HBN311E4 - Inbouwoven BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HBN311E4 BOSCH in PDF-formaat.
| Productsoort | Inbouwoven |
| Merk | Bosch |
| Model | HBN311E4 |
| Categorie | Inbouwoven |
| Kookfuncties | Traditioneel bakken, 3D Hetelucht, Bodemwarmte, Grill met hetelucht, Grootvlakgrill, Snel opwarmen |
| Temperatuurbereik | 50 °C tot 270 °C |
| Grillstanden | 3 standen (1 = laag, 2 = gemiddeld, 3 = hoog) |
| Timer | Tot 60 minuten, onafhankelijk van de oven |
| Inbegrepen accessoires | Rooster, Bakplaat |
| Aantal inschuifniveaus | 4 niveaus |
| Binnenverlichting | Ovenlamp (40 W, hittebestendig) |
| Koelventilator | Ja, schakelt automatisch in en uit |
| Kinderbeveiliging | Optioneel beveiligingsapparaat (ref. 440651) |
| Reiniging | Warm water en afwasmiddel; geen stoomreiniger gebruiken |
| Demontage van de deur | Mogelijk voor reiniging met vergrendelingshendels |
| Demontage van de rekken | Mogelijk voor reiniging |
| Energieverbruik | Energielabel volgens EN 50304 (stand 3D Hetelucht) |
| Land van fabricage | Duitsland (merk Bosch) |
Veelgestelde vragen - HBN311E4 BOSCH
Gebruikersvragen over HBN311E4 BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Inbouwoven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HBN311E4 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HBN311E4 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING HBN311E4 BOSCH
nl Gebruiksaanwijzing 39
Inhoudsopgave
Belangrijke veiligheidsvoorschriften 39
Oorzaken van schade. 40
Uw nieuwe oven. 41
Bedieningspaneel 41
Functiekeuzeknop. 41
Temperatuurkeuzeknop. 42
Wekker. 42
Binnenruimte 42
De toebehoren 42
Inschuiven van het toebehoren 42
Extra toebehoren. 43
Voor het eerste gebruik 43
De oven opwarmen 43
Toebehoren reinigen 43
Oven instellen. 44
Wijzen van verwarmen en temperatuur 44
Snelvoorverwarming. 44
Onderhoud en reiniging 44
Reinigingsmiddelen 44
Inschuifrails verwijderen en bevestigen 45
Overdeur verwijderen en inbrengen. 46
Deurruiten verwijderen en inbrengen. 46
Wat te doen bij storingen? 47
Storingstabel. 47
Ovenlamp aan het plafond verrangen 47
Glazen afscherming. 47
Servicedienst 48
E-nummer en FD-nummer 48
Energie- en milieutips 48
Energie besparen 48
Milieuvriendelijk afvoeren 48
Maatregelen tijdens het transport 48
Voor u in onze kookstudio uitgetest 49
Gebak 49
Tips voor het bakken 50
Vlees, gevogelte, vis 51
Tips voor het braden en grillen 53
Ovenschotels, gegratineerde gerechten, toast 53
Kant-en-klaar producten 53
Bijzondere gerechten 54
Ontdooien 54
Drogen 54
Inmaak 54
Acrylamide in levensmiddelen 55
Testgerechten 56
Bakken. 56
Grillen. 56
Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.bosch-home.com en in de online-shop: www.bosch-eshop.com
Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u uw apparaat goed en veilig bedienen. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om door te geven aan een volgende eigenaar.
Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Neem het speciale installatievoorschrift in acht.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.
Alleen een daartoe bevoegde vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht wordt gebruikt. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing.
Risico van brand!
- Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard, kunnen vlam vatten. Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte. Open nooit de deur wanneer er sprake is van rookontwikkeling in het apparaat. Het toestel uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Wanneer de apparaatdeur geopend wordt, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier altijd met een vorm. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag niet uitsteken over de toebehoren.
Risico van verbranding!
- Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- Alcohol dampen kunnen in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen kleine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.
Kans op verbranding!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. De deur van het toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. - Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Risico van letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die geïnstrueerd zijn door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
- De kabelisolatie van de toestelonderdelen kan smelten. Zorg ervoor dat er nooit aansluitkabels van elektrische toestellen in contact komen met hete onderdelen van het apparaat. Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit.
- Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Oorzaken van schade
Attentie!
Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanneer een temperatuur van meer dan 50°C is ingesteld. Er ontstaat dan een opeenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email kan worden beschadigd. Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan. Vochtige levensmiddelen: Geen vochtige levensmiddelen langere tijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd. Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, kan vlekken achterlaten die niet meer kunnen worden verwijderd. Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede.
■ Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen laten afkoelen wanneer deze afgesloten is. Ook wanneer de deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd. Sterk vervuilde deurdichting: is de deurdichting sterk vervuild, dan sluit de apparaatdeur tijdens het gebruik niet meer goed. De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd. Zorg ervoor dat de deurdichting altijd schoon is.
Apparaatdeur als vlak om iets op te leggen of te plaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen. Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kunnen de toebehoren krassen geven op de deur. Toebehoren altijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven. Apparaat transporteren: Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat niet en kan afbreken.
Uw nieuwe oven
Hier maakt u kennis met uw nieuwe oven. We leggen u de werking van het bedieningspaneel en de afzonderlijke
bedieningselementen uit. U krijgt informatie over de binnenruimte en de toebehoren.
Bedieningspaneel
Hier krijgt u een overzicht van het bedieningspaneel. De uitvoering hangt af van het type apparaat.

