KGC 65502 WG - Koelkast AMICA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KGC 65502 WG AMICA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KGC 65502 WG - AMICA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KGC 65502 WG van het merk AMICA.
GEBRUIKSAANWIJZING KGC 65502 WG AMICA
NL GEBRUIKSAANWIJZING 922
AANWIJZINGEN BETREFFENDE VEILIGHEID VAN GEBRUIK
Garantie Le service de garantie est fonction de la carte de garantie. Le fabricant n’est pas responsable des dommages causés par une mauvaise manipulation du produit. FR92 Ditapparaatcombineertuitzonderlijkgebruiksgemakmetperfecteefciëntie.Elkproductwordt voordathetdefabriekverlaatzorgvuldiggecontroleerdopveiligheidenfunctionaliteit. Wijvragenudezegebruiksaanwijzingzorgvuldigdoortelezenvoordatuhetapparaat inschakelt. GeachteKlant! GEFELICITEERD MET UW KEUZE VOOR EEN PRODUCT VAN AMICA Het apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik. De producent behoudt zich het recht voor om wijzigingen aan te brengen die het gebruik van het apparaat niet beïnvloeden.
De afbeeldingen in deze gebruiksaanwij- zing hebben een informatief karakter. De volledige uitrusting van het apparaat vindt u in het desbetreffende hoofdstuk. NL93
AANWIJZINGEN BETREFFENDE VEILIGHEID VAN GEBRUIK
Sommige opmerkingen in deze gebruiksaanwijzing zijn hetzelfde voor de verschillende typen koelapparatuur, (voor koelkasten, koel-vrieskasten of diepvriezers). U vindt informatie over het type van uw apparaat op de productkaart die is meegeleverd met het product. Producent steelt zich niet verantwoordelijk voor de schade die uit het niet nagaan van de aanwijzingen van deze gebruiksaanwijzing voortvloeit. Wij adviseren deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig te bewaren om te kunnen raadplegen in de toekomst of doorgeven aan de volgende gebruiker. Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik door perso- nen met een beperkte fysieke, somatische of psychi- sche vaardigheden (waaronder kinderen) en personen die geen ervaring ermee of kennis ervan hebben, ten- zij dit onder toezicht of volgens gebruiksaanwijzing ge- beurt, die door personen die voor de veiligheid veran- twoordelijk zijn doorgegeven wordt. Wees u bijzonder attent op het zelfstandig gebruik van het apparaat door kinderen. Het apparaat is geen spe- elgoed. Het is verboden om op de uitschuifbare ele- menten te zitten en aan de deur hangen. De koelvries combinatie werkt correct in de omgeving- stemperatuur welke aangegeven staat op de tabel met technische gegevens. Plaats het apparaat niet in een kelder, een gang of een niet verwarmde chalet in de herfst en in de winter. Tijdens het opstellen, schuiven en optillen is het ver- boden om aan de deurhandgrepen te grijpen, aan de gleuf aan de achterkant van de koelkast te trekken of compressor aan te rakken. Tijdens het transport, het optillen of opstellen dient de koel-vriescombinatie zich niet meer dan 40° van de ver- ticale positie bevinden. Indien dit wel plaatshad, kan het apparaat pas na 2 uur na de opstelling aangezet wor- den (tek. 2). Voordat u aan onderhoudswerkzaamheden begint haal altijd de stekker uit het stopcontact. Trek nooit aan het netsnoer, maar aan de stekker.94
AANWIJZINGEN BETREFFENDE VEILIGHEID VAN GEBRUIK
De ongewone of sterkere geluiden ontstaan door het uitbreiden en verkleinen van de onderdelen door de temperatuurwijzigingen. Vanwege de veiligheid is het niet aangeraden om het apparaat zelf te herstellen. De herstellingswerkzaam- heden, die door niet bevoegde personen zijn uitgevo- erd, kunnen gevaarlijk voor de gebruikers van het ap- paraat zijn. Ingeval van storing van het koelsysteem is het aangera- den om de ruimte, waarin het apparaat geplaatst werd door enkele minuten te ventileren (deze ruimte dient ten minste 4 m
hebben; voor het product met isobutaan/ R600a) Gedeeltelijk ontdooide producten dient u niet nog een keer in te vriezen. Bewaar dranken in blikken en essen, in het bijzonder koolzuurhoudende dranken, niet in de diepvriezer. Blik- ken en essen kunnen barsten. Plaats geen pas van de diepvriezer genomen produc- ten direct in de mond (ijs, ijsblokken, ezv.), hun lage temperatuur kan ernstige letsels veroorzaken. Let op om het koelsysteem niet te beschadigen, bv. door het prikken in de kanalen van de koelvloeistof in de verdamper, het breken van pijpen. Het ingespoten koelvloeistof is brandbaar. Ingeval van contact met het oog, dient u het met schoon water afspoelen en onmid- dellijk met arts contacteren. Als de voedingskabel beschadigd raakt, dan moet deze vervangen worden bij een specialistische service. Het apparaat is bestemd voor het bewaren van voeding- smiddelen. Gebruik het niet voor andere doeleinden. Koppel het apparaat volledig los van het lichtnet (door de stekker uit het stopcontact te trekken) tijdens werk- zaamheden als schoonmaken, onderhoud of verplaat- sen. NL95 Dit apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder, door personen met een lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperkingen en personen zonder ervaring of kennis van het apparaat wanneer op hen gelet wordt of ze geïnstrueerd zijn over het veilig gebruik van het apparaat en ze de gevaren kennen in verband met het gebruik van het apparaat. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en on- derhoud mogen niet door kinderen gedaan worden ten- zij ze 8 jaar zijn of ouder en er toezicht wordt gehouden door een juiste persoon. Anti-bacteria System (toegepast afhankelijk van het model. Bij aanwezigheid is een sticker aangebracht in de binnenruimte van het apparaat) - We hebben een speciaal antibacterieel middel toegevoegd aan het ma- teriaal waarvan de binnenzijde van de koelkast is ge- maakt. Dit beschermt de producten tegen schimmels, bacteriën en micro-organismen en voorkomt het ont- staan van onaangename geurtjes. Hierdoor blijven de producten langer vers. Om meer ruimte te creëren in de diepvriezer, kunt u de laden verwijderen en de producten direct op de legplan- ken plaatsen. Dit heeft geen invloed op de thermische en mechanische eigenschappen van het apparaat. De opgegeven inhoud van de diepvriezer is berekend bij afwezigheid van de laden.
