PCT25CBCH64CCB - Oven CANDY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PCT25CBCH64CCB CANDY in PDF-formaat.

📄 157 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice CANDY PCT25CBCH64CCB - page 108
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : CANDY

Model : PCT25CBCH64CCB

Categorie : Oven

Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PCT25CBCH64CCB - CANDY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PCT25CBCH64CCB van het merk CANDY.

GEBRUIKSAANWIJZING PCT25CBCH64CCB CANDY

INHOUD NL VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN 1.Algemene waarschuwingen 2.Bescherming van het milieu 3.Installatie 4.Elektrische aansluiting 5.Advies over te gebruiken pannen 6.Gebruik 7.Reiniging en onderhoud 8.Problemen oplossen 9.NAZORG

Si se produce este error, desconecte la placa de cocción de la corriente eléctrica y conéctela de nuevo. Si el error persiste, llame al servicio posventa. Si el error se produce de forma repentina durante el funcionamiento normal, llame al servicio posventa. Error de software de control táctil. Espere hasta que la temperatura descienda. La placa de cocción se recuperará automáticamente cuando la temperatura alcance un valor normal. La zona de control táctil está demasiado caliente y se han apagado todas las zonas de cocción. Espere hasta que la temperatura descienda. Si el mensaje no desaparece cuando la temperatura coincida con la temperatura ambiente, llame al servicio posventa. Espere hasta que la temperatura descienda. Si el mensaje no desaparece cuando la temperatura coincida con la temperatura ambiente, llame al servicio posventa. El sensor de temperatura de control táctil puede estar dañado. Compruebe si la placa de cocción está montada correctamente. Asegúrese de que la superficie de cristal permite una pulsación correcta de las teclas. Sensibilidad excesiva en cualquier tecla. Este error es una comprobación automática por teclado. Desaparece cuando se obtiene un valor seguro al final de la comprobación. Si el error persiste, llave al servicio posventa. Error de seguridad de teclado. Este error es una comprobación automática de software. Desaparece cuando se obtiene un valor seguro al final de la comprobación. Si el error persiste, llave al servicio posventa. Error de seguridad de teclado. Este error es una comprobación automática de software. Desaparece cuando se obtiene un valor seguro al final de la comprobación. Si el error persiste, llave al servicio posventa. Error de seguridad de teclado. El relé puede tener algún problema. Desconecte la placa de cocción de la alimentación, espere un minuto y vuelva a encenderla. Si el error persiste, llave al servicio posventa. Error de seguridad de relés. Fallo Acción Indicación El sensor de temperatura de control táctil puede estar dañado. 107 ESWij raden u aan om de instructies voor installatie en gebruik te bewaren voor later gebruik. Noteer voordat u de kookplaat installeert het serienummer, voor het geval u hulp nodig heeft van de klantenservice. Het wordt sterk om kinderen uit de buurt van de kookzones te houden wanneer deze in gebruik zijn of wanneer ze uitgeschakeld zijn en de restwarmte-indicator nog brandt, om het risico op ernstige brandwonden te voorkomen. Bevestig een stekker aan de voedingskabel die in staat is de spanning, stroom en belasting te verdragen die vermeld staan op het etiket, en een aardcontact heeft. Het stopcontact moet geschikt zijn voor de belasting die op het etiket staat aangegeven en moet een goed werkende aarding hebben. De aardgeleider is groen-geel gekleurd. WAARSCHUWING: bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken. W A A R S C H U W I N G : g e b r u i k a l l e e n kinderbeveiligingsrekjes voor de kookplaat die ontworpen zijn door de fabrikant van het kooktoestel, of waarvan de fabrikant van het apparaat in de gebruiksaanwijzing heeft aangegeven dat ze geschikt zijn, of de kinderbeveiligingsrekjes die bijgeleverd zijn bij het apparaat. Het gebruik van ongeschikte kinderbeveiligingsrekjes kan ongelukken veroorzaken. WAARSCHUWING: als het oppervlak gebarsten is, raak het glas dan niet aan en schakel het apparaat uit om de kans op een elektrische schok te voorkomen. Dit apparaat is niet bedoeld om bediend te worden door middel van een externe timer of een apart afstandsbedieningssysteem. LET OP: blijf bij de kookplaat als u aan het koken bent. Ook bij een korte bereiding moet u de