosieve omgeving en niet geïsoleerd tegen contact met elektrische stroombronnen.
- Controleer (bijv. met behulp van een metaaldetector) of er op de plaats die bewerkt moet worden, geen stroom-, water- of gasleidingen aanwezig zijn.
4.7 Gevaar door stof en dampen
- De stoffen en dampen die bij het gebruik van het persluchtgereedschap ontstaan kunnen schadelijke gevolgen hebben voor de gezondheid (bijv. kanker, geboorteafwijkingen, astma en/of dermatitis); het is beslist noodzakelijk een risicoanalyse van deze gevaren te maken en deze om te zetten in passende regelgeving.
-
In de risicoanalyse moet rekening worden gehouden met het stof dat bij het gebruik van het persluchtgereedschap ontstaat en het reeds aanwezige stof dat hierbij mogelijk opstuift.
-
Het persluchtgereedschap dient te worden bediend en onderhouden volgens de aanbevelingen in deze gebruiksaanwijzing, om het vrijkomen van stof en dampen tot een minimum te beperken.
- De afzuiglucht moet zo worden afgevoerd, dat in een stoffige omgeving zo min mogelijk stof opstuift.
- Indien stof en dampen ontstaan, moeten alle inspanningen erop zijn gericht deze te controleren op de plaats waar ze vrijkomen.
- Alle inbouwelementen- en toebehoren van het persluchtgereedschap, die voor het opvangen, afzuigen of onderdrukken van zwevend stof of dampen zijn aangebracht, dienen volgens de aanwijzingen van de fabricant volgens voorschrift te worden geplaatst en onderhouden.
- Het verbruiksmateriaal en het inzetgereedschap moet volgens de aanbevelingen van deze gebruikshandleiding worden gekozen, onderhouden en vervangen om onnodige intensivering van de stof- en dampontwikkeling te voorkomen.
- Gebruik beschermende ademhalingsvoorzieningen volgens de aanwijzingen van uw werkgever of zoals vereist in de voorschriften voor de veiligheid op het werk en ter bescherming van uw gezondheid.
- Het werken met bepaalde materialen leidt tot emissies van stof en damp die een potentieel explosieve omgeving veroorzaken.
4.8 Gevaar door geluid
- De invloed van hoge geluidsniveaus kan bij onvoldoende gehoorbescherming leiden tot permanente gehoorschade, gehoorverlies en andere problemen, zoals tinnitus (bellen, suizen, fluiten of zoemen in het oor).
- Het is beslist noodzakelijk een risicoanalyse van deze gevaren te maken en deze om te zetten in passende regelgeving.
- Tot de passende regelgeving ter vermindering van het risico behoren maatregelen zoals het gebruik van isolatiemateriaal ter voorkoming van het geluid dat bij de werkstukken optreedt.
- Gebruik gehoorbeschermende voorzieningen volgens de aanwijzingen van uw werkgever of zoals vereist in de voorschriften voor de veiligheid op het werk en ter bescherming van de gezondheid.
- Het persluchtgereedschap dient te worden bediend en onderhouden volgens de aanbevelingen in deze gebruiksaanwijzing, om een onnodige verhoging van het geluidsniveau te voorkomen.
- Het verbruiksmateriaal en het inzetgereedschap moet volgens de aanbevelingen van deze gebruikshandleiding worden gekozen, onderhouden en vervangen om een onnodige verhoging van het geluidsniveau te voorkomen.
- De geïntegreerde geluidsdemper mag niet worden verwijderd en moet zich in een goede werktoestand bevinden.
4.9 Gevaar door trillingen
- De invloed van trillingen kan beschadiging van de zenuwen en storingen in de bloedcirculatie in handen en armen veroorzaken.
NEDERLANDSnl
- Draag bij het werken in een koude omgeving warme kleding en houd de handen warm en droog.
- Indien u merkt dat de huid van uw vingers of handen gevoelloos wordt, jeukt, pijn doet of wit verkleurt, moet u stoppen met het persluchtge-reedschap, uw werkgever informeren en een arts raadplegen.
- Het persluchtgereedschap dient te worden bediend en onderhouden volgens de aanbevelingen in deze gebruiksaanwijzing om een onnodige versterking van de trillingen te voorkomen.
- Laat het inzetgereedschap niet op het werkstuk ratelen, omdat dat dit zeer waarschijnlijk tot een aanzienlijke versterking van de trillingen leidt.
- Het verbruiksmateriaal en het inzetgereedschap moet volgens de aanbevelingen van deze gebruikshandleiding worden gekozen, onderhouden en vervangen om een onnodige versterking van de trillingen te voorkomen.