AANWIJZINGEN BETREFFENDE VEILIGHEID VAN GEBRUIK
Installatievoordeeersteingebruikname l Pak het product uit en verwijder de veili- gheidsbanden van de deur en uitrusting (Tek. 4). De restanten van het lijm kunt u met een zacht reinigingsmiddel verwij- deren. l Gooi de piepschuim elementen van de verpakking niet weg. Ingeval van een toekomstig transport, dient de koel-vrie- scombinatie nog een keer met behulp van piepschuim elementen, folie en plakband beveiligt te worden. l Was de binnenkant van de koelkast en de diepvriezer met een zacht warm water met een afwasmiddel en daarna droog het met een doek en wacht tot het droog wordt. l Plaats de koel-vriescombinatie op een ondergrond, die vlak, waterpas en stabiel is, in een droge en regelmatig ventileerde ruimte, niet in direct zonlicht of naast andere warmtebronnen, zoals een gasfornuis, CV-radiator, CV-buis of warme water installatie ezv. l Op de buiten oppervlakken van het pro- duct kan zich beschermende folie bevin- den welke verwijderd dient te worden. l Het apparaat moet waterpas geplaatst zijn, wat kunt u bereiken door op een juiste manier 2 voorvoetjes op te schuiven (tek. 3). l Om de deur vrijuit te kunnen openen, dient de afstand tussen de zijwand van het product (aan de kant van de deur- scharnieren) en de muur in overeenstem- ming te zijn met afbeelding 5*. l De ruimte dient regelmatig geventileerd te worden en het lucht dient onbelemmerd van alle zijden van het apparaat circule- ren (tek. 6*). l De twee afstandhouders van de con- densator die zorgen voor de juiste luchtcirculatie, moet u monteren vol- gens de tekening (Afb. 7). l De deur van het apparaat is beveiligd met een afstandhouder die is geplaatst op de onderkant (Afb. 17). U moet deze voor ingebruikname van het apparaat verwijderen. Minimaleafstandenvanwarmtebronnen: - van elektrische fornuizen, gasfornuizen en andere fornuizen - 30 mm, - van olie- of steenkoolkachels - 300 mm, - van ingebouwde fornuizen - 50 mm Indien het behouden van deze afstanden niet mogelijk is, dient u een juiste isola- tieplaat te gebruiken. l De achterwand van de koelkast en in het bijzonder de condensor en andere elementen van het koelingssysteem mogen de andere elementen niet aan te rakken, in het bijzonder elementen die defecten kunnen veroorzaken (CV-buis en wateraanvoerbuis). l Het is verboden om aan de onderdelen van het aggregaat te manipuleren. In het bijzonder mag het capillair niet defect te zijn, die u bij de compressor ziet. Het capillair mag niet gevouwen, getrokken nog gerold worden. l Het beschadigen van het capillair door de gebruiker maakt de garantie ongeldig (tek. 8). l In geselecteerde modellen bevindt zich de deurhendel aan de binnenkant van het product en dient het vastgeschroeft te worden met een schroevendraaier. Aansluitenophetelectriciteitsnet l Zet de temperatuurregelaar in de positie „OFF” of een andere positie die het ap- paraat uitschakelt (zie de pagina met de beschrijving van de besturing) voordat u het aansluit. l Suit het apparaat op het electriciteitsnet met wisselstroom 230V, 50 Hz aan, met gebruik van een correct geïnstalleerd stopcontactdoos, die geaard is en over een zekering van 10A beschikt. l De aansluiting op het electriciteitsnet met een aarding moet volgens de wet- telijke voorschriften uitgevoerd zijn. De producent stelt zich niet verantwoordelijk voor de schade, die door de personen of voorwerpen geleden kan worden als gevolg van het niet nagaan van de ver- plichting van dit voorschrift. l Het is verboden om verloopstekkers, verdeelstekkers en verlengsnoeren te gebruiken. Indien u wel een verleng- snoer moet gebruiken, het dient over een beschermring te beschikken, alleen één contactdoos hebben en over een veiligheidsatest VDE/GS te beschikken. l Ingeval van het gebruik van een verleng- snoer (met een beschermring en veili- gheidsmarkering), moet zijn nest zich in een veilige afstand van waterbakken bevinden en kan niet het gevaar oplopen om met het water en ander afvalwater in aanraking te komen.. l De gegevens staan op de typeplaatje, dat zich beneden aan de binnenwand van de koelkast bevindt**. Uitschakelen l Het apparaat dient in elk moment van het electriciteitsnet te kunnen worden uitgeschakeld door de stekker eruit te halen of de dubbelpolige schakelaar uit te zetten (tek. 9).
