DSX A400BT.EUR - Bluetooth autoradio SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DSX A400BT.EUR SONY in PDF-formaat.

📄 164 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice SONY DSX A400BT.EUR - page 130
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SONY

Model : DSX A400BT.EUR

Categorie : Bluetooth autoradio

Download de handleiding voor uw Bluetooth autoradio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DSX A400BT.EUR - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DSX A400BT.EUR van het merk SONY.

GEBRUIKSAANWIJZING DSX A400BT.EUR SONY

32IT Fermo Note Se i fermi sono diritti o ripiegati verso l’esterno, l’apparecchio non verrà installato in modo sicuro e potrebbe fuoriuscire. Assicurarsi che i 4 fermi sulla cornice protettiva siano correttamente inseriti negli alloggiamenti dell’apparecchio. Rimozione e installazione del pannello anteriore Per ulteriori informazioni, consultare “Rimozione del pannello anteriore” (pagina 6). Sostituzione del fusibile Per la sostituzione del fusibile, Fusibile (10 A) assicurarsi di utilizzare un fusibile dello stesso amperaggio di quello indicato sull’originale. Se il fusibile si brucia, controllare i collegamenti dell’alimentazione e sostituire il fusibile. Se dopo la sostituzione il fusibile si brucia di nuovo, è possibile che si tratti di un problema interno. In tal caso, rivolgersi al più vicino rivenditore Sony. Voor uw eigen veiligheid moet u dit apparaat in het dashboard van de auto installeren, aangezien de achterkant ervan tijdens het gebruik erg warm wordt. Zie "Aansluiting/installatie" (pagina 28) voor meer informatie. Geproduceerd in Thailand Het naamplaatje met de werkspanning enz. bevindt zich onder aan de behuizing. Hierbij verklaart Sony Corporation dat deze radioapparatuur conform is met Richtlijn 2014/53/ EU. De volledige tekst van de EUconformiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres: http://www.compliance.sony.de/ Opmerking voor klanten: de volgende informatie geldt enkel voor apparatuur verkocht in landen waar de EU-richtlijnen van kracht zijn Producent: Sony Corporation, 1-7-1 Konan Minatoku Tokyo, 108-0075 Japan Voor EU-product conformiteit: Sony Belgium, bijkantoor van Sony Europe Limited, Da Vincilaan 7-D1, 1935 Zaventem, België Verwijdering van oude batterijen, elektrische en elektronische apparaten (van toepassing in de Europese Unie en andere Europese landen met afzonderlijke inzamelingssystemen) Dit symbool op het product, de batterij of op de verpakking wijst erop dat het product en de batterij, niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden. Op sommige batterijen kan dit symbool gebruikt worden in combinatie met een chemisch symbool. Het chemisch symbool voor kwik (Hg) of lood (Pb) wordt toegevoegd wanneer de batterij meer dan 0,0005 % kwik of 0,004 % lood bevat. 2NL Door deze producten en batterijen op juiste wijze af te voeren, vermijdt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die zouden kunnen veroorzaakt worden in geval van verkeerde afvalbehandeling. Het recycleren van materialen draagt bij tot het behoud van natuurlijke bronnen. In het geval dat de producten om redenen van veiligheid, prestaties dan wel in verband met dataintegriteit een permanente verbinding met een ingebouwde batterij vereisen, mag deze batterij enkel door gekwalificeerd servicepersoneel vervangen worden. Om ervoor te zorgen dat de batterij, het elektrisch en het elektronische apparaat op een juiste wijze zal worden behandeld, dienen deze producten aan het eind van zijn levenscyclus overhandigd te worden aan het desbetreffende inzamelingspunt voor de recyclage van elektrisch en elektronisch materiaal. Voor alle andere batterijen verwijzen we u naar het hoofdstuk over hoe de batterij veilig uit het product te verwijderen. Overhandig de batterij aan het desbetreffende inzamelingspunt voor de recyclage van batterijen. Voor meer details in verband met het recycleren van dit product of batterij, kan u contact opnemen met de gemeentelijke instanties, de organisatie belast met de verwijdering van huishoudelijk afval of de winkel waar u het product of batterij hebt gekocht. Waarschuwing als het contactslot van de auto geen ACC-positie heeft Zorg ervoor dat de AUTO OFF-functie ingesteld is (pagina 18). Hiermee wordt het apparaat na de ingestelde tijdsduur automatisch volledig uitgeschakeld nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld. Zo voorkomt u dat de accu leegraakt. Als u de AUTO OFF-functie niet instelt, houdt u OFF ingedrukt tot het scherm verdwijnt wanneer u het contactslot uitzet. Disclaimer betreffende diensten aangeboden door derden Diensten die aangeboden worden door derden kunnen gewijzigd, opgeschort of beëindigd worden zonder voorafgaande kennisgeving. Sony draagt geen enkele verantwoordelijkheid voor dergelijke situaties. Belangrijke kennisgeving Let op

HARDWARE EN/OF SOFTWARE. Geachte klant, dit product omvat een radiozender. Overeenkomstig UNECE-voorschrift nr. 10 kan een autofabrikant speciale voorwaarden opleggen voor de installatie van radiozenders in auto's. Controleer de handleiding van uw auto of neem contact op met de fabrikant of de verkoper van uw auto voor u dit product in uw auto installeert. Dit apparaat ondersteunt veiligheidsvoorzieningen die voldoen aan de BLUETOOTH-norm voor een veiligere verbinding wanneer de draadloze BLUETOOTH-technologie wordt gebruikt, maar deze beveiliging zal afhankelijk van de omstandigheden mogelijk niet voldoende zijn. Wees voorzichtig wanneer u communiceert met behulp van draadloze BLUETOOTH-technologie. Wij aanvaarden geen verantwoordelijkheid voor het uitlekken van informatie tijdens BLUETOOTHcommunicatie. Met alle vragen of problemen met betrekking tot dit apparaat die niet aan bod komen in deze gebruiksaanwijzing, kunt u terecht bij uw Sonyhandelaar. Noodoproepen Dit systeem voor handenvrij bellen via BLUETOOTH en het elektronische toestel dat met het systeem verbonden is, gebruiken radiosignalen, mobiele en vaste netwerken en ook een door de gebruiker geprogrammeerde functie. Verbinding kan niet onder alle omstandigheden worden gegarandeerd. Vertrouw daarom niet uitsluitend op uw elektronische toestel voor het tot stand brengen van essentiële communicatie (zoals bij medische noodgevallen). Over BLUETOOTH-communicatie Microgolven die worden uitgestraald door een BLUETOOTH-toestel kunnen de werking van elektronische medische apparaten beïnvloeden. Schakel dit apparaat en andere BLUETOOTHtoestellen uit op de volgende plaatsen, omdat dit ongelukken kan veroorzaken. waar brandbaar gas aanwezig is, in een ziekenhuis, trein, vliegtuig of benzinestation in de buurt van automatische deuren of een brandmelder 3NL Aanvullende informatie Inhoudsopgave Onderdelen en bedieningselementen . . . . . . . . . . 5 Aan de slag Het voorpaneel verwijderen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 De klok instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 Een BLUETOOTH-toestel voorbereiden . . . . . . . . . . 7 Een USB-apparaat aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . 10 Een ander draagbaar audiotoestel aansluiten . . . 10 Luisteren naar de radio Luisteren naar de radio. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11 Radio Data System (RDS) gebruiken . . . . . . . . . . . 11 Afspelen Muziek op een USB-apparaat afspelen. . . . . . . . . 13 Een BLUETOOTH-toestel afspelen . . . . . . . . . . . . . 13 Tracks zoeken en afspelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14 Handenvrij bellen (alleen via BLUETOOTH) Een oproep beantwoorden . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15 Iemand opbellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15 Beschikbare bedieningen tijdens een gesprek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16 Handige functies Siri Eyes Free gebruiken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17 Instellingen De DEMO-stand annuleren . . . . . . . . . . . . . . . . . . Algemene bediening voor instellingen. . . . . . . . . Algemene instellingen (GENERAL) . . . . . . . . . . . . Geluidsinstellingen (SOUND) . . . . . . . . . . . . . . . . . Display-instellingen (DISPLAY). . . . . . . . . . . . . . . . BLUETOOTH-instellingen (BT) . . . . . . . . . . . . . . . . 4NL

Onderdelen en bedieningselementen Hoofdapparaat Toets om het voorpaneel los te maken SRC (bron) Hiermee kunt u het apparaat inschakelen. U kunt deze toets ook gebruiken om de bron te wijzigen. OFF Houd deze toets 1 seconde ingedrukt om de bron uit te schakelen en de klok weer te geven. Houd de toets langer dan 2 seconden ingedrukt als u het apparaat en het scherm wilt uitschakelen. Regelknop Draai aan deze knop om het volume te regelen. PUSH ENTER Hiermee kunt u het geselecteerde item bevestigen. MENU* Opent het instellingenmenu. VOICE (pagina 16, 17) Houd deze toets langer dan 2 seconden ingedrukt om spraakgestuurd kiezen of de Sirifunctie (alleen iPhone) te activeren. N-merkteken Raak de regelknop aan met de Android™smartphone om een Bluetooth®-verbinding tot stand te brengen.