Toelichting
| 1 Functiekeuzeknop |
| 2 Temperaturkeuzeknop |
| 3 Wekker |
Functiekiezer
Met de functiekiezer stelt u de wijze van verwarmen van de oven in. U kunt de functiekiezer maar rechts of naar links draaien.
Als de gewenste wijze van verwarmen is ingesteld, brandt de lamp in de oven.
Standen Functie
| 0 | Uit De oven is uitgeschakeld. |
| □ | Boven- en onderwärmtte Het bakken en braden is op éniveau möglichk. Voor cake en pizza in een vorm of op de plaat, en voor magere braadstukken van rund- en kalfsvlees en wild is deze instelling goed geschikt. De warmte komt gelijkmatig van boven en onder. |
| ® | 3D hetelucht* Cake, pizza, Klein gebak, koekjes,kleine cakesjes en bladerdeeg kurz u op twee niveaus tegelijk bakken.Door een ventilator met ringverwar-mingslichaam aan dechterwand van de oven worden de verwarmde lucht gelijkmatig verdèeld. |
- Wijze van verwarmen volgens energierendementsklasse EN50304.
Standen Functie
| Onderwarmte Met onderwarmte=kunt de onder-kant van gerechten nabakken en -bruinen. De warmte komt van onde- ren. | |
| Circulatieluchtgril- len | Circulatieluchtgrillen is bijzonder geschikt voor het grillen van vis, gevogelte en groe stukken vlees. De grill en de ventilator schakelen afwisseIend in en uit. De ventilator verdweit de verwarmde lucht om de gerechten. |
| Vlakgrillen, groe vlakken | U kunt meerere steaks, worstjes, vis en toasts grillen. Het gehele vlak onder de grill wordenverwarmd. |
| Snelvoorverwar- ming | Voor het snel verwarmen van gerechten. |
| * Wijze van verwarmen volgens energierendementsklasse EN50304. | |
Temperatuurkeuzeknop
Met de temperatuurkeuzeknop kunt u de temperatuur en de grillstand instellen.
| Standen Functie | ||
| • | Uit Oyen nicht heet. | |
| 50-270 | Temperatuurbereik | Temperatuurweergave °C. |
| 1, 2, 3 Grillstanden Grillstanden voor de grill, groot® oppervlak. Stand 1- zwak Stand 2 = gemiddeld Stand 3 = sterk | ||
Als de oven verwarmt, brandt het lampje boven de temperatuurkeuzeknop. In de verwarmingspauzes gaat het UIT. Bij sommige instellingen brandt het symbool niet.
Grillstanden
Voor het vlakgrillen stelt u met de temperatuurkeuzeknop een grillstand in.
Wekker
Met de wekker kunt u tot maximaal 60 minuten instellen. De wekker loopt onafhankelijk van de oven. Hij kan als keukenwekker worden gebruikt.
| Stand Functie | ||
| in | Nulstand Instelling UIT | |
| Einde van de ingeste velde tijd | Signaal na afloop van de ingestelde tijd. | |
| -60 | Minutenweergave Tijdweergave, in minutes. | |
Zo stelt u in
De wekker op de gewenste tijdsduur instellen.
De tijd is afgelopen
Als de tijd is afgelopen, klinkt er een signaal. De schakelaar draait vanzelf in de stand Uit.
Binnenruimte
In de binnenruimte bevindt zich de ovenlamp. Een koelventilator beschermt de oven tegen oververhitting.
Ovenlamp
De ovenlamp brandt tijdens het gebruik van de oven. Door de functiekeuzeknop op een willekeurige stand te draaien, kan de ovenlamp ook worden ingeschakeld zonder dat de oven wordt verwarmd.
Koelventilator
De koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. De warme lucht ontsnapt via de deur.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat de binnenruimte na gebruik sneller afkoelt.
Attentie!
De ventilatiesleuven niet afdekken. Anders raakt de oven oververhit.
De toebehoren
De meegeleverde toebehoren zijn geschikt voor vele gerechten. Let erop dat u de toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatst.
Het grote assortiment speciale toebehoren zorgt ervoor dat vele van uw gerechten nog beter lukken en u de oven nog comfortabel kunt gebruiken.
Inschuiven van het toebehoren
Het toebehoren kan in 4 verschillende hoogtes in de oven worden geschoven. Schuif het toebehoren steeds tot aan de aanslag erin, zodat het deurglas niet wordt geraakt.

Wanneer het toebehoren ongeveer tot aan de helft eruit getrokken is, klikt het vast. Nu kunt u de gerechten gemakkelijk uit de oven nemen.
Bij het inschuiven moet u op de uitsulping aan de rechterzijde van het toebehoren letten. Alleen zo klikt het op de juiste manier vast.

Aanwijzing: Het toebehoren kan door de hitte vervormen. Zodra het toebehoren afgekoeld is, neemt het zijn oorspronkelijke vorm weer aan. De functie wordt niet beïnvloed.
Houd de bakplaat aan weerszijden met beide handen vast en schuif de bakplaat recht in het frame. Vermijd bij het inschuiven bewegingen naar links of rechts. Anders kan de bakplaat niet gemakkelijk ingeschoven worden. Het geëmailleerde oppervlak kan beschadigd raken.
Toebehoren kunt u nabestellen bij de klantenservice, in de vakhandel of via internet. Geef hiervoor alstublieft het HEZ-nummer op.

Rooster
Voor servies, taart- en cakevormen, braadstukken, grillstukken en diepvriesgerechten.
Het rooster met de open kant naar de ovendeur en de welving naar beneden inschuiven.

Braadslede
Voor vochtig gebak, taarten, diepvriesgerechten en grote braadstukken. Hij kan ook worden gebruikt om het vet op te vangen, als u direct op het rooster grilt.
Plaats de braadslede met de schuine kant naar de ovendeur.
Extra toebehoren
Extra toebehoren kunt u bij de servicedienst of in de speciaalzaak kopen. In onze brochures of op internet vindt u diverse producten die voor uw oven geschikt zijn. De beschikbaarheid van extra toebehoren en de mogelijkheid om deze via internet te kopen is per land verschillend. Informatie hierover vindt u in de verkoopbrochures.
Niet elk extra toebehoren is voor elk apparaat geschikt. Geef bij aankoop steeds de volledige naam (E-nr.) van uw apparaat op.
Extra toebehoren HEZ-nummer Functie
| Rooster HEZ 434000 Voor overschalen, bakvormen, braadstukken, gegrilde stukken en diep-vriesgerechten. | |
| Aluminium bakplaat HEZ 430001 Voor gebak en koekjes. | Schuif de bakplaat met de schuine Kantaar de ovendeur in de oven. |
| Geëmailleerde bakplaat HEZ 431001 Voor gebak en koekjes. | Schuif de bakplaat met de schuine Kantaar de ovendeur in de oven. |
| Braadslede HEZ 432001 Voor vochtig gebak, koekjes, diepvriesgerechten en große braadstukken.Kan ook voor het opvangen van vet of vleesvocht onder het rooster wor-den gezruikt.Schuif de braadslede met de schuine Kantaar de ovendeur in de oven. | |
| Overneur - aanvullende veiligheidsinstructiesBij langere baktijden kan de ovendeur erg heet worden. | Indien u kinderen hebit, is bij het gebruik van de oven extravoorzichtigheid geboden.Verder is er een beveiligingsvoorziening beschikbaar waarmee directe aanraking van de ovendeur worden verhinderd. Dit speciale toebehoren (440651) is bij de serviceddienstverkrijgbaar. |
Voor het eerste gebruik
Hier vindt u alles wat u moet doen voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met de oven. Lees eerst het hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften.
De oven opwarmen
Om de geur van het nieuwe apparaat te verwijderen, verwarmt u de lege, gesloten oven op. Ideaal hiervoor is een uur bij boven- en onderwarmte op 240 °C. Let erop dat zich geen verpakkingsresten in de binnenruimte bevinden.
Ventileer de keuken zolang de oven opwarmt.
- Met de functiekeuzeknop boven- en onderwarmte instellen.
- Met de temperatuurkeuzeknop 240 °C instellen.
Na een uur de oven uitschakelen. Hiervoor de functiekeuzeknop op de nulstand draaien.
Toebehoren reinigen
Reinig de toebehoren voor het eerste gebruik grondig met warm zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje.
Oven instellen
U heeft verschillende mogelijkheden om de oven in te stellen. Hier geven wij u uitleg over de manier waarop u de gewenste verwarmingsmethode en temperatuur of grillstand instelt.
Wijzen van verwarmen en temperatuur
Voorbeeld op de afbeelding: boven-/onderwarmte 190 °C
- Met de functiekiezer de gewenste wijze van verwarmen instellen.

- Met de temperatuurkeuzeknop kunt u de temperatuur of de grillstand instellen.