- Maak, om het gewicht van het persluchtgereedschap te houden, zo mogelijk gebruik van een standaard, een spanner of egalisatie-inrichting.
- Houd het persluchtgereedschap vast met een niet al te vaste, maar zekere greep en neem de vereiste hand-reactiekrachten in acht, want het trillingsrisico wordt normaal gesproken groter bij een toenemende grijpkracht.
- Gebruik tussenlagen wanneer deze voor gebonden slijpmiddelen bestemd zijn.
4.10 Extra veiligheidsvoorschriften
- Perslucht kan tot ernstig letsel leiden.
- Wanneer het persluchtgereedschap niet in gebruik is, is het altijd vereist om de luchttoevoer af te sluiten, de luchtslang drukloos te maken en het persluchtgereedschap van de persluchttoevoer te scheiden, voordat toebehoren worden vervangen of reparaties worden uitgevoerd.
- Richt de luchtstroom nooit op uzelf of andere personen.
- Rondslaande slangen kunnen tot ernstig letsel leiden. Controleer daarom altijd of de slangen en het bevestigingsmateriaal beschadigd of losgeraakt zijn.
- Bij universele draaikoppelingen (klauwkoppelingen) dient u gebruik te maken van arrêteerpennen en Whipcheck-slangbeveiligingen om bescherming te bieden voor het geval dat een verbinding van de slang met het persluchtgereedschap of tussen slangen defect raakt.
- Zorg ervoor dat de op het persluchtgereedschap aangegeven maximale druk niet wordt overschreden.
- Draag persluchtgereedschap nooit bij de slang.
4.11 Overige veiligheidsvoorschriften
- Neem de eventueel speciale werkbeschermings-of ongevalpreventievoorschriften voor de omgang met compressoren en persluchtgereedschap in acht.
- Zorg ervoor dat de in de Technische gegevens aangegeven maximaal toelaatbare werkdruk niet wordt overschreden.
- Zorg dat u het gereedschap niet overbelast – gebruik dit gereedschap alleen binnen het vermo-
gensbereik dat in de Technische gegevens vermeld wordt.
- Gebruik geen twijfelachtige smeermiddelen. Zorg voor een voldoende ventilatie van de werkplek. Bij verhoogde uittreding: persluchtgereedschap controleren en eventueel laten repareren.
- Gebruik dit gereedschap niet wanneer u niet geconcentreerd bent. Wees alert, let goed op wat u doet en ga bij het gebruik van het persluchtgereedschap met verstand te werk. Gebruik geen gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van gereedschap kan tot ernstig letsel leiden.
- Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden.
- Persluchtgereedschap voor kinderen beveiligen.
- Het gereedschap mag niet in de open of in een vochtige ruimte opgeborgen worden.
- Bescherm het persluchtgereedschap, met name de persluchtaansluiting en bedieningselementen, tegen stof en vuil.
4.12 Gemeenschappelijke veiligheidsinstructies voor het slijpen en doorslijpen:
Toepassing
a) Dit persluchtgereedschap dient als slijp- en doorslijpmachine te worden gebruikt. Let op alle veiligheidsinstructies, aanwijzingen, afbeeldingen en gegevens die u bij uw apparaat ontvangt. Neemt u de volgende aanwijzingen niet in acht, dan kan dit leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.
b) Dit persluchtgereedschap is niet geschikt om te schuren, te werken met draadborstels en te polijsten. Toepassingen waarvoor het persluchtgereedschap niet bestemd is, kunnen leiden tot gevaarlijke situaties en lichamelijk letsel.
c) Gebruik geen toebehoren die door de fabrikant niet speciaal voor dit persluchtgereedschap bestemd en aanbevolen zijn. Wanneer u de accessoires aan uw persluchtgereedschap kunt bevestigen, garandeert dit nog geen veilig gebruik.
d) Het toelaatbare toerental van het inzetgereedschap dient minstens zo hoog te zijn als het maximale toerental dat op het persluchtgereedschap staat aangegeven. Accessoires die sneller draaien dan toelaatbaar kunnen breken en wegvliegen.
e) De buitendiameter en de dikte van het inzetgereedschap dienen overeen te komen met de maataanduidingen van uw persluchtgereedschap. Verkeerd bemeten inzetgereedschap kan niet voldoende worden afgeschermd of gecontroleerd.
f) Slijpschijven, flenzen, steunschijven of andere accessoires dienen exact op de slijpspindel van uw persluchtgereedschap te passen. Inzetgereedschap dat niet precies op de slijpspindel van uw persluchtgereedschap past, draait ongelijkmatig en trilt zeer sterk, hetgeen kan leiden tot verlies van controle.