pannen continu in de gaten houden. WAARSCHUWING: bereidingen op een kookplaat met vet of olie zonder toezicht kunnen gevaarlijk zijn en brand veroorzaken. Probeer NOOIT een brand te blussen met water, maar schakel het apparaat uit en dek de vlam af bijv. met een deksel of een branddeken. Kijk niet in de halogeenlampen van de kookplaat, indien aanwezig. WAARSCHUWING: het apparaat en de toegankelijke onderdelen worden heet tijdens gebruik. Wees voorzichtig en raak de verwarmingselementen niet aan. Kinderen onder de 8 jaar moeten uit de buurt van het apparaat worden gehouden, tenzij ze onder voortdurend toezicht staan. Dit apparaat mag gebruikt worden door kinderen ouder dan 8 jaar en personen met een lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperking of gebrek aan ervaring en kennis als zij in de gaten gehouden worden of aanwijzingen hebben gekregen over hoe zij het apparaat op veilige wijze kunnen gebruiken en als zij de bijbehorende gevaren begrijpen. Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoudswerkzaamheden mogen niet door kinderen uitgevoerd worden als zij niet onder toezicht staan. VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN 108 NL Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden v e r v a n g e n d o o r d e f a b r i k a n t , z i j n servicevertegenwoordiger of ander bevoegd personeel om gevaarlijke situaties te voorkomen. De aardgeleider (geel-groen) moet langer dan 10 mm zijn aan de kant van het aansluitblok. Het gedeelte van de interne geleiders moet geschikt zijn voor het geabsorbeerde vermogen van de kookplaat (aangegeven op het label). De voedingskabel moet van het type HO5V2V2-F zijn. Leg geen metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels of deksels op de kookplaat. Deze kunnen heet worden. Dit moet worden gedaan door een gekwalificeerd vakman. In het geval van incompatibiliteit tussen het stopcontact en de stekker van het apparaat, moet u een gekwalificeerd elektricien vragen om het stopcontact te vervangen door een ander, geschikt stopcontact. De stekker en het stopcontact moeten conform de huidige normen zijn van het land waar het apparaat geïnstalleerd wordt. De geel-groene aardkabel mag niet worden onderbroken door de stroomonderbreker. Het stopcontact of de omnipolaire stroomonderbreker die gebruikt wordt voor de aansluiting moet gemakkelijk te bereiken zijn wanneer het apparaat geïnstalleerd is. Gebruik de kookplaat niet als werkblad. Bereid voedsel nooit rechtstreeks op de kookplaat van glaskeramiek. Gebruik altijd geschikte pannen. Raak de verwarmingszones niet aan tijdens gebruik en nog een tijd na gebruik. Leg geen aluminiumfolie of zet geen kunststof pannen op de verwarmingszones. Gebruik nooit een stoom- of hogedrukreiniger om het apparaat schoon te maken. Gebruik de kookplaat niet als snijplank. Na elk gebruik moet de kookplaat gereinigd worden om het aankoeken van vuil en vet te voorkomen.Als er vuil op de kookplaat blijft zitten, wordt dit opnieuw verwarmd als de kookplaat wordt gebruikt en geeft het verbrande voedsel rook en een onaangename geur af; bovendien ontstaat er brandgevaar. Plaats de pan altijd in het midden van de zone w a a r o p u k o o k t . L e g n i e t s o p h e t bedieningspaneel. Aansluiting op de stroombron kan ook tot stand worden gebracht door tussen het apparaat en de stroombron een omnipolaire stroomonderbreker aan te brengen, die de maximaal aangesloten belasting kan verdragen en voldoet aan de huidige wetgeving. Afkoppeling is mogelijk doordat de stekker bereikbaar is of door een schakelaar in de vaste bedrading te monteren overeenkomstig de bedradingsregels. Bewaar geen zware voorwerpen boven de kookplaat. Als ze op de kookplaat vallen, kunnen ze schade veroorzaken. Gebruik de kookplaat niet voor het bewaren van voorwerpen. Schuif geen pannen over de kookplaat.Laat een afstand van minimaal 55 mm vrij tussen de kookplaat en de achterwand en een afstand van minimaal 150 mm tussen de kookplaat en de verticale meubels of wanden aan de zijkant. Als er een k e u k e n k a s t j e b o v e n d e kookplaat wordt geïnstalleerd, dan is de minimaal vereiste afstand 700 mm. Wanneer u een afzuigkap boven de kookplaat installeert, lees dan de installatievereisten die aangegeven zijn voor de afzuigkap. In elk geval mag de afstand tussen kookplaat en de afzuigkap niet minder dan 700 mm zijn. PRODUCTCODE T Typeplaatje (aan de onderkant van de kookplaat)

