HBD2065N BOSCH

HBD2065N - Oven BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis HBD2065N BOSCH in PDF-formaat.

Page 12
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : HBD2065N

Categorie : Oven

Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HBD2065N - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HBD2065N van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING HBD2065N BOSCH

[nl]Gebruiksaanwijzing 12

[nl]Gebruiksaanwijzing

Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid.. 12

Veiligheidsaanwijzingen 12

Oorzaken van schade 13

Bescherming van het milieu 14

Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier

Tips om energie te besparen 14

Koken op Inductie 14

Voordelen van het Koken op Inductie 14

Het apparaat leren kennen 15

Het bedieningspaneel 15

Restwarmte-indicator 15

Programmeren van de kookplaat 15

De kookplaat in- en uitschakelen 15

Afstellen van de kookzone 15

Het kinderslot activeren en deactiveren 17

Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen 17

Functie Powerboost17

Gebruiksbeperkingen 17

Basisinstellingen. 18

Toegang tot de basisinstellingen 18

Onderhoud en reiniging19

Omlijsting van de kookplaat 19

Repareren van storingen 19

Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat 20

Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en

diensten vindt u op het internet: www.bosch-home.com en in

de online-shop: www.bosch-eshop.com

ã=Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid

Lees deze instructies aandachtig

door. Alleen dan kunt u het apparaat

op de juiste wijze gebruiken.

Bewaar de gebruiks- en montage-

instructies. Indien u het apparaat aan

iemand anders overdraagt, geef dan

ook de documentatie van het

Controleer het apparaat na het

uitpakken. Indien het apparaat

schade heeft opgelopen tijdens het

transport, schakel het dan niet in,

maar neem contact op met de

technische dienst en leg de

veroorzaakte schade schriftelijk vast.

Doet u dat niet, dan gaat elk recht op

een schadevergoeding verloren.

Veiligheidsaanwijzingen

Dit apparaat werd uitsluitend voor huishoudelijk gebruik

ontworpen. De kookplaat mag uitsluitend gebruikt worden voor

het bereiden van voedsel. Laat het apparaat niet onbeheerd

achter als het aan staat.

Voor een veilig gebruik van dit apparaat mogen volwassenen

en kinderen die wegens ■ lichamelijke, zintuiglijke of psychische beperkingen,■ onervarenheid of onwetendheid niet bekwaam zijn om dit apparaat te gebruiken, dat alleen

doen onder toezicht van een verantwoordelijk volwassen

Houd kinderen in de gaten en voorkom dat zij met het apparaat

Olie en vet zijn te warm

De hete olie en vet zijn gemakkelijk ontvlambaar. Laat

oververhitte olie of oververhit vet niet onbewaakt achter. Indien

de olie of het vet vlam vat, blus het vuur dan nooit met water.

Doof de vlammen met een doek of een bord. Schakel de

Het bereiden van voedsel au bain-marie

Met de bereidingswijze au bain-marie kan het voedsel worden

verwarmd in een pan die op zijn beurt in een grotere pan water

wordt geplaatst. Zo wordt het voedsel op langzame en

constante wijze verwarmd, door middel van het warme water en

niet rechtstreeks door de warmte van de kookzone. Bij het

bereiden van voedsel au bain-marie moet worden vermeden

dat blikken, glazen flessen of andere materialen in aanraking

komen met de bodem van de pan water, om te voorkomen dat

het glas van de plaat en de pan breken door oververhitting van

Gevaar van brandwonden!

Raak hete kookzones niet aan. Houd kinderen uit de buurt van

■ Leg nooit ontvlambare voorwerpen op de kookplaat.

■ Bewaar geen ontvlambare voorwerpen of spuitbussen in de

laden onder de kookplaat.

Vochtige bodems van pannen en vochtige kookplaten

Gevaar van verwondingen!

Als zich vocht tussen de bodem van de pan en de kookzone

bevindt, kan dit dampdruk veroorzaken. Bijgevolg zou de pan

kunnen opspringen. Zorg ervoor dat de kookzone en de

bodem van de pan altijd droog zijn.

