BIK78 - Fornuis BORETTI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BIK78 BORETTI in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BIK78 - BORETTI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BIK78 van het merk BORETTI.
GEBRUIKSAANWIJZING BIK78 BORETTI
BIK-65 BIK-78 G E B R U I K S A A N W I J Z I N G N O T I C E D ’ E M P L O I B E D I E N U N G S A N L E I T U N G O P E R A T I N G I N S T R U C T I O N S ©Boretti B.V. BIK-65, BIK-78 inductiekookplaat-012 VOORWOORD Boretti feliciteert u met uw nieuwe aanwinst voor uw keuken. Tevens dankt Boretti u voor het getoonde vertrouwen in het merk door de aanschaf van dit product. Wij adviseren u om voor het gebruik deze handleiding aandachtig door te lezen teneinde problemen te voorkomen en u ervan te verzekeren dat u als gebruiker op de hoogte bent van de juiste en veilige werking van dit product. Mochten er ondanks het lezen van deze handleiding of tijdens het gebruik van uw Boretti vragen ontstaan, dan vernemen wij dat graag van u. Op de achterzijde van deze handleiding kunt u de adresgegevens vinden van Boretti. Wij wensen u veel plezier! BorettiNL
Inhoudsopgave Veiligheid Voorzorgsmaatregelen voor gebruik 3 Gebruik van het apparaat 3 Voorzorgsmaatregelen om beschadiging te voorkomen 3 Voorzorgsmaatregelen bij een defect van het apparaat 4 Overige beschermingsmaatregelen 4 Beschrijving van het apparaat Technische gegevens 6 Bedieningspaneel 6 Gebruik van het apparaat Aanduiding 7 Ventilatie 7 Inwerkingstelling en gebruik Voor het eerste gebruik 7 Werkingsprincipe inductie 7 Tiptoetsen 7 Vermogensselectie-zone “SCHUIFTOETS” 8 Inwerkingstelling 8 Pandetectie 9 Restwarmte-indicatie 9 Boosterfunctie 9 Timer 10 Automatisch koken 11 Pauzefunctie 11 Hervatten-functie 11 Functie « Warmhouden » 12 Vergrendeling bedieningspaneel 12 Kookadvies Kwaliteit van de pannen 13 Afmetingen van de pan 13 Voorbeelden van vermogensstanden 13 Onderhoud en reiniging 14 Problemen oplossen 14 Installatievoorschriften 16 Elektrische aansluiting 17 Milieuvoorschriften 194 Voorzorgsmaatregelen voor gebruik Veiligheidsmaatregelen voor gebruik
- Pak alle onderdelen uit.
- De installatie en aansluiting van het apparaat moet worden uitgevoerd door een erkende installateur. De fabrikant kan niet verant- woordelijk worden gesteld voor schade die is ontstaan als gevolg van de installatie en/of fouten bij de aansluiting.
- Voor het gebruik moet het apparaat volledig zijn, en worden geïnstalleerd in een keuken- blok met een geschikt en goedgekeurd werk- blad.
- Dit huishoudelijk apparaat is uitsluitend gefa- briceerd voor het bereiden van voedsel. Elke andere huishoudelijke, commerciële of indu- striële toepassing is verboden.
- Verwijder alle etiketten en stickers van het keramische glas.
- Maak geen wijzigingen of aanpassingen aan het apparaat.
- De kookplaat kan niet los of als werkblad wor- den gebruikt.
- Het apparaat moet volgens de lokale voor- schriften worden aangesloten en geaard.
- Gebruik geen verlengkabel om de kookplaat op het elektriciteitsnet aan te sluiten.
- Het apparaat kan niet boven een vaatwasma- chine of een droger worden gebruikt: Stoom kan de elektronische onderdelen beschadi- gen. Gebruik van het apparaat
- Schakel de kookzones na gebruik uit.
- Wees voorzichtig tijdens het gebruik van olie of vet: deze kunnen gemakkelijk ontbranden.
- Zorg ervoor dat u zich niet brandt tijdens of na het gebruik van het apparaat.
- Zorg ervoor dat er geen enkele kabel van een vast of los apparaat in contact komt met het glas of de hete potten of pannen.
- Magneetgevoelige voorwerpen (creditcards, floppydisks, calculators) mogen niet in de buurt van het ingeschakelde apparaat wor- den geplaatst.
- Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het kookop- pervlak worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
- Plaats in het algemeen geen metalen voor- werpen op het glazen oppervlak, met uitzon- dering van pannen. In geval van voortijdige inschakeling of restwarmte kan het voorwerp heet worden, smelten of zelfs verbranden.
