Renkforce RS2W - Slim huis

RS2W - Slim huis Renkforce - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis RS2W Renkforce in PDF-formaat.

📄 72 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag ⚙️ Specs 🖨️ Afdrukken
Notice Renkforce RS2W - page 54
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Renkforce

Model : RS2W

Categorie : Slim huis

SKIP

Veelgestelde vragen - RS2W Renkforce

Download de handleiding voor uw Slim huis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RS2W - Renkforce en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RS2W van het merk Renkforce.

GEBRUIKSAANWIJZING RS2W Renkforce

Verbruiksweergave naar een draadloze schakel- en meetcontactdoos terugzetten

Geachte klant, hartelijk dank voor de aanschaf van dit product. Volg de instructies van de gebruiksaanwijzing op om deze status van het apparaat te handhaven en een ongevaarlijke werking te garanderen. Deze gebruiksaanwijzing hoort bij dit product. Deze bevat belangrijke instructies voor de ingebruikname en bediening. Let hierop, ook wanneer u dit product aan derden doorgeeft. Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig voor toekomstige referentie! Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk. Voor meer informative kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.b

543. Voorgeschreven gebruik

DE RS2W draadloze meter/thermostaat (bestelnr. 1429366) bestuurt en meet in verbinding met de RS2W draadloze schakel- en meetcontactdoos (bestelnr. 1429367) het stroomverbruik van de aangesloten apparaten en geeft hierbij ook verschillende meetwaarden weer. De RS2W draadloze meter/thermostaat wordt door batterijen aangedreven. Gebruik geen andere vorm van stroomvoorziening. Een andere toepassing dan hierboven be- schreven, leidt tot beschadiging van het product en brengt bovendien gevaren met zich mee zoals kortsluiting en brand.

4. Productomschrijving

De RS2W draadloze meter/thermostaat wordt met behulp van twee batterijen van het formaat AAA/micro aangedreven en bestuurt tot drie RS2W draadloze schakel- en meetcontactdozen. Bovendien kunnen met dit apparaat verschillende meetwaarden (stroom, spanning, Watt) wor- den afgelezen. Deze waarden worden door de draadloze schakel- en meetcontactdoos bepaald en draadloos naar de RS2W draadloze meter/thermostaat overgedragen. Er zijn ook verschil- lende automatische programma’s instelbaar. In deze gebruiksaanwijzing wordt de bediening van zowel de RS2W draadloze meter/thermo- staat als van de RS2W draadloze schakel- en meetcontactdoos beschreven. De RS2W draad- loze schakel- en meetcontactdoos (bestelnr. 1429367) behoort niet tot de leveringsomvang en moet afzonderlijk worden aangekocht.

  • 2 batterijen van het type AAA/micro
  • Bedienungsanleitung Actuele gebruiksaanwijzingen Download de actuele gebruiksaanwijzingen via de link www.conrad.com/ downloads of scan ze met behulp van de afgebeelde QR-code. Volg de aanwijzingen op de website.

556. Veiligheidsvoorschriften

Bij schade veroorzaakt door het niet opvolgen van deze gebruiksaanwijzing, vervalt het recht op garantie! Voor gevolgschade die hieruit ontstaat, zijn wij niet aansprakelijk! Voor materiële of persoonlijke schade, die door ondeskun- dig gebruik of niet inachtname van de veiligheidsvoorschriften veroorzaakt worden zijn wij niet aansprakelijk. In zulke gevallen vervalt de garantie.

  • Om veiligheids- en keuringsredenen is het eigenmachtig ombouwen en/of veran- deren van het product niet toegestaan.
  • Het product is geen speelgoed. Houd het product uit handen van kinderen. Plaats het product zodanig dat kinderen er niet bij kunnen.
  • Het product mag uitsluitend in droge, afgesloten binnenruimtes worden gebruikt; het mag niet vochtig of nat worden!
  • Stel het product niet bloot aan extreme temperaturen, direct zonlicht of sterke trillingen. Houd het product uit de buurt van sterke magneetvelden, zoals in de buurt van machines, elektromotoren of luidsprekers.
  • Het gebruik van het product in omgevingen met veel stof, brandbare gassen, dampen of oplosmiddelen is niet toegestaan. Er bestaat explosie- en brandge- vaar!
  • Gebruik dit product niet in ziekenhuizen of medische instellingen. Alhoewel de zender slechts relatief zwakke radiosignalen uitzendt, kan dit functiestoringen bij levensbehoudende systemen veroorzaken. Hetzelfde geldt mogelijk op andere vlakken.
  • Laat het verpakkingsmateriaal niet onbeheerd liggen, dit kan voor kinderen ge- vaarlijk speelgoed zijn.
  • Behandel het product voorzichtig; door stoten, schokken of een val - zelfs van geringe hoogte - kan het beschadigd raken.

