JB33AC51 - Oven Junker - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis JB33AC51 Junker in PDF-formaat.
| Producttype | Inbouwoven |
| Merk | Junker |
| Model | JB33AC51 |
| Bereidingsstanden | Hetelucht, Natuurlijke convectie, Pizzastand, Heteluchtgrill, Groot oppervlak grill, Klein oppervlak grill, Onderwarmte, Ontdooien, Verlichting |
| Meegeleverde accessoires | Aluminium bakplaat, Rooster, Geëmailleerde braadslede |
| Aantal ovenniveaus | 4 (genummerd van onder naar boven) |
| Veiligheid | Deurscharniervergrendeling, deurafdichting, stopfunctie voor accessoires, kantelbeveiliging |
| Reiniging | Handmatige reiniging, verwijderbare roosterdragers, demonteerbare deur, demonteerbare ruiten |
| Binnenverlichting | E14-lamp, 40 W, bestand tot 300 °C |
| Elektrische aansluiting | 220-240 V, 50/60 Hz |
| Materiaal van de binnenruimte | Emaille |
| Type bediening | Wegklapbare knoppen (modusselectie en thermostaat) |
| Controlelampje | Geeft het opwarmen en verhitten aan |
| Optionele accessoires | Geëmailleerde bakplaat, braadslede met inzetrooster, bak-/braadrooster, pizzavorm, stoomkooksysteem, uitschuifrails |
| Repareerbaarheid | Reserveonderdelen beschikbaar via klantenservice (deurafdichting, lamp, enz.) |
| Gebruik | Huishoudelijk gebruik, maximale hoogte 2000 m, gesloten ruimtes |
Veelgestelde vragen - JB33AC51 Junker
Gebruikersvragen over JB33AC51 Junker
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding JB33AC51 - Junker en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. JB33AC51 van het merk Junker.
GEBRUIKSAANWIJZING JB33AC51 Junker
Belangrijke verilgheidsvoorschriften. 33
Energie-en milieutips 35
Uw neue apparaat 35
De toebehoren 36
Voor het eerste gebruik 37
Apparaat bedienen 37
Bakken. 37
Braden 40
Grillen 41
Ontdooien 42
Yoghurt. 43
Reiniging en onderhoud 43
Storingen en reparations 46
Testgerechten 47
Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Lees deze gezbruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kurz u uw apparaat goed en veilig bedieren. Bewaar de gezbruiksaanwijzing voor later gezruik of om door te geben aan een volgende eigenaar. Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Neem het speciale installmentievoorschrift inRCT.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.
Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt worden. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dit apparatus is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeiniveau.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8aar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of personen die gebrek aan kennis oferving hebben, wanner zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust+zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen nicht met het apparaat spelten. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen Niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8aar of ouder zich en onder toezurecht staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger+zijn dan 8aaruit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing.
Aluminium kan als gevolg van mechanische slijtage en zour-, loop- of zouthoudende levensmiddelen, bijv. vruchtensap of looggebak, losraken van de aluminium bakplaat. Levensmiddelen Niet direct op de bakplaat leggen.De bakplaat met bakpapier bedekken. Gebruik geen metalen, suntige voorwerpen. Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen.
Risico van brand!
-
Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard+kunnen vlam vatten. Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte. Open nooit de deur wanner er spreke is van rookontwikkeling in het apparaat. Het toestel uitschakelen en de stekkeruit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
-
Wonneer de apparaatdeur geopend worden, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier altijd met een vom. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag Niet uitsteken over de toebehoren.
Risico van verbranding!
- Het toestel worden zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijdCTXn afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
- Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hare toebehoren en vormen algijd met behulp van een pannenlap UIT de binnenruimte.
- Alcoholdampen können in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen keine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.
Kans op verbranding!
- Tijdens het gebruik worden de toegankelijkke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt�n.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. De deur van het toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zichn. - Door water in de hete binnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenuimte gieten.
Risico van letsel!
Wanner er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geenschraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparations zijngevaarlijk.Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijngeinstrueerd door de klantenservice.1s het apparaat defect, haal dan de stekker uithet stopcontact of schakel de zekering inde meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
- De kabelisolation van hetetoestelonderdelen kan smelten. Zorgervoor dat er nooit aansluitkabels vanelektrische toestellen in contactkommenet hete onderdelen van het apparaat.
- Binnendringend vocht kan een schokveroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
Bij verranging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot verranging overgaat de netstekker uith het stopcontact trekken of schakel dezekering in de meterkast uit.
- Een defect toestel kan een schokveroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Oorzaken van schade
Attentie!
Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen vom op de bodem van de binnenruimte plantaen wanner een temperatuur van meer dan 50^ ingesteld is. Er ontstaat dan een oopenhoping van warmte. De bak-en braadtijden kloppen nicht meer en het email worden beschadigd.
Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
Vochtige levensmiddelen: Geen vouchtige levensmiddelen langereijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd.
Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak nicht te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, maar vlekken anschter die Niet meer+kennen worden verwijderd. Gebruik zo möglichk de diepere braadslede.
- Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen\
laten afkoelen wanner deze afgesloten is. Ook wanner de\
deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van\
aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd.
- Sterk verwulde deurdichting: is de deurdichting sterk verwulddan sluit de apparaatdeur tijdens het gebruik Niet meer goed.De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd.Zorg ervoor dat de deurdichting altijd schoon is.
Apparaatdeur als vlak om opiets op te leggen of teplaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen.
- Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kuren de toebehoren krassen geven op de deur. Toebehoren altijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven.
Apparaat transporteren: Het apparaat Niet aan de deurgreep vasthouden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat Niet en kan afbreken.
Energie- en milieutips
Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden kunt besparen op energie en het apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie bespare
De oven alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.
Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.
Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
Open de apparaatdeur tijdens het garen, bakken of braden zo weinig möglich.
Meerdere taarten of cakes sunt u het Beste na elkaar bakken. De oven is dan nog warm. Hierdoor kan de baktijd voor de tweede taart of cake korter+zijn.
Bij langere bereidingsstijden Aunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingsstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken..
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.

