BL FBS 25 A1 - Grasmaaier FLORABEST - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BL FBS 25 A1 FLORABEST in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - BL FBS 25 A1 FLORABEST
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BL FBS 25 A1 - FLORABEST en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BL FBS 25 A1 van het merk FLORABEST.
GEBRUIKSAANWIJZING BL FBS 25 A1 FLORABEST
- Motorhuis met bovenste schachtbuis en multifunctionele handgreep
- Onderste schachtbuis met gemonteer- de draadspoel
- Schouderriem met lichaamsbescher- ming
- Gebruiksaanwzing Functiebeschrving Der handgevoerde en draagbare benzine- bosmaaier FBS 25 A1 wordt aangedreven door een verbrandingsmotor die tdens de werkzaamheden ononderbroken werkt. De krachtoverbrenging gebeurt door middel van een koppelingsschf, die via een cen- trifugaalkoppeling b een hoog toerental het motorvermogen naar de snoei-inrich- ting overbrengt. Als snset heeft het apparaat een dubbele draadspoel die voorzien is van een automa- tisch navoermechanisme. Tdens de maai- werking roteren de twee kunststof koorden om een as die verticaal staat op het maaivlak. Ter bescherming van de gebruiker is het apparaat voorzien van een beschermkap, die de maai-inrichting bedekt. In de onderstaande omschrvingen staat de functie van de bedieningsonderdelen omschreven. Overzicht 1 Motorhuis 2 Bougiestekker 3 Chokehandel 4 Starthandgreep met startkabel 5 Brandstofpomp (Primer) 6 Luchtlterafdekking 7 Brandstoftank 8 Multifunctionele handgreep 9 Gaspedaal 10 Bovenste schachtbuis 11 Antitrilhandgreep 12 Beenbescherming 13 Buisbevestigende schroef 14 Onderste schachtbuis 15 Beschermende afdekking5 2 N L B E 16 Draadsnder 17 Spoelbehuizing 18 Draadspoel (niet zichtbaar) 19 Draadhouder voor schouderriem 20 Schakelaar “Aan/uit” 21 Gas-vastzetknop 22 Gaspedaalblokkering 23 Onderhoudssleutel 24 100 ml 2-takt olie 25 500 ml olie/benzine-menges 26 Lichaamsbescherming 27 Schouderriem 44 Gereedschapstas
28 2 Schroeven veiligheidsafdek- king 29 Schachthouder
35 Bevestigingsschroef draadspoel 36 Draaduitloop-oog 37 Veer draadspoel
41 Ontstekingsbougie
45 Kerf draadspoel 46 Groef draadspoel Veiligheidsfuncties 22 Gashendelblokkering Voorkomt onbedoeld gas geven. De gashendel kan alleen worden gebruikt als de gashendelblokke- ring is ingedrukt. 20 Aan-/uitschakelaar Met de aan-/uitschakelaar wordt de motor afgesteld. H moet in positie staan om de motor opnieuw te kunnen starten. 15 Beschermende afdekking Beschermt de bediener tegen on- bedoeld contact met de maaikop of weggeslingerde voorwerpen Technische gegevens Benzinebosmaaier ................. FBS 25 A1 Motor ............... Eéncilinder-tweetaktmotor Mengsmering ................................. 50:1 Cilinderinhoud ..........................25,4 cm
Geluids- en trilwaarden worden in ove- reenstemming met de in de conformiteitver- klaring vermelde normen en bepalingen vastgesteld.5 3 B EN L Veiligheidsinstructies Om het apparaat veilig te kunnen gebruiken, moeten alle aanwzin- gen en informatie in de gebruiks- aanwzing met betrekking tot veiligheid, montage en werking in acht worden genomen. Alle perso- nen die dit apparaat bedienen of onderhouden moeten op de hoogte zn van de gebruiksaanwzing en de potentiële gevaren. Symbolen op het apparaat Op uw apparaat vindt u symbolische aan- wzingen. Deze geven u belangrke infor- matie over het gebruik van de machine.
- Let op: b het gebruik van deze machine zn bzondere veiligheidsmaatregelen noodzakelk!
- De gehele gebruiksaanwzing moet voor het gebruik worden doorgelezen. Het niet nakomen van de gebruiksaan- wzing kan levensgevaarlk zn! Lees de gebruiksaanwzing van het apparaat voor gebruik aan- dachtig door. Draag een veiligheidsbril. Draag een hoofdbescherming. Draag een gehoorbescherming. Draag veiligheidshandschoenen. Gevaar door sndwonden! Draag veiligheidsschoenen met stevige zolen. Let op dat de maaikop b het starten en tdens het werken met de trimmer niet in aanraking komt met externe elementen. Neem een gevarenzone van mi- nimaal 15 m aan. Gevaar door weggeslingerde stukken! Houd andere personen op een veilige afstand. Opgelet! Brandstof en brand- stofdampen zijn ontvlambaar. Brand- en explosiegevaar! Opgelet! Werk uitsluitend met een draadspoel. Gebruik geen metalen snoei- blad of zaagblad. Gevaar voor verwondingen! Let op! Hete oppervlakken, kans op brandwonden! Geluidssterkte L
in dB. Mengverhouding 450:1, gebruik AL- LEEN mengsmering Gebruik ALLEEN mengsmering Maaicirkel5 4 N L B E Start-proces Brandstofpomp (Primer) Symbolen in de handleiding Gevaarsymbolen met gege- vens ter preventie van licha- melke letsels en materiële schade. Gebodsteken met gegevens ter pre- ventie van beschadigingen. Aanwzingsteken met informatie voor een betere omgang met het apparaat. Algemene veiligheidsinstructies Kinderen, zieke of zwakke personen mogen de trimmer niet gebruiken. Let goed op als kinderen binnen de gevarenzone van de machine komen. Neem ook de plaatselke ongevallenpreventievoorschriften in acht. Hetzelfde geldt voor alle bepalingen met betrekking tot de wettelke maatregelen ter bescherming van de werknemer en een ge- zonde werkomgeving. De fabrikant kan niet aansprakelk worden gesteld voor schade of letsel als gevolg van ongeoorloofde wzigin- gen aan de machine. Waarschuwing! B het ge- bruik van machines moeten altd fundamentele veilig- heidsmaatregelen worden genomen. Neem ook alle tips en aanwzingen in de aanvullende veiligheidsvoor- schriften in acht.