Barsten in de kookplaat

Gevaar van elektrische ontlading!

Sluit het apparaat van het verdeelnet af indien de kookplaat

stuk of gebarsten is.

Neem contact op met de technische dienst.

De kookzone verwarmt, maar de visuele indicatie werkt niet

Gevaar voor brandwonden!

Schakel de kookzone uit als de indicator niet werkt. Neem

contact op met de technische dienst.

De kookplaat wordt uitgeschakeld

Als de kookplaat automatisch uitgaat en niet kan worden

gebruikt, kan hij op een later tijdstip alsnog vanzelf aan gaan.

Om dit te voorkomen moet de kookplaat van de stroom worden

afgesloten. Neem contact op met de technische dienst.

Plaats geen metalen voorwerpen op de inductieplaat

Gevaar voor brandwonden!

Laat geen messen, vorken, lepels, deksels of andere metalen

voorwerpen op de kookplaat liggen; deze kunnen heel snel

Onderhoud van de ventilator

Gevaar van beschadiging!

Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de

onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade

bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in

worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd

kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling

Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator

moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.

Onjuist uitgevoerde reparaties

Gevaar van een elektrische ontlading!

Onjuist uitgevoerde reparaties zijn gevaarlijk. Zet het apparaat

uit als het defect is. Neem contact op met de technische dienst.

Het repareren en vervangen van defecte aansluitkabels mag

uitsluitend uitgevoerd worden door behoorlijk opgeleid

personeel van de Technische Dienst.

Dit apparaat voldoet aan de reglementeringen inzake de

veiligheid en de elektromagnetische compatibiliteit. Personen

met een pacemaker dienen uit de buurt te blijven van het

apparaat als dat aan staat. Het is onmogelijk om te garanderen

dat 100% van deze mechanismen die op de markt zijn voldoen

aan de geldige regelgeving omtrent elektromagnetische

compatibiliteit en dat er zich geen interferenties voordoen die

de juiste werking in gevaar brengen. Ook is het mogelijk dat

personen met andere soorten mechanismen, zoals

hoorapparaten, enige vorm van hinder kunnen ondervinden.

De kookplaat uitschakelen

Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de

hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch

uitschakelt bij het ontbreken van een pan.

■ Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat

■ Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schade

■ Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de

indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan

■ Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen,

kan dit de plaat beschadigen.

■ Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete

kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschermplaten

op de kookplaat wordt afgeraden.

In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende

Schade Oorzaak Maatregel

Vlekken Gemorst voedsel Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.

Ongeschikte reinigingsproducten Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten.

Krassen Zout, suiker en zand Gebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun.

Ruwe bodems van pannen kunnen

krassen op de vitroceramische plaat

Controleer de pannen.

Verkleuringen Ongeschikte reinigingsproducten Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten.

Aanraking van de pannen Til kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen.

Afbladderingen Suiker, levensmiddelen met een hoog

Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper.14

Bescherming van het milieu

Pak het apparaat uit en gooi het verpakkingsmateriaal op

milieuvriendelijke wijze weg.

Verwijdering van afvalstoffen op een

milieuvriendelijke manier

Tips om energie te besparen

■ Doe altijd de bijbehorende deksel op de pan. Bij koken

zonder deksel op de pan is het energieverbruik vier keer zo

■ Gebruik pannen met een dikke en vlakke bodem. Pannen

met bolle bodems verhogen het energieverbruik.

■ De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen

met de afmeting van de kookzone. Deze is over het

algemeen groter dan de diameter van de bodem van de pan.

Indien de diameter van de pan niet overeenkomt met die van

de kookzone, is het beter dat deze groter is dan de afmeting

van de kookzone. Zo niet, dan gaat de helft van de energie

verloren. Controleer: Of de fabrikant de diameter van de

bovenkant van pan heeft aangegeven.