Dit apparatus is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtig geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Uw neue apparaat
In dit hoofdstuk vindt u informatatie over het toestel en de functies.
Bedieningspaneel
Druk op de indrukbare bedieningsknoppen om ze in en uit te klikken.

Bedieningselement Gebruik
Oven
Functie Toepassing
| 1 Functiekeuzeknop Functiekiezen (zie het hoofdstuk: Apparaat bedieren) | |
| 2 Indicatielampje voor tempera-tuurkeuzeknop Het indicatielampje brandt verwijl het apparaat voorverwarmt en.altijd bij het nawar-men | |
| 3 Temperatuurknop Temperatuurkiezen |
Functies

2D Hetelucht voor het bakken en braden op een of twee niveaus

Boven- en onderwarmte voor het bakken en braden op eeniveau. Bijzonder geschikt voor taarten met een vochtige bedekking (bijv. kwarktaart)

Pizzastand voor diepvries kant-en-klaar producten en voor gerechten die veel warmte aan de onder-
kant nodig hebben (zie het hoofdstuk: Bakken)

Rondom-grillen voor gevogelte en grotere stukken vlees
Functie Toepassing

Grill, groot voor platte,kleine gerechten van de grill (bijv. steaks, worstjes)

Grill, Klein voorkleine hoeveelheden platte,kleine gerechten van de grill (bijv. steaks, toast)

Onderwarmte voor gerechten en bakwaren die aan de onderkant sterker gebruind of krokant moeten worden. Schakel de onderwarmte aan het einde van de baktijd slechts kort in

Ontdooistand voor het voorzichtig ontdooien van vlees, brood en kwetsbaar gebak (bijv. slagroomtaart)

Ovenverlichting als hulp bij het onderhoud en de reiniging van de binnenruimte
De toebehoren
In dit hoofdstuk krijgt u informatie over de toebehoren, de plaatsing van de toebehoren in de binnenruimte, de inschuifhoogtes en de speciale toebehoren.
Toebehoren
Bij de levering van uw apparaat+zijn de volgende toebehoren inbegrepen:

Bakplaat, aluminium
voort het bakken vanplaatgebak en Klein gebak

Rooster
voor het bakken in vormen, het braden in braadservies en het grillen

Braadslede, geemailleerd
voor het bakken van vochtig gebak,
voor het braden, het grillen en het opvangen van afduipende vloeistof
Aanwijzingen
Levensmiddelen Niet direct op de aluminium bakplaat leggen. De aluminium bakplaat bedekken met bakpapier.
■ Als gevolg van groote temperetuuervershillen (bijv. wanner diepvriesproducten in de hete binnenruimte worden geplaatst) kannen de bakplaat en braadslede kromtrekken.
Toebehoren inschuiven
De toebehoren zijn voorzien van een vergrendelingsfunctie. De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de toebehoren kantelen waren ze worden verwijderd. De toebehoren dienen op de juiste wijze in de binnenruimte te worden geschoven, zatat de Kantelbeveiliging goed werkt.
Let er bij het inschuiven van het rooster op
- dat de ontgrendelnok (a) maar beneden wijst
dat de ontgrendelnok (a) zich achefter het rooster bevindt

Let er bij het inschuiven van de bakplaat of de braadslede op
dat de ontgrendelnok (a) zich ache ter de toebehoren bevindt
- dat de schuine kant van de toebehorenijdens het inschuiven maar de deur van het toestel is gericht

Inschuifhoogtes
De binnenruimte heeft vier inschuifthoogtes. De inschuifthoogtes worden van beneden maar boven geteld.
Bij het bakken en braden met 2D Hetelucht inschuifhoogte 2 Niet gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter bak- en braadresultaat.