De oven wordt opgewarmd.
Oven uitschakelen
De functiekiezer in de nulstand zetten.
Instellingen wijzigen
Wijze van verwarmen, temperatuur en grillstand kunnen naar behoefte worden gewijzigd.
Snelvoorverwarming
Met de snelvoorverwarming bereikt de oven de ingestelde temperatuur sneller.
Gebruik de snelvoorverwarming alleen voor temperaturen boven 100 °C.
Om een gelijkmatig resultaat te krijgen, doet u de gerechten pas na beëindiging van het snel voorverwarmen in de oven.
- De functiekiezer in de stand zetten.
- Met de temperatuurkeuzeknop de temperatuur instellen.
De oven start na een paar seconden. De indicatielamp boven de temperatuurkeuzeknop brandt.
Het snel voorverwarmen is beëindigd.
Het indicatielampje boven de temperatuurkeuzeknop gaat UIT. Plaats uw gerecht in de oven en stel de gewenste verwarmingsmethode in.
Snelvoorverwarming afbreken
De functiekeuzeknop op de nulstand draaien. De oven is uitgeschakeld.
Onderhoud en reiniging
Wanneer u de oven goed verzorgt en schoonmaakt, blijft hij lang mooi en intact. Hieronder wordt uitgelegd hoe u de oven op de juiste manier verzorgt en schoonmaakt.
Aanwijzingen
Geringe kleurverschillen op de voorzijde van de oven zijn het gevolg van het gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal. Schaduwen op de ruit van de deur, die eruitzien als strepen, zijn lichtreflexen van de ovenlamp. Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Reinigingsmiddelen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde reinigingsmiddelen beschadigd raken, moet u zich aan het volgende houden.
Gebruik bij de reiniging van de oven
- geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen,
- geen reinigingsmiddelen met een hoog alcoholpercentage,
- geen schuursponsjes,
- geen hogedrukreiniger of stoomstraler.
Reinig losse onderdelen niet in de vaatwasmachine.
Was nieuwe sponzen voor het eerste gebruik goed uit.
| Het bedie-ningspaneel | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreini- ger, metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. |
| Roestvrijsta- len oppervlak- ken | Met warm zeepsop en een zachte doek schoonmaken. Veeg bij roestvrijstalen opper- vlakken altijd in de slijprichting. Anders kun- nen er krassen ontstaan. Drogen met een zichte doek. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlek- ken onmiddelijk verwijderen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes of grove rei-nigingsdoeken. De roestvrijstalen oppervlak- ken hunnen met speciale onderhoudsmiddelen gepoetst worden. Neem de instructies van de fabrikant in acht. Speci- ale reinigingsmiddelen voor roestvrij staal zijn bij de servicedienst of in de specialzaak ver- krijjgbaar. |
Geëmailleerde en geglazuurde oppervlakken schoonmaken met een vochtig doekje en wat afwasmiddel. Drogen met een zacht doek.
| Draaiknoppen | Schoonmaken met een vochtig doeke en wat afwasmiddel. Drogen met een zachte doeok. |
| Deurruit Schoonmaken | met glasreiniger. Gebruik geen agressieve reinigungsmiddelen of scherpe metalen voorwerpen. Deze kuren het glas-oppervlak betrassen en beschadigen. |
| Afdichting Met | een vochtige doeok afnemen. Drogen met een zachte doeok. |
| Binnenkantoven | Warm zeepsop of water met azijn. Bij sterke verontreining de ovenreiniger alleen gebrui-ken op afgekoelde oppervlakken. |
| Glazen kapje op de oven-lamp | Schoonmaken met een vochtig doeke en wat afwasmiddel. Drogen met een zachte doeok. |
| Toebehoren In | warm zeepsop latent inweken. Schoonma-ken met een borstel of spons. |
| Aluminium bakplaat (opti-onneel) | Niet in de vaatwasmachine reinigen. Gebruik in geen geval ovenreiniger. Om krassen te vermijden mogen de metalen oppervlakken nooit met een mes of soortgelijk scherp voor-werp in aanraking komen. Reining met een vochtige doeok voor glaswerk en wat afwas-middel of met een microvezeldoeek in horizon-tale richting, Niet te hard wrijven. Drogen met een zichte doeok. Gebruik geen schuurmidde-len, schuursponsjes of grove reinigungsdoe-ken. Anders kuren er krassen ontstaan. |
| Kinderslot (optioneel) | Indien een kinderslot op de ovendeur is aan-gebracht,要去 dit voor het reinigen worden verwijderd. Laat alle kunststofonderdelen in warm zeepsop weken en was deze met een spons af. Drogen met een zichte doeok. Bij sterke verontreining functioneert het kinder-slot Niet goedeer. |
| Kookplaat Aanwijzingen voor het onderhoud en de reini-ging vindt u in de gebruiksaanwijzing voor de kookplaat. | |
Inschuifrails verwijderen en bevestigen
U kunt de rails voor het reinigen verwijderen. De oven dient afgekoeld te zijn.
Uithangen van het frame
- Het frame maar beneden eruit trekken en naar voren trekken. De verlengstift aan de onderkant van het frame uit het bevestigingsgat trekken (afbeelding A).
- Daarna het frame omhoogklappen en voorzichtig uithalen (afbeelding B).


Reinig het frame met afwasmiddel en een spons. Gebruik bij hardnekkig vuil een borstel.
Plaatsen van de rekjes
- Plaats de twee haken voorzichtig in de bovenste gaten. (afbeelding A-B)


Verkeerde montage!
Beweeg het rekje nooit, voordat de twee haken volledig en stevig in de bovenste gaten zijn bevestigd. Het email kan beschadigen en breken (afbeelding C).

- De twee haken moeten volledig in de bovenste gaten zijn gehangen. Beweeg het rekje vervolgens langzaam en voorzichtig naar beneden en hang het in de onderste gaten (afbeelding D).
- Beide rekjes in de zijwanden van de oven hangen (afbeelding E).
Wanneer de rekjes op de juiste wijze gemonteerd zijn, is de afstand tussen de twee bovenste inschuifhoogtes groter.


Ovendeur verwijderen en inbrengen
Om de deurruiten schoon te maken en te demonteren, kunt u de ovendeur verwijderen.
De scharnieren van de ovendeur zijn alle voorzien van een blokkeerhendel. Wanneer de blokkeerhendels zijn dichtgeklapt (afbeelding A), is de ovendeur beveiligd. Hij kan niet worden verwijderd. Wanneer de blokkeerhendels voor het verwijderen van de ovendeur opengeklapt zijn (afbeelding B), zijn de scharnieren beveiligd. Ze kunnen niet dichtklappen.


Risico van letsel!
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, klappen ze met grote kracht dicht. Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, en bij het verwijderen van de ovendeur helemaal opengeklapt.
Deur verwijderen
- Ovendeur helemaal openen.
- Beide blokkeerhendels links en rechts openklappen (Afbeelding A).
- Ovendeur tot de aanslag sluiten. Met beide handen links en rechts vastpakken. Nog wat verder sluiten en uitnemen (Afbeelding B).


Deur inbrengen
De ovendeur in de omgekeerde volgorde weer inbrengen.
- Let er bij het inbrengen van de ovendeur op dat beide scharnieren recht in de opening worden geleid (Afbeelding A).
- De keep op het scharnier dient aan beide kanten in te klikken (Afbeelding B).


- Beide blokkeerhendels weer dichtklappen (Afbeelding C). Ovendeur sluiten.