- Bedek het apparaat nooit met een doek of beschermfolie. Dit kan erg heet worden en vlam vatten.
- Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) met fysieke, sensorische of mentale beperkingen of met te weinig ervaring of kennis, tenzij ze onder toezicht staan of worden geholpen bij het gebruik van het apparaat door iemand die in- staat voor hun veiligheid.
- Kinderen moeten in de gaten worden gehou- den, om te zorgen dat ze niet met het ap- paraat spelen. Voorzorgsmaatregelen om beschadiging van het apparaat te voorkomen
- Ruwe of beschadigde bodems van potten of pannen (niet geëmailleerde gietijzeren pot- ten) kunnen het keramische glas beschadi- gen.
- Zand of ander schurend materiaal kan het keramische glas beschadigen.
- Laat geen voorwerpen, ook geen kleine, op het vitrokeramische glas vallen.
- Voorkom dat voorwerpen tegen de randen van het glas stoten.
- Zorg ervoor dat de ventilatie van het appa- raat volgens de instructies van de fabrikant functioneert.
- Laat geen lege potten of pannen op de vitro- keramische kookplaat staan.NL
- Suiker, synthetisch materiaal of aluminium- folie mogen niet in contact komen met de kookzones. Deze kunnen door afkoeling het vitrokeramische glas aantasten of barsten veroorzaken: schakel het apparaat in en ver- wijder het materiaal van de hete kookzone (let erop dat u zich hierbij niet brandt).
- Plaats nooit een hete pan op het bedienings- paneel.
- Als er zich een lade onder het ingebouwde apparaat bevindt, zorg er dan voor dat de ruimte tussen de inhoud van de lade en de onderzijde van het apparaat groot genoeg is (2 cm). Dit is van belang om een juiste venti- latie te garanderen.
- Plaats nooit een ontvlambaar voorwerp in de lade onder de vitrokeramische kookplaat.
- De lades moeten warmtebestendig zijn. Voorzorgsmaatregelen bij een defect van het apparaat
- Indien zich een defect voordoet, moet het ap- paraat worden uitgeschakeld en de stroom- toevoer worden afgesloten.
- Als het keramische glas een breuk of barst vertoont, moet u het apparaat uitschakelen en contact opnemen met de aftersales-ser- vice.
- Reparaties moeten worden uitgevoerd door gespecialiseerd personeel. Maak het appa- raat niet zelf open.
- WAARSCHUWING: Als het oppervlak is gebar- sten, moet het apparaat worden uitgescha- keld om een eventuele elektrische schok te voorkomen. Overige beschermingsmaatregelen
- Zorg ervoor dat de pan zich altijd in het mid- den van de kookzone bevindt.
- De bodem van de pan moet de kookzone zo veel mogelijk bedekken.
- Voor dragers van een pacemaker geldt dat het magnetische veld de werking van de pacemaker kan beïnvloeden. Wij raden u aan uw arts te raadplegen voor meer informatie, alvorens dit apparaat te gebruiken.
- Gebruiken geen pannen van aluminium of syn- thetisch materiaal: deze kunnen smelten op kookzones die nog heet zijn. GEBRUIK GEEN AFNEEMBARE ACCESSOIRES VOOR PANNEN DIE NIET GESCHIKT ZIJN VOOR INDUCTIEKOKEN. KANS OP BRANDWONDEN OF AANTASTING VAN DE KOOKPLAAT.6 Bedieningspaneel Aanduiding Timer Beschrijving van het apparaat Technische eigenschappen Type Totaal vermogen Positie van de Diameter Nominaal Booster- kookzone vermogen* vermogen* BIK-65 7400 W Linksvoor 200 mm 2000 W 2400 W Linksachter 160 mm 1100 W 1500 W Rechtsachter 200 mm 2000 W 2400 W Rechtsvoor 160 mm 1100 W 1500 W BIK-78 7400 W Linksvoor 200 mm 2000 W 2400 W Linksachter 160 mm 1100 W 1500 W Rechtsachter 200 mm 2000 W 2400 W Rechtsvoor 160 mm 1100 W 1500 W
- Gemiddeld vermogen. Afhankelijk van de vorm, maat en kwaliteit van de pan, kan het maximale vermogen deze waarden overschrijden. Indicatie lampje Timer Aanduiding vermogen Warmhoud toets Indicatie- lampje aan/uit aan/uit toets Vermogensselectie-zone “SCHUIFTOETS” en tijdsinstellingszone Booster toets Pauze/ hervatten toets Indicatielampje pauze/hervatten Indicatielampje kookzoneNL