Extra toebehoren
Extra toebehoren kurz u kopen bij de klantenservice of in specialzaken.
Toebehoren Bestelnr.
| Bakplaat, aluminium JZ 1332 X0 | |
| Bakplaat, geëmailleerd JZ 1342 X0 | |
| Braadslede metinzetrooster JZ 1242 X1 | |
| Inzetrooster om te braden en te grillen, voor gebruik in de braadslede | 740766 |
| Bak- en braadrooster JZ 1432 X1 | |
| Pizzavorm JZ 1352 X0 | |
| Systeem-stoomapparaat | JZ 1282 X3 |
| 3-voudige telescopische uitschuifvoorziening | JZ 1742 X2 |
| 4-voudige volledig uitschuifbare telescopi-sche voorziening | JZ 1755 X2 |
Voor het eerste gebruik
Maak het apparaat voor het eerste gebruik schoon
- Toebehoren en verpakkingsresten uit de binnenruimte verwijderen.
-
Toebehoren en binnenruimte schoonmaken met warm zeepsop (zie het hoofdstuk: Reiniging en onderhoud).
-
Boven- en onderwarmte op 240 °C 60 minutes lang verwarmen.
- De aufgekoelde binnenruimte met warm zeepsop afnemen.
- Reinig de buitenkant van het apparaat met een zachte, vochtige doek en zeepsop.
Apparaat bedienen
In dit hoofdstuk leest u hoe u het apparaat in- en uitschakelt en een functie en de temperatuur kiest.
Apparaat inschakelen
- Aan de functiekeuzeknop draaien tot de gewenste functie ingesteld is.
- Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot de gewenste temperatuur ingesteld is.
Het indicatielampje brandt verwijl het apparaat voorverwarmt en altijd bij het nawarmen.
Apparaat uitschakelen.
- Functiekeuzeknop in de stand o terugdraaien.
- Temperatuurkeuzeknop in de stand ● terugdraaien.
Na het uitschakelen kan de koelventilator nalopen.
Bakken
Bij het bakken met 2D Hetelucht inschuifhoogte 2 Niet gebruiken. Dit hebelt invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter bak- en braadresultaat.
Toebehoren voor het bakken
Bakvormen
Gebruik donkere bakvormen van metaal. Blikken en glazen vormen verlengen de baktijd en het gebak bruant nicht gelijkmatig. Wilt u met blinkken vormen en boven- en onderwarmte l bakken, gebruik dan inschuifhooge 1.
Plaats een rechthoekige vorm alkijd diagonal en een ronde bakkvorm alkijd in het midden van het rooster.
Bakplaten
Wij raden u aan uitsluitend de originele bakplaten te gebruiken, omdat deze optimaal op de binnenruimte en de functies zich afgestemd.
Schuif de bakplaten algijd voorzichtig in tot de aanslag. Let erop dat de schuine kanf van de bakplaat algijd maar de apparaatdeur wijst.
Aanwijzing: Levensmiddleslen Niet direct op de aluminium bakplaat leggen. De aluminium bakplaat bedekken met bakpapier.
Bakken op twee niveaus
Gebruik bij het bakken op twee niveaus bij voorkeur bakplaten en schuif deze tegelijkkertijd in.
Houd er rekening mee dat uw gebak op de verschillende niveaus Niet even snel bruin wordt. Het gebak op het onderste niveau wordt het snelst bruin en kan vroeger uit de oven worden genomen.
Baklabel voor basisdeeg
De opgaven in de tabel zich richtwaarden, die gelden voor bakplaten van aluminium en donkere bakvormen. De waarden können variieren, afhankelijk van de soort en hoeveelheid deeg en de bakvorm.
De waarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
Wij raden u aan om de eerste keer de laagste van de opgegeven temperatures in te stellen. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Wanneer u gerechten bakt volgens eigen recept, houd dan de waarden van gelijksoortg gebak in de tabel aan.
Neem de aanwijzingen voor het Voorverwarmen in de tabel inRCT.
| Basisdeeg Inschuif- | 2D Hetelucht | Boven- en onderwarmte | |||
| hoogte | Tempera-tuur in°C | Tijdsduur in minu-ten | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C | |
| Roerdeeg | |||||
| Plaatgebak met bedekking 1 150 - 160 25 - 40 1 180 - 190 | |||||
| 1 + 3 150 - 160 30 - 45 -- | |||||
| Spring-/rechthoekige vom 1 150 - 160 55 - 70 2 160 - 170 | |||||
- Oven voorverwarmen
| Basisdeeg | 2D Hetelucht | Boven- en onderwarmte | |||
| Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C | Tijdsduur in minu-ten | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C | |
| Zandtaartdeeg | |||||
| Plaatgebak met droge bedekking, bijv. stroosel 1 160 - 170 40 - 55 1 190 - 200 | |||||
| 1 + 3 160 - 170 50 - 70 -- | |||||
| Plaatgebak met vochtige bedekking, bijv. roomglazuur 1 160 - 170 60 - 80 1 190 - 200 | |||||
| Springvorm, bijv. kwarktaart 1 160 - 180 50 - 90 1 160 - 180 | |||||
| Vorm vruchtentaarbodem 1 160 - 170* 25 - 35 2 170 - 180* | |||||
| Biscuitbeslag | |||||
| Biscuitrol 1 180 - 190* 10 - 15 1 200 - 210* | |||||
| Biscuit (6 eieren) 1 150 - 160 30 - 40 1 160 - 170 | |||||
| Biscuit (3 eieren) 1 150 - 160* 30 - 40 1 160 - 170* | |||||
| Gistdeeg | |||||
| Plaatgebak met droge bedekking, bijv. stroosel 1 160 - 180 40 - 55 1 180 - 200 | |||||
| 1 + 3 170 - 180 45 - 60 -- | |||||
| Gistkrans-/vlecht (500 g) 1 160 - 170 35 - 45 1 180 - 190 | |||||
| Springvorm 1 160 - 170 30 - 40 2 160 - 170 | |||||
| Tulbandvorm 1 160 - 170 35 - 45 2 170 - 180 | |||||
| * Oven voorverwarmen | |||||