1. ALGEMENE WAARSCHUWINGEN

Door het aanbrengen van de -markering op dit apparaat verklaren wij dat dit product in overeenstemming is met alle Europese voorschriften met betrekking tot veiligheid, gezondheid en milieu die van toepassing zijn op deze productcategorie.

2. BESCHERMING VAN HET MILIEU

  • AEEA moet naar een speciaal inzamelpunt van de gemeente of van geregistreerde bedrijven worden gebracht. In veel landen wordt groteAEEAthuis opgehaald.
  • AEEAmag niet worden behandeld als gewoon huisvuil. AEEA bevat vervuilende stoffen (die negatieve gevolgen voor het milieu kunnen hebben) en basisonderdelen (die hergebruikt kunnen worden). Het is belangrijk om AEEA specifieke behandelingen te laten ondergaan, teneinde alle vervuilende stoffen te verwijderen of op de juiste manier af te voeren en alle materialen terug te winnen en te recyclen. Dit apparaat is voorzien van een merkteken in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake Afgedankte Elektrische en ElektronischeApparatuur (AEEA). Personen kunnen een belangrijke rol spelen om ervoor te zorgen dat AEEA niet in het milieu terecht komt; hiervoor moeten enkele elementaire regels worden gevolgd: Wanneer u een nieuw apparaat koopt, kunt u in veel landen uw oude apparaat inleveren bij de leverancier, die het gratis meeneemt, zolang het apparaat van hetzelfde type is en dezelfde functies heeft als het geleverde apparaat. Het apparaat kan geïnstalleerd worden in een inbouwmeubel in de “standaard” of “verzonken” modus. Bovendien moeten alle sierpanelen bevestigd worden met hittebestendige lijm. Controleer nadat u de verpakking verwijdert heeft of het apparaat niet beschadigd is. Neem anders contact op met de leverancier of met de klantenservice van de fabrikant. Indien deze waarschuwing wordt genegeerd en de installatie wordt uitgevoerd door een onbevoegd persoon, dan wijst de fabrikant alle verantwoordelijkheid voor technische storing van het product af, ongeacht of dit resulteert in schade aan goederen of letsel bij personen of dieren. Het installeren van een huishoudelijk apparaat is een gecompliceerde handeling, die als zij niet goed wordt uitgevoerd, ernstige gevolgen kan hebben voor de veiligheid van goederen, eigendommen of personen. Om deze reden moet de installatie worden uitgevoerd door een erkende professional in overeenstemming met de technische voorschriften. Zorg dat het meubel waarin het apparaat geïnstalleerd zal worden en alle andere meubels in de beurt gemaakt zijn van materialen die bestand zijn tegen hoge temperaturen (min. 100 °C). 700 mm 55 mm 150 mm 490 mm + 2

M!n. 70 mm Omtrek bij verzonken installatie Opmerking: De afmetingen van de binnenste omtrek zijn hetzelfde bij de standaard installatie Diepte opening 5 mm 703 mm (70 cm hob) + 2 523 mm + 2

Omtrek bij verzonken installatie De dikte van het werkblad moet tussen de 25 en 45 mm zijn. Als het onderste gedeelte van de kookplaat aan een ruimte grenst die normaal toegankelijk is voor opbergen of schoonmaken, dan moet er een scheidingspaneel worden aangebracht op 20 mm onder het onderste gedeelte van de kookplaat m!n 20 mm

Wanneer u een oven onder de kookplaat installeert, dan moet er geen scheidingspaneel worden aangebracht en mag de minimale afstand tussen het onderste gedeelte van de kookplaat en de oven niet minder zijn dan 10 mm. Installeer geen warme oven onder deze kookplaat en installeer de oven volgens de bijgeleverde installatievereisten van de oven. 10 mm min 109 NLVERZONKEN INSTALLATIE Nadat u gecontroleerd heeft dat de positie van de kookplaat correct is, vult u de ruimte tussen het werkblad en de kookplaat op met silicone kleefpasta. Maak de silicone laag plat met een schraper of met een vinger die u natgemaakt heeft met water en zeep, voordat hij hard wordt. Gebruik de kookplaat niet voordat de silicone laag volledig droog is. Normale bevestiging: - Haal de bevestigingsklemmen uit de zak met accessoires en schroef ze op de plaatsen die aangegeven staan op de onderkant. (Draai de schroeven niet vast om de klemmen te blokkeren, ze moeten vrij kunnen bewegen) - Draai de klemmen en draai ze helemaal vast. - Plaats de kookplaat in het midden van de uitsnede. Druk op de zijkanten van de kookplaat tot hij rond de v o l l e d i g e o m t r e k ondersteund wordt. Snelle bevestiging: (Afhankelijk van het model) Haal de vier veren uit de zak met accessoires en schroef ze op de onderskant, zoals aangegeven in de afbeelding. Centreer en plaats de kookplaat.

INDELINGINDELINGINDELINGINDELINGINDELINGINDELINGINDELING E r i s e e n w a te r di c h t e a f d i c h t i n g s p a k k i n g bijgeleverd bij de kookplaat. Breng de afdichtingspakking volgens de beschrijving aan rond de onderkant van de kookplaat, en zorg dat deze goed is aangebracht om lekken in het ondersteunende meubel te voorkomen. Onderkant 1-3 2-4

INDELING Afhankelijk van het model

6. Selectie van de zone

5"De installatie moet voldoen aan de geldende normen en richtlijnen." De fabrikant wijst alle verantwoordelijkheid af voor schade die veroorzaakt zou kunnen worden door ongeschikt of oneigenlijk gebruik. Driefase 380-415 V2N Voordat u de aansluiting tot stand brengt, dient u te zorgen dat de installatie beschermd is door een geschikte zekering, en dat hij voorzien wordt van stroomdraden met een diameter die groot genoeg is om het apparaat normaal van stroom te voorzien. Als de kookplaat voorzien is van een netsnoer, dan moet dit worden aangesloten op een netvoeding van 220-240 V tussen fase en neutraal. Als het apparaat voorzien is van een contactdoos, dan moet het zodanig geïnstalleerd worden dat de contactdoos toegankelijk is. De elektrische aansluiting naar de installatie moet worden uitgevoerd volgens het nominale vermogen van het apparaat; deze moet tot stand worden gebracht via een omnipolaire uitschakelaar. De geel/groene draad van de voedingskabel moet aangesloten worden op aarde van zowel de stroomtoevoer als de klemmen van het apparaat. Neem bij vragen over het netsnoer contact op met de klantenservice of met een erkende monteur. Het is echter mogelijk om de kookplaat aan te sluiten op: Driefase 220-240 V3 Volg de onderstaande instructies om de nieuwe aansluiting tot stand te brengen: Controleer voor het uitvoeren van elektrische werkzaamheden de voedingsspanning die aangegeven is op de elektriciteitsmeter, de afstelling van de stroomonderbreker, de continuïteit van de aansluiting op de aarde van de installatie en of de zekering geschikt is. WAARSCHUWING: De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor ongelukken of consequenties daarvan die kunnen voortvloeien uit het gebruik van een apparaat dat niet aangesloten is op een aarde, of aangesloten is op een aarde met een defecte continuïteit. Keer de kookplaat om met de glazen kant op het werkblad; wees voorzichtig om het glas te beschermen.

