CH130253 - Oven CONSTRUCTA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CH130253 CONSTRUCTA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CH130253 CONSTRUCTA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CH130253 - CONSTRUCTA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CH130253 van het merk CONSTRUCTA.
GEBRUIKSAANWIJZING CH130253 CONSTRUCTA
[nl] Gebruiksaanwijzing 30
Belangrakteveiligheidsvoorschriften 30
Millievriendelijk afvoeren 31
Uw neue apparatus 32
De toebehoren 32
Voor het eerste gebruik 33
Apparaat bedieren 33
Bakken 34
Braden 36
Grillen 38
Ontdooien 39
Yoghurt 39
Reiniging en onderhoud. 40
Storingen en reparations. 42
Testgerechten 43
Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Lees deze gezbruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kurz u uw apparaat goed en veilig bedieren. Bewaar de gezbruiksaanwijzing voor later gezruik of om door te geben aan een volgende eigenaar. Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Neem het speciale installmentevoerschrift inRCT.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.
Alleen een daartoe bevoegdvakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt worden. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8aar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanner zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust+zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen Niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen Niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8aar of ouder zich en onder toezurecht staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger+zijn dan 8aaruit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Toebehoren als tijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing.
Risico van brand!
- Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard+kennen vlam vatten. Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte. Open nooit de deur wanner er spreke is van rookontwikkeling in het apparaat. Het toestel uitschakelen en de stekkeruit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Wonneer de apparaatdeur geopend worden, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier.altijd met een vom. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag Niet uitsteken over de toebehoren.
Risico van verbranding!
- Het toestel worden zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd lately afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
- Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen alkijd met behulp van een pannenlap UIT de binnenruimte.
- Alcoholdampen können in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen bleine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.
Kans op verbranding!
- Tijdens het gebruik worden de toegankelijkke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt�n.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. De deur van het toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich. - Door water in de hete binnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenuimte gieten.
Risico van letsel!
Wanner er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geenschraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparations zijngevaarlijk.Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijngeinstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uithet stopcontact of schakel de zekering inde meterkast uit. Contact opnemen metde klantenservice.
- De kabelisolation van hetetoestelonderdelen kan smelten. Zorgervoor dat er nooit aansluitkabels van elektrische toestellen in contactkommenet hete onderdelen van het apparatusat.
- Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hagedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
Bij verranging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot verranging overgaat de netstekker uith het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. - Een defect toestel kan een schokveroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Oorzaken van schade
Attentie!
Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toeebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen vom op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanner een temperatuur van meer dan 50^ ingesteld is. Er ontstaat dan een oopenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen nichteer hem email worden beschadigd.
Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
Vochtige levensmiddelen: Geen vouchtige levensmiddelen langereijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd.
Vruchtensap: De bakplaat bij verzichtig vruchtengebak nicht te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, maar vlekken acheter die Niet meer+kunnen worden verwijderd. Gebruik zo möglichk de diepere braadslede.
- Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen latent afkoelen wanner deze afgesloten is. Ook wanner de deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd.
- Sterk verwulde deurdichting: is de deurdichting sterk verwulld, dan sluit de apparaatleur tijdens het gebruik Niet meer goed. De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd.Zorg ervoor dat de deurdichting alttijd schoon is.
Apparaatdeur als vlik om op iets op te leggen of teplaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen.
- Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kuren de toebehoren krassen geven op de deur. Toebehoren altijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven.
Apparaat transporteren: Het apparaat Niet aan de deurgreep vasthonden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat Niet en kan afbreken.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijk manier af. De richtlijn biedt het kader voor de terugname en verwerking
Dit apparatus is conform de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake gebruike elekro- en elektronica-apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE) gekarakteriseerd.
Uw neue apparaat
In dit hoofdstuk vindt u informatie over het toestel.
Bedieningspaneel

Bedieningselement Gebruik
Oven
1 Functiekeuzeknop Functie kiezen (zie het hoofdstuk: Apparaat bedieren)
2 Indicatielampje voor tempera- Het indicatielampje brandt verwij het apparaat voorverwarmt en altijd bij het nawarmen. tuurkeuzeknop
3 Temperaturkeuzeknop Temperatuur kiezen
Kookplaat
4 Indicatielampje voor kookzones Indicatielampje brandt Niet: kookzones uit
Indicatielampje brandt: er is minstens een kookzone aan
5 Bedieningsknop voor kookzo- Kookzones in- en uitschakelen (zie het hoofdstuk: Appraat bedieren, zie de gebruiks- anwijzing bij de kookplaat)
Functies
Functie Toepassing

2D Hetelucht voor het bakken en braden op een of twee niveaus

Boven- en onderwarmte voor het bakken en braden op eeniveau. Bijzonder geschikt voor taarten met een vochtige bedekking (bijv. kwarktaart)

Rondom-grillen voor gezogelte en grotere stukken vlees

Grill, groot voor platte,kleine gerechten van de grill (bijv. steaks, worstjes)

Onderwarmte voor gerechten en bakwaren die aan de onderkant sterker gebruind of krokant moeten worden. Schakel de onderwarmte aan het einde van de baktijd slechts kort in

Ontdooistand voor het voorzichtig ontdooien van vlees, brood en kwetsbaar gebak (bijv. slagroomtaart)

Ovenverlichting als hulp bij het onderhoud en schoonmaken van de binnenruimte
De toebehoren
In dit hoofdstuk krijt u informatie over de toebehoren, de plaatsing van de toebehoren in de binnenruimte, de inschuifhoogtes en de speciale toebehoren.
Toebehoren
Bij de levering van uw apparaat zich de volgende toebehoren inbegrepen:

Bakplaat, aluminium
voort het bakken vanplaatgebak en Klein gebak

Rooster
voor het bakken in vormen, het braden in braadservies en het grillen
Aanwijzing: Als gevolg van grote temperetuurvershillen (bijv. wanner diepvriesproducten in de hete binnenruimte worden geplaatst) kuren de bakplaat en braadslede kromtrekken.
Toebehoren inschuiven
De toebehoren zijn voorzien van een vergrendelingsfunctie. De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de toebehoren kantelen wanneser ze worden verwijderd. De toebehoren dienen op de juiste wijze in de binnenruimte te worden geschoven, zatat de kantelbeveiliging goed werkt.
Let er bij het inschuiven van het rooster op
- dat de ontgrendelnok (a) maar beneden wijst
dat de ontgrendelnok (a) zich achefter het rooster bevindt

Let er bij het inschuiven van de bakplaat of de braadslede op
- dat de ontgrendelnok (a) zich ache ter de toebehoren bevindt
- dat de schuine kant van de toebehorenijdens het inschuiven maar de deur van het toestel is gericht

Inschuifhoogtes
De binnenruimte heeft vier inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden maar boven geteld.
Bij het bakken en braden met 2D Hetelucht inschuifhoogte 2 Niet gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter bak- en braadresultaat.