■ Kies pannen met een afmeting die geschikt is voor de

hoeveelheid voedsel die u gaat bereiden. Een grote pan die

maar halfvol is, verbruikt veel energie.

■ Kook met weinig water. Zo wordt energie bespaard en blijven

bovendien vitamines en mineralen van de groente behouden.

■ Selecteer een lagere kookstand.

Voordelen van het Koken op Inductie

Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de

traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte

rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het

een aantal voordelen:

■ Tijdbesparing bij het koken en frituren; doordat de pan

rechtstreeks wordt verwarmd.

■ Dit werkt energiebesparend.

■ Eenvoudiger in onderhoud en reiniging Overgelopen

voedingswaren verbranden minder snel.

■ Kook- en veiligheidscontrole; de plaat levert energie of stopt

de energietoevoer onmiddellijk als op de controleknop

gedrukt wordt. De inductiekookzone levert geen warmte meer

af als de pan wordt weggenomen, ook al wordt het apparaat

voor die tijd niet uitgeschakeld.

Ferromagnetische pannen

Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische

■ geëmailleerd staal

■ speciale pannen voor inductie van roestvrij staal.

Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of ze worden

aangetrokken door een magneet.

Speciale pannen voor inductie

Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met

een geheel ferromagnetische bodem. Controleer de diameter,

deze kan zowel van invloed zijn op de pandetectie als op het

Niet geschikte pannen

Gebruik nooit pannen van:

Kenmerken van de bodem van de pan

De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed

hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die

gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals

"sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op

gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.

Geen pan of ongeschikte afmeting

Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst

of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen

geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de

indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het

knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht

gaat de kookzone automatisch uit.

Lege pannen of pannen met een dunne bodem

Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met

dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern

veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet

worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd

heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan

oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de

kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en

schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet

werkt, neem dan contact op met de technische dienst.

Iedere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die

afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt.

Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het

meest geschikt is voor de pan.

Dubbele of driedubbele kookzone

Deze zones kunnen pannen van verschillende afmetingen

herkennen. Afhankelijk van het materiaal en de eigenschappen

van de pan, past de zone zich automatisch aan en wordt alleen

de enkele zone geactiveerd, ofwel de hele zone, waarbij het

geschikte vermogen wordt geleverd voor goede

Dit apparaat is geïdentificeerd conform de Richtlijn

betreffende Afgedankte Elektrische en Elektronische

Apparatuur WEEE 2002/96/EG. Deze richtlijn

omschrijft het kader voor de recyclage en het

hergebruik van afgedankte apparaten binnen het hele

Europese grondgebied.15

Het apparaat leren kennen

Deze gebruiksinstructies kunnen op de diverse kookplaten

toegepast worden. Op pagina 2 staat een algemeen overzicht

van de modellen met informatie over hun afmetingen.

Het bedieningspaneel

Restwarmte-indicator

De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator • op elke

kookzone die toont welke kookplaten warm zijn. Vermijd om de

kookzones aan te raken waarvan deze indicator nog brandt.

Ook als de kookplaat uitgeschakeld is, zal

zolang de kookzone nog warm is.

Als de pan verwijderd wordt voor de kookplaat uitgeschakeld

is, zal afwisselend de indicatie

• en de geselecteerde

vermogensstand verschijnen.

Programmeren van de kookplaat

In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden

afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de

bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.

De kookplaat in- en uitschakelen

De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de

Voor het inschakelen: druk op het symbool

naast de hoofdschakelaar gaat branden en de indicators

gaan branden. De kookplaat is klaar om te werken.

Voor het uitschakelen: druk op het symbool

doven. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. De restwarmte-

indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld

Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld als

alle kookzones meer dan 20 seconden lang uitgeschakeld zijn.

Afstellen van de kookzone

Selecteer de gewenste vermogensstand met de symbolen

Vermogensstand 1 = minimumvermogen.

Vermogensstand 9 = maximumvermogen.

Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende

instelling. Deze wordt aangegeven met een punt.