567. Voorschriften voor batterijen/accu’s

  • Houd batterijen/accu’s uit de buurt van kinderen.
  • U mag batterijen/accu’s niet zomaar laten rondslingeren wegens het gevaar dat kinderen of huisdieren ze inslikken. Raadpleeg in geval van inslikken onmiddellijk een arts.
  • Vervang lege (al dan niet oplaadbare) batterijen tijdig. Lege of verouderde (al dan niet oplaadbare) batterijen kunnen gaan lekken.
  • Lekkende of beschadigde batterijen/accu´s kunnen bij contact met de huid ver- wondingen veroorzaken. Draag in zo´n geval altijd beschermende handschoenen.
  • Uit batterijen/accu’s lekkende vloeistoffen zijn chemisch uiterst agressief. Voor- werpen of oppervlakken die hiermee in aanraking komen, kunnen voor een deel ernstig worden beschadigd. Bewaar (al dan niet oplaadbare) batterijen daarom op een geschikte plek.
  • U mag batterijen/accu´s niet kortsluiten, demonteren of in het vuur werpen. Er bestaat explosiegevaar!
  • Laad gewone niet-oplaadbare batterijen nooit op, explosiegevaar!
  • Combineer nooit gewone en oplaadbare batterijen.
  • Combineer geen batterijen/accu’s die in verschillende toestanden verkeren (bijv. volle en halfvolle batterijen).
  • Vervang steeds de volledige set batterijen/accu’s.
  • Let bij het plaatsen van de batterijen/accu’s op de juiste polariteit (plus/+ en mi- nus/- in acht nemen). U kunt het product ook met accu´s gebruiken. Door de geringere spanning (batterij = 1,5 V, accu = 1,2 V) nemen de gebruiksduur en het displaycontrast sterk af. Wij adviseren daarom, uitsluitend hoogwaardige alkalinebatterijen te gebruiken en geen accu’s. 57Afbeelding 1

8. Batterijen plaatsen

Open het batterijvak van de meter/thermostaat door de knipsluiting aan het batterijvakdeksel voorzichtig naar beneden te drukken en het deksel op te heffen. Plaats nu de batterijen uit de leveringsomvang met de polen in de juiste richting. Let hiervoor op de overeen- komstige symbolen in het batterijvak. Het gebruik van de zender met accu’s is we- gens de lage celspanning (batterij = 1,5 V, accu = 1,2 V) en de zelfontlading van accu’s niet aangewezen. Bij het vervangen van de batterijen blijven de koppelingsgegevens (binding) naar de draadloze schakel- en meetcontactdozen en de geprogrammeerde tijdsintervallen be- houden. De installatie moet hierna opnieuw worden geprogrammeerd. De levensduur van de batterijen bedraagt ca. 1 jaar. De batterijen moeten worden vervangen als de schermweergave zwakker en onscherp wordt. Vervang in elk geval dan de batterijen aangezien niet alleen de leesbaarheid van het scherm, maar moge- lijks ook het draadloos bereik/de draadloze functie wordt beperkt. Als vervangbatterij raden wij hoogwaardige alkalinebatterijen aan.

