HBD2065N - Inbouwoven BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HBD2065N BOSCH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over HBD2065N BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Inbouwoven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HBD2065N - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HBD2065N van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING HBD2065N BOSCH
[nl]Gebruiksaanwijzing 12
Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid.. 12
Veiligheidsaanwijzingen.... 12
Oorzaken van schade.... 13
Bescherming van het milieu 14
Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier 14
Tips om energie te besparen 14
Koken op Inductie.... 14
Voordelen van het Koken op Inductie 14
Geschikte pannen.... 14
Het apparaat leren kennen.... 15
Het bedieningspaneel 15
De kookzones.... 15
Restwarmte-indicator.... 15
Programmeren van de kookplaat 15
De kookplaat in- en uitschakelen 15
Afstellen van de kookzone.... 15
Kooktabel 16
Kinderslot....17
Het kinderslot activeren en deactiveren.... 17
Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen...... 17
Functie Powerboost....17
Gebruiksbeperkingen 17
Activeren.... 17
Deactiveren.... 18
Basisinstellingen. 18
Toegang tot de basisinstellingen.... 18
Onderhoud en reiniging....19
Kookplaat 19
Omlijsting van de kookplaat.... 19
Repareren van storingen 19
Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat.... 20
Servicedienst ......20
Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.bosch-home.com en in de online-shop: www.bosch-eshop.com
⚠️ Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid
Lees deze instructies aandachtig door. Alleen dan kunt u het apparaat op de juiste wijze gebruiken.
Bewaar de gebruiks- en montage-instructies. Indien u het apparaat aan iemand anders overdraagt, geef dan ook de documentatie van het apparaat mee.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren.
Veiligheidsaanwijzingen
Dit apparaat werd uitsluitend voor huishoudelijk gebruik ontworpen. De kookplaat mag uitsluitend gebruikt worden voor het bereiden van voedsel. Laat het apparaat niet onbeheerd achter als het aan staat.
Veilig gebruik
Voor een veilig gebruik van dit apparaat mogen volwassenen en kinderen die wegens
■ lichamelijke, zintuiglijke of psychische beperkingen,
■ onervarenheid of onwetendheid
niet bekwaam zijn om dit apparaat te gebruiken, dat alleen doen onder toezicht van een verantwoordelijk volwassen persoon.
Houd kinderen in de gaten en voorkom dat zij met het apparaat gaan spelen.
Olie en vet zijn te warm
Brandgevaar!
De hete olie en vet zijn gemakkelijk ontvlambaar. Laat oververhitte olie of oververhit vet niet onbewaakt achter. Indien de olie of het vet vlam vat, blus het vuur dan nooit met water.
Doof de vlammen met een doek of een bord. Schakel de kookzone uit.
Het bereiden van voedsel au bain-marie
Met de bereidingswijze au bain-marie kan het voedsel worden verwarmd in een pan die op zijn beurt in een grotere pan water wordt geplaatst. Zo wordt het voedsel op langzame en constante wijze verwarmd, door middel van het warme water en niet rechtstreeks door de warmte van de kookzone. Bij het bereiden van voedsel au bain-marie moet worden vermeden dat blikken, glazen flessen of andere materialen in aanraking komen met de bodem van de pan water, om te voorkomen dat het glas van de plaat en de pan breken door oververhitting van de kookzone.
Hete kookplaat
Gevaar van brandwonden!
Raak hete kookzones niet aan. Houd kinderen uit de buurt van de kookplaat.
Brandgevaar!
■ Leg nooit ontvlambare voorwerpen op de kookplaat.
■ Bewaar geen ontvlambare voorwerpen of spuitbussen in de laden onder de kookplaat.
Vochtige bodems van pannen en vochtige kookplaten
Gevaar van verwondingen!
Als zich vocht tussen de bodem van de pan en de kookzone bevindt, kan dit dampdruk veroorzaken. Bijgevolg zou de pan kunnen opspringen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
Barsten in de kookplaat
Gevaar van elektrische ontlading!
Sluit het apparaat van het verdeelnet af indien de kookplaat stuk of gebarsten is.
Neem contact op met de technische dienst.
De kookzone verwarmt, maar de visuele indicatie werkt niet
Gevaar voor brandwonden!
Schakel de kookzone uit als de indicator niet werkt. Neem contact op met de technische dienst.
De kookplaat wordt uitgeschakeld
Brandgevaar!