  • Niet beschikbaar wanneer de BT-telefoon geselecteerd is. Display SEEK +/– Hiermee kunt u automatisch afstemmen op radiozenders. Houd de toets ingedrukt om handmatig af te stemmen. / (vorige/volgende) / (terugspoelen/vooruitspoelen) PTY (programmatype) Hiermee kunt u PTY selecteren in RDS. (bladeren) (pagina 14) Hiermee kunt u tijdens het afspelen de bladerstand activeren. 5NL

CALL Hiermee kunt u het oproepmenu openen. Hiermee kunt u een gesprek aannemen/ beëindigen. Houd deze toets langer dan 2 seconden ingedrukt om het BLUETOOTH-signaal te wijzigen. MODE (pagina 11, 13, 16) (terug) Hiermee keert u terug naar het vorige scherm. Ontvanger voor de afstandsbediening Cijfertoetsen (1 tot 6) Hiermee kunt u opgeslagen radiozenders ontvangen. Houd een van deze toetsen ingedrukt om zenders op te slaan. U kunt deze toetsen ook gebruiken om een opgeslagen telefoonnummer te bellen. Houd een van deze toetsen ingedrukt om een telefoonnummer op te slaan. ALBUM / Hiermee kunt u een album op een audiotoestel overslaan. Houd de toets ingedrukt om albums te blijven overslaan. (herhalen) (willekeurig) MIC (pagina 16) PAUSE MEGA BASS De basklanken versterken overeenkomstig het volumeniveau. Druk hierop om de MEGA BASSinstelling te wijzigen: [1], [2], [OFF]. AUX-ingang DSPL (display) Druk hierop om de display-items te wijzigen. SCRL (rollen) Houd deze toets ingedrukt om een item over het display te laten rollen. USB-poort Microfoon (binnenpaneel) Voor een goede werking van de handenvrijfunctie mag u de microfoon niet afdekken met tape enz. 6NL Aan de slag Het voorpaneel verwijderen U kunt ter voorkoming van diefstal het voorpaneel van het apparaat verwijderen.

Houd OFF ingedrukt tot het apparaat uitgeschakeld wordt, druk op de toets om het voorpaneel los te maken en trek het paneel naar u toe om het te verwijderen. Waarschuwingstoon Als u de contactschakelaar in de stand OFF zet zonder dat u het voorpaneel hebt verwijderd, klinkt gedurende enkele seconden de waarschuwingstoon. U hoort de waarschuwingstoon alleen als de ingebouwde versterker wordt gebruikt. Serienummers Controleer of de serienummers aan de onderzijde van het apparaat en op de achterzijde van het voorpaneel overeenkomen. Anders is geen BLUETOOTH-koppeling, verbinding en ontkoppeling met NFC mogelijk. Het voorpaneel bevestigen De klok instellen

Druk op MENU, selecteer [SET GENERAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Selecteer [SET CLOCK-ADJ] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. De aanduiding voor het uur gaat knipperen.

Stel de uren en minuten in door de regelknop te verdraaien. Druk op SEEK +/– om de digitale aanduiding te verplaatsen.

Druk op MENU na het instellen van de minuten. Het instellen is voltooid en de klok begint te lopen. De klok weergeven Verbinding maken met een smartphone door middel van One touch (NFC) Door de regelknop op het apparaat met een voor NFC* geschikte smartphone aan te raken, wordt het apparaat automatisch gekoppeld aan en verbonden met de smartphone.

  • NFC (Near Field Communication) is een technologie voor draadloze communicatie op korte afstand tussen diverse apparaten, zoals mobiele telefoons en ICtags. Dankzij de NFC-functie is gegevenscommunicatie eenvoudig mogelijk door gewoon het relevante symbool of de gewenste locatie aan te raken op voor NFC geschikte apparaten. Voor een smartphone waarop Android OS 4.0 of lager geïnstalleerd is, moet de app "NFC Easy Connect" van Google Play™ worden gedownload. De app kan in bepaalde landen/regio's mogelijk niet worden gedownload.

Druk op DSPL. Activeer de NFC-functie op de smartphone. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing geleverd bij de smartphone voor meer informatie. Een BLUETOOTH-toestel voorbereiden U kunt genieten van muziek of handenvrij bellen afhankelijk van het BLUETOOTH-compatibele toestel zoals een smartphone, mobiele telefoon en audiotoestel (hierna "BLUETOOTH-toestel" genoemd, tenzij anders vermeld). Raadpleeg de gebruiksaanwijzing geleverd bij het toestel voor meer informatie over het aansluiten. Vooraleer u het toestel aansluit, verlaagt u het volume van dit apparaat. Doet u dit niet, dan kunnen er luide geluiden geproduceerd worden.

Raak het gedeelte met het N-merkteken van het apparaat aan met het gedeelte met het N-merkteken van de smartphone. Controleer of apparaat. oplicht op het display van het Verbinding verbreken met One touch Raak het gedeelte met het N-merkteken van het apparaat nogmaals aan met het gedeelte met het N-merkteken van de smartphone. 7NL Opmerkingen Behandel de smartphone voorzichtig wanneer u de verbinding tot stand brengt, om krassen te vermijden. One touch-verbinding is niet mogelijk wanneer het apparaat reeds verbonden is met een ander toestel dat geschikt is voor NFC. In dit geval verbreekt u de verbinding met het andere toestel en brengt u de verbinding met de smartphone opnieuw tot stand.

Als u een wachtwoord* moet invoeren op het BLUETOOTH-toestel, voert u [0000] in.

  • Het wachtwoord kan, afhankelijk van het toestel, "toegangscode", "PIN-code", "PIN-getal", "wachtwoord" enz. worden genoemd. Koppelen en verbinding maken met een BLUETOOTH-toestel Wanneer u een BLUETOOTH-toestel voor het eerst aansluit, moet een wederzijdse registratie ("koppeling" genoemd) plaatsvinden. Door een koppeling door te voeren, kunnen dit apparaat en andere toestellen elkaar herkennen. Wachtwoord invoeren [0000] Als de koppeling doorgevoerd is, blijft branden.

Selecteer dit apparaat op het BLUETOOTH-toestel om de BLUETOOTHverbinding te activeren. licht op wanneer de verbinding tot stand is gebracht.

Plaats het BLUETOOTH-toestel niet meer dan 1 m verwijderd van dit apparaat.

Druk op CALL, selecteer [SET PAIRING] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. knippert terwijl het apparaat zich in de stand-bystand voor de koppeling bevindt.

Voer de koppeling uit op het BLUETOOTH-toestel zodat het dit apparaat detecteert. Selecteer [DSX-XXXX] (uw modelnaam) op het scherm van het BLUETOOTHtoestel. Als uw modelnaam niet weergegeven wordt, herhaalt u dit proces vanaf stap 2. 8NL Opmerking Zolang er een BLUETOOTH-verbinding actief is, kan dit apparaat niet worden gedetecteerd vanaf een ander toestel. U kunt detectie mogelijk maken door de koppelingsstand in te schakelen en dit apparaat vanaf een ander toestel te zoeken. Afspelen starten Zie "Een BLUETOOTH-toestel afspelen" (pagina 13) voor meer informatie. Het koppelen annuleren Voer stap 2 uit om de koppelingsmodus te annuleren wanneer dit apparaat en het BLUETOOTH-toestel gekoppeld zijn. Verbinding maken met een gekoppeld BLUETOOTH-toestel Om een gekoppeld toestel te kunnen gebruiken, moet het verbonden zijn met dit apparaat. Sommige gekoppelde toestellen worden automatisch verbonden.

Druk op CALL, selecteer [SET BT SIGNL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Controleer of

oplicht. Activeer de BLUETOOTH-functie op het BLUETOOTH-toestel. Bedien het BLUETOOTH-toestel om verbinding te maken met dit apparaat.

licht op. Tip Met BLUETOOTH-signaal ingeschakeld: wanneer u de contactsleutel omdraait, brengt dit apparaat automatisch opnieuw de verbinding tot stand met de mobiele telefoon waar het het laatst mee verbonden was. Verbinding maken met een iPhone/ iPod (automatische BLUETOOTHkoppeling) Wanneer een iPhone/iPod met iOS5 of later wordt verbonden met de USB-poort, wordt het apparaat automatisch gekoppeld en verbonden met de iPhone/iPod. Om automatische BLUETOOTH-koppeling mogelijk te maken, moet [AUTOPAIR] in [BT] ingesteld zijn op [ON] (pagina 20).

Activeer de BLUETOOTH-functie op de iPhone/iPod.