Extra toebehoren
Extra toebehoren kurz u kopen bij de klantenservice of in specialzaken.
Toebehoren Bestelnr.
Bakplaat, aluminium CZ 1332 X0
Bakplaat, geemailerd CZ 1342 X0
Braadslede met inzetrooster CZ 1242 X1
Inzetrooster om te braden en te grillen, voor 740766 gebruik in de braadslede
Bak-en braadrooster CZ 1432 X1
Pizzavorm CZ 1352 X0
System-stoomapparaat CZ 1282 X3
2-voudige telescopische uitschuifvoorziening CZ 1702 X2
3-voudige telescopische uitschuifvoorziening CZ 1742 X2
4-voudige volledig uitschuifbare telescopi-sche voorziening CZ 1755 X2
Voor het eerste gebruik
Maak het apparaat voor het eerste gebruik schoon
- Toebehoren en verpakkingsresten uit de binnenruimte verwijderen.
-
Toebehoren en binnenruimte schoonmaken met warm zeepsop (zie het hoofdstuk: Reiniging en onderhoud).
-
Boven- en onderwarmte op 240 °C 60 minutes lang verwarmen.
- De afgekoelde binnenruimte met warm zeepsop afnemen.
- Reinig de buitenkant van het apparaat met een zachte, vochtige doek en zeepsop.
Apparaat bedienen
In dit hoofdstuk leest u hoe u het apparaat in- en uitschakelt en een functie en de temperatuur kiest.
Apparaat inschakelen
- Aan de functiekeuzeknop draaien tot de gewenste functie ingesteld is.
- Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot de gewenste temperatuur ingesteld is.
Het indicatielampje brandt verwijl het apparaat opwarmt en.altijd bij het nawarmen.
Apparaat uitschakelen.
- Functiekeuzeknop in de stand o terugdraaien.
- Temperatuurkeuzeknop in de stand ● terugdraaien.
Na het uitschakelen kan de koelventilator nalopen.
Kookplaat in- en uitschakelen
Bij de kookplaat hoort een afzonderlijke gebruiksaanwijzing. Hierin vindt u belangrijke instructies over de veiligheid, eenuitvoerige handleiding voor het instellen en veel informatie over onderhoud en reiniging.
Bakken
Bij het bakken met 2D Hetelucht inschuifhoopte 2 nicht gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter bak- en braadresultaat.
Toebehoren voor het bakken
Bakvormen
Gebruik donkere bakvormen van metaal. Blikken en glazen vormen verlengen de baktijd en het gebak bruin nicht gelijkmatig. Wilt u met blinkken vormen en boven- en onderwarmte bakken, gebruik dan inschuifhooge 1.
Plaats een rechthoekige vorm algid diagonal en een ronde bakvorm algid in het midden van het rooster.
Bakplaten
Wij raden u aan uitsluitend de originele bakplaten te gebruiken, odomat deze optimaal op de binnenruimte en de functies zijn afgestemd.
Schuif de bakplaten altiijd voorzichtig in tot de aanslag. Let erop dat de schuine kanf van de bakplaat altijd maar de apparaatdeur wijst.
Bakken op twee niveaus
Gebruik bij het bakken op twee niveaus bij voorkeur bakplaten en schuif deze tegelijkertijd in.
Houd er rekening mee dat uw gebak op de verschillende niveaus Niet even snel bruin wordt. Het gebak op het onderste niveau wordt het snelst bruin en kan vroeger UIT de oven worden genomen.
Baklabel voor basisdeeg
De opgaven in de tabel zich richtwaarden, die gelden voor bakplaten van aluminium en donkere bakvormen. De waarden können variieren, afhankelijk van de soort en hoeveelheid deeg en de bakvorm.
De waarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
Wij raden u aan om de eerste keer de laagste van de opgegeven temperatures in te stellen. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Wanner u gerechten bakt volgens eigenei receipt, houd dan de waarden van gelijksoortig gebak in de tabel aan.
Neem de aanwijzingen voor het Voorverwarmen in de tabel in acht.
| 2D Hetelucht Boven- en | underwarmte ☐ | ||||
| Basisdeeg Inschuif- | hoogte | Tempera-tuur in °C | Tijdsduur in minutes | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C |
| Roerdeeg | |||||
| Plaatgebak met bedekking 1 150 - 160 30 - 40 1 180 - 190 | |||||
| 1 + 3 150 - 160 35 - 45 -- | |||||
| Spring-/rechthoekige vom 1 150 - 160 55 - 70 2 160 - 170 | |||||
| Zandtaartdeeg | |||||
| Plaatgebak met droge bedekking, bijv. strooisel 1 160 - 170 45 - 55 1 190 - 200 | |||||
| 1 + 3 160 - 170 60 - 70 -- | |||||
| Plaatgebak met vochtige bedekking, bijv. roomglazuur 1 160 - 170 70 - 80 1 190 - 200 | |||||
| Springvorm, bijv. kwarttaart 1 160 - 180 50 - 90 2 170 - 180 | |||||
| Vorm vruchtentaarbodem | 1 | 160 - 170* | 25 - 35 | 2 | 170 - 180* |
| Biscuitbeslag | |||||
| Biscuitrol | 1 | 180 - 190* | 10 - 15 | 1 | 200 - 210* |
| Biscuit (6 eieren) | 1 150 - 160 25 - 40 2 160 - 170 | ||||
| Biscuit (3 eieren) | 1 | 150 - 160* | 25 - 35 | 2 | 160 - 170* |
| Gistdeeg | |||||
| Plaatgebak met droge bedekking, bijv. strooisel 1 160 - 180 45 - 55 1 180 - 200 | |||||
| 1 + 3 170 - 180 50 - 60 -- | |||||
| Gistkrans/-vlecht (500g) | 1 160 - 170 35 - 45 1 180 - 190 | ||||
| Springvorm | 1 160 - 170 30 - 40 2 160 - 170 | ||||
| Tulbandvorm | 1 160 - 170 35 - 45 2 170 - 180 | ||||
| * Oyen voorverwarmen | |||||
| Klein gebak Inschuif-Gistdeeg 1 160 - 170 15 - 25 2 180 - 190 | 2D Hetelucht Boven- en | underwarmte ☐ | |||