Risico van letsel!
Wanneer de ovendeur er per ongeluk uitvalt of een scharnier dichtklapt, het scharnier niet met uw hand aanraken. Neem contact op met de klantenservice.
Deurruiten verwijderen en inbrengen
Om gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de ovendeur uitnemen.
Verwijderen
- Ovendeur verwijderen en met de handgreep naar beneden op een doek leggen.
- De afscherming bovenaan de ovendeur afnemen. Hiervoor links en rechts het lipje met de vingers indrukken (Afbeelding A).
- Bovenste ruit optillen en naar buiten trekken (Afbeelding B).


- Ruit optillen en naar buiten trekken (Afbeelding C).

Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek.
Risico van letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Inbrengen
Let er bij het inbrengen op dat "right above" linksonder ondersteboven staat.
- De ruit schuin naar achteren inschuiven (Afbeelding A).
- Bovenste ruit schuin naar achteren in de beide houders schuiven. Het grote vlak moet zich aan de buitenkant bevinden. (Afbeelding B).


- De afscherming plaatsen en aantrekken.
- Ovendeur inbrengen.
Gebruik de oven pas weer wanneer de ruiten naar behoren zijn ingezet.
Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Raadpleeg de volgende tabel voordat u contact opneemt met de servicedienst. Wellicht kunt u zelf de storing verhelpen.
Storingstabel
Wanneer een gerecht niet goed gelukt is, lees dan het hoofdstuk door. Wij hebben de gerechten voor u in onze kookstudio getest. Hier vindt u nuttige tips en informatie over het koken, bakken en braden.
| Storing Mogelijk oor-zaak | Oplossing/informatie | |
| De oven functio-neert nicht. | De zekering is defect. | Kijk in de meterkast na of de zekering defect is. |
| Stroomuitval | Controleer of het keuken-licht of andere keukenappa-raten functioneren. | |
| Oven Niet heel. Stof op de con-tacten. | Draai de schakelaars meer-dere keren heb en weer. | |

Gevaar voor elektrische schok!
Ondeskundig uitgevoerde reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties mogen uitsluitend door een servicemonteur van onze servicedienst worden uitgevoerd.
Attentie!
Als de aansluitkabel beschadigd raakt, moet deze door de fabrikant, door de servicedienst of door een erkende monteur worden vervangen.
Ovenlamp aan het plafond vervangen
Als de ovenlamp is uitgevallen, moet deze worden vervangen. Temperatuurbestendige reservelampen, 40 watt, kunt u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak. Gebruik uitsluitend originele lampen.

Kans op een elektrische schok!
Zekering in de meterkast uitschakelen.
- Theedoek in de onverwarmde oven leggen, om schade te voorkomen.
- Glazen afscherming eruit halen door de schroeven naar links te draaien.