1. Let op de omstandigheden
waaronder u werkt. Door het mo- torapparaat worden zodra de motor loopt giftige gassen ontwikkeld. Deze giftige gassen kunnen reukloos en onzichtbaar zn. Daarom mag u nooit met dit apparaat werken in gesloten of niet goed geventileerde ruimten. Zorg b werkzaamheden altd voor goede ventilatie. Zorg dat u b regen, sneeuw, s, op hellingen en onvlak ter- rein altd stevig en stabiel staat.
2. Laat geen vreemde personen met
het apparaat werken. Bezoek of toeschouwers, met name kinderen, zieke of zwakke personen dienen op afstand te worden gehouden. Voorkom dat andere personen met het gereedschap in aanraking komen. Geef het apparaat alleen mee aan personen van wie u zeker weet dat z op de hoogte zn van de gebruiksaanwzing van het apparaat en ermee kunnen werken.
3. Zorg dat het gereedschap veilig
wordt opgeborgen. Gereedschap dat niet wordt gebruikt, moet op een droge, b voorkeur hoog gelegen plek of achter slot en grendel worden be- waard.
4. Gebruik voor elke klus altd
het juiste gereedschap. Gebruik bvoorbeeld geen klein handge- reedschap of kleine accessoires voor werkzaamheden die eigenlk moeten worden uitgevoerd met groot materi-5 5 B EN L aal. Gebruik gereedschap alleen voor doeleinden waarvoor het is ontworpen.
5. Draag altd geschikte kleding.
De kleding moet geschikt zn voor het gebruik van de machine en mag u niet hinderen tdens het werk. Draag kle- ding met veiligheidsinleg.
6. Gebruik persoonlke bescher-
mingsmiddelen. Draag veiligheids- schoenen met stalen neuzen/stalen zolen en grof proel. Draag een veilig- heidshelm als het risico aanwezig is dat er voorwerpen kunnen vallen.
7. Draag een veiligheidsbril. Voor-
werpen kunnen worden weggeslingerd. Hierdoor kan ernstig letsel aan de ogen ontstaan.
8. Draag gehoorbescherming.
Draag persoonlke gehoorbescher- ming, bvoorbeeld otoplastieken.
9. Handbescherming. Draag stevige
handschoenen – leren handschoenen bieden een goede bescherming.
10. Gebruik van het apparaat. Ge-
bruik het apparaat nooit zonder veilig- heidsinrichtingen. Kans op letsel door weggeslingerde voorwerpen.
11. Verwder steeksleutels etc. Alle
sleutels en dergelke moeten worden verwderd voordat het apparaat wordt ingeschakeld.
12. Blf altd op uw hoede. Let op
alles wat u doet. Gebruik uw gezond verstand. Gebruik geen mo- torgereedschap als u moe bent. Werk niet met het apparaat als u onder in- vloed bent van alcohol, drugs of medi- cnen die het reactievermogen nadelig kunnen beïnvloeden.
13. Brandstof bvullen:
- Neem de plaatselke en nationale brandpreventievoorschriften in acht.
- Brandstof en brandstofdampen zn zeer licht ontvlambaar. Vul geen brand- stof b als de motor loopt of nog heet is. Let b het tanken op een goede ven- tilatie. Roken en open vuur verboden.
- Zet voor het bvullen altd de motor af. Open de brandstoftank altd voor- zichtig, zodat de opgebouwde over- druk in de tank langzaam kan worden afgebouwd en er geen brandstof naar buiten spuit. Door de werking van het apparaat ontstaan hoge temperaturen b de behuizing. Laat het apparaat af- koelen voordat u brandstof bvult. De brandstof zou vlam kunnen vatten, wat ernstige brandwonden tot gevolg kan hebben.
- Let op dat u niet te veel brandstof in de tank giet. Wanneer er toch brandstof naast de tank raakt, moet deze onmid- dellk worden opgeruimd en moet het apparaat worden schoongemaakt.
- Let op dat u na het bvullen de dop stevig vastdraait, zodat deze niet los kan raken door de vibraties die tdens het werken met het apparaat ontstaan.
- Let op lekkage. Start de motor niet als er brandstof lekt. Kans op levensge- vaarlk letsel door verbrandingen!
14. Gebruiksduur en pauzes. Langer
gebruik van het apparaat kan door de vibraties doorbloedingsproblemen tot gevolg hebben. U kunt de gebruiks- duur echter verlengen door het gebruik van geschikte handschoenen of door regelmatig pauzes in te lassen. Let op dat de persoonlke aanleg voor slech- te doorbloeding, lage temperaturen of grote greepkrachten tdens het gebruik de gebruiksduur aanmerkelk zullen inkorten.
15. Let op beschadigde delen. Contro-
leer het apparaat voor het gebruik en na sterke stoten op tekenen van sltage of beschadiging. Zn afzonderlke delen beschadigd? Vraag u b lichte bescha-5 6 N L B E digingen af of het gereedschap ondanks deze beschadigingen correct en veilig zal werken. Let op dat beweegbare delen correct zn uitgericht en ingesteld. Grpen de delen goed in elkaar? Zn er delen beschadigd? Is alles correct geïn- stalleerd? Voldoet het apparaat aan alle overige eisen voor een probleemloze werking? Beschadigde veiligheidsvoor- zieningen etc. moeten door geautoriseer- de personen volgens de voorschriften worden gerepareerd of vervangen, tenz uitdrukkelk anders vermeld staat in de gebruiksaanwzing. Defecte scha- kelaars moeten door een geautoriseerde instantie worden vervangen. Voor even- tuele reparaties kunt u terecht b een door ons gevolmachtigd servicepunt.
16. Schakel de motor altd eerst uit voor-
dat u instellingen of onderhoudswerk- zaamheden uitvoert. Dit geldt met name voor werkzaamheden aan de draadspoel.
