GEBRUIKSAANWIJZING R15C ZIBRO
Geachte mevrouw, meneer,
Van harte gefeliciteerd met de aankoop van uw Zibro Kamin, het A-merk onder de verplaatsbare kachels. U hebt een kwaliteitproduct aangeschaft, waar u nog vele, vele jaren plezier van zult hebben, mits u de kachel verantwoord gebruikt tatsächlijk. Leeskaarom eerst deze gebruiksaanwijzing, voor een optimale levensduur van uw Zibro Kamin.
Wij geen u namens de fabrikant 24 maanden garantie op alle optredende materiaal- en fabricagefouten.
We wensen u veel warmte en comfort met uw Zibro Kamin.
Met vriendelijke groet,
PVG International b.v.
Afdeling klantenservice
1 LEES EERST DE GEBRUKSAANWIJZING.
2 RAADPLEEG BIJ TWIJFEL UW ZIBRO KAMIN-DEALER.
3 VOUW VOOR HET LEZEN DE LAATSTE PAGINA UIT.
HET GEBRUK IN HOOFDLIJNEN
Dit zijn in grote lijnen de stappen die u要去 nemen om uw kachel te gebruiken. Voor de_precieze handelingen verwijzen wij u�arde HANDLEIDING (pag. 65 en verder).
1 Verwijder alle verpakkingsmaterialen (zie hoofdstuk A, fig. A).
2 Vul de wisseltank en wacht 30 minutes alvorens de kachel te ontsteken (zie hoofdstuk B, fig. H).
3 Plaats de batterijen in de houder (zie hoofdstuk A, fig. F).
4 Controller of de verbrandingskamer ④ goed recht staat (zie hoofdstuk A, fig. E).
5 Ontsteek de kachel door de draaiknop ② maar rechts te draaien tot deze Niet verder kan en verrolgens de ontstekingsstoets ③ rustig in te drukken (zie hoofdstuk C, fig. J en K).
6 Na het ontsteken duurt het 10 à 15 minutes voordat u kunt controeren of de kachel goed brandt (zie hoofdstuk D).
7 Schakel de kachel uit (zie hoofdstuk E).
- De eerste keer zal uw kachel tijdens het branden even maar 'nieuw' ruiken.
- Bewaar uw brandstof op een koele, donkere plaats.
- Brandstof veroudert. Begin elk stookseizoen met{nieuwe brandstof.
- Wanner u stookt met Zibro Plus, bent u verzekererd van de juiste kwaliteit brandstof.
- Indien u overgaat op een ander merk en/of soort kerosine,要去 de kachel eerst hebemaal lately leegbranden.
BELANGRIJKE ONDERDELEN
UIT-toets
Draaiknop
Ontstekingstoets
4 Verbrandingskamer
Handgreep verbrandingskamer
6 Brandstofindicatie
Grille
Deksel wissenschaft
Wisseltank
10 Brandstofmeter wisseltank
Ontstekingsspiraal
12 Batterijhouser
ALTIJD VOLDOENDE VENTILEREN
Voor elke verplaatsbare kachel geldt een bepaalde minimumruimte (zie hoofdstuk J) waarin u deze veilig, zonder extra ventilatie kut gebruiken. Als de betreffende ruimtekleiner is dan aangegeven, dient u altijd een raam of deur op een kier te zetten (± 2,5cm) . Dit raden wij ook aan bij ruimtes die sterk geisoleerd of tochvrij gemaatkijk en/of boven 1500~m liggen. Als er onvoldoende ventilatie (lees: zuurstof) is, slaat de kachel overigens automatisch af. Gebruik uw kachel nicht in kelders en andere ondergrondse ruimtes.
DE SAFE TOP
De kachel is voorzien van een safe top. Deze vermindert de temperatuur van de bovenplaat. Hierdoor worden bij eventueel contact met de bovenzijde van de kachel het risico op ongelukken verkleind. Let op: de bovenzijde worden nog steeds heet.
Vermijd elk contact met de bovenplaat en de grille.

Alleen met de juiste brandstof bent u verzekerd van een veilig, efficien't en comfortabel gebruik van uw verplaatsbare kachel.