Gebruik van het apparaat Display Naam Functie 0 Nul De kookzone is geactiveerd 1…9 Vermogensstand Selecteren van de kookstand U Pandetectie Geen pan of ongeschikte pan A Snelle opwarming Automatisch koken E Foutmelding Elektronische fout H Restwarmte De kookzone is warm P Booster Het booster-vermogen is geactiveerd L Vergrendeling Vergrendeling bedieningspaneel U Warmhouden Automatisch 70°C handhaven II Pauze De kookplaat staat in pauzestand Ventilatie Het koelsysteem werkt volledig automatisch. De koelventilator begint met een lage snelheid wan- neer de calorieën die door het elektronisch systeem worden geproduceerd een bepaald niveau bereiken. De ventilator begint pas snel te draaien zodra de kookplaat intensief wordt gebruikt. De koelventilator vermindert snelheid en stopt automatisch zodra het elektronisch circuit voldoende is afgekoeld. Inwerkingstelling en gebruik Vóór het eerste gebruik Reinig uw kookplaat met een vochtige doek en maak het oppervlak daarna zorgvuldig droog. Gebruik geen reinigingsmiddel dat een blauw- achtige waas op het glasoppervlak kan achter- laten. Werkingsprincipe inductie Onder elke kookzone bevindt zich een induc- tiespoel. Wanneer deze wordt ingeschakeld, ontstaat er een variabel elektromagnetisch veld dat een inductiestroom produceert in de magnetische bodemplaat van de pan. Hierdoor wordt de pan die zich op de kookzone bevindt, opgewarmd. Uiteraard is hiervoor een speciale pan nodig:
- Alle soorten magnetische pannen worden aanbevolen (u kunt dit eenvoudig met een magneetje controleren), zoals: gietijzeren en stalen pannen, geëmailleerde pannen, roest- vrij stalen pannen met magnetische bodem, enz.
- Uitgesloten zijn: pannen van koper, zuiver roestvrij staal, aluminium, glas, hout, kera- miek, aardewerk, enz. De inductiekookzone past zich automatisch aan de afmeting van de pan aan. Is de diameter van de pan te klein, dan werkt de inductiezone niet. Deze diameter varieert afhankelijk van de dia- meter van de kookzone. Als de pan niet geschikt is voor een inductie- kookplaat, toont het display [ U ].8 Om het vermogen met de schuiftoets te selecteren, moet u met uw vinger over de “SCHUIF”-zone schuiven. U kunt ook uw vinger direct op de gewenste stand plaatsen. Tiptoetsen Uw keramische kookplaat is uitgerust met een elektronisch bedieningspaneel met tiptoet- sen. Als uw vinger de toets aanraakt, wordt de overeenkomstige functie geactiveerd. Deze activering wordt aangeduid door een indicatie- lampje, een letter of nummer en/of een geluids- signaal. In het algemeen geldt dat u niet op meerdere toetsen tegelijk moet drukken. Vermogensselectie ‘SCHUIFTOETS’ en tijdsinstelling ‘SCHUIF-TOETS’ Directe toegang Vermogensselectie-zone ‘SCHUIFTOETS’ en tijdsinstellingszone Inwerkingstelling
- In- en uitschakelen van de kookplaat: Actie Bedieningspaneel Display Inschakelen druk op [ 0/I ] [ 0 ] knippert Uitschakelen druk op [ 0/I ] niets of [ H ]
- Een kookzone in- of uitschakelen: Actie Bedieningspaneel Display Zone kiezen druk op geselecteerde display [ 0 ] [ 0 ] indicatielampje licht op Om in te stellen schuif over de “SCHUIFTOETS“ [ 0 ] tot [ 9 ] (vermogen aanpassen) naar links of naar rechts Uitschakelen schuif naar [ 0 ] op de “SCHUIFTOETS“ [ 0 ] of [ H ] of druk op [ 0 ] [ 0 ] of [ H ] Als er binnen 20 seconden niets gebeurt, keert de elektronica terug in de ruststand.NL
Pandetectie De pandetectie zorgt voor een optimale veiligheid. De inductie werkt niet:
- Als er geen pan op de kookzone staat of als de pan ongeschikt is voor inductie. In dat geval is het niet mogelijk het vermogen te verhogen, op het display verschijnt [ U ]. Dit symbool verdwijnt wanneer er een pan op de kookzone wordt geplaatst.