| 2D Hetelucht | Boven- en onderwarmte | ||||
| Klein gebak | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C | Tijdsduur in minu-ten | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C |
| Gistdeeg | 1 160 - 170 15 - 25 2 180 - 190 | ||||
| 1 + 3 160 - 170 20 - 30 -- | |||||
| Baisermassa | 1 | 80 | 130 - 150 | 2 | 80 |
| 1 + 3 | 80 | 150 - 170 | -- | ||
| Bladerdeeg/Branddeeg | 1 190 - 210* 20 - 30 1 200 - 220* | ||||
| 1 + 3 | 190 - 210* 25 - 35 -- | ||||
| Roerdeeg, bijv. muffins | 1 | 150 - 160* | 25 - 35 | 1 | 170 - 180* |
| 1 + 3 | 150 - 160* 30 - 40 -- | ||||
| Zandtaartdeeg, bijv. boterkoekjes | 1 | 140 - 150* | 15 - 20 | 2 | 150 - 160* |
| 1 + 3 | 130 - 140* 20 - 25 -- | ||||
| * Oven voorverwarmen | |||||
| 2D Hetelucht | Boven- en onderwarmte | ||||
| Brood/Broodjes | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C | Tijdsduur in minu-ten | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C |
| Broodjes 1 220* 15 - 25 1 240* | |||||
| Plat rond brood | 1 | 220* | 15 - 25 | 1 | 240* |
| Brooddeeg 750 - 1000 g | |||||
| Albakken | 1 | 220* | 35 - 40 | 2 | 220* |
| Brooddeeg 1000 - 1250 g | |||||
| Voorbakken | 1 | 220* | 10 - 15 | 2 | 240* |
| Albakken | 1 | 180 | 40 - 45 | 2 | 200 |
| Brooddeeg 1250 - 1500 g | |||||
| Voorbakken | 1 | 220* | 10 - 15 | 2 | 240* |
| Albakken | 1 | 180 | 40 - 50 | 2 | 200 |
| * Oven voorverwarmen | |||||
Baktabel voor gerechten en diepvries kanten-kaar producten.
De pizzastand is bijzonder geschikt voor versbereide gerechten, die veel warmte van de onderkant nodig hebben, en voor diepgevroren kant-en-kaar producten.
Let op de volgende punten:
Bedekt de bakplaat met bakpapier
Leg de frites Niet over elkaar
Keer diepgevroren aardappelproducten na de helft van de baktijd
Diepgevroren aardappelproducten pas na het bakken kruiden
Laat bij het opbakken van broodjes wat ruimteussen de afzonderlijke broodjes. Leg er Niet te veel op een bakplaat
Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant
De opgaven in de tabel zich richtwaarden en gelden voor geëmailleerde bakplaten. De waarden konnen variëren, afhankelijk van de soort en hoeveelheid deeg en de bakvorm.
Wij raden u aan om de eerste keer de laagste van de opgegeven temperatures in te stellen. In principe levert de lagere temperatuur een gelijkmatigere bruining op.
De opgaven in de tabel gelden voor hetplaatsen in een koude oven.
Met de pizzastand kunt u niet op wee niveaus bakken.
| Gerechten Inschuif- | 2D Hetelucht | Pizzastand | |||
| hoogte | Tempera-tuur in°C | Tijdsduur in minu-ten | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C | |
| Pizza, vers 1 180 - 190 20 - 30 1 190 - 210* | 1 + 3 180 - 190 30 - 40 -- | ||||
| Flammkuchen 1 190 - 200* 15 - 25 1 210 - 230* | |||||
| Quiche 1 170 - 180 45 - 55 1 180 - 200* | |||||
| Taart 1 190 - 200* 30 - 45 1 200 - 220* | |||||
| Zwitsserse vruchtentaart | 1 170 - 190* 45 - 60 1 170 - 190 | ||||
| Gegratineerde aardappels van ongekooke te aardappels | 1 180 - 190 60 - 70 1 170 - 180 | ||||
| Strudel, diepvries | 1 180 - 200 35 - 45 1 180 - 200 | ||||
| Pizza, diepvries | 1 180 - 200 15 - 25 1 200 - 220 | ||||
| 1 + 3 170 - 190 20 - 30 -- | |||||
| Aardappelproducten, diepvries | |||||
| Frites | 1 190 - 210 20 - 30 1 200 - 220 | ||||
| 1 + 3 170 - 190 30 - 40 -- | |||||
| Krokten/Rösti | 1 180 - 200 25 - 35 1 200 - 220 | ||||
| Brood en banket | |||||
| Broodjes, diepvries | 1 | 180 - 200 | 5 - 15 | 1 | 170 - 190* |
| Voorgebakken broodjes, diepvries | 1 180 - 200 10 - 20 1 170 - 190* | ||||
| Voorgebakken broodjes | 1 | 180 - 200 | 5 - 15 | 1 | 170 - 190* |
- Oven voorverwarmen
Tips en trucs
| Het gebak is te Licht | Inschuifhoogte en aanbevolen bakgerei controleren. De bakvorm op het rooster en nicht op de bakplaat plaatsen. Langere baktijd of hogere temperatuur aanhoven. |
| Het gebak is te donker | Inschuifhoogte controleren. Een kortere baktijd of lagere temperatuur aanhoven. |
| Het gebak in de bakvorm is ongelijkma-tig bruin geworden | Inschuifhoogte en temperatuur controleren. Bakvorm Niet direct voor de luchtuitlaat van dechterwand van de binnenruimte plaatsen. Controller of de bakvorm goed op het rooster staat. |
| Het gebak op de bakplaat is ongelijkma-tig bruin geworden | Inschuifhoogte en temperatuur controleren. Bij het bakken van Klein gebak gelijke groot-tes en diktes aanhoven. |
| Het gebak is te droog. | Een kortere baktijd en een wat hogere temperatuur aanhoven. |
| Het gebak is van binnen te vochtig | Temperatuur verlagen Let op: baktijden+kunnen door hogere temperaturen Niet korter worden (van buiten gaar, van binnen Niet). Baktijd verlangen en het deeg langer lately rij-zen. Minder vloeistof aan het deeg of beslag toevoegen. |
| Het gebak zakt in nadat u het uit de oven heeft genomen. | Minder vloeistof aan het deeg of beslag toevoegen. Baktijd verlangen of de temperatuur verlagen. |
| De opgegeven baktijd is Niet juist | Controller bij Klein gebak de hoeveelheid op de bakplaat. Klein gebak mag elkaar Niet raken. |