Enkelvoudige kookzone Gebruik een pan met de geschikte maat.

Braadzone De zone wordt automatisch ingeschakeld als een pan gebruikt wordt waarvan

de bodem dezelfde maat heeft als de buitenste zone.

Gebruik enkel pannen die geschikt zijn voor koken op inductie, zie hoofdstuk “Geschikte pannen".16

De vermogensstand aanpassen

De kookplaat moet ingeschakeld zijn.

1.Druk meerdere keren op het symbool § tot de indicator ‹

van de gewenste kookzone brandt.

2.Druk binnen de 5 seconden op het symbool + of -. De

basisinstelling wordt weergegeven:

Symbool + vermogensstand 1

Symbool - vermogensstand 9

3.Wijzigen van de vermogensstand: selecteer de kookzone en

druk op het symbool + of - tot de gewenste vermogensstand

De kookzone uitschakelen

Selecteer de kookzone en druk vervolgens op het symbool + of

De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator

Aanwijzing. Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst

wordt, zal de gekozen kookstand beginnen knipperen. Na het

verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit.

In de volgende tabel worden enkele voorbeelden gegeven.

De bereidingstijden zijn afhankelijk van de kookstand, het type,

het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er

De kookstanden beïnvloeden het kookresultaat.

Roer puree, gebonden soep en dikke sauzen af en toe om.

Gebruik de kookstand 9 als u begint te koken.

Opwarmen en warm houden

Maaltijdsoep (bv. linzen)

Worstjes opgewarmd in water**

Ontdooien en verwarmen

Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken

Rijst (met twee keer zoveel water)

Aardappelen in de schil

Geschilde aardappelen met zout

Koken met de snelkookpan

Kinderslot De kookplaat kan beveiligd worden tegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones kunnen inschakelen. Het kinderslot activeren en deactiveren De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.Activeren: druk het symbool D gedurende circa 4 seconden in. De indicator naast het symbool D gaat gedurende 10 seconden branden. De kookplaat is geblokkeerd.Deactiveren: druk het symbool D gedurende circa 4 seconden in. De blokkering is gedeactiveerd.Aanwijzing: Het kinderslot kan per vergissing geactiveerd of gedeactiveerd worden door water tijdens de reiniging, door overgelopen voedsel, of door de aanwezigheid van voorwerpen op het symbool.

D Het permanente kinderslot inschakelen of

uitschakelen Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgezet.Activeren en deactiverenZie paragraaf “Standaardinstellingen". Functie Powerboost Met de functie Powerboost kan het voedsel sneller verhit worden dan wanneer de kookstand Š gebruikt wordt.

Gebruiksbeperkingen Deze functie zal beschikbaar zijn in alle kookzones zo lang de andere zone van dezelfde groep niet in werking is (zie afbeelding). Zo niet, dan knippert op de visuele indicator de geselecteerde kookzone › y Š; vervolgens wordt de kookstand automatisch aangepast Š.

1. Selecteer de vermogensstand Š.

2. Druk op het symbool +. De visuele indicator van de kookzone gaat branden ›. De functie is nu geactiveerd.Braden**Filets, al dan niet gepaneerdDiepvriesfiletsKoteletten, al dan niet gepaneerdBiefstuk (3 cm dikte)Borst (2 cm dikte)DiepvriesborstVis en visfilet, ongepaneerdVis en visfilet, gepaneerdGepaneerde diepvriesvis, bv. vissticksGarnalen en steurgarnalenDiepvriesgerechten, bv. gesauteerdPannenkoekenOmeletGebakken eieren 6-7

4-5 een portie na de andere friturenDoorkookstand Doorkookduur in minuten* Doorkoken zonder deksel** Zonder deksel *URHS 

1.Selecteer een kookzone.

2.Druk op het symbool -. De › zal niet meer zichtbaar zijn en

de kookzone keert terug naar de vermogensstand

De Powerboost-functie is nu gedeactiveerd.

Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de

Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de

elektronische onderdelen aan de binnenzijde van de plaat te

Het apparaat beschikt over diverse basisinstellingen. Deze

instellingen kunnen worden aangepast aan de behoeften van

Toegang tot de basisinstellingen

Voer onderstaande stappen uit:

1.Schakel de kookplaat in met de hoofdschakelaar.

2.Druk binnen de volgende 10 seconden op het symbool D

tot een signaal ter bevestiging weerklinkt.

Op de onderste visuele indicatoren verschijnt

3.Druk op symbool D tot de indicator van de gewenste functie

4.Selecteer vervolgens de gewenste instelling met de

symbolen + en -. Deze wordt getoond op de visuele indicator

5.Druk opnieuw op het symbool D tot een signaal ter

bevestiging weerklinkt. De instellingen zijn op de juiste wijze

Om de instellingen af te sluiten, de kookplaat met de

hoofdschakelaar uitschakelen.

Akoestische signalen

‹ De meeste signalen zijn gedeactiveerd.

‚ Sommige signalen zijn gedeactiveerd.

ƒ Alle signalen zijn geactiveerd.*

Automatische tijdslimiet

‹ Basisinstelling uitschakelen na 1-10 uur.*

‚ De tijd van de basisinstelling wordt tot de helft gereduceerd: uitschakelen na 0,5 - 5 uur.

ƒ De tijd van de basisinstelling wordt tot een kwart gereduceerd: uitschakelen na 0,25 - 2,5 uur.

Functie Power-Management

Š of Š. = maximumvermogen van de plaat.

Terug naar de basisinstellingen

‹ Persoonlijke instellingen.*

‚ Terug naar de fabrieksinstellingen.

*Fabrieksinstelling19

Onderhoud en reiniging

De raadgevingen en waarschuwingen in dit hoofdstuk zijn

bedoeld voor het optimaal schoonmaken en onderhouden van

Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. Op die manier

voorkomt u dat aangekoekte resten verbranden. Maak de

kookplaat pas schoon als hij voldoende afgekoeld is.

Gebruik alleen reinigingsproducten die geschikt zijn voor

kookplaten. Volg de aanwijzingen op de verpakking van het

Gebruik nooit: ■ Schuurmiddelen■ Agressieve schoonmaakmiddelen zoals ovensprays of vlekkenmiddel ■ Schuursponzen■ Hogedrukreinigers of stoommachines Glasschraper

Verwijder hardnekkig vuil met een glasschraper. 1. Verwijder het beschermkapje van de schraper2. Maak het oppervlak van de kookplaat met het mesje schoon. Maak het oppervlak van de kookplaat niet met het

beschermkapje van de schraper schoon, er kunnen anders

ã=Risico op verwondingen!

Het mes is erg scherp. Gevaar voor snijwonden. Bescherm het

mesje als het niet gebruikt wordt. Vervang het mesje

onmiddellijk als het gebreken vertoont.

Gebruik een speciaal middel voor het onderhoud en de

bescherming van de kookplaat. Volg de raadgevingen en

waarschuwingen op de verpakking op.

Omlijsting van de kookplaat

Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te vermijden,

moeten de volgende aanwijzingen worden opgevolgd: ■ Gebruik alleen warm water met een beetje zeep■ Gebruik nooit scherpe of bijtende producten■ Gebruik de glasschraper niet Repareren van storingen

Normaal zijn de storingen toe te schrijven aan kleine details.

Neem de volgende raadgevingen en waarschuwingen in acht

alvorens contact op te nemen met de Technische Dienst.

Indicator Storing Maatregel

geen De stroom is uitgevallen. Controleer met andere elektrische apparaten of de stroom is uitgeval-

Het apparaat is niet aangesloten volgens

Controleer of het apparaat is aangesloten volgens het aansluit-

Storing in het elektronische systeem. Als de storing na de voorgaande controles niet is opgelost, neem dan

contact op met de technische dienst.

Het bedieningspaneel is vochtig of er ligt

Droog de zone van het bedieningspaneel of neem het voorwerp weg.