- Geldt niet voor inbouwapparatuur **Toegepast afhankelijk van het model97
Inschakelenvanhetapparaat De fabrieksinstelling van de temperatuur bedraagt respectievelijk +4°C in het koelgedeelte (punt
13) en -18 °C in het vriesgedeelte (punt 8). De
ingestelde temperatuur wordt korte tijd getoond op de display van de koelkast. Daarna verschijnen afwisselend de temperatuur en het symbool "H 1" (punt 8). Bovendien hoort u een geluidssignaal dat informeert over de verhoogde temperatuur in het apparaat en gaat het waarschuwingssymbool knip- peren (punt 7). Zodra de goede temperatuur is be- reikt voor het veilig bewaren van voedingsmidde- len, schakelen het geluidssignaal en het symbool "H 1" automatisch uit. U kunt het geluidssignaal en het symbool "H 1" ook met de hand uitzetten. Gebruik hiervoor de tiptoetsen voor het regelen van de temperatuur van de vriesruimte (punt 10). U kunt het knipperende waarschuwingssymbool (punt 7) niet met de hand uitzetten. Attentie: Wanneer u het apparaat voor de eerste keer inschakelt, of na het schoonmaken of een langere pauze in het gebruik, dan duurt het 4-6 uur voordat de gewenste temperaturen in de koelkast zijn bereikt. Paneelmettiptoetsbediening(Afb.10) U kunt het apparaat bedienen met behulp van de tiptoetsen op het bedieningspaneel (Afb. 10). De actieve apparaatfuncties zijn verlicht met wit licht. De niet-actieve apparaatfuncties zijn grijs en niet verlicht. Beschrijvingvanhetbedieningspaneel
1. Inschakelen/uitschakelen van de koelruimte
5. Supervriesfunctie
6. Inschakelen/uitschakelen van de vriesruimte
7. Aanduiding (waarschuwing) hoge temperatuur
8. Temperatuuraanduiding vriesruimte
10. Temperatuurregeling in de vriesruimte
11. Temperatuurregeling in de koelruimte
12. Aanduiding geopende deur
13. Temperatuuraanduiding koelruimte
Functies Inschakelen/uitschakelenvandekoelruimte De koelruimte kan apart worden uitgeschakeld met de tiptoets . Na gebruik van de tiptoets verschijnt het symbool op de temperatuurdisplay van de koelruimte. Snelkoelfunctie U activeert de functie met de tiptoets . Gebruik deze functie wanneer in korte tijd een grote hoeveelheid verse voedingsmiddelen wilt koelen tot een temperatuur van +5°C. De functie schakelt automatisch uit na het bereiken van de gewenste temperatuur U kunt de functie ook uitzetten voor- dat hij automatisch uitschakelt. Gebruik hiervoor de tiptoets . De uitgeschakelde functie is niet meer verlicht op de display. Vakantiefunctie U schakelt de functie in met de tiptoets . Deze functie wordt aanbevolen wanneer u het appa- raat langere tijd niet gaat gebruiken (bijvoorbeeld wanneer u op vakantie gaat). Dankzij deze functie werkt het apparaat zuiniger. Na uitschakeling van deze functie keert de temperatuur in beide ruimten terug naar de eerder ingestelde waarden. Attentie: Haal alle producten die snel bederven uit de koelruimte voordat u de vakantiefunctie inschakelt en sluit de deur. Haal geen producten uit de vriesruimte. Deze functie werkt alleen voor de koelruimte en heeft geen invloed op de diepge- vroren producten. Wanneer de snelkoelfunctie is ingeschakeld, kan de vakantiefunctie niet worden geactiveerd. Schakel eerst de snelkoelfunctie uit. "Party"-functie U schakelt de functie in met de tiptoets . Dankzij deze functie kunt u snel en veilig drankjes koelen in de vriesruimte. De aanbevolen maximale tijd bedraagt 30 minuten (de fabrieksinstellingen niet veranderen als u deze functie voor de eerste keer gebruikt). U kunt de werkingsduur van deze functie instellen van 10 tot 60 minuten. U stelt de tijd in met behulp van de tiptoetsen en van de vriesruimte (nadat u eerste de functie hebt geac- tiveerd). Als de functie actief is, begint het aftellen op de display met de gewenste temperatuur van de vriesruimte. Zodra de tijd is verstreken hoort u een geluidssignaal. U schakelt het signaal uit door twee keer op de tiptoets van de "Party"-functie te drukken. Attentie: Het is niet toegestaan om blikjes en esjes met drank in de vriesruimte te plaatsen. Deze verpakkingen kunnen onder invloed van de bijzonder lage temperaturen barsten. Supervriesfunctie U schakelt de functie in met de tiptoets . Gebruik deze functie 24 uur voordat u de vriesruimte eenmalig met een grote hoeveelheid verse voe- dingsmiddelen laadt. Plaats de verse producten bij voorkeur in de ruimte die is aangeduid met . De supervriesfunctie wordt 26 uur na inschakeling automatisch uitgeschakeld, of wanneer de tempe- ratuur in de vriesruimte lager wordt dan -18 °C. Inschakelen/uitschakelenvandevriesruimte De vriesruimte kan apart worden uitgeschakeld met de tiptoets . Na gebruik van de tiptoets ver- schijnt het symbool op de temperatuurdisplay van de vriesruimte. Aanduiding(waarschuwing)hogetemperatuur De waarschuwing wordt geactiveerd (op de display verschijnt het symbool en u hoort een geluidssignaal) wanneer: - de temperatuur in de vriesruimte stijgt boven -13 °C. De waarschuwing stopt met knipperen zodra de temperatuur van -18 °C is bereikt. - de temperatuur in de vriesruimte stijgt boven -8 °C. Op de display begint in plaats van de tempera- tuuraanduiding het symbool ”H 1” te knipperen. De waarschuwing verdwijnt zodra de temperatuur van98