| Diepvriesproduct is na het bakken Niet overal gelijkmatig bruin geworden | Wanner diepvriesproducten na het voorbakken in ongelijke mate bruin zijn geworden blijft dit zo na het bakken. |
| Diepvriesproduct is Niet bruin, Niet knap-perig of de opgegeven tijd is Niet juist | Verwijder voor het bakken het ijs van het diepvriesproduct. Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten. |
Braden
Kans op letsel door gebruik van nicht hittebestendige schalen!
Gebruik alleen braadvormen die special voor de oven bestemd zich.
Bij het braden met 2D Hetelucht inschuifhoogte 2 nicht gebruiken. Dit hebt invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter braadresultaat.
Open braden
Voor het open braden worden een vorm zonder deksel gebruikt. Giet zo nodig wat vloeistof in de braadvorm. Tijdens het braden verdampt de vloeistof. Voeg zo nodig voorzichtig hete vloeistof toe.
Keer het vlees bij het braden met boven- en onderwarmte om nadat ca. de helft of twee derde van de braadtijd verstreken is.
Bakken in de braadslede
Tijdens het braden in de braadslede ontstaat braadsap. Dit braadsap kut u als basis voor een smakelijkke saus gebruiken. Bij het braden in de braadslede kut u ook bijgerechten (bijv. groenten) mee lately garen.
Bijkleinere stukken vlees kunt u inplaats van de braadsleede eenkleinere braadvorm gebruiken. Plaats deze direct op het rooster.
Gesloten braden
Voor het gesloten braden worden een braadvorm met deksel gebruikt. Gesloten braden is zeer geschikt voor stoofgerechten.
Braadtable
De braadtijd en temperatuur zijn afhankelijk van de grotte, de hoogte, de kwaliteit en het soort vlees.
In het algemeen geldt: Hoe groter het braadstuk, des te lager de temperatuur en des te langer de braadduur.
De opgaven in de tabel zichr richtwaarden en gelden voor het braden zonder deksel. De waarden kuren varieren, afhankelijk van het soort en de hoeveelheid vlees en de braadvorm.
Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Laat het vlees na afloop van de braadtijd nog ca. 10 Minutes rusten in de uitgeschakelde, gesloten binnenruimte. Bij de opgegeven braadtijd is de aanbevolen rusttijd Niet inbegrepen.
De opgaven in de tabel gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.
| Vlees Inschuif- | 2D Hetelucht | Boven- en onderwarmte | |||
| hoogte | Tempera-tuur in°C | Braadtijd in minutes | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in°C | |
| Gehakt (van 500 g vlees) 1 170 - 180 60 - 70 2 200 - 210 | |||||
| Vis, heel (300 g) 1 160 - 170 30 - 40 2 180 - 200 | |||||
| Vis, heel (700 g) 1 160 - 170 40 - 50 2 180 - 200 | |||||
| Varkensvlees | |||||
| Filet, medium (400 g) 1 170 - 180 30 - 45 3 200 - 220 | |||||
| Braadstuk met zwoerd (1,5 kg) 1 160 - 170 120 - 150 2 190 - 210 | |||||
| Braadstuk, doorregen,+zonder zwoerd, bijv. nek (1,5 kg) 1 160 - 170 100 - 130 2 190 - 210 | |||||
| Braadstuk mager (1 kg) 1 170 - 180 80 - 100 2 200 - 220 | |||||
| Casselerrib 1 160 - 180 60 - 80 2 190 - 210 | |||||
| Rundvlees | |||||
| Filet, medium (1 kg) | 1 180 - 190 40 - 60 2 200 - 220 | ||||
| Rosbief, medium (1,5 kg) 1 180 - 190 30 - 45 2 200 - 220 | |||||
| Stoofvlees (1,5 kg)* | 1 170 - 180 120 - 150 2 200 - 220 | ||||
| Kalfsvlees | |||||
| Kalfsvlees/-borst (1,5 kg) | 1 160 - 170 90 - 120 2 180 - 200 | ||||
| Schenkel | 1 160 - 170 100 - 130 2 190 - 210 | ||||
| Gevogelte (niet gezuld) | |||||
| Kip, heel (1 kg) | 1 170 - 180 60 - 70 2 200 - 220 | ||||
| Eend, heel (2 - 3 kg) | 1 160 - 170 90 - 120 2 190 - 210 | ||||
| Gans, heel (3 - 4 kg) | 1 | 150 - 160 | 130 - 180 | 2** | 180 - 200 |
- Stoovlees gesloten braden
** bij een hoog gerecht inschuifhoogte 1 gebruiken
Tips en trucs
| Korst te dik en/of vlees te droog Inschuifhoogte controlleren. Lagere temperatuur of kortere braadtijd aanhouden. | |
| Korst te dun Temperatuur verhogen of na afloop van de braadtijd de grill even inschakelen. | |
| Het vlees is van binnen nicht gaar | Neem de toebehoren die Niet nodig zijnuit de binnenruimte. Braadtijd verlengen. Controleer met behulp van een vleesthermometer de kerntemperatuur van het vlees. |
| Waterdamp in de binnenruimte.slaatneer op de apparaatdeur | Wanner het apparaat aan is,verdwijnt de waterdamp geleidelijk. Bij zeer veel water-damp(Intkort u kort en voorzichtig de apparaatdeur openen, zatat hij sneller verwijnt. |
Grillen
Attentie!
Schade door hoge temperatures: In de binnenruimte ontstaat een zeer hoge temperatuur. Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten. Nooit met een geopende apparaatdeur grillen.
Gebruik om te grillen altiijd het rooster en de braadslede. Plaats het rooster op de inschuifhoogte die in de grillabel worden aangegeven. Om verontreiniging te voorkomen plaatst u de braadslede eeniveau lager. Leg de te grillen producten altiijd in het midden van het rooster.
Aanwijzing: De braadslede altijd in de normale toestand (niet omgekeerd) gebruiken.