- Lamp vervangen door een van hetzelfde type.
- Glazen afterscherming er weer inschroeven.
- Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Glazen afscherming
Als de glazen afterscherming beschadigd is, dient hij te worden vervangen. Passende glazen afterschermingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice. Vermeld a.u.b. het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat.
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.
E-nummer en FD-nummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u aan de zijkant van de ovendeur. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
E-nr.
FD-nr.
Servicedienst
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
NL 0884244010
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparaties worden uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Energie- en milieutips
Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden energie kunt besparen en het apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie besparen
- De oven alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.
- Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
- Open de ovendeur tijdens het garen, bakken of braden zo weinig mogelijk.
- Meerdere taarten of cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De oven is dan nog warm. Daardoor is de baktijd voor het tweede gerecht korter. U kunt ook 2 rechthoekige bakvormen naast elkaar in de oven plaatsen. Bij langere bereidingstijden kunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Maatregelen tijdens het transport
Bevestig alle beweegbare onderdelen in en op het apparaat met plakband, dat zonder sporen verwijderd kan worden. Schuif alle toebehoren (bijv. de bakplaat) met een dunne strook karton aan beide zijden in de vakken om beschadiging van het apparaat te voorkomen. Leg karton of iets dergelijks tussen de voorzijde van de bakplaat en de binnenzijde van de deur om te voorkomen dat de bakplaat tegen de binnenzijde van de glazen deur stoot. Bevestig de ovendeur met plakband aan de zijwanden van het apparaat.
Bewaar de originele verpakking van het apparaat. Transporteer het apparaat alleen in de originele verpakking. Let op de transportpijlen op de verpakking.
Als de originele verpakking niet meer beschikbaar is
Verpak het apparaat in een beschermende verpakking om voldoende bescherming tegen eventuele transportschade te garanderen.
Transporteer het apparaat rechtop. Houd het apparaat niet aan de deurgreep of aan aansluitingen op de achterzijde vast, zodat deze niet beschadigd kunnen raken. Leg geen zware voorwerpen op het apparaat.
Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Hier vindt u een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode en temperatuur het meest geschikt is voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over de te gebruiken vormen en de bereiding.
Aanwijzingen
- De tabel geldt altijd voor producten die in de onverwarmde en lege binnenruimte worden geplaatst.
Alleen voorverwarmen wanneer dit in de tabel wordt aangegeven. Leg pas na het voorverwarmen bakpapier op de toebehoren.
- De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in de vakhandel kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen.
Verwijder voor het gebruik alle toebehoren en vormen die u niet nodig heeft uit de binnenruimte. - Gebruik altijd een pannenlap wanneer u hete toebehoren of vormen uit de oven neemt.
Gebak
Bak op een niveau
Bij het bakken van cake en taarten geeft boven-/onderwarmte het beste resultaat.
Bij het bakken met 3D hetelucht het toebehoren op de volgende inschuifhoogte inschuiven:
Cake in cakevorm: inschuifhoogte 2. Cake op bakplaat: inschuifhoogte 3.
Bakken en braden op meerdere niveaus
3D hetelucht gebruiken.
Inschuifhoogte voor het bakken en braden op 2 niveaus:
Braadslede: inschuifhoogte 3. Bakplaat: inschuifhoogte 1.
Gerechten die tegelijk in de oven worden geschoven, hoeven niet tegelijk klaar te zijn.
In de tabellen vindt u een aantal gerechten.
Bakvormen
Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen.
Bij lichte bakvormen van dunwandig metaal of glazen vormen is de baktijd langer en wordt het gebak niet zo gelijkmatig bruin.
Wanneer u siliconen vormen wilt gebruiken, raadpleeg dan de informatie en de recepten van de fabrikant. Vormen van siliconen zijn vaak kleiner dan normale vormen. De deegvormen en receptgegevens kunnen afwijken.
Tabellen
In de tabellen vindt u voor de verschillende soorten gebak de optimale verwarmingsmethode. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en de kwaliteit van het deeg. In de tabellen zijn bereiken aangegeven. Probeer het eerst met de laagste waarde. Een lage temperatuur zorgt ervoor dat het gerecht gelijkmatiger bruin wordt. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.
De baktijden worden 5 tot 10 minuten korter wanneer u voorverwarmt.
Bijkomende informatie vindt u onder Tips voor het bakken na de tabellen.
Aanwijzing: Levensmiddelen niet direct op de aluminium bakplaat leggen. De aluminium bakplaat bedekken met bakpapier.
| Gebak in vormen Vorm Hoogle Wijze van | verwarmen | Temperatuur, ℃ | Bereidingsduu r, minutes | |
| Cake eenvoudig Krans-/rechthoekige vom 2 | ☐ | 160-180 55-65 | ||
| Cake fijn (bijv. zandgebak) Krans-/rechthoekige vom 2 | ☐ | 155-175 65-75 | ||
| Bodem van zandtaartdeeg met rand Springvorm 1 | ☐ | 160-180 30-40 | ||
| Taarbodem van roerdeeg Vruchtentaartbodem 2 | ☐ | 160-180 25-35 | ||
| Biscuittaart Springvorm 2 | ☐ | 160-180 30-40 | ||
| Vruchten- of kwarktaart, zandtaartdeeg* Donkere springvorm | 1 | ☐ | 170-190 70-90 | |
| Vruchtentaart fijn, van roerdeeg | Springvorm 2 | ☐ | 150-170 55-65 | |
| Hartig gebak* (bijv. quiche/uientaart) | Springvorm 1 | ☐ | 180-200 50-60 | |
- Gebak ca. 20 minuten in de oven laten afkoelen.
| Gebak op de plaat | Toebehoren | Hoopte | Wijze vanverwarmen | Temperatuurinstelling in °C | Bereidingsduur, minuten |
| Roer- of gistdeeg met eendroge vulling | Braadslede: | 3 | ☐ | 160-180 | 25-35 |
| Aluminium bakplaat* + braadslede** | 1+3 | ® | 150-170 | 35-45 | |
| Roer- of gistdeeg met versevruchten | Braadslede: | 3 | ☐ | 140-160 | 40-50 |
| Aluminium bakplaat* + braadslede** | 1+3 | ® | 130-150 | 50-60 | |
| Biscuitrol (voorverwarmen) | Braadslede: | 2 | ☐ | 170-190 | 15-20 |
| Broodvlecht, 500 g meel | Braadslede: | 2 | ☐ | 160-180 | 25-35 |
| Kerststol, 500 g meel | Braadslede: | 3 | ☐ | 160-180 | 50-60 |
- U kunt extra bakplaten kopen bij de servicedienst of bij de speciaalzaak. ** Wanneer u op twee niveaus bakt, dient u de braadslede altijd boven de bakplaat te schuiven.
| Gebak op de plaat Toebehoren Hoogte Wijze van | verwarmen | Temperatuurin stelling in °C | Bereidingsduur , minutes |
| Kerststol, 1 kg meel Braadslede: 3 | ☐ | 150-170 90-100 | |
| Strudel, zoet Braadslede: 2 | ☐ | 180-200 55-65 | |
| Pizza Braadslede: 3 | ☐ | 180-200 20-30 | |
| Aluminium bakplaat* + braadslede** 1+3 | ☐ | 150-170 35-45 |