17. Gebruik uitsluitend goedge-
keurde delen. Gebruik voor onder- houd en reparatie uitsluitend identieke onderdelen. Neem voor onderdelen contact op met het servicecenter van Grizzly. Waarschuwing! Het gebruik van andere maaikoppen, accessoires of opbouwdelen die niet uitdrukkelk worden aanbevolen, kan personen en objecten in gevaar bren- gen. Het gereedschap mag al- leen worden gebruikt voor werkzaamheden waarvoor het bedoeld is. Ieder ander gebruik wordt als onjuist beschouwd. Voor schade aan voorwerpen of letsel als gevolg van onjuist gebruik is alleen de gebruiker ver- antwoordelk, in dit geval kan de fabrikant absoluut niet aansprakelk worden gesteld. De fabrikant kan niet aan- sprakelk worden gesteld voor schade als gevolg van gewzigde machines of on- juist gebruik van zn machi- nes. Let op! Ook als het gereedschap wel juist wordt gebruikt blft een bepaald risico aanwezig. Uit de aard en constructie van het gereed- schap kunnen de volgende potenti- ele risico’s worden afgeleid:
- Contact met een onbeschermde draadspoel (snwonden).
- Grpen in de lopende draadspoel (snwonden).
- Schade aan het gehoor, als geen ge- schikte bescherming wordt gedragen.
- Ontwikkeling van schadelke stoffen en gassen als het apparaat wordt gebruikt in gesloten ruimtes (misselkheid). Aanvullende veiligheids- voorschriften Om lichamelke letsels en materië- le schade te vermden:
1. Let op! Houd handen en voeten telkens
buiten bereik van het maaigebied, ook tdens het starten van het apparaat. Houd de hand op de extra handgreep steeds vr.
2. Het apparaat altd met één
hand aan de multifunctionele handgreep en met de andere hand aan de antitrilhandgreep vasthouden.5 7 B EN L Houdt het apparaat altd op veilige afstand van uw lichaam en zorg dat u stabiel en stevig staat.
3. Draag altd een veiligheidsbril.
4. Gebruik het apparaat alleen b vol-
doende daglicht of b voldoende kunstlicht.
5. Gebruik het apparaat niet in de regen
6. Controleer het apparaat altd voor ge-
bruik of na stoten op eventuele bescha- digingen. Repareer beschadigingen indien noodzakelk.
7. Gebruik het apparaat niet als de veilig-
heidsvoorzieningen beschadigd zn of niet juist zn aangebracht.
8. Wees er telkens zeker van dat de
ventilatieopeningen van de motor, de beschermkappen en de maai-inrichting altd vr zn van vuilresten en veront- reinigingen.
9. Wees er tdens het gebruik van de
trimmer altd zeker van dat zich bin- nen een straal van 15 meter van het apparaat geen personen of dieren ophouden. Schakel het apparaat on- middellk uit als er toch personen, met name kinderen binnen de gevarenzone van de machine komen. B het gebruik van het appa- raat kunnen stenen en andere voorwerpen worden weggeslin- gerd. Dit kan ernstig letsel tot gevolg hebben.
10. Als het apparaat in werking is, moeten
de bewegende onderdelen niet wor- den benaderd (wat betreft de maai-in- richtingen). Nadat de trimmer is uitgescha- keld, draait de maaikop nog enkele seconden na.
11. Maak het terrein waar u de trimmer
wilt gebruiken vr van stenen, takjes en ander vast materiaal. Start de machine zoals is omschreven in de gebruiksaanwzing. Het apparaat mag zich tdens het starten niet in de werkstand bevinden of omgedraaid zn. Steek geen straten of grindwegen over met een draaiende motor.
12. B het verlengen van het maaikoord is
uiterste voorzichtigheid geboden. B deze werkzaamheden kunt u ernstige snwonden oplopen. Nadat deze werkzaamheden zn uitgevoerd, moet de juiste werkhouding weer worden aangenomen voordat het apparaat in werking wordt gezet.
13. Gebruik geen metalen maaikoord.
Houd er rekening mee dat de maaikop nog enkele seconden nadraait als u de gashendel loslaat.
14. Schakel de motor uit (aan-/uitschake-
laar uit), als: - u brandstof bvult, - u de machine niet gebruikt, - u de machine onbeheerd achterlaat, - u de machine reinigt, - u de machine van de ene plaats naar de andere transporteert, - u de maai-inrichting verwdert of vervangt of als u het maaikoord wilt verlengen.
15. Gebruiksduur en pauzes. Een
langer gebruik van het gemotoriseerde apparaat kan leiden tot door trillingen veroorzaakte doorbloedingsstoornis van de handen. U kunt evenwel de ge- bruiksduur door geschikte handschoe- nen of regelmatige pauzes verlengen. Houd er rekening mee dat de persoon- lke aanleg voor slechte doorbloeding, lage omgevingstemperaturen of grote grpkrachten b het werken de ge- bruiksduur verminderen.
16. Draag de trimmer aan de multifunc-
tionele handgreep en aan de anti-vi- bratie-handgreep in uitgeschakelde toestand. Houd de draadspoel b het5 8 N L B E lichaam vandaan om verwondingen te vermden. Na de uitschakeling is de motorkop van de trimmer heet. Let erop dat u de motorkop niet aanraakt.
17. Controleer regelmatig of de snset stil-
staat in stationair bedrf. Montage Beschermende afdekking monteren Gebruik het apparaat nooit zonder juist gemonteerde be- schermkap. Dit kan letsel ver- oorzaken.
1. Draai de schroeven (28) van de
beschermende afdekking (15) los en verwder de versteviging.
2. Positioneer de afdekking aan de
3. Bevestig de afdekking weer met
behulp van de schroeven (28). Tweedelige steel monteren
schroef (13) aan de bovenste schachtbuis (10) los.
3. Steek de beide schachtbuizen
zodanig in elkaar, dat de bevei- ligingsknop (31) in de daarvoor bestemde boren in de bovenste schachtbuis (10) vast klikt.