g) Gebruik geen beschadigd inzetgereedschap. Controleer inzetgereedschap, zoals slijpschijven, voor het gebruik altijd op afsplinteringen en scheuren, steunschijven op scheuren, (sterke) slijtage en draadborstels op losse of gebroken draden. Wanneer het persluchtgereedschap of het inzetgereedschap valt, ga dan na of het beschadigd is of ga over op onbeschadigd inzetgereedschap. Wanneer u het inzetgereedschap heeft gecontroleerd en ingebracht, zorg er dan voor dat u en eventuele andere personen in de buurt buiten bereik van het roterende inzetgereedschap blijven en laat het apparaat een minuut lang draaien op het hoogste toerental. In deze testperiode breekt beschadigd inzetgereedschap meestal.
h) Draag een persoonlijke veiligheidsuitrusting. Draag afhankelijk van de toepassing volledige gezichtsbescherming, oogbescherming of een veiligheidsbril. Draag zo nodig een stofmasker, gehoorbescherming, veiligheidshandschoenen of, ter bescherming tegen kleine slijp- en materiaaldeeltjes, een speciaal schort. Uw ogen dienen beschermd te worden tegen rondvliegende voorwerpen die bij verschillende toepassingen ontstaan. Stof- of zuurstofmaskers dienen het stof dat bij de toepassing ontstaat te filteren. Wanneer u lang aan hard geluid wordt blootgesteld, kan uw gehoor beschadigd raken.
i) Let erop dat andere personen zich op een veilige afstand van uw werkgebied bevinden. ledereen die het werkgebied betreedt, dient een persoonlijke veiligheidsuitrusting te dragen. Gebroken inzetgereedschap of brokstukken van het werkstuk kunnen wegvliegen en letsel buiten het directe werkgebied veroorzaken.
j) Houd het apparaat alleen vast aan de geïsoleerde greepvlakken wanneer u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidingen kan raken. Door contact met een spanningvoerende leiding kunnen ook metalen apparaatonderdelen onder spanning worden gezet en kan een elektrische schok teweeg worden gebracht.
1) Leg het persluchtgereedschap nooit weg voordat het inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het steunvlak, waardoor u mogelijk de controle over het persluchtgereedschap verliest.
m) Laat het persluchtgereedschap niet draaien terwijl u het draagt. Door toevallig contact met het draaiende inzetgereedschap kan uw kleding worden gegrepen en kan het inzetgereedschap zich in uw lichaam boren.
o) Gebruik het persluchtgereedschap niet in de buurt van brandbaar materiaal. Door vonken kunnen deze materialen vlam vatten.
p) Gebruik geen inzetgereedschap waarvoor vloeibare koelmedia nodig zijn.
4.13 Veiligheidsinstructies met het oog op een terugslag
Een terugslag is een plotselinge reactie als gevolg van draaiend inzetgereedschap - zoals een slijpschijf, steunschijf of draadborstel - dat blijft haken of blokkeert. Indien het draaiende inzetgereedschap blokkeert of blijft haken, komt het onmiddellijk tot stilstand. Hierdoor wordt ongecontroleerd persluchtgereedschap, tegen de draairichting van het inzetgereedschap in, op de plaats van de blokke-ring versneld.
Wanneer er bijv. een slijpschijf in het werkstuk blijft haken of blokkeert, kan de rand van de slijpschijf die invalt in het werkstuk vastraken, met het uitbreken van de slijpschijf of een terugslag als mogelijk gevolg. De slijpschijf beweegt zich dan naar of vanaf de gebruiker, afhankelijk van de draairichting van de schijf op de plaats van de blokkering. Hierbij kunnen slijpschijven ook breken.
Een terugslag is het gevolg van verkeerd gebruik van het persluchtgereedschap. Een terugslag kan worden voorkomen door passende veiligheidsmaatregelen te nemen, zoals hieronder beschreven.
a) Houd het persluchtgereedschap goed vast en breng uw lichaam en uw armen in zo'n positie dat u de terugslagkrachten kunt opvangen. Gebruik, indien voorhanden, altijd de extra greep om tijdens de startfase een zo groot mogelijke controle over de terugslagkrachten of reactiemomenten te hebben. De gebruiker kan de terugslag- en reactiemomenten beheersen door geschikte veiligheidsmaatregelen te nemen.
b) Zorg ervoor dat uw hand nooit in de buurt van draaiend inzetgereedschap komt. Het inzetgereedschap kan zich bij een terugslag over uw hand bewegen.
