RT242202 - Koelkast GAGGENAU - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis RT242202 GAGGENAU in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over RT242202 GAGGENAU
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RT242202 - GAGGENAU en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RT242202 van het merk GAGGENAU.
GEBRUIKSAANWIJZING RT242202 GAGGENAU
nl Gebruiksaanwijzing
RT 242
Einbaugerat
Built-in appliance
Appareil encasable
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen 71
Voordat u het apparaat in gebruik neemt 71
Kinderen in het huishouden 72
Algemene bepalingen 72
Aanwijzingen over de afvoer 72
Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparatus 72
Afvoeren van uw oude apparaat 72
Omvang van de levering 72
Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting 73
Omgevingstemperatuur 73
Beluchting 73
Dejuisteplaats 73
Apparaat aansluiten 73
Elektrische aansluiting 73
Kennismaking met het apparatus 74
Bedieningselementen 75
Inschakelen van het apparatus 75
Aanwijzingen bij het gebruik 75
Instellen van de temperatuur 75
Het vriesvak 75
Koelruimte 75
Verskoelruimte 75
Netto-inhoud 76
De koelruimte 76
Attentie bij het inruimen 76
De verskoelruimte 76
Vochtlade 76
Geschikt om vers te koelen: 76
Niet geschikt voor „verskoelen": 76
Attentie bij het inkopen van levensmiddelen: 76
Bewaartijden (bij 0^ ) 76
Het vriesvak 77
Gebruik van het vriesvak 77
Afsluitindicatie 77
Maximaleinvriescapaciteit 77
Invriezen en opslaan 77
Inkopen van diepvriesproducten 77
Verse levensmiddelen invriezen 77
Diepvrieswaren verpakken 77
Houdbaarheid van de diepvrieswaren 78
Snelvriezen 78
In- en uitschakelen 78
Ontdooien van diepvrieswaren 78
Uitvoering 79
Speciale uitvoering 79
79
Wijn-en champagnerek 79
Voorraadbox voor worst en kaas 80
Ijsbakje 80
Apparaat uitschakelen en buiten werkig stellen 80
Uitschakelen van het apparatus 80
Buiten Werking stellen van het apparaat 80
Ontdooien 81
De koel- en verskoelruimte 81
Het vriesvak 81
Schoonmaken van het apparatus 81
Uitvoering 82
Energie bespare 83
Bedrijfsgeluiden 83
Heelnormalegeluiden 83
Voorkomen van geluiden 83
Kleine storingenzelfverhelpen 84
Servicedienst 86
Verzoek om reparatie en advies bij storingen 86
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen
Voordat u het apparaat in gebruik neemt
Lees de gebruiksaanwijzing en het installmentievoorschrift nauwkeurig door. U vindt daarin belangrijke informatatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparatusat.
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid als de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing Niet in alotter worden genomen. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift voor later gebruik of voor een eventuele latere bezitter.
Het apparaat bevat een geringe hoeveelheid van het milieuvriendelijkke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelcircuit bij het transport of de installmentie Niet beschadigd worden. Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
Bij beschadiging
- Open vuur of andere ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat honden;
Ruiimte gedurende een paar minuten goed luchten; - Apparaat uitschakelen en de stekker UIT het stopcontact trekken;
- Contact opnemen met de Servicedienst.
Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zich waarin het apparaat worden opgesteld. In een tekleine ruimte kan bij eenlek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan.
Per 8 g koelmiddel要去hertvetrekminstens 1m^3 grootzijn.Dehoeveelheidkoelmiddelinuwapparaat
vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het
apparaat.
Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt,要去these wordenervangendoordefabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. Onvakkundige installmentie en reparations kunnen groot gevaar opleveren voor de bezitter.
Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificierde persoon.
Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gebruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan de verilgheidseisen voldoen.
Een verlengsnoer voor de aansluitkabel maguitsluitend via de klantenservice worden aangeschaft.
Bij het gebruik
Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsmaker etc.). Gevaar voor explosie!
- Het apparaat nooit met een stoomreiniger ontdooien of schoonmaken! De hete stoom kan in de elektrische onderdelen verechtkomen en kortsluiting veroorzaken. Kans op een elektrische schok!