- U kunt extra bakplaten kopen bij de servicedienst of bij de speciaalzaak. ** Wanneer u op twee niveaus bakt, dient u de braadslede altijd boven de bakplaat te schuiven.
Brood en broodjes
Giet nooit water direct in de hete oven.
Tenzij anders aangegeven, moet de oven voor het bakken van brood altijd worden voorverwarmd.
| Brood en broodjes Toebehoren Hoogte Wijze van | verwarmen | Temperatuur, °C | Bereidingsduu r, minuten | |
| Gistbrood, 1,2 kg meel Braadslede: 2 | ☐ | 270 | 8 | |
| 190 | 35-45 | |||
| Zuurdeegbrood, 1,2 kg meel | Braadslede: 2 | ☐ | 270 | 8 |
| 190 | 35-45 | |||
| Broodjes (bijv. roggenbroodjes) | Braadslede: 2 | ☐ | 200-220 20-30 | |
| Klein gebak | Toebehoren | Hoopte Wijze vanverwarmen | Temperatuurinstelling in °C | Bereidingsduu r, minuten |
| Koekjes | Braadslede: | 3 | ☐ | 150-170 10-20 |
| Aluminium bakplaat* + braadslede** | 1+3 | ® | 130-150 25-35 | |
| Schuimgebak | Braadslede: | 3 | ® | 70-90 135-145 |
| Soesjes | Braadslede | 2 | ☐ | 200-220 30-40 |
| Bitterkoekjes | Braadslede | 3 | ☐ | 110-130 30-40 |
| Aluminium bakplaat* + braadslede** | 1+3 | ® | 100-120 35-45 | |
| Bladerdeeg | Braadslede | 3 | ® | 190-210 20-30 |
| Aluminium bakplaat* + braadslede** | 1+3 | ® | 180-200 25-35 |
- U kunt extra bakplaten kopen bij de servicedienst of bij de speciaalzaak. ** Wanneer u op twee niveaus bakt, dient u de braadslede altijd boven de bakplaat te schuiven.
Tips voor het bakken
| U wilt bakken volgens uw eigen recept. | Raadpleeg de baktabellen voor gelijksoortig gebak. |
| Zo stelt u vast of de cake goed door-bakken is. | Prik ca. 10 voor het einde van de in het recept vermelde baktijd met een stokje in het hoogste punt van het gebak. Wanner er geen deegmeer aan de prikker zit, is het gebak maar. |
| Het gebak zakt in. | Voeg de volgende keer minder vloeistof toe of stel de oventemperatuur 10 graden lager in.Houd rekening met de omroertijden in het recept. |
| Het gebak is in het midden hoog gere-zen en lager bij de randen. | De rand van de springvorm Niet invetten. Na het bakken maakt u het gebak voorzichtig los met een mes. |
| Het gebak worden te donker aan de bovenkant. | Plaats het verder waar binnen, kies een lagere temperatuur en bak het ieits langer. |
| Het gebak is te droog. | Als het gebak koar is, prikt u er met een prikkerkleine gaatjes in. Vervolgens bedruppelt u het met vruchtensap of alcohol. Stel de temperatuur de volgende keer 10 graden hoger in en houd een kortebeaktijd aan. |
| Het brood of het gebak (bijv. kwarktaart) ziet er goeduit, maar is van binnen klef (zacht, doortrokken met waterstrepen). | Gebruik de volgende keer wat minder vloeistof en bak ieets longer bij een wat lagere tem-peratuur. Bij gebak met een vochtige bovenkant bakt u eerst de bodem voor. Bestrooi het met amandelen of paneermeel en doe dan de bovenlaag erop. Houd u aan de recep-ten en baktijden. |
| Het gebak is ongelijkmatig bruin gewor-den. | Kies een wat lagere temperatuur, dan worden het gebak gelijkmatiger bruin. Gebruik bij kwetsbaar gebak boven- en onderwarmte op eeniveau. Ook bakpapier dat uitsteekt kan de luchtcirculatie beinvloeden. Knip het bakpapier altid zodanig af dat het goed op de plaat past. |
| Het vruchtengebab is te Licht aan de onderkant. | Plaats het gebak de volgende keer een niveau lager. |
Het sap van de vruchten stroomt over. Gebruik, indien beschikbaar, de volgende keer de diepere braadslede.
| Klein gebak van gistdeeg plakt bij het bakken aan elkaar. | Tussen de gebakstukken dient een afstand van ca. 2 cm te+zijn. Zo is er voldoendeplaats en kan het gebak goed rijzen en helemaal bruin worden. |
| U hebt op meerere niveaus gebakken.Op de bovenste planta is het gebak don-kerder dan op de onderste. | Gebruik voor het bakken op Meerere niveaus altijd 3D-hetelucht®. Bakplaten diegelijktijd in de oven worden gedaan, hoeven nicht op hetzelfde moment klaar te+zijn. |
| Bij het bakken van vochtig gebak ont-staat er condenswater. | Bij het bakken kan waterdamp ontstaan. Deze komt vrij via de deur. De waterdamp kanneerslaan op het bedieningspaneel of op het meubilair en als condens neerdruppelen.Dit is normaal. |
Vlees, gevogelte, vis
Vormen
U kunt alle vormen gebruiken die hittebestendig zijn. Voor grote stukken vlees is ook de braadslede geschikt.
Het meest geschikt zijn vormen van glas. Let erop dat het deksel voor de pan past en goed sluit.
Gebruikt u geëmailleerde braadpannen, voeg dan wat meer vloeistof toe.
Bij braadgerei van roestvrij staal wordt het gerecht niet zo erg bruin en kan het vlees wat minder gaar zijn. Houd langere bereidingstijden aan.
Opgaven in de tabellen:
Vorm zonder deksel = open
Vorm met deksel = gesloten
Zet de vorm altijd midden op het rooster.
Zet hete vormen van glas op een droge onderzetter. Is de ondergrond nat of koud, dan kan het glas knappen.
Braden
Voeg aan mager vlees een beetje vloeistof toe. De bodem van de vorm dient ca. 1/2 cm bedekt te zijn.
Voeg aan stoofvlees royaal vloeistof toe. De bodem van de vorm dient ca. 1-2 cm bedekt te zijn.
De hoeveelheid vloeistof is afhankelijk van het soort vlees en het materiaal van de vormen. Wanneer u vlees in geëmailleerde braadvormen klaarmaakt, is er wat meer vloeistof nodig dan in glazen vormen.
Braadsledes van roestvrij staal zijn beperkt geschikt. Het vlees gaart langzamer en wordt minder bruin. Houd een hogere temperatuur en/of een langere bereidingstijd aan.
Aanwijzingen voor het grillen
Altijd grillen in een gesloten oven.
Verwarm de grill ca. 3 minuten voor, voordat u de te grillen stukken op het rooster legt.
Leg de te grillen stukken direct op het rooster. Een enkel te grillen stuk kunt u het beste op het middelste deel van het rooster leggen. Schuif vervolgens de braadslede op hoogte 1 in. Het vleessap wordt opgevangen, en de oven blijft schoner.
Bakplaat of braadslede mogen niet op hoogte 4 worden ingeschoven. Bij hoge temperaturen kunnen ze vervormen en bij het uittrekken de ovenruimte beschadigen.
Neem bij voorkeur te grillen stukken die even groot zijn. Zo bruinen ze gelijkmatig en blijven ze lekker sappig. Bestrooi steaks pas na het grillen met zout.
Keer de te grillen stukken na 2/3 van de opgegeven tijd om.
De grill schakelt voortdurend in en uit. Dat is normaal. Hoe vaak dit gebeurt is afhankelijk van de ingestelde grillstand.
Vlees
Draai stukken vlees na de helft van de tijd om.
Als het vlees klaar is, moet het nog 10 minuten in de uitgeschakelde, gesloten oven blijven. Het vocht kan zich dan beter verdelen.
Wikkel rosbief na de bereiding in aluminiumfolie en laat het 10 minuten in de oven nagaren.
Snijd bij varkensvlees met zwoerd, het zwoerd kruisgewijs in en leg het vlees eerst met het zwoerd naar beneden in de vorm.
| Vlees Gewicht Toebehoren en | vormen | Hoopte Wijze vanverwarmen | Temperatuur°C, grillstand | Bereidingsduu r, minutes | ||
| Rundvlees | ||||||
| Gebraden rundvlees 1,0 kg gesloten 2 | ☐ | 200-220 120 | ||||
| 1,5 kg 2 | ☐ | 190-210 140 | ||||
| 2,0 kg 2 | ☐ | 180-200 160 | ||||