Het netsnoer losmaken: - schroef kabelklem "1"`los; - zoek de twee lipjes aan de zijkanten op; - zet het blad van een platte schroevendraaier voor de lipjes "2" en "3", duw ze in en druk; - verwijder het deksel. - Trek het netsnoer eruit. - Kies de netvoedingskabel in overeenstemming met de aanbevelingen in de tabel; - Steek de netvoedingskabel in de klem; - Schroef de kabelklem vast. - Strip het uiteinde van elke geleider van het netsnoer tot een lengte van 10 mm; houd hierbij rekening met de benodigde lengte van het snoer voor de aansluiting op het klemmenblok; - - Volgens de installatie en met behulp van de shunts die u bewaard heeft bij de eerste handeling, bevestigt u de geleider zoals weergegeven op het diagram; - Bevestig het deksel; - Verwijder de schroeven van het klemmenblok met de shunts en de geleiders van het netsnoer; Uit te voeren handelingen om een nieuwe aansluiting te maken: Open het deksel in deze volgorde: Opmerking: zorg ervoor dat de schroeven van het klemmenbord goed zijn vastgedraaid. Uit te voeren handelingen om een nieuwe aansluiting te maken: - Kies de netvoedingskabel in overeenstemming met de aanbevelingen in de tabel; - Steek de netvoedingskabel in de klem; - Strip het uiteinde van elke geleider van het netsnoer tot een lengte van 10 mm; houd hierbij rekening met de benodigde lengte van het snoer voor de aansluiting op het klemmenblok; - Volgens de installatie en met behulp van de shunts die u bewaard heeft bij de eerste handeling, bevestigt u de geleider zoals weergegeven op het diagram; - Schroef de kabelklem vast. - Bevestig het deksel; SHUNT N Neutraal= T Aarde== Ph = Fase Mocht het nodig zijn om het netsnoer te vervangen, sluit de draad dan aan in overeenstemming met de volgende kleuren/codes: LET OP: INDELING "1-6" INDELING "7" MONOFASE of TWEE FASEN 220-240 V~ Kabel HO5V2V2F Kabel HO5V2V2F Kabel HO5V2V2F 3x2,5 mm

BLAUW BRUIN GEEL/GROEN Neutraal Live (stroom) Aarde

Aansluiting op de klemmen op het klemmenblok Monofase 220-240 V~ Twee fasen 220-240 V2~ Drie fasen 220-240 V3~ Drie fasen 380-415 V2N~ 111 NLEen kookzone AAN/UIT zetten Een kookzone : Raak een kookzone aan gedurende1,2 sec. Er klinken 3 korte piepjes en in de doelzone verschijnt niets, ofde waarde "H" als er nog restwarmte is. De zone gaat UIT.UITSCHAKELEN3) Ook als de vergrendelingsfunctie ingeschakeld is, kunt u een zoneuitschakelen. Een kookzone : Raak een kookzone aan gedurende 400 msec. Er klinkt een lange piep en de waarde "0" verschijnt in de doelzone, wat het vermogen aangeeft.INSCHAKELEN

1) Als een kookfase op stand 0 staat, wordt dit display automatisch

UITGESCHAKELD na 10 seconden en klinkt de UITSCHAKEL-sequentie.

3) Als de vergrendelingsfunctie ingeschakeld is, kunt u geen zones

inschakelen.2) Als de restwarmte-indicator brandt op het display datINGESCHAKELD is maar met stand 0, verschijnt "0" knipperend.

1) Als een kookfase op stand 0 staat, wordt dit display automatisch

UITGESCHAKELD na 10 seconden en klinkt de UITSCHAKEL-sequentie.2) Als de restwarmte-indicator brandt op het display datUITGESCHAKELD is, verschijnt "H".

4) Als slechts één kookzone actief is en deze wordt uitgeschakeld,

dan klinken er 4 korte piepjes, wat aangeeft dat de hele kookplaatuitgeschakeld is.