4. Draai de buisbevestigingsschroef
(13) weer handvast aan. Vergewis u, voordat het apparaat gestart wordt, dat de onderste scha- chtbuis vast en veilig vastzit en zich in de correcte positie bevindt.
Draai de buisbevestigende schroef (13) los. Druk de beveiligingsknop (31) in en trek de buizen uit elkaar. Antitrilhandgreep monteren
1. Maak de vier schroeven (32) aan
de anti-vibratiegreep (11) los
2. Plaats de anti-vibratiegreep (11)
op de daarvoor bestemde, met rubber beklede houder (33) aan de bovenste schachtbuis (10).
3. Schroef de anti-vibratiegreep (11)
met de vier schroeven (32) vast. In gebruik nemen Waarschuwing! Voordat u het apparaat in gebruik neemt, moet u controleren of deze klaar is voor gebruik. Start het apparaat niet als u ook maar de geringste twfel hebt! Let vooral op de volgende punten:
- Controleer het maaigereedschap op be- schadigingen en sltage.
- De maaikop moet juist zn gemonteerd
- Alle schakelaars moeten licht gaan
- De bougie moet stevig vastzitten. Als de stekker loszit, kunnen vonken ont- staan, waardoor brandstofresten vlam kunnen vatten.
- Zorg dat de handgrepen altd schoon zn, zodat het apparaat veilig kan wor- den gehanteerd.
- Alle veiligheidsinrichtingen moeten vol- gens de voorschriften zn ingebouwd en geplaatst voordat het apparaat kan worden gestart.5 9 B EN L De maaikop moet vr kunnen lopen. Controleer voordat u het apparaat start of de maaikop goed zit en of beweegbare delen vr lopen. Waarschuwing! Laat u helpen door een vakman of een ge- autoriseerd servicecenter als u ook maar de geringste twfel hebt. Brandstof bvullen Zorg b het hanteren van brandstof altd voor een goede ventilatie. B het vullen van de brand- stoftank is roken verboden en mogen geen warmtebronnen in de buurt aanwezig zn. Vul de brandstoftank nooit als de motor nog loopt. Open de dop van de brand- stoftank voorzichtig, zodat eventuele overdruk langzaam kan worden afgebouwd. Start het apparaat altd op een afstand van minimaal 3 m van de plaats waar u de brandstoftank hebt gevuld. Als deze veiligheidsinstructie niet wordt opgevolgd, bestaat er brand- en explosiegevaar. Gebruik alleen de mengsmering die in de gebruiksaanwzing wordt ge- adviseerd. Mengsmering veroudert. Gebruik daarom geen mengsmering die ouder dan 3 maanden is. Als deze voorschriften niet worden op- gevolgd, kan de motor beschadigd raken en hebt u geen garantie meer op het product. Voorkom direct contact tus- sen de huid en benzine en adem benzinedampen niet in. Gevaar voor de gezond- heid! Het vulvolume van de tank bedraagt 650 ml. Het apparaat is uitge- rust met een tweetakt- motor en werkt daar- om uitsluitend op een mengsmering van benzine en tweetaktmotorolie in de verhouding 50:1. Tabel voor de mengverhouding: Benzine Tweetaktmotorolie 1,00 liter 20 ml 3,00 liter 60 ml 5,00 liter 100 ml Mengen 50 delen benzine + 1 deel olie
- Gebruik loodvre benzine met een oc- taangehalte van minimaal 90.
- U haalt het optimale vermogen uit uw apparaat als u de speciaal voor dit apparaat ontwikkelde tweetaktmotorolie van gebruikt. Gebruik superolie voor luchtgekoelde tweetaktmotors als u niet over de motorolie van Grizzly beschikt.
1. Meng de benzine en olie telkens
in een schone bus (25), die ge- schikt is voor benzine.
2. Vul de bus eerst met de helft van
de benodigde hoeveelheid ben- zine, voeg vervolgens de gehele benodigde hoeveelheid olie toe en schud de bus. Tenslotte voegt u de resterende benzine toe en schudt u nogmaals.6 0 N L B E
3. Draai de dop van de tank (34)
en vul de tank met de mengs- mering (7). Veeg benzineresten rond de dop van de tank op en draai de dop weer op de tank. Schouderriem omdoen Draag altd een draagriem wanneer u met het apparaat werkt. Schakel het apparaat altd uit voordat u de draag- riem losmaakt. Er bestaat gevaar voor een ongeval. De draagriem is voorzien van een snelsluiting. Door aan de rode lip ( K L M N O P Q R S T U V W X Y Z A B C D E F G H I J
het apparaat in een gevaarl- ke situatie snel worden losge- maakt van de draagriem.
de karabnhaak zich ongeveer 10cm onder de heup bevindt.
3. Bevestig de karabnhaak aan de
draadhouder (19) aan de schacht- buis van het apparaat. Hang het apparaat uit voordat u de motor start en bevestig het met een draaiende motor aan de draagriem. Plaats de lichaamsbeschermer (26) op de heup tussen lichaam en apparaat. Motor starten Start de motor minimaal 3 meter verwderd van de plaats waar u de brandstof hebt bgevuld. Plaats het apparaat op een stevige vlakke ondergrond. Wees er zeker van dat de maai-inrichting de bodem of andere voorwerpen niet raakt. Koude start:
1. Verzeker u ervan dat de be-
schermdop van de draadsnder
2. Leg het apparaat op een stevige,
vlakke ondergrond. Verzeker u ervan dat het snwerktuig geen voorwerpen of de grond raakt.
4. Druk 6 keer op de brandstof-
pomp (primer) ( K L M N O P Q R S T U V W X Y Z A B C D E F G H I J 5).
5. Zet de schakelaar aan/uit (20)
6. Houd het apparaat met één
hand aan de bovenste schacht- buis (10) vast. Met de andere hand trekt u meermaals snel aan de starterkabel aan de starter- greep (4) totdat de motor start. Het apparaat loopt nu stationair. Let op! Starterkabel niet te ver uittrekken – risico op een breuk!
8. Om de motor uit te schakelen,
zet u de schakelaar aan/uit (20) op STOP
- Let b het maaien op landspecieke c.q. gemeentelke voorschriften.