Deze transportdop vindt u los in de doos. Alleen hiermee kurz u de kachel na gebruik probleemloos vervoeren. Goed bewaren dus!

DE JUISTE BRANDSTOF
Uw verplaatsbare kachel is ontworpen voor het gebruik van watervrije, zuivere kerosine van hoge kwaliteit, zoals Zibro Plus. Alleen deze zorgt voor een schone en optimale verbranding. Brandstof van mindere kwaliteit kan leiden tot:
overmatige teeraanslag op de kous
onvolledige verbranding
beperkte levensduur van kous en kachel
rook en/of stank
aanslag op de grille of mantel
De juiste brandstof is dus essentieel voor een veilig, efficiën en comfortabel gebruik van uw kachel.
Overleg algtd met de dichtstbijzijnde dealer over de juiste brandstof voor uw kachel.

A HET INSTALLEREN VAN DE KACHEL






Haal uw kachel voorzichtig uit de doos en controllerer de inhoud. Naast de kachel要去 u ook beschikken over:
een brandstofhevelpompje
een transportdop
deze gebruiksaanwijzing
Bewaar de doos en het verpakkingsmaterial (fig. A)
voor opslag en/of transport.
2 Verwijder het overige verpakkingsmaterial:
Verwijder het stukje verpakkingsmaterialial bij de grille ⑦. Licht de grilleuit de inkeping (fig. B) en trek hem maar voren.
Druk het verpakkingsmaterial boven de verbrandingskamer ④)iets maar beneden en verwijder het uit de kachel (fig. C).
Neem de verbrandingskamer uit de kachel en verwijder het waaronder aanwezige verpakkingsmaterialiaal (fig. D).
Zet de verbrandingskamertering op+zijnplaats. De verbrandingskamer staat goed als u hem met de handgreep ⑤ soepel een beetjeaar links en rechts kunt schuiven (fig.E).Sluit de grille.
Open de deksel van de wisseltank 8 en verwijder het stukje karton.
3 Vul de wisseltank zoals aangegeven in hoofdstuk B.
4 Plaats de batterijen in de waarvoor bestemde houder 12 aan dechterzijde van de kachel (fig. F). Let op de + en - polen.
5 De vloer要去 stevig en waterpas�n. Verplaats de kachel als deze nicht waterpas staat. Probeer dit Niet te corrigeren door er boeken of iets anders onder te leggen.
6Uw kachel is nu gebruiksklaar.
B VULLEN MET BRANDSTOF
Vul de wisseltank Niet in de woonruimte, maar op een meer geschikte plaats (er kan.altijd een beetje gemorst worden). UGaat waar bij als volgt te werk:
1 Zorg dat de kacheluit is.
2 Open het deksel 8 en til de wisseltank 9uit de kachel (fig. G). Let op: de tank kan even nadruppelen. Zet de wisseltank neer (dop maar boven) en schroef de tankdop eraf.






3 Neem het brandstofhevelpompje en steek de gladde, meest stuggle pijp in de jerrycan. Zorg dat deze hoger staat dan de wisseltank (fig. H). De geribbelde slang steekt u in de opening van de wisseltank.
4 Draai de knop bovenop het pompje vast (aar rechts).
5 Knijp enkele keren in het pompje, totdat de brandstof in de wisseltank stroomt. Als dat eenmaal het geval is, hoeft u zicheer te knijpen.
6 Letijdens het vullen op de brandstofmeter van de wisseltank (fig. I). Als u ziet dat deze vol is, stop dan met vullen door de knop boven op het pompje waar los te draaien (aar links). Maak de tank nooit te vol. Vooral Niet als de brandstof erg koud is (brandstofzetui desze warmer wordt).
7 Laat de brandstof die nog aanwezig is in het pompje, terugstromen in de jerrycan en verwijder het pompje voorzichtig. Schroef de tankdop nauwkeurig op de tank. Veeg eventueel gemorste brandstof weg.
8 Controller of de tankdoprecht zit en goed is aangedraaid. Plaats de wisseltank wee in de kachel (dop maar beneden). Sluit het deksel.
C HET AANMAKEN VAN DE KACHEL
Een neue kachel veroorzaakt in het begin extra geur. Zorg dus voor extra ventilatie of ontsteek uw kachel de eerste koer buiten de leefruimte.