-18 °C is bereikt. - de temperatuur in de koelruimte daalt beneden -1 °C. Op de display begint in plaats van de tem- peratuuraanduiding het symbool ”L” te knipperen. De waarschuwing verdwijnt zodra de temperatuur van +1 °C is bereikt. Aanduidinggeopendedeur Na het openen van de deur gaat het symbool branden en verschijnt het symbool "d" op de display voor de temperatuuraanduiding van de koelruimte. Indien de deur langer dan 3 minuten blijft openstaan hoort u een geluidssignaal (alleen geselecteerde modellen). Zodra u de deur van de koelruimte sluit, verdwijnt het symbool. Deze indi- catie geldt niet voor de deur van de vriesruimte. Kinderslot U activeert het kinderslot door tegelijkertijd de tiptoetsen van zowel de koelruimte als de vriesruimte aan te raken. De activering van het kinderslot is actief als het symbool brandt. Bij een actief kinderslot zijn alle tiptoetsen voor de besturing van het apparaat niet actief. Alleen de tiptoetscombinatie voor het aan- en uitzetten van het kinderslot is actief. Om de functie uit te scha- kelen raakt u gelijktijdig de tiptoetsen van beide ruimtes aan. Wij raden bovendien aan om deze functie te gebruiken bij het schoonmaken van de buitenkant van de deur. Temperatuurregelingindekoelruimte U kunt de temperatuur instellen binnen het bereik van +2 °C tot +9 °C met behulp van de tiptoetsen en . Met de tiptoets verlaagt u de tempera- tuur in de koelruimte, met de tiptoets verhoogt u de temperatuur in de koelruimte. Temperatuurregelingindevriesruimte U kunt de temperatuur instellen binnen het bereik van -16 °C tot -24 °C met behulp van de tiptoetsen en . Met de tiptoets verlaagt u de tempera- tuur in de vriesruimte, met de tiptoets verhoogt u de temperatuur in de vriesruimte. Displayvandekoelruimteendisplayvande vriesruimte. Op de displays wordt de gewenste temperatuur getoond of een symbool/opschrift betreffende de verschillende functie van de koelkast. De display tonen niet de daadwerkelijke temperatuur in de resp. ruimtes, maar alleen de temperatuur die door de gebruiker is ingesteld. Foutcodes Een koelkast die is uitgerust met een display op de deur kan storingen melden. Naast de eerder genoemde symbolen uit de beschrijving van de bediening van het apparaat, kunnen ook de vol- gende symbolen verschijnen: EE, ER, F, FF. Neem in dat geval contact op met de geautoriseerde service van de producent. Neem ook contact op met de service wanneer de symbolen "H1" of "L" 24 uur lang zonder onderbreking knipperen (wan- neer u de symbolen niet handmatig kunt uitzetten met de tiptoetsen 10 of 11).99
Hetbewarenvanproductenindekoelkast Tijdenshetbewarenvanlevensmiddelenin hetapparaathandelvolgensdeonderstaande aanwijzingen. l Bewaar de producten op borden, in dozen of in voedselfolie verpakt. Plaats ze gelijkmatig op de oppervlakte van de platen. l Levensmiddelen mogen niet met de achterwand in aanraking komen, indien het wel gebeurt kun- nen ze verrijpen of vochtig worden. l Het is verboden om warme voedsel in de koel- kast te plaatsen. l Producten, die makkelijk geuren opnemen, bv. boter, melk, kwark en producten die een sterk geur hebben, bv. vlees, vissen en kazen dienen verpakt met folie of in goed gesloten dozen ge- plaatst worden. l Groenten die rijk aan water zijn, veroorzaken verdamping over de groentelade; dit verstoort de correcte werking van de koelkast niet. l Droog de groenten voor het plaatsen ervan in de koelkast. l Te grote hoeveelheid vocht verkort de tijd van het bewaren, in het bijzonder met betrekking tot groenten met bladeren. l Bewaar de groenten zonder wassen. Het was- sen verwijderd hun beschermingslaag, daarom is het aangeraden om ze net voor het eten te wassen. l De producten in korven (laden) 1, 2, 3* plaats (zie tek. 11).**
l Het is toegestaan om producten op de draadro- osters van de verdamper van de diepvriezer te plaatsen* l Het is toegestaan dat producten 20-30 mm vo- orbij de natuurlijke laadgrens worden gescho- ven.** l U kunt de onderste mand verwijderen om meer laadruimte te creëren. U stapelt de producten op de bodem van de diepvriezer tot de maximale hoogte.* Hetinvriezenvanproducten** l Bijna alle levensmiddelen kunnen worden inge- vroren, met uitzondering van groenten die rauw worden gegeten, bv. sla. l Alleen producten van uitstekende kwaliteit kun- nen worden ingevroren, verpakt in afgemeten porties die op een keer kunnen worden gebruikt. l Gebruik materialen zonder geur om producten te verpakken, die geen lucht nog vocht toelaten en vet niet doorlaten. Het meest geschikt zijn: zakjes, platen van polyetheenfolie, aluminiumfolie. l De verpakking dient goed worden gesloten en bij het product passen. Glazen verpakkingen zijn verboden. l Breng verse en warme levensmiddelen (in de omgevingstemperatuur) die gaan worden in- gevroren, niet in contact met reeds ingevroren producten. l Aanbevolen wordt om per etmaal eenmalig niet meer dan de aanbevolen hoeveelheid verse levensmiddelen in de diepvriezer te plaatsen die staat vermeld in de technische specicatie van het apparaat. l Om de goede kwaliteit van de ingevroren pro- ducten te garanderen, is het aangeraden om de reeds ingevroren producten te verplaatsen opdat ze niet in contact met verse producten komen. l De ingevroren producten dienen op de ene kant van de diepvriezer geplaatst worden en de verse producten aan de andere kant, zo dicht mogelijk bij de achter- en zijwand. l Gebruik voor het