| hoogte | Tempera-tuur in °C | Tijdsduur in minutes | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | |
| 1 + 3 160 - 170 20 - 30 -- | |||||
| Baisermassa 1 80 130 - 150 2 80 | |||||
| 1 + 3 | 80 150 - 170 -- | ||||
| Bladerdeeg/soezendeeg | 1 | 190 - 210* | 20 - 30 | 1 | 200 - 220* |
| 1 + 3 | 190 - 210* 25 - 35 -- | ||||
| Roerdeeg, bijv. muffins | 1 | 150 - 160* | 25 - 35 | 1 | 170 - 180* |
| 1 + 3 | 150 - 160* 30 - 40 -- | ||||
| Zandtaartdeeg, bijv. boterkoekjes | 1 | 140 - 150* | 15 - 20 | 2 | 150 - 160* |
| 1 + 3 | 130 - 140* 20 - 25 -- | ||||
- Oven voorverwarmen
- Oven voorverwarmen
| Brood/broodjes | 2D Hetelucht Boven- en | onderwarmte ☐ | |||
| Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | Tijdsduur in minutes | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | |
| Broodjes | 1 | 220* | 15 - 25 | 1 | 240* |
| Plat rond brood | 1 | 220* | 15 - 25 | 1 | 240* |
| Brooddeeg 750 - 1000 g | |||||
| Afbakken | 1 | 220* | 35 - 40 | 2 | 220* |
| Brooddeeg 1000 - 1250 g | |||||
| Voorbakken | 1 | 220* | 10 - 15 | 2 | 240* |
| Afbakken | 1 | 180 | 40 - 45 | 2 | 200 |
| Brooddeeg 1250 - 1500 g | |||||
| Voorbakken | 1 | 220* | 10 - 15 | 2 | 240* |
| Afbakken | 1 | 180 | 40 - 50 | 2 | 200 |
Baktabel voor gerechten en kant-en-klare diepvriesproducten
Let op de volgende punten:
Bekleed de bakplaat met bakpapier
Leg frites nicht op elkaar
Keer diepvries-aardappelproducten na de helft van de baktijd om.
Kruid diepvries-aardappelproducten pas na het bakken
Zorg ervoor dat er wat ruimte tussen voergebakken broodjes is wanner u deze afbakt. Leg er nicht te veel op de bakplaat
Neem de aanwijzingen van de fabrikant in ache
De opgaven in de tabel zich richtwaarden, die gelden voor bakplaten van aluminium. De waarden konnen varieren, afhankelijk van de soort en hoeveelheid deeg en de bakvorm.
Wij raden u aan om de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in te stellen. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
De opgaven in de tabel gelden voor producten die in de onverwarmde oven worden geplaatst.
- Oven voorverwarmen
| Gerechten | 2D Hetelucht ☑ | Boven- en onderwarmte ☐ | |||
| Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | Tijdsduur in minu-ten | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | |
| Pizza, vers | 1 | 180 - 190 | 20 - 30 | 1 | 210 - 230* |
| 1 + 3 | 170 - 180 | 35 - 45 | - | - | |
| Flammkuchen | 1 | 190 - 200* | 15 - 25 | 1 | 210 - 230* |
| Quiche | 1 | 170 - 180 | 45 - 55 | 2 | 200 - 220 |
| Taart | 1 | 190 - 200* | 30 - 45 | 1 | 200 - 220* |
| Zwitsserse vruchtentaart | 1 | 170 - 190* | 45 - 60 | 1 | 190 - 210* |
| 2D Hetelucht ☑ | Boven- en onderwarmte ☐ | ||||
| Gerechten | Inschuif- hoogte | Tempera- tuur in °C | Tijdsduur in minu- ten | Inschuif- hoogte | Tempera- tuur in °C |
| Gegratineerde aardappels van ongekoohte aardappels 1 180 - 190 60 - 70 2 200 - 220 | |||||
| Strudel, diepvries 1 180 - 200 35 - 45 1 200 - 220 | |||||
| Pizza, diepvries 1 180 - 200 10 - 20 1 210 - 230 | |||||
| 1 + 3 170 - 190 20 - 30 -- | |||||
| Aardappelproducten, diepvries | |||||
| Frites 1 190 - 210 20 - 30 1 200 - 220 | |||||
| 1 + 3 170 - 190 30 - 40 -- | |||||
| Krokten/Rösti 1 180 - 200 25 - 35 1 190 - 210 | |||||
| Brood en banket | |||||
| Broodjes, diepvries 1 180 - 200 5 - 15 2 190 - 210 | |||||
| Voorgebakken broodjes, diepvries 1 180 - 200 10 - 20 2 180 - 200 | |||||
| Voorgebakken broodjes 1 180 - 200 5 - 15 2 190 - 210 | |||||
| * Oven voorverwarmen | |||||
| Tips en trucs | |||||
| Het gebak is telicht Inschuifhoogte en aanbevolen bakgerei controeren. De bakvorm op het rooster en Niet op de bakplaatplaatsen. Langere baktijd of hogere temperatuur aanhouden. | |||||
| Het gebak is te donker | Inschuifhoogte controeren. Een kortere baktijd of lagere temperatuur aanhouden. | ||||
| Het gebak in de bakvorm is ongelijkmatag tig bruin geworden | Inschuifhoogte en temperatuur controeren. Bakvorm Niet direct voor de luchtuitlaat van dechterwand van de binnenruimteplaatsen. Controleer of de bakvorm goed op het rooster staat. | ||||
| Het gebak op de bakplaat is ongelijkmatag tig bruin geworden | Inschuifhoogte en temperatuur controeren. Bij het bakken vanklein gebak gelijke groot- tes en diktes aanhouden. | ||||
| Het gebak is te droog. | Een kortere baktijd en een wat hogere temperatuur aanhouden. | ||||
| Het gebak is van binnen te vochtig | Temperatuur verlagen Let op: baktijden kunnen door hogere temperaturen Niet korter worden (van buiten gaar, van binnen nicht). Baktijd verlungen en het deeg longer latent rij- zen. Minder vloeistof aan het deeg of beslag toevoegen. | ||||
| Het gebak zakt in nadat u het uit de oven heeft genomen. | Minder vloeistof aan het deeg of beslag toevoegen. Baktijd verlungen of de temperatuur verlagen. | ||||
| De opgegeven baktijd is Niet juist | Controleer bij klein gebak de hoeveelheid op de bakplaat. Klein gebak mag elkaar Niet raken. | ||||