- Als de pan van de kookzone wordt verwijderd, wordt de werking onderbroken. Op het display verschijnt [ U ]. Het symbool [ U ] verdwijnt wanneer de pan wordt teruggeplaatst op de kook- zone. Het koken gaat verder met de vermogensstand die was ingesteld voordat de pan werd weggenomen. Restwarmte-indicatie Nadat een kookzone of de gehele kookplaat is uitgeschakeld, zijn de kookzones nog warm en verschijnt op het display [ H ]. Het symbool [ H ] verdwijnt wanneer de kookzones zonder ge- vaar aangeraakt kunnen worden. Zolang het indicatielampje van de restwarmte brandt, mogen de kookzones niet worden aangeraakt en mogen er geen warmtegevoelige voorwerpen op worden geplaatst. Kans op brand of brandwonden. Boosterfunctie De boosterfunctie [ P ] geeft aan de gekozen kookzone een groter vermogen. Als deze functie wordt geactiveerd, werkt de kookzone gedurende 10 minuten met een zeer hoog vermogen. De boosterfunctie is ideaal voor het snel verhitten van een grote hoeveelheid water, zoals bij het koken van pasta, enz.
- In- en uitschakelen van de boosterfunctie: Actie Bedieningspaneel Display Zone kiezen druk op [ 0 ] bij de zone [ 0 ] indicatielampje licht op De booster inschakelen druk op [ P ] [ P ] De booster uitschakelen schuif over de “SCHUIFTOETS“ [ P ] tot [ 0 ] of druk op [ P ] [ 9 ]
- Vermogensregeling: De gehele kookplaat is uitgerust met een maximaal vermogen. Als de boosterfunctie wordt geactiveerd, zorgt het elektronisch systeem ervoor dat het vermogen van een andere kookzone afneemt, om te voorkomen dat het maximale vermogen wordt overschreden. De aanduiding van de zone waar het vermogen afneemt, knippert een paar seconden op [ 9 ] en duidt daarna het maximumvermogen aan: Geselecteerde kookzone De andere kookzone: (voorbeeld: vermogensstand 9) [ P ] wordt getoond [ 9 ] gaat naar [ 6 ] of [ 8 ] afhankelijk van het type zone10 Timer De timer kan voor alle kookzones tegelijkertijd worden gebruikt met een verschillende tijdsinstel- ling (van 0 tot 99 minuten) voor elke zone.
- De kooktijd instellen en wijzigen: Bijvoorbeeld 16 minuten op stand 7 Actie Bedieningspaneel Display Zone kiezen druk op geselecteerde display [ 0 ] [ 0 ] indicatielampje licht op Selecteer de vermogensstand schuif over de “SCHUIFTOETS“ naar [ 7 ] [ 7 ] Selecteer « Timer » druk op display [ CL ] [ 00 ] Stel de eenheden in schuif de “SCHUIFKNOP“ naar [ 6 ] [ 0 brandt ] [ 6 knippert ] Bevestig de eenheden druk op display [ 06 ] [ 0 knippert ] [ 6 brandt ] Stel de tienden in schuif de “SCHUIFTOETS“ naar [ 1 ] [ 1 knippert ] [ 6 brandt ] Bevestig de tienden druk op display [ 16 ] [ 16 ] De tijd is bevestigd en het koken begint.
- De kooktijd beëindigen: Bijvoorbeeld 13 minuten op stand 7 Actie Bedieningspaneel Display Zone kiezen druk op geselecteerde display [ 0 ] [ 0 ] indicatielampje licht op Selecteer « Timer » druk op toets [ 13 ] [ 13 ] Zet de eenheden uit schuif de “SCHUIFKNOP“ naar [ 0 ] [ 1 brandt ] [ 0 knippert ] Bevestig de eenheden druk op display [ 10 ] [ 1 knippert ] [ 0 brandt ] Zet de tienden uit schuif de “SCHUIFTOETS“ naar [ 0 ] [ 0 knippert ] [ 0 brandt ] Bevestig de tienden druk op display [ 00 ] [ 00 ]
- Automatisch stoppen aan het einde van de kooktijd: Zodra de geselecteerde kooktijd is beëindigd, begint de timer te knipperen [ 00 ] en klinkt er een geluidssignaal. Om het knipperen en het geluidssignaal te stoppen, hoeft u alleen op toets [ 00 ] te drukken.