| Runderfillet, rosé 1,0 kg open 1 | ☐ | 210-230 70 | ||||
| 1,5 kg 1 | ☐ | 200-220 80 | ||||
| Rosbief, rosé 1,0 kg open 1 | £ | 230-250 50 | ||||
| Steaks, 3 cm, rosé Rooster + braads-lede | 4+1 | ☐ | 3 | 15 | ||
| Kalfsvlees | ||||||
| Gebraden kalfsvlees 1,0 kg open 1 | ☐ | 200-220 100 | ||||
| 1,5 kg 1 | ☐ | 190-210 120 | ||||
| 2,0 kg 1 | ☐ | 180-200 140 | ||||
| Varkensvlees | ||||||
| zonder zwoerd (bijv. halsstuk) | 1,0 kg open 1 | £ | 190-210 120 | |||
| 1,5 kg 1 | £ | 180-200 150 | ||||
| 2,0 kg 1 | £ | 170-190 170 | ||||
| Vlees Gewicht Toebehoren en | Hoogte | Wijze van verwarmen | Temperatuur °C, grillstand | Bereidingsduu r, minutes | ||
| met zwoerd (bijv. schouder) 1,0 kg open 1 | # | 180-200 130 | ||||
| 1,5 kg 1 | # | 190-210 160 | ||||
| 2,0 kg 1 | # | 170-190 190 | ||||
| Casselerrib met been 1,0 kg gesloten 1 | # | 210-230 80 | ||||
| Lamsvlees | ||||||
| Lamsbout zonder been, medium 1,5 kg open 1 | # | 170-190 120 | ||||
| Gehakt | ||||||
| Gebraden gehakt ca. 750 g open 1 | # | 180-200 70 | ||||
| Worstjes | ||||||
| Worstjes Rooster + braads- lede | 4+1 | # | 3 | 15 | ||
| Gevogelte | ||||||
| De waarden in de tabel gelden voor het inschuiven in de koude oven. | Bij eend of gans dient u de huid onder de vleugels in te steken, zodat het vet kan weglopen. | |||||
| De gewichtsgegevens in de tabel hebden betrekking op ongevuld gemogelle dat gereed is om te worden gebraden. | Leg gemogelte met de borstzijde waar onderen op het rooster. Geheel gemogelte na tweederde van de tijd omkeren. | |||||
| Wanner urechtstreeks op het rooster grillt, schuiif de braadslede dan op hoogte 1 in de oven. | Gevogelte wordt vooral knapperig bruin, wanner u het gegen het einde van de braadtijd met boter, zout water of sinaasappelsap bestrijk. | |||||
| Gevogelte | Gewicht | Toebehoren en vormen | Hoogte | Wijze van verwarmen | Temperatuur °C, grillstand | Bereidingsduur, minutes |
| Halve kippen, 1-4 stuks | 400g per stuk | Rooster | 2 | # | 210-230 40-50 | |
| Kip in stukken | 250 g per stuk | Rooster | 3 | # | 210-230 30-40 | |
| Kip, heel 1-4 stuks | 1 kg per stuk | Rooster | 2 | # | 200-220 55-85 | |
| Eend, heel | 1,7 kg | Rooster | 2 | # | 170-190 80-100 | |
| Gans, heel | 3,0 kg | Rooster | 2 | # | 160-180 110-130 | |
| Babykalkoen, heel | 3,0 kg | Rooster | 2 | # | 180-200 80-100 | |
| 2 kalkoenbauten | 800g per stuk | Rooster | 2 | # | 180-200 80-100 | |
| Vis | ||||||
| Keer de visstukken na % van de opgegeven vrij om. | de helft van een aardappel of eenkleine ovenvaste vom in de buik zodiaat de vis stabieler staat. | |||||
| Hele vissen hoeven nicht omgekeerd te worden. Plaats de hele vis in de zwemstand met de rugvinঐ in de oven. Stop | Schuif bij het rechtstreeks op het rooster grillen ook de braadslede op hoogte 1 in. Het visvocht worden opgevangen, en de oven blijft schoner. | |||||
| Vis | Gewicht | Toebehoren en vormen | Hoogte | Wijze van verwarmen | Temperatuur °C, grillstand | Bereidingsduur, minutes |
| Vis, heel | 300 g per stuk | Rooster | 3 | # | 2 | 20-25 |
| 1,0 kg | Rooster | 2 | # | 190-210 40-50 | ||
| 1,5 kg | Rooster | 2 | # | 180-200 60-70 | ||
| Vis in plakken, bijv. koteletten | 300 g per stuk | Rooster | 4 | # | 2 | 20-25 |
Tips voor het braden en grillen
| Voor het gewicht van het vlees staan geen gegevens in de tabel. | Maak uw keuze in overeenstemming met het eerstvolgende, lagere gewicht en houd een langereijd aan. |
| Hoe(Intkunt u vaststellen of het vlees klaar is? | Gebruik de vleestermometer (verkrijigbaar in de specialzaak) of doe de "lepeltest". Druk met een lepel op het vlees.Voelt het stevig aan,dan is het klaar.Geeft het mee, dan heeft het nog watijd nodig. |
| Het vlees is te donker en de korst is op enkeleplaatsen verbrand. | Controleer de inschuifhoogte en de temperatuur. |
| Het vlees ziet er goeduit, maar de jus is aangebrand. | Neem de volgende keerkleiner braadgerei of voeg wat meer vloeistof toe. |
| Het vlees ziet er goeduit, maar de jus ist te Licht en te waterig. | Gebruik de volgende keer groter braadgerei en voeg minder vloeistof toe. |
| Bij het overgiieten van het vlees ontstaat waterdamp. | Dit is normala.Een groot deel van de waterdamp ontsnaptuit de oven.Het kan neer-slaan op het koudere schakelpaneel of op meubilair en als condens neerdruppelen. |
Ovenschotels, gegratineerde gerechten, toast
Grilt u direct op het rooster, plaats dan ook de braadslede op hoogte 1. De oven blijft schoner.
Plaats de vormen altijd op het rooster.
De bereidingstoestand van een ovenschotel is afhankelijk van de grootte van de vorm en de hoogte van het gerecht. De opgaven in de tabellen zijn slechts richtwaarden.
| Gerecht Toebehoren en vormen Hoogte Wijze van | verwarmen | Temperatuurin-stelling in °C | Bereidings-duur, minuten |
| Souflés | |||
| Soufflé, zoet Ovenschaal 2 | ☐ | 170-190 50-60 | |
| Noedelsoufflé Ovenschaal 2 | ☐ | 210-230 25-35 | |
| Gratin | |||
| Aardappelgratin met rauwe ingredienten, Ovenschaal 2 | 畞 | 150-170 50-60 | |
| Hoogte max. 2 cm | |||
| Toast | |||
| Toast roosteren, 12 stuks Rooster 4 | ☐ | 3 4-5 | |
| Toast, gratineren, 12 stuks Rooster 3 | ☐ | 3 5-8 |
Kant-en-klaar producten
Houd u aan de opgaven van de fabrikant op de verpakking. Wanneer u de toebehoren bekleedt met bakpapier, let er dan op dat het bakpapier geschikt is voor deze temperaturen. Pas de grootte van het papier aan het gerecht aan.
Het bereidingsresultaat is zeer sterk afhankelijk van het soort levensmiddelen. Op het rauwe product kunnen al bruine plekken en ongelijkmatigheden te zien zijn.
| Gerecht Toebehoren Hoogte Wijze van | verwarmen | Temperatuurin-stelling in °C | Bereidings-duur, minuten | ||
| Strudel met vruchtenvulling | Braadslede | 3 | ® | 190-210 45-55 | |
| Patates frites | Braadslede | 3 | □ | 210-230 25-30 | |
| Pizza | Rooster | 2 | □ | 200-220 15-20 | |
| Pizza-Baguette | Rooster | 2 | 实 | 190-210 15-20 |
Opmerking
Bij het bereiden van diepvriesgerechten kan de braadslede vervormen. De reden hiervan zijn de grote temperatuursverschillen waaraan het toebehoren is blootgesteld. De vervorming verdwijnt weer tijdens het bereidingsproces.
Bijzondere gerechten
Bijlage: temperatuurlijke yoghurt met 3D-hetelucht even goed als luchtig gistdeeg.
Verwijder eerst de toebehoren, inhangroosters of telescooprails uit de binnenruimte.
Yoghurt maken
- 1 liter melk (3,5% vet) aan de kook brengen en tot 40°C afkoelen.
- Hier 150 g yoghurt (koelkasttemperatuur) door roeren.
- Hiermee koppen of kleine twist-off potjes vullen en afdekken met vershoudfolie.
- De binnenruimte zoals aangegeven voorverwarmen.
- De koppen of potjes vervolgens op de bodem van de binnenruimte zetten en bereiden zoals aangegeven.
Gistdeeg laten rijzen
- Het gistdeeg maken zoals gebruikelijk, in een hittebestendige vorm van keramiek leggen en afdekken
- De binnenruimte zoals aangegeven voorverwarmen
- De oven uitschakelen en het deeg in de uitgeschakelde binnenruimte plaatsen om het te laten rijzen.
| Gerecht Vormen Verwarmingsmethode Temperatuur Tijdsduur | |||