Als u de kachel voor de eerste keer gebruikt, moet u na hetplaatsen van de gemulde wisseltank zo'n 30 minuten wachten met aanmaken. Zo kan de kous zich volzuigen met brandstof. Dit geldt ook nadat u de kachel helemaal leeg hebt lately branden en na het verrangen van de kous.
Kijk vór het aanmaken van de kachel algijd even op de brandstofindicatie 6 om te weten of u eerst de wisseltank要去 bijvullen.
Maak de kachel.altijd aan met behulp van de ontstekingsspiraal 1. Gebruik nooit lucifers of een aansteker.
U gaat als volgt te werk:
1 Draai de draaiknop 2aar rechts tot aan de aanslag (fig. J). Met enige druk zou u de draaiknop dan nog wat verder konnen draaien; unde veert danECHTER vanzelf terug.
2 Druk de ontstekingstoets ③ in (fig. K), maar Niet te hard. Zodra een vlammetje in de verbrandingskamer ④ zichtaar worden,kest u de ontstekingstoets loslaten.

De kachel is sinds kort in gebruik en de draaiknop worden nicht vergrendeld. Draai de draaiknop (fig. L) eerst geheel linksom alvorens de kous in de hoogste positie te brengen voor ontsteking (hoofdstuk C).



Controleer na het ontsteken van de kachel.altijd of de verbrandingskamer 4 goedrecht staat, door deze aan de handgreep 5 evenaar links en rechts te schuiven (fig. E).Dit moet soepel gaan. Als de verbrandingskamer ongelijk staat, leidt dit tot rook- en roetontwikkeling.
D HET BRANDEN VAN DE KACHEL
Na het ontsteken van de kachel duurt het 10 à 15 minutes voordat u kutn controeren of de kachel goed brandt. Op de pagina naast het uittvouwblad kutu zien hoe hoog uw kachel minimaal en maximaal mag branden (fig. O). Een te hoge vlam kan rook- en roetvorming veroorzaken, verwijl een te lage verbranding tot geurontwikkeling leidt. U kutn de vlam enigszins instellen met de vlamregelaar (fig. L).
Een te lage verbranding kan ontstaan door:
te weinig brandstof (vul de tank)
slechte brandstof (raadpleeg uw dealer)
te weinig ventilatie (zet een raam of deur op een kier)
▶ slijtage van de kous (raadpleeg uw dealer, of verwang de kous, zie hoofdstuk L)

Deze kachel is uitgerust met een veiligheidssystem dat er voor zorgt dat de kachel aflsaat wanner u de wisseltank uit de kachel tilt. Om de kachel waar aan te zetten dient u de wisseltank wee terug teplaatsen en de stappen te volgen zoals beschreiben in hoofdstuk C.
E HET UITZETTEN VAN DE KACHEL
U schakelt de kachel uit door de UIT-toets ① in te drukken. De vlam zar dan na enigeijd vanzelf doven.
F STORINGEN, OORZAKEN EN OPLOSSINGEN
Als u een storing nicht kunt oplossen met behulp van de onderstaande aanwijzingen, dient u contact op te nemen met uw dealer.
HET AANMAKEN LUKT NIET.
De batterijen zitten nicht goed in de houder.
Controleren (fig. F).
De batterijen zich nicht meer krachtig genoeg voor de ontsteking. Vervangen (fig. F).
U hebt de kachel helemaal leeggestoekt of de kous is verrangen. Na hetplaatsen van de gevulde wisseltank 30 minutes wachten met ontsteken.
U duwt de ontstekingstoets 3 te krachtig in, waardoor de ontstekingspiraal smoort in de kous. Minder hard indrukken (hoofdstuk C).
De ontstekingsspiraal is stuk. Raadpleeg uw dealer.