Verbind een iPhone/iPod met de USBpoort. Pictogrammen op het display: Licht op wanneer handenvrij bellen beschikbaar is door HFP (Handsfree Profile) te activeren. Licht op wanneer het audiotoestel afspeelbaar is door A2DP (Advanced Audio Distribution Profile) te activeren. Verbinding maken met het laatste verbonden toestel vanaf dit apparaat Activeer de BLUETOOTH-functie op het BLUETOOTH-toestel. Druk op SRC om [BT PHONE] of [BT AUDIO] te selecteren. Druk op ENTER om verbinding te maken met de mobiele telefoon of op PAUSE om verbinding te maken met het audiotoestel. Controleer of apparaat. oplicht op het display van het Opmerkingen Automatische BLUETOOTH-koppeling is niet mogelijk wanneer het apparaat reeds verbonden is met een ander BLUETOOTH-toestel. In dit geval verbreekt u de verbinding met het andere toestel en brengt u de verbinding met de iPhone/iPod opnieuw tot stand. Als de automatische BLUETOOTH-koppeling niet werkt, zie "Een BLUETOOTH-toestel voorbereiden" voor meer informatie (pagina 7). Opmerking Tijdens het streamen van BLUETOOTH-audio kunt u niet vanaf dit apparaat een verbinding tot stand brengen met de mobiele telefoon. Maak in plaats daarvan verbinding met dit apparaat vanaf de mobiele telefoon. 9NL Een USB-apparaat aansluiten

Verlaag het volume op het apparaat. Sluit het USB-apparaat aan op het apparaat. Gebruik voor het aansluiten van een iPod/ iPhone de USB-verbindingskabel voor iPod (niet bijgeleverd). Een ander draagbaar audiotoestel aansluiten

Schakel het draagbare audiotoestel uit. Verlaag het volume op het apparaat. Sluit het draagbare audiotoestel met behulp van een verbindingskabel (niet bijgeleverd)* aan op de AUX-ingang (stereominiaansluiting) op het apparaat.

  • Gebruik een rechte stekker.

Druk op SRC om [AUX] te selecteren. 10NL Het volumeniveau van het aangesloten toestel afstemmen op andere bronnen Start het afspelen op het draagbare audiotoestel bij een gemiddeld volume en stel uw gebruikelijke luistervolume in op het hoofdapparaat. Druk op MENU en selecteer [SET SOUND] [SET AUX VOL] (pagina 19). De opgeslagen zenders ontvangen Luisteren naar de radio

Luisteren naar de radio Om naar de radio te luisteren, drukt u op SRC om [TUNER] te selecteren. Automatisch opslaan (BTM)

Druk op MODE om de band te wijzigen (FM1, FM2, FM3, MW of LW).

Druk op MENU, selecteer [SET GENERAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op.

Selecteer [SET BTM] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Het apparaat slaat de zenders in de volgorde van frequentie op onder de cijfertoetsen. Afstemmen

Druk op MODE om de band te wijzigen (FM1, FM2, FM3, MW of LW). Stem af op de gewenste zender. Handmatig afstemmen Houd SEEK +/– ingedrukt om ongeveer op de gewenste frequentie af te stemmen en druk vervolgens herhaaldelijk op SEEK +/– om fijn af te stemmen op de gewenste frequentie. Automatisch afstemmen Druk op SEEK +/–. Het zoeken stopt wanneer een zender wordt ontvangen. Handmatig opslaan

Als u de zender ontvangt die u wilt opslaan, houdt u een cijfertoets (1 tot 6) ingedrukt tot [MEM] wordt weergegeven. Selecteer de band en druk vervolgens op een cijfertoets (1 tot 6). Radio Data System (RDS) gebruiken Alternatieve frequenties (AF) en verkeersinformatie (TA) instellen AF stemt continu opnieuw af op de zender met het sterkste signaal in een netwerk, en TA biedt u de huidige verkeersinformatie of verkeersprogramma's (TP) wanneer deze worden ontvangen.

Druk op MENU, selecteer [SET GENERAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op.

Selecteer [SET AF/TA] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op.

Selecteer [SET AF-ON], [SET TA-ON], [SET AF/TA-ON] of [SET AF/TA-OFF] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. RDS-zenders met de AF- en TA-instelling opslaan U kunt RDS-zenders samen met een AF/TAinstelling voorprogrammeren. Stel AF/TA in en sla de zender vervolgens met BTM of handmatig op. Als u handmatig voorprogrammeert, kunt u ook niet-RDS-zenders voorprogrammeren. Noodberichten ontvangen Als AF of TA is ingeschakeld, wordt de geselecteerde bron automatisch onderbroken door de noodberichten. 11NL Het volumeniveau aanpassen tijdens een verkeersbericht Het niveau wordt los van het normale volumeniveau opgeslagen in het geheugen voor toekomstige verkeersinformatie. Op een regionaal programma afgestemd blijven (REGIONAL) Wanneer de functies AF en REGIONAL ingeschakeld zijn, schakelt het apparaat niet over naar een andere regionale zender met een sterkere frequentie. Wanneer u het ontvangstgebied van het regionale programma verlaat, stelt u tijdens FMontvangst [SET REG-OFF] in bij [SET GENERAL] (pagina 18). Deze functie werkt niet in het Verenigd Koninkrijk en sommige andere gebieden. Local Link-functie (alleen voor het Verenigd Koninkrijk) Met deze functie kunt u andere lokale zenders in het gebied selecteren, ook als deze niet zijn opgeslagen onder de cijfertoetsen. Druk tijdens FM-ontvangst op een cijfertoets (1 tot

6) waaronder een lokale zender is opgeslagen. Druk

binnen 5 seconden nogmaals op de cijfertoets van de lokale zender. Herhaal dit tot de lokale zender wordt ontvangen. Programmatypes (PTY) selecteren

Druk tijdens FM-ontvangst op PTY. Verdraai de regelknop tot het gewenste programmatype wordt weergegeven en druk op de regelknop. Het apparaat begint te zoeken naar een zender die het geselecteerde programmatype uitzendt. 12NL Programmatypen NEWS (nieuws), AFFAIRS (actualiteiten), INFO (informatie), SPORT (sport), EDUCATE (educatieve programma's), DRAMA (toneel), CULTURE (cultuur), SCIENCE (wetenschap), VARIED (diversen), POP M (popmuziek), ROCK M (rockmuziek), EASY M (variété), LIGHT M (licht klassiek), CLASSICS (klassiek), OTHER M (overige muziek), WEATHER (weerberichten), FINANCE (financiën), CHILDREN (kinderprogramma's), SOCIAL A (sociale zaken), RELIGION (religie), PHONE IN (Phone In), TRAVEL (reizen), LEISURE (ontspanning), JAZZ (jazzmuziek), COUNTRY (countrymuziek), NATION M (nationale muziek), OLDIES (oldies), FOLK M (folkmuziek), DOCUMENT (documentaires) De kloktijd instellen (CT) Met de CT-gegevens van de RDS-uitzending wordt de klok ingesteld.

Stel [SET CT-ON] in bij [SET GENERAL] (pagina 18). Het toestel verwijderen Stop het afspelen en verwijder het toestel. Afspelen Muziek op een USB-apparaat afspelen In deze gebruiksaanwijzing wordt "iPod" gebruikt als algemene verwijzing naar de iPod-functies van een iPod en iPhone, tenzij anders aangegeven in de tekst of afbeeldingen. Zie "Informatie over iPod" (pagina 21) voor informatie over de geschiktheid van uw iPod of ga naar de ondersteuningssite op het achterblad. USB-apparaten van het type MSC (Mass Storage Class) en MTP (Media Transfer Protocol) (zoals een USB-flashstation, digitale mediaspeler, Androidsmartphone) die de USB-norm ondersteunen, kunnen worden gebruikt. Afhankelijk van de digitale mediaspeler of Androidsmartphone moet de USB-verbindingsstand mogelijk ingesteld worden op MTP. Opmerkingen Ga naar de ondersteuningssite op het achterblad voor meer informatie over de compatibiliteit van het USB-apparaat. Het afspelen van de volgende bestanden wordt niet ondersteund. MP3/WMA/FLAC: Auteursrechtelijk beveiligde bestanden DRM-bestanden (Digital Rights Management beheer van digitale rechten) Meerkanaalsaudiobestanden MP3/WMA: Bestanden die zonder gegevensverlies zijn gecomprimeerd (lossless)

Sluit een USB-apparaat aan op de USB-poort (pagina 10). Het afspelen wordt gestart. Als er al een toestel aangesloten is, drukt u om het afspelen ervan te starten op SRC om [USB] te selecteren ([IPD] wordt weergegeven op het display als de iPod herkend wordt).