- Gebruik geen suntige of scherpe voorwerpen om een laag ijs of rijp te verwijderen. Hierdoor kurz u de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
- Geen producten met brandbare vrijfussen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. Gevaar voor explosie!
- Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc.
niet als opstapje gebruiken of om op te leunen.
- Om te ontdooien of schoon te make: stekker uith het stopcontact trekken resp. de zekeringsuitschakelen of losdraaien. Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel.
- Dranken met een hoog alcoholpercentage.altijd goed afgesloten en staand bewaren.
- Geen olie of vet gebruiken op kunststof onderdelen en deurdichtingen. Ze können pereus worden.
- De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat nooit afdekken.
- Personen (inclusief kinderen) met fysiemeke, sensorische of psychische beperkingen of gebrekige kennis mogen dit apparaat uitsluitend gebruiken indien ze onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of door deze persoon zich ingelicht over de wijze waarop het apparaat dient te worden gebruikt.
- Flessen en blikjes met vloeistoffen - vooral koolzuurhoudende dranken - Niet in de vriesruimte opslaan. De flessen en blikjes können springen!
Diepvrieswaren nadat u ze uit de vriesruimte hebt gehaald, nooit onmiddelijk in de mond nemen. Kans op vrieswonden!
Vermijd langdurig contact van uw handen met de diepvrieswaren, ij's of de verdamperbuizen enz.
Kans op vrieswonden!
Kinderen in het huishouden
- Verpakkingsmaterial en onderdelen ervan zich geen spelelgoed voor kinderen. Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozens en folie!
- Het apparaat is geen spelegoed voor kinderen!
Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!
Algemene bepalingen
Het apparatus is geschikt
- voor het koelen en invriezen van levensmiddelen,
- voor het bereiden van ijs.
Dit apparaat is bestemd voor privégebruik in het huishouden en de huiselijke omgeving.
Het apparatus is ontstoord volgens EU richtlijn 2004/108/EC.
Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd.
Dit apparaat voldoet aan de veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).
Aanwijzingen over de afvoer
Afvoeren van de verpakking van uw(AP) nuewe apparatus
De verpakking beschermt uw apparaat gegen transportschade. De gezrukte materialen zijn onschadelijk voor het milieu en+kunnen opnieu worden gezruikt. Helpaarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk worden afgevoerd.
U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmaterial van het neue apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijk verworking.
Afvoeren van uw oude apparaat
Oude apparaten zich geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijkie afvoer+kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.
Dit apparatus is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). Deze richtlijn geeft het kader aan voor een in de EU geldende terugname en verwerking van oude apparaten.
Waarschuwing
Bij afgedankte apparaten
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen.
- Legplateaus en voorraadvakken Niet eruit halen om het kinderen moeilijk te makeerin te klimmen!
- Laat kinderen nicht met het afgedankte apparatus spelelen. Verstikkingsgevaar!
Koelapparaten bevatten koelmiddel en in de isolatie gas. Die zorgvuldig要去en worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijk fevoer mooten de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport Niet beschadigd worden.
Omvang van de levering
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.
Voor klachten kutu terecht bij de winkel waar u het apparaat hebtaangeschaf of bij once klantenservice.
De levering bestaatuit de volgende onderdelen:
Inbouwapparaat
Uitrusting (modelafhankelijk)
- Gebruiksaanwijzing
Montagevoorschrift
Klantenserviceboekje
- Garantiebijlage
- Informatie over energieverbruik en geluiden
Zakje met montagematerialial
Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting
Omgevingstemperatuur
Het apparaat is voor een bepaalde klimaatklassie geconstrueree. Afhankelijk van de klimaatklassie kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.
| Klimaatklasse Toelaatbare omgevingstemperatuur |
| SN +10 °C tot 32 °C |
| N +16 °C tot 32 °C |
| ST +16 °C tot 38 °C |
| T +16 °C tot 43 °C |
De klimaatklasse staat op het typeplaatje.