invriezen van producten de ruimte die is aangeduid met (*/***). l De temperatuur in de koelkast wordt onder an- dere bepaald door: omgevingstemperatuur, het aantal geplaatste levensmiddelen, frequentie van deuropening, de hoeveelheid rijp, de stand van de thermostaat l Indien na het sluiten van de koelkast de deur niet direct opnieuw opengaat, wacht 1 tot 2 minuten, zodat de ontstane onder druk gecompreseerd wordt. De bewaartijd van ingevroren producten is afhan- kelijk van hun kwaliteit voor het invriezen en de bewaringstemperatuur. Bij een bewaringstempe- ratuur van -18°C zijn de volgende bewaartijden aanbevolen: Producten Manden Rundvlees 6-8 Kalfsvlees 3-6 Inwendige organen 1-2 Varkensvlees 3-6 Kippenvlees 6-8 Eieren 3-6 Vissen 3-6 Groenten 10-12 Fruit 10-12 De ruimte voor snelkoeling is niet geschikt voor het bewaren van bevroren voedsel. In deze ruimte kunt u ijsblokjes maken en bewaren.***
- Betreft apparaten met een vriesruimte in het onderste gedeelte van het apparaat ** Betreft apparaten met een vriesruimte (*/***) *** Geldt niet voor apparaten met een vriesruimte met de aanduiding (*/***)100
HOEKANDEKOELKASTECONOMISCHGEBRUIKTWORDEN? Praktischetips l Plaats de koelkast of de vrieskast niet in de nabijheid van radiatoren, ovens en stel ze niet rechtstreeks bloot aan zonnestralen. l Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet bedekt zijn. Ze moeten een- tot tweemaal per jaar gereinigd en ontstoft worden. l De gepaste temperatuur kiezen: een tempera- tuur van 6 tot 8 °C in de koelkast en -18 °C in de vrieskast is voldoende. l Als u op vakantie vertrekt, dient u de temperatuur in de koelkast te verhogen. l Open de deur van de koelkast of de vrieskast enkel als dit noodzakelijk is. Het is goed om te weten welke levensmiddelen er in de koelkast bewaard worden en waar ze zich precies be- vinden. Ongebruikte levensmiddelen dienen zo snel mogelijk terug in de koelkast of de vrieskast geplaatst worden, voordat ze opwarmen. l Reinig de binnenkant van de koelkast regelmatig met een doekje met zacht detergent. Toestellen zonder automatische ontdooifunctie dienen regelmatig ontdooid te worden. Vermijd dat er een rijmlaag van meer dan 10 mm dik gevormd wordt. l De afdichting rond de deur moet rein gehouden worden. Anders zal de deur niet meer volledig sluiten. Een beschadigde afdichting moet altijd vervangen worden. Watbetekenendesterretjes?
- Een temperatuur van niet meer dan -6 °C volstaat om ingevroren levensmiddelen gedu- rende ongeveer een week te bewaren. Lades of vakken die aangeduid zijn met één sterretje vindt men (meestal) in goedkopere koelkasten. ** Bij een temperatuur van minder dan -12 °C kan men gedurende één tot twee weken levensmid- delen bewaren zonder dat ze hun smaak verlie- zen. Dit is niet voldoende om levensmiddelen in te vriezen. *** Hoofdzakelijk gebruikt om levensmiddelen in te vriezen bij een temperatuur van minder dan -18 °C. Laat toe om verse levensmiddelen met een gewicht tot 1 kg in te vriezen. **** Zo’n toestel laat toe om levensmiddelen bij een temperatuur van minder dan -18 °C te bewaren en grotere hoeveelheden levensmiddelen in te vriezen. Zonesindekoelkast l Door de natuurlijke luchtcirculatie ontstaan er in het koelvak verschillende temperatuurzones. l De koudste zone bevindt zich rechtstreeks boven de groentelades. In deze zone dienen delicate en snel bederfbare levensmiddelen bewaard te worden zoals - vis, vlees, gevogelte, - vleeswaren, kant-en-klare maaltijden, - gerechten of gebak met eieren of room, - vers deeg, cakemengsels, - verpakte groenten en andere verse levensmid- delen waarvan het etiket een bewaartemperatu- ur van ongeveer 4 °C aangeeft. l De warmste zone bevindt zich bovenaan in de deur. Hier dient boter en kaas bewaard te wor- den. Levensmiddelendienietindekoelkastbe- waardmogenworden l Niet alle levensmiddelen mogen in de koelkast bewaard worden. Dit zijn onder andere: - groenten en fruit die gevoelig zijn voor lage temperaturen, bijvoorbeeld bananen, avocado, papaja, passievrucht, aubergine, paprika, tomaat en komkommer. - Onrijpe vruchten, - Aardappelen Voorbeeld van producten plaatsing in het apparaat(Tek.12).101
ONTDOOIEN,WASSENENONDERHOUD Gebruik nooit oplosmiddelen of agressieve, schu- rende schoonmaakmiddelen (bv. schuurpoeders of reinigingsmelk) voor het schoonmaken van de be- huizing en de plastic onderdelen van het product! Gebruik alleen milde vloeibare schoonmaakmidde- len en een zacht doekje. Gebruik geen sponsjes. Ontdooienvandekoelkast*** l Aan de achterwand van de koelkast ontstaat rijp, die automatisch ontdooit. Tijdens het ontdooien van de rijp, tezamen met de druppeltjes kunnen ook ontreinigingen door de opening voortvloeien. Dit kan het verstoppen van de opening veroorza- ken. In zo’n geval moet de opening met plunjer gereinigd worden (tek. 13). l Het apparaat werkt in cyclusfazen: eerst koelen (aan de achterwand ontstaat rijp) en daarna ontdo- oien van de rijp (druppeltjes aan de achterwand). Voor het beginnenmet reinigendient hetapparaat vanhet electriciteitsnet uitgeschakeldworden,doordestekker eruitte halen,uitschakelingof losdra- aienvandezekering.Hetwatermagniet incontactmethetbedieningspaneelof verlichtingkomen. l Gebruik bij het ontdooien geen ontdooisprays. Ze kunnen explosieve mengsels vormen en oplossers