Pas het volume op dit apparaat aan. Het afspelen stoppen Waarschuwing voor iPhone Als u een iPhone aansluit via USB, wordt het gesprekvolume geregeld door de iPhone, niet door het apparaat. Om plotselinge harde geluiden na een oproep te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat u tijdens de oproep het volume van het apparaat niet per ongeluk verhoogt. Een iPod rechtstreeks bedienen (passagiersbediening)

Houd tijdens het afspelen MODE ingedrukt tot [MODE IPOD] weergegeven wordt. De iPod kan nu bediend worden. Het volume kan alleen worden aangepast op het apparaat. Passagiersbediening verlaten Houd MODE ingedrukt tot [MODE AUDIO] weergegeven wordt. Een BLUETOOTH-toestel afspelen U kunt inhoud afspelen op een verbonden toestel dat ondersteuning biedt voor BLUETOOTH A2DP (Advanced Audio Distribution Profile).

Stel een BLUETOOTH-verbinding in met het audiotoestel (pagina 8).

Bedien het audiotoestel en start het afspelen. Houd OFF gedurende 1 seconde ingedrukt. 13NL

Pas het volume op dit apparaat aan. Opmerkingen Afhankelijk van het audiotoestel wordt informatie zoals de titel, het tracknummer, de tracktijd en de afspeelstatus mogelijk niet weergegeven op dit apparaat. Zelfs als op dit apparaat een andere bron wordt gekozen, wordt de weergave van het audiotoestel niet stopgezet. Het volumeniveau van het BLUETOOTHtoestel afstemmen op andere bronnen Start het afspelen op het BLUETOOTH-audiotoestel bij een gemiddeld volume en stel uw gebruikelijke luistervolume in op het hoofdapparaat. Druk op MENU en selecteer [SET SOUND] [SET BTA VOL] (pagina 19). Tracks zoeken en afspelen

Selecteer de zoekcategorie van uw keuze door de regelknop te verdraaien en bevestig deze met een druk op de regelknop.

Herhaal stap 2 om de gewenste track te zoeken. Het afspelen wordt gestart. De Quick-BrowZer-stand verlaten Druk op Zoeken door items over te slaan (Overspring-stand)

Herhaaldelijk en willekeurig afspelen

Druk tijdens het afspelen herhaaldelijk (herhalen) of (willekeurig) om de gewenste weergavestand te selecteren. Het duurt even voor het afspelen start in de geselecteerde weergavestand. De beschikbare weergavestanden verschillen afhankelijk van de geselecteerde geluidsbron. Zoeken naar een track op naam (QuickBrowZer™)

Druk tijdens het afspelen van een USBapparaat op (bladeren)* om de lijst met zoekcategorieën weer te geven. Wanneer de tracklijst wordt weergegeven, drukt u herhaaldelijk op (terug) om de gewenste zoekcategorie weer te geven.

  • Druk tijdens het afspelen via USB gedurende meer dan 2 seconden op (bladeren) om rechtstreeks terug te keren naar het begin van de categorielijst. 14NL (bladeren). Druk op (bladeren). Druk op SEEK +. Verdraai de regelknop om het item te selecteren. De lijst wordt doorbladerd in stappen van 10% van het totale aantal items in de lijst.

Druk op ENTER om terug te keren naar de Quick-BrowZer-stand. Het geselecteerde item wordt weergegeven.

Selecteer het item van uw keuze door de regelknop te verdraaien en er vervolgens op te drukken. Het afspelen wordt gestart.

Selecteer een eerste letter uit de lijst van eerste letters door de regelknop te verdraaien en druk vervolgens op de regelknop.

Selecteer een naam uit de naamlijst door de regelknop te verdraaien en druk vervolgens op de regelknop.

Selecteer een nummer uit de nummerlijst door de regelknop te verdraaien en druk vervolgens op de regelknop. Handenvrij bellen (alleen via BLUETOOTH) Om een mobiele telefoon te kunnen gebruiken, moet u deze verbinden met dit apparaat. Zie "Een BLUETOOTH-toestel voorbereiden" (pagina 7) voor meer informatie. Het telefoongesprek wordt gestart. Een oproep beantwoorden

Druk op CALL wanneer u een gesprek met een beltoon ontvangt. Vanuit de gesprekkenhistorie

Het telefoongesprek wordt gestart. Opmerking De beltoon en het stemgeluid worden alleen uitgevoerd via de voorluidsprekers. Druk op CALL, selecteer [RECENT CALL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Er wordt een lijst van gesprekken in de gesprekkenhistorie weergegeven.

Een oproep weigeren Houd OFF gedurende 1 seconde ingedrukt. Een gesprek beëindigen Selecteer een naam of telefoonnummer uit de gesprekkenhistorie door de regelknop te verdraaien en druk vervolgens op de regelknop. Het telefoongesprek wordt gestart. Druk nogmaals op CALL. Door een nummer in te toetsen Iemand opbellen

U kunt iemand uit het telefoonboek of de oproepgeschiedenis bellen wanneer er een mobiele telefoon die ondersteuning biedt voor PBAP (Phone Book Access Profile) verbonden is. Druk op CALL, selecteer [DIAL NUMBER] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op.

Verdraai de regelknop om het telefoonnummer in te voeren en selecteer als laatste [ ] (spatie). Druk vervolgens op ENTER*. Vanuit het telefoonboek

Druk op CALL, selecteer [PHONE BOOK] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Het telefoongesprek wordt gestart.

  • Druk op SEEK +/– om de digitale aanduiding te verplaatsen. Opmerking In het display wordt [_] weergegeven in plaats van [#]. 15NL Door een nummer opnieuw te vormen

Zeg de spraak-tag die op de mobiele telefoon is opgeslagen. Uw stem wordt herkend en het nummer wordt gebeld. Druk op CALL, selecteer [REDIAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Spraakgestuurd kiezen annuleren Het telefoongesprek wordt gestart. Druk op VOICE. Met een voorkeuzenummer Beschikbare bedieningen tijdens een gesprek

Druk op een cijfertoets (1 tot 6) om de contactpersoon te selecteren die u wilt bellen. Het volume van de beltoon aanpassen Druk op ENTER. Het volume van de stem van de spreker aanpassen

Het telefoongesprek wordt gestart. Verdraai de regelknop terwijl u een gesprek ontvangt. Verdraai de regelknop tijdens een gesprek. Telefoonnummers voorprogrammeren U kunt maximaal 6 contacten opslaan onder de voorkeuzetoetsen.

Selecteer in het telefoonboek of in de gesprekkenhistorie een telefoonnummer dat u wilt opslaan onder de voorkeuzetoetsen. U kunt ook rechtstreeks een telefoonnummer invoeren. Het telefoonnummer wordt weergegeven op het display van dit apparaat. Houd een cijfertoets (1 tot 6) ingedrukt tot [MEM] wordt weergegeven. Het contact is opgeslagen onder het geselecteerde voorkeuzenummer. Via spraak-tags U kunt een persoon bellen door de spraak-tag uit te spreken die opgeslagen is in een verbonden mobiele telefoon die uitgerust is met een functie voor spraakgestuurd kiezen.

Druk op CALL, selecteer [VOICE DIAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. U kunt ook VOICE langer dan 2 seconden ingedrukt houden. 16NL Het volume aanpassen voor de andere persoon (aanpassing van de microfoonversterking) Druk op MIC. Regelbaar volumeniveau: [MIC-LOW], [MIC-MID], [MIC-HI]. Echo en ruis verminderen (echoonderdrukking/ruisonderdrukking) Houd MIC ingedrukt. Instelbare standen: [EC/NC-1], [EC/NC-2]. Schakelen tussen de handenvrije en de niethandenvrije stand Druk tijdens een gesprek op MODE om het geluid van het telefoongesprek te laten uitvoeren via het apparaat of de mobiele telefoon. Opmerking Afhankelijk van de mobiele telefoon is deze handeling mogelijk niet beschikbaar. Handige functies Siri Eyes Free gebruiken Met Siri Eyes Free kunt u een iPhone handenvrij gebruiken door gewoon in de microfoon te spreken. Voor deze functie dient u een iPhone via BLUETOOTH te verbinden met het apparaat. De beschikbaarheid is beperkt tot iPhone 4s of later. Controleer of uw iPhone met de recentste iOSversie werkt. U moet de BLUETOOTH-registratie en de verbindingsconfiguratie voor de iPhone met het apparaat vooraf uitvoeren. Zie "Een BLUETOOTHtoestel voorbereiden" (pagina 7) voor meer informatie.

Wanneer Siri Eyes Free tijdens de audioweergave wordt geactiveerd, kan het apparaat naar de BLUETOOTH-audiobron schakelen, zelfs wanneer u geen af te spelen track kiest. Wanneer de iPhone wordt verbonden met de USBpoort, werkt Siri mogelijk niet goed of kan Siri Eyes Free worden gesloten. Wanneer u de iPhone via USB verbindt met het apparaat, mag u Siri niet activeren met de iPhone. Siri Eyes Free werkt mogelijk niet goed of kan worden gesloten. Er is geen audioweergave terwijl Siri Eyes Free geactiveerd is. Activeer de Siri-functie op de iPhone. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing geleverd bij de iPhone voor meer informatie.