589. Bedieningselementen

a) Draadloze meter/thermostaat 1 Scherm 2 +/ON-knop 3 FUNC (functie-) knop 4 -/OFF-knop 5 Meetopening voor temperatuursensor b) Draadloze schakel- en meetcon- tactdoos 1 Netaansluiting 2 Programmeerknop/man. in-/uitschakelen 3 Schakelcontactdoos De RS2W draadloze schakel- en meetcon- tactdoos (bestelnr. 1429367) behoort niet tot de leveringsomvang en moet afzonder- lijk worden aangekocht. Afbeelding 2 Afbeelding 3 5910. Voorschriften m.b.t. het gebruik a) Tijd en weekdag instellen

  • Druk op de gebruiksklare draadloze meter/ther- mostaat op de knop “FUNC” tot u op het scherm linksboven “Meter” ziet. Druk nu meer dan drie se- conden op de knop “FUNC”.
  • Nu knippert de aanduiding voor de weekdag. Druk op de knop “+/ON” of “-/OFF” tot de juiste dag is ingesteld.
  • Druk nu opnieuw op de knop “FUNC”. Nu knippert de uuraanduiding op het scherm. Stel het juiste uur in door op de knop “+/ON” of “-/OFF” te drukken.
  • Druk nu opnieuw op de knop “FUNC”. Nu knippert de minutenaanduiding op het scherm. Stel de juiste minuten in door op de knop “+/ON” of “-/OFF” te drukken.
  • Druk nu opnieuw op de knop “FUNC”. De instelling van weekdag en uur is voltooid. In veel landen wordt in de lente de tijd van winter- naar zomertijd en in de herfst van zomer- naar wintertijd omgezet. Op de draadloze meter/thermostaat moet in dit geval telkens manueel de juiste tijd worden ingesteld. Let hierbij ook op of de eventueel ingestelde tijdsintervallen (zie hoofdstuk 10) nog correct of zinvol zijn. Afbeelding 4 60b) Draadloze meter/thermostaat aan draadloze schakel- en meetcon- tactdoos koppelen Er kunnen tot drie schakel- en meetcontactdozen aan een draadloze meter/thermo- staat worden gekoppeld. Druk op de gebruiksklare draadloze meter/thermostaat op de knop “FUNC” tot u op het scherm linksboven “Meter” ziet. Druk nu meer dan twee seconden op de knop “+/ON”. Het symbool voor de schakelcontactdoos begint te knipperen. Als er geen verdere invoer gebeurt, schakelt het apparaat na ca. 20 seconden terug naar de standaardweergave om. Verbind nu een schakel- en meetcontactdoos (bestelnr. 1429367; niet inbegrepen) met een geschikte contact- doos. Het relais in de schakelcontactdoos klikt en het rode bedrijfsindicatielampje in de programmeerknop brandt. Druk nu gedurende meer dan drie seconden op de programmeerknop (zie afbeelding 3, pos. 2) op den schakelcontactdoos. Het koppel is met succes voltooid wanneer het symbool van de schakelcontact- doos op het scherm niet meer knippert. Dit succesvol koppelen wordt ook aangegeven door middel van een “optische” verbinding (pijl - zie afbeelding 6) tussen het symbool van de schakelcontactdoos en het gese- lecteerde kanaal. Om beide apparaten te koppelen moeten deze zich in elkaars onmiddellijk nabijheid bevinden. De plaats waar deze koppeling plaatsvindt, dient zich zo ver mogelijk van draadloze stoorzenders te bevinden. Als bijzonder sterke stoorzenders moeten appa- raten worden beschouwd die op zendfrequentie 868 MHz worden gebruikt (meestal zijn dit draadloze koptelefoons, draadloze weerstations, etc.) Het draadloze bereik in open veld bedraagt ca. 150 meter. Binnen in gebouwen ver- kleint dit bereik ook merkbaar, maar in de meeste gevallen is dit nog steeds voldoende voor veilig gebruik. Door kort op de programmeerknop van de schakel- en meetcontactdoos te drukken (zie afbeelding 3, pos. 2) kan de schakelcontactdoos ook manueel worden in- of uit- geschakeld. De schakel- en meetcontactdoos is ingeschakeld wanneer het bedrijfsin- dicatielampje brandt. Afbeelding 5 Afbeelding 6 61Afbeelding 7 c) Koppeling met een draadloze schakel- en meetcontactdoos wissen Druk op de gebruiksklare draadloze meter/thermostaat op de knop “FUNC” tot u op het scherm linksboven “Meter” ziet. Druk nu meer dan twee seconden op de knop “+/ON”. Het symbool voor de schakelcontactdoos begint te knipperen. Als er geen verdere invoer gebeurt, schakelt het apparaat na ca. 20 seconden terug naar de standaardweergave om. Selecteer met de knop “+/ON” de schakelcontactdoos (1, 2 of 3 - zie als voorbeeld afbeelding 7, schakelcontactdoos 1) die u wilt wissen. Druk daarna meer dan twee seconden op