Aanwijzing
Het apparaat is volledig functioneel bennen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wonneer een apparaatuit klimaatklasse SN worden gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, hunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5^
Beluchting
De lucht aan deincerijde van het apparaat worden warm. De verwarmde lucht moet ongehinder afgevoerd+kunnen worden. Anders moet de koelmachineeerpresteren.Waardoor het energieverbruik toeneemt.De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!
De juiste plaats
Geschikt voor het opstellen zich droge, ventilierbare vertrekken. Het apparaat liefst Niet in de zon of naast een fornuis, verwarmingsradiator of een andere warmtebronplaatsen. Is plaatsing naast een warmtebron Niet te vermijden, kaak dan gebruik van een isolerende plaat of neem de volgende minimumafstanden in ache:
Naast elektrische of gasfornuizen 3cm
Naast een CV-installatie 30~cm
Apparaat aansluiten
Na hetplaatsen van het apparaat moet u minimaal 1aar wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsystem terecht komt.
Voor het eerste gebruik de bennenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk "Schoonmaken van het apparaat").
Elektrische aansluiting
Het stopcontact要去 in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar�.
Het apparaat voldoet aan beschermklasse I. Het apparaat aansluten op een volgens de voorschriften geinstalleerd 220-240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact moetঃn beveiligd met een zekering van 10 A tot 16 A.
Bij apparaten die in nicht Europese landen worden gebrukt op het typeplaatje controleren of de aansluitspanning en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet. U vindt deze gegevens op het typeplaatje.
Waarschuwing
Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers. Voor onsze apparaten kuren netvoedingsinverters en sinusinverters worden gezruikt. Netvoedingsinverters worden gezruikt bij fotovoltaische installaties die rechtstreeks+zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen (bijv. op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben, moet een sinusinverter worden gezruikt.
Kennismaking met het apparaat
Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan een type van toepassing.
De uitrusting van de modellen kan varieren.
Kleine awijkingen in de afbeeldingen zijn möglichk.