5. ADVIES OVER TE GEBRUIKEN PANNEN

Het gebruik van pannen van goede kwaliteit is essentieel om debeste prestaties uit uw kookplaat te halen Gietijzer: bruikbaar, maar niet aanbevolen. Slechte prestaties. Kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak. Glaskeramiek: niet aanbevolen. Slechte prestaties. Kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak. DE KEUZE VAN PANNEN - De volgende informatie helpt u om pannen te kiezen die goede prestaties zullen geven.• wanneer upannen vult met vloeistof of wanneer u een pan gebruikt die in de koelkast heeft gestaan, zorg er dan voor dat de onderkant van de pan helemaal droog is voordat u hem op de kookplaat zet. Hierdoor voorkomt u verkleuring van de kookplaat. Zorg dat de onderkant van de pot of pan droog is: Koperen bodem/stenen potten: zwaar gewicht aanbevolen. Goede prestaties, maar koper kan resten achterlaten die verschijnen als krassen. De resten kunnen worden verwijderd als de kookplaat onmiddellijk wordt schoongemaakt. Laat deze potten echter niet droogkoken. Oververhit metaal kan binden aan glazen kookplaten. Een oververhitte koperen pan laat een permanente verkleuring op de kookplaat achter.

  • Gebruik pannen met een diameter die breed genoeg is om het oppervlak van de kookzone volledig te bedekken: de grootte van de pan mag niet kleiner zijn dan de kookzone.Als de pan iets groter is,zal de energie op maximale efficiëntie gebruikt worden. Roestvrij staal sterk aanbevolen. Vooral goed met een sandwich- bodem. De sandwich-bodem combineert de voordelen van roestvrijstaal (uiterlijk, duurzaamheid en stabiliteit) ,et de voordelen vanaluminium of koper (warmtegeleiding, gelijkmatigewarmteverdeling). Vanwege zijn lage smeltpunt mag dun aluminium niet worden gebruikt.
  • Gebruik altijd pannen van goede kwaliteit met een perfect vlakke en dikke bodem: door dit type pannen te gebruiken voorkomt u hete plekken waardoor voedsel kan aanbranden. Dikke metalen potten en pannen zorgen voor een gelijkmatige verdeling van de warmte. Aluminium: zwaar gewicht aanbevolen. Goede geleiding. Aluminiumresten verschijnen soms als krassen op de kookplaat, maar kunnen worden verwijderd als de kookplaat onmiddellijk wordt schoongemaakt.Porselein/email: Alleen goede prestaties bij een dunne, gladde envlakke bodem. 112 NL Door het gewenste maximumvermogen in te stellen, zal de kookplaat de distributie in de verschillende kookzones automatisch zodanig afstellen dat deze limiet nooit wordt overschreden; een bijkomend voordeel hiervan is dat u alle zones tegelijk kunt beheren zonder problemen door overbelasting. Via de functie "Vermogensbeheer" kan de gebruiker het maximumvermogen, dat door de kookplaat kan worden bereikt,instellen. Nadat u het apparaat op de elektrische stroom heeft aangesloten, heeft u 30 seconden om het vermogensniveau in te stellen, op basis van de hieronder getoonde punten: De functie voor vermogensbeheer is uitsluitend gedurende de eerste 30 seconden na het inschakelen van de kookplaat beschikbaar. U heeft ook de mogelijkheid om deze instelling te herhalen door in/uit te schakelen met de stekker. De klant kan het maximumvermogen van de kookplaat instellen tussen 2,5 kW en het maximale vermogen van de kookplaat (dit kan afhankelijk van het model verschillen) (als het maximumvermogen van de kookplaat bijvoorbeeld 7,2 kW bedraagt, kan het niveau vanhet maximumvermogen tussen 2,5kW en 7,2kW worden ingesteld).Op het moment van aankoop is de kookplaat ingesteld op hetmaximumvermogen. Het niveau van het vermogenbeheer selecteren.

2 - Laat het tiptoets bedieningspaneel het initialisatieproces voltooien.

3 - 3Binnen de 0 seconden raakt u de ' '-toets 5 seconden aan.

1 - Schakel de kookplaat in.4 - Daarna verschijnt dit bericht op het display.

5 - Met behulp van de 'Plus'- en 'Min'-toetsen kan de waarde van het

vermogenbeheer worden aangepast. In onderstaand voorbeeld tussen 6500 en 2500 W. Wanneer de vereiste waarde is geselecteerd,raakt u de 'Plus'- en 'Min'-toetsen tegelijk gedurende 5 seconden aan.

6 - Wanneer dit proces is voltooid, weerklinkt een lange biep en wordt

een reset uitgevoerd. Het opstartproces wordt opnieuw gegenereerd. Daarna zal het tiptoets bedieningspaneel geen enkele combinatie toestaan die deze Eco-limiet kan overschrijden.

7 - Na het opstartproces wordt het ECO-vermogenbeheer op de timer

display weergegeven.Een zone selecteren Als de zone al INGESCHAKELD is, krijgen de niet-geselecteerde zones die INGESCHAKELD zijn een lagere verlichtingsintensiteit.

4. Als een zone geselecteerd wordt en de '+' en '-' toetsen

tegelijkertijd worden aangeraakt, dan gaat het vermogen naar '0', maar blijft de zone gedurende 10 seconden geselecteerd. Als de kookzone met de timer was ingesteld, gaat de timer uit. Deze handeling kan alleen in bepaalde gevallen worden uitgevoerd, afhankelijk van de configuratie van de aanraakbediening. De volgende voorbeelden zijn alleen ter informatie. U kunt deze instellingen daarna op basis van persoonlijke ervaring aanpassen aan uw smaak en gewoonten.