Als de kookplaat automatisch uitgaat en niet kan worden gebruikt, kan hij op een later tijdstip alsnog vanzelf aan gaan. Om dit te voorkomen moet de kookplaat van de stroom worden afgesloten. Neem contact op met de technische dienst.
Oorzaken van schade
Attentie!
■ Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzaken.
- Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schade veroorzaken.
Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken.
Plaats geen metalen voorwerpen op de inductieplaat
Gevaar voor brandwonden!
Laat geen messen, vorken, lepels, deksels of andere metalen voorwerpen op de kookplaat liggen; deze kunnen heel snel heet worden.
Onderhoud van de ventilator
Gevaar van beschadiging!
Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.
Attentie!
Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.
Onjuist uitgevoerde reparaties
Gevaar van een elektrische ontlading!
Onjuist uitgevoerde reparaties zijn gevaarlijk. Zet het apparaat uit als het defect is. Neem contact op met de technische dienst. Het repareren en vervangen van defecte aansluitkabels mag uitsluitend uitgevoerd worden door behoorlijk opgeleid personeel van de Technische Dienst.
Attentie!
Dit apparaat voldoet aan de reglementeringen inzake de veiligheid en de elektromagnetische compatibiliteit. Personen met een pacemaker dienen uit de buurt te blijven van het apparaat als dat aan staat. Het is onmogelijk om te garanderen dat 100% van deze mechanismen die op de markt zijn voldoen aan de geldige regelgeving omtrent elektromagnetische compatibiliteit en dat er zich geen interferenties voordoen die de juiste werking in gevaar brengen. Ook is het mogelijk dat personen met andere soorten mechanismen, zoals hoorapparaten, enige vorm van hinder kunnen ondervinden.
De kookplaat uitschakelen
Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt bij het ontbreken van een pan.
- Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen, kan dit de plaat beschadigen.
Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschermplaten op de kookplaat wordt afgeraden.
Algemeen overzicht
In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:
Schade Oorzaak Maatregel
| Vlekken Gemorst voedsel Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. | |
| Ongeschikte reinigingsproducten Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. | |
| Krassen Zout, suiker en zand Gebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun. | |
| Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de vitroceramische plaat veroorzakenControleer de pannen. | |
| Verkleuringen Ongeschikte reinigingsproducten Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. | |
| Aanraking van de pannen Til kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen. | |
| Afbladderingen Suiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalte | Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. |
Bescherming van het milieu
Pak het apparaat uit en gooi het verpakkingsmateriaal op milieuvriendelijke wijze weg.
Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier

Dit apparaat is geïdentificeerd conform de Richtlijn betreffende Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur WEEE 2002/96/EG. Deze richtlijn omschrijft het kader voor de recyclage en het hergebruik van afgedankte apparaten binnen het hele Europese grondgebied.
Tips om energie te besparen
■ Doe altijd de bijbehorende deksel op de pan. Bij koken zonder deksel op de pan is het energieverbruik vier keer zo hoog.
- Gebruik pannen met een dikke en vlakke bodem. Pannen met bolle bodems verhogen het energieverbruik.
- De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Deze is over het algemeen groter dan de diameter van de bodem van de pan. Indien de diameter van de pan niet overeenkomt met die van de kookzone, is het beter dat deze groter is dan de afmeting van de kookzone. Zo niet, dan gaat de helft van de energie verloren. Controleer: Of de fabrikant de diameter van de bovenkant van pan heeft aangegeven.
■ Kies pannen met een afmeting die geschikt is voor de hoeveelheid voedsel die u gaat bereiden. Een grote pan die maar halfvol is, verbruikt veel energie.
■ Kook met weinig water. Zo wordt energie bespaard en blijven bovendien vitamines en mineralen van de groente behouden.
■ Selecteer een lagere kookstand.
Koken op Inductie
Voordelen van het Koken op Inductie
Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen:
■ Tijdbesparing bij het koken en frituren; doordat de pan rechtstreeks wordt verwarmd.
■ Dit werkt energiebesparend.
■ Eenvoudiger in onderhoud en reiniging Overgelopen voedingswaren verbranden minder snel.
■ Kook- en veiligheidscontrole; de plaat levert energie of stopt de energietoevoer onmiddellijk als op de controleknop gedrukt wordt. De inductiekookzone levert geen warmte meer af als de pan wordt weggenomen, ook al wordt het apparaat voor die tijd niet uitgeschakeld.