SLECHTE VERBRANDING EN/OF ROET/GEUR.
De verbrandingskamer 4 is Niet goed geplaatst.
Zet deze recht met de handgreep 5, tot u hem makkelijk wat maar links en rechts kunt schuiven.
U gebruikt verouderde brandstof.
Begin elk stookseizoen met{nieuwe brandstof.
U gebrukt verkeerde brandstof.
Zie DE JUISTE BRANDSTOF (hoofdstuk "Wat u vooraf moet weten").
Er is spreake van stofophoping onder in de kachel.
Raadpleeg uw dealer.
Raadpleeg uw dealer.
DE KACHEL GAAT LANGZAAM UIT.
De wisseltank is leeg.
Zie hoofdstuk B.
Erzit vocht in het zeefje.
Maak het zeefje droog (hoofdstuk G).
Er zit�回t in het onderreservoir.
Raadpleeg uw dealer.
De kous is aan de bovenzijde verhard.
Kachel helemaal leegbranden (hoofdstuk G). Gebruik de juiste brandstof.
U gebruikt verouderde brandstof.
Begin elk stookseizoen met{nieuwe brandstof.
DE KACHEL BLIJFT LAAG BRANDEN.
De kous staat te laag.
Raadpleeg uw dealer.
De kachel had voor het bijvullen vrijwel alle brandstof verbruikt.
Na hetplaatsen van de volle wisseltank 30 minuten wachten met ontsteken.
U gebrukt oude of verkeerde brandstof.
Zie DE JUISTE BRANDSTOF (hoofdstuk "Wat u vooraf moet weten").
De ruimte worden onvoldoende geventileerd.
Zet even een raam of deur wijd open en LAST deze daarna op een kier staan.
DE KACHEL BRANDT TE HOOG.
U gebruikt verkeerde, te vluchtige brandstof.
Zie DE JUISTE BRANDSTOF (hoofdstuk "Wat u vooraf moet weten").
De kous staat te hoog.
Raadpleeg uw dealer.
G OVER HET ONDERHOUD
Uw kachel vergt weinig onderhoud. Wel dient u stof en vlekken bijtijds af te nemen met een vochtige doek, sondern er anders hardnekkige vlekken konnen ontstaan. Normaal gesproken zijn er slechts drie onderdelen aan slijtage onderhevig:
1. DE BATTERIJEN
Deze kunt u zich vervangen. Gooi de oude batterijen Niet in de vuilnisbak. Volg de regels zoals die in uw gemeente gelden voor Klein Chemisch Afval.


ontstekingsspiraal met gebroken gloeidraad

Brandstofzeefje


2. DE ONTSTEKINGSSPIRAAL
De ontstekingsspiraal gaat langer mee als u de kachel op de juiste manier ontsteekt. Vervang opijd de batterijen en let op dat u de ontstekingstoets Niet te krachtig indrukt. Als de gloeidraad gebroken is, dient de ontstekingsspiraal verrangen te worden.
3. DE KOUS / LEEGBRANDEN
Om de levensduur van de kous te verlengen, moet u de kachel van vrij tot vrij helemaal latent leegbranden (tot hij vanzelf uitgaat). Doe dit wanner u merkt dat de verbranding wat minder worden. Het leegbrandenveroorzaakt enige geur, dus het is raadzaam dit buiten de leefruimte te doeon.
HET BRANDSTOFZEEFJE
Controleer ook met enige regelmaat het brandstofzeefje:
haal de wisseltank ⑨uit de kachel en verwijder het brandstofzeefje (fig. M). Dit kan wat nadruppelen; houd een doeke bij de hand. Klop het brandstofzeefje omgekeerd leeg op een harde ondergrond, om het vuil te verwijdersen. (Nooit reinigen met water!) Plaats het brandstofzeefje weir in de kachel.

Verwijder zich geen onderdelen van de kachel. Neem voor een eventuele repa-ratie algijd contact op met uw dealer.

Laat de kachel afkoelen voordat u onderhoud pleegt.
H OPSLAG (EINDE STOOKSEIZOEN)
Wij raden u aan de kachel aan het einde van het stockseizoen hebEMAal leeg te branden en daarna goed op te bergen. U gaat als volgt te werk:
Maak de kachel aan buiten de leefruimte en LAST hem geheel leegbranden.
Laat de kachel afkoelen.
Maak de kachel schoon met een vochtige doek en droog deze af.
Haal de batterijen uit de batterijhouser en bewaar deze op een droge plaats.
5 Reinig het brandstofzeefje (zie hoofdstuk G).
6 Berg de kachel stofvrij op, zo möglichk in de originele verpakkingsmaterialen. Overgebleven brandstof kunt u een volgend stookseizoen nicht meer gebruiken. Houdt u toch wat over gooi deze brandstof dan Niet weg, maar volg de regels Zoals die in uw gemeente gelden voor Klein Chemisch Afval. Begin het{nieuwe stookseizoen in elk geval met{nieuwe brandstof en raadpleeg opnieuw deze gebruiksaanwijzing.