Houd VOICE langer dan 2 seconden ingedrukt. Het spraakcommandoscherm verschijnt.

Spreek in de microfoon nadat de iPhone een pieptoon geproduceerd heeft. De iPhone produceert opnieuw een pieptoon en Siri is klaar om te reageren. Siri Eyes Free deactiveren Druk op VOICE. Opmerkingen Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden kan de iPhone uw spraak mogelijk niet herkennen. (Bijvoorbeeld als u zich in een rijdende wagen bevindt.) Siri Eyes Free werkt mogelijk niet goed of de reactietijd kan te lang zijn op plaatsen waar iPhonesignalen moeilijk te ontvangen zijn. Afhankelijk van de werktoestand van de iPhone werkt Siri Eyes Free mogelijk niet goed of kan Siri worden gesloten. Als u een track op een iPhone afspeelt via de BLUETOOTH-audioverbinding en wanneer de track via BLUETOOTH begint af te spelen, wordt Siri Eyes Free automatisch gesloten en schakelt het apparaat over naar de BLUETOOTH-audiobron. 17NL

Instellingen Terugkeren naar het vorige display De DEMO-stand annuleren U kunt het demonstratiescherm annuleren dat wordt weergegeven wanneer de bron uitgeschakeld is en de klok weergegeven wordt.

Druk op MENU, selecteer [SET GENERAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op.

Selecteer [SET DEMO] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op.

Selecteer [SET DEMO-OFF] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Het instellen is voltooid.

Druk twee keer op (terug). Het display keert terug naar de normale ontvangst-/weergavestand. Algemene bediening voor instellingen U kunt items instellen in de volgende instelcategorieën: Algemene instelling (GENERAL), geluidsinstelling (SOUND), display-instelling (DISPLAY), BLUETOOTHinstelling (BT) (Niet beschikbaar wanneer de BT-telefoon geselecteerd is.)

Druk op MENU. Selecteer de instellingencategorie door de regelknop te verdraaien en er vervolgens op te drukken. De items die ingesteld kunnen worden, verschillen afhankelijk van de bron en instellingen. 18NL Selecteer de opties door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Druk op (terug). Algemene instellingen (GENERAL) DEMO (demonstratie) De demonstratie inschakelen: [ON], [OFF]. CLOCK-ADJ (klok aanpassen) (pagina 7) CAUT ALM (waarschuwingstoon) De waarschuwingstoon inschakelen: [ON], [OFF] (pagina 6). (Alleen beschikbaar wanneer de bron uitgeschakeld is en de klok weergegeven wordt.) BEEP De pieptoon inschakelen: [ON], [OFF]. AUTO OFF Automatisch uitschakelen na de gewenste tijd wanneer het apparaat is uitgeschakeld: [NO], [30S] (30 seconden), [30M] (30 minuten), [60M] (60 minuten). CT (kloktijd) De CT-functie inschakelen: [ON], [OFF]. AF/TA (alternatieve frequenties/ verkeersinformatie) Hiermee kunt u de instelling voor alternatieve frequenties (AF) en verkeersinformatie (TA) instellen: [AF-ON], [TA-ON], [AF/TA-ON], [AF/TAOFF]. REGIONAL De ontvangst beperken tot een specifieke regio: [ON], [OFF]. (Alleen beschikbaar wanneer FM ontvangen wordt.) BTM (geheugen voor beste afstemming) (pagina 11) (Alleen beschikbaar wanneer de tuner geselecteerd is.) Geluidsinstellingen (SOUND) Dit instellingenmenu is beschikbaar wanneer om het even welke bron behalve de BT-telefoon geselecteerd is. EQ5 PRESET Een equalizercurve selecteren uit 10 verschillende curves of de equalizer uitschakelen: [OFF], [R&B], [ROCK], [POP], [DANCE], [HIP-HOP], [ELECTRONICA], [JAZZ], [SOUL], [COUNTRY], [CUSTOM]. Voor iedere bron kan de equalizercurve in het geheugen worden opgeslagen. EQ5 SETTING Hiermee kunt u [CUSTOM] instellen voor EQ5. BASE Een voorgeprogrammeerde equalizercurve selecteren als basis voor verdere aanpassing: [BAND1] (lage frequentie), [BAND2] (middenlage frequentie), [BAND3] (middenfrequentie), [BAND4] (middenhoge frequentie), [BAND5] (hoge frequentie). Het volume kan worden aangepast in stappen van 1 dB, van -10 dB tot +10 dB. BALANCE De geluidsbalans aanpassen: [RIGHT-15] – [CENTER] – [LEFT-15]. AUX VOL (AUX-volumeniveau) Het volumeniveau voor elk aangesloten randapparaat aanpassen: [+18 dB] – [0 dB] – [-8 dB]. Dankzij deze instelling is het niet nodig om het volumeniveau tussen bronnen aan te passen. BTA VOL (volumeniveau BLUETOOTH-audio) Het volumeniveau voor elk aangesloten BLUETOOTH-toestel aanpassen: [+6 dB] – [0 dB] – [-6 dB]. Dankzij deze instelling is het niet nodig om het volumeniveau tussen bronnen aan te passen. Display-instellingen (DISPLAY) DIMMER De helderheid van het scherm wijzigen: [ON], [OFF]. SND SYNC (geluidssynchronisatie) Activeert de synchronisatie van verlichting en geluid: [ON], [OFF]. AUTO SCR (automatisch rollen) Lange items automatisch laten rollen: [ON], [OFF]. (Niet beschikbaar wanneer AUX of de tuner geselecteerd is.) FADER Het relatieve niveau aanpassen: [FRONT-15] – [CENTER] – [REAR-15]. S.WOOFER (subwoofer) SW LEVEL (subwooferniveau) Het subwoofervolume aanpassen: [+6 dB] – [0 dB] – [-6 dB], [ATT]. ([ATT] wordt weergegeven bij de laagste instelling.) SW PHASE (fase subwoofer) De fase van de subwoofer selecteren: [NORM], [REV]. LPF FREQ (frequentie van laagdoorlaatfilter) De kantelfrequentie van de subwoofer selecteren: [80Hz], [100Hz], [120Hz]. 19NL BLUETOOTH-instellingen (BT) Aanvullende informatie PAIRING (pagina 8) PHONE BOOK (pagina 15) REDIAL (pagina 16) RECENT CALL (pagina 15) VOICE DIAL (pagina 16) DIAL NUMBER (pagina 15) RINGTONE Hiermee selecteert u of dit apparaat of de aangesloten mobiele telefoon de beltoon uitvoert: [1] (dit apparaat), [2] (mobiele telefoon). AUTO ANS (automatisch beantwoorden) Het apparaat beantwoordt automatisch een binnenkomend gesprek: [OFF], [1] (ongeveer 3 seconden), [2] (ongeveer 10 seconden). AUTOPAIR (automatisch koppelen) Start BLUETOOTH-koppeling automatisch wanneer een iOS-toestel met versie 5.0 of recenter wordt verbonden via USB: [ON], [OFF]. BT SIGNL (BLUETOOTH-signaal) (pagina 9) Hiermee kunt u de BLUETOOTH-functie activeren/deactiveren. BT INIT (BLUETOOTH initialiseren) U kunt alle instellingen die met de BLUETOOTHfunctie verband houden (koppelingsinformatie, voorkeuzenummer, toestelinformatie enz.) initialiseren: [YES], [NO]. Initialiseer alle instellingen wanneer u het apparaat weggooit. (Alleen beschikbaar wanneer de bron uitgeschakeld is en de klok weergegeven wordt.) 20NL Voorzorgsmaatregelen Laat het apparaat afkoelen als de auto geparkeerd heeft gestaan in de volle zon. Laat het voorpaneel of audioapparaten niet achter in de auto. Deze kunnen beschadigd raken door de hoge temperaturen van direct zonlicht. De elektrisch bediende antenne schuift automatisch uit. Hoge geluidskwaliteit behouden Mors geen vloeistof op het apparaat. Afspeelvolgorde van audiobestanden Map (album) Audiobestand (track) Informatie over iPod Onderhoud U kunt de volgende iPod-modellen aansluiten. Werk de software van uw iPod bij naar de laatste versie vóór gebruik. Compatibele iPhone-/iPod-modellen Compatibel model USB iPhone 6 Plus

iPod touch (5e generatie)

iPod touch (4e generatie)

iPod touch (3e generatie)

iPod nano (7e generatie)

iPod nano (6e generatie)

iPod nano (5e generatie)