| Diepvriesproduct is na het bakken Niet overal gelijkmatig bruin geworden | Wonneer diepvriesproducten na het voorbakken in ongelijke mate bruin+zijn geworden blijft dit zo na het bakken. | ||||
| Diepvriesproduct is Niet bruin, Niet knap- perig of de opgegeven tijd is Niet juist | Verwijder voor het bakken het ijrs van het diepvriesproduct. Gebruik geen sterk met ijrs bedekte diepvriesproducten. | ||||
Braden
Kans op letsel door gebruik van nicht hittebestendige schalen!
Gebruik alleen braadvormen die special voor de oven bestemd zich.
Bij het braden met 2D Hetelucht inschuifhoogte 2 nicht gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter braadresultaat.
Open braden
Voor het open braden worden een vorm zonder deksel gebruikt. Giet zo nodig wat vloeistof in de braadvorm. Tijdens het braden verdampt de vloeistof. Voeg zo nodig voorzichtig hete vloeistof toe.
Keer het vlees na ca. de helft of twee derde van de braadtijd om.
Bakken in de braadslede
De braadslede kurz u als accessoire kopen in uw specialzaak (zie het hoofdstuk: Toebehoren).
Tijdens het braden in de braadslede ontstaat braadsap. Dit braadsap(Int u als basis voor een smakelijk saus gebruiken.
Bij het braden in de braadslede(Intu ook bijgerechten (biv. groenten) mee latent garen.
Bij Kleinere stukken vlees kut u in plaats van de braadsleede een Kleinere braadvorm gebruiken. Plaats deze direct op het rooster.
Gesloten braden
Voor het gesloten braden worden een braadvorm met deksel gebruikt. Gesloten braden is zeer geschikt voor stoogerechten.
Braadtabs
De braadtijd en temperatuur zijn afhankelijk van de grootte, de hoogte, de kwaliteit en het soort vlees.
In het algemeen geldt: Hoe groter het braadstuk, des te lager de temperatuur en des te langer de braadduur.
De opgaven in de tabel zich richtwaarden en gelden voor het braden zonder deksel. De waarden+kennen variieren, afhankelijk van het soort en de hoeveelheid vlees en de braadvorm.
Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Laat het vlees na afloop van de braadtijd nog ca. 10 minuten rusten in de uitgeschakelde, gesloten binnenruimte. Bij de opgegeven braadtijd is de aanbevolen rusttijd Niet inbegrepen.
De opgaven in de tabel gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.
| Vlees Inschuif- | 2D Hetelucht Boven- en | onderwarmte ☐ | |||
| hoogte | Tempera-tuur in °C | Braadtijd in minuten | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | |
| Gehakt (van 500 g vlees) | 1 | 170 - 180 | 60 - 70 | 2 | 200 - 210 |
| Vis, heel (300 g) | 1 | 160 - 170 | 30 - 40 | 3 | 180 - 200 |
| Vis, heel (700 g) | 1 | 160 - 170 | 40 - 50 | 2 | 180 - 200 |
| Varkensvlees | |||||
| Filet, medium (400 g) | 1 | 170 - 180 | 30 - 45 | 3 | 200 - 220 |
| Braadstuk met zwaerd (1,5 kg) | 1 | 160 - 170 | 120 - 150 | 2 | 190 - 210 |
| Braadstuk, doorregen, zonder zwaerd, bijv. nef (1,5 kg) | 1 | 160 - 170 | 100 - 130 | 2 | 190 - 210 |
| Braadstuk mager (1 kg) | 1 | 170 - 180 | 80 - 100 | 2 | 200 - 220 |
| Casselerrrib | 1 160 - 180 60 - 80 2 190 - 210 | ||||
| Rundvlees | |||||
| Filet, medium (1 kg) | 1 | 180 - 190 | 40 - 60 | 2 | 200 - 220 |
| Rosbief, medium (1,5 kg) | 1 | 180 - 190 | 30 - 45 | 2 | 200 - 220 |
| Stoofvlees (1,5 kg)* | 1 | 170 - 180 | 120 - 150 | 2 | 200 - 220 |
| Kalfsvlees | |||||
| Kalfsvlees/-borst (1,5 kg) | 1 | 160 - 170 | 90 - 120 | 2 | 180 - 200 |
| Schenkel | 1 | 160 - 170 | 100 - 130 | 2 | 190 - 210 |
| Gevogelte (ongevuld) | |||||
| Kip, heel (1 kg) | 1 | 170 - 180 | 60 - 70 | 2 | 200 - 220 |
| Eend, heel (2 - 3 kg) | 1 | 160 - 170 | 90 - 120 | 2 | 190 - 210 |
| Gans, heel (3 - 4 kg) | 1 | 150 - 160 | 130 - 180 | 2** | 180 - 200 |
| * Stoofvlees gesloten braden ** bij een hoog gerecht inschuifhoopte 1 gebruiken | |||||
Tips en trucs
| Korst te dik en/of vlees te droog | Inschuifhoogte controleren. Lagere temperatuur of kortere braadtijd aanhouden. |
| Korst te dun | Temperatuur verhogen of na afloop van de braadtijd de grill even inschakelen. |
| Het vlees is van binnen nicht gaar | Neem de toebehoren die Niet nodig+zijn uit de binnenruimte. Braadtijd verllogen. Controleer met behulp van een vleestermometer de kernttemperatuur van het vlees. |
| Waterdamp in de binnenruimte staat neer op de apparaatdeur | Wanner het apparaat aan is, verdwijnt de waterdamp geleidelijk. Bij zeer veel water-damp(Intkort u kort en voorzichtig de apparaatdeur openen, zDat hij sneller verdwijnt. |
Grillen
Attentie!
Schade door hoge temperaten: In de binnenruimte ontstaat een zeer hoge temperatuur. Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten. Nooit met een geopende apparaatdeur grillen.
Gebruik alkijd het rooster en de braadslede om te grillen. U kunt de braadslede in specialzaken verkrijgen als toebehoren (zie het hoofdstuk: Toebehoren). Plaats het rooster op de inschuifhoogte die in de grillabel worden weergegeven. Om verontreiniging te voorkomen, plaatst u de braadslede eeniveau lager. Leg de te grillen producten alkijd in het midden van het rooster.
Aanwijzing: De braadslede allijd in de normale toestand (niet omgekeerd) gebruiken.