Geschikte pannen
Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische pannen zoals van:
■ geëmailleerd staal
■ gietijzer
■ speciale pannen voor inductie van roestvrij staal.
Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of ze worden aangetrokken door een magneet.
Speciale pannen voor inductie
Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een geheel ferromagnetische bodem. Controleer de diameter, deze kan zowel van invloed zijn op de pandetectie als op het kookresultaat.
Niet geschikte pannen
Gebruik nooit pannen van:
■ glas
■ aardewerk
■ koper
aluminium
■ dun normaal staal
Kenmerken van de bodem van de pan
De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.
Geen pan of ongeschikte afmeting
Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.
Lege pannen of pannen met een dunne bodem
Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie "automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.
Pandetectie
ledere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.
Dubbele of driedubbele kookzone
Deze zones kunnen pannen van verschillende afmetingen herkennen. Afhankelijk van het materiaal en de eigenschappen van de pan, past de zone zich automatisch aan en wordt alleen de enkele zone geactiveerd, ofwel de hele zone, waarbij het geschikte vermogen wordt geleverd voor goede kookresultaten.
Het apparaat leren kennen
Deze gebruiksinstructies kunnen op de diverse kookplaten toegepast worden. Op pagina 2 staat een algemeen overzicht van de modellen met informatie over hun afmetingen.
Het bedieningspaneel

text_image
Bedieningsvlak voor het selecteren van de kookzone Aanwijzingen voor vermogensstand 1-9 operationaliteit 0 restwarmte H powerboost functie b Bedieningsvlak voor de hoofd- schakelaar Bedieningsvlakken voor het selecteren van de vermogensstand Bedienings- vlak voor het c=> kinderslotDe kookzones
Kookzone Activeren en deactiveren
| ○ Enkelvoudige kookzone Gebruik een pan met de geschikte maat. |
| ∞ Braadzone De zone wordt automatisch ingeschakeld als een pan gebruikt wordt waarvan de bodem dezelfde maat heeft als de buitenste zone. |
| Gebruik enkel pannen die geschikt zijn voor koken op inductie, zie hoofdstuk "Geschikte pannen". |
Restwarmte-indicator
De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator H op elke kookzone die toont welke kookplaten warm zijn. Vermijd om de kookzones aan te raken waarvan deze indicator nog brandt.
Ook als de kookplaat uitgeschakeld is, zal H blijven branden zolang de kookzone nog warm is.
Als de pan verwijderd wordt voor de kookplaat uitgeschakeld is, zal afwisselend de indicatie H en de geselecteerde vermogensstand verschijnen.
Programmeren van de kookplaat
In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.
De kookplaat in- en uitschakelen
De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.
Voor het inschakelen: druk op het symbool ①. De indicator naast de hoofdschakelaar gaat branden en de indicators gaan branden. De kookplaat is klaar om te werken.
Voor het uitschakelen: druk op het symboo ^1 tot de indicators doven. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld zijn.
Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld als alle kookzones meer dan 20 seconden lang uitgeschakeld zijn.
Afstellen van de kookzone
Selecteer de gewenste vermogensstand met de symbolen + en -.
Vermogensstand 1 = minimumvermogen.
Vermogensstand 9 = maximumvermogen.
Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende instelling. Deze wordt aangegeven met een punt.
De vermogensstand aanpassen
De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
- Druk meerdere keren op het symbool 010010 tot de indicator van de gewenste kookzone brandt.
- Druk binnen de 5 seconden op het symbool + of -. De basisinstelling wordt weergegeven: Symbool + vermogensstand 1 Symbool - vermogensstand 9

text_image
1.2. 010 010 ↑ - 0 0
text_image
010 010 - - - ↑ 0 93.Wijzigen van de vermogensstand: selecteer de kookzone en druk op het symbool + of - tot de gewenste vermogensstand verschijnt.
De kookzone uitschakelen
Selecteer de kookzone en druk vervolgens op het symbool + of - tot 0 verschijnt.
De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt.
Aanwijzing. Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst wordt, zal de gekozen kookstand beginnen knipperen. Na het verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit.
Kooktabel
In de volgende tabel worden enkele voorbeelden gegeven.
De bereidingstijden zijn afhankelijk van de kookstand, het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties.
De kookstanden beïnvloeden het kookresultaat.