- Maai niet tdens de algemeen gelden- de rusttden.
- Verwder vaste voorwerpen zoals stenen, metaal en dergelke. Deze kun- nen worden weggeslingerd, wat kan resulteren in schade of letsel.
- B het maaien in hoog struikgewas of hekken moet de werkhoogte minimaal 15 cm bedragen. Dan worden dieren zoals egels niet geraakt.
- Houd het apparaat telkens stevig vast met beide handen!
- Maai uitsluitend gras en onkruid! Let op wortels of boomstronken, hierover kunt u struikelen.
- Werk voorzichtig en breng b het maaien niemand in gevaar. Werk vei- lig en doordacht!
- Maai alleen b voldoende licht en zicht!
- Maai nooit boven schouderhoogte!
- Vervang het kunststof koord nooit door staaldraad – kans op lestel en vernieling!
- Werk nooit op een ladder!
- Werk uitsluitend op een vaste en sta- biele ondergrond!
- Vermd een abnormale lichaamshou- ding. Zorg ervoor dat u stevig en veilig staat en behoud uw evenwicht.
- Wissel met regelmatige tussenpozen van werkhouding om eenzdige ver- moeidheid te voorkomen.
- Schakel b vastlopen van de draadspoel het apparaat meteen uit, trek de stekker van de bougie uit en verhelp vervolgens de blokkering. Warme start: B de warme start met de gas-vastzetknop draait de draadspoel na de start. Houd afstand van de draadspoel. Er bestaat een risico op ver- wondingen!
2. Voor de vergrendeling b halve
kracht drukt u tegelk op de gashendelblokkering (22), de gashendel (9) en de gasvastzet- knop (21) van de handgreep (8). Laat nu de gashendelblok- kering (22) en de gashendel (9) los. De vergrendeling voor halve kracht heeft zich vergrendeld.
3. Houd het apparaat met één
hand aan de bovenste schacht- buis (10) vast. Met de andere hand trekt u meermaals snel aan de starterkabel aan de starter- greep (4) totdat de motor start. Let op! Starterkabel niet te ver uittrekken – risico op een breuk! Het apparaat loopt nu met vast- gezet half vermogen.
4. Om de motor uit te schakelen,
zet u de schakelaar aan/uit (20) op STOP
Start de motor na twee pogingen niet, probeer dan zonder choke in de stand Warme start te starten. Indien dit niet lukt, volgt u de instructies in het hoofdstuk „Foutopsporing” op. Bij de warme start gaat de trimmer pas na een eerste bediening van de gas- hendel over naar stationair draaien6 2 N L B E Het grasmaaien
- Houd het apparaat op kleine gazons in een hoek van ca. 30° en draai het gelkmatig naar links en naar rechts in halve cirkelvormige bewegingen.
- De beste resultaten kunnen worden behaald met een maximum grasleng- te van 15 cm. Als het gras hoger is, adviseren w in meerdere cyclussen te maaien.
- Gras rondom bomen, afscheidingspalen of andere hindernissen maait u lang- zaam met de uiterste uiteinden van het maaikoord.
- Voorkom contact met vaste voorwerpen of hindernissen (stenen, muren, latten enz.). Het koord zal anders zeer snel afslten. Gebruik de rand van de be- schermkap om het apparaat op de juiste afstand te houden. Let op! Leg de maaikop t- dens het gebruik nooit op de grond! Koord verlengen Uw apparaat is uitgerust met een automa- tische tipwerking voor het dubbele maai- koord. Dat betekent dat de beide koorden worden verlengd als u met de maaikop de bodem aantikt.
1. Houd het werkende apparaat boven
een gebied met gras en tip met de maaikop een paar maal enigszins op de bodem. Op deze manier wordt het koord verlengd.
2. Het mes dat in de beschermkap (15)
is aangebracht, sndt het koord op de gewenste lengte. Als de koorden niet kunnen worden verlengd:
- Schakel het apparaat uit.
- Druk het spoelinzetstuk tot aan de aan- slagin en trek krachtig aan de uiteinden van het koord. Als de uiteinden van de koorden niet zichtbaar zn:
- Vervang de spoel (zie hoofdstuk ‘De spoel vervangen’). Let op! Koordresten kunnen worden weggeslingerd, dit kan letsel tot gevolg hebben. Als het apparaat vibreert Reinig het apparaat, verwder eventuele grasresten van de maaikop en de bescherm- kap. (zie „Verzorging en onderhoud“) Verzorging en onderhoud Voer onderhouds- en rei- nigingswerkzaamheden in principe b een uitgeschakel- de motor en een uitgeplugde bougiestekker ( K L M N O P Q R S T U V W X Y Z A B C D E F G H I J
Laat werkzaamheden die niet in deze bedieningshandleiding worden beschreven, uitvoeren op een door ons geautoriseer- de servicepunt. Gebruik uitsluitend originele onderdelen en nooit metaal- achtige draden. Het gebruik van niet-originele onderdelen kan letsel en onomkeerbare schade aan het apparaat ver- oorzaken en uw garantie komt onmiddellk te vervallen.6 3 B EN L Apparaat reinigen Reinig na iedere maaibeurt de maai-inrich- ting en de beschermkap. Bescherm uw apparaat tegen beschadiging!
- Het apparaat mag niet worden afge- spoten met of gedrenkt in water.
- Gebruik geen reinigings- c.q. oplosmiddel. De spoel vervangen
1. Schakel de motor uit.
2. Leg het apparaat op de grond
en zorg er beslist voor dat er geen brandstof uitloopt en dat het apparaat veilig ligt.
3. Houd de draadspoel vast en
schroef de bevestigingsschroef (35) tegen de richting van de wzers van de klok los. Neem de spoelbehuizing (17) met de draadspoel (18) af.
4. Zet de nieuwe spoel (18) in de
spoelbehuizing (17) en steek de beide draaduiteinden door het oog (36) van de draaduitlaat. Let erop dat de veer (37) zich in de correcte positie bevindt.