de knop “+/ON”. Het wissen is met succes voltooid wanneer het symbool van de gekoppelde schakelcon- tactdoos (zie afbeelding 6) niet meer op het scherm weergegeven. d) Draadloze schakel- en meetcontactdoos selecteren Druk op de gebruiksklare draadloze meter/thermostaat op de knop “FUNC” tot u op het scherm linksboven “Meter” ziet. Selecteer met de knop “+/ON” de schakelcontactdoos (1, 2 of 3 - zie afbeelding 7) die u wilt gebruiken. e) Draadloze schakel- en meetcontactdoos manueel in- of uitscha- kelen Druk op de gebruiksklare draadloze meter/thermostaat op de knop “FUNC” tot u op het scherm linksboven “Meter” ziet. Selecteer met de knop “+/ON” de schakelcontactdoos (1, 2 of 3 - zie afbeelding 7) die u wilt gebruiken. Druk vervolgens op de knop “FUNC” tot op het scherm “Manu” wordt weergegeven. Met de knop “+/ON” kunt u de geselecteerde schakelcontactdoos manueel inschakelen. Met de knop “+/OFF” kunt u de geselecteerde schakelcontactdoos manueel uitschakelen. f) Verbruiksweergave naar een draadloze schakel- en meetcontact- doos terugzetten Druk op de gebruiksklare draadloze meter/thermostaat op de knop “FUNC” tot u op het scherm linksboven “Meter” ziet. Selecteer met de knop “+/ON” de schakelcontactdoos (1, 2 of 3 - zie afbeelding 7) waarvan u de verbruiksweergave wilt resetten. Druk daarna meer dan twee seconden op de knop “-/OFF”. Het resetten naar de verbruiks- weergave is met succes voltooid als het scherm bij de verbruiksweergave 0,000 kW/h wordt weergegeven. 6211. Programmeervoorschriften a) Bedrijfsmodus “Koelen” of “Verwarmen” De draadloze meter/thermostaat kan - op voorwaarde dat geschikte ap- paraten aan de schakelcontactdoos zijn aangesloten - worden gebruik om ruimtes te koelen of te verwarmen. Op het scherm wordt hiervoor ofwel een zon voor verwarmen of een sneeuwvlok voor koelen weergegeven. Verwarmen: Er is een verwarmingsapparaat aan een schakelcontactdoos (bestelnr. 1429367; niet inbegrepen) aangesloten en wordt geactiveerd wanneer een ingestelde tem- peratuur wordt onderschreden. Koelen: Een klimaatregeleenheid is aan een schakelcontactdoos (bestelnr. 1429367, niet inbegrepen) aangesloten en wordt geactiveerd wanneer een ingestelde tempera- tuur wordt overschreden. Druk op de gebruiksklare draadloze meter/thermostaat op de knop “FUNC” tot u op het scherm linksboven “Meter” ziet. Selecteer met de knop “+/ON” de schakelcontactdoos (1, 2 of 3 - zie afbeelding 7) die u wilt gebruiken. Kies het gewenste symbool (zon of sneeuwvlok - zie afbeelding 8) door meer dan drie seconden de knop “+/ON” en de knop “-/OFF” tegelijk in te drukken. b) Bedrijfsmodus “24-uur temperatuurcontrole” De draadloze meter/thermostaat kan - op voorwaarde dat geschikte apparaten aan de schakel- contactdoos zijn aangesloten - worden gebruik om ruimtes te koelen of te verwarmen. Op het scherm wordt hiervoor ofwel een zon voor verwarmen (verwarmingstoestel is aangesloten) of een sneeuwvlok voor koelen (klimaatregeleenheid is aangesloten) weergegeven. Druk op de gebruiksklare draadloze meter/thermostaat op de knop “FUNC” tot u op het scherm linksboven “Meter” ziet. Selecteer met de knop “+/ON” de schakelcontactdoos (1, 2 of 3 - zie afbeelding 7) die u wilt gebruiken. Voor een 24-uurs bewaking kiest u de gewenste bedrijfsmodus (verwarmen of koelen - zie afbeelding 8). Druk vervolgens op de knop “FUNC” tot u “Manu” op het scherm ziet. Linksboven op het scherm verschijnt “Setting”. Druk nu meer dan drie seconden op de knop “FUNC” tot de temperatuuraanduiding op het scherm knippert. Vervolgens kiest u met de knoppen “+/ON” of “-/OFF” de gewenste tempe- ratuur. Druk vervolgens opnieuw op de knop “FUNC”. De 24-uurs temperatuurbewaking is ge- programmeerd. Afbeelding 8 63In het linkerdeel van het scherm ziet u nu de weergavewaarde (Volt, Ampère, Watt, verbruikte energie) van een aangesloten apparaat. In het rechterdeel van het scherm ziet u de geselec- teerde verbinding “Draadloze meetweergave naar draadloze meetcontactdoos” en de huidige temperatuur en tijd. Om de 24-uurs temperatuurbewaking te activeren drukt u eerst op knop “FUNC” tot in de linker schermhelft “Meter” en “Cancel” verschijnen. Dan drukt u op de knop “-/OFF” tot “Manu” op het scherm verschijnt. De draadloze meter/thermostaat zal nu de ingestelde temperatuur be- waken. Als bijvoorbeeld de draadloze schakel- en meetcontactdoos 2 werd geactiveerd, verschijnt het symbool, zoals getoond in afbeelding 9. Voorbeeld: U hebt de bedrijfsmodus “Koelen” en een temperatuur van 22 °C gekozen. Er is een klimaat- regeleenheid aan de geselecteerde schakelcontactdoos aangesloten. Als de temperatuur in de kamer waarin de draadloze meter/thermostaat zich bevindt, gedurende ene bepaalde tijd boven de ingestelde “gewenste temperatuur” van 22 °C stijgt, zal de draadloze meter/thermostaat het signaal “Inschakelen” naar de geselecteerde draadloze schakelcontactdoos verzenden. De klimaatregeleenheid begint te werken. De linkerhelft van het scherm geeft nu afwisselend de netspanning in Volt (V) en de door het aangesloten apparaat benodigde stroom in ampère (A) weer. Bovendien wordt onder deze weergave het vermogen van het aangesloten apparaat in Watt (W) weergegeven. Helemaal onderaan op het scherm wordt de verbruikte stroom in kW/h opgeteld en weergegeven. Als de kamertemperatuur permanent onder de “gewenste temperatuur” (hier 22 °C) daalt, zal de klimaatregeleenheid opnieuw door de draadloze meter/thermostaat worden uitgeschakeld. Om deze 24-uurs temperatuurbewaking te deactiveren drukt u op knop “-/OFF” tot “Cancel” op het scherm verschijnt. Als een 24-uurs temperatuurbewaking opnieuw wordt gedeactiveerd (Cancel), blijft de schakeltoestand behouden die bij het deactiveren actief was. Daarom moet u na het deactiveren in elk geval nog de eventueel ingeschakelde schakelcontactdoos manu- eel uitschakelen (zie hoofdstuk 9). Het temperatuurgestuurde in- en uitschakelen van de schakelcontactdozen en de actualisering van de meetwaarden gebeurt altijd tijdsvertraagd. Als meerdere schakelcontactdozen door de draadloze meter/thermostaat worden gestuurd, kan in principe elke schakelcontactdoos afzonderlijk met “Verwarmen” of “Koelen” worden geprogrammeerd. Aangezien de temperatuurbepaling echter slechts in een kamer (daar, waar de meter/thermostaat zich bevindt) plaatsvindt, raden wij aan om “gelijklopend programmeren” te kiezen (alle toestellen verwarmen of alle toe- stellen koelen). Afbeelding 9 64Er kunnen voor een 24-uurs temperatuurcontrole tot drie draadloze schakel- en meet- contactdozen worden geactiveerd. De door de schakelcontactdoos bepaalde waarden (Volt, ampère, Watt) worden elke drie minuten op het scherm van de draadloze meter/thermostaat geactualiseerd. c) Bedrijfsmodus “Temperatuurcontrole in tijdsintervallen” De draadloze meter/thermostaat kan - op voorwaarde dat geschikte apparaten aan de scha- kelcontactdoos zijn aangesloten - worden gebruik om ruimtes te koelen of te verwarmen. Op het scherm wordt hiervoor ofwel een zon voor verwarmen (verwarmingstoestel is aangesloten) of een sneeuwvlok voor koelen (klimaatregeleenheid is aangesloten) weergegeven. Hiervoor kunnen per schakelcontactdoos tot acht individuele tijdsintervallen met bijhorende “gewenste temperatuur” worden geprogrammeerd. Druk op de gebruiksklare draadloze meter/thermo- staat op de knop “FUNC” tot u op het scherm links- boven “Meter” ziet. Selecteer met de knop “+/ON” de schakelcontactdoos (1, 2 of 3 - zie afbeelding 7) die u wilt gebruiken. Voor een temperatuurbewaking na tijdsintervallen kiest u de gewenste bedrijfsmodus (verwarmen of koelen - zie afbeelding 8). Druk vervolgens op de knop “FUNC” tot u “Auto” en linksboven “Setting” op het scherm ziet. Stel de gewenste geheugenplaats (1- 8) in door op de knop “+/ON” of „-/OFF“ te drukken. Druk nu meer dan drie seconden op de knop “FUNC” tot de temperatuuraanduiding op het scherm knip- pert. Vervolgens kiest u met de knoppen „+/ON“ of “-/OFF” de gewenste temperatuur. Druk vervolgens opnieuw op de knop “FUNC”. Nu knippert de aanduiding voor de weekdag. Stel de gewenste dag in door op de knop “+/ ON” of “-/OFF” te drukken. U kunt ook de dagblokken “maandag tot vrijdag” of “maandag tot zondag” instellen. Druk nu opnieuw op de knop “FUNC”. Nu knippert de uuraanduiding voor de starttijd op het scherm. Stel het juiste uur in door op de knop “+/ON” of “-/OFF” te drukken. Afbeelding 10 65• Druk nu opnieuw op de knop “FUNC”. Nu knippert de minutenaanduiding voor de starttijd op het scherm. Stel de juiste minuten in door op de knop “+/ON” of “-/OFF” te drukken.