"Made for iPod" en "Made for iPhone" betekenen dat een elektronisch accessoire speciaal is ontworpen om aan te sluiten op respectievelijk een iPod of iPhone en dat de ontwikkelaar van het accessoire verklaart dat het voldoet aan de prestatienormen van Apple. Apple is niet verantwoordelijk voor de werking van dit apparaat of voor het voldoen ervan aan de veiligheids- en overheidsvoorschriften. Merk op dat het gebruik van dit accessoire met een iPod of iPhone de draadloze prestaties kan beïnvloeden. Met alle vragen of problemen met betrekking tot dit apparaat die niet aan bod komen in deze gebruiksaanwijzing, kunt u terecht bij uw Sonyhandelaar. Aansluitingen schoonmaken De werking van het apparaat kan worden verstoord als de aansluitingen tussen het apparaat en het voorpaneel niet schoon zijn. U kunt dit voorkomen door het voorpaneel (pagina 6) te verwijderen en de aansluitingen te reinigen met een wattenstaafje. Gebruik hierbij niet te veel kracht. Anders kunnen de aansluitingen worden beschadigd. Opmerkingen Uit veiligheidsoverwegingen moet u de motor uitschakelen en de sleutel uit de contactschakelaar halen voordat u de aansluitingen reinigt. Raak de aansluitingen nooit rechtstreeks aan met uw vingers of een metalen voorwerp. Technische gegevens Tuner Afstembereik: 87,5 – 108,0 MHz Antenneaansluiting: Aansluiting voor externe antenne Tussenfrequentie: FM CCIR: -1.956,5 tot -487,3 kHz en +500,0 tot +2.095,4 kHz Bruikbare gevoeligheid: 7 dBf Selectiviteit: 75 dB bij 400 kHz Signaal/ruis-afstand: 73 dB Scheiding: 50 dB bij 1 kHz Frequentiebereik: 20 – 15.000 Hz MW/LW Afstembereik: MW: 531 – 1.602 kHz LW: 153 – 279 kHz Antenneaansluiting: Aansluiting voor externe antenne Gevoeligheid: MW: 26 μV, LW: 50 μV 21NL USB-speler NFC-communicatie Interface: USB (Full-speed) Maximale voeding: 1 A Het maximale aantal herkenbare tracks: mappen (albums): 256 bestanden (tracks) per map: 256 Bijbehorende codec: MP3 (.mp3) Bitsnelheid: 8 – 320 kbps (ondersteunt VBR (Variable Bit Rate)) Bemonsteringsfrequentie: 16 – 48 kHz WMA (.wma) Bitsnelheid: 32 – 192 kbps (ondersteunt VBR (Variable Bit Rate)) Bemonsteringsfrequentie: 32 kHz, 44,1 kHz, 48 kHz FLAC (.flac) Bitdiepte: 16 bit, 24 bit Bemonsteringsfrequentie: 44,1 kHz, 48 kHz Frequentieband en specificatie maximaal vermogen NFC: 13,56 MHz < 60 dBμA/m op 10 m Draadloze Communicatie Communicatiesysteem: BLUETOOTH-standaard versie 3.0 Uitgestuurd vermogen: BLUETOOTH-standaard Power Class 2 (max. +4 dBm) Maximaal communicatiebereik: In een rechte lijn zonder obstakels ong. 10 m*1 Frequentieband: 2,4 GHz-band (2,4000 – 2,4835 GHz) Modulatiemethode: FHSS Compatibele BLUETOOTH-profielen*2: A2DP (Advanced Audio Distribution Profile) 1.3 AVRCP (Audio Video Remote Control Profile) 1.3 HFP (Handsfree Profile) 1.6 PBAP (Phone Book Access Profile) Bijbehorende codec: SBC (.sbc) *1 Het werkelijke bereik varieert afhankelijk van factoren zoals obstakels tussen apparaten, magnetische velden rond een magnetron, statische elektriciteit, ontvangstgevoeligheid, prestaties van de antenne, besturingssysteem, software-applicatie enz. *2 BLUETOOTH-standaardprofielen geven een aanduiding van het doel van BLUETOOTHcommunicatie tussen apparaten. 22NL Versterker Uitgang: luidsprekeruitgangen Luidsprekerimpedantie: 4 – 8 ohm Maximaal uitgangsvermogen: 55 W × 4 (bij 4 ohm) Algemeen Uitgangen: Audio-uitgangen (achter, sub) Aansluiting elektrische antenne/versterker (REM OUT) Ingangen: Afstandsbedieningsingang Antenne-ingang AUX-ingang (stereominiaansluiting) USB-poort Voeding: 12 V gelijkstroom autoaccu (negatieve aarde) Nominaal stroomverbruik: 10 A Afmetingen: Ong. 178 mm × 50 mm × 120 mm (b/h/d) Montageafmetingen: Ong. 182 mm × 53 mm × 102 mm (b/h/d) Gewicht: ongeveer 0,7 kg Inhoud verpakking: Hoofdapparaat (1) Onderdelen voor installatie en aansluitingen (1 set) Het is mogelijk dat niet alle vermelde accessoires verkrijgbaar zijn bij uw Sony-handelaar. Neem contact op met uw Sony-handelaar voor meer informatie. Wijzigingen in ontwerp en technische gegevens voorbehouden zonder voorafgaande kennisgeving. Auteursrechten Het woordmerk Bluetooth® en de logo's van Bluetooth zijn gedeponeerde handelsmerken die het eigendom zijn van Bluetooth SIG, Inc. en Sony Corporation gebruikt deze merken onder licentie. Overige handelsmerken en merknamen zijn eigendom van de respectieve eigenaars. Het N-merkteken is een handelsmerk of een gedeponeerd handelsmerk van NFC Forum Inc. in de Verenigde Staten en andere landen. Windows Media is een gedeponeerd handelsmerk of een handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en/of andere landen. Dit product wordt beschermd door bepaalde intellectuele eigendomsrechten van Microsoft Corporation. Het gebruik of de verspreiding van dergelijke technologie buiten dit product om is verboden zonder een licentie van Microsoft of een erkend dochterbedrijf van Microsoft. iPhone, iPod, iPod classic, iPod nano, iPod touch en Siri zijn handelsmerken van Apple Inc., gedeponeerd in de VS en andere landen. MPEG Layer-3 audio-codeertechnologie en -patenten gebruikt onder licentie van Fraunhofer IIS en Thomson. Google, Google Play en Android zijn handelsmerken van Google Inc. libFLAC Copyright (C) 2000-2009 Josh Coalson Copyright (C) 2011-2013 Xiph.Org Foundation Verspreiding en gebruik in bron- en binaire vorm, met of zonder aanpassingen, is toegestaan als aan de volgende voorwaarden is voldaan: Bij verspreiding van de broncode moeten de hierboven aangegeven auteursrechtelijke melding, deze lijst met voorwaarden en de volgende disclaimer behouden blijven. Bij verspreiding in binaire vorm moeten de hierboven aangegeven auteursrechtelijke melding, deze lijst met voorwaarden en de volgende disclaimer worden opgenomen in de documentatie en/of andere materialen die bij de verspreiding worden geleverd. Zonder de uitdrukkelijke voorafgaande en schriftelijke toelating mogen de naam Xiph.org Foundation noch de namen van haar bijdragers worden gebruikt om producten te ondersteunen of te promoten die van deze software afgeleid zijn. DEZE SOFTWARE WORDT "ZONDER MEER" DOOR DE