5. Duw de draadspoel (18) in de
spoelbehuizing (18) en schroef de bevestigingsschroef (35) in de richting van de wzers van de klok weer vast.
6. Trek aan de beide draadeinden
om de draden uit de groeven los te maken.
7. Trim het draadsnoer op ca.
13 cm om de motor tdens de start- en opwarmfase minder te belasten. De te bestellen onderdelen vindt u in het hoofdstuk “Onderdelen/toe- behoren” Luchtlter reinigen Gebruik de trimmer nooit zonder luchtlter. Anders komt er stof en vuil in de motor en dat kan leiden tot beschadigingen aan de machi- ne. Houd het luchtlter schoon.
1. Schakel de motor uit.
2. Draai de schroef (38) aan het
luchtlterdeksel (6) los en neem het luchtlterdeksel (6) van het luchtlterhuis (39) af.
4. Reinig de luchtlter (40) met
zeep en water en laat deze in de lucht drogen. Gebruik voor de reiniging nooit benzine!
5. Monteer de luchtlter (40) en het
luchtlterdeksel (6) opnieuw in omgekeerde volgorde. Vervang het lter (40) als het versle- ten, beschadigd of sterk verontrei- nigd is (zie „Reserveonderdelen/ Accessoires“). Bougie vervangen/instellen Versleten bougies of een te grote elektrodeafstand leiden tot vermin- derde prestaties van de motor.
1. Schakel het apparaat uit.
3. Schroef de bougie (41) tegen de
richting van de wzers van6 4 N L B E de klok met de bgevoegde on- derhoudssleutel (zie
met een voelermaat (verkrgbaar in de vakhandel). De elektrodeafstand moet 0,6-0,7mm bedragen.
5. Stel de afstand eventueel in door-
dat u de massa-elektrode van de bougie (41) voorzichtig ombuigt.
6. Reinig de bougie (41) met een
7. Plaats de gereinigde en goed in-
gestelde bougie (41) of vervang een beschadigde bougie (bv. bougie ‘TORCH L8RTC’)
8. Plaats de bougiestekker (2) weer.
De te bestellen onderdelen vindt u in het hoofdstuk “Onderdelen/toe- behoren” Koordmes slpen Gebruik het apparaat niet zon- der een koordmes of met een defect koordmes. Dit kan letsel veroorzaken. Neem voor be- schadigde koordmessen altd contact op met ons servicecenter. Draag veiligheidshandschoenen om snwonden te voorkomen.
1. Schakel de motor uit.
2. Schroef het koordmes (16) van
de beschermkap (15).
3. Klem het koordmes (16) in een
bankschroef en slp het mes met een platte zervl. Vl voorzich- tig en telkens in één richting.
4. Schroef de draadsnder (16)
terug tegen de beschermende afdekking (15). De te bestellen onderdelen vindt u in het hoofdstuk “Onderdelen/toe- behoren” Brandstoflter vervangen Gebruik het apparaat niet zon- der brandstoflter. Vervang het brandstoflter regelmatig. Dit kan letsel veroorzaken.
1. Draai de dop van de tank (34).
2. Leeg de brandstoftank (7) in een
3. Trek de brandstoflter (42) met
een haak uit de tank en trek hem er in een draaiende beweging af.
4. Vervang het brandstoflter en
met de tankdop (34). De te bestellen onderdelen vindt u in het hoofdstuk “Onderdelen/toe- behoren” Draadspoel opwikkelen Als alternatief voor een nieuwe draadspoel kunt u in de vakhandel een 2 mm of 1,8 mm dikke, 5 m lange nylondraad aanschaffen en die zelf op de draadspoel wikkelen.
1. Vouw de draad in het midden
en leg het midden van de draad in de kerf (45) van de spoelen (18). Wikkel de beide einden in plrichting , die aan de onderzde van de spoel aange- geven is, op de spoel.
2. Klem vervolgens het draadeinde
telkens in een van de groeven (46) aan de spoel (18).6 5 B EN L Voor de draaddikte 2 mm kiest u de met 2 gemarkeerde groeven, voor 1,8 mm draaddikte kiest u de groe- ven die met 1,8 gemarkeerd zn. Trek de draden strak aan en let erop dat de draden parallel in de beide draadkanalen liggen. Bovendien mag de draadspoel niet meer dan 2,5 m draad per draadkanaal gevuld worden, omdat anders het automatische draad- mechanisme niet correct functioneert. Carburateur instellen De carburateur wordt af fabriek ingesteld op een optimaal vermogen. Als bstellen nodig is, moet dit worden uitgevoerd op een gespe- cialiseerde technische werkplaats. Blokkeringen verwderen Schakel het apparaat uit en trek de bougiestekker los, voordat u handelingen aan de snset verricht. Draag beschermende handschoe- nen om snwonden te vermden. Koppeling controleren Leg het apparaat op een stevige, vlakke ondergrond. Verzeker u er- van dat het snwerktuig geen voor- werpen of de grond raakt. Controleer voor elk gebruik de werking van de koppeling in stationaire loop. Start het apparaat (zie “Motor starten”) en controleer visueel vanaf een veilige afstand dat de draadspoel niet draait in stationaire loop. Onderhoudsintervallen Voer de in de tabel vermelde onder- houdswerkzaamheden regelmatig door. Door een regelmatig onderhoud wordt de levensduur van het apparaat verlengd. U komt bovendien tot optimale snoeipresta- ties en vermdt ongevallen. Tabel onderhoudsintervallen: Machineonderdeel Actie Voor ieder gebruik Bedrfsuren
Schroeven, moeren, bouten Controleren, aantrekken
N L B E Bewaren Algemene instructies voor het bewaren
- Reinig het apparaat en de accessoires zorgvuldig om schimmelvorming tegen te gaan.
- Bewaar het apparaat op een droge, stof- vre plaats buiten bereik van kinderen.
- Wikkel het apparaat niet in een plastic zak, omdat dan door vochtinwerking schimmelvorming kan optreden.
- Leg het apparaat niet op de bescherm- kap, hang het b voorkeur op aan de bovenste handgreep. Kortere pauzes tussen werk- zaamheden Als deze instructies niet worden opgevolgd, kunnen brandstofresten in de carburateur startproblemen of permanente schade veroorzaken.