  • Druk nu opnieuw op de knop “FUNC”. Nu knippert de uuraanduiding voor de eindtijd op het scherm. Stel het juiste uur in door op de knop “+/ON” of “-/OFF” te drukken.
  • Druk nu opnieuw op de knop “FUNC”. Nu knippert de minutenaanduiding voor de eindtijd op het scherm. Stel de juiste minuten in door op de knop “+/ON” of “-/OFF” te drukken.
  • Druk nu opnieuw op de knop “FUNC”. In het linkerdeel van het scherm ziet u nu de “gewens- te temperatuur”. Na enkele seconden schakelt de elektronica naar de verbruikswaarde van een aangesloten apparaat om. In het rechterdeel van het scherm ziet u de geselecteerde verbinding “Draadloze meetweergave naar draadloze meetcontactdoos” en de huidige tem- peratuur en tijd.
  • Om de temperatuurbewaking via geprogrammeerd tijdsinterval te activeren, drukt u op knop “-/OFF” tot “Auto” op het scherm verschijnt. De draadloze meter/thermostaat zal nu de inge- stelde temperatuur in de geprogrammeerde tijdsintervallen bewaken. Voorbeeld 1: U hebt voor de periode tussen 8.00 u tot 12.00 u de bedrijfsmodus “Koelen” en een temperatuur van 22 °C gekozen. Er is een klimaatregeleenheid aan de geselecteerde schakelcontactdoos aangesloten. Als de temperatuur in de kamer binnen de geprogrammeerde tijdsinterval gedu- rende zekere tijd boven de ingestelde “gewenste temperatuur” van 22 °C stijgt, zal de draadloze meter/thermostaat het signaal “Inschakelen” naar de geselecteerde draadloze schakelcontact- doos verzenden. De klimaatregeleenheid begint te werken. De linker aanduiding op het scherm geeft nu afwisse- lend de netspanning in Volt (V) en de stroombehoefte van het aangesloten apparaat in ampère (A) weer. Bovendien wordt onder deze weergave het vermogen van het aangesloten apparaat in Watt (W) weergegeven. Helemaal onderaan op het scherm wordt de verbruikte stroom in kW/h weergegeven. Als de kamertemperatuur permanent onder de “gewenste temperatuur” (hier 22 °C) daalt, wordt de klimaatregeleenheid opnieuw uitgeschakeld. Om de temperatuurbewaking via tijdsinterval voortijdig te deactiveren drukt u op knop “FUNC” tot “Cancel” op het scherm verschijnt. Als een automatische temperatuurbewaking via tijdsintervallen opnieuw voortijdig wordt gedeactiveerd (Cancel), blijft de schakeltoestand behouden die bij het deac- tiveren actief was. Daarom moet u na het deactiveren in elk geval nog de eventueel ingeschakelde schakelcontactdoos manueel uitschakelen (zie hoofdstuk 9). Als de draadloze schakel- en meetcontactdoos is ingeschakeld en het tijdsinterval komt ten einde, dan wordt de draadloze schakel- en meetcontactdoos onafhankelijk van de kamertemperatuur bij aoop van de eindtijd uitgeschakeld. 66Wanneer een tijdsinterval voor een hele dag moet worden geprogrammeerd, moeten de start- en eindtijd gelijk zijn. In dit geval zouden er wel meer tijdsintervallen kunnen worden geprogrammeerd, maar worden deze tijdsintervallen genegeerd. Bij tijdelijke overlappingen van tijdsintervallen van een draadloze schakel- en meet- contactdoos worden de overlappingen als volgt uitgevoerd: Voorbeeld 1: Tijdsinterval 1 is van 0.00 u tot 5.00 u en tijdsinterval 2 van 0.00 u tot 4.00 u geprogrammeerd. Tijdsinterval 2 wordt hierbij volledig door tijdsinterval 1 overschreven en wordt niet actief. Voorbeeld 2: Tijdsinterval 1 is van 2.00 u tot 5.00 u en tijdsinterval 2 van 1.00 u tot 4.00 u gepro- grammeerd. In dit geval wordt van 1.00 u tot 2.00 u de ingestelde wenstemperatuur uit tijdsinterval 2 bewaakt. Van 2.00 u tot 5.00 u wordt de ingestelde wenstemperatuur uit tijdsinterval 1 bewaakt. d) Tijdsinterval overschrijven Een tijdsinterval kan bij verkeerde invoer of een vraag tot wijziging worden overschreven. Kies het betrokken tijdsinterval, druk langer dan drie seconden op knop “FUNC” en wijzig de waar- de(n), zoals reeds in dit hoofdstuk beschreven. e) Tijdsinterval wissen Een tijdsinterval kan ook volledig worden gewist. Selecteer het gewenste tijdsinterval en druk daarna meer dan twee seconden op de knop “-/OFF”.