Gebruik de kookstand 9 als u begint te koken.
| Doorkookstand | Doorkookduur in minuten | |
| Smelten | ||
| Chocolade, chocoladeglazuur, boter, honing | 1-1. | - |
| Gelatine | 1-1. | - |
| Opwarmen en warm houden | ||
| Maaltijdsoep (bv. linzen) | 1-2 | - |
| Melk** | 1.-2. | - |
| Worstjes opgewarmd in water** | 3-4 | - |
| Ontdooien en verwarmen | ||
| Diepvriesspinazie | 2.-3. | 5-15 min. |
| Diepvriesgoulash | 2.-3. | 20-30 min. |
| Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken | ||
| Aardappel-gehaktballen | 4.-5.* | 20-30 min. |
| Vis | 4 -5* | 10-15 min. |
| Witte sauzen, bv. bechamel | 1-2 | 3-6 min. |
| Geklopte sauzen, bv. bearnaisesaus, Hollandse saus | 3-4 | 8-12 min. |
| Koken, stomen, sauteren | ||
| Rijst (met twee keer zoveel water) | 2-3 | 15-30 min. |
| Rijstpap | 2-3 | 25-35 min. |
| Aardappelen in de schil | 4-5 | 25-30 min. |
| Geschilde aardappelen met zout | 4-5 | 15-25 min. |
| Pasta. | 6 -7* | 6-10 min. |
| Eenpansgericht, soep | 3.-4. | 15-60 min. |
| Groente | 2.-3. | 10-20 min. |
| Diepvriesgroenten | 3.-4. | 7-20 min. |
| Koken met de snelkookpan | 4.-5. | - |
| Sudderen | ||
| Rollade | 4-5 | 50-60 min. |
| Stoofschotel | 4-5 | 60-100 min. |
| Goulash | 3.-4. | 50-60 min. |
* Doorkoken zonder deksel
** Zonder deksel
| Doorkookstand Doorkookduur in minuten | ||
| Braden** | ||
| Filets, al dan niet gepaneerd | 6-7 | 6-10 min. |
| Diepvriesfilets | 6-7 | 8-12 min. |
| Koteletten, al dan niet gepaneerd | 6-7 | 8-12 min. |
| Biefstuk (3 cm dikte) | 7-8 | 8-12 min. |
| Borst (2 cm dikte) | 5-6 | 10-20 min. |
| Diepvriesborst | 5-6 | 10-30 min. |
| Vis en visfilet, ongepaneerd | 5-6 | 8-20 min. |
| Vis en visfilet, gepaneerd | 6-7 | 8-20 min. |
| Gepaneerde diepvriesvis, bv. vissticks | 6-7 | 8-12 min. |
| Garnalen en steurgarnalen | 7-8 | 4-10 min. |
| Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd | 6-7 | 6-10 min. |
| Pannenkoeken | 6-7 | een portie na de andere frituren |
| Omelet | 3.-4. | een portie na de andere frituren |
| Gebakken eieren | 5-6 | 3-6 min. |
| Frituren** (150-200g per portie in 1-2 l olie) | ||
| Diepvriesproducten, bv. patat, kipnuggets | 8-9 | een portie na de andere frituren |
| Diepvrieskroketten | 7-8 | |
| Gehaktballen | 7-8 | |
| Vlees, bijv., stukjes kip | 6-7 | |
| Vis, gepaneerd of in bierdeeg | 6-7 | |
| Groenten, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. champignons | 6-7 | |
| Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg | 4-5 | |
* Doorkoken zonder deksel
** Zonder deksel
Kinderslot
De kookplaat kan beveiligd worden tegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones kunnen inschakelen.
Het kinderslot activeren en deactiveren
De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
Activeren: druk het symbool ≅ gedurende circa 4 seconden in. De indicator naast het symbool ≅ gaat gedurende 10 seconden branden. De kookplaat is geblokkeerd.
Deactiveren: druk het symbool ≫ gedurende circa 4 seconden in. De blokkering is gedeactiveerd.
Aanwijzing: Het kinderslot kan per vergissing geactiveerd of gedeactiveerd worden door water tijdens de reiniging, door overgelopen voedsel, of door de aanwezigheid van voorwerpen op het symbool.
Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen
Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgezet.
Activeren en deactiveren
Zie paragraaf "Standaardinstellingen".
Functie Powerboost
Met de functie Powerboost kan het voedsel sneller verhit worden dan wanneer de kookstand 9 gebruikt wordt.