Let erop dat bij het grillen van meerdere stukken vlees gelijke vleessoorten met gelijke dikte en gewicht worden gebruikt.
Random-grillen
Rondom grillen is bijzonder geschikt voor gevogelte of vlees (bijv. varkensvlees met zwaerd), dat rondom knapperig gegrild moet worden.
Keer de gerechten van de grill na ca. de helft tot twee derde van de grillijd om.
Steek bij eend en gans het vel onder de vleugels en boutevast, zodate het vet er goed uit kan braden.
Bij het rondom-grillen op het rooster kan al naargelang het te grillen gerecht de binnenruimte sterker verruild raken. Maak de binnenruimte na gebruik waarom algid schoon, zodat het vuil nicht inbrandt.
De gegevens in de tabel zichn richtwaarden, die gelden voor de geemailleerde braadslede met rooster. De waarden konnen al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variieren.
Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Laat de gerechten van de grill aan het einde nog ca.
10 Minutes rusten in de uitgeschakelde, gesloten oven. Bij de opgegeven grillijd is de aanbevolen rusttijd nicht inbegrepen.
De opgaven gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.
| Gerechten van de grill Inschuifhoopte Temperatuur in °C Grilltijd in Minutes | ||
| Rosbief, medium 2 220 - 240 40 - 50 | ||
| Lamsbout zonder been, medium 2 170 - 190 120 - 150 | ||
| Varkensvlees | ||
| Gebraden varkensvlees met zwaerd 2 170 - 190 140 - 160 | ||
| Varkensschenkel 2 180 - 200 120 - 150 | ||
| Gevogelte (niet gezuld) | ||
| Halve kippen, 1 - 2 stuks 2 210 - 230 40 - 50 | ||
| Kip, heel (1 - 2 stuks) 2 200 - 220 60 - 80 | ||
| Eend, heel (2 - 3 kg) | 2 | 180 - 200 90 - 120 |
| Gans, heel (3 - 4 kg) | 2 150 - 170 130 - 160 | |
Vlakgrillen
Gebruik voor platte grillgerechten het groe grill-oppervlak Zet de gerechten van de grill altijd midden op het rooster.
Bestrijk de gerechten maar wenslicht met olie.
Keer de gerechten van de grill na ca. de helft tot twee derde van de grillijd om.
De opgaven in de tabel zich richtwaarden. De waarden können al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variieren. Ze gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.
| Gerechten van de grill | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | Grilltijd in minutes | Aanwijzingen |
| Worsten | 4 | 250 | 10 - 14 | Licht insnijden |
| Groente | 4 | 270 | 15 - 20 | |
| Toast met bedekking | 3 | 220 | 10 - 15 | De inschuifhoogte worden bepaald door de hoogte van het product |
Varkensvlees
| Filetsteaks, medium (3 cm dik) | 4 | 270 | 12 - 15 |
| Steak, doorbakken (2 cm dik) | 4 | 270 | 15 - 20 |
Rundvlees
| Filesteaks (3 - 4 cm dik) | 4 | 270 | 15 - 20 | Afhankelijk van de gewenste gering konnen grillijden worden verkort of verlengd |
| Tournedos | 4 | 270 | 12 - 15 | |
| Gerechten van de grill | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | Grilltijd in minutes | Aanwijzingen |
| Lamsvlees | ||||
| Filets 4 270 8 - 12 Afhankelijk van de gewenste gering+kunnen grilltijden | worden verkort of verlengd | |||
| Koteletten 4 270 10 - 15 | ||||
| Gevogelte | ||||
| Kippenboute n 3 250 25 - 30 Door de huid in te steken kan blaasvorming bij het | ||||
| Kleine kipdelen 3 250 25 - 30 | grillen worden voorkomen | |||
| Vis | ||||
| Steaks 4 220 15 - 20 Delen要去 even dik+zijn | ||||
| Koteletten 4 220 15 - 20 | ||||
| Hele vis 3 220 20 - 25 | ||||
Ontdooien
In dit hoofdstuk leest u hoe u met 2D Hetelucht of met de ontdooistand ontdoit.
Ontdooien met 2D Hetelucht
Gebruik voor het ontdooien en garen van diepvriesproducten de functie 2D Hetelucht.
Houd hierbij rekening met het volgende:
- Ontdooide diepvriesproducten (vooral vlees) haben kortere bereidingsstijden nodig dan verse producten
- De bereidingstijd van diepvriesvlees worden verlangd met de tijd die nodig is voor het ontdooien
Diepvriesgevogelte dient u voor de bereiding altijd te ontdooien om de ingewanden te konnen verwijderen
Maak diepvriesvis opdezelfde temperatuur klaar als verse vis
U kunt kant-en-klare diepvriesgroente in aluminiumschalen in grotere hoeveelheden gelijktijdig in de binnenruimte plaatsen - Gebruik bij het ontdooien op een niveau inschuifhoogte 1 en op twee niveaus inschuifhoogte 1 + 3
Houd u bij diepvrieslevensmiddelen aan de aanwijzingen van de fabrikant
| Diepvriesgerecht | Tempera-tuur in °C | Ontdooitijd in minutes |
| Rauwe diepvriesproducten/ diep- vrieslevensmiddelen | 50 | 30 - 90 |
| Brood/broodjes (750 - 1500 g) | 50 | 30 - 60 |
| Droog diepvriesplaatgebak | 60 | 45 - 60 |
| Vochtig diepvriesplaatgebak | 50 | 50 - 70 |
Ontdooistand
Met de functie Ontdooistand kunt u bijzonder goed gevoelig gebak (bijv. slagroomtaart) ontdooien.
- De functie Ontdooistand inschakelen.
- Diepvriesproduct afhankelijk van de soort en grotte 25 - 45 minutes ontdooien.
- Diepvriesproduct uit de binnenruimte nemen en 30 - 45 minutes latent rusten.
Bijkleinehoeveelheden(stukjes)worddetondooitijd 15-20 minuten en de rusttijd10-15 minuten korter.
Yoghurt
Met uw apparaat kutu de yoghurt ook zelf make. Hiervoor wordt de warmte van de ovenverlichting gebruikt.
- Toebehoren en inhangroosters verwijderen.
2.1 Liter gesteriliseerde melk (3,5%) vet) of gespasteuriseerde melk tot 40^ opwarmen of
1 Liter gespasteuriseerde melk een keer opkoken en tot 40^ latent afkoelen.
-
150 g yoghurt bij de warme melk doeon, er doorheen roeren en hier gelijkmatig potjes ofkommen mee vullen. Niet meer dan 200 ml per glas/schaaltje.
-
De potjes ofkommen met een passend deksel of plasticfolie afdekken.
- Oven met groot grill-oppervlak 15 minutes bij 100^ voorverwarmen.
- Vervolgens de functiekeuzeknop op Ovenverlichting zetten.
- Vormen op gelijke afstand van elkaar verdelen over de hele bodem van de binnenruimte en de apparaatdeur sluiten.
- Na 8 eer de ovenverlichting uitschakelen en de vormen minimaal 12 eer in de koelkast plaatsen.
Reiniging en onderhoud
Risico van kortsluiting!
Gebruik geen hagedrukreiniger of stoomstraalapparaat om uw apparaat schoon te make.
Attentie!
Schade aan het oppervlak door verkeerde reiniging: Gebruik geen
scherpe of schurende schoonmaakmiddelen
alcoholhoudende schoonmaakmiddelen
schurende reinigingshulpen zoals staalwol of schuursponzen.
Houd u aan de opgaven in de tabellen.
Aanwijzing: Via de klantenservice kurz u bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en onderhoudsmiddelen betrekken. Neem de betreffende aanwijzingen van de fabrikant in acht.
Het apparatus van buiten reinigen
Apparaatonderdeel/ Reinigingsmiddel/-hulp oppervlak
| Roestvrijstalen oppervlakken | Schoonmaakmiddelen met een zachté, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachté doek nadrogen. Gebruik bij sterke verruiling een reinigingsmiddel voor gematteerd roestvrij staal. |
| Gelakte oppervlak- ken/Glazen opper- vlakken | Schoonmaakmiddelen met een zachté, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachté doek nadrogen. |
| Ruiten van de deur | Glasreinigings- of schoonmaakmiddelen met een zachté, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachté doek nadro- gen. De binnenste deurruit van de apparaat- deur heeft een coating die een lichte uit- straling kan hebben. |
Binnenruimte reinigen
Attentie!
Schade aan het oppervlak! Maak geen gebruik van special voor ovens bestemde schoonmaakmiddelen.
Aanwijzingen
Op het email{kunnen om technische redenen kleurverschillen te zien,zijn.Dit heeft geen invloed op de werking.
De randen van dunne platen konnen ruw+zijn.De bescherming gegen corrosie is echter gegarandeerd.
Apparaatonder- Reinigingsmiddel/-hulp deel
| Emaillen vlakken | Schoonmaakmiddelen of azijnwater met een zachte,vochtige doek of zeem opbren- gen;met een zachte doek nadrogen.Inge- brande voedselresten met een vochtige doek en schoonmaakmiddel losweken.De binnenruimte na het schoonmakers open laten om te drogen. |
| Bij sterke verontreiniging adviseren wij het gebruik van een ovenreiniger.Bij het schoonmakers met ovenreiniger dient u zich te houden aan de opgaven van de fabrikant. |
Deurdichting Warm zeepsop
Inhangroosters Warm zeepsop:
laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel.
Apparaatonder- Reinigingsmiddel/-hulp deel
| Telescooprails Warm zeepsop: |
| reinigen met een schoonmaakdoekje of bor-stel. |
| Verwijder het smeervet Niet van de uitschuifrails. U kunt ze het Beste reinigen wanner ze ingeschoven zich. |
| Niet lately weken of schoonmaken in de vaatwasmachine. |
Toebehoren Weken in warm zeepsop. Met borstel en spons schoonmaken of in de vaatwasmchine reinigen.
Vervuiling vermijden
Maak de binnenruimte na gebruik alkijd schoon, odomat het vuil bij later gebruik inbrandt en moeilijk kan worden verwijderd. Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken alkijd onmiddelijkj.
Gebruik zo möglichk de functie 2D Hetelucht. Bij deze functie treedt minder verruiling op
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen
Om gemakkelijker schoon te makek Aunt u de apparaatdeur verwijderen.
Risico van letsel!
De scharnieren van de apparaatdeur hunnen met groe kracht terugklappen. Klap de blokkeerhendels van de scharnieren om de deur te hunnen verwijderen algijd helemaal open en na het inbrengen weeher helemaal zich. Kom Niet met uw handen aan het scharnier.
Risico van letsel!
Hangt de apparaatdeur er aan een Kantuit, kom dan niel met uw handen aan het scharnier. Het scharnier kan met große kracht terugklappen. Neem contact op met de klantenservice.
Apparaatdeur verwijderen
- Apparaatdeur helemaal openen.
- Blokeerhendels links en rechts helemaal openklappen.