bevatten die de kunststof onderdelen van het apparaat beschadigen en zelfs voor de gezondheid schadelijk zijn. l Het water die bij het wassen gebruikt wordt mag niet door de opening naar de verdamper vloeien. l Was het apparaat met een zachte detergent, behoudens de dichting in de deur. De dichting in de deur was met schoon water en droog met een doek. l Reinig nauwkeurig alle elementen van de uitru- sting (groentevakken, rekken, glazen platen ezv.). Ontdooienvandediepvriezer** l Het is aangeraden om het ontdooien van de diepvriezer tezamen met het wassen van het product uit te voeren. l Grote hoeveelheid ijs op de vriesoppervlakten verstoort de werking van het apparaat en ver- groot het energieverbruik. l Het is aangeraden om het apparaat ten minste een of twee keer per jaar te ontdooien. Wanneer er veel ijs ontstaat, moet u het apparaat vaker ontdooien. l Indien in de diepvriezer bevinden zich ingevroren levensmiddelen, stel de draaiknop op max. ong. 4 uur voor het geplande ontdooien in. Daardoor gaat het mogelijk zijn om de ingevroren produc- ten in de kamertemperatuur te bewaren. l Plaats de ingevroren producten in een kan, omgevouwen met krantenpapier en deken en houd ze in een koele plek. l Het ontdooien van de diepvriezer dient zo snel mogelijk uitgevoerd worden. Het te lange bewa- ren van de producten in de kamertemperatuur verkort hun houdbaarheid. Omdevriesruimteteontdooienhandeltuals volgt:** l Schakel het apparaat uit met behulp van het bedieningspaneel en trek vervolgens de stek- ker uit het stopcontact. l Open de deur en haal de producten eruit. l Afhankelijk van het model trekt u het afvoer- kanaaltje naar buiten dat zich in het onderste gedeelte van de diepvries in de basis van het apparaat bevindt. l Laat de deur openstaan, hierdoor versnelt u het ontdooiproces. U kunt ook een schaal met heet (geen kokend) water in de vriesruimte plaatsen. l Maak de binnenkant van de diepvriezer schoon en droog hem af. l Schakel het apparaat in volgens de gebruiksa- anwijzing. Uithaleneninzettenvandelegplateaus Til het legplateau op en schuif het uit, schuif het daarna in totdat u niet meer verder kunt en de slu- iting van het legplateau zich in de geleider bevindt (Afb. 15). Uithaleneninzettenvanderekjes Uithalen en inzetten van de rekjes Automatischontdooienvandekoelkast**** De koelkast werd in de functie van automatisch ontdooien voorzien. Toch kan het aan de ach- terwand van de koelkast rijp verzamelen. Deze ontstaat als veel verse producten in de koelkast bewaard worden. Automatischontdooienvandediepvriezer**** De diepvriezer werd in de functie van automatisch ontdooien voorzien (no-frost). Voedsel wordt met gebruik van koud, circelend lucht ingevroren en de vocht van de diepvriezer wordt naar buiten afgevo- erd. Daardoor in de diepvriezer ontstaan er geen grote hoeveelheden ijs en rijp en de producten vriezen niet samen. Handwassenvandekoelkastendiepvriezer**** Het wordt aangeraden om de koelkast en diepvrie- zer ten minste een keer per jaar te wassen. Het voorkomt het ontstaan van bacteriën en onprettige geuren. Schakel het apparaat met de knop (1) uit, maak het leeg van producten en was met water met zachte detergent. Daarna droog met een doek. Tenalletijdeishetverbodenom dediepvriezermetgebruikvaneen electrischeradiatorofhaardrogerte ontdooien. ** Betreft apparaten met een vriesruimte (*/***). Geldt niet voor apparaten met een Antirijpsy- steem *** Betreft apparaten met een koelruimte. Geldt niet voor apparaten met een Antirijpsysteem **** Betreft apparaten met een Antirijpsysteem102
Verschijnselen Mogelijkeredenen Herstellingswijze Het apparaat werkt niet Onderbreking in de electrische installatie - controleer of de stekker goed in het stopcontact zit - controleer of de spanningskabel niet beschadigt is - controleer of er spanning op het stopcontact staat door bv. een ander toestel aan te sluiten bv. een nachtlamp - controleer of het apparaat aan staat door de thermostaat op meer dan 0 te zetten Binnenverlichting werkt niet De gloeilamp is los of doorgebrand ( In apparaten met gloeilampen verlichting). - Controleer het vorige punt „Het apparaat werkt niet”- draai de gloeilamp aan of vervang de doorgebrande (In apparaten met gloeilampen verlichting). Vries-/koeltempe- ratuur is niet laag genoeg Slechte instelling van de temperatuurre- gelaar - draai de draaiknop op een hogere positie De omgevingstemperatuur is hoger of lager dan de temperatuur welke aangegeven staat op de tabel met technische gegevens van het apparaat. Het apparaat is bestemd voor werking in een temperatuur welke aangegeven is op de tabel met technische gegevens van het apparaat. Het apparaat staat in de zon of te dicht bij een warmtebron - verander de opstelling van het apparaat volgens de gebruiksaanwijzing In het apparaat werd te grote hoeveelhe- id warme levensmiddelen per een keer gelegd - 72 uur wachten tot de producten gekoeld (inge- vroren) worden en de temperatuur terug naar het gewenste niveau gaat De ventilatie binnen de cel is belemmerd - controleer of de levensmiddelen en dozen de achterwand van de koelkast niet aanraken De ventilatie aan de achterkant van het apparaat is belemmerd - van de wand schuiven voor de afstand van min. 30 mm De deur van de koelkast/vriezer wordt te vaak geopend of blijft te lang