DERGELIJKE SCHADE WERD AANGEGEVEN. Problemen oplossen De onderstaande controlelijst kan u helpen bij het oplossen van problemen die zich met het apparaat kunnen voordoen. Voordat u de onderstaande controlelijst doorneemt, moet u eerst de aanwijzingen voor aansluiting en gebruik controleren. Meer informatie over het gebruik van de zekering en het verwijderen van het apparaat uit het dashboard vindt u bij "Aansluiting/installatie" (pagina 28). Als het probleem niet is opgelost, gaat u naar de ondersteuningssite op het achterblad. Algemeen Geen geluid of het geluid is zeer stil. De positie van de faderregelaar [FADER] is niet ingesteld op een systeem met 2 luidsprekers. Het volume van het apparaat en/of het aangesloten toestel staat zeer laag. Verhoog het volume van het apparaat en het aangesloten toestel. Geen pieptoon. Er is een optionele versterker aangesloten en u gebruikt de ingebouwde versterker niet. 23NL De geheugeninhoud is gewist. De voedingskabel of de accu is losgekoppeld of niet juist aangesloten. Opgeslagen zenders en de juiste tijd zijn gewist. De zekering is doorgebrand. Maakt geluid wanneer de stand van het contactslot wordt gewijzigd. De kabels zijn niet goed verbonden met de voedingsaansluiting voor accessoires van de auto. Tijdens het afspelen of radio-ontvangst wordt de demonstratie gestart. Als er gedurende 5 minuten geen handeling wordt uitgevoerd en [DEMO-ON] ingesteld is, wordt de demonstratie gestart. Stel [DEMO-OFF] in (pagina 18). Het display verdwijnt van/verschijnt niet in het display-venster. De dimmer is ingesteld op [DIM-ON] (pagina 19). Het display verdwijnt als u OFF ingedrukt houdt. Houd OFF op het apparaat ingedrukt tot het display verschijnt. De aansluitingen zijn vuil (pagina 21). Het display/de verlichting knippert. Er wordt onvoldoende voeding geleverd. Controleer of de autoaccu voldoende voeding levert aan het apparaat (de vereiste voeding is 12 V DC). De bedieningstoetsen werken niet. De aansluiting is niet juist. Controleer de verbinding van het apparaat. Als de situatie niet verbetert, druk langer dan 2 seconden op DSPL en (terug)/MODE om het apparaat te resetten. De geheugeninhoud wordt gewist. Reset het apparaat voor uw eigen veiligheid niet tijdens het rijden. Radio-ontvangst Er kunnen geen zenders worden ontvangen. Het geluid is gestoord. De aansluiting is niet juist. Controleer de aansluiting van de auto-antenne. 24NL Als de automatische antenne niet uitschuift, controleert u de aansluiting van de bedieningskabel van de elektrische antenne. Er kan niet worden afgestemd op voorkeuzezenders. Het signaal van de uitzending is te zwak. RDS SEEK begint na enkele seconden afspelen. De zender is geen TP-zender of heeft een zwak signaal. Schakel TA uit (pagina 11). Geen verkeersinformatie. Schakel TA in (pagina 11). De zender is een TP-zender, maar zendt toch geen verkeersinformatie uit. Stem af op een andere zender. PTY geeft [- - - - - - - -] weer. De huidige zender is geen RDS-zender. Geen RDS-gegevens ontvangen. De zender geeft het programmatype niet door. De programmaservicenaam knippert. Er is geen alternatieve frequentie voor de huidige zender. Druk op SEEK +/– terwijl de programmaservicenaam knippert. [PI SEEK] wordt weergegeven en het apparaat gaat zoeken naar een andere frequentie met dezelfde PI-gegevens (programmaidentificatie). USB-apparaat afspelen U kunt items niet via een USB-hub afspelen. Dit apparaat kan geen USB-apparaten via een USB-hub herkennen. Het duurt langer voordat een USB-apparaat wordt afgespeeld. Het USB-apparaat bevat bestanden met een ingewikkelde boomstructuur. Het geluid wordt onderbroken. Het geluid kan worden onderbroken bij een hoge bitsnelheid. Bestanden die beveiligd zijn met DRM (Digital Rights Management) kunnen in sommige gevallen niet worden afgespeeld. Er is geen verbinding mogelijk. De verbinding wordt via één zijde aangestuurd (dit apparaat of het BLUETOOTH-toestel), niet via beide zijden. Maak vanaf een BLUETOOTH-toestel verbinding met dit apparaat of vice versa. Een audiobestand kan niet afgespeeld worden. USB-apparaten die geformatteerd zijn met andere bestandssystemen dan FAT16 of FAT32 worden niet ondersteund.* De naam van het gedetecteerde toestel wordt niet weergegeven. Afhankelijk van de status van het andere toestel zal het misschien niet mogelijk zijn de naam op te vragen.

  • Dit apparaat biedt ondersteuning voor FAT16 en FAT32, maar het is mogelijk dat bepaalde USBapparaten deze FAT's niet ondersteunen. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het USB-apparaat of neem contact op met de fabrikant voor meer informatie. NFC-functie One touch-verbinding (NFC) is niet mogelijk. Als de smartphone niet reageert op aanraking. Controleer of de NFC-functie van de smartphone ingeschakeld is. Breng het gedeelte met het N-merkteken van de smartphone dichter bij het gedeelte met het N-merkteken van dit apparaat. Als de smartphone in een etui zit, haalt u hem eruit. De NFC-ontvangstgevoeligheid is afhankelijk van het toestel. Als One touch-verbinding met de smartphone verschillende keren mislukt, brengt u de BLUETOOTH-verbinding handmatig tot stand. BLUETOOTH-functie Het toestel dat de verbinding tot stand wil brengen, kan dit apparaat niet detecteren. Zet dit apparaat in de stand-bystand voor koppeling, voordat de koppeling tot stand wordt gebracht. Zolang er een BLUETOOTH-verbinding bestaat, kan dit apparaat niet worden gedetecteerd vanaf een ander toestel. Verbreek de actuele verbinding en zoek dit apparaat vanaf een ander toestel. Wanneer de koppeling tussen de toestellen tot stand is gebracht, activeert u het uitsturen van het BLUETOOTH-signaal (pagina 9). Geen beltoon. Regel het volume door de regelknop te verdraaien terwijl u een gesprek ontvangt. Afhankelijk van het toestel dat de verbinding tot stand brengt, wordt de beltoon misschien niet goed verzonden. Stel [RINGTONE] in op [1] (pagina 20). De voorluidsprekers zijn niet aangesloten op het apparaat. Sluit de voorluidsprekers aan op het apparaat. De beltoon is alleen hoorbaar via de voorluidsprekers. De stem van de spreker is niet hoorbaar. De voorluidsprekers zijn niet aangesloten op het apparaat. Sluit de voorluidsprekers aan op het apparaat. Het stemgeluid worden alleen uitgevoerd via de voorluidsprekers. Een gesprekspartner zegt dat het volume te laag of te hoog is. Pas het volume overeenkomstig met de aanpassing van de microfoonversterking aan (pagina 16). Er klinkt een echo of ruis in de telefoongesprekken. Breng het volume omlaag. Stel de stand EC/NC in op [EC/NC-1] of [EC/NC-2] (pagina 16). Als de overige omgevingsgeluiden luid zijn, probeert u dit lawaai te verminderen. Bv.: als er verkeerslawaai enz. door een raam klinkt, sluit dan het raam. Als een airco veel lawaai maakt, zet deze dan in een lagere stand. 25NL De telefoon is niet aangesloten. Wanneer BLUETOOTH-audio wordt afgespeeld, is de telefoon niet aangesloten, ook niet als u op CALL drukt. Maak verbinding vanaf de telefoon. De kwaliteit van het geluid van de telefoon is slecht. De kwaliteit van het geluid van de telefoon hangt af van de ontvangstomstandigheden van de mobiele telefoon. Verplaats uw auto naar een plaats waar uw mobiele telefoon een beter signaal ontvangt, als de ontvangst slecht is. Het volume van het aangesloten audiotoestel is laag (hoog). Het volumeniveau kan verschillen afhankelijk van het audiotoestel. Pas het volume aan van het aangesloten audiotoestel of van dit apparaat. Het geluid hapert tijdens het afspelen van een BLUETOOTH-audiotoestel. Verklein de afstand tussen het apparaat en het BLUETOOTH-audiotoestel. Als het BLUETOOTH-audiotoestel in een houder wordt bewaard die het signaal kan verstoren, verwijdert u de houder tijdens het gebruik van het audiotoestel. Er worden een aantal BLUETOOTH-toestellen of andere toestellen die radiogolven uitzenden in de buurt gebruikt. Zet de andere toestellen uit. Vergroot de afstand tot de andere toestellen. Het afspelen van geluid stopt een ogenblik wanneer de verbinding tussen dit apparaat en de mobiele telefoon tot stand wordt gebracht. Dit is geen storing. Het is niet mogelijk het BLUETOOTH-audiotoestel te bedienen. Controleer of het BLUETOOTH-audiotoestel waarmee verbinding is gemaakt ondersteuning biedt voor AVRCP. Sommige functies werken niet. Controleer of het toestel waarmee verbinding tot stand is gebracht de betreffende functie ondersteunt. 26NL Er wordt onbedoeld een oproep beantwoord. De telefoon waarmee verbinding tot stand wordt gebracht is zo ingesteld dat een oproep automatisch wordt beantwoord. Koppelen is mislukt door een time-out. Afhankelijk van het toestel waarmee verbinding tot stand wordt gebracht, kan de tijdslimiet voor het koppelen kort zijn. Probeer de koppeling binnen de gestelde tijd te voltooien. De BLUETOOTH-functie werkt niet. Schakel het apparaat uit door langer dan 2 seconden op OFF te drukken, en schakel het vervolgens weer in. Er wordt tijdens een handenvrije oproep geen geluid uitgestuurd via de luidsprekers van de auto. Als het geluid wordt uitgestuurd via de mobiele telefoon, stel de mobiele telefoon dan zo in dat het geluid via de luidsprekers van de auto wordt uitgestuurd. Siri Eyes Free is niet geactiveerd. Voer de handenvrij-registratie uit voor een iPhone die Siri Eyes Free ondersteunt. Zet de Siri-functie op de iPhone aan. Annuleer de BLUETOOTH-verbinding tussen de iPhone en het apparaat, en breng de verbinding opnieuw tot stand. Foutmeldingen/berichten HUB NO SUPRT: USB-hubs worden niet ondersteund. IPD STOP: het afspelen van de iPod is afgelopen. Bedien uw iPod/iPhone om het afspelen te starten. NO AF: Geen alternatieve frequenties. Druk op SEEK +/– terwijl de programmaservicenaam knippert. Het apparaat gaat zoeken naar een andere frequentie met dezelfde PI-gegevens (programma-identificatie) ([PI SEEK] wordt weergegeven). NO TP: Geen verkeersprogramma's. Het apparaat blijft zoeken naar beschikbare TPzenders. OVERLOAD: het USB-apparaat is overbelast. Koppel het USB-apparaat los en druk vervolgens op SRC om een andere bron te selecteren. Het USB-apparaat vertoont een storing of er is een niet-ondersteund apparaat aangesloten. P EMPTY: geen telefoonnummers opgeslagen. UNKNOWN: een naam of telefoonnummer kan niet worden weergegeven. WITHHELD: het telefoonnummer werd door de oproeper verborgen. Vraag uw Sony-handelaar advies als deze oplossingen niet helpen. READ: bezig met het lezen van informatie. Wacht totdat het lezen is voltooid en het afspelen automatisch wordt gestart. Afhankelijk van de bestandsorganisatiestructuur kan dit enige tijd duren. USB ERROR: Het USB-apparaat kan niet afgespeeld worden. Sluit het USB-apparaat opnieuw aan. USB NO DEV: er is geen USB-apparaat aangesloten of het apparaat wordt niet herkend. Zorg ervoor dat het USB-apparaat of de USBkabel correct aangesloten is. USB NO MUSIC: er werden geen afspeelbare bestanden gevonden. Sluit een USB-apparaat aan waarop afspeelbare bestanden opgeslagen zijn (pagina 22). USB NO SUPRT: het USB-apparaat wordt niet ondersteund. Ga naar de ondersteuningssite op het achterblad voor meer informatie over de compatibiliteit van het USB-apparaat. Voor de BLUETOOTH-functie: ERROR: de geselecteerde bewerking kan niet worden uitgevoerd. Wacht even en probeer daarna opnieuw. NO DEV: het BLUETOOTH-toestel is niet verbonden of het toestel wordt niet herkend. Controleer of het BLUETOOTH-toestel degelijk verbonden is, dan wel of de BLUETOOTHverbinding tot stand is gebracht met het BLUETOOTH-toestel. 27NL Aansluiting/installatie Opgelet Breng alle aardingskabels naar een gemeenschappelijk aardingspunt. Zorg ervoor dat de kabels niet tussen een schroef geklemd zitten of vast komen te zitten in bewegende delen (bv. zetelrail). Voor u aansluitingen maakt, zet u het contact van de auto uit om kortsluiting te voorkomen. Sluit de voedingskabel aan op het apparaat en de luidsprekers voor u deze aansluit op de auxiliaire voedingsaansluiting. Uit veiligheidsoverwegingen moet u eventuele losse, niet-verbonden kabels met isolatietape isoleren. Voorzorgsmaatregelen Kies de installatieplaats zorgvuldig zodat het apparaat de bestuurder niet kan hinderen tijdens het rijden. Installeer het apparaat niet op plaatsen waar het wordt blootgesteld aan stof, vuil, overmatige trillingen of hoge temperaturen (bv. in direct zonlicht of nabij een verwarmingstoestel). Gebruik enkel de bijgeleverde montagehardware voor een veilige en correcte installatie. Opmerking over de voedingskabel (geel) Wanneer u dit apparaat samen met andere stereoapparaten aansluit, moet de ampèrewaarde van het autocircuit waarop het apparaat aangesloten is hoger zijn dan de som van de ampèrewaarden van de zekering van elke component. Aanpassing van de montagehoek Zorg voor een montagehoek van minder dan 45°. 28NL Lijst met onderdelen voor de installatie