Let erop dat bij het grillen van meerdere stukken vlees gelijke vleessoorten met geldijke dikte en gewicht worden gebruikt.
Random-grillen
Rondom grillen is bijzonder geschikt voor gevogelte of vlees (bijv. varkensvlees met zwaerd), dat rondom knapperig gegrild moet worden.
Keer de gerechten van de grill na ca. de helft tot tweeerde van de grilltijd om.
Steen bij eend en gans het vel onder de vleugels en boutevast, zodate het vet er goed uit kan braden.
Bij het rondom-grillen op het rooster kan al naargelang het te grillen gerecht de binnenruimte sterker verruild raken. Maak de binnenruimte na gebruik waarom.altijd schoon, zodat het vuil nicht inbrandt.
De gegevens in de tabel zichr Richtwaarden, die gelden voor de geemailleerde braadslede met rooster. De waarden kannen al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variieren.
Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Laat de gerechten van de grill aan het einde nog ca.
10 Minutes rusten in de uitgeschakelde, gesloten oven. Bij de opgegeven grillijd is de aanbevolen rusttijd Niet inbegrepen.
De opgaven gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.
| Gerechten van de grill Inschuifhoogte Temperatuur in °C Grilltijd in minutes | ||||
| Rosbief, medium 2 220 - 240 40 - 50 | ||||
| Lamsbout zonder been, medium 2 170 - 190 120 - 150 | ||||
| Varkensvlees | ||||
| Gebraden varkensvlees met zwoerd 2 170 - 190 140 - 160 | ||||
| Varkensschenkel 2 180 - 200 120 - 150 | ||||
| Gevogelte (niet gezuld) | ||||
| Halve kippen, 1 - 2 stuks | 2 210 - 230 40 - 50 | |||
| Kip, heel (1 - 2 stuks) | 2 200 - 220 60 - 80 | |||
| Eend, heel (2 - 3 kg) | 2 | 180 - 200 | 90 - 120 | |
| Gans, heel (3 - 4 kg) | 2 150 - 170 130 - 160 | |||
| Vlakgrillen | ||||
| Gebruik voor große hoeveelheden platte grillproducten hetGPCrilloppervlak ☐. | Bestrijk het te grillen product indien gewenstlicht met olie.Keer de gerechten van de grill na ca. de helft tot tweeerde van de grilltijd om.De opgaven in de tabel zich richtwaarden. De waarden kūnen al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variëeren.Deze gelden uitsluitend voor hetplaatsen in een onverwarmde oven en voor vlees direct uit de koelkast. | |||
| Gebruik voorkleine hoeveelheden platte grillproducten hetkleine grilloppervlak ☐. Leg de te grillen producten op hetmidden van het rooster. Door het gebruik van dekleine vlakgrillspaart u energie. | ||||
| Gerechten van de grill | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | Grilltijd inminutes | Aanwijzingen |
| Worsten | 4 | 250 | 10 - 14 | Licht insnijden |
| Groente | 4 | 270 | 15 - 20 | |
| Toast met bedekking | 3 | 220 | 10 - 15 | De inschuifhoogte worden bepaald door de hoogte vanhet product |
| Gerechten van de grill | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | Grilltijd in minuten | Aanwijzingen |
| Varkensvlees | ||||
| Filesteaks, medium (3 cm dik) 4 270 12 - 15 | ||||
| Steak, doorbakken (2 cm dik) 4 270 15 - 20 | ||||
| Rundvlees | ||||
| Filesteaks (3 - 4 cm dik) 4 270 15 - 20 Afhankelijk van de gewenste garing kunnen grillijden | ||||
| Tournedos 4 270 12 - 15 | worden verkort of verlengd | |||
| Lamsvlees | ||||
| Filets 4 270 8 - 12 Afhankelijk van de gewenste garing kunnen grillijden | worden verkort of verlengd | |||
| Koteletten 4 270 10 - 15 | ||||
| Gevogelte | ||||
| Kippenbouteen 3 250 25 - 30 Door de huid in te steken kan blaasvorming bij het | ||||
| Kleine kipdelen | 3 250 25 - 30 | grillen worden voorkomen | ||
| Vis | ||||
| Steaks | 4 220 15 - 20 Delen要去 even dik+zijn | |||
| Koteletten 4 220 15 - 20 | ||||
| Hele vis | 3 220 20 - 25 | |||
Ontdooien
In dit hoofdstuk leest u hoe u ontdooit met 2D Hetelucht of met de ontdooistand.
Ontdooien met 2D Hetelucht
Gebruik voor het ontdooien en garen van diepvriesproducten de functie 2D Hetelucht.
Let hierbij op de volgende punten:
- Ontdooide diepvriesproducten (vooral vlees) haben kortere bereidingsstijden nodig dan verse producten
- De bereidingstijd van diepvriesvlees worden verlangd met de tijd die nodig is voor het ontdooien
Diepvriesgevogelte dient u voor de bereiding altijd te ontdooien om de ingewanden te kunnen verwijderen
Maak diepvriesvis opdezelfde temperatuur klaar als verse vis
U kunt kant-en-klare diepvriesgroente in aluminiumschalen ingrotere hoeveelheden gelijktijdig in de binnenruimte plaatsen - Gebruik bij het ontdooien op een niveau inschuifthoogte 1 en op twee niveaus inschuifthoogte 1 + 3
Houd u bij diepvrieslevensmiddelen aan de aanwijzingen van de fabrikant
| Diepvriesgerecht | Tempera-tuur in °C | Ontdooitijd in minutes |
| Rauwe diepvriesproducten/ diep-vrieslevensmiddelen | 50 | 30 - 90 |
| Brood/broodjes (750 - 1500 g) | 50 | 30 - 60 |
| Droog diepvriesplaatgebak | 60 | 45 - 60 |
| Vochtig diepvriesplaatgebak | 50 | 50 - 70 |
Ontdooistand
Met de functie Ontdooistand kurz u bijzonder goed gevoelig gebak (bijv. slagroomtaart) ontdooien.
- De functie Ontdooistand inschakelen.
- Diepvriesproduct afhankelijk van de soort en grootte 25 - 45 minutes ontdooien.
- Diepvriesproduct uit de binnenruimte nemen en 30 - 45 minutes latent rusten.
Bijkleinehoeveelheden(stukjes)worddetondooitijd 15-20 minuten en de rusttijd10-15 minuten korter.
Yoghurt
Met uw apparaat kutu de yoghurt ook zelf make. Hiervoor wordt de warmte van de ovenverlichting gebruikt.
- Toebehoren en inhangroosters, telescooprails of afzonderlijke insteeksystemen verwijderen.
2.1 liter gesteriliseerde melk (3,5%) vet) of gespasteuriseerde melk tot 40^ opwarmen of
1 liter gespasteuriseerde melk een keer opkoken en tot 40^ [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-] [-
-
150 g yoghurt bij de warme melk doeon, er doorheen roeren en hier gelijkmatig potjes ofkommen mee vullen. Niet meer dan 200ml per potje/kom.
-
De potjes ofkommen met een passend deksel of plasticfolie afdekken.
- Oven met het groe grilloppervlak 15 minutes bij 100^ voorverwarmen.
- Vervolgens de functiekeuzeknop op Ovenverlichting zieten.
- Vormen op gelijke afstand van elkaar verdelen over de hele bodem van de binnenruimte en de apparaatdeur sluiten.
- Na 8 ur de ovenverlichting uitschakelen en de vormen minimaal 12 ur in de koelkast latent staan.
Reiniging en onderhoud
Risico van kortsluiting!
Gebruik geen hagedrukreiniger of stoomstraalapparaat om uw apparaat schoon te make.
Attentie!
Schade aan het oppervlak door verkeerde reiniging: Gebruik geen
scherpe of schurende schoonmaakmiddelen
alcoholhoudende schoonmaakmiddelen
schurende reinigingshulpen zoals staalwol of schuursponzen.
Houd u aan de opgaven in de tabellen.
Aanwijzing: Via de klantenservice kurz u bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en onderhoudsmiddelen betrekken. Neem de betreffende aanwijzingen van de fabrikant in acht.
Het apparatus van buiten reinigen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen beschadigd raken, dient u zich te honden aan de opgaven in de tabel.
Was neue vaatdoekjes voor het gebruik goed UIT.
| Apparaatonderdeel/ Oppervlak | Reinigungsmiddel/-hulp |
| Roestvrijstalen oppervlakken | Schoonmaakmiddelen met een zachté, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachté doek nadrogen. Gebruik bij sterke verruiling een reinigungsmiddel voor gematteerd roestvrij staal. |
| Bedieningspaneel | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachté doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Ruiten van de deur | Glasreinigings- of schoonmaakmiddelen met een zachté, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachté doek nadrogen. De binnenste deurruit van de apparaat-deur heeft een coating die een lichte uit-straling kan hebben. |
Binnenruimte reinigen
Attentie!
Schade aan het oppervlak! Maak geen gebruik van specialaal voor ovens bestemde schoonmaakmiddelen.
Aanwijzingen
Op het email{kunnen om technische redenen kleurverschillen te zien,zijn.Dit heeft geen invloed op de werking.
De randen van dunne platen konnen ruw+zijn.De beschemming gegen corrosie isECHTER gegarandeerd.
| Apparaatonder-deel | Reinigungsmiddel/-hulp |
| Emailen vlakken | Schoonmaakmiddelen of azijnwater met een zachte,vochtige doek of zeem opbren-gen; met een zachte doek nadrogen. Inge-brande voedselresten met een vochtige doek en schoonmaakmiddel losweken. De binnenruimte na het schoonmakers open latent om te drogen.Bij sterke verontreining adviseren wij het gebruik van een ovenreiner. Bij het schoonmakers met ovenreiner dient u zich te houden aan de opgaven van de fabrikant. |
| Deurdichting Warm zeepsop | |
| Inhangroosters Warm zeepsop: laten weken en reinigen met een schoon-maakdoekje of borstel. | |
| Telescooprails Warm zeepsop: reinigen met een schoonmaakdoekje of bor-stel. Verwijder het smeervet Niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze ingeschoven zijn.Niet latent weken of schoonmakers in de vaatwasmachine. | |
| Toebehoren Weken in warm zeepsop. Met borstel en sponns schoonmakers of in de vaatwasmachine reinigen. | |
Verontreiniging vermijden
Maak de binnenruimte na gebruik alkijd schoon, odomat het vuil bij later gebruik inbrandt en moeilijk kan worden verwijderd. Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken alkijd onmiddelijk.
Gebruik zo möglichk de functie 2D Hetelucht. BijDEXe functie treedt minder verruiling op.
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen
Om gemakkelijk schoon te makek kunt u de apparaatdeur verwijderen.
Risico van letsel!
De scharnieren van de apparaatdeur hunnen met groe kracht terugklappen. Klap de blokkeerhendels van de scharnieren om de deur te hunnen verwijderen algijd helemaal open en na het inbrengen wee helemaal zich. Kom Niet met uw handen aan het scharnier.
Risico van letsel!
Hangt de apparaatdeur er aan een kantuit, kom dan Niet met uw handen aan het scharnier. Het scharnier kan met grote kracht terugklappen. Neem contact op met de klantenservice.
Apparaatdeur verwijderen
- Apparaatdeur helemaal openen.
- Blokeerhendels links en rechts helemaal openklappen.