1-6 Bedieningselementen
7 L i c h t s c h a k
8 Verlichting
9 Glasplateau in de koelruimte
10 Verskoellade
11 Vochtfilter
12 Vochtlade
13 Eierrekje
14 Voorraadvak voor tubes en blikjes
15 Vak voor groe flessen
A H e t v r i e s v a k
B K a e Ir r u i mt e
C V e r s k o e l r u i m
Bedieningselementen

1 Toets Aan/Uit
Om het hele apparaat in en uit te schakelen.
2 Toets Snel
Om het snelvriessystem in en uit te schakelen.
3 Temperatuurinsteltoets
Met deze toets worden de gewenste temperatuur ingesteld.
4 Indicatie snelvriezen
Brandt alleen als het snelvriessystem is ingeschakeld.
5 Indicatie cold, fresh en freezer
De indications branden wonneer het apparaat in bedrijf is.
6 Temperatuurindicatie koelruimte
Geeft de ingestelde temperatuur van de koelruimte aan.
Geeft "SU" aan als het supervriessystem is ingeschakeld.
Inschakelen van het apparatus
Het apparaat met de toets Aan/Uit 1 inschakelen (zie Apparaatoverzicht).
De temperatuurindicatie 6 toont de ingestelde temperatuur. De indications 5 "cold ^+ fresh" en "freeze" branden.
Het apparaat begint te koelen, de verlichting is ingeschakeld wanner de deur open is.
Wij raden een instelling van +4^ aan.
Gevoelige levensmiddlesen nicht warmer dan bij +4^ bewaren.
Aanwijzingen bij het gebruik
- Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperaturen zijn bereikt. Vóor dieijd geen levensmiddelen in het apparaat leggen.
- De temperatuur in het vriesvak is afhankelijk van de temperatuur in de koelruimte. Warmere temperaturen in de koelruimteveroorzaken ook warmere temperaturen in het vriesvak.
- Terwijl de koelmachine loopt, vormen zich dooiwaterdruppels of een laagje rijp op dechterwand van de koelruimte. U hoeft de dooiwaterdruppels Niet af te wissen of de rijp af te schrapen. De hinterwand worden automatisch ontdooid. Het dooiwater loopt via de dooiwatergootjes en het afvoergaatje maar het verdampingsgedeelte van het apparaat.
- De scheidingsplaat in de onderste verskoellade is nodig voor een goede werkung en mag nicht worden verwijderd. De temperatuur acheer de scheidingsplaat is lager dan in het voorste gedeelte van de lade.
Instellen van de temperatuur
Het vriesvak
De temperatuur in het vriesvak is afhankelijk van de temperatuur in de koelruimte.
Koelruimte
De temperatuur is instelbaar van +3^ tot +8^ .
Temperatuur-insteltoets 3 net zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur in de koelruimte is ingesteld. De LAST ingestelde waarde worden in het geheugen opgeslagen.
De ingestelde temperatuur wordt op individatie 6 aangegeven.
Verskoelruimte
De temperatuur in de verskoelruimte Cis in de fabriek op ca. 0^ ingesteld. Deze instelling liefst nicht veranderen.
Als zich op de koelwaren rijp of ij's vormen, dan kan de temperatuur warmer worden ingesteld (zie hoofdstuk „Kleine storingen selbst verhelpen").
Netto-inhoud
De gegevens bij de nuttige inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat (zie de afb. in het hoofdstuk „Servicedienst").
De koelruimte
De koelruimte is de ideale bewaarplaats voor klaargemaakte gerechten, brood en banket, conserven, gecondenseerde melk, harde kaas, koudegevoelig fruit en groente en voor zuidvruchten.
Attentie bij het inruimen
- De levensmiddlesen goed verpakt of afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur, kleur en versheid behouden. Bovendien worden voorkomen dat de levensmiddlesen maar elkaar gaan smaken en de kunststof onderdelen verkleuren.
- Warme gerechten en dranken eerst lien afkoelen en pas daarna in het apparaatzetten.
Aanwijzing
Voorkom dat de levensmiddelen dechterwand raken.
Anders worden de luchtcirculatie verminderd.
Levensmiddelen of verpakkingen können aan dechterwand vastvriezen.
De verskoelruimte
De temperatuur in de verskoelruimte (zie Apparaatoverzicht) worden rond de 0^ gehonden. De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid makes ideale omstandigheden möglichk voor het bewaren van verse levensmiddelen.
In de verskoelruimte können levensmiddelen tot drie keer langer vers worden gezhonden dan in de normale koelzone - voor nog langere versheid en behoud van voedingsstoffen en smoak.
Vochtlade
De vochtlade 12 worden afgedekt door een special filter dat de luchtvochtigheid in de lade optimaal houdt. Daardoor heerst er in de vochtlade, afhankelijk van de vulling, een luchtvochtigheid tot 95% . Dit bewaarklimaat is ideaal voor vers fruit, sla, groente, kruiden en championons.
Geschikt om vers te koelen:
In de verskoellade 10:
Vis, zeevruchten, vlees, worstwaren, melkproducten, kant-en-klaarmaaltijden
In de vochtlade 12:
Groente (bijv. worteltjes, asperges, sellerie, look, rode bieten, championons, koolsoorten zoals broccoli, bloemkool, spruitjes, koolrabi)
- Sla (bijv. veldsla, ijsbergsla, witlof, kropsla)
Kruiden (bijv. dille, peterselie, bieslook, basilicum)
Fruit (niet-koudegevoelige soorten, zoals appels, perziken, bessen, druiven)
Niet geschickt voor „verskoelen”:
Koudegevoelige fruit en groente (bijv. zuidvruchten zoals ananas, bananen, papaja's, citrusvruchten en meloenen, evenals tomaten, aubergines, courgettes, paprika's, komkommers, aardappels).
De ideale plaats voor het bewaren van deze levensmiddelen is de koelruimte.
Attentie bij het inkopen van levensmiddelen:
Van belang voor de houdbaarheidsduur is de "versheid op momt van inkoop".
In prince geldt: hoe verser de levensmiddelen in de verskoelruimte worden ingeladen, des te langer blijven ze vers.
Let dan ook bij het inkopen altijd op de versheid van de levensmiddelen.
Neem bij kant-en-klaarproducten en voorverpakte levensmiddelen de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum in acht.
Bewaartijden (bij 0^ )
| Afhankelijk van de kwaliteit op het moment van inkoop |
| Verse vis, zeevruchten max. 3ragen |
| Gevogelte, vlees (gekookt/gebraden) max. 5ragen |
| Rundvlees, varkensvlees, lamsvlees, max. 7ragen worstwaren (broodbeleg) |
| Geroekte vis, broccoli max. 14ragen |
| Sla, venkel, abrikozen, pruimen max. 21ragen |
| Zachté kaas, yoghurt, kwark, max. 30ragen karnemelk, bloemkool |
Gebruik van het vriesvak
- voor het opslaan van diepvriesproducten,
- om ijsblokjes te make,
- voor het invriezen vankleine hoeveelheden levensmiddelen.
Aanwijzing
Let erop dat de deur van het vriesvak goed gesloten is! Bij een open deur ontdooien de diepvrieswaren. In het vriesvak vomt zich een dikke laag ijs. Bovendien: energieverspilling door te hoog stroomverbruik! De deur van het vriesvak sluit met een hoorbare klik.
Afsluitindicatie
(niet bij alle modellen)
De afsluitindicatie geeft aan of de deur van het vriesvak goed gesloten is:
rode indicatie: de deur van het vriesvak is open.
- witte individatie: de deur van het vriesvak is gesloten.