De scharieren zijn beveiligd en{kunnen nicht dichtklappen.
- De apparaatdeur zo ver sluiten tot u merkt dat er een waterdstand is (Afbeelding A).
- Met bye handen links en rechts vastpakken, jets verdier sluiten en eruit trekken (Afbeelding B).


Apparaatdeur inbrengen
- De scharnieren in de houders links en rechts plaatsen (Afbeelding C).
De keep van beiden scharnieren moet inklikken. - Apparaatdeur helemaal openen.
- Blokkeerhendels links en rechts—helemaal dichtklappen (Afbeelding D).


De apparaatdeur is beveiligd en kan nicht meer worden verwijderd.
- Apparaatdeur sluiten.
Ruiten van de deur schoonmaken
Om gemakkelijker schoon te makek sunt u de binnenste ruit van de apparaatdeur verwijderen.
Risico van letsel!
De componenten van de apparaatdeur können scherpe randen hebben. Hierdoor kurz u snijwonden oplopen. Draag veiligheidshandschoenen.
Risico van letsel!
Gebruik het apparaat pas wijweer wanner de ruiten en de apparaatdeur maar behoren zich aangebracht.
Deurruit verwijderen
Aanwijzing: Let er voordat u de ruit verwijdert op in welke positie hij is ingebracht, zodate u hem later Niet verkeerdplaatst.
- Deur verwijderen en met de voorkant waar beneden op een zachtte, schone ondergrond leggen (zie het hoofdstuk: apparaatdeur verwijderen en inbrengen).
- De afscherming bovenaan de apparaatdeur afnemen. Hiervoor links en rechts het lipje met de vingers indrukken (Afbeelding A).
- Deurruit optillen en earmu buien trekken (Afbeelding B).


Reinigen
Reinig de deurruiten met glasreiniger en een zache doek.
Risico van letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Deurruit inbrengen
- Deurruit schuin maar achefteren in beiden holders inschuiven tot de aanslag. Het gladde vlak moet zich aan de buitenkant bevinden.

- De afscherming plaatsen en aandrukken tot hij vergrendeld is.
- Apparaatdeur weer inbrengen
Inhangroosters reinigen
U kunt de inhangroosters verwijderen om ze gemakkelijker schoon te make.
Risico van verbranding door hete onderdelen in de binnenruimte!
Wacht tot de binnenruimte afgekoeld is.
- Inhangroosters aan de voorkant maar boven drukken enaar opzij verwijderen (Afbeelding A).
- Inhangroosters aan de achterkant waar voren trekken enaar opzij verwijderen (Afbeelding B).