Gebruiksbeperkingen
Deze functie zal beschikbaar zijn in alle kookzones zo lang de andere zone van dezelfde groep niet in werking is (zie afbeelding). Zo niet, dan knippert op de visuele indicator de geselecteerde kookzone 5 y 9; vervolgens wordt de kookstand automatisch aangepast 5.

text_image
Groep 1 2 3 1 4 Groep 2
text_image
Groep 1 2 5 3 1 4 Groep 2Activeren
- Selecteer de vermogensstand 9.
- Druk op het symbool +. De visuele indicator van de kookzone gaat branden b.
De functie is nu geactiveerd.
Deactiveren
-
Selecteer een kookzone.
-
Druk op het symbool -. De 6 zal niet meer zichtbaar zijn en de kookzone keert terug naar de vermogensstand 9. De Powerboost-functie is nu gedeactiveerd.
Basisinstellingen.
Het apparaat beschikt over diverse basisinstellingen. Deze instellingen kunnen worden aangepast aan de behoeften van de gebruiker.
Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de elektronische onderdelen aan de binnenzijde van de plaat te beschermen.
| Indicator Functie | |
| c1 | Permanent kinderslotGedeactiveerd.*Geactiveerd. |
| c2 | Akoestische signalenDe meeste signalen zijn gedeactiveerd.Sommige signalen zijn gedeactiveerd.Alle signalen zijn geactiveerd.* |
| c5 | Automatische tijdslimietBasisinstelling uitschakelen na 1-10 uur.*De tijd van de basisinstelling wordt tot de helft gereduceerd: uitschakelen na 0,5 - 5 uur.De tijd van de basisinstelling wordt tot een kwart gereduceerd: uitschakelen na 0,25 - 2,5 uur. |
| c7 | Functie Power-Management=Gedeactiveerd.*= 1000 W. minimumvermogen.= 1500 W.= 2000 W....9 of 9. = maximumvermogen van de plaat. |
| c8 | Terug naar de basisinstellingenPersoonlijke instellingen.*Terug naar de fabrieksinstellingen. |
*Fabrieksinstelling
Toegang tot de basisinstellingen
Voer onderstaande stappen uit:
- Schakel de kookplaat in met de hoofdschakelaar.
- Druk binnen de volgende 10 seconden op het symbool ≅ tot een signaal ter bevestiging weerklinkt.

Op de onderste visuele indicatoren verschijnt 1.
-
Druk op symbool ≫ tot de indicator van de gewenste functie weergegeven wordt.
-
Selecteer vervolgens de gewenste instelling met de symbolen + en -. Deze wordt getoond op de visuele indicator rechts boven.

- Druk opnieuw op het symbool ∞ tot een signaal ter bevestiging weerklinkt. De instellingen zijn op de juiste wijze opgeslagen.
Afsluiten
Om de instellingen af te sluiten, de kookplaat met de hoofdschakelaar uitschakelen.
Onderhoud en reiniging
De raadgevingen en waarschuwingen in dit hoofdstuk zijn bedoeld voor het optimaal schoonmaken en onderhouden van de kookplaat.
Kookplaat
Reiniging
Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. Op die manier voorkomt u dat aangekoekte resten verbranden. Maak de kookplaat pas schoon als hij voldoende afgekoeld is.
Gebruik alleen reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. Volg de aanwijzingen op de verpakking van het product op.
Gebruik nooit:
■ Schuurmiddelen
■ Agressieve schoonmaakmiddelen zoals ovensprays of vlekkenmiddel
■ Schuursponzen
■ Hogedrukreinigers of stoommachines
Glasschraper
Verwijder hardnekkig vuil met een glasschraper.
- Verwijder het beschermkapje van de schraper
- Maak het oppervlak van de kookplaat met het mesje schoon.
Maak het oppervlak van de kookplaat niet met het beschermkapje van de schraper schoon, er kunnen anders krassen op komen.
⚠ Risico op verwondingen!
Het mes is erg scherp. Gevaar voor snijwonden. Bescherm het mesje als het niet gebruikt wordt. Vervang het mesje onmiddellijk als het gebreken vertoont.
Onderhoud
Gebruik een speciaal middel voor het onderhoud en de bescherming van de kookplaat. Volg de raadgevingen en waarschuwingen op de verpakking op.