Maximale invriescapaciteit
Gegevens over de maximale invriescapaciteit binnen 24 uur vindt u op het typeplaatje (zie de afb. in het hoofdstuk „Servicedienst").
Inkopen van diepvriesproducten
- De verpakking mag Niet beschadigd়n.
- Neem de houdbaarheidsdatum in acht.
- De temperatuur in de verkoop-koelkist要去 -18^ of kouder zich.
- De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in het vriesvak leggen.
Verse levensmiddelen invriezen
Gebruik uitsluitend verse levensmiddelen.
Om de voedingswaarde, het aroma en de kleur zo goed möglich te behouden, dient groente geblancheerd te worden voordat het worden ingevroren. Bij aubergines, paprika's, courgettes en asperges is blancheren nichtoodzakelijk.
Literatuur over invriezen en blancheren vindt u in de boekhandel.
Aanwijzing
Al ingevrøren levensmiddelen mogen nicht met de nog in te vriezen levensmiddelen in aanrakingkommen.
Geschicht om in te vriezen: Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild, gezogelte, groente, fruit, kruiden, gepelde eieren, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, eenpansgerechten, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes.
- Niet geschickt om in te vriezen: Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kripsla en radijsjes, ongepelde eieren, wijndruiven,—hele appels, peren en perziken, hardgekooke eieren, yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonnaise.
Diepvrieswaren verpakken
De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodate ne iuitrogen of hun smaak verliezen.
- Levensmiddlesen in de verpakking leggen.
- Lucht eruit drukken.
- Het geheel van een goede sluiting voorzien.
- Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.
Voor verpakking geschikt:
Kunststof-, polytheen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen.
Deze producten zijn in de handel verkrijngbaar.
Niet geschikt voor verpakking:
pakpapier, vetvrij papier, cellofaan,
vuilniszakken en gebruike boodschappentasjes.
Als sluiting geschikt:
elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e.d.
Zakjes en folie van polyetheen konnen met een folielasapparaat worden dichtgelast.
Houdbaarheid van de diepvrieswaren
Deze hangt af van het soort levensmiddelen.
Op een temperatuur van -18 °C:
- Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket: tot 6 maanden.
Kaas,gevogelte,vlees: tot 8 maanden.
Groente, fruit: tot 12 maanden.
Snelvriezen
De levensmidelen zo snel möglichk door en door invriezen zodate vitamine, voedingswaarden, uiterlijk en smoak behouden blijven.
Omtveoorkomendat bijhetinladenvan verse levensmiddelen de temperatuur ongewenst stijgt:een paar uur voor het inladen van verse levensmiddelenhetsnelvriessysteme inschakelen.
Als u het max. vriesvermogen wilt gebruiken, dient u 6 uu voor het inladen van de verse waar het snelvriezen in te schakelen.
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen können zonder snelvriezen worden ingevroren.
Aanwijzing
Als het snelvriessystem is ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.