- eierwekkerfunctie: Bijvoorbeeld 29 minuten Actie Bedieningspaneel Display Schakel de kookplaat in druk op display [ 0/I ] zone-indicatielampjes lichten op Selecteer « Timer » druk op display [ CL ] [ 00 ] Selecteer de eenheden schuif de “SCHUIFTOETS“ naar [ 9 ] [ 0 brandt ] [ 9 knippert ] Bevestig de eenheden druk op display [ 09 ] [ 0 knippert ] [ 9 brandt ] Selecteer de tienden schuif de “SCHUIFTOETS“ naar [ 2 ] [ 2 knippert ] [ 9 brandt ] Bevestig de tienden druk op display [ 29 ] [ 29 ] Na een paar seconden stopt het indicatielampje met knipperen. Zodra de geselecteerde kooktijd is beëindigd, begint de timer te knipperen [ 00 ] en klinkt er een geluidssignaal. Om het knipperen en het geluidssignaal te stoppen, hoeft u alleen op het display [ 00 ] in te drukken. De kookplaat schakelt uit.NL
Automatisch koken Alle kookzones zijn uitgerust met een automatisch “go and stop”-kookapparaat. De kookzone func- tioneert eerst een bepaalde tijd op vol vermogen en vermindert daarna automatisch het vermogen tot de vooraf ingestelde stand.
- Inwerkingstelling: Actie Bedieningspaneel Display Zone kiezen druk op het geselecteerde display [ 0 ] [ 0 ] indicatielampje licht op Stel het vol vermogen in schuif de “SCHUIFTOETS“ naar [ 9 ] ga van [ 0 ] naar [ 9 ] Automatisch koken druk opnieuw op de “SCHUIFTOETS“ [ 9 ] [ 9 ] knippert met [ A ] Vermogensstand kiezen schuif de “SCHUIFTOETS“ naar [ 7 ] [ 9 ] ga naar [ 8 ] [ 7 ] (bijvoorbeeld « 7 »)
- Automatisch koken uitschakelen: Actie Bedieningspaneel Display Zone kiezen druk op [ 7 ] bij de zone [ 7 ] knippert met [ A ] Vermogensstand kiezen schuif de “SCHUIFTOETS“ [ 1 ] naar [ 9 ] Pauzefunctie Deze functie stopt alle kookactiviteiten van de kookplaat, waarna het koken met dezelfde instel- lingen kan worden voortgezet.
- In- en uitschakelen van de pauzefunctie: Actie Bedieningspaneel Display Pauze inschakelen druk op toets “Pauze/hervatten” toont [ II ] in de kookzone gedurende 2 sec De pauze beëindigen druk op toets “Pauze/hervatten” pauze-indicatielampje knippert gedurende 2 sec druk op een andere toets of pauze-indicatielampje is uit schuif de “SCHUIFTOETS“ Hervatten-functie Nadat de kookplaat is uitgeschakeld (0/I), kunnen de laatste instellingen opnieuw worden gebruikt.
- kookstanden van alle kookzones (vermogen)
- geprogrammeerde minuten en seconden van de timers bij de kookzones
- Opwarmfunctie De procedure voor het hervatten is als volgt:
- Druk dan binnen 6 seconden op toets [ II ] De vorige instellingen worden geactiveerd.12 Functie « Warmhouden » Deze functie zorgt ervoor dat automatisch een temperatuur van 70°C wordt bereikt en gehand- haafd. Dit voorkomt overkoken en het aanbranden van de bodem van de pan.
- Om de functie « Warmhouden » in te schakelen: Actie Bedieningspaneel Display Zone kiezen druk op geselecteerde display [ 0 ] [ 0 ] tot [ 9 ] of [ H ] Inschakelen druk op toets [ U ] van de “SCHUIFTOETS“ [ U ] Uitschakelen druk op geselecteerde display [ U ] [ U ] schuif de “SCHUIFTOETS“ naar [ 0 ] tot [ 9 ] of [ H ] Deze functie kan op alle kookzones apart worden ingeschakeld. Wanneer de pan van de kookplaat wordt genomen terwijl die in de functie “Warmhouden” staat, blijft de functie nog circa 10 minuten actief. De maximale warmhoudduur is 2 uur. Vergrendeling bedieningspaneel Om te voorkomen dat u een instelling van de kookzones verandert, met name tijdens het schoon- maken, of om te voorkomen dat kinderen het apparaat per ongeluk inschakelen, kan het bedie- ningspaneel worden vergrendeld (met uitzonderling van de aan/uit-toets [ 0/I ]).