open staan - de deur minder vaak openen en/of de tijd van open staan verkorten De deur is niet goed gesloten - levensmiddelen en vakken zo leggen, dat ze het sluiten van de deur niet belemmeren De compressor werkt niet vaak genoeg - controleer of de omgevingstemperatuur niet lager is dan het bereik van de klimaatklasse. De dichting van de deur zit los - dichting vastmaken Het apparaat werkt continue Slechte instelling van de temperatuurre- gelaar - temperatuur met de draaiknop naar beneden draaien Andere redenen in het punt „Vries-/koel- temperatuur is niet laag genoeg” - controleren volgens punt „Vries-/koeltemperatuur is niet laag genoeg” Er ontstaat water in de onderste deel van de koelkast De waterafvoeropening is verstopt - maak de verstopte opening schoon (zie hoofdstuk - „Ontdooien van de koelkast”) De ventilatie binnen de cel is belemmerd - controleer of de levensmiddelen en dozen de achterwand van de koelkast niet aanraken Ongewone of ster- kere geluiden Het apparaat staat niet waterpas en stabiel - het apparaat waterpas opstellen Het apparaat raakt aan wanden, meubels of andere elementen - het apparaat zo opstellen, dat er geen andere elementen aanraakt en zelfstandig staat Bij het normale gebruik van het koeltoestel kunnen er verschillende soorten geluiden ontstaan, die geen enkele invloed hebben op de correcte werking van de koelkast. Geluidendiegemakkelijkverholpenkunnenworden: l Lawaai doordat de koelkast niet waterpas staat – regel de opstelling met behulp van de regelvo- etjes vooraan. Leg eventueel zacht materiaal onder de wieltjes achteraan, in het bijzonder bij een tegelvloer. l Wrijving tegen de aanpalende meubelen – verschuif de koelkast. l Knarsen van schuiven of schappen – neem de schuif of het schap weg en plaats het daarna terug. l Geluid van tegen elkaar stotende essen – plaats de essen uit elkaar. Geluiden die hoorbaar zijn tijdens het normale gebruik van het toestel, worden veroorzaakt door de werking van de thermostaat, de compressor (aanslaan), het koelsysteem (krimpen en uitzetten van het materiaal onder invloed van temperatuurverschillen en doorstroom van koelvloeistof).103
MILIEUBESCHERMING Beschermingvandeozonlaag Voor de productie van ons product zijn materialen gebruikt, die 100% vrij van FCKW en FKW zijn, wat voordelig voor de bescher- ming van de ozonlaag en vermindering van broeika- seffect is. De moderne tech- nologie en milieuvriendelijke isolatie zorgt voor klein energieverbruik. Recyclingvandeverpakking Onze verpakkingen bestaan uit milieuvriendelijk, recycleer- baar materiaal: l Buiten verpakking van golfkarton / folie l Gevormde delen van geschuimd polystyreen (PS), zonder FCKW l Folies en zaken van polyetheen (PE)
LIQUIDATIE / AFDANKEN VAN HET AP-
PARAAT Indien u van het product geen gebruik meer wenst te maken, voor het afdan- ken snijd het netsnoer door. Tevens verwijder of zet de sluiting buiten werking zodat kinderen zich niet in het oude apparaat kunnen opsluiten. Het apparaat wordt voorzien van het symbool volgens de Europese Richtlijn 2002/96/EC. Deze symbolen wijzen erop dat dit product na de periode van gebruik niet als huisafval mag worden behandeld. De gebruiker moet het echter naar een plaats brengenwaar elek- trische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Voor meer details in verband met het recyclen van dit product, neemt u het best contact op met de gemeentelijke instanties, bedrijven of winkels, die met het verzamelen van afgedankte apparaten belast zijn. Als u ervoor zorgt dat afgedankte electro- nische en electrische apparaten op de cor- recte manier worden verwijderd, voorkomt u mogelijke voor mens en milieu nega- tieve gevolgen die zich zouden kunnen voordoen in geval van aanwezigheid van gevaarlijke onderdelen en het verkeerd bewaren en afvalbehandeling. KLIMAATKLASSE Klimaatklasse Toegelatenomgeving- stemperaturen SN van +10°C tot +32°C N van +16°C tot +32°C ST van +16°C tot +38°C T van +16°C tot +43°C Informatie over de klimaatklasse staat op de typeplaatje. Deze geeft aan in welke omgevingstemperatuur (dwz. ruimte, waarin hij staat) het product optimaal (correct) werkt. Verklaringvandeproducent Hierbij verklaart de producent, dat het product aan de eisen van de onderstaande Europese richtlijnen voldoet: l Laagspanningsrichtlijn 2014/35/EC, l Richtlijn elektromagnetische compatibiliteit 2014/30/EC, l Richtlijn 2009/125/EC. en over de certicering en de conformiteitsverklaring voor organen die toezicht op de markt houden beschikt.104
OMDRAAIENVANDEDRAAIRICHTINGVANDEDEUR(Afb.20) WIJ RADEN AAN om het omdraaien van de draairichting van de deur uit te laten voeren door een ser- vicemonteur. Houd er wel rekening mee dat het uitvoeren van deze dienst niet onder de garantie valt. Als u besluit zelfstandig de draairichting te veranderen, raden wij u aan de hulp in te roepen van een tweede persoon. Benodigde gereedschappen: sleutels nr. 8 en nr. 10, schroevendraaier. Leg het apparaat NIET horizontaal neer bij het omdraaien van de draairichting van de deur. Volg de volgende aanwijzingen: ATTENTIE! Schakel de koelruimte en de vriesruimte uit met de tiptoetsen 1 en 6. Na uitschakeling van de ruimtes worden de tiptoetsen grijs (zie afb. 3). Schakel het apparaat uit - trek de stekker van de voedingskabel uit het stopcontact.