1. Als u de + of - toets langer ingedrukt houdt, wordt het vermogen

continu verhoogd/verlaagd. Met een snelle verhoging stopt het vermogen bij niveau 9. Voor een hoger vermogen moet u nogmaals kort op de + toets drukken. Er klinkt geen piep bij snel verhogen/verlagen.

2. Als u bij het vermogensniveau P bent aangekomen, verandert het

vermogen niet in 0 als u nogmaals op de + toets drukt. Als u bij het vermogensniveau 0 bent aangekomen, verandert het vermogen niet in P als u nogmaals op de - toets drukt. Met een korte druk op de '+' of '-' toets kunt u het vermogen van de geselecteerde zones verhogen of verlagen: 0-1-2-3...9-P

3. Als een zone INGESCHAKELD is met vermogen 0 en de zone

heet is, dan knippert de 0. Na 10 seconden verdwijnt de 0 en verschijnt de letter 'H' vast op het display. Opmerking: Er wordt automatisch een kinderslot ingeschakeld, 15 minuten nadat de kookplaat volledig UITGESCHAKELD is. Deze functie wordt automatisch uitgevoerd, maar moet eerst geprogrammeerd worden. Zie de paragraaf Gebruikersinstellingen. Om het Kinderslot uit te schakelen, volgt u dezelfde procedure als hierboven. Er klinkt een korte piep en op het display verschijnt de letter "n". De kookplaat is nu ontgrendeld. Deze functie wordt ingeschakeld als u tegelijkertijd de toetsen '+' en '-' aanraakt. Telkens wanneer er daarna een toets wordt aangeraakt, geeft het display gedurende 2 sec. "L" weer, waarbij de verwarming in dezelfde toestand blijft. Als er slechts één zone INGESCHAKELD is, is deze al standaard geselecteerd, zonder dat u kort (150 msec) op de selectietoets hoeft te drukken Vermogen verhogen/verlagen Functie Kinderslot Door 1 keer kort te drukken op uitbreidingstoets wordt de uitbreidingsring INGESCHAKELD. Het ledlampje boven de uitbreidingstoets gaat branden als de uitbreidingsring INGESCHAKELD is. Om een dubbele uitbreidingsring IN te schakelen moet de gekoppelde hoofdzone al INGESCHAKELD zijn en moet het vermogen hoger dan 0 zijn. 8.1- Dubbele zoneAAN Dubbele/drievoudige zones Brugfunctie De brug kan alleen worden ingeschakeld als beide zones uitgeschakeld zijn. Nadat één van de zones van de brug geselecteerd is, raakt u de brugtoets aan om de brugfunctie in te schakelen. Beide brugzones worden nu tegelijkertijd geselecteerd. Als de zones geselecteerd zijn, kunt u het vermogen aanpassen met de + / - toetsen. Op de displays van beide brugzones wordt hetzelfde vermogen weergegeven. De functie wordt beëindigd: - Als de brugtoets wordt aangeraakt in de instelmodus - Als de gebruiker vermogen “0” selecteert Er klinkt een piep en het ledlampje van de zone gaat branden als de zone ingeschakeld is. Overkookbeveiliging Er drukt iets (een voorwerp of een vloeistof) op een toets, langer dan 5 sec. Er klinken 2 korte piepen + 1 lange piep, elke 30 sec., terwijl er op de toets wordt gedrukt. De kookplaat wordt uitgeschakeld. Dit symbool blijft knipperen zolang het probleem aanhoudt. Timer In beide gevallen moet de kookzone geselecteerd worden en moet het vermogen hoger dan 0 zijn. Selecteer de zone waarvoor u de timer wilt inschakelen. Het vermogen van de zone moet hoger zijn dan 0. De letter wordt ononderbroken weergegeven in de zone waarvoor de timer is ingesteld. "0 0" bij de cijfers is gereserveerd voor de timer.

2) Door tegelijkertijd op de van de timer te drukken, wordt de timer

geannuleerd (gaat terug naar 00).

4) Bij het instellen van de tijd kunt u van "00" naar "99" gaan met de "-

" toets en van "99" tot "00" met de "+" toets.

5) De maximale tijd die ingesteld kan worden is 99 minuten.

6) Wanneer de tijd verstreken is en de kookplaat piept, drukt u op

een willekeurige toets om het alarm en de cijferreeks uit te schakelen.

7) De tijd van de timer kan aangepast worden terwijl deze loopt.

8) Het vermogen van de zone waarvoor de timer is ingesteld kan

gewijzigd worden, zonder dat dit gevolgen heeft voor de programmering van de timer.

1) Met de "+" of "-" toetsen kan de tijd van de timer worden ingesteld.

Er klinken geen piepen bij het veranderen van de tijd.

9) De laatste minuut wordt weergegeven in seconden (bij bepaalde

modellen alleen zichtbaar als de timerprogrammering wordt ingevoerd tijdens de laatste minuut van het aftellen)

10) Als u op de timertoets drukt zonder dat er een zone geselecteerd

is, gebeurt er niets.