- Vergrendelen: Actie Bedieningspaneel Display Inschakelen druk op toets [ 0/I ] [ 0 ] of [ H ] aan verschijnt De kookplaat vergrendelen druk gelijktijdig op [ P ] en [ 0 ] er verandert niets bij de rechterzone van het display druk opnieuw op [ 0 ] [ L ] aan verschijnt
- Ontgrendelen: Actie Bedieningspaneel Display Inschakelen druk op toets [ 0/I ] [ L ] aan verschijnt Binnen 5 seconden na inschakeling: De kookplaat ontgrendelen druk gelijktijdig op [ P ] en [ 0 ] of [ H ] aan verschijnt [ L ] bij de rechterzone van het display druk op toets [ P ] er gaat geen lichtje brandenNL
Kwaliteit van de pannen Geschikte materialen: staal, geëmailleerd staal, gietijzer, magnetisch rvs, aluminium met magnetische bodem. Ongeschikte materialen: aluminium en rvs zonder magnetische bodem, koper, messing, glas, keramiek, porselein. De meeste fabrikanten vermelden of hun pro- ducten wel of niet geschikt zijn voor inductie- koken. Om te controleren of pannen geschikt zijn:
- Giet een beetje water in een pan en plaats deze op een inductiekookzone op stand [ 9 ]. Het water moet binnen een paar secon- den koken.
- Controleer of een magneet aan de bodem van de pan blijft plakken. Sommige pannen maken lawaai als ze op een inductiekookzone worden geplaatst. Dit lawaai wil niet zeggen dat het apparaat defect is en het heeft ook geen invloed op de werking van het apparaat. Afmetingen van de pan De kookzones zullen zich, tot een bepaalde hoogte, automatisch aanpassen aan de dia- meter van de pan. De bodem van de pan moet echter wel een minimale diameter hebben die afhankelijk is van de betreffende kookzone. Voor een optimale werking van de kookplaat dient u de pan goed in het midden van de kookzone te plaatsen. Kookadvies Voorbeelden van vermogensstanden (de onderstaande waarden zijn uitsluitend indicatief) 1 tot 2 Smelten Sauzen, boter, chocolade, gelatine Opwarmen Eerder bereide gerechten 2 tot 3 Sudderen Rijst, pudding, suikersiroop Ontdooien Gedroogde groenten, vis, diepgevroren producten 3 tot 4 Stomen Groenten, vis, vlees 4 tot 5 Water Gestoomde aardappelen, soep, pasta, verse groenten 6 tot 7 Zachtjes koken Vlees, lever, eieren, worstjes Sudderen Goulash, rollade, pens 7 tot 8 Koken Aardappelen, beignets, wafels 9 Bakken, braden Rundvlees, omeletten, gebakken gerechten Water aan de Water kook brengen P Bakken, braden Schaaldieren, rundvlees Water aan de Een grote hoeveelheid water kook brengen aan de kook brengen14 Voor reiniging het apparaat eerst uitschakelen. Reinig de kookplaat niet als het glas heet is, wegens kans op verbranding.
- Verwijder lichte vlekken met een vochtige doek met afwasmiddel en een klein beetje water. Daarna met koud water afspoelen en het oppervlak zorgvuldig droogmaken.
- Gebruik nooit corrosieve of schurende reini- gingsmiddelen of schoonmaakproducten die krassen kunnen veroorzaken.
- Gebruik geen reinigingsapparaat dat op stoom of hoge druk werkt.
- Gebruik geen voorwerp dat krassen in het ke- ramische glas kan veroorzaken.
- Zorg ervoor dat de pan droog en schoon is. Zorg dat er zich geen stofresten op de kerami- sche kookplaat of op de pan bevinden. Door met een ruwe pan over het glas te schuiven, kunnen er krassen ontstaan.
- Gemorste suiker, jam, gelei, enz. moeten di- rect worden verwijderd om te voorkomen dat het oppervlak beschadigd raakt. Onderhoud en reiniging Problemen oplossen Als het symbool [ E 4 ] verschijnt:
- De kookplaat moet opnieuw worden gecongureerd. Voer de volgende stappen uit:
I) Belangrijk: controleer voor aanvang of zich niets op de kookplaat bevindt
II) Sluit de stroomtoevoer van het apparaat af door de stekker of zekering te verwijderen of de
stroomonderbreker uit te zetten
III) Sluit de kookplaat opnieuw op het elektriciteitsnet aan
IV) Procedure: neem een pan met een magnetische bodem en een minimumdiameter van 16 cm
- start de procedure binnen 2 minuten nadat de kookplaat opnieuw is aangesloten
- gebruik niet de [ O/I ]-toets
V) Stap één: wis de bestaande configuratie
1) Druk toets 2 in en houd deze ingedrukt
2) Het symbool [ - ] zal op elk display verschijnen
3) Druk met uw andere hand achtereenvolgend en kort (minder dan 2 sec) op elke aanduiding
[ - ]. Begin rechtsvoor en draai tegen de richting van de klok in, zoals aangegeven in de af- beelding (a t/m d), (Een dubbele “piep” duidt op een fout. Begin in dat geval opnieuw bij 1).