1. Draai de vier schroeven (13) los en verwijder het scherm (12) van de bovenste deur.
2. Verwijder de dopjes (c) die zich op de deurvleugel en de binnenkant van de deur bevinden.
3. Verwijder de klem (14) en haal de kabel (15) met de huls (16) uit de deur. Voordat u deze hande-
ling verricht, moet u eerst de koppeling (23) losmaken van de kabel 15 en 24 van de elektronische besturing.
4. Verwijder de bovenste steun (6) samen met de moer en de dichtingen en het ringetje dat zich onder
5. Haal de deur van de koelruimte (1). Verwijder het dopje (5) dat zich aan de onderkant bevindt. Om
de deur naar links te laten draaien moet u het dopje (5) op de andere kant van de deur draaien (meegeleverd).
6. Verwijder de middelste steun (4) samen met de dichtingen op de as en het plastic element.
7. Verwijder de deur van de vriesruimte (3). Verwijder het dopje (25) dat zich aan de onderkant
bevindt. Om de deur naar links te laten draaien moet u het dopje op de andere kant van de deur draaien (meegeleverd).
8. Verwijder het onderscherm (11) samen met het kleine dopje (10).
9. Verwijder de as (2) samen met de dichtingen en het bevestigingsstuk (26) van de onderste steun
(7) en draai hem op steun 7 aan de andere kant van de ruimte, symmetrisch ten opzichte van zijn eerdere positie.
10. Verwijder de bouten (8) van het onderdeel dat de koelruimte scheidt van de vriesruimte en plaats ze
in de openingen aan de andere kant.
11. Verwijder de dopjes (9) van de deur van de vriesruimte en verplaats ze naar de andere kant.
12. Plaats de deur van de vriesruimte op de steun (7) en as (2).
13. Draai de steun (4) met de dichtingen op de as en het plastic ringetje 180o en steek de as van de
steun in de schroef van de deur van de vriesruimte aan de andere kant van de as in het bovenste en onderste deel van de steun.
14. Draai de vier schroeven (18) los en verwijder het sierscherm (19).
15. Verplaats de kabel (15) naar de andere kant van de ruimte, symmetrisch ten opzichte van zijn
vorige positie. Plaats de kabel in de speciale uitsparing aan de linkerkant. Zorg ervoor dat de kabel niet te sterk gebogen is.
16. Schroef het sierpaneel vast. Voordat u deze handeling uitvoert moet u eerst de kabel aan de linker-
kant van de ruimte plaatsen, symmetrisch ten opzichte van zijn vorige positie.
17. Plaats de deur van de koelruimte op de as van de steun (4).
18. Verplaats kabel 24 in de deur van de koelruimte naar de andere kant van de deur en hang hem op
de vrije klem (22). Verbind de koppeling (23) met de kabels 15 en 24.
19. Draai de steun 6 met de dichtingen op de as en het plastic ringetje 180o. Verwijder de as en de
dichtingen en plaats hem op de andere kant van de steun. Nadat u de as van steun 6 in de deur van de koelruimte hebt geplaatst, bevestigt u hem aan de andere kant van de koelruimte, in de onderste openingen.
20. Draai het scherm (12) in het bovenste gedeelte van de deur van de koelruimte. Gebruik scherm c
op steun 6 en de rest van de lege ruimte te verbergen.
21. Plaats het dopje (10) aan de andere kant in het onderscherm (11) en plaats het scherm terug in zijn
oorspronkelijke positie.105 GARANTIE,SERVICE Garantie De garantieverplichtingen blijken uit het garantiebewijs. De producent is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door oneigenlijk gebruik van het product. NL106
1 Verlichting 2 Glazen legplateau 3 Ruit boven de FRESH ZONE container 4 Fresh Zone container 5 Glazen plaat boven de containers 6 Groentecontainer 7 Diepvrieslade 8 Deksel top rekje 9 Eierenhouder 10 Middelste rekje 11 Klein deurvak 12 Groot rekje 13 Condensator 14 Container voor condenswater 15 Compressor 16 Bedieningspaneel
Notice-Facile