c) Kom met uw lichaam niet binnen het gebied waarin het persluchtgereedschap zich beweegt in geval van een terugslag. Door de terugslag
beweegt het persluchtgereedschap zich in tegengestelde richting ten opzichte van de slijpschijf op de plaats van de blokkering.
d) Werk bijzonder voorzichtig bij hoeken, scherpe randen, enz. Zorg ervoor dat het inzetgereedschap niet van het werkstuk trugspringt en beklemd raakt. Bij hoeken, scherpe randen of wanneer het trugspringt, raakt het roterende inzetgereedschap gemakkelijk beklemd. Dit leidt tot verlies van controle of een terugslag.
e) Gebruik geen ketting- of getand zaagblad. Dit inzetgereedschap leidt vaak tot een terugslag of verlies van controle over het persluchtgereedschap.
4.14 Speciale veiligheidsinstructies voor het slijpen en doorslijpen:
a) Maak uitsluitend gebruik van slijpmiddelen die voor uw persluchtgereedschap zijn goedgekeurd en van de hiervoor geschikte beschermkap. Slijpmiddelen die niet geschikt zijn voor het persluchtgereedschap kunnen niet voldoende worden afgeschermd en zijn onveilig.
b) De beschermkap moet stevig aan het persluchtgereedschap zijn aangebracht en, voor een optimale veiligheid, zo zijn ingesteld dat
NEDERLANDSnl
een zo klein mogelijk deel van het slijplichaam open naar de bediener wijst. De beschermkap beschermt de gebruiker tegen brokstukken en toevallig contact met het slijplichaam en vonken, waardoor kleding vlam kan vatten.
c) De slijpmiddelen mogen alleen worden gebruikt voor de aanbevolen toepassingsmo- gelijkheden.
Bijv.: Slijp nooit met het zijvlak van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bestemd voor materiaalafname met de rand van de schijf. Door zijwaartse krachtinwerking op deze slijpmiddelen kan de schijf breken.
d) Gebruik voor de door u gekozen slijpschijf altijd onbeschadigde spanflenzen in de juiste grootte en vorm. Geschikte flenzen steunen de slijpschijf en gaan zo het risico tegen dat deze breekt. Flenzen voor doorslijpschijven kunnen zich onderscheiden van de flenzen voor andere slijpschijven.
e) Gebruik geen versleten slijpschijven van groter persluchtgereedschap. Slijpschijven voor groter persluchtgereedschap zijn niet geschikt voor de hogere toerentallen van kleiner persluchtgereedschap en kunnen breken.
4.15 Overige speciale veiligheidsinstructies voor het doorslijpen:
a) Voorkom een te hoge aandrukkracht of een blokkering van de doorslijpschijf. Voer geen overmatig diepe snedes uit. Bij overbelasting van de doorslijpschijf wordt ook de neiging tot schuin wegdraaien of blokkeren en daarmee de kans op een terugslag of breuk van het slijpmiddel verhoogd.
b) Mijd het gebied voor en achter de roterende doorslijpschijf. Wanneer u de doorslijpschijf in het werkstuk van u af beweegt, kan het persluchtge-reedschap in geval van een terugslag met de draai-ende schijf direct naar u toe worden geslingerd.
c) Indien de doorslijpschijf beklemd raakt of u het werk onderbreekt, schakel het apparaat dan uit en houd het rustig vast totdat de schijf tot stilstand is gekomen. Probeer nooit om de nog draaiende slijpschijf uit de snede te trekken, dit kan een terugslag veroorzaken. Stel de oorzaak van het beklemd raken vast en hef deze op.
d) Schakel het persluchtgereedschap zolang het zich in het werkstuk bevindt nooit opnieuw in. Laat de slijpschijf eerst het volle toerental bereiken en ga daarna voorzichtig verder met de snede. Anders kan de schijf blijven haken, uit het werkstuk springen of een terugslag veroorzaken.
e) Zorg voor een ondersteuning van platen of grote werkstukken om het risico van een terugslag als gevolg van een ingeklemde doorslijpschijf te verminderen. Grote werkstukken kunnen doorbuigen onder hun eigen gewicht. Het werkstuk dient aan beide kanten van de schijf, zowel bij de doorslijpsnede als aan de rand, ondersteund te worden.
f) U dient bijzonder voorzichtig te zijn bij "invalsnedes" in bestaande wanden of andere gebieden waarvan u niet weet wat zich daarin bevindt. De invallende doorslijpschijf kan bij het snijden in gas- of waterleidingen, elektrische leidingen of andere objecten een terugslag veroorzaken.
4.16 Overige veiligheidsvoorschriften:

WAARSCHUWING – Draag altijd een veiligheidsbril.
Maak gebruik van elastische tussenlagen wanneer deze bij het slijpmateriaal ter beschikking gesteld en vereist zijn.
Neem de opgaven van de fabrikant van het gereedschap of de accessoires in acht! Zorg ervoor dat de schijven beschermd zijn tegen vet en stoten!
Slijpschijven moeten zorgvuldig volgens de voorschriften van de fabrikant bewaard en gehanteerd worden.
Doorslijpschijven mogen nooit worden gebruikt voor het voorslijpen! Doorslijpschijven mogen niet onderhevig zijn aan zijwaartse druk.
Het werkstuk dient stevig te liggen en beveiligd te zijn tegen wegglijden, bijv. met behulp van spaninrichtingen. Grote werkstukken dienen voldoende te worden ondersteund.
Wordt er inzetgereedschap met schroefdraadinzet gebruikt, dan mag het einde van de spindel de gatenbodem van het slijpgereedschap niet raken. Let erop dat de schroefdraad in het inzetgereedschap lang genoeg is om de spindellengte op te nemen. De schroefdraad van het inzetgereedschap moet bij het schroefdraad van de spindel passen. Zie voor de lengte en de schroefdraad van de spindel pagina 3 en hoofdstuk 13. Technische gegevens.
Het gebruik van een stationaire afzuiginrichting wordt aanbevolen.
Stoffen afkomstig van bepaalde materialen, zoals loodhoudende verf, enkele houtsoorten, mineralen en metaal, kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid. Het aanraken of inademen van deze stoffen kan bij de gebruiker of personen die zich in de nabijheid bevinden leiden tot allergische reacties en/of aandoeningen aan de luchtwegen.
Bepaalde stoffen, zoals van eiken- of beukenhout, gelden als kankerverwekkend, met name in verbinding met additieven voor de houtbehandeling (chromaat, houtbeschermingsmiddelen).
Asbesthoudend materiaal mag alleen worden bewerkt door gespecialiseerd personeel.
- Maak zo mogelijk gebruik van stofafzuiging.
- Zorg voor een goede ventilatie van de werkplaats.
- Aanbevolen wordt om een stofmasker van filterklasse P2 te dragen.
Neem de voorschriften in acht die in uw land voor de te bewerken materialen van toepassing zijn.
Er mogen geen materialen worden gebruikt waarbij tijdens de bewerking stoffen of dampen vrijkomen die gevaarlijk zijn voor de gezondheid (bijv. asbest).
Er mag geen beschadigd, niet-rond of vibrerend gereedschap worden gebruikt.
Voorkom schade aan gas- of waterleidingen, elektrische geleiders en dragende wanden (statica).
Een beschadigde of gebarsten extra greep dient te worden vervangen. Indien de extra greep defect is, de machine niet gebruiken.
Een beschadigde of gebarsten beschermkap dient te worden vervangen. Indien de beschermkap defect is, de machine niet gebruiken.
De informatie in deze handleiding is als volgt gekenmerkt:

Gevaar! Waarschuwing voor lichamelijk let- sel of milieuschade.

Let op Waarschuwing voor materiële schade.
4.17 Symbolen op het persluchtgereedschap

Voor inbedrijfstelling de gebruiksaanwijzing lezen.

Draag oogbescherming

Draag gehoorbescherming

Draairichting
5. Overzicht
Zie bladzijde 2.
1 Steeknippel 1/4"
2 Persluchtaansluiting met filter
3 Schakelaar (In-/Uitschakelen)
4 Inschakelblokkering
5 Extra greep
6 Beschermkap
7 Spindelvastzetknop *
8 Hendel voor afstelling van de beschermkap
9 Spindel
10 Steunflens
11 Steeksleutel *
12 Spanmoer (zonder gereedschap) *
13 Beugel voor het aantrekken/losdraaien van de spanmoer (zonder gereedschap) met de hand *
14 Spanmoer *
15 Tweegaatssleutel *
* afhankelijk van de uitvoering
6. Ingebruikneming
6.1 Voor het eerste bedrijf
Steeknippel (1) inschroeven.
6.2 Extra greep aanbrengen

Alleen werken wanneer de extra greep (5) is aangebracht! De extra greep stevig
inschroeven aan de linker- of rechterkant van de machine.
6.3 Beschermkap aanbrengen

Gebruik uit veiligheidsoverwegingen altijd een beschermkap!
Zie afbeelding, pagina 2.
DW 10-125 Quick:
- De hendel (8) indrukken en aan de beschermkap draaien tot het gesloten deel naar de gebruiker wijst.
- Controleer op een veilige passing: De hendel (8) dient vergrendeld te zijn en er mag niet aan de beschermkap (6) kunnen worden gedraaid.
DW 125:
- De beschermkap (6) is met 3 schroeven aan het apparaat vastgeschroefd.
- Om de kap te verdraaien moet de schroeven worden uitgedraaid. De beschermkap (6) zo draaien dat het gesloten gebied naar de gebruiker wijst. De kap weer met de 3 schroeven vast-draaien
- Controleer op een veilige passing: De beschermkap moet veilig zijn aangebracht.

Alleen inzetgereedschap gebruiken waarover de beschermkap tenminste 3,4 mm uitsteekt.
7. Slijpschijf aanbrengen

Maak het persluchtgereedschap los van de persluchtvoorziening, voordat u het inzetge-
reedschap of toebehoren vervangt of instel- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert. De spindel moet stilstaan.
7.1 Spil vastzetten
DW 10-125 Quick:
- De spindelvastzetknop (7) indrukken en de spindel (9) met de hand draaien tot de spindelvastzetknop merkbaar inklikt.
DW 125:
- De meegeleverde steeksleutel (11) op de spindel (9) zetten en zo borgen tegen meedraaien.
7.2 De slijpschijf erop plaatsen
Zie pagina 2, afbeelding A.
- De steunflens (10) op de spindel (9) plaatsen. Deze is op de juiste wijze aangebracht als hij niet op de spindel gedraaid kan worden.
- Deslijpschijf op de steunflens (10) plaatser De slijpschijf dient gelijkmatig op de steunflens te liggen.
NEDERLANDSnl
7.3 Spanmoer (zonder gereedschap) bevestigen/losmaken (afhankelijk van de uitvoering)

Spanmoer (zonder gereedschap) (12) uitsluitend met de hand aantrekken!

Om te werken moet de beugel (13) altijd vlak op de spanmoer (12) geklapt zijn.
Spanmoer (zonder gereedschap) (12) bevestigen:

Wanneer het inzetgereedschap in het spangebied dikker is dan 6 mm, mag de spanmoer
(zonder gereedschap) niet gebruikt worden! Gebruik dan de spanmoer (14) met tweegaatssleutel (15).
- Spindel vastzetten (zie hoofdstuk 7.1).
- De beugel (13) van de spanmoer omhoog klappen.
- Spanmoer (12) op de spindel (9) plaatsen.
- A a n d e b e (d 3) delspanmoer met de hand met de klok mee vastdraaien.
- De beugel (13) weer naar beneden klappen.
Spanmoer (zonder gereedschap) (12) losmaken:
- Spindel vastzetten (zie hoofdstuk 7.1).
- De beugel (13) van de spanmoer omhoog klappen.
- S p a n m (d2) tegen de klok in met de hand afschroeven.
Aanwijzing: Bij een spanmoer die erg vastzit (12) kan voor het afschroeven ook een tweegaatssleutel worden gebruikt.
7.4 Spanmoer bevestigen/losmaken (afhan-kelijk van de uitvoering)