11) Als u op de timertoets drukt zonder dat er een zone geselecteerd

is en als er meerdere zones geselecteerd zijn, dan verandert de weergegeven tijd op een cyclische manier, en wordt de tijd we erg egeve n v an de z on e wa ar bij de dec im ale pu nt INGESCHAKELD is.

12) Afwisselend wordt het vermogen (5 s) en (0,5 s) weergegeven

in de zone waarvoor de timer is ingesteld. De resterende tijd wordt weergegeven bij de cijfers die gereserveerd zijn voor de timer. Als de timer voor meerdere zones is ingesteld, wordt de kortste resterende tijd weergegeven, en wordt de decimale punt weergegeven in de overeenkomstige zone. De timerfunctie kan ingeschakeld worden met de timertoets of door tegelijkertijd '+' en '-' aan te raken.

3) Als de "+" of "-" toetsen van de timer ingedrukt worden gehouden

tijdens de TBD-tijd, vindt er een snelle instelling plaats. Door een 2e keer kort te drukken op uitbreidingstoets wordt de uitbreidingsring UITGESCHAKELD. Er klinkt een korte piep bij elke druk op de uitbreidingstoets. Door een 3de keer kort te drukken op uitbreidingstoets worden de 1e en 2e uitbreidingsring UITGESCHAKELD. 8.2- Drievoudige zoneAAN Er klinkt een korte piep bij elke druk op de uitbreidingstoets. Door een 2e keer kort te drukken op uitbreidingstoets wordt de 2e uitbreidingsring INGESCHAKELD. De 2 ledlampjes boven de uitbreidingstoets gaan AAN als de 1e en 2e uitbreidingsring INGESCHAKELD zijn Door 1 keer kort te drukken op uitbreidingstoets wordt de 1e uitbreidingsring INGESCHAKELD. Eén ledlampje boven de uitbreidingsring gaat AAN als de 1e uitbreidingsring INGESCHAKELD is (het linker ledlampje bij een drievoudige zone, het middelste en enige ledlampje bij een dubbele zone) 113 NLRestwarmte-indicator (bij stralingsverwarmers -> berekend) Dezelfde indicators kunnen worden gebruikt voor de “restwarmte”- indicatie. Voor dit doel moet een tijdtabel worden gedefinieerd: Restwarmtetijd = f (vermogen, werktijd). Als de temperatuur van het glazen oppervlak van de kookplaat boven de 65°C komt (theoretische waarde), dan wordt deze conditie weergegeven in het bijbehorende display, met de letter “H”. Om een temperatuur van boven de 65°C te genereren moet een verwarmingselement een bepaalde tijd in werking zijn; deze tijd is afhankelijk van het vermogen. Als deze tijd is verstreken, wordt de restwarmte-indicator weergegeven als het verwarmingselement wordt uitgeschakeld. Automatische veiligheidsuitschakeling Als het vermogen niet wordt veranderd gedurende een vooraf ingestelde tijd, wordt de overeenkomstige zone automatisch uitgeschakeld. De maximale tijd dat een zone ingeschakeld kan blijven, hangt af van het geselecteerde vermogen. VermogensniveauMax. tijdingeschakeld (uren)

OPMERKING: als er een oververhittingsituatie optreedt tijdens het gebruik van de hoogste vermogensniveaus, wordt het vermogen van de kookplaat automatisch verlaagd om de plaat te beschermen tegen oververhitting.

7. REINIGING EN ONDERHOUD

- Breng enkele druppels van het speciale reinigingsmiddel aan op het oppervlak van de kookplaat. - Neem de kookplaat af met een zachte doek of droog keukenpapier tot het oppervlak schoon is. - Schraap met een schraper en houd deze vast onder een hoek van 30° ten opzichte van de kookplaat, tot de vlekken verdwenen zijn. - Neem de kookplaat af met een zachte doek of droog keukenpapier tot het oppervlak schoon is. ENKELE TIPS: Laat de kookplaat afkoelen voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert. . Geadviseerd wordt om alle stoffen die snel smelten uit de buurt van de kookplaat te houden, zoals plastic voorwerpen, suiker of producten op basis van suiker. - Wrijf hardnekkige vlekken weg met een zachte doek of met vochtig keukenpapier. - Breng nog enkele druppels van het speciale reinigingsmiddel aan op het oppervlak. Als er nog steeds hardnekkig vlekken zijn: . Er mogen alleen producten (reinigingsmiddelen en schrapers) worden gebruikt die specifiek ontwikkeld zijn voor oppervlakken van glaskeramiek. Deze zijn verkrijgbaar bij uw vakhandel. Door de kookplaat regelmatig te reinigen, wordt er een beschermende laag gevormd, die essentieel is om krassen en slijtage te voorkomen. Zorg dat het oppervlak schoon is voordat u de kookplaat opnieuw gebruikt. Om watersporen te verwijderen gebruikt u enkele druppels witte azijn of citroensap. Neem de kookplaat daarna af met keukenpapier en een paar druppels speciaal reinigingsmiddel. . Voorkom morsen, omdat alles wat op het oppervlak van de kookplaat valt snel zal verbranden en moeilijker te reinigen is. - Herhaal deze handeling zo nodig. ONDERHOUD: Het oppervlak van glaskeramiek is bestand tegen krassen van pannen met een vlakke bodem; het is echter altijd beter om ze op te tillen als u ze van de ene naar de andere zone verplaatst. 114 NL 30° MaxiEventuele kleurveranderingen in het oppervlak vanglaskeramiek heeft geen invloed op de werking of de stabiliteitvan het oppervlak. Dergelijke verkleuringen zijn meestal hetgevolg van verbrande voedselresten of het gebruik van pannen van aluminium of koper; deze vlekken zijn moeilijk te verwijderen. NB: Gebruik geen spons die te nat is.Gebruik nooit een mes of een schroevendraaier.Een schraper met een snijblad beschadigt het oppervlak niet,zoals deze onder een hoek van 30° wordt vastgehouden. Houd een schraper met een snijblad altijd buiten het bereik van kinderen. Gebruik nooit agressieve reinigingsproducten of schuurpoeders. De metalen omlijsting: om de metalen omlijsting veilig te reinigen, neemt u deze af met water en zeep, en droogt u hem af met eenzachte doek.