4) Haal uw vingers van de tiptoetsen en druk opnieuw een paar seconden op toets 1 totdat het
symbool [ E ] begint te knipperen.
5) Wacht totdat [ E ] stopt met knipperen.
Na een paar seconden verandert [ E ] automatisch in [ C ]. De bestaande instelling is gewist.
VI) Stap twee: nieuwe instelling
1) Neem een magnetische pan met een minimumdiameter van 16 cm
2) Kies een kookzone door op de betreffende aanduiding [ C ] te drukken
3) Plaats de pan op de in te stellen zone
Wacht totdat de [ C ] verandert in een [ - ]. De geselecteerde kookzone is nu gecongureerd.
5) Voer dezelfde stappen uit voor elke kookzone met een [ C ].
6) Alle kookzones zijn gecongureerd zodra alle displays zijn uitgeschakeld. Gebruik voor de
gehele procedure dezelfde pan. Plaats tijdens de instellingsprocedure nooit verschillende pannen gelijktijdig op de diverse kookzones.
- Als de melding [ E 4 ] niet verdwijnt, neem dan contact op de klantenservice De kookplaat of kookzone werkt niet:
- De kookplaat is misschien verkeerd op het elektriciteitsnet aangesloten. Controleer de aansluiting.
- De veiligheidszekering kan de stroom hebben afgesloten. Controleer de zekering.
- Het bedieningspaneel kan zijn vergrendeld. Ontgrendel de bediening.
- Op de tiptoetsen kan zich water of vet bevin- den. Reinig de tiptoetsen.
- Er ligt een voorwerp op een toets. Verwijder het voorwerp. Het bedieningspaneel toont [ U ] :
- Er staat geen pan op de kookzone.
- De pan is niet geschikt voor inductie.
- De bodemdiameter van de pan is te klein. Het bedieningspaneel toont [ C ] of [ E ]:
- Bel de aftersales-service. Één of alle kookzones zijn uitgeschakeld:
- Het veiligheidssysteem is geactiveerd.
- U bent lange tijd vergeten om de kookzone uit te schakelen.
- Één of meer tiptoetsen zijn bedekt.
- De pan is leeg en de bodem is oververhit.
- De kookplaat beschikt over een automati- sche vermogensreductie en automatische uitschakeling bij oververhitting. De ventilator blijft draaien nadat de kookplaat is uitgeschakeld:
- Dit is geen defect, de ventilator blijft draaien ter bescherming van het elektronische ap- paraat.
- De ventilator stopt automatisch. Het automatische kooksysteem werkt niet:
De hoogste vermogensstand is ingesteld [ 9 ].16 Het bedieningspaneel toont [ L ]:
- Raadpleeg het hoofdstuk vergrendeling be- dieningspaneel. Het bedieningspaneel toont [ U ]:
- Raadpleeg het hoofdstuk “Warmhouden“. Het bedieningspaneel toont [ II ]:
- Raadpleeg het hoofdstuk “Pauze“. Installatievoorschriften De installatie mag uitsluitend worden uitge- voerd door gespecialiseerde installatiemon- teurs. De installateur dient zich te houden aan de lokale wetgeving en voorschriften. Bevestiging van de afdichtingstrip: De bijgeleverde afdichtingstrip voorkomt inl- tratie van vloeistoffen in de keukenkast. De strip moet zorgvuldig worden aangebracht, in overeenkomst met de volgende afbeelding. Verwijder de beschermfolie (3) en plak de strip (2) twee millimeter van de buitenrand van het glas. 2 mm Inbouw - installatie:
- De uitsnijdingen van het werkblad zijn als volgt: Uitvoering Werkblad (mm) Breedte x Diepte BIK-65 560 x 490 BIK-78 750 x 490
- Zorg ervoor dat er een afstand van 50 mm bestaat tussen de kookplaat en de muur of zijwanden.
- De kookplaat is geclassiceerd als warmte- bescherming klasse “Y”. Idealiter moet de kookplaat worden geïnstalleerd met voldoen- de ruimte aan weerszijden. Er mag zich een muur aan de achterzijde bevinden en hoge kasten of een wand aan één zijde. Aan de an- dere zijde mag echter geen kast of meubel hoger zijn dan de kookplaat.
- Het meubel of de onderkast waarop de kook- plaat wordt geïnstalleerd, alsmede de randen van het meubel, de gelamineerde coating en de gebruikte lijm moeten warmtebestendig zijn tot 100 °C.
- De stangen of randen van de muur moeten warmtebestendig zijn.
- Installeer de kookplaat niet boven een niet- geventileerde oven of afwasmachine.