Storing in het elektronische systeem. Koppel de kookplaat af van het stroomnet. Wacht circa 30 seconden

en sluit ze opnieuw aan.*

Er is een interne fout in de werking opge-

Koppel de kookplaat af van het stroomnet. Wacht circa 30 seconden

en sluit ze opnieuw aan.*

Het elektronische systeem is oververhit

geraakt en heeft de overeenkomstige

kookzone uitgeschakeld.

Wacht tot het elektronische systeem voldoende afgekoeld is. Druk

vervolgens op een willekeurig symbool van de kookplaat.*

Het elektronische systeem is oververhit

geraakt en heeft alle kookzones uitgescha-

De kookzone heeft te lang op een hoog

vermogen en ononderbroken gewerkt.

De automatische tijdlimiet is geactiveerd. Druk op een willekeurig

symbool op het bedieningspaneel. De indicator is gedoofd. U kunt de

kookplaat al opnieuw aanschakelen.

Onjuiste voedingsspanning, overschrijding

van de normale werklimieten.

Neem contact op met uw elektriciteitsleverancier.

De kookzone is oververhit en werd uitge-

schakeld om uw kookplaat te beschermen.

Wacht totdat het elektronische systeem voldoende is afgekoeld en

zet de kookplaat terug aan.

Als de indicatie voortduurt, neem dan contact op met de Technische Dienst.

Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.20

Normaal geluid tijdens de werking van het

De technologie van het verwarmen door inductie is gebaseerd

op het ontstaan van elektromagnetische velden die ervoor

zorgen dat de warmte rechtstreeks op de bodem van de pan

wordt voortgebracht. De pannen kunnen, afhankelijk van hun

bouw, geluiden of trillingen voortbrengen, zoals hieronder

Een diep gezoem zoals in een transformator

Dit geluid ontstaat tijdens het koken op een hoge kookstand.

De oorzaak daarvan is de hoeveelheid energie die de

kookplaat aan de pan overdraagt. Het geluid verdwijnt of

vermindert zodra de kookstand wordt verlaagd.

Een laag fluitend geluid

Dit geluid ontstaat als de pan leeg is. Het geluid verdwijnt zodra

er water of voedsel in de pan wordt gedaan.

Dit geluid doet zich voor bij pannen die bestaan uit lagen van

verschillende materialen. Het geluid komt door de trillingen die

ontstaan op de verbindingsvlakken van de verschillende

materialen. Dit geluid is afkomstig van de pan. De hoeveelheid

voedsel en de bereidingswijze kunnen variëren.

Hoge fluitende geluiden

De geluiden ontstaan met name in pannen die bestaan uit

lagen van verschillende materialen, zodra deze worden

aangezet op de hoogste stand en op twee kookzones tegelijk.

Deze fluitende geluiden verdwijnen of worden minder zodra het

vermogen wordt verlaagd.

Geluid van de ventilator

Voor een goed gebruik van het elektronische systeem moet de

kookplaat op een gecontroleerde temperatuur werken. Daartoe

is de kookplaat uitgerust met een ventilator die steeds als de

temperatuur wordt vastgesteld door middel van de

verschillende kookstanden gaat werken. De ventilator kan ook

door inertie werken, nadat de kookplaat is uitgezet, als de

gedetecteerde temperatuur nog te hoog is.

De omschreven geluiden zijn normaal en maken deel uit van de

inductietechnologie en duiden niet op een storing.

Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze

servicedienst voor u klaar.

E-nummer en FD-nummer

Geef wanneer u contact opneemt met de servicedienst altijd

het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.)

van het apparaat op. Het typeplaatje met de nummers vindt u

op het identificatiebewijs van het apparaat.

Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst

in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de

garantietijd kosten met zich meebrengt.

De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst

met Servicedienstadressen.

Verzoek om reparatie en advies bij storingen

Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er

zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde

onderhoudstechnici, die beschikken over de originele

onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.