Transportdop

VERVOER
Om te voorkomen dat uw kachel tijdens transport brandstof lekt, moet u de vol-gende maatregelen nemen:

Laat de kachel afkoelen.

Haal de wisseltank uit de kachel en verwijder het brandstofzeefje (fig. M). Dit kan wat nadruppelen; houd een doeke bij de hand.
Bewaar het brandstofzeefje en de wisseltank buiten de kachel.

Duw de transportdop op deplaats van het brandstofzeefje (fig. N) en druk deze goed aan.

Vervoer de kachel altejd rechtep.

SPECIFICATIONS
| Ontsteking | elektrisch | Afmetingen (mm) | breedte | 428 |
| Brandstof | kerosine | (inclusief bodemplaat) | diepte | 295 |
| Capaciteit (kW)* | 2,7 | | hoogte | 513 |
| Geschikte ruimte (m3)** | 75-95 | Accessoires | brandstofhevelpomp | |
| Brandstofverbruik (l/uur)* | 0,281 | | transportdop | |
| Brandstofverbruik (g/uur)* | 225 | | | |
| Brandduur per tank (uur)* | 14 | Batterijen | 2x R20kG, MN 1300 | |
| Inhoud wisseltank (liter) | 4,0 | | 1,5V, size D | |
| Gewicht (kg) | 9,0 | Type kous | F | |
- Bij instelling op maximale stand, ** Opgegeven waarden zijn indicatief

DE GARANTIEVOORWAARDEN
U krijgt op uw kachel 24 maanden garantie vanaf de aankoopdatum. Binnen deze periode worden alle materiaal- en fabricagefouten kosteloos verholpen. Hierbij gelden de volgende regels:

Alle verdere aanspraken op schadevergoeding, inclusief gevolgschade wijzen wij uitdrukkelijk af.

Reparatie of vervanging van onderdelen binnen de garantietermijn leidt nicht tot verlenging van de garantie.

De garantie geldt nicht wanner veränderingen zijn aangebracht, nicht originiele onderdelen zijn gemonteerd of reparatives aan de kachel zich verricht door derden.

Onderdelen die aan normale slijtage onderhevig zijn, zoals de batterijen, de kous, de ontstekingsspiraal en het brandstofhevelpompje, vallen buiten de garantie.

5 De garantie geldt uitsluitend als u de originele, gedateerde aankoopbon overlegt en als waarop geen veranderingen zijn aangebracht.
6 De garantie geldt nicht bij schade ontstaan door handelingen die afwijken van de gebruiksaanwijzing, door verwaarlozing en door het gebruik van verkeerde of verouderde brandstof. Verkeerde brandstof kan zelfs gevaarlijk zijn*.
7 De verzendkosten en het risico van het opsturen van de kachel of onderdelen waarvan, komen algijd voor rekening van de koper.
Om onnodige kosten te voorkomen, raden wij u aan eerst.altijd zorgvuldig de gebruiksaanwijzing te raadplegen. Wanner deze geen uitkomst biedt, geef de kachel dan in reparatie bij uw dealer.
- Licht ontvlambare stoffen können bijvoorbeeld leiden tot een oncontroleerbare verbranding, met uitslaande vlammen als gevolg. Probeer in dat geval nooit de kachel te verplaatsen, maar zet de kachel onmiddelijkukt (zie hoofdstuk E). In nooodgeallen kurz u een brandblusser gebruiken, maar dan uitsluitend van het type B: een koolzuur- of poederblusser.