8. PROBLEMEN OPLOSSEN

De kookplaat werkt niet of bepaalde zones doen het niet.Gebruik een schraper en volg het hoofdstuk "REINIGING".Er worden ongeschikte pannen gebruikt. Gebruik pannen met een vlakke bodem, die zwaar zijn en een diameter hebben die ten minste gelijk is aan die van de kookzone. De bodem van de pan moet de diameter van de geselecteerde zone volledig bedekken.- laag niveau: korte werkingstijd,- hoog niveau: lange werkingstijd,Schuif aluminium pannen niet over de kookplaat. Raadpleeg deaanbevelingen m.b.t. reiniging.Sporen van een aluminium of koperen pan, maar ook resten vanmineralen, water of voedsel; deze kunnen worden verwijderd met eenspeciaal reinigingsmiddel. U gebruikt de juiste materialen, maar de vlekken gaan niet weg. Gebruik een schraper en volg het hoofdstuk "REINIGING".Op de kookzones kan niet gesudderd worden of alleen op eenlage temperatuur gebakken wordenGebruik alleen pannen met een vlakke bodem. Als er licht zichtbaar is tussen de pan en de kookplaat, geeft de zone de warmte niet correct af. De kookplaat is niet goed gereinigd of er zijn pannen met een ruwe bodem gebruikt; er zijn kleine deeltjes zoals zand- of zoutkorrels tussen de kookplaat en de onderkant van de pan terechtgekomen.Raadpleeg het hoofdstuk "REINIGING"; zorg ervoor dat de bodem van de pan schoon is voordat u hem gebruikt en gebruik alleen pannen met een gladde bodem. Krassen kunnen alleen wordenverminderd als de kookplaat op de juiste manier wordt gereinigd.Er zitten kleine krassen of geschuurde plekken op het glazenoppervlak van de kookplaatMetaalsporenKaramelisering of gesmolten plastic op de kookplaat.De shunts zijn niet correct geplaatst op het klemmenbord.Laat de aansluitingen van de kookplaat controleren en laatcontroleren of het bedieningspaneel vergrendeld is. Ontgrendel dekookplaat.Donkere vlekkenDe kookplaat kan niet uitgeschakeld worden.Het bereiden gaat te langzaamLichte plekken op de kookplaatRaadpleeg het hoofdstuk "REINIGING".Het bedieningspaneel is vergrendeld. Ontgrendel de kookplaat.Frequentie van aan/uit-cycli voor de kookzonesDe aan/uit-cycli variëren afhankelijk van het gewenste warmteniveau:Controleer de zekeringen/stroomonderbrekers in uw woning. Controleer of er een stroomstoring is. De kookplaat werkt niet. De kookplaat heeft zichzelf uitgeschakeld. Als er een F en cijfers op het display verschijnen, dan heeft het apparaat een storing gedetecteerd. In de volgende tabel vindt u maatregelen die u kunt uitvoeren om het probleem te verhelpen. F en cijfers op het display De hoofdschakelaar (AAN/UIT-toets) is per ongeluk aangeraakt of er ligt een voorwerp op de toets. Zet de kookplaat weer aan zonder dat er dingen op de toetsen liggen. Voer uw instellingen opnieuw in.

— of de stekker goed in het stopcontact zit en de juiste zekering heeft; Als de storing niet kan worden vastgesteld, schakel het apparaat dan uit — knoei er niet zelf aan — en bel de Klantenservice. Bij het apparaat is een garantiecertificaat geleverd, waardoor het gratis gerepareerd kan worden door het Servicecentrum. Controleer a.u.b. het volgende voordat u een servicemonteur belt:

De fabrikant is niet verantwoordelijk voor onnauwkeurigheden die het gevolg zijn van druk- of transcriptiefouten in deze brochure. Wij behouden ons het recht voor om wijzigingen in producten aan te brengen zonder dat de kenmerken met betrekking tot veiligheid of functies worden aangetast.