De scharnieren zijn beveiligd en{kunnen nicht dichtklappen.
- De apparaatdeur zo ver sluiten tot u merkt dat er een watstand is (Afbeelding A).
- Met beiden handen links en rechts vastpakken, jets verder sluiten en eruit trekken (Afbeelding B).


Apparaatdeur inbrengen
- De scharnieren in de houders links en rechts plaatsen (Afbeelding C).
De keep van beiden scharnieren要去 inklikken. - Apparaatdeur helemaal openen.
- Blokkeerhendels links en rechts helernaal dichtklappen (Afbeelding D).


De apparaatdeur is beveiligd en kan nicht meer worden verwijderd.
- Apparaatdeur sluiten.
Ruiten van de deur schoonmaken
Om ze gemakkelijker schoon te makek kunt u de binnenste ruiten van de apparaatdeur verwijderen.
Risico van letsel!
De componenten van de apparaatdeur kuren scherpe randen hebben. Hierdoor kurz u snijwonden oplopen. Draag veiligheidshandschoenen.
Risico van letsel!
Gebruik het apparaat pas waar wonneer de ruiten en de apparaatdeur maar behoren+zijn aangebracht.
Deurruit verwijderen
Aanwijzing: Let er voordat u de ruit verwijdert op in welke positie hij is ingebracht, zoday u hem later Niet verkeerdplaatst.
- Apparaatdeur verwijderen en met de voorkant maar beneden op een zacht, schone ondergrund leggen (zie het hoofdstuk: Apparaatdeur verwijderen en inbrenngen).
- De afscherming bovenaan de apparaatdeur afnemen. Hiervoor links en rechts het lipje met de vingers indrukken (Afbeelding A).
- Deurruit Licht optillen en waar buiten trekken (Afbeelding B).


Middelste ruit verwijderen
Middelste ruit iota optillen en er maar voren uittrekken.

Reinigen
Reinig de deurruiten met glasreiniger en een zache doek.
Risico van letsel!
Wanner er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Middelste ruit inbrengen
Aanwijzing: Let er bij het inbrengen op dat "right above" linksonder ondersteboven staat.
Middelste ruit schuin maar achefteren tot de aanslag inschuiven.

Deurruit inbrengen
- Deurruit schuin maar achteren in beiden holders inschuiven tot de aanslag. Het gladly vlak moet zich aan de buitenkant bevinden.