In- en uitschakelen
Toets Snel 2 indrukken.
Wanner het snelvriezen is ingeschakeld, geeft de temperatuurindicatie 6 "SU" aan en brandt de individatie 4 "super".
Het snelvriessystem wird na 24 uur automatischuitgeschakeld.
Aanwijzing
Tijdens het snelvriezen worden de koelruimte iets sterker gekoeld.
Ontdooien van diepvrieswaren
Afhankelijk van soort en bereidingswijze van de levensmiddelen(Int) u kiezen uit de volgende.". mogelijkheden:
- bij omgevingsttemperatuur
in de koelkast
in de elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator
in demagnetron
Attentie
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren nicht opniewu invriezen. Pas na het koken of braden tot een Kant-enklaargerecht konnen ze opniewu worden ingevroen. De maximale bewaartijd worden hierdoor bekort.
Uitvoering
U kunt de legplateaus en de deurvakken maar wens verplaatsen:
- Legplateau maar voren trekken,ients laten zakken en aan de zijkant uitzwenken.

Vakken in de deur iets optillen en eruit halen.

Specialeuitvoering
(niet bij alle modellen)
Serveerschaal

Wijn- en champagnerek

In het wijn- en champagnerek hunnen flessen veilig worden bewaard. Als uplaats nodig hebts voor andere levensmiddelen, dan hunnen de metalen beugels waar boven geklapt worden.
Voorraadbox voor worst en kaas

Het deksel op de worst- en kaasbox kan omgedraaid worden; hierdoor+knen de levensmiddelen gesloten of met beluchting bewaard worden.
Ijsbakje

Het ijsbakje voor 3 / 4 met water vullen en in de diepvriesruimte zetten.
Het vastgevroren ijsbakje alleen met een bot voorwerp losmaken (steel van een lepel).
Om de ijsblokjes los te make: het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water honden.
Apparaat uitschakelen en buiten werkig stellen
Uitschakelen van het apparatus
Toets Aan/Uit 1 indrukken.
De temperatuurindicatie gaat uit en de koelmachine wordtuitgeschakeld.

Buiten werkung stellen van het apparatus
Als u het apparataat langere tijd Niet gebruikt:
- Uitschakelen van het apparaat.
- Stekker uith het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp.uitschakelen.
- Schoonmaken van het apparatus.
- Deur van het apparat open lately.
Ontdooien
De koel- en verskoelruimte
Het apparatus wordt automatisch ontdooid.
Als de koelmachine loopt, vormen zich
dooiwaterdruppels of een laagje rijp op
de weiterwand van de koelruimte. Dit is normalaal. U
hoeft de waterdruppels Niet af te wissen of de rijp af
te schrapen. De weiterwand worden automatisch
ontdooid. Het dooiwater loopt via
het dooiwatergootje. Het dooiwater loopt van
het dooiwatergootje�n de koelmachine waar
het verdampt.