| Yoghurt Koppen of Twist-Offpotten | op de bodem vande binnenruimteplaatsen | 50 °C | 5 m |
| 50 °C | 8uur | ||
| Gistdeeg latent rijzen Hittebestendigevorm | op de bodem vande binnenruimteplaatsen | 50 °C | 5-10 min.. |
| Apparaat uitschakelenen gistdeeg in de binne-ruimteplaatsen | 20-30 min.. | ||
Ontdooien
De ontdooitijden zijn afhankelijk van de aard en de hoeveelheid van de levensmiddelen.
Let op de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking. Levensmiddelen uit de verpakking halen en in een geschikte schaal op het rooster zetten.
Gevogelte met de borstzijde op het bord leggen.
| Diepvries Toebehoren Hoogte Wijze | van ver-warmen | Temperatuur |
| Bijv. slagroomtaarten, bakkersroomtaarten, taarten met chocolde- Rooster 2 of suikerglazuur, vruchten,kip, worst en vlees, brood, broodjes, cake en ander gebak | ® | De temperatuurkeuze-knop blijtuitgeschakeld |
Drogen
Met 3D-hetelucht kunt u uitstekend drogen.
Gebruik uitsluitend fruit en groente zonder gebreken en was deze grondig.
Laat ze goed afdruipen en droog ze af.
Bedek de braadslede en het rooster met bak- of perkamentpapier.
Fruit of groente met veel vocht enkele malen keren.
Het gedroogde gerecht direct na het drogen losmaken van het papier.
| Vruchten en kruiden Toebehoren Hoogte Verwar- | mingsme-thode | Temperatuur | Tijdsduur | |||
| 600 g appelringen | Braadslede + rooster | 3+1 | ® | 80 °C | ca. 5 uu | |
| 800 g stukjes peer | Braadslede + rooster | 3+1 | ® | 80 °C | ca. 8 uu | |
| 1,5 kg kwetsen of pruimten Braadslede + rooster | 3+1 | ® | 80 °C | ca. 8-10 uu | ||
| 200 g panklare keukenkruiden | Braadslede + rooster | 3+1 | ® | 80 °C | ca. 1½ uu | |
Inmaak
Voor het inmaken moeten de potten en rubberen ringen schoon en in orde zijn. Gebruik zo mogelijk potten van gelijke grootte. De gegevens in de tabel hebben betrekking op ronde glazen potten van 1 liter.
Attentie!
Gebruik geen grotere of hogere potten. De deksels zouden kunnen springen.
Gebruik uitsluitend fruit en groente zonder gebreken. Was het grondig.
De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Deze kuren worden beïnvloed door de omgevingstemperatuur, het aantal potten, de hoeveelheid en de temperatuur van de inhoud. Controleer voor u om- of uitschakelt of de potten werkelijk borrelen.
Voorbereiden
- De potten vullen, niet te
- De glazen randen schoonmaken.
- Leg op elke pot een natte rubberen ring en een deksel.
- Sluit de potten af met klemmen.
Plaats niet meer dan zes potten in de ovenruimte.
Instellen
- Braadslede op hoogte 2 plaatsen. Plaats de glazen potten zo dat ze elkaar niet raken.
- Giet 1/2 liter heet water (ca. 80 °C) in de braadslede.
- Sluit de ovendeur.
- Stel de onderwarmte in.
- Stel de temperatuur in op 170 tot 180 °C.
Inmaak
Fruit
Na ca. 40 tot 50 minuten stijgen er met korte tussenpozen belletjes op. Schakel de oven UIT.
Na 25 tot 35 minuten nawarmen haalt u de weckflessen uit de ovenruimte. Als u ze langer in de ovenruimte laat afkoelen, kunnen zich kiemen vormen waardoor het ingemaakte fruit sneller zuur wordt.
| Fruit in glazen potten van één liter Wanner het borrelen begint Nawarmen | |
| Appels, rode bessen, aardbeien Uitschakelen Ca. 25 minuten | |
| Kersen, abrikozen, perziken, kruisbessen Uitschakelen Ca. 30 minuten | |
| Appelmoes, peren, pruimen Uitschakelen Ca. 35 minuten | |
| GroenteZodra er in de potten pelletjes opstijgen de temperatuur maar 120 tot 140 °C terugbrengen. Afhankelijk van de soort groente | ca. 35 tot 70 m. Schakel verwolgens de oven uit en gebruik de restwarmte. |
| Groente met koud vocht in glazen potten van één liter Wanner het borrelen begint Nawarmen | |
| Augurken - Ca. 35 minuten | |
| Rode biet Ca. 35 minuten Ca. 30 minuten | |
| Spruijtes ca. 45 minuten Ca. 30 minuten | |
| Bonen, koolrabi, rodekool Ca. 60 minuten Ca. 30 minuten | |
| Erwten | Ca. 70 minuten Ca. 30 minuten |
| Glazen potten verwijderenNeem de potten na het inkoken UIT de binnenruimte. | Attentie!Zet de hare potten Niet op een foude of native ondergrond. Ze konnen knappen. |
| Acrylamide in levensmiddelen | |
| Acrylamide ontstaat vooral bij graan- en aardappelproducten die met grote hitte worden bereid, zoals aardappelchips, frites, | toast, broodjes, brood of fijn bekwaren (koekjes, taaitaai, speculaas). |
| Tips voor het kraarmaken van gerechten met weinig acrylamide | |
| Algemeen | ■ Bereidingstijden zo kort möglichk houden.■ De gerechten goudgeel en Niet te donker bakken.■ Grote, ditke ingredienten bevatten minder acrylamide. |
| Bakken | Met boven- en onderwarmte max. 200 °C.Met 3D-hetelucht of hare lucht max.180 °C. |
| Koekjes | Met boven- en onderwarmte max. 190 °C.Met 3D-hetelucht of hare lucht max. 170 °C.Ei of eierdooier gaat de vorming van acrylamide gegen. |
| Frites UIT de oven | Gelijkmatig en in één laag verdelen over deplaat. Minstens 400 g perplaat bakken, zDat de frites Niet uittrogen |
Testgerechten
Deze tabellen zijn gemaakt voor onderzoeksinstituten om het controleren en testen van verschillende apparaten te vergemakkelijken.
Volgens EN 50304/EN 60350 (2009) resp. IEC 60350.
Bakken
Bakken op 2 niveaus:
De braadslede altijd boven de bakplaat inschuiven.
Spritsgebak (zoals spritskoeken in suikerstroop):
Gerechten die tegelijk in de oven worden geschoven, hoeven niet tegelijk klaar te zijn.
Afgedekte appeltaart, hoogte 1:
De positie van de donkere springvorm wijzigen, diagonaal inschuiven.
Afgedekte appeltaart, hoogte 2:
De positie van de donkere springvorm wijzigen.
Gebak in springvorm van metaal:
Met boven-/onderwarmte op hoogte 1 bakken. Gebruik in plaats van het rooster de braadslede en zet daar de springvorm op.
| Gerecht Toebehoren en vormen Hoogte Wijze van | verwarmen | Temperatuurin-stelling in °C | Bereidings-duur, minutes | |
| Sprits Braadslede 3 | □ | 150-170 20-30 | ||
| Aluminium bakplaat* + braadslede** | 1+3 | □ | 140-160 30-40 | |
| Kleine cakejes Braadslede 3 | □ | 150-170 25-35 | ||
| Kleine cakejes, voorverwarmen Aluminium bakplaat* + braadslede** | 1+3 | □ | 140-160 30-40 | |
| Biscuittaart Springvorm 2 | □ | 160-180 30-40 | ||
| Bedekte appeltaart Braadslede + 2 springvor-men Ø 20 cm*** | 1 | □ | 190-210 70-80 | |
| 2 roosters* + 2 springvor-men Ø 20 cm*** | 1+3 | □ | 170-190 65-75 | |
* U kunt extra bakplaten en roosters kopen als speciale toebehoren bij de servicedienst of bij de speciaalzaak. ** Wanneer u op twee niveaus bakt, moet u de braadslede altijd op het hogere niveau inschuiven. *** Zet de bakvormen diagonaal verzet op het toebehoren.
Grillen
Wanneer u eten direct op het rooster plaatst, schuif dan ook de braadslede in op hoogte 1. De vloeistof wordt opgevangen en de oven blijft schoner.
| Gerecht Toebehoren en vormen Hoogte Wijze van | verwarmen | Grillstand Bereidings-duur, minutes | ||
| Toast roosteren10 min. voorverwarmen | Rooster 4 | ☐ | 3 1/2-2 | |
| Biefburgers, 12 stuks* 示例 voorverwarmen | Rooster + braadslede | 4+1 | ☐ | 3 25-30 |
- Na 3/5 van de tijd omkeren