Spanmoer (14) bevestigen:
De 2 kanten van de spanmoer zijn verschillend. De spanmoer als volgt op de spindel schroeven: Zie pagina 2, afbeelding B.
- A) Bij dunne slijpschijven:
De band van de spanmoer (14) wijst naar boven, zodat de dunne slijpschijf veilig kan worden gespannen.
De band van de spanmoer (14) wijst naar beneden, zodat de spanmoer veilig op de spindel kan worden aangebracht. - De spindel vergrendelen. De spanmoer (14) m.b.v. de tweegaatssleutel (15) met de wijzers van de klok mee vastzetten.
B) Bij dikke slijpschijven:
Spanmoer losmaken:
- Spindel vastzetten (zie hoofdstuk 7.1). De spanmoer (14) met de tweegaatssleutel (15) tegen de wijzers van de klok in afschroeven.
8. Gebruik
8.1 Persluchtgereedschap gebruiken
Gebruik altijd persluchtslangen met een binnendiameter van minstens 9 mm om het volledige vermogen van uw persluchtgereedschap te bereiken. Een te geringe binnendiameter kan het vermogen aanmerkelijk verminderen.

Let op De persluchtleiding mag geen condenswater bevatten.

Let op Dit gereedschap dient van voldoende pneumatische olie voorzien te worden om
lang gebruiksklaar te blijven. Dit kan als volgt gebeuren:
- Geoliede perslucht gebruiken door aanbouw van een olievernevelaar.
- Zonder olievernevelaar: Dagelijks met de hand via de persluchtaansluiting oliën. Ca. 3-5 druppels pneumatische olie bij 15 minuten continugebruik.
Is het gereedschap meerdere dagen buiten gebruik geweest, de persluchtaansluiting handmatig vullen met ca. 5 druppels pneumatische olie.

Let op Het gereedschap slechts kort onbelast laten lopen.

De machine altijd met beide handen geleiden.

Eerst inschakelen, dan het inzetgereedschap naar het werkstuk brengen.

De machine na het uitschakelen pas wegzetten wanneer de motor tot stilstand is men.
- Passend inzetgereedschap aanbrengen.
- Werkdruk instellen (gemeten bij de luchtinlaat bij ingeschakeld persluchtgereedschap). Maximaal toelaatbare werkdruk zie hoofdstuk „Technische gegevens“.
- Persluchtgereedschap op de persluchtvoorziening aansluiten.
- Inschakelen: inschakelblokkering (4) in de richting van de pijl schuiven en de schakelaar (3) indrukken. Uitschakelen: schakelaar (3) loslaten.
8.2 Tips voor het werk
Slijpen:
De machine matig aandrukken en over het oppervlak heen- en weer bewegen, zodat het werk?stuk?opper?vlak niet te heet wordt.
Grofslijpen: Voor een goed arbeidsresultaat dient u te werken met een invalshoek van 30° - 40°.
Doorslijpen:

Bij het doorslijpen altijd in tegenge- stelde richting (zie afbeelding) werken. Anders bestaat het gevaar dat de machine ongecontroleerd uit de snede springt. Werk met een matige,
aan het materiaal aangepaste voorwaartse beweging. Niet schuin wegdraaien, niet drukken, niet trillen.
9. Service en onderhoud

Gevaar! Alvorens u met werkzaamheden aan het gereedschap begint, persluchtaan-ng losmaken.

Gevaar! Andere dan de in dit hoofdstuk beschreven onderhouds- of reparatiewerkzaam-
heden mogen uitsluitend door geschoold personeel worden uitgevoerd.
- Verzeker u door regelmatig onderhoud van de veiligheid van het persluchtgereedschap.
- Schroefverbindingen op goede zitting controleren resp. aantrekken.
- Filter in de persluchtaansluiting tenminste wekelijks reinigen.
- Aanbevolen wordt om bij het persluchtgereedschap een drukregelaar met waterafscheider en een smeerbus voor te schakelen.
- Bij verhoogde olie- of luchtuittreding het persluchtgereedschap controleren en eventueel laten repareren. (Zie hoofdstuk 11.)
- Controleer regelmatig en na elk gebruik het toerental en voer een eenvoudige controle uit op het trillingsniveau.
- Controleer voor de opname van inzetgereedschap regelmatig de spindel, het schroefdraad en de spaninrichtingen op slijtage en speling.
- Vermijd het contact met gevaarlijke substanties die zich op het werkstuk hebben afgezet. Draag een geschikte persoonlijke veiligheidsuitrusting en verwijder gevaarlijke substanties vóór het onderhoud door passende maatregelen.
10. Toebehoren
Gebruik uitsluitend originele Metabo toebehoren.
Gebruik alleen toebehoren die voor dit persluchtge-reedschap bestemd zijn en voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing genoemde eisen en kenmerken.
Compleet toebehorenprogramma, zie www.metabo.com of de catalogus.
11. Reparatie