Aanwijzing
Dooiwatergootje en afvoergaatje regelmatig schoonmaken, zodate het dooiwater kan weglopen.
Het vriesvak
Het vriesvak worden nicht automatisch ontdooid. Een te dit diekte laag rijp of ijs vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik. Het vriesvak regelmatig ontdooien.
Attentie
Een laag rijp of ijs Niet met een mes of een scherp voorwerp afterschrapen. U kunt hierdoor de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
U gaat als volgt te werk:
Aanwijzing
Ca. 4 uur vór het ontdooien het supervriessystem inschakelen, zodate levensmiddelen een zeer lage temperatuur bereiken en hierdoor longer bij binnentemperatuur bewaard konnen worden.
- Diepvrieswaren eruit halen en op een koele plek bewaren.
- Uitschakelen van het apparaat.
- Stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien.
- Om het ontdooiprocesse te versnellen een pan met heet water op een onderzetter in het apparaat zetten.
- Dooiwater met een spons of doekje afwissen.
- Wrijf het vriesvak droog.
- Apparaat wee inschakelen.
- Diepvrieswaren wee in het apparatus法制
Schoonmaken van het apparatus
Attentie
- Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.
- Geen schuursponsjes gebruiken. Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
- De legplateaus en Voorraadvakkenogensniet in de afwasmachine gereinigd worden. Ze kannen cervormen!
U gaat als volgt te werk:
- Vór het schoonmaken het apparaat uitschakelen.
- Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen!
- De diepvrieswaren eruit halen en op een koele plaats bewaren.
- Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel. Het sop mag nicht in de verlichting verechtkomen.
- Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven.
- Het sop mag Niet via het afvoergaatje in het verdampingsgedeelte verechtkommen.
- Na het schoonmaken apparaat weer aansluiten en inschakelen.
- Diepvrieswaren wee in het apparaat leggen.
Aanwijzingen
De dooiwatergoot en het afvoergat regelmatin reinigen met wattenstaafjes o.i.d., zodat het dooiwater goed kan weglopen.
- Het stopje in het afvoergaatje van de koelruimte moet er om technische redenen na het schoonmaken wee ingedrukt worden.

Uitvoering
Voor het reinigen konnen alle variabile onderdelen van het apparaat worden verwijderd.
Glasplateaus eruit halen
De glasplateaus optillen, maar voren trekken, lately zakken en zichwaarts verwijderen.

Legplateausuitde deur nemen Legplateaus optillen en verwijder

Reservoir verwijderen
De lade geheel uittrekken en door optillen losmaken van de bevestiging.
Aanbrengen door de lade op de rails teplaatsen en in te schuiven. De lade klikt vast door hem omlaag te drukken.

Vochtfilter eruit halen
Het vochtfilter boven de vochtlade kan worden verwijderd om hem te reinigen. Daartoe eerst de vochtlade verwijderen en het vochtfilter eruit trekken. De filterafdekking, eraf halen en het filter eruit halen. Reinigen in lauw water, lately opdrogen en weeer samenbouwen.

Rails monteren
- Ter demontage de rail vooraaniets in depijlrichting buigen.
- De rail optillen en uit de bevestiging losmaken.
- Ter montage de rail in dechyterste opening steken.
- De rail in de voorste opening steken en maar beneden vastdrukken.