-
De afscherming plaatsen en aandrukken tot hij vergrendeld is.
-
Apparaatdeur weeinbrengen.
Inhangroosters reinigen
U kunt de inhangroosters verwijden om ze gemakkelijk schoon te make.
Risico van verbranding door hete onderdelen in de binnenruimte!
Wacht tot de binnenruimte afgekoeld is.
- Inhangroosters aan de voorkant maar boven drukken enaar opzij verwijderen (Afbeelding A).
- Inhangroosters aan de achterkant maar voren trekken enaar opzij verwijderen (Afbeelding B).


- Inhangroosters met afwasmiddel en spons of een borstel reinigen.
- De inhangroosters aktijd met de welving (a) maar beneden inbrengen, zodate de inschuifhoogtes kloppen.
- Inhangroosters achefter to de aanslag inbrengen en maar achefteren drukken (Afbeelding C).
- Inhangroosters voor tot de aanslag inbrengen en waar beneden drukken (Afbeelding D).


Storingen en reparatives
Ga voordat u de klantenservice belt na of de tips in de volgende tabellen van nut+kunnen zich.

Kans op een elektrische schok!
Werkzaamheden aan de elektronica van het apparaat mogen alleen door eenvakman worden uitgevoerd.
Bij het werken aan de elektronica van het apparaat beslct de netstekker uit het stopcontact halen. Automatische beveiliging activeren of de zekering in de meterkast van uw wonig eruit draaien.
Storing Mogelijk oorzaak Oplossing
| Elektrische functie vertoont een storing(bijv. individielampjes branden nicht meer) | Zekering defect Zekeringen in de meterkast controleren, eventuele verrangen | |
| Vloeistof dunvloeibaar deeg worden zeer eenzijdig verdeld | Apparaat Niet waterpas ingebouwd Inbouw | van het apparaat controleren(zie Installatievoorschrift) |
| Bij het braden of grillen ontstaat een walm | Vet op het grillelement verbrandt | Verder grillen of braden tot het vet op het grillelement verbrand is |
| Rooster of braadslede verkeerd ingescho-ven | Inschuifhoogtes controleren (zie het hoofd-stuk: Braden of grillen) | |
| In de binnenruimte treedt meer con-denswater op | Normaal verschijnsel (bijv. bij gebak metzoer vochtige vulling of een groot braad-stuk) | Apparaatdeur tijdens het gebruik af en toe kort openen |
| Geëmailleerde toebehoren vertonen matte,lichte vlekken | Normaal verschijnsel door afduipendvlees- of vuchtensap | Niet möglichk |
| Deurruien zich beslagen Normaal verschijnsel, dat ontstaat doortemperatuurverschillen | Apparaat bij 100 °C opwarmen en na5 minutes weeer uitschakenen | |
Ovenlamp verrangen
Een defecte ovenlamp dient te worden verrangen.
Reservelampen kurz u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak: E14, 220 - 240 V, 40 W, hittebestendig tot 300^. Gebruik uitsluitend originele ovenlampen.
Kans op een elektrische schok!
Maak het apparaat stroomloos. Activeer de zekeringsautomaat of draai de zekering van de meterkast van uw wonig eruit.
- Theedoek in de koude binnenruimte leggen, om schade te voorkomen.
- Glazen afterscherming aan links draaien en afnemen.

- Ovenlamp verrangen door een van hetzelfde type.
- Glazen afterscherming er weeinschroeven.
- Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Aanwijzing: Gebruik rubberhandschoenen wanner de glazen afterscherming er nicht afgedraaid kan worden. Of bestel een demontagehulp bij de klantendienst (Bestelnr. 613634).
Deurdichting verrangen
Is de deurdichting defect, dan moet deze worden verrangen.
Vervangende afdichtingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice.
De deurdichting is op vier punten bevestigd (Afbeelding A). Om de dichting te verrangen de haken op alle vier deplaatsen losmaken resp. bevestigen (Afbeelding B).


De bevestiging van de dichting vooral in de hoeken nog eens controleren.
Servicedienst
Bij storingen en reparaties die u Niet zich kunt oplossen, staat de servicedienst voor u klaar.
De contactgeevens vindt u in de lijst met klantenservicebureau
Aanwijzing: Het kost u geld wonneer u wegens een bedieningsfout contact opneem met de klantenservice.
Wanner u contact opneert met de klantenservice het E-nummer en FD-nummer opgeven.
U vindt deze op het typeplaatjechyter de apparaatdeur linksonder aan de zijkant.
E-nr.FD
Testgerechten
Testgerechten volgens de norm EN 50304/EN 60350 (2009) resp. IEC 60350. Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in de tabellen inucht.
Aanwijzingen
- Gebruik bij het bakken eerst de laagste opgegeven temperatuur.
Bakplaten die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeven Niet op hetzelfde moment kaar te zich.
| Bakken Inschuif- | hoogte | Functie Temperatuur in °C | Tijdsduur in minu- ten |
| Sprits 2 | ☐ 160 - 170* 25 - 35 | ||
| 1 | ☐ 140 - 150* 20 - 30 | ||
| 1 + 3 | ☐ 140 - 150* 25 - 35 | ||
| Small cakes (20 stucks perplaat) 2 | ☐ 160 - 170** 25 - 35 | ||
| 1 | ☐ 140 - 150** 20 - 30 | ||
| 1 + 3 | ☐ 140 - 150** 25 - 40 | ||
| Waterbiscuit 1 | ☐ 160 - 170* 30 - 40 | ||
| 1 | ☐ 150 - 160* 25 - 35 | ||
| Bedekte appeltaart (lichte vormen naast elkaar, afbeelding A) | 1 | ☐ 160 - 170 65 - 75 | |
| Bedekte appeltaart (donkere vormen diagonaal geplaatst, afbeelding B) | 1 + 3 | ☐ 170 - 180 60 - 70 |
- Oven voorverwarmen
** 10 Minutes Voorverwarmen


| Grillen Inschuifhoopte Functie Temperatuur | in °C | Grilltijd in minutes | ||
| Toast (braadslede + rooster) 3 + 4 | □ | 275* 1 - 2 | ||
| Beefsteaks, 12 stucks (braadslede + rooster) | 3 + 4 | □ | 275 | 20 - 25** |
- 10 minutes Voorverwarmen
** na % van de tijdKaren