Omlijsting van de kookplaat
Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te vermijden, moeten de volgende aanwijzingen worden opgevolgd:
■ Gebruik alleen warm water met een beetje zeep
■ Gebruik nooit scherpe of bijtende producten
■ Gebruik de glasschraper niet
Repareren van storingen
Normaal zijn de storingen toe te schrijven aan kleine details. Neem de volgende raadgevingen en waarschuwingen in acht alvorens contact op te nemen met de Technische Dienst.
Indicator Storing Maatregel
| geen De stroom is uitgevallen. Controleer met andere elektrische apparaten of de stroom is uitgevallen. | ||
| Het apparaat is niet aangesloten volgens het aansluitschema. | Controleer of het apparaat is aangesloten volgens het aansluit-schema. | |
| Storing in het elektronische systeem. Als de storing na de voorgaande controles niet is opgelost, neem dan contact op met de technische dienst. | ||
| E knippert | Het bedieningspaneel is vochtig of er ligt iets op. | Droog de zone van het bedieningspaneel of neem het voorwerp weg. |
| Er + nummer /d + nummer / E + nummer / | Storing in het elektronische systeem. Koppel de kookplaat af van het stroomnet. Wacht circa 30 seconden en sluit ze opnieuw aan.* | |
| F0/F9 | Er is een interne fout in de werking opgetreden. | Koppel de kookplaat af van het stroomnet. Wacht circa 30 seconden en sluit ze opnieuw aan.* |
| F2 | Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft de overeenkomstige kookzone uitgeschakeld. | Wacht tot het elektronische systeem voldoende afgekoeld is. Druk vervolgens op een willekeurig symbool van de kookplaat.* |
| F4 | Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft alle kookzones uitgeschakeld. | |
| F8 | De kookzone heeft te lang op een hoog vermogen en ononderbroken gewerkt. | De automatische tijdlimiet is geactiveerd. Druk op een willekeurig symbool op het bedieningspaneel. De indicator is gedoofd. U kunt de kookplaat al opnieuw aanschakelen. |
| U1 | Onjuiste voedingsspanning, overschrijding van de normale werklimieten. | Neem contact op met uw elektriciteitsleverancier. |
| U2/U3 | De kookzone is oververhit en werd uitgeschakeld om uw kookplaat te beschermen. | Wacht totdat het elektronische systeem voldoende is afgekoeld en zet de kookplaat terug aan. |
Als de indicatie voortduurt, neem dan contact op met de Technische Dienst.
Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.
Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat
De technologie van het verwarmen door inductie is gebaseerd op het ontstaan van elektromagnetische velden die ervoor zorgen dat de warmte rechtstreeks op de bodem van de pan wordt voortgebracht. De pannen kunnen, afhankelijk van hun bouw, geluiden of trillingen voortbrengen, zoals hieronder worden genoemd:
Een diep gezoem zoals in een transformator
Dit geluid ontstaat tijdens het koken op een hoge kookstand. De oorzaak daarvan is de hoeveelheid energie die de kookplaat aan de pan overdraagt. Het geluid verdwijnt of vermindert zodra de kookstand wordt verlaagd.
Een laag fluitend geluid
Dit geluid ontstaat als de pan leeg is. Het geluid verdwijnt zodra er water of voedsel in de pan wordt gedaan.
Knisperen
Dit geluid doet zich voor bij pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen. Het geluid komt door de trillingen die ontstaan op de verbindingsvlakken van de verschillende materialen. Dit geluid is afkomstig van de pan. De hoeveelheid voedsel en de bereidingswijze kunnen variëren.
Hoge fluitende geluiden
De geluiden ontstaan met name in pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen, zodra deze worden aangezet op de hoogste stand en op twee kookzones tegelijk. Deze fluitende geluiden verdwijnen of worden minder zodra het vermogen wordt verlaagd.
Geluid van de ventilator
Voor een goed gebruik van het elektronische systeem moet de kookplaat op een gecontroleerde temperatuur werken. Daartoe is de kookplaat uitgerust met een ventilator die steeds als de temperatuur wordt vastgesteld door middel van de verschillende kookstanden gaat werken. De ventilator kan ook door inertie werken, nadat de kookplaat is uitgezet, als de gedetecteerde temperatuur nog te hoog is.
De omschreven geluiden zijn normaal en maken deel uit van de inductietechnologie en duiden niet op een storing.
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar.
E-nummer en FD-nummer
Geef wanneer u contact opneemt met de servicedienst altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van het apparaat op. Het typeplaatje met de nummers vindt u op het identificatiebewijs van het apparaat.
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
NL 088 424 4010
B 070 222 141
Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.