Gevaar! Reparaties aan persluchtgereedschap mogen alleen door geschoold perso-
neel en met originele Metabo-onderdelen worden uitgevoerd!
Neem voor persluchtgereedschap van Metabo dat gerepareerd dient te worden contact op met uw Metabo-vertegenwoordiging. Zie voor adressen www.metabo.com.
Onderdeellijsten kunt u downloaden via www.metabo.com.
Het ontstane slijpstof kan schadelijke stoffen bevatten: Niet met het huisvuil meegeven maar op de juiste manier naar een depot voor gevaarlijke afvalstoffen afvoeren.
Neem de nationale voorschriften in acht voor een milieuvriendelijke verwijdering en voor de recycling van afgedankt persluchtgereedschap, verpakkingen en toebehoren. Personen en leefmilieu mogen niet in gevaar worden gebracht.
Toelichting bij de gegevens van pagina 3.
Wijzigingen en technische verbeteringen voorbehouden.
$$ \begin{array}{l} V _ {1} = \text { luchtverbruik } \ p _ {\max.} = \text { maximaal toelaatbare werkdruk } \ D _ {\max} = \text { max. diameter van het inzetgereedschap } \ \begin{array}{c} t _ {\max, 1} = \text { max. toelaatbare dikte van het inzet? } \ \text { gereed?schap in het spanbereik bij } \ \text { gebruik van de spanmoer (14) } \end{array} \ \begin{array}{c} t _ {\max, 2} = \text { max. toelaatbare dikte van het inzet? } \ \text { gereed?schap in het spanbereik bij } \ \text { gebruik van de quick - spanmoer (12) } \end{array} \ \begin{array}{c} t _ {\max, 3} = \text { afbraamschijf / doorslijpschijf: } \ \text { max. toelaatbare dikte van het inzetge- } \ \text { reedschap } \end{array} \ \end{array} $$
$$ M = \text { spindelschroefdraad } $$
$$ I = \text { lengte van de slijpspindel } $$
$$ n = \text { onbelast toerental (hoogste toerental) } $$
$$ d _ {i} \quad = \text { slang diameter (binnen) } $$
$$ C = a a n s l u i t d r a a d $$
$$ \begin{array}{l} A = \underset {\text {lengte x breedte x hoogte}} {a f m e} t i n g \ m = g e w i c h t \ \end{array} $$
De vermelde technische gegevens zijn tolerantiewaarden (overeenkomstig de toepasselijke norm).

Emissiewaarden
Deze waarden maken een beoordeling van de emissie van het gereedschap en een vergelijking van de verschillende gereedschappen mogelijk. Afhankelijk van het gebruik, de toestand van het gereedschap of het inzetgereedschap kan de daad-werkelijke belasting hoger of lager uitvallen. Houd bij de beoordeling rekening met pauzes en fases met een lagere belasting. Bepaal op basis van de betreffende aangepaste taxatiewaarden welke maatregelen ter bescherming van de gebruiker dienen te worden genomen, bijv. organisatorische maatregelen.
Trilling (gewogen effectieve waarde van de versnelling; EN 28927):
$$ \begin{array}{l} a _ {h} \quad = \text { trillingsemissiewaarde } \ K _ {h} \quad = \text { meetonzekerheid (trilling) } \ \end{array} $$
Geluidsniveau (EN ISO 15744):
$$ L _ {p A} = \text { geluidsdrukniveau } $$
$$ L _ {W A} = \text { geluidsvermogensniveau } $$
$$ K _ {p A}, K _ {W A} = \text { meetonzekerheid } $$
Draag gehoorbescherming!

Draag gehoorbescherming!