10 TIPS VOOR EEN VEILIG GEBRUIK
1 Wijs kinderen.altijd op de aanwezigheid van een brandende kachel.
2 Verplaats de kachel Niet als deze brandt of nog heet is. In dat geval ook Niet bijvullen en geen onderhoud verrichten.
3 Plaats de voorkant van de kachel op minimaal 1,5 meter van muur, gordijnen en meubels. Houd ook de ruimte boven de kachel vrij.
4 Gebruik de kachel Niet in stoffige ruimtes en Niet opplaatsen waar het sterk tocht. In beiden geallen krijgt u geen optimale verbranding.
5 Zet de kachel uit voordat u vertrekt ofaar bed gaat.
6 Bewaar en vervoer de brandstof uitsluitend in de waarvoor bestemde wisseltankjes en jerrycans.
7 Zorg ervoor dat de brandstof Niet bloot staat aan hitte of extreme temperatuurverschillen. Bewaar de brandstof.altijd op een koele, droge en donkere plaats (zonlicht tast de kwaliteit aan).
8 Gebruik de kachel nooit opplaatsen waar schadelijke gassen of dampen aanwezig hunnen zijn (bv. uitlaatgassen of verfdampen).
9 De bovenzijde van de kachel wordt heet. De kachel mag nicht afgedekt worden (brandgevaar).
10 Zorg algtd voor voldoende ventilatie.
HET VERVANGEN VAN DE KOUS


L
VOORDAT U BEGINT MET HET VERVANGEN VAN DE KOUS, DIENT DE KACHEL UIT EN VOLLEDIG AFGKEOELD TE ZIJN.
1 Open het tankklepje en haal de wisseltank eruit.
Haal de batterijen uit de batterijhouser.
3 Licht de grille uit de inkeping en trek hem maar voren. Neem de branderkop uit de kachel. Sluit de grille.
4 Trek de draaiknop van de kachel af.
5 Schroef de drie mantelschroeven, aan de onderzijde van de kachel, los. Trek de mantel iota'snarr voren en verwijder deze van de bodemplaat.
6 Draai de vleugelmoeren onder de branderzitting los.
7 Til de branderzitting omhoog zodate de kous zichtaar wordt. Leg de branderzitting naast de kachel. (Let op dat de bedrading Niet los raakt).
8 Draai de schroef, die de beugel vasthoudt, los en verwijder de beugel.
9 Draai de as geheel rechtsom en maak de koushouder (met kous) los van de as.
10 Licht de koushouder op en schuif besoin van de lucht-schacht af.
11 Knijp de kous samen, zodat de kous loskomt uit de koushouder en neem de kous eruit. Draag hierbij hand-schoenen enzeteenbakje klaar omde oude kous in te doen.



























12 Plaats de kous overeenkomstig de op de koushouser aangegeven richting in de koushouser.
13 Plaats de koushouser (met kous) over de luchtschacht.
Plaats daarna het uiteinde van de as aan de rechtzerijde in de sleuf van de koushouser en draai de gehele as linksom.
14 Plaats de beugel terug. Draai de schroef die de beugel vasthoudt, vast.
15 Plaats de branderzitting en het kousmechanisme terug. Druk de kous met koushouser in de uitsparingen zover omhoog dat het Niet verder gaat. Druk de pinnen goed aan totdat u een klikgeluid hoort. Let erop dat de kous Niet verrormt.
16 Draai de vleugelmoeren gelijkmatig handvast aan.
17 Plaats de draaiknop op het kousmechanisme. Draai de knop geheel maar rechts. Activeer de omvalbeveiliging en controllerer of de kousaar de onderste stand gaat. Herhaal dit een aantal keren. Wanner de kous Niet in de onderste positie komt is deze onjuist gemonteerd en moet de procedure vanaf stap 6 herhaald worden.
18 Plaats de mantel terug en draai de drie mantelschroeven vast. Plaats de draaiknop en de verbrandingskamer terug. Controller of bye LASTe goedrecht staat, door.Deze aan de handgreep evenaar links en rechts te schuiven.Sluit de grille.
19 Plaats de gezuldde wisseltank terug. Plaats de batterijen in de batterijhouser (let op de plus en min). Na hetplaatsen van de wisseltank en de batterijen, moet u 30 minutes wachten voordat u de kachel aanmaakt.




DISTRIBUTED IN EUROPE BY PVG INTERNATIONAL b.v.
A OSTERREICH