- Inhangroosters met afwasmiddel en spons of een borstel reinigen.
- De inhangroosters alsijd met de welving (a) maar beneden inbrengen, zodate inschuifhoogtes kloppen.
- Inhangroosters achefter tot de aanslag inbrengen en maar achteren drukken (Afbeelding C).
- Inhangroosters voor tot de aanslag inbrengen en waarbeneden drukken (Afbeelding D).


Storingen en reparatives
Ga voordat u de klantenservice belt na of de tips in de volgende tabellen van nut+kunnen zich.

Kans op een elektrische schok!
Werkzaamheden aan de elektronica van het apparaat mogen alleen door eenvakman worden uitgevoerd.
Bij het werken aan de elektronica van het apparaat beslct de netstekker uit het stopcontact halen. Automatische beveiliging activeren of de zekering in de meterkast van uw wonig eruit draaien.
Storing MogelijkeoorzaakOplossing
| Elektrische functie vertoont een storing(bijv. individielampjes branden nicht meer) | Zekering defect Zekeringen in de meterkast controleren, eventuele verrangen | |
| Vloeistof dunvloeibaar deeg worden zeer eenzijdig verdeld | Apparaat Niet waterpas ingebouwd Inbouw | van het apparaat controleren(zie Installatievoorschrift) |
| Bij het braden of grillen ontstaat een walm | Vet op het grillelement verbrandt | Verder grillen of braden tot het vet op het grillelement verbrand is |
| Rooster of braadslede verkeerd ingescho-ven | Inschuifhoogtes controleren (zie het hoofd-stuk: Braden of grillen) | |
| In de binnenruimte treedt meer con-denswater op | Normaal verschijnsel (bijv. bij gebak metzoer vochtige vulling of een groot braad-stuk) | Apparaatdeur tijdens het gebruik af en toe kort openen |
| Geëmailleerde toebehoren vertonen matte,lichte vlekken | Normaal verschijnsel door afduipendvlees- of vuchtensap | Niet möglich |
| Deurruien zich beslagen Normaal verschijnsel, dat ontstaat doortemperatuurverschillen | Apparaat bij 100 °C opwarmen en na5 minutes weeer uitschakenen | |
Ovenlamp verrangen
Een defecte ovenlamp dient te worden verrangen.
Reservelampen kurz u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak: E14, 220 - 240 V, 40 W, hittebestendig tot 300^ . Gebruik uitsluitend originele ovenlampen.
Kans op een elektrische schok!
Maak het apparaat stroomloos. Activeer de zekeringsautomaat of draai de zekering van de meterkast van uw wonig eruit.
- Theedoek in de koude binnenruimte leggen, om schade te voorkomen.
- Glazen afterscherming aan links draaien en afnemen.

- Ovenlamp verrangen door een van hetzelfde type.
- Glazen afterscherming er weein schroeven.
- Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Aanwijzing: Gebruik rubberhandschoenen wanner de glazen afterscherming er nicht afgedraaid kan worden. Of bestel een demontagehulp bij de klantendienst (Bestelnr. 613634).
Deurdichting verrangen
Is de deurdichting defect, dan moet deze worden verrangen.
Vervangende afdichtingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice.
De deurdichting is op vier punten bevestigd (Afbeelding A). Om de dichting te verrangen de haken op alle vier deplaatsen losmaken resp. bevestigen (Afbeelding B).


De bevestiging van de dichting vooral in de hoeken nog eens controleren.
Servicedienst
Bij storingen en reparaties die u Niet zich kunt oplossen, staat de servicedienst voor u klaar.
De contactgeevens vindt u in de lijst met klantenservicebureau
Aanwijzing: Het kost u geld wonneer u wegens een bedieningsfout contact opneem met de klantenservice.
Wanner u contact opneert met de klantenservice het E-nummer en FD-nummer opgeven.
U vindt deze op het typeplaatjechyter de apparaatdeur linksonder aan de zijkant.
E-nr.FD
Meer informatie over producten, accessoires, onderden en Diensten vindt u op het internet: www.constructa.de en in de online-shop: www.constructa-eshop.com
Testgerechten
Testgerechten volgens de norm EN 50304/EN 60350 (2009) resp. IEC 60350. Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in de tabellen in acht.
| Bakken Inschuif- | hoogte | Functie Temperatuur in °C | Tijdsduur in minu- ten |
| Sprits 2 ☐ 160 - 170* 20 - 25 | |||
| 1 [4] 140 - 150* 15 - 25 | |||
| 1 + 3 [4] 140 - 150* 20 - 30 | |||
| Small cakes (20 stucks perplaat) 2 ☐ 160 - 170** 20 - 30 | |||
| 1 [4] 150 - 160** 20 - 30 | |||
| 1 + 3 [4] 140 - 150** 30 - 40 | |||
| Waterbiscuit 2 ☐ 160 - 170* 25 - 35 | |||
| 1 [4] 150 - 160* 25 - 35 | |||
| Bedekte appeltaart*** (vormen naast elkaar, afbeelding A) 1 ☐ | 190 - 200 70 - 80 | ||
| Bedekte appeltaart*** (vormen diagonal geplaatst, afbeelding B) | 1 + 3 [4] 170 - 180 60 - 70 | ||
- Oven voorverwarmen
10 Minutes Voorverwarmen
* Plaatstaal gebruiken


| Grillen Inschuif- | hoogte | Functie Temperatuur in °C | Grilltijd in minutes |
| Toast (braadslede + rooster) | 3 + 4 | 275* | 1 - 2 |
| Beefsteaks, 12 stucks (braadslede+rooster) | 3 + 4 | 275 | 20 - 25** |
- 10 Minutes Voorverwarmen
** na 32 van de tijd keren