12. Uitstalstuk en montagehaak

De meter/thermostaat kan met het in de achterzijde van de behuizing geïntegreerd uitstalstuk op een ondergrond (bv. tafel) worden opgesteld. U kunt eventueel ook met een passende, aan een wand gemonteerde schroef (schroef niet inbegrepen) de draadloze meter/thermostaat aan de in de achterzijde van de behuizing geïntegreerde lus ophangen. 6713. Afvoer a) Product Elektronische apparaten kunnen gerecycled worden en horen niet thuis in het huisvuil. Het product dient na aoop van de levensduur volgens de geldende wettelijke voor- schriften te worden afgevoerd. Verwijder evt. geplaatste batterijen/accu’s en gooi deze afzonderlijk van het product weg. b) Batterijen/accu´s U bent als eindverbruiker volgens de KCA-voorschriften wettelijk verplicht alle lege batterijen/ accu’s in te leveren; verwijdering via het huisvuil is niet toegestaan. Batterijen/accu’s die schadelijke stoffen bevatten worden gekenmerkt door het hier- naast vermelde symbool, dat erop wijst dat deze niet via het huisvuil mogen worden afgevoerd. De aanduidingen voor irriterend werkende, zware metalen zijn: Cd = cad- mium, Hg = kwik, Pb = lood (de aanduiding staat op de batterijen/accu’s, bv. onder het vuilnisbak-symbool dat links afgebeeld is). Lege batterijen en niet meer oplaadbare accu´s kunt u gratis inleveren bij de verzamelplaatsen van uw gemeente, onze lialen of andere verkooppunten van batterijen en accu´s. Zo voldoet u aan de wettelijke verplichtingen voor afvalscheiding en draagt u bij aan de be- scherming van het milieu.

14. Verklaring van Conformiteit (DOC)