Energie bespare
- Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimteplaatsen! Het apparaat Niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis. Gebruik eventueel een isolatieplaat.
- Warme gerechten en dranken eerst lien afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen!
De diepvrieswaren om te ontdooien in de koelruimte leggen. Hierdoor benut u de koude van de diepvrieswaren voor het koelen van de levensmiddelen. - Deuren van het apparaat zo kort möglichk openen!
- Een laag rijp of ijs in de vriesruimte regelmatig,
lien ontdooien.
Een laag rijp of ijs vermindert de afgithe van
koude aan de diepvrieswaren en verhoogt
het energieverbruik.
Let erop dat de deur van het vriesvak goed gesloten is.
Dechterkant van het apparaat af en toe met met een stofzuiger of borstel reinigen om toename van het energieverbruik te voorkomen.
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Brommen
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).
Borrelen, zoemen of gorgelen
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden
Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat nicht waterpas
Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Leg er zo nodig ieets onder.
Het apparaat staat gegen een ander meubel of apparaat
Het apparatus van het meubel of apparatus ernaat wegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen
Controleer de delen die eruit gehaald kunnen worden enzet ze eventueel opniew in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.
Kleine storingen zich verhelsen
Voordat u de hulp van de Servicdienst inroept:
Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.
Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geben om de storing te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!
| Storing Eventueleoorzaak Oplossing | ||
| De temperatuur wijkt erg af van de instelling. | ||
| De verlichting functioneertiet. | Het lampje B is kapot. Lampje verrangen. | |
| 1. Apparaat uitschaken.2. Stekkeruit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschaken.3. Afdekking maar voren eraf trekken.4. Lampje verrangen.(Reservelamp: 220-240 V wisselstroom, fitting E14, voor wattage zich het kapotte lampje.) | ||
| De lichtschakelaar A klemt. Controller of er beweging in zit. | ||
| Diepvrieswaren zijn vastgevroyen. | ||
| Het vriesvak heeft een dikke laag rijp. | ||
| De bodem van de koelruimte is nat. | De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt. | |
| In de koelruimte is het te koud. | Deur van het vriesvak is geopend. | |
| Deur van het vriesvak sluiten. De deur van het vriesvak sluit met een hoortbare klik. | ||
| Temperatuur warmer instellen. | ||
| Het snelvriezen is ingeschakeld. Snelvriezen uitschaken. | ||
| De koelmachine worden steeds vaker en langer ingeschakeld. | De deur van het apparaat of van het vriesvak worden vaak geopend. | |
| De be- en ontluchtingsopeningen+zijn afgedekt. | ||
| Invriezen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen. | ||
| Storing Eventuele oorzaak Oplossing | ||
| Het apparaat koelt nicht. | Het apparaat is uitgeschakeld. Toets Aan/Uit indrukken. | |
| De verlichting functioneert nicht. | Stroomuitval. Controleren of er stroom is. | |
| De zekering is uitgeschakeld. Zekering controleren. | ||
| Deindicatie brandt nicht | De stekker zit nicht goed in het stopcontact. | Controleer of de stekker goed in het stopcontact zit. |
| De temperatuur in de verskoelruimte is te koud of te warm. | De vaste instelling is te warm of te koud ingesteld (bijv. bij vorst in de verskoelruimte). | De temperatuur in de verskoelruimte kan warmer of kouder worden ingesteld. |
| Temperatuur instellen: | ||
| 1. Apparaat uitschaken met de Aan/Uit-knop 1.2. De Aan/Uit-knop 1 en de temperatuurinsteltoets 3 tegelijkkertijd 1-2 seconden ingedrukt honden totdat op de temperatuurindicatie 6 „88" knippert.3. De temperatuurinsteltoets 3 meermaals indrukken tot de gewenste temperatuur worden weergegeven. Na een minuut worden de ingestelde temperatuur opgeslagen. | ||
Servicedienst
Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kunt u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef a.u.b. aan de Servicedienst het E-nummer (E-Nr.) en het FD-nummer (FD-Nr.) van het apparatus op.
U vindt deze gegevens op het typeplaatje.

Door deze nummers aan de Servicedienst door te给他们 voorkomt u onnodig heb en weer rijden van de monteur en de hieraan verbonden kosten. En de hieraan verbonden kosten.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.

SimpelGids