Niet alle onderdelen uit de verpakking zijn in deze lijst opgenomen. De beugel en de beschermende rand worden in de fabriek aan het apparaat bevestigd. Voor u het apparaat installeert, gebruikt u de ontgrendelingssleutels om de beugel van het apparaat te verwijderen. Zie "De beschermende rand en de beugel verwijderen" (pagina 31) voor meer informatie. Bewaar de ontgrendelingssleutels voor toekomstig gebruik. U hebt deze immers opnieuw nodig als u het apparaat uit de auto wilt verwijderen. Verbinding Subwoofer*1

Zie "Aansluitingen doorvoeren" (pagina 30) voor meer informatie. Zie "Voedingsaansluitingsschema" (pagina 31) voor meer details. afkomstig van een afstandsbediening met kabel (niet bijgeleverd)*4 afkomstig van een autoantenne*5 *1 Niet bijgeleverd *2 Luidsprekerimpedantie: 4 – 8 Ω × 4 *3 RCA-kabel (niet bijgeleverd) *4 Afhankelijk van het type auto moet u een adapter gebruiken voor een afstandsbediening met kabel (niet bijgeleverd). *5 Afhankelijk van het type auto moet u een adapter (niet bijgeleverd) gebruiken als de antenneaansluiting niet past. 29NL Aansluitingen doorvoeren Als uw auto uitgerust is met een elektrisch bediende antenne zonder relaisdoos, kan de antenne beschadigd raken als u dit apparaat aansluit met de bijgeleverde voedingskabel . Eenvoudige subwooferaansluiting U kunt een subwoofer zonder versterker gebruiken door deze aan te sluiten op een achterluidsprekerkabel. Voorluidspreker Naar de luidsprekeraansluiting van de auto Subwoofer

Achterluidspreker (rechts) Voorluidspreker (rechts)

Grijs/zwart gestreept Aansluiting voor in stand houden van het geheugen Als de gele voedingskabel aangesloten is, wordt het geheugencircuit altijd gevoed, zelfs wanneer het contact van de auto uitgeschakeld is. Voorluidspreker (links)

Groen Luidsprekeraansluiting

Groen/zwart gestreept Schakel het apparaat uit voor u de luidsprekers aansluit. Gebruik luidsprekers met een impedantie van 4 tot 8 ohm en met voldoende vermogen om schade te voorkomen. Naar de voedingsaansluiting van de auto 30NL Opmerkingen De achterluidsprekerkabels moeten voorbereid zijn. Gebruik een subwoofer met een impedantie van 4 tot 8 ohm en met voldoende vermogen om schade te voorkomen.

Geschakelde voeding Rood

Aarding Zwart Voedingsaansluitingsschema Wanneer de auto geen ACC-positie heeft Rood Rood Geel Geel Gebruik de auxiliaire voedingsaansluiting van uw auto en zorg ervoor dat de kabels correct aangesloten zijn (afhankelijk van de auto). Auxiliaire voedingsaansluiting Na het afstemmen van de verbindingen en het correct schakelen van de voedingskabels, sluit u het apparaat aan op de voeding van de auto. Met alle vragen en problemen over het aansluiten van dit apparaat die niet aan bod komen in deze gebruiksaanwijzing, kunt u terecht bij uw autodealer. Gewone aansluiting Rood Rood Installatie Geel Geel

Geschakelde voeding Rood Wanneer de posities van de rode en gele kabels omgekeerd zijn Rood Rood Geel Geel De beschermende rand en de beugel verwijderen Voor u het apparaat installeert, verwijdert u de beschermende rand en de beugel van het apparaat.

Duw de zijkanten van de beschermende rand naar binnen en trek de beschermende rand naar buiten.

Geschakelde voeding Geel

Plaats beide ontgrendelingssleutels tot deze vastklikken, trek de beugel omlaag en trek vervolgens het apparaat omhoog om ze te scheiden.

Plaats het apparaat in de beugel en bevestig vervolgens de beschermende rand .

Richt de haak naar binnen. Het apparaat in het dashboard monteren Voor u het apparaat installeert, moet u ervoor zorgen dat de klemmen aan beide kanten van de beugel 2 mm naar binnen gebogen zijn.

Plaats de beugel in het dashboard en buig de klauwen naar buiten zodat de beugel stevig vastzit. 182 mm Opmerkingen Als de klemmen recht of naar buiten gebogen zijn, zal het apparaat niet stevig geïnstalleerd zijn en kan het eruit vallen. Zorg ervoor dat de vier lipjes op de beschermende rand goed vastzitten in de sleuven in het apparaat. Het voorpaneel verwijderen en vastmaken Zie "Het voorpaneel verwijderen" (pagina 6) voor meer informatie. 53 mm Zekeringen vervangen

32NL Klem Vervang een zekering altijd door Zekering (10 A) een identiek exemplaar. Als de zekering doorbrandt, moet u de voedingsaansluiting controleren en de zekering vervangen. Brandt de zekering vervolgens nogmaals door, dan kan er sprake zijn van een defect in het apparaat. Raadpleeg in dat geval de dichtstbijzijnde Sony-handelaar.