- Zorg voor een ruimte onder de kookplaat van 20 mm om een goede luchtcirculatie van hetNL
- Indien zich een lade onder de kookplaat be- vindt, mogen hierin geen ontvlambare voor- werpen worden geplaatst. (bijvoorbeeld: spuitbussen) of voorwerpen die niet warm- tebestendig zijn.
- Om de rand van de uitsnijding te bescher- men, moet een coating, lak of speciaal af- dichtingsmiddel worden aangebracht. De lijmverbinding van de kookplaat moet zeer zorgvuldig worden aangebracht, om lekkages in het onderstaande meubel te voorkomen. Deze strip zorgt voor een juiste afdichting wanneer de kookplaat wordt gebruikt in com- binatie met een glad werkblad.
- Voor de veiligheidsafstand tussen de kook- plaat en de erboven geplaatste afzuigkap dient u de instructies van de fabrikant van de afzuigkap in acht te nemen. Indien er geen instructies zijn gegeven, moet een minimum- afstand van 760 mm worden gehandhaafd.
- De verbindingskabel mag na aansluiting aan geen enkele (mechanische) spanning onder- hevig zijn. Elektrische aansluiting
- De installatie van dit apparaat en de aansluiting ervan op het elektriciteitsnet mag uitsluitend worden uitgevoerd door een elektricien die op de hoogte is van de lokale voorschriften en deze strikt in acht neemt.
- Na het inbouwen moet er een beveiliging tegen onder spanning staande onderdelen zijn voor- zien.
- De informatie die nodig is voor de aansluiting bevindt zich op de stickers op de kookplaatbehui- zing vlakbij de aansluitdoos.
- De aansluiting op het elektriciteitsnet moet worden uitgevoerd met een geaarde stekker of met een meerpolige stroomonderbreker waarvan de contactopeningen ten minste 3 mm bedragen.
- Het elektrisch circuit moet door geschikte voorzieningen van het elektriciteitsnet zijn geschei- den, zoals bijvoorbeeld: stroomonderbrekers, zekeringen of schakelaars. Let op! Dit apparaat mag alleen worden aangesloten op een netspanning van 230 V~ 50 Hz. Sluit altijd de aardleiding aan. Neem altijd het aansluitschema in acht. De aansluitdoos bevindt zich aan de onderzijde, aan de achterkant van de kookplaatbehuizing. Gebruik een gewone schroevendraaier om het deksel te openen. Plaats deze in de gleuven en open het deksel. Elektriciteitsnet Aansluiting Kabeldiameter Kabel Beschermings-kaliber 230V~1P+N 50Hz 1 fase + N 3 x 2,5 mm² H 05 VV - F 25 A * H 05 RR - F 400V~2P+N 50Hz 2 fasen + N 4 x 1,5 mm² H 05 VV - F 16 A * H 05 RR - F 230V~2P+2N 50Hz 2 fasen + 2N 5 x 1,5 mm² H 05 VV - F 16 A * H 05 RR - F
- berekend met de gelijktijdigheidsfactor conform TN 60 335-2-6/199018 Aansluiting van de kookplaat Uitvoeren van de configuraties: Gebruik voor de verschillende aansluitingen de messing bruggen die zich in de doos naast de aansluitklem bevinden 1 fase 230V~1P+N (niet voor Nederland!) Plaats de 1e brug tussen aansluitklem 1 en 2, de 2e tussen 3 en 4. Verbind de aarddraad met de aansluitklem “aarde”, de nulleider N met aansluitklem 3 (of 4), fase L met klem 1 of 2. 2-fasen 400V~2P+N Plaats een brug tussen aansluitklem 3 en 4. Verbind de aarddraad met de aansluitklem “aarde”, de nulleider N met aansluitklem 3 (of 4), fase L1 met klem 1 en fase L2 met klem 2. 2-fasen 230V~2P+2N Verbind L1 met klem 1, L2 met klem 2, N1 met klem 3, N2 met klem 4 en de aarddraad met aansluitklem “aarde” Let op! Zorg ervoor dat u de draden en brug- gen correct aansluit. Draai de schroeven goed vast. Alvorens de aansluiting uit te voeren, ra- den wij u aan de fase(n), nul en aarde op het elektriciteitsnet te lokaliseren. NB: de bruggen tussen klem 4-5 en tussen klem 1-2 zijn tijdens de fabriekscontrole aangebracht. Boretti kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor ongevallen die het gevolg zijn van een verkeerde aansluiting of van het gebruik van een apparaat dat niet geaard is of is uitgerust van een defecte aardaansluiting.NL
Notice-Facile