1. Leeg de brandstoftank (7) op een goed
2. Start de motor en laat hem stationair
draaien tot de motor niet meer loopt en er zich geen brandstof meer in de carburateur bevindt.
3. Laat de motor afkoelen (ca. 5 minuten).
5. Laat een theelepel zuivere 2-taktolie in
de verbrandingsruimte lopen en trek vervolgens enkele malen aan het start- koord om de olie binnenin de motor te verdelen.
Verplaatsingen/ transport
- B verplaatsingen moet het apparaat uitgeschakeld zn en moet de bou- giestekker ( K L M N O P Q R S T U V W X Y Z A B C D E F G H I J
Vervoer het apparaat niet stationair draaiend.
- Draag het apparaat aan de multifuncti- onele greep en de anti-vibratiegreep
K L M N O P Q R S T U V W X Y Z A B C D E F G H I J 8+11) om te vermden dat u b de verplaatsing met gevaarlke onderde- len in aanraking komt (bv. hete motor, snset).
- Houd b verplaatsingen met het ap- paraat een veilige afstand tot andere personen aan.
- Vervoer het apparaat niet onderstebo- ven om uitlopen van de brandstof te voorkomen. Afvalverwerking en milieubescherming Afgewerkte olie en benzineresten niet in het riool of in de afvoer weggieten. Ruim uw afgewerkte olie en benzineresten op milieuvriendelke wze op - geef ze af op een inzamelpunt van chemisch afval. Breng het apparaat, de toebehoren en de verpakking naar een geschikt recyclagepunt. Machines horen niet b huishoudelk afval thuis. Geef het apparaat in een recyclagepark af. De gebruikte onderdelen van kunststof en metaal kunnen per categorie geschei- den worden en zodoende gerecycleerd worden. De afvalverwdering van uw defecte inge- zonden apparaten voeren w gratis door. Raadpleeg hiervoor ons servicecenter.6 7 B EN L Onderdelen Reserveonderdelen en accessoires verkrgt u op www.grizzly-service.eu Indien u geen Internet hebt, neem dan telefonisch contact op met het Service-Center (zie „Service-Center“ pagina 69). Hou de onderstaande bestelnummers klaar. Pos. Pos. Benaming Artikel-Nr. Gebruiks- Explosie- aanwzing tekening 15 37-40,43,44 Set beschermende afdekking 13602025 18 52,54 Draadspoel 13602029 17 51-55 Spoelkop 13602027 37 53 Veer voor de draadspoel 13602028 16 41,42 Draadsnder 13602026 14 33-36,47-50 onderste buis compleet 13602024 27-32 Verbindingsmof 13602023 11+12 23,25,26 Handgreep+beenbeschermer 13602022 27 13 Schouderriem+heupbeschermer 13602021 42 80 Benzinelter 13602043 77-79 Benzineslangen 13602042 34 69-74 Tankdop 13602040 40 22 Luchtlter 13602034 38 24 Schroef luchtlter 13602035 41 28 Ontstekingsbougie 13602036 Als alternatief onderdeel kan de draadspoel AutoCut C5-2 van Stihl worden gebruikt. Als alternatief kunt u in de vakhandel een 2 mm of 1,8 mm dikke, 5 m lange nylondraad aan- schaffen en die zelf op de draadspoel wikkelen (zie hoofdstuk “Draadspoel opwikkelen”).6 8 N L B E Garantie Geachte cliënte, geachte klant, U krgt op dit apparaat 3 jaar garantie, te rekenen vanaf de datum van aankoop. Ingeval van gebreken aan dit apparaat heeft u tegenover de verkoper van het ap- paraat wettelke rechten. Deze wettelke rechten worden door onze hierna beschre- ven garantie niet beperkt. Garantievoorwaarden De garantietermn begint met de datum van aankoop. Gelieve de originele kassa- bon goed te bewaren. Dit document wordt als bews van de aankoop benodigd. Indien er zich binnen drie jaar, te rekenen vanaf de datum van aankoop van dit apparaat, een materiaal- of fabricagefout voordoet, wordt het apparaat door ons – naar onze keuze – voor u gratis gerepa- reerd of vervangen. Deze garantievergoe- ding stelt voorop dat binnen de termn van drie jaar het defecte apparaat en het be- ws van aankoop (kassabon) voorgelegd en dat schriftelk kort beschreven wordt, waarin het gebrek bestaat en wanneer het zich voorgedaan heeft. Als het defect door onze garantie gedekt is, krgt u het gerepareerde of een nieuw apparaat terug. Met herstelling of uitwis- seling van het apparaat begint er geen nieuwe garantieperiode. Garantieperiode en wettelke kwaliteitsgarantie De garantieperiode wordt door de garan- tievergoeding niet verlengd. Dit geldt ook voor vervangen en gerepareerde onderde- len. Eventueel al b de aankoop bestaan- de beschadigingen en gebreken moeten onmiddellk na het uitpakken gemeld worden. Na het verstrken van de garan- tieperiode tot stand komende reparaties worden tegen verplichte betaling van de kosten uitgevoerd. Omvang van de garantie Het apparaat werd volgens strikte kwali- teitsrichtlnen zorgvuldig geproduceerd en vóór aevering nauwgezet getest. De garantievergoeding geldt voor mate- riaal- of fabricagefouten. Deze garantie is niet van toepassing op apparaatonder- delen, die aan een normale sltage bloot- gesteld zn en daarom als aan sltage onderhevige onderdelen beschouwd kun- nen worden (bijv. draadspoel, snijdraad, draadsnijder, luchtlter en bougie) of op be- schadigingen aan breekbare onderdelen (b.v. schakelaars). Deze garantie valt weg wanneer het ap- paraat beschadigd, niet oordeelkundig gebruikt of niet onderhouden werd. Voor een vakkundig gebruik van het apparaat dienen alle in de gebruiksaanwzing ver- melde aanwzingen nauwgezet in acht ge- nomen te worden. Gebruiksdoeleinden en handelingen, die in de gebruiksaanwzing afgeraden worden of waarvoor gewaar- schuwd wordt, dienen onvoorwaardelk vermeden te worden. Het apparaat is uitsluitend voor het privé- en niet voor het commerciële gebruik be- stemd. B een verkeerde of onoordeelkun- dige behandeling, toepassing van geweld en b ingrepen, die niet door het door ons geautoriseerde serviceliaal doorgevoerd werden, valt de garantie weg. Afhandeling ingeval van garantie Gelieve aan de volgende aanwzingen gevolg te geven om een snelle behande- ling van uw verzoek te garanderen:6 9 B EN L
- Gelieve voor alle aanvragen de kassabon en het identicatienummer (IAN280454) als bews van de aan- koop klaar te houden.
- Gelieve het artikelnummer uit het type- plaatje.
- Indien er zich functiefouten of andere gebreken voordien, contacteert u in eerste instantie de hierna vernoemde serviceafdeling telefonisch of per e-mail. U krgt dan bkomende in- formatie over de afhandeling van uw klacht.
- Een als defect geregistreerd apparaat kunt u, na overleg met onze klanten- service, mits toevoeging van het bews van aankoop (kassabon) en de vermel- ding, waarin het gebrek bestaat en wanneer het zich voorgedaan heeft, voor u franco naar het u medegedeel- de serviceadres zenden. Om proble- men b de acceptatie en extra kosten te vermden, maakt u onvoorwaarde- lk uitsluitend gebruik van het adres, dat u medegedeeld wordt. Zorg ervoor dat de verzending niet ongefrankeerd, als volumegoed, per expresse of via een andere speciale verzendingswze plaatsvindt. Gelieve het apparaat met inbegrip van alle b de aankoop b- geleverde accessoires in te zenden en voor een voldoende veilige transport- verpakking te zorgen. Reparatieservice U kunt reparaties, die niet onder de ga- rantie vallen, tegen berekening door ons serviceliaal laten doorvoeren. Z maakt graag voor u een kostenraming op. W kunnen uitsluitend apparaten behande- len, die voldoende verpakt en gefrankeerd ingezonden werden. Opgelet: Gelieve uw apparaat gereinigd en met een aanwzing op het defect naar ons serviceliaal te zenden. Ongefrankeerd – als volumegoed, per expresse of via een andere speciale ver- zendingswze – ingezonden apparaten worden niet geaccepteerd. De afvalverwerking van uw defecte inge- zonden apparaten voeren w gratis door. Service-Center N L Service Nederland Tel.: 0900 0400223 (0,10 EUR/Min.) E-Mail: grizzly@lidl.nl IAN 280454 B E Service Belgique Tel.: 070 270 171 (0,15 EUR/Min.) E-Mail: grizzly@lidl.be IAN 280454 Importeur Gelieve in acht te nemen dat het volgende adres geen serviceadres is. Contacteer in eerste instantie het hoger vermelde service- center. Grizzly Tools GmbH & Co. KG Stockstädter Straße 20 63762 Großostheim Duitsland www.grizzly-service.eu7 0 N L B E Foutopsporing Probleem Mogelke oorzaak Probleem oplossen Motor start niet Tank leeg Brandstof bvullen Verkeerde handelingsvolgorde Neem de instructies in deze gebruiksaanwzing voor het starten van de machine in acht Motor ‘verzopen’ Gas loslaten, meerdere malen starten, indien nodig de bougie demonteren, reinigen en drogen Roetaanslag op de bougies, verkeerde elektrodeafstand Bougies reinigen, instellen of vervangen Bougiedop, bougiekabel beschadigd Vervangen Carburateur, -spoeiers verontreinigd, verkeerd ingestelde menging Carburateur door een deskundige op een gespecialiseerde werkplaats laten reinigen en instellen Brandstoflter verstopt Brandstoflter vervangen of reinigen Motor loopt stationair te snel Motor koud Langzaam warm laten draaien, evt. choke enigszins sluiten Motor levert geen maximaal vermogen Roetaanslag op de bougies, verkeerde elektrodeafstand Bougies reinigen, instellen of vervangen Verontreinigd luchtlter Luchtlter reinigen of vervangen Carburateur, -spoeiers verontreinigd, verkeerd ingestelde menging Carburateur door een deskundige op een gespecialiseerde werkplaats laten reinigen en instellen Verkeerde mengsmering Brandstof conform de gebruiksaanwzing bvullen Afdichtring in motorcarter niet dicht Laat de fout door een deskundige op een gespecialiseerde werkplaats verhelpen Cilinder, zuigerringen versleten Verkeerde ontsteking Buitensporig veel uitlaatgas-/ rookvorming Verkeerd ingestelde menging carburateur Laat de carburateur door een deskundige instellen Verkeerde mengsmering Brandstof conform de gebruiksaanwzing bvullen7 1
N L B E Vertaling van de originele CE-conformiteitsverklaring Hiermede bevestigen wij dat de Benzinebosmaaier bouwserie FBS 25 A1 Serienummer 201611000001 - 201611047827 is overeenkomstig met de hierna volgende, van toepassing zijnde EU-richtlijnen: 2006/42/EC • 2014/30/EU • 2000/14/EC • 2012/46/EU Om de overeenstemming te waarborgen, werden de hierna volgende, in overeenstemming gebrachte normen en nationale normen en bepalingen toegepast:
EN ISO 11806-1:2011 • EN ISO 14982:2009
Bovendien wordt in overeenstemming met de geluidsemissierichtlijn 2000/14/EC bevestigd: Akoestisch niveau gegarandeerd: 110 dB(A) gemeten: 108,2 dB(A) Toegepaste conformiteitbeoordelingsprocedure in overeenstemming met Annex V / 2000/14/EC Apparaat-Type nr.: e11*97/68SA*2012/46*3439*00 De exclusieve verantwoordelijkheid voor de uitgifte van deze conformiteitsverklaring wordt gedragen door de fabrikant: V.Lappas Documentatiegelastigde Grizzly Tools GmbH & Co. KG Stockstädter Straße 20 63762 Großostheim GERMANY
Notice-Facile